20076 - Lasapparaat GUDE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 20076 GUDE in PDF-formaat.
| Type de produit | Elektrisch lasapparaat |
| Marque | Güde |
| Modèle | 20076 |
| Technologie de soudage | MMA (beklede elektrode) en TIG (lift TIG) |
| Tension d’alimentation | 230 V / 50 Hz eenfasig |
| Courant de soudage | 20 – 160 A (instelbaar) |
| Diamètre des électrodes | 1,6 – 4,0 mm |
| Facteur de marche | 60 % bij 160 A, 100 % bij 100 A |
| Classe de protection | IP21S |
| Dimensions (L x l x h) | 30 x 20 x 18 cm |
| Poids | 5,9 kg |
| Fonctions principales | Arc force, hot start, anti-stick, fijne stroomregeling, 2T/4T schakelaar |
| Entretien et nettoyage | Regelmatig de koelribben reinigen met droge perslucht; kabels en connectoren controleren |
| Sécurité | Thermische beveiliging, overbelastingsbeveiliging, thermisch gestuurde koelventilator |
| Pièces détachées et réparabilité | Elektroden, massakabels en elektrodehouderkabels, mantels, connectoren beschikbaar; reparatie door erkende Güde-service |
| Accessoires inclus | Elektrodehouder, massakabel, massaklem, lasborstel/hamer, lasmasker |
| Informations générales | Gebruiksaanwijzing downloadbaar in PDF; technische ondersteuning per e-mail of telefoon |
Veelgestelde vragen - 20076 GUDE
Gebruikersvragen over 20076 GUDE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 20076 - GUDE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 20076 van het merk GUDE.
GEBRUIKSAANWIJZING 20076 GUDE
Lasapparaten voor handmatig lassen onder beschermgas, met automatische draadtoevoer, maken het verbinden van metaaldelen mogelijk door een smeltproces van de te verbinden kanten en het lasmateriaal. Het smelten wordt door een vlamboog opgeroepen die tussen het te lassen materiaal en de continue uit het einde van de brander uittredende metaaldraad, dat als lasmateriaal dient, ontstaat. Een hogere lasstroom maakt het lassen van dikker plaatmateriaal mogelijk. Voor schaden die door het niet opvolgen van deze aanwijzingen ontstaan wordt geen verantwoordelijkheid genomen.
Productoverzicht
- Dit gas afgeschermde lasmachine MAG -serie is ontworpen voor het gemak van het lassen. Het voldoet aan de veiligheidsnorm EN 60974-1. Het apparaat werkt met eenfase- ingangsspanning en stroom aan de uitgang. Het wordt voornamelijk gebruikt voor het lassen van metalen zoals koper, staal, koolstofarme, laag gelegeerd staal, roestvrij staal, enz.
- Dit lasapparaat wordt vooral gekenmerkt door lage kosten, hoge productiviteit en weerstand tegen corrosie. Er gelast - slakken vrij. Het toestel is zeer veelzijdig, en lassen kan worden gedaan in elke positie.
- De lasmachine is als een stap omhoog transformator gebouwd en heeft een ingebouwde draadaanvoer en een voerrol. Het wordt gekenmerkt door gebruiksgemak en een laag percentage mislukkingen. De invoerrollen kan worden geconfigureerd om een traject tussen 0,5 tot 5 kg.
- De spanning kan geleidelijk worden aangepast. Spanning en stroom kan worden aangepast aan de dikte van de metalen .. Multi-speed controle van de draadaanvoer .
- Constante spanning
- Uitgerust met indicatielampje, bescherming tegen hitte indicatoren en koelventilator.
- Een apparaat dat is makkelijk mee te nemen .
- Accessoires voor de lasmachine zijn : een MAG-lassen pistool, een zaklamp , een aardklem en een laskap .
- Het apparaat is verpakt in een doos.
Beschermgaslasapparaat MIG 192/6K
Compact lasapparaat voor doe-het-zelvers. Door de 6 schakeltrappen is deze ook voor moeilijkere laswerkzaamheden geschikt. Met traploos instelbare draadtoevoer en een groot aantal accessoires.
Uitrusting:
Met laskap en tweevoudige drukregelaar. Met 2 rolwielen achter – 2 stuurwielen voor, inclusief Schuko-CEE 16 A adapter, oververhittingsbeveiliging en slangenpakket van 2 m.
Levering (Afb. 1)
- Beschermgaslasapparaat MIG 192/6K
- Slangenpakket
- Massaklem
- Reservemondstukken en draadtoevoerrol
- Tweevoudige drukregelaar
- Netstekker
- CEE 16 A met 230 V beveiligde contactstekker
- Laskap
Garantie
De garantieperiode is 12 maanden bij commercieel gebruik en 24 maanden voor eindgebruikers en begint met de datum van aankoop van het apparaat.
De garantie heeft uitsluitend betrekking op onvolkomenheden die op materiaal- en/of productiefouten zijn terug te voeren. Bij een claim betreffende een onvolkomenheid, in de zin van garantie, dient de aankoopfactuur - die de verkoopdatum bewijst - met de aankoopdatum bijgesloten te worden.
Uitgesloten van garantie zijn verkeerd gebruik, zoals bijv. overbelasting van het apparaat, gebruik van geweld, beschadigingen door vreemde invloeden of vreemde voorwerpen evenals het niet naleven van gebruiks- en montageaanwijzingen en normale slijtage.
Algemene veiligheidsinstructies
De gebruiksaanwijzing dient, vóór de eerste ingebruikneming van het apparaat, geheel doorgelezen te worden. Indien over de aansluiting en bediening van het apparaat twijfels bestaan, dient u zich tot de producent (serviceafdeling) te wenden.
OM EEN HOGE GRAAD VAN VEILIGHEID TE GARANDEREN DIENT U DE VOLGENDE INSTRUCTIES IN ACHT TE NEMEN:
LET OP!
Inschakelduur
De prestaties van het apparaat worden volgens de gegevens op het typeplaatje van het apparaat als „Inschakelduur“ (Einschaltdauer = ED%), d.w.z. de verhouding tussen lasduur en afkoeltijd, uitgedrukt. Deze factor varieert bij hetzelfde apparaat afhankelijk van lasvoorwaarden, d.w.z. afhankelijk van de gegeven lasstroom. Deze geeft aan hoe lang het apparaat bij de gegeven lasstroom onder belasting kan werken en wordt telkenmale per 10 minuten aangegeven. Bij een lasstroom met een inschakelduur van 60% functioneert het apparaat bijvoorbeeld continue 6 minuten, daarna volgt een stilstandfase zodat de interne onderdelen kunnen afkoelen waarna de oververhittingsbeveiliging weer ingeschakeld wordt.
Het gebruik van lasapparaten en het uitvoeren van laswerkzaamheden brengen gevaren voor de lasser als ook voor omstaande personen mee. De lasser heeft derhalve de absolute plicht, de hier genoemde veiligheidsvoorschriften te lezen, te kennen en op te volgen. Altijd moet men er aan denken dat een omzichtige, goed geschoolde lasser, die zijn plichten juist opvolgt, de beste zekerheid tegen ongevallen is. Voordat het lasapparaat wordt aangesloten, gereed gemaakt, gebruikt of getransporteerd, moeten de navolgend aangegeven voorschriften gelezen en opgevolgd worden.
Installatie en onderhoud van het lasapparaat moeten in overeenstemming met de plaatselijke veiligheidsvoorschriften uitgevoerd worden. Let op de status van slijtage van de kabels, van de verbindingskoppelingen en -stekkers. Indien deze beschadigd zijn, moeten ze vervangen worden. Voer regelmatig onderhoud van de installatie uit. Gebruik alleen kabels van voldoende afmetingen. Sluit de massakabel zo dicht mogelijk bij de werkplaats aan. In een vochtige omgeving moet het gebruik van het lasapparaat beslist vermeden worden. Stel vast dat de omgeving rond de lasplaats droog is en dat ook de aanwezige voorwerpen, zoals het lasapparaat e.a., droog staan.
PERSOONLIJKE BESCHERMING EN BESCHERMING VAN DERDEN
Omdat bij het lassen straling en warmte ontstaan, moet vastgesteld worden dat de juiste middelen en veiligheidsmaatregelen getroffen zijn voor de lasser zelf als ook voor derden in de omgeving.
Stel u zelf en andere personen nooit zonder bescherming aan de werking van de vlamboog of het gloeiende metaal bloot.

Let er op dat de lasrook wordt afgezogen, resp.
de lasplaats goed geventileerd is.
PREVENTIEVE MAATREGELEN TEGEN BRAND EN EXPLOSIEGEVAAR
Gloeiende slakken en vonken kunnen brand veroorzaken. Brand en explosie brengen noch andere gevaren mee. Door opvolging van de volgende voorschriften kunt u gevaren voorkomen:
- In de directe omgeving zich bevindende, licht brandbare materialen, zoals hout, zaagsel, lak, oplosmiddelen, benzine, kerosine, aardgas, acetyleen, propaan en dergelijke materialen, moeten van de werkplaats en omgeving verwijderd worden, resp. voor de vonkenvlucht beschermd zijn.
- Als maatregel voor brandbestrijding moet in de buurt een geschikt blusmiddel gereed staan.
- Geen las- of snijwerkzaamheden aan gesloten reservoirs of buizen uitvoeren.
- Geen las- of snijwerkzaamheden aan reservoirs of buizen uitvoeren, ook niet als deze open zijn of als u materialen ontvangt of ontvangen hebt die door warmte of vocht kunnen exploderen of andere gevaarlijke reacties oproepen.
OPSTELLEN VAN HET LASAPPARAAT
Het opstellen van het lasapparaat moet onder opvolging van de volgende voorschriften plaatsvinden:
- De lasser moet vrije toegang tot de bedieningselementen en aansluitingen van het apparaat hebben.
- Plaats het apparaat niet in smalle ruimten: het is uiterst belangrijk dat het lasapparaat voldoende wordt geventileerd. Zeer stoffige of vuile ruimten waar stof en andere voorwerpen door de installatie aangezogen kunnen worden, moeten vermeden worden.
- Het apparaat (inclusief de kabels) mag geen hindernis in doorloopgangen zijn en/of de werkzaamheden van andere personen verhinderen.
- Het lasapparaat mag slechts op een vlakke ondergrond en met een naar behoren gezekerde gasfles gebruikt worden.
Handelswijze in noodgeval
Tref de noodzakelijke maatregelen om éerste hulp te verlenen, die met het letsel overeenkomt en vraag zo snel mogelijk gekwalificeerde medische hulp aan. Bescherm gewonde personen voor overig letsel en stel ze gerust. Voor het eventueel plaatsvinden van een ongeval zou altijd een verbandtrommel, volgens DIN 13164, op de werkplaats bij de hand moeten zijn. Het uit de verbandtrommel genomen materiaal dient onmiddellijk aangevuld te worden. Indien u hulp vraagt, geef de volgende gegevens door:
- Plaats van het ongeval
- Soort van het ongeval
- Aantal gewonden mensen
- Soort verwondingen
Aanduidingen op het apparaat
Toelichting van de symbolen In deze gebruiksaanwijzing en/of op dit apparaat worden de volgende symbolen gebruikt:
Produktsicherheit:
| CE | |
| Het product is conform de desbetreffende normen van de Europese Gemeenschap |
Verbote:
![]() | ![]() |
| Verbod, algemeen(in verbinding met ander pictogram) | Vuur, open vlammen en roken verboden |
![]() | ![]() |
| Aan de kabel trekken verboden | Het apparaat niet bij neerslag gebruiken |
Warnung:
![]() | ![]() | |
| Waarschuwing/Let op | Waarschuwing voor gevaarlijke elektrische spanning | |
![]() | ||
| Waarschuwing voor struikelgevaar | Waarschuwing voor gezondheid schadelijke gassen | |
![]() | ||
| Waarschuwing voor hete oppervlakken | ||
Gebote:
![]() | ![]() |
| Veiligheidsschoenen dragen | Veiligheidshandschoenen gebruiken |
![]() | ![]() |
| Beschermende kleding dragen | Beschermschild voor gezicht dragen |
![]() | ![]() |
| Voor openen netstekker uitnemen | Voór gebruik gebruiksaanwijzing lezen |
Umweltschutz:
![]() | ![]() |
| Afval niet in het milieu, maar vakkundig verwijderen | Verpakkingsmateriaal van karton bij de daarvoor bestemde recyclingplaatsen afleveren |
| Beschadigde en/of verwijderde elektrische of elektronische apparaten bij de daarvoor bestemde recyclingplaatsen afleveren |
Verpackung:
![]() | ![]() | |||
| Tegen vocht beschermen | Verpakkingsoriëntering boven | |||
![]() | ||||
| Interseroh-Recycling | ||||
Technische Daten:
![]() | ![]() | |
| Netaansluiting | Netbeveiliging | |
![]() | [ZGHT] | |
| MAG- Lassen Materiaaldikte | ||
| IP 21 S | ![]() | |
| Bescherming | Gewicht | |
![]() | ||
| Lastransformator | Thermische beveiliging | |
![]() | ![]() | |
| In deze omgeving is er een verhoogd risico op elektrische schokken | eenfasetransformator – gelijkrichter | |
Toepasselijke veiligheidsnormen: EN 60974-1:2005
U1: Nominale ingangsspanning (AC) (Tolerantie ± 10%)
11max: Maximale nominale ingangsstroom
11eff: Maximale effectieve ingangsstroom
Verhouding van de werkelijke arbeidstijd om de werktijd in totaal
Opmerking 1: Deze factor is tussen 0 en 1 en kunnen worden uitgerust met een percentage
Opmerking 2: De standaard is bedoeld door de totale werktijd een cyclus van 10 minuten.
Een belasting duur factor van 60% betekent bijvoorbeeld, die volgen lassen 4-6 minuten minuten inactiviteit.
Nullastspanning van de secundaire spoel
U2: Werken spanning
Netspanning, tijdens het lassen U2 = (14 +0.05 I2) V
A / V - A / V: Aanpassing van lasstroom en in werkspanning
IP: beschermingsklasse voorbeeld IP21S
H: isolatieklasse
Gebruik volgens bepalingen
Beschermgaslasapparaat voor thermische verbinding van ijzer – metalen door smelten van de kanten en toevoer van een lasmetaal.
Bij niet naleving van de bepalingen uit de algemeen geldende voorschriften, evenals van de bepalingen uit deze gebruiksaanwijzing, kan de producent voor schaden niet aansprakelijk gesteld worden.
Overige gevaren en beschermingsmaatregelen
Mechanische gevaren
| Bedreiging Beschrijving Beschermingsmaatregel(en) Restgevaar | |||
| Doorsteken, insteken Handen kunnen door de draad doorgestoken worden. | Beschermende handschoenen dragen, resp. handen van de draaduitgang weg houden. | ||
| Uitspetteren van vloeistoffen Spetterende lasparels kunnen tot verbrandingen leiden. | Beschermende kleding en laskap dragen. | ||
Elektrische gevaren
| Bedreiging Beschrijving Beschermingsmaatregel(en) Restgevaar | |||
| Direct elektrisch contact Direct elektrisch contact met vochtige handen kan tot stroomschokken leiden. | Vermijd contact met vochtige handen en let op overeenkomstige aarding. | ||
Thermische gevaren
| Bedreiging Beschrijving Beschermingsmaatregel(en) Restgevaar | |||
| Verbrandingen, vorstbulten (blaren) | Het aanraken van de mond van het slangenpakket en van het werkstuk kan tot verbrandingen leiden. | De mond van het slangenpakket en het werkstuk na het gebruik eerst laten afkoelen.Veiligheidshandschoenen dragen. | |
Bedreigingen door straling
| Bedreiging Beschrijving Beschermingsmaatregel(en) Restgevaar | |||
| Infrarood, zichtbaar en ultraviolet licht | De vlamboog veroorzaakt infrarode en ultraviolette straling. | Altijd een juiste laskap, beschermende kleding en veiligheidshandschoenen dragen. | |
Bedreigingen door werkstoffen en andere stoffen
| Bedreiging Beschrijving Beschermingsmaatregel(en) Restgevaar | |||
| Contact, inademing Langer inademen van lasgassen kan schadelijk voor de gezondheid zijn. | Werk met een afzuiginstallatie of in goed geventileerde ruimten. Vermijd het directe inademen van de gassen. | ||
| Vuur of explosie Gloeiende slakken en vonken kunnen brand en explosie veroorzaken. | Gebruik nooit het lasapparaat in een brandgevaarlijke omgeving. | ||
Overige bedreigingen
| Bedreiging Beschrijving Beschermingsmaatregel(en) Restgevaar | |||
| Uitglijden, struikelen of vallen van personen | Kabel en slangenpakketten kunnen tot struikelen leiden. | Houd de werkplaats schoon. | |
Verwijdering
De verwijderinginstructies zijn met pictogrammen aangegeven die op de machine, resp. op de verpakking, te vinden zijn. Een beschrijving van de afzonderlijke betekenissen is in het hoofdstuk "Aanduiding" te vinden.
Verwijdering van de transportverpakking
De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschades. De verpakkingsmaterialen zijn meestal volgens milieuvriendelijke en verwijderingtechnische standpunten gekozen en derhalve recyclebaar. Het terugbrengen van de verpakking naar de materiaalomloop spaart grondstoffen en verlaagt de afvalhoeveelheden.
Verpakkingsdelen (bijv. folies, styropor) kunnen voor kinderen gevaarlijk zijn. Er bestaat verstikkingsgevaar! Bewaar de verpakking buiten het bereik van kinderen en verwijder deze zo snel mogelijk.
Eisen aan de bedienende persoon
De bedienende persoon moet, vóór het gebruik van het apparaat, de gebruiksaanwijzing goed gelezen hebben.
Kwalificatie
Behalve een uitvoerige instructie door vakkundig verkooppersoneel is er geen speciale kwalificatie voor het gebruik van het apparaat nodig.
Minimale leeftijd
Het apparaat mag slechts door personen gebruikt worden van 18 jaar of ouder. Uitzondering hierop is het gebruik door jeugdige personen bij een beroepsopleiding ter verkrijging van vaardigheid en indien dit onder toezicht van een opleider plaats vindt.
Scholing
Voor het gebruik van het apparaat is passend onderricht voldoende. Een speciale scholing is niet noodzakelijk.
Technische gegevens
| Spanning 230 V/400 V | |
| Frequentie 50 Hz | |
| Max. netvermogen 16 | A |
| Veiligheidszekering 40 V | |
| Vrijloopspanning 25-1 | 60 A |
| Instelbereik 230 V | 115 A ~ 15 %/ |
| Instelbereik 400 V | 160 A ~ 10%/ |
| Ontvangen materiaaldikte | 1-9 mm |
| Inschakelduur 0,6-1,0 | mm |
| Max. draaddikte H | |
| Isolatieklasse IP 21 S | |
| Beveiligingsklasse 6 | |
| Schakeltrappen 39,1 kg | |
Transport en opslag

Let op:
Het apparaat mag slechts in vlakke werkpositie (vlakke ondergrond) gebruikt en opgeslagen worden. De symbolen op de verpakking opvolgen!
Controleer of de gasfles goed bevestigd en gesloten is.
Montage en de éérste ingebruikneming
Bouwgroep 1 – Montage van de wielen aan het apparaat:
Afb. 2, Afb. 3, Afb. 4
Bouwgroep 2 – Montage van de greep aan het apparaat:
Afb. 5
Bouwgroep 3 – Installatie van de gasfles aan het apparaat:
Afb. 6, Afb. 7
Bouwgroep 4 – Montage van de laskap: Afb. 8, Afb. 9
Veiligheidsinstructies vóór de eerste ingebruikneming
- Let er op dat de stroomaansluiting voldoende beveiligd is.
-
Gebruik de voorgeschreven kleding (afb. 10).
-
Lashelm
- Lasschort
-
Lashandschoenen
-
Zorg er voor dat geen personen zich in de werkomgeving, resp. het gevarengebied, bevinden.
- Let er op dat er geen brandbare materialen in de werkomgeving zijn.
- De stekker in een passend stopcontact aansluiten; het stopcontact moet met een smeltzekering of een beveiligingsschakelaar beveiligd zijn.
- De netkabel van het apparaat en een eventuele verlenging van de kabel moeten minimaal van gelijke doorsnede zijn.

- LET OP! De elektrische veiligheid is slechts dan gegarandeerd, als het apparaat overeenkomstig de geldende voorschriften voor elektrische installaties op juiste wijze aan een efficiënte aardingsinstallatie is aangesloten.
- Controleer of de beschikbare netspanning en netfrequentie overeenkomstig met de gegevens op het typeplaatje van het lasapparaat zijn.
Wijze van aanpak
De montage van de afzonderlijke onderdelen in de beschreven volgorde uitvoeren.
Let op de juiste volgorde van montage van de onderdelen volgens de afbeeldingen. Het apparaat is noch niet functioneel. De gasstroom met een druk van 5-7 l/min openen. De gasuitgang voor windstoten beschermen. Bovendien moet het volgende opgevolgd worden: de eerste trappen 1-2 van de schakelaar dienen voor het lassen van dunwandig plaatmateriaal terwijl de volgende trappen voor grotere diktes dienen. Bij iedere trapwisseling van de schakelaar moet ook de snelheid van de draadtoevoer ingesteld worden. Indien tijdens het lassen aan het draadeind zich een druppel vormt, moet de snelheid van de draadtoevoer verhoogd worden; indien men daarentegen voelt dat de draad tegen het slangenpakket drukt, moet de snelheid verlaagd worden. Altijd een tang gebruiken om de zojuist gelaste delen te verplaatsen en om verkorsting aan het einde van de brander te verwijderen omdat deze erg heet zijn. Zodra de vlamboog ontbrandt, het slangenpakket in een hoek van ca. 30" t.o.v. de loodlijn vasthouden.
Inleggen van de lasdraad afb. 11
1) Open de linker zijdeur van het lasapparaat door aan de hendel te trekken.
2) Plaats de spoel met lasdraad (gewicht afhankelijk van het apparaatmodel) zodanig dat de draad boven de spoel uitgetrokken kan worden.
Aanwijzing: Let op dat de draad niet van de spoel afwikkelt en dat het eind van de draad recht en vrij van bramen is.
De weerstand van de spoel kan aan de spanmoer in het centrum nauwkeurig ingesteld worden.
3) Open de draaiknop.
4) Til het beugelelement op.
5) Controleer dat de sleuven in de rol van de draadtoevoer overeenkomstig zijn met de draaddoorsnede; indien nodig, verwijder de bevestiging van de draadrol door het losmaken van de schroeven.
6) Laat nu het beugelelement zakken en draai de draaiknop vast, tot de draad gelijkmatig op de rollen loopt. Als de draad op de rollen slipt, de knop iets verder aandraaien. Let op: niet te sterk aandraaien, anders zou de onnodige druk op de rollen schade aan de motor van de draadtoevoer veroorzaken.
7) Kies de spanning 230 V of 400 V. Gebruik voor 230 V de meegeleverde adapterstekker, voor 400 V sluit de aansluitkabel met de rode CEE 16A-Stecker direct aan.
8) Schakel nu het lasapparaat in door de spanningskeuzeschakelaar op de bij punt 7 gekozen spanning in te stellen.
9) Nadat u hebt gecontroleerd dat alle veiligheidsmaatregelen zijn genomen, stel dan de schakelaar op trap 1 en de regeling van de draadtoevoer op trap 1.
10) Neem het gasmondstuk en het stroommondstuk af en laat de draad door te drukken op de drukschakelaar aan het slangenpakket naar buiten komen. Plaats daarna het stroommondstuk en het gasmondstuk weer terug.
11) Stel de benodigde gashoeveelheid aan de armatuur van de gasfles in.
Tip: (0,6 mm draad → 6 l/h); (0,8 mm draad → 8 l/h); (1,0 mm draad → 10 l/h).
12) Het apparaat is nu gebruiksklaar.
Algemeen over lassen onder beschermgas
Het lassen onder beschermgas wordt hoofdzakelijk in werkplaatsen gebruikt; het is universeel inzetbaar en geschikt voor dunnere en dikkere materialen. Het is zo dat hoe meer lastrappen een apparaat heeft hoe beter men ook op het gebied van plaatmaterialen kan werken. Benodigde accessoires: menggas CO2/argon, lasdraad, laskap, drukregelaar. Ook geschikt voor aluminium en VA roestvrij staal met overeenkomstig gas en draad. (Zuiver argon/VA draad/aluminiumdraad), potentiometer.
Bediening
- Aansluiting slangenpakket
- Aansluiting massaklem
- Instelling snelheid draadtoevoer
- Instelling lastrappen
- Keuzeschakelaar 230 V/400 V
- Controlelampje „thermobeveiliging“
- Controlelampje „gebruik“
- Aansluiting netstekker
Veiligheidsinstructies voor de bediening
- Gebruik het apparaat pas nadat u de gebruiksaanwijzing aandachtig hebt gelezen.
- Let op alle, in de gebruiksaanwijzing aangegeven, veiligheidsinstructies.
- Gedraagt u zich verantwoord tegenover andere personen.
- Let op!!! Gebruik nooit gecorrodeerde lasdraad.
Aanwijzingen stap voor stap
De laszone moet roest- en lakvrij zijn. Gebruik principieel een veiligheidslaskap, lashandschoenen en de juiste beschermende kleding. De hoekinstelling van het slangenpakket tot het te bewerken materiaal moet ca. 30 graden zijn.

- Slijp een grotere oppervlakte van het werkstuk, in de omgeving van de lasnaad en bij de aansluiting van de massaklemmen, blank.
- Klem nu de massaklemmen op de voorbereide plaats van het werkstuk.
- Stel nu de parameters van het lasapparaat volgens de lastabel voor gebruikers (hoofdstuk 3) in.
- Stel de benodigde gashoeveelheid aan de armatuur van de gasfles in.
- Tip: (0,6 mm draad → 6 l/h); (0,8 mm draad → 8 l/h); (1,0 mm draad → 10 l/h).
- U kunt pas met lassen beginnen wanneer u uw beschermende kleding volledig aan hebt.
Tip: Voer, vóór het begin van de eigenlijke laswerkzaamheden, een proeflas uit om de optimale lasinstelling te testen en daardoor een optimaal resultaat te bereiken. Afb. 14
De lasparameters zijn dan optimaal ingesteld, als een homogeen lasgeluid te horen is en de lasnaad een goede inbranding in het materiaal heeft, d.w.z. relatief vlak is.
Tips voor het lassen
| Storing Oorzaak en oplossingen Voorbeeld | ||
| Werkstuk scheef | 1. Slechte naadvoorbereiding.2. Randen richten en voor het lassen fixeren (vastmaken). | ![]() |
| Naadophoging | 1. Vrijloopspanning te klein.2. Lassnelheid te laag.3. Onjuiste hoek van de lasbrander.4. Te grote draaddikte. | ![]() |
| Te weinig metaallaag | 1. Lassnelheid te hoog.2. Spanning voor de lassnelheid te klein. | ![]() |
| Naden zien er geoxideerd uit | 1. Met een lange vlamboog in verdiepingen lassen.2. Spanning instellen.3. Draad verbogen of te ver uit de draadgeleiding.4. Onjuiste snelheid van draadtoevoer. | ![]() |
| Onvoldoende tot de kern doorgelast | 1. Onregelmatige of onjuiste afstand.2. Onjuiste hoek van de lasbrander.3. Buis voor de draadvoering is versleten.4. Draadtoevoersnelheid te klein voor de spanning of de lassnelheid. | ![]() |
| Inbranding | 1. Snelheid van de draadtoevoer te hoog.2. Onjuiste hoek van de lasbrander.3. Afstand te groot. | ![]() |
De laszone moet roest- en lakvrij zijn. De brander wordt afhankelijk van de materiaalsoort gekozen. Wij adviseren in het begin de stroomsterkte d.m.v. een afvalstuk uit te proberen.
Storingen – Oorzaken - Oplossingen
| Storing Oorzaak Oplossing | ||
| De lasstroom blijft uit. | 1. De overhittingsbeveiliging is door overbelasting afgeslagen. | 1. De overhittingsbeveiliging voert automatisch een reset uit als de transformator afgekoeld is (na ca. 10 minuten, op ED letten!). |
| Er is geen lasstroom aanwezig.Veiligheidsschakelaar voor prestatie of RCD is afgeslagen. | 1. De netzekering is afgeslagen. | 1. Zekering laten controleren.2. Veiligheidsschakelaar voor prestatie inschakelen.3. RCD inschakelen. |
| Er is geen lasstroom aanwezig. | 1. Slecht contact tussen massaklem en lasdeel.2. Breuk in de massakabel of in de aardingsleiding.3. Breuk in de branderleiding. | 1. De te lassen plaats en het oppervlak reinigen en schoonslijpen.2. De massakabel repareren of vervangen.3. De brander repareren of vervangen. |
| De motor van de draadtoevoer functioneert niet. | 1. De tandkrans is gebroken of zit vast.2. De motor is defect. | 1. De tandkrans vervangen.2. Motor vervangen (contact met de klantendienst opnemen). |
| De motor van de draadtoevoer transporteert niet, de rollen draaien wel. | 1. De roldruk is niet juist ingesteld.2. Het stroommondstuk van de brander is vuil; stof etc. aanwezig.3. Het gasmondstuk is defect.4. De draad is gebogen.5. De kern voor de draadvoering is vervuild of beschadigd. | 1. De druk van de rollen juist instellen.2. De contactbuis van het apparaat reinigen.Hiervoor een luchtcompressor gebruiken, bij sterke vervuiling de contactbuis vervangen.3. Het gasmondstuk vervangen en de punt controleren.4. De rollendruk controleren en eventueel juist instellen.5. Met perslucht reinigen, eventueel slangenpakket laten vervangen. |
| De draadtoevoer is onregelmatig. | 1. Vuil aan de draadvoering. Het gasmondstuk is versleten of defect.2. Het gasmondstuk is verspoten.3. De doorvoering van de draadtoevoerrollen is verhinderd.4. De doorvoering van de draadtoevoerrollen is vervormd.5. Onjuiste draadspanning. | 1. De draadvoering van het apparaat met een luchtcompressor reinigen.2. Het gasmondstuk of de contactbuis vervangen.3. Het gasmondstuk reinigen of vervangen.4. De draadtoevoerrollen reinigen.5. De draadtoevoerrollen vervangen.6. De draadspanning juist instellen. |
| De vlamboog brandt niet stabiel. | 1. Onjuiste instelling van de draadsnelheid.2. Vervuilingen aan de lasplaats.3. Het gasmondstuk is versleten of defect. | 1. Draadsnelheid volgens aanbevolen systemen instellen.2. De lasoppervlakte reinigen of polijsten.3. Het gasmondstuk vervangen en de punt controleren. |
| De las is poreus. | 1. Geen gas.2. Mondstuk is verstopt.3. Het materiaal is roestig of vochtig.4. De brander wordt te veel verwijderd of in een onjuiste hoek tot de lasplaats gehouden. | 1. Gas openen en gastoevoer instellen.2. Het gasmondstuk schoonmaken of vervangen.3. De lasplaats overeenkomstig inrichten of de gastoevoer verhogen.4. Het materiaal reinigen of polijsten.5. De afstand tussen het gasmondstuk en werkstuk moet 8-10 mm zijn en het slangenpakket moet in een hoek van 30° gehouden worden.6. De rubberslang, aansluiting en samenbouw van het slangenpakket controleren – het gasmondstuk in de juiste positie drukken. |
| De lasdraad stopt vlak bij het stroommondstuk. | 1. Het stroommondstuk is verbruikt of versleten.2. Draadelektrode verbogen.3. De snelheid van de draadtoevoer is te langzaam. | 1. Stroommondstuk vervangen.2. De druk van de rollenspanning controleren.3. De aanwijzingen voor de snelheid van de draadtoevoer opvolgen. |
| Lasdruk onregelmatig. | 1. De lasdraad zit op de spoel vast. 1. De druk van de rollenspanning controleren en naar behoefte instellen. | |
| Te zwakke doordringing. | 1. Lasstroom te zwak.2. Vlamboog te lang. | 1. Lasstroom en draadtoevoer verhogen.2. Het slangenpakket dichter bij het werkstuk houden. |
| Te sterke doordringing. | 1. Lasstroom te hoog.2. De snelheid van de draadtoevoer is te langzaam.3. Onjuiste afstand van de brander tot het werkstuk. | 1. Lasstroom en draadtoevoer reduceren.2. De brander rustig en gelijkmatiger bewegen.3. De afstand tussen het mondstuk en werkstuk moet 8-10 mm zijn. |
Inspectie en onderhoud
Onderhoud van het slangenpakket
Voor een perfecte functie van het slangenpakket moet deze regelmatig onderhouden worden.
Het gasmondstuk regelmatig met beschermingsspray voor mondstukken besproeien en dan van verkorsting vrijmaken.
Hiervoor moet het volgende uitgevoerd worden:
- Het mondstuk (1) door te trekken naar voren afnemen.
- Het mondstuk van de verkorsting, die zich door de lasslakken gevormd heeft, vrijmaken.
- Met beschermingsspray voor mondstukken besproeien.
- Indien het mondstuk is gecorrodeerd, moet dit vervangen worden.
Onderhoud stroommondstuk
Hiervoor moet het volgende uitgevoerd worden:
- Het mondstuk (1) door te trekken naar voren afnemen.
- Het mondstuk afschroeven (2).
- Controleer of het gaatje waardoor de draad loopt, niet te groot is geworden; in dat geval vóór de samenbouw vervangen.
- De drukschakelaar aan het slangenpakket bedienen zodat de draad naar buiten komt, dan het stroommondstuk weer monteren.
Onderhoud mondstuk
Hiervoor moet het volgende uitgevoerd worden (zie afb. 15):
- De openingen van de gasuitlaat kunnen vaak licht verstopt raken; in een dergelijk geval moet het gasmondstuk gedemonteerd worden door deze af te nemen (1),
- dan het stroommondstuk (2) losschroeven,
- de gasverdeler (3) losschroeven en door een nieuwe vervangen.
Veiligheidsinstructies voor inspectie en onderhoud
Enkel een regelmatig onderhouden en een goed verzorgd apparaat kan een tot tevredenheid werkend hulpmiddel zijn. Onderhouds- en verzorgingsfouten kunnen tot onvoorziene ongevallen en letsels leiden.
Service
Hebt u technische vragen? Een reclamatie? Hebt u reserveonderdelen of een gebruiksaanwijzing nodig? Op onze website www.guede.com in Service helpen wij u snel en niet-bureaucratisch verder. Help ons om u te helpen, a.u.b. Om uw apparaat in geval van reclamatie te kunnen identificeren hebben wij het serienummer evenals artikelnummer en productiejaar nodig. Deze gegevens vindt u op het typeplaatje. Vul deze gegevens hieronder in om deze altijd bij de hand te hebben.
Serienummer:
Artikelnummer:
Productiejaar:
Tel.: +49 (0) 79 04 / 700-360
Fax: +49 (0) 79 04 / 700-51999
E-mail: support@ts.guede.com
Belangrijke informatie voor klanten
Houd er rekening mee dat een retourzending, binnen of ook buiten de garantieperiode, principieel in de originele verpakking uitgevoerd zou moeten worden. Door deze maatregel worden onnodige transportschaden en hun vaak controversiële regelgevingen effectief vermeden. Enkel in de originele doos is uw apparaat optimaal beschermd en blijft daardoor een soepele verwerking gewaarborgd.
Inspectie- en onderhoudsschema
| Tijdsinterval Beschrijving Eventuele | overige details | |
| Regelmatig Onderhoud van het slangenpakket (doorblazen en reinigen van de kern van de draadvoering, de draadtoevoerrol, het gasmondstuk evenals de gasverdeler). | ||
Přístroj
IP: exemplu Clasa de protectie IP21S
Hiermede verklaren wij, dat de genoemde machine, op grond van zijn ontwerp en bouwwijze, evenals de door ons in omloop gebrachte uitvoeringen, aan de desbetreffende fundamentele veiligheids- en gezondheidverordeningen van de EG-richtlijnen voldoen. Bij een niet met ons overeengekomen wijziging aan het apparaat verliest deze verklaring haar geldigheid.































