DVM9912 - Multimeter VELLEMAN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DVM9912 VELLEMAN in PDF-formaat.
| Producttype | Digitale multimeter |
| Merk | Velleman |
| Model | DVM9912 |
| Afmetingen | 150 x 70 x 30 mm |
| Gewicht | 200 g (met batterij) |
| Voeding | 9 V batterij (type 6LR61) |
| Display | LCD, 3½ cijfers, hoogte 15 mm |
| Hoofdfuncties | AC/DC spanning meten, AC/DC stroom meten, weerstand meten, diodetest, doorgangstest, capaciteit meten |
| Meetbereiken | DC spanning: 200 mV – 600 V; AC spanning: 200 V – 600 V; DC stroom: 200 µA – 10 A; AC stroom: 200 µA – 10 A; weerstand: 200 Ω – 20 MΩ; capaciteit: 20 nF – 200 µF |
| Basisnauwkeurigheid | ±0,5% (DC spanning) |
| Veiligheid | CAT II 600 V |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een zachte, droge doek; geen oplosmiddelen gebruiken |
| Inbegrepen accessoires | Batterijen, meetsnoeren, gebruikershandleiding |
| Garantie | 2 jaar (behalve normale slijtage) |
Veelgestelde vragen - DVM9912 VELLEMAN
Gebruikersvragen over DVM9912 VELLEMAN
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DVM9912 - VELLEMAN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DVM9912 van het merk VELLEMAN.
GEBRUIKSAANWIJZING DVM9912 VELLEMAN
Aan alle ingezetenen van de Europese Unie
Belangrijke milieu-informatie betreffende dit product

Dit symbool op het toestel of de verpakking geeft aan dat, als het na zijn levenscyclus wordt weggeworpen, dit toestel schade kan toebrengen aan het milieu.
Gooi dit toestel (en eventuele batterijen) niet bij het gewone huishoudelijke afval; het moet bij een gespecialiseerd bedrijf terechtkomen voor recyclage.
U moet dit toestel naar uw verdeler of naar een lokaal recyclagepunt brengen.
Respecteer de plaatselijke milieuwetgeving.
Hebt u vragen, contacteer dan de plaatselijke autoriteiten inzake verwijdering.
Dank u voor uw aankoop! Lees deze handleiding grondig voor u het toestel in gebruik neemt. Werd het toestel beschadigd tijdens het transport, installeer het dan niet en raadpleeg uw dealer.
2. Informatie omtrent de veiligheid
Respecteer volgende punten om de maximale veiligheid gedurende het gebruik te garanderen.
- Gebruik de meter niet wanneer de meter of de meetsnoeren sporen van beschadiging vertonen of de meter niet naar behoren functioneert.
- Isoleer uzelf tijdens metingen. Raak nooit metalen buizen, toestellen enz. aan die potentieel gevaarlijk kunnen zijn. Draag droge kledij en rubberen schoenen of sta op een rubberen mat.
- Ontkoppel het te testen toestel van het lichtnet alvorens het circuit te onderbreken. Zelfs een kleine stroomstoot kan gevaarlijk zijn.
- Wees voorzichtig wanneer u spanningen van 60VDC / 30VAC rms of meer werkt om elektroshocks te vermijden.
- Houd uw vingers achter de bescherming wanneer u de meetsnoeren gebruikt.
- Het meten van spanningen hoger dan de toegestane maxima kunnen de multimeter beschadigen en de gebruiker aan elektroshocks blootstellen. Houd u aan de toegestane maximale waarden.
- Meet geen spanningen of stroom hoger dan de vermelde maxima:
| Ingang | |
| Functie Max. uitgang | |
| VDC of VAC 600VDC, 600VAC | |
| mA DC/AC 400mA DC/AC | |
| A DC/AC 10A DC/AC (max. 30 seconden elke 15 minuten) | |
| Frequentie, weerstand, capaciteit, duty cycle, diodetest, continuïteit | 250V DC/AC |
| Temperatuur 250V DC/AC | |
3. Veiligheidssymbolen
![]() | Dit symbool naast een ander symbool, terminal of toestel geeft aan dat de gebruiker aandacht moet schenken aan de instructies in de handleiding om kwetsuren en beschadiging aan de meter te vermijden. | |
![]() | Geeft een gevaarlijke situatie weer en kan tot kwetsuren leiden of de dood tot gevolg hebben. | |
![]() | Geeft een gevaarlijke situatie weer en kan tot beschadiging van de meter leiden. | |
| Vermijd aansluitingen aan een circuit met een spanning hoger dan 500 VAC of VDC. | ||
| Gevaarlijke spanning. Vermijd gebruik van de meter en meetsnoeren voor uw eigen veiligheid. | ||
4. Omschrijving
- LCD (4000 punten) met symbolen
- Draaischakelaar
- 10A (positief) ingang voor 10A DC of AC metingen
- COM (negatief) ingang
- positieve ingang
- MODE drukknop
- RANGE drukknop
- DATA HOLD drukknop
- RELATIVE drukknop

5. Symbolen en aanduidingen
| Continuïteit | |
| BAT Zwakke batterij | |
| Diode | |
| DATA HOLD Data Hold | |
| AUTO Automatische bereikinstelling | |
| AC Wisselstroom of –spanning | |
| DC Gelijkstroom of –spanning | |
6. Gebruik
WAARSCHUWING: Elektroshocks. Hoge spanningen, zowel AC als DC, zijn zeer gevaarlijk. Wees voorzichtig tijdens metingen.
- Plaats de draaischakelaar ALTIJD op OFF wanneer het toestel niet wordt gebruikt. Deze meter is uitgerust met een automatische uitschakeling na 15 minuten.
- Wanneer "OL" tijdens een meting op de display verschijnt, dan overschrijdt u het gekozen bereik. Kies een hoger bereik.
OPMERKING: Het is mogelijk dat, wanneer de meetsnoeren niet in de meter zitten, het LCD-scherm een willekeurige en wisselende waarde weergeeft, meestal in de lage wisselspannings- en gelijkspanningsbereiken. Dit is normaal en is te wijten aan de gevoeligheid. De waarde stabiliseert zich en wordt nauwkeurig wanneer u de meetsnoeren aan een circuit sluit.
MODE
Selecteren van diode/continuïteit, DC/AC, Hz/%Duty
RANGE
Wanneer u de meter voor het eerst inschakelt, dan stelt hij zich automatisch in de autoranging mode. Deze modus selecteert automatisch het meest geschikte bereik voor uw meting en is doorgaans de beste meetinstelling. Ga als volgt te werk wanneer u manueel het bereik wenst in te stellen:
- Druk op RANGE. "AUTO" verdwijnt van de LCD.
- Druk op RANGE om de beschikbare bereiken weer te geven en selecteer het gewenste bereik.
- Houd RANGE gedurende 2 seconden ingedrukt om de manuele instellingsmodus te verlaten en om naar de autoranging terug te keren.
DATA HOLD
Met deze functie kunt u de weergegeven waarde op het scherm vastzetten en als referentie gebruiken.
- Druk op DATA HOLD om de waarde vast te zetten. "HOLD" verschijnt op het scherm.
- Druk opnieuw op DATA HOLD om naar de normale gebruikersmodus terug te keren.
RELATIVE
Met deze kunt u metingen verrichten en deze vergelijken met een opgeslagen waarde. U kunt een referentiewaarde, bvb. een spanning, stroom enz. opslaan en metingen verrichten. De weergegeven waarde is het verschil tussen de referentie en de meting.
- Verricht een meting zoals beschreven in deze handleiding.
- Druk op RELATIVE om deze waarde op te slaan. "REL" verschijnt op de LCD.
- De LCD geeft nu het verschil tussen de opgeslagen referentiewaarde en de gemeten waarde.
- Druk op RELATIVE om naar de normale gebruikersmodus terug te keren.
7. Metingen
OPGELET: Verricht geen gelijkspanningsmetingen terwijl u de motor van een circuit in - of uitscha kelt. Hoge spanningspieken kunnen de meter beschadigen.
- Plaats de draaischakelaar op V ("mV" verschijnt op de LCD). De meter kiest automatisch DC.
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (COM) bus en het rode meetsnoer met de positieve (V) bus.
- Raak het te testen circuit met de sondes. Respecteer de polariteit (rode meetsnoer naar positief, zwarte meetsnoer naar negatief).
- Lees de weergegeven waarde. De LCD geeft het decimale punt en de waarde weer. Werd de polariteit omgekeerd, dan verschijnt (-) op de LCD.
METEN VAN WISSELSPANNINGEN
WAARSCHUWING: Gevaar voor elektroshocks. Het is mogelijk dat de sondes te kort zijn en u de te meten contactpunten in enkele 240V-toestellen niet kunt bereiken. De waarde op de LCD is dan 0V, ook al staat het toestel onder spanning. Zorg ervoor dat de sondes het circuit raken alvorens te concluderen dat het toestel niet onder spanning staat.
OPGELET: Verricht geen gelijkspanningsmetingen terwijl u de motor van een circuit in - of uitschakelt. Hoge spanningspieken kunnen de meter beschadigen.
- Plaats de draaischakelaar op V. Druk op MODE om AC te selecteren.
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (COM) bus en het rode meetsnoer met de positieve (V) bus.
- Raak het te testen circuit met de sondes.
- Lees de weergegeven waarde. De LCD geeft het decimale punt, de waarde en het symbool (AC, V enz.) weer.
METEN VAN GELIJKSTROOM
OPGELET: Verricht geen metingen gedurende langer dan 30 seconden met een bereik van 10A om beschadiging aan de meter en/of meetsnoeren te vermijden.
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (COM) bus.
- Voor gelijkstroommetingen tot 4000μ A, plaats de draaischakelaar op μ A en koppel het rode meetsnoer met de (μA) bus.
- Voor gelijkstroommetingen tot 400mA, plaats de draaischakelaar op mA en koppel het rode meetsnoer met de (mA) bus.
- Voor gelijkstroommetingen tot 10A, plaats de draaischakelaar op A en Koppel het rode meetsnoer met de 10A-bus.
- Druk op MODE tot "DC" op de LCD verschijnt.
- Schakel de voeding van het te testen circuit uit. Onderbreek het circuit en verricht de meting.
- Raak de negatieve zijde van het circuit met het zwarte meetsnoer. Raak de positieve zijde met het rode meetsnoer.
- Schakel de voeding in.
- Lees de weergegeven waarde. De LCD geeft het decimale punt, de waarde en het symbool weer.
METEN VAN WISSELSTROOM
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, verricht geen wisselstroommetingen op een circuit met een spanning hoger dan 250VAC.
OPGELET: Verricht geen metingen gedurende langer dan 30 seconden met een bereik van 10A om beschadiging aan de meter en/of meetsnoeren te vermijden.
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (COM) bus.
- Voor wisselstroommetingen tot 4000μA, plaats de draaischakelaar op μA en koppel het rode meetsnoer met de (μA) bus.
- Voor wisselstroommetingen tot 400mA, plaats de draaischakelaar op mA en koppel het rode meetsnoer met de (mA) bus.
- Voor wisselstroommetingen tot 10A, plaats de draaischakelaar op A en koppel het rode meetsnoer met de 10A-bus.
- Druk op MODE tot "AC" op de LCD verschijnt.
- Schakel de voeding van het te testen circuit uit. Onderbreek het circuit en verricht de meting.
- Raak de negatieve zijde van het circuit met het zwarte meetsnoer. Raak de positieve zijde met het rode meetsnoer.
- Schakel de voeding in.
- Lees de weergegeven waarde. De LCD geeft het decimale punt, de waarde en het symbool weer.
METEN VAN WEERSTANDEN
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, schakel het circuit uit en ontlaad alle condensators alvorens de weerstand te meten. Verwijder de batterijen en ontkoppel de voedingskabels.
- Plaats de draaischakelaar op Ω.
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (COM) bus en het rode meetsnoer met de positieve Ω-bus.
- Raak het circuit met de sondes. Het is aangeraden om het te testen gedeelte van het circuit te ontkoppelen zodat er geen storing ontstaat.
- Lees de waargegeven waarde. De LCD geeft het decimale punt, de waarde en het symbool weer.
DOORVERBINDINGSTEST
OPGELET: Om elektroshocks te vermijden, voer nooit een doorverbindingstest uit op een circuit onder stroom.
- Plaats de draaischakelaar op
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (-) bus (COM) en het rode meetsnoer met de positieve (+) bus (Ω).
- Druk op MODE tot op de LCD verschijnt.
- Raak het circuit met de sondes.
- Is de gemeten weerstand 30Ω, dan zult u een signaal horen. De LCD geeft eveneens de werkelijke weerstandswaarde.

DIODETEST
WAARSCHUWIN Om elektroshocks te vermijden, verricht geen meting op een diode onder stroom.

- Plaats de draaischakelaar op
- verschijnt op de LCD.
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (-) bus (COM) en het rode meetsnoer met de positieve (+) bus(Ω).
- Raak de diode of halfgeleider met de sonde en noteer de waarde.
- Keer de polariteit van de meetsonde om en noteer de waarde.
- De weergegeven waarde kan als volgt worden geïnterpreteerd:
A. Een meting geeft een waarde weer en de andere meting geeft OL weer: de diode is goed.
B. Beide metingen geven OL weer: het toestel is open.
C. Beide metingen geven een lage waarde of 0 weer: het toestel is uitgeschakeld.
OPMERKING: De weergegeven waarde tijdens de meting is de spanning in doorlaatrichting.
METEN VAN FREQUENTIES
- Plaats de draaischakelaar op Hz%.
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (-) bus (COM) en het rode meetsnoer met de positieve (+) bus (F).
- Raak het circuit met de sondes.
- Lees de weergegeven waarde. De LCD geeft het decimale punt, de symbolen (Hz, kHz) en de waarde weer.
WAARSCHUWIN Om elektroshocks te vermijden, schakel het circuit uit en ontlaad alle condensators alvorens de capaciteit te meten. Verwijder de batterijen en ontkoppel de voedingskabels.
- Plaats de draaischakelaar op CAP ("nF" en een lage waarde verschijnen op de LCD).
- Koppel het zwarte meetsnoer met de negatieve (-) bus (COM) en het rode meetsnoer met de positieve (+) bus (CAP).
- Raak de condensator met de sondes. De LCD geeft het decimale punt, de waarde en het symbool weer.
WAARSCHUWINOm ele ktroshocks te vermijden, ontkoppel beide meetsnoeren van elke spanningsbron alvor ens de meting uit te voeren.
- Plaats de draaischakelaar op °F wanneer u de temperatuur in °F wenst te meten. Plaats de draaischakelaar op °C wanneer u de temperatuur in °C wenst te meten.
- Koppel de thermokoppel type K met de negatieve COM-bus en het rode meetsnoer met de positieve TEMP-bus.
- Raak het te meten voorwerp met de temperatuursonde tot de weergegeven waarde stabiel wordt (ongeveer 30 seconden).
Lees de waargegeven waarde. De LCD geeft het decimale punt en de waarde weer.
DE BATTERIJ VERVANGEN
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, ontkoppel beide meetsnoeren van elke spanningsbron alvorens het batterijvak te openen.
- "BAT" verschijnt rechtsboven het LCD-scherm in geval van zwakke batterijen. Vervang de batterij.
- Volg de instructies hieronder wanneer u de batterij wenst te vervangen.
- Gooi de batterij weg volgens de plaatselijke wetgeving.
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, gebruik de meter niet zolang het batterijvak niet is gesloten en vastgemaakt.
DE BATTERIJ INSTALLEREN
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, ontkoppel beide meetsnoeren van elke spanningsbron alvorens het batterijvak te openen.
- Ontkoppel de meetsnoeren van de meter.
- Maak de schroeven los en open het batterijvak met behulp van een kruiskopschroevendraaier.
- Plaats de batterij in de batterijhouder en respecteer de polariteit.
- Sluit het batterijvak en maak vast met de twee schroeven.
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, gebruik de meter niet zolang het vak niet is gesloten en vastgemaakt.
OPMERKING: Bij onnauwkeurige metingen, controleer de staat van de zekeringen en de batterij. Ga na of ze correct in de behuizing zitten.
DE ZEKERINGEN VERVANGEN
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, ontkoppel beide meetsnoeren van elke spanningsbron alvorens het zekeringvak te openen.
- Ontkoppel de meetsnoeren van het circuit en de meter.
- Maak de schroeven los en open het zekeringvak met behulp van een kruiskopschroevendraaier.
- Verwijder voorzichtig de oude zekering uit de houder.
- Plaats een nieuwe zekering in de houder.
- Vervang de oude zekering door een zekering met dezelfde waarden en afmetingen (0.5A/250V snelle zekering voor het 400mA-bereik, 10A/250V snelle zekering voor het 10A-bereik).
- Sluit het zekeringvak en maak vast met de twee schroeven.
WAARSCHUWING: Om elektroshocks te vermijden, gebruik de meter niet zolang het vak niet is gesloten en vastgemaakt.
8. Metingen
Conformiteit EN61010-1
Isolatie klasse 2, dubbele isolatie
Overspanning CATIII 600V
Display LCD 4000 punten met functieaanduiding
Polariteit automatisch, (-) negatieve polariteitaanduiding
Aanduiding buiten bereik "OL"
Aanduiding zwakke batterij "BAT"
Sample rate 2x per seconde, nominaal
Automatische uitschakeling na 15 minuten
Omgevingswaarden 0°C tot 50°C (32°F tot 122°F) @ < 70% RH
Opslagtemperatuur -20°C tot 60°C (-4°F tot 140°F) @ < 80% RH
Gebruik binnenshuis, max. 2000m hoogte
Vervuilingsgraad 2
Voeding 1 x 9V-batterij, NEDA 1604, IEC 6F22
Afmetingen 150 (H) x 70 (W) x 48 (D) mm
Gewicht ong. 255g
Nauwkeurigheid aan 18°C tot 28°C (65°F tot 83°F), < 70% RH
Gelijkspanning (automatische uitschakeling)
| Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| 400.0mV | 0.1mV | ± 0.5% ± 2 dgts |
| 4.000V | 1mV | ± 1.2% ± 2 dgts |
| 40.00V | 10mV | |
| 400.0V | 100mV | |
| 600V | 1V | ± 1.5% ± 2 dgts |
Ingangsimpedantie: 7.8MΩ
Max. ingang: 600VDC of 600VAC rms.
Wisselspanning (automatische uitschakeling uitgenomen 400mV)
| Bereik Resolutie | Nauwkeurigheid | |
| 400.0mV | 0.1mV | ± 1.5% ± 15 dgts |
| 4.000V | 1mV | ± 1.2% ± 3 dgts |
| 40.00V | 10mV | ± 1.5% ± 3 dgts |
| 400.0V | 100mV | |
| 600V | 1V | ± 2.0% ± 4 dgts |
Ingangsimpedantie: 7.8MΩ
Frequentiebereik: 50 tot 400Hz
Max ingang: 600V DC of 600V AC rms.
Gelijkstroom (automatische uitschakeling voor uA en mA)
| Bereik Resolutie Nauwkeurigheid | |
| 400.0uA 0.1uA +1.0% + 3 dgts | - - |
| 4000uA 1uA | ± 1.5% ± 3 dgts |
| 40.00mA 10uA | |
| 400.0mA 100uA | |
| 10A 10mA +2.5% + 5 dgts | - - |
Bescherming tegen overbelasting: 0.5A / 250V en 10A / 250V zekering.
Max. ingang: 400mA DC of 400mA AC rms voor uA / mA bereiken, 10A DC of AC rms voor 10A bereik.
Wisselstroom (automatische uitschakeling voor uA en mA)
| Bereik Resolutie Nauwkeurigheid | |
| 400.0uA 0.1uA +1.5% + 5 dgts | _ _ |
| 4000uA 1uA | |
| 40.00mA 10uA | |
| 400.0mA 100uA | |
| 10A 10mA +3.0% + 7 dgts | _ _ |
Bescherming tegen overbelasting: 0.5A / 250V en 10A / 250V zekering.
Frequentiebereik: 50 tot 400 Hz
Max. ingang: 400mA DC of 400mA AC rms voor uA / mA bereiken, 10A DC of AC rms voor 10A bereik.
Weerstand (automatische uitschakeling)
| Bereik Resolutie Nauwkeurigheid | ||
| 400.0Ω 0.1Ω | +1.2% + 4 dgts_ _ | |
| 4.000kΩ 1Ω | +1.0% + 2 dgts_ _ | |
| 40.00kΩ 10Ω | ± 1.2% ± 2 dgts | |
| 400.0kΩ 100Ω | ||
| 4.000MΩ | 1kΩ | |
| 40.00MΩ | 10kΩ | ± 2.0% ± 3 dgts |
Capaciteit (automatische uitschakeling)
| Bereik Resolutie Nauwkeurigheid | ||
| 4.000nF | 1pF | +5.0% +50 dgts |
| 40.00nF | 10pF | +5.0% +7 dgts |
| 400.0nF | 0.1nF | ±3.0% ± 5 dgts |
| 4.000uF | 1nF | |
| 40.00uF | 10nF | |
| 200.0uF | 0.1uF | +5.0% +5 dgts |
Frequentie (automatische uitschakeling)
| Bereik Resolutie Nauwkeurigheid | |
| 9.999Hz 0.001Hz | |
| 99.99Hz 0.01Hz | |
| 999.9Hz 0.1Hz | |
| 9.999kHz 1Hz | |
| 99.99kHz 10Hz | |
| 999.9kHz 100Hz | |
| 9.999MHz 1kHz +1.5% | +4 dgts |
Gevoeligheid: >0.5V RMS ≤1MHz;
Gevoeligheid: >3V RMS >1MHz;
Bescherming tegen overbelasting: 250VDC of AC rms.
Duty Cycle
| Bereik Resolutie Nauwkeurigheid | |
| 0.1%~99.9% 0.1% +1.2% of rdg + 2 dgts | — — |
Pulsbreedte: >100us, <100ms;
Frequentiebreedte: 5Hz – 150kHz
Gevoeligheid: >0.5V RMS
Bescherming tegen overbelasting: 250V DC of AC rms.
Temperatuur
| Bereik Resolutie Nauwkeurigheid | ||
| -20 ^0C ~+760 ^0C 1 | ^0C | ±3%±5 ^0C /9 ^0F |
| -4 ^0F ~+1400 ^0F | 1 ^0F | |
Sensor: thermokoppel type K
Bescherming tegen overbelasting: 250V DC of AC rms.
Diodetest
| Stroom Resolutie Nauwkeurigheid | |
| 0.3mA typisch 1 mV +10% + 5 dgts |
Stroom open circuit: 1.5V DC typisch
Bescherming tegen overbelasting: 250V DC of AC rms.
Continuïteit
Hoorbare drempel: < 150Ω
Stroom: <0.3mA
Bescherming tegen overbelasting: 250V DC of AC rms.
Voor meer informatie omtrent dit product, zie www.velleman.eu.
De informatie in deze handleiding kan te allen tijde worden gewijzigd zonder voorafgaande kennisgeving.


