DVM1400 - Multimeter VELLEMAN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DVM1400 VELLEMAN in PDF-formaat.
| Type product | Digitale multimeter |
| Merk | Velleman |
| Model | DVM1400 |
| Gemeten spanningen | Gelijkstroom (DC) en wisselstroom (AC) |
| Maximale spanning | 1000 V DC / 750 V AC |
| Gemeten stroom | 10 A (max) AC/DC |
| Weerstand | Tot 40 MΩ |
| Capaciteit | Tot 100 µF |
| Frequentie | Tot 10 MHz |
| Temperatuur | -20 °C tot 1000 °C (met thermokoppel K) |
| Doorgangstest | Ja, met zoemer |
| Diodetest | Ja |
| Display | Digitaal, 4 cijfers (6000 counts) |
| Achtergrondverlichting | Ja |
| Veiligheidscategorie | CAT III 1000 V / CAT IV 600 V |
| Voeding | 9V batterij (type 6LR61) |
| Afmetingen | 190 x 88 x 53 mm |
| Gewicht | 400 g (ongeveer, met batterij) |
| Onderhoud en reiniging | Afvegen met een droge doek; geen oplosmiddelen gebruiken |
| Veiligheid | De meetlimieten niet overschrijden; geschikte meetkabels gebruiken |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Reparatie moet worden uitgevoerd door een professional |
Veelgestelde vragen - DVM1400 VELLEMAN
Gebruikersvragen over DVM1400 VELLEMAN
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DVM1400 - VELLEMAN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DVM1400 van het merk VELLEMAN.
GEBRUIKSAANWIJZING DVM1400 VELLEMAN
Aan alle ingezetenen van de Europese Unie
Belangrijke milieu-informatie bel:reffende dit product


Dit symbool op het toestel of de verpakking geeft aan dat, als het na zijn levenscyclus wordt weggeworpen, dit to estel schade kan toebrengen aan het milieu. Gooi dit toestel (en eventuele batterijen) niet bij het gewone huishoudelijke afval; het moet bij een gespecialisee rd bedrijf terechtkomen voor recyclage. U moet dit toestel naar uw verdeler of naar een lokaal recyclagepunt brengen. Respecteer de plaatselijke milieuwetgeving.
Hebt u vragen, contacteer dan de plaatselijke autoriteiten inzake verwijdering.
Dank u voor uw aankoop! Lees deze handleiding grondig voor u het toestel in gebruik neemt.
Werd het toestel beschadigd tijdens het transport, installeer het dan niet en raadpleeg uw dealer.
Inhoud: 1 x multimeter, 1 x set meetsnoeren, 1 x thermokoppel type K, 1 x set meetsnoeren voor capaciteitsmeting, 1 x NV-batterij en deze handleiding.
Raadpleeg de Velleman® service- en kwaliteitsgarantie achteraan deze handleiding.
2. Gebruikte symbolen
![]() | Dit symbool staat voor instructies lezen:Het niet lezen van deze instructies en de handleiding kan leiden tot beschadiging, letsel of de dood |
![]() | Dit symbool betekent gevaar:Gevaarlijke toestand of actie die kan leiden tot letsel of de dood |
![]() | Dit symbool betekent risico op gevaar/schade:Risico op het ontstaan van een gevaarlijke toestand of actie die kan leiden tot schade, letsel of de dood. |
![]() | Dit symbool betekent aandacht, belangrijke informatie:Het niet in acht nemen van deze informatie kan leiden tot een gevaarlijke toestand. |
![]() | AC (wisselstroom) |
![]() | DC (gelijkstroom) |
| zowel wissel- als gelijkstroom | |
![]() | Dubbele isolatie (klasse II-bescherming) |
![]() | Aarding |
![]() | Zekering |
![]() | Capaciteit (condensator) |
![]() | Diode |

Continuiteit
3. Veiligheidsinstructies
![]() | Lees deze handleiding grondig, leereerst de fundies van het toestel kennen voor u het gaat gebruiken. | |
![]() | Gebruik: het toestel enkel waarvoor het gemaakt is. Bij onoordeelkundig gebruik vervalt de garantie. De garantie geldt niet voor schade door het negeren van bepaalde richtlijnen in deze handleiding en uw dealer zal de verantwoordelijkheid afwijzen voor defecten of problemen die hier rechtstreeks verband mee houden. | |
![]() | Volg de richtlijnen hieronder om een veilig gebruik te garanderen en alle functies van de meter ten volle te benutten. | |
![]() | Respecteer tijdens het gebruik van de meter alle richtlijnen aangaande beveiliging tegen elektroshocks en verkeerd gebruik. De aangegeven limietwaarden mogen nooit overschreden worden | |
![]() | WAARSCHUWING:Om elektrische schokken te vermijden, verwijder de testsnoeren alvorens de behuizing te openenOpmerking: dit is de vertaling van de waarschuwing die op de achterkant van het toestel bevindt. | |
![]() | Houd dit toestel uit de buurt van kinderen en onbevoegden. | |
![]() | Bescherm het toestel tegen schokken. Vermijd brute kracht tijdens de bediening. | |
![]() | Vermijd koude, hitte en grote temperatuursschommelingen, Als het toestel van een kou de naar een warme omgeving verplaatstwordt, laat het toestel dan eerst voldoende op temperatuur komen. Dit om meetfouten en condensvorming te vermijden. | |
![]() | Dit is een installatiecategorie CAT III 600 V meetinstrument. Gebruik dit toestel nooit in een hogere CAT dan aangegeven.Zie §4 Overspanning-/installatiecategorie. | |
![]() | Vervuilingsgraad 2-tcestel, enkel geschikt voor gebruik binnenshuis! Stel dit toestel niet bloot aan stof, regen, vochtigheid en opspattende vloestoffen. Niet geschilt voor industrieel gebruik.Zie §5 Vervuilingsgraad/Vervuilingsgraad. | |
![]() | Controleer voor gebruik indien de meetsnoeren in goede staat verkeren.Houd tijdens metingen uw vingers achter de beschermingsrand van de meetpennen! Raak ge en vrije meetbussen aan wanneer de meter met een circuit is verbonden. | |
![]() | Let erop dat de meter zich in de juiste stand bevindt alvorens deze te verbinden met het testcircuit. | |
![]() | Elektrocutiegevaar tijdens het gebruik van deze multimeter. Wees voorzichtig tijdens het meten van een circuit onder spanning. Wees uiterst voorzichtig bij metingen > 60 VDC cf 30 V RMS A.C. | |
![]() | Meet niet aan circuits waarin spanningen kunnen /oorkomen > 600 V. | |
![]() | Meet geen stroom in circuits met een spanning > 600 V. | |
![]() | Voer geen weerstand-, diode-, capaciteit- of continuïteitsmetingen uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen. | |
![]() | Bij stroommetingen tot 10 A max. 15 sec. aanee nsluitend meten, telkens 10 min. wachten tussen 2 metingen. | |
| DVM1400 | Rev. 02 | |
![]() | Wees voorzichtig bij metingen aan toestellen zoals tv's of schakelende voedingen, Let op bij metingen op circuits zoals TV's of schakelende voedingen, er kunnen spanningspieken voorkomen die de meter kunnen beschadigen | |
![]() | De gebruiker mag geen inwendige onderdelen vervangen. Vervang beschadigde of verloren accessoires enkel door accessoires van hetzelfde type of met dezelfde specificaties. Bestel reserveaccessoires zoals meetsnoeren bij uw dealer. | |
![]() | Schakel de meter uit en verwijder de testsnoeren vóór u de batterij of zekering vervangt. | |
![]() | Om veiligheidsredenen mag u geen wijzigingen aanbrengen. Schade door wijzigningen die de gebruiker heeft aangebracht valt niet onder de garantie. | |
4. Overspanning-/installatiecategorie
DMM's worden opgedeeld volgens het risico op en de ernst van spanningpieken die kunnen optreden op het meetpunt. Spanning spieken zijn kortstondige uitbarstingen van energie die geïnduceerd worden in een systeem door bvb. blikseminslag op een hoogspanningslijn.
De bestaande categorieën volgens EN 61010-1 zijn:
| CAT I | Een CAT I meter is geschikt voor metingen op beschemde elektronische circuits die niet rechtstreeks verbonden zijn met het lichtnet, bvb. Elekt:ronische schak elingen, stuursignalen... |
| CAT II | Een CAT II meter is geschikt voor metingen in CAT I omgevingen en op enkelfasige apparaten die aan het lichtnet gekoppeld zijn door middel van een stekker en circuits in een normale huiselijke omgeving, op voorwaarde dat het circuit minstens 10m verwijderd is van een CAT III omgeving, en minstens 200m van een CAT IV omgeving. Bvb. Huishoudapparaten, draagbare gereedschappen .... |
| CAT III | Een CAT III-meter is geschikt voor metingen in CAT I- en CAT II-omgevingen, alsook voor metingen aan enkel- en meerfasige (vaste) toestellen op meer dan 10 m van een CAT IV-omgeving, en metingen in- of aar distributiekæten (zekeringkasten, verlichtingscircuits, elektrisch fornuis). |
| CAT IV | Een CAT IV meter is geschikt voor metingen in CAT I, CAT II en CAT III omgevingen alsook metingen op het primaire toevoemiveau.Merk op dat voor metingen op kringen waarvan de toevoerkabels buitenshuis lopen (zowel boven- als ondergrcnds) een CAT IV meter moet: gebruikt worden. |
Waarschuwing:
Dit toestel is ontworpen conform EN 61010-1 installatiecategorie CAT III 600V. Dit houdt bepaalde gebruiksbeperkingen in die te maken hebben met voltages en spanningspieken die kunnen voorkomen in de gebruiksomgeving, zie tabel hierb oven.
Dit toestel is geschikt voor metingen tot max. 600 V aan:
- Bes chermde circuits die beveiligc of niet rechtstreeks verbonden zijn aan het lichtnet zoals bvb.stuursignalen en metingen aan elektronica, circuits achter een scheidingstransformator
- Circuits verbonden aan het lichtnet maar beperkt tot:
o Metingen aan monofaseapparaten verbonden met het lichtnet door middel van een stekker (stopcontact).
- Metingen aan monofaseapparaten en circuit's rechtstreeks verbonden met het lichtnet in een gewone huiselijke omgeving op meer dan 10 m van een CAT III omgeving en meer dan 20m van een CAT IV omgeving. (bvb. verlichtingskrirgen op meer dan 10m van de zekeringkast.
- Meti ngen in-/aan laagspanningsb orden
- Meti ngen aan mono- en meerfase apparaten en circuits rechtstreeks verbonden met het lichtnet (bvb. stopcontacten, elektrisch fornuis, verlichtingskringen, busbars, zekeringen en automaten)
DIT TOESTEL IS NIET GESCHIKT VOOR METINGEN VAN/AAN:
- Spa mningen hogerdan 600 V.
- Meti ngen aan distributieborden en buiteninstallaties. Hieronder vallen de tellerkast en toestellen/circuits buiten of los van de huiselijke omgeving zoals kringen in schuurtjes,
tuinhuisjes en losstaande garages- of kringen verbonden via ondergrondse leidingen zoals tuinverlichting of vijverpompen.

Dit toestel is enkel geschikt voor metingen tot max. 600V in een CAT III omgeving.
5. Vervuilingsgraad (pollution degree)
IEC 610 10-1 specifieert verschillende types vervuilingsgraden welke bepaalde risico's met zich meebrengen. Iedere vervuilingsgraad vereist specifieke beschermingsmaatregelen. Omgevingen met een hogere vervuilingsgraad hebben een betere bescherming nodig tegen mogelijke invloeden van de verschillende types vervuiling die in deze omgeving kunnen voorkomen. Deze bescherming bestaat hoofdzakelijk uit aagepaste isolatie en een aangepaste behuizing. De opgegeven Pollution degree waarde geeft aan in welke omgeving dit apparaat veilig gebruikt kan worden.
| Pollution degree 1 | Omgeving zonder, of met enkel droge- niet geleiden de vervuiling. De voorkomende vervuiling heeft geen in vloed (Komtenkel voor in uitzondelijke omgevingen). |
| Pollution degree 2 | Omgeving met enkel niet geleidende vervuiling, Uitzonderlijk kan condensatie voorkomen. (bv. huishoudelijke- en kantooromgeving) |
| Pollution degree 3 | Omgeving waar geleide nde vervuilinc voorkomt, of droge niet geleidende vervuiling die geleidend kan worden door condensatie. (industriële omgeving en en omgevingen die blootgesteld worden aan buitenlucht zonder redhtstreeks contact met neerslag |
| Pollution degree 4 | Omgeving waar frequent geleidende vervuiling voorkomt, bv. veroorzaakt door geleidend stof, regen of sneeuw (in openlucht en omgevingen met een hoge vochtigheidsgraad of hoge concentraties fijn stof). |
Waarschuwing:
Dit toestel is ontworpen conform EN 61010-1 vervuilingsgraad Pollution degree 2. Dit houdt bepaalde gebruiksbeperkingen in die te maken hebben met de pollutie die kan voorkomen in de gebruiks omgeving, zie tabel hierboven.

Dit toestel is enkel geschi kt voor gebruik in omgevingen met Pollution degree 2 classificatie
6. Omschrijving
Raadpleeg de figuren op pagina 2 van deze handleiding.
a. Multimeter
- sensoren voor geluid-, licht- en vochtigheidsgraadmetinge n
- l od-scherm
- functietoetsen
- draaischakelaar
- 10A-meetbus
- meetbus mA-meting en thermokoppel
- COM-meetbus
- meetbus voor capaciteit-, diode-, frequentie-, weerstand- en spanningsmeting
- batterijvak
- stand
b. Lcd-scherm
| Symbol | Omschrijving | |
| Zwakke batterij.Waarschuwing: Om onjuiste resultaten te vermijden, die tot elektroshocks en verwondingen kunnen leiden, vervang de batterij van zodra dit symbol verschijnt. | ||
| Negatieve waarde | ||
| AC~ | Aanduiding voor wisselspanning of -stroom. | |
| DVM1400 | Rev. 02 | |
| DC.... | Aanduiding voor gelijkspanning of -stroom. | |
| AUTO | De meter bevindt zich in de automatische bereikinstelling. | |
| + | De meter bevindt zich in de diodetest modus. | |
| ••• | De meter bevindt zich in de continuiteitstestmodus. | |
| H | Data hold functie actief | |
| REL | Relatieve meetfunctie actief | |
| LUX lichtmeti ng modus | ||
| x10 Lux x10 licht meting modus | ||
| dB | Geluidsneting modus (decibel) | |
| %RH Vochtigh eidsgraad meetmodus | ||
| 1°C Tempera tuurmeetmod us (nauwkeurigheid 1°C) | ||
| 0.1°C Tempera tuurmeetmod us (nauwkeurigheid 0,1°C) | ||
| % °C°FkMΩHznμm FAV | Eenheden. | |
| 0L | Buiten bereik indicatie | |
c. Dru k toetsen
| Toets | Modus | Omschrijving |
| SELECT | , , ·s, V, mA, A | Selectie weerstand-, diode-, continuïteits en capaciteitsmeting.Selectie wissel- of gelijkstroom. |
| HOLD | Alle | Druk om de data hold functie in- of uit te schakelen |
| RANGE | V, , mA | Druk om manuele bereikinstelling te selecteren en bereik in te stellen (achtereenvolgens indrukken om de verschillende bereiken te doorlopen)Houd gedurende 2 seconden ingedrukt om naar de automatische bereikinstelling terug te keren. |
| REL | V, , ·s, , °C, %RH, dB, LUX, mA, A | Druk om de relatieve meetfunctie in- of uit te schakelen |
| Hz/DUTY | V, z, , A | Druk om de frequentie/cyclische verhouding te meten.(Achtereenvolgens indrukken om de verschillende functies te selecteren) |
| LIGHT | Alle | Druk op deze toets om de achtergrondverlichting in te schakelen. |
7. Gebruik

Elektrocutiegevaar tijdens het gebruik van deze multimeter.
Wees voorzichtig tijdens het meten van een circuit onder spanning.

Controleer vooraleer te meten altijd indien de aansluitingen, de functie en het bereik correct zijn ingesteld en indien het toestelen/of de testsnoeren niet beschadigd zijn. Gebruik testsnoeren die geschikt zijn voor de gekozen meetmodus.
- Ove schrijd nooit de grenswaarden! Deze waarden worden vermeld in de specificaties van elk meetbereik.
-
Raa k geen ongebruikte ingangsb ussen aan war neer de meter gekoppeld is aan een schakeling die i aan het testen bent.
-
De c apaciteitsmeetsnoeren zijn enkel geschikt voor capaciteits-, diode- en weerstandsmetingen op circuits die niet onder spanning staan. Verwijder alle meetsnoerein bij temperatuur-, relatieve vochtigheid-, geluidssterkte- en verlichtingssterktemetingen.
- Geb ruik de meter enkel voor het meten in de aangeduide meetcategorie-installaties en meet geen voltages die de aangeduide waarden kunnen overschrijden.
- Kop pœl de testsnoeren los van het meetcircuit vooraleer u een andere functie kiest met de draaischakelaar.
- Let op bij metingen op circuits zoals tv's of schakelende voedingen, er kunnen spanningspieken woorkomen die de meter kunnen beschadigen.
- Wee :suiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60VDC of 30VAC RMS. Houd tijdens metingen uw vingers te allen tijde achter de beschemingsrand van de meetpennen!
- Mee t geen stroom in circuits met een spanning > 600V
- Voe r nooit weerstandsmetingen, continuïteitstest, diodetest of capaciteitsmetingen uit op schakelingen die onder spanning staan. Vergewis uzelf ervan dat condensaboren die zich in het circuit bevinden ontladen zijn.
"HOLD" functie:
Druk op de "HOLD" toets om de weergegeven waarde op het scherm te bevriezen. Het symbol verschijnttop het scherm. Om het scherm terug vrij te geven druk opnieuw op de knop
"RANGE' functie:
Druk op de RANGE toets om over te schakelen van automatische naar manuele bereiksinstelling.
Bij het inschakelen staat de meter in automatische modus, het AUTO is someergegeven op het scherm. Het toestel kiest zelf het meest geschikte bereik voor de gekozen functie. In dien gewenst kan het bereik toch man ueel gekozen worden door op de RANGE toets te drukken. Iedere druk op de toets stelt een ander bereik in. Om terug te keren naar Automatische instelling hou de RANGE toets 2 seconden ingedrukt.
"Hz/DUTY" functie:
Druk op de Hz/DUTY knop in V, 400mA en 10A modus om de frequentie of duty-cycle van het gemeten signaal weer te geven. In de Hz modus kan met deze toets om geschakeld worden tussen Fequentie en duty-cycle weergave.
"REL" functie: (werkt miet in frequentiemeetmodus)
Druk tijdens het meten op de REL toets om de relatieve meetfunctie in te schakelen, de actu de waarde wordt nu opgeslaan als referentie en het display geeft de waarde 000.0 weer. Elke verandering im het meetcircuit wordt nu weegegeven als het verschil met de opgeslagen referentiewaarde. Het REL byomis weergegeven op het scherm als het toestel zich in relatieve modus bevindt, druk nc gmaals op de REL toets om deze functie te verlaten
"LIGHT" functie:
Druk op de LIGHT toets om de achtergrondverlichting in te schakelen. De achtergrondverlichting dooft automatisch na 5sec.
Automatische batterijspaarstand:
Het toestel gaat automatisch in latterijspaarstand na 15min. Druk om het even welke fundietoets in of verdraai de mod usselector om het toestel uit de slaapstand te halen.
7.1 Spanningsmetingen

Meet niet aan circuits in een CATIV omgeving of waarin spanningen kunnen voorkomen > 6.00V.

Wees uiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60Vdc of 30Vac rms. Hou tijdens metingen uw vingers te allen tijde achter de beschermingsrand van de meetpennen! Raak geen aansluitbussen aan tijdens de meting
- Kop pœl het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meet:snoer met de HzVΩ-bus.
- Plaa ts de draaischakelaar op en druk op de FUNC. toets om te kiezen tussen wisselspanningsmeting of geli jkspanningsmeting
- Ver bind de meetsnoeren met het te meten circuit.
-
De gemeten spanning kan afgelezen worden op de display.
-
Sele deer manueel bereik met de RANGE toets indien gewenst.
- Dru k achtereenvolgens op Hz/DUTY om de frequentie of duty cycle van de gemeten spanning weer te geven (frequentiebereik 40Hz\~400Hz). Nogmaals drukken om terug te keren naar spanningsweergave.
Nota:
- Bij gelijkspanningsmetingen wordt een negatieve polariteit van de gemeten spanning aan het rode meet snoer weergegeven door het "-" teken vóór de weergegeven waarde.
- Indien het geselecteerde bereik te klein is voor de gemeten waarde verschijnt "OL" op de display, select er dan een groter bereik.
7.2 Stroommetingen
![]() | Meet geen stroom in circuits met een spanning > 600V |
![]() | S troommetingen 400mA-bus tot max. 400mA, voor stroo mmetingen tot max. 10A gebruik de 10A-aansluiting. Bij stroommetingen tot 10A max. 15sec. aaneensluitend meten, telkens 10min. wachten tussen 2 metingen |
![]() | Wees uiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60VDC of 30VAC RMS. Houd tijdens metingen uw vingerste allen tijde achter de beschermingsrand van de meetpennen! |
- Kop pœl het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de mA°C-bus voor metingen tot max. 400mA.
- Kop pœl het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de 10A-bus voor metingen tot max.10A.
- Plaats de draaischakelaar op 10A ≈ voor metingen tot 10A op de 10A-aansluitbus. LET OP: de 10A bus is niet beveiligd!
- Plaats de draaischakelaar op 401mA voor metingen tot max. 400mA op de mA°C-bus.
- Indi en u niet zeker bent van het te meten bereik kies dan eerst de hoogste stand, en ga over naar een lagere instelling indien gewenst.
- Sele 'deer wissel- of gelijkstroom meting met de FUNC.-toets (AC = wisselspanning, DC = gelijkspanning).
- Ver bind de meetsnoeren in serie met het circuit
- Lees de gemeten vaarde van het lcd-scherm ai.
- Sele 'deer manueel bereik met de RANGE toets indien gewenst
- Dru k indien gewenst achtereenvolgens op Hz/DUTY om de frequentie of duty-cycle van de gemeten stroom weer te geven (frequentiebereik 40Hz\~400 Hz), nogmaals drukken om terug te keren naar stroomweergave
Nota:
- Bij gelijkstroommetingen wordt een negatieve polariteit van de gemeten stroom aan het rode meetsnoer weergegeven door het "-" teken vóór de weergegeven waarde.
- Het 400mA-bereik is beveiligd tegen overbelasting met een zekering F500mA 600V, het 110A bereik is niet beveiligd tegen overbelasting.
- Bij stroommetingen tot 10A max. 15sec. aaneensluitend meten, telkens 10min. wachten tussen 2 metingen.
- Indien het geselecteerde bereik te klein is voor de gemeten waarde verschijnt "OL" op het display. Selecteer een groter bereik.
7.3 Weerstandsmetingen
| Voer geen weer standsmeting uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen |
- Kop pcel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzVΩ-bus.
- Plaa ts de draaischakelaar op - + + + .
- Indi en nodig, druk op de FUNC. toets om weerstand ( ) te selecteren.
- Ver bind de meetsnoeren met het te meten circuit of de component.
- De gemeten weerstand kan afgelezen worden op het display.
- Sele 'deer manueel bereik met de RANGE toets indien gewenst
Nota's:
- Zorg ervoor dat bij weerstand smetingen geen spanning meer op de schakeling staat en dat alle condensatoren volledig ontladen zijn.
- Om zo nauwkeurig mogelijk lage weerstand swaarden te meten, verbind eerst de meetpennen met elkaar. Druk op de REL toets, het display stelt zich terug op 000.0.
- Indien de weerstand groter is dan het meetbereik of bij een open circuit wordt 'OL' weergegeven op het scherm.
- Weerstandsmetingen > 1MΩ stabiliseren zich pas na enkele seconden.
7.4 Continuïteitstest en diodetest

Voer geen continuïteitsmeting/diodetest uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzVΩ-bus.
- Plaats de draaischakelaar op + .
Continuïteitstest
- Druk op de FUNC. toets tot het 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎 🐎
- Verbind de meetsnoeren met het te testen circuit.
- Indien de weerstand minder dan 40Ω bedraagt wordt een continue pieptoon weergegeven, de indicatie weergegeven op het scherm is de weerstandswaarde. Indien de weerstand groter is dan 400Ω of bij een open circuit wordt 'OL' weergegeven op het scherm
Diodetest
- Druk op de FUNC. toets tot het ➤ symbol het schem verschijnt
- Verbind het rode meetsnoer met de anode van de diode en het zwarte meetsnoer met: de kathode.
- De meter geeft de voorwaartse spanningsval van de diodeweer. Bij verkeerde aansluitpolariteit of open circuit verschijnt 'OL' op het scherm.
Nota:
- Zorg ervoor dat bij de continuïteittest/diodetest geen spanning meer op de schakeling staat en dat alle condensatoren volledig ontdaden zijn
- Meten van diodes die zich in een circuit bevinden kan foute resultaten opleveren, het is best de diodes los te koppelen van het meetcircuit.
7.5 Capaciteitsmeting

Voer geen capaciteitsmeting uit in circuits waarop spanning aanwezig is, of zou kunnen voorkomen
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzV -bus.
- Plaats de draaischakelaar op + + + .
- Dru k op de FUNC. toets om capa citeitsmeting (n F) te selecteren.
- Ver bind de meetsnoeren met de te testen condensator. Let op de polariteitbij het meten van gepolariseerde condesatoren (rood = "+" +", zwart = "-").
- De c apaciteitswaarde verschijnt op het scherm.
- Not a's:
- De waarde stabiliseert pas na enkele seconden. Dit is absoluut normaal.
Om zo nauwkeurig mogelijk kleine capaciteitswaarden te meten (< 50nF), verbind eerst de klemmen met elkaar. Druk op de REL toets, het display stelt zich terug op 000.0.
- Indien de capaciteit groter is dan het meetbereik wordt 'OL' weergegeven op het scherm.
o Zorg ervoor dat bij de capaciteitstest geen spanning mee rop de schakeling staat en dat alle condensatoren volledig ontladen zijn.
7.6 Frequentiemeting

Spanningsbereik frequentiemeting: 0.5Vrms \~ 10V rms

Wees uiterst voorzichtig wanneer u werkt met voltages boven 60Vdc of 30Vac rms. Hou tijdens metingen uw vingers ten allen tijde achter de beschermingsrand van de meetpennen! Raak geen aansluitbussen aan tijdens de meting
- Kop pel het zwarte meetsnoer met de COM- en het rode meetsnoer met de HzVΩ-bus.
- Plaats de draaischakelaar op Hz.
- Ver bind de meetsnoeren met het circuit.
- De f requentie verschijnt op het scherm.
-
Not a's:
-
Indien de frequentie groter is dan het meetbereik verschijnt 'OL' op het scherm
- Frequentie en duty-cycle kunnen ook gemeten worden door in de wisselspanning- of wisselstroom functie op de Hz/DUTY toets te drukken (zie §7.1 of §7.2).
- Gebruik een afgeschermde kabel voor het meten van kleine signalen in een storingsgevoelige omgeving.
7.7 Temperatuurmeting

Raak met de temperatuurmeetprobe geen delen aan die onder spanning zouden kunnen staan. Gebruik enkel het meegeleverde thermokoppel.
- Kop pel de zwarte pen met de COM- en de rode pen met de mA°C-bus.
- Stel de draaischakelaar in op het 1°C-bereik of kies het 0.1°C-bereik voornauwkeurige metingen.
- Raa k het te meten voorwerp aan met de tip van het thermokoppel.
- De t emperatuur wordt weergegeven op het scherm
Nota:
- Als géén temperatuurmeetprobe is aangesloten is de huidige omgevingstemperatuur af te lezen op het s cherm.
7.8 Meting van relatieve vochtigheidsgraad, geluids- en verlichtingssterkte

Verwijder alle testsnoeren van de meetbussen bij het meten van relatieve vochtigheid, celuids- of verlichtingssterkte
- Plaats de draaischakelaar op:
- %RH voor het meten van de relatieve vochtigheid. De relatieve vochtigheid van de omgeving wordt weergegeven op het schem.
- dB voor het meten van geluidssterkte. Het geluidsniveau van de omgeving wordt weergegeven op het scherm.
- x10Lux voor het meten van grotere verlichtingssterktes. De verlichtingssterkte van het licht dat op de sensor valt wordt weergegewen op het scherm. Vermenigvuldig deze waarde met 10 om de juiste waarde te kennen.
o Lux voor het meten van kleine verlichtingssterktes. De verlichtingssterkte van het licht dat op de sensor valt wordt weergegeven op het scherm. Indien U niet zeker bent van het te kiezen bereik kies dan eerst de x10Lux instelling en ga over naar de Lux instelling indien mogelijk.
- Not a:
- Verlichtingssterktes varieren sterk, ook al is dit niet direct met het oog waarneembaar. Ter indicatie:
Zonlicht: 100 000 - 130 000 lux
Daglicht (indirect zonlicht): 10 000 - 20 000 lux
Bewolkte dag: 1000 lux
Kantoor: 500 lux
Schemering: 10 lux
Volle maan: 0,1 lux
Be wolkte nacht zonder maan: 0,0001 lux
8. Reiniging en onderhoud

De gebruiker mag geen inwendige onderdelen vervangen. Indien het toestel defect is raadpleeg uw dealer. Vervang beschadigde of verloren accessoires enkel door accessoires van hetzelfde type of met dezelfde specifi caties. Bestel reserveaccessoires zoals meetsnoeren bij uw dealer.
| DVM1400 | Rev. 02 | |
![]() | WAARSCHUWING:Om brand te vermijden, gebruik identieke zekeringen.Opmerking: dit is de vertaling van de waarschuwing die zich bovenaan op de achterkant van het toestel bevindt. | |
![]() | Koppel de testsnoeren los van het meetcircuit en trek de stekkers uit de aansluitbussen vooraleer de batterijen of dezekering te vervangen. | |
![]() | WAARSCHUWING:Om elektrische schokken te vermijden, verwijder de testsnoeren alvorens de behuizing te openenOpmerking: dit is de vertaling van de waarschuwing die zich onderaan op de achterkant van het toestel bevindt. | |
Algemeen onderhoud:
- Maa k het toestel geregeld schoon met een vochtige, niet pluizende doek. Gebruik geen alcohol of solventen.
Vervangen van de zekering:
- Kop pel de testsno eren los van het meetcircuit en trek de ste kkers uit de aan sluitbussen.
- Sch äkel het toestel uit.
- Ver wijder de 4 behuizingschroeven achteraan en open voorzichtig het toestel.
- Ver wijder de zekering uit de zekeringhouder en plaats een nieuwe zekering van hetzelfde type en met dezelfde specificaties (F500mA/600V, ∅ 5 x 20mm).
- Sluit het toestel zorgvuldig.
Vervangen van de batterij:
- Ver vang de batterij van zodra wanneer meetresultaten te vermijden.

hoet scherm verschijnt om or juiste
- Kop pel de testsno eren los van het meetcircuit en trek de ste kkers uit de aan sluitbussen.
- Sch äkel het toestel uit.
- Ver wijder de 2 batterijvakschroewen achteraan en open het batterijvak.
- Ver vang de batterij door een nieuwe batterij van hetzelfde type en met dezelfde specificaties (6LR61/6F22 9V alkaline, gebruik geen oplaadbare batterijen).
- Sluit het batterijvak zorgvuldig.
Nota:
- Maak de meter nooit open wanneer er snoeren aangesloten zijn op de meetbussen
• Probeer de meter nooit zelf te repareren of te ijken, contacteer uw dealer. - Vervang beschadigde accessoires onmiddellijk, bestel deze bij uw dealer
- Indien het toestel beschadig d is, gebruik het dan niet meer.
- Indien u het toestel langere tijd niet gebruikt is het aangeraden om de batterij te verwijderen om lekken te voorkomen.
Accessoires:
- Geb ruik dit toestel enkel met de bijhorende- of gelijkaardige meetsnoeren.
- Spe cificaties:
o Meetsnoer met meetpennen: 1000V CAT III - 10A - Klasse II, dubbel geïsoleerd
o Temperatuurprobe: Type K thermokoppel Chromel/Alumel
9. Technische specificaties
Dit toestel is niet geijkt bij aankoop!
- Geb ruik dit toestel enkel voor metingen aan installatiecategorie CAT I, CAT II en CAT III circuits (zie §4).
- Geb ruik dit toestel alleen in een vervuilingsgraad 2 omgeving (zie §5).
| Ideale omgevingstemperatuur | 18-28°C | |
| Ideale relatieve vochtigheid | 75% | |
| Max. Gebruikshoogte | max. 2000m | |
| Overspanningcategorie | 600V CAT. III | |
| Vervuilingsgraad | pollution degree (vervuilingsgraad) 2 | |
| Werktemperatuur | 0°C~40°C (RH<80%) | |
| Opslagtemperatuur | -10°C~60°C (RH<70%, opsl aan zonder batterijen) | |
| DVM1400 | Rev. 02 | |
| Zekering | mA bereik F500mA/600V, 5 x 20mm | |
| Display | 3 5/6 -digit lcd | |
| bemonsteringsfrequentie | 2x/sec. | |
| Aanduiding buiten bereik | j ('OL') | |
| Aanduiding zwakke batterij | j ( [IMAGE] ) | |
| Polariteit instelling | '-'automatische aanduiding | |
| "Hold" functie van de gegevens | j | |
| Achtergrondverlichting | j (wit) | |
| Automatische uitschakeling | j | |
| Voeding | 1 x 9V 6LR61 / 6F22 batterij (gebruik geen oplaadbare batterijen) | |
| Afmetingen | 180 x 85 x 45mm | |
| Gewicht | ± 280g (met batterijen) | |
| Accessoires | handleiding, meetsnoeren, batterij, temperatuursonde | |
9.1 Spanning
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| gelijkspanning V --- | 400mV | 0.1mV | ± 0.7% + 2 digits |
| V | 1mV | ||
| 40V | 10mV | ||
| 400V | 100mV | ||
| 600V | 1V | ± 1.0% + 2 digits | |
| wisselspanning ^1,2 V~ | V | 1mV | ± 0.8% + 3 digits |
| 40V | 10mV | ||
| 400V | 100mV | ||
| 600V | 1V | ± 1.5% + 5 digits |
^1 Frequentiebereik: 40 Hz \~ 400 Hz
^2 Respons: gemiddeld, RMS
Max. ingangsspanning: 600V
Ingangsimpedantie: 10MΩ
9.2 Stroom
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Gelijksi room 400mA | 0mA | 0.01mA | ± 1.2% + 3 digits |
| 400mA | 0.1mA | ||
| Gelijk stroom 10A | 10A | 10mA | ± 2.0% + 10 digits |
| Wisselsi room ^1,2 400mA~ | 0mA | 0.01mA | ± 1.5% + 5 digits |
| 400mA | 0.1mA | ||
| Wisselstroom ^1,2 10A~ | 10A | 10mA | ± 3.0% + 10 digits |
^1 Frequentiebereik: 40Hz\~400Hz
^2 Respons: gemideld, rms
Bescheming tegen overbelasting:
F500mA/ 600V zekering voor het 400mA bereik, 10A bereik onbev eiligd!
Max. ingangsstroom: 10Arms voor 10A bereik, 400mA rms voor 1 et 400mA bereik
Voor metingen tot 10A, max. 15sec. aaneensluitend meten, telkens 10 minuten wachten tussen 2 metingen
9.3 We erstand
| functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Weerstand Ω | 400Ω | 0.1Ω | ± 1.2% + 2 digits |
| 4kΩ | 1Ω | ||
| 40kΩ | 10Ω | ||
| 400kΩ | 100Ω | ||
| 4MΩ | 1kΩ | ||
| 40MΩ | 10kΩ | ± 2.0% + 5 digits |
Open circuit testspannings: 0.25Vdc
Max. geb ruikersveilige ingangsspanning: 250Vrms
9.4 Diode/continuïteit
| Functie | Bereik | Resolutie | |
| Diodetest ➤ | - | 0.001V | benaderde voorwaartse spannin gsval |
| Continuïteit 🌐 | 400Ω | 0.1Ω | Zoemer indien R≤40Ω |
DC doorlaatstroom: ± 1mA DC sperspanning: ± 1.5V
Max. gebruikersveilige ingangsspanning: 250Vrms
Open circuit testspanning ± 0.5V
9.5 Capaciteit
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Capaciteit †‡ | 4nF | 1pF | ± 3..0% + 3 digits |
| 40nF | 10pF | ||
| 400nF | 100pF | ||
| 4μF | 1nF | ||
| 40μF | 10nF | ||
| 200μF | 100nF | ± 8.0% + 10 digit s |
Max. gebruikersveilige ingangsspanning: 250Vrms
9.6 Frequentie/Duty-cycle
| Functie | Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| Frequentie Hz(0Hz~200kHz) | 9.999Hz | 0.001Hz | ± 2.0% + 5 digits |
| 99.99Hz | 0.01Hz | ± 1.5% + 5 digits | |
| 999.9Hz | 0.1Hz | ||
| 9.999kHz | 1Hz | ||
| 99.99kHz | 10Hz | ± 2.0% + 5 digits | |
| 199.9KHz | 100Hz | ||
| >200kHz | referentie | ||
| Duty-cycle % | 0.1~99% | 0.1% | ±0.3% |
Spanningsbereik: 0.5 \~ 10Vrms
Frecuentiebereik: 0-200kHz
Max. gebruikersveilige ingangsspanning: 250Vrms
9.7 Temperatuur
| Functie | Bereik | Resolutie | Nieuwkeurigheid |
| Temperatuur °C1 | -20C°~0°C | 0.1°C | ± 5.0% + 3 digi ts |
| 0°C~20°C | ± 3.0% + 3 digi ts | ||
| 20°C~400°C | ± 2.0% + 3 digi ts | ||
| -20C°~0°C | 1°C | ± 5.0% + 5 digi ts | |
| 0°C~20°C | ± 1.0% + 3 digi ts | ||
| 20°C~400°C | ± 2.0% + 3 digi ts |
^1 Temperatuurspecificaties bevatten geen fouten in het thermok oppel.
Max. gebruikersveilige ingangsspanning: 250Vrms
9.8 Relatieve vochtigheidsgraad, geluidssterkte, verlichtingssterkte
| Functie | Bereik | Resolutie | Näuwkeurigheid |
| relatieve vochtigheid %RH | 30~90% | 0.1% | ± 5.0%RH |
| geluidssterkte dB | 35~100dB | 0.1 dB | ±5.0% @ 94dB |
| verlichtingssterkte Lux | 4000 | 1 Lux | ±5.0% + 10 digits |
| verlichtingssterkte x10 Lux | 40000 | 10 Lux |
Werktemperatuur: 0°C\~40°C
Responstijd:
$$ 45 \% \mathrm{RH} > 90 \% \mathrm{RH}: \leq 10 \min $$
$$ 90 \% \mathrm{RH} > 45 \% \mathrm{RH}: \leq 15 \mathrm{min} $$
Geluidssterkte geijkt met sinus, frequentie 1kHz
Frequentiebereik: 100 Hz\~10kHz
Verlichtingssterkte geijkt bij kleurtemperatuur van 2856K (gloeil amp)
Max. geb ruikersveilige ingangsspanning: 250Vrms
Gebruik dit toestel enkel met originele accessoires. Velleman nv is niet aansprakelijk voor sch ade of kwetsuren bij (verkeerd) gebruik van dit toestel.
Voor meer informatie over dit product en de meest recente versie van deze handleiding, zie www.velleman.eu.
De informatie in deze handleiding kan te allen tijde worden gewijzigd zonder voorafgaande kennisgeving.
© AUTEU RSRECHT
Velleman nv heeft hetauteursrecht vc or deze handleiding. Alle wereldwijde rechten voorbehouden. Het is niet toegestaan om deze handleiding of gedeelten er van over te nemen, te kopieren, te vertalen, te bewerken en op te slaanop een elektronisch medium zon cer voorafgaand e schriftelijke toestemming van de rechthebbende.
NOTICE D'EMPLOI
1. Introduction
Velleman® service- en kwaliteitsgarantie
Velleman ^ heeft ruim 35 jaar ervaring in de elektronicawereld en verdeelt in meer dan 85 landen.
Al onze producten beantwoorden aan strikte kwaliteitseisen en aan de wettelijke bepalingen geldig in de EU. Om de kwaliteit te waarborgen, ondergaan onze producten op regelmatige tijdstippen een extra kwaliteitscontrole, zowel door onze eigen kwaliteitsafdeling als door externe gespecialiseerde organisaties. Mocht er ondanks deze voorzorgen toch een probleem optreden, dan kunt u steeds een beroep doen op onze waarborg (zie waarborgvoorwaarden).
Algemene waarborgvoorwaarden consumentengoederen (voor Europese Unie):
- Op alle consumentengoederen geldt een garantieperiode van 24 maanden op productie- en materiaalfouten en dit vanaf de oorspronkelijke aankoopdatum.
- Indien de klacht gegrond is en een gratis reparatie of vervanging van een artikel onmogelijk is of indien de kosten hiervoor buiten verhouding zijn, kan Velleman® beslissen het desbetreffende artikel te vervangen door een gelijkwaardig artikel of de aankoopsom van het artikel gedeeltelijk of volledig terug te betalen. In dat geval krijgt u een vervangend product of terugbetaling ter waarde van 100% van de aankoopsom bij ontdekking van een gebrek tot één jaar na aankoop en levering, of een vervangend product tegen 50% van de kostprijs of terugbetaling van 50% bij ontdekking na één jaar tot 2 jaar.
• Valt niet onder waarborg:
- alle rechtstreekse of onrechtstreekse schade na de levering veroorzaakt aan het toestel (bv. door oxidatie, schokken, val, stof, vuil, vocht...), en door het toestel, alsook zijn inhoud (bv. verlies van data), vergoeding voor eventuele winstderving.
- verbruiksgoederen, onderdelen of hulpstukken die regelmatig dienen te worden vervangen, zoals bv. batterijen, lampen, rubberen onderdelen, aandrijfriemen... (onbeperkte lijst).
- defecten ten gevolge van brand, waterschade, bliksem, ongevallen, natuurrampen, enz.
- defecten veroorzaakt door opzet, nalatigheid of door een onoordeelkundige behandeling, slecht onderhoud of abnormaal gebruik of gebruik van het toestel strijdig met de voorschriften van de fabrikant.
- schade ten gevolge van een commercieel, professioneel of collectief gebruik van het apparaat (bij professioneel gebruik wordt de garantieperiode herleid tot 6 maand).
- schade veroorzaakt door onvoldoende bescherming bij transport van het apparaat.
- alle schade door wijzigingen, reparaties of modificaties uitgevoerd door derden zonder toestemming van Velleman®.
- Toestellen dienen ter reparatie aangeboden te worden bij uw Vellemar ^p -verdeler. Het toestel dient vergezeld te zijn van het oorspronkelijke aankoopbewijs. Zorg voor een degelijke verpakking (bij voorkeur de originele verpakking) en voeg een duldelijke foutomschrijving bij.
- Tip: alvorens het toestel voor reparatie aan te bieden, kijk nog eens na of er geen voor de hand liggende reden is waarom het toestel niet naar behoren werkt (zie handleiding). Op deze wijze kunt u kosten en tijd besparen. Denk eraan dat er ook voor niet-defecte toestellen een kost voor controle aangerekend kan worden.
- Bij reparaties buiten de waarborgperiode zullen transportkosten aangerekend worden.
- Elke commerciële garantie laat deze rechten onverminderd.
Bovenstaande opsomming kan eventueel aangepast worden naargelang de aard van het product (zie handleiding van het betreffende product).





































