BS50-2 - Trilplaat Wacker Neuson - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BS50-2 Wacker Neuson in PDF-formaat.
| Type product | Trilstamper |
| Merk | Wacker Neuson |
| Model | BS50-2 |
| Toepassing | Bodemverdichting, asfalt, greppels, opvullingen, weg- en waterbouw |
| Aantal slagen | 687 per minuut |
| Slagkracht | 16 kN |
| Vooruitloopsnelheid | 9,5 m/min |
| Afmetingen (L x B x H) | 673 x 343 x 940 mm |
| Stampschoen (l x b) | 340 x 280 mm (11 inch) |
| Bedrijfsgewicht | 59 kg |
| Nominaal vermogen | 1,8 kW (2,2 pk) |
| Motortype | Wacker Neuson WM80, tweetakt, luchtgekoeld |
| Brandstof | Olie/benzinemengsel (1:50) |
| Tankinhoud | 2,9 liter |
| Olie stampsysteem | SAE 10W-40, 0,7 liter |
| Geluidsdrukniveau (operator) | 93 dB(A) |
| Geluidsvermogen (gegarandeerd) | 108 dB(A) |
| Trillingswaarde hand-arm | 11,1 m/s2 |
| Veiligheidsvoorzieningen | Verbrandingsbescherming, CE-markering, EAC-markering |
| Onderhoudsfrequentie | Dagelijks: luchtfilter, oliepeil; Wekelijks: schroefverbindingen; Jaarlijks: olie verversen, bougie |
| Transport | Centrale ophanging, transportrol; machine rechtop tillen en vastsjorren |
| Accessoires | Transportwagen, trilplaten in verschillende breedtes |
| Opslagtemperatuur | -30 °C tot +50 °C |
Veelgestelde vragen - BS50-2 Wacker Neuson
Gebruikersvragen over BS50-2 Wacker Neuson
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Trilplaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BS50-2 - Wacker Neuson en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BS50-2 van het merk Wacker Neuson.
GEBRUIKSAANWIJZING BS50-2 Wacker Neuson
Uitgever en rechthebbende:
Zetel van het bedrijf: Reichertshofen
Originele gebruiksaanwijzing
Alle rechten voorbehouden, vooral het auteursrecht, het recht tot verveelvoudiging en het reproductierecht.
Dit document mag door de ontvanger uitsluitend voor het hiervoor bedoelde doel worden gebruikt. Het mag zonder voorafgaande schriftelijke toestemming op geen enkele wijze geheel of gedeeltelijk worden vermenigvuldigd of vertaald.
Nadruk of vertaling, zij het geheel of gedeeltelijk, is alleen toegestaan met schriftelijke toestemming van Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG.
Elke overtreding van de wettelijke bepalingen met in het bijzonder voor de bescherming van het auteursrecht wordt civiel- en strafrechtelijk vervolgd.
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG behoudt zich het recht voor om zijn producten en de technische specificaties ervan te allen tijde voor verdere technische ontwikkeling te wijzigen zonder dat daaruit een claim op wijzigingen aan reeds geleverde machines kan worden afgeleid. De informatie in de technische documentatie van het product is te allen tijde van toepassing.
De machine op de omslagfoto dient ter illustratie en kan derhalve speciale uitrusting (opties) hebben.
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Wijzigingen en fouten voorbehouden, printed in Germany
Copyright © 2020
Inhoudsopgave
1 EG-conformiteitsverklaring
2 Voorwoord
2.1 Inleiding 9
2.2 Gebruiksaanwijzing bewaren....9
2.3 Ongevallenpreventievoorschriften 10
2.4 Wacker Neuson-contactpersoon 11
2.5 Aansprakelijkheidsbeperking 11
2.6 Gebruik van de gebruikshandleiding 11
3 Gebruik
3.1 Reglementair gebruik.... 13
3.2 Niet beoogd gebruik.... 13
4 Veiligheid
4.1 Veiligheidssymbolen en signaalwoorden 14
4.2 Principe.... 14
4.3 Constructieve wijzigingen 15
4.4 Verantwoordelijkheid van de exploitant 15
4.5 Plichten van de exploitant.... 15
4.6 Personeelskwalificatie 16
4.7 Algemene veiligheidsvoorschriften 16
4.8 Specifieke veiligheidsaanwijzingen stamper.... 18
4.9 Veiligheidsvoorzieningen 19
4.10 Onderhoud 19
5 Beschrijving van de machine
5.1 Typeplaatjes en labels 22
5.2 Componenten 25
5.3 Bedieningselementen 26
6 Transport
6.1 Veiligheidsaanwijzingen voor het transport 27
6.2 Vereisten en voorbereidingen.... 27
6.3 Machine optillen....27
6.4 Machine vastsjorren.... 28
7 inbedrijfstelling
7.1 Veiligheidsaanwijzingen voor gebruik 29
7.2 Controles vóór inbedrijfstelling.... 30
7.3 In bedrijf nemen 30
8 Bediening
8.1 Machine gebruiken 33
8.2 Snelheid kiezen 34
8.3 Buiten bedrijf nemen 34
9 Onderhoud
9.1 Veiligheidsinformatie over onderhoud 35
9.2 Onderhoudsschema 36
9.3 Onderhoudswerkzaamheden 37
10 Bedrijfsstoringen
10.1 Verhelpen van storingen.... 45
11 Stilleggen
11.1 Tijdelijke stillegging.... 46
11.2 Definitieve stillegging 46
12 Accessoires
12.1 Accessoires.... 47
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Wackerstraße 6, D-85084 Reichertshofen Het opstellen van deze conformiteitsverklaring valt volledig onder de verantwoordelijkheid van de fabrikant.
| Product | BS50-2 |
| Productsoort | Trilstamper |
| Productfunctie | Verdichten van de bodem |
| Materiaalnummer | 5100030590, 5100030591, 5100030594, 5100030595, 5100030596, 5100058346 |
| Geïnstalleerd nominaal vermogen | 1,8 kW |
| Gemeten geluidsniveau | 106 dB(A) |
| Gegarandeerd geluidsniveau | 108 dB(A) |
Procedure voor beoordeling van conformiteit
2000/14/EG, Bijlage VIII
Aangemelde instantie
TÜV Rheinland LGA Products GmbH, Tillystr. 2, D-90431 Nürnberg (NB 0197)
Richtlijnen en normen
Hiermee verklaren wij dat dit product voldoet aan de desbetreffende bepalingen en voorschriften van de volgende richtlijnen en normen:
2006/42/EG, 2000/14/EG, 2014/30/EU, EN 500-1:2006 + A1:2009, EN 500-4:2011, EN ISO 13766-1:2018, EN ISO 13766-2:2018
Verantwoordelijke persoon voor technische documenten
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Wackerstraße 6, D-85084 Reichertshofen Het opstellen van deze conformiteitsverklaring valt volledig onder de verantwoordelijkheid van de fabrikant.
| Product | BS50-2 |
| Productsoort | Trilstamper |
| Productfunctie | Verdichten van de bodem |
| Materiaalnummer | 5100030592, 5100030597 |
| Geïnstalleerd nominaal vermogen | 1,8 kW |
| Gemeten geluidsniveau | 104 dB(A) |
| Gegarandeerd geluidsniveau | 108 dB(A) |
Procedure voor beoordeling van conformiteit
2000/14/EG, Bijlage VIII
Aangemelde instantie
TÜV Rheinland LGA Products GmbH, Tillystr. 2, D-90431 Nürnberg (NB 0197)
Richtlijnen en normen
Hiermee verklaren wij dat dit product voldoet aan de desbetreffende bepalingen en voorschriften van de volgende richtlijnen en normen:
2006/42/EG, 2000/14/EG, 2014/30/EU, EN 500-1:2006 + A1:2009, EN 500-4:2011, EN ISO 13766-1:2018, EN ISO 13766-2:2018
Verantwoordelijke persoon voor technische documenten
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Wackerstraße 6, D-85084 Reichertshofen Het opstellen van deze conformiteitsverklaring valt volledig onder de verantwoordelijkheid van de fabrikant.
| Product | BS60-2 |
| Productsoort | Trilstamper |
| Productfunctie | Verdichten van de bodem |
| Materiaalnummer | 5100030600, 5100030602, 5100030603, 5100030604, 5100037561, 5100039660, 5100051580 |
| Geïnstalleerd nominaal vermogen | 1,9 kW |
| Gemeten geluidsniveau | 105 dB(A) |
| Gegarandeerd geluidsniveau | 108 dB(A) |
Procedure voor beoordeling van conformiteit
2000/14/EG, Bijlage VIII
Aangemelde instantie
TÜV Rheinland LGA Products GmbH, Tillystr. 2, D-90431 Nürnberg (NB 0197)
Richtlijnen en normen
Hiermee verklaren wij dat dit product voldoet aan de desbetreffende bepalingen en voorschriften van de volgende richtlijnen en normen:
2006/42/EG, 2000/14/EG, 2014/30/EU, EN 500-1:2006 + A1:2009, EN 500-4:2011, EN ISO 13766-1:2018, EN ISO 13766-2:2018
Verantwoordelijke persoon voor technische documenten
Wacker Neuson Produktion GmbH & Co. KG, Wackerstraße 6, D-85084 Reichertshofen Het opstellen van deze conformiteitsverklaring valt volledig onder de verantwoordelijkheid van de fabrikant.
| Product | BS70-2 |
| Productsoort | Trilstamper |
| Productfunctie | Verdichten van de bodem |
| Materiaalnummer | 5100030607, 5100030608, 5100030609 |
| Geïnstalleerd nominaal vermogen | 2,0 kW |
| Gemeten geluidsniveau | 105 dB(A) |
| Gegarandeerd geluidsniveau | 108 dB(A) |
Procedure voor beoordeling van conformiteit
2000/14/EG, Bijlage VIII
Aangemelde instantie
TÜV Rheinland LGA Products GmbH, Tillystr. 2, D-90431 Nürnberg (NB 0197)
Richtlijnen en normen
Hiermee verklaren wij dat dit product voldoet aan de desbetreffende bepalingen en voorschriften van de volgende richtlijnen en normen:
2006/42/EG, 2000/14/EG, 2014/30/EU, EN 500-1:2006 + A1:2009, EN 500-4:2011, EN ISO 13766-1:2018, EN ISO 13766-2:2018
Verantwoordelijke persoon voor technische documenten
Deze gebruikshandleiding bevat belangrijke informatie en procedures voor het veilige, correcte en economische gebruik van deze Wacker Neuson-machine. Zorgvuldig lezen, begrijpen en de inachtneming ervan helpt gevaren te voorkomen, reparatiekosten en stilstandstijden te verlagen en daarmee de betrouwbaarheid en levensduur van de machine te verhogen.
Deze gebruikshandleiding is geen handleiding voor uitgebreide instandhoudings- of reparatiewerkzaamheden. Dergelijke werkzaamheden moeten door Wacker Neuson Service of door erkend vakpersoneel worden uitgevoerd. De Wacker Neuson-machine moet worden bediend en onderhouden in overeenstemming met de instructies in deze gebruikshandleiding. Onjuiste bediening of onjuist onderhoud kan risico's met zich meebrengen.
Defecte machineonderdelen moeten onmiddellijk worden vervangen!
Wacker Neuson-contactpersonen staan altijd klaar om vragen over de bediening of het onderhoud te beantwoorden.
2.2 Gebruiksaanwijzing bewaren
Deze gebruiksaanwijzing moet in de onmiddellijke nabijheid van de machine worden bewaard en te allen tijde voor het personeel toegankelijk zijn.
In geval van verlies of noodzaak van een tweede exemplaar van deze gebruiksaanwijzing zijn er twee mogelijkheden:
- Gebruiksaanwijzing downloaden via internet - http://www.wackerneu-son.com
- Contact opnemen met uw contactpersoon bij Wacker Neuson.
2.2.1 Deze handleiding begrijpen
Dit hoofdstuk helpt u bij het begrijpen van de handleiding en de bijbehorende afbeeldingen.
doelgroep
Personen, die met deze machine werken, moeten regelmatig worden geschoold over de gevaren in de omgang met de machine.
Deze gebruikshandleiding is bedoeld voor:
- Bedienend personeel: - Deze personen zijn aan de machine geïinstrueerd en over mogelijke gevaren bij onjuist gedrag geïnformeerd.
- Vakpersoneel: - Deze personen hebben een vaktechnische opleiding en aanvullende kennis en ervaring. Zij zijn in staat om de hun toegewezen taken te beoordelen en mogelijke gevaren te herkennen.
Verklaring van symbolen
| symbool Verklaring | |
| 1., 2., 3... Aanduiding voor een handeling die moet worden uitgevoerd. De aangegeven volgorde moet nageleefd worden. | |
| ⇒ kenmerkt het resultaat of het tussenresultaat van een handeling. | |
| ✓ kenmerkt voorwaarden waaraan voor het begin van het werk moet worden voldaan. | |
| ● Kenmerkt een opsomming, bijvoorbeeld als meerdere componenten na elkaar genoemd worden. | |
| - Kenmerkt een subopsomming, bijvoorbeeld als een component uit meer onderdelen bestaat | |
| I | Kenmerkt een positie in een grafiek, meestal een component of een besturingselement. De nummering kan doorlopend of in Romeinse cijfers worden aangegeven. |
| 1; A | Kenmerkt in een toelichting de naam van de component. Dit is identiek met de hiernaast staande posities in grafieken. |
| III | kenmerkt de richting van een beweging of verschillende mogelijkheden bij het schakelen. |
| III | |
| ► Kenmerkt het vermijden van gevaren door middel van waarschuwingen. | |
| [►52] Kenmerkt een kruisverwijzing in tabellen. Hier bijvoorbeeld verwijzing op bladzijde 52 | |
2.2.1.1 Symboolverklaring
Hieronder worden de in de handleiding gebruikte symbolen toegelicht. De symbolen worden uitsluitend in waarschuwings- en milieuaanwijzingen of -informatie gebruikt. Waarschuwingsaanwijzingen moeten altijd in acht worden genomen om de operator en derden tegen persoonlijk letsel en materiële schade beschermd.

Symbool voor waarschuwingen
Dit symbool geeft een algemene waarschuwing aan. Het wordt gebruikt om voor mogelijke gevaren, bijv. lichamelijk letsel of ongelukken, te waarschuwen.

Symbool voor aanwijzingen over technische schade
Dit symbool duidt op waarschuwingen die betrekking hebben op technische schade. Het wordt gebruikt om situaties aan te geven waarin schade aan de machine of aan eigendommen van derden kan ontstaan.

Symbool voor milieu-informatie
Dit symbool duidt op aanwijzingen voor het milieu. Het wordt gebruikt om voor mogelijke gevaren te waarschuwen.

Symbool voor informatie
Dit symbool geeft informatie aan. Deze informatie kan bijvoorbeeld tips voor besturing bevatten. Ze helpen om de machine beter te begrijpen en te bedienen.
2.3 Ongevallenpreventievoorschriften
Naast de aanwijzingen en veiligheidsinstructies in deze gebruikshandleiding gelden de plaatselijke ongevallenpreventievoorschriften en de nationale bepalingen voor arbeidsveiligheid.
2.4 Wacker Neuson-contactpersoon
Afhankelijk van het land is de Wacker Neuson-contactpersoon een Wacker Neuson-service, een dochteronderneming van Wacker Neuson of een Wacker Neuson-dealer.
Op het internet onder - http://www.wackerneuson.com.
2.5 Aansprakelijkheidsbeperking
Bij de volgende overtredingen wijst de fabrikant elke aansprakelijkheid voor letselschade en materiële schade van de hand:
- Handelingen die in strijd zijn met deze gebruiksaanwijzing.
• Niet-reglementair gebruik. - Inzet van niet-opgeleid personeel.
- Het gebruik van niet-toegestane of niet-vrijgegeven toebehoren.
- Onjuiste behandeling.
- Structurele veranderingen van welke aard dan ook.
- Het niet in acht nemen van de algemene voorwaarden.
2.6 Gebruik van de gebruikshandleiding
Deze handleiding:
- moet worden beschouwd als een integraal onderdeel van de machine en moet gedurende de gehele levensduur ervan op een veilige plaats worden bewaard.
- moet aan iedere volgende eigenaar of operator van deze machine worden doorgegeven.
- is van toepassing op verschillende machinetypes uit één productreeks. Om deze reden kunnen sommige afbeeldingen afwijken van het uiterlijk van de gekochte machine. Variantafhankelijke componenten die niet in de leveringsomvang zijn opgenomen, kunnen ook worden beschreven.
Wacker Neuson behoudt zich het recht voor om deze handleiding zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
Er moet voor worden gezorgd dat eventuele wijzigingen of toevoegingen van de fabrikant onmiddellijk in deze handleiding worden opgenomen.
| Groep - Type Materiaalnummer (mat.nr.) | |
| BS50-2 10" 5100058346 | |
| BS50-2 11" 5100030591 | |
| BS50-2 6" 5100030592 | |
| BS50-2plus 11" 5100030596 | |
| BS50-2plus 6" 5100030597 | |
| BS50-2 11" US 5100030590 | |
| BS50-2plus 11" US 5100030594 | |
| BS50-2plus 11" ha US 5100030603 | |
| BS60-2 11" 5100030600 | |
| BS60-2 11" 5100037561 | |
| BS60-2plus 11" 5100030604 | |
| BS60-2plus 11" CN 5100039660 | |
| BS60-2plus 11" US 5100030602 | |
| BS60-2plus 11" ha US 5100030595 | |
| BS60-2 11" 5100051580 | |
| BS70-2 11" 5100030607 | |
| BS70-2plus 11" 5100030609 | |
| BS70-2plus 11" US 5100030608 | |
3 Gebruik
Tot het gebruik volgens de voorschriften behoren ook het in acht nemen van alle aanwijzingen en veiligheidsinstructies in deze handleiding en het in acht nemen van de voorgeschreven onderhouds- en reparatie-instructies.
Elk ander gebruik of gebruik dat verder gaat dan dit wordt beschouwd als onreglementair gebruik. Aansprakelijkheid en garantie van de fabrikant vervallen voor de daaruit voortvloeiende schade. Het risico is uitsluitend voor de exploitant.
De machine wordt gebruikt voor:
- verdichting van gemengde en korrelige bodems.
• bodemverdichting in greppels. - opvullingen.
- gebruik bij weg- en waterbouw, tuin- en landschapsbouw.
- asfaltverdichting.
3.2 Niet beoogd gebruik
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die het gevolg is van niet beoogd gebruik. De volgende werkzaamheden zijn onder andere onreglementair:
- Aansluiten van niet-toegelaten componenten.
- Machine buiten de capaciteitsgegevens gebruiken.
- Verdichting van sterk samenhangende bodems.
- Verdichting van bevroren bodems.
- Verdichting van harde, niet te verdichten bodems.
- Verdichting van niet draagkrachtige bodems.
• Vastschudden van straatstenen.
4 Veiligheid
4.1 Veiligheidssymbolen en signaalwoorden
Het volgende symbool kenmerkt veiligheidsaanwijzingen aan. Het wordt gebruikt om te waarschuwen voor mogelijke persoonlijke gevaren.

GEVAAR
GEVAAR staat voor een situatie die leidt tot ernstig letsel of zelfs de dood als deze niet wordt vermeden.
Gevolgen bij het niet in acht nemen ervan.
▶ Vermijden van (dodelijk) letsel.

⚠ WAARSCHUWING
WAARSCHUWING staat voor een situatie die kan leiden tot ernstig letsel of zelfs de dood als deze niet wordt vermeden.
Gevolgen bij het niet in acht nemen ervan.
▶ Vermijden van (dodelijk) letsel.

▲ LET OP
VOORZICHTIG geeft een situatie aan die kan leiden tot letsel wanneer deze niet wordt vermeden.
Gevolgen bij het niet in acht nemen ervan.
▶ Vermijden van verwondingen.

AANWIJZING
AANWIJZING staat voor een situatie die bij niet-naleving kan leiden tot materiële schade.
Gevolgen bij het niet in acht nemen ervan
▶ Vermijden van materiële schade.
4.2 Principe
De machine is gebouwd volgens de laatste stand der techniek en voldoet aan de geldende veiligheidseisen. Desondanks kunnen bij onjuist gebruik ervan gevaren voor lijf en leven van de gebruiker, derden of schade aan de machine en andere goederen ontstaan.
Opmerkingen en veiligheidsaanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing lezen en opvolgen. Het niet opvolgen van deze instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel alsmede schade aan de machine en/of andere voorwerpen.
Veiligheidsaanwijzingen en instructies voor de toekomst bewaren.
4.3 Constructieve wijzigingen
Constructieve wijzigingen mogen niet worden aangebracht zonder schriftelijke toestemming van de fabrikant. Ongeoorloofde constructieve veranderingen kunnen leiden tot risico's voor de bediener en/of derden en tot schade aan de machine.
Ook bij ongeoorloofde constructieve wijzigingen vervallen de aansprakelijkheid en garantie van de fabrikant.
Als constructieve wijziging geldt met name:
- Openen van de machine en permanente verwijdering van onderde- len.
- Installatie van reserveonderdelen die niet van Wacker Neuson afkomstig zijn of die qua ontwerp en kwaliteit niet gelijkwaardig zijn aan de originele onderdelen.
- Opbouw van alle soorten accessoires die niet van Wacker Neuson afkomstig zijn.
Reserveonderdelen of accessoires van Wacker Neuson kunnen veilig worden in- of opgebouwd. Meer informatie op het internet onder - http://www.wackerneuson.com.
4.4 Verantwoordelijkheid van de exploitant
Exploitant is die persoon, die deze machine voor industriële of commerciële doeleinden zelf exploiteert of aan een derde het gebruik/de toepassing overlaat en tijdens het gebruik de wettelijke productaansprakelijkheid draagt voor de bescherming van het personeel of derden.
De exploitant moet de gebruikshandleiding te allen tijde toegankelijk maken voor het personeel en ervoor zorgen dat de gebruiker deze gebruikshandleiding gelezen en begrepen heeft.
De gebruiksaanwijzing moet bij de machine of op de plaats van gebruik bij de hand worden gehouden.
De exploitant moet de gebruiksaanwijzing aan een andere bediener of volgende eigenaar van de machine overhandigen.
Bovendien moeten de landspecifieke voorschriften, normen en richtlijnen voor ongevallenpreventie en milieubescherming in acht worden genomen. De gebruikshandleiding moet worden aangevuld met verdere instructies voor de naleving van de operationele, officiële, nationale of algemeen geldende veiligheidsaanwijzingen.
4.5 Plichten van de exploitant
- Geldende bepalingen voor arbeidsveiligheid kennen en implementeren.
- In een risicoanalyse moeten de gevaren die voortvloeien uit de werk- omstandigheden op de plaats van gebruik worden bepaald.
- Bedrijfsinstructies voor het gebruik van deze machine maken.
- Regelmatig controleren of de bedrijfsinstructies aan de actuele stand van de regels en voorschriften voldoen.
-
Verantwoordelijkheden voor de installering, bediening, het oplossen van storingen, het onderhoud en de reiniging eenduidig regelen en vastleggen.
-
Personeel regelmatig scholen en over mogelijke gevaren informeren.
- Instructies regelmatige opfrissen.
- Gegevens van de ontvangen instructies bewaren en op verzoek ter beschikking van de verantwoordelijke autoriteit stellen.
- Het personeel de vereiste beschermingsmiddelen ter beschikking stellen.
4.6 Personeelskwalificatie
Deze machine mag alleen door opgeleid personeel in gebruik worden genomen en bediend.
In geval van verkeerd gebruik, misbruik of bediening door ongeschoold personeel bestaat er gevaar voor de gezondheid van de bedieners en/of derden alsmede schade aan of volledige uitval van de machine.
Daarnaast gelden de volgende eisen voor de exploitant:
- Fysiek en mentaal geschikt.
- Minimumleeftijd van 18 jaar.
- Geen invloed op het reactievermogen door drugs, alcohol of medicijnen.
- Vertrouwd met de veiligheidsinstructies in deze gebruikshandleiding.
- Vertrouwd met het beoogde gebruik van deze machine.
- Geïinstrueerd in de zelfstandige bediening van de machine.
4.7 Algemene veiligheidsvoorschriften
De veiligheidsinstructies in dit hoofdstuk bevatten de "Algemene veiligheidsinstructies", die volgens de van toepassing zijnde normen in de gebruikshandleiding moeten worden vermeld. Het kan instructies bevatten die niet relevant zijn voor deze machine.
4.7.1 Werkplek
- Maak u voor het begin van de werkzaamheden vertrouwd met de werkomgeving, bijv. het draagvermogen van de vloer of obstakels in de omgeving.
- Werkgebied naar het openbare verkeersgebied beveiligen.
- Noodzakelijke bescherming van muren en plafonds, bijv. in sloten.
- Houd kinderen en andere personen bij werkzaamheden met deze machine op afstand. Afleiding kan leiden tot verlies van controle over de machine.
- Machine altijd tegen kantelen, rollen, glijden en vallen beveiligen. Letselgevaar!
- Werkgebied netjes houden. Wanorde of onverlichte werkplekken kunnen leiden tot ongelukken.
- Let op veranderende bodemgesteldheid, vooral bij oneffen en zachte grond of hellingen. Beveilig de machine tegen wegglijden!
- Wees voorzichtig bij het werken in de buurt van kuilen, sloten of plateaus! Het draagvermogen van de bodem moet het gewicht van de machine en de bestuurder veilig kunnen dragen.
4.7.2 Veiligheid van personen
- Werken onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen kan leiden tot ernstig letsel.
- Bij alle werkzaamheden moeten geschikte beschermingsmiddelen worden gedragen. Persoonlijke veiligheidsuitrusting verminderen het risico op letsel aanzienlijk.
- Houd wijde of losse kleding, beschermende handschoenen, sieraden en lang haar uit de buurt van bewegende/draaiende machineonderdelen. Intrekgevaar!
- Altijd voor een veilige stand zorgen, altijd met beide voeten op de grond staan.
- Bij langdurige werkzaamheden met deze machine kan schade door trillingen op lange termijn niet volledig worden uitgesloten. Trillingsbelasting, zie Technische gegevens op pagina 49.
- Zorg ervoor dat er geen andere personen in de gevarenzone aanwezig zijn!
Persoonlijke beschermingsmiddelen

⚠ WAARSCHUWING
Gevaar voor gehoorschade door overschrijding van de landspecifieke toegestane geluidslimieten!
Werken met de machine zonder gehoorbescherming kan tot permanente gehoorschade leiden.
▶ Gehoorbescherming dragen.
▶ Werk bijzonder attent en voorzichtig met gehoorbescherming.
4.7.3 Hantering en gebruik
- Machines zorgvuldig behandelen. Machines, waarvan componenten of bedieningselementen defect zijn, niet in gebruik nemen. Defecte componenten of bedieningselementen direct laten vervangen. Bij machines met defecte onderdelen of bedieningselementen bestaat een groot risico op letsel!
- Bedieningselementen van de machine mogen niet worden vergrendeld, gemanipuleerd of gewijzigd.
- Ongebruikte machines tegen onbevoegde ingebruikstelling beveiligen. De machine mag alleen door geautoriseerd personeel worden bediend.
- Machine met zorgvuldigheid behandelen. Defecte onderdelen direct laten vervangen, voordat deze machine in gebruik genomen wordt. Defecte machines brengen een hoog risico op letsel met zich mee.
- Machine, accessoires, gereedschappen etc. overeenkomstig deze instructies gebruiken.
- Bewaar de machine na gebruik op een afgesloten, schone, vorstvrije en droge plaats die niet toegankelijk is voor andere personen en kinderen.
4.8 Specifieke veiligheidsaanwijzingen stamper
4.8.1 Externe invloeden

⚠ WAARSCHUWING
Brand- en explosiegevaar!
Het gebruik van machines in een explosiegevaarlijke omgeving of in de buurt van open vuur kan tot een explosie of tot brand leiden.
▶ Machine niet in een explosiegevaarlijke omgeving gebruiken.
▶ Machine niet in de buurt van open vuur gebruiken.
▶ Gebruik de machine niet in de buurt van een olieveld - Methaangas lekt uit de grond.
▶ Machine niet in droge, licht ontvlambare vegetatie gebruiken.
4.8.2 Operationele veiligheid

LET OP
Gevaar voor instorten en bedolven raken!
Bij het werken aan de randen van steengroeven, kuilen, heuvels en taluds, greppels en vooruitspringend gedeeltes, bestaat gevaar voor letsel door vallen of bedolven raken.
▶ Let op de zijwanden en de stabiliteit ervan.
▶ Zorg voor stabiliteit.
- Bij gebruik van de machine er voor zorgen, dat geen gas-, water-, of elektrische leidingen en buizen beschadigd worden.
- Maximale oplettendheid in de buurt van afgronden of hellingen.
- Machine nooit onbeheerd laten lopen.
- Werkgebied ruim afbakenen en onbevoegde personen op afstand houden.
- Zorg ervoor, dat personen, die zich in het werkgebied bevinden, een minimale afstand van 2 meter tot de lopende machine aanhouden.
4.8.2.1 Veiligheidsafstanden
Verdichtingswerkzaamheden in de buurt van gebouwen kunnen leiden tot schade aan de gebouwen. Om deze reden moeten alle mogelijke uitwerkingen en trillingen op omliggende gebouwen vooraf worden gecontroleerd.
De relevante voorschriften en regels voor het meten, beoordelen en verminderen van trillingsimmissies moeten in acht worden genomen, met name DIN 4150-3.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor eventuele schade aan gebouwen.
4.8.3 Gedragsmaatregelen
Bij langdurig gebruik van deze machine kunnen door trillingen doorbloedingsproblemen aan vingers, handen of polsen optreden.
Symptomen:
- Slapen van de genoemde lichaamsdelen, kriebelen, steken en veranderingen van de huidskleur.
- Als er sprake is van een persoonlijke aanleg voor slechte bloedcirculatie, kunnen de werktijden ondanks beschermende handschoenen en regelmatige pauzes worden verkort.
- Als deze symptomen worden geconstateerd, raadpleeg dan onmiddellijk een arts.
4.9 Veiligheidsvoorzieningen
Veiligheidsvoorzieningen beschermen de operator van deze machine te- gen blootstelling aan de aanwezige gevaren. Het gaat om barrières (scheidende beschermingsvoorzieningen) of andere technische maatregelen die dienen om risico's af te wenden of te beperken.

⚠ WAARSCHUWING
Hete uitlaat!
Aanraking kan tot verbrandingen leiden.
- Gebruik de machine alleen als de veiligheidsvoorzieningen correct zijn aangebracht.
▶ Veiligheidsvoorzieningen niet wijzigen of verwijderen.

Verbrandingsbescherming 1 beschermt de operator tegen aanraken van hete oppervlakken.
4.10 Onderhoud
- De machine mag niet in ingeschakelde toestand onderhouden, gerepareerd, ingesteld of gereinigd worden.
- Onderhoudsintervallen volgens onderhoudsplan aanhouden. Niet verrichte werkzaamheden door een servicepartner laten uitvoeren.
- Versleten of beschadigde machinedelen direct vervangen. Uitsluitend reserveonderdelen van de fabrikant gebruiken.
4.10.1 Service
• Machine schoonhouden.
- Ontbrekende, beschadigde of niet meer leesbare veiligheidslabels direct vervangen. Veiligheids- en informatielabels bevatten belangrijke informatie om de gebruiker te beschermen.
- Onderhoudswerkzaamheden in een schone en droge omgeving uitvoeren (bijv. werkplaats).
- Machine alleen door gekwalificeerd personeel laten repareren of onderhouden.
- Uitsluitend originele reserveonderdelen en accessoires gebruiken. De operationele veiligheid van de machine blijft zo behouden.
4.10.1.1 Schroefverbindingen
Alle schroefverbindingen moeten voldoen aan de voorgeschreven specificaties en stevig aan elkaar geschroefd zijn. De aandraaimomenten in acht nemen! Schroeven en moeren mogen niet beschadigd, verbogen of vervormd zijn.
In het bijzonder moet worden gelet op:
- Zelfborgende moeren en micro-ingekapselde schroeven mogen na het losdraaien niet opnieuw worden gebruikt. De beveiligingswerking gaat verloren.
- Schroefverbindingen met lijmbescherming/vloeibare lijmen (bijv. Loc-tite) moeten na het losmaken worden gereinigd en voorzien van nieu-we lijm.

Informatie
Aanwijzingen van de fabrikant van de vloeibare lijm in acht nemen.
4.10.2 Bedrijfsstoffen
- Bij het hanteren van bedrijfsstoffen altijd een veiligheidsbril en veiligheidshandschoenen dragen. Onmiddellijk een arts raadplegen als er bijv. hydraulische olie, brandstof, olie of koelmiddel in de ogen komt.
- Rechtstreeks huidcontact met bedrijfsstoffen vermijden. Huid onmiddellijk met water en zeep afwassen.
- Tijdens werkzaamheden met bedrijfsstoffen niet eten en drinken.
- Verontreinigde bedrijfsstoffen (bijv. door vuil, water) kunnen leiden tot vroegtijdige slijtage of uitval van de machine.
- Afgetapte of gemorste bedrijfsstoffen volgens de geldende voorschriften voor milieubescherming afvoeren.
- Als er bedrijfsstoffen uit de machine lekken, stop dan met het gebruik van de machine en laat deze onmiddellijk repareren door uw service-partner.
4.10.3 Verbrandingsmotor

⚠ WAARSCHUWING
Gevaar voor vergiftiging!
Inademen van uitlaatgassen kan binnen enkele minuten tot de dood leiden. Uitlaatgassen bevatten koolmonoxide.
-
Gebruik de machine niet in een gesloten ruimte zoals een tunnel.
▶ Tenzij er voldoende ventilatie is via afzuigventilatoren of slangen. -
Motor vóór aanvang van het werk op lekkage en scheuren in de brandstofleiding, tank en tankdop controleren.
- Defecte motor niet in gebruik nemen. Beschadigde onderdelen onmiddellijk vervangen.
- Het vooraf ingestelde motortoerental mag niet worden aangepast. Dit kan leiden tot motorschade.
- Zorg ervoor dat de uitlaat van de motor vrij is van brandbare delen. Brandgevaar!
• Vóór het tanken de motor uitschakelen en laten afkoelen. - Gebruik het juiste type brandstof. Voorgeschreven mengverhoudingen in acht nemen.
- Gebruik schone vulhulpmiddelen om te tanken. Brandstof niet morsen, gemorste brandstof direct opvegen.
- De motor mag niet in de buurt van gemorste brandstof worden ge-start. Explosiegevaar!
- Bij gebruik in gedeeltelijk gesloten ruimten moet er voor voldoende ventilatie gezorgd worden. Adem uitlaatgassen niet in. Gevaar voor vergiftiging!
- Het motoroppervlak en het uitlaatsysteem kunnen al na korte tijd zeer heet worden. Verbrandingsgevaar!
- Geen startspray gebruiken. Deze kunnen leiden tot verkeerde ontstekingen en motorschade. Brandgevaar!
- Verboden te roken!
5 Beschrijving van de machine
5.1 Typeplaatjes en labels
5.1.1 Typeplaatje
Op de machine is een permanent typeplaatje aangebracht.
Andere typeplaatjes
Verder zijn de volgende onderdelen van de machine voorzien van een typeplaatje:
- de verbrandingsmotor
Symbolen op het typeplaatje
Op het typeplaatje kunnen verschillende symbolen worden weergegeven.
![]() | Symbool voor het voldoen aan de EG-richtlijnDoor het CE-teken wordt gedocumenteerd dat de machine voldoet aan de geldende EG-richtlijnen. |
![]() | Symbool voor de naleving van de Euraziatische richtlijnenDoor de EAC-markering wordt gedocumenteerd, dat de machine voldoet aan de technische regelgevingen van de Euraziatische Economische Unie. |
5.1.1.1 Identificatie van de machine
Gegevens van het typeplaatje
Het typeplaatje bevat informatie die deze machine eenduidig identificeert. Deze informatie is nodig voor het bestellen van reserveonderdelen en voor technische vragen.
Voer de gegevens van de machine in de volgende tabel in:
| Aanduiding Uw gegevens | |
| Groep - type | |
| Materiaalnummer (mat.nr.) | |
| Machineversie (versie) | |
| Machinenummer (mach.nr.) | |
| Bouwjaar |
5.1.2 Veiligheids- en informatiestickers

⚠ WAARSCHUWING
Letselgevaar door ontbrekende of beschadigde labels en bordjes!
Veiligheidsstickers bevatten belangrijke informatie om de gebruiker te beschermen.
▶ Alle veiligheids-, waarschuwings- en bedieningsinstructies op de machine in een goede leesbare toestand houden.
▶ Beschadigde of niet meer leesbare labels en bordjes direct vervangen.



Gevaar voor verstikking!
- Motoren produceren koolmonoxide.
- Machine niet in gesloten ruimtes gebruiken.
- In de buurt van de machine zijn vonken, vlammen of brandende voorwerpen niet toegestaan.
- Machine buiten bedrijf stellen als deze met brandstof wordt gevuld.
Aanwijzing!
• Gehoorbescherming dragen.
- Handleiding lezen.
• Korte handleiding Start-Stop.
- Voor een optimale besturing, prestatie en minimale hand- en armtrilling de geleidebeugel links en rechts vasthouden.

- Schildpad = stationair draaien / laag motortoerental.
• Haas = volgas /snel motortoerental.

- Gebruik uitsluitend geschikte en goedgekeurde hefgereedschap en aanslagmiddelen (veiligheidshaken) met toereikend draagvermogen.
- Machine niet met de graafschop of vorkheftruck aan de centrale op-hanging optillen.

De afdekking langzaam loslaten, zodat de veer er niet uitspringt. Reparatiehandleiding lezen.

De afdekking langzaam loslaten, zodat de veer er niet uitspringt. Reparatiehandleiding lezen.

Gegarandeerd geluidsvermogensniveau.

Blanco typeplaatje.

Waarschuwing voor hete oppervlakken.

Tankinhoud 2 takt-olie.
5.2 Componenten

1 Centrale ophanging
2 Olietank (optioneel)
3 Brandstoftank
4 Geleidebeugel
5 Aandrijfmotor
6 Uitlaat
7 Handgreep
8 Trilplaat
9 Stampsysteem
10 Balg
11 Rubber buffer
12 Transportrol
13 Luchtfiltersysteem
5.3 Bedieningselementen

1 Bedrijfsurenteller / toerentalindicator (optioneel)
2 Gashendel
3 Chokehendel
4 Startergreep
5 Oliekijkglas
6 Purger
6 Transport
6.1 Veiligheidsaanwijzingen voor het transport

⚠ WAARSCHUWING
Brandgevaar door brandstof!
Lekkende brandstof kan vlam vatten en ernstige brandwonden veroorzaken.
▶ Leeg de brandstoftank voorafgaand aan het transport.
▶ Hef en transporteer de machine rechtop.
6.2 Vereisten en voorbereidingen

Informatie
Lekkage van brandstof!
Tijdens het transport kan er brandstof door de overdrukklep lekken.
▶ Tap het brandstofsysteem af voor het transport.
▶ De voorschriften voor gevaarlijke goederen van het transportmiddel en de nationale veiligheidsrichtlijnen in acht nemen.
- Motor uitschakelen en laten afkoelen.
- Brandstof aftappen, zie Onderhoud op pagina 35.
- Zet de machine rechtop tegen een vast voorwerp en borg de machine tegen omkantelen. Fabrikant adviseert de machine op de transportwagen te plaatsen.
6.3 Machine optillen

⚠ WAARSCHUWING
Beknellingsgevaar!
Beknelling van handen en voeten mogelijk.
▶ Werk voorzichtig.

AANWIJZING
Aanwijzing hefproces!
▶ Laat een deskundige het hefproces leiden.

- Geschikte aanslagband aan de centrale ophanging 1 bevestigen.
- Machine in of op een geschikt transportmiddel verladen.
- Machine naar voren in de transportrol 2 zetten.
6.4 Machine vastsjorren

- Machine op het transportmiddel zoals afgebeeld vastsjorren.
- Spanriemen 1 over de machine gespannen aanbrengen.
→ Machine is beveiligd tegen wegrollen, wegglijden en kantelen.
7 inbedrijfstelling
7.1 Veiligheidsaanwijzingen voor gebruik

⚠ WAARSCHUWING
Kantelgevaar!
Gevaar voor ernstig letsel door wegglijdende of omvallende machine.
▶ Zorg voor stabiliteit.
▶ Beveilig de machine altijd tegen kantelen.
▶ Zet de machine neer op een vlakke en stevige ondergrond.

⚠ WAARSCHUWING
Beknellingsgevaar!
Beknelling van handen en voeten mogelijk.
▶ Werk voorzichtig.

⚠ WAARSCHUWING
Letsel door ongecontroleerd bediende machine.
▶ Houd de machine altijd met beide handen vast en ga stevig staan.

LET OP
Gevaar voor de gezondheid door trillingen!
Invloeden op het lichaam door trillingen.
▶ Neem regelmatig pauze.

LET OP
Gevaar voor letsel en materiële schade door terugslag!
Op vaste, harde of onbuigzame bodems kan sterke terugslag optreden wat verwondingen en materiële schade kan veroorzaken.
▶ Vermijd harde of onbuigzame bodems.

LET OP
Gevaar voor instorten en bedolven raken!
Bij het werken aan de randen van steengroeven, kuilen, heuvels en taluds, greppels en vooruitspringend gedeeltes, bestaat gevaar voor letsel door vallen of bedolven raken.
▶ Let op de zijwanden en de stabiliteit ervan.
▶ Zorg voor stabiliteit.

AANWIJZING
Opmerkingen voor gebruik bij temperaturen < 0°C!
Het koude vet in het slagmechanisme kan de weerstand zo ver verhogen, dat de centrifugaalkoppeling slipt.
▶ De machine met een lager toerental (gashendel niet indrukken) laten warmlopen, omdat anders de centrifugaalkoppeling binnen zeer korte tijd verslijt.
7.2 Controles vóór inbedrijfstelling

Informatie
Verdere informatie en gedetailleerde beschrijvingen, zie Onderhoud op pagina 35.
De volgende controles uitvoeren:
- Machine en componenten op beschadigingen controleren.
- Beschadigde machine niet in gebruik nemen. Schade en gebreken onmiddellijk laten verhelpen.
- Brandstofpeil controleren.
- Motoroliepeil controleren.
- Schroefverbindingen op goed vastzitten controleren.
- Bedieningselementen op functie controleren.
- Luchtinlaten op verontreiniging controleren.
7.3 In bedrijf nemen

⚠ WAARSCHUWING
Hete uitlaat!
Aanraking kan tot verbrandingen leiden.
- Gebruik de machine alleen als de veiligheidsvoorzieningen correct zijn aangebracht.
▶ Veiligheidsvoorzieningen niet wijzigen of verwijderen.

▲ LET OP
Gevaar voor letsel bij het starten!
Onjuiste behandeling bij het starten kan tot licht letsel leiden.
▶ Trek pas aan het starterkoord als er voldoende ruimte aanwezig is en er zich geen personen in de directe omgeving bevinden.

AANWIJZING
Onjuiste behandeling kan leiden tot schade aan de machine.
▶ Trek het starterkoord er niet tot de aanslag uit.
▶ Starterkoord langzaam laten inrollen.
7.3.1 Machine starten

√ Machine staat op een vlakke ondergrond.

- Gashendel 2 in stand B zetten.
→ Brandsstofkraan opent automatisch. - Purger 4 weer indrukken, totdat hij volledig met brandstof gevuld is.
- Bij koude motor chokehendel 3 in stand B zetten.
→ Choke is geactiveerd.

- Trek de starchendel 5 van de achteruitrijstarter licht aan totdat er weerstand wordt gevoeld.
- Trek de starchendel 5 stevig in de richting van de pijl.
- Startergreep langzaam terug bewegen.
→ Motor loopt.

→ De trilling begint in voorwaartse richting.
8 Bediening
8.1 Machine gebruiken

⚠ WAARSCHUWING
Letsel door ongecontroleerd bediende machine.
▶ Houd de machine altijd met beide handen vast en ga stevig staan.

- De correcte plaats van de operator is achter de machine.
- Machine met de geleidebeugel leiden en sturen.
- Machine vanzelf voorwaarts laten trekken. Niet met spierkracht voorwaarts of achterwaarts schuiven of trekken.
- Voor een optimale besturing, prestatie en minimale hand- en armtrilling de geleidebeugel links en rechts vasthouden.
- Om schade aan de machine te voorkomen, de machine niet in lopen-de toestand op zijn zij leggen.
- Bij grof materiaal is voorzichtigheid geboden. Om extreme slijtage van de stampplaat te voorkomen, deze altijd parallel aan de te verdichten bodem neer laten komen.
8.1.1 Materiaal verdichten

- Machine met beide handen aan de geleidebeugel vasthouden.
- Gashendel indrukken wanneer het gewenste toerental is bereikt.
- Als het materiaal verdicht is, gashendel in stand A zetten.
→ Machine stopt.
- Machine optillen en verplaatsen.
8.2 Snelheid kiezen

Stand A: Stop, machine staat stil.
Stand B: Stationair draaien, langzaam rijden.
Stand C: Volgas, snel rijden.
8.3 Buiten bedrijf nemen

LET OP
Gevaar voor brandwonden door hete oppervlakken!
Machine, motor en uitlaat kunnen binnen korte tijd zeer heet worden, contact met de huid kan tot ernstige brandwonden leiden.
▶ Machine, motor en uitlaat na gebruik altijd laten afkoelen.
▶ Als de afkoelfase niet kan worden aangehouden (bijvoorbeeld bij een noodgeval) gebruik dan hittebestendige veiligheidshandschoenen.

√ Machine staat op een vlakke ondergrond.
- Gashendel 1 in stand A zetten.
→ Brandsstofkraan sluit automatisch.
→ Machine stopt.
- Machine volledig tot stilstand laten komen.
- Machine en motor laten afkoelen.
→ Machine buiten bedrijf nemen.
9 Onderhoud
9.1 Veiligheidsinformatie over onderhoud

⚠ WAARSCHUWING
Onjuist gebruik kan letsel of grote materiële schade veroorzaken.
▶ Alle veiligheidsaanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing lezen en in acht nemen.

⚠ WAARSCHUWING
Gevaar voor vergiftiging door uitlaatgassen!
Uitlaatgassen bevatten giftige koolmonoxide die bewustzijnsverlies of de dood kunnen veroorzaken.
▶ Voer alleen onderhoudswerkzaamheden uit met de motor uit en de machine buiten werking.

⚠ WAARSCHUWING
Brand- en explosiegevaar door brandstof en brandstofdampen!
Brandstof en brandstofdampen kunnen vlam vatten en ernstige brandwonden veroorzaken.
▶ Niet roken.
▶ Niet tanken in de buurt van open vuur.
▶ Voor het tanken de motor uitschakelen en laten afkoelen.

⚠ WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel door ontbrekende of niet-functionerende veiligheidsvoorzieningen!
- Gebruik de machine alleen als de veiligheidsvoorzieningen correct zijn geïnstalleerd en functioneren.
▶ Veiligheidsvoorzieningen niet wijzigen of verwijderen.

LET OP
Gevaar voor de gezondheid door bedrijfsvloeistoffen!
▶ Dampen niet inademen.
▶ Huid- en oogcontact vermijden.

AANWIJZING
Beschadiging door binnendringend water!
Binnendringend water kan elektrische bedieningselementen of componenten van de machine beschadigen.
Binnendringend vocht kan voor volledig uitvallen leiden.
▶ Reinig de machine niet met een hogedruk- of stoomreiniger!
▶ Binnendringend water (bijv. Door regen) met een lap uit de behuizing verwijderen en de machine aansluitend laten drogen.
▶ Alleen droge en schone doeken gebruiken.

AANWIJZING
Bij gebruik van de motor zonder luchtfilter bestaat het risico van snellere motorslijtage!
▶ Motor niet zonder luchtfilter of luchtfilterdeksel gebruiken.

Milieu
Bodemverontreiniging door lekkende of overlopende olie.
▶ Bekleed het werkoppervlak met een ondoordringbare folie.
▶ Gebruik een opvangbak voor de afgewerkte olie.
▶ Verwijder de afgewerkte olie op een milieuvriendelijke manier, in overeenstemming met de voorschriften van de wetgever.
9.2 Onderhoudsschema
| Handeling Dagelijks Wekelijks | 25 h | Maande- lijks 100 h | 3 maande- lijks 300 h | Jaarlijks | |
| Machine reinigen. Optische controle op volledigheid. Optische controle beschadigingen. | ● | ||||
| Luchtfilter reinigen. Zo nodig vervangen. ● | |||||
| Oliepeil controleren. Zo nodig bijvullen: • Stampsysteem | ● | ||||
| Schroefverbindingen van de trilplaat controle-ren. Zo nodig aandraaien. | ● | ||||
| Koelribben van de motor reinigen. ● | |||||
| Bougie reinigen en afstand controleren. ● | |||||
| Oliewissel • Stampsysteem | 1 | ||||
| Inspecteer de middenvering op slijtage, schade of misbruik. | ● | ||||
| Bougie vervangen. ● | |||||
| Brandstofffilter reinigen. Zo nodig laten vervan-gen.* | • | ||||
| 1 Na de eerste 50 h olieverversing uitvoeren.* Laat deze werkzaamheden uitvoeren door een servicepartner. | |||||
9.3 Onderhoudswerkzaamheden
9.3.1 Voorbereidingen uitvoeren
- Machine op een vlakke ondergrond zetten.
- Machine buiten bedrijf stellen.
- Machine laten afkoelen.
9.3.2 Machine reinigen
- Machine en componenten na elk gebruik reinigen.
- Fabrikant raadt aan om met perslucht te reinigen.
- Behuizing met een vochtige en schone lap afvegen.
- Na de reiniging: kabels en leidingen op beschadiging controleren.
- Schroefverbindingen op loszittende verbindingen controleren.
- Vastgestelde gebreken onmiddellijk verhelpen.
9.3.3 Brandstof bijvullen

- Vuilafzettingen verwijderen.
- Tankdeksel 1 langzaam openen.
→ Eventueel aanwezige overdruk kan daardoor langzaam ontsnappen.
- Brandstof bijvullen tot maximum onderkant vulopening.
→ Brandstofspecificatie, zie Technische gegevens op pagina 49.
→ Brandstofmengtabel, zie Technische gegevens op pagina 49.
- Tankdeksel goed afsluiten.
9.3.4 Brandstofsysteem legen
- Vuilafzettingen verwijderen.
- Tankdeksel openen.
- Pomp de brandstof in een geschikte container of tank, bijv. met een pipetpomp.
- Tankdeksel goed afsluiten.
- Start de motor en laat hem stationair draaien tot de brandstof in de carburateur op is en de motor stopt.
9.3.5 Luchtfilter reinigen en vervangen

AANWIJZING
Mogelijke motorschade!
▶ Laat bij het reinigen geen vuil in het inlaatkanaal van de motor komen.

- Luchtfilterdeksel 1 verwijderen.
- Luchtfilterelementen 2 verwijderen en filterelement losmaken.
→ Voorfilter 3 en schuimfilterelement 4. - Beide luchtfilterelementen op scheuren en gaten controleren, bij beschadiging vervangen.
Luchtfilterelement reinigen
- Luchtfilterelement op hard oppervlak uitkloppen.
- Met perslucht vanaf de binnenkant door het filterelement blazen.
Schuimfilterelement reinigen
- Schuimfilterelement in zeepsop uitwassen.
- Grondig uitspoelen met warm water.
- Met schoon water naspoelen.
- Laten drogen.
Filterhuis reinigen
- Filterhuis 4 met een doek uitvegen.
- Gebruik geen perslucht!
- Koelribben van de motor reinigen.
- Nieuw veiligheidsfilter in de filterhuis plaatsen.
- Draai het luchtfilterdeksel vast.
9.3.6 Controleer en vul het oliepeil van het stopsysteem bij

- Verontreinigingen bij het oliekijkglas 1 verwijderen.
- Machine horizontaal opstellen.
- Oliepeil door het oliekijkglas controleren.
⇒ Oliepeil moet tussen de 1/2 en 3/4 liggen.
- Indien nodig olie nogmaals bijvullen, zie Technische gegevens op pagina 49.

Oliepeil stampsysteem bijvullen
- Machine naar voren kantelen, om toegang tot het oliekijkglas 1 te krijgen.
- Machine in deze positie beveiligen.
- Oliekijkglas uitdraaien.
- Het schroefdraad bij het oliekijkglas reinigen.

- Olie via de opening in het oliekijkglas in de behuizing vullen.
- Oliekijkglas vastschroeven.
- Machine rechtop zetten, om het oliepeil te controleren.
- Indien nodig olie bijvullen, tot het oliekijkglas 1/2 tot 3/4 gevuld is.
- Oliekijkglas vastdraaien. Aandraaimoment 9 Nm.
- Gebied bij het oliekijkglas met een schone doek afvegen.
9.3.7 Olie verversen

Milieu
Bodemverontreiniging door lekkende of overlopende olie.
▶ Bekleed het werkoppervlak met een ondoordringbare folie.
▶ Gebruik een opvangbak voor de afgewerkte olie.
▶ Verwijder de afgewerkte olie op een milieuvriendelijke manier, in overeenstemming met de voorschriften van de wetgever.

- Vuilafzettingen verwijderen.
- Geschikte opvangbak voor het opvangen van de afgewerkte olie klaarzetten.
- Oliekijkglas uitdraaien.
- Schroefdraad bij het oliekijkglas reinigen.
- Machine naar achteren kantelen, tot hij op de geleidebeugel rust.
- Afgewerkte olie volledig aftappen.

- Machine naar voren kantelen en in deze positie beveiligen.
- Olie via de opening in het oliekijkglas in de behuizing vullen, zie Technische gegevens op pagina 49.
- Oliekijkglas vastschroeven.
- Machine rechtop zetten, om het oliepeil te controleren.
- Indien nodig olie bijvullen, tot het kijkglas 1/2 tot 3/4 gevuld is.
- Oliekijkglas vastdraaien. Aandraaimoment 9 Nm.
- Gebied bij het oliekijkglas met een schone doek afvegen.
9.3.8 Schroefverbindingen van de trilplaat controleren
- Schroefverbindingen met regelmatige tussenpozen op goed vastzitten controleren.
- Losse schroefverbindingen aandraaien.

- Reinig de koelribben van de omkeerstarter 1 en van de motor 2 met perslucht om vuil en resten te verwijderen.
9.3.10 Bougie controleren en vervangen

LET OP
Verbrandingsgevaar!
Het aanraken van de hete bougie kan tot brandwonden leiden.
▶ Draai de bougie alleen bij een afgekoelde motor eruit.
▶ Draag veiligheidshandschoenen.

AANWIJZING
Gevaar voor motorschade!
Een verkeerde bougie kan motorschade veroorzaken, zie Technische gegevens op pagina 49.
▶ Correcte elektrodenafstand.
▶ Vrij van afzettingen.

AANWIJZING
▶ Trek de bougiestekker niet aan de ontstekingskabel los van de bougie.
Bougie verwijderen

√ Motor is uitgeschakeld.
√ Machine is afgekoeld.
- Bougiestekker 1 lostrekken
- Vervuilingen rond bougies 2 verwijderen.
- Bougie losdraaien en controleren.
Bougie controleren en reinigen

- Isolator 2 controlleren.
- Bij beschadiging of sterke vervuiling vervangen.
- Elektrode met staalborstel reinigen.
- Elektrodenafstand 1 meten, zie Technische gegevens op pagina 49
→ Door buigen de elektrodenafstand corrigeren.
- Bougie en elektrodenafstand 1 Technische gegevens.
- Bougie-afdichting 3 controleren.
- Bij beschadiging vervangen.
Bougie monteren.

AANWIJZING
Gevaar voor motorschade!
Een te los of te stevig ingeschroefde bougie kan tot motorschade leiden.
▶ Draai de bougies vast met het voorgeschreven aandraaimoment.
- Bougie vastdraaien, aandraaimoment 22 Nm.
- Bougiestekker op de bougie steken.
9.3.11 Brandstofffilter reinigen en vervangen

AANWIJZING
Brandstofleiding correct aansluiten!
▶ Om een veilige aansluiting te garanderen, snijdt u ca. 10 mm (3/8") af van het uiteinde van de brandstofleiding en sluit u deze aan op het brandstofffilter.

- Koppel brandstofleiding 2 los en verwijder het brandstofffilter.
- Brandstofffilter 1 losschroeven en verwijderen.
- Veeg zichtbare vuildeeltjes van de buitenkant van het brandstofffilterzeef af met een schone, droge, pluisvrije doek.
- Controleer het filter van het brandstofffilter op scheuren, schade en vuildeeltjes, vervang het als het beschadigd of vuil is.
- Brandstofffilter weer monteren.
- Controleer het brandstofsysteem op lekkage voordat u de machine opnieuw opstart.
10 Bedrijfsstoringen
10.1 Verhelpen van storingen
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Motor start niet. Brandstofkraan is gesloten. Gashendel op stationair zetten. | ||
11 Stilleggen
11.1 Tijdelijke stillegging

Informatie
Verdere informatie en gedetailleerde beschrijvingen, zie Onderhoud op pagina 35.
Voorwaarden voor het opslaan
- Droog en stofvrij opslaan.
- Niet in de buitenlucht bewaren.
- Beschermen tegen direct zonlicht.
- Opslagtemperatuur in acht nemen, zie Technische gegevens op pagina 49.
- Bewaren op een afgesloten plaats die ontoegankelijke is voor kinderen.
Als de machine langer dan 1 maand niet wordt gebruikt, neem dan de volgende maatregelen:
| Gehele machine • Grondig reinigen. | • Op dichtheid controleren, indien nodig alle onvolkomenheden verhelpen. |
| Brandstoftank Brandstof volledig aftappen. | |
| Motor • Motoroliepeil controleren, indien nodig motorolie bijvullen.• Luchtfilter controleren en reinigen.• Brandstofffilter reinigen. | |
Als de machine langer dan 6 maanden niet wordt gebruikt, neem dan contact op met een servicepartner.
Als de machine niet meer wordt gebruikt en wordt afgedankt, moeten alle bedrijfsvloeistoffen worden afgetapt.
Laat de machine professioneel demonteren en verwijderen door een door de staat erkend recyclingbedrijf.
Een juiste verwijdering van deze machine voorkomt schadelijke effecten op mens en milieu, dient een gerichte behandeling van verontreinigende stoffen en maakt het hergebruik van waardevolle grondstoffen mogelijk.
12 Accessoires
12.1 Accessoires

LET OP
Gevaar voor letsel en mogelijke schade aan de machine!
Gebruik van niet-originele toebehorendelen of reserveonderdelen kan tot letsel of machineschade leiden.
▶ Gebruik alleen originele onderdelen.
▶ Bij onachtzaam gebruik vervalt elke aansprakelijkheid.

LET OP
Stabiliteit van de machine met wielset!
Kantelen of wegrollen van de machine kan tot letsel of materiële schade leiden.
▶ Machine veilig neerzetten.
▶ Wielset beveiligen tegen wegrollen of omhoog klappen.

Afsluitbaar olietankdop
Afsluitbare olietankdop voorkomt verkeerd tanken.

Trilplaten zijn verkrijgbaar in verschillende breedtes. Hierdoor kan de werkbreedte van de machine worden vergroot of verkleind.

Voor gemakkelijker transport op de bouwplaats.

Transportwagen
Voor gemakkelijker transport op de bouwplaats.
13.1 Algemene informatie

Informatie
Om technische redenen kunnen lege kolommen worden weergegeven in de technische gegevens. Ook kunnen cijfers en letters in superscript/subscript onjuist worden weergegeven, zoals:
▶ Geluidsvermogensniveau LWA in plaats van L WA
▶ Geluidsdrukniveau LpA in plaats van L pA
▶ Totale trillingswaarde ahv in plaats van a _hv
▶ Kooldioxide CO2 in plaats van CO 2
▶ Eenheid m/s2 in plaats van m/s 2
13.2 Geluids- en trillingsgegevens
De vermelde geluids- en trillingsgegevens zijn bepaald aan de hand van de volgende richtlijnen voor de typische bedrijfsomstandigheden van de machine / speciale testcondities en met behulp van geharmoniseerde normen:
• Machinerichtlijn 2006/42/EG
• Geluidsemissierichtlijn 2000/14/EG
Tijdens het gebruik kunnen de waarden, afhankelijk van de heersende bedrijfsomstandigheden, verschillen.
Geluidsdrukniveau op de bedienersplaats
- LpA werd volgens EN ISO 11201 en EN 500-4 bepaald.
Gegarandeerd geluidsvermogensniveau
- LWA werd volgens EN ISO 3744 en EN 500-4 bepaald.
Gewogen totaalwaarde voor hand-arm-trillingen
- ahv werd volgens EN ISO 20643 en EN 500-4 bepaald.
13.3 BS
| Type BS50-2 10" | ||
| Materiaalnummer machine 5100058346 | ||
| Materiaalnummer motor 5100008899 | ||
| Aantal slagen [1/min] 687 | ||
| Slagkracht [kN] 16 | ||
| Vooruitloop [m/min] 9,5 | ||
| Lengte [mm] 673 | ||
| Breedte [mm] 343 | ||
| Hoogte [mm] 940 | ||
| Lengte (stampschoen) [mm] 340 | ||
| Breedte (stampschoen) [mm] 250 | ||
| Bedrijfsgewicht [kg] 61,6 | ||
| Nominaal vermogen [kW] 1,8 | ||
| Nominaal toerental [1/min) 4400 | ||
| Norm ISO 3046-1 | ||
| Motortype WM80 | ||
| Oliespecificatie (stampsysteem) SAE 10W-40 | ||
| Oliehoeveelheid (stampsysteem) [l] 0,7 | ||
| Bedrijfstemperatuurbereik [°C] -10 – +40 | ||
| Opslagtemperatuurbereik [°C] -30 – +50 | ||
| Geluidsdrukniveau LpA [dB(A)] 93 | ||
| Geluidsvermogensniveau LWA, gemeten [dB(A)] 106 | ||
| Geluidsvermogensniveau LWA, gegarandeerd [dB(A)] | 108 | |
| Totale trillingswaarde ahv [m/s2] 11,1 | ||
| Meetonzekerheid totale trillingswaarde ahv [m/s2] | 1,7 | |
| * Het daadwerkelijke bedrijfstoerental hangt van talrijke bedrijfsparameters af en kan van het nominale toeren-tal afwijken. | ||
| Type BS50-2 11" BS50-2 6" | ||
| Materiaalnummer machine 5100030591 | 5100030592 | |
| Materiaalnummer motor | 5100008899 | 5100008899 |
| Aantal slagen [1/min] | 687 | 687 |
| Slagkracht [kN] | 16 | 16 |
| Vooruitloop [m/min] | 9,5 | 7,9 |
| Lengte [mm] | 673 | 673 |
| Breedte [mm] | 343 | 343 |
| Hoogte [mm] | 940 | 940 |
| Lengte (stampschoen) [mm] 340 | 340 | |
| Breedte (stampschoen) [mm] 280 | 165 | |
| Bedrijfsgewicht [kg] | 59 | 56 |
| Nominaal vermogen [kW] 1,8 | 1,8 | |
| Nominaal toerental [1/min) 4400 | 4400 | |
| Norm ISO 3046-1 ISO 3046-1 | ||
| Motortype WM80 WM80 | ||
| Oliespecificatie (stampsysteem) SAE 10W-40 | SAE 10W-40 | |
| Oliehoeveelheid (stampsysteem) [l] 0,7 | 0,7 | |
| Bedrijfstemperatuurbereik [°C] -10 – +40 | -10 – +40 | |
| Opslagtemperatuurbereik [°C] -30 – +50 | -30 – +50 | |
| Geluidsdrukniveau LpA [dB(A)] 93 | 92 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA, gemeten [dB(A)] 106 | 104 | |
| Materiaalnummer machine 5100030591 5100030592 | ||
| Geluidsvermogensniveau LWA, gegarandeerd [dB(A)] | 108 108 | |
| Totale trillingswaarde ahv [m/s2] 11,1 6,5 | ||
| Meetonzekerheid totale trillingswaarde ahv [m/s2] 1,7 0,6 | ||
| * Het daadwerkelijke bedrijfstoerental hangt van talrijke bedrijfsparameters af en kan van het nominale toeren-tal afwijken. | ||
| Type BS50-2plus 11" BS50-2plus 6" (24mm) | ||
| Materiaalnummer machine 5100030596 5100030597 | ||
| Materiaalnummer motor 5100009016 5100009016 | ||
| Aantal slagen [1/min] 687 687 | ||
| Slagkracht [kN] 16 16 | ||
| Vooruitloop [m/min] 9,5 7,9 | ||
| Lengte [mm] 673 673 | ||
| Breedte [mm] | 343 343 | |
| Hoogte [mm] | 940 940 | |
| Lengte (stampschoen) [mm] | 340 340 | |
| Breedte (stampschoen) [mm] | 280 165 | |
| Bedrijfsgewicht [kg] | 59 56 | |
| Nominaal vermogen [kW] | 1,8 1,8 | |
| Nominaal toerental [1/min) | 4400 | 4400 |
| Norm | ISO 3046-1 ISO 3046-1 | |
| Motortype | WM80 | WM80 |
| Oliespecificatie (stampsysteem) | SAE 10W-40 | SAE 10W-40 |
| Oliehoeveelheid (stampsysteem) [l] | 0,7 0,7 | |
| Bedrijfstemperatuurbereik [°C] | -10 - +40 | -10 - +40 |
| Opslagtemperatuurbereik [°C] | -30 - +50 | -30 - +50 |
| Geluidsdrukniveau LpA [dB(A)] | 93 92 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA, gemeten [dB(A)] | 106 104 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA, gegarandeerd [dB(A)] | 108 108 | |
| Totale trillingswaarde ahv [m/s2] | 8,9 6,5 | |
| Meetonzekerheid totale trillingswaarde ahv [m/s2] 1,3 0,6 | ||
| * Het daadwerkelijke bedrijfstoerental hangt van talrijke bedrijfsparameters af en kan van het nominale toeren-tal afwijken. | ||
| Type BS60-2 11" BS60-2 11" | ||
| Materiaalnummer machine 5100037561 5100030600 | ||
| Materiaalnummer motor 5100008899 5100008899 | ||
| Aantal slagen [1/min] 687 687 | ||
| Slagkracht [kN] 18 18 | ||
| Vooruitloop [m/min] 9,8 9,8 | ||
| Lengte [mm] 673 673 | ||
| Materiaalnummer machine 5100037561 5100030600 | ||
| Breedte [mm] 343 343 | ||
| Hoogte [mm] 965 965 | ||
| Lengte (stampschoen) [mm] 340 340 | ||
| Breedte (stampschoen) [mm] 280 280 | ||
| Bedrijfsgewicht [kg] 66 66 | ||
| Nominaal vermogen [kW] 1,9 1,9 | ||
| Nominaal toerental [1/min) 4400 4400 | ||
| Norm ISO 3046-1 ISO 3046-1 | ||
| Motortype | WM80 | WM80 |
| Oliespecificatie (stampsysteem) | SAE 10W-40 | SAE 10W-40 |
| Oliehoeveelheid (stampsysteem) [l] | 0,9 0,9 | |
| Bedrijfstemperatuurbereik [°C] | -10 - +40 | -10 - +40 |
| Opslagtemperatuurbereik [°C] | -30 - +50 | -30 - +50 |
| Geluidsdrukniveau LpA [dB(A)] | 94 94 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA, gemeten [dB(A)] | 105 105 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA, gegarandeerd [dB(A)] | 108 108 | |
| Totale trillingswaarde ahv [m/s2] | 9,7 9,7 | |
| Meetonzekerheid totale trillingswaarde ahv [m/s2] | 1,7 1,7 | |
| * Het daadwerkelijke bedrijfstoerental hangt van talrijke bedrijfsparameters af en kan van het nominale toeren-tal afwijken. | ||
| Type BS60-2 11" BS60-2plus 11" | ||
| Materiaalnummer machine 5100051580 5100030604 | ||
| Materiaalnummer motor | 5100008899 5100009016 | |
| Aantal slagen [1/min] | 687 687 | |
| Slagkracht [kN] | 18 18 | |
| Vooruitloop [m/min] | 9,8 9,8 | |
| Lengte [mm] | 673 673 | |
| Breedte [mm] 343 343 | ||
| Hoogte [mm] 965 965 | ||
| Lengte (stampschoen) [mm] 340 340 | ||
| Breedte (stampschoen) [mm] 280 280 | ||
| Bedrijfsgewicht [kg] 66 66 | ||
| Nominaal vermogen [kW] 1,9 1,9 | ||
| Nominaal toerental [1/min) 4400 4400 | ||
| Norm ISO 3046-1 ISO 3046-1 | ||
| Motortype | WM80 | WM80 |
| Oliespecificatie (stampsysteem) | SAE 10W-40 | SAE 10W-40 |
| Oliehoeveelheid (stampsysteem) [l] | 0,9 0,9 | |
| Bedrijfstemperatuurbereik [°C] | -10 - +40 | -10 - +40 |
| Opslagtemperatuurbereik [°C] | -30 - +50 | -30 - +50 |
| Geluidsdrukniveau LpA [dB(A)] | 94 94 | |
| Materiaalnummer machine 5100051580 5100030604 | ||
| Geluidsvermogensniveau LWA, gemeten [dB(A)] 105 | 105 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA, gegarandeerd[dB(A)] | 108 108 | |
| Totale trillingswaarde ahv [m/s2] 9,7 8,7 | ||
| Meetonzekerheid totale trillingswaarde ahv [m/s2] 1,7 | 0,6 | |
| * Het daadwerkelijke bedrijfstoerental hangt van talrijke bedrijfsparameters af en kan van het nominale toeren-tal afwijken. | ||
| Type BS70-2 11" BS70-2plus 11" | ||
| Materiaalnummer machine 5100030607 5100030609 | ||
| Materiaalnummer motor 5100008899 5100009016 | ||
| Aantal slagen [1/min] 687 687 | ||
| Slagkracht [kN] 20 20 | ||
| Vooruitloop [m/min] 8,9 8,9 | ||
| Lengte [mm] 673 687 | ||
| Breedte [mm] 343 343 | ||
| Hoogte [mm] | 965 965 | |
| Lengte (stampschoen) [mm] | 340 340 | |
| Breedte (stampschoen) [mm] | 280 280 | |
| Bedrijfsgewicht [kg] | 74 74 | |
| Nominaal vermogen [kW] | 2 | 2 |
| Nominaal toerental [1/min) | 4400 | 4400 |
| Norm | ISO 3046-1 ISO 3046-1 | |
| Motortype | WM80 | WM80 |
| Oliespecificatie (stampsysteem) | SAE 10W-40 | SAE 10W-40 |
| Oliehoeveelheid (stampsysteem) [l] | 0,9 0,9 | |
| Bedrijfstemperatuurbereik [°C] | -10 - +40 | -10 - +40 |
| Opslagtemperatuurbereik [°C] | -30 - +50 | -30 - +50 |
| Geluidsdrukniveau LpA [dB(A)] | 93 93 | |
| Geluidsvermogensniveau LWA, gemeten [dB(A)] 105 105 | ||
| Geluidsvermogensniveau LWA, gegarandeerd [dB(A)] | 108 108 | |
| Totale trillingswaarde ahv [m/s2] 6,9 7,0 | ||
| Meetonzekerheid totale trillingswaarde ahv [m/s2] 0,8 0,6 | ||
| * Het daadwerkelijke bedrijfstoerental hangt van talrijke bedrijfsparameters af en kan van het nominale toeren-tal afwijken. | ||
13.4 Verbrandingsmotor
| Motorfabrikant | Wacker Neuson |
| Materiaalnummer motor | 5100008899 |
| Motortype | WM80 |
| Verbrandingsmethode tweetakt | |
| Motorfabrikant Wacker Neuson | |
| Materiaalnummer motor 5100008899 | |
| Koeling Lucht | |
| Cilinder 1 | |
| Cilinderinhoud [cm3] 80 | |
| Kantelhoek max. [°] - | |
| Brandstoftype Olie/alkylaatbenzinemengsel | |
| Brandstoftype Olie/benzinemengsel | |
| Brandstofverbruik [l/h] 1,1 | |
| Tankinhoud [l] 2,9 | |
| Oliespecificatie ISO-L EG C, ISO-L EG D, JASO FC, JASO FD | |
| Olievulling max. [l] - | |
| Vermogen max. [kW] 2,2 | |
| Toerental [1/min] 4400 | |
| Norm ISO 3046-1 | |
| Uitlaatgasniveau EU fase V, US phase 3 | |
| CO2-uitstoot* [g/kWh] 1113 | |
| Nabehandeling uitlaatgas | Oxidatiekatalysator |
| Type bougie | RL86C |
| Elektrodenafstand [mm] | 0,5 - 0,8 |
| *Berekende waarde van de CO2-uitstoot bij de motorcertificering zonder rekening te houden met de toepas-sing op de machine. | |
| Motorfabrikant Wacker Neuson | |
| Materiaalnummer motor 5100009016 | |
| Motortype | WM80 |
| Verbrandingsmethode | tweetakt |
| Koeling Lucht | |
| Cilinder 1 | |
| Cilinderinhoud [cm3] 80 | |
| Kantelhoek max. [°] - | |
| Brandstoftype Olie/benzinemengsel | |
| Brandstofverbruik [l/h] 1,0 | |
| Tankinhoud [l] 2,9 | |
| Oliespecificatie ISO-L EG C, ISO-L EG D, JASO FC, JASO FD | |
| Olievulling max. [l] - | |
| Vermogen max. [kW] 2,2 | |
| Toerental [1/min] 4400 | |
| Norm ISO 3046-1 | |
| Uitlaatgasniveau | EU fase V, US phase 3, CN stand II |
| CO2-uitstoot* [g/kWh] 1113 | |
| Nabehandeling uitlaatgas | Oxidatiekatalysator |
| Type bougie | QL87YC |
| Elektrodenafstand [mm] | 0,5 - 0,8 |
| *Berekende waarde van de CO2-uitstoot bij de motorcertificering zonder rekening te houden met de toepas-sing op de machine. | |

