GEBRUIKSAANWIJZING AHS 54-20LI, AHS 54-20 II BOSCH
Veiligheidsvoorschriften
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen
WAARSCHUWING
Lees alle veiligheids-waarschuwingen en al-
le voorschriften. Als de waarschuwingen en voorschriften niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle waarschuwingen en voorschriften voor toekomstig gebruik.
Het in de waarschuwingen gebruikte begrip „elektrisch gereedschap” heeft betrekking op elektrische gereedschappen voor gebruik op het stroomnet (met netsnoer) en op elektrische gereedschappen voor gebruik met een accu (zonder netsnoer).
Verklaring van de pictogrammen

Lees de gebruiksaanwijzing.

Gebruik het tuingereedschap niet in de regen en laat het niet in de regen liggen of staan.

Verwijder de accu uit het tuingereedschap vóór instel- of reinigingswerkzaamheden aan het gereedschap of wanneer het enige tijd onbeheerd blijft.
1) Veiligheid van de werkomgeving
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden.
b) Werk met het elektrische gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2) Elektrische veiligheid
a) De aansluitstekker van het elektrische gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
c) Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
d) Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het elektrische gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapde- len. Beschadigde of in de war geraakte ka- bels vergroten het risico van een elektri- sche schok.
e) Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok.
f) Als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, dient u een aardlekschakelaar te gebruiken. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.









3) Veiligheid van personen
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrische gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.
b) Draag persoonlijke beschermende uitrusting. Draag altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen.
c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u de stekker in het stopcontact steekt of de accu aansluit en voordat u het gereedschap oppakt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden.
d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot verwondingen leiden.
e) Voorkom een onevenwichtige lichaamshouding. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, lange haren en sieraden kunnen door bewegende delen worden meegenomen.
g) Wanneer stofafzuigings- of stofopvang-
voorzieningen kunnen worden gemon-
teerd, dient u zich ervan te verzekeren
dat deze zijn aangesloten en juist wor-
den gebruikt. Het gebruik van een stofaf-
zuiging beperkt het gevaar door stof.
4) Zorgvuldige omgang met en zorgvuldig gebruik van elektrische gereedschappen
a) Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact of neem de accu uit het elektrische gereedschap voordat u het gereedschap instelt, toebehoren wisselt of het gereedschap weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het elektrische gereedschap.
d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt.
e) Verzorg het elektrische gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende de- len van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het elektrische gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat deze beschadigde onderdelen voor het gebruik repareren. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhou- den elektrische gereedschappen.


86 | Nederlands
f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden.
g) Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
5) Gebruik en onderhoud van accugereedschappen
a) Laad accu's alleen op in oplaadapparaten die door de fabrikant worden geadviseerd. Voor een oplaadapparaat dat voor een bepaald type accu geschikt is, bestaat brandgevaar wanneer het met andere accu's wordt gebruikt.
b) Gebruik alleen de daarvoor bedoelde accu's in de elektrische gereedschappen. Het gebruik van andere accu's kan tot verwondingen en brandgevaar leiden.
c) Voorkom aanraking van de niet-gebruikte accu met paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven en andere kleine metalen voorwerpen die overbrugging van de contacten kunnen veroorzaken. Kortsluiting tussen de accucontacten kan brandwonden of brand tot gevolg hebben.
d) Bij verkeerd gebruik kan vloeistof uit de accu lekken. Voorkom contact daarmee. Spoel bij onvoorzien contact met water af. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u bovendien een arts te raadplegen. Gelekte accuvloeistof kan tot huidirritaties en verbrandingen leiden.
6) Service
a) Laat het elektrische gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vak-kundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
Veiligheidsvoorschriften voor heggenscharen
Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van het snijmes. Probeer niet om maaigoed te verwijderen of te maaien materiaal vast te houden terwijl het mes beweegt. Verwijder vastgeklemd maaigoed alleen wanneer het gereedschap uitgeschakeld is. Een moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van de heggenschaar kan tot ernstig letsel leiden.
▶ Draag de heggenschaar aan de greep terwijl het mes stilstaat. Breng altijd de veiligheidsafscherming aan voordat u de heggenschaar vervoert of opbergt. Een zorgvuldige omgang met het gereedschap vermindert het verwondingsgevaar door het mes.
Houdt het elektrische gereedschap alleen aan de geïsoleerde greepoppervlakken vast, aangezien het knipmes in aanraking met verborgen stroomleidingen kan komen. Contact van het knipmes met een spanningvoerende leiding kan metalen delen van het gereedschap onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden.
- Dit gereedschap is er niet voor bestemd om te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuigelijke of geestelijke vermogens of gebrekkige ervaring en/of gebrekkige kennis, tenzij zij onder toezicht staan van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon, of zij van deze persoon instructies ontvangen ten aanzien van het gebruik van het gereedschap. Kinderen moeten onder toezicht staan, om zeker te stellen dat zij niet met het gereedschap spelen.
Houd het elektrische gereedschap tijdens de werkzaamheden stevig met beide handen vast en zorg ervoor dat u stevig staat. Het elektrische gereedschap wordt met twee handen veiliger geleid.















▶ Controleer of alle beschermingsvoorzieningen en grepen bij gebruik van het gereedschap gemonteerd zijn. Probeer nooit een onvolledig gemonteerd gereedschap of een gereedschap met niet-toegestane aanpassingen in gebruik te nemen.
Wacht tot het elektrische gereedschap tot stilstand is gekomen voordat u het neerlegt.
▶ Open de accu niet. Er bestaat gevaar voor kortsluiting.

Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld ook tegen voortdurend zonlicht en vuur. Er bestaat explosiegevaar.
Bij beschadiging en onjuist gebruik van de accu kunnen er dampen vrijkomen. Zorg voor frisse lucht en raadpleeg bij klachten een arts. De dampen kunnen de luchtwegen irriteren.
Als de accu defect is, kan er vloeistof uit de accu lekken, waardoor aangrenzende voorwerpen worden bevochtigd. Controleer de betrokken onderdelen. Reinig deze of vervang ze indien nodig.
- Gebruik de accu alleen in combinatie met uw Bosch elektrische gereedschap. Alleen zo wordt de accu tegen gevaarlijke overbelasting beschermd.
Veiligheidsvoorschriften voor oplaadapparaten

Houd het oplaadapparaat uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het oplaadapparaat vergroot het risico van een elektrische schok.
Laad geen accu's van andere fabrikanten op. Het oplaadapparaat is alleen geschikt voor het opladen van Bosch-lithiumionaccu's met de in de technische gegevens vermelde spanningen. Anders bestaat er brand- en explosiegevaar.
Houd het oplaadapparaat schoon. Door vervuiling bestaat gevaar voor een elektrische schok.
▶ Controleer voor elk gebruik oplaadapparaat, kabel en stekker. Gebruik het oplaadapparaat niet als u een beschadiging hebt vastgesteld. Open het oplaadapparaat niet zelf en laat het alleen door gekwalificeerd personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen repareren. Beschadigde oplaadapparaten, kabels en stekkers vergroten het risico van een elektrische schok.
- Gebruik het oplaadapparaat niet op een gemakkelijk brandbare ondergrond (zoals papier of textiel) of in een brandbare omgeving. Vanwege de bij het opladen optredende verwarming van het oplaadapparaat bestaat brandgevaar.
▶ Houd toezicht op kinderen en zorg ervoor dat zij niet met het oplaadapparaat spelen.
Functiebeschrijving

Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle voorschriften. Als de waarschuwingen en voorschriften niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Gebruik volgens bestemming
Het tuingereedschap is bestemd voor het knippen en snoeien van heggen en struiken in de tuin voor particulier gebruik.
Meegeleverd
Neem het tuingereedschap voorzichtig uit de verpakking. Controleer of de volgende delen compleet zijn:
- Heggenschaar
- Mesbescherming
- Accu
- Oplaadapparaat
- Gebruiksaanwijzing
Neem contact op met uw leverancier wanneer er onderdelen ontbreken of beschadigd zijn.
88 | Nederlands
Afgebeelde componenten
De componenten zijn genummerd zoals op de afbeelding van het tuingereedschap op de pagina met afbeeldingen.
1 Mesbalk
2 Mesbescherming
3 Handbescherming voor voorste greep
4 Voorste greepbeugel met schakelhendel
5 Ventilatieopeningen
6 Achterste greep met aan-/uitschakelaar
7 Accu-ontgrendelingsknop
8 Accu
9 Oplaadschacht
10 Oplaadapparaat
11 Rode LED-indicatie op oplaadapparaat
12 Groene LED-indicatie op oplaadapparaat
13 Netstekker**
14 Serienummer
15 Knop voor accuoplaadindicatie
16 Accu-oplaadindicatie
17 Indicatie temperatuurbewaking
** verschilt per land
Niet elk afgebeeld en beschreven toebehoren wordt standaard meegeleverd. Het volledige toebehoren vindt u in ons toebehorenprogramma.
Technische gegevens
| Accuheggenschaar | AHS 54-20 LI |
| Zaaknummer | | 3 600 H4A 100 |
| Onbelast aantal knipbewegingen | min^-1 | 2000 |
| Kniplengte | mm | 540 |
| Knipbreedte | mm | 20 |
| Gewicht volgens EPTA-Procedure 01/2003 | kg | 3,5 |
| Serienummer | Zie serienummer 14 (typeplaatje) op tuingereedschap |
| Accu | | Li-lon |
| Zaaknummer | | 2 607 336 001 |
| Nominale spanning | V= | 36 |
| Capaciteit | Ah | 1,3 |
| Oplaadtijd (bij lege accu) | min | 45 |
| Aantal accucellen | | 10 |
| Bedrijfsduur per acculading | min | 50 |
| Oplaadapparaat | | AL 3640 CV |
| Zaaknummer | | 2 607 225 099 (EU)2 607 225 101 (UK)2 607 225 103 (AUS) |
| Laadstroom | mA | 4,0 |
| Toegestaan oplaadtemperatuurbereik | °C | 0–45 |
| Gewicht volgens EPTA-Procedure 01/2003 | kg | 1,0 |
F 016 L70 590 | (30.6.09)
Bosch Power Tools









Meetwaarden bepaald volgens 2000/14/EG en EN 60745.
Het A-gewogen geluidsniveau van het gereedschap bedraagt kenmerkend: geluidsdrukniveau 69 dB(A); gegarandeerd geluidsvermogenniveau lager dan 89 dB(A). Onzekerheid K=3 dB.
Trillingsemissiewaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald volgens EN 60745: trillingsemissiewaarde a_h = 2,5 m/s^2 , onzekerheid K = 1,5 m/s^2 .
Wij verklaren als alleen verantwoordelijke dat het onder „Technische gegevens” beschreven product voldoet aan de volgende normen en normatieve documenten: EN 60745 (accugereedschappen) resp. EN 60335 (accu-oplaadapparaten) volgens de bepalingen van de richtlijnen 2006/95/EG, 2004/108/EG, 98/37/EG (tot 28-12-2009), 2006/42/EG (vanaf 29-12-2009), 2000/14/EG.
2000/14/EG: Gemeten geluidsdrukniveau 84 dB(A). Wegingsmethode van de conformiteit volgens aanhangsel V.
▶ Let op: Schakel het tuingereedschap uit en verwijder de accu voordat u instel- of reini-gingswerkzaamheden uitvoert.
- Nadat de heggenschaar uitgeschakeld is, draaien de messen nog enkele fracties van seconden.
▶ Raak bewegende messen niet aan.
Accu verwijderen (zie afbeelding A)
De accu 8 beschikt over twee vergrendelingsstanden die moeten voorkomen dat de accu bij het onbedoeld indrukken van de accuontgrendelingsknop 7 uit de machine valt. Zolang de accu in het tuingereedschap is geplaatst, wordt deze door een veer op de juiste plaats gehouden.
Opmerking: Het tuingereedschap werkt alleen als beide vergrendelingstanden zijn vastgeklikt. Als u de accu 8 wilt verwijderen:
①②Duw de accu tegen de voet van het tuingereedschap en druk tegelijkertijd op de accuontgrendelingsknop 7.
③ Trek de accu van het tuingereedschap los tot een rode streep zichtbaar wordt.
④ Druk nogmaals op de accuontgrendelings-knop 7 en trek de accu volledig naar buiten.
Accu opladen (zie afbeelding A)
- Gebruik geen ander oplaadapparaat. Het meegeleverde oplaadapparaat is afgestemd op de in het tuingereedschap ingebouwde lithiumionaccu.
▶ Let op de netspanning! De spanning van de stroombron moet overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje van het oplaadapparaat. Met 230 V aangeduide oplaadapparaten kunnen ook met 220 V worden gebruikt.
De accu is voorzien van een thermische beveiliging die ervoor zorgt dat de accu alleen in het temperatuurbereik tussen 0 °C en 45 °C kan worden opgeladen. Daardoor wordt een lange levensduur van de accu bereikt.
90 | Nederlands
Opmerking: De accu wordt gedeeltelijk opgeladen geleverd. Om de volledige capaciteit van de accu te verkrijgen, laadt u voor het eerste gebruik de accu volledig in het oplaadapparaat op.
De lithiumionaccu kan op elk moment worden opgeladen zonder de levensduur te verkorten. Een onderbreking van het opladen schaadt de accu niet.
De lithiumionaccu is met „Electronic Cell Protection (ECP)” tegen te sterk ontladen beschermd. Als de accu leeg is, wordt het tuingereedschap door een veiligheidsschakeling uitgeschakeld: Het snijmes beweegt niet meer.
LET OP
Druk na het automatisch uitschakelen van het tuingereedschap
niet meer op de aan/uit-schakelaar. De accu kan anders beschadigd worden.
Opladen
Het opladen begint zodra de netstekker van het oplaadapparaat in het stopcontact en de accu 8 in de oplaadschacht 9 wordt gestoken.
Door de intelligente oplaadmethode wordt de oplaadtoestand van de accu automatisch herkend en wordt de accu afhankelijk van de accu-temperatuur en -spanning met de optimale laadstroom opgeladen.
Daardoor wordt de accu ontzien en blijft deze, indien in het oplaadapparaat bewaard, altijd volledig opgeladen.
Betekenis van de indicatie-elementen
Het bewaken van het opladen wordt aangegeven door de LED-indicaties 11 en 12:
Snel opladen

Snel opladen wordt aangegeven door knipperen van de groene LED-indicatie 12.
Tijdens het opladen gaan de drie groene LED's na elkaar branden en gaan deze kort uit. De accu is volledig opgeladen als de drie groene LED's continu branden. Ongeveer 5 minuten nadat de accu volledig is opgeladen, gaan de drie groene LED's weer uit.
Opmerking: Snel opladen is alleen mogelijk als de temperatuur van de accu zich binnen het toe-gestane oplaadtemperatuurbereik bevindt, zie het gedeelte „Technische gegevens”.
Accu opgeladen

Continu branden van de groe-
ne LED-indicatie 12 geeft aan
dat de accu volledig opgeladen
is.
Bovendien klinkt gedurende ca. 2 seconden een geluidssignaal waardoor akoestisch wordt aangegeven dat de accu volledig is opgeladen.
De accu kan vervolgens worden verwijderd en onmiddellijk worden gebruikt.
Als de accu niet in het oplaadapparaat is gestoken, geeft continu branden van de groene LED-indicatie 12 aan dat de stekker in het stopcontact is gestoken en het oplaadapparaat gereed is voor gebruik.
Accutemperatuur onder 0 °C of boven 45 °C

Continu branden van de rode LED-indicatie 11 geeft aan dat de temperatuur van de accu buiten het snellaadtempera-
tuurbereik van 0 °C–45 °C ligt. Zodra het toegestane temperatuurbereik bereikt is, schakelt het oplaadapparaat automatisch over op snelladen.
Als de temperatuur van de accu buiten het toegestane oplaadtemperatuurbereik ligt, gaat de rode LED van de accu branden wanneer u de accu in het oplaadapparaat zet.
Geen opladen mogelijk

Een andere storing tijdens het opladen wordt aangegeven door knipperen van de rode LED-indicatie 11.
Het opladen kan niet worden gestart en het opladen van de accu is niet mogelijk (zie „Storingen opsporen”).







Aanwijzingen voor het opladen
Bij langdurig opladen of meermaals opladen zonder onderbreking kan het oplaadapparaat warm worden. Dit is echter zonder bezwaar en wijst niet op een technisch defect van het oplaadapparaat.
Een duidelijk kortere gebruiksduur na het opla- den duidt erop dat de accu versleten is en moet worden vervangen.
De in het oplaadapparaat geïntegreerde ventilatorregeling bewaakt de temperatuur van de ingezette accu. Als de accutemperatuur boven 30 °C ligt, wordt de accu door een ventilator op de optimale oplaadtemperatuur gekoeld. De ingeschakelde ventilator maakt een ventilatiegeluid.
Als de ventilator niet loopt, ligt de accutemperatuur in het optimale oplaadtemperatuurbereik, of is de ventilator defect. In dit geval wordt de oplaadtijd van de accu langer.
Gebruik
Ingebruikneming
Accu plaatsen (zie afbeelding A)
Duw de opgeladen accu 8 van achteren in de voet van het tuingereedschap. Druk de accu volledig in de voet tot de rode streep niet meer zichtbaar is en de accu veilig vergrendeld is.
Opmerking: Het tuingereedschap werkt alleen als beide vergrendelingstanden zijn vastgeklikt.
Inschakelen (zie afbeelding B)
Druk de aan/uit-schakelaar 6 aan de achterste greep in en houd deze ingedrukt.
② Druk de voorste aan/uit-schakelaar 4 in.
Uitschakelen
Laat de voorste 4 of achterste 6 aan/uit-schakelaar los.
Tips voor de werkzaamheden (se billede C-E)
▶ Let op: Houd de heggenschaar met beide handen vast en op een afstand van uw lichaam. Zorg ervoor dat u stevig staat.
Er kunnen takken tot een dikte van max. 20 mm worden geknipt, met de punt van de mesbalk tot een dikte van max. 25 mm.
Beweeg de heggenschaar tijdens het knippen gelijkmatig naar voren om de takken naar het knipmes toe te voeren. Dankzij de dubbelzijdige mesbalk kunt u in beide richtingen knippen of met pendelbewegingen van de ene naar de andere kant.
Knip eerst de zijkanten van de heg en vervolgens de bovenkant.
Geadviseerd wordt om met de groeirichting mee van onderen naar boven te knippen om de zijkanten recht te krijgen. Wanneer u van boven naar beneden knipt, bewegen dunne takken naar buiten. Daardoor ontstaan kale plekken of gaten.
Span een richtsnoer over de hele lengte van de heg op de vereiste hoogte om als laatste de bovenkant gelijkmatig te knippen.
Ter bevordering van een krachtige en gezonde groei van uw heg adviseren wij u het gebruik van de Collecto-verzamelvoorziening voor afgeknipt materiaal (toebehoren) bij het knippen van de bovenkant van de heg.
Met dit toebehoren verzamelt u het afgeknipte materiaal gemakkelijk tijdens het knippen en kunt u het in een zak of op een stuk plastic naast de heg werpen, om te voorkomen dat afgeknipt materiaal in de heg valt.
Let erop dat u niet in een voorwerp knipt, bijvoorbeeld metaaldraad, omdat dit het mes of de aandrijving kan beschadigen.
92 | Nederlands
Antiblokkeermechanisme
Het tuingereedschap beschikt over een gepatenteerde eigenschap die als volgt functioneert: Als het snijmes blokkeert in materiaal met een zekere weerstand, wordt de motorbelasting verhoogd. De intelligente micro-elektronica herkent deze overbelastingssituatie en herhaalt meermaals de omschakeling van de motor om daarmee een blokkering van het snijmes te voorkomen en het materiaal door te knippen. Deze hoorbare omschakeling duurt maximaal 3 seconden.
Na het doorknippen werkt het tuingereedschap in de normale toestand verder, of het snijmes blijft bij een aanhoudende overbelastingssituaatie automatisch in de geopende toestand staan (bijvoorbeeld als een stuk van een metalen hek het tuingereedschap blokkeert).
Zaagfunctie (zie afbeelding F)
Hoewel de mesafstand het knippen van takken tot ∅ 20 mm mogelijk maakt, is de punt van de mesbalk bedoeld voor takken tot ∅ 25 mm.
Accu-oplaadindicatie
De accu 8 is voorzien van een oplaadindicatie 16 die de oplaadtoestand van de accu aangeeft. De oplaadindicatie 16 bestaat uit drie groene LED's.
Bedien de toets voor de oplaadindicatie 15 om de oplaadindictie 16 te activeren. Na ca. 5 seconden gaat de oplaadindicatie automatisch uit.
De oplaadtoestand kan ook worden gecontroleerd terwijl de accu verwijderd is.
| LED-indicatie | Accucapaciteit |
| Continu branden 3 groene LED's | ≥2/3 |
| Continu branden 2 groene LED's | ≥1/3 |
| Continu brandt 1 groene LED | ≤1/3 |
| Knipperlicht 1 groene LED | Reserve |
Als na het bedienen van de toets 15 geen van de LED's brandt, is de accu defect en moet deze worden vervangen.
Om veiligheidsredenen kan de oplaadtoestand alleen worden opgevraagd als het tuingereedschap stilstaat.
Tijdens het opladen gaan de drie groene LED's na elkaar branden en gaan deze kort uit. De accu is volledig opgeladen als de drie groene LED's continu branden. Ongeveer 5 minuten nadat de accu volledig is opgeladen, gaan de drie groene LED's weer uit.
Indicatie voor temperatuurbewaking
De rode LED van de indicatie voor de temperatuurbewaking 17 geeft aan dat de accu of de elektronica van het tuingereedschap (als de accu in het gereedschap is geplaatst) zich in niet het optimale temperatuurbereik bevindt. In dit geval werkt het tuingereedschap niet, of niet met volledig vermogen.
Temperatuurbewaking van de accu
De rode LED 17 knippert als de knop 15 of de aan/uit-schakelaar 6 wordt ingedrukt (terwijl de accu in het gereedschap is geplaatst): De bedrijfstemperatuur van de accu ligt buiten het temperatuurbereik van -10 °C tot +60 °C.
Bij een temperatuur boven 70 °C wordt de accu uitgeschakeld tot deze zich weer in het toegestane bedrijfstemperatuurbereik bevindt.
Temperatuurbewaking van de elektronica van het tuingereedschap
De rode LED 17 brandt bij het indrukken van de aan/uit-schakelaar 6 continu: De temperatuur van de elektronica van het tuingereedschap bedraagt minder dan 5 °C of meer dan 75 °C.
Bij een temperatuur boven 90 °C wordt de elektronica van het tuingereedschap uitgeschakeld tot deze zich weer in het toegestane bedrijfstemperatuurbereik bevindt.









Nederlands | 93
Storingen opsporen
De volgende tabel toont u storingsverschijnselen, de mogelijke oorzaak daarvan en de correcte oplossing, mocht het tuingereedschap eens niet correct werken. Neem contact op met een servicewerkplaats als u het probleem hiermee niet zelf kunt verhelpen.
Let op: schakel het tuingereedschap uit en verwijder de accu voordat u het gereedschap op storingen onderzoekt.
| Symptomen | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| Heggenschaar loopt niet | Accu leeg | Accu opladen, zie ook de „Aan-wijzingen voor het opladen” |
| Accu niet correct ingezet | Controleer dat beide vergren-delingstanden zijn vastgeklikt |
| Heggenschaar loopt met onder-brekingen | Interne bekabeling van tuinge-reedschap defect | Neem contact op met klanten-service |
| Aan/uit-schakelaar defect | Neem contact op met klanten-service |
| Draairichting van de motor wis-selt voortdurend en staat na 3 seconden stil | zie „Tips voor de werkzaamhe-den” (antiblokkeermechanis-me) |
| Motor loopt, messen blijven stilstaan | Interne fout | Neem contact op met klanten-service |
| Messen worden heet | Messen bot | Laat de mesbalk slijpen |
| Mes heeft kerf of breuk | Laat de mesbalk controleren |
| Te veel wrijving wegens ontbre-kende smering | Besproeien met smeerolie |
| Mes beweegt niet | Accu leeg | Accu opladen, zie ook de „Aan-wijzingen voor het opladen” |
| Tuingereedschap defect | Neem contact op met klanten-service |
| Sterke trillingen of geluiden | Tuingereedschap defect | Neem contact op met klanten-service |
| Knipduur per acculading te ge-ring | Te veel wrijving wegens ontbre-kende smering | Besproeien met smeerolie |
| Mes moet gereinigd worden | Mes reinigen |
| Slechte kniptechniek | zie „Tips voor de werkzaamhe-den” |
| Accu niet vol opgeladen | Accu opladen, zie ook de „Aan-wijzingen voor het opladen” |
94 | Nederlands
| Symptomen | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| Accuoplaadindicatie 12 brandt permanent | Accu niet (goed) aangebracht | Plaats de accu correct op het oplaadapparaat |
| Opladen niet mogelijk | Accucontacten vuil | Reinig de accucontacten, bij- voorbeeld door de accu enkele keren te plaatsen en te verwij- deren, of vervang de accu in- dien nodig |
| Accu defect | Vervang de accu |
| De messen bewegen langzaam of het antiblokkeermechanisme werkt niet | Accu leeg | Accu opladen, zie ook de „Aan- wijzingen voor het opladen” |
| Accu is buiten het toegestane temperatuurbereik bewaard | Laat de accu op kamertempera- tuur komen (binnen het toege- stane accutemperatuurbereik van 0 - 45 °C) |
| Accuoplaadindicatie 12 brandt niet | Netsnoer van het oplaadappa- raat is niet (of niet goed) vast- gestoken | Steek de stekker (volledig) in het stopcontact |
| Stopcontact, netsnoer of op- laadapparaat defect | Netspanning controleren, op- laadapparaat indien nodig door een erkende klantenservice voor Bosch elektrische gereed- schappen laten controleren |
Onderhoud en service
Onderhoud en reiniging
▶ Let op: Schakel het tuingereedschap uit en verwijder de accu voordat u instel- of reini-gingswerkzaamheden uitvoert.
▶ Houd het tuingereedschap schoon om goed en veilig te kunnen werken.
Opmerking: Voer de volgende onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit, zodat u verzekerd bent van een lang en probleemloos gebruik.
Controleer het tuingereedschap regelmatig op zichtbare gebreken zoals een losse bevestiging en versleten of beschadigde onderdelen.
Controleer of afschermingen en veiligheidsvoorzieningen niet beschadigd zijn en juist zijn aangebracht. Voer voor het gebruik eventueel noodzakelijke onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit.
Neem contact op met een erkende klantenservicewerkplaats voor Bosch elektrische gereedschappen als de accu niet meer naar behoren werkt.
Als de aansluitkabel moet worden vervangen, moeten deze werkzaamheden door Bosch of een erkende klantenservice voor Bosch elektrische gereedschappen worden uitgevoerd om veiligheidsrisico's te voorkomen.
Mocht het tuingereedschap ondanks zorgvuldige fabricage- en testmethoden toch defect raken, dient de reparatie te worden uitgevoerd door een erkende klantenservice voor Bosch-tuingereedschappen.
Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande zaaknummer volgens het typeplaatje van het tuingereedschap.
Na de werkzaamheden. Gereedschap opbergen
Let op: Schakel het tuingereedschap uit en verwijder de accu. Controleer of de accu verwijderd is voordat u het gereedschap opbergt.
Maak de buitenkant van de heggenschaar grondig schoon met een zachte borstel en een doek. Gebruik geen water en geen oplos- of polijstmiddelen. Verwijder alle verontreinigingen. Reinig in het bijzonder de ventilatieopeningen 5 van de motor.
Sproei altijd onderhoudsolie op de mesbalk voordat u het gereedschap opbergt.
Bewaar de heggenschaar op een veilige en droge plaats, buiten bereik van kinderen. Plaats er geen andere voorwerpen op.
De accu moet worden bewaard bij een temperatuur tussen 0 °C en 45 °C.
Klantenservice en advies
Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op:
De medewerkers van onze klantenservice adviseren u graag bij vragen over de aankoop, het gebruik en de instelling van producten en toebehoren.
Nederland
Tel.: +31 (076) 579 54 54
Fax: +31 (076) 579 54 94
E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com
België en Luxemburg
Tel.: +32 (070) 22 55 65
Fax: +32 (070) 22 55 75
E-mail: outillage.gereedschap@be.bosch.com
Vervoer
De accu is getest volgens UN-handboek ST/SG/AC.10/11/Rev.3 deel III, paragraaf 38.3. De accu heeft een werkzame bescherming tegen inwendige overdruk en kortsluiting en voorzie- ningen ter voorkoming van breuk door geweld en gevaarlijke terugstroom.
De in de accu aanwezige lithiumequivalentie-hoeveelheid ligt onder de geldende grenswaarden. Daarom zijn op de accu (als los onderdeel of in het gereedschap ingezet) geen nationale of internationale voorschriften voor gevaarlijke goederen van toepassing. De voorschriften voor gevaarlijke goederen kunnen echter bij het vervoer van meerdere accu's relevant zijn. Het kan in dit geval noodzakelijk zijn om bijzondere voorwaarden (bijvoorbeeld bij de verpakking) in acht te nemen. Meer informatie vindt u in een informatieblad in het Engels onder het volgende internetadres: http://purchasing.bosch.com/en/start/Allgemeines/Download/index.htm.
Afvalverwijdering
Elektrische gereedschappen, toebehoren en verpakkingen moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Alleen voor landen van de EU:

Gooi elektrische gereedschappen niet bij het huisvuil.
Volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG over elektrische en elektronische oude apparaten en de omzetting van de richtlijn in na-
tionaal recht moeten niet meer bruikbare elektrische gereedschappen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Accu's en batterijen:

Li-ion:
Lees de aanwijzingen in het gedeelte „Vervoer”, pagina 95 en neem deze in acht.
Gooi accu's of batterijen niet bij het huisvuil en evenmin in het vuur of het water. Accu's en batterijen moeten worden ingezameld, gerecycled of op een voor het milieu verantwoorde wijze worden afgevoerd.
Alleen voor landen van de EU:
Volgens richtlijn 91/157/EEG moeten defecte of versleten accu's en batterijen worden gerecycled.
Wijzigingen voorbehouden.


96 | Dansk