GN 2313 - Mraznička LIEBHERR - Bezplatný návod na obsluhu
Nájdite návod k zariadeniu zdarma GN 2313 LIEBHERR vo formáte PDF.
Otázky používateľov k GN 2313 LIEBHERR
0 otázka o tomto zariadení. Odpovedzte na tie, ktoré poznáte, alebo položte vlastnú.
Položte novú otázku o tomto zariadení
Stiahnite si návod pre váš Mraznička vo formáte PDF zadarmo! Nájdite svoj návod GN 2313 - LIEBHERR a vezmite svoje elektronické zariadenie späť do rúk. Na tejto stránke sú zverejnené všetky dokumenty potrebné na používanie vášho zariadenia. GN 2313 značky LIEBHERR.
NÁVOD NA OBSLUHU GN 2313 LIEBHERR
Gebruiksaanwijzing
Diepvrieskast
NL

natural_image
Line drawing of multiple server cabinets with open doors, no text or symbols present250609
7082668 - 02
GN ... 3
LIEBHERR
Inhoudsopgave
1 Het apparaat in vogelvlucht.... 2
1.1 Toepassingen van het apparaat.... 2
1.2 Conformiteit.... 2
1.3 Overzicht van apparaat en uitrusting.... 2
1.4 Opstelafmetingen.... 3
1.5 Isolatieplaat.... 3
2 Algemene veiligheidsvoorschriften.... 3
3 Bedienings- en controle-elementen.... 4
3.1 Bedienings- en controlepaneel.... 4
3.2 Temperatuurdisplay.... 4
4 In gebruik nemen.... 4
4.1 Draairichting deur veranderen.... 4
4.2 Inbouw in het keukenblok.... 5
4.3 Apparaat transporteren.... 5
4.4 Apparaat opstellen.... 5
4.5 Afvalverwerking van de verpakking.... 6
4.6 Apparaat aansluiten.... 6
4.7 Apparaat inschakelen.... 6
5 Bediening.... 6
5.1 Energie sparen.... 6
5.2 Deuralarm.... 6
5.3 Temperatuuralarm.... 6
5.4 Levensmiddelen invriezen.... 6
5.5 Levensmiddelen ontdooien.... 7
5.6 Temperatuur instellen.... 7
5.7 SuperFrost.... 7
5.8 Laden....7
5.9 Plateaus....7
5.10 VarioSpace.... 7
5.11 Info-systeem....7
5.12 Kruiden- en bessenlade.... 7
5.13 Koudeaccu's 8
6 Onderhoud.... 8
6.1 Ontdooien met NoFrost.... 8
6.2 Apparaat reinigen.... 8
6.3 Technische Dienst.... 8
7 Storingen.... 8
8 Afzetten....9
8.1 Apparaat uitschakelen.... 9
8.2 Buiten werking stellen.... 9
9 Apparaat afdanken.... 9
De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Daarom vragen wij om uw begrip voor het feit dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniek moeten voorbehouden.
Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, de instructies in deze handleiding aandachtig doorlezen a.u.b.
De handleiding geldt voor meerdere modellen, afwijkingen zijn mogelijk. Paragrafen die alleen voor bepaalde apparaten toepassing zijn, zijn gekenmerkt met een sterretje (*).
Gebruiksaanwijzingen zijn gekenmerkt met een▶, gebruiksresultaten met een ▷.
1 Het apparaat in vogelvlucht
1.1 Toepassingen van het apparaat
Het apparaat is uitsluitend geschikt voor het koelen van levensmiddelen.
In het geval van het industriële koelen van levensmiddelen moeten de geldige wettelijke bepalingen in acht worden genomen.
Het apparaat is niet bedoeld voor het bewaren en koelen van geneesmiddelen, bloedplasma, laboratoriumspreparaten of
eendere aan de Europese Richtlijn medische hulpmiddelen 2007/47/EG ten grondslag liggende stoffen en producten. Een abusievelijk gebruik van het apparaat kan schade aan de bewaarde producten of het bederf ervan veroorzaken. Bovendien is het apparaat niet geschikt voor werking in explosiegevaarlijke omgevingen.
Het apparaat is volgens de klimaatklasse gebouwd voor gebruik bij bepaalde omgevingstemperaturen. De klimaatklasse van uw apparaat vindt u op het typeplaatje.
Aanwijzing
▶ Respecteer de opgegeven omgevingstemperaturen, zoniet vermindert de koelprestatie.
| Klimaatklasse | voor omgevingstemperaturen |
| SN, N | tot 32 °C |
| ST | tot 38 °C |
| T | tot 43 °C |
Een storingsvrije werking van het apparaat is gewaarborgd tot een minimum omgevingstemperatuur van 5 °C.
1.2 Conformiteit
Het koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd. Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde veiligheidsbepalingen en de EG-richtlijnen 2006/95/EEG en 2004/108/EEG.
1.3 Overzicht van apparaat en uitrusting

(1) Transportgreep achter
(6) Typeplaatje
(2) Bedienings- en controle-paneel
(3) NoFrost installatie
(4) Kruiden- en bessenvak
(5) Koudeaccu
(7) Schuifladen met info-systeem
(8) VarioSpace
(9) Stelvoeten, transportgrepen voor, transportwieltjes achter
1.4 Opstelafmetingen
![[mm] 600 630 614 640 1180 H 56.5](/content/2026/06/1177615/images/bbf3117e6ba3d61abb9201e24df019d3db5644a7ffdc1638f90ed4370c889d80.jpg)
Fig. 2
| Model Apparaathoogte H (mm) | |
| GN 19.. 1250 | |
| GN 23.. 1447 | |
| GN 27.. 1644 | |
| GN 30 1841 | |
1.5 Isolatieplaat
De isolatieplaat, waarmee u slechts een gedeelte van het apparaat gebruikt, is apart te verkrijgen bij de vakhandelaar.
Als u weinig diepvriesproducten in het apparaat opbergt, kunt u met behulp van de isolatieplaat het energieverbruik tot 50% verminderen. Afhankelijk van het model kunnen er tot 5 schuilfaden worden uitge schakeld. Om te koelen zijn minstens 2 schuifladen nodig. Meer informatie vindt u op de bijsluiter van de isolatieplaat.

natural_image
Diagram of a double-door refrigerator with open doors and internal compartments (no text or labels)2 Algemene veiligheidsvoorschriften
Gevaren voor de gebruiker:
- Dit apparaat is niet bestemd voor personen (ook kinde met fysieke, sensorische of mentale beperkingen of personen, die niet over voldoende ervaring en kennis beschikken. Tenzij zijn door een persoon, die voor hun veiligheid verantwoordelijk is, in het gebruik van het apparaat worden onderwezen en die aanvankelijk toezicht uitoefent. Erop toezien dat kinderen niet met het apparaat spelen.
- In geval van storing stekker uit het stopcontact trekken (daarbij niet aan het netsnoer trekken) of zekering uitschakelen.
- Reparaties, aanpassingen aan het apparaat en het vervangen van het netsnoer alleen laten uitvoeren door de Technische Dienst of ander daarvoor opgeleid vakpersoneel.
- Als u het stroomsnoer van het apparaat uittrekt, altijd bij de stekker nemen. Niet aan het snoer trekken.
- Apparaat alleen conform de beschrijving in de handleiding monteren en aansluiten.
- Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef hem eventueel aan de volgende eigenaar door.
Brandgevaar:
- Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten.
- De buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadi-gen.
- Binnenin het apparaat geen open vuur of ontstekingsbronnen gebruiken.
- Binnenin het apparaat geen elektrische apparaten gebruiken (b.v. stoomreinigers, verwarmingsapparatuur, ijsmachines enz.).
- Wanneer koelmiddel ontsnapt: open vuur of ontstekingsbronnen in de nabijheid van het lekpunt verwijderen. Stekker uit het stopcontact trekken. Ruimte goed ventileren. Contact opnemen met de Technische Dienst.
- Geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals b.v. butaan, propaan, pentaan enz. in het apparaat bewaren. Zulke spuitbussen zijn herkenbaar aan de op de verpakking vermelde inhoudsstoffen of een vlammensymbool. Eventueel uittredende gassen kunnen door elektrische componenten vlam vatten.
- Geen brandende kaarsen, lampen of andere voorwerpen met open vlammen op of in het apparaat plaatsen.
- Sterke alcohol alleen goed gesloten en overeind staand opslaan. Eventueel uittredende alcohol kan door elektrische componenten vlam vatten.
Gevaar voor vallen en omkiepen:
- Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteun of om te leu- nen misbruiken. Dit geldt in het bijzonder voor kinderen.
Gevaar voor voedselvergiftiging:
- te lang opgeslagen levensmiddelen niet meer nuttigen.
Gevaar voor bevriezingen, gevoelloosheid en pijn:
- Langdurig huidcontact met koude oppervlakken en gekoelde of ingevroren levensmiddelen vermijden of veiligheidsmaatregelen treffen, b.v. handschoenen dragen. Consumptie-ijs, met name waterijs of ijsblokjes niet onmiddellijk en niet te koud consumeren.
Neem de specifieke aanwijzingen in de overige hoofdstukken in acht:
| GEVAAR | duidt een direct gevaar aan, die de dood of ernstig lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben wanneer dit ge-vaar niet vermeden wordt. | |
| WAAR-SCHUWING | duidt een gevaarlijke situatie aan, die de dood of ernstig lichamelijk let- sel tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet vermeden wordt. | |
| VOORZICH-TIG | duidt een gevaarlijke situatie aan, die lichamelijk letsel tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet ver- meden wordt. | |
| LET OP | duidt een gevaarlijke situatie aan, die materiële schade tot gevolg kan hebben wanneer dit gevaar niet ver- meden wordt. | |
| Aanwijzing | geeft aan dat praktische aanwijzin- gen en tips gegeven worden. |
3 Bedienings- en controle-elementen
3.1 Bedienings- en controlepaneel

(1) Toets On/Off (4) Toets SuperFrost
(2) Insteltoets (5) Toets alarm
(3) Temperatuurdisplay
3.2 Temperatuurdisplay
Bij normale werking wordt aangegeven:
- de ingestelde vriestemperatuur
Het temperatuurdisplay knippert:
- de temperatuurinstelling wordt gewijzigd
- na het inschakelen is de temperatuur nog niet voldoende koud
- de temperatuur is verschillende graden gestegen
4 In gebruik nemen
4.1 Draairichting deur veranderen
Indien nodig kunt u de draairichting van de deur veranderen: controleer of volgend gereedschap klaar ligt:
Torx 25
Torx 15
□ schroevendraaier
□ meegeleverde steeksleutel
□ eventueel een tweede persoon voor de montage

Fig. 4
▶ Beveiliging Fig. 4 (1) naar voren toe wegnemen.
▶ Afdekking Fig. 4 (13) verwijderen.*
Indien nodig het apparaat met behulp van een tweede persoon iets achterover kantelen, om de lagerbout te verwijderen.
▶ Lagerbouten Fig. 4 (2)naar onderen en naar voren uittrekken. Let daarbij op de scharnierbus Fig. 4 (3).

VOORZICHTIG
Gevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt!
▶ Deur goed vasthouden.
▶ Deur voorzichtig neerzetten.
▶ Deur openen, naar voren kantelen en afnemen.
▶ Lagerbus Fig. 4 (4) afschroeven.
Lagerdeel Fig. 4 (5) afschroeven en in de tegenoverliggende opening van de lagerbus omzetten, opnieuw vastschroeven.
▶ Afdekking Fig. 4 (6) aan de greepzijde voorzichtig optillen en op de tegenoverliggende zijde plaatsen.
Lagerbus Fig. 4 (4) aan de nieuwe scharnierzijde evt. met behulp van een accuschroevendraaier weer vastschroeven.

Fig. 5
▶ Bovenste afdekking Fig. 5 (7)en afdekking Fig. 5 (8)net een schroevendraaier naar voren losklikken en schuin naar onderen wegnemen.
Lagerbouten Fig. 5 (9) uitdraaien en op de tegenoverliggen-de kant indraaien. Gebruik hiervoor de binnenkant van de meegeleverde steeksleutel.
▶ Afdekking Fig. 5 (7) op de kant van de lagerbouten opnieuw monteren: achteraan inzetten, vooraan laten vastklikken.
▶ Afdekking Fig. 5 (8)p de tegenoverliggende kant monteren: achteraan inzetten, vooraan laten vastklikken.

Fig. 6
▶ Stoppen Fig. 6 (12) uit de lagerbus van de deur halen en omzetten.
▶ Deurgreep, stoppen Fig. 6 (10) en drukplaten Fig. 6 (11)de-
monteren en omzetten naar de tegenoverliggende kant.
▶ Let er bij het monteren van de drukplaten op dat deze goed vastklikken.
▶ Hang de deur in de lagerbouten Fig. 5 (9) en sluit de deur.
Apparaat opnieuw wat naar achteren kantelen en de lagerbouten Fig. 7 (2) terug in te steken. De groef moet naar voren wijzen.
▶ Afdekking Fig. 4 (13) aan de tegeoverliggende kant plaatsen.*

natural_image
Mechanical assembly diagram showing a bolted joint with two components and a base mount (no text or labels)Fig. 7

VOORZICHTIG
Gevaar voor verwonding wanneer de deur eruit valt!
De beveiliging (1) moet aan de zijkant van de lagerbus inklikken, zodat de lagerbus en dus ook de deur is geborgd.

natural_image
Mechanical assembly diagram showing a piston and housing component (no text or labels)▶ Beveiliging (1) op lagerbus weer inklikken.
▶ Scharnierbus Fig. 4 (3) opzetten.
De deur eventueel via de beide langsgaten in de Fig. 4 (4) ten opzichte van de kast uitlijnen. Daartoe middelste schroef uitdraaien.
▶ Schroeven stevig aandraaien.
4.2 Inbouw in het keukenblok
![min. 300 cm² 6301 min. 50 580 ① ② ③ ④ ca. 36 [mm] Fig. 8](/content/2026/06/1177615/images/f22b0994bd0a130989be36de3a3a2ce5e009827a14f778f8b769e8f7770538a3.jpg)
(1) Opbouwkast (3) Keukenkast
(2) Apparaat (4) Wand
Het apparaat Fig. 8 (2) kan worden ingebouwd in de keuken. Om het apparaat aan de hoogte van het keukenblok aan te passen, kunt u er een passende opbouwkast Fig. 8 (1) op plaatsen.
Bij ombouw met standaard keukenkasten (max. diep-te 580 mm) kan het apparaat direct naast de keukenka
Fig. 8 (3) worden opgesteld. De apparaatdeur springt opzij 34 mm en in het midden van het apparaat 50 mm uit ten opzichte van het keukenkastfront. Hierdoor is de deur zonder problemen te openen en sluiten.
Belangrijk voor de ventilatie:
- houd achter de gehele breedte van de opbouwkast een ruimte van minstens 50 mm diepte vrij voor luchtafvoer.
- De ventilatieruimte onder het plafond moet minstens 300 cm² bedragen.
- Hoe groter de ventilatieruimte, hoe energiezuiniger het apparaat werkt.
Plaatst u het apparaat met de scharnierkant naast een m Fig. 8 (4), dan moet de afstand tussen apparaat en muur minstens 36 mm bedragen. Dit in verband met het uitsteken van de deurgreep bij een geopende deur.
4.3 Apparaat transporteren

VOORZICHTIG
Gevaar voor verwonding en beschadiging door verkeerd transport!
▶ Het apparaat verpakt transporteren.
▶ Het apparaat overeind transporteren.
▶ Het apparaat niet alleen transporteren.
4.4 Apparaat opstellen
Neem bij beschadiging van het apparaat onmiddellijk - nog voor het aansluiten - contact op met de leverancier.
De vloer waar het apparaat komt te staan moet waterpas vlak zijn.
lagerbus Stel net apparaat niet op in direct zonlicht en ook niet naast een formuis, verwarming of dergelijke.
Stel het apparaat altijd tegen een wand op.
Stel het apparaat niet op zonder hulp.
De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 per 8 g R 600a koelmiddel over een volume van van 1 m³ beschikken. Indien de plaatsingsruimte te klein is, kan in geval van een lek in het koelmiddelcircuit een ontvlambaar gas-lucht-mengsel ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koel-middel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.

WAARSCHUWING
Brandgevaar door vocht!
Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluiting vochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting.
Het apparaat is ontworpen voor gebruik in een gesloten ruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgeving of binnen bereik van spatwater plaatsen.

WAARSCHUWING
Brandgevaar door koelmiddel!
Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maar brandbaar. Ontsnappend koelmiddel kan vlam vatten.
▶ De buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen.

WAARSCHUWING
"Gevaar voor brand en beschadiging!
▶ Plaats geen warmte afgevende apparaten, bijv. magnetron, toaster enz. op het apparaat!

WAARSCHUWING
Gevaar voor brand en beschadiging door verstopte luchtroosters!
▶ De luchtroosters regelmatig schoonmaken. Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer!
Haal het aansluitsnoer van de achterzijde van het apparaat. Verwijder hierbij de snoerhouder, anders kunnen trillingsgeluiden ontstaan!
▶ Verwijder alle transportbeveiligingsonderdelen.
▶ Doe de verpakking weg (zie 4.5).
LET OP
Gevaar voor beschadiging door condenswater!
▶ het apparaat niet direct naast een ander koel-/vriesapparaat zetten.
Stel het apparaat met de meegeleverde steeksleutel en met behulp van de stelvoetjes (A) en een waterpas stevig en vlak op.

Zorg altijd goed voor een goede verluchting van de singsruimte.
4.5 Afvalverwerking van de verpakking

WAARSCHUWING
Gevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie! ▶ Kinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:
- Golfkarton/karton
- Voorgevormde delen uit geschuimd polystyreen
- Folies en zakken uit polyetheen
- Spanbanden uit polypropeen
▶ Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamel punt.

4.6 Apparaat aansluiten
LET OP
Gevaar voor beschadiging van de elektronische componenten!
Gebruik geen omvormer (omzetten van gelijkstroom naar wisselstroom) of spaarstekker.

WAARSCHUWING
Brand- en oververhittingsgevaar! ▶ Gebruik geen verlengsnoer of verdeeldoos.
Stroomsoort (wisselstroom) en spanning op de plaats van bestemming moeten met de informaties op het typeplaatje Het apparaat in vogelvlucht) overeenstemmen.
Het apparaat alleen aansluiten op een volgens voorschriften geïnstalleerd stopcontact. Het stopcontact moet d.m.v. een zekering van 10 A of zwaarder beveiligd zijn.

Het moet eenvoudig toegankelijk zijn, zodat het apparaat in urgentiegevallen snel van de stroomvoorziening gescheiden kan worden.
▶ Elektrische aansluiting controleren.
▶ Apparaat reinigen (zie 6.2)
▶ Steek de stekker in het stopcontact.
4.7 Apparaat inschakelen
▶ Toets On/Off Fig. 3 (1) indrukken.
▷ Het apparaat is ingeschakeld. De temperatuurdisplay en de toets alarm knipperen tot de temperatuur voldoende koud is.
5 Bediening
5.1 Energie sparen
Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer.
▶ Open het apparaat zo kort mogelijk.
Zet de levensmiddelen soort bij soort.
▶ Warme gerechten inleggen: eerst laten afkoelen tot kamertemperatuur.
Stof doet het energieverbruik toenemen:
▶ de koelmachine met warmtewisselaar metalen rooster aan de achterkant v het apparaat - eens per jaar afstoffen.

5.2 Deuralarm
plant Wanneer de deur langer dan 60 s geopend is, gaat het akoestisch alarm af.
Het akoestisch alarm stopt automatisch, zodra de deur gesloten wordt.
5.2.1 Deuralarm deactiveren
Het akoestisch alarm kan bij geopende deur worden uitgeschakeld. Het deactiveren werkt zolang de deur open staat.
▶ Toets Alarm Fig. 3 (5)indrukken.
▷ Het akoestisch alarm gaat uit.
5.3 Temperatuuralarm
Wanneer de vriestemperatuur niet laag genoeg is, gaat het akoestisch alarm af.
_Tegelijkertijd knipperen de temperatuurdisplay en de toets alarm.
De oorzaak voor een te hoge temperatuur kan zijn:
- warme nieuwe levensmiddelen werden in de diepvriezer gelegd
- bij het sorteren en uitnemen van de levensmiddelen is teveel warme lucht binnengekomen
- de stroom is voor langere tijd uitgevallen
- het apparaat is defect
Het akoestisch alarm stopt automatisch, de toets alarm Fig. 3 (5)gaat uit en de temperauurdisplay stopt met knippen, wanneer de temperatuur weer voldoende laag is
Wanneer het alarm niet uitgaat (zie Storingen).
Aanwijzing
Wanneer de temperatuur niet laag genoeg is, kunnen levensmiddelen bederven.
▶ De kwaliteit van de levensmiddelen controleren. Bedorven levensmiddelen niet meer nuttigen.
5.3.1 Temperatuuralarm deactiveren
Het akoestisch alarm kan worden gedeactiveerd. Wanneer de temperatuur weer laag genoeg is, is de alarmfunctie weer actief.
▶ Toets Alarm Fig. 3 (5)indrukken.
▷ Het akoestisch alarm is gedeactiveerd.
5.4 Levensmiddelen invriezen
De afzonderlijke laden en plateaus kunnen max. 25 kg diep vriesproducten dragen.

VOORZICHTIG
Gevaar voor verwonding door glasscherven! Flessen en blikjes drinken kunnen bij het invriezen springen. Dit geldt met name voor koolzuurhoudend drinken.
▶ Flessen en blikjes met drinken niet invriezen!
Om de levenmiddelen snel door en door te laten bevrie mag u de volgende hoeveelheden per verpakking niet overschrijden:
- fruit, groente max. 1 kg
- vlees max. 2,5 kg
▶ Verdeel de levensmiddelen in porties en doe ze in diepvrieszakjes of in herbruikbare bakjes van kunststof, metaal of aluminium.
5.5 Levensmiddelen ontdooien
- bij kamertemperatuur
- in een magnetron
- in een oven/heteluchtoven
▶ Ontdooide levensmiddelen alleen bij wijze van uitzondering weer invriezen.
5.6 Temperatuur instellen
Aanbevolen temperatuurinstelling: -18 °C
U kunt de temperatuur doorlopend veranderen. Bij de instelling -32 °C wordt opnieuw begonnen met -15 °C.
▶ Temperatuurverstelling oproepen: druk eenmaal op de insteltoets Fig. 3 (2).
Druk net zo vaak op de insteltoets Fig. 3 (2) tot de LEDs de gewenste temperatuur aangeven.
Aanwijzing
Wanneer u lang drukt op de insteltoets wordt binnen een klein temperatuurbereik (bijv.: tussen -15 °C en -18 °C) een iets koudere waarde ingesteld, maar dit is niet te zien op het display.
5.7 SuperFrost
Met deze functie kunt u nieuwe levensmiddelen snel tot op de kern invriezen. Het apparaat werkt met maximaal koelverm gen, daardoor kunnen geluiden van de koelaggregaat tijde luider zijn.
U kunt maximaal zoveel nieuwe levensmiddelen binnen 24 h invriezen, als op het typeplaatje onder "invriescapaciteit ... kg/24h" is aangegeven. De invriescapaciteit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse van het apparaat.
5.7.1 Met SuperFrost invriezen
SuperFrost hoeft u in de volgende gevallen niet in te schakelen:
- wanneer u reeds ingevroren waren in de diepvriezer legt
▶ Toets SuperFrost Fig. 3 (4) kort indrukken.
▷ De toets SuperFrost is verlicht.
▷ De temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximale koeling.
Bij een kleine hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen:
▶ ca. 6 u wachten.
▶ De nieuwe levensmiddelen in de bovenste vakken leggen. Bij de maximale hoeveelheid in te vriezen levensmide (zie typeplaatje):
▶ ca. 24 u wachten.
▶ Levensmiddelen in de schuifladen leggen.
▷ SuperFrost schakelt na ca. 65 u automatisch uit.
▷ De toets SuperFrost is donker.
▷ Het apparaat werkt in de energiebesparende normale dus verder.
5.8 Laden
Aanwijzing
Het energieverbruik stijgt en de koelprestatie vermindert bij on-voldoende ventilatie.
Bij apparaten met NoFrost:
▶ Laat de onderste schuiflade in het apparaat zitten!
▶ Houd de luchtspleet aan de achterkant steeds vrij!

natural_image
Two-panel line drawing showing hands holding a document or object, with no visible text or symbols- Om diepvriesgoed direct op de draagplateaus te bewaren: trek de schuiflade naar voren en haal de lade uit.
5.9 Plateaus
▶ Plateau uitnemen: vooraan optillen en uittrekken.
▶ Plateau terugplaatsen: tot aanslag in-schuiven.

5.10 VarioSpace
Naast de schuifladen kunt u tevens de plateaus verwijderen. Zo creëel u plaats voor levensmiddelen van groot formaat. Gevogelte, vlees, groot wild en hoog gebak kunnen ge- heel en al worden ingevroren en la- elijk verder verwerkt.
▶ Elke aparte schuiflade of plateau met max. 25 kg diepvriesgoed belasten.

natural_image
Technical diagram showing a mechanical assembly with two stacked components and directional arrows indicating motion (no text or symbols)5.11 Info-systeem

Fig. 9
ele(1) Kant-en-klare gerechten, ijs (4) Vleeswaren, brood
(2) Varkensvlees, vis (5) Wild, paddestoelen
(3) Fruit, groenten (6) Gevogelte, rund-/kalfsvlees
De getallen geven telkens voor meerdere soorten ingevroren levensmiddelen de bewaartijd in maanden aan. De vermelde bewaartijden zijn richtwaarden.
5.12 Kruiden- en bessenlade
Dankzij de kruiden- en bessenlade kunt u bessen, kruiden, groenten en andere kleine diepvriesproducten invriezen zonder dat ze aan elkaar vriezen. De diepvriesproducten behouden hun vorm en zijn later makkelijker in porties te verdelen.
5.12.1 Het kruiden- en bessenvak gebruiken
▶ Verdeel de diepvriesproducten losjes over het kruiden- en bessenvak.
▶ Laat de diepvriesproducten 10 tot 12 uur invriezen.
▶ Doe de diepvriesproducten over in diepvrieszakjes of -bakjes.
▶ Diepvrieszakjes of -bakjes in een lade plaatsen.
- Om te ontdooien spreidt u de ingevroren diepvriesproducten losjes naast elkaar uit.

natural_image
Line drawing of a drawer with a plate and decorative items (no text or symbols)5.13 Koudeaccu's
De koude-accu's vermijden bij stroomuitval dat de temperatuur te snel stijgt. Leg voor de optimale koeling bij storingen de gekoelde accu's in het bovenste, voorste gedeelte van de vriesruimte op het product.
5.13.1 Koudeaccu's gebruiken
▶ De koudeaccu's ruimtebesparend in het kruiden- en bessenvak leggen.
▶ De bevroren koudeaccu's in de bovenste schuiflade direct op de diepvriesproducten leggen.
Zo blijven de diepvriesproducten bij stroomstoring het langste koel.

natural_image
Line drawing of a refrigerator drawer with compartments and a plate (no text or symbols)6 Onderhoud
6.1 Ontdooien met NoFrost
Het NoFrost-systeem ontdooit het apparaat automatisch.
Het vocht slaat neer op de verdamper, wordt regelmatig dooid en verdampt dan.
▶ U hoeft het apparaat niet handmatig te ontdooien.
6.2 Apparaat reinigen
Voor het reinigen:

VOORZICHTIG
Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan de oppervlakken beschadigen en brandw den veroorzaken.
▶ Gebruik geen stoomreinigers!
LET OP
Verkeerd reinigen kan het apparaat beschadigen!
▶ Gebruik reinigingsmiddelen niet in geconcentreerde vorm.
▶ Gebruik geen schurende of krassende sponsjes of staalwol.
Gebruik geen schoonmaakmiddelen die zand, chloor, chemicallyën of zuren bevatten.
▶ Gebruik geen chemische oplosmiddelen.
▶ Beschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenka van het apparaat niet. Dit is belangrijk voor de TechniDienst.
▶ Kabels of andere onderdelen niet afbreken, knikken of schadigen.
▶ Laat geen reinigingswater in de afvoergoot, de ventilatieroosters en elektrische delen terecht komen.
▶ apparaat leegmaken.
▶ Trek de stekker uit.
- Gebruik zachte poetsdoeken en een allesreiniger met een neutrale pH-waarde.
- Gebruik in de binnenruimte van het apparaat enkel levensmiddelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten.
Buitenwanden en binnenruimte:
▶ Roosters voor luchtaan- en afvoer regelmatig reinigen.
▷ Stof verhoogt het energieverbruik.
Buiten- en binnenwanden van kunststof met lauwwarm water en een beetje afwasmiddel met de hand reinigen.
Onderdelen:
▶ Onderdelen met lauwwarm water en een beetje afwasmiddel met de hand reinigen.
Na het reinigen:
▶ apparaat en onderdelen droogwrijven.
▶ Apparaat weer aansluiten en inschakelen.
▶ SuperFrost inschakelen (zie 5.7)
Wanneer de temperatuur voldoende koud is:
▶ de levensmiddelen er weer in leggen.
6.3 Technische Dienst
Probeer eerst of u de storing zelf kunt verhelpen (zie Storingen). Mocht dit niet het geval zijn, neem dan contact op met de Technische Dienst. Het adres vindt u in het bijgevoegd overzicht.

WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding door onvakkundige reparatie!
▶ Reparaties en aanpassingen aan apparaat en netsnoer die niet uitdrukkelijk vermeld worden (zie Onderhoud), alleen door de Technische Dienst laten uitvoeren.
▶ Apparaataanduiding
Fig. 10 (1) service-nr.
Fig. 10 (2)en serie-nr.
Fig. 10 (3) van het type-
onplaatje aflezen. Het typeplaatje bevindt zich aan de linkerkant binnen in het apparaat.

Fig. 10
▶ Contact opnemen met de Technische Dienst en het probleem, apparaataanduiding Fig. 10 (1), service-nr. Fig. 10 (2) en serie-nr. Fig. 10 (3) mededelen.
▷ Dit maakt een snelle en doelgerichte service mogelijk.
- Het apparaat gesloten laten, totdat de Technische Dienst komt.
▷ De levensmiddelen blijven langer koel.
▶ Trek de stekker uit het stopcontact (daarbij niet aan het snoer trekken) of de draai de zekering uit.
7 Storingen
Uw apparaat is zo ontworpen en gebouwd, dat een veilige werk- ing en lange levensduur gegarandeerd zijn. Mocht desondanks
storing optreden, eerst controleren of de storing door een bedie- singsfout werd veroorzaakt. In dit geval moeten wij de ontstane
kosten ook in de garantieperiode in rekening brengen. Volgen- destoringen kunt u zelf verhelpen:
Het apparaat functioneert niet.
→ Het apparaat is niet ingeschakeld.
▶ Apparaat inschakelen.
→ De stekker zit niet goed in het stopcontact.
▶ Stekker controleren.
→ De zekering in het stopcontact is niet in orde.
▶ Zekering controleren.
De compressor blijft lopen.
→ De compressor schakelt bij een verminderde koudebehoefte over op een lager toerental. Hoewel de looptijd daardoor langer is, wordt energie bespaard.
▶ Dat is bij energiebesparende modellen normaal.
→ SuperFrost is ingeschakeld.
▶ Om de levensmiddelen snel af te koelen, draait de compressor langer. Dit is normaal.
Geluiden zijn te luid.
→ Op toerental gestuurde* compressoren kunnen naar aanleiding van de verschillende draaisnelheden verschillende geluiden veroorzaken.
▶ Het geluid is normaal.
Een borrelen en klateren
→ Dit geluid stamt van het koelmiddel, dat door het koelcircuit stroomt.
▶ Het geluid is normaal.
Een zacht klikken
→ Het geluid ontstaat bij het automatisch in- en uitschakelen van de koelaggregaat (de motor).
▶ Het geluid is normaal.
Een brommend geluid. Kan voor korte tijd iets luider zijn, wanneer de koelaggregaat (de motor) inschakelt.
→ Bij ingeschakelde SuperFrost, nieuw opgeslagen levensmiddelen of na lang geopende deur wordt het koelvermogen automatisch verhoogd.
▶ Het geluid is normaal.
→ De omgevingstemperatuur is te hoog.
▶ Oplossing: (zie 1.1)
Vibratiegeluiden.
→ Het apparaat staat niet stabiel op de grond. Daardoor worden aangrenzende meubels of voorwerpen door de lopen-de koelaggregaat in vibratie gezet.
Apparaat iets verschuiven en met de stelpoten uitlijnen.
De toets SuperFrost en de temperatuurdisplay knipperen beiden.
→ Het betreft een storing.
▶ Contact opnemen met de Technische Dienst (zie Onderhoud).
Temperatuur is niet laag genoeg.
→ De deur is niet goed gesloten.
▶ Deur van het apparaat sluiten.
→ Niet voldoende be- en ontluchting.
▶ Luchtrooster schoonmaken.
→ De omgevingstemperatuur is te hoog.
▶ Oplossing: (zie 1.1).
→ Het apparaat werd te vaak of te lang geopend.
▶ Afwachten of de benodigde temperatuur weer vanzelf wordt bereikt. Zo niet, contact opnemen met de Technische Dienst (zie Onderhoud).
→ U heeft teveel nieuwe levensmiddelen zonder SuperFrost opgeslagen.
▶ Oplossing: (zie 5.7)
→ Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron.
▶ Oplossing: (zie In gebruik nemen).
8 Afzetten
8.1 Apparaat uitschakelen
▶ Toets On/Off Fig. 3 (1)ca. 2 sec. indrukken.
▷ De temperatuurdisplay is uit.
8.2 Buiten werking stellen
▶ Apparaat leegmaken.
▶ Stekker uittrekken.
▶ Apparaat reinigen (zie 6.2) .

▶ Laat de deur wat open staan zodat er geen onaangename geuren kunnen ontstaan.
9 Apparaat afdanken
Het apparaat bevat nog waardevolle materialen en mag niet met het gewoon huis- of grofvuil meegegeven. Het recyclen van afgedankte apparaten moet vakkundig gebeuren overeenkomstig plaatselijk geldende voorschriften en wetten.


NL
Let erop dat bij het afvoeren van het afgedankte apparaat het koelmiddelcircuit niet wordt beschadigd, zodat het koelmiddel (informatie op het typeplaatje) of de olie erin niet ongewild vrij- komen.
▶ Apparaat onbruikbaar maken.
▶ Trek de stekker uit.
▶ Snijd het aansluitsnoer door.