FMHT1-77414 - Laserpointer STANLEY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FMHT1-77414 STANLEY in PDF-formaat.
| Producttype | Automatische waterpaslaser met 2 punten en kruislijnen |
| Merk | Stanley |
| Model | FMHT1-77414 |
| Voeding | 4 AA alkalinebatterijen 1,5 V (6 V DC) |
| Lichtbron | Laserdiodes (630-680 nm) |
| Laservermogen | ≤ 1,0 mW |
| Laserklasse | 2 |
| Bereik (zonder detector) | 20 m (65 ft) |
| Bereik (met detector) | 50 m (165 ft) |
| Nauwkeurigheid (lijnen en bovenste punt) | ± 3 mm per 10 m (± 1/8 inch per 30 ft) |
| Nauwkeurigheid (onderste punt) | ± 6 mm per 10 m (± 1/4 inch per 30 ft) |
| Automatisch waterpas | ± 4° in alle richtingen |
| Functies | Horizontale lijn, verticale lijn, boven-/onderpunt, pulsemodus |
| Batterijniveau-indicator | Ja (groene LED > 5%, rode LED < 5%) |
| Transportvergrendeling | Ja, aan/uit-vergrendelschakelaar |
| Statiefbevestiging | Schroefdraadgaten 1/4-20 en 5/8-11 |
| Bescherming | IP54 (water- en stofbestendig) |
| Bedrijfstemperatuur | -10 °C tot 50 °C (14 °F tot 122 °F) |
| Opslagtemperatuur | -20 °C tot 60 °C (-5 °F tot 140 °F) |
| Reiniging | Vochtige doek, geen oplosmiddelen gebruiken |
| Onderhoud | Regelmatige controle van nauwkeurigheid, reparatie door erkend centrum |
| Compatibele accessoires | Multifunctionele bevestiging FMHT77435, statief, detector |
Veelgestelde vragen - FMHT1-77414 STANLEY
Gebruikersvragen over FMHT1-77414 STANLEY
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Laserpointer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FMHT1-77414 - STANLEY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FMHT1-77414 van het merk STANLEY.
GEBRUIKSAANWIJZING FMHT1-77414 STANLEY
- Laser-informatie
• Veiligheid van de gebruiker
• Veiligheid van de accu - Batterijen van het type AA plaatsen
• Het montageblok gebruiken - De laser inschakelen
• Nauwkeurigheid van de laser controleren - De laser gebruiken
• Onderhoud
• Oplossen van problemen
• Service en reparaties - Specifications
Laser-informatie
De 2-punts kruislijnlasers FMHT1-77414 en FMHT1-77438 zijn laserproducten van Klasse 2. De lasers zijn zelf-nivellerend lasergereedschap dat kan worden gebruikt voor horizontale (waterpas) en verticale (loodlijn) uitlijningsprojecten.
Veiligheid van de gebruiker
Veiligheidsrichtlijnen
Onderstaande definities beschrijven de ernst van de gevolgen die met de verschillende signaalwoorden worden aangeduid. Lees de handleiding en let goed op deze symbolen.

GEVAAR: Duidt een dreigende gevaarlijke situatie aan, die, als deze niet wordt vermeden, een ongeluk met dodelijke afloop of ernstig letsel tot gevolg zal hebben.

WAARSCHUWING: Duidt een mogelijk gevaarlijke situatie aan, die, als deze niet wordt vermeden, een ongeluk met dodelijke afloop of ernstig letsel tot gevolg kan hebben.

LET OP: Duidt een mogelijk gevaarlijke situatie aan, die, als deze niet wordt vermeden aan, licht of middelzwaar letsel tot gevolg kan hebben.
KENNISGEVING: Duidt een situatie in de praktijk aan die niet leidt tot persoonlijk letsel, maar, als deze niet wordt vermeden, materiële schade tot gevolg kan hebben.
Als u vragen of opmerkingen hierover hebt of over ander Stanley-gereedschap, ga dan naar http://www.2helpU.com.

WAARSCHUWING:
Lees alle instructies en zorg ervoor dat u ze begrijpt. Wanneer u geen gevolg geeft aan de waarschuwingen en instructies in deze handleiding, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES

WAARSCHUWING:
Blootstelling aan laserstralen. Haal de laserwaterpas niet uit elkaar en breng er geen wijzigingen in aan. Het gereedschap bevat geen onderdelen waaraan de gebruiker onderhoud kan uitvoeren. Ernstige verwondingen aan de ogen zouden het gevolg kunnen zijn.

WAARSCHUWING:
Gevaarlijke straling. Gebruik van bedieningsfuncties of de uitvoering van aanpassingen of procedures die niet in deze handleiding worden beschreven, kunnen tot gevaarlijke blootstelling aan straling leiden.
Het label op uw laser kan de volgende symbolen vermelden.
| Symbool Betekenis | |
| V Volt | |
| mW Milliwatt | |
| Laser-waarschuwing | |
| nm Golflengte in nanometers | |
| 2 Klasse 2 Laser | |
Waarschuwingslabels
Voor uw gemak en veiligheid worden de volgende labels op de laser vermeldt.


WAARSCHUWING: De gebruiker moet de instructiehandleiding lezen zodat het risico van letsel wordt beperkt.

WAARSCHUWING: LASER-STRALING. KIJK NIET IN DE STRAAL. Klasse 2 Laser-product.


- Werk niet met de laser in explosieve omgevingen, zoals in de aanwezigheid van brandbare vloeistoffen en gassen of brandbaar stof. Dit gereedschap kan vonken genereren die het stof of de dampen kunnen doen ontbranden.
- Berg laser-gereedschap dat u niet gebruikt op buiten bereik van kinderen en andere personen die er niet mee kunnen werken. Lasers zijn gevaarlijk in de handen van onervaren gebruikers.
- Onderhoud aan het gereedschap MOET worden uitgevoerd door gekwalificeerde reparatiemonteurs. Wanneer service of onderhoud wordt uitgevoerd door niet-gekwalificeerd personeel kan dat letsel tot gevolg hebben. Zoek het Stanley-servicecentrum bij u in de buurt, ga naar http://www.2helpU.com.
- Kijk niet met behulp van optisch gereedschap, zoals een telescoop naar de laserstraal. Ernstige verwondingen aan de ogen zouden het gevolg kunnen zijn.
- Plaats de laser niet ergens waar iemand al dan niet opzettelijk in de laserstraal kan kijken. Ernstige verwondingen aan de ogen zouden het gevolg kunnen zijn.
- Plaats de laserstraal niet bij een reflecterend oppervlak dat de laserstraal kan weerkaatsen en in de richting van iemands ogen kan sturen. Ernstige verwondingen aan de ogen zouden het gevolg kunnen zijn.
- Schakel het laserapparaat uit wanneer u het niet gebruikt. Wanneer het laserapparaat aan blijft staan, vergroot dat het risico dat iemand in de laserstraal kijkt.
- Breng op geen enkele wijze wijzigingen in de laser aan. Wanneer u wijzigingen in het gereedschap aanbrengt, kan dat leiden tot gevaarlijke blootstelling aan laserstraling.
-
Werk niet met het laserapparaat in de buurt van kinderen en laat niet kinderen het laserapparaat bedienen. Ernstige verwondingen aan de ogen kunnen hiervan het gevolg zijn.
-
Verwijder geen waarschuwingslabels en maak ze niet onleesbaar. Als labels worden verwijderd, kan de gebruiker of kunnen anderen zichzelf onbedoeld blootstellen aan straling.
- Plaats het laserapparaat stevig op een waterpas oppervlak. Als het laserapparaat valt, kan dat beschadiging van het apparaat of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Persoonlijke veiligheid
- Blijf alert, kijk wat u doet en gebruik uw gezond verstand wanneer u met dit laserapparaat werkt. Gebruik de laser niet wanneer u moe bent of onder invloed van verdovende middelen, alcohol of medicatie. Een ogenblik van onoplettendheid tijdens het werken met laserproducten kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
- Gebruik een uitrusting voor persoonlijke bescherming. Draag altijd oogbescherming. Afhankelijk van de werkomstandigheden zal het dragen van een uitrusting voor persoonlijke bescherming, zoals een stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, een helm en gehoorbescherming de kans op persoonlijk letsel verkleinen.
Gebruik en verzorging van het gereedschap
- Gebruik de laser niet als de schakelaar Power/Transport Lockniet goed werkt. Gereedschap dat niet kan worden bediend met de aan/uit-schakelaar is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
- Volg de instructies in het gedeelte Onderhoud in deze handleiding. Het gebruik van niet-goedgekeurde onderdelen of het niet opvolgen van de instructies in Onderhoud kan het risico van een elektrische schok of van letsel doen ontstaan.
Veiligheid van de batterijen

WAARSCHUWING:
Batterijen kunnen exploderen of lekken en kunnen letsel of brand veroorzaken. Beperk het risico door:
- Nauwgezet gevolg te geven aan alle instructies en waarschuwingen op het label van de batterij en de verpakking.
- Batterijen altijd op juiste wijze in te zetten en daarbij op de polariteit te letten (+ en –), volg de markeringen op de batterij en de apparatuur.
-
Niet de polen van de batterij kort te sluiten.
-
Niet niet-oplaadbare batterijen op te laden.
- Niet oude en nieuwe batterijen door elkaar te gebruiken. Alle batterijen tegelijkertijd te vervangen door nieuwe batterijen van hetzelfde merk en type.
- Lege batterijen onmiddellijk uit te nemen en volgens lokaal geldende voorschriften weg te doen.
- Niet batterijen in het vuur te gooien.
- Batterijen buiten bereik van kinderen te houden.
- Batterijen uit te nemen wanneer het toestel niet in gebruik is.
Batterijen van het type AA plaatsen
Plaats nieuwe AA-batterijen in de laser FMHT1-77414 of FMHT1-77438. In de laser FMHT1-77438 kunt u ook oplaadbare AA-batterijen plaatsen. Wanneer u oplaadbare batterijen gebruikt, raadpleeg dan de handleiding van de lader Stanley FatMax FMHT80690.
- Draai de laser ondersteboven.
- Open op de laser de grendel van de afdekking van het batterijvak (Afbeelding Ⓒ #1).
- Plaats vier nieuwe AA-batterijen van een goed merk, en let er daarbij op dat u de zijde + en - van de batterijen plaatst zoals wordt aangeduid aan de binnenzijde van het batterijvak (Afbeelding © #2).
- Duw de afdekking van het batterijvak omlaag tot het op z'n plaats klikt (Afbeelding © #3).
- Schuif de schakelaar Power/Transport Lock naar rechts naar de stand Unlocked/ON (Afbeelding Ⓐ #1b).
- Let erop dat op het toetsenblok (Afbeelding A #3b) groen is (> 5%). Als rood is, betekent dat dat het batterijniveau lager is dan 5%.
- De laser zal misschien nog wel enige tijd blijven werken terwijl het vermogen van de batterijen afneemt, maar de laserlijnen/-punten zullen snel minder krachtig worden.
-
Wanneer u verse batterijen hebt geplaatst en de laser weer hebt ingeschakeld (ON), zullen de laserlijnen en -punten weer heel helder zijn.
-
Schuif, wanneer de laser niet in gebruik is, de schakelaar Power/Transport Lock naar LINKS in de stand Locked/OFF (Afbeelding Ⓐ#1a) en spaar de batterijen.
Het montageblok gebruiken
Aan de onderzijde van de laser bevindt zich een beweegbaar blok (Afbeelding Ⓓ).
- Als u de laser met behulp van de magneten aan de voorzijde (Afbeelding A#2) aan de zijkant van een stalen balk wilt bevestigen, moet u het beweegbare blok niet uitschuiven (Afbeelding D#1). U kunt dan de punt die omlaag wijst uitlijnen met de rand van de stalen balk.
- U kunt de laser monteren boven een punt op de vloer (met behulp van een multi-functionele beugel of een statief) door het beweegbare blok uit te trekken tot het op z'n plaats klikt (Afbeelding ① #2). Zo kunt u de punt van de laser die omlaag wijst, weergeven door het 5/8-11 montagegat en de laser over het 5/8-11 montagegat roteren zonder dat u de verticale positie van de laser hoeft te veranderen.
De laser inschakelen
- Plaats de laser op een glad, vlak en recht oppervlak.
- Schuif de schakelaar Power/Transport Lock naar rechts naar de stand Unlocked/ON (Afbeelding Ⓐ#1b).
- Druk, zoals wordt getoond in Afbeelding Ⓐ #3a, eenmaal op 📍 voor de horizontale laserlijn, een tweede keer voor een verticale laserlijn, een derde keer voor een horizontale lijn en een verticale lijn, een vierde keer voor 2 punten (boven en onder de laser) en een vijfde keer voor een horizontale en een verticale lijn met de 2 punten.
- Controleer de laserstralen. Het laserapparaat is zo ontworpen dat het zichzelf waterpas stelt. Als het laserapparaat zo schuin staat dat het zichzelf niet waterpas kan stellen (> 4°), knipperen de laserstralen steeds twee keer en knippert woortdurend op het toetsenblok (Afbeelding A#3c).
- Als de laserstralen knipperen, staat het laserapparaat niet waterpas (of loodrecht) en mag NIET WORDEN GEBRUIKT voor het bepalen of markeren van een lijn waterpas of loodrecht. Zet de laser opnieuw goed neer op een oppervlak dat waterpas is.
-
Test de stand Puls door op op het toetsenblok te drukken. zal oplichten op het toetsenblok (Afbeelding A #3d) en de laserstralen zullen lichter zijn, en dat komt omdat ze op een zeer hoge snelheid knipperen. U gebruikt de stand Puls alleen met een detector zodat u de laserstralen over een grote afstand kunt projecteren.
-
Als EEN van de volgende verklaringen WAAR is, ga dan verder met de instructies voor Nauwkeurigheid van de laser controleren EN GEBRUIK DAARNA PAS DE LASER voor een project.
-
Dit is de eerste maar dat u de laser gebruikt (in het geval dat de laser blootgesteld is geweest aan extreme temperaturen).
- De laser is al enige tijd niet op nauwkeurigheid gecontroleerd.
- De laser is misschien gevallen.
NL Nauwkeurigheid van de laser controleren
Het lasergereedschap wordt in de fabriek verzegeld en gekalibreerd. U wordt geadviseerd de nauwkeurigheid te controleren voordat u de laser voor de eerste keer gebruikt (in het geval dat de laser blootgesteld is geweest aan extreme temperaturen) en daarna regelmatig de nauwkeurigheid van uw werk te controleren. Volg deze richtlijnen, wanneer u een van de nauwkeurigheidscontroles in deze handleiding uitvoert:
- Gebruik een zo groot mogelijke ruimte/afstand, dicht bij de werkafstand. Hoe groter de ruimte/afstand, des te gemakkelijker is het de nauwkeurigheid van de laser te meten.
- Plaats de laser op een glad, vlak, stabiel oppervlak dat in beide richtingen waterpas is.
- Markeer het middelpunt van de laserstraal.
Nauwkeurigheid van de horizontale lijn - Kanteling
Voor het controleren van de kanteling van de horizontale lijn van de laser is een vlak verticaal oppervlak nodig van tenminste 9 m breed.
- Plaats de laser zoals wordt getoond in Afbeelding (F) #1 en schakel de laser in (ON).
- Druk 3 maal op 📄 zodat een horizontale en een verticale lijn worden weergegeven.
- Richt de verticale lijn van de laser op de eerste hoek of het eerste referentiepunt (Afbeelding Ⓕ#1).
-
Meet de helft van de afstand over de wand (D1/2) (Afbeelding Ⓕ#1).
-
Markeer punt P1 waar de horizontale laserlijn het punt halverwege kruist (D1/2) (Afbeelding F #1).
- Roteer de laser naar een andere hoek of een ander referentiepunt (Afbeelding Ⓕ#2).
- Markeer punt P2 waar de horizontale laserlijn het punt halverwege kruist (D1/2) (Afbeelding F #2).
- Meet de verticale afstand tussen punten P1 en P2 (Afbeelding F#3).
- Als de meting groter is dan de Toe te stane afstand tussen P1 & P2 voor de bijbehorende Afstand (D1) in de volgende tabel, moet de laser worden nagezien in een officieel servicecentrum.
| Afstand (D1) | Toe te stane afstandTussen P1 en P2 |
| 9 m 3 mm | |
| 12 m 4 mm | |
| 15 m 5 mm |
Nauwkeurigheid van de horizontale lijn - Waterpas
Voor het controleren van de waterpasmeting van de horizontale lijn van de laser is een vlak verticaal oppervlak nodig van tenminste 9 m breed.
- Plaats de laser aan het ene uiteinde van de wand zoals wordt getoond in Afbeelding (E) #1 en schakel het laserapparaat in (ON).
- Druk eenmaal op 📋 zodat een horizontale lijn wordt weergegeven.
- Markeer twee punten (P1 en P2) op een afstand van tenminste 9 m van elkaar over de lengte van de horizontale lijn van de laser op de wand (Afbeelding Ⓔ #1).
- Plaats nu de laser aan het andere uiteinde van de wand en lijn de horizontale lijn van de laser uit met punt P2 (Afbeelding Ⓔ #2).
- Markeer punt P3 op de laserlijn bij punt P1 (Afbeelding Ⓔ #2).
- Meet de verticale afstand tussen punten P1 en P3 (Afbeelding Ⓔ #2).
- Als uw meting groter is dan de Toe te stane afstand tussen P1 & P3 voor de bijbehorende Afstand tussen P1 & P2 in de volgende tabel, moet de laser worden nagezien in een officieel servicecentrum.
| Afstand tussen P1 & P2 | Toe te stane afstand Tussen P1 en P3 |
| 9 m 6 mm | |
| 12m 8 mm | |
| 15 m 10 mm |
Nauwkeurigheid van verticale lijn - Loodlijn
Controleren dat de verticale lijn van de laser loodrecht is.
- Meet de hoogte van een deurpost (of een referentiepunt op het plafond) voor hoogte D1 (Afbeelding G #1).
- Plaats de laser zoals wordt getoond in Afbeelding I #1 en schakel de laser in (ON).
- Druk tweemaal op ②zodat een verticale lijn wordt weergegeven.
- Richt de verticale lijn van de laser op de deurpost of het referentiepunt op het plafond (Afbeelding G #1).
- Markeer punten P1, P2 en P3, zoals wordt getoond in Afbeelding G#1.
- Verplaats de laser daar de tegenovergestelde zijde van punt P3 en richt de verticale lijn van de laser op punt P2 (Afbeelding Ⓖ#2).
- Lijn de verticale lijn uit met punten P2 en P3, en markeer punt P4 (Afbeelding G #2).
- Meet de afstand tussen punten P1 en P4 (Afbeelding Ⓖ #3).
- Als de meting groter is dan de Toe te stane afstand tussen P1 & P4 voor de bijbehorende Verticale Afstand (D1) in de volgende tabel, moet de laser worden nagezien in een officieel servicecentrum.
| Hoogte van verticale afstand (D1) | Toe te stane afstand Tussen P1 en P4 |
| 2,5 m 1,5 mm | |
| 5 m 3,0 mm | |
| 6 m 3,6 mm | |
| 9 m 5,5 mm |
Nauwkeurigheid loodrechtpunt
De loodrecht-kalibratie van de laser kan het nauwkeurigst worden uitgevoerd wanneer er een aanzienlijke verticale hoogte beschikbaar is, in het ideale geval 7,5 m, met één persoon op de vloer die de laser plaatst en een ander persoon die in de buurt van het plafond de punt markeert die door de laser op het plafond wordt geprojecteerd.
- Markeer punt P1 op de vloer (Afbeelding Ⓗ #1.
- Schakel het laser-apparaat in (ON) en druk eenmaal op @ zodat er punten boven en onder de laser worden weergegeven.
- Plaats de laser zo dat onderste punt wordt gecentreerd over punt P1 en markeer het midden van de bovenste punt op het plafond als punt P2 (Afbeelding H #1).
- Draai de laser 180°, en let er daarbij op dat de onderste punt blijft gecentreerd op punt P1 op de vloer (Afbeelding Ⓗ #2).
- Markeer het midden van de bovenste punt op het plafond als punt P3 (Afbeelding Ⓗ #2).
- Meet de afstand tussen punten P2 en P3.
- Als uw meting groter is dan de Toe te stane afstand tussen P2 & P3 voor de bijbehorende Afstand tussen plafond en vloerin de volgende tabel, moet de laser worden nagezien in een officieel servicecentrum.
| Afstand tussen plafond & vloer | Toe te stane afstand tussen P2 & P3 |
| 4,5 m 3 mm | |
| 6 m 4,2 mm | |
| 9 m 6 mm | |
| 12 m 8,4 mm |
De laser gebruiken
Bedieningstips
- Markeer altijd het middelpunt van de straal die door de laser wordt geprojecteerd.
- Extreme temperatuurwisselingen kunnen leiden tot beweging van interne onderdelen en dat kan de nauwkeurigheid nadelig beïnvloeden. Controleer de nauwkeurigheid vaak tijdens uw werkzaamheden.
- Als de laser is gevallen, controleer dan vooral altijd de kalibratie.
- Zolang de laser goed is gekalibreerd, stelt de laser zichzelf waterpas. ledere laser wordt in de fabriek zo gekalibreerd dat waterpas wordt gevonden zolang het apparaat maar op een vlak oppervlak wordt geplaatst dat niet meer dan gemiddeld ± 4^ van het waterpaspunt is verwijderd. Handmatige aanpassingen zijn niet nodig.
- Gebruik de laser op een glad, vlak en recht oppervlak.
De laser uitschakelen
Schuif de schakelaar Power/Transport Lock naar de stand OFF/Locked (Afbeelding A #1a) wanneer de laser niet in gebruik is. Staat de schakelaar niet in de vergrendelde positie (Locked), dan wordt het laser-apparaat niet uitgeschakeld.
De laser gebruiken met accessoires

WAARSCHUWING:
Accessoires die niet worden aangeboden door Stanley, zijn niet met deze laser getest, en daarom kan het gebruik van dergelijke accessoires met deze laser gevaarlijk zijn.
Gebruik alleen Stanley-accessoires die voor gebruik met dit model worden aanbevolen. Accessoires die misschien geschikt zijn voor de ene laser, kunnen gevaarlijk zijn wanneer ze op een andere laser worden gebruikt.
De onderzijde van de laser is voorzien van een 1/4-20 en een 5/8-11 inwendige schroefdraad (Afbeelding Ⓑ) voor gebruik met nu en in de toekomst verkrijgbare Stanley-accessoires. Gebruik alleen Stanley-accessoires die voor gebruik met deze laser worden opgegeven. Volg de aanwijzingen die bij het accessoire worden geleverd.
Aanbevolen accessoires voor gebruik met deze laser zijn tegen meerprijs verkrijgbaar bij de dealer of het officiële servicecentrum bij u in de buurt. Heeft u hulp nodig bij het vinden van een accessoire, neem dan contact op met het Stanley-servicecentrum bij u in de buurt of ga naar de website: http://www.2helpU.com.
De laser gebruiken met de multi-beugel
De meeste lijn/punt-lasers die zijn voorzien van een 5/8-11 schroefdraad voor montage, kunnen met de multi-beugel FMHT77435 (Afbeelding ①) worden gebruikt. De multi-beugel kan dan vrijstaand worden gebruikt of op diverse manieren worden gemonteerd:
- Gebruik de rubberen riem rond een paal, 2" x 4", of een ander verticaal voorwerp.
- Gebruik de magneten aan de achterzijde tegen een metalen balk.
- Haak het schroefgat aan de achterzijde over een spijker of een schroef aan de wand.
- Bevestig het apparaat aan de plafondklem aan een verlaagd plafond/plafondconstructie.
- Bevestig de 5/8-11 of 1/4-20 schroefdraad op een statief.
Onderhoud
- Wanneer u de laser niet meer gebruikt, maak dan de externe onderdelen ervan schoon met een vochtige doek, veeg vervolgens het apparaat droog met een droge doek en berg het vervolgens op in de meegeleverde gereedschapsdoos.
- De externe onderdelen van de laser zijn wel bestand tegen oplosmiddelen, maar u mag de laser NOOIT met dergelijke middelen schoonmaken.
- Berg het laserapparaat niet op bij temperaturen lager dan -20 °C of hoger dan 60 °C.
- Zorg ervoor dat u nauwkeurig werk kunt blijven leveren, controleer regelmatig de kalibratie van de laser.
- Controles van de kalibratie en andere onderhoudswerkzaamheden kunnen ook door Stanley-servicecentra worden uitgevoerd.
Oplossen van problemen
De laser kan niet worden ingeschakeld
- Worden AA-batterijen gebruikt, controleer dan:
- Dat elke batterij goed is geplaatst, volgens de (+) en (−) die aan de binnenzijde van het batterijvak wordt vermeld.
- Dat de contacten van de batterijen schoon zijn en vrij van roest of corrosie.
-
Dat de batterijen nieuw zijn en van een goed merk, zodat de kans van lekkage van de batterijen wordt beperkt.
-
Controleer dat de AA-batterijen in goede werkende staat zijn. Als u hierover twijfelt, probeer dan of het apparaat beter werkt met nieuwe batterijen.
- Wanneer u oplaadbare batterijen gebruikt, controleer dan dat deze geheel zijn opgeladen.
- Let er vooral op dat de laser droog blijft.
- Als het laser-apparaat warmer wordt dan 50 °C, kan het niet worden ingeschakeld. Als het laser-apparaat is opgeborgen bij extreem hoge temperaturen, laat het dan afkoelen. De laser-waterpas zal niet beschadigd raken wanneer u de schakelaar Power/Transport Lock bedient voordat u het apparaat tot de juiste laatste temperatuur laat afkoelen.
De laserstraal knippert
De lasers zijn ontworpen om zichzelf waterpas af te stellen tot op gemiddeld 4° in alle richtingen. Als de laser zo ver wordt gekanteld dat het interne mechanisme zichzelf niet waterpas kan afstellen, zullen de laserstralen knipperen ten teken dat het kantelbereik is overschreden. ALS DE LASERSTRALEN KNIPPEREN, IS DE LASER NIET WATERPAS OF LOODRECHT EN MAG NIET WORDEN GEBRUIKT VOOR HET BEPALEN OF MAREKEREN VAN EEN LIJN WATERPAS OF LOODRECHT. Zet de laser opnieuw goed neer op een oppervlak dat beter waterpas is.
De laserstralen blijven in beweging
De laser is precisie-instrument. Daarom zal de laser, als het apparaat niet op een stabiel (en stilstaand) oppervlak is geplaatst, blijven proberen het waterpaspunt te vinden. Blijft de straal in beweging, plaats de laser dan op een stabieler oppervlak. Controleer ook dat het oppervlak betrekkelijk vlak en recht is, zodat de laser stabiel staat.
Service en reparaties
Opmerking: Wanneer de laser wordt gedemonteerd, komen alle garanties op het product te vervallen.
De VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het product kunnen alleen worden gegarandeerd wanneer reparaties, onderhoudswerkzaamheden en afstellingen worden uitgevoerd door officiële servicecentra. Wanneer service of onderhoud wordt uitgevoerd door niet-gekwalificeerd personeel kan een risico van letsel ontstaan. Zoek het Stanley-servicecentrum bij u in de buurt, ga naar http://www.2helpU.com
Specifications
| FMHT1-77414 FMHT1-77438 | ||
| Lichtbron Laser-diodes | ||
| Laser-golflengte 630 – 680 nm zichtbaar 510 – 530 nm zichtbaar | ||
| Laser-vermogen ≤1,0 mW KLASSE 2 LASERPRODUCT | ||
| Werkbereik 20 m | 50 m met Detector | 30 m50 m met Detector |
| Nauwkeurigheid - alle lijnen en punt omhoog ± 3 mm per 10 m | ||
| Nauwkeurigheid - punt omlaag ± 6 mm per 10 m | ||
| Voedingsbron 4 AA Alkaline (1,5 V)- | batterijen (6 V DC) | 4 AA Alkaline (1,5 V)-batterijen (6 V DC) of4 AA NiMH (1,2 V)-batterijen (4,8 V DC) |
| Bedrijfstemperatuur -10°C tot 50°C (14°F tot 122°F) | ||
| Opslagtemperatuur -20°C tot 60°C (-5°F tot 140°F) | ||
| Milieu Water- & stofbestendig volgens IP54 | ||
Indhold
Egide Walschaertsstraat 14-16
2800 Mechelen, Belgium