VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Warmtepomp

aroTHERM plus VWL 105/6 A - Warmtepomp VAILLANT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis aroTHERM plus VWL 105/6 A VAILLANT in PDF-formaat.

📄 196 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - page 145
Bekijk de handleiding : Deutsch DE Eesti ET Lietuvių LT Nederlands NL
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
ProducttypeLucht-water-warmtepomp
ModelaroTHERM plus VWL 105/6 A
MerkVaillant
Afmetingen (H x B x D)1100 x 700 x 800 mm
Gewicht150 kg
Stroomvoorziening400 V / 3-fasig / 50 Hz
Verwarmingsvermogen (bij A7/W35)10,5 kW
Koelvermogen (bij A35/W18)9,0 kW
COP (bij A7/W35)4,7
KoelmiddelR32 (GWP 675)
Bedrijfstemperatuurbereik-20 °C tot +35 °C
Geluidsdrukniveau (op 1m)60 dB(A)
BeschermingsgraadIP24 (Buitenunit)
CircuitGesloten koelmiddelcircuit met invertertechniek
CompressorScrollcompressor, invertergestuurd
WarmtewisselaarPlatenwarmtewisselaar (roestvrij staal)
AansluitingenAanvoer/retour 1", koelmiddelaansluitingen 3/8" en 5/8"
Garantie2 jaar (optioneel verlengbaar)
OnderhoudsintervalJaarlijks aanbevolen door vakpersoneel
ReinigingBuitenunit regelmatig vrijmaken van bladeren en sneeuw
VeiligheidsfunctiesOververhittingsbeveiliging, vorstbeveiliging, hogedrukbewaker
ReserveonderdelenOriginele Vaillant reserveonderdelen verkrijgbaar via de vakhandel
ReparatievriendelijkheidModulaire opbouw, veel componenten afzonderlijk vervangbaar
Energie-efficiëntieklasseA+++ (Verwarmen) / A++ (Koelen)

Veelgestelde vragen - aroTHERM plus VWL 105/6 A VAILLANT

Hoe installeer ik de Vaillant aroTHERM plus warmtepomp correct?
De installatie moet worden uitgevoerd door een gecertificeerd installatiebedrijf. De warmtepomp moet op een vlakke fundering in de buitenlucht worden geplaatst. Zorg voor voldoende afstand tot muren en andere objecten om de luchtcirculatie te waarborgen. De hydraulische aansluiting wordt gemaakt op het verwarmingssysteem en de koelmiddelleidingen moeten vakkundig worden aangelegd. Houd u zeker aan de plaatselijke voorschriften en de handleiding van Vaillant.
Welke onderhoudswerkzaamheden zijn vereist?
Jaarlijks moet een inspectie door een vakman plaatsvinden, waarbij het koelmiddelcircuit, de compressor, de ventilatoren en de elektrische componenten worden gecontroleerd. Maak de buitenunit regelmatig vrij van bladeren, vuil en sneeuw. Het filter in het verwarmingscircuit moet elke 6 maanden worden gecontroleerd en indien nodig gereinigd. Een onderhoudscontract met een Vaillant-partner wordt aanbevolen.
Wat te doen bij storingsmelding F.00?
De storingsmelding F.00 duidt op een algemene fout. Schakel de warmtepomp uit en weer in. Blijft de melding bestaan, noteer dan de foutcode en neem contact op met de Vaillant-klantenservice. Probeer geen eigenmachtige reparaties uit te voeren. Vaak is er een probleem met de spanning of de koelmiddeldruk.
Kan de warmtepomp ook koelen?
Ja, de aroTHERM plus VWL 105/6 A is ontworpen als een omkeerbare warmtepomp en kan naast verwarmen ook koelen. Hiervoor wordt de koelkring omgekeerd. Voor de koelbedrijf is een geschikt verwarmingssysteem met koelfunctie (bijv. vloerverwarming) vereist. De bediening gebeurt via het bedieningspaneel of een app.
Hoe hoog is het stroomverbruik tijdens bedrijf?
Het stroomverbruik hangt af van de buitentemperatuur, de gewenste kamertemperatuur en de bedrijfsmodus. Bij een verwarmingsvermogen van 10,5 kW en een COP van 4,7 bedraagt het elektrisch vermogen ongeveer 2,2 kW in verwarmingsmodus. In koelmodus is de COP lager. Een exacte waarde kan worden bepaald met een elektriciteitsmeter.
Is er een vorstbeveiliging geïntegreerd?
Ja, de warmtepomp beschikt over een geïntegreerde vorstbeveiliging. Bij lage buitentemperaturen schakelt de compressor automatisch in om bevriezing van de warmtewisselaar te voorkomen. Daarnaast beschermt een elektrische bijverwarming het systeem tegen bevriezing. De vorstbeveiliging is fabrieksmatig geactiveerd en kan in het menu worden aangepast.
Welk koelmiddel wordt gebruikt?
De Vaillant aroTHERM plus VWL 105/6 A gebruikt het koelmiddel R32 met een aardopwarmingsvermogen (GWP) van 675. R32 is milieuvriendelijker dan oudere koelmiddelen en maakt een hoge efficiëntie mogelijk. De vulling bedraagt ca. 2,5 kg. Werkzaamheden aan het koelmiddelcircuit mogen alleen worden uitgevoerd door gecertificeerde vakmensen.
Hoe luid is de warmtepomp tijdens bedrijf?
Het geluidsdrukniveau van de buitenunit bedraagt ca. 60 dB(A) op 1 meter afstand. Dat is vergelijkbaar met een normaal gesprek. In slaapmodus wordt het geluidsniveau verlaagd tot ongeveer 45 dB(A). Let bij de installatie op dat u de warmtepomp zo ver mogelijk van slaapkamers plaatst.
Waar vind ik de gebruiksaanwijzing als PDF?
De gebruiksaanwijzing voor de Vaillant aroTHERM plus VWL 105/6 A is beschikbaar op de website van Vaillant en op notice-facile.com voor gratis download. U kunt ook direct de link op de productpagina gebruiken. De handleiding omvat 196 pagina's en is beschikbaar in het Nederlands en andere talen.
Wat is de maximale aanvoertemperatuur?
De maximale aanvoertemperatuur van de warmtepomp bedraagt 65 °C (bij een buitentemperatuur van 7 °C). Bij lagere buitentemperaturen daalt de maximale aanvoertemperatuur. Voor hogere temperaturen kan de geïntegreerde elektrische bijverwarming worden ingeschakeld. De aanvoertemperatuur wordt geregeld via de stooklijn.

Gebruikersvragen over aroTHERM plus VWL 105/6 A VAILLANT

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Warmtepomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding aroTHERM plus VWL 105/6 A - VAILLANT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. aroTHERM plus VWL 105/6 A van het merk VAILLANT.

GEBRUIKSAANWIJZING aroTHERM plus VWL 105/6 A VAILLANT

nl Gebruiksaanwijzing

nl Installatie- en onderhoudshandleiding

en Country specifics

Vaillant areTHERM plus

aroTHERM plus

VWL 35/6 A 230V ... VWL 125/6 A

de Betriebsanleitung 3
de Installations- und Wartungsanleitung ..... 12
et Kasutusjuhend 52
et Paigaldus- ja hooldusjuhend 60
It Eksploatacijos instrukcija 97
It |rengimo ir techninės priežiūros instrukcija..... 105
nl Gebruiksaanwijzing 144
nl Installatie- en onderhoudshandleiding...... 153
en Country specifics.... 192

Betriebsanleitung

Inhalt

1 Sicherheit 4

1 Aurusti (soojusvaheti)
4 Kompressor
2 Juhtplaat INSTALLER BOARD
5 Komponent INVERTER
3 Juhtplaat HMU

3.4.3 Komponendid, kompressor
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Inhalt - 1

A Välistemperatuur
B Küttevee temperatuur

A Välistemperatuur
B Küttevee temperatuur

3.9 Sulatusrežiim

1.1 Waarschuwingen bij handelingen.... 145
1.2 Reglementair gebruik.... 145
1.3 Algemene veiligheidsinstructies 145

2 Aanwijzingen bij de documentatie.... 147

2.1 Documenten 147
2.2 Geldigheid van de handleiding 147

3 Productbeschrijving.... 147

3.1 Warmtepompsysteem.... 147
3.2 Beschrijving van het product 147
3.3 Werkwijze van de warmtepomp.... 147
3.4 Systeemscheiding en vorstbeveiliging.... 147
3.5 Opbouw van het product 147
3.6 Typeplaatje en serienummer 148
3.7 Waarschuwingssticker.... 148

5.4 Product uitschakelen 150

6 Onderhoud 150

6.1 Product vrijhouden.... 150

6.2 Product onderhouden 150

6.3 Onderhoud uitvoeren.... 150

7 Verhelpen van storingen.... 150

7.1 Storingen verhelpen.... 150

8 Uitbedrijfname.... 150

8.1 Product tijdelijk buiten bedrijf stellen 150

8.2 Product definitief buiten bedrijf stellen.... 151

9 Recycling en afvoer.... 151

9.1 Koudemiddel laten afvoeren.... 151

Bijlage.... 152

A Verhelpen van storingen.... 152

1 Veiligheid

- het naleven van alle in de handleidingen vermelde inspectie- en onderhoudsvoorwaarden.

1.1 Waarschuwingen bij handelingen

Classificatie van de waarschuwingen bij handelingen

De waarschuwingen bij handelingen zijn als volgt door waarschuwingstekens en signaal- woorden aangaande de ernst van het poteële gevaar ingedeeld: Dit product kan door kinderen vanaf 8 jaar alsook personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale capaciteiten of ge- brek aan ervaring en kennis gebruikt worden, eis ze onder toezicht staan of m.b.t. het vei- lige gebruik van het productie geïnstrueerd werden en de daaruit resulterende gevaren verstaan. Kinderen mogen niet met het pro- duct spelen. Reiniging en onderhoud door de gebruiker mogen niet door kinderen zonder toezicht uitgevoerd worden.

Waarschuwingstekens en signaalwoorden

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Waarschuwingstekens en signaalwoorden - 1

Gevaar!

Direct levensgevaar of gevaar voor ernstig lichamelijk letsel

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gevaar! - 1

Gevaar!

Levensgevaar door een elektrische schok

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gevaar! - 1

Waarschuwing!

Gevaar voor licht lichamelijk letsel

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Waarschuwing! - 1

Opgelet!

Kans op materiële schade of milieu schade

Een ander gebruik dan het in deze handleiding beschreven gebruik of een gebruik dat van het hier beschreven gebruik afwijkt, geldt als niet reglementair. Als niet reglementair gebruik geldt ook ieder direct commercieel of industrieel gebruik.

Attentie!

leder misbruik is verboden.

Er kan bij ondeskundig of oneigenlijk gebruik3. gevaar ontstaan voor lijf en leven van de gebruiker of derden resp. schade aan het product en andere voorwerpen. Het del

Het product is de buitenunit van een lucht naar buiten komt door vermenging met lucht waterwarmtepomp met monoblok-constructie een brandbare atmosfeer vormen. Er bestaat Het product gebruikt de buitenlucht als warm brand- en explosiegevaar.

tebron en kan voor de verwarming van een voor de directe omgeving van het product is woongebouw en voor de warmwaterbereidingen beschermingsbereik gedefinieerd. Zie worden gebruikt. hoofdstuk "Beschermingsbereik".

De lucht die uit het product komt moet vrij kunnen wegstromen, en mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden.

Het product is uitsluitend bedoeld voor de buitenopstelling.

Het product is uitsluitend bestemd voor huis-houdelijk gebruik.

Waarborg dat in het beschermingsbereik zich geen ontstekingsbronnen zoals stopcontacten, lichtschakelaars, lampen, elektrische schakelaars of andere permanente ontstekingsbronnen bevinden.

Gebruik in het beschermingsbereik geen sprays of andere brandbare gassen.

Het reglementaire gebruik houdt in:

- het naleven van de meegeleverde gebruiksaanwijzingen van het product alsook van alle andere componenten van installatie

1.3.2 Levensgevaar door veranderingen aan het product of in de omgeving van het product

de Verwijder, overbrug of blokkeer in geen geval de veiligheidsinrichtingen.

▶ Manipuleer geen veiligheidsinrichtingen.

1 Veiligheid

- Vernietig of verwijder geen verzegelingen van componenten.

▶ Breng geen veranderingen aan:

  • aan het product
  • aan de toevoerleidingen
  • aan de afvoerleiding
  • aan het overstortventiel voor het warmtebroncircuit
  • aan bouwconstructies die de gebruiks-veiligheid van het product kunnen beïnvloeden

1.3.3 Verwondingsgevaar en gevaar voor materiële schade door ondeskundig of niet-uitgevoerd onderhoud en ondeskundige of niet-uitgevoerde reparatie

▶ Probeer nooit om zelf onderhoudswerk of reparaties aan uw product uit te voeren.
- Laat storingen en schade onmiddellijk door een installateur verhelpen.
- Neem de opgegeven onderhoudsintervalen in acht.

1.3.4 Gevaar voor materiële schade door vorst

  • Zorg ervoor dat de CV-installatie bij vorst in elk geval in gebruik blijft en alle vertrekken voldoende getempereerd zijn.
  • Als u het bedrijf niet kunt garanderen, dan laat u een installateur de CV-installatie legen.

1.3.5 Gevaar door foute bediening

Door foute bediening kunt u zichzelf en anderen in gevaar brengen en materiële schade veroorzaken.

  • Lees deze handleiding en alle andere documenten die van toepassing zijn zorgvuldig, vooral het hoofdstuk "Veiligheid" en de waarschuwingen.
  • Voer alleen de werkzaamheden uit waarover deze gebruiksaanwijzing aanwijzingen geeft.

Aanwijzingen bij de documentatie 2

2 Aanwijzingen bij de documentatie

2.1 Documenten

▶ Neem absoluut alle gebruiksaanwijzingen die bij de componenten van de installatie worden meegeleverd in ac8t3
Bewaar deze handleiding alsook alle documenten die van toepassing zijn voor het verdere gebruik. De warmtepomp bezit een gesloten koudemiddelcircuit waarin een koudemiddel circuleert.
e De warmtepomp bezit een gesloten koudemiddelcircuit waarin een koudemiddel circuleert.

2.2 Geldigheid van de handleiding

Deze handleiding geldt uitsluitend voor:

Product
VWL 35/6 A 230V
VWL 55/6 A 230V
VWL 65/6 A 230V
VWL 75/6 A 230V
VWL 105/6 A 230V
VWL 105/6 A
VWL 125/6 A 230V
VWL 125/6 A

3.2 Beschrijving van het product

Het product is de buitenunit van een lucht-waterwarmtepomp met monoblok-technologie.

c8t3 Werkwijze van de warmtepomp

Door cyclische verdamping, compressie, condensatie en expansie wordt warmte-energie van de omgeving opgenomen en aan het gebouw afgegeven. In het koelbedrijf wordt aan het gebouw warmte-energie onttrokken en aan de omgeving afgegeven.

3.4 Systeemscheiding en vorstbeveiliging

Bij een systeemscheiding is een tussenwarmtewisselaar in de binnenunit opgenomen. Deze scheidt het CV-circuit in een primair CV-circuit (naar de buitenunit) en een secundair CV-circuit (in het gebouw).

Wanneer het primaire CV-circuit met een water-vorstbeschermings-mengsel (brijn) is gevuld, dan is de buitenunit tegen bevriezing beschermd, ook wanneer deze elektrisch is uitgeschakeld of in geval van uitval van de voedingsspanning.

3 Productbeschrijving

3.1 Warmtepompsysteem

Voorbeeldopbouw van een warmtepompsysteem met mono-blok-technologie:

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Warmtepompsysteem - 1

1 Warmtepomp | buiten-unit
2 eBUS-leiding
3 Systeemthermostaat (optioneel)

4 Thermostaat van de binnenunit
5 Warmtepomp | binnen-unit
6 CV circuit

3.5 Opbouw van het product

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Opbouw van het product - 1

1 Luchtinlaatrooster

3 Luchtuitlaatrooster

2 Typeplaatje

3.6 Typeplaatje en serienummer

Het typeplaatje bevindt zich aan de rechter buitenkant van het product.

Op het typeplaatje bevinden zich de nomenclatuur en het serienummer.

3.7 Waarschuwingssticker

Op het product zijn op meerdere plekken veiligheidsrelevante waarschuwingsstickers aangebracht. Op de waarschuwingsstickers staan de gedragsregels voor het koudemiddel R290. De waarschuwingsstickers mogen niet worden verwijderd.

Symbool Betekenis
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Waarschuwingssticker - 1Waarschuwing voor brandgevaarlijke stoffen in combinatie met het koudemiddel R290.
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Waarschuwingssticker - 2Vuur, open vuur en roken verboden.
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Waarschuwingssticker - 3Service-instructie, technische handleiding lezen.

Het product bevat het koudemiddel R290. Let erop, dat koudemiddel een hogere dichtheid als lucht heeft en dat een lekkage ontsnappende koudemiddel zich op de vloer kan verzamelen.

Het koudemiddel mag zich niet op zo'n manier ophopen een gevaarlijke, explosieve, verstikkende of toxische atmosfeer kan ontstaan. Het koudemiddel mag niet via gebouw-OPENingen in het gebouw terechtkomen. Het koudemiddel mag zich niet in verdiepingen ophopen. Het koudemiddel mag niet in het rioleringssysteem komen.

Rondom het product is een beschermingsbereik gedefini- eerd. In het beschermingsbereik mogen zich geen venste deuren, ventilatieopeningen, lichtschachten, dakramen of ventilatieopeningen bevinden.

Ventilatieopeningen moeten worden gezien als openingen B het gebouw in. Vermeden moet worden, dat koudemiddel in het gebouw terechtkomt.

In het beschermingsbereik mogen zich geen ontstekingsbronnen zoals stopcontacten, lichtschakelaars, lampen, elektrische schakelaars of andere permanente ontstekingsbronnen bevinden.

Het beschermingsbereik mag zich niet uitstrekken naar naastgelegen percelen of openbare verkeersoppervlakken.

In het beschermingsbereik mogen geen bouwkundige wijzigingen worden aangebracht, die de vermelde regels voor het beschermingsbereik schenden.

4.1.1 Beschermingsbereik, bij bodemopstelling, op het perceel

t u- el rj- A

A 1000 mm

4.1.2 Beschermingsbereik, bij bodemopstelling, voor een gebouwwand

dit bij dat s- rs,

A 2100 mm
C 200 mm / 250 mm
B 3100 mm
D 1000 mm

4.1.3 Beschermingsbereik, bij vloeropstelling, in een gebouwhoek

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschermingsbereik, bij vloeropstelling, in een gebouwhoek - 1

4.1.5 Beschermingsbereik, bij wandmontage, in een gebouwhoek

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschermingsbereik, bij wandmontage, in een gebouwhoek - 1

4.1.4 Beschermingsbereik, bij wandmontage, voor een gebouwwand

A B C D

A 2100 mm

C 200/250 mm

B 3100 mm

D 1000 mm

4.1.6 Beschermingsbereik, bij platdakmontage

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschermingsbereik, bij platdakmontage - 1

▶ Schakel in het gebouw alle scheidingsschakelaars (ze- keringen, installatieautomaat) in die met het product zijn verbonden.

5.2 Product bedienen

De thermostaat van de binnenunit geeft informatie over bedrijfstoestand, dient voor de instelling van parameters het verhelpen van storingen.

▶ Ga naar de binnenunit. Neem de gebruiksaanwijzing acht.

Voorwaarde: Systeemthermostaat aanwezig

De systeemthermostaat regelt de CV-installatie en de warm waterbereiding van een aangesloten boiler.

▶ Ga naar de systeemthermostaat. Neem de gebruiksaanwijzing in acht.

5.3 Vorstbeveiliging tot stand brengen

  1. Wanneer geen systeemscheiding aanwezig is, die de vorstbeveiliging waarborgt, zorg er dan voor, dat het product is ingeschakeld en ingeschakeld blijft.

  2. Zorg ervoor dat zich geen sneeuw in de omgeving van de luchtinlaat en luchtuitlaat verzamelt.

5.4 Product uitschakelen

  1. Schakel in het gebouw alle scheidingsschakelaars (zekeringen, installatieautomaat) uit die met het product zijn verbonden.
  2. Houd er rekening mee, dat op deze manier geen vorstbeveiliging meer is gewaarborgd, voor zover geen systeemscheiding aanwezig is, die de vorstbeveiliging garandeert.

6 Onderhoud

6.1 Product vrijhouden

  1. Verwijder regelmatig takken en bladeren die zich rond het product hebben verzameld.
  2. Verwijder regelmatig bladeren en vuil aan het ventilatie-rooster onder het product.
  3. Verwijder regelmatig sneeuw van het luchtinlaatrooster en van het luchtuitlaatrooster.
  4. Verwijder regelmatig sneeuw die zich rond het produc heeft verzameld.

6.2 Product onderhouden

▶ Reinig de mantel met een vochtige doek en een beetje oplosmiddelvrije zeep.

Gebruik geen sprays, geen schuurmiddelen, afwasmid- zijn delen, oplosmiddel- of chloorhoudende reinigingsmidde- len.

6.3 Onderhoud uitvoeren

deoor de continue inzetbaarheid en gebruiksveiligheid, beemouwbaarheid en lange levensduur van het product zijn een jaarlijkse inspectie en een jaarlijks onderhoud van het product door de installateur noodzakelijk. Afhankelijk van de resultaten van de inspectie kan een vroeger onderhoud nodig zijn.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Onderhoud uitvoeren - 1

Gevaar!

Verwondingsgevaar en gevaar voor materiële schade als gevolg van niet uitgevoerd of ondeskundig onderhoud en reparatie!

Door niet uitgevoerde of ondeskundige onderhoudswerkzaamheden of reparaties kunnen personen gewond raken of kan het product beschadigd worden.

▶ Probeer nooit om zelf onderhoudswerkzaamheden of reparaties aan uw product uit te voeren.
- Geef daartoe opdracht aan een erkend installateur. We raden u aan om een onderhoudscontract af te sluiten.

Schakel een installateur in.

7 Verhelpen van storingen

7.1 Storingen verhelpen

Als een storing optreedt gebruikt u de tabel Verhelpen van storingen in de bijlage.

Neem contact op met een installateur als de beschreven maatregel niet tot succes leidt.

8 Uitbedrijfname

8.1 Product tijdelijk buiten bedrijf stellen

▶ Schakel het product uit. Bescherm de CV-installatie te-gen vorst, bijvoorbeeld door het legen van de CV-installa-tie.

8.2 Product definitief buiten bedrijf stellen

▶ Laat het product door een installateur definitief buiten bedrijf stellen.

9 Recycling en afvoer

▶ Laat de verpakking door de installateur afvoeren die het product geïnstalleerd heeft.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Recycling en afvoer - 1

Als het product met dit teken is aangeduid:

▶ Gooi het product in dat geval niet met het huisvuil weg.
▶ Geeft het product in plaats daarvan af bij een inzamelpunt voor oude elektrische of elektronische apparaten.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Recycling en afvoer - 2

Als het product batterijen bevat die met dit teken gekenmerkt zijn, kunnen de batterijen substanties bevatten die schadelijk zijn voor gezondheid en milieu.

- Breng de batterijen in dat geval naar een inzamelpunt voor batterijen.

9.1 Koudemiddel laten afvoeren

Het product is met het koudemiddel R290 gevuld.

▶ Laat het koudemiddel alleen door een geautoriseerde installateur afvoeren.
▶ Neem de algemene veiligheidsvoorschriften in acht.

Bijlage

Bijlage

A Verhelpen van storingen

Storing Mogelijke oorzaakInformatie / maatregel
Het product werkt niet meer.Stroomvoorziening tijdelijk onderbroken.Als de stroomvoorziening opnieuw tot stand is gebracht, treedt het duct automatisch in werking.
Stroomvoorziening permanent onderbroken.Breng uw installateur op de hoogte.
Dampsliert aan het product.Ontdooiproces bij hoge luchtvochtigheid.Dit is een normaal effect.

Installatie- en onderhoudshandleiding

Inhoudsopgave

1 Veiligheid.... 155

1.1 Waarschuwingen bij handelingen.... 155
1.2 Reglementair gebruik.... 155
1.3 Algemene veiligheidsinstructies 155
1.4 Voorschriften (richtlijnen, wetten, normen) ..... 156

2 Aanwijzingen bij de documentatie.... 157

2.1 Documenten 157
2.2 Geldigheid van de handleiding 157
2.3 Verdere informatie 157

3 Productbeschrijving.... 157

3.1 Warmtepompsysteem.... 157
3.2 Beschrijving van het product 157
3.3 Werkwijze van de warmtepomp.... 157
3.4 Opbouw van het product 158
3.5 Gegevens op het kenplaatje.... 159
3.6 Waarschuwingssticker.... 160
3.7 CE-markering.... 160
3.8 Toepassingsgrenzen 160
3.9 Ontdooimodus 161
3.10 Veiligheidsinrichtingen.... 161

4.1 Beschermingsbereik 161
4.2 Veilige uitvoering van de condensafvoer...... 163

5 Montage.... 163

5.1 Leveringsomvang controleren 163
5.2 Product transporteren.... 164
5.3 Afmetingen.... 164
5.4 Minimumafstanden in acht nemen.... 165
5.5 Voorwaarden voor het montagetype 165
5.6 Opstelplaats kiezen 165
5.7 Montage en installatie voorbereiden.... 167
5.8 Bodemopstelling 167
5.9 Wandmontage 167
5.10 Montage op een plat dak 168

6 Hydraulische installatie.... 168

6.1 Installatiemethode directe verbinding of systeemscheiding 168
6.2 Waarborging van de minimale circulatiewaterhoeveelheid 168
6.3 Vereisten aan hydraulische componenten ..... 168
6.4 Hydraulische installatie voorbereiden.... 168
6.5 Buisleidingen naar product installeren.... 169
6.6 Buisleidingen op het product aansluiten...... 169
6.7 Hydraulische installatie afsluiten 169
6.8 Optie: product op een zwembad aansluiten ..... 170

7 Elektrische installatie.... 170

7.1 Elektrische installatie voorbereiden 170
7.2 Vereisten aan de netspanningskwaliteit ..... 170

7.3 Vereisten aan elektrische componenten ..... 170
7.4 Elektrische scheidingsinrichting.... 170
7.5 Componenten voor functie blokkering energiebedrijf installeren 170
7.6 Afdekking van de elektrische aansluitingen demonteren.... 171
7.7 Elektrische leiding afstrippen.... 171
7.8 Stroomvoorziening tot stand brengen, 1\~/230V 171
7.9 Stroomvoorziening tot stand brengen, 3\~/400V 172
7.10 eBUS-leiding aansluiten 172
7.11 Maximaalthermostaat aansluiten.... 172
7.12 Toebehoren aansluiten.... 173
7.13 Afdekking van de elektrische aansluitingen monteren.... 173

8 Ingebruikname 173

8.1 Vóór het inschakelen controleren 173
8.2 Product inschakelen 173
8.3 Verwarmingswater/vul- en bijvulwater controleren en conditioneren .... 173
8.4 CV-circuit vullen en ontluchten.... 174
8.5 Beschikbare restopvoerdruk.... 174

9 Aanpassing aan de installatie 174

9.1 Instellingen aan de thermostaat van de binnenunit aanpassen 174

10 Overdracht aan de gebruiker.... 174

10.1 Gebruiker instrueren.... 174
11 Verhelpen van storingen.... 175
11.1 Foutmeldingen.... 175
11.2 Andere storingen 175

12 Inspectie en onderhoud 175

12.1 Inspectie en onderhoud voorbereiden 175
12.2 Werkschema en intervallen in acht nemen..... 175
12.3 Reserveonderdelen aankopen 175
12.4 Manteldelen demonteren.... 175
12.5 Beschermingsbereik controleren 176
12.6 Ontluchtingsklep sluiten.... 176
12.7 Product reinigen.... 177
12.8 Verdamper, ventilator en condensafvoer controleren.... 177
12.9 Koelmiddelcircuit controlleren 177
12.10 Koudemiddelcircuit op dichtheid controlleren..... 177
12.11 Elektrische aansluitingen en elektrische leidingen controleren 177
12.12 Kleine dempingsvoeten op slijtage controleren.... 178
12.13 Inspectie en onderhoud afsluiten.... 178
12.14 Manteldelen monteren.... 178
13 Reparatie en service.... 178
13.1 Reparatie- en servicewerkzaamheden aan het koudecircuit voorbereiden 178
13.2 Koudemiddel uit het product verwijderen ..... 179

Inhoudsopgave

13.3 Component van het koudemiddelcircuit demonteren/monteren 179
13.4 Product met koudemiddel vullen 179
13.5 Reparatie- en servicewerkzaamheden afsluiten 180
14 Uitbedrijfname.... 180
14.1 Product tijdelijk buiten bedrijf stellen 180
14.2 Product definitief buiten bedrijf stellen.... 180
15 Recycling en afvoer.... 181

Bijlage.... 182

A Functieschema.... 182
B Veiligheidsinrichtingen 183
C Aansluitschema 184

C.1 Aansluitschema, stroomvoorziening, 1\~/230V 184
C.2 Aansluitschema, stroomvoorziening, 3\~/400V 185
C.3 Aansluitschema, sensoren en actoren 186
D Inspectie- en onderhoudswerkzaamhe- den 187
E Technische gegevens 187

1 Veiligheid

- het naleven van alle in de handleidingen vermelde inspectie- en onderhoudsvoorwaarden.

1.1 Waarschuwingen bij handelingen

Classificatie van de waarschuwingen bij handelingen

De waarschuwingen bij handelingen zijn als volgt door waarschuwingstekens en signaal- woorden aangaande de ernst van het pote-ële gevaar ingedeeld:

Het gebruik volgens de voorschriften omvat bovendien de installatie conform de IP-code.

Een ander gebruik dan het in deze handleiding beschreven gebruik of een gebruik dat van het hier beschreven gebruik afwijkt, geldt als niet reglementair. Als niet reglementair gebruik geldt ook ieder direct commercieel of industrieel gebruik.

Waarschuwingstekens en signaalwoorden

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Waarschuwingstekens en signaalwoorden - 1

Gevaar!

Direct levensgevaar of gevaar voor ernstig lichamelijk letsel

Attentie!

leder misbruik is verboden.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Attentie! - 1

Gevaar!

Levensgevaar door een elektrische schok

1.3 Algemene veiligheidsinstructies

1.3.1 Gevaar door ontoereikende kwalificatie

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gevaar door ontoereikende kwalificatie - 1

Waarschuwing!

Gevaar voor licht lichamelijk letsel

De volgende werkzaamheden mogen alleen vakmannen met voldoende kwalificaties uit- yoeren:

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Waarschuwing! - 1

Opgelet!

Kans op materiële schade of milieu schade

- Montage

- Demontage

- Installatie

Er kan bij ondeskundig of oneigenlijk gebruikgebruikname gevaar ontstaan voor lijf en leven van de ge- bruiker of derden resp. schade aan het pro- duct en andere voorwerpen. Inspectie en onderhoud -Reparatie

Het product is de buitenunit van een lucht- waterwarmtepomp met monoblok-constructie. Ga te werk conform de actuele stand der techniek.

Het product gebruikt de buitenlucht als warm tebron en kan voor de verwarming van een woongebouw en voor de warmwaterbereiding worden gebruikt.

e1.3.2 Gevaar door ng ontoereikende kwalificatie voor het koudemiddel R290

De lucht die uit het product komt moet vr kunnen wegstromen, en mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden.

Het product is uitsluitend bedoeld voor de buitenopstelling.

Het product is uitsluitend bestemd voor hu houdelijk gebruik.

Het reglementaire gebruik houdt in:

Elke handeling, waarvoor het openen van het apparaat nodig is, mag alleen door deskundige personen worden uitgevoerd, die over voldoende kennis van de bijzondere eigenschappen en gevaren van het koudemiddel R290 beschikken.

Voor werkzaamheden aan het koudemiddel- circuit is bovendien specifieke koudemiddel- technische vakkennis noodzakelijk, conform

- het naleven van de bijgevoegde gebruiks-de lokale wetgeving. Dit omvat ook specifieke installatie- en onderhoudshandleidingen vakkennis over de omgang met brandbare van het product en van alle andere compodemiddelen, de bijbehorende gereednenten van de installatie schappen en de benodigde beschermings- - de installatie en montage conform de prouitrusting. duct- en systeemvergunning

1 Veiligheid

- Neem de overeenkomstige plaatselijke wetten en voorschriften in acht.

1.3.3 Levensgevaar door een elektrische schok

Als u spanningsvoerende componenten aanraakt, bestaat levensgevaar door elektrische schok.

Voor u aan het product werkt:

  • Schakel het product spanningsvrij door alle stroomvoorzieningen alpolig uit te schakelen (elektrische scheidingsinrichting met minstens 3 mm contactopening, bijv. zeker-ing of leidingbeveiligingsschakelaar).
    ▶ Beveilig tegen herinschakelen.
  • Wacht minstens 3 min tot de condensato-ren ontladen zijn.
  • Controleer op spanningvrijheid.

ging met lucht een brandbare atmosfeer vormen. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

  • Voer de werkzaamheden alleen uit, als u deskundig bent in de omgang met het koudemiddel R290.
    Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en neem een brandblusser mee.
  • Gebruik alleen gereedschappen en apparaten, die toegelaten zijn voor het koude-middel R290 en in optimale toestand zijn.
    Zorg ervoor dat geen lucht in het koudemiddelcircuit, in gereedschappen of apparaten met koudemiddel, of in de koudemiddelfles komt.

1.3.6 Levensgevaar door ontbrekende to- veiligheidsinrichtingen

De in dit document opgenomen schema's ge-ven niet alle voor een deskundige installatie vereiste veiligheidsinrichtingen weer.

1.3.4 Levensgevaar door brand of explosie bij lekkage in het koudemiddelcircuit

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Bij lekkage kan koudemiddel dat naar buiten komt door vermenging met lucht een brandbare atmosfeer vormen. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

Voor de directe omgeving van het product is een beschermingsbereik gedefinieerd. Zie hoofdstuk "Beschermingsbereik". Aa

  • Als u aan het geopende product werkt, so moet u voor aanvang van de werkzaamne den met een gaslekdetector ervoor zorgen, dat er geen lekkage aanwezig is.
  • De gaslekdetector mag geen ontstekingsbron zijn. De gaslekdetector moet op het koudemiddel R290 zijn gekalibreerd en op ≤ 25% van de onderste explosiegrens zijn ingesteld.
  • Houd ontstekingsbronnen op afstand van righ het beschermingsbereik. Met name open aan vuur, hete oppervlakken met meer dan 370 °C, niet-ontstekingsbronvrije elektrische apparaten of gereedschappen, statische ontladingen.

Installeer de nodige veiligheidsinrichtingen in de installatie.

Neem de betreffende nationale en internationale wetten, normen en richtlijnen in acht.

1.3.7 Verbrandings- en bevriezingsgevaar IS door hete en koude componenten

Aan sommige componenten, bijv. aan ongeïsoleerde buisleidingen, is er gevaar voor verbranding en bevriezing.

Ga pas met de componenten aan het werk wanneer deze de omgevingstemperatuur hebben bereikt.

1.4 Voorschriften (richtlijnen, wetten, normen)

- Neem de nationale voorschriften, normen, richtlijnen, verordeningen en wetten in acht.

1.3.5 Levensgevaar door brand of explosie bij het verwijderen van koudemiddel

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Het koudemiddel kan door vermen-

2 Aanwijzingen bij de documentatie

2.1 Documenten

Neem absoluut alle bedienings- en installatiehandleidingen die bij de componenten van de installatie worden meegeleverd in acht.
▶ Gelieve deze handleiding alsook alle aanvullend geldende documenten aan de gebruiker van de installatie te geven.

2.2 Geldigheid van de handleiding

Deze handleiding geldt uitsluitend voor:

Product
VWL 35/6 A 230V
VWL 55/6 A 230V
VWL 65/6 A 230V
VWL 75/6 A 230V
VWL 105/6 A 230V
VWL 105/6 A
VWL 125/6 A 230V
VWL 125/6 A

2.3 Verdere informatie

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Verdere informatie - 1

▶ Scan de weergegeven code met uw smartphone om meer informatie over de installatie te ontvangen. ◀ U wordt naar installatievideo's geleid.

3 Productbeschrijving

3.1 Warmtepompsysteem

Voorbeeldopbouw van een warmtepompsysteem met mono-blok-technologie:

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Warmtepompsysteem - 1

1 Warmtepomp, buiten-unit
2 eBUS-leiding
3 Systeemthermostaat (optioneel)

4 Thermostaat van de binnenunit

3.2 Beschrijving van het product

Het product is de buitenunit van een lucht-waterwarmtepomp met monoblok-technologie.

3.3 Werkwijze van de warmtepomp

De warmtepomp bezit een gesloten koudemiddelcircuit waarin een koudemiddel circuleert.

Door cyclische verdamping, compressie, condensatie en expansie wordt in het CV-bedrijf warmte-energie van de omgeving opgenomen en aan het gebouw afgegeven. In het koelbedrijf wordt aan het gebouw warmte-energie onttrokken en aan de omgeving afgegeven.

3.3.1 Werkingsprincipe, CV-bedrijf

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Werkingsprincipe, CV-bedrijf - 1

flowchart
graph TD
    A["Sun"] --> B["①"]
    B --> C["②"]
    C --> D["③"]
    D --> E["④"]
    E --> F["⑤"]
    F --> G["⑥"]
    G --> H["House"]
    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style H fill:#bbf,stroke:#333

1 Condensor (warmtewisselaar)
2 Vierwegomschakelklep
3 Ventilator

4 Compressor
5 Expansieventiel
6 Condensor (warmtewis- selaar)

3 Productbeschrijving

3.3.2 Werkingsprincipe, koelbedrijf

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Werkingsprincipe, koelbedrijf - 1

flowchart
graph TD
    A["Sun"] --> B["①"]
    B --> C["②"]
    C --> D["③"]
    D --> E["④"]
    E --> F["⑤"]
    F --> G["⑥"]
    G --> H["House"]
    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style H fill:#ccf,stroke:#333

1 Condensor (warmtewisselaar)

4 Compressor

2 Vierwegomschakelklep

5 Expansieventiel

3 Ventilator

6 Condensor (warmtewis- selaar)

3.3.3 Fluisterbedrijf

3.4.1 Componenten, toestel, vooraan

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Componenten, toestel, vooraan - 1

2 Printplaat INSTALLER BOARD

5 Bouwgroep INVERTER

6 Ventilator

Voor het product kan de fluistermodus worden geactiveerd. Printplaat HMU

In de fluistermodus is het product stiller in vergelijking met

het normale bedrijf, wat door een beperkt compressortoeren

tal en een aangepast ventilatortoerental wordt bereikt.

3.4.2 Componenten, toestel, achteraan

3.4 Opbouw van het product

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Opbouw van het product - 1

1 Luchtuitlaatrooster

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Opbouw van het product - 2

1 Temperatuursensor, aan de luchtinlaat

4 Aansluiting voor CV-retourleiding

2 Luchtinlaatrooster

5 Afdekking, elektrische aansluitingen

3 Aansluiting voor CV- aanvoerleiding

3.4.3 Componenten, compressor

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Componenten, compressor - 1

1 Snelontluchter
2 Druksensor, in CV-circuit
3 Filter
4 Condensor (warmtewis- selaar)
5 CV-pomp
6 Drukbewaker, in het hogedrukbereik

7 Onderhoudsaansluiting, in het hogedrukbereik
8 Compressor, gekapseld
9 Druksensor, in het hogedrukbereik
10 Onderhoudsaansluiting, in het lagedrukbereik
11 Elektronisch expansie-ventiel
12 Vierwegomschakelklep

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Componenten, compressor - 2

1 Filter
2 Druksensor, in het lagedrukbereik
3 Koudemiddelafscheider
4 Koudemiddelverzame- laar

5 Aansluiting voor CV- aanvoerleiding
6 Aansluiting voor CV-retourleiding
7 Doorstromingssensor
8 Temperatuursensor, aan de verdamper

3.5 Gegevens op het kenplaatje

Het typeplaatje bevindt zich aan de rechter buitenkant van het product.

Een tweede typeplaatje bevindt zich binnenin het product. Het wordt zichtbaar als het bekledingsdeksel wordt gedemonteerd.

Informatie Betekenis
Serie-nr. Uniek toestelidentificatienummer
Termino-logieVWL Vaillant,warmtepomp, lucht
3, 5, 6, 7, 10CV-vermogen in kW
12
5 CV-bedrijf of koelbedrijf
/6 Toestelgeneratie
ABuiteneenheid
230VElektrische aansluiting:230V: 1~/N/PE 230 VZonder opgave: 3~/N/PE 400 V
IPVeiligheidscategorie
Symbo-lenCompressor
Thermostaat

3 Productbeschrijving

Informatie Betekenis
SymbolenVAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Productbeschrijving - 1Koelmiddelcircuit
P max Ontwerpvermogen, maximaal
I max Ontwerpstroom, maximaal
I Aanloopstroom
Koelmid-delcircuitMPa (bar) Toegestane bedrijfsdruk (relatief)
R290 Koudemiddel, type
GWP Koudemiddel, Global Warming Potential
kg Koudemiddel, vulhoeveelheid
t CO2Koudemiddel, CQ-equivalent
CV-ver-mogen, koelver-mogenAx/Wxx Luchtinlaattemperatuur xx °C en CV-aanvoertemperatuur xx °C
COP /Rendement (Coefficient of Perfor-mance) en CV-vermogen
EER /Energierendement (Energy Effici-ency Ratio) en koelvermogen

3.6 Waarschuwingssticker

Op het product zijn op meerdere plekken veiligheidsrelevante waarschuwingsstickers aangebracht. Op de waarschuwingsstickers staan de gedragsregels voor het koudemiddel R290. De waarschuwingsstickers mogen niet worden verwijderd.

3.8 Toepassingsgrenzen

Het product werkt tussen een minimale en maximale buitentemperatuur. Deze buitentemperaturen definiëren de gebruiksgrenzen voor het CV-bedrijf, de warmwaterbereiding en het koelbedrijf. Het bedrijf buiten de gebruiksgrenzen leidt tot het uitschakelen van het product.

3.8.1 Gebruiksgrenzen, CV-functie

In het CV-bedrijf werkt het product bij buitentemperaturen van -25 °C tot 43 °C.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gebruiksgrenzen, CV-functie - 1

area | X-Axis | Area 1 (B) | Area 2 (B) | |---|---|---| | -25 | 50 | 30 | | -20 | 60 | 28 | | 0 | 75 | 25 | | 20 | 75 | 20 | | 45 | 45 | 10 |

Buitentemp. Offset

1 Gebruiksgrenzen, CV-functie

Verwarmingswatertem- peratuur

2 Toepassingsgebied conform EN 14511

Symbool Betekenis
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gebruiksgrenzen, CV-functie - 2K290Waarschuwing voor brandgevaarlijke stoffen in combinatie met het koudemiddel R290.
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gebruiksgrenzen, CV-functie - 3Vuur, open vuur en roken verboden.
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gebruiksgrenzen, CV-functie - 4Service-instructie, technische handleiding lezen.

3.8.2 Gebruiksgrenzen, warmwaterbereiding

Bij de warmwaterbereiding werkt het product bij buitentemperaturen van -20 °C tot 43 °C.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gebruiksgrenzen, warmwaterbereiding - 1

area | A | B | |---|---| | -20 | 55 | | 0 | 75 | | 20 | 75 | | 50 | 55 |

A Buitentemp. Offset

B Verwarmingswatertemperatuur

3.7 CE-markering

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - CE-markering - 1

Met de CE-markering wordt aangegeven dat de producten conform de conformiteitsverklaring aan de fundamentele eisen van de desbetreffende richtlijnen voldoen:.

De conformiteitsverklaring kan bij de fabrikant geraadpleegd worden.

3.8.3 Gebruiksgrenzen, koelwerking

In het koelbedrijf werkt het product bij buitentemperaturen van 15 °C tot 46 °C.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Gebruiksgrenzen, koelwerking - 1

line | X-Axis | Y-Axis | |---|---| | 30201539404550 | 25 | | 30201539404550 | 7 |

A Buitentemp. Offset B Verwarmingswatertemperatuur

ling uitgevoerd. Als de druk boven 0,7 bar komt wordt de storing weer teruggezet.

De circulatiewaterhoeveelheid van het CV-circuit wordt door een doorstromingssensor bewaakt. Als bij een warmtevraag bij lopende circulatiepomp geen doorstroming wordt herkend, dan treedt de compressor niet in werking.

Als de CV-watertemperatuur onder 4 °C daalt, dan wordt automatisch de vorstbeveiligingsfunctie van het product geactiveerd door de CV-pomp te starten.

Het product bevat het koudemiddel R290. Let erop, dat dit koudemiddel een hogere dichtheid als lucht heeft en dat bij een lekkage ontsnappende koudemiddel zich op de vloer kan verzamelen.

3.9 Ontdooimodus

Bij buitentemperaturen onder 5 °C kan dauwwater aan de la- mellen van de verdamper bevriezen en kan zich rijp vormen. De rijp wordt automatisch herkend en met bepaalde intervalen automatisch ontdooid. Het koudemiddel mag zich niet op zo'n manier ophopen dat een gevaarlijke, explosieve, verstikkende of toxische atmos- teer kan ontstaan. Het koudemiddel mag niet via gebouw- openingen in het gebouw terechtkomen. Het koudemiddel mag zich niet in verdieningen onhopen. Het koudemiddel
De ontdooing gebeurt met een koudecircuitomkering tij- mag niet in het rioleringssysteem komen. dens het bedrijf van de warmtepomp. De hiervoor benodigde warmte-energie wordt aan de CV-installatie ontnomen. Rondom het product is een beschermingsbereik gedefini- oord. In het beschermingsbereik magen zich geen vonsters
Een correcte ontdooibedrijf wordt alleen mogelijk gemaakt deuren, ventilatieopeningen, lichtschachten, dakramen of als een minimumhoeveelheid CV-water in de CV-installatieventilatieopeningen bevinden.
circuleert:

Product Geactiveerde hulp-verwarming, CV-watertemperatuur > 25°CGedeactiveerde hulpverwarming, CV-watertemperatuur > 15°C
VWL 35/6 en VWL 55/615 liter 40 liter
VWL 65/6 en VWL 75/620 liter 55 liter
VWL 105/6 en VWL 125/645 liter 150 liter

Ventilatieopeningen moeten worden gezien als openingen het gebouw in. Vermeden moet worden, dat koudemiddel in het gebouw terechtkomt.

In het beschermingsbereik mogen zich geen ontstekingsbronnen zoals stopcontacten, lichtschakelaars, lampen, elektrische schakelaars of andere permanente ontstekingsbronnen bevinden.

Het beschermingsbereik mag zich niet uitstrekken naar naastgelegen percelen of openbare verkeersoppervlakken.

In het beschermingsbereik mogen geen bouwkundige wijzigingen worden aangebracht, die de vermelde regels voor het beschermingsbereik schenden.

3.10 Veiligheidsinrichtingen

Het product is met technische veiligheidsinrichtingen uitge4.1.1 Beschermingsbereik, bij bodemopstelling, rust. Zie afbeelding veiligheidsinrichtingen (→ Pagina 183).

Als de druk in het koudemiddelcircuit de maximumdruk van 3,15 MPa (31,5 bar) overschrijdt, dan schakelt de drukbewaker het product tijdelijk uit. Na een wachttijd vindt een nieuwe startpoging plaats. Na drie mislukte startpogingen na elkaar wordt een foutmelding weergegeven.

Als het product uitgeschakeld wordt, dan wordt de verwarming van de carterbehuizing bij een compressoruitlaattemperatuur van 7 °C ingeschakeld om mogelijke schade bij herinschakelen te verhinderen.

Als de compressorinlaattemperatuur en compressoruitlaat-temperatuur onder -15 °C liggen, dan gaat de compressor niet in werking.

Beschermingsbereik, bij bodemopstelling, op het perceel

an wa- ieuwe ar r- het or

Als de gemeten temperatuur aan de compressoruitlaat hoger 1000 mm

is dan de toegestane temperatuur, dan wordt de compressor

uitgeschakeld. De toegestane temperatuur is afhankelijk van de verdampings- en condensatietemperatuur.

De druk in het CV-circuit wordt met een druksensor bewaakt.

Als de druk onder 0,5 bar komt wordt een storingsuitschake-

4.1.2 Beschermingsbereik, bij bodemopstelling, voor een gebouwwand

E 1000 mm

G 1800 mm

F 500 mm

A B C D

A 2100 mm

C 200 mm / 250 mm

B 3100 mm

D 1000 mm

De maat C is de minimale afstand, die tot de wand moet worden aangehouden (→ minimumafstanden aanhouden).

4.1.3 Beschermingsbereik, bij vloeropstelling, in een gebouwhoek

Weergegeven is de rechter gebouwhoek. De maten C en D zijn de minimumafstanden, die tot de wand moeten worden aangehouden (→minimumafstanden aanhouden). Bij de linker gebouwhoek varieert de maat D.

4.1.4 Beschermingsbereik, bij wandmontage, voor een gebouwwand

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschermingsbereik, bij wandmontage, voor een gebouwwand - 1

De maat C is de minimale afstand, die tot de wand moet worden aangehouden (→ minimumafstanden aanhouden).

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschermingsbereik, bij wandmontage, voor een gebouwwand - 2

4.1.5 Beschermingsbereik, bij wandmontage, in een gebouwhoek

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschermingsbereik, bij wandmontage, in een gebouwhoek - 1

4.2 Veilige uitvoering van de condensafvoer

Het product bevat het koudemiddel R290. Bij lekkage kan koudemiddel dat naar buiten komt via de condensafvoer in de ondergrond komen.

Bij vloeropstelling moet de condens via een valpijp in een grindbed worden afgevoerd, dat in het vorstvrije bereik ligt.

4.2.1 Veilige uitvoering van de condensafvoer, bij vloeropstelling op het perceel

A B C

A ≥ 900 mm voor regio

B 100 mm

met vorst aan de grond,

C 100 mm

≥ 600 mm voor regio

zonder vorst aan de

grond

Weergegeven is de rechter gebouwhoek. De maten C en D

zijn de minimumafstanden, die tot de wand moeten worden

aangehouden (→ minimumafstanden aanhouden). Bij de linker gebouwhoek varieert de maat D.

De valpijp moet in een voldoende groot kiezelbed uitmon- den, zodat het condensaat vrij kan worden afgevoerd.

Om bevriezing van het condenswater te voorkomen, moet de verwarmingsdraad over de condensafvoertrechter in de valpijp zijn opgenomen.

4.1.6 Beschermingsbereik, bij platdakmontage

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschermingsbereik, bij platdakmontage - 1

- Controleer de inhoud van de verpakkingseenheden.

Aantal Omschrijving
1Warmtepomp, buitenunit
1Condensafvoertrechter
1Zakje met kleine delen
1Zakje met documentatie

De maat A is een afstand rondom het product.

5 Montage

5.2 Product transporteren

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Product transporteren - 1

Waarschuwing!

Verwondingsgevaar door groot gewicht bij het optillen!

Te groot gewicht bij het optillen kan tot let- sels, bijv. aan de wervelkolom, leiden.

▶ Neem het gewicht van het product in acht.
- Til het product VWL 35/6 tot VWL 75/6 met vier personen op.
- Til het product VWL 105/6 en VWL 125/6 met zes personen op.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Verwondingsgevaar door groot gewicht bij het optillen! - 1

Opgelet!

Risico op materiële schade door ondeskundig transporteren!

Het product mag nooit meer dan 45° worden gekanteld. Anders kan het later tot storingen in het koudemiddelcircuit komen.

Kantel het product tijdens het transport maximaal tot 45°.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Risico op materiële schade door ondeskundig transporteren! - 1

  1. Houd rekening met de gewichtsverdeling tijdens het transport. Het product is aan de rechterzijde aanzier zwaarder dan aan de linkerzijde.
  2. Gebruik de transportlussen of een geschikte steekwagen.
  3. Bescherm de bekledingsdelen tegen beschadiging.
  4. Verwijder de transportlussen na het transport.

5.3 Afmetingen

5.3.1 Vooraanzicht

A 1100

Product A
VWL 35/6 ... 765
VWL 55/6 ... 765
VWL 65/6 ... 965
VWL 75/6 ... 965

5.3.2 Zijaanzicht, rechts

44941

5.3.3 Onderaanzicht

180 740 180 14 477 106 270 14

5.3.4 Achteraanzicht

122 26 90

5.4 Minimumafstanden in acht nemen

Neem de opgegeven minimumafstanden in acht om doende luchtstroom te garanderen en onderhoudswerkzaamheden te vergemakkelijken.
Zorg ervoor dat er voldoende plaats voor de installa van de hydraulische leidingen voorhanden is.

5.4.1 Minimumafstanden, bodemopstelling en platdakmontage

A B C D E

Minimumaf-standCV-bedrijf CV-en koelbedrijf
A 100 mm 100mm
B 1000 mm 1000mm
C 200 mm 250mm
D 500 mm 500mm
E 600 mm 600mm

5.4.2 Minimumafstanden, wandmontage

A B C E F D

Minimumaf- standCV-bedrijf CV- en koelbedrijf
A 100 mm 100 tiemm
B 1000 mm 1000 mmmm
C 200 mm 250mm
D 500 mm 500mm
E 600 mm 600mm
F 300 mm 300mm

5.5 Voorwaarden voor het montagetype

Het product is geschikt voor de montagemethoden vloeropstelling, wandmontage en montage op een plat dak.

Montage op een schuin dak is niet toegestaan.

De wandmontage met de wandhouder uit het toebehoren is voor de producten VWL 105/6 en VWL 125/6 niet toege-staan.

5.6 Opstelplaats kiezen

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Opstelplaats kiezen - 1

Gevaar!

Verwondingsgevaar door ijsvorming!

De luchttemperatuur aan de luchtuitlaat ligt onder de buitentemperatuur. Daardoor kan er ijsvorming ontstaan.

Kies een plaats en een uitlijning waarbij de luchtuitlaat minstens 3 m afstand tot trottoirs, gepleisterde ondergronden en tot afvoerpijpen heeft.

Let erop, dat de opstelling op verlaagde plaatsen of bereiken, die geen vrij wegstromen van de lucht mogelijk maken, niet is toegestaan.
Wanneer de opstelplaats in de directe nabijheid van de kustlijn ligt, houd er dan rekening mee, dat het product door een extra beschermingsinrichting moet worden beschermd tegen spatwater.
▶ Houd afstand tot ontvlambare stoffen of ontvlambare gassen.
▶ Blijf op een afstand van warmtebronnen.

5 Montage

▶ Stel de buitenunit niet aan verontreinigde, stoffige of rosieve lucht bloot.
▶ Houd afstand van ventilatieopeningen of ventilatieschachten.
▶ Houd afstand van bladeren verliezende bomen en struiken.
Houd er rekening mee dat de opstellingsplaats onder 2000 m boven het normale nulpunt dient te liggen.
Houd rekening met de geluidsemissies. Houd afstand tot geluidsgevoelige gebieden van het perceel ernaast. Kies een opstelplaats met een zo groot mogelijke afstand tot de vensters van het gebouw ernaast. Kies een plaats met een zo groot mogelijke afstand tot de eigen slaapkamer.
Kies een opstelplaats die gemakkelijk toegankelijk is om onderhouds- en servicewerkzaamheden te kunnen uitvoeren.
Als de opstelplaats aan het rangeerbereik van voertuig grenst, bescherm het product dan door een botsingsbescherming.

Voorwaarde: Speciaal bij vloeropstelling
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Montage - 1

Voorwaarde: Speciaal bij wandmontage
rui- tot es tot s met ner.

Zorg ervoor dat de wand aan de statische vereisten voldoet. Houd rekening met het gewicht van wandhouder (toebehoren) en buitenunit.

Vermijd een montagepositie in de buurt van een venster.
Houd rekening met de geluidsemissies. Blijf op een afstand van reflecterende muren van gebouwen.
- Plan de plaatsing van de hydraulische en elektrische leidingen. Plan een wanddoorvoer.

Voorwaarde: Speciaal bij platdakmontage
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Montage - 3

Vermijd een opstellingsplaats die in een hoek van een ruimte, in een nis, tussen muren of tussen omheiningen ligt.
▶ Vermijd het opnieuw aanzuigen van de lucht van de luchtuitlaat.
Zorg ervoor dat zich op de ondergrond geen water kan verzamelen. Zorg ervoor dat de ondergrond goed water kan opnemen.
▶ Plan een grind- en ballastbed voor de condensafvoer.
Kies een opstelplaats die in de winter vrij is van sne ophopingen.
Kies een opstelplaats waar geen sterke winde op de luchtinlaat kan inwerken. Plaats het toestel het best dwars op de hoofdwindrichting.
▶ Als de opstellingsplaats niet tegen de wind beschermd plan dan de opstelling van een beschermingswand.
Houd rekening met de geluidsemissies. Vermijd hoeken van ruimtes, nissen of een opstelplaats tussen muren. Kies een opstelplaats met goede geluidsabsorptie (bijv. door gazon, struiken, palissades).
Plan de ondergrondse plaatsing van de hydraulische en elektrische leidingen. Plaat een beschermbuis die van de buitenunit door de muur van het gebouw loopt.

Monteer het product alleen op gebouwen met massieve constructie en ononderbroken gegoten betonnen plafond.

Monteer het product niet op gebouwen met houten constructie of met een lichte dakconstructie.

Kies een opstelplaats die gemakkelijk toegankelijk is om het product regelmatig van bladeren of sneeuw te ontdoen.
Kies een opstelplaats waar geen sterke winde op de luchtinlaat kan inwerken. Plaats het toestel het best dwars op de hoofdwindrichting.
- Als de opstellingsplaats niet tegen de wind beschermd is, plan dan de opstelling van een beschermingswand.
▶ Houd rekening met de geluidsemissies. Houd afstand tot gebouwen in de omgeving.
Plan de plaatsing van de hydraulische en elektrische leidingen. Plan een wanddoorvoer.

5.7 Montage en installatie voorbereiden

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Montage en installatie voorbereiden - 1

Gevaar!

Levensgevaar door brand of explosie bij lekkage in het koudemiddelcircuit!

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Bij lekkage kan koudemiddel dat naar buiten komt door vermenging met lucht een brandbare atmosfeer vormen. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

  • Regio met vorst aan de grond: minimumdiepte: 900 mm
  • Regio zonder vorst aan de grond: minimumdiepte: 600 mm

- Dimensioneer de hoogte (B) volgens de plaatselijke omstandigheden.

Maak twee strookfunderingen (4) van beton. De aanbevolen afmetingen vindt u in de afbeelding terug.

Breng tussen en naast de strookfunderingen een grindbed (2) voor afvoer van de condens aan.

▶ Waarborg dat in het beschermingsbereik 5.8.2 Product opstellen

zich geen ontstekingsbronnen zoals stop-1, contacten, lichtschakelaars, lampen, elektrische schakelaars of andere permanente ontstekingsbronnen bevinden.

Gebruik afhankelijk van de gewenste montagemethode de passende producten uit de toebehoren.

- Geen dempingsvoeten

  • Grote dempingsvoeten
  • Verhogingssokkel en kleine dempingsvoeten

▶ Neem de fundamentele veiligheidsregels in acht, voor dat Lijn het product exact horizontaal uit. u met het werk begint.

5.8 Bodemopstelling

5.8.1 Fundering maken

B 300100 A Ø100 1 2 3 1400 800 270 106 200540200 4

5.8.3 Condensafvoerleiding monteren

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Condensafvoerleiding monteren - 1

Gevaar!

Verwondingsgevaar door bevriezende condens!

Bevroren condens op paden kan tot een val leiden.

Zorg ervoor dat afgelopen condens niet op paden terechtkomt en daar ijs kan vormen.

Voorwaarde: Regio met grondvorst

▶ Verbind de condensafvoertrechter met de bodemplaat van het product en beveilig deze met een kwartdraai.
▶ Schuif de verwarmingsdraad door de condensafvoertrechter.
Zorg ervoor dat de condensafvoertrechter in het midden boven de afvoerpijp is gepositioneerd. Zie maattekening (→ Pagina 167).

Voorwaarde: Regio zonder grondvorst

▶ Verbind de condensafvoertrechter met de bodemplaat van het product en beveilig deze met een kwartdraai.
▶ Verbind de condensafvoertrechter met een bochtstuk en een condensafvoerslang.
▶ Schuif de verwarmingsdraad door de condensafvoertrechter en het bochtstuk in de condensafvoerslang.

5.9 Wandmontage

5.9.1 Werkveiligheid garanderen

ndensZorg voor een veilige toegang tot de montagepositie aan de wand.
Monteer, wanneer de werkzaamheden aan het product om- op een hoogte van meer dan 3 m plaatsvinden, een technische valbeveiliging.
Houd de plaatselijke wetgeving en voorschriften aan.
Monteer, wanneer de werkzaamheden aan het product op een hoogte van meer dan 3 m plaatsvinden, een technische valbeveiliging.
Houd de plaatselijke wetgeving en voorschriften aan.

▶ Maak een put in de grond. De aanbevolen afmetin vindt u in de afbeelding terug.
▶ Breng een afvoerpijp (1) voor de afvoer van de co in.
▶ Breng een laag waterdoorlaatbaar grof grind (3) in.
- Dimensioneer de diepte (A) volgens de plaatselijke omstandigheden.

6 Hydraulische installatie

5.9.2 Product opstellen

  1. Controleer de opbouw en het draagvermogen van de muur. Neem het gewicht van het product in acht.
  2. Gebruik de bij de wandopbouw passende wandhouder uit het toebehoren.
  3. Gebruik de kleine dempingsvoeten uit het toebehoren.
  4. Lijn het product exact horizontaal uit.

5.9.3 Condensafvoerleiding monteren

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Condensafvoerleiding monteren - 1

Gevaar!

Verwondingsgevaar door bevriezende condens!

Bevroren condens op paden kan tot een leiden.

- Zorg ervoor dat afgelopen condens n op paden terechtkomt en daar ijs kan men.

  1. Verbind de condensafvoertrechter met de bodemplaat van het product en beveilig deze met een kwartdra
  2. Leg onder het product een grindbed aan waarin de condens kan weglopen.

5.10 Montage op een plat dak

5.10.1 Werkveiligheid garanderen

Zorg voor een veilige toegang tot het platte dak.
▶ Neem een veiligheidsbereik van 2 m tot de valrand acht, plus een vereiste afstand voor het werken aan product. Het veiligheidsbereik mag niet worden betred
Als dit niet mogelijk is, monteer dan aan de valrande technische valbeveiliging, bijvoorbeeld een belastbare balustrade. Stel als alternatief een technische opvangrichting op, bijvoorbeeld een stelling of een vangnet.
Houd voldoende afstand van een dakuitstapluik en to platte dakvensters. Beveilig een dakuitstapluik en plat- dakvenster tijdens de werkzaamheden tegen het betre- den en erin vallen, bijvoorbeeld door een afsperring.

5.10.2 Product opstellen

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Product opstellen - 1

Waarschuwing!

Gevaar voor lichamelijk letsel door kante- len bij wind!

Bij windbelasting kan het product kantelen.

- Gebruik betonnen sokkels en een slipvaste mat. Schroef het product aan de tonnen sokkel vast.

5.10.3 Condensafvoerleiding monteren

  1. Sluit de condensafvoerleiding over een kort traject op een afvoerpijp aan.
  2. Installatie afhankelijk van de plaatselijke omstandigheden een elektrische hulpverwarming om de condensafvoerleiding vorstvrij te houden.

6 Hydraulische installatie

6.1 Installatiemethode directe verbinding of systeemscheiding

Bij directe verbinding is de buitenunit hydraulisch direct met vde binnenunit en de CV-installatie verbonden. In dit geval bestaat bij vorst het gevaar van bevriezen van de buitenunit. Bij systeemscheiding is het CV-circuit gescheiden in een primair en secundair CV-circuit. De scheiding wordt daar- bij door een optionele tussenwarmtewisselaar gerealiseerd, die in de binnenunit of in het gebouw is geplaatst. Als het primaire CV-circuit wordt gevuld met een antivries-watermeng- sel, dan is de buitenunit bij vorst en ook bij stroomuitval be- schermd tegen bevriezen.

6.2 Waarborging van de minimale circulatiewaterhoeveelheid

Bij CV-installaties, die overwegend met thermostatisch of elektrisch geregelde ventielen uitgerust zijn, moet een permanente, voldoende doorstroming van de warmtepomp gegarandeerd worden. Bij de configuratie van de CV-installatie moet de minimale circulatiewaterhoeveelheid aan CV-water gewaarborgd zijn.

d6.3Vereisten aan hydraulische componenten

Kunststof buizen die worden gebruikt voor het CV-circuit tussen gebouw en product, moeten diffusiedicht zijn.

Buisleidingen die worden gebruikt voor het CV-circuit tussen gebouw en product, moeten een UV- en hogetemperatuurbestendige thermische isolatie hebben.

6.4 Hydraulische installatie voorbereiden

  1. Spoel de CV-installatie voor het aansluiten van het product zorgvuldig uit om mogelijke resten in de buisleidingen te verwijderen!
  2. Als u soldeerwerkzaamheden op aansluitstukken uitvoert, voer deze dan uit, zolang de bijbehorende buisleidingen nog niet op het product zijn geïnstalleerd.
  3. Installeer een vuilfilter in de buisleiding voor de CV-retourleiding.

  4. Gebruik de grote dempingsvoeten uit het toebehoren.

  5. Lijn het product exact horizontaal uit.

6.5 Buisleidingen naar product installeren

6.6 Buisleidingen op het product aansluiten

  1. Installeer de buisleidingen voor het CV-circuit van het 1. Verwijder de afdekkappen op de hydraulische aanslui-gebouw door de wanddoorvoer naar het product. Tingen.

Geldigheid: Bodemopstelling
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Buisleidingen op het product aansluiten - 1

  • Installeer de buisleidingen door een geschikte beschermingsbuis in de bodem, zoals in de voorbeeldafbeelding getoond.
    Haal de maten en afstanden uit de montagehandleiding voor het toebehoren (aansluitconsole, aansluitset).

Geldigheid: Bodemopstelling
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Buisleidingen op het product aansluiten - 2

  • Gebruik de aansluitconsole en bijgevoegde componenten uit de toebehoren.
    ▶ Controleer alle aansluitingen op dichtheid.

Geldigheid: Wandmontage
Geldigheid: Wandmontage
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Buisleidingen op het product aansluiten - 3

Leid de buisleidingen door de wanddoorvoer naar het product, zoals weergegeven in de afbeelding.
Installeer de buisleidingen van binnen naar buiten met een niveauverschil van ca. 2°. 6.7
Haal de maten en afstanden uit de montagehandliding voor het toebehoren (aansluitconsole, aansluitset).

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Buisleidingen op het product aansluiten - 4

  • Gebruik de aansluitconsole en bijgevoegde componenten uit de toebehoren.
  • Controleer alle aansluitingen op dichtheid.

6.7 Hydraulische installatie afsluiten

Iqj- Installeer afhankelijk van de installatieconfiguratie verdere vereiste veiligheidsrelevante componenten.

  1. Als het product niet op de hoogste plaats in het CV-circuit geïnstalleerd is, dan installeert u op verhoogde plaatsen waar zich lucht kan verzamelen aanvullende ontluchtingskleppen.
  2. Controleer alle aansluitingen op dichtheid.

7 Elektrische installatie

6.8 Optie: product op een zwembad aansluiten

  1. Sluit het CV-circuit van het product niet direct op eenVoor de netaansluiting moeten flexibele slangleidingen worzwembad aan. den gebruikt die voor de plaatsing in de open lucht geschikt
  2. Gebruik een geschikte scheidingswarmtewisselaar en zijn. De specificatie moet minstens aan de standaard 60245 de verdere voor deze installatie vereiste componenten, IEC 57 met de afkorting H05RN-F voldoen.

De elektrische scheidingsinrichtingen moeten een contact-opening van minstens 3 mm hebben.

7 Elektrische installatie

Dit product voldoet aan IEC 61000-3-12 onder de voorwaarde, dat de kortsluitleiding Ssc op het aansluitpunt van de klantinstallatie met het openbare net groter of gelijk 33. Het is de verantwoordelijkheid van de installateur of gebruiker van het product, te waarborgen, indien nodig overleg met de netbeheerder, dat dit product alleen op aansluitpunt wordt aangesloten met een Ssc-waarde groft of gelijk aan 33.

Voor de elektrische beveiliging moeten trage zekeringen met karakteristiek C worden gebruikt. Bij 3-fasige netaansluiting moeten de zekeringen 3-polig schakelend zijn.

voor de bescherming van personen moeten voor de installatieplaats voorgeschreven, voor alle stromen gevoelige aardlekschakelaars type B worden gebruikt.

evoor de eBUS-leiding mogen geen leidingen met getwiste eaderparen worden gebruikt.

7.1 Elektrische installatie voorbereiden

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Elektrische installatie voorbereiden - 1

Gevaar!

Levensgevaar door elektrische schok bij ondeskundige elektrische aansluiting!

Een ondeskundige elektrische installatie kan het veilige gebruik van het product be 7 . invloeden en tot lichamelijk letsel en materiële schade leiden.

▶ Voer de elektrische installatie alleen uit als u een opgeleide installateur bent en voor dit werk gekwalificeerd bent.

7.4 Elektrische scheidingsinrichting

De elektrische scheidingsinrichting wordt in deze handleiding ook als scheidingsschakelaar aangeduid. Als scheidings-schakelaar wordt normaal gesproken de zekering respectie-velijk de installatieautomaat gebruikt, die in de meter-/zekeringkast van het gebouw is ingebouwd.

e7.5 Componenten voor functie blokkering energiebedrijf installeren

Voorwaarde: Functie blokkering energiebedrijf aanwezig

De warmteopwekking van de warmtepomp wordt tijdelijk door het energiebedrijf uitgeschakeld. De uitschakeling kan op twee manieren worden uitgevoerd:

-Het signaal voor de uitschakeling wordt naar de aansluit- ting S21 van de binnenunit geleid.

Hetsignaal van de uitschakeling wordt naar een lokaal geïnstalleerde scheidingsschakelaar in de meter-/zeker-ingkast geleid.

ng, Installeer en bedraad de aanvullende componenten in de meter-/zekeringkast van het gebouw. Houd daarvoor het schakelschema in de bijlage van de installatiehandleiding van de binnenunit aan.

  1. Let op de technische aansluitvoorwaarden voor de aansluiting op het laagspanningsnet van de energieleverancier.
  2. Bepaal, of de functie blokkering energiebedrijf voor het product beschikbaar is en hoe de stroomvoorziening van het product, afhankelijk van het type uitschakeling, moet worden uitgevoerd.
  3. Bepaal via het typeplaatje of het product een elektrische aansluiting 1-/230V of 3-/400V nodig heeft.
  4. Bepaal via het typeplaatje de ontwerpstroom van het product. Leid daarvan de passende draaddoorsnedes voor de elektrische leidingen af.
  5. Bereid het plaatsen van de elektrische leidingen van het gebouw door de wanddoorvoer naar het product voor. Wanneer de leidinglengte meer is dan 10 m, bereid dan een van elkaar gescheiden installatie van de netaansluitkabel en de sensor-/busleiding voor.

7.2 Vereisten aan de netspanningskwaliteit

Voor de netspanning van het eenfasige 230 V-net moet een tolerantie van +10% tot -15% aanwezig zijn.

Voor de netspanning van het driefasige 400 V-net moet een tolerantie van +10% tot -15% aanwezig zijn. Voor het spanningsverschil tussen de afzonderlijke fasen moet een tolerantie +-2% aanwezig zijn.

7.6 Afdekking van de elektrische aansluitingen demonteren

B T20 A

  1. Let erop, dat de afdekking een veiligheidsrelevante afdichting bevat, die bij een lekkage in het koudemidd circuit optimaal moet werken.
  2. Demonteer de afdekking zoals weergegeven in de afbeelding, zonder de afdichting rondom te beschadiger

7.7 Elektrische leiding afstrippen

  1. Verkort de elektrische leiding indien nodig.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Elektrische leiding afstrippen - 1

  1. Strip de elektrische leiding af zoals weergegeven in de afbeelding. Let er hierbij op dat de isolatie van verschillende aders niet wordt beschadigd.
  2. Om kortsluitingen door losse draden te vermijden, dier u de geïsoleerde einden van de draden van draadei hulzen te voorzien.

7.8 Stroomvoorziening tot stand brengen, 1\~/230V

▶ Bepaal de het type aansluiting:

Situatie Aansluitingstype
Functie blokkering energiebedrijf niet aanwezigEnkelvoudige voeding
Blokkering energiebedrijf aanwezig, uitschakeling via aansluiting S21
Blokkering energiebedrijf aanwezig, uitschakeling via scheidingsschake- laarDubbele voeding

7.8.1 1\~/230V, enkele voeding

  1. Installeer voor het product, indien dit voor de installatieplaats is voorgeschreven, een aardlekschakelaar.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - 1\~/230V, enkele voeding - 1

  1. Installeer voor het product in het gebouw een scheidingsschakelaar, zoals weergegeven op de afbeelding.
  2. Gebruik een 3-polige netaansluitleiding. Leid deze van het gebouw door de wanddoorvoer naar het product.
  3. Sluit de netaansluitleiding in de schakelkast op de aan-sluiting X200 aan.
  4. Bevestig de netaansluitleiding met de snoerontlastingsklem.

7.8.2 1\~/230V, dubbele voeding

  1. Installeer voor het product, indien dit voor de installatieplaats is voorgeschreven, twee aardlekschakelaars.

de nt ind-X200 X210 X211

  1. Installeer voor het product in het gebouw twee scheidingsschakelaars, zoals weergegeven op de afbeelding.
  2. Gebruik twee 3-polige netaansluitkabels. Leid deze van het gebouw door de wanddoorvoer naar het product.

7 Elektrische installatie

  1. Sluit de netaansluitleiding (laag tarief) in de schakelkast op de aansluiting X200 aan.
  2. Verwijder de 2-polige brug aan de aansluiting X210.
  3. Sluit de netaansluitleiding (van huishoudelijke stroommeter) op de aansluiting X211 aan.
  4. Bevestig de netaansluitleidingen met de snoerontlastingsklemmen.

7.9 Stroomvoorziening tot stand brengen, 3\~/400V

▶ Bepaal de het type aansluiting:

Situatie Aansluitingstype
Functie blokkering energiebedrijf niet aanwezigEnkelvoudige voeding
Blokkering energiebedrijf aanwezig, uitschakeling via aansluiting S21
Blokkering energiebedrijf aanwezig, uitschakeling via scheidingsschakelaarDubbele voeding

7.9.1 3\~/400V, enkele voeding

  1. Installeer voor het product, indien dit voor de installatie plaats is voorgeschreven, een aardlekschakelaar.

X200 5 N 4 L3 3 L2 2 L1 1 X210 L 2 N 1 X211 4 N 3 L2 2 L1 1

  1. Installeer voor het product in het gebouw een scheidingsschakelaar, zoals weergegeven op de afbeelding
  2. Gebruik een 5-polige netaansluitleiding. Leid deze van 2. Sluit de eBUS-leiding op de aansluiting X206, BUS aan het gebouw door de wanddoorvoer naar het product.3. Bevestig de eBUS-leiding met de snoerontlastingsklem.
  3. Sluit de netaansluitleiding in de schakelkast op de aan-sluiting X200 aan.
  4. Bevestig de netaansluitleiding met de snoerontlastingsklem.
  5. Sluit de eBUS-leiding op de aansluiting X206, BUS aan.
  6. Bevestig de eBUS-leiding met de snoerontlastingsklem.

7.9.2 3\~/400V, dubbele voeding

  1. Installeer voor het product, indien dit voor de installatieplaats is voorgeschreven, twee aardlekschakelaars.

X200 5 N 4 L3 3 L2 2 L1 1 X210 L 2 N 1 X211 4 N 3 L 2 L 1

  1. Installeer voor het product twee scheidingsschakelaars, zoals weergegeven op de afbeelding.
  2. Gebruik een 5-polige netaansluitleiding (laag tarief) en een 3-polige netaansluitleiding (van huishoude- lijke stroommeter). Leid deze van het gebouw door de wanddoorvoer naar het product.
  3. Sluit de 5-polige netaansluitleiding in de schakelkast op de aansluiting X200 aan.
  4. Verwijder de 2-polige brug aan de aansluiting X210.
  5. Sluit de 3-polige netaansluitleiding op de aansluiting X211 aan.
  6. Bevestig de netaansluitleidingen met de snoerontlastingsklemmen.

7.10 eBUS-leiding aansluiten

  1. Gebruik een 2-polige eBUS-leiding met een aderdoorsnede van minimaal 0,75 mm². Leid deze van het gebouw door de wanddoorvoer naar het product.

S20 6 5 X206 S21 4 3 BUS 2 1 eBUS +

7.11 Maximaalthermostaat aansluiten

  1. Gebruik een 2-polige leiding met een aderdoorsnede van minimaal 0,75 mm². Leid deze van het gebouw door de wanddoorvoer naar het product.

S20 6 5 X206 S21 4 3 BUS 2 1

  1. Verwijder de brug aan de aansluiting X206, S20. Sluit de leiding hier aan.
  2. Bevestig de leiding met de snoerontlastingsklem.

7.12 Toebehoren aansluiten

▶ Neem het aansluitschema in de bijlage in acht.

7.13 Afdekking van de elektrische aansluitingen monteren

  1. Let erop, dat de afdekking een veiligheidsrelevante af-dichting bevat, die bij een lekkage in het koudemiddel circuit optimaal moet werken.
  2. Bevestig de afdekking door plaatsing in de borging, zonder de afdichting rondom te beschadigen.
  3. Bevestig de afdekking met twee schroeven aan de onderste rand.

▶ Bij waarden onder 8,2 of boven 10,0 reinigt u de installatie en conditioneert u het verwarmingswater.
Zorg ervoor dat er geen zuurstof in het verwarmingswater kan dringen.

Vul- en bijvulwater controleren

▶ Meet de hardheid van het vul- en bijvulwater voor u de installatie vult.

Vul- en bijvulwater conditioneren

▶ Neem voor de conditionering van het vul- en suppletie- water de geldende nationale voorschriften en technische n- regels in acht.

Voor zover nationale voorschriften en technische regelingen geen hogere eisen stellen, geldt het volgende:

U moet het CV-water conditioneren,

  • als de volledige vul- en bijvulwaterhoeveelheid tijdens de gebruiksduur van de installatie het drievoudige van het nominale volume van de CV-installatie overschrijdt of
    zijn wanneer de in de volgende tabel genoemde richtwaarden niet worden aangehouden of
    n- als de pH-waarde van het verwarmingswater onder 8,2 of boven 10,0 ligt.

Geldigheid: Oostenrijk

eOF Estland

OF Litouwen

OF Nederland

van

8 Ingebruikname

8.1 Vóór het inschakelen controleren

  • Controleer of alle hydraulische aansluitingen correct uitgevoerd.
  • Controleer of alle elektrische aansluitingen correct zijn uitgevoerd.
  • Controleer afhankelijk van de aansluitmethode of een twee scheidingsschakelaars geïnstalleerd zijn.
  • Controleer, indien voor de installatieplaats voorgeschroven, of een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
    ▶ Lees de gebruiksaanwijzing.
    Zorg ervoor dat na de opstelling tot het inschakelen het product minstens 30 minuten zijn verstreken.
    ▶ Waarborg, dat de afdekking van de elektrische aansl gen is gemonteerd.

8.2 Product inschakelen

▶ Schakel in het gebouw alle scheidingsschakelaars in met het product zijn verbonden.

8.3 Verwarmingswater/vul- en bijvulwater controleren en conditioneren

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Verwarmingswater/vul- en bijvulwater controleren en conditioneren - 1

Opgelet!

Kans op materiële schade door minderwaardige verwarmingswater

Zorg voor verwarmingswater van voldoende kwaliteit.

▶ Voor u de installatie vult of bijvult, dient u de kwalit het verwarmingswater te controleren.

Kwaliteit van het cv-water controleren

▶ Neem een beetje water uit het CV-circuit.
▶ Controleer visueel het cv-water.
- Als u sedimenterende stoffen vaststelt, dan moet u de installatie spuien.
- Controleer met een magneetstaaf of er magnetiet (ijzeroxide) voorhanden is.
▶ Als u magnetiet vaststelt, reinig de installatie dan en neem de nodige maatregelen voor de corrosiebescherming. Of monteer een magneetfilter.
- Controleer de pH-waarde van het afgetapte water bij 25 °C.

Totaal uiterwar-mings-vermo-genWaterhardheid bij specifiek installatievolume 1)
≤ 20 l/kW> 20 l/kW≤ 50 l/kW> 50 l/kW
kW die°dHmol/m 3 °dHmol/m 3 °dHmol/m 3
< 50< 16,8< 311,220,110,02
> 50 tot ≤ 20011,228,41,50,110,02
> 200 tot ≤ 6008,41,50,110,020,110,02
> 6000,110,020,110,020,110,02

1) Liter nominale inhoud/verwarmingsvermogen; bij meerketelinstallaties moet het kleinste individuele vermogen ingezet worden.

Geldigheid: Oostenrijk

OF Estland

OF Litouwen

teit van OF Nederland

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Kwaliteit van het cv-water controleren - 1

Opgelet!

Kans op materiële schade door verrijking van het verwarmingswater met ongeschikte additieven!

Ongeschikte additieven kunnen veranderingen aan componenten, geluiden in de CV-functie en evt. verdere gevolgschade veroorzaken.

- Gebruik geen ongeschikte antivries- en corrosiewerende middelen, biociden en afdichtmiddelen.

9 Aanpassing aan de installatie

Bij ondeskundig gebruik van de volgende additieven werden met onze producten tot nu toe geen onverdraagzaamheden vastgesteld.

▶ Neem bij het gebruik absoluut de aanwijzingen van de fabrikant van het additief in acht.

Voor de verdraagzaamheid van additieven in het overige CV-systeem en voor de werkzaamheid ervan aanvaarden we geen aansprakelijkheid.

Additieven voor reinigingsmaatregelen (aansluitend uitspoelen vereist)

-Adey MC3+
-Adey MC5
- Fernox F3
- Sentinel X 300
- Sentinel X 400

Additieven die permanent in de installatie blijven

-Adey MC1+
- Fernox F1
- Fernox F2
- Sentinel X 100
- Sentinel X 200

Antivriesmiddelen die permanent in de installatie blijven

-Adey MC ZERO
– Fernox Antifreeze Alphi 11
- Sentinel X 500

▶ Informeer de gebruiker over de nodige maatregelen als bovengenoemde additieven heeft gebruikt.
- Informeer de gebruiker over de noodzakelijke werkwijze voor de vorstbeveiliging.

8.4 CV-circuit vullen en ontluchten

Geldigheid: Directe verbinding

- Vul het product via de retourleiding met CV-water. Verhoog de vuldruk langzaam, tot de gewenste bedrijfsdruk is bereikt.

- Bedrijfsdruk: 0,15 tot 0,2 MPa (1,5 tot 2,0 bar)

▶ Activeer het ventilatieprogramma op de thermostaat van de binnenunit.
- Controleer tijdens het ventileren de installatiedruk. Als de druk daalt, vul dan CV-water bij, tot de gewenste bedrijfsdruk weer is bereikt.

Geldigheid: Systeemscheiding

- Vul het product en het primaire CV-circuit via de retourleiding met een antivries-watermengsel (44 %. vol. propyleenglycol en 56 % vol. water). Verhoog de vuldruk langzaam, tot de gewenste bedrijfsdruk is bereikt

- Bedrijfsdruk: 0,15 tot 0,2 MPa (1,5 tot 2,0 bar)

▶ Activeer het ventilatieprogramma op de thermostaat van de binnenunit.
- Controleer tijdens het ventileren de installatiedruk. Als de druk daalt, vul dan antivries-watermengsel bij, tot de gewenste bedrijfsdruk weer is bereikt.
▶ Vul het secundaire CV-circuit met CV-water. Verhoog de vuldruk langzaam, tot de gewenste bedrijfsdruk is bereikt.

- Bedrijfsdruk: 0,15 tot 0,2 MPa (1,5 tot 2,0 bar)

Activeer de CV-pomp op de thermostaat van de binnenunit.
Controleer tijdens het ventileren de installatiedruk. Als de druk daalt, vul dan CV-water bij, tot de gewenste bedrijfsdruk weer is bereikt.

8.5 Beschikbare restopvoerdruk

De volgende curves gelden voor het CV-circuit van de buitenunit en zijn gerelateerd aan een CV watertemperatuur van 20 °C.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Beschikbare restopvoerdruk - 1

line | A | B (Curve 1) | B (Curve 2) | B (Curve 3) | |-------|-------------|-------------|-------------| | 0 | 90 | 80 | 80 | | 1200 | 70 | 60 | 70 | | 1600 | 40 | 30 | 50 | | 2400 | 20 | 15 | 30 | | 2800 | 10 | 5 | 15 |

B Restopvoerdruk, in kPa

3 VWL 105/6 en VWL 125/6

1 VWL 35/6 en VWL 55/6

9 Aanpassing aan de installatie

9.1 Instellingen aan de thermostaat van de binnenunit aanpassen

Gebruik de tabel overzicht installateurniveau (→ Installatiehandleiding van de binnenunit, bijlage).

Overdracht aan de gebruiker

s10.1 Gebruiker instrueren

Leg de werking aan de gebruiker uit. Informeer de gebruiker, of een systeemscheiding aanwezig is en hoe de vorstbeveiligingsfunctie is gewaarborgd.
Te- wijs de gebruiker vooral op de veiligheidsvoorschriften. Wijs de gebruiker op de bijzondere gevaren en gedrags- regels, die met het koudemiddel R290 zijn verbonden.
▶ Informeer de gebruiker over de noodzaak van een regel- matig onderhoud.

11 Verhelpen van storingen

11.1 Foutmeldingen

Bij een fout wordt een foutcode op het display van de mostaat van de binnenunit weergegeven.

- Gebruik de tabel foutmeldingen (→ Installatiehandleiding van de binnenunit, bijlage).

11.2 Andere storingen

- Gebruik de tabel verhelpen van storingen (→ Installatie handleiding van de binnenunit, bijlage).

12 Inspectie en onderhoud

12.1 Inspectie en onderhoud voorbereiden

▶ Voer de werkzaamheden alleen uit, wanneer u vakkun bent en bekend bent met de bijzondere eigenschappen en gevaren van het koudemiddel R290.

12.2 Werkschema en intervallen in acht nemen

▶ Neem de genoemde intervallen in acht. Voer alle vermelde werkzaamheden uit (→ tabel Inspectie- en ondertherboudswerkzaamheden, bijlage).

12.3 Reserveonderdelen aankopen

De originele componenten van het toestel werden in het kader van de CE-conformiteitskeuring mee gecertificeerd. Informatie over de beschikbare Vaillant originele reserveonderdelen vindt u op het aan de achterkant vermelde contactie-adres.

Als u bij het onderhoud of de reparatie reserveonderdelen nodig hebt, gebruik dan uitsluitend Vaillant originele reserveonderdelen.

12.4 Manteldelen demonteren

12.4.1 Product op dichtheid controleren

▶ Controleer voor het demonteren van de mantel met een gaslekdetector, of koudemiddel ontsnapt.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Product op dichtheid controleren - 1

Gevaar!

Levensgevaar door brand of explosie bij lekkage in het koudemiddelcircuit!

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Bij lekkage kan koudemiddel dat naar buiten komt door vermenging met lucht een brandbare atmosfeer vormen. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

Als u aan het geopende product werkt, moet u voor aanvang van de werkzaamheden met een gaslekdetector ervoor zorgen, dat er geen lekkage aanwezig is.
▶ Bij lekkage: sluit de behuizing van het product, informeer de gebruiker en neem contact op met de klantenservice.
Houd ontstekingsbronnen op afstand van het product. Met name open vuur, hete oppervlakken met meer dan 370 °C, niet-ontstekingsbronvrije elektrische appara- ten en statische ontladingen.

Zorg voor voldoende ventilatie rondom product.

Zorg er met een afbakening voor, dat bevoegden het beschermingsbereik niet betreden.

12.4.2 Manteldeksel demonteren

2×1 A B

Demonteer het manteldeksel zoals weergegeven in de afbeelding.

12.4.3 Rechter zijmantel demonteren

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Rechter zijmantel demonteren - 1

▶ Demonteer de rechter zijmantel zoals weergegeven in de

▶ Neem de fundamentele veiligheidsregels in acht voor u inspectie- en onderhoudswerkzaamheden uitvoert of reserveonderdelen inbouwt.
▶ Neem bij de werkzaamheden op een plat dak de re voor werkveiligheid in acht. (→ Pagina 168)
▶ Schakel in het gebouw alle scheidingsschakelaars uit met het product zijn verbonden.
Koppel het product los van de stroomtoevoer, maar er echter voor, dat de aarding van het product verde gewaarborgd is.

- Als u aan het product werkt, bescherm dan alle elektri-afbeelding. sche componenten tegen spatwater.

12 Inspectie en onderhoud

12.4.4 Voormantel demonteren
T20 A B

▶ Demonteer de voormantel zoals weergegeven in de beelding.

12.4.5 Luchtuitlaatrooster demonteren
B 3×1 A 5×1 C

▶ Demonteer het luchtuitlaatrooster zoals weergegeven de afbeelding.

12.4.6 Linker zijmantel demonteren
B A 2×1

  • Demonteer de linker zijmantel zoals weergegeven in afbeelding.

12.4.7 Luchtinlaatrooster demonteren
2×1 A 2×2 B 2 1 af- 3×1 D E C 3×1

  1. Koppel de elektrische verbinding aan de temperatuursensor (1) los.

  2. Demonteer de beide dwarsverstevigingen (2) zoals weergegeven op de afbeelding.

  3. Demonteer het luchtinlaatrooster zoals weergegeven in de afbeelding.

12.5 Beschermingsbereik controleren

- Controleer of in het gebied rondom het product het gedefinieerde beschermingsbereik is aangehouden. (→ Pagina 161)

- Controleer, dat geen bouwkundige veranderingen of installaties naderhand zijn uitgevoerd, die het beschermingsbereik beïnvloeden.

12.6 Ontluchtingsklep sluiten

in

Voorwaarde: Alleen bij het eerste onderhoud

▶ Demonteer het manteldeksel. (→ Pagina 175)

▶ Demonteer de rechter zijmantel. (→ Pagina 175)

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Ontluchtingsklep sluiten - 1

de Sluit de ontluchtingsklep (1).

12.7 Product reinigen

▶ Reinig het product alleen als alle manteldelen en afdekkingen zijn gemonteerd.
▶ Reinig het product niet met een hogedrukreiniger of een gerichte waterstraal.
▶ Reinig het product met een spons en warm water met reinigingsmiddel.
- Gebruik geen schurende middelen. Gebruik geen oplosmiddelen. Gebruik geen chloor- of ammoniakhoudende reinigingsmiddelen.

12.8 Verdamper, ventilator en condensafvoer controleren

  1. Demonteer het manteldeksel. (→ Pagina 175)
  2. Demonteer de linker zijmantel. (→ Pagina 176)
  3. Demonteer het luchtuitlaatrooster. (→ Pagina 176)
  4. Controleer op de verdamper of zich vuil tussen de lamellen heeft vastgezet en of afzettingen op de lamellen plakken.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Verdamper, ventilator en condensafvoer controleren - 1

Voorwaarde: Reiniging vereist

▶ Reinig de spleet tussen de lamellen met een zachte5 borstel. Vermijd hierbij dat de lamellen worden gebogen.
▶ Trek eventueel gebogen lamellen met een lamellenkam glad. 12

  1. Draai de ventilator met de hand.

  2. Controleer of de ventilator vrij kan lopen.

  3. Controleer of zich vuil op de condensbak of in de densafvoerleiding heeft verzameld.

Voorwaarde: Reiniging vereist

▶ Reinig de condensbak en de condensafvoerleiding.
- Controleer de vrije afvoer van water. Giet hiervoor liter water in de condensbak.
8. Waarborg, dat de verwarmingsdraad in de condensafvoertrechter is opgenomen.

12.9 Koelmiddelcircuit controlleren

  1. Demonteer het manteldeksel. (→ Pagina 175)
  2. Demonteer de rechter zijmantel. (→ Pagina 175)
  3. Demonteer de voormantel. (→ Pagina 176)

  4. Controleer of de componenten en buisleidingen vrij zijn van verontreiniging en corrosie.

  5. Controleer de afdekkappen (1) en (2) van de ondergen. houdsaansluitingen op vastheid.

12.10 Koudemiddelcircuit op dichtheid controlleren

  1. Demonteer het manteldeksel. (→ Pagina 175)
  2. Demonteer de rechter zijmantel. (→ Pagina 175)
  3. Demonteer de voormantel. (→ Pagina 176)
  4. Controleer het koudemiddelcircuit met een gaslekdetector op dichtheid. Controleer de afzonderlijke componenten en buisleidingen.

12.11 Elektrische aansluitingen en elektrische leidingen controleren

  1. Demonteer de afdekking van de elektrische aansluitingen. (→ Pagina 171)
  2. Controleer op de aansluitkast, of de afdichting vrij van beschadigingen is.
  3. Controleer in de aansluitkast de elektrische leidingen op goede bevestiging in de stekkers of klemmen.
  4. Controleer in de aansluitkast de aarding.
  5. Controleer in de aansluitkast of de netaansluitleiding vrij van beschadigingen is. Als de netaansluitleiding beschadigd is en vervanging noodzakelijk is, moet een bijzondere netaansluitleiding worden gebruikt, die verkrijgbaar is bij Vaillant of de klantenservice.
  6. Demonteer het manteldeksel. (→ Pagina 175)
  7. Demonteer de linker zijmantel. (→ Pagina 176)
  8. Demonteer de rechter zijmantel. (→ Pagina 175)
  9. Demonteer de voormantel. (→ Pagina 176)
  10. Controleer in het product de elektrische leidingen op goede bevestiging in de stekkers of klemmen.
  11. Controleer in het product of de elektrische leidingen vrij van beschadigingen zijn.

13 Reparatie en service

12.12 Kleine dempingsvoeten op slijtage controleren

  1. Controleer of de kleine dempingsvoeten duidelijk samengedrukt zijn.
  2. Controleer of de kleine dempingsvoeten duidelijke scheuren vertonen.
  3. Controleer of aan de schroefverbinding van de kleine dempingsvoeten aanzienlijke corrosie is opgetreden.

Voorwaarde: Vervanging vereist

▶ Koop nieuwe dempingsvoeten en monteer ze.

12.13 Inspectie en onderhoud afsluiten

▶ Monteer de manteldelen.
▶ Schakel de stroomvoorziening en het product in.
▶ Neem het product in gebruik.
▶ Voer een werkingstest en een veiligheidscontrole uit.

12.14 Manteldelen monteren

12.14.1 Luchtinlaatrooster monteren

  1. Bevestig het luchtinlaatrooster door neerlaten in de vergrendeling.
  2. Bevestig de schroeven aan de rechter- en linkerrand.
  3. Monteer de beide dwarsverstevigingen.
  4. Breng de elektrische verbinding aan de temperatuursensor tot stand.

12.14.2 Luchtuitlaatrooster monteren

  1. Schuif het luchtuitlaatrooster verticaal van boven naar onderen in.
  2. Bevestig de schroeven aan de rechterrand.

12.14.3 Voormantel monteren

  1. Bevestig de frontmantel door het neerlaten in de vergrendeling.
  2. Bevestig de schroeven aan de bovenste rand.

12.14.4 Zijmantel monteren

  1. Bevestig de zijmantel door het neerlaten in de vergren deling.
  2. Bevestig de schroeven aan de bovenste rand.

12.14.5 Manteldeksel monteren

  1. Plaats het manteldeksel erop.
  2. Bevestig de schroeven aan de rechter- en linkerrand.

13 Reparatie en service

13.1 Reparatie- en servicewerkzaamheden aan het koudecircuit voorbereiden

Voer werkzaamheden alleen uit, als u specifieke koudemiddeltechnische vakkennis heeft en deskundig bent in de omgang met het koudemiddel R290.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Reparatie- en servicewerkzaamheden aan het koudecircuit voorbereiden - 1

Gevaar!

Levensgevaar door brand of explosie bij lekkage in het koudemiddelcircuit!

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Bij lekkage kan koudemiddel dat naar buiten komt door vermenging met lucht een brandbare atmosfeer vormen. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

Als u aan het geopende product werkt, moet u voor aanvang van de werkzaamheden met een gaslekdetector ervoor zorgen, dat er geen lekkage aanwezig is.
▶ Bij lekkage: sluit de behuizing van het product, informeer de gebruiker en neem contact op met de klantenservice.
Houd ontstekingsbronnen op afstand van het product. Met name open vuur, hete oppervlakken met meer dan 370 °C, niet-ontstekingsbronvrije elektrische apparaten en statische ontladingen.
Zorg voor voldoende ventilatie rondom het product.
- Zorg er met een afbakening voor, dat onbevoegden het beschermingsbereik niet betreden.

▶ Schakel in het gebouw alle scheidingsschakelaars uit die met het product zijn verbonden.
Koppel het product los van de stroomtoevoer, maar zorg er echter voor, dat de aarding van het product verder gewaarborgd is.
▶ Beperk het werkbereik en plaats waarschuwingsborden.
▶ Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en neem een brandblusser mee.
- Gebruik alleen veilige, voor koudemiddel R290 toegelaten apparaten en gereedschappen.
▶ Bewaak de atmosfeer in het werkbereik met een geschikt, dicht bij de grond geplaatste gasmelder.
▶ Verwijder alle ontstekingsbronnen, zoals gereedschappen die niet vrij van vonken zijn. Tref veiligheidsmaatregelen tegen statische ontladingen.
▶ Demonteer het bekledingsdeksel, de frontbekleding en de bekleding aan de rechterzijde.

13.2 Koudemiddel uit het product verwijderen

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Koudemiddel uit het product verwijderen - 1

Gevaar!

Levensgevaar door brand of explosie bij het verwijderen van koudemiddel!

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Het koudemiddel kan door verminging met lucht een brandbare atmosfeer voor men. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

  1. Zorg ervoor dat geen lucht in het koudemiddelcircuit, in gereedschappen of apparaten met koudemiddel, of in de recyclingfles komt.
  2. Sluit de manometerbrug zowel aan de hogedruk- alsook aan de lagedruktzijde van het koudemiddelcircuit aan en zorg ervoor, dat de expansieklep geopend is, om volledige lediging van het koudemiddelcircuit te waarborgen.

93.3 Component van het koudemiddelcircuit demonteren/monteren

▶ Voer de werkzaamheden alleen uit, als13 u deskundig bent in de omgang met het koudemiddel R290.
▶ Draag persoonlijke beschermingsmidde- len en neem een brandblusser mee.
- Gebruik alleen gereedschappen en apparaten, die toegelaten zijn voor het koude-middel R290 en in optimale toestand zijn.
Zorg ervoor dat geen lucht in het koude middelcircuit, in gereedschappen of apparaten met koudemiddel, of in de koude-middelfles komt.
Pomp het koudemiddel niet met behulp van de compressor in de buitenunit (geen pump-down).

§13.3.1 Component demonteren

▶ Verwijder het koudemiddel uit het product. (→ Pagina 179)
▶ Spoel het koudemiddelcircuit met stikstof.
▶ Evacueer het koudemiddelcircuit.

Herhaal het spoelen met stikstof en het onder vacuum e- brengen net zolang, tot er geen koudemiddel meer in het jn. koudemiddelcircuit aanwezig is.

de- Wanneer de compressor moet worden gedemonteerd, waarin zich compressorolie bevindt, activeer dan net de- zolang voldoende onderdruk om te waarborgen, dat er zich daarna geen brandbaar koudemiddel meer in de compressorolie bevindt.

Brenng atmosferische druk tot stand.

  • Gebruik een pijpensnijder, om het koudemiddelcircuit te openen. Gebruik geen soldeerapparaat en geen vonkende of verspanende gereedschappen.
    ▶ Demonteer de component.

Let erop, dat uit uitgebouwde componenten vanwege uitgassing uit de compressorolie in de componenten gedurende langere tijd koudemiddel kan vrijkomen. Dit geldt aan met name voor de compressor. Deze componenten moenan. ten op goed geventileerde plaatsen worden bewaard en getransporteerd.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - §13.3.1 Component demonteren - 1

Opgelet!

Risico voor materiële schade bij verwijde- ren van het koudemiddel!

Bij het verwijderen van het koudemiddel kan er materiële schade door bevriezen ontstaan.

▶ Wanneer geen systeemscheiding aanwezig is, verwijdert u het CV-water uit condensator (warmtewisselaar), voordat het koudemiddel uit het product wordt wijderd.

  1. Zorg dat u beschikt over de gereedschappen en apparaten, die nodig zijn voor het verwijderen van het koudemiddel:

  2. Afzuigstation

  3. Vacuümpomp
  4. Recyclingfles voor koudemiddel
  5. Manometerbrug

  6. Gebruik alleen gereedschappen en apparaten, die toegelaten zijn voor het koudemiddel R290.

  7. Gebruik alleen recyclingflessen, die voor het koudemiddel R290 zijn toegelaten, overeenkomstig zijn gemarkeerd en zijn uitgerust met een drukontlastings- en afsluitklep.
  8. Gebruik alleen slangen, koppelingen en kleppen, die dicht en in onberispelijke toestand zijn. Controleer de dichtheid met een geschikt gaslekdetector.
  9. Zet de recyclingfles onder vacuum.
  10. Zuig het koudemiddel af. Neem bij het afzuigen de maximale vulhoeveelheid van de recyclingfles in acht en bewaak de vulhoeveelheid met een geijkte weegschaal.

98.3.2 Component inbouwen

ver- Monteer de component correct. Gebruik hiervoor uitsluitend soldeerprocessen.
▶ Voer een druktest met stikstof uit voor het koudemiddel-circuit.

Vul het product met koudemiddel. (→ Pagina 179)

Controleer het koudemiddelcircuit met een gaslekdetector op dichtheid. Controleer de afzonderlijke componenten en buisleidingen.

13.4 Product met koudemiddel vullen

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Product met koudemiddel vullen - 1

Gevaar!

Levensgevaar door brand of explosie bij het vullen van koudemiddel!

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Het koudemiddel kan door vermenging met lucht een brandbare atmosfeer vormen. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

▶ Voer de werkzaamheden alleen uit, als u deskundig bent in de omgang met het koudemiddel R290.
▶ Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en neem een brandblusser mee.

14 Uitbedrijfname

  • Gebruik alleen gereedschappen en app14 Uitbedrijfname
    raten, die toegelaten zijn voor het koude-
    middel R290 en in optimale toestand zijn14.1 Product tijdelijk buiten bedrijf stellen
    Zorg ervoor dat geen lucht in het koude- middelcircuit, in gereedschappen of ap- Schakel in het gebouw alle scheidingsschakelaars uit die met het product zijn verbonden.
    paraten met koudemiddel, of in de koude-Koppel het product los van de stroomtoevoer.

  • Als gevaar van vorstschade aanwezig is, leeg dan het CV-water uit het product.

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Uitbedrijfname - 1

Opgelet!

Risico voor materiële schade bij gebruik van verkeerd of verontreinigd koudemiddel!

Bij het vullen met verkeerd of verontreinigd koudemiddel kan het product beschadigd worden.

- Gebruik alleen ongebruikt koudemiddel R290, wat als zodanig is gespecificeerd, en een reinheid heeft van minimaal 99,5%.

  1. Zorg dat u beschikt over de gereedschappen en apparaten, die nodig zijn voor het vullen van het koudemiddel:

- Vacuümpomp

- Koudemiddelfles

- Weegschaal

  1. Gebruik alleen gereedschappen en apparaten, die toe-2. gelaten zijn voor het koudemiddel R290. Gebruik alleen overeenkomstig aangeduide koudemiddelflessen.

  2. Gebruik alleen slangen, koppelingen en kleppen, die 3. dicht en in onberispelijke toestand zijn. Controleer de4, dichtheid met een geschikt gaslekdetector.

  3. Gebruik alleen slangen, die zo kort mogelijk zijn, om daarin opgenomen hoeveelheid koudemiddel te minimaliseren.

  4. Spoel het koudemiddelcircuit met stikstof.

  5. Evacueer het koudemiddelcircuit.

  6. Vul het koudemiddelcircuit met het koudemiddel R290.7. De benodigde vulhoeveelheid is gespecificeerd op de typeplaat van het product. Let er met name op, datghe koudemiddelcircuit niet wordt overvuld.

13.5 Reparatie- en servicewerkzaamheden afsluiten

▶ Monteer de manteldelen.
▶ Schakel de stroomvoorziening en het product in.
▶ Neem het product in gebruik. Activeer kortstondig de functie.

- Controleer het product met een gaslekdetector op dichtheid.

14.2 Product definitief buiten bedrijf stellen

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - Product definitief buiten bedrijf stellen - 1

Gevaar!

Levensgevaar door brand of explosie bij transport van producten, die koudemiddel bevatten!

Het product bevat het brandbare koudemiddel R290. Bij het transport van producten zonder originele verpakking kan het koude-middelcircuit beschadigd raken en het koude-middel ontsnappen. Bij vermenging met lucht kan een brandbare atmosfeer ontstaan. Er bestaat brand- en explosiegevaar.

Zorg ervoor, dat het koudemiddel voor het transport uit het product is verwijderd.

  1. Schakel in het gebouw alle scheidingsschakelaars uit die met het product zijn verbonden.

  2. Koppel het product los van de stroomtoevoer, maar een zorg er echter voor, dat de aarding van het product verder gewaarborgd is.

  3. Tap het CV-water af uit het product.

  4. Demonteer het bekledingsdeksel, de frontbekleding en de bekleding aan de rechterzijde.

5e Verwijder het koudemiddel uit het product. (→ Pagina 179)

  1. Let erop, dat ook na volledige lediging van het koude-middelcircuit er verder koudemiddel door uitgassen uit de compressorolie naar buiten komt.

  2. Monteer de rechter zijmantel, de voormantel en de e manteldeksel.

  3. het Markeer het product met een van buiten goed zichtbare sticker. Noteer op de sticker, dat het product buiten bedrijf werd gesteld en dat het koudemiddel werd verwijderd. Onderteken de sticker met vermelding van de datum.

  4. Laat het verwijderde koudemiddel in overeenstemming met de voorschriften recyclen. Let erop, dat het koudemiddel moet worden gereinigd en gecontroleerd, voor-

CV-dat het opnieuw wordt gebruikt.

  1. Laat het product en de componenten ervan in overeen- cht- stemming met de voorschriften afvoeren of recyclen.

15 Recycling en afvoer

Verpakking afvoeren

▶ Voer de verpakking reglementair af.
▶ Neem alle relevante voorschriften in acht.

Bijlage

Bijlage

A Functieschema

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - A Functieschema - 1

1Temperatuursensor, aan de luchtinlaat16Aansluiting, CV-retourleiding
2Filter17Aansluiting, CV-aanvoerleiding
3Elektronisch expansieventiel18Doorstromingssensor
4Druksensor19Temperatuursensor, op CV-retourleiding
5Onderhoudsaansluiting, in het lagedrukbereik20Condensor (warmtewisselaar)
6Temperatuursensor, vóór de compressor21Temperatuursensor, achter de condensor
7Vierwegomschakelklep22Temperatuursensor, achter de compressor
8Temperatuursensor, aan de compressor23Compressor
9Onderhoudsaansluiting, in het hogedrukbereik24Koudemiddelafscheider
10Druksensor25Koudemiddelverzamelaar
11Drukmeter26Filter/droger
12CV-pomp27Temperatuursensor, aan de verdamper
13Temperatuursensor, op de CV-aanvoerleiding28Condensor (warmtewisselaar)
14Snelontluchter, in het CV-circuit29Ventilator
15Druksensor, in CV-circuit

B Veiligheidsinrichtingen
VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - A Functieschema - 2

flowchart
graph TD
    A["123"] --> B["FS"]
    C["TI"] --> B
    D["PT"] --> B
    E["4"] --> F["5"]
    G["26"] --> B
    H["25"] --> I["TI"]
    J["24"] --> K["TI"]
    L["23"] --> M["TCE"]
    N["22"] --> O["21"]
    P["16"] --> Q["17"]
    R["18"] --> S["19"]
    T["15"] --> U["PT"]
    V["PZHH"] --> W["6"]
    X["TI"] --> Y["7"]
    Z["8"] --> AA["9"]
    AB["10"] --> AC["11"]
    AD["12"] --> AE["13"]
    AF["14"] --> AG["15"]
    AH["TI"] --> AI["16"]
    AJ["TI"] --> AK["17"]
    AL["TI"] --> AM["18"]

1 CV-pomp
2 Temperatuursensor, CV-aanvoerleiding
3 Druksensor, in CV-circuit
4 Snelontluchter, in het CV-circuit
5 Condensor (warmtewisselaar)
6 Vierwegomschakelklep
7 Onderhoudsaansluiting, in het hogedrukbereik
8 Temperatuursensor, achter de compressor
9 Druksensor, in het hogedrukbereik
10 Drukbewaker, in het hogedrukbereik
11 Compressor, met koudemiddelafscheider
12 Temperatuurbewaker, aan de compressor
13 Temperatuursensor, vóór de compressor

14 Onderhoudsaansluiting, in het lagedrukbereik
15 Druksensor, in het lagedrukbereik
16 Koudemiddelverzamelaar
17 Ventilator
18 Condensor (warmtewisselaar)
19 Temperatuursensor, luchtinlaat
20 Temperatuursensor, aan de verdamper
21 Filter
22 Elektronisch expansieventiel
23 Filter/droger
24 Temperatuursensor, achter de condensor
25 Temperatuursensor, CV-retourleiding
26 Doorstromingssensor

C Aansluitschema

C.1 Aansluitschema, stroomvoorziening, 1\~/230V

10 11 X201 1 2 3 4 5 L3 L2 L1 X200 5 N 4 L3 L2 L1 1 2 3 4 5 1~/230V L X210 2 L N 1 3 4 L N 3 4 5 X211 2 L N 3 4 5 6 7 8 9 X214 1 2 3 X213 1 2 3 X212 12 S20 6 5 4 S21 4 3 BUS 2 1 eBUS 6

1 Printplaat INSTALLER BOARD

2 Aansluiting stroomvoorziening

3 Brug, afhankelijk van type aansluiting (blokkering energiebedrijf)

4 Ingang voor maximaalthermostaat

5 Ingang S21, niet gebruikt

6 Aansluiting eBUS-leiding

7 Verbinding met printplaat HMU

8 Spanningsvoorziening voor ventilator 2 (alleen bij product VWL 105/6 en VWL 125/6)

9 Spanningsvoorziening voor ventilator 1

10 Compressor

11 Bouwgroep INVERTER

12 Bereik van de veiligheidslaagspanning (SELV)

C.2 Aansluitschema, stroomvoorziening, 3\~/400V

11211 X201 X200 3-/400V N 4 L3 3 L2 2 L1 1 X210 L 2 N 1 X211 L 4 N 3 L 2 1 X214 X213 X206 S20 6 5 S21 4 3 BUS 2 1 eBUS 9 8 7 1 2 3 1 2 3 13

1 Printplaat INSTALLER BOARD
2 Aansluiting stroomvoorziening
3 Brug, afhankelijk van type aansluiting (blokkering energiebedrijf)
4 Ingang voor maximaalthermostaat
5 Ingang S21, niet gebruikt
6 Aansluiting eBUS-leiding
7 Verbinding met printplaat HMU

8 Spanningsvoorziening voor ventilator 2 (alleen bij product VWL 105/6 en VWL 125/6)
9 Spanningsvoorziening voor ventilator 1
10 Smoorspoelen (alleen bij product VWL 105/6 en VWL 125/6)
11 Compressor
12 Bouwgroep INVERTER
13 Bereik van de veiligheidslaagspanning (SELV)

C.3 Aansluitschema, sensoren en actoren

VAILLANT aroTHERM plus VWL 105/6 A - C.3 Aansluitschema, sensoren en actoren - 1

flowchart
graph TD
    subgraph Input
        A["25"] --> B["X25"]
        C["24"] --> D["X25"]
        E["23"] --> F["X25"]
        G["22"] --> H["X21"]
        I["21"] --> J["X21"]
        K["20"] --> L["X21"]
        M["19"] --> N["X21"]
        O["18"] --> P["X22"]
        Q["17"] --> R["X22"]
        S["16"] --> T["X22"]
        U["15"] --> V["X22"]
        W["14"] --> X["X22"]
        Y["13"] --> Z["X22"]
        AA["12"] --> AB["X22"]
        AC["11"] --> AD["X22"]
        AE["10"] --> AF["X22"]
    end

    subgraph Output
        AG["1"] --> AH["X24"]
        AI["2"] --> AJ["X24"]
        AK["3"] --> AL["X24"]
        AM["4"] --> AN["X100 / X106"]
        AO["5"] --> AP["X100 / X106"]
        AQ["6"] --> AR["X100 / X106"]
        AS["7"] --> AT["X100 / X106"]
        AU["8"] --> AV["X100 / X106"]
        AW["9"] --> AX["X100 / X106"]
    end

    style Input fill:#f9f,stroke:#333
    style Output fill:#ccf,stroke:#333

1 Printplaat HMU
2 Aansturing voor ventilator 2 (alleen bij product VWL 105/6 en VWL 125/6)
3 Doorstromingssensor
4 Verbinding met de printplaat INSTALLER BOARD
5 Spanningsvoorziening voor CV-pomp
6 Carterverwarming
7 Vierwegomschakelklep
8 Condensbakverwarming

9 Verbinding met de printplaat INSTALLER BOARD
10 Druksensor, in het lagedrukbereik
11 Druksensor, in CV-circuit
12 Temperatuursensor, op de CV-aanvoerleiding
13 Temperatuursensor, op CV-retourleiding
14 Temperatuursensor, aan de luchtinlaat
15 Aansturing voor ventilator 1
16 Aansturing voor CV-pomp
17 Temperatuursensor, achter de compressor

18 Temperatuursensor, vóór de compressor
19 Drukmeter
20 temperatuurbewaker
21 Druksensor, in het hogedrukbereik
22 Elektronisch expansieventiel

23 Temperatuursensor, aan de verdamper
24 Temperatuursensor, achter de condensor
25 Aansturing voor bouwgroep INVERTER
26 Steekplaats voor codeerweerstand voor koelbedrijf
27 Bereik van de veiligheidslaagspanning (SELV)

D Inspectie- en onderhoudswerkzaamheden

# Onderhoudswerk Interval
1 Beschermingsbereik controleren Jaarlijks176
2 Ontluchtingsklep sluiten Bij het eerste onderhoud176
3 Product reinigen Jaarlijks177
4 Verdamper, ventilator en condensafvoer controleren Jaarlijks177
5 Koelmiddelcircuit controleren Jaarlijks177
6 Koudemiddelcircuit op dichtheid controleren Jaarlijks177
7 Elektrische aansluitingen en elektrische leidingen controleren Jaarlijks177
8 Kleine dempingsvoeten op slijtage controleren Jaarlijks na 3 jaar178

De volgende vermogensgegevens gelden alleen voor nieuwe producten met schone warmtewisselaars.

De vermogensgegevens dekken ook de fluistermodus af.

De gegevens conform DEN 14825 worden met een specifieke testmethode bepaald. Informatie hierover krijgt u onder "Testprocedure EN 14825" van de fabrikant van het product.

Technische gegevens – algemeen

VWL 35/6 A 230VVWL 55/6 A 230VVWL 65/6 A 230VVWL 75/6 A 230V
Breedte1.100 mm1.100 mm1.100 mm1.100 mm
Hoogte765 mm765 mm965 mm965 mm
Diepte450 mm450 mm450 mm450 mm
Gewicht, met verpakking132 kg132 kg150 kg150 kg
Gewicht, bedrijfsklaar114 kg114 kg128 kg128 kg
Gewicht, bedrijfsklaar, linker-/rechterzijde38 kg / 76 kg38 kg / 76 kg43 kg / 85 kg43 kg / 85 kg
Aansluiting, CV-circuitG 1 1/4 "G 1 1/4 "G 1 1/4 "G 1 1/4 "
Ontwerpspanning230 V (+10%/-15%), 50 Hz, 1~/N/PE230 V (+10%/-15%), 50 Hz, 1~/N/PE230 V (+10%/-15%), 50 Hz, 1~/N/PE230 V (+10%/-15%), 50 Hz, 1~/N/PE
Ontwerpvermogen, maximaal3,40 kW3,40 kW3,50 kW3,50 kW
Ontwerpvermogensfactor1,01,01,01,0
Ontwerpstroom, maximaal14,3 A14,3 A15,0 A15,0 A
Aanloopstroom14,3 A14,3 A15,0 A15,0 A
BeschermingsklasseIP 15 BIP 15 BIP 15 BIP 15 B
OverspanningscategorieIIIIIIII
Ventilator, opgenomen vermogen40 W40 W40 W40 W
Ventilator, aantal1111
Ventilator, toerental, maximaal620 o/min620 o/min620 o/min620 o/min
Ventilator, luchtstroom, maximaal2.300 m3/h2.300 m3/h2.300 m3/h2.300 m3/h
CV-pomp, opgenomen vermogen2 ... 50 W2 ... 50 W2 ... 50 W2 ... 50 W
VWL 105/6 A230VVWL 105/6 AVWL 125/6 A230VVWL 125/6 A
Breedte1.100 mm 1.100 mm 1.100 mm1.100 mm1.100 mm
Hoogte1.565 mm 1.565 mm 1.565 mm1.565 mm1.565 mm
Diepte450 mm 450 mm 450 mm450 mm 450 mmmm
Gewicht, met verpakking223 kg 239 kg 223 kg 239 kg
Gewicht, bedrijfsklaar194 kg 210 kg 194 kg 210 kg
Gewicht, bedrijfsklaar, linker-/rechterzijde65 kg / 129 kg 70 kg / 140 kg 65 kg / 129 kg 70 kg / 140 kg
Aansluiting, CV-circuitG 1 1/4" G 1 1/4" G 1 1/4" G 1 1/4"
Ontwerpspanning230 V (+10%/-15%), 50 Hz, 1~/N/PE400 V (+10%/-15%), 50 Hz, 3~/N/PE230 V (+10%/-15%), 50 Hz, 1~/N/PE400 V (+10%/-15%), 50 Hz, 3~/N/PE
Ontwerpvermogen, maximaal5,40 kW 8,00 kW 5,40 kW 8,00 kW
Ontwerpvermogensfactor1,0 1,0 1,0 1,0
Ontwerpstroom, maximaal23,3 A 15,0 A 23,3 A 15,0 A
Aanloopstroom23,3 A 15,0 A 23,3 A 15,0 A
BeschermingsklasseIP 15 B IP 15 B IP 15 B IP 15 B
OverspanningscategorieII II II II
Ventilator, opgenomen vermogen50 W 50 W 50 W 50 W
Ventilator, aantal2 2 2 2
Ventilator, toerental, maximaal680 o/min680 o/min680 o/min680 o/min
Ventilator, luchtstroom, maximaal5.100 m3/h5.100 m3/h5.100 m3/h5.100 m3/h
CV-pomp, opgenomen vermogen3 ... 87 W3 ... 87 W3 ... 87 W3 ... 87 W

W

Technische gegevens – vermogen, CV-bedrijf

VWL 35/6 A 230VVWL 55/6 A 230VVWL 65/6 A 230VVWL 75/6 A 230V
Verwarmingsvermogen, A2/W352,00 kW 2,00kW 3,10 kW 3,10kW
Rendement, COP, EN 14511, A2/W353,90 3,90 4,104,10
Opgenomen vermogen, effectief, A2/W350,51 kW 0,51kW 0,76 kW 0,76kW
Stroomverbruik, A2/W352,60 A2,60 A3,70 A3,70 A
Verwarmingsvermogen, minimaal/maximaal, A7/W352,10 ... 5,50 kW2,10 ... 6,90 kW3,00 ... 7,30 kW3,00 ... 7,40 kW
Verwarmingsvermogen, nominaal, A7/W353,30 kW 3,40kW 4,50 kW 4,60kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W354,80 4,80 4,804,80
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W350,69 kW 0,71kW 0,94 kW 0,96kW
Stroomverbruik, A7/W353,30 A3,30 A4,40 A4,50 A
Verwarmingsvermogen, A7/W453,10 kW 3,10kW 4,20 kW 4,20kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W453,60 3,60 3,603,60
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W450,86 kW 0,86kW 1,17 kW 1,17kW
Stroomverbruik, A7/W454,00 A4,00 A5,40 A5,40 A
Verwarmingsvermogen, A7/W554,80 kW 4,80kW 4,90 kW 5,00kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W552,80 2,80 2,902,90
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W551,71 kW 1,71kW 1,69 kW 1,72kW
Stroomverbruik, A7/W557,70 A 7,70A 7,60 A 7,70 A
Verwarmingsvermogen, A7/W654,50 kW 4,50kW 6,30 kW 6,30kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W652,30 2,30 2,302,30
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W651,96 kW 1,96kW 2,74 kW 2,74kW
Stroomverbruik, A7/W659,00 A 9,00A 12,20 A 12,20 A
Verwarmingsvermogen, A-7/W353,60 kW 5,40kW 5,40 kW 7,00kW
Rendement, COP, EN 14511, A-7/W352,70 2,60 3,002,80
Opgenomen vermogen, effectief, A-7/W351,33 kW 2,08kW 1,80 kW 2,50kW
Stroomverbruik, A-7/W356,10 A 10,00A 8,10 A 11,50 A
VWL 105/6 A230VVWL 105/6 A VWL 125/6 A230VVWL 125/6 A
Verwarmingsvermogen, A2/W355,80 kW 5,80kW 5,90 kW 5,90kW
Rendement, COP, EN 14511, A2/W354,60 4,60 4,604,60
Opgenomen vermogen, effectief, A2/W351,26 kW 1,26kW 1,28 kW 1,28kW
Stroomverbruik, A2/W356,20 A 2,80A 6,20 A 2,90 A
Verwarmingsvermogen, minimaal/maximaal,A7/W355,40 ... 12,50 kW5,40 ... 12,50 kW5,40 ... 14,00 kW
Verwarmingsvermogen, nominaal, A7/W358,10 kW 8,10kW 8,50 kW 8,50kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W355,30 5,30 5,405,40
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W351,53 kW 1,53kW 1,57 kW 1,57kW
Stroomverbruik, A7/W357,40 A 3,00A 7,60 A 3,10 A
Verwarmingsvermogen, A7/W458,10 kW 8,10kW 8,10 kW 8,10kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W454,10 4,10 4,104,10
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W451,98 kW 1,98kW 1,98 kW 1,98kW
Stroomverbruik, A7/W459,40 A 3,60A 9,40 A 3,60 A
Verwarmingsvermogen, A7/W559,10 kW 9,10kW 9,10 kW 9,10kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W553,10 3,10 3,103,10
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W552,94 kW 2,94kW 2,94 kW 2,94kW
Stroomverbruik, A7/W5513,50 A 5,10A 13,50 A 5,10 A
Verwarmingsvermogen, A7/W6511,40 kW 11,40kW 11,40 kW 11,40kW
Rendement, COP, EN 14511, A7/W652,30 2,30 2,302,30
Opgenomen vermogen, effectief, A7/W654,96 kW 4,96kW 4,96 kW 4,96kW
Stroomverbruik, A7/W6522,20 A 7,90A 22,20 A 7,90 A
Verwarmingsvermogen, A-7/W359,20 kW 9,20kW 12,20 kW 12,20kW
Rendement, COP, EN 14511, A-7/W352,70 2,70 2,702,70
Opgenomen vermogen, effectief, A-7/W353,41 kW 3,41kW 4,52 kW 4,52kW
Stroomverbruik, A-7/W3515,40 A 5,70A 20,10 A 7,30 A

Technische gegevens – vermogen, koelbedrijf

VWL 35/6 A 230VVWL 55/6 A 230VVWL 65/6 A 230VVWL 75/6 A 230V
Koelvermogen, A35/W184,50 kW 4,50kW 6,40 kW 6,40kW
Energierendement, EER, EN 14511, A35/W184,30 4,30 4,204,20
Opgenomen vermogen, effectief, A35/W181,05 kW 1,05kW 1,52 kW 1,52kW
Stroomverbruik, A35/W184,90 A 4,90A 7,00 A 7,00 A
Koelvermogen, minimaal/maximaal, A35/W71,80 ... 5,20 kW1,80 ... 5,20 kW2,50 ... 7,20 kW2,40 ... 7,20 kW
Koelvermogen, A35/W73,40 kW 3,40kW 5,00 kW 4,90kW
Energierendement, EER, EN 14511, A35/W73,40 3,40 3,503,50
Opgenomen vermogen, effectief, A35/W71,00 kW 1,00kW 1,43 kW 1,40kW
Stroomverbruik, A35/W74,70 A 4,70A 6,60 A 6,60 A
VWL 105/6 A230VVWL 105/6 A VWL 125/6 A230VVWL 125/6 A
Koelvermogen, A35/W1810,90 kW 10,90 kW 10,80 kW 10,80 kW
Energierendement, EER, EN 14511, A35/W184,60 4,60 4,60 4,60
Opgenomen vermogen, effectief, A35/W182,37 kW 2,37 kW 2,35 kW 2,35 kW
Stroomverbruik, A35/W1810,90 A 4,20 A 10,90 A 4,20 A
Koelvermogen, minimaal/maximaal, A35/W74,40 ... 12,10 kW 4,40 ... 12,10 kW 4,30 ... 12,00 kW 4,30 ... 12,00 kW
Koelvermogen, A35/W77,90 kW 7,90 kW 7,80 kW 7,80 kW
Energierendement, EER, EN 14511, A35/W73,50 3,50 3,50 3,50
Opgenomen vermogen, effectief, A35/W72,26 kW 2,26 kW 2,23 kW 2,23 kW
Stroomverbruik, A35/W710,20 A 4,00 A 10,20 A 4,00 A

Technische gegevens – geluidsemissie, CV-bedrijf

VWL 35/6 A 230VVWL 55/6 A 230VVWL 65/6 A 230VVWL 75/6 A 230V
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W3551 dB(A) 51dB(A) 53 dB(A) 53dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W4553 dB(A) 53dB(A) 53 dB(A) 53dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W5554 dB(A) 54dB(A) 55 dB(A) 55dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W6554 dB(A) 54dB(A) 55 dB(A) 55dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A-7/W35, fluistermodus 40%48 dB(A) 48dB(A) 50 dB(A) 50dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A-7/W35 , fluistermodus 50%47 dB(A) 47dB(A) 48 dB(A) 48dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A-7/W35, fluistermodus 60%46 dB(A) 46dB(A) 46 dB(A) 46dB(A)
VWL 105/6 A230VVWL 105/6 A VWL 125/6 A230VVWL 125/6 A
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W3558 dB(A) 59dB(A) 58 dB(A) 59dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W4558 dB(A) 59dB(A) 58 dB(A) 59dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W5560 dB(A) 59dB(A) 60 dB(A) 59dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A7/W6561 dB(A) 59dB(A) 61 dB(A) 59dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A-7/W35, fluistermodus 40%54 dB(A) 55dB(A) 54 dB(A) 55dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A-7/W35 , fluistermodus 50%51 dB(A) 51dB(A) 51 dB(A) 51dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A-7/W35, fluistermodus 60%51 dB(A) 51dB(A) 51 dB(A) 51dB(A)

Technische gegevens – geluidsemissie, koelbedrijf

VWL 35/6 A 230VVWL 55/6 A 230VVWL 65/6 A 230VVWL 75/6 A 230V
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA, A35/W1853 dB(A) 53dB(A) 55 dB(A) 55dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA, A35/W753 dB(A) 53dB(A) 55 dB(A) 55dB(A)
VWL 105/6 A230VVWL 105/6 A VWL 125/6 A230VVWL 125/6 A
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A35/W1858 dB(A) 59dB(A) 58 dB(A) 59dB(A)
Geluidsvermogen, EN 12102, EN 14511 LWA,A35/W759 dB(A) 59dB(A) 59 dB(A) 59dB(A)

1 AT, Österreich

Country specifics

1 AT, Österreich

-Austria -

1.1 Herstellergarantie

4.1 Fabrieksgarantie

Fabrieksgarantie wordt verleend alleen indien de installatie is uitgevoerd door een door Vaillant Group Netherlands B.V. erkende installateur conform de installatievoorschriften van het betreffende product.

De eigenaar van een Vaillant product kan aanspraak maken op fabrieksgarantie die conform zijn aan de algemene garantiebepalingen van Vaillant Group Netherlands B.V.

Garantiewerkzaamheden worden uitsluitend door de service- dienst van Vaillant Group Netherlands B.V. of door een door Vaillant Group Netherlands B.V. aangewezen installatiebe- drijf uitgevoerd.

Eventuele kosten die gemaakt zijn voor werkzaamheden aan een Vaillant product gedurende de garantieperiode komen alleen in aanmerking voor vergoeding indien vooraf toestemming is verleend aan een door Vaillant Group Netherlands B.V. aangewezen installatiebedrijf en als het conform de algemene garantiebepalingen een werkelijk garantiegeval betreft.

4.2 Serviceteam

Het Serviceteam dient ter ondersteuning van de installateur en is tijdens kantooruren te bereiken op nummer:

Serviceteam: 020 5659440

Mocht u nog vragen hebben, dan staan onze medewerkers van de consumentenservice u graag te woord: (020) 565 94 20.

0020299005 04 29.10.2020

Supplier

Vaillant Group Austria GmbH

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : VAILLANT

Model : aroTHERM plus VWL 105/6 A

Categorie : Warmtepomp