Life Fitness 97TE - Hometrainer

97TE - Hometrainer Life Fitness - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis 97TE Life Fitness in PDF-formaat.

📄 196 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Life Fitness 97TE - page 70
Bekijk de handleiding : Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over 97TE Life Fitness

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Hometrainer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 97TE - Life Fitness en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 97TE van het merk Life Fitness.

GEBRUIKSAANWIJZING 97TE Life Fitness

Gebruikers handleiding

97Te, 95Te Treadmill

Manuale Operativo

Life Fitness 97TE - 1

gebruikers handleiding

CORPORATE HEADQUARTERS

Alvorens dit product in gebruik te nemen, is het van essentieel belang dat u deze gebruikershandleiding in zijn GEHEEL doorneemt, evenals ALLE installatie-instructies.

De handleiding beschrijft de installatie van het apparaat en geeft aanwijzingen over het juiste en veilige gebruik ervan.

FCC waarschuwing - het apparaat kan storing geven op radio en tv

OPMERKING: De apparatuur is getest en goed bevonden als klasse A digitale apparatuur volgens de voorschriften van deel 15 van het FCC-reglement. Deze voorschriften dienen om hinderlijke storing bij gebruik in een commerciële omgeving enigszins aan banden te leggen. Deze apparatuur genereert en gebruikt radiofrequentie-energie en kan deze uitstralen. Wanneer de apparatuur niet volgens de instructiehandleiding geïnstalleerd en gebruikt wordt, kan de radiocommunicatie verstoord worden. Het gebruik van deze apparatuur in woonwijken zal waarschijnlijk storing veroorzaken; in dit geval zal de gebruiker op eigen kosten de storing moeten verhelpen.

Klasse SB (Studio): Professioneel en / of commercieel gebruik.

Life Fitness 97TE - CORPORATE HEADQUARTERS - 1

LET OP: alle aanpassingen of veranderingen aan deze apparatuur kunnen de garantie ongeldig maken.

Elke servicebeurt, behalve schoonmaken of onderhoud door de gebruiker, moet uitgevoerd worden door een bevoegd vertegenwoordiger. De gebruiker kan geen onderhoud aan onderdelen uitvoeren.

INHOUDSOPGAVE

Hoofdstuk Beschrijving Pagina

  1. Om te beginnen ....6
    1.1 Belangrijke veiligheidsinstructies 6
    1.2 Nieuwe functies ....8
    1.3 Installatie 9

Elektrische vereisten // Aardingsinstructies // De Life Fitness loopband stabiel zetten // Aan/uit-schakelaar // De klok instellen // De loopband uitlijnen // Smart Stop™ bandstopsysteem // Fitnessnetwerk // Aansluiting voor kabel-tv // Baan van netsnoer

  1. Het bedieningspaneel ....14
    2.1 Bedieningspaneel - Overzicht ..... 14
    2.2 Bedieningspaneel - Beschrijving .....15
    2.3 Leesrek en accessoirehouders .....25
  2. Hartslagzonetraining .....23
    3.1 Waarom hartslagzonetraining? 26
    3.2 Hartslagmeting .....27

Het Lifepulse™ systeem // De optionele hartslagborstband

  1. De trainingen ....28

4.1 Trainingen - Overzicht .....28
4.2 Trainingen uitvoeren ....30
4.3 Trainingen - Beschrijving .....34

Snelstart // Manueel // Verrassing // Vetverbranding // Cardio // Heuvel // Sporttraining 5K, 10K en DOEL // Snelheidsinterval // Aangepaste trainingen // Hartslag Heuvel // Hartslag Interval // Extreem Hartslag // Life Fitness Fit Test // Fit Tests Plus

4.4 Effectief trainen op de Life Fitness loopband ..... 44
Het niveau selecteren // Afkoeling
5. Menu Systeemopties .....46
5.1 Het menu Systeemopties gebruiken 46
5.2 Configuratiemenu 47

Managersconfiguratie 1

Taal // Gebruikerstaal // Eenheden // Maximumsnelheid // Minimumsnelheid Configuratie trainingsduur // Standby-configuratie

Managersconfiguratie 2

Geklommen afstand // Fit Test Plus // Telemetrie // Pauzeduur // Max % helling // Smart Stop // Versnellingstempo // Vertragingstempo // Aangepast bericht // Programmerings-timeout // Marathonmodus // Systeemtonen

Aangepaste trainingen

Tv / FM-radio

Tv instellen // Favoriete tv-kanalen // Tv-kanalen naam geven/sorteren // Beveiligd kanaal // FM-radio instellen

Touchscreenconfiguratie

Klok

5.3 Configuratie-instellingen ....53
6. Onderhoud en technische gegevens ....54
6.1 Tips voor preventief onderhoud .....54
6.2 Schema voor preventief onderhoud 55
6.3 Problemen met de loopband . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 56
6.4 Problemen met de optionele hartslagborstband .....59
6.5 De loopband bijstellen en spannen 60
De spanbouten van de band
De loopband uitlijnen (centreren)
Een bestaande loopband spannen
6.6 Productservice 62
7. Specifications 63
7.1 Specificaties van de Life Fitness 97Te loopband . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 63
7.2 Specificaties van de Life Fitness 95Te loopband . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 64

Deze gebruikershandleiding behandelt de werking van de onderstaande producten:

Life Fitness loopbanden:

97Te

95Te

Zie "Specificaties" in deze handleiding voor productgebonden kenmerken.

Doelverklaring: De loopband is een trainingstoestel waarop de gebruiker op een bewegende ondergrond op de plaats kan wandelen of hardlopen.

Life Fitness 97TE - Hoofdstuk Beschrijving Pagina - 1

Onjuist of overmatig gebruik van trainingsapparatuur kan schade aan de gezondheid veroorzaken. Life Fitness acht het ZEER raadzaam dat u, voordat u aan een trainingsprogramma begint, eerst de arts bezoekt voor een volledig onderzoek, in het bijzonder indien er in uw familie personen met een hartkwaal of hoge bloeddruk voorkomen, of indien u ouder dan 45 bent, rookt, een hoog cholesterolgehalte hebt, zwaarlijvig bent of indien u het voorbije jaar niet regelmatig trainde.

Indien u tijdens de training het gevoel hebt het bewustzijn te gaan verliezen, duizelig of kortademig wordt of pijn hebt, stop de oefening dan onmiddellijk.

1 OM TE BEGINNEN

1.1 BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Lees alle instructies voordat u de loopband gaat gebruiken.

  • GEVAAR: Risico van verwondingen - Om verwondingen te vermijden, op de zijkant gaan staan alvorens de loopband te starten.
  • GEVAAR: Trek altijd de stekker van dit Life Fitness toestel uit het stopcontact voordat u aan een schoonmaak- of onderhoudsbeurt gaat beginnen, om het risico van elektrische schokken te verkleinen.
  • GEVAAR: Om het risico van brandwonden, brand, elektrische schokken of letsel te verkleinen is het van groot belang dat elk toestel op een goed geaard stopcontact wordt aangesloten.
  • WAARSCHUWING: Zorg dat een ruimte van 2 meter bij 1 meter achter de loopband vrij van obstakels is, met inbegrip van muren, meubilair en andere apparatuur.
  • WAARSCHUWING: Zorg dat het snoer van het noodstopsysteem met een clip aan de gebruiker bevestigd is en zich op de juiste plaats op de loopband bevindt voordat u met de training begint.
  • Zet de AAN/UIT-schakelaar in de stand UIT en haal de stekker uit het stopcontact om het toestel uit te schakelen.
  • Gebruik nooit een Life Fitness toestel als het netsnoer of de stekker beschadigd is, of als het toestel gevallen of beschadigd is of als er water overheen is gekomen. Neem in dat geval contact op met de klantendienst van Life Fitness.
  • Houd het netsnoer uit de buurt van verwarmde oppervlakken. Trek het apparaat niet aan het netsnoer en gebruik het snoer niet als handgreep. Leid het netsnoer niet over de vloer onder of langs de zijkant van de loopband. Raadpleeg hoofdstuk 1.2 voor de juiste baan van het netsnoer.
  • Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een bevoegde onderhoudsmonteur of een andere bevoegde persoon om ongelukken te voorkomen.

PLAATS

  • Plaats het toestel zodanig dat de gebruiker bij de stekker kan.
  • Gebruik het Life Fitness toestel nooit als de luchtgaten geblokkeerd zijn. Zorg dat de luchtgaten vrij zijn van pluizen, haar of ander verstoppend materiaal.
  • Gebruik dit toestel niet op plaatsen waar spuitbussen worden gebruikt of waar zuurstof wordt toegediend. Deze producten verhogen de kans op brand en explosie.
  • Nauw toezicht is geboden wanneer het toestel in de nabijheid van kinderen of gehandicapten wordt gebruikt.
  • Gebruik dit toestel niet buiten, naast zwembaden of in ruimtes met een hoge vochtigheidsgraad.
  • Gebruik dit apparaat alleen voor het in deze handleiding beschreven doel. Gebruik geen accessoires die niet door de fabrikant zijn aanbevolen.

GEBRUIK

  • Volg altijd de instructies die op het bedieningspaneel worden aangegeven.
  • Steek niets in de openingen van dit toestel. Als iets in het toestel valt, zet de stroom dan uit, trek de stekker uit het stopcontact en haal het voorwerp er voorzichtig uit. Als u het voorwerp niet kunt bereiken, neem dan contact op met de klantendienst van Life Fitness.
  • Reik niet in of onder het toestel en kantel het niet terwijl het werkt.
  • Plaats nooit bekers met vloeistof rechtstreeks op het toestel, gebruik hiervoor een accessoirehouder. Bekers met een deksel worden aanbevolen.
  • Train niet blootsvoets op dit toestel. Draag altijd schoenen. Draag schoenen met rubber- of antislipzolen. Schoenen met hakken, leren zolen, noppen of spikes zijn niet geschikt. Zorg dat er geen steentjes in de zolen vastzitten.
  • Houd losse kleding, veters en handdoeken uit de buurt van bewegende onderdelen.
  • De leuningen kunnen zo nodig gebruikt worden voor meer stabiliteit, maar ze zijn niet voor continu gebruik.
  • Stap de loopband nooit op of af terwijl hij in beweging is. Maak gebruik van de leuningen voor extra houvast. In geval van nood, zoals wanneer u struikelt, moet u de leuningen vastpakken en uw voeten op de zijplatforms zetten.
  • Loop of jog nooit achteruit op de loopband.
  • Wanneer de loopband stilgezet moet worden, gaat u terug naar het welkomstschem. (Wanneer u tweemaal op STOP drukt, komt u onmiddellijk op het welkomstschem.) Houd de toets SNELHEID OMLAAG minstens één seconde lang ingedrukt, laat hem los en druk op PAUZE. (De toets SNELHEID OMLAAG is de onderste pijl van de meest rechtse serie pijlen op het bedieningspaneel.) Op de loopband staat nu "STILGEZET DOOR MANAGER". In deze stand werkt de loopband niet. De hoofdmotor en de helling zijn uitgeschakeld. De loopband blijft in deze staat gedurende resets, stroomcycli enz. Om de normale werking te hervatten, drukt u in dezelfde volgorde op de toetsen: houd de toets SNELHEID OMLAAG even ingedrukt, laat hem los en druk op PAUZE. De loopband gaat terug naar het welkomstschem.

HOUD DEZE INSTRUCTIES BIJ DE HAND.

1.2 N IEUWE FUNCTIONS

Het ingebouwde LCD bedieningspaneel op de Life Fitness loopband combineert de beste LCD-technologie en de beste cardio-apparatuur. Het biedt zowel boeiend entertainment als interactieve training.

NIEUWE FUNCTIES VAN DE LIFE FITNESS LOOPBAND OMVATTEN:

  • Nieuw touchscreen: Dit geïntegreerde, intuïtieve touchscreen heeft ingebouwde intelligentie. Daardoor kunnen de gebruikers op één scherm tegelijkertijd hun favoriete tv-programma bekijken en het hele trainingsverloop volgen.
    Zie hoofdstuk 2.2 Bedieningspaneel - Beschrijving, Trainingsverloop.
  • Ergonomisch kijken: De ergonomisch geplaatste kijkhoek zorgt voor optimaal comfort en minder schittering. Bovendien wordt door de beschermlaag op het touchscreen direct contact voorkomen en de levensduur van het LCD-scherm verlengd.
  • Betere interface: Door het scherpe schermbeeld en de aantrekkelijke grafische afbeeldingen is het scherm gemakkelijker te lezen en te gebruiken. Er zijn geen gecompliceerde stappen bij het opstellen van een training; u hoeft alleen maar een training te kiezen, waarden in te voeren en te beginnen.

Zie hoofdstuk 4.2, Trainingen uitvoeren

- Nieuwe Help-bestanden: Nu kunt u bij het kiezen van een training een geïnformeerd besluit nemen. Selecteer het vraagteken op het trainingskeuzescherm om naar de Help-bestanden te gaan, waar uitleg wordt gegeven van alle trainingen.

Zie hoofdstuk 2.2 Bedieningspaneel - Beschrijving, Trainingskeuze, Help.

- Flexibiliteit van de training: Om tijdens de training op een andere training over te gaan, hoeft u alleen maar op een knop te drukken en een nieuwe training te kiezen. En nu zijn er twee manieren om tijdens de training een trainingsparameter te veranderen: met de toetsen op het bedieningspaneel of met de knoppen op het touchscreen.

Zie hoofdstuk 4.2 Trainingen uitvoeren, Trainingen veranderen/beëindigen, Tijdens het trainen op een andere training overschakelen

- Betere controle: Op het touchscreen kunt u alle relevante gegevens van de training in één oogopslag zien.

Zie hoofdstuk 2.2 Bedieningspaneel - Beschrijving, Trainingsverloop.

- Nieuwe tijdsweergaven: De gebruikers kunnen de voor hen meest motiverende tijdsweergave kiezen. De duur kan worden weergegeven als Verlopen tijd, Resterende tijd of Verborgen tijd. De tijdsweergave wordt eenvoudig veranderd door een knop aan te raken.

Zie hoofdstuk 2.2 Bedieningspaneel - Beschrijving, Trainingsverloop, Verlopen tijd

- Meer opties voor managers: Meer manieren waarop managers statistische gegevens kunnen controlleren, het gebruik traceren en persoonlijke berichten opnemen. Via de kanaalinstelling voor de tv kunnen managers bepalen welke kanalen op de tv worden weergegeven.

Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties

1.3 INSTALLATIE

Lees de handleiding voordat u de Life Fitness loopband gaat installeren. Plaats de loopband op de plaats van gebruik voordat u met de installatie begint.

De Life Fitness loopband heeft een specifiek* net nodig volgens de elektrische configuraties in de onderstaande tabel.

Netspanning (VAC)Frequentie (Hz)Nominale stroom (A)
10050 / 6018
12050 / 6018
20050 / 609
22050 / 609
23050 / 609
240+50 / 609

* Eén afzonderlijk aftakcircuit voor elke loopband volgens NEC artikel 210-21 (b) (1) en 210-23 (of andere toepasselijke landspecifieke elektrische richtlijnen). De fase-, nul- en aardedraad moeten elk een afzonderlijke baan hebben (niet (via een lus) aangesloten op andere circuits).

OPMERKING: Verander niets aan de bijgeleverde stekker. Als er geen stopcontact beschikbaar is waarin de stekker past, laat dan een gediplomeerd elektricien een geschikt stopcontact installeren.

AARDINGSINSTRUCTIES

Dit Life Fitness apparaat moet goed geaard worden. Mocht de loopband haperen of kapot gaan, dan verschaft een goede aarding de laagste weerstand voor de stroom en vermindert zo de kans dat iemand die het apparaat aanraakt of gebruikt, een schok krijgt. Elk toestel is voorzien van een elektrisch snoer dat een aardegeleider en een geaarde stekker bevat. De stekker moet in een daarvoor geschikt stopcontact gestoken worden, dat aangebracht en geaard is volgens de geldende regels en voorschriften.

GEBRUIK GEEN voorlopige adapter om deze stekker in Noord-Amerika in een tweepolig stopcontact te steken. Indien er geen goed geaard 20 A stopcontact beschikbaar is, moet er een door een gediplomeerd elektricien geïnstalleerd worden. Modellen voor 16 A of meer moeten aangesloten worden op een specifiek net.

GEVAAR: U loopt gevaar een schok te krijgen als het aardingselement niet goed bevestigd is. Roep daarom de hulp in van een gediplomeerd elektricien, als u niet weet hoe het apparaat geaard moet worden. Verander NIETS aan de bijgeleverde stekker. Als de stekker niet in het stopcontact past, laat dan een gediplomeerd elektricien een geschikt stopcontact installeren. Wanneer het stopcontact wordt gewijzigd, vervalt de garantie.

DE LIFE FITNESS LOOPBAND STABIEL ZETTEN

Volg alle veiligheidsinstructies van hoofdstuk 1.1 op en breng de loopband naar de plaats waar hij gebruikt gaat worden. Zie hoofdstuk 7, Specificaties, voor het benodigde vloeroppervlak (afmetingen van het geassembleerde product). Laat 21 centimeter ruimte tussen de loopband en andere toestellen aan weerskanten. Laat twee meter ruimte tussen de achterkant van de loopband en ieder ander voorwerp of oppervlak.

Life Fitness 97TE - DE LIFE FITNESS LOOPBAND STABIEL ZETTEN - 1

text_image B A

Controleer de stabiliteit van het toestel wanneer het op de bestemde plaats staat. Als het toestel ook maar enigszins wiebelt, of als het niet stabiel staat, moet u bepalen welke poot de vloer niet raakt. Om het toestel bij te stellen draait u CONTRAMOER (A) los en draait u de POOT (B) totdat het toestel niet meer wiebelt en beide poten stevig op de vloer staan. Draai de CONTRAMOER weer vast.

OPMERKING: Voor de goede werking van het toestel is het zeer belangrijk dat de poot op de juiste hoogte wordt ingesteld. Een onstabiel toestel kan scheeflopen van de loopband veroorzaken. Een waterpas wordt aanbevolen om het toestel goed horizontaal te zetten.

AAN/UIT-SCHAKELAAR

De AAN/UIT-schakelaar bevindt zich op het voorpaneel onderaan op de loopband. Hij heeft twee standen: "I" (één) voor AAN en "0" (nul) voor UIT.

DE KLOK INSTELLEN

Het toestel heeft een klok, die gebruikt wordt voor systeemonderhoud en het bijhouden van gebeurtenissen. Wanneer het toestel is ingeschakeld, verschijnt een prompt op het scherm om de klok in te stellen. Deze prompt verschijnt de eerste drie keren dat het toestel wordt aangezet.

Houd de toets AFKOELING ingedrukt om de instelling van de klok te veranderen. Raak dan het pictogram van Life Fitness rechtsboven op het scherm tweemaal achter elkaar aan. Kies van hieruit Configuratie en dan Klok. Stel de tijd in met de pijltoetsen omhoog en omlaag en kies vervolgens de knop AM of PM. Zoek de juiste maand en het juiste jaar op met de knoppen Vorige maand en Volgende maand om de datum op de kalender in te stellen. Raak de juiste dag op de kalender aan. Kies OK om te accepteren. Nu is de klok ingesteld en wordt de normale startprocedure voortgezet.

DE LOOPBAND UITLIJNEN

Wanneer de loopband geïnstalleerd is en horizontaal staat, moet u controleren of de band goed spoort. Steek eerst de stekker in een geschikt stopcontact. Zie Elektrische vereisten aan het begin van dit hoofdstuk voor details. Zet de loopband vervolgens AAN.

Laat iemand op de platforms aan weerskanten van het frame van de loopband staan. Ga nog niet op de band staan. Druk op SNELSTART en verhoog de snelheid tot 6,4 kilometer per uur (km/u) met de pijl SNELHEID OMHOOG.

Als de band naar rechts afwijkt terwijl hij loopt, laat u iemand anders de rechter spanbout een kwartslag naar rechts draaien en vervolgens de linker spanbout (A) een kwartslag naar links. Zie de onderstaande illustratie. Nu loopt de band weer over het midden van de rol.

Als de band naar links afwijkt, draait u de linker spanbout een kwartslag naar rechts en vervolgens de rechter spanbout een kwartslag naar links zodat de band weer over het midden van de rol loopt.

Herhaal deze bijstellingen tot de loopband over het midden loopt. Laat de band enkele minuten lang draaien om er zeker van te zijn dat hij goed blijft lopen.

OPMERKING: Draai de stelschroeven niet meer dan een volle slag in elke richting. Neem contact op met de klantendienst als de band na een volle slag nog niet goed spoort. De telefoonnummers staan in hoofdstuk 6.7, Productservice.

Life Fitness 97TE - DE LOOPBAND UITLIJNEN - 1

Het Smart Stop™ bandstopsysteem (B) voelt dat er iemand op de band staat. Als de gebruiker van de band stapt terwijl deze beweegt, onderbreekt het systeem even later automatisch de training. (Tijdens de FIT TEST wordt de training afgebroken.) Druk op INVOEREN om verder te gaan met de training.

Life Fitness 97TE - DE LOOPBAND UITLIJNEN - 2

Een type RJ45 netwerkpoort (A) bevindt zich rechtsonder aan de voorkant van de loopband. Via deze netwerkpoort kan de loopband worden aangesloten op een fitness-netwerk zoals FitLinxx®.

Met de netwerkaansluiting kunt u via het bedieningspaneel trainingsstatistieken van de gebruiker naar de database van een fitnessnetwerk uploaden en op afstand opgeslagen informatie, zoals een vooraf ingesteld trainingsprogramma, downloaden.

Zie hoofdstuk 4.2, Trainingen uitvoeren, voor informatie over het inloggen op een netwerk.

Wanneer de poort anders dan voor het beoogde doel wordt gebruikt, kan de productgarantie vervallen.

Life Fitness 97TE - DE LOOPBAND UITLIJNEN - 3

Opmerking voor de catv-installateur:

Deze herinnering dient om de installateur van het catv-systeem opmerkzaam te maken op artikel 820-40 van de NEC dat richtlijnen voor de juiste aarding geeft en met name op het voorschrift dat de aardeverbinding van de kabel zo dicht mogelijk bij het punt waarop de kabel binnenkomt op het aardingssysteem van het gebouw dient te worden aangesloten.

Aarding van antennes volgens de NEC

Aarding van antennes volgens de Amerikaanse elektrische voorschriften (NEC, National Electrical Code), ANSI/NFPA 70.

  1. Toevoerdraad antenne
  2. Ontlaadtoestel antenne (NEC deel 810-20)
  3. Aardingsgeleiders (NEC deel 810-21)
  4. Aardingsklem
  5. Systeem van aardelektroden voor netvoeding (NEC artikel 250, deel h)
  6. Aardingsklem
  7. Netvoedingsapparatuur

Life Fitness 97TE - Aarding van antennes volgens de NEC - 1

OPMERKING: Het tv-aspect van het LCD-bedieningspaneel kan alleen een analoog signaal ontvangen. Een digitaal kabelsignaal moet extern in een analoog signaal worden omgezet.

BAAN VAN NETSNOER

Het netsnoer kan recht van de loopband worden geleid, ingekort en linksvoor (voor de gebruiker) uit de loopband komen of, met gebruikmaking van de snoerklemmen, onder het frame lopen en rechtsachter (voor de gebruiker) uit de loopband komen.

De volgende banen voor het netsnoer worden aanbevolen:

Trek de stekker uit het stopcontact en plaats de clips in de daarvoor bestemde openingen. Zie de onderstaande illustratie. Plaats de clips volgens patroon 1 of 2 en zet het snoer vast met de clips, waarbij het teveel aan snoer tussen de clips blijft.

OPMERKING: Het is mogelijk dat u de loopband moet kantelen om het netsnoer goed te kunnen plaatsen.

Life Fitness 97TE - BAAN VAN NETSNOER - 1

Als u het netsnoer op een stopcontact vóór de loopband wilt aansluiten, gebruikt u patroon 1.

OPMERKING: Om rekening met de helling van de loopband te houden, is bij stopcontacten vóór de loopband minstens 60 cm netsnoer nodig tussen het stopcontact en de laatste snoerklem.

Als u het netsnoer op een stopcontact achter de loopband wilt aansluiten, gebruikt u patroon 2.

Life Fitness 97TE - BAAN VAN NETSNOER - 2

WAARSCHUWING: Zorg dat er 1,8 m ruimte achter de loopband is. Neem zo nodig contact op met de klantendienst van Life Fitness voor een optioneel langer netsnoer.

Life Fitness 97TE - BAAN VAN NETSNOER - 3

GEVAAR: Zorg dat het netsnoer (A) de loopband niet aanraakt en niet beklemd raakt tussen het frame (C), de hefarm (B) of het wiel; anders kan ernstig letsel ontstaan.

OPMERKING: Wanneer u patroon 1 gebruikt, is het van het grootste belang om het netsnoer TUSSEN het bewegende frame en het hoofdframe te leiden.

Life Fitness 97TE - BAAN VAN NETSNOER - 4

Met het computergestuurde bedieningspaneel van de loopband kan de gebruiker de training op zijn/haar persoonlijke conditie en doelen afstemmen en het verloop van de training volgen. Met dit gebruiksvriendelijke bedieningspaneel kan de gebruiker de verbetering van zijn/haar conditie van training tot training volgen.

Het touchscreen: Via het touchscreen (het LCD-scherm) kan de gebruiker een training kiezen, opstellen en volgen.

Het bedieningspaneel: Het bedieningspaneel bestaat uit de toetsen op de touchscreenbehuizing. Met deze toetsen kunnen aan de gang zijnde trainingen snel worden veranderd, is de tv gemakkelijk in te stellen en kan het scherm schoongemaakt worden zonder het touchscreen te activeren.

Life Fitness 97TE - BAAN VAN NETSNOER - 5

text_image LifeFitness WORKOUT PROFILES FAT BURN CARDID HLL RANDOM FIT TEST MANUAL Screen Pause Cool Down Life Fitness Touch the Tumers to start... Vot Ch ZONE TRAINING FAT BURN + LOW INTENSITY CARGID = HIGH INTENSITY AGE 53% 69% 10 136 168 20 130 162 30 123 152 40 117 144 50 112 138 60 104 128 70 97 120 80 91 112 90 84 104 100 78 96 SUGGESTED TARGET HEART RATH AS IS OF WAS ACOM HEART RATH SANSER -35% -30%

2.2 BEDIENINGSPANEEL - BESCHRIJVING

In dit hoofdstuk worden de functies van de knoppen op het touchscreen en de toetsen op het bedieningspaneel van de Life Fitness loopbanden opgenoemd en beschreven. Zie hoofdstuk 4, De trainingen, voor gedetailleerde informatie over het gebruik van het bedieningspaneel om trainingen in te stellen.

TOUCHSCREEN

Met het touchscreen kan de gebruiker van het ene naar het andere scherm gaan door eenvoudig knoppen aan te raken om andere schermen te openen. Via het touchscreen heeft de gebruiker toegang tot de volgende functies:

1) TRAININGSKEUZE — een training kiezen.
2) TRAININGSINSTELLING — waarden en doelen voor een training invoeren.
3) TRAININGSVERLOOP — het verloop volgen, trainingsdoelen wijzigen en tv kijken.

1) Trainingskeuze

Raak het welkomstscherm op een willekeurige plaats aan om het scherm Trainingskeuze te starten en erheen te gaan. Via het scherm Trainingskeuze kunt u een training kiezen, naar SNELSTART gaan of naar de Help-schermen gaan.

Life Fitness 97TE - 1) Trainingskeuze - 1

A. SNELSTART: Raak deze toets aan om onmiddellijk met een training te beginnen, zonder die op te stellen of een doel in te stellen. Wanneer de training is begonnen, kan de gebruiker de training aanpassen. Kies SNELHEID of HELLING zodra de training aan de gang is om het intensiteitsniveau te bepalen, en TOETS GEWICHT IN zodat Verbrande calorieën/Calorieën/Uur, METS en Watt berekend en weergegeven kunnen worden. Kies AFKOELING aan de linkerkant van het bedieningspaneel om een afkoelingsfase te beginnen wanneer u klaar bent.

B. TRAININGSKEUZEN: Hiermee kan de gebruiker uit acht verschillende programma's kiezen. MANUEEL, VERRASSING, VETVERBRANDING, CARDIO EN HEUVEL leiden direct naar de schermen Trainingsinstelling. FITNESS TESTEN, ZONETRAINING EN PERSONAL TRAINER bieden aanvullende trainingskeuzen.

Kies FITNESS TESTEN voor LIFE FITNESS FIT TEST. Ook beschikbaar indien geactiveerd: FYSIEKE EFFICIËNTIETESTS, GERKIN, NAVY PRT, AIR FORCE PRT, ARMY PFT en MARINES PFT. Zie hoofdstuk 5.1, Managersconfiguratie, Fit Test Plus voor instructies over het activeren van deze aanvullende conditietests.

Kies ZONETRAINING voor HS HEUVEL, HS INTERVAL en EXTREME HS.

Kies PERSONAL TRAINER voor SPORT TRAINING (5K), SPORT TRAINING (10K) en SNELHEIDSINTERVAL.

Zie hoofdstuk 4.1 Trainingen - Overzicht voor een beschrijving van alle trainingen.

Knoppen met een hartje geven toegang tot trainingen waarbij de hartslag moet worden gemeten. Zie Scherm Trainingsprofiel onder Trainingsverloop voor verdere informatie.

C. HELP (?): Raak de HELP-knop aan om toegang te krijgen tot de Help-knoppen voor alle trainingen. Met deze knoppen krijgt u een gedetailleerde uitleg van alle trainingen.

D. TERUG (◀) : Raak TERUG aan om één scherm terug te gaan.

2) TRAININGSINSTELLING

U komt automatisch in de schermen TRAININGSINSTELLING als u een trainingsprogramma kiest. Hier kan de gebruiker waarden invoeren of een doel voor de gekozen training kiezen. Het hangt af van de training, maar de mogelijkheden zijn het soort doel (duur, afstand en calorieën), niveau, leeftijd, gewicht, afstand, snelheid, helling en streefhartslag* (voor hartslagprogramma's).

Life Fitness 97TE - 2) TRAININGSINSTELLING - 1

E. BERICHTENGEBIED: Laat de gebruiker zien welke training op dat moment wordt samengesteld. Hier wordt de gebruiker ook om de nodige informatie gevraagd of wordt uitleg gegeven.
F.PIJLTOETSEN: Met de pijl OMHOOG en pijl OMLAAG kunt u de trainingswaarden/-doelen, zoals duur van de training, gewicht, leeftijd, helling, snelheid, afstand, streefhartslag en intensiteitsniveau, aanpassen. Druk op INVOEREN om de keuze te registreren.
G. NUMERIEK TOETSENBORD: Een andere manier waarop de gebruiker trainingsparameters kan invoeren. Toets het gewenste getal op het toetsenbord in en druk op INVOEREN.
H. WISSEN: Wist alle waarden en gaat terug naar de standaardinstelling.
I. INVOEREN: Druk op deze knop nadat u een waarde hebt ingevoerd om de waarde te registreren en naar het volgende scherm te gaan.
J. TERUG: Gaat naar het vorige scherm terug.
K. SOORT DOEL: Kies een gewenst soort trainingsdoel. Kies uit Duur, Afstand, Calorieën en Duur Binnen Zone.

- Soort doel: De standaardinstelling van Soort doel is DUUR (lengte van de training). De gebruikers kunnen een vooraf bepaalde tijdsduur voor de training instellen.

De gebruikers kunnen ook een meer geavanceerd soort doel kiezen zoals AFSTAND, CALORIEËN of DUUR BINNEN ZONE (alleen beschikbaar voor hartslagprogramma's).

Voor Afstand, Calorieën en Duur Binnen Zone hangt de lengte van de training ervan af hoe lang het duurt om het doel te bereiken. De training gaat door totdat het doel is bereikt. Om de training voortijdig te beëindigen, kiest u AFKOELING op de onderkant van het bedieningspaneel om onmiddellijk op de afkoelingsfase over te gaan, of VERANDER TRAINING om naar een ander programma te gaan. Zie hoofdstuk 4,2, Trainingen uitvoeren, Soort doel kiezen, voor verdere informatie.

Voor informatie over het instellen van deze soorten trainingsdoelen en om er het meeste voordeel uit te halen, kunt u een personal trainer raadplegen. Voor verdere informatie over Zonetraining kunt u hoofdstuk 3.1 van Hartslagzonetraining, getiteld Waarom hartslagzonetraining? raadplegen.

  • Niveau: Kies het geprogrammeerde intensiteitsniveau van de training. Het niveau kan variëren tussen 1 en 20.
  • Helling: Kies de helling van de loopband.
  • Snelheid: Hiermee stelt u de snelheid van de loopband in.
  • Streefhartslag*: (alleen hartslagtrainingen) Geeft een aanbevolen hartslag naargelang van de leeftijd. Voor Vetverbranding wordt de streefhartslag berekend als 65% van de theoretische maximale ^+ hartslag. Voor Cardio wordt de streefhartslag berekend als 80%. Zie hoofdstuk 3, Hartslagzonetraining, voor meer informatie over de streefhartslag.
  • Gewicht: Wanneer het juiste gewicht wordt ingevoerd kunnen de calorieën nauwkeuriger worden berekend en kunnen Verbrande calorieën, Calorieën/Uur, Watt and METS op het scherm Trainingsverloop verschijnen.
  • Leeftijd: Hiermee kunnen hartprogramma's de streefhartslag nauwkeurig bepalen.
    • Geslacht: Voor een juiste Fitness Test.

3) Trainingsverloop

Het scherm Trainingsverloop gaat automatisch open nadat de samenstelling is voltooid, en geeft de gebruiker het sein dat de training kan beginnen. Met dit scherm kan de gebruiker het verloop van de training volgen. Het geeft een visuele weergave van het verloop van de training en volgt afstand, tempo, verlopen tijd, hartslag, helling, snelheid, WATT/METS en verbruikte calorieën/calorieën per uur.

Op het scherm Trainingsverloop kunnen doelen zoals Duur, Helling, Snelheid en Streefhartslag* (voor hartslagprogramma's) op ieder tijdstip tijdens de training worden veranderd. Op dit scherm kunt u ook tv kijken. Niet elk soort doel is beschikbaar voor elke training. Alleen geldige soorten doelen worden op het scherm Trainingsverloop weergegeven en zijn toegankelijk gedurende een training.

Life Fitness 97TE - 3) Trainingsverloop - 1

L. BERICHTENGEBIED: Toont de gebruiker het soort training, verzoekt de gebruiker om benodigde informatie en verklaart concepten.

M. SCHERM TRAININGSPROFIEL: Dit scherm geeft de intensiteitsniveaus van een aan de gang zijnde training weer als proportionele kolommen. De hoogte van de meest linkse kolom is evenredig met het actuele intensiteitsniveau.

Tijdens een training voor VETVERBRANDING, CARDIO, HARTSLAG HEUVEL, HARTSLAG INTERVAL of EXTREEM HARTSLAG, waarbij een Polar hartslagborstband of de Lifepulse™ sensors gedragen moeten worden, staat op het scherm TRAININGSPROFIEL een knipperend hartje om het hartslagsignaal van de gebruiker te vragen. Als het bedieningspaneel geen signaal waarneemt, verschijnt in het BERICHTENGEBIED de prompt "HARTSLAG NODIG - PLAATS HANDEN OP LIFEPULSE SENSORS OF GEBRUIK TELEMETRIEBAND" en klinken er drie tonen. Als het bedieningspaneel het signaal niet binnen drie minuten krijgt, wordt de training automatisch omgezet in een MANUEEL programma.

N. VERANDER TRAINING: Kies deze knop om naar het trainingskeuzescherm terug te gaan en een nieuwe training te kiezen, of om een soort doel of waarde te veranderen, terwijl de training blijft voortgaan. Om van training te veranderen, kiest u het nieuwe programma, waarna u eventuele overige waarden invoert en op INVOEREN drukt.

Om een soort doel (Calorieën, Afstand of, als u in een hartslagprogramma bent, Duur Binnen Zone) aan te passen of een ander doel te kiezen terwijl de training blijft voortgaan, kiest u Verander Training en vervolgens PAS DOEL AAN, waarmee u op het scherm met het soort doel komt waarop als standaardwaarden het actuele soort doel en de actuele waarde staan. Om de doelwaarde te veranderen, gebruikt u de pijltoetsen of het numerieke toetsenbord, waarna u INVOEREN aanraakt. Om het soort doel te veranderen, kiest u een ander doel, waarna u een waarde invoert en INVOEREN aanraakt.

Om naar de actuele training terug te gaan zonder veranderingen aan te brengen, raakt u TERUG aan. Raak RESET op het trainingskeuzescherm aan om alle opgeslagen informatie over de actuele training te wissen voordat u op een nieuw programma overgaat.

O. VERLOPEN TIJD: Met deze knop kunt u de duur van de training veranderen of een andere tijdweergave kiezen. Om de trainingsduur te veranderen, raakt u VERLOPEN TIJD aan, waarna u de duur met de pijltoetsen of het toetsenblok bijstelt en INVOEREN aanraakt. Om de tijdweergave te veranderen raakt u VERLOPEN TIJD aan, waarna u een andere tijdweergave (RESTERENDE TIJD of VERBORGEN TIJD) kiest en op INVOEREN drukt.

Om de duur van een training te veranderen zonder het scherm Trainingsverloop te verlaten, gebruikt u de pijltoetsen op het bedieningspaneel vlak onder VERLOPEN TIJD.

OPMERKING: Wanneer u de duur van een training verandert door op de knop VERLOPEN TIJD te drukken, heeft dit geen effect op de verlopen tijd, daar dit een voortdurende meting is van de tijd die al aan een training is besteed.

P. NIVEAU: (Heuvel, Verrassing, Sporttraining 5K en 10K) Niveau verwijst naar een hellingsbereik, uitgedrukt in percentage. De loopband heeft 20 niveaus, waarbij niveau 1 de kleinste gemiddelde hellingshoek heeft en niveau 20 de grootste. Zie hoofdstuk 4.4 Effectief trainen op de Life Fitness loopband, Het niveau selecteren voor verdere informatie.

STREEFHARTSLAG: (vervangt het niveau, alleen voor hartslagtrainingen) Geeft de streefhartslag* weer die de gebruiker in de schermen Trainingsinstelling heeft opgegeven. Kan op ieder moment gedurende de training worden veranderd met behulp van de pijltoetsen vlak eronder, of door de knop STREEFHARTSLAG op het touchscreen aan te raken en naar het scherm Trainingsinstelling voor de streefhartslag te gaan.

Q. WERKELIJKE HARTSLAG: Geeft de hartslag weer als de gebruiker de Lifepulse sensors vastpakt of een met Polar compatibele hartslagborstband draagt. OPMERKING: De hartslag kan op alle schermen gecontroleerd worden, voordat een training begint of gedurende een training.

R. % HELLING en SNELHEID: Druk op deze toetsen om de helling van het platform of de snelheid van de loopband te verhogen of te verlagen. (Gebruik de pijltoetsen op het bedieningspaneel vlak onder % HELLING EN SNELHEID om veranderingen aan te brengen zonder het scherm Trainingsverloop te verlaten.)

S. TRAININGSSTATISTIEKEN: Werkt het trainingsverloop voortdurend bij en toont Afstand, Tempo in minuten per mijl/kilometer, Verbruikte calorieën/Calorieën per uur, Streefhartslag (voor hartslagprogramma's), Hartslag (bij iedere training als de gebruiker de Lifepulse sensors vasthoudt of de telemetrieband draagt), Duur Binnen Zone (als dit gekozen is als een trainingsdoel) en METS/Watt (wisselt tussen beide als het gewicht is ingevoerd, anders wordt alleen Watt weergegeven).

Cal/u en METS/Watt hebben knoppen onder de displays die extra functies bieden. Met deze knoppen kunt u een constante weergave krijgen of tussen weergaven heen en weer gaan. Om een constante weergave te krijgen (het heen-en-weer gaan uitzetten zodat bijvoorbeeld alleen verbrande calorieën worden weergegeven) drukt u eenmaal op de knop terwijl de gewenste instelling wordt weergegeven. Om heen en weer te gaan (om bijvoorbeeld als METS wordt weergegeven de weergave onmiddellijk in WATT te veranderen) drukt u tweemaal achter elkaar op de knop.

T. TV KEUZE: TV AAN/UIT geeft toegang tot de tv, en schakelt de toetsen voor Kanaal en Volume op het bedieningspaneel in. TV ZOOM (helemaal rechtsonder) wisselt tussen groot- en kleinbeeld-tv.

U. KANAALKEUZE: Gaat naar het toetsenbord voor kanaalkeuze op het touchscreen.

V. NUMERIEK TOETSENBORD: Gebruik dit om een nieuwe kanaalkeuze in te voeren.

W. VORIG KANAAL: Raak deze knop aan om naar het kanaal om te schakelen waarnaar onmiddellijk daarvoor werd gekeken.

X. OPTIES: Hiermee krijgt u toegang tot menu-opties voor de kanaalinterface. Geavanceerde besturing is standaard toegankelijk. De kanaalkeuzemenu's Favorieten en Kanaallijst zijn ook toegankelijk, als ze geactiveerd zijn.

GEAVANCEERDE BESTURING: Hiermee krijgt u toegang het geavanceerde beeld/audio-besturingsmenu. Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties, Tv / FM-radio instellen, voor meer informatie.

Y. BEELD UIT: Hiermee kunt u de tv-video uitschakelen. Nu is alleen de tv-audio te horen. Stel de tv-video terug met de knop BEELD AAN rechtsboven op het scherm. BEELD AAN is niet beschikbaar voor kanalen die vooringesteld zijn voor ALLEEN AUDIO.

OPTIONELE KANAALKEUZEMENU'S

Als de opties Favorieten en/of Kanaallijst geactiveerd zijn, is er een menu Opties geactiveerd om de gewenste kanaalkeuze-interface te kiezen.

Life Fitness 97TE - OPTIONELE KANAALKEUZEMENU'S - 1

Z. KANAALKEUZE: Geeft toegang tot het toetsenbord Kanaalkeuze.

AA. FAVORIET: Gebruik deze optie, indien geactiveerd, om naar een favoriet kanaal te gaan. Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties, Tv / FM-radio instellen, voor meer informatie.

BB.KANAALLIJST: Gebruik deze optie, indien geactiveerd, om naar de kanaallijst te gaan. Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties, Tv / FM-radio instellen, voor meer informatie.

CC.GEAVANCEERDE BESTURING: Hiermee krijgt u toegang het geavanceerde beeld/audio-besturingsmenu. Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties, Tv / FM-radio instellen, voor meer informatie.
DD.BEVEILIGD KANAAL: Indien deze functie geactiveerd is, krijgt u hiermee toegang tot een specifiek kanaal voor niet-uitgezonden programma's. Het is mogelijk dat een wachtwoord nodig is om dit kanaal te bekijken. Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties, Tv / FM-radio instellen, voor meer informatie.
EE. FM SELECTIE: FM AAN/UIT: Indien deze functie geactiveerd is, krijgt u hiermee toegang tot FM-radio. Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties, Tv / FM-radio instellen, voor meer informatie.
FF. FM KNOPPEN: Indien deze functie geactiveerd is, krijgt u hiermee toegang tot vooringestelde FM-radiostations. Met de knoppen VOORWAARTS en ACHTERWAARTS ZOEKEN kunt u het volgende beschikbare station kiezen. Zie hoofdstuk 5, Menu Systeemopties, Tv / FM-radio instellen, voor meer informatie.

Verdere informatie op het scherm Trainingsverloop voor verschillende trainingen:

TOETS GEWICHT IN: Verschijnt in de Snelstarttraining. Kies TOETS GEWICHT IN zodat METS, Watt en Verbrande calorieën/Calorieën/Uur berekend en als trainingsstatistieken weergegeven kunnen worden.

DUUR BINNEN ZONE: Geeft de totale duur aan waarin de hartslag binnen de gekozen streefzone blijft bij een Hartslagzonetraining. Zie hoofdstuk 3, Hartslagzonetraining, voor meer informatie.

SNELHEIDSINTERVAL: (alleen snelheidsinterval-training) Met dit programma kan de gebruiker wisselen tussen jog- en rensnelheid. Zie hoofdstuk 4.3 Trainingen - Beschrijving, Personal Trainer, Snelheidsinterval.

BEDIENINGSPANEEEL

Met het bedieningspaneel kan de gebruiker trainings- en tv-parameters regelen zonder het scherm Trainingsverloop te verlaten. Hiermee kan de onderhoudsstaf ook snel en eenvoudig het touchscreen schoonmaken zonder het scherm te activeren.

Life Fitness 97TE - BEDIENINGSPANEEEL - 1

text_image LifeFitness B Screen Pause Cool Down D C A F E Zone Training FAST BURN CABLE BILL KONION NET TEST MANUL VOL Vol Ch LABORATE TARGET TREAT TOWN IN A F AND MEMS RESULT OUT RANKS 206 - 185 10 139 158 20 133 193 30 132 152 40 117 144 50 113 135 60 104 129 70 97 130 80 91 112 90 54 194 103 76 96

A. PIJLTOETSEN: In de trainingsfase worden de pijltoetsen OMHOOG en OMLAAG in combinatie met het touchscreen gebruikt. Met deze toetsen kan de gebruiker tijdens de training een trainingsdoel veranderen. Elk stel pijltoetsen regelt het doel recht erboven op het touchscreen.

Wijzigbare informatie (bv. een trainingsdoel) wordt weergegeven als een knop (Duur, Niveau, Helling, Streefhartslag* en Snelheid) of is bereikbaar via VERANDER TRAINING, PAS DOEL AAN (Calorieën, Afstand, en voor hartslagprogramma's, Duur Binnen Zone). Trainingsstatistieken kunnen niet worden veranderd.

Gebruik bijvoorbeeld de pijltoetsen onder VERLOPEN TIJD (een trainingsdoel) om de streefduur voor de sessie te veranderen. Daarentegen kan TEMPO (een trainingsstatistiek) niet worden veranderd. Zoals hierboven beschreven kunnen de trainingsdoelen ook worden veranderd door de desbetreffende knop op het touchscreen aan te raken en naar de overeenkomstige schermen Trainingsinstelling te gaan.

B. SCHERM BLOKKEREN/DEBLOKKEREN: (Kan niet tijdens een training worden gebruikt.) Legt het scherm stil voor routineonderhoud of reiniging van het scherm. Het scherm wordt na tien seconden automatisch gedeblokkeerd. Wanneer u nogmaals op SCHERM BLOKKEREN drukt, wordt het ook gedeblokkeerd.

C. AFKOELING: Trainingsprogramma's eindigen automatisch met de afkoelingsfase, die het intensiteitsniveau verlaagt. Tijdens deze fase van een training begint het lichaam met de afvoer van melkzuur en andere opgehoopte bijproducten, die zich tijdens de training in de spieren ophopen en mede oorzaak van spierpijn zijn.

Druk op de toets AFKOELING om op elk willekeurig moment gedurende de training naar de afkoelingsfase te gaan. Het afkoelingsniveau van elke training wordt automatisch aan de prestaties van de betreffende gebruiker aangepast. (De afkoelingsduur is vooraf ingesteld in verhouding tot de duur van de training.) De afkoelingsduur kan veranderd worden met behulp van de desbetreffende pijltoetsen op het bedieningspaneel. Aan het einde van de afkoeling verschijnt een venster met een overzicht van de training.

D. PAUZE: Druk op deze toets om de band te stoppen en de huidige training te onderbreken. De knop HERNEEM TRAINING verschijnt op het touchscreen. Ga verder met de training door op HERNEEM TRAINING te drukken of door nogmaals op PAUZE te drukken.

E. VOL: Volumeregeling voor de tv.

F.KA: Kanaalkeuze voor de tv.

OPMERKING: Een hoofdtelefoon is nodig voor het geluid van de tv. Het contact bevindt zich rechtsonder op de behuizing van het bedieningspaneel. Het contact kan door de gebruiker worden vervangen. Neem contact op met de klantendienst van Life Fitness voor verdere informatie. (Zie hoofdstuk 6.7, "Productservice", voor informatie over hoe u contact kunt opnemen.)

De Life Fitness loopband heeft een manueel noodstopsysteem. Gebruik een van de twee hieronder beschreven functies om de loopband onmiddellijk stop te zetten.

Een ronde STOP-magneet bevindt zich aan de linkerkant van het paneel onder het bedieningspaneel. Aan deze magneet is een snoer met een clip bevestigd. Bevestig de clip aan uw kleding voordat u de training begint. Trek aan het snoer zodat de magneet uit het bedieningspaneel komt, om de loopband te stoppen. Plaats de magneet terug om het systeem terug te stellen.

Life Fitness 97TE - BEDIENINGSPANEEEL - 2

Een ronde STOP-knop bevindt zich aan de rechterkant van het paneel onder het bedieningspaneel. Druk op deze knop om de band te stoppen en de huidige training te beëindigen.

Life Fitness 97TE - BEDIENINGSPANEEEL - 3

text_image STOP

2.3 LEESREK EN ACCESSOIREHOUDERS

Het bedieningspaneel heeft een ingebouwd leesrek (A) waarop u tijdens de training een boek of tijdschrift kunt leggen. Het bedieningspaneel heeft ook drie ingebouwde accessoirehouders (B). Er zijn twee houders aan de zijkant voor grote voorwerpen zoals waterflessen en één houder in het midden voor kleinere voorwerpen zoals persoonlijke media-apparatuur.

Life Fitness 97TE - LEESREK EN ACCESSOIREHOUDERS - 1

OPMERKING: Aangezien het leesmateriaal vóór het touchscreen staat, moet u voorzichtig zijn wanneer u leesmateriaal op het rek plaatst, en ervoor zorgen dat u de knoppen niet per ongeluk aanraakt wanneer u de bladzijden omslaat.

3

Onderzoek heeft uitgewezen dat het aanhouden van een specifieke hartslag bij de training de optimale wijze is om de intensiteit van de training te meten en de beste resultaten te bereiken. Hierop is de trainingsmethode Hartslagzonetraining van Life Fitness gebaseerd.

Zonetraining bepaalt iemands ideale hartslagbereik of hartslagzone voor het verbranden van vet of het verbeteren van de cardiovasculaire conditie. De zone is een percentage van het theoretische maximum ^+ (HSmax), en de waarde hangt af van de training. De Life Fitness loopband heeft vijf exclusieve trainingen die de voordelen van Hartslagzonetraining ten volle benutten.

• VETVERBRANDING • HARTSLAG HEUVEL • EXTREME HARTSLAG
• CARDIO • HARTSLAG INTERVAL

Elke training heeft andere voordelen, zoals wordt besproken in hoofdstuk 4, De trainingen.

OPMERKING: Het verdient aanbeveling een fitnesstrainer te raadplegen voor het bepalen van specifieke fitnessdoelen en het opstellen van een trainingsprogramma.

De Hartslagzonetraining programma's meten de hartslag. Draag de optionele telemetrieborstband, of pak de Lifepulse-sensors vast, zodat de ingebouwde computer van de loopband de hartslag tijdens de training kan meten. De computer stelt de hellingshoek automatisch bij om de streefhartslag*, gebaseerd op de werkelijke hartslag, te handhaven.

Om de streefhartslag tijdens de training te veranderen hoeft u alleen maar een nieuwe streefhartslag in te voeren, hetzij met behulp van de pijltoetsen op het bedieningspaneel vlak onder de streefhartslag, of door op de knop Streefhartslag op het touchscreen te drukken en het instellingsscherm aan te passen.

Het programma kan tijdens de training veranderd worden met de knop VERANDER TRAINING.

ZONE TRAININGVETVERBRANDING = LAGE INTENSITEITCARDIO = HOGE INTENSITEIT
LEEFTIJD65%80%
10136168
20130160
30123152
40117144
50110136
60104128
7097120
8091112
9084104
1007896
AANBEVOLEN STREEFHARTSLAGALS % VAN MAX. HARTSLAGBEREIKVOLGENS ACSM:55% - 90%

3.2 HARTSLAGMETING

HET LIFEPULSE™-SYSTEEM

Pak de roestvrijstalen sensors op de Ergo™ voorste handgreep vast om de hartslag tijdens de training te meten met het Lifepulse-systeem van de loopband. Op elk van de handgrepen bevinden zich twee sensors. U moet contact maken met alle vier de sensors om een hartslagmeting te krijgen. De hartslag verschijnt op het bedieningspaneel binnen 20 tot 30 seconden na het contact met de sensors.

Probeer de sensors niet vast te pakken bij snelheden boven het wandeltempo (gewoonlijk boven 7,2 km/u). Bij deze snelheden wordt het gebruik van een hartslagborstband aanbevolen.

DE OPTIONELE HARTSLAGBORSTBAND

De Life Fitness loopband is uitgerust met Polar® telemetrie, een hartslagmeetsysteem waarbij op de huid gedrukte elektroden hartslagsignalen naar het bedieningspaneel van de loopband overbrengen. Deze elektroden zijn bevestigd aan een borstband die de gebruiker tijdens de training draagt. De borstband is optioneel. Om hem te bestellen kunt u de klantendienst van Life Fitness bellen, tel. 1-800-351-3737.

Zie het onderstaande diagram voor de juiste plaatsing van de band. De elektroden (A), de twee oneffen vlakken aan de onderkant van de band, moeten nat blijven om de elektrische impulsen van het hart nauwkeurig naar de ontvanger te kunnen zenden. Bevochtig de elektroden. Zet de band dan zo hoog mogelijk onder de borstspieren vast. De band moet stevig zitten, maar comfortabel genoeg om normaal te kunnen ademen.

De zenderband brengt de hartslagwaarde optimaal over wanneer de elektroden direct contact met de blote huid maken. Hij werkt echter ook goed door een dunne laag natte kleding.

Als u de borstbandelektroden opnieuw moet bevochtigen, trek dan het midden van de band van de borst af zodat de twee elektroden zichtbaar worden en bevochtig ze.

Tijdens het instellen van een hartslagzonetraining moet de gebruiker een startsnelheid invoeren. Als er geen hartslagborstband wordt waargenomen, is de toegestane maximumsnelheid 7,2 km/u. Als er wel een hartslagborstband wordt waargenomen, is de toegestane maximumsnelheid 19,2 km/u (24 km/u op de 97Te).

Life Fitness 97TE - DE OPTIONELE HARTSLAGBORSTBAND - 1

text_image A A

4

DE TRAININGEN

4.1 TRAININGEN - OVERZICHT

De volgende trainingen zijn vooraf geprogrammeerd voor de Life Fitness loopband.

SNELSTART is de snelste manier om de training te beginnen, daar de stappen die nodig zijn voor het kiezen van een specifiek trainingsprogramma worden overgeslagen. Wanneer u op SNELSTART drukt, begint een training op constant niveau. Het intensiteitsniveau verandert niet automatisch.

MANUEEL is een training met constante inspanning waarbij de gebruiker het weerstandsniveau of de snelheid op ieder moment kan veranderen.

VERRASSING is een intervaltraining met voortdurend veranderende intensiteitsniveaus zonder regelmaat in patroon of voortgang.

HEUVEL is een intervaltraining. Intervallen zijn periodes van intensieve aërobe training met daartussen regelmatige periodes van minder intensieve training.

VETVERBRANDING is een weinig intensieve training om de vetreserves van het lichaam te verbranden. De gebruiker draagt een hartslagborstband of houdt de Lifepulse-sensors voortdurend vast. Het programma stelt het intensiteitsniveau bij door de helling (hoogte) te veranderen, gebaseerd op de werkelijke hartslag, om deze op 65 procent van het theoretische maximum ^+ te handhaven.

CARDIO is een intensievere training voor fittere gebruikers, met nadruk op cardiovasculaire voordelen en maximale vetverbranding. De gebruiker draagt een hartslagborstband of houdt de Lifepulse-sensors voortdurend vast. Het programma stelt het intensiteitsniveau bij, gebaseerd op de werkelijke hartslag, om deze op 80 procent van het theoretische maximum te handhaven.

ZONETRAINING zijn trainingen die gericht zijn op specifieke bereiken of zones, om een hartslag te handhaven waarbij optimale trainingsresultaten worden behaald. Zonetrainingen zijn:

HARTSLAG HEUVEL brengt de gebruiker langs drie verschillende heuvels gebaseerd op de streefhartslag*. De gebruiker draagt een hartslagborstband of houdt de Lifepulse-sensors voortdurend vast.

HARTSLAG INTERVAL wisselt af tussen een heuvel en een dal gebaseerd op de streefhartslag*. De gebruiker draagt een hartslagborstband of houdt de Lifepulse-sensors voortdurend vast.

EXTREME HARTSLAG is een intense training voor ervaren gebruikers. Het doel ervan is om de hartslag zo snel mogelijk omhoog en omlaag te brengen. De gebruiker draagt een hartslagborstband of houdt de Lifepulse-sensors voortdurend vast.

De trainingen FITNESS TESTEN meten de cardiovasculaire conditie en kunnen gebruikt worden om elke vier tot zes weken de vooruitgang van het uithoudingsvermogen te meten.

LIFE FITNESS FIT TEST biedt zes verschillende trainingen om uw cardiovasculaire conditie te meten vergeleken met leeftijdgenoten van hetzelfde geslacht.

AANVULLENDE CONDITIETESTS zijn beschikbaar als ze in de managersconfiguraties zijn ingeschakeld. Zie hoofdstuk 5.1, Managersconfiguratie, Fit Test Plus voor informatie over het activeren van deze aanvullende tests. Deze zijn:

ARMY FYSIEKE CONDITIETEST (PHYSICAL FITNESS TEST, PFT) is een fysieke prestatietest van 3 km die wordt gebruikt om het uithoudingsvermogen van de spieren en de conditie van hart en longen te beoordelen.

NAVY FYSIEKE VAARDIGHEIDSTEST (PHYSICAL READINESS TEST, PRT) is het hardloopgedeelte van de Navy PFT. Het is een test met een afstandsdoel van 2,5 km, gebaseerd op de tijd waarin de vereiste afstand wordt afgelegd, en wordt door de Amerikaanse marine en marineopleidingen gebruikt om aërobe capaciteit te meten.

AIR FORCE FYSIEKE VAARDIGHEIDSTEST (PHYSICAL READINESS TEST, PRT) is een fysieke prestatietest van 2,5 km die wordt gebruikt om het uithoudingsvermogen van de spieren en de conditie van hart en longen te beoordelen.

MARINES FYSIEKE CONDITIETEST (PHYSICAL FITNESS TEST, PFT) is een fysieke prestatietest van 5 km die wordt gebruikt om het uithoudingsvermogen van de spieren en de conditie van hart en longen te beoordelen.

GERKIN PROTOCOL is een test met score voor submaximaal VO2 die wordt toegepast door de internationale vereniging van brandbestrijders om te bepalen of iemand in conditie is om bij de brandweer te werken.

FYSIEKE EFFICIËNTIETESTS (PHYSICAL EFFICIENCY BATTERY, PEB) worden toegepast bij de Amerikaanse federale ordehandhaving, het Amerikaanse Federal Bureau of Investigation en andere federale organisaties voor het in dienst nemen en houden van personeel op federaal niveau.

PERSONAL TRAINER trainingen zijn aangepaste trainingen die bedoeld zijn voor gevorderde gebruikers of om samen met een personal trainer te gebruiken. Deze trainingen zijn:

SPORTTRAINING (5K) is training met een afstandsdoel dat een echt terrein met verschillende hellingsgraden simuleert. Het dient om hardlopers te helpen bij hun training voor een wedstrijd van 5 kilometer.

SPORTTRAINING (10K) is training met een afstandsdoel dat een echt terrein met verschillende hellingsgraden simuleert. Het dient om hardlopers te helpen bij hun training voor een wedstrijd van 10 kilometer.

SPORT TRAININGTM (DUUR, AFSTAND OF CALORIEËN) is een op duur, afstand of calorieën gebaseerde training.

SNELHEIDSINTERVAL laat de gebruiker wisselen tussen jog- en rensnelheid. De gebruiker kan tijdens de training op ieder moment tussen de snelheden wisselen of de snelheden aanpassen.

AANGEPASTE TRAININGEN laten de gebruiker kiezen uit zes aangepaste trainingen die door de fitnessdeskundige van het centrum geprogrammeerd zijn.

4.2 T RAININGEN UITVOEREN

Kies een training of log in op de trainingsdatabase van een fitnessnetwerk. Zie de tabel aan het begin van hoofdstuk 4.3 voor een overzicht van de benodigde stappen voor het instellen van elke training.

1) EEN TRAINING BEGINNEN

Zonder netwerk raakt u het scherm aan om te STARTEN. In het berichtengebied verschijnt de prompt: "KIES UW TRAINING OF DRUK OP ? VOOR MEER INFORMATIE." Kies een trainingsprogramma om mee te beginnen.

Indien een optioneel netwerk aanwezig is, raakt u het scherm aan om te STARTEN. In het berichtengebied verschijnt de prompt: "KIES UW TRAINING, VOER UW NETWERK ID IN OF DRUK OP ? VOOR MEER INFORMATIE" en een "NETWERK ID" knop verschijnen op het trainingskeuzescherm. Kies een training of log in op de trainingsdatabase van het netwerk en download de vooringestelde training.

Om op het netwerk in te loggen, drukt u op NETWERK ID en voert u het ID-nummer van de gebruiker in met het NUMERIEKE TOETSENBLOK. Druk op Invoeren.

SNELSTART KIEZEN EN GEBRUIKEN

SNELSTART is de snelste manier om de training te beginnen, daar de stappen die nodig zijn voor het kiezen van een specifiek trainingsprogramma worden overgeslagen. Druk op het startscherm op SNELSTART. De training begint op een intensiteitsniveau dat gelijk blijft, tenzij het met de hand wordt veranderd. Kies TOETS GEWICHT IN zodat METS, Watt en Verbrande calorieën/Calorieën/Uur berekend en als trainingsstatistieken weergegeven kunnen worden.

2) TRAINING KIEZEN

Wanneer u verzocht wordt om een training te kiezen, raakt u de knop van de gewenste training aan. Op het touchscreen verschijnen dan de overeenkomstige schermen voor trainingsinstelling, waaronder het soort doel (duur, afstand en calorieën), niveau, leeftijd, gewicht, afstand, snelheid, helling en streefhartslag*. Druk na elke keuze op INVOEREN om deze te registreren. Nadat de waarden zijn ingesteld, verschijnt het trainingsverloopscherm en begint de training.

Voor MANUEEL, VETVERBRANDING, HEUVEL, VERRASSING en CARDIO kiest u de desbetreffende knop om rechtstreeks naar de schermen Trainingsinstelling te gaan.

Voor HARTSLAG HEUVEL, HARTSLAG INTERVAL en EXTREME HARTSLAG kiest u ZONETRAINING waarna u een keuze doet.

Voor SPORTTRAINING (5K), SPORTTRAINING (10K), SPORT TRAINING (DOEL), SNELHEIDSINTERVAL of AANGEPASTE TRAININGEN kiest u PERSONAL TRAINER waarna u een keuze doet.

Voor LIFE FITNESS FIT TEST kiest u FITNESS TESTEN waarna u een keuze doet. Aanvullende conditietests zijn beschikbaar als ze in de managersconfiguraties zijn ingeschakeld. (Zie hoofdstuk 5.1, Managersconfiguratie, Fit Test Plus voor verdere informatie.) Deze tests zijn: FYSIEKE EFFICIËNTIETESTS, GERKIN, NAVY PRT, AIR FORCE PRT, ARMY PFT en MARINES PFT.

3) TRAININGSDOELEN INVOEREN

SOORT DOEL KIEZEN

De standaardinstelling voor Soort doel is DUUR (duur van de training). Wanneer u verzocht wordt om een streefduur in te voeren, kunt u de weergegeven duur met de PIJLTOETSEN verhogen of verlagen tot de gewenste waarde, of de gewenste waarde op het NUMERIEKE TOETSENBORD intoetsen, waarna u op INVOEREN drukt.

Trainingen kunnen geprogrammeerd worden om andere geavanceerde doelen te bereiken dan Duur (het standaarddoel):

• AFSTAND
• CALORIEËN
- DUUR BINNEN ZONE (alleen voor hartslagtrainingen)

De functie Afstandprogramma dient om het uithoudingsvermogen op te bouwen. De gebruiker stelt een afstandsdoel tijdens het instellen van de training. Als het doel bereikt is, gaat de training automatisch over op een afkoelingsfase en eindigt daarna. Ga als volgt te werk:

  1. Kies een training.
  2. Kies AFSTAND in het instellingsscherm Soort doel, voer het gewenste afstandprogramma in en raak INVOEREN aan.
  3. Voer de stappen voor het samenstellen van de gekozen training uit.
  4. Begin de training.

De functie Calorieprogramma dient om gewichtsverlies en gewichtsbeheersing te bevorderen. De gebruiker stelt een doel voor calorieën tijdens het instellen van de training. Als het doel bereikt is, gaat de training automatisch over op een afkoelingsfase en eindigt daarna. Ga als volgt te werk:

  1. Kies een training.
  2. Kies CALORIEËN in het instellingsscherm Soort doel, voer het gewenste calorieprogramma in en raak INVOEREN aan.
  3. Voer de stappen voor het samenstellen van de gekozen training uit.
  4. Begin de training.

Het doelprogramma Duur Binnen Zone versterkt een training door een bepaalde duur binnen de streefhartslag* als een trainingsdoel in te stellen. Het programma wijzigt de weerstand automatisch om een tempo te handhaven waarbij het doel binnen de betreffende duur bereikt zal worden. Als het doel bereikt is, gaat de training automatisch over op een afkoelingsfase. Ga als volgt te werk om de functie 'Doel: Duur Binnen Zone' te gebruiken:

  1. Kies een training.
  2. Kies DUUR BINNEN ZONE in het instellingsscherm Soort doel, voer de gewenste tijdsduur in en raak INVOEREN aan.
  3. Voer de stappen voor het samenstellen van de gekozen training uit.
  4. Begin de training.

OPMERKING: Duur Binnen Zone staat direct in verband met het fitnessniveau. Aangezien het programma de weerstand blijft verhogen totdat het doel is bereikt, kan het verstandig zijn om laag te beginnen en naar een hoger doel toe te werken. Kies op ieder gewenst moment AFKOELING om de training af te sluiten en onmiddellijk naar een afkoelingsfase te gaan.

Raadpleeg een personal trainer voor hulp bij het stellen van doelen voor DUUR BINNEN ZONE.

Zie hoofdstuk 3.1, Waarom hartslagzonetraining?, voor meer informatie over hartslagzonetraining.

INTENSITEITSNIVEAU

Met de Life Fitness loopband kan het intensiteitsniveau van een training op verschillende manieren worden aangepast. Wanneer u daarom verzocht wordt, kunt u de weergegeven waarde van het intensiteitsniveau of de streefhartslag* met de PIJLTOETSEN verhogen of verlagen tot de gewenste waarde, of de gewenste waarde kiezen met het NUMERIEKE TOETSENBORD waarna u op INVOEREN drukt. Pas het niveau tijdens de training aan zoals nodig of gewenst.

  • Intensiteitsniveau: De Life Fitness loopband biedt een keuze van 20 intensiteitsniveaus. Elk niveau verwijst naar een hellingsbereik, uitgedrukt in percentage. (Zie hoofdstuk 4.4, Effectief trainen op de Life Fitness loopband, voor een tabel met alle 20 niveaus.) Het venster Trainingsprofiel geeft de intensiteitsniveaus van een aan de gang zijnde training weer als proportionele kolommen. De hoogte van de meest linkse kolom is evenredig met het actuele intensiteitsniveau. Het verdient aanbeveling eerst een laag intensiteitsniveau te kiezen. Naarmate uw fysieke conditie verbetert, kunt u hogere niveaus kiezen.
  • Streefhartslag: de programma's die de streefhartslag* berekenen, baseren dit getal op de leeftijd van de gebruiker en het soort training. De gebruiker accepteert de hartslag of past hem aan bij het instellen van de training. Tijdens de training zelf leest het programma de hartslag af, die via de Polar hartslagborstband of de Lifepulse-sensors is overgezonden, en gebruikt het deze gegevens om de weerstand aan te passen. Wanneer de hartslag met de hand wordt verhoogd, neemt de intensiteit van de cardiovasculaire training toe.

4) TRAININGSWAARDEN INVOEREN

LEEFTIJD: Wanneer u verzocht wordt om uw leeftijd in te voeren, kunt u de weergegeven leeftijd met de PIJLTOETSEN verhogen of verlagen tot de juiste waarde, of de juiste waarde met het NUMERIEKE TOETSENBLOK invoeren waarna u op INVOEREN drukt.

Trainingsprogramma's van Life Fitness loopbanden die een streefhartslagzone* instellen berekenen eerst de theoretische maximale hartslag† van de gebruiker door de leeftijd van de gebruiker af te trekken van het getal 220. De programma's berekenen vervolgens de streefzone als een percentage van het theoretische maximum.

GEWICHT: Kies het gewicht en druk op INVOEREN. Wanneer het juiste gewicht wordt ingevoerd, kunnen de calorieën nauwkeuriger worden berekend en kunnen Watt en METS worden berekend en weergegeven.

GESLACHT: Kies het geslacht en druk op Invoeren. (Gebruikt voor de Fitness Test trainingen.)

5) MARATHONMODUS GEBRUIKEN

Als de Marathonmodus geactiveerd is, verschijnt een knop Marathonmodus op het invoerscherm voor duur bij het configureren van een training. Wanneer de Marathonmodus wordt gekozen, wordt de training ingesteld op een onbeperkte tijdsduur. De training kan dan alleen worden beëindigd door de gebruiker of een van de noodstopsystemen.

Binnen een training kan de Marathonmodus worden veranderd door op de toets Duur te drukken. Wanneer u op de toets Duur drukt, kunt u een streefduur instellen zolang die niet korter is dan de tijd die al in de training is doorgebracht. Er moet een nieuwe streefduur worden ingesteld en ingevoerd om de Marathonmodus op te heffen.

6) TRAININGEN VERANDEREN/BEËINDIGEN

TIJDENS HET TRAINEN OP EEN ANDERE TRAINING OVERSCHAKELEN

Het is mogelijk om tijdens een training op een ander trainingsprogramma over te schakelen.

Na het overschakelen bewaart het bedieningspaneel alle voortgangsinformatie over de training vanaf het begin. U hoeft alleen maar op VERANDER TRAINING te drukken en een nieuwe training te kiezen om tijdens het trainen op een andere training over te gaan. Om op een nieuwe training over te schakelen en de informatie over het trainingsverloop opnieuw te starten kiest u VERANDER TRAINING en daarna RESET.

TRAININGSDOELEN TIJDENS EEN TRAINING VERANDEREN

Tijdens een training kan het trainingsdoel (Duur, Afstand, Calorieën en Duur Binnen Zone voor hartslagprogramma's) worden veranderd. Om het soort doel aan te passen of een ander doel te kiezen, raakt u Verander training en vervolgens PAS DOEL AAN aan, waarmee u op het scherm met het soort doel komt, waarop als standaardinstellingen het actuele soort doel en de actuele waarde staan. Om de doelwaarde te veranderen, gebruikt u de pijltoetsen of het numerieke toetsenbord, waarna u INVOEREN aanraakt. Om het soort doel te veranderen, kiest u een ander doel, waarna u een waarde invoert en INVOEREN aanraakt. Na het overschakelen bewaart het bedieningspaneel alle informatie over het trainingsverloop vanaf het begin.

TRAININGEN ONDERBREKEN

Druk op deze toets om de band te stoppen en de huidige training te onderbreken. De knop HERNEEM TRAINING verschijnt op het touchscreen. Ga verder met de training door op HERNEEM TRAINING te drukken of door nogmaals op PAUZE te drukken. De standaardduur van de pauze is 1 minuut (door de manager in te stellen), waarna het bedieningspaneel naar het welkomstscherm teruggaat.

Een training kan ook worden onderbroken door SNELHEID OMLAAG ingedrukt te houden. Als een gebruiker tijdens de training de snelheid tot het minimum vermindert en de pijl SNELHEID OMLAAG ingedrukt houdt, komt de snelheid op 0 km/u, oftewel de pauzemodus. De minimumsnelheid is 0,8 km/u, tenzij dit in de managersconfiguratie is gewijzigd. Zie hoofdstuk 5.2, Configuratie-instellingen, voor meer informatie.

TRAININGEN VOORTIJDIG BEËINDIGEN

Om een training voortijdig te beëindigen drukt u op AFKOELING op het bedieningspaneel om direct naar de afkoelingsfase te gaan. Het programma stelt een afkoelingsduur vast die evenredig is met de in de training doorgebrachte tijdsduur. Na afloop van de afkoeling verschijnt een overzicht van de training, dat de afgelegde afstand, het totaal aantal verbrande calorieën en andere gegevens omvat. Om het programma zonder afkoeling af te sluiten, drukt u op STOP of kiest u VERANDER TRAINING en vervolgens RESET.

4.3 TRAININGEN - BESCHRIJVING

STAPPEN BIJ HET INSTELLEN VAN TRAININGEN MET DE LIFE FITNESS LOOPBANDOPMERKING: DRUK NA HET INVOEREN VAN EEN WAARDE (LEEFTIJD, GEWICHT, LENGTE, GESLACHT) OFEEN DOEL (DUUR, NIVEAU, HELLING, SNELHEID, SHS) OP INVOEREN OM DE KEUZE TE REGISTREREN.
ALLEENSTAANDETRAININGENPERSONAL TRAINERTRAININGENFITNESS TESTENTRAININGENZONETRAININGEN
SNELSTARTKies SNELSTARTBegin de trainingWijzig niveauVoer desgewenst gewicht inKIES PERSONAL TRINEROM TOEGANG TEKRIJGEN TOT:SPORTTRAINING-5KKies SPORTTRAINING 5KVoer gewicht inVoer niveau inVoer snelheid inBegin de trainingKIES FITNESS TESTEN OMTOEGANG TE KRIJGEN TOT:LIFE FITNESS FIT TEST**Kies LIFE FITNESSFIT TESTVoer gewicht inVoer leeftijd inVoer geslacht inVoer snelheid inBegin de trainingKIES ZONETRAINING OMTOEGANG TE KRIJGEN TOT:HARTSLAG HEUVEL**Kies HARTSLAG HEUVELVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inVoer leeftijd inVoer SHS* inVoer snelheid inBegin de training
VERRASSINGKies VERRASSINGVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inVoer niveau inVoer snelheid inBegin de trainingSPORTTRAINING-10KKies SPORTTRAINING 10KVoer gewicht inVoer niveau inVoer snelheid inBegin de trainingFIT TEST PLUSTRAININGEN: (INDIENGEACTIVEERD)PEBKies PEBVoer gewicht inVoer leeftijd inVoer geslacht inVoer snelheid inBegin de trainingHARTSLAG INTERVAL**Kies HARTSLAG INTERVALVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inVoer leeftijd inVoer SHS* inVoer snelheid inBegin de training
MANUEELKies MANUEELVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inVoer helling inVoer snelheid inBegin de trainingSPORT TRAINING (DOEL)Kies SPORT TRAINING(DOEL)Voer gewicht inVoer del inVoer niveau inVoer snelheid inBegin de trainingGERKIN PROTOCOL**Kies GERKINVoer gewicht inVoer leeftijd inVoer SHS* inBegin de trainingEXTREME HARTSLAG**Kies EXTREME HARTSLAGVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inVoer leeftijd inVoer SHS* inVoer wandelsnelheid inVoer jogsnelheid inBegin de training
VETVERBRANDING**Kies VETVERBRANDINGVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inVoer leeftijd inAccepteer SHS*Voer snelheid inBegin de trainingSNELHEIDSINTERVALKiesSNELHEIDSINTERVALVoer gewicht inVoer duur inVoer helling inVoer jogsnelheid inVoer rensnelheid inNAVY PRTKies NAVY PRTKies de hoogteVoer gewicht inVoer leeftijd inVoer geslacht inVoer snelheid inBegin de training
HEUVELKies HEUVELVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inKies niveauVoer snelheid inBegin de trainingAANGEPASTE TRAININGENKies AANGEPASTETRAININGENKies trainingVoer gewicht in(Als het soort aangepastetraining Snelheid/Hellingis)Voer max snelheid inBegin de training(Als het soort aangepastetraining Streefhartslag is)Voer leeftijd in.Voer de snelheid in.Begin de trainingAIR FORCE PRTKies AIR FORCE PRTVoer gewicht inVoer leeftijd inVoer geslacht inVoer snelheid inBegin de training
CARDIO**Kies CARDIOVoer gewicht inVoer soort doel endoelwaarde inVoer leeftijd inVoer SHS* inVoer snelheid inBegin de trainingARMY PFTKies ARMY PFTVoer gewicht inVoer leeftijd inVoer geslacht inVoer snelheid inBegin de training
MARINES PFTKies MARINES PFTKies de hoogteVoer gewicht inVoer leeftijd inVoer geslacht inVoer snelheid inBegin de training
*Bij deze training moet de gebruiker de Polar hartslagborstband dragen of de Lifepulse-sensors vasthouden.** Streefhartslag (SHS) is een percentage van het theoretische maximum. De SHS van een 40-jarige voor deDe streefhartslag van deze training is 65 procent van het maximum, dus (220-40) x 0,65 = 117.VETVERBRANDING training is 117.

SNELSTART

SNELSTART is de snelste manier om de training te beginnen, daar de specifieke stappen die nodig zijn voor het kiezen van een specifiek trainingsprogramma worden overgeslagen. Wanneer u op de knop (touchscreen) of toets (bedieningspaneel) SNELSTART drukt, begint de MANUELE training. Om METS, Watt en Verbrande calorieën/Calorieën/Uur tijdens een training te berekenen en weer te geven, raakt u de knop TOETS GEWICHT IN aan, die nodig is om deze waarden te berekenen.

De snelheid wordt op het laagste niveau ingesteld. Om de snelheid te veranderen en in het scherm Trainingsverloop te blijven, drukt u op het bedieningspaneel op de PIJLEN OMHOOG of OMLAAG die overeenkomen met de knop SNELHEID. De snelheid kan ook veranderd worden door de knop SNELHEID op het touchscreen aan te raken, waardoor u op het instellingsscherm voor snelheid komt.

De hellingshoek is standaard op nul ingesteld. Om de helling te veranderen en in het scherm Trainingsverloop te blijven, drukt u op het bedieningspaneel op de PIJLEN OMHOOG of OMLAAG die overeenkomen met de knop HELLING. De helling kan ook veranderd worden door de knop HELLING op het touchscreen aan te raken, waardoor u op het instellingsscherm voor helling komt.

MANUEEL

Het programma MANUEEL is een training met constante inspanning waarbij de gebruiker het weerstandsniveau of de snelheid op ieder moment kan veranderen.

VERRASSING

Het programma VERRASSING maakt een terrein van heuvels en dalen dat bij elke training varieert. Er zijn meer dan een miljoen verschillende patronen mogelijk.

VETVERBRANDING

Bij training voor VETVERBRANDING moet de hartslag van de gebruiker voor optimale resultaten op 65 procent van het theoretische maximum ^† (HSmax) blijven. Bij deze training draagt de gebruiker een borstband, of pakt hij/zij de Lifepulse-sensors vast. Als de gebruiker geen borstband draagt, staat op het scherm TRAININGSVERLOOP een hartje, en in het berichtengebied een prompt om de sensors vast te pakken. Het bedieningspaneel meet voortdurend de hartslag en geeft hem weer; het intensiteitsniveau van de loopband wordt automatisch bijgesteld om de streefwaarde* te bereiken en te handhaven (zie de onderstaande opmerking). Dit systeem voorkomt zowel over- als ondertraining; de aërobe voordelen van de training worden hierbij ten volle benut doordat het lichaamsvet als energiebron wordt gebruikt.

CARDIO

De CARDIO training is vrijwel identiek met VETVERBRANDING, maar de streefhartslag** wordt berekend op 80 procent van het theoretische maximum† (HSmax). De hogere streefhartslag bevordert cardiovasculaire vooruitgang omdat de hartspier zwaarder belast wordt (zie de onderstaande opmerking).

OPMERKING: Het intensiteitsniveau wordt veranderd door de helling. De snelheid kan alleen door de gebruiker worden veranderd. U kunt de streefhartslag op ieder tijdstip gedurende de training veranderen met behulp van de pijltoetsen onder de SHS, of door de knop SHS aan te raken en naar het scherm Streefhartslagtraining instellen te gaan.

HEUVEL

De door Life Fitness gepatenteerde HEUVEL training biedt diverse configuraties voor intervaltraining. Intervallen zijn periodes van intense cardiovasculaire training met daartussen regelmatige periodes van minder intensieve training. Op het scherm TRAININGSPROFIEL worden deze hoge en lage intervallen weergegeven als kolommen van lichtjes, die er samen uitzien als heuvels en dalen. Het is wetenschappelijk aangetoond dat de computergestuurde intervaltraining grotere cardiorespiratoire vooruitgang bevordert dan training op een vast tempo.

De HEUVEL training doorloopt vier fasen, die elk een ander intensiteitsniveau hebben. Op het scherm TRAININGSPROFIEL wordt de voortgang van deze fasen weergegeven. Zoals blijkt uit de onderstaande beschrijvingen moet de hartslag tijdens twee stadia in de training worden gemeten om de doeltreffendheid te kunnen beoordelen. Draag de hartslagborstband of houd de Lifepulse™ handgrepen continu vast. In het berichtengebied wordt geen verzoek om een hartslagmeting weergegeven, zoals wel het geval is bij CARDIO, VETVERBRANDING en de HARTSLAGZONETRAINING programma's.

1 Opwarming is een fase van lage, geleidelijk toenemende weerstand, waarin de hartslag tot de ondergrens van de streefzone komt en de ademhaling en bloedstroom naar werkende spieren toenemen.
2 In Plateau neemt de intensiteit iets toe en blijft deze constant zodat de hartslag tot de ondergrens van de streefzone komt. Controleer de hartslag aan het einde van deze fase.
3 Intervaltraining is een serie steeds steilere heuvels, afgewisseld door dalen om op adem te komen. De hartslag moet toenemen tot de bovengrens van de streefzone. Controleer de hartslag aan het einde van deze fase.
4 Afkoeling is een minder intense fase waarin het lichaam kan beginnen met de afvoer van melkzuur en andere bijproducten van training, die zich in de spieren ophopen en mede oorzaak van spierpijn zijn.

Life Fitness 97TE - HEUVEL - 1

bar TERREIN (HEUVELS EN DALEN) | Category | Value | |---|---| | OPWARMING | 10 | | PLATEAU | 25 | | INTERVALTRAINING | 40 | | AFKOELING | 60 |

Elke kolom die u in het TRAININGSPROFIELSCHERM en bovenstaande tabel ziet, staat voor één interval. De totale duur van de training bepaalt de lengte van elk interval. Elke training bestaat uit 20 intervallen, dus de duur van elk interval is gelijk aan de duur van de gehele training gedeeld door 20.

1 tot 9 minuten: Een training die minder dan 10 minuten duurt, is te kort voor het HEUVEL programma om alle vier de fasen goed te kunnen voltooien. Bij een dergelijke training condenseert het programma dus diverse stadia.

10 tot 19 minuten: De duur van de intervallen is aanvankelijk op 30 seconden ingesteld voor een training van 10 minuten. Voor elke minuut boven de 10 neemt elk interval met drie seconden toe. Een training van 15 minuten bestaat uit 20 intervallen van elk 45 seconden.

20 tot 99 minuten: Alle intervallen duren 60 seconden. Als de gebruiker minuten aan de vooraf ingestelde duur toevoegt terwijl de training aan de gang is, voegt het programma heuvels en dalen toe die identiek zijn met de eerste acht intervallen van de intervaltrainingsfase. Dit patroon wordt herhaald totdat de training voltooid is.

PERSONAL TRAINER

1) SPORT TRAINING ™

Deze streefafstandstraining is bedoeld voor hardlopers die voor wedstrijden trainen. Het programma maakt realistische terreinen door op de baan verschillende hellingshoeken in te stellen. De hellingshoeken hangen af van de moeilijkheidsgraad die tijdens het opstellen van de training is gekozen. Een hellingshoek van 1,5 procent, het basislijnniveau, simuleert een vlak loopoppervlak. Een helling van nul procent simuleert hellingafwaarts hardlopen. De duur van de hellingen varieert tussen 30 en 60 seconden. De baan eindigt wanneer de streefafstand is bereikt. Er zijn twee Sport Training™ programma's beschikbaar op de loopband:

  • SPORT TRAINING™ (5K) is een baan van 5 kilometer.
  • SPORT TRAINING™ (10K) is een baan van 10 kilometer.
  • SPORT TRAINING (DUUR, AFSTAND OF CALORIEËN) is een op duur, afstand of calorieën gebaseerde training.

Dit intervaltrainingprogramma verhoogt de hartslag en verlaagt hem weer met door de gebruiker bepaalde intervallen door te wisselen tussen een door de gebruiker bepaalde JOG- en REN-snelheid. Ga als volgt te werk om het programma Snelheidsinterval te gebruiken:

1) Voer gewicht, duur en helling in en kies dan een jogsnelheid en een rensnelheid. De loopband versnelt tot de jogsnelheid.
2) Om op rensnelheid over te gaan, raakt u de knop SNELHEIDSINTERVAL op het touchscreen aan. Het apparaat versnelt tot de vooringestelde rensnelheid. Wanneer u klaar bent om naar de jogsnelheid terug te gaan, raakt u de knop SNELHEIDSINTERVAL nogmaals aan, waarna het apparaat geleidelijk terugkeert tot de vooringestelde jogsnelheid.
3) U kunt zo vaak u wilt wisselen tussen intervallen met jog- en rensnelheid.
4) Om de snelheid tijdens een interval te verhogen of te verlagen, gebruikt u de desbetreffende pijltoetsen op het bedieningspaneel, of raakt u JOGSNELHEID of RENSNELHEID (afhankelijk van het actuele interval) op het touchscreen aan en voert u een nieuwe parameter in. OPMERKING: De snelheid wordt alleen voor het actuele interval aangepast. De volgende keer dat u SNELHEIDSINTERVAL aanraakt, gaat het apparaat terug naar de aan het begin van het programma vooringestelde snelheid.
5) Om de vooringestelde jog- en/of rensnelheid te veranderen, raakt u VERANDER TRAINING, PERSONALTRAINER, SNELHEIDSINTERVAL aan en voert u een nieuwe jog- en rensnelheid in. De training gaat verder met de aangepaste snelheden als voorinstellingen.

3) AANGEPASTE TRAININGEN

Deze trainingsprogramma's zijn vooringestelde aangepaste trainingen die door de trainingsdeskundige van het centrum zijn opgesteld. Dit kunnen trainingen voor Snelheid/Helling of Streefhartslag zijn die voor specifieke resultaten zijn opgesteld. U kunt elk aangepast trainingsprofiel bekijken door op de toets AANZICHT en vervolgens op een knop Aangepaste training te drukken. Er verschijnt een scherm dat het interval- en hellingsprofiel voor de desbetreffende Aangepaste training toont. Kies BEGIN om een training met het weergegeven profiel te beginnen of kies de PIJL TERUG om naar het scherm Aangepaste trainingen terug te gaan. Raadpleeg de trainingsdeskundige van het centrum voor details over individuele aangepaste trainingen.

ZONETRAINING

Zonetraining zijn trainingen die gericht zijn op specifieke bereiken of zones, om een hartslag te handhaven waarbij optimale trainingsresultaten worden behaald.

1) HARTSLAG HEUVEL

Dit programma combineert het standaard HEUVEL trainingsprofiel met het concept van hartslagzonetraining. De standaard streefhartslag* wordt berekend als 80 procent van het theoretische maximum† (HSmax), maar de gebruiker kan de streefhartslag tijdens het opstellen van de training veranderen. Alle heuvels en dalen zijn percentages van HSmax. De training bestaat uit drie heuvels die gericht zijn op drie streefhartslagen: De eerste heuvel brengt de hartslag tot 70 procent van HSmax. De tweede heuvel voert de hartslag op tot 75 procent van HSmax. De derde heuvel komt overeen met de streefhartslag en brengt de hartslag tot 80 procent van HSmax. Het dal is altijd 65 procent van HSmax.

Na een standaard opwarmperiode van drie minuten gaat de training naar de eerste heuvel en de streefhartslag. Wanneer de gebruiker 70 procent van HSmax bereikt, gaat de heuvel nog een minuut door. Wanneer de minuut voorbij is, gaat het niveau omlaag tot een dal. Wanneer de hartslag van de gebruiker tot 65 procent van HSmax is gedaald, gaat het dal nog een minuut door. Dan begint de volgende heuvel met de bijbehorende streefhartslag. Wanneer de gebruiker het derde heuvel/dal-paar heeft voltooid, gaat het programma terug naar de eerste heuvel en wordt de cyclus herhaald voor de lengte van de ingestelde duur. Aan het einde van de duur gaat de training over tot een afkoelingsfase. Als de hartslag meer dan 45 seconden lang boven het theoretische maximum komt, gaat de loopband automatisch naar de pauzemodus. Als de gebruiker een streefhartslag niet na vijf minuten bereikt, geeft het berichtengebied een prompt weer om de snelheid te verhogen of te verlagen, naargelang de training in een heuvel- of dalfase is. Het programma gaat pas naar een nieuwe streefhartslag wanneer de gebruiker de huidige streefwaarde bereikt.

Life Fitness 97TE - 1) HARTSLAG HEUVEL - 1

Voorbeeld van een gebruiker: 80 procent van theoretisch maximum (HSmax) (40 jaar oud / aanbevolen SPM 144)

^ Dit komt volgens de “Guidelines for Exercise Testing and Prescription” (richtlijnen voor het testen en voorschrijven van training) van het American College of Sports Medicine overeen met 220 min uw leeftijd.
* Streefhartslag (SHS) is een percentage van het theoretische maximum (HSmax). De aanbevolen SHS van een 40-jarige voor de HARTSLAG HEUVEL training is 144, of 80 procent van het maximum, dus (220-40) x 0,8 = 144.

2) HARTSLAG INTERVAL

Ook dit programma combineert het standaard HEUVEL trainingsprofiel met het concept van hartslagzonetraining. De standaard streefhartslag* wordt berekend als 80 procent van het theoretische maximum† (HSmax), maar de gebruiker kan de streefhartslag tijdens het opstellen van de training veranderen. Deze training schakelt tussen een heuvel, die de hartslag tot de streefwaarde van 80 procent van HSmax brengt, en een dal, dat de hartslag tot 65 procent van HSmax verlaagt. Na een standaard opwarmperiode van drie minuten gaat de training naar de eerste heuvel en de streefhartslag. Wanneer de streefwaarde is bereikt, gaat de heuvel nog drie minuten door. Dan gaat het niveau omlaag in een dal. Wanneer 65 procent van HSmax is bereikt, gaat het dal drie minuten door, waarna de volgende heuvel begint. Het aantal heuvels en dalen binnen de duur wordt bepaald door de conditie van de gebruiker. Aan het einde van de duur gaat de training over tot een afkoelingsfase. Als de hartslag meer dan 45 seconden lang boven het theoretische maximum† komt, gaat de loopband automatisch naar de pauzemodus. Als de gebruiker een streefhartslag niet na vijf minuten bereikt, geeft het berichtengebied een prompt weer om de snelheid te verhogen of te verlagen, naargelang de training in een heuvel- of dalfase is. Het programma gaat pas naar een nieuwe streefhartslag wanneer de gebruiker de huidige streefwaarde bereikt.

Life Fitness 97TE - 2) HARTSLAG INTERVAL - 1

Voorbeeld van een gebruiker: 80 procent van theoretisch maximum
(HSmax) (40 jaar oud / aanbevolen SPM 144)

3) EXTREME HARTSLAG

Deze intense, gevarieerde training is bedoeld om meer ervaren gebruikers te helpen plateaus van conditieverbetering te doorbreken. De training wisselt zo snel mogelijk af tussen twee streefhartslagen*. Dit geeft het effect van sprinten. De gebruiker moet gedurende de gehele training een hartslagborstband dragen of de Lifepulse™-sensors vasthouden.

OPMERKING: Gebruikers die sneller dan 7,2 km/u lopen, wordt aangeraden de hartslagborstband te dragen en geen Lifepulse™-sensors te gebruiken.

Bij het opzetten van de training voert de gebruiker een streefhartslag in en kiest een wandelsnelheid en een jogsnelheid. Na een standaard opwarmperiode van drie minuten versnelt de loopband tot jogsnelheid en wordt de helling steiler totdat de gebruiker de streefhartslag van 85 procent van het theoretische maximum ^† (HSmax) bereikt. Die streefhartslag wordt gedurende een stabilisatieperiode gehandhaafd. Dan vermindert de helling tot 0 procent en de snelheid van de loopband tot wandelsnelheid. Wanneer de hartslag tot 65 procent van HSmax is gedaald, wordt deze gedurende een stabilisatieperiode gehandhaafd. Het programma herhaalt de afwisseling van snelheden en hellingshoeken en zet dit patroon tijdens de hele duur voort.

Als de gebruiker een streefhartslag niet na vijf minuten bereikt, geeft het berichtengebied een prompt weer om de snelheid te verhogen of te verlagen, naargelang de training in een heuvel- of dalfase is. Het programma gaat pas naar een nieuwe streefhartslag wanneer de gebruiker de huidige streefwaarde bereikt.

Life Fitness 97TE - 3) EXTREME HARTSLAG - 1

line | Condition | Timeframe | Percentage of HSmax | |---|---|---| | Opwarming | Toepoweren Interlekt | 85% HSmax Stabilisatieperiode | | Opwarming | Alpenonen Interlekt | 85% HSmax Stabilisatieperiode | | Trainingsprofiel EXTREME HARTSLAG | Toepoweren Interlekt | 65% HSmax | | Trainingsprofiel EXTREME HARTSLAG | Alpenonen Interlekt | 65% HSmax | | Afkoeling | Toepoweren Interlekt | 85% HSmax Stabilisatieperiode | | Afkoeling | Alpenonen Interlekt | 85% HSmax Stabilisatieperiode |

Life Fitness 97TE - 3) EXTREME HARTSLAG - 2

line | Phase | Timeframe | Value | |---|---|---| | Stabilisatieperiode | 118 SPM | 118 SPM | | Stabilisatieperiode | 153 SPM | 153 SPM | | Stabilisatieperiode | 118 SPM | 118 SPM | | Stabilisatieperiode | 153 SPM | 153 SPM | | Stabilisatieperiode | 118 SPM | 118 SPM | Voorbeeld van een gebruiker: 85 procent van theoretisch maximum (HSmax) (40 jaar oud / aanbevolen SPM 153)

^ Dit komt volgens de “Guidelines for Exercise Testing and Prescription” (richtlijnen voor het testen en voorschrijven van training) van het American College of Sports Medicine overeen met 220 min uw leeftijd.
* Streefhartslag (SHS) is een percentage van het theoretische maximum (HSmax). Bijvoorbeeld: de aanbevolen SHS van een 40-jarige voor de EXTREME HARTSLAG training is 153. De streefhartslag van het trainingsprogramma is 85 procent van het maximum, dus (220-40) x 0,85 = 153.

FITNESS TESTEN

LIFE FITNESS FIT TEST

Het programma Life Fitness Fit Test is een ander exclusief kenmerk van deze veelzijdige loopband. De training Fit Test meet de cardiovasculaire conditie en kan gebruikt worden om elke vier tot zes weken de vooruitgang van het uithoudingsvermogen te meten. De gebruiker moet de handsensors (indien aanwezig) vasthouden wanneer hiervoor een prompt verschijnt of een hartslagborstband dragen, daar de testscore berekend wordt op basis van een hartslagmeting. De duur van de training is vijf minuten op een helling van 5%. Onmiddellijk daarna meet het bedieningspaneel de hartslag van de gebruiker, berekent een conditiescore en geeft de score weer in het berichtengebied.

De Fit Test wordt beschouwd als een submax VO2 (zuurstofvolume) test. Hij meet hoe goed het hart de werkende spieren van zuurstofrijk bloed voorziet, en hoe efficiënt die spieren zuurstof uit het bloed opnemen. Artsen en fysiologen beschouwen deze test in het algemeen als een goede meting van aërobe capaciteit.

De Fit Test instellen:

• Kies FITNESS TESTEN, LIFE FITNESS FIT TEST.
- Doorloop de instellingsschermen voor de Fit Test, namelijk Gewicht, Leeftijd en Geslacht. Druk na elke keuze op INVOEREN om deze te registreren. (Na Geslacht hoeft u niet op Invoeren te drukken.)
- Het instellingsscherm voor Snelheid verschijnt. (VOER SNELHEID IN) (3,2 - 7,2 km/u). Raadpleeg de volgende tabel met aanbevolen Fit Test niveaus voor een geschikt inspanningsniveau gebaseerd op leeftijd, geslacht en activiteitsniveau. Druk na uw keuze op INVOEREN.

Nadat de FIT TEST van vijf minuten is voltooid, wordt een FIT TEST score weergegeven.

AANBEVOLEN INSPANNINGSNIVEAUS VAN HET FIT TEST PROGRAMMA

Inactief ActiefZeer actief
Fit Test niveau voor loopband3,2 - 4,8 km/u 4,8- 6,4 km/u 5,6 - 7,2 km/u

OPMERKING: De helling van de loopband wordt 5% na één minuut opwarmen.

De aanbevolen inspanningsniveaus moeten gebruikt worden als richtlijn voor het instellen van het Fit Test programma. Het doel is om de hartslag van de gebruikers te verhogen tot een niveau dat tussen 60%-85% van hun theoretische maximale hartslag is (220-leeftijd).

Binnen elk aanbevolen bereik kunnen deze verdere richtlijnen worden gebruikt:

Onderste helft Bovenste helft van bereik van bereik
hogere leeftijd lagere leeftijd
lager gewicht hoger gewicht*
korter langer

* In gevallen van zeer hoog gewicht de onderste helft van het bereik gebruiken.

De computer accepteert geen:

  • hartslag van minder dan 52 of meer dan 200 slagen per minuut
  • lichaamsgewicht van minder dan 34 kg of meer dan 181 kg
    • leeftijd onder de 10 of boven de 99 jaar
  • gegevens die het menselijk vermogen overschrijden

Vergissingen bij het invoeren van gegevens voor de Fit Test kunt u corrigeren door op WISSEN te drukken, de juiste informatie in te voeren en op INVOEREN te drukken.

Het is belangrijk dat de Fit Test steeds onder soortgelijke omstandigheden wordt uitgevoerd. Uw hartslag hangt af van vele factoren, zoals:

  • hoe lang u de vorige nacht hebt geslapen (minstens zeven uur wordt aanbevolen)
  • het tijdstip van de dag
  • het tijdstip van de laatste maaltijd (twee tot vier uur wachten na de laatste maaltijd wordt aanbevolen)
  • hoe lang geleden u een cafeïnehoudende drank of alcohol hebt gedronken of een sigaret hebt gerookt (minstens vier uur wachten wordt aanbevolen)
    • hoe lang geleden u voor het laatst getraind hebt (minstens zes uur wachten wordt aanbevolen)

Voor het nauwkeurigste resultaat moet u de Fit Test op drie achtereenvolgende dagen uitvoeren en het gemiddelde van de drie scores nemen.

OPMERKING: Om een goede Fit Test score te krijgen, moet u bij de training binnen een hartslagzone blijven die 60 tot 85 procent van het theoretische maximum (HSmax) is. Deze hartslag komt volgens de "Guidelines for Exercise Testing and Prescription" (richtlijnen voor het testen en voorschrijven van training) van het American College of Sports Medicine overeen met 220 min uw leeftijd.

De onderstaande tabellen geven Fit Test scores.

RELATIEF CONDITIENIVEAU VOOR MANNEN

Mannen Geschatte VO2 Max (ml/kg/min) per leeftijdscategorie
Niveau 20-2930-39 40-49 50-59 60+
Elite 52+ 51+48+ 45+ 42+
Uitstekend 50-5148-50 46-47 42-44 39-41
Zeer goed 47-4945-47 43-45 40-41 36-38
Boven gemiddelde44-46 42-44 40-42 37-39 33-35
Gemiddeld 41-4339-41 37-39 34-36 30-32
Onder gemiddelde38-40 36-38 34-36 31-33 27-29
Laag35-37 33-3531-33 28-30 24-26
Zeer laag<35 <33<31 <28 <24

RELATIEF CONDITIENIVEAU VOOR VROUWEN

Vrouwen Geschchatte VO2 Max (ml/kg/min) per leeftijdscategorie
Niveau 20-2930-39 40-49 50-59 60+
Elite 44+ 42+39+ 35+ 34+
Uitstekend 42-4340-41 37-38 33-34 32-33
Zeer goed 39-4137-39 35-36 31-32 30-31
Boven gemiddelde 37-38 35-36 32-34 29-30 28-29
Gemiddeld 34-3632-34 30-31 27-28 25-27
Onder gemiddelde 31-33 29-31 27-29 25-26 23-24
Laag 28-30 27-28 25-26 22-2420-22
Zeer laag <28<27 <25 <22 <20

Life Fitness heeft deze conditieschaal ontwikkeld gebaseerd op de distributie (percentielen) van VO2 max waarnaar verwezen wordt in de "Guidelines for Exercise Testing and Prescription" (richtlijnen voor het testen en voorschrijven van training) van het American College of Sports Medicine (6th Ed. 2000). Hij is bedoeld om een kwalitatieve beschrijving te geven van de geschatte VO2 max van een gebruiker, en om het aanvankelijke conditieniveau te beoordelen en verbetering te volgen.

Fit Tests Plus

De Life Fitness loopband heeft aanvullende conditietests gebaseerd op specifieke vooraf vastgelegde protocollen, indien geactiveerd. (Zie hoofdstuk 5.1, Managersconfiguratie, Fit Test Plus voor informatie over het activeren van deze tests.)

• FYSIEKE EFFICIËNTIETESTS: 2,5 km

De fysieke efficiëntietests worden toegepast bij de Amerikaanse federale ordehandhaving, het Amerikaanse Federal Bureau of Investigation en andere federale organisaties voor het in dienst nemen en houden van personeel op federaal niveau.

• GERKIN: Submaximaal VO2

Het Gerkin Protocol is een test met score voor submaximaal VO2 die wordt toegepast door de internationale vereniging van brandbestrijders om te bepalen of iemand in conditie is om bij de brandweer te werken.

• NAVY PRT: 2,5 km

Het hardloopgedeelte van de fysieke vaardigheidstest van de Amerikaanse marine is een afstandsdoel gebaseerd op de tijd waarin de vereiste afstand wordt afgelegd en wordt door de Amerikaanse marine en marineopleidingen gebruikt om aërobe capaciteit te meten.

• AIR FORCE PRT: 2,5 km

De fysieke vaardigheidstest van de Amerikaanse luchtmacht is een fysieke prestatietest die wordt gebruikt om het uithoudingsvermogen van de spieren en de conditie van hart en longen te beoordelen.

• ARMY PFT: 3 km

De fysieke conditietest van het Amerikaanse leger is een fysieke prestatietest die wordt gebruikt om het uithoudingsvermogen van de spieren en de conditie van hart en longen te beoordelen.

• MARINES PFT: 5 km

De fysieke conditietest van de Amerikaanse mariniers is een fysieke prestatietest die wordt gebruikt om het uithoudingsvermogen van de spieren en de conditie van hart en longen te beoordelen.

De scores voor deze tests zijn gebaseerd op tijd, leeftijd en geslacht.

Om een van deze tests in te stellen, raakt u Fitness Test aan en kiest u de gewenste training. Als de gekozen test de NAVY of MARINES test is, verschijnt in het berichtengebied de vraag of de test onder een bepaalde hoogte plaatsvindt. Voor de NAVY test is de hoogte 1525 meter boven zeeniveau; en voor de MARINES test is de hoogte 1370 meter boven zeeniveau. Kies met de PIJLTOETSEN het juiste antwoord uit: "BOVEN 1525 meter" (NAVY) / "BOVEN 1370 meter" (MARINES) of "ONDER 1525 meter" (NAVY) / "ONDER 1370 meter"(MARINES).

Doorloop de instellingsschermen voor de Fit Test, waaronder Gewicht, Leeftijd en Geslacht. Druk na elke invoer op INVOEREN. Begin vervolgens met de training. Om een juiste testscore te verzekeren, mag u de ingevoerde items niet veranderen wanneer de training eenmaal is begonnen.

Als de streefafstand is bereikt, gaat het trainingsprogramma bij alle CONDITIETESTS behalve GERKIN over op een afkoelingsfase. De duur van deze fase hangt ervan af hoe lang het duurde om de test te voltooien. Voor minder dan vijf minuten is de afkoeling één minuut. Voor vijf tot 15 minuten is de afkoeling drie minuten. Voor langere tijden is de afkoeling vijf minuten. De gebruiker kan de afkoeling afbreken door op STOP te drukken. Wanneer de afkoeling is afgebroken of voltooid, verschijnen in het berichtengebied de tijd en een puntenscore voor de PEB, Army, Air Force en Marines test, of een kwalitatieve score, zoals UITSTEKEND, voor de Navy test.

Voor de Gerkin test worden bij het overzicht van de training de tijd waarop de streefhartslag werd bereikt en 15 seconden lang werd aangehouden, en een omgezette waarde voor VO2 MAX in het BERICHTENGEBIED weergegeven.

4.4 E EFFECTIEF TRAINEN OP DE LIFE FITNESS LOOPBAND

HET NIVEAU SELECTEREN

Bij het opstellen van training met HEUVEL, VERRASSING, SPORTTRAINING 5K en SPORTTRAINING 10K moet een niveau worden geselecteerd. Het woord "niveau" verwijst naar een hellingsbereik, uitgedrukt in percentage. De loopband heeft 20 niveaus, waarbij niveau 1 de kleinste gemiddelde hellingshoek heeft en niveau 20 de grootste.

NIVEAU % helling NIVEAU % helling

Binnen elk niveau zijn er zeven hellingspercentages, of heuvels. Gedurende de training wordt elke heuvel op het scherm TRAININGSPROFIEL weergegeven als rijen lichtjes in de vorm van een kolom. Het aantal verlichte rijen in een kolom komt overeen met het hellingspercentage. Op niveau 5 is de kleinste helling bijvoorbeeld 0,0 procent, wat wordt weergegeven als één verlichte rij. De grootste helling, 4,3 procent, wordt weergegeven als een kolom met alle zeven rijen verlicht.

In de trainingen HEUVEL en VERRASSING is de duur van deze variërende heuvels even lang, zoals werd besproken bij de beschrijving van de HEUVEL training. Wanneer een nieuwe heuvel in het trainingsprogramma verschijnt, verandert het hellingspercentage automatisch naargelang van die heuvel.

Het niveau kan tijdens de training veranderd worden met de PIJLEN of het NUMERIEKE toetsenbord.

AFKOELING

Het unieke afkoelingsprotocol van Life Fitness past elke afkoeling automatisch aan op grond van de trainingsprestaties van de gebruiker. De duur en intensiteit van de afkoeling worden bepaald door factoren zoals snelheid, helling, duur en hartslag tijdens de training.

5

5.1 HET MENU SYSTEEMOPTIES GEBRUIKEN

Managers van fitnessclubs en andere bevoegde personen kunnen de functie 'Systeemopties' gebruiken om standaardinstellingen te veranderen, om bepaalde programma's of schermen op het bedieningspaneel van de loopband te activeren of te deactiveren en om systeemcontroles uit te voeren. Houd de toets AFKOELING ingedrukt om naar de Systeemopties te gaan. Raak dan het pictogram van Life Fitness rechtsboven op het scherm tweemaal achter elkaar aan.

SYSTEEMOPTIES - OVERZICHT

SYSTEEMTEST

Hiermee kunnen technici diagnoses van het systeem uitvoeren. OPMERKING: Deze tests mogen alleen worden uitgevoerd door (of op uitdrukkelijk voorschrift van) een hiervoor opgeleide Life Fitness servicemonteur.

SYSTEEMTESTMENU 1SYSTEEMTESTMENU 2
Test systeemcommTest Smart Stop
MotormodulesTest CSAFE netwerk
Test toetsenblokTest real-time klok
Lifepulse testEEPROM test
Telemetrietest
Test Engineering

INFORMATIE

Gegevens over systeemgebruik van hoofdmotor. Hiermee heeft bevoegd personeel toegang tot gegevens over machinegebruik (statistische gegevens en gebruikslogboek). Alle andere informatie is voor gebruik door hiervoor opgeleide Life Fitness servicemonteurs.

StatistiekenGebruikslogboek
SoftwareversiesScherm met datum en tijd
Informatie over hoofdmotorSysteemfouten
Informatie over hefmotorInformatie over onderhoud

CONFIGURATIE

Hiermee krijgt u toegang tot de configureerbare instellingen van het toestel. Configuraties die alleen door bevoegde monteurs veranderd mogen worden, hebben wachtwoordbeveiliging.

ManagerTouchscreenconfiguratie
Fabrikant (wachtwoordbeveiliging)Klok
Tv / FM-radio (indien waargenomen)

ONDERHOUD

Hiermee kunnen monteurs vervangingsonderdelen indienen. Alleen te gebruiken door bevoegde servicemonteurs.

Band en platform vervangen Stopschakelaar vervangen
Bedieningspaneel vervangen Dekrand vervangen
Motorregelaar vervangen Hoofdmotor vervangen
Kaart van was/hefsysteem vervangen Hefmotor vervangen

5.2 CONFIGURATIEMENU

MANAGER

Hiermee kan de manager standaardinstellingen voor het toestel instellen, de duur van de training configureren, de standby instellen en aangepaste berichten programmeren. Wanneer Manager wordt gekozen, verschijnt Managersconfiguratie 1. De knop Voorwaarts rechtsonder op het scherm opent Managersconfiguratie 2.

Managersconfiguratie 1 gaat naar de standaardinstellingen voor Taal, Eenheden (Engels of Metriek), Maximum- en Minimumsnelheid, Configuratie trainingsduur en Standby-configuratie.

Managersconfiguratie 2 gaat naar de standaardinstellingen voor Geklommen afstand, Fit Test Plus, Telemetrie, Pauzeduur, Max % helling, Onderhoud wasmondstuk (indien geactiveerd), Systeemtonen, Smart Stop, Versnellingstempo en Vertragingstempo, Aangepast bericht opstellen, Programmerings-timeout en Marathonmodus.

STANDAARDINSTELLINGEN MAKEN

Raak de desbetreffende keuzerondjes aan om tussen instellingen heen en weer te gaan. Gebruik de pijltoetsen om variabele standaardwaarden te wijzigen. Raak STANDAARDINSTELLINGEN aan om alle waarden naar de oorspronkelijke fabrieksinstellingen terug te brengen. Zie tabel 5.2 voor een overzicht van aanpasbare configuraties en fabriekinstellingen van de Life Fitness loopband.

1) MANAGERSCONFIGURATIE 1

GEBRUIKERSTAAL

Om de optie Gebruikerstaal te activeren, kiest u de knop Gebruikerstaal om naar het scherm Gebruikerstaal instellen te gaan. Verander de modus van UIT naar AAN. Kies de talen die u beschikbaar wilt hebben voor gebruikersinteractie.

Nadat de gebruiker het welkomstscherm heeft aangeraakt om te beginnen, verschijnt het scherm Gebruikerstaal kiezen waarin de gebruiker verzocht wordt om een taal te kiezen of om Snelstart aan te raken om een training te beginnen. Het is niet nodig om een taal te kiezen om een training te beginnen. U kunt gewoon op Snelstart drukken om een training te beginnen. Het toestel keert terug naar het welkomstscherm als er binnen de standaard programmeringstimeout geen taal is gekozen of Snelstart niet is aangeraakt.

De volgende talen zijn beschikbaar:

Engels, Duits, Frans, Italiaans, Japans, Nederlands, Spaans, Portugees en Turks.

CONFIGURATIE TRAININGSDUUR

Met deze functie kan de club de maximale trainingsduur verschillend instellen voor drukke en minder drukke tijden gedurende de dag. De real-time klok moet juist zijn om deze functie volledig te benutten. Raadpleeg hoofdstuk 1.3, De klok instellen.

Basisconfiguratie trainingsduur: Hiermee kan de manager een maximale trainingslimiet instellen. Ga naar de Managersconfiguratie 1 en kies BASISCONFIGURATIE TRAININGSDUUR. In de standaard basisconfiguratie is de maximale trainingsduur ingesteld op 99 minuten. De duur kan met de pijl omhoog of omlaag worden veranderd.

Geavanceerde configuratie trainingsduur: Hiermee kan de trainingsduur worden ingesteld voor piekuren en niet-piekuren.. Er kunnen maximaal twee piekperioden worden ingesteld. Ga naar de Managersconfiguratie en kies GEVANCEERDE CONFIGURATIE TRAININGSDUUR. Stel met de pijltoetsen omhoog of omlaag een maximale trainingsduur in voor zowel piek- als niet-piektijden. Geef vervolgens met Piektijd 1 en desgewenst Piektijd 2 de begin- en eindtijd van piekuren aan. Alle tijdsperioden die niet als Piektijd zijn aangegeven worden automatisch als Niet-piektijd beschouwd.

Programmerings-timeout: Hiermee wordt ingesteld hoe lang de gebruiker erover kan doen om de training in te stellen zonder het touchscreen aan te raken voordat het bedieningspaneel naar het welkomstschem teruggaat. De instelling van de programmerings-timeout kan tussen 20 en 255 seconden zijn. De standaardwaarde voor het toestel is 60 seconden.

STANDBY-CONFIGURATIE

Deze functie schakelt de achtergrondverlichting van het LCD-scherm automatisch op bepaalde tijden uit en in, gewoonlijk bij het openen en sluiten van het centrum. Hiermee kan de achtergrondverlichting ook worden uitgezet wanneer er geen activiteit is. De real-time klok moet juist zijn om deze functie volledig te benutten. Raadpleeg hoofdstuk 1.3, De klok instellen. De uren en minuten voor beide functies worden weergegeven in tijd van 0:00 tot 23:59.

Inactiviteitstimer — Kies onder Standby-configuratie INACTIVITEITSTIMER en raak dan AAN aan. Hiermee wordt ingesteld hoe lang het systeem inactief moet zijn voordat de achtergrondverlichting van het LCD-scherm automatisch wordt uitgeschakeld. De verlichting van het LCD-scherm wordt weer ingeschakeld zodra de volgende activiteit wordt waargenomen. Raak UIT aan om de inactiviteitstimer uit te schakelen.

Automatisch uit / Automatisch aan — Kies onder Standby-configuratie AUTOMATISCH UIT/AUTOMATISCH AAN en raak dan AAN aan. Stel de gewenste Aan- en Uit-tijden in op de desbetreffende schermgebieden en geef perioden aan waarin de achtergrondverlichting van het LCD-scherm automatisch aan- en uitgaat. Als het apparaat gedurende een aangegeven "uit"-periode geactiveerd wordt, gaat de achtergrondverlichting van het LCD-scherm weer uit na 1 minuut zonder activiteit. Raak UIT aan om Automatisch uit/Automatisch aan uit te schakelen.

2) MANAGERSCONFIGURATIE 2

VERSNELLINGS- EN VERTRAGINGSTEMPO

Met deze configuraties kan de tijd die het duurt om de loopband op snelheid te brengen, verlengd of verkort worden. Het tempo kan tussen 1 en 5 worden ingesteld in stappen van één; hierbij is 1 het laagste tempo (het duurt het langst) en 5 het hoogste tempo (het duurt het kortst). Gebruik de pijltoetsen om de waarde bij te stellen.

AANGEPAST BERICHT

In deze configuratie kan een aangepast bericht in het welkomstscherm worden weergegeven.

Een aangepast bericht maken/wijzigen - In het scherm Aangepast bericht opstellen kan een bericht worden ingetoetst met het schermtoetsenbord. Gebruik de knop Shift om speciale tekens en hoofdletters in te voeren. Het bericht schuift langs de bovenkant van het scherm naarmate het bericht wordt ingevoerd en geeft real-time feedback.

Een aangepast bericht accepteren — Om het aangepaste bericht te accepteren, hoeft u alleen maar de knop Hoofdmenu aan te raken.

Een aangepast bericht wissen — Om een aangepast bericht te wissen, gaat u naar het scherm Aangepast bericht opstellen. Raak Wis bericht en vervolgens Hoofdmenu aan.

FIT TEST PLUS

Raak AAN aan om de zes aanvullende militaire conditietests te activeren. Als Fit Test Plus UIT staat, is de enige conditietest die verschijnt de Life Fitness Fit Test.

MARATHONMODUS

De Marathonmodus heeft geen vooringesteld of instelbaar doel. In deze modus kan de gebruiker onbeperkt trainen. Een training in de Marathonmodus, indien geactiveerd, eindigt alleen als de gebruiker kiest om hem te beëindigen of als een stopsysteem wordt ingeschakeld.

AANGEPASTE TRAININGEN

Opent het configuratiescherm voor aangepaste trainingen, waar u elk van de 6 aangepaste trainingen kunt bewerken en een naam geven. Kies de naam van de aangepaste training om de naam van de aangepaste training te veranderen. U kunt uit twee soorten aangepaste trainingen kiezen: Snelheid/Helling en Streefhartslag. Kies Snelheid/Helling als u wilt dat de snelheid of helling of beide tijdens de aangepaste training veranderen. Kies Streefhartslag als u wilt dat de streefhartslag tijdens de aangepaste training verandert. Kies de streefduur van de training (totale trainingsduur) voor uw aangepaste training. Met de pijltoetsen aan de rechterkant van het scherm kunt u de waarde van het item (snelheids-, hellings- of streefhartslagpercentage) voor het gegeven segment veranderen. Het aantal intervallen is altijd 30; dus voor snelheids-/hellingstrainingen is de lengte van elk interval gelijk aan de gekozen duur gedeeld door 30. Voor streefhartslagtrainingen kunt u maximaal 30 verschillende streehartslagen hebben. Wanneer u de streefhartslag van het huidige segment bereikt, activeert de training de streefhartslag van het volgende segment.

Bij snelheids-/hellingstrainingen wordt elk interval geïdentificeerd door de tijd waarop het tijdens de training optreedt.

Bij streefhartslagtrainingen wordt elk interval geïdentificeerd door een getal (1 -30).

Als Snelheid/Helling wordt gekozen, verschijnen er twee grafieken (een voor snelheid en een voor helling) waarop elk interval wordt weergegeven. Bij streefhartslagtraining verschijnt één grafiek waarop elk interval wordt weergegeven. Met de pijltoetsen onder het woord Interval kunt u de intervallen veranderen.

U kunt de aangepaste training na het bewerken opslaan door op de knop OK te drukken. Druk op de knop Annuleren als u de aangepaste training niet wilt opslaan. Druk op de knop Training wissen om de aangepaste training te verwijderen.

Tv / FM-RADIO (INDIEN WAARGENOMEN)

Opent het configuratiescherm Tv / FM-radio, waar u de opties voor tv en FM-radio-ontvangst kunt instellen en aanpassen.

TV INSTELLEN

Opent het scherm Tv instellen waar helderheid, contrast, verzadiging en tint kunnen worden aangepast. Hiermee kunnen ook tv-formaat, antenne-instelling en kanaalinstelling worden gekozen.

Kanalen instellen: kies Kanaal instellen, Auto, Start.

Optie Alleen audio: nu is alleen de tv-audio te horen. Tv-video is gedeactiveerd.

Een ongewenst kanaal verwijderen: Kies Kanaal instellen, Manueel, gebruik de kanaalknoppen om het te verwijderen kanaal te kiezen, raak Wissen aan en breng de kanaalinstelling terug naar Auto.

Een kanaal herstellen: Kies Kanaal instellen, Manueel, gebruik de kanaalknoppen om het te herstellen kanaal te kiezen, raak Toevoegen aan en breng de kanaalinstelling terug naar Auto.

De beeldinstelling aanpassen: Helderheid, Contrast, Verzadiging en Tint kunnen met de desbetreffende pijltoetsen worden aangepast. Raak Standaard aan om de standaardinstellingen van het toestel te herstellen.

Max volume instellen: Opent de knoppen Max Volume. (Voor deze functie moeten hoofdtelefoons worden gebruikt.) De bovenste pijlen stellen de volumecapaciteit hoger of lager in, zodat clubs het gemiddelde geluidsniveau binnen kunnen compenseren. Het maximale volume gaat na elke training terug naar deze standaardinstelling.

De volumepijlen Omlaag en Omhoog regelen het volume van het toestel voor het actuele gebruik. Nadat een sessie is beëindigd, gaat het toestel terug naar een gemiddeld volume dat overeenkomt met het maximale ingestelde volume.

FAVORIETE TV-KANALEN

Opent het configuratiescherm Favoriete kanalen. Er kunnen maximaal 9 favoriete kanalen worden opgeslagen zodat u er tijdens een training snel toegang toe hebt. Deze functie kan aan- of uitgezet worden.

OPMERKING: Er wordt aanbevolen kanalen in te stellen met de automatische instellingsprocedure, zoals aangegeven in TV INSTELLEN, voordat u probeert favoriete kanalen in te stellen.

Een favoriet kanaal instellen: Raak het keuzerondje AAN aan, raak de keuzeknop naast het gewenste invoervenster aan, raak Voer naam in aan, voer de naam van het kanaal in met het schermtoetsenbord, raak OK aan om de naam van het kanaal te accepteren, en kies het gewenste kanaal met de PIJLTOETS Omhoog of Omlaag. Ga desgewenst verder en stel maximaal 9 favoriete kanalen in. Raak OK aan om de kanalen in het geheugen in te voeren.

TV-KANALEN NAAM GEVEN/SORTEREN

Opent het configuratiescherm Kanalen naam geven/sorteren. Hiermee kan de manager van het centrum de volgorde van de lijst met tv-kanalen aanpassen. Deze functie kan aan- of uitgezet worden.

OPMERKING: Er wordt aanbevolen kanalen in te stellen met de automatische instellingsprocedure, zoals aangegeven in TV INSTELLEN, voordat u probeert favoriete kanalen in te stellen.

Een item in een lijst met kanalen instellen: Raak het keuzerondje AAN aan, raak de keuzeknop naast het gewenste invoervenster aan, raak Voer naam in aan, voer de naam van het kanaal in met het schermtoetsenbord, raak OK aan om de naam van het kanaal te accepteren, en kies het gewenste kanaal met de PIJLTOETS Omhoog of Omlaag. Ga desgewenst verder met het instellen van de lijst met kanalen. Raak OK aan om de kanalen in het geheugen in te voeren.

Validatie: Met het validatie-aankruisvakje wordt het bekijken van het kanaal in de lijst aan- of uitgezet. Raak het aankruisvakje aan om het kanaal in te schakelen. Als Kanaal naam geven / sorteren en Favoriete kanalen beide geactiveerd zijn, worden de kanalen die niet in Kanaal naam geven / sorteren zijn aangemerkt als geldig (geactiveerd) uit de Favoriete kanalen verwijderd.

Kanalen wisselen: Om kanalen in de lijst met kanalen te wisselen, raakt u Kanalen wisselen aan. Raak het keuzerondje naast het gewenste kanaal aan. Het venster Kanalen wisselen verschijnt, met daarin het kanaal dat u gekozen hebt om te wisselen. Kies met de pijltoetsen Omhoog of Omlaag het tweede kanaal dat u met het vorige kanaal wilt wisselen. Raak de wisselknop aan om de informatie over de gewisselde kanalen te bekijken. Druk op OK om het wisselen van de kanalen te bevestigen of op ANNULEREN om af te sluiten zonder kanalen te wisselen.

BEVEILIGD KANAAL

Opent het scherm Beveiligd kanaal instellen. Indien deze functie geactiveerd is, kan één bestaand invoerkanaal gekozen worden als speciaal kanaal om te gebruiken voor niet-uitgezonden programma's. Raak de knop Kanaal veranderen aan om naar het gewenste kanaal omhoog of omlaag te schuiven. Raak de knop Naam veranderen aan om met het schermtoetsenbord een naam voor het beveiligde kanaal in te voeren.

Indien deze functie geactiveerd is, kan een wachtwoord aan het kanaal worden toegewezen om toegang tot het kanaal verder te beveiligen.

FM-RADIO INSTELLEN (ALS TUNER WORDT WAARGENOMEN)

Opent het scherm FM-radio instellen waar u FM-kanalen kunt instellen. Deze functie kan aan- of uitgezet worden.

Kanalen instellen: kies Kanaal instellen, Auto, Start.

Een ongewenst kanaal verwijderen: Kies Kanaal instellen, Manueel, gebruik de kanaalknoppen om het te verwijderen kanaal te kiezen, raak Wissen aan en breng de kanaalinstelling terug naar Auto.

Een kanaal herstellen: Kies Kanaal instellen, Manueel, gebruik de kanaalknoppen om het te herstellen kanaal te kiezen, raak Toevoegen aan en breng de kanaalinstelling terug naar Auto.

Volg de instructies op het scherm om het touchscreen opnieuw te kalibreren. Wanneer u klaar bent, kunt u het scherm op een willekeurige plaats aanraken om naar het Hoofdmenu terug te gaan.

KLOK

De klok/datum instellen: Stel de tijd in met de pijltoetsen omhoog en omlaag en kies vervolgens de knop AM of PM. Zoek de juiste maand en het juiste jaar op met de knoppen Vorige maand en Volgende maand om de datum op de kalender in te stellen. Raak de juiste dag op de kalender aan. Kies OK om te accepteren. Raak Annuleren aan om de veranderingen te weigeren en naar het Hoofdmenu terug te gaan.

5.3 C ONFIGURATIE-INSTELLINGEN

MANAGERSCONFIGURATIE 1

INSTELLING STANDAARD BESCHRIJVING
TAAL ENGELS De taal van het Berichtencentrum. De keuzemogelijkheden zijn Portugees,Spaans, Nederlands, Japans, Italiaans, Frans, Duits en Turks.
GEBRUIKERSTAAL UIT Als deze optie geactiveerd is, kan de gebruiker een taal kiezen om gedurende de training te gebruiken. Zie het onderwerp Gebruikerstaal in dit hoofdstuk.
ENGELSE/METRIEKE ENGELS DE maateenheden voor gewicht, afstand en snelheid.
MAXIMUMSNELHEID 19,2 (km/u) voor 95Te Dit is de hoogste snelheid 24 (km/u) voor 97Te waarop de loopband kan draaien.
MINIMUMSNELHEID 0,8 (km/u) Dit is de laagste snelheid waarop de loopband kan draaien.
TRAININGSDUUR UIT Met deze functie kan de manager van een fitnessclub een uiterstetrainingsduur instellen voor drukke en minder drukke tijden in de club.Als de instelling uit staat, is geen uiterste duur ingesteld. Zie het onderwerp in hoofdstuk 5.1, Configuratie trainingsduur.
STANDBY-CONFIGURATIEUIT Inactiviteitstimer: Hiermee kan de achtergrondverlichting van het LCD-scherm worden uitgezet wanneer er geen activiteit is. Zie Hoofdstuk 5.1, Standby-configuratie.Automatisch uit / automatisch aan: Hiermee kan de achtergrondverlichting van het LCD-scherm op bepaalde tijden worden uit- en aangezet.Zie Hoofdstuk 5.1, Standby-configuratie.

MANAGERSCONFIGURATIE 2

INSTELLINGSTANDAARD BESCHRIJVING
WEERGAVEGEKLOMMEN AFSTANDUITDe totale geklommen afstand, gebaseerd op de helling en snelheid van de loopband.
FIT TEST PLUSUITWanneer Fit Test Plus wordt uitgezet, is alleen de Life Fitness Fit Test toegankelijk. Wanneer deze functie wordt aangezet, zijn de andere 6 militaire conditietests toegankelijk.
TELEMETRIEAANWanneer de telemetriefunctie is ingeschakeld, kunt u met de met Polar® compatibele Hartslagzonetraining borstband de hartslag meten.
PAUZEDUUR1 (minuut)Hoe lang het toestel inactief kan zijn voordat het naar het welkomstschemt teruggaat.
MAXIMAAL % HELLING15,0Met deze optie verandert de maximale hellingshoek tot een waarde onder 15 procent.
SMART STOPAANDeze functie onderbreekt de training automatisch wanneer de gebruiker van de band stapt.
VERSNELLINGSTEMPO3Het tempo waarin de snelheid van de loopband toeneemt tot de gekozen snelheid, variërend van 1 (langzaam) tot 5 (snel).
AANGEPASTBERICHT OPSTELLENAANZie Aangepast bericht opstellen in dit hoofdstuk.
PROGRAMMERINGS-TIMEOUT60 secondenHoe lang de gebruiker erover kan doen om de training in te stellen zonder het touchscreen aan te raken voordat het bedieningspaneel naar het welkomstschemt teruggaat.
VERTRAGINGSTEMPO3Het tempo waarin de snelheid van de loopband afneemt tot de gekozen snelheid, variërend van 1 (langzaam) tot 5 (snel).

6

De Life Fitness loopband steunt op de technische bekwaamheid en betrouwbaarheid van Life Fitness en is een van de sterkste en meest probleemloze trainingsapparaten die op dit moment verkrijgbaar zijn. Commerciële Life Fitness loopbanden behoren tot de populairste aërobe trainingsapparaten; zij weerstaan langdurig gebruik - 18 uur per dag, zeven dagen per week - in fitnessclubs, universiteiten en militaire instellingen overal ter wereld.

OPMERKING: De veiligheid van de apparaten kan alleen gehandhaafd blijven als ze regelmatig op beschadiging en slijtage worden gecontroleerd. Stel de apparaten buiten gebruik totdat defecte onderdelen gerepareerd of vervangen zijn. Let vooral op onderdelen die slijtagegevoelig zijn, zoals hieronder aangegeven.

De volgende tips voor preventief onderhoud zullen ervoor zorgen dat de Life Fitness loopband optimaal blijft werken:

- Maak het bedieningspaneel en de hele buitenkant regelmatig schoon met zacht zeepsop of een mild reinigingsmiddel. Gebruik uitsluitend een zachte katoenen doek. Breng vóór het schoonmaken reinigingsmiddel op de katoenen doek aan.

Gebruik GEEN ammonia of zuurhoudende reinigingsmiddelen. Gebruik GEEN agressieve reinigingsmiddelen. Gebruik GEEN keukenrol en breng de reinigingsmiddelen NIET rechtstreeks op het oppervlak van de apparatuur aan.*

  • Controleer elke week de werking van het noodstopsysteem.
  • Controleer elke week de werking van de stopknop en de stopmagneet.
  • De ruimte rondom en onder het apparaat moet regelmatig geïnspecteerd en gestofzuigd worden.
  • Stofzuig regelmatig rondom de loopband om vuilophoping te voorkomen.
  • Inspecteer de buitenkant regelmatig op slijtage, vooral de band, het platform en het netsnoer.
  • Controleer of het toestel goed waterpas staat.
  • Controleer de sporing (uitlijning) van de band.

De optimale positie van de loopband is tussen 38 mm en 51 mm van de zijkanten van het frame. Zie hoofdstuk 6.6, De loopband bijstellen en spannen, of neem contact op met de klantendienst van Life Fitness voor instructies over het uitlijnen van de loopband als die van deze positie afwijkt, tel. 1-800-351-3737 (VS).

*OPMERKING: Voor het schoonmaken van het toestel worden een niet-schurend reinigingsmiddel en een zachte katoenen doek aanbevolen. Nooit mag een reinigingsmiddel direct op enig deel van de apparatuur worden aangebracht; gebruik een niet-schurend reinigingsmiddel op een zachte doek en veeg het toestel daarmee schoon. Neem contact op met de klantendienst van Life Fitness voor verdere bijzonderheden (zie hoofdstuk 6.7 - "Productservice").

6.2 SCHEMA VOOR PREVENTIEF ONDERHOUD

Volg het onderstaande schema om de juiste werking van het toestel te verzekeren.

ITEM WEKELIJKSMAANDELIJKSDRIEMAANDELIJKSHALFJAARLIJKS JAARLIJKS
BEDIENINGSPANEEL
Bevestigingsmateriaal Inspecteren
Overlay Schoonmaken Inspecteren
Bekers (accessoire) Schoonmaken Inspecteren
Stopschakelaar Schoonmaken Inspecteren
Noodschakelaar/ Schoonmaken Inspecteren magneet
HANDGREEP
Bevestigingsmateriaal Inspecteren
ErgoTM voorste handgreepSchoonmakenInspecteren
ZijleuningenSchoonmakenInspecteren
Lifepulse sensorsReinigen/ inspecteren
Smart Stop dekselReinigen/ inspecteren
FRAME
Bevestigingsmateriaal Inspecteren
MotorkapSchoonmaken
Ruimte voor elektronica van motorStofzuigenInspecteren
AandrijfriemInspecteren
Antistatische beugel van aandrijfriemInspecteren
Antistatische snoerenInspecteren
Verstelbare potenInspecteren/ afstellen
Voorste rolInspecteren
Achterste rolInspecteren
Zijkanten om op Schoonmaken te staanInspecteren
ALGEMEEN
Machine waterpas*Inspecteren
Loopband uitgelijndInspecteren
Frame, teenbeschermers, eindkappenVisueel inspecteren
TinselVisueel inspecteren als loopband verplaatst is Tinsel vervangen als band en platform worden vervangen
*Inspecteren met waterpasinstrument

6.3 PROBLEMEN MET DE LOOPBAND

Werkt nietMogelijke oorzaakMaatregel
Geen stroomAan/uit-schakelaar.Zet de schakelaar in de stand AAN.
Voedingsbron onvoldoende.Sluit de loopband aan op een specifiek circuit van 20 A. Raadpleeg de gebruikershandleiding. Controleer de spanning bij het stopcontact met een voltmeter. Als er geen spanning is, de zekering bij het paneel terugstellen.
Beschadigd netsnoer.Vervang het netsnoer. Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness.
Netsnoer niet goed op contact aangesloten.Inspecteer of de aansluiting bij het wandstopcontact en bij de machine goed contact maakt.
Doorgeslagen zekering. (Alleen internationale apparaten)Controleer of de zekering niet openstaat. Zo ja, stel de zekering dan terug. De zekering bevindt zich aan de buitenkant van de loopband, naast de AAN/UIT-schakelaar. De zekering is een ronde schijf met een witte knop. De witte knop springt naar buiten. Druk op het midden van de witte knop om de zekering terug te stellen.

* Zie hoofdstuk 6.6, Productservice, voor informatie over hoe u contact kunt opnemen.

PROBLEMEN MET DE LOOPBAND (VERVOLG)

StoringMogelijke oorzaakMaatregel
Loopband loopt niet in het middenOngelijke vloer.Controleer de verstelbare poten en zet de loopband waterpas.Controleer de loopband en span hem zo nodig opnieuw. Raadpleeg hoofdstuk 6.5, "De loopband bijstellen en spannen".
Maximumsnelheid is verminderdGebruiker duwt de loopband.Dit gebeurt wanneer de gebruiker sneller rent dan de loopband loopt,zodat de loopband door de voeten van de renner wordt voortgeduwd.Verzoek gebruikers de loopband in geen van beide richtingen te duwen.
Gebruiker houdt de loopband tegen.Dit gebeurt bij zwaardere gebruikers bij lagere snelheden van de loopband. De loopband “hapert” als de gebruiker langzamer loopt dan de snelheid van de loopband.
Storing in loopband/platform.De deklaag van het platform is doorgesleten of de onderkant van de loopband is verglaasd (hard, glanzend).Vervang de band en het platform.
Voedingsbron onvoldoende.Sluit de loopband aan op een specifiek circuit van 20 A.
Schurend geluid onder de machineEr kunnen vreemde voorwerpen onder de machine vastzitten.Inspecteer onder de loopband en machine. Verwijder alle rommel of voorwerpen die de werking van de loopband kunnen belemmeren.
Tinsel is onjuist geïnstalleerd.Verplaats tinsel aan de buitenkant van de loopband.
Voedingsbron onvoldoende.Sluit de loopband aan op een specifiek circuit van 20 A.
Scherm wordt niet verlicht wanneer de machine wordt aangezetLosse 10-pens verbinding bij bedieningspaneel of regelpaneel van was/hefsysteem.Controleer of alle elektrische aansluitingen goed bevestigd zijn.Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness.

* Zie hoofdstuk 6.6, Productservice, voor informatie over hoe u contact kunt opnemen.

PROBLEMEN MET DE LOOPBAND (VERVOLG)

StoringMogelijke oorzaakMaatregel
Het toestel wordt willekeurig teruggesteld of pauzeertVoedingsbron onvoldoende.Sluit de loopband aan op een specifiek circuit van 20 A.
Beschadigde aardepin van netsnoerstekker.Vervang het netsnoer.
Netsnoer niet goed op stopcontact aangesloten.Inspecteer of de aansluiting bij het wandstopcontact en bij de machine goed contact maakt.
Noodstopmagneet niet ingeschakeld.Schakel de noodstopmagneet opnieuw in.
Een handdoek of ander voorwerp kan contact met de stopschakelaar maken terwijl de gebruiker rent.Verwijder alle mogelijke obstructies van het bedieningspaneel en de handgreep.
Een handdoek of ander voorwerp kan de Smart Stop-sensor bedekken.Verwijder alle mogelijke obstructies van het bedieningspaneel en de handgreep.
De stopschakelaar wordt met zeer lichte druk geactiveerd of komt langzaam omhoog nadat hij is ingedrukt.Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness.
Kabel van stopschakelaar maakt geen goed contact.Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness.
Hoofddraadboom beklemd.Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness.
Open weg naar aarde.Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness.
Inspecteer het Smart Stop-systeem.Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness.

* Zie hoofdstuk 6.6, Productservice, voor informatie over hoe u contact kunt opnemen.

6.4 PROBLEMEN MET DE OPTIONELE HARTSLAGBORSTBAND

DE HARTSLAGMETING IS ONREGELMATIG OF VOLLEDIG AFWEZIG

StoringMogelijke oorzaakMaatregel
De hartslagmeting is onregelmatig of volledig afwezigDe elektroden van de bandzender zijn niet nat genoeg om nauwkeurige hartslagwaarden te registreren.Maak de elektroden van de bandzender nat (zie hoofdstuk 3.2).
De elektroden van de bandzender liggen niet plat op de huid.Controleer of de elektroden van de bandzender plat op de huid liggen (zie hoofdstuk 3.2).
De bandzender moet schoongemaakt worden.Was de bandzender met zacht zeepsop.
De bandzender is niet op minder dan een meter afstand van de hartslagontvanger.Controleer of de zender van de borstband op minder dan een meter afstand van de hartslagontvanger is.
De batterij van de borstband is leeg.Neem contact op met de klantendienst* van Life Fitness voor instructies over het vervangen van de borstband.
Abnormaal hoge hartslagwaardenElektromagnetische storing door televisies en/of antennes.Verplaats de loopband enkele centimeters van de mogelijke oorzaak af, of verplaats de mogelijke oorzaak enkele centimeters van de loopband, totdat de hartslagwaarden juist zijn.
Elektromagnetische storing door mobiele telefoons.
Elektromagnetische storing door computers.
Elektromagnetische storing door auto's.
Elektromagnetische storing door hoogspanningsleidingen.
Elektromagnetische storing door door een motor aangedreven trainingstoestellen.
Elektromagnetische storing door een andere hartslagzender op minder dan een meter afstand.

6.5 DE LOOPBAND BIJSTELLEN EN SPANNEN

Verplaats de loopband niet en plaats uw handen er niet onder terwijl hij op een stopcontact is aangesloten.

DE SPANBOUTEN VAN DE BAND

Hiervoor is een zeskantsleutel van 5/16 inch nodig. De beschermkappen van de achterrol van de Life Fitness loopband hebben openingen waardoor u bij de spanbouten kunt komen. Met deze spanbouten kunnen de sporing en uitlijning van de loopband (A) worden bijgesteld zonder de beschermkappen te verwijderen.

OPMERKING: Het is zeer belangrijk dat de loopband goed horizontaal staat voordat de sporing wordt bijgesteld. Een onstabiel apparaat kan scheeflopen van de loopband veroorzaken. Zie het onderwerp "De Life Fitness loopband stabiel zetten" in hoofdstuk 1.2, Installatie, alvorens te proberen de achterrol bij te stellen.

Voordat u verdergaat, moet u aan het scharnierpunt (C) van de ACHTERROL (B) denken. Telkens wanneer de ROL aan de ene kant wordt bijgesteld, moet hij aan de andere kant in de tegenovergestelde richting (D) evenveel worden bijgesteld om een ideale spanning op het scharnierpunt van de rol te handhaven.

Life Fitness 97TE - DE SPANBOUTEN VAN DE BAND - 1

text_image A C D B D

DE LOOPBAND UITLIJNEN (CENTREREN)

Voor deze procedure moet u met twee personen zijn.

1 In elke beschermkap van de achterrol zijn twee openingen voor de spanbouten voor de band.
2 Laat iemand boven de loopband staan, met de voeten aan weerskanten op het platform. Deze persoon drukt op MANUEEL en stelt de snelheid van de band in op 6,4 km/u.
3 Als de band naar rechts afwijkt, draait deze persoon de rechter spanbout een kwartslag naar rechts en vervolgens de linker spanbout een kwartslag naar links zodat de band weer over het midden van de rol loopt.
Als de band naar links afwijkt, de linker spanbout een kwartslag naar rechts draaien en vervolgens de rechter spanbout een kwartslag naar links zodat de band weer over het midden van de rol loopt.
4 Herhaal deze bijstellingen tot de loopband over het midden loopt. Laat de machine enkele minuten lang op 6,4 km/u draaien om te zien of hij goed blijft sporen.

OPMERKING: Draai de stelschroeven niet meer dan een volle slag in elke richting. Neem contact op met de klantendienst als de band na een volle slag nog niet goed spoort. De telefoonnummers staan in hoofdstuk 6.7, Productservice.

EEN BESTAANDE LOOPBAND SPANNEN

1 Ga naar de manuele training en laat de loopband vijf minuten op 8,0 km/u lopen.

OPMERKING: REN OF LOOP NIET OP DE LOOPBAND.

2 Verminder de snelheid tot 3,2 km/u. Wandel op de loopband. Pak de leuningen stevig vast en oefen met uw voeten kracht uit op de loopband, bij de motorkap, tegen de richting van de bewegende band in. Ga naar stap 3 als de band slipt. Als hij niet slipt, is de spanning juist.
3 Stop de loopband met de STOP-toets. Draai de spanbouten aan weerskanten een kwartslag naar rechts.
4 Herhaal STAP 2 en 3 totdat de band niet meer slipt. Draai de spanbouten niet verder dan een volledige slag (vier kwartslagen) per kant om de spanning van de band bij te stellen.
5 Ga naar de MANUELE training en laat de loopband op 3,2 km/u lopen om te controleren of hij goed spoort (zie hoofdstuk 6.5 "De loopband bijstellen en spannen"). Zie het onderwerp De loopband uitlijnen (centreren) op de vorige pagina als de loopband naar links of rechts afwijkt.

Draai de spanbouten niet te strak aan bij het afstellen van de band. Als de bouten te strak worden aangehaald, kunnen de band of rollagers worden uitgerekt of beschadigd. Draai de bouten niet meer dan een volle slag in elke richting.

6.6 PRODUCTSERVICE

  1. Verifieer het symptoom en lees de bedieningsinstructies door. Het probleem kan zijn dat u niet vertrouwd bent met het toestel en zijn functies en trainingen.
  2. Zoek het serienummer van het toestel op en noteer het. U kunt het vinden op een plaatje bij de aan/uit-schakelaar.
  3. Neem contact op met de dichtstbijzijnde klantendienst van Life Fitness:

Voor productservice binnen de VS en Canada:

Telefoon: (+1) 847.451.0036

FAX: (+1) 847.288.3702

Kosteloos telefoonnummer: 800.351.3737

Voor internationale productservice:

Life Fitness Europe GmbH

Telefoon: (+49) 089.317.751.66

FAX: (+49) 089.317.751.38

Midden-Oosten en Afrika, behalve

plaatselijke Life Fitness-kantoren)

Life Fitness Benelux

Telefoon: (+31) 180.646.666

FAX: (+31) 180.646.699

Life Fitness Italia S.R.L.

Telefoon: 800.438.836

FAX: (+39) 0457.238.197

Life Fitness Asia Pacific Ltd (Azië en Australië,

behalve plaatselijke Life Fitness-kantoren)

Telefoon: (+852) 2891.6677

FAX: (+852) 2575.6001

Beoogd gebruik: Zwaar/commercieel

Kanaalbereik: VHF: 2-13/UHF: 14-69/CATV: 1-125

Antenne: 75 ohm externe antenneklem voor VHF/UHF

(>43dBuV (bij 75 ohm) of >65,8 dBm)

Hoofdtelefooncontact: 300 milliwatt, 3,5 mm stereo

Zendcapaciteiten: NTSC-M of PAL-I, PAL-B/G, SECAM-L

Bedieningspaneel: Pijltoetsen, knoppen voor scherm blokkeren en deblokkeren,

afkoeling, pauze en tv.

Maximumgewicht gebruiker: 181 kg

Snelheidsbereik: 0,8 - 25 km/u in stappen van 0,1

Hellingsgraad: -3%-15% (in stappen van 0.1%)

Aandrijving: Wisselstroommotor met MagnaDrive™ motorregelaar

Motortype: Wisselstroommotor met variabel toerental

Motorvermogen: 4,0 pk continu bedrijf

Elektrische vereisten: 120 volt, 20 A (VS). Zie Elektrische vereisten voor de vereisten buiten de Verenigde Staten.

Rollen: diameter 13 cm, grote precisie, voor en achter

Loopband: 152 cm lang x 51 cm breed, meerdere lagen

Wassysteem: Gesmeerde loopband

Platformtype: 2 cm vezelplaat, matige dichtheid, omkeerbaar

Schokdempersysteem: Gepatenteerd FlexDeck® schokdempersysteem met Lifesprings™

Ergo™ voorste handgreep: Ergonomisch gevormde handgrepen, overgespoten elastomeer

Zijleuningen: 66 cm lang, uitlopend en vrijdragend, overgespoten elastomeer handgrepen

Stopsystemen: Rood/geel magnetisch noodstopsysteem met snoer, SmartStop™ en Session Stop drukschakelaar, uitstekend en opvallend geplaatst

Trainingen: Snelstart, Vetverbranding, Cardio, Heuvel, Verrassing, Manueel, Life Fitness Fit Test, Army PFT, Navy PRT, Air Force PRT, Marines PFT, Gerkin, Fysieke efficiëntietests (Physical Efficiency Battery, PEB), Snelheidsintervaltraining, Sport Training™ (5K en 10K), Hartslag Heuvel, Hartslag Interval en Extreme Hartslag

Niveaus: 20 (trainingen Heuvel, Verrassing en 5K en 10K)

Hartslagmeetsystemen: Gepatenteerd Lifepulse™ digitaal hartslagmeetsysteem (contact) en met Polar® telemetrie compatibel hartslagmeetsysteem

Weergaven bedieningspaneel: Verlopen tijd, totale afstand, totaal verbrande calorieën, watt, METS, verbrande calorieën per uur, snelheid, helling, hartslag, geklommen afstand, duur binnen zone en Profielvenster

Poorten (1): Type RJ45 verbinding geschikt voor netwerk

Lengte:211 cm
Breedte:94 cm
Hoogte:167 cm
Gewicht:204 kg
Opstaphoogte33 cm

TRANSPORTAFMETINGEN:

Lengte:219 cm
Breedte:108 cm
Hoogte:72 cm
Gewicht:240 kg

7.2 S PECIFICATIES VAN DE LIFE FITNESS 95TE LOOPBAND

Beoogd gebruik: Zwaar/commercieel

Kanaalbereik: VHF: 2-13/UHF: 14-69/CATV: 1-125

Antenne: 75 ohm externe antenneklem voor VHF/UHF

(>43dBuV (bij 75 ohm) of >65,8 dBm)

Hoofdtelefooncontact: 300 milliwatt, 3,5 mm stereo

Zendcapaciteiten: NTSC-M of PAL-I, PAL-B/G, SECAM-L

Bedieningspaneel: Pijltoetsen, knoppen voor scherm blokkeren en deblokkeren,

afkoeling, pauze en tv.

Maximumgewicht gebruiker: 181 kg

Snelheidsbereik: 0,8 - 20 km/u in stappen van 0,1

Hellingsgraad: 0%-15% (in stappen van 0.1%)

Aandrijving: Wisselstroommotor met MagnaDrive™ motorregelaar

Motortype: Wisselstroommotor met variabel toerental

Motorvermogen: 4,0 pk continu bedrijf

Elektrische vereisten: 120 volt, 20 A (VS). Zie Elektrische vereisten voor de vereisten buiten de Verenigde Staten.

Rollen: diameter 9 cm, grote precisie, voor en achter

Loopband: 152 cm lang x 51 cm breed, meerdere lagen

Wassysteem: Gesmeerde loopband

Platformtype: 2 cm vezelplaat, matige dichtheid, omkeerbaar

Schokdempersysteem: Gepatenteerd FlexDeck® schokdempersysteem met Lifesprings™

Ergo™ voorste handgreep: Ergonomisch gevormde handgrepen, overgespoten elastomeer

Zijleuningen: 66 cm lang, uitlopend en vrijdragend, overgespoten elastomeer handgrepen

Stopsystemen: Rood/geel magnetisch noodstopsysteem met snoer, SmartStop™ en Session Stop drukschakelaar, uitstekend en opvallend geplaatst

Trainingen: Snelstart, Vetverbranding, Cardio, Heuvel, Verrassing, Manueel, Life Fitness Fit Test, Army PFT, Navy PRT, Air Force PRT, Marines PFT, Gerkin, Fysieke efficiëntietests (Physical Efficiency Battery, PEB), Snelheidsintervaltraining, Sport Training™ (5K en 10K), Hartslag Heuvel, Hartslag Interval, Extreme Hartslag

Niveaus: 20 (trainingen Heuvel, Verrassing en 5K en 10K)

Hartslagmeetsystemen: Gepatenteerd Lifepulse™ digitaal hartslagmeetsysteem (contact) en met Polar® telemetrie compatibel hartslagmeetsysteem

Weergaven bedieningspaneel: Verlopen tijd, totale afstand, totaal verbrande calorieën, watt, METS, verbrande calorieën per uur, snelheid, helling, hartslag, geklommen afstand, duur binnen zone en Profielvenster

Poorten (1): Type RJ45 verbinding geschikt voor netwerk

Lengte:211 cm Lengte:
Breedte:94 cm
Hoogte:161 cm
Gewicht:195 kg
Opstaphoogte28 cm

TRANSPORTAFMETINGEN:

219 cm
Breedte:108 cm
Hoogte:67 cm
Gewicht:230 kg

97Te, 95Te Treadmill

Manuale Operativo

SEDE PRINCIPALE

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Life Fitness

Model : 97TE

Categorie : Hometrainer