YT-821024 - Vermaler Yato - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis YT-821024 Yato in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over YT-821024 Yato
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vermaler in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding YT-821024 - Yato en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. YT-821024 van het merk Yato.
GEBRUIKSAANWIJZING YT-821024 Yato
- behuizing
- bijkomende handgreep
- slijpschijfafdekking
- spindel
- spilvergrendeling
- schakelaar
- netsnoer met stekker
- sleutel voor het bevestigen van de slijpschijf
- slijpschijf
- onderste bevestigingsfl ens
- bovenste bevestigingsfl ens
- snelheidsregelknop (alleen op YT-821024)
GR
Niet gebruiken om te snijden
Draag een veiligheidsbril
Tweede klasse elektrische veiligheid
Draag gehoorbescherming
Werk altijd met de slijper terwijl u deze met twee handen vasthoudt
Dit symbool geeft aan dat afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (inclusief batterijen en accu's) niet samen met ander afval mag worden weggegooid. Afgedankte apparatuur moet gescheiden worden ingezameld en bij een inzamelpunt worden ingeleverd om te zorgen voor recycling en terugwinning, zodat de hoeveelheid afval en het gebruik van natuurlijke hulpbronnen kan worden beperkt. Het ongecontroleerd vrijkomen van gevaarlijke componenten in elektrische en elektronische apparatuur kan een risico vormen voor de menselijke gezondheid en schadelijke gevolgen hebben voor het milieu. Het huishouden speelt een belangrijke rol bij het bijdragen aan hergebruik en terugwinning, inclusief recycling van afgedankte apparatuur. Voor meer informatie over de juiste recyclingmethoden kunt u contact opnemen met uw gemeente of detailhandelaar.
De haakse slijper is een elektrisch gereedschap voor het slijpen en doorslijpen van metalen en minerale bouwmaterialen zoals baksteen, natuur- en kunststeen, beton, tegels, enz. met behulp van slijpschijven en -schijven die zijn geselecteerd op basis van het materiaal. In geen geval mag het gereedschap worden gebruikt om andere dan de hierboven genoemde materialen te bewerken, bijv. voor het slijpen en het snijden van hout. Een juiste, betrouwbare en veilige werking van de slijpmachine is afhankelijk van een juiste bediening, dus voordat u de slijpmachine gebruikt:
Lees voordat u met het gereedschap gaat werken de volledige handleiding door en bewaar deze.
Draag altijd oogbescherming!
Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toelaatbare omtreksnelheid van minder dan 80 m/s!
Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toelaatbare snelheid die lager is dan de snelheid van de slijpmachine.
De leverancier is niet aansprakelijk voor schade als gevolg van het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften en de aanbevelingen in deze handleiding.
UITRUSTING VAN DE HAAKSE SLIJPMACHINE
De slijpmachines worden geleverd met de volgende uitrusting:
- bijkomende handgreep
- afdekking van de slijpschijf
- sleutel voor het bevestigen van de slijpschijf
Slijpschijven zijn niet inbegrepen.
De opgegeven geluidsemissiewaarde is gemeten volgens een standaardtestmethode en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. De opgegeven geluidsemissiewaarde kan worden gebruikt bij de initiele beoordeling van de blootstelling.
De aangegeven totale trillingswaarde is gemeten met behulp van de standaard testmethode en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. De opgegeven totale trillingswaarde kan worden gebruikt bij de eerste beoordeling van de blootstelling.
Let op! De trillingsemissie tijdens het gebruik van het gereedschap kan afwijken van de opgegeven waarde, afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
Let op! Er moeten veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden gespecificeerd, die gebaseerd zijn op een beoordeling van de blootstelling onder reële gebruiksomstandigheden (met inbegrip van alle onderdelen van de bedrijfscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap wordt uitgeschakeld of stationair draait en de activeringstijd).
ALGEMENE WAARSCHUWINGEN BETREFFENDE DE VEILIGHEID VAN HET ELEKTRISCHE GEREEDSCHAP
Waarschuwing! Lees aandachtig alle waarschuwingen betreffende de veiligheid, illustraties en specificaties die met dit elektrisch toestel / machine werden meegeleverd. Niet-naleving ervan kan tot elektrocutie, brand of ernstige letsels leiden.
NL
Bewaar zorgvuldig alle waarschuwingen en instructies voor toekomstig gebruik.
Het begrip „elektrotoestel / machine gebruikt in de waarschuwingen verwijst naar alle toestellen / machines elektrisch aangedreven, zowel draad als draadloze toestellen.
Veiligheid op de werkplek
De werkplek dient goed belicht en proper te zijn. Wanorde en een slechte belichting kunnen ongevallen veroorzaken.
Het is verboden om met elektrotoestellen / machines in een omgeving van vergrote ontploffingsgevaar met brandbare vloeistoffen, gassen of dampen te werken. Elektrotoestellen / machines generen vonken en kunnen stof of dampen ontsteken.
Laat kinderen en omstanders op de werkplaats niet toe. Concentratieverlies kan tot verlies van controle leiden.
Elektrische veiligheid
De stekker van de voedingskabel moet in de netwerkdoos passen. Het is verboden om de stekker op een om het even welke wijze de modifiëren. Het is verboden om stekkeradapters met geaarde elektrotoestellen / machines te gebruiken.
Een niet-gemodifi eerste stekker verkleint het risico op elektrocutie.
Vermijd contact met geaarde oppervlakken zoals buizen, verwarmingstoestellen of koelkasten. Aarding van het lichaam vergroot het risico op elektrocutie. Stel elektrotoestellen / machines niet bloot aan atmosferische neerslag of vocht. Water en vocht die binnen het elektrotoestel / machine raakt, vergroot het risico op elektrocutie.
Overbelast de voedingskabel niet. Gebruik de voedingskabel niet om de stekker van de voedingskabel te dragen, te trekken of de stekker uit de netwerkdoos te ontkoppelen. Vermijd contact van de voedingskabel met warmte, oliën, scherpe randen of bewegende delen. Beschadiging of verstrengeling van de voedingskabel vergroot het risico op elektrocutie.
In geval van uitvoering van de werkzaamheden buiten de gesloten ruimte dienen verlengsnoeren bestemd voor werking buiten gesloten ruimtes te worden gebruikt. Gebruik van een verlengsnoer die aangepast is voor buitenwerking verkleint het risico op elektrocutie.
In geval wanneer het gebruik van het elektrotoestel / machine in een vochtig milieu niet kan worden vermeden, dient een aardlekschakelaar (RCD) te worden gebruikt als bescherming tegen de voedingsspanning. Gebruik van RCD verkleint het risico op elektrocutie.
Persoonlijke veiligheid
Blijf alert, wees bewust wat er wordt verricht en gebruik gezond verstand tijdens de werking met een elektrotoestel / machine. Gebruik het elektrotoestel / machine niet bij vermoeidheid of onder invloed van drugs of geneesmiddelen.
Zelfs een moment van onoplettendheid kan tot ernstige persoonlijke letsels leiden.
Gebruik persoonslijke beschermingsmidddelen. Draag altijd een veiligheidsbril. Gebruik van persoonlijke beschemringsmiddelen zoals antistofmaskers, anti-slip veiligheidsschoenen, helmen en oorbeschermers verkleint het risico op ernstige letsels.
Zorg ervoor dat het toestel niet toevallig wordt ingeschakeld. Controleer of de elektrische schakelaar in positie „uitgeschakeld” staat alvorens de voeding en/of de accu aan te sluiten of het elektrotoestel / machine op te heffen of te verplaatsen. Verplaatsen van het elektrotoestel / machine met de vinger op de schakelaar of het aansluiten van het elektrotoestel / machine wanneer de schakelaar zich in positie „ingeschakeld” bevindt, kan tot ernstige letsels leiden.
Alvorens het elektrotoestel / machine uit te schakelen, verwijder alle sleutels en andere instrumenten die gebruikt werden voor de afstelling. Een achtergelaten sleutel op roterende onderdelen van het elektrotoestel / machine kan ernstige letsels veroorzaken. Reik niet en hel niet te ver over. Neem een stabiele houding gedurende de uitvoering van de werkzaamheden aan. Dit zal een betere controle over het elektrotoestel / machine mogelijk maken tijdens onverwachte situaties.
Draag gepaste kledij. Gebruik geen losse kledij en draag geen juwelen. Houd het haar en de kledij ver van bewegende onderdelen van het elektrotoestel / machine. Losse kledij, juwelen of lang haar kunnen worden vastgegrepen door de bewegende onderdelen.
Indien de toestellen aangepast zijn tot het aansluiten van stofafzuiging-of ophoping, controleer of ze correct aangesloten en gebruikt werden. Gebruik van stofafzuiging verkleint het risico op stofgerelateerde gevaren.
Zorg ervoor dat de verworven ervaring van veelvuldig gebruik van het elektrotoestel / machine er niet toe zal leiden dat de veiligheidsvoorschriften roekeloos worden genegeerd. Roekeloze handelingen kunnen in een fractie van een seconde ernstige letsels veroorzaken.
Gebruik en zorg voor het elektrotoestel / machine
Overbelast elektrotoestel / machine niet. Gebruik het elektrotoestel / machine bestemd voor de gekozen toepassing. Een geschikt elektrotoestel / machine zal een betere en veilige werking garanderen indien het gebruikt voor de ontwikkelde belasting wordt.
Gebruik het elektrotoestel / machine niet indien de elektrische schakelaar het in- en uitschakelen niet mogelijk maakt. Het elektrotoestel / machine dat niet controleerbaar is met behulp van de netwerkschakelaar is gevaarlijk en dient door de technische dienst te worden hersteld. Ontkoppel de stekker van de voedingskabel van de netwerkdoos en/of demonteer de accu, indien hij van het elektrotoestel / machine kan worden ontkoppeld alvorens het elektrotoestel / machine af te stellen, accessiores te vervangen of op te slagen. Zulke voorzorgsmaatregelen zullen ervoor zorgen dat een toevallige inschakeling van het elektrotoestel / machine wordt vermeden.
Bewaar het toestel op een plaats die ontoegankelijk voor kinderen is. Laat personen die niet vertrouwd zijn met de instructie het elektrotoestel / machine niet gebruiken. Elektrotoestellen / machines kunnen in handen van ongeschoolde gebruikers gevaarlijk zijn.
Onderhoud het elektrotoestel / machine en zijn accessoires. Controleer het elektrotoestel / machine op het gebied van
NL
slechte aanpassingen of het klem zitten van bewegende onderdelen, beschadiging van onderdelen en om het even welke andere omstandgiheden die de werking van het elektrotoestel / machine kunnen beïnvloeden. Schade dient te worden hersteld alvorens het elektrotoestel / machine te gebruiken. Vele ongevallen worden veroorzaakt door slecht onderhoud van het elektrotoestel / machine.
Snijdende werktuigen dienen proper en scherp te zijn. Snijdende werktuigen met scherpe randen die goed onderhouden zijn zullen zich minder beklemmen en kunnen tijdens de werking beter worden gecontroleerd.
Gebruik elektrotoestellen / machines, accessoires en aanvullende werktuigen ed. overeenkomstig met deze instructie en houd rekening met hun soort en de arbeidsomstandigheden. Gebruik van toestellen bestemd voor andere werkzaamheden dan hun bestemming kan een gevaarlijke situatie veroorzaken.
Houd het handvat en de oppervlakken bestemd om te worden gegrepen altijd droog, proper en vrij van olie en vet. Gladde handvaten en oppervlakken laten geen veilig gebruik toe en houden het elektrotoestel / machine niet onder controle in gevaarlijke situaties.
Herstellingen
Laat het elektrotoestel / machine herstellen enkel bij de bevoegde technische diensten die originele reserveonderdelen gebruiken. Dit zal de gepaste veiligheid van het elektrotoestel garanderen.
AANVULLENDE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR SCHIJFSCHUURMACHINES EN POLIJSTMACHINES
Het gereedschap is alleen ontworpen voor schuren, schuren met schuurpapier, schuren met staalborstels en snijden. Maak uzelf vertrouwd met alle waarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij het elektrische gereedschap worden geleverd. Het niet naleven van alle onderstaande instructies kan een elektrische schok, brand en / of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bouw dit gereedschap niet om voor werkzaamheden waarvoor het niet door de fabrikant ontworpen en gespecificeerd is. Een dergelijke ombouw zal leiden tot verlies van controle en ernstig letsel veroorzaken.
Het is verboden het gereedschap te gebruiken als polijstmachine of op een andere manier dan in de gebruiksaanwijzing beschreven staat. Werken met het gereedschap waarvoor het niet is bedoeld, kan een risico vormen en letsel veroorzaken.
Gebruik geen accessoires die niet zijn ontworpen en niet zijn aanbevolen door de fabrikant. Het feit dat de accessoires op het gereedschap kunnen worden gemonteerd, betekent niet dat ze een veilig werk garanderen.
De maximale snelheid van de accessoires moet gelijk zijn aan of groter zijn dan de maximale snelheid van het gereedschap. Accessoires met een lagere snelheid dan de snelheid van het gereedschap kunnen tijdens het gebruik in stukken breken.
De externe diameter en dikte van de accessoires moeten binnen het gespecificeerde groottebereik voor het gereedschap vallen. Accessoires van onjuiste afmetingen kunnen niet goed worden afgedekt en gehanteerd.
De maat van het bevestigingsgat voor wieltjes, schijven, flenzen en ander toebehoren moet overeenkomen met de maat van de spindel van het gereedschap. Accessoires, waarvan de grootte van het montagegat komt niet overeen met de grootte van de gereedschapsspindel, zullen na het starten beginnen te vibreren, wat tot verlies van controle over het gereedschap kan leiden.
Gebruik geen beschadigde accessoires. Controleer vóór elk gebruik de staat van de accessoires op de aanwezigheid van spatten, scheuren en overmatige slijtage. Als u de accessoires laat vallen, controleert u deze op schade of plaatst u nieuwe, onbeschadigde accessoires. Nadat u de accessoires hebt geïnspecteerd en geïnstalleerd, plaatst u uzelf en omstanders buiten het rotatievlak van het accessoire en voert u het gereedschap vervolgens een minuut lang uit met de maximale snelheid. Slechte accessoires worden tijdens de test beschadigd.
Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Gebruik afhankelijk van de toepassing gezichtsbescherming, bril of veiligheidsbril. Gebruik indien nodig stofmaskers, gehoorbescherming, handschoenen en schorten om te beschermen tegen kleine fragmenten van accessoires of werkmaterialen. Oogbescherming moet in staat zijn om rondvliegende deeltjes die tijdens de werking ontstaan, te stoppen. Het stofmasker moet het stof kunnen filteren dat tijdens het gebruik wordt gegenereerd. Te lange blootstelling aan lawaai kan gehoorverlies veroorzaken.
Houd een veilige afstand tussen de werkplek en buitenstaanders. Personen die de werkplek betreden, moeten persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken. Fragmenten die tijdens het werk worden gemaakt of fragmenten van beschadigde accessoires kunnen uit de directe omgeving van de werkplek vliegen.
Wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij de schijf in aanraking kan komen met verborgen elektrische leidingen of stroomkabels die onder spanning staan, mag u de polijstmachine alleen vasthouden met geïsoleerde handgrepen. De schijf kan in contact met een stroomvoerende draad ertoe leiden dat de metalen onderdelen van het gereedschap onder spanning komen, waardoor de bediener van het gereedschap een elektrische schok kan krijgen.
Plaats het netsnoer uit de buurt van de draaiende delen van het gereedschap. In geval van verlies van controle over het gereedschap, kan het snoer worden doorgesneden of worden gevangen en kan de hand of arm van de bestuurder in de draaiende machineonderdelen worden getrokken.
Zet het gereedschap nooit neer totdat de draaiende delen volledig tot stilstand zijn gekomen. Roterende elementen kunnen de grond "vangen" en het gereedschap uit de hand trekken.
Start het gereedschap nooit tijdens het verplaatsen. Door per ongeluk contact met de draaiende delen kan de kleding worden gevangen en naar binnen worden getrokken en kan het gereedschap in contact komen met het lichaam van de gebruiker.
Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het gereedschap. De motorventilator zuigt stof aan dat ontstaat tijdens het
NL
gebruik van het gereedschap. Overmatige ophoping van metaaldeeltjes in het stof verhoogt het risico van een elektrische schok.
Gebruik het gereedschap niet in de buurt van ontvlambare materialen. Vonken tijdens het werk kunnen brand veroorzaken.
Gebruik geen accessoires die vloeistofkoeling vereisen. Water of koelvloeistof kan een elektrische schok veroorzaken.
De schroefdraadgrootte van de accessoires moet overeenkomen met de schroefdraad van de polijstmachine. Bij accessoires die op een flens worden gemonteerd, moet het montagegat voor de accessoires overeenkomen met de montagemaat van de flens. Accessoires die niet in de houder van het elektrisch gereedschap passen, veroorzaken onbalans, overmatige trillingen en kunnen leiden tot verlies van controle over de machine.
Waarschuwingen met betrekking tot het terugveren van het gereedschap naar de bediener
De reflectie van het gereedschap naar de bediener is een plotselinge reactie op een geblokkeerde of geklemde roterende schijf, borstelpolijstband of een ander accessoire. Een blokkering of vastklemming zorgt ervoor dat het draaiende accessoire plotseling stopt, waardoor het elektrische gereedschap in de tegenovergestelde richting van de rotatie van het accessoire draait.
Als de schuurschijf bijvoorbeeld door het werkstuk geblokkeerd of geklemd wordt, kan de rand van de schijf die in het klempunt komt, zich in het oppervlak van het materiaal ingraven, waardoor de schijf naar buiten komt of wordt uitgeworpen.
De schuurschijf kan ook in de richting van of van de bediener weg bewegen, afhankelijk van de bewegingsrichting van de schuurschijf op het klempunt. Schuurschijven kunnen ook breken onder deze omstandigheden.
Het terugveren van het gereedschap naar de bediener is het gevolg van onjuist gebruik en / of niet-naleving van de instructies in de bedienershandleiding. Verschijnselen kunnen worden vermeden door de onderstaande aanbevelingen op te volgen.
Gebruik een stevige greep op het gereedschap en een juiste houding van lichaam en hand om de krachten die tijdens het terugveren ontstaan te weerstaan. Gebruik altijd een extra handgreep, als deze bij het gereedschap wordt geleverd, zorgt dit voor maximale controle tijdens rebound of onverwachte rotatie bij het starten van het gereedschap. De operator kan de rotatie of het terugveren van het gereedschap controleren als de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen.
Plaats uw hand nooit in de buurt van de draaiende delen van het gereedschap. Roterende elementen kunnen, tijdens het terugveren, in aanraking komen met de hand.
Sta niet in de zone waarin het gereedschap zal bewegen tijdens het terugveren. Het terugveren richt het gereedschap in de tegenovergestelde richting van de draairichting van de schuurschijf, in de plaats van de blokkering ervan.
Let vooral op bij het werken in de buurt van hoeken, scherpe randen, etc. Vermijd het stoppen en vastlopen van de schuurschijf. Bij het bewerken van hoeken of randen bestaat een verhoogd risico op vastlopen van de schuurschijf, wat kan leiden tot verlies van controle of terugveren van het gereedschap.
Gebruik geen zaagkettingschijven voor houtbewerking, gesegmenteerde diamantschijven met een perifere opening tussen de segmenten van meer dan 10 mm of tandzagen. Dergelijke schijven veroorzaken vaak terugveren en verlies van controle over het gereedschap.
Waarschuwingen met betrekking tot slijpen en snijden
Gebruik alleen schijven die geschikt zijn voor gebruik met het gereedschap en de afschermingen die zijn ontworpen voor het type schijf. Schijven waarvoor het apparaat niet is ontworpen, kunnen niet goed worden afgeschermd en zijn niet veilig.
Een bolle schijf moet zodanig worden gemonteerd dat het slijpvlak niet buiten het vlak van de beschermingsflens van de afscherming uitsteekt. Een onjuist gemonteerde schijf die boven de afscherming uitsteekt, vormt een risico voor de veiligheid tijdens het gebruik.
De afscherming moet stevig aan het gereedschap worden bevestigd en in een positie worden geplaatst die maximale veiligheid biedt, zodat het kleinste gedeelte van de schijf in de richting van de bediener wordt blootgesteld. De afdekking helpt de bediener te beschermen tegen gebroken schijvenfragmenten en voorkomt onbedoeld contact met de schijf.
De schijf moet worden gebruikt zoals bedoeld. Bijvoorbeeld: niet slijpen met een snijschijf. Snijdende slijpschijven zijn ontworpen voor perifere belasting, de zijdelingse krachten die op de snijschijf worden uitgeoefend, kunnen ervoor zorgen dat deze uiteenvalt.
Gebruik altijd onbeschadigde klemschijven, die in de juiste maat voor de slijpschijf zijn. De juiste klemming van de slijpschijf vermindert de kans op beschadiging van de slijpschijf. De klemschijven van de doorslijpschijven kunnen afwijken van de klemschijven van de slijpschijven.
Gebruik geen versleten slijpschijven van grotere gereedschappen. Een schuurschijf met een grotere diameter is niet ontworpen voor de hogere snelheid van kleinere gereedschappen en kan breken.
Als u schijven voor tweeërlei gebruik gebruikt, gebruik dan altijd een beschermkap die geschikt is voor het type werk.
Het gebruik van de verkeerde bescherming kan ertoe leiden dat de gewenste mate van bescherming niet wordt geboden, wat kan leiden tot ernstig letsel.
Waarschuwingen met betrekking tot het snijden
Het zaagblad niet "vastzetten" of te veel druk uitoefenen. Probeer niet te diep te snijden. Overmatige spanning van het zaagblad verhoogt de belasting en de gevoeligheid voor verdraaiing of vastgrijpen van het zaagblad in de snijspleet, wat het risico op terugslag voor de bediener of beschadiging van het zaagblad verhoogt.
Plaats uw lichaam niet in de snijlijn of achter een draaiend zaagblad. Als het zaagblad tijdens het gebruik van de machine van het lichaam van de gebruiker af beweegt, kan de terugslag in de richting van de gebruiker het roterende zaagblad en het
NL
gereedschap in de richting van de gebruiker sturen.
Als het zaagblad vastzit of als het snijden om welke reden dan ook wordt onderbroken, schakel dan het gereedschap uit en houd het stil totdat het zaagblad volledig stopt met draaien. Probeer nooit het roterende zaagblad uit de gleuf te rijden, omdat dit kan leiden tot een terugslag naar de gebruiker. De redenen moeten worden gevonden en er moeten passende maatregelen worden genomen om te voorkomen dat het zaagblad komt vast te zitten.
Hervat het snijden in het materiaal niet. Laat de zaag nominale snelheid bereiken en steek ze dan pas voorzichtig in de snijsleuf. Het zaagblad kan worden vastgeklemd, uitgetrokken of teruggeslingerd worden in de richting van de bediener als de snede in het materiaal wordt hervat.
Platen en andere overmaatse materialen moeten worden ondersteund om het risico van vastklemmen en terugkaatsen naar de operator te minimaliseren. Overmaatse materialen hebben de neiging om te buigen onder hun eigen gewicht. De steunen moeten onder het materiaal worden geplaatst, dicht bij de snijlijn en dicht bij de rand van het materiaal, aan beide zijden van de snijlijn.
Wees bijzonder voorzichtig bij het maken van insnijdingen in muren en andere onbekende oppervlakken. Een uitstekend zaagblad kan door gas- of elektriciteitskabels of andere voorwerpen snijden die een terugslag in de richting van de gebruiker kunnen veroorzaken.
Probeer niet in een boog te snijden. Overbelasting van het mes verhoogt de belasting en gevoeligheid voor draaien of vastlopen in de sleuf van de snede en de kans op terugslag naar de gebruiker of scheuren van het mes, wat kan leiden tot ernstig letsel.
Waarschuwingen met betrekking tot schuren met schuurpapier
Gebruik schuurpapier van de juiste grootte. Een grote hoeveelheid schuurpapier dat uit de schijf steekt, kan letsel. Ver-oorzaken en het risico op vastlopen, scheuren of terugkaatsing van de rug naar de gebruiker vergroten.
Waarschuwingen met betrekking tot het werken met het gereedschap
Wees voorzichtig, want ook bij normaal gebruik worden er draadsplinters uit de borstel geslingerd. Overbelast de draden niet door te veel kracht op de borstel uit te oefenen. De draden kunnen gemakkelijk lichte kleding en/of huid doorboren. Als het gebruik van afdekkingen wordt aanbevolen tijdens de werking van een draadborstel, moet elk contact tussen de borstel en de afdekking worden voorkomen. Een draadborstel kan onder belasting en centrifugale kracht zijn diameter vergroten.
Waarschuwingen met betrekking tot het schuren
Laat geen losse delen van de polijstschijf of het bevestigingssnoer vrij ronddraaien. Losse en draaiende snaren kunnen in de vingers verstrikt raken of in het werkstuk vast komen te zitten.
INSTALLATIE VAN UITRUSTINGSELEMENTEN
Montage van de schuurschijfbescherming
Plaats hiertoe de schijfbescherming op het cilindrische gedeelte van het lichaam rond de spindel en zet deze met een schroef of klem op de beschermkap vast, zodat de beschermkap recht, stevig en stevig vastzit. Stel de schuurschijfbescherming zo af dat het onbeschermde deel van de schijf zo ver mogelijk van de hand van de slijper verwijderd is. Gebruik de slijpmachine nooit zonder correct gemonteerde beschermkap!
Bij de schuurmachine wordt een beschermkap geleverd die alleen voldoende bescherming biedt bij het schuren met schuurschijven en schijven met schuurpapier en sommige draadborstels. De op de spindel gemonteerde schijf mag niet buiten de zijrand van de afscherming uitsteken. Neem voor andere toegestane werkzaamheden contact op met de fabrikant voor een afscherming die voor dat soort werkzaamheden is ontworpen. Als een type A afscherming (voor het snijden) wordt gebruikt om het zijvlak te slijpen, kan de afscherming het werkstuk verstoren, waardoor het gereedschap slecht onder controle kan worden gehouden. Wanneer een type B afscherming (voor het slijpen) wordt gebruikt voor het doorsnijden met een slijpschijf, neemt het risico op blootstelling aan vonken en deeltjes toe, evenals aan delen van de schijf als deze breekt. Bij gebruik van een type A (voor het snijden), type B (voor het slijpen) of type C (gecombineerd) afscherming voor het snijden of slijpen van het zijoppervlak van beton of steen, neemt het risico op blootstelling aan stof en verlies van controle als gevolg van stuiteren naar de operator toe. Bij gebruik van een type A (voor het snijden), type B (voor het slijpen) of type C (gecombineerd) afscherming met een schijfdraadborstel van een dikte die ervoor zorgt dat de borstel buiten de kraag van het deksel uitsteekt, kan dit ertoe leiden dat de draden het deksel grijpen, waardoor de draden zullen breken.
Montage van de extra handgreep
Monteer de handgreep door deze stevig op de kop van het gereedschap te schroeven.
BEDIENING VAN DE SLIJPSCHIJVEN
LET OP! De montage van slijpschijven mag alleen plaatsvinden als de voedingsspanning is uitgeschakeld. Trek de stekker van de slijpmachinekabel uit het stopcontact!
NL
Montage van de slijpschijven
Koppel de voeding van het gereedschap los. Trek de stekker uit het stopcontact!
Let er bij de montage op dat de randen A (IV) onderaan de spindelschacht en de bevestigingsflenzen elkaar precies overlappen. Monteer de bovenste bevestigingsflens op de spindel. De slijpschijf op de spindel en de bovenste bevestigingsflens monteren Schroef de onderste bevestigingsflens op de spindel. Druk de spindelvergrendeling in en draai de onderste bevestigingsflens vast met een moersleutel, laat vervolgens de druk op de vergrendelingsknop los. Steek de stekker van het apparaat in het stopcontact, schakel de slijper in en observer de werking ervan zonder belasting gedurende ongeveer 1 minuut. Haal de stekker uit het stopcontact en controleer de bevestiging van de schijven.
Plaats van de bevestigingsfl enzen
Merk op dat de schijven op het bevestigingspunt aan de spindel in dikte kunnen verschillen. Naargelang dunne (dikte tot 3,2 mm) of dikke (dikte boven 3,2 mm) schuurschijven worden gebruikt, is de plaats van de klemflenzen (III) verschillend. De maximale dikte van de schuurschijf die op de slijpmachine kan worden bevestigd is 6 mm.
Verwijderen van slijpschijven
Schakel de slijpmachine uit en haal de stekker uit het stopcontact. Druk de spilvergrendeling in en draai de onderste bevestigingsflens los met een klemsleutel, verwijder vervolgens de schuurschijf van de spindel. Reinig de spindel en de klemflenzen van stof en ander vuil dat tijdens het gebruik ontstaat.
Soorten slijpschijven
Elke voor gebruik met haakse slijpmachines ontworpen versterkte slijpschijf met een toegestane omtreksnelheid van minstens 80 m/s en de in de tabel met technische gegevens aangegeven opspan- en buitendiameters mag gebruikt worden.
Als de slijpschijf voorzien is van een gat zonder schroefdraad voor de installatie, gebruik dan de bevestigingsflenzen. Het is ook mogelijk om schijven met een in de tabel met technische gegevens aangegeven uitwendige diameter met een M14-schroefgat te installeren. Gebruik in dit geval geen bevestigingsflenzen en schroef de schijf rechtstreeks op de spindel door deze met een knop te vergrendelen en de schijf stevig en zeker vast te draaien met een platte sleutel (niet inbegrepen in de slijpmachine). Gebruik bij schijven waarbij de schuurpapierschijf met klittenband kan worden bevestigd, alleen schuurpapierschijven met de diameter die in de tabel met technische gegevens is aangegeven. De schijven moeten concentrisch op de schijf worden geplaatst. De rand van de schijf mag niet buiten de rand van de schijf van het toestel uitsteken. Het is ook mogelijk om diamant slijpschijven te gebruiken met de in de tabel met technische gegevens aangegeven afmetingen, bestemd voor droog slijpen en slijpen. De installatie moet op dezelfde manier worden uitgevoerd als bij slijpschijven. Indien gesegmenteerde diamantschijven worden gebruikt, mag de spleet tussen de segmenten niet groter zijn dan 10 mm, gemeten aan de omtrek van de schijf, en moeten de segmenten een negatieve invalshoek hebben. Het wordt aanbevolen om slijpschijven te gebruiken die gemaakt zijn van materialen die bedoeld zijn voor de behandeling van een bepaald type metaal.
Raadpleeg de meegeleverde documentatie bij de slijpschijf. Voor de behandeling van keramische materialen mogen slijpschijven voor steenverwerking of diamantschijven voor droog gebruik worden gebruikt. Het wordt aanbevolen om staalborstels en schijven met schuurpapier te gebruiken om oude verflagen van metalen componenten te verwijderen. Het is verboden om het bevestigingsgat, de spindel of de reductieringen te bewerken om de diameter van het bevestigingsgat aan te passen aan de diameter van de spindel. Het is verboden andere dan de in de tabel met technische gegevens vermelde slijpschijven met bevestigingsdiameters te gebruiken. Het is verboden schijven met een zaagketting of cirkelzaagbladen te gebruiken omdat ze het risico op een terugslag van het gereedschap richting de gebruiker verhogen.
Let op! Het is verboden andere schijven te gebruiken dan die welke in deze handleiding zijn toegestaan. Zelfs als deze op de slijpspindel kan worden gemonteerd. Ongeschikte schijven zijn mogelijk niet bestand tegen de belastingen die ontstaan bij het gebruik van een haakse slijpmachine. Beschadigde, uit elkaar vallende slijpschijven vormen een risico op ernstig persoonlijk letsel of de dood.
DE SLIJPMACHINE GEBRUIKEN
Trek de stekker uit het stopcontact!
Controleer voordat u met het apparaat gaat werken of de behuizing en de aansluitkabel met stekker niet beschadigd zijn. Als er beschadigingen zichtbaar zijn, is het verboden de slijpmachine op het net aan te sluiten! Plaats de schuurschijfbescherming en de handgreep. Gebruik de slijpmachine nooit zonder dat de slijpschijfafdekking is geïnstalleerd!
Kies het geschikte type slijpschijf voor de klus en monteer de schijf op de spindel van de slijpmachine. Monteer het werkstuk op een geschikte manier zodat het tijdens de bewerking niet kan verschuiven, bijvoorbeeld met bankschroeven of klemmen. De slijpschijf draait met hoge snelheid en het ondeskundig vastzetten van het werkstuk kan veroorzaken dat het ongecontroleerd beweegt tijdens het gebruik, wat het risico op ernstige letsels vergroot. In het geval van snijden, steun het snijmateriaal aan beide zijden van de snijlijn, maar zodanig dat de snijschijf niet vastloopt tijdens het snijden. De steunen moeten dicht bij de rand van het zaagmateriaal en in de buurt van de zaaglijn worden geplaatst.
Draag oogbescherming, gehoorbescherming en veiligheidshandschoenen.
Controleer of de schakelaar in de stand "off - 0" staat. Steek vervolgens de stekker van het netsnoer van de slijpmachine in het stopcontact.
NL
Neem de juiste positie in om evenwicht te garanderen en start de slijpmachine met de schakelaar. Als de schakelaar zich aan de bovenkant of zijkant van de behuizing van de slijpmachine bevindt, drukt u, om deze in te schakelen, op de schakelaar aan de achterkant van de slijpmachine en duwt u hem vervolgens, zonder de druk los te laten, naar voren in de richting "I". De aan/uit-schakelaar kan een vergrendeling hebben waarmee hij in deze stand kan worden vergrendeld voor gemakkelijk langdurig gebruik. Om de slijpmachine uit te schakelen, drukt u op de schakelaar aan de achterkant van de slijpmachine en laat u deze terugtrekken. Als de stroom uitvalt tijdens de werking met de vergrendelde schakelaar, kan het werk pas worden aangevat nadat de stroom is hersteld nadat de schakelaar is ontgrendeld en weer ingeschakeld.
Als de schuurmachine is uitgerust met een aan/uit-schakelaar aan de onderkant van de handgreep, houdt u de vergrendelknop ingedrukt en drukt u vervolgens op de schakelaar. Houd de schakelaar ingedrukt terwijl u werkt, maar u hoeft de vergrendelknop niet ingedrukt te houden. Als u de druk op de schakelaar loslaat, wordt de molen uitgeschakeld. Een dergelijke schakelaar heeft niet de mogelijkheid om de bediening te vergrendelen.
Begin te werken door het juiste schijfoppervlak op het werkstuk aan te brengen:
- In het geval van slijpschijven om te slijpen, slijp op de zijkant en/of de voorkant,
- bij lamellenschijven het zijvlak zo slijpen dat de schuurvellen parallel aan het te bewerken materiaal bewegen,
- in het geval van klittenbandschijven die de bevestiging van schuurpapier mogelijk maken, moet het slijpen worden uitgevoerd met het zijoppervlak,
- Bij draadborstels moet het werk worden uitgevoerd door het uiteinde van de draad en niet op zijn kant,
- In het geval van doorslijpschijven, snijden met de voorkant, niet slijpen met de voorkant van de doorslijpschijf.
Houd de slijpmachine bij het slijpen met het zijoppervlak onder een hoek van niet meer dan 30 graden ten opzichte van het bewerkte oppervlak (IV). Beweeg de slijpmachine in vloeiende bewegingen van u weg en naar u toe. Bij het snijden moet de snijschijf loodrecht op het snijvlak staan. Niet onder een andere hoek snijden. Het is verboden de hoek van de snijschijf ten opzichte van het werkstuk te wijzigen tijdens het snijden zelf. Snijd alleen in een rechte lijn. Het niet naleven van de bovenstaande aanbevelingen verhoogt het risico op het vastlopen van de snijschijf in het werkstuk, waardoor het gereedschap naar de bediener kan stuiteren, de schijf kan breken of kan uiteenvallen. Leid de slijpmachine bij het doorslijpen in de draairichting van de schijf (VI). Oefen bij het gebruik van de schuurmachine niet te veel druk uit op het werkstuk en maak geen plotselinge bewegingen om vastlopen of barsten en scheuren van de schuurschijf te voorkomen. Overbelast de slijpmachine niet, de buitenoppervlaktetemperatuur mag nooit hoger zijn dan 60°C. Schakel na afloop van de werkzaamheden de slijpmachine uit, trek de stekker uit het stopcontact en inspecteer deze. Let op! De schijf kan nog enige tijd na het uitschakelen van de slijpmachine draaien. Laat de schijf afkoelen voordat u de inspectie uitvoert. Tijdens het gebruik kunnen zowel de schijf als het werkstuk opwarmen tot een hoge temperatuur.
Toerentalregeling (VII)
Het product (YT-821024) heeft een variabele snelheidsregeling. De instelling gebeurt met een draaiknop. Hoe lager de instelling, hoe lager de omwentelingsnelheid. Een lagere snelheid wordt aanbevolen wanneer het product wordt gebruikt voor het schuren met staalborstels of het schuren met schuurpapier. De lagere snelheid leidt tot minder verhitting van de schijven en het materiaal zelf, en vermindert de hoeveelheid stof die tijdens het gebruik vrijkomt. Het is echter belangrijk op te merken dat door de ontwerpoplossingen, hoe hoger de snelheid, hoe beter de koeling van het product. Gebruik bij een lage snelheid vaker pauzes om het product te laten afkoelen.
Denk eraan! Bij het werken met een haakse slijper:
Altijd oogbescherming gebruiken.
Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toelaatbaar omwentelingstoerental van minder dan 80 m/s.
Gebruik geen slijpschijven met een maximaal toelaatbaar toerental dat lager is dan dat van de slijpmachine.
ONDERHOUD EN CONTROLE
LET OP! Voordat men start met het afstellen, technisch onderhoud of het uitvoeren van controles dient de stekker van het apparaat uit het stopcontact te worden gehaald. Aan het einde van de werkzaamheden dient men de technische staat van het elektrische apparaat te controleren door middel van een visuele inspectie en een beoordeling van de behuizing, het handvat, stroomkabel, doorgankelijkheid van de ventilatiesleuven, borstels die eventuele vonken afgeven, geluidsniveau van de werking van de lagers en tandwielen, het opstarten en uniformiteit van de werking van het apparaat. Tijdens de garantieperiode dient men het elektrische apparaat niet te demonteren en dient men tevens geen onderdelen te vervangen aangezien dit de garantie ongeldig zal maken. In geval van eventuele onregelmatigheden die tijdens een controle zijn vastgesteld of tijdens de werkzaamheden dient het apparaat ter reparatie te worden aangeboden bij een daarvoor bestemd servicepunt. Na de werkzaamheden dient men de behuizing, ventilatieopeningen, schakelaars, extra handvaten en behuizing schoon te maken door middel van bv. luchtdruk (met een druk van max. 0,3 MPa), of door middel van een borstel/ kwast of droge doek zonder gebruik van chemicaliën en reinigingsvloeistoffen. Aanvullende onderdelen en de handvaten schoonmaken met een droge, schone doek.