EHC 933 331 E - Fornuis AMICA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EHC 933 331 E AMICA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over EHC 933 331 E AMICA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EHC 933 331 E - AMICA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EHC 933 331 E van het merk AMICA.
GEBRUIKSAANWIJZING EHC 933 331 E AMICA
De fornuizen van combineren uitzonderlijk gebruiksgemak en optimale doeltreffendheid. Na het lezen van deze gebruikershandleiding zult u zonder problemen dit fornuis kunnen bedienen.
Voor het ingepakt werd en de fabriek verliet, werd dit fornuis bij de controleposten grondig gecontroleerd op het gebied van veiligheid en functionaliteit.
Voordat u het toestel aanschakelt, dient u deze gebruikershandleiding grondig door te lezen. De instructies uit deze handleiding helpen u om verkeerd gebruik van het toestel te voorkomen.
Bewaar deze gebruikershandleiding goed en zorg dat ze altijd binnen bereik is.
Om ongelukken te vermijden moeten de instructies uit deze handleiding precies nageleefd worden.
Opgelet!
Het fornuis mag pas gebruikt worden nadat u deze gebruikershandleiding grondig doorgelezen heeft.
Het toestel is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijke kookdoeleinden.
De producent behoudt zich het recht voor om wijzigingen aan te brengen die geen invloed hebben op de werking van het toestel.
Informatie over het product met betrekking tot Verordening (EU) Nr. 65/2014 en Verordening (EU) Nr. 66/2014, is te vinden op de laatste pagina's van de gebruikershandleiding of in ander gedrukte documenten die bij het product worden geleverd.
Attentie. Dit apparaat en de bereikbare onderdelen ervan worden tijdens het gebruik heet. Wees bijzonder voorzichtig bij het aanraken van de verwarmingselementen. Zorg dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat kunnen komen, tenzij ze onder permanent toezicht staan.
Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met lichamelijke of geestelijke beperkingen of personen zonder ervaring met of kennis van het apparaat, als dit gebruik plaatsvindt onder toezicht of in overeenstemming met de gebruiksaanwijzing van het apparaat, door personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid. Zorg ervoor dat kinderen niet met het apparaat kunnen spelen. Kinderen mogen de kookplaat niet zonder toezicht schoonmaken of onderhoudswerkzaamheden verrichten.
Attentie. Het koken van vetten of olie op de kookplaat zonder toezicht kan erg gevaarlijk zijn en leiden tot brand.
Probeer het vuur NOOIT met water te blussen, maar schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met een deksel of een niet-brandbare deken.
Attentie. Brandgevaar: geen voorwerpen verzamelen op de kookoppervlakte.
Attentie. Schakel de stroom uit als de oppervlakte is gebarsten, om elektrische schokken te voorkomen.
Tijdens het gebruik wordt het toestel heet. Wees voorzichtig en raak de hete onderdelen in de oven niet aan.
Als dit apparaat gebruikt wordt, kunnen de bereikbare onderdelen heet worden. Laat geen kinderen bij de oven komen.
Attentie. Gebruik geen schurende schoonmaakmiddelen of scherpe metalen voorwerpen voor het schoonmaken van het glas van de deur, omdat deze krassen kunnen veroorzaken op het oppervlak. Dit kan leiden tot barsten van het glas.
Attentie. Om elektrocutie te vermijden dient u het toestel uit te schakelen vooraleer u het lampje vervangt.
Gebruik geen stoomreinigers voor het schoonmaken van het fornuis.
Gevaar voor verbranding! Bij het openen van de ovendeur kan hete stoom ontsnappen. Wees voorzichtig met het openen van de deur tijdens of na afloop van het koken. Buig u bij het openen niet over de deur. Vergeet niet dat stoom bij bepaalde temperaturen onzichtbaar kan zijn.
- Wees bijzonder voorzichtig als er kinderen in de buurt van het fornuis zijn, want ze kennen de bedieningsprincipes van het fornuis niet. De hete branders van de gaskookplaat, de ovenkamer, het rooster, de ruit van de deur, en potten en pannen met hete vloeistoffen kunnen brandwonden veroorzaken!
- Zorg ervoor dat er geen kleine keukentoestellen of hun kabels in direct contact komen met de hete oven of de kookplaat, want de isolatie van deze toestellen is niet bestand tegen hoge temperaturen.
- Laat het fornuis niet achter zonder toezicht terwijl u kookt. Oliën en vetten kunnen ontvlammen als gevolg van oververhitting of overkoken.
- Zorg ervoor dat de kookplaat niet vuil wordt of onderloopt door overlopende spijzen. Eventueel vuil moet onmiddellijk verwijderd worden.
- Plaats geen potten of pannen met een natte bodem op de hete kookvelden, want dit kan onomkeerbare wijzigingen aan de plaat veroorzaken (onverwijderbare vlekken).
- Gebruik enkel potten en pannen die volgens de aanwijzingen van de producent geschikt zijn om te koken op een keramische plaat.
- Als het oppervlak van de kookplaat gebarsten is, moet het toestel van het stroomnet ontkoppeld worden om elektrocutie te vermijden.
- Schakel de kookplaat niet aan zonder er eerst een pot of pan op te plaatsen.
- Het is verboden om potten of pannen met scherpe randen te gebruiken, want die kunnen de keramische plaat beschadigen
- Kijk niet naar de halogene kookvelden terwijl ze opwarmen (als ze niet afgedekt zijn met een pot of pan).
- Plaats geen potten of pannen met een gewicht van meer dan 15 kg op de open deur van de oven, en geen potten of pannen met een gewicht van meer dan 25 kg op de kookplaat.
- Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of scherpe metalen voorwerpen om de glazen deur te reinigen. Hierdoor kan het oppervlak gekrast raken, wat kan leiden tot barsten in het glas.
- Het is aan te raden het deksel te reinigen vooraleer u het opent. U laat het oppervlak van de kookplaat best eerst afkoelen voordat u het deksel sluit.
- Het is verboden om een fornuis met technische defecten te gebruiken. Defecten mogen enkel hersteld worden door een erkend technicus met gepaste kwalificaties.
- Bij problemen veroorzaakt door technische defecten, moet het fornuis van het stroomnet ontkoppeld worden en moet het defect gemeld worden voor herstelling.
- Er mogen geen toestellen voor reiniging met stoom gebruikt worden om het fornuis te reinigen.
- Het toestel is uitsluitend ontworpen voor kookdoeleinden.
Elke andere toepassing (bv. voor het verwarmen van ruimtes) stemt niet overeen met de bestemming van het toestel en kan gevaar veroorzaken.

Door op verantwoorde wijze energie te gebruiken bespaart u niet alleen op de kosten van het huishouden, maar werkt u ook bewust mee aan de bescherming van het milieu. Laten we daarom ons steentje bijdragen aan energie-besparing! Dat kan op de volgende manier:
- Gebruik goede potten en pannen om te koken.
Kookpotten en pannen mogen niet kleiner zijn dan de kroon van de vlam van de brander. Dek de potten en pannen steeds af met een deksel.
- Zorg ervoor dat de branders, het rooster en de gaskookplaat rein zijn.
Vuil verstoort de warmteoverdracht – sterk aangebrand vuil kan soms enkel verwijderd worden met gebruik van reinigingsmiddelen die niet milieuvriendelijk zijn.
Let er bijzonder op dat de vlamopeningen in de ring onder de branderdop en de openingen van de branderkoppen rein zijn.
- Vermijd onnodig opheffen van deksels om het kookproces te controleren.
Open ook niet onnodig vaak de deur van de oven.
-Gebruik de oven enkel voor grotere hoeveelheden.
Porties vlees tot 1 kg kunnen spaarzamer bereid worden in een pot op een brander van het fornuis.
- Gebruik de restwarmte in de oven.
Schakel bij baktijden van meer dan 40 minu- ten de oven 10 minuten voor het einde van de bakbeurt uit.
Opgelet! Hou rekening met de kortere baktijd bij het instellen van de programmator.
- Sluit de deur van de oven zorgvuldig. Otherwise energy consumption increases unnecessarily.
- Bouw het fornuis niet in in de onmiddellijke nabijheid van koelkasten of diepvriezers.
Het energiegebruik van deze toestellen stijgt hierdoor onnodig.

Het toestel wordt door zijn verpakking beveiligd tegen beschadigingen tijdens het transport. Na het uitpakken van het toestel dient u de verpakkingselementen te recycleren op milieuvriende-
lijke wijze.
Alle materialen die gebruikt worden voor de verpakking zijn onschadelijk voor het milieu. Ze zijn 100% geschikt voor recyclage en zijn aangeduid met het gepaste symbool.
Opgelet! De verpakkingsmaterialen (zakjes uit polyethyleen, stukken piepschuim, enz.) moeten tijdens het uitpakken buiten het bereik van kinderen gehouden worden.
Op het einde van de gebruiksperiode mag dit product niet bij het gewone huisvuil geplaatst worden, maar moet afgegeven worden bij een verzamelpunt voor recyclage van elektrische en elektronische toestellen. Dit wordt aangegeven door het gepaste symbool op het product, in de gebruikershandleiding of op de verpakking.
De materialen die gebruikt zijn bij de productie van het toestel, zijn geschikt voor hergebruik volgens hun aanduiding. Dankzij dit hergebruik, de verwerking van materialen of andere vormen van hergebruik van afgedankte toestellen draagt u bij tot de bescherming van het milieu.
Informatie over het verzamelpunt voor gebruikte toestellen kunt u krijgen bij de gemeentediensten.
BESCHRIJVING VAN HET TOESTEL

text_image
Keramische plaat Controlelampje van de temperatuurregelaar L Controlelampje voor de werking van het fornuis R Draaiknoppen voor de bediening van de kookplaten Draaiknop voor de bediening van de kookplaten Draaiknop van de temperatuurregelaar Draaiknop voor de keuze van de functie van de ovenKeramische plaat

text_image
4a 5a 3a 6a3a ∅ 18 / ∅ 12 cm
4a ∅ 14 x 25 cm
5a ∅ 18 cm
6a ∅ 14,5 cm
KENMERKEN VAN HET TOESTEL
Uitrusting van het fornuis – overzicht:

Bakplaat voor gebraad*

Bakplaat voor gebak*
*Bepaalde modellen
Voorbereiding van het meubelblad om de plaat in te bouwen
- De keukenruimte moet droog en goed verlucht zijn en een goed werkende ventilatie bezitten. De opstelling van het fornuis moet een vrije toegang tot alle bedieningselementen garanderen. Het fornuis is ontworpen volgens klasse Y, d.w.z. dat het aan één zijde ingebouwd kan worden tegen een hoog meubel of een muur.
- Het meubelblad moet tussen 28 en 40 mm dik en minimum 600 mm diep zijn. Het blad moet vlak zijn en goed waterpas staan. Het blad moet aan de kant van de muur afgedicht en beveiligd zijn tegen insijpelend water en vocht.
- De afstand tussen de rand van de opening en de rand van het blad moet vooraan min. 60 mm en achteraan min. 50 mm bedragen.
- De bekleding en lijm die voor de inbouwmeubelen gebruikt zijn, moeten tegen een temperatuur van 100°C bestand zijn. Als deze voorwaarde niet voldaan is, kan het oppervlak vervormd raken of kan de bekleding loskomen.
- De randen van de opening moeten beveiligd worden met vochtbestendig materiaal.
- De opening in het blad moet volgens de afmetingen op fig. 1 gemaakt worden.

text_image
① min 50 560 490 min 60Installatie van de kookplaat gelijk aan het werkblad
Maak een montagegat volgens de volgende afmetingen (mm):

text_image
522 592 max.60 R6 max.R6 6,5+0,5 490+4 560+4 50 28-40 600
Opgelet: De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die is ontstaan door het onjuist monteren van de kookplaat in het werkblad, met name door het vastlijmen aan het werkblad vanaf de onderkant.
Aanwijzingen voor de installateur van het apparaat
- Bij een werkblad van steen of keramische tegels kunt u de kookplaat het beste gelijk aan het werkblad installeren.
- De dichting die op de onderkant van de kookplaat is aangebracht, mag er niet toe leiden dat de afwerkingssilicone onder de kookplaat terechtkomt. Als het nodig is om het apparaat te demonteren, snijd dan de siliconen rond de plaat met een scherp mes los. Als de silicone onder de plaat is terechtgekomen, is het lossnijden van de silicone niet mogelijk en kan het demonteren van de plaat ertoe leiden dat het keramische glas breekt.
- De silicone die u gebruikt om de randen af te dichten, moet bestand zijn tegen een temperatuur van min. 160°C.
- Het verdient aanbeveling om het oppervlak van het werkblad af te werken met een geschikte lak (bijvoorbeeld met silicone) die het werkblad beschermt tegen het binnendringen van vocht.
- Ongeschikte silicone kan verkleuring van natuursteen veroorzaken.
- Houd u strikt aan de afmetingen op de montagetekening, met name de breedte van de frees waarop de kookplaat zal rusten.
- Bij een defecte kookplaat bevelen we aan om contact op te nemen met de persoon die verantwoordelijk was voor de installatie van de kookplaat, zodat de plaat kan worden verwijderd vóór het bezoek van de servicetechnicus die de gemelde reparatie gaat uitvoeren.
Aanbrengen van de pakking
Afhankelijk van het model is de pakking door de fabrikant aangebracht (fig. 1)
Als de pakking niet door de fabrikant is aangebracht, ga dan als volgt te werk:
Voordat u het apparaat in de aanrechtopening installeert, dient u de meegeleverde pakking op de onderzijde van de plaat aan te brengen (fig. 2).
Verwijder daartoe eerst de beschermfolie van de pakking en plak deze vervolgens zo dicht mogelijk tegen de rand van de plaat (fig. 3, 4).

Installatie van het apparaat zonder pakking is niet toegestaan.
Plaats de kookplaat symmetrisch in de meubelopening, zodanig dat de spleten tussen de kookplaat en de rand van het werkblad aan alle kanten gelijk zijn (fig. 5).

Montage van de plaat in het meubelblad\*
- Bij een blad met een dikte van 38 mm moet u 4 bevestigingsgrepen „A” gebruiken om de plaat te bevestigen. De montagewijze is opgegeven op fig. 2 en 3. Bij een blad met een dikte van 28 mm moet u naast de bevestigingsgrepen “A” nog 4 houten blokjes met een afmeting van 15x15x50 mm gebruiken. De montagewijze is opgegeven op fig. 4 en 5.
- Controleer of de pakking goed tegen de plaat aansluit.
- Draai de bevestigingsgrepen lichtjes aan de onderkant van de plaat.
- Reinig het blad, plaats de plaat in de opening en druk ze tegen het blad aan.
- Plaats de bevestigingsgrepen loodrecht op de randen van de plaat en draai ze stevig aan.
2

text_image
1 2 3 4 51 - meubelblad
2 - schroef
3 - bevestigingsgreep
4 - kookplaat
5 - pakking van de plaat
4

text_image
5 4 15 15 1 6 2 31 - meubelblad
2 - schroef
3 - bevestigingsgreep
4 - kookplaat
5 - pakking van de plaat
6 - houten blokje
3

text_image
560 min 50 320 490 466 min 605

text_image
min 50 560 270 50 490 min 60 41650*Bepaalde modellen
Montage van de oven:
- bereid de montageopening voor de oven voor in het meubel volgens de afmetingen die op de figuur aangeduid zijn (fig.A),
- sluit de oven aan op het stroomnet terwijl de stroom uitgeschakeld is,
- schuif de oven gedeeltelijk in de voorbereide opening in het meubel en sluit de oven aan op de kookplaat (fig.B).
- de aardkabel van de plaat (geel-groen) moet verbonden worden met de aardklem van de oven (aangeduid met ⏻) die zich bij de aansluiting bevindt.
- schuif de oven volledig in de opening en beveilig hem tegen uitschuiven met behulp van vier schroeven op de plaatsen die op de figuur aangeduid zijn (fig.C).

text_image
min. 600 560 600 min. 38 560 Fig. AFig. A

Aansluiting van het fornuis op de elektrische installatie
Opgelet!
De plaat mag enkel op de elektrische installatie aangesloten worden door een erkend installateur met de gepaste kwalificaties. Het is verboden om zelfstandig wijzigingen of aanpassingen aan te brengen aan de elektrische installatie.
Instructies voor de installateur
Het fornuis is in de fabriek aangepast aan voeding met driefasige wisselstroom (400V 3N\~50Hz). De nominale spanning van de verwarmingselementen van het fornuis bedraagt 230V. Het fornuis kan aangepast worden aan voeding met eenfasige stroom (230V) door een gepaste overbrugging op de contactstrip volgens het bijgevoegde aansluitschema. Er is ook een aansluitschema bij de aansluiting van het fornuis geplaatst. De contactstrip is bereikbaar nadat u het deksel van de aansluiting wegneemt door de klemmen te deblokkeren met een platte sleutel. Vergeet niet een gepaste leiding te kiezen volgens het soort aansluiting en het nominale vermogen van het fornuis.
De aansluitleiding moet gemonteerd worden op de steun voor de aansluiting van het for- nuis.Opgelet!
Vergeet niet het aardingscircuit aan te sluiten op de klem van de contactstrip, die aangegeven is met het teken ⏚. De elektrische installatie die het fornuis van stroom voorziet, moet beveiligd zijn met een gepaste zekering die de stroom afsluit in noodgevallen. De afstand tussen de werkcontacten van de zekering moet min. 3 mm bedragen.
Voordat u het fornuis op de elektrische installatie aansluit, moet u de informatie op het typeplaatje en het aansluitschema lezen.

| SCHEMA MET MOGELIJKE AANSLUITINGENOpgelet! Spanning van de verwarmingselemen-ten 230VOpgelet! Bij elke aansluitingsvariant moet de aardingsleiding aangesloten zijn op de klem + PE | ![]() | Aanbevolen soort aansluit-leiding | ||
| 1 Bij een stroomnet van 230 V eenfas-sige aansluiting met een nulleiding, de bruggen verbinden de klemmen 1-2-3 en 4-5, aardingsleiding op + . | ![]() | H05VV-F3G4 | ||
| 2 Bij een stroomnet van 400/230 V tweefasige aansluiting met een nul-leiding, de bruggen verbinden de klemmen 2-3 en 4-5, aardingsleiding op + . | ![]() | H05VV-F4G4 | ||
| 3 Bij een stroomnet van 400/230 V drie-fasige aansluiting met een nulleiding, de bruggen verbinden de klemmen 4-5, de faseleidingen zijn aangesloten op 1, 2 en 3, de nulleiding op 4-5, aardingsleiding op + . | ![]() | H05VV-F5G1,5 | ||
| Faseleidingen - L1=R, L2=S, L3=T; N – nulleiding; PE – aardingsleiding | ||||
voor u de oven voor de eerste maal aanschakelt
- verwijder alle verpakkingsonderdelen, verwijder de onderhoudsmiddelen die in de fabriek aangebracht zijn, uit de kamer van de oven en van de kookplaat,
- neem de uitrusting uit de oven en reinig die in warm water met afwasmiddel,
- schakel de ventilatie in de ruimte aan of open een raam,
- warm de oven op (op een temp. van 250°C, ong. 30 min.), verwijder vuil en reinig hem grondig. Warm de kookvelden van de plaat ong. 4 minuten op zonder potten of pannen.
De draaiknoppen zijn "verborgen" in het bedieningspaneel, om een functie te kiezen gaat u als volgt tewerk:
- druk zachtjes de draaiknop in en laat hem weer los,
- stel de gewenste functie in. De aanduiding rond de draaiknop komt overeen met de opeenvolgende functies die door de oven uitgevoerd kunnen worden.

text_image
1 0
Was de binnenkant van de oven en- kel met warm water met een kleine hoeveelheid afwasmiddel.
Bediening van de kookvelden van de keramische plaat.
Keuze van potten en pannen
Goed gekozen potten en pannen hebben een bodemgrootte en vorm die ongeveer overeenstemt met het gebruiksoppervlak van het kookveld. Voor braadsleden is er een speciaal verbreed kookveld van 140 x 250. Gebruik geen potten en pannen met een holle of bolle bodem. Hou er rekening mee dat de potten en pannen een gepast deksel moeten hebben. Het is aan te raden om potten en pannen met een dikke, gedraaide bodem te gebruiken. Als het oppervlak van de kookvelden en de potten en pannen vuil is, kan de warmte niet volledig benut worden.

text_image
SLECHT SLECHT GOED SLECHT SLECHTKeuze van het verwarmingsniveau
De kookvelden hebben verschillende verwarmingsvermogens. Het verwarmingsvermogen kan stapsgewijs geregeld worden door de draaiknop naar links of rechts te draaien.
Voorbeeldinstellingen van de draaiknop
0 Uitschakelen
• MIN. Opwarmen
1 Stoven van groenten, langzaam koken
- Koken van soepen, grotere hoeveelheden
2 Langzaam braden
• Aanbraden van vlees, vis
3 MAX. Snel opwarmen, snel koken, braden

Aanschakelen van het verbrede kookveld
Belangrijk!
Het kookveld mag enkel aangeschakeld worden door de draaiknop in wijzerzin te draaien. Als u in de andere richting draait, kunt u de schakelaar beschadigen.

Binnen het bereik 0 ● 1 ● 2 ● 3 van de draaiknop werkt het binnenste kookveld en kan de hoeveelheid naar de pot aangevoerde warmte geleidelijk geregeld worden. Door de knop kort door te draaien naar de stand Ⓞ wordt het buitenste kookveld aangeschakeld. Vanaf dat moment kan de hoeveelheid warmte die door de twee kookvelden (binnenste en buitenste) naar de pot aangevoerd wordt, geleidelijk geregeld worden, omdat de binnenste schakelaar deze velden pas uitschakelt als de draaiknop op stand 0 geplaatst wordt.
Verwarmingsindicator van een kookveld
Als de temperatuur van een kookveld meer dan 50°C bedraagt, wordt dit aangegeven door het gepaste veld van de indicator.
De verwarmingsindicator van een kookveld waarschuwt de gebruiker zodat hij het aanraken van een heet kookveld kan vermijden. Na het uitschakelen van de verwarming van een kookveld, zal het veld nog voor ong. 5-10 minuten de vergaarde warmte behouden, die bv. benut kan worden voor het opwarmen of warm houden van spijzen zonder dat de verwarming van het veld nog moet aangeschakeld worden.

Verwarmingsindicator van een kookveld
Functies en bediening van de oven
Oven met gedwongen luchtcirculatie (verwarmingselement onder + verwarmingselement boven + ventilator)
De oven kan verwarmd worden met behulp van een verwarmingselement bovenaan en onderaan en een grillelement (als dat er is). De oven kan bediend worden met behulp van de draaiknop voor de functie van de oven -draai de draaiknop naar de gewenste functie om de oven in te stellen – en met behulp van de draaiknop van de temperatuurregelaar – draai de draaiknop naar de gewenste temperatuur om de oven in te stellen.
De draaiknoppen zijn "verborgen" in het bedieningspaneel, om een functie te kiezen gaat u als volgt tewerk:
- druk zachtjes de draaiknop in en laat hem weer los,
- stel de gewenste functie in. De aanduiding rond de draaiknop komt overeen met de opeenvolgende functies die door de oven uitgevoerd kunnen worden.

text_image
0 0 0 150 200 100 50 °CDe oven kan uitgeschakeld worden door beide draaiknoppen in de stand "●"/"0" te plaatsen.
Opgelet!
Als er een functie van de oven ingesteld is, wordt de verwarming (van een verwarmingselement enz.) pas aangeschakeld als de temperatuur ingesteld is.
0 Nulstand

Snel verwarmen
Het onderaan en bovenaan verwarmingselement, het broodrooster en de ventilator zijn ingeschakeld. Toegepast voor het voorverwarmen van de oven.

Ontdooien
Alleen de ventilator is ingeschakeld, er wordt geen enkel verwarmingselement gebruikt.

Ventilator en supergrill
Als de draaiknop in deze stand staat, wordt de functie supergrill met ventilator uitgevoerd. In de praktijk laat deze functie toe om het braadproces te versnellen en de smaak van de gerechten te verbeteren. Zorg dat de deur van de oven gesloten is tijdens de bereiding.

Supergrill
Met de functie „supergrill” worden gerechten gegrild terwijl het verwarmingselement bovenaan ook aangeschakeld is. De functie laat toe om een hogere temperatuur in de bovenlaag van de oven te bereiken, waardoor de gerechten meer gebruind worden. Dit laat ook toe om grotere porties te braden.

Grill aangeschakeld
Oppervlakkig "grillen" wordt toegepast om kleine porties vlees te braden: steaks, schnitzels, vis, toasts, worstjes, ovenschotels te grillen (het gegrilde gerecht mag niet dikker dan 2-3 cm zijn, tijdens het bakken moet het omgedraaid worden).

Verwarmingselement onderaan aangeschakeld
Bij deze stand wordt de oven enkel met het verwarmingselement onderaan verwarmd. Bijbakken van gebak onderaan (bv. vochtig gebak en gebak met vruchten).

Verwarmingselement onderaan en bovenaan aangeschakeld
Door de draaiknop in deze stand te plaatsen wordt de oven op conventionele wijze verwarmd. Ideaal om taarten, vlees, vis, brood, pizza (voorverwarmen en gebruik van donkere bakplaten vereist) te bakken en om op één niveau te bakken.

Ventilator en verwarmingselement onderaan en bovenaan aangeschakeld
Bij deze stand van de draaiknop voert de oven de functie gebak uit. Conventionele oven met ventilator (functie aangeraden voor gebak).

Onafhankelijke verlichting van de oven
Door de draaiknop in deze stand te plaatsen wordt de binnenkant van de oven verlicht.

ECO-verwarmingsfunctie
Bij gebruik van deze functie start een optimale verwarmingswijze die bedoeld is om energie te besparen tijdens het bereiden van gerechten. Bij deze instelling van de draaiknop is de ovenverlichting uitgeschakeld.
Het aanschakelen van de oven wordt aange-geven met twee controlelampjes, een R en een L. Het R controlelampje geeft aan dat de oven werkt. Als het rode controlelampje uitgaat, heeft de oven de ingestelde temperatuur bereikt. Als het recept aangeeft dat het gerecht in een voorverwarmde oven geplaatst moet worden, dan mag u dit pas doen als het L controlelampje voor de eerste maal uitgaat. Tijdens de bereiding zal het L lampje af en toe aan- en uitgaan (de temperatuur in de oven wordt op peil gehouden). Het R controlelampje kan ook branden als u de draaiknop in stand "Verlichting van de oven" plaatst.
Gebruik van de grill
Tijdens het grillproces ondergaan de gerechten de inwerking van infrarood dat uitgezonden wordt door het verhitte verwarmingselement van de grill.
Om de grill aan te schakelen moet u:
- de draaiknop van de oven op de stand

- de oven ongeveer 5 minuten verwarmen (met gesloten deur)
- de bakplaat met het gerecht op het gepaste niveau plaatsen, en als u gebruikt maakt van het spit een bakplaat voor het druipende vet vlak onder het spit plaatsen.
• de deur van de oven sluiten.
Voor de grillfunctie en supergrill moet de temperatuur ingesteld worden op 250°C, en voor de functie grill met ventilator op maximum 190°C.
Opgelet!
Tijdens het grillen moet de deur van de oven gesloten zijn.
Als de grill gebruikt wordt, kunnen de bereikbare onderdelen heet worden. Laat geen kinderen bij de oven komen.
Gebak
- het is aan te raden om gebak te bereiden op de bakplaten die deel uitmaken van de uitrusting van het fornuis,
- gebak kan bereid worden in bakvormen of bakplaten die op het droogrekje geplaatst moeten worden. Voor gebak worden best zwarte bakvormen gebruikt omdat deze beter de warmte geleiden en de baktijd verkorten.
- we raden af om bakvormen en bakplaten met een helder en blinkend oppervlak te gebruiken wanneer u gebruik maakt van de conventionele verwarmfunctie (verwarmingselementen bovenaan + onderaan). Bij dit soort bakvormen wordt de onderkant van het gebak niet goed doorbakken.
- als u gebruik maakt van de functie voor heteluchtcirculatie moet u de oven niet voorverwarmen. Voor de andere verwarmingsfuncties moet de ovenkamer voorverwarmd worden voordat u het gebak erin plaatst,
- voordat u het gebak uit de oven neemt, kunt u de kwaliteit ervan controleren met een houten stokje (als het gebak gelukt is, blijft het stokje droog en zuiver wanneer u het erin steekt),
- het is aangeraden om het gebak nog ong. 5 min. in de oven te laten nadat u de oven uitgeschakeld heeft.
- de baktemperaturen bij gebruik van de functie voor heteluchtcirculatie zijn normaal gezien ong. 20-30 graden lager dan bij conventioneel bakken (met gebruik van de verwarmingselementen bovenaan en onderaan),
- de parameters voor gebak in tabel geven enkel aanwijzingen en kunnen gecorrigeerd worden volgens uw eigen ervaring en culinaire smaak,
- indien de informatie in kookboeken duidelijk afwijkt van de waarden in de handleiding van het fornuis, laat u zich best leiden door de richtlijnen in de handleiding.
Vlees braden
- in de oven kunnen porties vlees van meer dan 1 kg bereid worden. Kleinere stukken worden beter op de gasbranders van het fornuis bereid.
- bij het braden worden best vuurvaste schotels gebruikt. Ook de handgrepen van deze schotels moeten bestand zijn tegen hoge temperaturen.
- bij braden op het droogrekje of op het rooster wordt er best een braadplaat met een kleine hoeveelheid water op het laagste niveau geplaatst.
- het vlees wordt best minstens éénmaal halverwege de braadtijd omgedraaid op zijn andere zijde. Tijdens het bakken moet het vlees ook af en toe overgoten worden met de saus die ontstaat bij het braden of met heet, zout water. Het vlees mag niet met koud water overgoten worden.
ECO-verwarmingsfunctie
- bij gebruik van de functie ECO-verwarmingsfunctie start een optimale verwarmingswijze die bedoeld is om energie te besparen tijdens het bereiden van gerechten;
- het is niet mogelijk om de kooktijd te verkorten door hogere temperaturen in te stellen; wij raden ook af om de oven voor te verwarmen;
- tijdens het koken mag u de temperatuurinstellingen niet wijzigen en de deur niet openen.
Aanbevolen parameters bij gebruik van de functie ECO-verwarmingsfunctie
| Soort gebak gerecht | Functies van de oven | Temperatuur (°C) | Niveau Tijd* [min.] | |
| Biscuittaart | [YWK0] | 180 - 200 2 - 3 | 50 - 70 | |
| Brioche/cake 180 | - 200 2 [SY6A] - 70 | |||
| Vis 190 - 210 | 2 - 3 4 60 | |||
| Rundvlees 200 | - 220 2 120 | |||
| Varkensvlees 200 | - 220 2 [CKSK] - 160 | |||
| Kip 180 - 200 | 2 80 - ) |
Oven met gedwongen luchtcirculatie (verwarmingselement onder + verwarmingselement boven + ventilator)
| Bereidingswijze gerecht | Functie van de oven | Temperatuur (°C) | Niveau Tijd [min] | |
| Biscuittaart | ![]() | 160 - 200 2 - 3 | 30 - 50 | |
| Biscuittaart | ![]() | 150 3 25 - 35 | ||
| Brioche/cake | ![]() | 160 - 170 1) | 3 25 - 40 | 2) |
| Brioche/cake 155 - 170 | ![]() | 1) | 3 25 - 40 | 2) |
| Pizza 220 - 240 | ![]() | 1) | 2 15 - 25 | |
| Vis 210 - 220 2 45 - | [23KS] | |||
| Vis | ![]() | 190 2 - 3 60 | - 70 | |
| Worstjes | ![]() | 230 - 250 4 14 | - 18 | |
| Rundvlees 225 - 250 2 | - 150 | |||
| Varkensvlees 160 - 230 | - 120 | |||
| Kip | ![]() | 180 - 190 2 70 | - 90 | |
| Kip | ![]() | 160 - 180 2 45 | - 60 | |
| Groenten | ![]() | 190 - 210 2 40 | - 50 | |
| Groenten | ![]() | 170 - 190 3 40 | - 50 |
Indien niet anders vermeld gelden deze tijden voor een onverwarmde ovenruimte. Voor een voorverwarmde oven moet u deze tijden met 5-10 minuten verkorten.
^1) Verwarm de lege oven voor
2) De opgegeven tijden gelden voor gerechten in kleine vormen
Attentie: De parameters uit de tabel zijn ter oriëntatie en u kunt ze aanpassen aan de hand van uw eigen ervaringen en culinaire preferenties.
TESTGERECHTEN. In overeenstemming met de norm EN 60350-1.
Bakken van taarten
| Soort gerecht Accessoires Niveau Verwar- | mingsfunc-tie | Temperatuur (°C) | Baktijd2)(min.) | ||
| Kleine taart | Bakblik 3 | ![]() | 160 - 1701) | 25 - 402) | |
| Bakblik 3 155 - 170 | ![]() | 1) | 25 - 402) | ||
| Bakblik 3 155 - 170 | ![]() | 1) | 25 - 402) | ||
| Bakblik Bakplaat | 2 + 42 - bakblik of bakplaat4 - bakblik | ![]() | 155 - 1701) | 25 - 502) | |
| Spritsen(stroken) | Bakblik 3 | ![]() | 150 - 1601) | 30 - 402) | |
| Bakblik 3 150 - 170 | ![]() | 1) | 25 - 352) | ||
| Bakblik 3 150 - 170 | ![]() | 1) | 25 - 352) | ||
| Bakblik Bakplaat | 2 + 42 - bakblik of bakplaat4 - bakblik | ![]() | 160 - 1751) | 25 - 352) | |
| Vetvrij biscuit-deeg | Rooster + springvorm met zwarte coating∅ 26 cm | 3 170 - 180 | ![]() | 1) | 30 - 452) |
| Appeltaart | Rooster + twee springvormen met zwarte coating∅ 20 cm | 2 de vormen als volgt op het rooster plaatsen:rechtsachter en linksvoor | ![]() | 180 - 2001) | 50 - 702) |
^1) Verwarm de lege oven voor, de functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
^2) Indien niet anders vermeld gelden deze tijden voor een onverwarmde ovenruimte. Voor een voorverwarmde oven moet u deze tijden met 5-10 minuten verkorten.
TESTGERECHTEN. In overeenstemming met de norm EN 60350-1.
Grillen
| Soort gerecht | Accessoires Niveau Verwar- | mingsfunc-tie | Temperatuur (°C) | Tijd (min.) | |
| Toast van witbrood | Rooster 4 | ![]() | 2501) | 1,5 - 2,5 | |
| Rooster 4 250 | ![]() | 2) | 2 - 3 | ||
| Rundvleesbur-gers | Rooster + bakplaat (voor het opvangen van lekkende vleessappen) | 4 - rooster 3 - bakplaat | ![]() | 2501) | 1 pagina 10 - 152 pagina 8 - 13 |
^1) Verwarm de lege oven voor door hem 5 minuten aan te zetten, de functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
^2) Verwarm de lege oven voor door hem 8 minuten aan te zetten, de functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
Bakken
| Soort gerecht | Accessoires Niveau Verwar- | mingsfunc-tie | Temperatuur (°C) | Tijd (min.) |
| Hele kip | Rooster + bakplaat (voor het opvangen van lekkende vleessappen) | 2 - rooster 1 - bakplaat | ![]() | 180 - 190 70 - 90 |
| Rooster + bakplaat (voor het opvangen van lekkende vleessappen) | 2 - rooster 1 - bakplaat | ![]() | 180 - 190 80 - 100 |
Indien niet anders vermeld gelden deze tijden voor een onverwarmde ovenruimte. Voor een voorverwarmde oven moet u deze tijden met 5-10 minuten verkorten.
De zorg waarmee de gebruiker het fornuis reinigt en onderhoudt, heeft een belangrijke invloed op zijn levensduur en probleemloze werking.
Voor de reiniging moet de oven uitgeschakeld worden. Let er hierbij op dat alle draaiknopen in de stand "uit" staan. De oven mag pas gereinigd worden als hij afgekoeld is.
Reiniging na elk gebruik
- Licht, niet aangebrand vuil moet verwijderd worden met een vochtige doek zonder reinigingsmiddel. Bij gebruik van een afwasmiddel kan er een blauwachtige verkleuring ontstaan. Hardnekkige vlekken laten zich niet altijd verwijderen bij de eerste reiniging, zelfs bij gebruik van een speciaal reinigingsmiddel.
- Sterk aangekoekt vuil moet verwijderd worden met een schraper. Daarna moet het oppervlak gereinigd worden met een vochtige doek.

Schraper om de kookplaat te reinigen
- De oven moet na elk gebruik gereinigd worden. Bij de reiniging moet de verlichting aangeschakeld worden, zodat u beter de werkruimte ziet.
- De kamer van de oven mag enkel met warm water met een beetje afwasmiddel gereinigd worden.
- Stoomreiniging – Steam Clean:
- giet 0,25l water (1 glas) in een komme- tje dat u op het eerste niveau van onder in de oven plaatst,
- sluit de deur van de oven,
- stel de temperatuurknop in op stand 50°C, en de functieknop op de functie verwarmingselement onderaan □,
- warm de ovenkamer ongeveer 30 minuten op,
- open de deur van de oven, reinig de binnenkant van de oven met een doek of sponsje en was de oven daarna uit met warm water met afwasmiddel.
- Wrijf na het wassen de ovenkamer droog.
Opgelet!
Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen voor het reinigen en onderhouden van de glazen voorzijde.
Vervanging van de halogeenlamp van de ovenverlichting
Zorg ervoor dat het apparaat is losgekoppeld van het lichtnet voordat u de halogeenlamp gaat vervangen. Hiermee voorkomt u elektrische schokken.
- Stel alle draaiknoppen in op stand “●”/“0” en schakel de voeding uit,
- Draai het lampenkapje los en veeg hem heel goed droog.
-
Verwijder het halogeenlampje. Gebruik hiervoor een doekje of papier. Vervang het halogeenlampje indien nodig door een nieuwe G9
-
spanning 230V
-
vermogen 25W
-
Plaats het halogeenlampje voorzichtig in de fitting.
- Draai het lampenkapje vast.

Om gemakkelijker toegang te hebben tot de ovenkamer en die te reinigen, kunt u de deur wegnemen. Hiervoor moet u de deur openen en de beveiliging op het scharnier naar boven klappen (fig. A). Doe de deur lichtjes toe, hef ze op en neem ze naar voor toe uit. Om de deur opnieuw te monteren gaat u omgekeerd te werk. Bij het monteren moet u erop letten dat de uitsparing op het scharnier correct op de uitstulping van de scharnierhouder geplaatst is. Plaats altijd de beveiliging terug nadat u de deur terug gemonteerd hebt en druk ze goed aan. Als u de beveiliging niet correct terugplaatst, kan het scharnier beschadigd raken wanneer u de deur probeert te sluiten.

Verwijderen van de binnenruit
- Duw met behulp van een platte schroevendraaier de bovenrand van de deur los, terwijl u hem aan de zijkanten voorzichtig oplicht (fig. B).
- Verwijder de bovenrand van de deur. (fig.B, C)

text_image
B
- Trek de binnenruit uit de houder (in het onderste deel van de deur). Neem de middenruit weg. (Fig. D).
- Was de ruit met warm water en een klein beetje reinigingsmiddel.
Ga omgekeerd te werk om de ruit opnieuw te monteren. Het gladde deel van de ruit moet zich bovenaan bevinden.
Attentie! Druk de bovenlijst van de deur niet gelijktijdig op beide kanten van de deur. Voor een juiste montage van de bovenlijst van de deur drukt u eerst het linker uiteinde tegen de deur en drukt u vervolgens op het rechter uiteinde tot u een duidelijke "klik" hoort. Hierna drukt u op het linker uiteinde tot u een duidelijke "klik" hoort.

text_image
D 1 2 3 4 1 2 3 2 1 3 2 1Verwijderen van de binnenruit
Periodieke controle
Naast het lopende onderhoud en reiniging van het fornuis moet u ook:
- regelmatig de werking van de bedienings-elementen en de werkende onderdelen van het fornuis controleren. Na het verstrijken van de garantieperiode moet u ten minste één maal per twee jaar een technische controle van het fornuis laten uitvoeren door een onderhoudsdienst,
- de vastgestelde gebreken verhelpen,
- een regelmatig onderhoud van de werkende onderdelen van het fornuis uitvoeren.
Opgelet!
Alle herstellingen en instellingen moeten uitgevoerd worden bij een erkende onderhoudsdienst of door een erkend installateur met gepaste kwalificaties.
HANDELSWIJZE BIJ PROBLEEMSITUATIES
Bij probleemsituaties moet u:
- de werkende onderdelen van het fornuis uitschakelen
- de elektrische voeding ontkoppelen
- een herstelling aanvragen
- sommige kleine problemen kan de gebruiker zelf oplossen met behulp van de aanwijzingen in de tabel hieronder. Controleer opeenvolgend alle punten in de tabel voordat u de onderhouds- of klantendienst contacteert.
| PROBLEEM | OORZAAK | HANDELSWIJZE |
| 1. de elektrische uitrusting werkt niet | Stroompanne | Controleer de zekering van de huisinstallatie, vervang de doorgebrande zekering |
| 2.de display van de programmator geeft het uur “0.00” aan | Het toestel werd van het stroomnet ontkoppeld of er was een tijdelijke stroom-panne | Stel het uur in (zie Gebruikershandleiding van de programmator) |
| 3. de verlichting van de oven werkt niet | losgekomen of beschadigd lampje | draai het lampje aan of vervang het doorgebrande lampje (zie hoofdstuk Reini-ging en onderhoud) |
Nominale spanning 230/400V\~50 Hz
Nominaal vermogen max. 10,2 kW
Afmetingen van het fornuis 59,5/59,5/57,5 cm
Stroomverbruik in stand-by-stand [W] -
Stroomverbruik in uit-stand [W] 0,0
Stand-bymodus bij aansluiting op het net [W] -
Tijd voor automatisch in-/uitschakelen [min.] -
Het product voldoet aan de eisen van de normen EN 60335-1, EN 60335-2-6 die gelden in de Europese Unie.
De gegevens op de energie-etiketten van elektrische ovens staan vermeld in overeenstemming met de norm EN 60350-1/IEC 60350-1. Deze waarden zijn bepaald bij een standaardbelasting met de actieve functies: onder- en bovenverwarming (conventioneel) en met ondersteuning door een ventilator (indien betreffende functies beschikbaar zijn).
De energie-efficiëntieklasse is aangeduid afhankelijk van de functies die in het product beschikbaar zijn, in overeenstemming met de volgende prioriteiten:
| Gedwongen luchtcirculatie ECO (verwarmingselement hetelucht + ventilator) | ![]() |
| Gedwongen luchtcirculatie ECO (verwarmingselement onder + boven + gril + ventilator) | ![]() |
| Conventioneel ECO (verwarmingselement onder + boven) | ![]() |
Tijdens de aanduiding van het energieverbruik moet u de telescoopgeleiders demonteren (indien beschikbaar in het product).
Verklaring van de producent
De producent verklaart hierbij, dat dit product voldoet aan de basisvereisten van de hieronder vernoemde Europese richtlijnen:
● Laagspanningsrichtlijn 2014/35/EC,
- Richtlijn voor elektromagnetische compatibiliteit 2014/30/EC,
- Richtlijn voor ErP 2009/125/EC,
en dat het product daarom gemerkt is met € en dat er een conformiteitsverklaring voor afgeleverd werd, die ter beschikking gesteld wordt aan de organen die toezicht houden over de markt.




60
120
)






- 150
- 120




















