VEA36016 - Kookplaat VESTEL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VEA36016 VESTEL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over VEA36016 VESTEL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kookplaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VEA36016 - VESTEL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VEA36016 van het merk VESTEL.
GEBRUIKSAANWIJZING VEA36016 VESTEL
NL Kookplaat met afzuiging / Gebruikershandleiding
Wij danken u dat u voor dit product hebt gekozen.
Deze gebruikershandleiding bevat belangrijke informatie over veiligheid en instructies die zijn bedoeld u te helpen in de bediening en het onderhoud van uw apparaat. Neem de tijd om deze gebruikershandleiding door te lezen voordat u uw apparaat in gebruik neemt en bewaar hem als naslagwerk voor de toekomst.
| Symbool Type Betekenis | ||
| WAARSCHUWING Risico op ernstig of dodelijk letsel | ||
| RISICO OP ELEKTRISCHE SCHOK Risico van gevaarlijke spanning | ||
| BRAND Waarschuwing | Gevaar voor brand / ontvlambare materialen | |
| LET OP Risico op letsel of beschadiging aan eigendom | ||
| BELANGRIJK / OPMERKING Correcte bediening van het systeem | ||
INHOUD
1.VEILIGHEIDSINSTRUCTIES....4
1.1 Algemene veiligheidswaarschuwingen ....4
1.2 Waarschuwingen bij de installatie ....7
1.3 Tijdens het gebruik 8
1.4 Tijdens reiniging en onderhoud....8
2.INSTALLATIE EN VOORBEREIDING VOOR GEBRUIK....10
2.1 Instructies voor de installateur....10
2.2 Productonderdelen 10
2.3 Montage van de eenheid luchtafzuiging 11
2.4 Installatie van de kookplaat met afzuiging....11
2.5 Elektrische aansluiting en veiligheid....11
2.6 Aansluiting voor stroomvoorziening....12
2.7 Installatieafmetingen....12
3.PRODUCTKENMERKEN 21
4.GEBRUIK VAN HET PRODUCT....22
4.1 Bedieningsknoppen kookplaat....22
4.2 Bedieningsknoppen eenheid luchtafzuiging....25
5.REINIGING EN ONDERHOUD 26
5.1 Reiniging van de kookplaat 26
5.2 Het metalen vetfilter reinigen....27
5.3 Het actieve koolfilter reinigen of vervangen (alleen recirculatie)....28
5.4 Onderhoudsintervallen 28
6.PROBLEEMOPLOSSING EN TRANSPORT 30
6.1 Probleemoplossing....30
6.2 Transport 30
1. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
- Lees deze instructies zorgvuldig en volledig voor u uw apparaat in gebruik neemt en bewaar deze op een handige locatie voor eventuele raadpleging in de toekomst.
- Deze handleiding is geschreven voor meer dan één model en het is daarom mogelijk dat een aantal functies, die in deze handleiding worden besproken, niet aanwezig zijn op uw apparaat. Let daarom tijdens het lezen van deze handleiding in het bijzonder op de afbeeldingen.
- Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en ouder en personen met een verminderde fysieke, gevoelsmatige en mentale vaardigheden of een gebrek aan ervaring en kennis als ze onder toezicht staan of instructies krijgen met betrekking tot het veilige gebruik van het apparaat en de betrokken risico's. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het apparaat niet schoonmaken of onderhoudswerkzaamheden uitvoeren.
⚠ WAARSCHUWING: Het apparaat en zijn toegankelijke onderdelen worden tijdens gebruik heet. Zorg ervoor geen verwarmingselementen aan te raken. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden, tenzij ze onder voortdurend toezicht staan.
⚠️ WAARSCHUWING: Onbeheerd koken met vet of olie op een kookplaat kan gevaarlijk zijn en brand veroorzaken. Probeer een brand NOOIT met water te blussen, maar schakel het apparaat uit en dek de vlam af met bijv. een deksel of een branddeken.
⚠ LET OP: Op het bereidingsproces moet worden toegezien. Op een kort bereidingsproces moet voortdurend worden toegezien.
⚠️ ⚠️ WAARSCHUWING: Brandgevaar: bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
⚠️⚠ WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, moet u het apparaat uitschakelen om het risico op elektrische schokken te voorkomen.
- Op het oppervlak van inductiekookplaten moeten geen metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels worden geplaatst. Deze kunnen heet worden.
- Schakel bij inductiekookplaten de kookplaatelementen na gebruik uit met de bedieningsklop. Vertrouw niet op de panherkenning.
- Voor modellen met geïntegreerde deksel geldt dat bij morsen de deksel schoongemaakt dient te worden voor gebruik en dat u de kookplaat af moet laten koelen voordat u de deksel sluit.
- Gebruik het apparaat niet met een externe timer of afzonderlijk afstandsbedieningsysteem.
- Gebruik geen harde schurende schoonmaakmiddelen of scherpe metalen schrapers om de oppervlakken in de oven schoon te maken. Deze kunnen het oppervlak krassen en dit kan leiden tot het barsten van het glas of schade aan de oppervlakken.
- Gebruik geen stoomreinigers om het apparaat schoon te maken.
- Uw apparaat werd geproduceerd conform de toepasselijke lokale en internationale normen en voorschriften.
- Onderhoud en reparaties mogen alleen door
erkend onderhoudspersoneel worden uitgevoerd. Installatie- en onderhoudswerk dat door niet- erkende installateurs wordt uitgevoerd kan u in gevaar brengen. De specificaties van het apparaat mogen niet worden gewijzigd of aangepast. Ongeschikte kookplaatbeschermers kunnen ongelukken veroorzaken.
- Voor de aansluiting van uw apparaat moet u ervoor zorgen dat de lokale distributievoorwaarden (soort gas en gasdruk of elektrische spanning en frequentie) en de vereisten van het apparaat compatibel zijn. De specificaties voor dit apparaat staan vermeld op het label.
⚠ LET OP: Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor de bereiding van etenswaren en voor huishoudelijk gebruik. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden of in een andere toepassing, zoals voor niet-huishoudelijk gebruik, in een commerciële omgeving of om een ruimte te verwarmen.
- Alle mogelijke maatregelen werden genomen om uw veiligheid te garanderen. Aangezien het glas kan breken, moet u voorzichtig zijn tijdens het schoonmaken teneinde krassen te vermijden. Zorg dat u niet met accessoires op het glas slaat of klopt.
- Zorg ervoor dat het netsnoer tijdens de installatie niet klem komt te zitten of wordt beschadigd. Om elk risico uit te sluiten moet het netsnoer door de fabrikant, zijn onderhoudsdienst of een gekwalificeerd persoon worden vervangen als het is beschadigd.
- Houd kinderen en dieren uit de buurt van dit apparaat.
- Houd bij de in gebruik zijnde inductiekookplaat voorwerpen uit de buurt die gevoelig zijn voor magnetische velden (zoals creditcards, betaalpassen, horloges en soortgelijke voorwerpen). Personen met een pacemaker worden sterk aangeraden hun cardioloog te raadplegen voordat ze gebruik maken van een inductiekookplaat.
- U mag het apparaat niet gebruiken voor de installatie volledig uitgevoerd is.
- Het apparaat moet worden gemonteerd door een geautoriseerde monteur. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor eventuele schade die kan worden veroorzaakt door de defecte plaatsing en installatie door niet-geautoriseerde personen.
- Controleer bij het uitpakken van het apparaat of er tijdens het transport geen schade is opgelopen. Neem in geval van twijfel het apparaat niet in gebruik en neem onmiddellijk contact op met uw leverancier of een erkende servicedienst. De materialen van de verpakking (nylon, nietjes, piepschuim, enz.) kunnen schadelijk zijn voor kinderen. Ze moeten dan ook onmiddellijk verzameld en verwijderd worden.
- Bescherm uw apparaat tegen weersomstandigheden. Stel het niet bloot aan de zon, regen, sneeuw, stof of overmatig vocht.
- De omliggende materialen van het apparaat (o.a. kastjes) moeten minimaal bestand zijn tegen een temperatuur van 100 °C.
- De temperatuur van het bodemoppervlak van de kookplaat kan tijdens gebruik stijgen, er moet daarom een plaat onder het product worden geïnstalleerd.
- Plaats geen ontvlambaar of brandbaar materiaal in of in de buurt van het apparaat als het in werking is.
Laat het fornuis niet onbeheerd achter wanneer u met vaste of vloeibare vetten kookt. Deze kunnen bij oververhitting vlam vatten. Giet nooit water op vlammen die worden veroorzaakt door olie/vet.
Schakel het fornuis uit en dek de pan af met zijn deksel of een branddeken.
- Indien het product voor een langere periode niet wordt gebruikt, draait u de hoofdschakelaar uit. Draai het gasventiel dicht als u het gasapparaat niet gebruikt.
- U moet pannen steeds centraal op de kookzone plaatsen, en de handvaten moeten veilig worden gedraaid zodat ze niet kunnen worden omgestoten of vast genomen.
- Let er op dat de bedieningsknoppen van het apparaat altijd op ‘0’ (stop) staan als het apparaat niet wordt gebruikt.
1.4 TIJDENS REINIGING EN ONDERHOUD
- Zorg ervoor dat uw apparaat van de stroom is afgesloten voordat u schoonmaak- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert.
- Verwijder de bedieningsknoppen niet tijdens het reinigen van het bedieningspaneel.
- Om de efficiëntie en veiligheid van het apparaat te handhaven, raden we aan dat u steeds de originele reserveonderdelen gebruikt en dat u bij een eventueel probleem uitsluitend beroep doet op onze erkende servicedienst.
Afvoeren van uw oude machine

Dit symbool op het product of op de verpakking geeft aan dat dit product niet mag worden behandeld als huishoudelijk afval. In plaats daarvan moet het worden afgevoerd naar het geschikte verzamelpunt voor de hergebruik van elektrische en elektronische apparatuur. Door de correcte afvalverwerking van dit product helpt u mee aan de voorkoming van potentiële negatieve gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid, die wel zouden kunnen ontstaan door foutieve afvalverwerking van dit product. Voor meer informatie over het hergebruik van dit product, kunt u contact opnemen met uw plaatselijk stadskantoor, de afvalservice voor huishoudelijk afval of de winkel waar u dit product hebt aangeschaft.
2. INSTALLATIE EN VOORBEREIDING VOOR GEBRUIK

WAARSCHUWING: Dit apparaat mag uitsluitend worden geïnstalleerd door erkend onderhoudspersoneel of een gekwalificeerd elektricien en overeenkomstig de instructies van deze handleiding en conform de geldende plaatselijke voorschriften.
- Onjuiste installatie kan letsel en schade veroorzaken, waar de fabrikant niet aansprakelijk kan worden gehouden en de garantie kan hierdoor komen te vervallen.
- Voor de installatie moet u ervoor zorgen dat de lokale distributievoorwaarden (aard van het gas en gasdruk en/of elektrische spanning en frequentie) en de vereisten van het apparaat compatibel zijn. De instellingscondities voor dit apparaat staan vermeld op het typeplaatje.
- De geldende wetten, verordeningen, richtlijnen en normen van het land van gebruik van het apparaat moeten worden opgevolgd (veiligheidsvoorschriften, correct hergebruik volgens de regelgeving, enz.).
2.1 INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATEUR Algemene instructies
- Zorg er na verwijdering van het verpakkingsmateriaal van het apparaat en de accessoires voor dat het apparaat niet beschadigd is. Indien u schade denkt vast te stellen, mag u het apparaat niet gebruiken en moet u onmiddellijk contact opnemen met erkend servicepersoneel of een gekwalificeerd elektricien.
- Zorg ervoor dat er geen brandbare of ontvlambare materialen in de buurt zijn, zoals gordijnen, olie, wasgoed, enz., die snel vlamvatten.
- Apparaten om het apparaat heen moeten zijn gemaakt van materialen die bestand zijn tegen temperaturen van boven 100 °C.
- Als er boven het apparaat een kast wordt geïnstalleerd, treft u hieronder de veilige afstand tussen het kookoppervlak en een kast.

text_image
Minimaal 42 cm KOOKPLAAT Minimaal 42 cm- Het apparaat mag niet worden geïnstalleerd direct boven een vaatwasmachine, koelkast, diepvriezer, wasmachine of wasdroger.
- Als de onderkant van het apparaat met de hand kan worden bereikt, moet een barrière van geschikt materiaal aan de onderkant van het apparaat worden geplaatst om er zo voor te zorgen dat er geen toegang is tot de onderkant van het apparaat.
- Zorg dat de inductiekookplaat goed geventileerd wordt en dat de luchtinvoer en -uitvoer niet worden geblokkeerd.
2.2 PRODUCTONDERDELEN

1. Inductiekookplaat

text_image
2 3 4- Filterdeksel
- Metalen vetfilter
- Eenheid luchtafzuiging

-
Behuizing actieve koolfilter
-
Actieve koolfilter
-
Deksel actieve koolfilter
2.3 MONTAGE VAN DE EENHEID LUCHTAFZUIGING
Monteer de eenheid luchtafzuiging richting de bodemplaat van de inductiekookplaat. Gebruik eerst de schroeven (1) en ringen (3), daarna de schroeven (1) en de ringen (3) die zijn meegeleverd in de montagekit.

Het apparaat wordt geleverd met een installatiekit, inclusief zelfklevend afdichtingsmateriaal en bevestigingsbeugels en -schroeven.
- Breng de bijgeleverde eenzijdige zelfklevende tape 1" aan rond de onderkant van de kookplaat. Rek de tape niet uit.
- Schroef de 4 montagebeugels voor het aanrechtblad "2" op de zijkanten van het product.

WAARSCHUWING: De elektrische aansluiting van dit apparaat mag uitsluitend worden uitgevoerd door erkend onderhoudspersoneel of een gekwalificeerd elektricien en overeenkomstig de instructies van deze handleiding en conform de geldende voorschriften.
- Voordat dit apparaat op de stroom wordt aangesloten, dient het maximale vermogen van het apparaat (weergegeven op het identificatielabel van het apparaat) te worden vergeleken met de beschikbare netspanning, en de bedrading van de netspanning moet het maximale vermogen van het apparaat aankunnen (ook weergegeven op het identificatielabel van het apparaat).
- Zorg er tijdens installatie voor dat er geïsoleerde kabels worden gebruikt. Een onjuiste aansluiting kan uw apparaat beschadigen. Als het stroomsnoer beschadigd is, dient dit door gekwalificeerd personeel te worden vervangen.
- Gebruik geen adapters, meerwegstekkers en/of verlengkabels.
• De stroomkabel moet uit de buurt blijven
van hete delen van het apparaat en mag niet worden gebogen of geklemd. Anders kan de kabel beschadigd raken en kortsluiting veroorzaken.
- Als het apparaat niet met een stekker aan de netstroom wordt aangesloten, dient een isolatorschakelaar die geschikt is voor alle polen (met minstens 3 mm contactruimte) te worden gebruikt om aan de veiligheidsvoorschriften te voldoen.
- Nadat het apparaat is geïnstalleerd, moet de gezekerde schakelaar eenvoudig bereikbaar zijn.
- Zorg ervoor dat alle aansluitingen goed vastzitten.
- Bevestig de stroomkabel in de kabelklem en sluit de deksel.
- De aansluiting op het klemmenblok wordt gedaan op de aansluitkast.

flowchart
graph TD
subgraph Left_Circuit
N1["+"] --> L3["+"]
N2["+"] --> L2["+"]
PE1["+"] --> L1["+"]
PE2["+"] --> L1["+"]
PE3["+"] --> L1["+"]
PE4["+"] --> L1["+"]
end
subgraph Right_Circuit
N5["+"] --> L5["+"]
PE5["+"] --> L5["+"]
PE6["+"] --> L5["+"]
PE7["+"] --> L5["+"]
PE8["+"] --> L5["+"]
PE9["+"] --> L5["+"]
end
style Left_Circuit fill:#f9f,stroke:#333
style Right_Circuit fill:#f9f,stroke:#333
2.6 AANSLUITING VOOR STROOMVOORZIENING

text_image
1 2 3 4 5 6
text_image
5 1 4 2 3 6Voor het tot stand brengen van de aansluiting voor stroomvoorziening voor het apparaat;
- Sluit de gegevenskabel van de bedieningseenheid van de luchtafzuiging (2) aan op de gegevenskabel van de bedieningskast (3).
- Steek de hoofdkabel van de kookplaat (1) in het stopcontact (5).
- Steek de hoofdkabel van de bedieningskast (4) in het stopcontact (5).
- Steek de motoraansluitkabel (6) van de bedieningskast in het stopcontact op de motoreenheid.
2.7 INSTALLATIEAFMETINGEN
- Snij de openingsafmetingen uit zoals wordt aangegeven op de afbeelding. Plaats de opening dusdanig op het aanrechtblad dat de volgende vereisten zijn gevolgd nadat de kookplaat is geïnstalleerd.
Installatie werkblad eiland (afvoer aan de zijkant)


text_image
750 490 50 Uitsnijding werkblad Uitsnijding motoreenheid 292 298,5 116 650 18 50 500min. 1000
Installatie werkblad eiland (afvoer aan de voorkant)



text_image
750 490 50 Uitsnijding werkblad Uitsnijding motoreenheid 450 111 317,5 650 18 50 292 538 min. 900Installatie standaard werkblad 60 cm (afvoer aan de zijkant)


text_image
750 490 50 Uitsnijding werkblad Uitsnijding motoreenheid 292 96,5 min. 1000 74 540 18 60 50 500Installatie standaard werkblad 60 cm (afvoer aan de voorkant)

text_image
50 490 180 60 70 385 360 74,5 100 900 38
text_image
175 236 81 357 360 472 305 190 132 95 116 335 525,5 60 362 311 241,5 120,5 min. 500 min. 1000
text_image
56 175 120 311 742 357 81 483 780 520 360 201 400 205 31 132 31 95 222 12
text_image
780 min. 600 520 35
text_image
750 490 50 Uitsnijding werkblad Uitsnijding motoreenheid 69 116 292 55,5 50 540 18 500 min. 10003. PRODUCTKENMERKEN

Belangrijk: De specificaties van het product verschillen en het uiterlijk van uw apparaat kan afwijken van de afbeeldingen die hieronder zijn weergegeven.
Onderdelenlijst

- Inductiekookplaat
- Eenheid luchtafzuiging
- Leiding
- Motoreenheid
- Actieve koolfilter

text_image
6 7 8- Inductiezone
- Bedieningspaneel voor eenheid luchtafzuiging
- Bedieningspaneel van de kookplaat
4. GEBRUIK VAN HET PRODUCT
4.1 BEDIENINGSKNOPPEN KOOKPLAAT Inductiezone
De informatie in de volgende tabel is uitsluitend bedoeld als richtlijn.
| Instellingen Gebruiken voor | |
| 0 Element uit | |
| 1 - 3 Zachtjes verwarmen | |
| 4 - 5 Zacht sudderen, langzaam verwarmen | |
| 6 - 7 Opwarmen en snel sudderen | |
| 8 Koken, bakken en braden | |
| 9 Maximale warmte | |
| P Boost-functie |
Kookgerei
- Gebruik kookgerei van staal, geëmailleerd staal, gietijzer of roestvast staal van goede kwaliteit met een dikke, vlakke en gladde bodem. De kwaliteit en samenstelling van het kookgerei heeft een directe invloed op de kookprestatie.
- Kookgerei met een bodem van geëmailleerd staal, aluminium of koper kan ervoor zorgen dat er metaalresten achterblijven op de kookplaat. Deze resten zijn, indien ze worden achtergelaten, heel moeilijk te verwijderen. Reinig daarom de kookplaat na elk gebruik.
- Kookgerei is geschikt voor inductie als een magneet aan de bodem blijft 'kleven'.
- Kookgerei moet centraal op de kookplaat worden geplaatst. Als de pan niet goed staat, wordt dit aangegeven.
- Bij bepaalde pannen kunt u verschillende geluiden te horen krijgen. Dit komt door het ontwerp van de pan en heeft geen invloed op de prestatie of veiligheid van de kookplaat.
- De minimale pandiameter die de elementen kunnen waarnemen is Q110 mm bij 160 - 210 mm kookplaten en Q160 mm bij een 290 mm kookplaat. De kookprestatie is beter bij een groter kookoppervlak.

text_image
Ronde steelpanbodem Kleine steelpandiameter Bodem van de steelpan zit niet goed vastHet apparaat wordt bediend via tiptoetsen en de functies worden via displays en geluidssignalen bevestigd.
Aanraakbedieningseenheid

1- Verhogen warmtestand/timer
2- Kookzonedisplay
3- Verwarmerselectie
4- Timerdisplay
5- Timerfunctie kookzone-indicators
6- Toetsvergrendeling
7- Indicator toetsvergrendeling
8- Slim pauzeren
9-Verlagen van warmtestand/timer
10- Selectie gekoppelde verwarming
11- Timerselectie
12- Boost
13- Aan/Uit
Gebruik de inductiekookzones met geschikt kookgerei.
Nadat de netstroom wordt ingeschakeld, lichten alle displays kort op. Vervolgens komt de kookplaat in stand-by en is hij gereed voor gebruik.
De kookplaat wordt bediend door op de juiste elektronische knop te drukken. Elke keer nadat een knop is ingedrukt, volgt een zoemtoon.
Inschakelen van de kookplaat
Schakel de kookplaat in door op de AAN/UIT-knop te drukken ①. Alle verwarmerdisplays tonen een constante '0' en de stippen rechtsonder knipperen. (Indien er binnen 20 seconden geen kookzone wordt gekozen, schakelt de kookplaat automatisch uit.)
Uitschakelen van de kookplaat
Schakel de kookplaat elk willekeurig moment uit door op te drukken.
De AAN/UIT-knop heeft altijd prioriteit over de uitschakelfunctie.
De kookzones aanzetten
Druk op de branderkeuzeknop die overeenkomt met de brander die u wilt gebruiken. Er verschijnt een statische stip op de display van de gekozen brander en de knipperende stippen op alle andere displays gaan uit.
Kies de temperatuurinstelling met de knop voor het verhogen van de warmtestand of de knop voor het verlagen van de warmtestand. Het element is nu klaar voor gebruik. Selecteer voor snellere kooktijden het gewenste kookniveau en druk op de knop 'P' om de boost-functie te activeren.
De kookzones uitzetten
Kies het element dat u wilt uitschakelen door op de branderkeuzeknop te drukken. Gebruik de knop en verlaag de temperatuur naar '0'. (Tegelijkertijd op de knoppen en drukken zet de temperatuur ook op '0'.)
Als de kookzone heet is, wordt er in plaats van '0' 'H' weergegeven.
Alle kookzones uitzetten
Raak de toets aan om alle kookzones tegelijkertijd uit te schakelen.
In de stand-by verschijnt 'H' op alle kookzones die heet zijn.
Indicator van de restwarmte
De indicator van de restwarmte geeft aan dat het keramische deel een temperatuur heeft die nog te gevaarlijk hoog is om aan te raken.
Na het uitschakelen van de kookzone geeft de betreffende display 'H' aan totdat de temperatuur van de desbetreffende kookzone veilig is.
Gekoppelde zone
De gekoppelde zone aanzetten
Druk tegelijkertijd op de verwarmerselectieknoppen linksvoor en linksachter. Er verschijnt een constante stip op het display van de linker verwarmer. Op de andere displays wordt 'b' en 'r' weergegeven. De knipperende stippen worden niet meer weergegeven.
Kies de vereiste temperatuur met de knop voor het verhogen van de warmtestand ⚠ of de knop voor het verlagen van de warmtestand ⏻ . Het gekoppelde element is klaar voor gebruik. Selecteer voor snelste kooktijd het gewenste kookniveau en druk vervolgens op de toets 'P' om de boost-functie te activeren.
De gekoppelde zone uitschakelen
Druk op de verwarmerselectieknop linksachter of linksvoor en verlaag met de knop het niveau naar '0' om het gekoppelde element te kiezen. Ook door tegelijkertijd op de toetsen en te drukken, wordt het niveau gewijzigd naar '0'.
Als de gekoppelde kookzone heet is, wordt 'H' weergegeven.
Slim pauzeren
Als Slim pauzeren is geactiveerd, wordt het vermogen van alle ingeschakelde branders verminderd.
Als u Slim pauzeren deactiveert, schakelen de branders automatisch terug naar het vorige temperatuurniveau.
Als Slim pauzeren niet wordt gedeactiveerd, schakelt de kookplaat na 30 minuten uit.
Druk op ☐ aan om Slim pauzeren te activeren. Het vermogen van de geactiveerde brander(s) wordt verminderd tot niveau 1 en 'II' verschijnt op alle displays. Druk nogmaals op ☐ om Slim pauzeren te deactiveren. 'II' verschijnt en de branders gaan werken op het vorig ingestelde niveau.
Uitschakelbeveiligingsfunctie
Een kookzone wordt automatisch uitgeschakeld als de warmtestand niet is aangepast voor een specifieke tijdsduur. Een wijziging in de warmtestand van de kookzone zal de tijdsduur resetten naar de oorspronkelijke waarde. Deze oorspronkelijke waarde is afhankelijk van het gekozen temperatuurniveau, zoals hieronder weergegeven.
| Warmtestand | Uitschakelbeveiligingsfunctie uit na |
| 1 - 2 6 uur | |
| 3 - 4 5 uur | |
| 5 4 uur | |
| 6 - 9 1,5 uur |
Kinderslot
Na inschakeling van het apparaat kan het kinderslot worden geactiveerd. Om het kinderslot te activeren, drukt u tegelijkertijd op de knop verhogen van de warmtestand + en de knop verlagen warmtestand - en druk dan nogmaals op de knop verhogen warmtestand + . 'L' dat LOCKED (VERGRENDELD) betekent, verschijnt op de display van alle verwarmers en de regelknoppen kunnen niet worden gebruikt. (Als een kookzone heet is, zullen afwisselend 'L' en 'H' worden weergegeven).
De kookplaat blijft vergrendeld totdat deze wordt ontgrendeld, zelfs als het apparaat aan en uit is gezet.
Zet de kookplaat eerst aan om het kinderslot te deactiveren. Druk tegelijkertijd op de knop verhogen van de warmtestand + en de knop verlagen warmtestand - en druk dan nogmaals op de knop verlagen warmtestand -L' verdwijnt van de display en de kookplaat wordt uitgeschakeld.
Toetsvergrendeling
De toetsvergrendelingsfunctie wordt gebruikt om de 'veilige modus' in te schakelen tijdens gebruik van het apparaat. Het is nu niet mogelijk om aanpassingen te doen door de knoppen aan te raken (bijvoorbeeld warmteinstellingen). Het is alleen mogelijk om het apparaat uit te schakelen.
De vergrendelingsfunctie wordt actief als de knop voor toetsvergrendeling minstens 2 seconden wordt ingedrukt. Deze actie wordt bevestigd door een zoemer. Na het juist indrukken gaat de indicator toetsvergrendeling knipperen en wordt de brander vergrendeld.
Timerfunctie
De timerfunctie is beschikbaar in twee versies, namelijk:
Kookwekkertimer (1 - 99 min.)
De kookwekker kan worden bediend als de kookzones uitgeschakeld staan. De timerdisplay geeft '00' aan met een knipperende stip.
Druk op ⊕ om de tijd te verhogen of op - om de tijd te verlagen. Het bereik loopt van 0 tot 99 minuten. Indien er binnen 10 seconden niets wordt veranderd aan de weergegeven tijd, wordt de kookwekker ingesteld en zal de knipperende stip verdwijnen. Als de timer eenmaal is ingesteld, gaat hij aftellen.
Als de timer op nul staat, klinkt er een geluidssignaal en knippert de timerdisplay. Het geluidssignaal stopt automatisch na 2 minuten en/of door op een willekeurige knop te drukken.
De kookwekker kan op elk moment worden gewijzigd of uitgeschakeld door middel van de timerinstellingsknop ⏻ en/of de knop timer verlagen ⏻. Het uitschakelen van de kookplaat door op welk moment dan ook op ⏱ te drukken schakelt ook de kookwekker uit.
Kookzonetimer (1 - 99 min.)
Als de kookplaat is ingeschakeld, kan een onafhankelijke timer voor iedere kookzone worden geprogrammeerd.
Selecteer een kookzone, dan de temperatuurinstelling en activeer tot slot de timerinstellingsknop Ⓐ. De timer kan worden geprogrammeerd als uitschakelfunctie voor een kookzone. Vier leds rondom de timer geven aan voor welke kookzone de timer is ingesteld.
10 seconden na de laatste handeling verandert de timerdisplay naar de timer die als eerste afloopt (als er een timer is ingesteld voor meer dan één kookzone).
Als de timer afloopt, hoort u een geluidssignaal en geeft de timer '00' weer. De led van de desbetreffende kookzone knippert. De geprogrammeerde kookzone wordt uitgeschakeld en als de kookzone heet is, wordt 'H' weergegeven.
Het geluidssignaal en het knipperen van het timerled stoppen automatisch na 2 minuten en/of door op een willekeurige knop te drukken.
Zoemer
Terwijl de kookplaat in werking is worden de volgende activiteiten aangegeven met de zoemer.
- Normale knopactivering gaat gepaard met een kort geluidssignaal.
- Voortdurende knopbediening voor een langere tijd (10 seconden) gaat gepaard met een langer geluidssignaal met tussenpozen.
Boost-functie
Selecteer een kookzone en stel het gewenste kookniveau in en druk vervolgens op de (boost-)knop 'P' om deze functie te gebruiken.
De boost-functie kan alleen worden geactiveerd als deze van toepassing is voor de geselecteerde kookzone. Als de boost-functie actief is, wordt een 'P' op de overeenkomstige display weergegeven.
Het activeren van de booster kan het maximale vermogen overschrijden; in dat geval wordt het geïntegreerde vermogensbeheer geactiveerd.
De nodige vermindering van het vermogen wordt weergegeven door het knipperen van het display van de desbetreffende kookzone. Het knipperen is 3 seconden actief en laat u verdere aanpassingen van de instellingen doen voordat het vermogen wordt verminderd.
| Foutcodes | |
| Als er zich een fout voordoet, wordt de foutcode weergegeven op de displays van de branders. | |
| E1 Koelventilator uitgeschakeld. Bel een erkende servicemonteur. | |
| E3 De voedingsspanning is anders dan de nominale waarden. Schakel de kookplaat uit door op 1 te drukken, wacht tot 'H' voor alle zones verdwijnt, schakel de kookplaat in door op 2 te drukken en zet het gebruik voort. Bel een erkende servicemonteur als dezelfde fout weer wordt weergegeven. | |
| E4 De netfrequentie is anders dan de nominale waarden. Schakel de kookplaat uit door op 1 te drukken, wacht tot 'H' bij alle zones verdwijnt, schakel de kookplaat in door op 1 te drukken en zet het gebruik voort. Haal de stekker van het apparaat eruit en doe hem er weer in als dezelfde fout weer wordt weergegeven. Zet de kookplaat aan door op 1 te drukken en zet het gebruik voort. Be een erkende servicemonteur als dezelfde fout weer wordt weergegeven. | |
| E5 De interne temperatuur van de kookplaat is te hoog. Schakel de kookplaat uit door op 1 te drukken en laat de branders afkoelen. | |
| E6 Communicatiefout tussen de aanraakbediening en de brander. Bel een erkende servicemonteur. | |
| E7 Temperatuursensor van de spiraal is uitgeschakeld. Bel een erkende servicemonteur. | |
| E8 Temperatuursensor van de koeler is uitgeschakeld. Bel een erkende servicemonteur. | |
| EA Verzadigingsfout grote spiraal Schakel de kookplaat uit door op de aan/uit-knop te drukken, schakel de kookplaat vervolgens weer in door op de aan/uit-knop te drukken en zet het gebruik voort. Bel een erkende servicemonteur als dezelfde fout weer wordt weergegeven. | |
| EC Fout met de voedingsspanning: Schakel de kookplaat uit door op de aan/uit-knop te drukken, schakel de kookplaat vervolgens weer aan door op de aan/uit-knop te drukken en ga door met het gebruiken ervan. Bel een erkende servicemonteur als dezelfde fout weer wordt weergegeven. | |
| C1-C8 Microprocessor-waarschuwing. Schakel de kookplaat uit door op de aan/uit-knop te drukken, schakel de kookplaat vervolgens weer in door op de aan/uit-knop te drukken en zet het gebruik voort. Bel een erkende servicemonteur als dezelfde fout weer wordt weergegeven. |
4.2 BEDIENINGSKNOPPEN
EENHEID LUCHTAFZUIGING

text_image
1 | 3 | 5 2 41- Eenheid luchtafzuiging Aan/Uit
2- Instelling ventilatieniveau verlagen
3- Display ventilatieniveau
4- Instelling ventilatieniveau verhogen
5- Timerselectie
Eenheid luchtafzuiging Aan/Uit zetten
Wanneer het apparaat niet in werking is, staat de digitale display □ in de stand-bymodus en verschijnt deze als een stip. Zodra er op een willekeurige knop wordt gedrukt, verschijnt een knipperende 'L' (d.w.z. vergrendeling) 3 maal op de digitale display.
Druk daarna op de timerknop en houd deze ingedrukt totdat '0' verschijnt op de digitale display.
De ventilator is ontgrendeld.
Na het ontgrendelen van de ventilator, kunt u de '+'- en '-'knoppen gebruiken om de snelheid van de ventilator in te stellen.
Nu is het instellen van de werkingssnelheid van de ventilator voltooid.
Het ventilatieniveau van de eenheid luchtafzuiging Aan zetten
Verhoog de ventilatorsnelheid door op de knop '+' te drukken. Ventilatieniveau is verhoogd.
Het ventilatieniveau van de eenheid luchtafzuiging Uit zetten
Verlaag de ventilatorsnelheid door op de knop '-' te drukken. Ventilatieniveau is verlaagd.

Als er gedurende 10 minuten geen knop wordt ingedrukt, schakelt het apparaat over naar de stand-bymodus wordt het vergrendeld.

Om de ventilator uit te schakelen, druk op de knop totdat '0' verschijnt op de digitale display.
Timerfunctie
Als er op de knop wordt gedrukt terwijl het
apparaat op om het even welk niveau in werking is, wordt de timer van 15 minuten geactiveerd. Zodra de timer begint af te tellen, begint de snelheidswaarde op de digitale display te knipperen. Na 15 minuten worden alle functies die voorafgaand aan de timer werden geactiveerd uitgeschakeld.
Druk op de timerknop 📁.
Vertraagde automatische uitschakeling is geactiveerd. De ventilator wordt automatisch uitgeschakeld na 15 minuten.

Wanneer de vertraagde automatische uitschakeling is geactiveerd, begint de snelheidswaarde op de digitale display ipperen.
Druk nogmaals op de sensorknop 📁.
Vertraagde automatische uitschakeling is gedeactiveerd.
Bericht filterreiniging
Wanneer het digitale scherm 'C' wordt weergegeven, moet het metalen vetfilter worden gereinigd. Om de herinnering voor het metalen vetfilter te verwijderen, gaat u als volgt te werk:
Nadat de reiniging is voltooid “-”, druk op de knop totdat 'E' verschijnt op het scherm.
Nu is de herinnering voor het metalen vetfilter verwijderd.
5. REINIGING EN ONDERHOUD
5.1 REINIGING VAN DE KOOKPLAAT

WAARSCHUWING: Schakel het apparaat uit en laat het volledig afkoelen voordat u schoonmaakwerkzaamheden op uw apparaat uitvoert.
Algemene instructies
- Controleer voor gebruik van schoonmaakmiddelen in uw apparaat of ze geschikt zijn en aanbevolen worden door de fabrikant.
- Gebruik crème of vloeibare reinigingsmiddelen die geen vaste deeltjes bevatten. Gebruik geen bijtende middelen, schuurpoeders, ruwe staalwol of harde gereedschappen, omdat deze het oppervlak kunnen beschadigen.

Gebruik geen reinigingsmaterialen met vaste deeltjes die kunnen krassen op het glas, email en/of geverfde delen van uw apparaat.
- Neem eventueel gemorste vloeistoffen meteen op om te voorkomen dat onderdelen worden beschadigd.

Gebruik geen stoomreinigers om het apparaat of delen ervan schoon te maken.
Reinigen van de keramische glasplaat
Keramische glasplaten kunnen zwaar keukengerei dragen, maar kunnen breken als er met een scherp voorwerp op wordt geslagen/gestoten.

WAARSCHUWING: Keramische kookplaten - als het oppervlak gebarsten is, moet u het apparaat uitschakelen om het risico op elektrische schokken te voorkomen.
- Maak voor reiniging van vitrokeramisch glas gebruik van een crème of vloeibare reiniger. Spoel daarna het glas af en droog het grondig met een droge doek.

Gebruik geen reinigingsmaterialen die bestemd zijn voor staal, want deze kunnen het glas beschadigen.
- Als er stoffen met een laag smeltpunt worden gebruikt in de bodem of coatings van het kookgerei, kunnen ze de glaskeramische kookplaat beschadigen. Als er plastic, aluminiumfolie, suiker of suikerhoudende levensmiddelen op de warme glaskeramische kookplaat terecht is/zijn gekomen, schraap dit/ deze dan zo snel en veilig mogelijk van het warme oppervlak. Als deze stoffen smelten kunnen ze de glaskeramische kookplaat beschadigen. Breng indien mogelijk van tevoren een laagje van een geschikt beschermmiddel aan als u producten met een hoog suikergehalte kookt, zoals bijvoorbeeld jam.
- Stof op het oppervlak moet worden gereinigd met een vochtige doek.
- Kleurveranderingen in het keramische glas hebben geen effect op de structuur of de duurzaamheid van de keramiek en wordt niet veroorzaakt door een verandering in het materiaal.
Kleurveranderingen in het keramische glas kunnen worden veroorzaakt door verschillende redenen:
- Gemorste gerechten zijn niet van het
oppervlak gereinigd.
- Het gebruik van onjuiste schalen op de kookplaat kan het oppervlak uitslijten.
- Gebruik van onjuiste reinigingsmaterialen.
Reinigen van roestvrij stalen onderdelen (indien aanwezig)
- Reinig de roestvrijstalen onderdelen van uw apparaat regelmatig.
- Veeg de roestvrijstalen delen na ieder gebruik af met een uitsluitend in water gedrenkte doek. Droog ze daarna goed af met een droge doek.

Was de roestvrij stalen onderdelen niet als ze nog heet zijn van het koken.

Laat geen azijn, koffie, melk, zout, water, citroen of tomatensap gedurende langere tijd achter op het tvrij staal.
5.2 HET METALEN VETFILTER REINIGEN

WAARSCHUWING: Brandgevaar door vet en vetresten in het metalen vetfilter!
Er is brandgevaar door vetafzettingen in het metalen vetfilter!
- Reinig het metalen vetfilter zodra de instructie voor reiniging van het filter verschijnt of minstens elke 2 weken.
- Gebruik de afzuiger nooit zonder het metalen vetfilter.
Verwijder het metalen vetfilter

text_image
1 2- Filterdeksel
- Eenheid luchtafzuiging

- Verwijder het metalen vetfilter (1) door het in de richting van de pijl te bewegen. Zorg ervoor dat het metalen vetfilter er niet af valt.
- Leg het metalen vetfilter naar voren en verwijder het.
- Spoel het metalen vetfilter met de hand of in de vaatwasmachine.
Handmatige reiniging

Beschadiging door incorrecte reiniging of door het gebruik van ongeschikte reinigingsmiddelen!
- Laat het metalen vetfilter weken in warm zeepwater en reinig het met een zachte borstel.
- Spoel het metalen vetfilter af met warm water.
- Plaats het metalen vetfilter losjes en verticaal zonder ander tafelgerei aan de vaatwasmachine toe te voegen.
- Start een willekeurig programma met een temperatuur die niet hoger is dan 55 °C.
- Als gevolg van reiniging in de vaatwasmachine kunnen de filteronderdelen lichte kleurveranderingen ondergaan. Dit heeft geen invloed op de functie of prestaties van het metalen vetfilter.
Na reiniging
Plaats het metalen vetfilter op een absorberend kussen.
Het metalen vetfilter plaatsen

text_image
11. Metalen vetfilter
- Beweeg het metalen vetfilter in de richting van de pijl en plaats het in de buis voor de luchtafzuiging.
- Wis de waarschuwing voor het reinigen van het metalen vetfilter.
- Sluit het filterdeksel van de eenheid luchtafzuiging.
De lekbak reinigen

- Om water en voedselafval te verzamelen, heeft de eenheid luchtafzuiging een bak met een sleuf binnenin.
- Trek de bak in de sleuf van de eenheid luchtafzuiging eruit.
- Plaats de bak terug na het reinigen.

De lekbak kan in de vaatwasmachine worden gereinigd.
5.3 HET ACTIEVE KOOLFILTER REINIGEN OF VERVANGEN (ALLEEN RECIRCULATIE)

- Behuizing actieve koolfilter
- Actieve koolfilter met frame
- Haal het actieve koolfilter eruit in de richting van de pijl naar voren. (wordt vastgehouden met magneten).

• Schroef de verbindingsschroef los.
WAARSCHUWING: Plaats het omhulsel op een stevige ondergrond, duw daarna het filter stevig naar beneden om het te verwijderen.

- Verwijder het actieve koolfilter uit het filterframe zoals aangegeven.
- Laat het actieve koolfilter één uur regenereren in de bakoven op ongeveer 200 °C. Plaats het filter na afkoeling terug in de afzuigkap.
- Deze procedure mag maximaal 10 maal worden herhaald, daarna moet het filter worden vervangen door een nieuw filter.
- Plaats het actieve koolfilter terug door de vorige stappen in omgekeerde volgorde uit te voeren.
5.4 ONDERHOUDSINTERVALLEN
De prestaties van het apparaat zullen negatief worden beïnvloed door niet-naleving van de onderhoudsintervallen!
Bij overmatig gebruik zullen het metalen vetfilter en het actieve koolfilter verstopt zijn met vet- en vuildeeltjes, wat een negatieve invloed heeft op de prestaties van het apparaat.
- Neem alle onderhoudsintervallen die in deze gebruiksaanwijzing worden aangegeven in acht.
| Interval Onderhoudstaak | |
| Na montage en bij sterke vervuiling | Buitenkant van het apparaat reinigen. |
| Na reiniging van de afzuigkap | Onderhoud van het apparaat uitvoeren. |
| Om de andere week of wanneer de herinnering voor het vetfilter verschijnt | Het metalen vetfilter reinigen. |
| Om de 3 maanden of bij dalende prestaties | Het actieve koolfilter reinigen of vervangen (alleen voor werking van de circulatieventilator). |
Als u na deze basisprobleemoplossing nog problemen met uw apparaat ondervindt, neem dan contact op met een erkend servicebedrijf of een erkende monteur.
| Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Het scherm van de besturingskaart van de kookplaat is zwart. De kookplaat of kookzones kunnen niet aangezet worden. | Er is geen stroomvoorziening. | Controleer de zekering voor het apparaat.Controleer of er sprake is van een stroomonderbreking door andere elektronische apparatuur te proberen. |
| De kookplaat schakelt tijdens gebruik uit en op elke display knippert ‘F’. | De knoppen zijn vochtig of er rust iets op de knoppen. | Droog de knoppen of verwijder het object. |
| De kookplaat schakelt tijdens gebruik uit. | Een van de kookzones heeft te lang aan gestaan. | U kunt de kookzone opnieuw gebruiken door deze weer aan te zetten. |
| De knoppen van de kookplaat werken niet en het lampje van het kinderslot brandt. | Kinderslot is actief. Schakel het kinderslot uit. | |
| De pannen maken lawaai tijdens het koken of de kookplaat maakt een klikgeluid tijdens het koken. | Dit is normaal bij kookgerei voor een inductiekookplaat. Dit wordt veroorzaakt door de overdracht van energie van de kookplaat naar het kookgerei. | Dit is normaal. Er is geen risico. Niet voor uw kookplaat en niet voor uw kookgerei. |
| Het symbool ‘U’ licht op in de display van een van de kookzones. | Er staat geen pan op de kookzone, of de pan is niet geschikt. | Gebruik een geschikte pan. |
| Vermogensniveau 9 of ‘P’ wordt automatisch verlaagd. Als u tegelijkertijd vermogensniveau ‘P’ of 9 kiest bij twee kookzones aan dezelfde kant. | Maximaal vermogensniveau voor de twee zones bereikt | Door beide zones op vermogensniveau ‘P’ of 9 te gebruiken, wordt het toegestaan maximaal vermogensniveau voor de twee zones overschreden. |
6.2 TRANSPORT
Maak gebruik van de originele productverpakking en vervoer het product in zijn originele doos. Volg de transportpictogrammen op de verpakking op. Plak alle onafhankelijke onderdelen met tape op het product om te voorkomen dat tijdens het vervoer schade ontstaat.
Als u de oorspronkelijke verpakking niet hebt: bereid een doos zodanig voor dat het apparaat, in het bijzonderde externe oppervlakken het product, beschermd zijn tegen externe bedreigingen.
EG-conformiteitsverklaring
We verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese richtlijnen, besluiten en voorschriften in de normen waarnaar wordt verwezen.
Dit apparaat werd uitsluitend ontworpen voor huishoudelijk gebruik. Het gebruik voor andere doeleinden (zoals het verwarmen van een ruimte) is niet toegestaan en gevaarlijk.
De bedieningsinstructies zijn van toepassing op verschillende modellen. U kunt verschillen opmerken tussen deze instructies en uw model.
Afvoeren van uw oude machine

Dit symbool op het product of op de verpakking geeft aan dat dit product niet mag worden behandeld als huishoudelijk afval. In plaats daarvan moet het worden gebracht naar het geschikte verzamelpunt voor de recyclage van elektrische en elektronische apparatuur. Door de correcte afvalverwerking van dit product helpt u mee aan de voorkoming van potentiële negatieve gevolgen voor het milieu en de menselijke gezondheid, die wel zouden kunnen ontstaan door foutieve afvalverwerking van dit product. Voor meer informatie over de recycling van dit product, kunt u contact opnemen met uw plaatselijk stadskantoor, de afvalservice voor huishoudelijk afval of de winkel waar u dit product hebt aangeschaft.