FDW 614 D10P DOS LP D - Vaatwassers FRANKE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FDW 614 D10P DOS LP D FRANKE in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over FDW 614 D10P DOS LP D FRANKE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vaatwassers in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FDW 614 D10P DOS LP D - FRANKE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FDW 614 D10P DOS LP D van het merk FRANKE.
GEBRUIKSAANWIJZING FDW 614 D10P DOS LP D FRANKE
NL Gebruiksaanwijzing
PT Manual do utilizador
Dishwasher
Geschirrspüler
Lavavajillas
Lave-vaisselle
Lavastoviglie
Vaatwasmachine
Lava-louças
LANGUAGES
EN USER MANUAL 3
DE BEDIENUNGSANLEITUNG 14
ES MANUAL DE USUARIO 25
FR MANUEL D'UTILISATION 36
IT ISTRUZIONI PER L'USO 47
NL GEBRUIKSAANWIJZING 58
PT MANUAL DO UTILIZADOR 69
TABLE OF CONTENTS
OVERVIEW 4
FIRST TIME USE 5
PROGRAMS TABLE 6
Voordat u het apparaat gebruikt leest u de Veiligheidsvoorschriften zorgvuldig door.
OVERZICHT

- Bovenste rek
- Besteklade
- Opvouwbare kleppen
- Afsteller hoogte bovenste rek
- Bovenste sproeierarm
- Onderste rek
- Onderste sproeierarm
- Filtersysteem
- Zoutreservoir
- Doseerbakjes vaatwasmiddel en glansspoelmiddel
- Typeplaatje
- Bedieningspaneel
BEDIENINGSPANEEEL

text_image
1 2 3 S 16h 85469710111213 MULTI ZONE 3-- Aan-Uit/Reset-toets met controlelampje
- Programmakeuzetoets
- Controlelampje zout bijvullen
- Controlelampje bijvullen glansspoelmiddel
- Nummer programma en controlelampje tijd van uitstel
-
Controlelampje tablet (tab)
-
Display
- Controlelampje Multizone
- Multizone toets
- Uitstel toets
- Turbo toets met controlelampje
- Extra Dry toets met controlelampje
- Start/Pauze-toets met controlelampje/ Tablet (Tab)
HET ZOUTRESERVOIR BIJVULLEN
Het gebruik van zout voorkomt de vorming van KALKAANSLAG op het vaatwerk en op de functionele onderdelen van de machine.
- Het is noodzakelijk dat HET ZOUTRESERVOIR NOOIT LEEG IS.
- Het is belangrijk dat de hardheid van het water wordt ingesteld.
Het zoutreservoir bevindt zich in het onderste deel van de afwasmachine (zie OVERZICHT) en moet worden gevuld wanneer het controlelampje ZOUT BIJVULLEN het bedieningspaneel brandt..

- Verwijder het onderste rek en draai de dop van het reservoir los (linksom).
- Alleen de eerste maal dat u dit doet: vul het zoutreservoir met water.
- Plaats de trechter (zie afbeelding) en vul het zoutreservoir tot aan de rand (ongeveer 1 kg); het is niet ongebruikelijk dat er een beetje water uit lekt.
- Verwijder de trechter en veeg alle zoutresten weg van de opening.
Zorg ervoor dat de dop strak is aangedraaid, zodat geen vaatwasmiddel in de container kan komen tijdens het wasprogramma (dit kan de waterontharder onherstelbaar beschadigen).
Wanneer u zout moet toevoegen, is u verplicht om de procedure helemaal uit te voeren alvorens de wascyclus te starten om corrosie te voorkomen.
DE WATERHARDHEID INSTELLEN
Als u de waterontharder perfect wilt laten werken is het essentieel dat de instelling van de waterhardheid is gebaseerd op de werkelijke waterhardheid in uw huis. Deze informatie kan bij uw lokale waterleverancier worden opgevraagd.
De fabrieksinstelling is voor gemiddelde waterhardheid.
- Het apparaat inschakelen door op de toets AAN/UIT te drukken.
- Het apparaat uitschakelen door op de toets AAN/UIT te drukken.
- De toets P 5 seconden ingedrukt houden totdat u een piep hoort.
- Het apparaat inschakelen door op de toets AAN/UIT te drukken.
- Het huidige niveaunummer van de selectie en het controlelampje van het zout knipperen allebei.
- De toets P indrukken om het gewenste hardheidsniveau te selecteren (zie TABEL WATERHARDHEID).
| Tabel waterhardheid | ||||
| Niveau | °dHDuitse graden | °fHFranse graden | °ClarkEngelse graden | |
| 1 | Zacht 0 - 6 0 - 10 | 0 - 7 | ||
| 2 | Gemiddeld | 7 - 11 | 11 - 20 | 8 - 14 |
| 3 | Gemiddeld | 12 - 16 | 21 - 29 | 15 - 20 |
| 4 | Hard | 17 - 34 | 30 - 60 | 21 - 42 |
| 5 | Zeer hard | 35 - 50 | 61 - 90 | 43 - 62 |
- Het apparaat uitschakelen door op de toets AAN/UIT te drukken. Instellen is voltooid!
Zodra deze procedure voltooid is voert u een programma zonder lading uit. Gebruik alleen zout dat speciaal voor afwasmachines is bestemd.
Wanneer het zout in de machine is gestrooid wordt het lampje ZOUT BIJ-VULLEN uitgeschakeld.
Als het zoutreservoir niet gevuld wordt, kunnen de waterverzachter en het verwarmingselement beschadigd raken als gevolg van de accumulatie van ketelsteen.
Het gebruik van zout wordt aanbevolen met elk type vaatwasmiddel.
HET GLANSSPOELMIDDELRESERVOIR BIJVULLEN
Glansspoelmiddel maakt het DROGEN van de vaat gemakkelijker. Het glansspoelmiddelreservoir A moet worden gevuld wanneer het contro-lelampje GLANSSPOELMIDDEL BIJVULLEN op het display brandt.

- Open het doseerbakje B door de tab op het deksel in te drukken en omhoog te trekken.
- Het glansspoelmiddel zorgvuldig inbrengen tot aan de maximum (110 ml) insteekgleuf van de vulruimte - voorkom morsen. Wanneer dit gebeurt het gemorste glansspoelmiddel onmiddellijk met een droge doek reinigen.
- Om het te sluiten het deksel naar beneden drukken totdat u een klik hoort.
Het glansspoelmiddel NOOIT rechtstreeks in de kuip gieten.
DE DOSERING GLANSSPOELMIDDEL AANPASSEN
Als u niet volledig tevreden bent over de droogresultaten kunt u de gebruikte hoeveelheid glansspoelmiddel aanpassen.
- De afwasmachine inschakelen met de toets AAN/UIT.
- Uitschakelen met de toets AAN/UIT.
- Driemaal op de toets P drukken - er klinkt een pieptoon.
- Inschakelen met de toets AAN/UIT.
- Het huidige niveaunummer van de selectie en het controlelampje van het glansspoelmiddel knipperen.
- De toets P indrukken om het niveau van het te leveren glansspoel-middel te selecteren.
- Uitschakelen met de toets AAN/UIT Instellen is voltooid!
Als het niveau van het glansspoelmiddel is ingesteld op NUL (ECO) zal geen glansspoelmiddel worden afgegeven. Het controlelampje LAAG GLANS-SPOELMIDDEL zal niet branden als het glansspoelmiddel op is. Er kan een maximum van 5 niveaus worden ingesteld, afhankelijk van het model afwasmachine. De fabrieksinstelling is specifiek voor het model. Volg de bovenstaande instructies om te controleren of dat ook voor uw machine geldt. • Als u blauwe strepen op het vaatwerk ziet stel dan een laag getal in (1-2). - Als er druppels water of kalkaanslag op het vaatwerk zijn stel dan een hoog getal in (3-4).
HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN
Het gebruik van vaatwasmiddelen die niet bedoeld zijn voor vaat-wasmachines kan de slechte werking van het apparaat veroorzaken of het beschadigen.

Gebruik de opening apparaat C om het vaatwasmiddeldoseerbakje te openen. Het vaatwasmiddel alleen in het droge doseerbakje D invoeren. Plaats de hoeveelheid vaatwasmiddel voor voorspoelen direct in de kuip.
- Raadpleeg bij het afmeten van het vaatwasmiddel de eerder vermelde informatie om de juiste hoeveelheid toe te voegen. In het doseerbakje D vindt u de aanwijzingen voor het doseren van het vaatwasmiddel.
- Verwijder de resten vaatwasmiddel van de randen van het doseerbakje en sluit het deksel totdat het klikt.
- Sluit het deksel van het vaatwasmiddeldoseerbakje door het omhoog te trekken tot het sluitingsmechanisme is vastgezet.
Hetvaatwasmiddeldoseerbakjeopentautomatischophetjuistemoment, volgens het programma. Bij gebruik van alles-in-eén vaatwasmiddelen is het raadzaam om de toets TABLET te gebruiken, omdat het programma dan zodanig wordt aangepast dat de beste was- en droogresultaten worden bereikt.
PROGRAMMATABEL
| Programma | Drogen fase | CoolDry | Beschikbare functies *) | Duur van wasprogramma (h:min)* | Waterverbruik (liter/ cyclus) | Energieverbruik (kWh/ cyclus) | ||
| 1. Eco | ![]() | 50° | √ | √ | ![]() | ![]() | 3:10 9,5 0,85 | |
| 2. Auto | ![]() | 50-60° | √ | √ | MULTI ZONE [64TY] | [WWY0] | 1:25 - 3:00 7,0 | - 14,0 0,90 - 1,40 |
| 3. Intensief | ![]() | 65° | √ | √ | MULTI ZONE [50TX] | [DOWK] | 2:50 17,0 1 | 60 |
| 4. Snel wassen en drogen | ![]() | 50° | √ | √ | MULTI ZONE [XG6B] | ![]() | 1:25 11,5 1 | 10 |
| 5. Kristallen | ![]() | 45° | √ | √ | MULTI ZONE [SWXH] | ![]() | 1:40 12,0 1 | 20 |
| 6. Snel 30' | ![]() | 45° | - | √ | MULTI ZONE ![]() | [WHZY] | 0:30 9,0 0,50 | |
| 7. Stil | ![]() | 50° | √ | √ | MULTI ZONE ![]() | ![]() | 3:30 16,0 1 | 15 |
| 8. Desinfecterende | ![]() | 65° | √ | - | [DSD8] | 1:40 12,0 1 | 30 | |
| 9. Voorspoelen | ![]() | - | - | - | MULTI ZONE ![]() | 0:12 4,5 0,01 | ||
| 10. Zelfreinigend | ![]() | 65° | - | - | [DS4Y] | 0:50 8,0 0,85 | ||
De gegevens van het ECO-programma worden gemeten onder laboratoriumomstandigheden, volgens de Europese norm EN 60436:2020. Voorbehandeling van het vaatwerk vóór de programma's is niet nodig.
*) Niet alle opties kunnen tegelijkertijd gebruikt worden.
**) Waarden aangegeven voor andere programma's dan het Eco-programma zijn slechts indicatief. De werkelijke tijd is afhankelijk van vele factoren, zoals de temperatuur en de druk van het toevoerwater, de kamertemperatuur, hoeveelheid vaatwasmiddel, de hoeveelheid en soort lading, even-wicht van de lading, extra gekozen opties en de kalibratie van de sensor. De kalibratie van de sensor kan de duur van het programma met max. 20 min. verlengen.
BESCHRIJVING PROGRAMMA'S
Instructies over het selecteren van het wasprogramma.
1 ECO
Het Eco-programma is geschikt voor het reinigen van normaal vervuild vaatwerk, dat voor dit gebruik het meest efficiënte programma is wat betreft de combinatie van energie- en waterverbruik en in overeenstemming is met de Europese Ecodesign-wetgeving.
2 AUTO
Voor normaal vervuilde vaat met opgedroogde etensresten. Meet de mate van vervuiling van het serviesgoed af en past het programma dienovereenkomstig aan.
3 INTENSIEF
Aanbevolen programma voor sterk vervuild serviesgoed, met name geschikt voor pannen en koekenpannen (mag niet gebruikt worden voor kwetsbare stukken).
4 SNEL WASSEN EN DROGEN
Normaal vervuild serviesgoed. Dagelijkse cyclus, die een optimale reinigende en drogende werking in kortere tijd garandeert.
5 KRISTALLEN
Programma voor kwetsbare stukken die gevoeliger zijn voor hoge temperaturen, bijvoorbeeld glazen en kopjes.
6 SNEL 30'
Programma dat kan worden gebruikt voor een halve lading licht vervuilde vaat zonder opgedroogde etensresten. Heeft geen droogfase.
7 STIL
Geschikt voor werking van het apparaat in de nacht. Garandeert een optimale reinigende en drogende werking met de laagste geluidsemissie.
8 DESINFECTERENDE
Gebruikt om servies vochtig te houden dat later gewassen moet worden. Met dit programma wordt er geen vaatwasmiddel gebruikt.
10 ZELFREINIGEND
Programma te gebruiken voor het onderhoud van de afwasmachine, wordt enkel uitgevoerd wanneer de afwasmachine LEEG is met gebruik van specifieke reinigingsmiddelen die speciaal ontworpen zijn voor het onderhoud van de afwasmachine
Opmerkingen:
Gelieve er rekening mee te houden dat de cyclus Snel 30' bedoeld is voor licht vervuilde vaat..
OPTIES kunnen direct worden geselecteerd door het indrukken van de daarbij behorende toets (zie BEDIENINGSPANEL). Als een optie niet compatibel is met het geselecteerde programma (zie PROGRAMMATABEL) gaat de bijbehorende LED 3 keer snel knipperen en klinken er pieptonen. De optie wordt niet ingeschakeld.
MULTI MULTIZONE
ZONE
Als er niet veel vaatwerk is kan er een programma «halve lading» gebruikt, om water, elektriciteit en vaatwasmiddel te besparen. Er het programma en druk daarna op de MULTIZONE-toets: het I van het gekozen rek verschijnt op het display. Standaard wastaraat vaatwerk in alle rekken.
Druk herhaaldelijk op deze toets om alleen in een bepaald rek af te wassen:

verschijnt op het display (alleen onderste rek)
verschijnt op het display (alleen bovenste rek)
verschijnt op het display (alleen bestekmandje)
verschijnt op het display (optie is uitgeschakeld en het apparaat wast het vaatwerk in alle rekken).
Vergeet niet om alleen het bovenste of onderste rek te laden en de hoeveelheid vaatwasmiddel dienovereenkomstig te verlagen. Als het bovenste rek is verwijderd, breng dan het vaatwasmiddel rechtstreeks in de kuip aan in plaats van in het vaatwasmiddelreservoir.

UITSTEL
De starttijd van het programma kan worden uitgesteld voor een periode tussen 1 en 12 uur.
- De UITSTEL-toets indrukken: het overeenkomstige symbool «h» verschijnt op het display; telkens wanneer u de toets indrukt zal de tijd (1u, 2u, enz. tot max. 12 u) vanaf het begin van het geselecteerde wasprogramma worden verhoogd.
- Kies het wasprogramma, druk op de toets START/PAUZE en sluit binnen 4 seconden de deur: de timer begint met aftellen.
- Wanneer de tijd verstreken is, wordt het controlelampje «h» uitgeschakeld en begint het wasprogramma.
Druk op de UITSTEL-toets om de uitsteltijd aan te passen en een kortere periode te selecteren. Om te wissen, druk de toets herhaaldelijk in totdat het controlelampje «h» van de gekozen uitstelstart wordt uitgeschakeld. Wanneer er een wasprogramma is gestart, kan de UITSTEL-functie niet meer worden ingesteld.

TURBO
Deze optie kan worden gebruikt om de duur van de hoofdprogramma's te verlagen, met behoud van dezelfde was- en droogprestaties.
Druk na het selecteren van het programma op de TURBO-toets en het controlelampje wordt ingeschakeld. Druk dezelfde toets opnieuw in om de optie uit te schakelen.

EXTRA DRY
Ter verbetering van het drogen van het vaatwerk na het selecteren van het programma de toets EXTRA DRY indrukken en het controlelampje gaat branden.
Door een hogere temperatuur tijdens de laatste spoeling en een verlengde droogfase wordt het drogen verbeterd. Druk dezelfde toets opnieuw in om de optie uit te schakelen. De EXTRA DRY-optie resulteert in het verlengen van het wasprogramma.

TABLET (Tab)
Met deze instelling kan de prestatie van het programma geoptimaliseerd worden, aan de hand van het afwasmiddel ruikt wordt.
Druk de toets START/PAUSE gedurende 3 seconden in (het bijbehorende symbool gaat branden) als u gecombineerde vaatwasmiddelen in tabletvorm gebruikt (glansspoelmiddel, zout en wasmiddel in 1 dosis). Als u poeder of vloeibaar afwasmiddel gebruikt moet deze optie worden uitgeschakeld.

BEDRIJFSCONTROLELAMPJE
Er wordt LED-licht op de vloer geprojecteerd om aan te geven dat de afwasmachine in bedrijf is. Er kan een van de volgende bedrijfsmodussen worden geselecteerd:
a) Uitgeschakelde functie.
b) Wanneer de cyclus begint gaat het licht een paar seconden aan, blijft tijdens de cyclus uit en knippert op het einde van de cyclus.
c) Het licht blijft tijdens de cyclus branden en knippert op het einde van de cyclus (standaard modus).
Als de uitgestelde start was ingesteld gaat het licht voor de eerste paar seconden aan of voor de gehele duur van het aftellen, op basis van of de modus b) of c) was ingesteld.
Telkens wanneer de deur wordt geopend gaat het licht uit. Voor het selecteren van de gewenste modus de machine inschakelen, de toets P ingedrukt houden totdat een van de drie letters op het display verschijnt, de toets P indrukken totdat u de gewenste letter (of modus) bereikt, de toets P i.
Opmerking: Als CoolDry actief is en de deur opent, zal de werkingsindicator niet knipperen aan het einde van de cyclus.
CoolDry
CoolDry is een convectiedroogsysteem dat de deur tijdens/na de droogfase automatisch opent om elke dag voor buitengewone droogprestaties te zorgen. De deur gaat open wanneer de temperatuur veilig is voor uw keukenmeubelen, de deur gaat bijgevolg niet open wanneer de optie TURBO ingeschakeld is.
Als extra bescherming tegen stoom wordt een speciaal ontworpen beschermingsfolie geleverd met de vaatwasser. Raadpleeg de INSTALLATIEGIDS om te zien hoe u de beschermingsfolie aanbrengt.
De CoolDry-functie kan door de gebruiker als volgt worden uitgeschakeld:
- Ga naar het software-menu van de afwasmachine door de knop P ingedrukt te houden (6 sec).
- U bevindt zich eerst in het lichtregelingsmenu (raadpleeg de beschrijving van BEDRIJFSCONTROLELAMPJE). Als u niets wilt wijzigen, houd dan de knop P ingedrukt (tot een van de twee letters op het display verschijnt).
- U bent overgeschakeld naar het CoolDry-bedieningsmenu. U kunt de status van de CoolDry-functionaliteit wijzigen door op de knop P te drukken:
E – ingeschakeld d – uitgeschakeld
Om de wijziging te bevestigen en het bedieningsmenu te verlaten, houd de knop P ingedrukt (3 sec).
REKKEN VULLEN
BESTEKLADE

Het derde rek werd ontworpen om het bestek te herbergen. Rangschik het bestek zoals op de afbeelding. Een aparte rangschikking voor het bestek maakt het oppakken na de afwas eenvoudiger en verbetert de was- en droogprestaties.
Messen en andere gebruiksvoorwerpen met scherpe randen moeten worden geplaatst met de punten naar beneden gericht.
De geometrie van het rek maakt het mogelijk om kleine items als koffiekopjes in het midden te plaatsen.

Laden van kwetsbaar en licht vaatwerk: glazen, kopjes, schoteltjes, lage saladekommen.
(laadvoorbeeld voor het bovenste rek)
OPVOUWBARE KLEPPEN MET VERSTELBARE STAND
De opvouwbare kleppen aan de zijkant kunnen worden opgevouwen of opengevouwen voor een optimale rangschikking van het serviesgoed in het rek.
Wijinglazen kunnen veilig in de opvouwbare kleppen worden geplaatst door de steel van elk glas in de overeenkomstige sleuven in te voeren. Afhankelijk van het model:
-om de kleppen open te vouwen moet u ze omhoog schuiven en


roteren of ze losmaken van de klemmen en omlaag trekken.
- om de kleppen op te vouwen moet u ze roteren en omlaag schuiven of ze omhoog trekken en aan de klemmen vastmaken.
DE HOOGTE VAN HET BOVENSTE REK AFSTELLEN
De hoogte van het bovenste rek kan worden afgesteld: hoge stand voor groot serviesgoed in de onderste mand en lage stand om optimaal gebruik te maken van de opklapbare steunen, door het creëren van
meer ruimte naar boven en botsen met de items die in het onderste rek zijn geladen te voorkomen.
Het bovenste rek is uitgerust met een
hoogteversteller bovenste rek
(zie afbeelding, zonder op de hefbomen te hoeven drukken, opheffen door gewoon de zijkanten van het rek vast te houden, zodra het rek stabiel in de bovenste positie staat.
Voor herstellen naar de lagere positie op de hefbomen A aan de zijkanten van het rek drukken en de mand naar beneden verplaatsen.
Het is raadzaam de hoogte van het rek niet aan te passen wanneer het is geladen.
NOOIT de mand slechts aan één kant verhogen of verlagen.

Voor potten, deksels, platen, saladekommen, bestek enz. Grote platen en deksels moeten idealiter aan de zijkanten worden geplaatst, om aanraking met de sproeierarmen te voorkomen.
Het onderste rek heeft opklapbare steunen die in een verticale positie kunnen worden gebruikt bij het schikken van platen of in een horizontale positie (lager) om pannen en saladekommen te laden.

(laadvoorbeeld voor het onderste rek)
DAGELIJKS GEBRUIK
1. WATERAANSLUITING CONTROLEREN
Controleer of de wasmachine is aangesloten op de waterleiding en of de waterkraan open is.
2. DE AFWASMACHINE INSCHAKELEN
Open de deur en druk op de toets AAN/UIT.
3. DE REKKEN VULLEN (zie REKKEN VULLEN)
4. HET VAATWASMIDDELMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN
5. HET PROGRAMMA KIEZEN EN DE CYCLUS AANPASSEN
Selecteer het meest geschikte programma in overeenstemming met het soort serviesgoed en het niveau van vervuiling (zie BESCHRIJVING PROGRAMMA) door de P-toets in te drukken. Selecteer de gewenste opties (zie OPTIES EN FUNCTIES).
6. START
Start het de wascyclus door op de START/Pauze-toets (het ledlampje brandt) te drukken en de deur binnen 4 seconden te sluiten. U hoort een enkele piep wanneer het programma start. Als de deur niet binnen 4 seconden is gesloten, hoort u een geluid ter waarschuwing. Open in dat geval de deur, druk op de START/Pauze -toets en sluit de deur weer binnen 4 seconden.
7. EINDE VAN HET WASPROGRAMMA
Het einde van de wascyclus wordt aangegeven door piepjes en door knipperen van de wascyclusindicator op het paneel en het licht op de vloer (indien geactiveerd). De deur openen en het apparaat uitschakelen door op de toets AAN/UIT te drukken. Een paar minuten wachten voordat het serviesgoed wordt verwijderd - om brandwonden te voorkomen. De rekken uitladen, te beginnen met het onderste rek.
De machine wordt tijdens bepaalde langere perioden van inactiviteit automatisch uitgeschakeld, om het elektriciteitsverbruik te minimaliseren. Als het serviesgoed slechts licht bevuild is of als het voordat het in de afwasmachine wordt geplaatst met water is afgespoeld kan de hoeveelheid vaatwasmiddel dienovereenkomstig worden verminderd.
WIJZIGEN VAN EEN LOPEND PROGRAMMA
Als u een verkeerd programma heeft gekozen, kunt u het programma wijzigen mits het net is begonnen: open de deur en houd de AAN/UIT-toets ingedrukt. De machine wordt uitgeschakeld. Schakel de machine weer in met de AAN/UIT-toets en selecteer het nieuwe wasprogramma en eventuele gewenste opties; start de wascyclus door de START/Pauze-toets in te drukken en de deur te sluiten binnen 4 seconden.
EXTRA SERVIESGOED TOEVOEGEN
Open de deur (START/Pauze-ledlampje begint te knipperen) zonder de machine uit te schakelen (pas op voor hete stoom!) en plaats het serviesgoed in de afwasmachine. Druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 seconden. Het programma gaat verder vanaf het punt waarop het was onderbroken.
ONGEWENSTE ONDERBREKINGEN
Als de deur geopend wordt tijdens de wascyclus, of als er sprake is van een stroomonderbreking, stopt het programma. Om de cyclus te hernemen vanaf het punt waarop het was onderbroken, drukt u op de START/Pauze-toets-knop en sluit u de deur binnen 4 seconden.
ADVIEZEN EN TIPS
ADVIEZEN
Verwijder alvorens de manden te laden alle voedselresten uit het serviesgoed en leeg de glazen. Het serviesgoed hoeft niet tevoren onder stromend water afgespoeld te worden.
Het serviesgoed zo rangschikken dat het stevig op zijn plaats staat en niet omslaat; rangschik de containers met de openingen naar beneden gericht en de holle/bolle onderdelen schuin geplaatst, waardoor het water elk oppervlak kan bereiken en vrij kan stromen.
Waarschuwing: zorg ervoor dat deksels, grepen, platen en koekenpannen de sproeierarmen niet belemmeren bij het draaien.
Plaats geen kleine voorwerpen in de bestekmand.
Erg vervuild vaatwerk en pannen moeten in de onderste mand worden geplaatst, omdat in deze ruimte de watersproeiers sterker zijn en hogere wasprestaties hebben. Zorg ervoor dat na het laden van het apparaat de sproeierarmen vrij kunnen draaien.
TIPS VOOR ENERGIEBESPARING
- Wanneer de huishoudelijke vaatwasmachine gebruikt wordt volgens de aanwijzingen van de fabrikant, verbruikt het wassen van vaatwerk in een vaatwasmachine gewoonlijk MINDER ENERGIE en water dan met de hand afwassen.
- Om de efficiëntie van de vaatwasmachine te maximaliseren wordt aanbevolen om de wascyclus eerst te starten wanneer de vaatwasmachine helemaal gevuld is. De huishoudelijke vaatwasmachine vullen tot de hoeveelheid aangegeven door de fabrikant draagt bij tot het besparen van energie en water. Informatie over het correct laden van vaatwerk vindt u in het hoofdstuk DE REKKEN VULLEN. Als de machine gedeeltelijk is gevuld, wordt aanbevolen om de speciaal daarvoor bedoelde wasopties, indien voorzien, te gebruiken (Halve lading/ Zone Wash/ Multizone) en enkel geselecteerde rekken te vullen. De vaatwasmachine onjuist of overmatig vullen kan het gebruik van de hulpbronnen verhogen (zoals water, energie en tijd, en ook het geluidsniveau) en de reinigings- en droogprestaties verlagen.
- Vaatwerk vooraf met de hand spoelen verhoogt het wateren energieverbruik en wordt niet aanbevolen.
HYGIËNE
Om te voorkomen dat zich geur en afzetting ophoopt in de afwasmachine moet u ten minste één per maand een programma met hoge temperatuur laten draaien. Gebruik een theelepel vaatwasmiddel en laat het apparaat zonder lading draaien.
ONGESCHIKT SERVIESGOED
Artikelen die niet vaatwasmachinebestendig zijn:
- Houten schalen, potten of pannen: deze kunnen worden beschadigd door de hoge wastemperaturen.
- Met de hand gemaakte artikelen: deze zijn zelden geschikt om in de vaatwasser te wassen. De relatief hoge watertemperatuur en de gebruikte reinigingsmiddelen kunnen deze beschadigen.
- Plastic schotels: deze zijn niet hittebestendig en kunnen hun vorm verliezen. Hittebestendige plastic schalen moeten in de bovenste korf worden gewassen.
- Schotels en voorwerpen in koper, tin, zink of messing: deze hebben de neiging vlekken te maken.
- Aluminium gerechten: artikelen gemaakt van geanodiseerd aluminium kunnen hun kleur verliezen.
- Zilverwerk: zilveren voorwerpen kunnen vlekken vertonen.
- Glas en kristal: in het algemeen kunnen glazen en kristallen voorwerpen in de vaatwasser worden gewassen. Bepaalde glassoorten en kristallen kunnen echter saai worden en na veel wasbeurten hun helderheid verliezen. Daarom raden we u aan voor deze items het minst agressieve programma te gebruiken dat beschikbaar is.
- Versierde items: de versierde objecten die op de markt zijn, zijn over het algemeen in staat om in de vaatwasser te wassen, hoewel de kleuren na een groot aantal wasbeurten kunnen vervagen. Als u twijfelt over de kleurvastheid, is het raadzaam om slechts een paar items tegelijk te wassen gedurende ongeveer een maand.
SCHADE AAN GLASWERK EN SERVIESGOED
- Gebruik alleen glas en porselein waarvan de fabrikant garandeert dat het veilig is voor de afwasmachine.
- Gebruik een zacht vaatwasmiddel dat geschikt is voor serviesgoed.
- Haal glazen en bestek uit de afwasmachine zodra het wasprogramma afgelopen is.
REINIGING EN ONDERHOUD
Koppel het apparaat altijd los tijdens het reinigen en bij het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden. Gebruik geen brandbare vloeistoffen om de machine schoon te maken.
DE AFWASMACHINE SCHOONMAKEN
Alle aanslag op de binnenkant van het apparaat kunnen worden verwijderd met een doek die is bevochtigd met water en een beetje azijn.
De externe oppervlakken van de machine en het bedieningspaneel kunnen met een niet-schurende doek, bevochtigd met water worden gereinigd.
Gebruik geen oplosmiddelen of schuurmiddelen.

VOORKOMEN VAN ONAANGENAME GEUREN
Als de waterslangen nieuw zijn of een langere periode niet zijn gebruikt laat dan, voordat de benodigde aansluitingen worden uitgevoerd, het water lopen, om ervoor te zorgen het helder is en vrij van onzuiverheden. Als deze voorzorgsmaatregel niet wordt genomen kan de waterin-
laat geblokkeerd worden en kan de afwasmachine beschadigd raken. DE WATERTOEVOERSLANG CONTROLEREN
Controleer de toevoerslang regelmatig op barsten of scheuren.
Als deze beschadigd is vervangen door een nieuwe slang, te verkrijgen via onze Consumentenservice of uw gespecialiseerde dealer.
Afhankelijk van het type slang:

Als de toevoerslang een doorzichtige coating heeft, regelmatig controleren of de kleur plaatselijk wordt geïntensiveerd. Zo ja, is de slang wellicht lek en moet worden vervangen.
Voor waterstopslangen: controleer het kleine veiligheidsklepinspectievenster (zie pijl). Als het rood is werd de waterstopfunctie in gang gezet en moet de slang door een nieuwe worden vervangen.
Om deze slang los te schroeven op de ontspanknop drukken, terwijl de slang wordt losgeschroefd.
HET FILTERSYSTEEM REINIGEN
Reinig het filtersysteem regelmatig, zodat de filters niet verstoppen en het afvalwater correct weg stroomt.
Het gebruik van vaatwasmachines met verstopte filters of vreemde voorwerpen in het filtersysteem of de sproeiarmen kan de slechte werking ervan en bijgevolg lagere prestaties, lawaai of een hoger verbruik van hulpbronnen veroorzaken.
Het filtersysteem bestaat uit drie filters die voedselresten uit het afwaswater verwijderen en vervolgens het water opnieuw laten circuleren.
De afwasmachine mag niet worden gebruikt zonder filters of als het filter is losgeraakt.
Controleer tenminste eens per maand of na elke 30 cyclussen het filtersysteem en reinig het eventueel grondig onder stromend water, met een niet-metalen borstel en volgens de onderstaande instructies:
- Draai het cilindrische filter A linksom en trek het uit (Afb. 1).
- Verwijder het houderfilter B door licht op de zijkleppen te drukken (Afb. 2).
- Schuif de roestvrij stalen plaat filter C er uit (Afb. 3).
- Als u vreemde voorwerpen vindt (gebroken glas, porselein, beenderen, zaden van vruchten, enz.), verwijdert u ze zorgvuldig.
- Inspecteer de sifon en verwijder eventuele voedselresten. VERWIJDER NOOIT de pompbescherming van het wasprogramma (zwart detail) (Afb. 4)

text_image
1 2 A B A C 3 4Na het schoonmaken van het filter het filtersysteem opnieuw plaatsen en goed op zijn plaats zetten; dit is essentieel voor het behoud van de efficiënte werking van de afwasmachine.
DE SPROEIERARMEN REINIGEN
Af en toe kunnen er voedselresten op de sproeierarmen vastzitten en worden de openingen voor het water sproeien geblokkeerd. Het is daarom raadzaam dat u de armen van tijd tot tijd controleert en ze met een kleine niet-metalen borstel schoonmaakt.

Om de bovenste sproeierarm te verwijderen, draait u de plastic borgring rechtsom.
De bovenste sproeierarm moet worden vervangen, zodat de zijde met het grotere aantal openingen naar boven is gericht.
De onderste sproeierarm kan worden verwijderd door het omhoog te trekken.

Waterverzachters reduceren automatisch de waterhardheid en voorkomen bijgevolg ketelsteenvorming op de verwarmer en dragen bij tot een efficiëntere reiniging.
Dit systeem wordt automatisch met zout geregenereerd, u dient dus het zoutreservoir te vullen wanneer het leeg is.
De frequentie van de regeneratie hangt af van de instelling van het waterhardheidniveau - standaard wordt de regeneratie uitgevoerd om de 6 Eco-cyclussen met het waterhardheidniveau ingesteld op 3.
Het regeneratieproces start tijdens de laatste spoeling en eindigt tijdens de droogfase, voordat de cyclus beeindigt.
- Eén enkele regeneratie verbruikt: 3,5 liter water;
- Doet de cyclus 5 minuten langer duren;
- Verbruikt minder dan 0,005 kWh energie.
INSTALLATIE
Als het apparaat op een bepaald moment moet worden verplaatst, houd het dan rechtop; als dit absoluut noodzakelijk is, kan het op de rug worden gekanteld.
DE WATERTOEVOER AANSLUITEN
Het aansluiten van de watertoevoer voor installatie mag alleen door een gekwalificeerde technicus worden uitgevoerd.
De watertoevoer- en afvoerslangen kunnen naar rechts of naar links worden geplaatst, voor een zo goed mogelijke installatie.
Zorg ervoor dat er door de afwasmachine geen knikken in de slangen komen of dat de slangen geplet worden.
DE TOEVOERSLANG AANSLUITEN
- Het water laten lopen totdat het volkomen helder is.
- De toevoerslang strak aandraaien naar de gewenste positie en de kraan open draaien.
Als de toevoerslang niet lang genoeg is, neem dan contact op met een specialistische winkel of een erkende technicus.
De waterdruk moet binnen de waarden vallen die in de tabel Technische Gegevens staan aangegeven - dan kan de afwasmachine naar behoren functioneren. Zorg ervoor dat er geen knik in de slang zit of dat de slang niet samengedrukt is.
SPECIFICATIES VOOR DE AANSLUITING VAN DE WATERTOEVOERSLANG:
| WATERTOEVOER koud of warm (max. 60°C) | |
| WATERINLAAT 3/4" | |
| KRACHT VAN WATERDRUK | 0,05 ÷ 1 MPa (0.5 ÷ 10 bar)7,25 – 145 psi |
DE WATERAFVOERSLANG AANSLUITEN
De afvoerslang aansluiten op een aftapleiding met een minimale diameter van 2 cm A. De aansluiting van de afvoerslang moet op een hoogte zijn, variërend van 40 tot 80 cm vanaf de vloer of het oppervlak waar de afwasmachine op rust. Verwijder voordat u de waterafvoerslang aansluit op de gootsteenafvoer de plastic plug B.

text_image
A B MAX 80 cm MIN 40 cmANTI-OVERSTROMINGBEVEILIGING
Anti-overstromingbeveiliging. Om te zorgen dat overstromingen niet voorkomen is de afwasmachine:
- voorzien van een speciaal systeem dat de watertoevoer blokkeert bij defecten of lekken binnen het apparaat.
Een aantal modellen zijn ook uitgerust met het extra veiligheidssysteem
New Aqua Stop, dat anti-overstromingbeveiliging zelfs garandeert bij een breuk in de toevoerslang.
De watertoevoerslang mag onder geen beding worden doorgesneden, omdat het elektrische delen bevat.
WAARSCHUWING: De watertoevoerslang mag onder geen beding worden doorgesneden, omdat het elektrische delen bevat.
Voordat de stekker in het stopcontact wordt gestoken ervoor zorgen dat:
- De aansluiting geaard een aan de huidige regelgeving oldoet; Het stopcontact bestand is tegen de maximale belasting van het apparaat, zoals staat aangegeven op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur (zie OVERZICHT).
- Het netspanningsvoltage valt binnen de waarden die staan aangegeven op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur.
- Het stopcontact is compatibel met de stekker van het apparaat. Als dit niet het geval is vraag dan een erkende monteur om de stekker te vervangen (zie ONDERSTEUNING). Gebruik geen verlengkabels of meervoudige stopcontacten. Zodra het apparaat is geïnstalleerd moeten de stroomkabel en het stopcontact gemakkelijk toegankelijk zijn.
De kabel moet zonder knikken en niet samengeperst zijn.
Als de stroomkabel beschadigd is deze laten vervangen door de fabrikant of een erkende technische hulpdienst, om alle mogelijke gevaren te voorkomen.
Het bedrijf is niet aansprakelijk voor eventuele incidenten, als deze voorschriften niet worden nageleefd.
- Plaats de afwasmachine op een vlakke stevige vloer. Als de vloer ongelijk is kunnen de voorste poten van het apparaat worden afgesteld, totdat het horizontaal staat. Als het apparaat correct waterpas staat is het stabieler en is er veel minder kans dat het beweegt of trillingen en lawaai veroorzaakt tijdens de werking.
- Voordat de afwasmachine in een nis wordt gezet de zelfklevende transparante strip onder de houten plank vastplakken, om het te beschermen tegen eventuele condensatievorming.
- Plaats de afwasmachine zodanig dat de zijkanten of achterzijde tegen de aangrenzende kasten of de muur aankomen. Dit apparaat kan ook worden ingebouwd onder een enkel aanrechtblad.
- Voor het afstellen van de hoogte van de achterste voet de rode zeshoekige bus op het lagere middengedeelte aan de voorkant van de afwasmachine draaien met een zeshoekig moersleutel met een opening van 8 mm. De moersleutel naar rechts draaien om de hoogte te vergroten en naar links om de hoogte te verkleinen.
Als uw vaatwasmachine niet goed werkt, doorloopt u de onderstaande lijst om te controleren u of u het probleem kunt verhelpen. Voor andere fouten of problemen neemt u contact op met de bevoegde Consumentenservice, de contactgegevens ervan vindt u in de garantieboekje. De fabrikant verzekert dat de reserveonderdelen tenminste 10 jaren na de datum van productie van dit apparaat te verkrijgen zullen zijn.
| PROBLEMEN | MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSINGEN | |
| S Zoutindicator brandt | Zoutreservoir is leeg. (Na het bijvullen kan het controlelampje van het zoutniveau blijven branden gedurende een aantal afwascycli). | Vul reservoir bij met zout (voor meer informatie - raadpleeg pagina 60).Pas de waterhardheid aan - zie tabel, pagina 60. |
| * Glansspoel-middelindicator brandt | Glansspoelmiddelreservoir is leeg.(Na het bijvullen kan het controlelampje van het glansspoelmiddel blijven branden gedurende een aantal afwascycli). | Vul reservoir bij met glansspoelmiddel (voor meer informatie - raadpleeg pagina 60). |
| De afwasma-chine start niet of reageert niet op opdrachten. | Het apparaat is niet goed aangesloten. Steek de stekker in het stopcontact. | |
| Stroomuitval. | Om veiligheidsredenen wordt de vaatwasmachine niet automatisch opnieuw gestart wanneer er opnieuw stroom is. Open de deur van de vaatwasmachi-ne, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 sec. | |
| De deur van de afwasmachine is niet goed gesloten. De CoolDry-pin is niet ingetrokken. | De deur krachtig aanduwen totdat u de „klik” hoort. | |
| De cyclus wordt onderbroken als de deur > 4 seconden wordt geopend. | Druk op START/Pauze en sluit de deur binnen 4 seconden. | |
| Het reageert niet op opdrachten.Weergave op het display:9 of 12en de AAN/UIT-led knippert snel | Het toestel uitschakelen door de knopaAN/UITin te drukken, na ongeveer een minuut weer inschakelen en het programma opnieuw starten. Als het probleem aanblijft, trekt u de stekker van het apparaat 1 minuut lang uit, breng dan de stekker terug in. | |
| De afwasmachine pompt nietaf.Weergave op het display:3 en de AAN/UIT-led knippert snel. | Het wasprogramma is nog niet klaar. Wacht totdat het wasprogramma klaar is. | |
| Er zit een knik in de afvoerslang. | Controleer of er geen knik zit in de afvoerslang (zie INSTALLATIEGIDS). | |
| De pijp van de gootsteenafvoer is geblokkeerd. | Reinig de pijp van de gootsteenafvoer. | |
| Het filter is verstopt met voedselresten | Reinig het filter (zie HET FILTERSYSTEEM REINIGEN). | |
| De afwasmachi-ne maakt veel lawaai. | Het vaatwerk rammelt tegen elkaar. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). | |
| Er is een bovenmatige hoeveelheid schuim geproduceerd. | Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor gebruik in afwasmachines (zie REKKEN VULLEN). Start de actuele wascyclus opnieuw: schakel de afwasmachine UIT, vervolgens terug in, selecteer een nieuw pro-gramma, druk op START/Pauze en sluit de deur binnen 4 seconden. Voeg geen vaatwasmiddel toe. | |
| Het vaatwerk is niet schoon. | Het serviesgoed is niet goed gerangschikt. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). | |
| De sproeierarmen kunnen niet vrij draaien, ze worden door het vaatwerk belemmerd. | Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). | |
| Het wasprogramma is te zacht. Selecteer een geschikt wasprogramma (zie PROGRAMMATABEL). | ||
| Er is een bovenmatige hoeveelheid schuim geproduceerd. | Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor ge-bruik in afwasmachines. | |
| De dop op het glansspoelmiddelcomparti-ment is niet correct afgesloten. | Zorg ervoor dat de dop van het glansspoelmiddelbakje is gesloten. | |
| Het filter is bevuild of verstopt. | Reinig het filtersysteem (zie VERZORGING EN ONDERHOUD). | |
| Er is geen zout. | Vul het zoutreservoir (zie HET ZOUTRESERVOIR BIJVULLEN). | |
| De afwasmachine vult zich niet met water.Weergave op het display:H,6 en de AAN/UIT-led knippert snel. | Geen water in de watertoevoer of de kraan is gesloten. | Zorg ervoor dat er water in de watertoevoer komt of dat de kraan loopt. |
| Er zit een knik in de toevoerslang. | Controleer of er geen knik in de toevoerslang zit (zie INSTALLATIE), de afwas-machine herprogrammeren en rebooten. | |
| De zeef in de watertoevoerslang is ver-stopt; het moet gereinigd worden. | Na het controleren en reinigen, de afwasmachine uitschakelen en inschake-len en een nieuw programma starten. | |
| De vaatwasma-chine beëindigt de cyclus voor-tijdig.Weergave op het display:15 en de AAN/UIT-led knippert snel. | De afvoerslang bevindt zich te laag of he-veling in het huishoudelijke afvalwatersys-teem. | Controleer of het uiteinde van de afvoerslang zich op de juiste hoogte be-vindt (zie INSTALLATIE).Controleer de heveling in het huishoudelijke afvalwa- tersysteem, installeer zo nodig een luchttoevoerklep. |
| Lucht in watertoevoer. | Controleer de watertoevoer op lekken of andere problemen die lucht inlaten. | |
| Lekkage van vaatwasmiddel. | Is afhankelijk van het gebruikte vloeibare vaatwasmiddel en kan duidelijker optreden als de uitsteloptie geactiveerd is. | Kleine lekkages veroorzaken geen storing van de machine en kunnen worden voorkomen door het type vloeibaar vaatwasmiddel te veranderen of tablet-ten te gebruiken. |
ASSISTENZA
Neem bij bedieningsproblemen contact op met een technisch servicecentrum van Franke. Maak nooit gebruik van de diensten van onbevoegde technici.
Specificeer:
- soort storing
- apparaatmodel (art.)
- serienummer (S.N.)
Wanneer u contact opneemt met de consumentenservice moet u de codes vermelden die staan aangegeven op het typeplaatje aan de linker- of rechterkant in de deur van de afwasmachine.

text_image
FRANCE 12/08/2016 12/08/2017 12/08/2018 12/08/2019 12/08/2020 12/08/2021 12/08/2022 12/08/2023 12/08/2024 12/08/2025 12/08/2026 12/08/2027 12/08/2028 12/08/2029 12/08/2030 12/08/2031 12/08/2032 12/08/2033 12/08/2034 12/08/2035 12/08/2036 12/08/2037 12/08/2038 12/08/2039 12/08/2040 12/08/2041 12/08/2042 12/08/2043 12/08/2044 12/08/2045 12/08/2046 12/08/2047 12/08/2048 12/08/2049 12/08/2050 12/08/2051 12/08/2052 12/08/2053 12/08/2054 12/08/2055 12/08/2056 12/08/2057 12/08/2058 12/08/2059 12/08/2060 12/08/2061 12/08/2062 12/08/2063 12/08/2064 12/08/2065 12/08/2066 12/08/2067 12/08/2068 12/08/2069 12/08/2070 12/08/2071 12/08/2072 12/08/2073 12/08/2074 12/08/2075 12/08/2076 12/08/2077 12/08/2078 12/08/2079 12/08/2080 12/08/2081 12/08/2082 12/08/2083 12/08/2084 12/08/2085 12/08/2086 12/08/2087 12/08/2088 12/08/2089 12/08/2090 12/08/2091 12/08/2092 12/08/2093 12/08/2094 12/08/2095 12/08/2096 12/08/2097 12/08/2098 12/08/2099 12/08/21De modelinformatie kan gevonden worden aan de hand van de QR-code die op het energielabel aangegeven is. Het label bevat ook de model-ID die kan worden gebruikt om het portaal van het register te raadplegen op https://eprel.ec.europa.eu


















