GHE 375 - Vijl STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GHE 375 STIHL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over GHE 375 STIHL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vijl in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GHE 375 - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GHE 375 van het merk STIHL.
GEBRUIKSAANWIJZING GHE 375 STIHL
NL Gebruiksaanwijzing
Wij zijn blij dat u hebt gekozen voor STIHL. Wij ontwikkelen en produceren onze producten in topkwaliteit in overeenstemming met de behoeften van onze klanten. Zo ontstaan producten met een hoge betrouwbaarheid, ook bij extreme belasting.
STIHL staat ook voor service met topkwaliteit. Onze dealers staan garant voor deskundig advies en instructie alsmede een uitgebreide technische begeleiding.
Wij danken u voor uw vertrouwen in ons en wensen u veel plezier met uw STIHL product.

Dr. Nikolas Stihl
BELANGRIJK! VOOR GEBRUIK GOED DOORLEZEN EN BEWAREN.
1. Inhoudsopgave
Over deze gebruiksaanwijzing 84
Algemeen 84
Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing 84
Landspecifieke varianten 84
Beschrijving van het apparaat 85
Voor uw veiligheid 85
Algemeen 85
Waarschuwing - gevaar voor elektrische schokken 86
Kleding en uitrusting 87
Transport van het apparaat 87
Vóór het werken 87
Tijdens het werken 88
Onderhoud en reparaties 90
Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen 91
Afvoer 91
Toelichting van de symbolen 91
Leveringsomvang 92
Apparaat klaarmaken voor gebruik 93
Wielas en wielen monteren 93
Loopstuk en uitwerpschacht monteren 93
Uitworpklep openen en sluiten 93
Aanwijzingen voor werken 93
Welk materiaal kan er worden verwerkt? 93
Welk materiaal kan niet worden verwerkt? 94
Maximale diameter van de takken 94
Werkgebied van de gebruiker 94
Juiste vulling van de tuinhakselaar 94
Display 95
Juiste belasting van het apparaat 95
Overbelastingsbeveiliging 95
Wat moet ik doen als de snijeenheid van de tuinhakselaar blokkeert? 95
Veiligheidsvoorzieningen 95
Startblokkering elektromotor 95
Veiligheidsvergrendeling 95
Uitlooprem elektromotor 95
Beschermkappen 95
Apparaat in gebruik nemen 95
Tuinhakselaar aansluiten 95
Voedingskabel aansluiten 96
Voedingskabel loskoppelen 96
Trekontlasting 96
Tuinhakselaar inschakelen 96
Tuinhakselaar uitschakelen 97
Voorkeuzeschakelaar 97
Hakselen 97
Onderhoud 97
Apparaat reinigen 98
Service-intervallen 98
Vultrechter monteren 98
Vultrechter demonteren 98
Service-interval messenset 98
Messenset demonteren 98
Messenset monteren 99
Slijtagegrenzen van de messen 99
Hakselmessen slijpen 100
Elektromotor en wielen 100
Opslag en winterpauze 100
Transport 100
Tuinhakselaar trekken of duwen 100
Tuinhakselaar optillen of dragen 101
Tuinhakselaar op een laadoppervlak transporteren 101
Slijtage minimaliseren en schade voorkomen 101
Standaard reserveonderdelen 102
Milieubescherming 102
Afvoer 102
Conformiteitsverklaring 102
EU-conformiteitsverklaring
Tuinhakselaar STIHL GHE 355.0,
GHE 375.0 102
Onderhoudsschema 104
Leveringsbevestiging 104
Servicebevestiging 104
2. Over deze gebruiksaanwijzing
2.1 Algemeen
Deze gebruiksaanwijzing is een vertaling van de oorspronkelijke
gebruiksaanwijzing van de fabrikant in het kader van de EG-richtlijn 2006/42/EC.
STIHL werkt voortdurend aan de ontwikkeling van zijn producten; wijzigingen in de levering qua vorm, techniek en uitvoering zijn daarom voorbehouden.
Op basis van gegevens of afbeeldingen uit dit boekje kunnen bijgevolg geen aanspraken worden gemaakt.
Het is mogelijk dat in deze gebruiksaanwijzing modellen worden beschreven die niet in elk land verkrijgbaar zijn.
Deze gebruiksaanwijzing is auteursrechtelijk beschermd. Alle rechten blijven voorbehouden, met name het recht op het kopiëren, vertalen en het verwerken met elektronische systemen.
2.2 Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing
Afbeeldingen en teksten beschrijven bepaalde bedieningsstappen.
Alle pictogrammen die op het apparaat zijn aangebracht, worden in deze gebruiksaanwijzing toegelicht.
Kijkrichting:
Kijkrichting bij gebruik links en rechts in de gebruiksaanwijzing: de gebruiker staat achter het apparaat en kijkt naar de schakelaar.
Hoofdstukverwijzing:
naar de desbetreffende hoofdstukken en paragrafen met nadere uitleg wordt met een pijltje verwezen. Het volgende voorbeeld bevat een verwijzing naar een hoofdstuk: (⇒ 8.1)
Markeringen van tekstpassages:
De beschreven aanwijzingen kunnen zoals in de volgende voorbeelden gemarkeerd zijn.
Handelingen waarbij ingrijpen van de gebruiker vereist is:
- Bout (1) met een schroevendraaier losdraaien, hendel (2) activeren ...
Algemene opsommingen:
– productgebruik bij sport- of wedstrijdevenementen
Teksten met aanvullende betekenis:
Tekstpassages met aanvullende betekenis zijn met één van de onderstaand beschreven symbolen gemarkeerd om deze in de gebruiksaanwijzing extra te accentueren.

Gevaar!
Gevaar voor ongevallen en ernstig letsel. Bepaalde handelingen zijn noodzakelijk of verboden.

Waarschuwing!
Gevaar voor lichamelijk letsel. Bepaalde handelingen voorkomen mogelijk of waarschijnlijk letsel.

Voorzichtig!
Minder ernstig letsel of materiële schade dat/die door bepaalde handelingen kan worden voorkomen.

Aanwijzing
Informatie voor een beter apparaatgebruik en om een mogelijk oneigenlijk gebruik te vermijden.
Teksten met afbeeldingverwijzing:
afbeeldingen die het gebruik van het apparaat toelichten, vindt u geheel aan het begin van de gebruiksaanwijzing.
Het camerasymbool koppelt de afbeeldingen op de pagina's met afbeeldingen met het desbetreffende tekstgedeelte in de gebruiksaanwijzing.

2.3 Landspecifieke varianten
STIHL levert afhankelijk van het leveringsland apparaten met verschillende stekkers en schakelaars.
In de afbeeldingen worden apparaten met eurostekkers weergegeven. Apparaten met andere stekkeruitvoeringen worden op dezelfde manier op de voeding aangesloten.
3. Beschrijving van het apparaat

1 Basisapparaat
2 Onderstuk trechter
3 Handgreep
4 Bovenstuk trechter
5 Afsluitschroeven
6 Uitwerpschacht
7 Buisvoet
8 Wiel
9 Schakelaar
10 Trekontlasting
11 Stekker GHE 355
12 Stekker GHE 375
13 Typeplaatje met machinenummer
4. Voor uw veiligheid
4.1 Algemeen

Tijdens de werkzaamheden met het apparaat moeten de voorschriften ter preventie van ongevallen beslist in acht
worden genomen.

Lees vóór de eerste inbedrijfstelling de hele gebruiksaanwijzing goed door. Bewaar de gebruiksaanwijzing
voor later gebruik zorgvuldig op een veilige plaats.
Deze veiligheidsmaatregelen zijn onontbeerlijk voor uw veiligheid, maar deze opsomming is niet uitputtend.
Gebruik het apparaat altijd verstandig en met verantwoordelijkheidsgevoel, en denk erom dat de gebruiker aansprakelijk wordt gesteld voor ongevallen met andere personen of voor schade aan hun eigendommen.

Gevaar voor letsel!
Niet-geïnstrueerde gebruikers kunnen de gevaren van de tuinhakselaar niet herkennen of inschatten. De gebruiker of andere personen kunnen ernstig of dodelijk letsel oplopen.
Maak u vertrouwd met de
bedieningsonderdelen en het gebruik van het apparaat.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt door personen die de gebruiksaanwijzing hebben gelezen en die met de bediening van het apparaat vertrouwd zijn. Elke gebruiker moet vóór de eerste ingebruikname vragen om een deskundige en praktische instructie. De verkoper of een andere deskundige moet aan de gebruiker uitleggen, hoe hij veilig met het apparaat kan werken.
Bij deze instructie moet de gebruiker er vooral bewust van worden gemaakt dat voor het werken met dit apparaat uiterste zorgvuldigheid en concentratie vereist zijn.
Ook wanneer u het apparaat volgens de voorschriften bedient, blijven er risico's bestaan.

Levensgevaar door verstikking! Verstikkingsgevaar voor kinderen bij het spelen met verpakkingsmateriaal. Houd verpakkingsmateriaal altijd buiten het bereik van kinderen.
Leen het apparaat inclusief accessoires alleen uit aan personen die met dit model en de bediening ervan vertrouwd zijn. De gebruiksaanwijzing is onderdeel van het apparaat en moet altijd worden meegegeven.
Controleer of de gebruiker lichamelijk, zintuigelijk en geestelijk in staat is om het apparaat te bedienen en ermee te werken. Als de gebruiker met lichamelijke, zintuigelijke of geestelijke beperkingen daartoe in staat is, mag de gebruiker er alleen onder toezicht of na instructie door een verantwoordelijke persoon mee werken.
Controleer of de gebruiker meerderjarig is of conform nationale regelgeving onder toezicht voor een beroep wordt opgeleid.
Gebruik het apparaat alleen als u uitgerust bent en een goede lichamelijke en geestelijke conditie hebt. Als u een verminderde gezondheid heeft, dient u uw arts te vragen of u met het apparaat kunt werken. Na het gebruik van alcohol, drugs of medicijnen die de reactiesnelheid nadelig beïnvloeden, mag niet met het apparaat worden gewerkt.
Het apparaat is bedoeld voor privé gebruik.
Opgelet – Gevaar voor ongevallen!

STIHL tuinhakselaars zijn geschikt voor het klein hakken van takken en plantenresten. Een andere toepassing is niet toegestaan en kan gevaarlijk zijn of schade aan het apparaat tot gevolg hebben.
U mag de tuinhakselaar niet gebruiken (onvolledige opsomming):
- voor het kleinsnijden van andere materialen (zoals glas of metaal).
- voor werkzaamheden die niet in deze gebruiksaanwijzing worden beschreven.
- voor de productie van levensmiddelen (zoals het klein hakken van ijs of het maken van druivenpulp).
Om veiligheidsredenen is het verboden wijzigingen aan het apparaat aan te brengen, behalve als het gaat om vakkundige montage van accessoires die door STIHL zijn goedgekeurd. Andere wijzigingen leiden tot het vervallen van uw garantie. Neem voor informatie over goedgekeurde accessoires contact op met uw STIHL dealer.
Vooral elke wijziging aan het apparaat waardoor het vermogen, het motortoerental van de elektromotor worden veranderd, is verboden.
Vervoer geen voorwerpen, dieren of personen, met name kinderen, met het apparaat.
Bij het gebruik op openbare terreinen, parken, sportvelden, langs wegen en op land- en bosbouwbedrijven moet u bijzonder behoedzaam te werk gaan.
Laat het apparaat alleen los, als het op een horizontaal vlak staat en niet vanzelf kan wegrollen.
4.2 Waarschuwing - gevaar voor elektrische schokken

Opgelet! Gevaar voor stroomstoten!
Voor de elektrische veiligheid zijn de voedingskabel, stekker, aan- / uit-knop en de aansluitkabel erg belang Beschadigde kabels, koppelingen en stekkers of aansluitkabels die niet aan de voorschriften voldoen, mogen niet gebruikt worden, zodat gevaar voor elektrische schokken kan worden voorkomen.
Controleer de aansluitkabel regelmatig op beschadigingen of slijtage (barsten).

Neem het apparaat uitsluitend met afgerolde voedingskabel in bedrijf.
Bij gebruik van een kabeltrommel moet deze vóór gebruik altijd volledig worden afgerold.
Gebruik nooit een beschadigde verlengkabel. Vervang defecte kabels door nieuwe en repareer verlengkabels niet.
Als de voedingskabel of de verlengkabel tijdens het bedrijf wordt beschadigd, ontkoppelt u de voedingskabel of de verlengkabel onmiddellijk van de stroomvoorziening. Raak nooit de beschadigde voedingskabel of verlengkabel aan.
Gebruik het apparaat nooit als de kabels beschadigd of versleten zijn. Controleer met name de voedingskabel op schade en veroudering.
Onderhouds- en herstellingswerkzaamheden aan voedingskabels mogen alleen door speciaal opgeleide vaklui worden uitgevoerd.

Gevaar voor elektrische schokken!
Een beschadigde kabel mag niet op het stroomnet worden aangesloten en u mag een beschadigde kabel pas aanraken als deze is losgekoppeld.
Raak de snijeenheden (messen) pas aan nadat het apparaat van de voeding is losgekoppeld.
Let er altijd op dat de gebruikte voedingskabels voldoende beveiligd zijn.

Werk niet bij regen of in een natte omgeving.
Gebruik uitsluitend vochtwerende verlengkabels voor buitengebruik die voor het gebruik met het apparaat geschikt zijn (⇒ 10.).
Verwijder de aansluitkabel met de stekker en de stekkerbus en trek niet aan de aansluitkabels zelf.
Laat het apparaat niet onbeschermd in de regen staan.
Bedenk dat het apparaat bij het aansluiten op een stroomaggregaat door spanningsschommelingen kan worden beschadigd.
U mag het apparaat alleen op een voeding aansluiten die beveiligd is door een foutstroombeveiliging met een afschakelstroom van maximaal 30 mA. Voor nadere informatie kunt u terecht bij de elektricien.
4.3 Kleding en uitrusting

Draag tijdens werkzaamheden altijd stevige schoenen met grip. Werk nooit op blote voeten of
bijvoorbeeld op sandalen.

Draag tijdens het werken, bij onderhoudswerkzaamheden, bij het transport van de hakselaar en bij het verhelpen
van storingen altijd nauwsluitende veiligheidshandschoenen met gesloten manchet als bescherming tegen mechanische risico's zoals prikken en snijden. Dit vermindert het risico van handletsel bij het inbrengen van lange of meerdelige takken en bij onderhoud. Geschikte veiligheidshandschoenen zijn getest volgens de norm EN 388 met minstens prestatieniveau X1X2X of volgens de nationale voorschriften en zijn in de handel verkrijgbaar met de overeenkomstige markering (bijv. STIHL veiligheidshandschoenen Advance Duro).

Draag bij werkzaamheden altijd een goed sluitende veiligheidsbril.

Geschikte veiligheidsbrillen zijn op mechanische stevigheid getest volgens de norm EN 166 of volgens nationale
voorschriften en zijn met de bijbehorende aanduiding in de handel verkrijgbaar.

Draag bij werkzaamheden altijd gehoorbescherming.

Geschikte gehoorbescherming is getest volgens de norm EN 352 of volgens nationale voorschriften en is met de
bijbehorende aanduiding in de handel verkrijgbaar.
Draag beide tijdens de gehele duur van de werkzaamheden.

Tijdens het werken met het apparaat geschikte en nauwsluitende kleding dragen, dat wil zeggen overall, geen
stofjas. Draag tijdens het werken met het apparaat geen sjaal, stropdas, sieraden, hangende linten of koorden of andere afstaande kledingstukken.
U dient tijdens de gehele duur van de werkzaamheden en bij alle werkzaamheden aan het apparaat lang haar samen te binden en te bedekken (met een hoofddoek, muts, enz.).
4.4 Transport van het apparaat
Werk uitsluitend met veiligheidshandschoenen (⇒ 4.3) aan om letsel door apparaatonderdelen met scherpe randen te voorkomen.
Het apparaat niet met draaiende elektromotor verplaatsen. Schakel vóór het transport de elektromotor uit, laat de messen uitlopen en trek de stekker los.
Transporteer het apparaat alleen met volgens de voorschriften gemonteerde vultrechter.

Gevaar voor letsel!
De gebruiker kan zich verwonden aan vrijliggende messen.
Let met name bij het kantelen op het gewicht van het apparaat.
Gebruik voor het laden geschikte hulpmiddelen (takel of laadhelling).
Maak met geschikte bevestigingsmaterialen (gordels, kabels, enz.) het apparaat op het laadoppervlak
vast aan de bevestigingspunten, die in deze gebruiksaanwijzing beschreven zijn. (⇒ 12.3)
Machine alleen stapvoets trekken of duwen. Niet wegslepen!
Houd u bij het transport van het apparaat aan de plaatselijke voorschriften, met name wat betreft de laadveiligheid en het transport van voorwerpen op laadoppervlakken.
4.5 Vóór het werken
Het moet duidelijk zijn, dat er alleen personen met het apparaat werken die de gebruiksaanwijzing kennen.
Neem de gemeentelijk voorgeschreven tijden voor het gebruik van tuinapparaten met elektromotor in acht.
Vóór het gebruik van het apparaat moeten alle defecte, versleten en beschadigde onderdelen worden vervangen. Onleesbare of beschadigde waarschuwingsaanwijzingen op het apparaat moeten worden vervangen. Stickers en alle verdere vervangingsonderdelen zijn verkrijgbaar bij uw STIHL vakhandelaar.

Kans op letsel!
Versleten of beschadigde onderdelen (zoals botte messen) kunnen de veiligheid van het apparaat aantasten en letsel veroorzaken bij de gebruiker.
Vóór de inbedrijfstelling moet het volgende worden gecontroleerd en verzekerd:
- Het apparaat verkeert in goede staat. Dit betekent dat de afdekkingen en veiligheidsvoorzieningen op hun plaats zitten en in onberispelijke staat verkeren.
- De elektrische verbinding wordt gemaakt met een juist geïnstalleerd stopcontact.
- De isolatie van aansluiting en de verlengkabel, de aansluitstekker en de koppeling verkeert in onberispelijke staat.
- Het gehele apparaat (behuizing van de elektromotor, veiligheidsvoorzieningen, bevestigingselementen, messen, messenas, messenschijven enz.) is niet versleten of beschadigd.
- Er bevindt zich geen hakselgoed meer in het apparaat en de vultrechter is leeg.
- Alle bouten, moeren en andere bevestigingselementen zijn aanwezig of aangehaald. Losgemaakte bouten en moeren moeten voor de ingebruikstelling worden aangehaald (houd het aanhaalmoment aan).
- De voorkeuzeschakelaar is gebruikt om het type hakselgoed (hard of zacht materiaal) vooraf in te stellen.
De instelling van het type hakselgoed bepaalt de draairichting van de messen. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugstuitend hakselgoed indien de instelling onjuist is.
Gebruik het apparaat alleen buiten en niet bij een muur of een ander vast voorwerp, om de kans op letsel en schade te

Gevaar voor letsel!
verkleinen (geen uitwijkmogelijkheden voor de gebruiker, glasbreuk in ruiten, krassen op auto's, enz.).
Zet het apparaat stevig op een vlakke en vaste ondergrond.
Gebruik het apparaat niet op een geplaveid of met grind bedekt oppervlak, want uitgeworpen of omhoog geslingerd materiaal kan dan verwondingen veroorzaken.
Zorg elke keer vóór de ingebruikname ervoor dat het apparaat conform de voorschriften is afgesloten. (⇒ 11.3)
Maak uzelf vertrouwd met de aan- / uitschakelaar, opdat u in noodsituaties snel en juist kunt reageren.
De beschermkap in de vultrechter moet de vulopening bedekken en onbeschadigd zijn - vervang de beschermkap indien deze defect is.

Gevaar voor letsel!
Gebruik het apparaat uitsluitend volgens de voorschriften in gemonteerde staat. Als er onderdelen aan het apparaat ontbreken (bijv. wielen), worden de voorgeschreven veiligheidsafstanden niet meer aangehouden en kan het apparaat ook minder stabiel zijn. Het apparaat moet vóór ingebruikname visueel worden gecontroleerd op zijn goede staat!
Correct betekent dat het apparaat volledig in elkaar is gezet, in het bijzonder betekent dit:
– Bovenstuk trechter is om het trechtervoetstuk gemonteerd,
- De vultrechter is op het basisapparaat gemonteerd en beide afsluitschroeven zijn strak met de hand aangedraaid,
– De wielvoet is volledig gemonteerd,
– Beide wielen zijn gemonteerd, - Alle beschermende delen (uitwerpschacht, beschermkap enz.) moeten aanwezig en in goede staat zijn,
- De snij-eenheid (messenschijf) is gemonteerd,
- Alle messen zijn correct gemonteerd.
De op het apparaat geïnstalleerde schakel- en veiligheidsinrichtingen mogen niet worden verwijderd of overbrugd.
Inspecteer de messenschijf op beschadigingen en vervormingen en vervang deze indien nodig.
4.6 Tijdens het werken

Werk nooit als er zich dieren of personen, in het bijzonder kinderen, binnen het gevaarlijke gebied bevinden.
Werk niet met het apparaat bij regen, onweer en met name niet bij blikseminslaggevaar.
Bij een vochtige ondergrond is er meer gevaar voor letsel, omdat de gebruiker minder stabiel staat.
Om uitglijden te voorkomen moet er bijzonder voorzichtig worden gewerkt. Indien mogelijk het apparaat niet op een vochtige ondergrond gebruiken.
Werk alleen bij daglicht of bij goede kunstverlichting.
Het werkgebied moet tijdens de gehele duur van de werkzaamheden schoon en in orde worden gehouden. Verwijder voorwerpen met struikelgevaar, zoals stenen, takken, kabels enz.
De standplaats van de gebruiker mag niet hoger dan de standplaats van het apparaat zijn.
Starten:
Voor het starten het apparaat in een stabiele stand brengen en rechtop neerzetten. Het apparaat mag in geen geval liggend in gebruik worden genomen.
Start het apparaat voorzichtig, volgens de aanwijzingen in het hoofdstuk "Apparaat in gebruik nemen". (⇒ 10.5)
Blijf bij het starten van de verbrandingsmotor of het inschakelen van de elektromotor uit de buurt van de uitwerpopening. Er mag geen hakselmateriaal in de tuinhakselaar aanwezig zijn als deze wordt gestart of ingeschakeld. Hakselmateriaal kan eruit worden geslingerd en letsel veroorzaken.
Bij het starten mag het apparaat niet worden gekanteld.
Herhaaldelijke inschakelingen binnen korte tijd, met name "spelen" met de aan- / uit-schakelaar, dienen te worden vermeden.
Gevaar voor oververhitting van de elektromotor!
De door dit apparaat veroorzaakte spanningsschommelingen bij het starten kunnen bij ongunstige omstandigheden op het net storingen veroorzaken bij andere inrichtingen die op dezelfde stroomkring zijn aangesloten.
In dit geval moeten passende maatregelen worden genomen (bijv. aansluiting op een
andere stroomkring dan de betroffen inrichting, gebruik van het apparaat op een stroomkring met een lagere impedantie).
Werken:

Kans op letsel!
Houd handen of voeten nooit boven, onder of tegen draaiende onderdelen.
Houd na het starten van het apparaat nooit het gezicht of andere lichaamsdelen boven de vultrechter en vóór de uitworpopening. Houd uw hoofd en lichaam nooit dicht bij de vulopening.

Grijp nooit met de handen, andere lichaamsdelen of kleding in de vultrechter of de
uitworpschacht. Er heerst groot verwondingsgevaar voor de ogen, het gezicht, vingers, hand enz.
Zorg altijd voor een goed evenwicht en een stabiele houding. U mag zich niet naar voren strekken.
De beschermkap mag tijdens het bedrijf niet worden gemanipuleerd (o.a. verwijderd, omhoog geklapt, ingeklemd, beschadigd).
De gebruiker moet voor het vullen in het beschreven werkgebied van de bediener staan. Blijf tijdens de gehele duur van de werkzaamheden altijd in het werkgebied en in geen geval in de uitworpzone.
Hakselmateriaal kan tijdens het gebruik terug naar boven toe geslingerd worden. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen aan gezicht, ogen en handen. Draag daarom een veiligheidsbril en veiligheidshandschoenen (⇒ 4.3) en houd het hoofd uit de buurt van de vulopening.
Kantel het apparaat nooit als de elektromotor draait.
Als het apparaat tijdens het gebruik omvalt, moet u direct de motor uitschakelen en de stekker loskoppelen.
Als u tijdens het werken met het apparaat het type hakselmateriaal verandert, schakel het apparaat dan uit en wacht tot de messen stilstaan. Zet vervolgens de voorkeuzeschakelaar op het gewijzigde materiaaltype (hard materiaal of zacht materiaal).
Na het indrukken van de voorkeuzeschakelaar op een werkende machine kan deze pas na 6 seconden weer in bedrijf worden genomen.
Let erop, dat in de uitwerpschacht geen hakselmateriaal achterblijft, omdat dit tot een slecht snijresultaat of terugslagen kan leiden.
Let er bij het vullen van de tuinhakselaar vooral op, dat geen vreemde voorwerpen zoals metalen voorwerpen, stenen, kunststof, glas, enz. in de hakselkamer kunnen komen, omdat deze beschadigingen en terugslagen uit de vultrechter kunnen veroorzaken.

Kans op letsel!
Bij het vullen van de tuinhakselaar met takken kunnen er terugslagen ontstaan. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugschietend hakselgoed en vreemde voorwerpen. Houd vreemde voorwerpen uit de buurt van het apparaat en verwijder verstoppingen onmiddellijk. Draag veiligheidshandschoenen en een veiligheidsbril (⇒ 4.3).

Houd rekening met de uitloop van het snijgereedschap. Het duurt enkele seconden voordat het snijgereedschap helemaal tot stilstand is gekomen.
Sluit de elektromotor af, trek de stekker uit en laat alle draaiende werktuigen tot stilstand komen,
- voor u het apparaat verlaat of het apparaat onbeheerd achterlaat,
- voordat u het apparaat verplaatst, opheft, draagt, kipt, verschuift of trekt,
- voordat u de afsluitschroeven losdraait en het apparaat opent;
- voordat u het apparaat transporteert,
- voordat u blokkades opheft of verstoppingen bij de snijeenheid, in de vultrechter of in het uitwerpkanaal verwijdert;
- voordat er werkzaamheden aan de messenschijf worden verricht;
- voordat het apparaat getest of gereinigd wordt of voordat sommige werkzaamheden uitgevoerd worden.
Indien in het snijgereedschap vreemde voorwerpen geraken, indien het apparaat vreemde geluiden maakt of vreemde trillingen vertoont, schakel dan
onmiddellijk de elektromotor uit en laat het apparaat uitlopen. Trek de stekker los, verwijder de vultrechter en doorloop de volgende stappen:
- controleer het apparaat, in het bijzonder de snijeenheid (messen, messenschijf, meshouder, mesbout, klemring), op beschadigingen of slijtage en laat de noodzakelijke reparaties en onderhoudswerkzaamheden door een vakman uitvoeren, voordat u het apparaat opnieuw start en ermee gaat werken.
- Controleer of alle onderdelen van de snijeenheid stevig vastzitten en draai de schroeven eventueel opnieuw aan (aandraaimomenten aanhouden).
- Laat de beschadigde en versleten onderdelen door een vakman vervangen of herstellen, waarbij de onderdelen een bewezen gelijkwaardige kwaliteit dienen te hebben.
4.7 Onderhoud en reparaties

Zet het apparaat op een stevige, vlakke ondergrond, schakel de elektromotor uit en trek de netstekker eruit, voordat u onderhoudswerkzaamheden (reiniging, herstelling enz.) verricht, voordat u controleert of de aansluitkabel verstrengeld of beschadigd is.
Laat het apparaat vóór alle onderhoudswerkzaamheden ca. 5 minuten afkoelen.
De voedingskabel mag uitsluitend door erkende elektriciens worden hersteld of worden vervangen.
Bedenk vóór het onderhoud aan het snijgereedschap dat het snijgereedschap ondanks de blokkering nog kan blijven draaien, ook als de voeding uitgeschakeld is.
Als onderdelen of veiligheidsvoorzieningen voor onderhoudswerkzaamheden zijn verwijderd, moeten deze weer meteen en correct worden aangebracht.
Reiniging:
na gebruik moet het gehele apparaat zorgvuldig worden gereinigd. (⇒ 11.1)
Gebruik nooit hogedrukreinigers en reinig het apparaat niet onder stromend water (bijvoorbeeld met een tuinslang). Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen. Dergelijke reinigingsmiddelen kunnen kunststoffen en metalen zodanig beschadigen dat de veiligheid van uw STIHL apparaat mogelijk in het geding komt.
Onderhoudswerkzaamheden:
Er mogen alleen onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd die in deze gebruiksaanwijzing vermeld staan. Alle andere werkzaamheden dient u door een vakhandelaar te laten uitvoeren. Neem altijd contact op met een vakhandelaar als u niet over de vereiste kennis en gereedschappen beschikt. STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend door de STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren. STIHL vakhandelaren volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld.
Gebruik uitsluitend gereedschappen, accessoires of combi-apparaten die voor dit apparaat door STIHL zijn goedgekeurd of technisch gelijkwaardige onderdelen, om de kans op ongevallen met letsel of schade aan het apparaat te voorkomen. Neem bij vragen contact op met een vakhandelaar.
Originele STIHL gereedschappen, accessoires en vervangingsonderdelen zijn wat betreft hun eigenschappen optimaal op het apparaat en de behoeften van de gebruiker afgestemd. Originele STIHL vervangingsonderdelen zijn herkenbaar aan het STIHL onderdeelnummer, het STIHL logo en eventueel het STIHL symbool op de onderdelen. Op kleine onderdelen kan ook alleen het teken staan.
Houd waarschuwings- en instructiestickers altijd leesbaar en schoon. Beschadigde of verloren gegane stickers moeten via uw STIHL vakhandelaar door nieuwe originele stickers worden vervangen. Let er bij het vervangen van een onderdeel door een nieuw onderdeel op dat het nieuwe onderdeel van dezelfde stickers is voorzien.
Werk aan de snijeenheid uitsluitend met veiligheidshandschoenen ( 4.3) en met de uiterste voorzichtigheid.
Zorg dat alle moeren, bouten en schroeven, met name alle schroeven in de snijeenheid, goed zijn vastgedraaid, zodat u de machine veilig kunt gebruiken.
Inspecteer het gehele apparaat op gezette tijden, in het bijzonder voor de opslag van het apparaat (bijv. voor de winterpauze), op slijtage en beschadigingen. Versleten of beschadigde onderdelen moeten om veiligheidsredenen direct worden vervangen, om ervoor te zorgen dat het apparaat altijd in veilige staat is.
4.8 Opslag bij langdurige bedrijfsonderbrekingen
Laat het apparaat ca. 5 minuten afkoelen voordat u het in een gesloten ruimte plaatst.
Controleer of het apparaat tegen gebruik door onbevoegden (bijv. kinderen) is beveiligd.
Reinig het apparaat voor het opslaan (bijv. winterpauze) grondig.
Sla het apparaat in een veilige staat op.
Sla het apparaat zodanig op een horizontale ondergrond op, dat het niet per ongeluk kan wegrollen.

Gevaar voor letsel door vrijliggende messen!
Sla tuinhakselaars alleen met gemonteerde vultrechter op.
4.9 Afvoer
Afvalproducten kunnen schadelijk zijn voor mens, dier en milieu en moeten daarom deskundig worden afgevoerd.
Neem contact op met het milieupark of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.
Voer een apparaat aan het eind van de levensduur ervan op de daarvoor bestemde wijze af. Maak het apparaat onbruikbaar voordat het als afval wordt verwerkt. Verwijder ter voorkoming van ongevallen met name de voedingskabel resp. de aansluitkabel naar de elektromotor.
5. Toelichting van de symbolen

Let op!
Lees vóór inbedrijfstelling de gebruiksaanwijzing.

Kans op letsel!
Houd andere personen uit de gevarenzone.

Gevaar voor letsel!
Ronddraaiende onderdelen! Houd handen en voeten niet in openingen wanneer het apparaat in werking is.

Gevaar van letsel!
Schakel de elektromotor uit en trek de voedingskabel uit het apparaat, voordat u werkzaamheden aan het snijgereedschap verricht, voordat u onderhouds- en reinigingswerkzaamheden verricht, voordat u controleert of de aansluitkabel verstrengeld of beschadigd is en voordat u het apparaat onbeheerd achterlaat.

Gevaar voor letsel!
Teruggestoten takken en hakselgoed kunnen handen of vingers doorboren.

Draag gehoorbescherming en een veiligheidsbril (⇒ 4.3).

Draag veiligheidshandschoenen, (→ 4.3).

Werk niet bij regen of in een natte omgeving.

Kans op letsel!
Het snijgereedschap draait na. Wacht tot het snijgereedschap tot stilstand is gekomen.

Kans op letsel!
Niet op het apparaat stappen.

Gevaar voor letsel!
Grijp nooit met de handen, andere lichaamsdelen of kleding in de vultrechter of de uitworpschacht.

Voer het harde materiaal in de vultrechter schuin van rechtsboven naar linksonder naar de messenset.

Gevaar voor letsel!
Steek nooit hard materiaal op een andere manier in dan beschreven.

Gevaar voor letsel!
Voer het harde materiaal in de vultrechter schuin van rechtsboven naar linksonder in de richting van de messenset. Steek nooit hard materiaal in het gemarkeerde gebied.

Voer het harde materiaal in de vultrechter schuin van rechtsboven naar linksonder naar de messenset.

Gevaar voor letsel!
Gevaar dat hakselgoed terugslaat. Houd andere personen uit de gevarenzone. Minimale afstand 15 m.

Voorselectie van hard materiaal voor het hakselen van boom- en heggensnoeisel en van dikke en vertakte takken.

Voorselectie van zacht materiaal voor het hakselen van organische plantenresten zoals groente- en fruitafval, snijresten van bloemen, bladeren, enzovoort.

Na het indrukken van de voorkeuzeschakelaar op een werkende machine kan deze pas na 6 seconden weer in bedrijf worden genomen.
6. Leveringsomvang

Pos. Omschrijving Aant.
A Basismachine met onderstuk van trechter 1
B Bovenstuk van de trechter 1
C Wielas 1
D Wielvoet 1
E Wielaanslag 2
F Bout M6 x 55 2
G Inbusmoer 2
H Wiel 2
I Wielkap 2
J Wielplug 2
K Spanpen 2
L Snijbout P6 x 50 2
M Uitwerpklep 1
N Uitwerpverlenging 1
O Lijst 1
P Pen 2
Q Torxbout P5 x 20 3
R Torxbout P5 x 10 2
S Veiligheidsbout 3
T Montagegereedschap 1
• Gebruiksaanwijzing 1
7. Apparaat klaarmaken voor gebruik

Voorkom schade aan de machine!
Om schade aan de machine te voorkomen, moeten alle aandraaimomenten in het volgende hoofdstuk "De machine klaarmaken voor gebruik" precies worden aangehouden.
7.1 Wielas en wielen monteren

- Monteer de wielas (C) met 3 wielaanslagen (E), bouten (F) en inbusmoeren (G) op de wielvoet (D) en schroef deze met montagegereedschap (T) vast (4 - 6 Nm).
- Schuif het wiel (H) op de gemonteerde wielas.
- Schuif de wielplug (J) erin en bevestig deze door inslaan van de spanpen (K).
• Breng de wielkap (I) aan. - Herhaal de procedure aan de andere kant.
7.2 Loopstuk en uitwerpschacht monteren

1 Uitworpverlengstuk monteren
- Basisapparaat (A) zoals afgebeeld op een ong. 15-20 cm hoge houtblok leggen.
- Uitwerpverlengstuk (N) met haak (1) achter in de openingen (2) van het basistoestel (A) hangen en zo naar onder draaien dat het voorste deel van het basistoestel juist in de opening van het uitworpverlengstuk ligt.
- Schroeven (R) in de koepel van de haak (1) inschroeven (1 - 2 Nm).
2 Onderstel monteren
- Schuif het onderstel met beide wielvoeten (3) tot aan de aanslag in de geleidingen op de basismachine (4).
- Druk de wielvoet met de bocht (5) in de uitsparing op de uitworpverlenging (6).
- Steek de bouten (L) door de openingen in de wielvoeten (7) en haal deze aan (3 - 4 Nm).
3 Lijst monteren

De bocht van de wielvoet (5) moet precies in de uitsparingen van de uitwerpverlenging (6) liggen.
- Leg de lijst (O) erop en draai de bouten (Q) erin (1 - 2 Nm).
• Machine overeind zetten.
4 Uitwerpklep monteren
- Haak de uitwerpklep (M) vast en druk de pen (P) erin (gebruik evt. een kunststof hamer). Zorg er bij het vasthaken voor dat de ribben (8) links en rechts aan de binnenkant van de uitwerpklep, elk precies in de geleidegroef van de uitwerpverlenging (9) liggen.
7.3 Uitworpklep openen en sluiten

Open de uitworpklep:
- Voordat u begint met hakselen moet u de uitwerpklep (1) omhoog klappen en de sluitbeugel (2) in de uitwerpverlenging vastklikken.
Uitworpklep sluiten:
- Wanneer u het apparaat wilt transporteren of op een plaatsbesparende manier wilt opslaan, moet u de sluitbeugel (2) licht optillen en de uitwerpklep (1) omlaag klappen.
7.4 Bovenstuk trechter monteren


De trechter kan alleen met speciaal gereedschap door een vakhandelaar worden gemonteerd. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.
- Zet het bovenstuk van de trechter (B) op het onderstuk van de trechter (1).
- Klap de beschermkap (2) zoals afgebeeld omhoog en houd deze vast.
- Draai de bouten (S) in.
8. Aanwijzingen voor werken
8.1 Welk materiaal kan er worden verwerkt?
Met de tuinhakselaar GHE 355 kan zowel zacht materiaal als hard materiaal worden verwerkt.
Zacht materiaal:
organisch materiaal zoals fruit- en groenteafval, bloemenresten, bladeren enz.
Hard materiaal:
boom- en heggensnoeisel en dik en vertakt materiaal.

Gevaar voor letsel!
Boom- en heggensnoeisel moet in verse toestand worden verwerkt, omdat het hakselvermogen bij vers hakselgoed hoger is dan bij uitgedroogd materiaal. De verwerking van droog hard materiaal verhoogt het risico van terugslag. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugspringende takken.

Gevaar voor letsel!
Let bij het hakselen van hard materiaal op de juiste instelling van het hakselmateriaal op het apparaat ( 10.7). De instelling van het type hakselgoed bepaalt de draairichting van de messen. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugstuitend hakselgoed indien de instelling onjuist is.
8.2 Welk materiaal kan niet worden verwerkt?
Stenen, glas, metaal (draad, spijkers ...) of kunststof mogen niet in de tuinhakselaar komen.
Hoofdregel:
materialen die niet op de compost horen, mogen ook niet met de tuinhakselaar worden verwerkt.
8.3 Maximale diameter van de takken
Maximale diameter van de takken GHE 355: 35 mm GHE 375: 40 mm

Wanneer meerdere dunne takken tegelijk worden ingebracht, mag de som van de afzonderlijke takdiameters niet groter zijn dan de maximale takdiameter.
De beste hakselprestaties worden verkregen met vers gemaaid boom- en heggensnoeisel.
8.4 Werkgebied van de gebruiker
De gebruiker moet zich tijdens de 7 gehele duur van de werkzaamheden om veiligheidsredenen in het aangegeven werkgebied bevinden (grijs gebied A). Dit bevindt zich aan de rechterkant (1) van de tuinhakselaar.
Ga iets opzij van de vultrechter staan om hakselmateriaal bij te vullen.

Gevaar voor letsel!
De schuin geplaatste messenset kan hard materiaal laten terugslaan! De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugslaand hard materiaal. Ga nooit direct achter de vultrechter staan om letsel door terugslag te voorkomen.
8.5 Juiste vulling van de tuinhakselaar


Gevaar voor letsel!
De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugslag van hakselmateriaal als het type hakselmateriaal verkeerd is ingesteld. Controleer voor het vullen van de hakselaar, met draaiende motor, het display op voorkeuze van het hakselmateriaal en corrigeer dit indien nodig ( 8.6).

Gevaar voor letsel!
De schuin geplaatste messenset kan takken laten terugslaan! De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugspringende takken. Vul de tuinhakselaar op de juiste manier om letsel door terugslande takken te voorkomen.
Vul de tuinhakselaar met hakselmateriaal vanuit werkgebied A (⇔ 8.4) (kijkend naar de schakelaar).
Voer het harde materiaal volgens het symbool (1) in de vultrechter schuin van rechtsboven naar linksonder in de richting van de messenset. Er mag geen hard materiaal in het gemarkeerde gebied (2) worden gebracht.
Let bij het vullen met hard materiaal op de maximaal aangegeven diameter van de takken. Snoei takken met een sterke vertakking en verwijder zijscheuten.
8.6 Display

Het op het display weergegeven symbool geldt alleen bij een draaiende elektromotor. Schakel daarom voor de controle van het display de tuinhakselaar in. (⇒ 10.5)
Na het inschakelen van de tuinhakselaar wordt op het display (1) het te verwerken hakselmateriaal door de volgende symbolen aangegeven:

Hard materiaal: boom- en heggensnoeisel en dik en vertakt materiaal.
Zacht materiaal: organisch materiaal zoals fruit- en groenteafval, bloemenresten, bladeren enz.
8.7 Juiste belasting van het apparaat
De elektromotor of verbrandingsmotor van de tuinhakselaar mag maar zo zwaar belast worden dat het toerental niet te veel daalt. Vul de tuinhakselaar steeds gelijkmatig en continu. Daalt het toerental tijdens het werken met de tuinhakselaar, stop dan met bijvullen om de elektromotor of de verbrandingsmotor te ontlasten.
8.8 Overbelastingsbeveiliging
Treedt tijdens de werkzaamheden een overbelasting op, dan schakelt de thermische overbelastingsbeveiliging de elektromotor automatisch uit.
Na een afkoelperiode van ca. 10 minuten kan de tuinhakselaar opnieuw in bedrijf worden genomen. In geval van frequent triggeren van de overbelastingsbeveiliging kunnen volgende oorzaken aan de basis liggen:
– Niet-geschikte aansluitkabel (⇒ 10.1)
- Overbelasting van het net
- Apparaat is overbelast door te veel hakselmateriaal of door botte messen
8.9 Wat moet ik doen als de snijeenheid van de tuinhakselaar blokkeert?
Als de snijeenheid van de tuinhakselaar tijdens het hakselen blokkeert, moet u de elektromotor onmiddellijk uitschakelen en de aansluitkabel loskoppelen van het stroomnet. Verwijder vervolgens de vultrechter en los de oorzaak van de storing op.
9. Veiligheidsvoorzieningen
9.1 Startblokkering elektromotor
Het apparaat kan alleen met de schakelaar in werking worden gesteld en niet door de aansluitkabel in het stopcontact te steken.
9.2 Veiligheidsvergrendeling
De elektromotor resp. het snijgereedschap mag alleen bij een correct afgesloten vultrechter worden gestart. Bij het losdraaien van de rechter afsluitschroef (van voren naar het apparaat gezien) tijdens de werking schakelt de
elektromotor zichzelf uit en komt het hakselgereedschap na enkele seconden tot stilstand.
9.3 Uitlooprem elektromotor
De uitlooprem van de elektromotor verkort de uitlooptijd van het uitschakelen tot de stilstand van de messen tot een paar seconden.
9.4 Beschermkappen
De tuinhakselaar is voorzien van beschermkappen in het vul- en uitworpgebied. Dit zijn de gehele vultrechter met bovenstuk en beschermkap, de uitworpverlenging en de uitworpklep.
De beschermkappen zorgen ervoor dat u tijdens het hakselen altijd op veilige afstand van de hakmessen blijft.
10. Apparaat in gebruik nemen

Lees vóór het in gebruik nemen van de tuinhakselaar het hoofdstuk "Voor uw veiligheid" (⇔ 4.) zorgvuldig door en volg alle veiligheidsinstructies op.
- Schakel de elektromotor alleen in zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing. (⇒ 10.5)
10.1 Tuinhakselaar aansluiten

Leef alle veiligheidsvoorschriften van het hoofdstuk "Waarschuwing – gevaar voor elektrische schokken" (⇒ 4.2) na.
De tuinhakselaars in de uitvoering met stekker voor Groot-Brittannië hebben een 10 m lange aansluitkabel met een speciale stekker.
In deze stekker voor Groot-Brittannië is een stekkerzekering geïntegreerd.
De voedingsspanning en bedrijfsspanning moeten overeenkomen (zie typeplaatje).
De voedingskabel moet voldoende met een zekering beveiligd zijn. (⇒ 17.)
Als aansluitkabel mogen alleen leidingen gebruikt worden die niet lichter zijn dan rubberslangen H07 RN-F DIN/VDE 0282.
De aansluitingen moeten spatwaterdicht zijn. Ongeschikte verlengkabels leiden tot vermogensverliezen en kunnen schade aan de elektromotor veroorzaken.
De kleinste doorsnede van de voedingskabel moet 3 x 1,5 mm² zijn bij een lengte tot 25 m of 3 x 2,5 mm² bij een lengte tot 50 m zijn.
De koppelingen van de aansluitkabel moeten van rubber zijn, of met rubber overtrokken, en aan de norm DIN/VDE 0620 voldoen.
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik op een voedingsnet met een systeemimpedantie Z_max op het overdrachtspunt (huisaansluiting) van maximaal 0,435 ohm (bij 50 Hz). De gebruiker moet ervoor zorgen dat het apparaat alleen wordt gebruikt op een voedingsnet dat aan deze eisen voldoet. Indien nodig kan de systeemimpedantie bij het lokale energiebedrijf worden opgevraagd.
Voor meer informatie over de netaansluiting kunt u terecht bij de installateur.
10.2 Voedingskabel aansluiten


Bij de keuze van een aansluitkabel dient u alle punten in het hoofdstuk "Apparaat aansluiten" (⇒ 10.1) op te volgen.
GHE 355:
- Sluit de koppeling van voedingskabel op de 3-polige stekker (1) van het apparaat aan.
GHE 375:
- Sluit de koppeling van voedingskabel op de 5-polige stekker (2) van het apparaat aan.
10.3 Voedingskabel loskoppelen

Koppel de voedingskabel alleen los door aan de koppeling te trekken. Trek nooit aan de kabel.
Bij het loskoppelen van de voedingskabel van een werkende tuinhakselaar kan de tuinhakselaar pas na 12 seconden vertragingstijd weer in gebruik worden genomen.
10.4 Trekontlasting
Tijdens het werken voorkomt de trekontlasting het onbedoeld lostrekken van de aansluitkabel en daardoor mogelijke schade aan de voedingsaansluiting op het apparaat. Hiertoe moet de aansluitkabel door de trekontlasting worden geleid.

Haak de kabel in de trekontlasting vast:
• Voedingskabel aansluiten. (⇒ 10.2)
- Met aansluitkabel (1) een lus vormen en door de opening (2) geleiden.
- Leg de lus over de haak (3) heen en trek deze aan.
Haak de kabel uit de trekontlasting:
- Haal de lus van de voedingskabel van haak (3).
- Trek de lus van de voedingskabel (1) uit opening (2).
- Koppel de voedingskabel zo nodig los. (⇒ 10.3)
10.5 Tuinhakselaar inschakelen


Gevaar voor letsel!
Er mag zich in het apparaat geen hakselmateriaal bevinden, omdat dit bij het inschakelen eruit kan worden geslingerd.
De blokkering van de messenschijf moet altijd op de aanslag teruggeklapt zijn. (⇒ 11.6)

Als de voorkeuzeschakelaar in verticale positie staat (midden), kan de tuinhakselaar niet worden ingeschakeld.
- Netstroom inschakelen. (⇒ 10.2)
- Op de groene knop (1) aan de schakelaar drukken.
De tuinhakselaar werkt.
10.6 Tuinhakselaar uitschakelen


Schakel de elektromotor pas uit als er zich geen hakselgoed meer in het apparaat bevindt. Anders kan de messenschijf bij het weer in gebruik nemen, blokkeren.
- Op de rode knop (1) aan de schakelaar drukken.
De elektromotor van de tuinhakselaar wordt uitgeschakeld en automatisch afgeremd.

Let erop dat na het uitschakelen van de elektromotor het werkgereedschap nog even blijft doorlopen. Het duurt enkele seconden voordat het apparaat helemaal tot stilstand is gekomen.
10.7 Voorkeuzeschakelaar

Met de tuinhakselaars GHE 355 en GHE 375 kan zowel zacht materiaal als hard materiaal worden verwerkt. Draai aan de voorkeuzeschakelaar om de hakselmethode in te stellen.

Bij het indrukken van de voorkeuzeschakelaar op een werkende machine of na het uitschakelen van de machine in de nalooptijd van de elektromotor (elektromotor staat nog niet stil), kan de tuinhakselaar om veiligheidsredenen pas na een vertragingstijd van 6 seconden weer worden ingeschakeld. (⇒ 10.5)

Pas na het inschakelen van de tuinhakselaar wordt op het display het verwerkbare hakselmateriaal correct aangegeven.

Kans op letsel!
De instelling van het type hakselgoed bepaalt de draairichting van de messen. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugstuitend hakselgoed indien de instelling onjuist is.
Afstelling controleren:
- Schakel de tuinhakselaar in. (⇒ 10.5) Op het display (1) verschijnt het symbool voor het momenteel ingestelde verwerkbare hakselmateriaal. (⇒ 8.6)
Afstelling wijzigen:
- Schakel de tuinhakselaar uit en wacht totdat de snijeenheid tot stilstand is gekomen. (⇒ 10.6)
- Draai de voorkeuzeschakelaar (2) 180°.
- Schakel de tuinhakselaar weer in.
(⇒ 10.5)
Op het display (1) verschijnt het symbool voor het momenteel ingestelde verwerkbare hakselmateriaal. (⇒ 8.6)
10.8 Hakselen
- Schuif de tuinhakselaar op een vlakke en stevige ondergrond en zet deze in een veilige positie.
- Trek veiligheidshandschoenen aan en zet een veiligheidsbril en gehoorbescherming op. (⇒ 4.3)
-
Open de uitwerpklep. (⇒ 7.3)
-
Sluit de voedingkabel aan op de tuinhakselaar. (⇒ 10.2)
• Schakel de tuinhakselaar in. (⇒ 10.5) - Wachten tot de tuinhakselaar het maximum toerental (stationair toerental) bereikt heeft.
- Controleer of het te verwerken hakselgoed (hard materiaal of zacht materiaal) met het symbool op het display overeenkomt. (⇒ 8.6)
- Wijzig de instelling als de melding niet overeenkomt. (⇒ 10.7)
- Tuinhakselaar op de juiste manier met hakselgoed vullen. (⇒ 8.5)
• Tuinhakselaar uitschakelen. (⇒ 10.6)

Gevaar voor letsel!
Als hard materiaal wordt gehakseld met de instelling voor zacht materiaal, kan een sterke terugslag optreden. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugslaand hakselgoed.
11. Onderhoud

Gevaar voor letsel!
Trek vóór alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden en vóór werkzaamheden aan de snijeenheid altijd de voedingskabel eruit zodat de elektromotor niet per ongeluk kan worden ingeschakeld.


Gevaar voor letsel!
Werk uitsluitend met veiligheidshandschoene n. ( 4.3)

Raak de messen nooit aan voordat ze volledig stilstaan.
Neem altijd contact op met uw dealer als u niet over de vereiste kennis of gereedschappen beschikt.
STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij de STIHL dealer te laten uitvoeren.
STIHL raadt aan originele STIHL reserveonderdelen te gebruiken.
11.1 Apparaat reinigen

Onderhoudsinterval: na elk gebruik
Reinig het apparaat na elk gebruik grondig. Door uw apparaat voorzichtig te behandelen, beschermt u het tegen beschadigingen en verlengt u de levensduur.

Richt waterstralen nooit op onderdelen van de elektromotor, pakkingen, lagers en elektrische onderdelen zoals
schakelaars. Dit kan leiden tot dure reparaties.

Als u vuil en aangekoekte resten niet met een borstel, vochtige doek of houten stok kunt verwijderen, raadt STIHL aan een speciaal
reinigingsmiddel te gebruiken (zoals STIHL speciale reiniger).
Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen.
Maak de messenschijven regelmatig schoon.
Het apparaat mag alleen in de afgebeelde positie worden gereinigd.
• Demonteer de vultrechter. (⇒ 11.4)
Verwijder de vuile deeltjes in de koelluchttoevoer (ventilatiesleuven) op de behuizing van de elektromotor, zodat er voldoende koeling van de elektromotor gegarandeerd kan worden.
11.2 Service-intervallen
Wij raden aan om uw tuinhakselaar jaarlijks door een vakhandelaar te laten onderhouden.
STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.
11.3 Vultrechter monteren

Gevaar voor letsel! Werk uitsluitend met veiligheidshandschoene n! (⇒ 4.3)
Voor de montage van de vultrechter ervoor zorgen dat de snijeenheid niet door de blokkering is vergrendeld.
- Vultrechter (1) in de bevestigingsshaken van het basistoestel (2) hangen en naar voor zwenken.
- Draai de afsluitschroeven (3) erin en draai deze vast.

Inspecteer na de montage visueel of de vultrechter goed in de bevestigingsshaken vastgehaakt is.
11.4 Vultrechter demonteren


Gevaar voor letsel!
Koppel voor het openen van de afsluitschroeven altijd de netstekker los. Werk uitsluitend met veiligheidshandschoenen! (⇒ 4.3)
- Draai de afsluitschroeven (1) los en eruit.
- Klap de vultrechter (2) naar achteren en verwijder deze.
11.5 Service-interval messenset
Onderhoudsinterval: voor elk gebruik
Messenset (bestaande uit messenschijf, hakselmessen, borgring, klemring en schroef) op slijtage, scheuren of andere beschadigingen en op goed vastzitten controleren. Vervang versleten of beschadigde onderdelen. Draai losse schroeven en moeren aan (let op het koppel).
11.6 Messenset demonteren


Gevaar voor letsel! Werk uitsluitend met veiligheidshandschoene n! (⇔ 4.3)

Raak de messen nooit aan voordat ze volledig stilstaan.
1 Messenschijf vastmaken
• Demonteer de vultrechter. (⇒ 11.4)
- Draai de messenschijf (1) in de weergegeven positie en klap de blokkering (2) tot aan de aanslag omhoog.
- Maak bout (3) met behulp van het montagegereedschap (T) los en draai deze volledig los.
- Neem de bout (3), de borgring (4) en de klemring (5) weg.
3 Vleugelmessen wegnemen
- Neem vleugelmes (6), vleugelmes (7) en vleugelmes (8) weg.
4 Messenschijf verwijderen
- Klap de blokkering (2) terug.
• Verwijder de messenschijf (1).
11.7 Messenset monteren


Gevaar voor letsel! Werk uitsluitend met veiligheidshandschoene n! (⇒ 4.3)

Controleer voor het aanbrengen van de messenset via een visuele inspectie of de messenschijf en alle hakmessen in orde zijn en geen kerven, scheuren of uitgebroken plekken hebben.

Reinig voor het aanbrengen van de messenset de meshouder op het apparaat, de messenschijf en de hakmessen.
De messenschijf inclusief versnippermes en de drie vleugelmessen zijn van een vertande meshouder voorzien. Hierdoor is een verkeerde montage van de complete snijeenheid uitgesloten, omdat de messen alleen in de juiste positie op de meshouder kunnen worden geschoven.
1 Messenschijf aanbrengen
- Schuif de messenschijf (1) op de meshouder. Let hierbij op de vertanding van de meshouder.
2 Messenset vastzetten
- Draai de messenschijf (1) in de weergegeven positie en klap de blokkering (2) tot aan de aanslag omhoog.
3 Vleugelmessen bevestigen
De nummers (3) aan de binnenkant van de vleugelmessen geven de montagevolgorde aan.
- Breng vleugelmes (4), vleugelmes (5) en vleugelmes (6) aan.
4 Messenset bevestigen
- Plaats de klemring (7) en bevestig deze samen met de borgring (8) en de bout (9).
- Draai de bout (9) met behulp van het montagegereedschap (T) vast (45 - 50 Nm).
- Klap de blokkering (2) weer terug.
• Monteer de vultrechter. (⇒ 11.3)
11.8 Slijtagegrenzen van de messen


Vóór het bereiken van de aangegeven slijtagegrens moeten de betreffende messen worden omgekeerd of vervangen. STIHL beveelt hiervoor de STIHL vakhandelaar aan.
1 Messenoverzicht
- 1 stuks combimes (1)
- 3 stuks vleugelmessen (2)
- 2 stuks scheurmessen (3)
• Demonteer de messenset. (⇒ 11.6)
2 Combimes
- Plaats tegen de referentiekant van het combimes (4) een liniaal (5). De afstand (A) tussen de snijrand en de liniaal geeft de slijtage aan.
De meetprocedure en de aangegeven waarde zijn voor alle drie de vleugelmessen hetzelfde.

Bij de vleugelmessen kan door een ongelijke belasting van de snijranden asymmetrische slijtage optreden.
- Meet de mesbreedte op twee of drie meetpunten langs de snijrand. Hanteer de kleinste waarde.
Minimale mesbreedte (B) Vleugelmessen (2):
B = 40 mm
4 Scheurmessen
De meetprocedure en de aangegeven waarde zijn voor beide scheurmessen hetzelfde.
Bij de scheurmessen kan door een ongelijke belasting van de snijranden asymmetrische slijtage optreden.
- Meet de mesbreedten op twee of drie meetpunten langs de snijranden. Hanteer de kleinste waarde.
Minimale mesbreedten (C, D)
Scheurmes (3):
C = 23 mm
D = 16 mm
11.9 Hakselmessen slijpen
Gevaar voor letsel! Het wordt aanbevolen om het slijpen van alle hakselmessen uitsluitend door een dealer te laten uitvoeren. Stompe en onjuist geslepen messen (verkeerde slijphoek, onbalans door ongelijk geslepen messen, enz) verhogen de kans op terugslag. De gebruiker kan ernstig letsel oplopen door terugslaand hakselgoed. Bovendien kan de werking (invoer van het hakselmateriaal, stabiliteit van de messen, enz.) van de tuinhakselaar verslechteren.
- Messenset demonteren. (→ 11.6)
Slijphoek:
De slijphoek van alle hakselmessen bedraagt 30°.
Tips voor het slijpen van de hakselmessen:
Voor het bijslijpen van de hakselmessen moet u op de volgende punten letten:
- Koel de messen tijdens het slijpen, bijvoorbeeld met water. Het mes mag niet blauw worden, omdat anders de snijresultaten minder worden.
- Slijp het mes gelijkmatig om vibraties door onbalans te voorkomen.
- Controleer het mes vóór het monteren op beschadigingen: De messen moeten worden vervangen zodra er inkepingen of scheuren te zien zijn of als de slijtagegrens is bereikt.
- Slijp lemmeten met inachtneming van de voorgeschreven slijphoek bij.
- Slijp messen tegen het lemmet.
11.10 Elektromotor en wielen
De elektromotor is onderhoudsvrij.
De lagers van de wielen zijn onderhoudsvrij.
11.11 Opslag en winterpauze
Apparaat in een droge, afgesloten en stofvrije ruimte opslaan. Bewaar het apparaat altijd buiten het bereik van kinderen.
Het apparaat mag alleen in goede staat worden opgeslagen.
Zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven vast zijn aangedraaid, vernieuw onleesbaar geworden waarschuwingsaanwijzingen op het apparaat en controleer het gehele
apparaat op slijtage of beschadigingen. Vervang versleten of beschadigde onderdelen.
Eventuele storingen aan het apparaat moeten in de regel voor het opbergen worden verholpen.
Als het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt (winterstop), reinigt u alle externe onderdelen van het apparaat zorgvuldig.
12. Transport

Gevaar voor letsel!
Lees voor het transport het hoofdstuk "Voor uw veiligheid", in het bijzonder het hoofdstuk "Transport van de machine" zorgvuldig door en volg de instructies op. (⇒ 4.4)
Transporteer de tuinhakselaar alleen met gemonteerde trechter. Kijk voor het optillen in het hoofdstuk "Technische gegevens" eerst hoeveel de machine weegt. (⇒ 17.)
12.1 Tuinhakselaar trekken of duwen
- Tuinhakselaar aan de uitworpverlenging (1) vasthouden en achterover kantelen.
- De tuinhakselaar kan langzaam (stapvoets) worden getrokken of geduwd.

12.2 Tuinhakselaar optillen of dragen


De machine moet altijd met ten minste twee personen worden opgetild of gedragen.
Draag geschikte veiligheidskleding die de onderarmen en het bovenlichaam geheel bedekt.
- Persoon 1: Pak de tuinhakselaar vast aan de grepen aan het bovenstuk van de trechter (1).
- Persoon 2: Pak de tuinhakselaar vast aan de lijst van de uitwerpverlenging (2).
- Til de tuinhakselaar vervolgens op hetzelfde moment op.
12.3 Tuinhakselaar op een laadoppervlak transporteren

- Zeker het apparaat met geschikte bevestigingsmiddelen, zodat het niet verschuift. Maak de touwen resp. gordels aan de wielvoet (1) of vultrechter (2) vast.
13. Slijtage minimaliseren en schade voorkomen
Belangrijke aanwijzingen voor het onderhoud van de productgroep
Elektrische tuinhakselaar (STIHL GHE)
De firma STIHL aanvaardt in geen geval aansprakelijkheid voor materiële schade en persoonlijk letsel die het gevolg zijn van het niet in acht nemen van de instructies in de gebruiksaanwijzing, met name betreffende veiligheid, bediening en
onderhoud, of die optreden door gebruik van niet toegestane aanbouw- of vervangingsonderdelen.
Neem de volgende belangrijke aanwijzingen in acht om schade of overmatige slijtage aan uw STIHL apparaat te vermijden:
1. Slijtageonderdelen
Sommige onderdelen van het STIHL apparaat zijn ook bij gebruik volgens de voorschriften aan normale slijtage onderhevig en moeten afhankelijk van de gebruikswijze en gebruiksduur tijdig worden vervangen.
Hiertoe behoren onder andere:
- Mes
- Messenschijf
2. Inachtneming van de voorschriften in deze gebruiksaanwijzing
Het STIHL apparaat moet zo zorgvuldig mogelijk worden gebruikt, onderhouden en opgeslagen, zoals omschreven in deze gebruiksaanwijzing. Voor alle beschadigingen die door het niet in acht nemen van veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen worden veroorzaakt, is de gebruiker zelf verantwoordelijk.
Dit geldt met name voor:
– te dunne voedingskabel (diameter),
– foutieve aansluiting (spanning),
- niet door STIHL goedgekeurde wijzigingen aan het product,
- het gebruik van gereedschappen of accessoires die niet voor het apparaat zijn goedgekeurd, niet geschikt zijn of van een minder goede kwaliteit zijn,
- niet reglementair gebruik van het product,
- gebruik van het product bij sport- of wedstrijdevenementen,
- gevolgschade door een product met defecte onderdelen verder te gebruiken.
3. Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhoud" vermelde werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd.
Voor zover deze onderhoudswerkzaamheden niet door de gebruiker zelf kunnen worden uitgevoerd, moeten deze aan een vakhandelaar worden overgelaten.
STIHL raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij de STIHL vakhandelaar te laten uitvoeren.
STIHL vakhandelaren volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld.
Als deze werkzaamheden niet worden uitgevoerd, kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker verantwoordelijk is.
Hiertoe behoren onder andere:
- beschadigingen aan de elektromotor door onvoldoende reiniging van de koelluchttoevoer (ventilatiesleuven, koelvinnen, ventilator),
- corrosie- en andere gevolgschade door ondeskundige opslag,
- beschadigingen aan het apparaat door het gebruik van kwalitatief minderwaardige reserveonderdelen,
- beschadigingen door niet tijdig of ondeskundig uitgevoerd onderhoud resp. beschadigingen door onderhouds- of reparatiewerkzaamheden die niet in werkplaatsen van vakhandelaars zijn uitgevoerd.
14. Standaard reserveonderdelen
Messenschijf compleet
6011 700 5100
Combimes
6011 702 5100
Vleugelmes 1
6011 702 0300
Vleugelmes 2
6011 702 0310
Vleugelmes 3
6011 702 0320
Set scheurmessen
6011 007 1000
Hakselgoed hoort niet in de vuilnisbak, maar moet worden gecomposteerd.
De verpakkingen, het apparaat
en de accessoires zijn van recyclebaar materiaal gefabriceerd en moeten overeenkomstig worden verwerkt.
Door materiaalresten afzonderlijk en milieubewust te verwerken, ondersteunt u het hergebruik van waardevolle stoffen. Daarom moet het apparaat na afloop van
de gebruikelijke levensduur als bijzonder afval worden verwerkt. Onjuiste verwijdering kan de gezondheid schaden en het milieu belasten.
15.1 Afvoer
Maak het apparaat onbruikbaar voordat het als afval wordt verwerkt.
Verwijder hiervoor in het bijzonder de voedingskabel resp. de aansluitkabel naar de elektromotor.
Gevaar voor letsel door de messen!
Laat ook een afgedankte tuinhakselaar nooit zonder toezicht achter. Bewaar het apparaat en de messen altijd buiten het bereik van kinderen.
16. Conformiteitsverklaring
16.1 EU-conformiteitsverklaring Tuinhakselaar STIHL GHE 355.0, GHE 375.0
verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat
- Type: elektrische tuinhakselaar
- Merk: STIHL
- Type: GHE 355.0, GHE 375.0
- Opvangvermogen GHE 355.0: 2500 W
– Opvangvermogen GHE 355.0 (GB/CH): 2000 W - Opvangvermogen GHE 375.0: 3000 W
- Productiecode: 6011
voldoet aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2000/14/EC, 2006/42/EC, 2014/30/EU en 2011/65/EU en overeenkomstig de op de productiedatum geldende versies van de volgende normen is ontwikkeld en geproduceerd: EN 60335-1, EN 55014-1, EN 55014-2, alsmede voor
- GHE 355.0: EN 50434
– GHE 375.0: EN ISO 12100 met verwijzing naar EN 50434.
Voor het bepalen van het gemeten en gewaarborgde geluidsniveau is gehandeld volgens richtlijn 2000/14/EC, bijlage V.
– Gemeten geluidsniveau: 97,4 dB(A)
– Gegarandeerd geluidsniveau: 100 dB(A)
De technische documentatie is bewaard bij STIHL Tirol GmbH.
Het bouwjaar en het machinenummer staan op de tuinhakselaar vermeld.
Langkampfen, 27.04.2023
STIHL Tirol GmbH
namens

Matthias Fleischer, Hoofd Onderzoek en Ontwikkeling
namens

Sven Zimmermann, Hoofdafdelingschef Kwaliteit
Gegarandeerd 100 dB(A)
geluidsniveau L _WAd
Onzekerheid K_WA 2,4 dB(A)
Wiel-∅ 250 mm
L/B/H 122/50/141
GHE 355.0:
Motor, type Elektromotor (\~)
Fabrikant ATB
Type BSRBF 0,75/2-C
Spanning 230 V\~
Opvangvermogen
2000 W (GB)
2000 W (CH)
Zekering*
16 A
10 A (CH)
Maximumdiameter
35 mm
van de takken
Nominaal toerental
[Non-Text]
elektromotor
2750 /min
Bij een hoofdzekering van minder dan 16 A kan bij het starten of het zwaar belasten van het apparaat de
netzekering vaak worden geactiveerd.
17.1 REACH
REACH duidt op een EG-verordening inzake het registeren, analyseren en toestaan van chemicaliën.
Voor informatie over het voldoen aan de REACH-verordening (EG) nr. 1907/2006
gaat u naar www.stihl.com/reach
18. Defectopsporing
✗ Neem eventueel contact op met een
vakhandelaar. STIHL beveelt de
STIHL vakhandelaar aan.
Storing:
Elektromotor slaat niet aan
Mogelijke oorzaak:
- Beveiliging van de elektromotor geactiveerd
- Geen spanning
– Aansluitkabel/stekker of stekkerkoppeling of schakelaar defect - Zekering van de UK stekker
beschadigd (enkel voor apparaten voor
Groot-Brittannië)
– Vultrechter niet juist gesloten – zekerheidschakelaar in werking (veiligheidsvergrendeling) - Messenschijf blokkeert
- Blokkering is niet teruggezet
Oplossing:
- Apparaat laten afkoelen ( 8.8), ( 10.7)
- Netleiding en vergrendeling controleren
✗ (⇒ 10.1)
– Kabel, stekker, koppeling of schakelaar controleren of vervangen (elektrovakman) ✗ (⇒ 10.1)
-Zekering vervangen ✗ (⇒ 10.1)
– Vultrechter volgens de voorschriften sluiten en vastschroeven (⇒ 11.3)
– Vultrechter demonteren en hakselafval in de behuizing wegnemen (Opgelet: voedingskabel lostrekken) (⇒ 11.4) - Blokkering terugzetten (⇒ 11.7)
Storing:
Hakselresultaat is minder geworden
Mogelijke oorzaak:
- Botte of verkeerd geslepen hakselmes
- Te lange voedingskabel
- Verbogen messenschijf
Oplossing:
– Hakselmes vervangen of bijslijpen ✗ (⇒ 11.9), (⇒ 11.8)
- Kortere voedingskabel gebruiken (⇒ 10.1)
- Messenschijf via visuele inspectie controleren ✗
Storing:
Terugslag bij het hakselen van hard materiaal
Mogelijke oorzaak:
- Messenschijf draait in de verkeerde richting
- Botte of verkeerd geslepen hakselmessen
- Defecte vulling
Oplossing:
– Draairichting van messenschijf omkeren (⇒ 10.7)
- Hakselmes vervangen of bijslijpen (⇒ 11.9).
- Steek hard materiaal in zoals beschreven (⇒ 8.5)
Storing:
Takken worden niet ingetrokken
Mogelijke oorzaak:
- Messenschijf draait in de verkeerde richting
- Botte of verkeerd geslepen hakselmessen
Oplossing:
– Draairichting van messenschijf omkeren (⇒ 10.7)
– Hakselmes bijslijpen en hierbij exact de juiste slijphoek aanhouden ✗ (⇒ 11.9)
Storing:
Vultrechter kan niet worden gemonteerd
Mogelijke oorzaak:
– Blokkering is niet teruggezet
Oplossing:
- Blokkering terugzetten (⇒ 11.7)
19. Onderhoudsschema
19.1 Leveringsbevestiging
Model:
Serienummer:

Datum: ____ ____ ____ ____ ____

Volgende onderhoudsbeurt
Datum: ____ ____ ____ ____ ____
19.2 Servicebevestiging
Geef deze gebruiksaanwijzing bij onderhoudswerkzaamheden aan uw STIHL vakhandelaar.
Hij geeft in de voorgedrukte velden aan welke servicewerkzaamheden er zijn uitgevoerd.


Service uitgevoerd op

Datum volgende servicebeurt