Primo 3.5-1 - Airconditioning Fronius - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Primo 3.5-1 Fronius in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Primo 3.5-1 Fronius
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Primo 3.5-1 - Fronius en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Primo 3.5-1 van het merk Fronius.
GEBRUIKSAANWIJZING Primo 3.5-1 Fronius
NL Bedieningshandleiding

Contents
Safety rules.5.
General 5
Gekwalificeerd personeel 111
Informatie over de geluidsemissie 112
EMV-maatregelen 112
Verwijdering 112
Gegevensbescherming.1.12
Auteursrecht 112
Algemeen 114
Verklaring veiligheidsaanwijzingen.114
Apparaatconcept.114
Beoogd gebruik.115
Waarschuwingen op het apparatus 115
Datacommunicatie en Fronius Solar Net. 117
Fronius Solar Net en geveensverbinding 117
Beschrijving van de LED 'Fronius Solar Net' 119
Voorbeeld 120
Optionele insteekkaarten in de inverter plaatsen 120
Dynamische vermogensreductie via omvormer 121
Controle van de installaties 122
Algemeen 122
Fronius Datamanager tijdens de nacht of bij onvoldoende beschikbare DC-spanning 122
Eerste gebruik 122
Meer informatie over Fronius Datamanger 2.0 124
Bedieningselementen en aanduidingen 125
Bedieningselementen en aanduidingen 125
Display 126
Het menuniveau 127.
Displayverlichting activeren 127
Automatisch deactiveren van de displayverlichting / Overschakelenaar de afleesmodus 127
NU
Menuniveau oproepen 127
De menuopties 'NU', 'LOG' en 'GRAPH' 128
NULOGGRAPH 128
In de menuopties NU en LOG weergegeven waarden 128
De menuoptie SETUP 130
Voorkeursinstelling 130
SETUP.130
Navigeren in de menu-optie SETUP 130
Menurecord instellen algemeen 131
Toepassingsvoorbeeld: Tijd instellen 132
De Setup menurecords 134
Stand-by 134
WiFi-toegangspunt 134
DATCOM 135
USB 135
Relais (spanningsvrij schakelcontact) 137
Energy Manager(in menu-optie Relais) 138
Tijd / datum 139
Display-installingen 140
Energieopbrengst 141
Ventilatoren 142
De menuoptie INFO 143
INFO 143
Meetwaarden Status VFD Netstatus 143
Apparaatinformationie 144
Versie. 146
Toetsenblokkering in- en uitschakelen.147.
Algemeen.147.
Toetsenblokkering in- en uitschakelen.147.
USB-stick als datalogger en voor hetactualiseren van de invertersoftware.148
USB-stick als datalogger 148
Passende USB-sticks 148
USB-stick voor het bijwerken van de invertersoftware 149.
USB-stick verwijderen 149
Het Basic-menu 150
Algemeen.150
Het Basic-menu openen.150.
De Basic-menurecords 150
De inverter spanningsloos maken en weeer inschakelen 152
Inverter stroomloos schakelen 152
Statusdiagnose en storingen opheffen.
Weergave van statusescodes
Vollediguitvallen van het display.
Statuscodes in de e-Manual
Klantenservice
Exploitation in omgevingen met een sterke stofontwikkeling.
Algemene data en veiligheidsvoorzieningen Fronius Primo 3.0-1 - 8.2-1
WLAN 157
Verklaring van de voetnoten
Geintegreerde DC-scheidingsschakelaar.
Aangehouden normen en richtlijnen
Garantiebepalingen en verwijdering
Fronius-fabrieksgarantie
Verwijdering 160
Veiligheidsvoorschriften
Algemeen Het apparaat is volgens de LASTe stand van de techniek conform de officielle veil-ligheidseisen vervaardigd. Onjuiste bediening of misbruik levert echter gevaar op voor
- het leven van de gebruiker of dat van derden;
- het apparaat en andere bezittingen van de gebruiker.
Alle Personen die met inbedrijfonte, onderhoud en reparatie van het apparaat te makeen hebben,要去en:
- beschikken over de juiste kwalificaties;
- kennis hebben over het omgaan met elektrische installations;
- deze bedieningshandleiding volledig lezen en exact opvolgen.
De bedieningshandleiding moet worden bewaard op deplaats waar het apparaat worden gebruikt. Naast de bedieningshandleiding moet bovendien de overkoepelende en lokale regelgeving ter voorkoming van ongevallen en ter bescherming van het milieu worden nageleefd.
Alle aanwijzingen met betrekking tot veiligheid en gevaren op het apparatus:
- in leesbare toestand houden;
- nicht beschadigen;
- nicht verwijderen;
- niedafdekken,afplakken ofoverschilderen.
De aansluitklemmen konnen hoge temperaturen bereiken.
U mag uitsluitend met het apparaat werkken als alle verilgheidsvoorzieningen volledig operationeel zich. Zijn de verilgheidsvoorzieningen Niet volledig operationeel, dan levert dit potenteel gevaar op voor:
- het leven van de gebruiker of dat van derden;
- het apparaat en andere bezittingen van de gebruiker.
Niet volledig operationele veiligheidsvoorzieningen moet u, voordat het apparaat worden ingeschakeld, door een geauthoriseerd bedrijf lately herstellen.
Omzeil verilgheidsvoorzieningen nooit en stel ze nooit buiten werking.
Deplaatsen waar de aanwijzingen met betrekking tot veiligheid en gevaren op het apparaat�n aangebracht, vindt u in het hoofdstuk 'Algemeen' in de bedieningshandleiding van het apparaat.
Storingen die de veiligheid in gevaar kuren brengen, dienen voor het inschakelen van het apparaat te worden verholpen.
Het gaat immers om uw veiligheid!
Om-ge-vings-con-di-ties
Het gebruik of opslaan van het apparaat buiten het aangegeven bereik geldt nicht als beoogd gebruik. De fabrikant is Niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeieende schade.
Gekwalificeerd personnel
De onderhoudsinformatie in deze bedieningshandleiding is uitsluitend bestemd voor gekwalificierde vakspecialisten. Een elektrische schok kan dodelijk zijn. Voer geen andere handelingen uit dan de handelingen die in de documentatie zijn beschreiben. Dat geldt ook wonneer u voor dergelijk werkzaamheden bent gekwalificiererd.
| Alle kabels en leidingen要去en goed zichbvestigd, onbechadigd en geisoleerd zichn, en een voldoende)dikke kern hebben. Loszittende verbindingen, door hette aangetaste of beschadigde kabels, evenals kabels en leidingen met een te dunne kern要去 u direct door een geauthoriseerd bedrijf latent herstellen. | |
| Onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door een geautoriseerd bedrijf worden uitgevoerd. | |
| Bij Niet-originele onderden is Niet gewaarborgd dat deze voldoende robuust en veilig zich geconstrueerd en geproduerd. Gebruik uitsluitend originele ver-vangingsonderdelen (dit geldt ook voor genormeerde onderdelen). | |
| Breng zonder toestemming van de fabrikant geen wijzigingen aan het apparaat aan. | |
| Onderdelen die nicht in onberispelijke staat verkeren, dient u direct te verrangen. | |
| Informatie over de geluidsemis-sie | De inverter genereert een maximaal geluidsniveau van < 65 dB (A) (ref. 1 pW) bij maximale belasting volgens IEC 62109-1:2010. |
| De koeling van het apparaat worden m.b.v. een elektronische temperatuurregeling zo geluidsarm möglich verzorgd. Het geluidsniveau is afhankelijk van het ge-leverde vermogen, de omgevingstemperatuur, de mate van verruiling van het ap-paraat, enz. | |
| Voor dit apparaat kan geen werkplekspecifieke emissiewaarde worden geveven, aangezien het daadwerkelijkge geluidsniveau sterk afhankelijk is van de montages-ituation, de kwaliteit van het elektriciteitsnet, de omringende muren en de alge-mene omgevingskenmerken. | |
| EMV-maatregel-en | In uitzonderlijke gezallen kan er, ondanks het naleven van de emissiegren-swaarden, sprake zichen van beinvoeding van het geeigende gebruiksgebied (bij-voorbeeld als zich op de installmentelocatie storingsgevoelige apparatuur bevindt of als de installmentelocatie is gelegen in de nabijheid van radio- of television-ontvangers). In dat geval is de gebruiker verplicht afdoende maatregelen te tref-fen om de storing op te heffen. |
| Verwijdering Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur, en dec hiervan afgeleide nationale wetten, moeten afgedankte elektrische apparaten apart worden ingezameld en milieuvriendelijk worden verwerkt. Retourneer gebruikte apparaten aan uw leverancier of breng ze maar een erkend inizamelpunt in uw omgeving. Het negeren van deze EU-directieven heeft möglich schadelijke effecten op het milieu en uw gezondheid! | |
| Gegevensbes-cherming | De gebruiker is zelf verantwoordelijk voor het beveiligigen van geevens die afwijken van de fabrieksinstelleningen. Voor schade die ontstaat door gewiste per-soonlijke instelleningen is de fabrikant Niet aansprakelijk. |
| Auteursrecht Het autoursrecht op deze handleiding berust bij de fabrikant. | |
de gebruiker geen rechten ontlenen. Hebt u een voorstel tot verbetering? Ziet u een fouit in deze handleiding? Wij zijn u dankbaar voor uw opmerkingen.
Algemeen
Verklaring veiligheidsaanwijzingen

GEVAAR!
Duidt op een möglichke gevaarlijke situatie.
Wonneer deze situatie nicht worden, kan dit de dood of zwaar lichamelijk letsel tot gevolg hebben.

VOORZICHTIG!
Duidt op een situation die möglich schade tot gevolg kan haben.
Wonneer deutsche situation nicht worden, kan dit lichte of geringe verwondingen evenals materiele schade tot gevolg hebben.
OPMERKING!
Duidt op de möglichkeid van minder goede resultaten en mogelijkbe beschadiging van de apparatuur.
Wanner u een symbool ziet dat in het hoofdstuk 'Veiligheidsvoorschriften' is afgebeeld, is verhoogde opmerkzaamheid vereist.
Apparaat-concept

Constructie:
(1) Deksel
(2) Inverter
(3) Montagesteun
(4) Aansluitpaneel incl. hoofdschakelaar gelijkstroom (DC)
(5) Datacommunicatiegedeelte
(6) Deksel datacommunicatie
De inverter vormt de door de zonnepanelen opgewekte gelijkstroom om in wisselstroom. Deze wisselstroom wordt synchroon aan de netspanning aan het openbare elektriciteitsnet geleverd.
De inverter werden uitsluitend voor het gebruik in netgekoppelde PV-installaties ontwikkeld, het van het openbare stroomnetwork opafhankelijk opwekken van stroom is Niet möglich.
De inverter monitort automatisch het openbare elektriciteitsnet. Bij abnormale nettoestanden (bijvoorbeeld netuitschakeling, onderbreking enz.) schakelt de inverter onmiddelijk uit en wordt de teruglevering aan het elektriciteitsnet onderbroken.
De netmonitoring vindt plaats door spanningsmonitoring, frequentiemonitoring en het monitoren van de eilandverhoudingen.
De inverter werkt volautomatisch. Zodra na zonsopgang voldoende energia van de zonnepanelen ter beschikking staat, begint de inverter met de elektriciteits-netmonitoring. Bij voldoende zonne-instraling start de inverter met de terug-
leveringsmodus.
De inverter werkdt waar bij zo dat het maximaal möglichke rendement door de zonnepanelen worden geleverd.
Zodra het energieaanbod voor het terugleveren aan het elektriciteitsnet onvoloende is, onderbreekt de inverter de verbindingussen de vermogenselektronica en het stroomnetwork volledig en schakelt deze het bedrijf uit. Alle instellen-gen en opgeslagen gegevens blijven behouden.
Wanneer de temperatuur van de inverter te hoog worden, verlaagt de inverter automatisch het huidige uitgangsvermögen om zichzfelt te beschermen.
Oorzaken voor een te hoge temperatuur kannen een hoge omgevingstemperatuur of een te geringe warmteafvoer zijn (bijv. bij montage in schakelkasten zonder adequate warmteafvoer).
Beoogd gebruik De inverter is uitsluitend bestemd om de gelijkstroom van de zonnepanelen in wisselstroom om te zetten en deze aan het openbare elektriciteitsnet te leveren. Als gebruik Niet overeenkomstig de bedoeling geldt:
elk ander of afwijkend gebruik
- wijzigingen aan de inverter die Niet uitdrukkelijk door Fronius worden aanbevolen
- het inbouwen van onderdelen die nicht uitdukkelijk door Fronius worden aanbevolen of verkocht.
De fabrikant is Niet aansprakelijk voor de hieruit voortvloeijeende schade.
Aanspraak op garantie vervalt.
Tot het beoogde gebruik behoort ook:
- het volledig lezen en opvolgen van alle aanwijzingen, zoals alle aanwijzingen m.b.t. de veiligheid en gevaren, die in de gebruiksaanwijzing en instal-. atiehandleiding zichn beschreven
- de naleving van de onderhoudswerkzaamheden
montage conform de installmentehandeldeiding
Bij het aanleggen van de PV-installatie erop letten dat alle componentenuitsuitluitend binnen hun toelaatbare werkgebied worden gezruikt.
Alle door de fabrikant van het zonnepaneel aanbevolen maatregelen voor een duurzaam behoud van de eigenschappen van het zonnepaneel要去en in acht worden genomen.
De bepalingen van de energiaaatschappij ten aanzien van de teruglevering en verbindingsmethoden要去en in acheit worden genomen.
Waarschuwingen op het apparatus
Op en de inverter bevinden zich waarschuwingen en verilheidssymbolen. Deze waarschuwingen en verilheidssymbolen mogen nicht worden verwijderd of overgeschilderd. De waarschuwingen en symbolen waarschuwen voor een verkeerde bediening die kan resulteren in ernstig letsel en zware materièle schade.

Veiligheidssymbolen:

Gevaar op ernstig lichamelijk letsel en zware materiele schade door een onjuiste bediening

schreiben functies pas
gebruiken nadat de volgende
documenten volledig zich
gelezen en begrepen:
- deze gebruiksaanwijzing
- alle gebruiksaanwijzingen van de systeemcomponenten van de PV-installatie, in het bijzonder de veiligheidsvoorschriften

Gevaarlijke elektrische spanning

Ontlaadtijd van condensatoren afwachten!
Symbolen op het kenplaatje:

CE-aanduiding - geeft aan dat aan de geldende EU-richtlijnen en -verordeningen is voldaan.

WEEE-aanduiding - afgedankte elektrische en elektronische apparatuur moet conform Europese richtlijnen en nationale wetgeving geschaden worden ingezameld en op een milieuvriendelijk manier worden gerecycled.

RCM-aanduiding - conform de eisen van Australie en Nieuw-Zeeland gecontroleerd.

CMIM-aanduiding - conform de eisen van IMANOR voor invoervoorwaarden en de naleving van de Marokkaanse normen gecontroleerd.
Tekst van de waarschuwingen:
WAARSCHUWING!
Een elektrische schok kan dodelijk zijn. Voor het openen van het apparaat ervoor zorgen dat de ingangszijde en de uitgangszielde van het apparaat spanningsvrij bijn. Ontlaadtijd van de condensatoren afwachten (5 minutes).
Datacommunicatie en Fronius Solar Net
Fronius Solar Net en gevevensver-binding
Voor individuel gebruik van de systeemuitbreidingen is door Fronius het Solar Net ontwikkeld. Het Fronius Solar Net is een gegevensnetwork dat de koppeling van meertere inverters aan de systeemuitbreidingen möglichk maakt.
Het Fronius Solar Net is een bussystem met ringtopologie. Voor de communicaie van een of meer op het Fronius Solar Net aangesloten inverters met een systeemuitbreiding is een geschikte kabel toereikend.
Om elke inverter eenduidig in het Fronius Solar Net te definiieren, moet aan de betreffende inverter eveneens een individuel nummer worden toegewezen. Toewijzen van een individuel nummer volgens paragraaf 'De menuoptie SETUP'.
Verschillende systemduitbreidingen worden door het Fronius Solar Net automatisch herkend.
Om:tussen meerdere identieke systeemuitbreidingen ondscheid te kunnen make, moet op de systeemuitbreidingen een individuel nummer worden ingesteld.
Nadere informatatie over de afzonderlijke systemduitbreidingen staat in de overeenkomstige gebruiksaanwijzingen aangegeven of online op http:// www.fronius.com
Meer informatatie over de bekabeling van Fronius DATCOM-componenten vindt u onder:

http://www.fronius.com/QR-link/4204101938
Dataamunicatiegedeelte

Afhankelijk van de uitrusting kan de inverter met de Fronius Datamanager-insteekkaart (8) zijn uitgerust.
Ite m Product
| (1) Schakelbare multifunctionale stroominterface. Zie de paragraaf 'Toelichting bij multifunctionale stroominterface' voormeer informatie Voor de aansluiting op de multifunctionale stroominterface de 2-poligecontrasteker gebruiken die bij de inverter is meegeleverd. | |
| (2) IN aansluiting Solar Net / Interface Protocol OUT aansluiting Solar Net / Interface Protocol In- en uitgang voor 'Fronius Solar Net' / Interface Protocol, voor de ver-binding met andere DATCOM-componenten (bijv. inverter, Fronius Sensor Box enz.) Bij een koppeling van meerere DATCOM-componenten moet op elkervrije IN- of OUT-aansluiting van een DATCOM-component een eindstekerijken aangesloten. Bij inverters met Fronius Datamanager-insteekkaart worden 2 aflsruit-stekkers bij de inverter meegeleverd. | |
| (4) LED 'Fronius Solar Net' geeft aan of er voor het Solar Net voeding ter beschikking staat | |
| (5) LED 'Data-overdracht' knippert bij toegang tot de USB-stick. Gedurende dezeijd mag deUSB-stick Niet worden verwijderd. | |
| (6) USB A-bus voor het aansluiten van een USB-stick met maximale afmetingen van65 x 30 mm (2,6 x 2,1 inch) De USB-stick kan fungeren als datalogger voor de inverter waarop hij isaangesloten. De USB-stick worden nicht met de inverter meegeleverd. | |
| (7) Spanningsvrij schakelcontact (relais) met contrastekker max. 250 V AC / 4 A AC max. 30 V DC / 1 A DC max. 1,5 mm² (AWG 16) kabeldoorsnede Pin 1 = sluitercontact (normaal open) Pin 2 = wortel (gemeenschappelijk) Pin 3 = openercontact (normaal gesloten) Voor een meer gedetailleerde uitleg, zich de paragraaf 'Menupunten inhet Setup-menu / Relais'. Voor aansluiting op het spanningsvrije schakelcontact gebruikt u decontrasteker die bij de inverter is meegeleverd. | |
| (8) Fronius Datamanager met WLAN-antenne of afdekking voor hetvak met optionele kaarten | |
| (9) Deksel voorvak met optionele kaarten |
Info over multifunctionele stroominterface
Op de multifunctionele stroominterface konnen meerere schakelingvarianten worden aangesloten. Deze konnen darüber nicht tegelijkkertijd worden bediend. Als er bijvoorbeeld een SO-teller op de multifunctionele stroominterface is aangesloten, kan geen signaalcontact voor de overspanningsbeveiliging worden aangesloten (en omgekeerd).
Schakelvariant 1: Signaalcontact voor overspanningsbeveiliging
De optie DC SPD (overspanningsbeveiliging) geeft afhankelijk van de instelling in het menu Basic (submenu Signaal ingang) een waarschuwing of een fout op het display wee. Meer informatatie over de optie DC SPD vindt u in de instal-. atiehandleiding.
Schakelvariant 2: So-teller
Een teller voor het berekenen van het eigenverbruik per SO kan direct op de omvormer worden aangesloten. Deze SO-teller kan worden geplaatst bij het leveringspunt of in de verbruiksleiding.
BELANGRIJK! Het is möglichk dat de omvormer-firmware bijgewerkt要去 worden als u een SO-teller op de omvormer aansluit.



De So-teller要去voldoen aan de norm IEC62053-31Klasse B.
Aanbevolen max. impulsfrequentie van de So-teller:
PV-verbogen kWp [kW] max. impulsfrequentie per kWp
30 1000
20 2000
105000
≤5,510000
Met deze teller kan op twee manieren een dynamische vermogensreductie worden doorgevoerd:
- Dynamische vermogensreductie via omvormer voor meer informatie, die hoofdstuk Dynamische vermogensreductie via omvormer op pagina 121
- Dynamische vermogensreductie via Fronius Datamanager 2.0 zie voor meer informatiek: manuals.fronius.com/html/4204260191/#o_m_0000017472
Beschrijving van de LED 'Fronius Solar Net'
De LED 'Fronius Solar Net' brandt:
Voeding voor de datacommunicatie binnen het Fronius Solar Net / Interface Protocol is in orde
De LED 'Fronius Solar Net' knippert om de 5 seconden kort:
Storing bij de datacommunicatie in het Fronius Solar Net
- Te hoge stroom (een stroom van >3 A, bijvoorbeeld veroorzaakt door kortsluiting in de Fronius Solar Net Ring)
- Te lage spanning (geen kortsluiting, de spanning in het Fronius Solar Net < 6,5 V, bijvoorbeeld als er in het Fronius Solar Net te veel DATCOM-componenten zijn en de voeding onvoldoende is)
In een dergelijk geval is een extra voeding van de Fronius DATCOM-componenten via een externe voedingseenheid (43,0001,1194) aan een van de Fronius DATCOM-componentenoodzakelijk.
Voor het vaststellen van een te lage spanning zo nodig ook andere Fronius DATCOM-componenten op storingen controleren.
Na uitschakeling vanwege een te hoge stroom of een te lage spanning tracht de inverter elke 5 seconden de stroomtoevoer maar het Fronius Solar Net wee te herstellen, zolang de storing nog bestaat.
Als de storing is verholpen, worden de stroomtoevoer maar het Fronius Solar Net binnen 5 seconden hersteld.
Voorbeeld Registratie en archivering van de inverter- en sensordata met behulp van de Fronius Datamanager en de Fronius Sensor Box:

Datanetwerk met 3 inverters en een Fronius Sensor Box:
-Inverter 1 met Fronius Datamanager
-Inverter 2 en 3 zonder Fronius Datamanger!
= eindstekker
De externe communicatie (Fronius Solar Net) vindt plaat door de inverter via het datacommunicatiegedeelte. Het datacommunicatiegedeelte heeft twee RS 422-interfaces als in- en uitgang. De verbinding komt tot stand via RJ45-stekkers.
BELANGRIJK! Omdat de Fronius Datamanager als datalogger fungeert, mag geen andere datalogger in de Fronius Solar Net Ring aanwezigহn.
Per Fronius Solar Net Ring slechts een Fronius Datamanager!
Alle overige Fronius Datamangers uitbouwen en het vrij vak voor optionele kaarten met de bij Fronius optioneel verkrijgbare blinde afdekking
(42,0405,2020) aflsluiten of een inverter zonder Fronius Datamanager (light-verse) gebruiken.
Optionele insteekkaarten inde inverterplaatsen
Informatie over het aanbrengen van optionele insteekkaarten (bijv.: Datamanger) in de inverter en het aansluiten van datacommunicatiekabelskest u vinden in de installmentehandeldeiding.
Dynamische vermogensreductie via omvormer
Energiebedrijven of networkbeheerders können terugleveringsbegrenzingen voor een omvormer voorschrijven. De dynamische vermogensreductie houdt waar bij rekening met het eigenverbruik in het eigen huishouden voordat het vermogen van de omvormer gereduceerd worden.
Een teller voor het berekenen van het eigenerverbruik per So kan direct op de omvormer worden aangesloten - zie hoofdstuk Info over multifunctionele stroominterface op pagina 118
Een terugleveringslimiet kan in het Basic-menu onder Signalingang - So-meter worden ingesteld - zie hoofdstuk De Basic-menurecords op pagina 150.
Instelmogelijkheden So-meter:
- Terugleveringslimiet elektriciteitsnet
Veld voor het invoeren van het maximale terugleveringsvermogen in W. Als deze waarde worden overschreden, regelt de omvormer binnen de door de nationale normen en voorschriften vereisteijd terug maar de ingestelde waarde.
Impulsen per kWh
Veld voor het invoeren van de impulsen per kWh van de SO-teller.
Er is met deze configuratie geen teruglevering möglichk.
Bij gebruik van de So-teller en vermogensreductie via de omvormer要去 de So-teller in de verbruiksafsplitsing zijn ingebouwd.

So-teller in verbruiksafsplitsing
Als een dynamische vermogensreductie anschraf met de Fronius Datamanager 2.0 worden geconfigureerd (gebruikersinterface van de omvormer - menu Netwerkbeheerde editor - dynamische vermogensreductie),要去 dynamische vermogensreductie via de omvormer (Display van de omvormer - Basic-menu - Signalingang - So-meter) worden gedexeird.
Algemeen De inverter is standard met de voor WLAN geschikte systeemmonitoring Fronius Datamanager 2.0 uitgerust.
De systeemmonitoring omvat de volgende functies:
- eigen website met weergave van huidige data en verschillende instelmogelijkheden
- möglichkheid verbinding te make met Fronius Solar.web via WLAN of LAN
automatisch verzenden van serviceberichten per sms of e-mail bij storingen - inverter kan worden bestuurd via het invoeren van de vermogensgren-swaarden, de minimale en maximale looptijden of de gewenste looptijden
besturing van de inverter via Modbus (TCP / RTU)
verstrekken van besturingsprioriteiten
besturing van inverter via aangesloten teller (Fronius Smart Meter) - besturing van inverter via een rimpelspanningssignaalontvanger (bijv. blindvermogen of werkelijk vermogen)
- dynamische vermogensreductie met inachtneming van eigen verbruik
Meer informatatie over Fronius Datamanager 2.0 vindt u online in de gebruiksaanwijzing van Fronius Datamanager 2.0.
Fronius
Datamanager tijdens de nacht of bij onvoldoende
beschikbare DC-spanning
De parameter Nachtmodus in de Setup-menuoptie Display-installingen is in de fabriek op UIT ingesteld.
Om denen reden is de Fronius Datamanager tijdens de nacht of bij onvoldoende beschikbare DC-spanning nicht bereikbaar.
Om de Fronius Datamanager noch te activeren: de inverter aan AC-zijdeuit- en weeer inschakenen en binnen 90 seconden op een willekeurige functietoets op het display van de inverter drukken.
Zie ook het hoofdstuk 'Menupunten in het Setup-menu', 'Display-instellenen' (Nachtmodus).
Eerste gebruik Met de Fronius Solar.start App worden het eerste gebruik van de Fronius
Datamanager 2.0 aanzienlijk makkelijker. De Fronius Solar.start App is in de betreffende App Store beschikbaar.



Voor het eerste gebruik van de Fronius Datamanager 2.0
-要去 de Fronius Datamanager 2.0-insteekkaart in de omvormer ingebouwd zichn, of
- een Fronius Datamanager Box 2.0要去 zich in de Fronius Solar Net Ring bevinden.
BELANGRIJK! Om een verbinding met de Fronius Datamanager 2.0 tot stand te brengen,要去 'Automatisch een IP-adres verkrijgen (DHCP)' bij het betreffende eindapparaat (bijv. laptop, tablet enz.) zijn geactiveerd.
OPMERKING!
Als in de PV-installatie slechts een omvormer aanwezig is, kann den volgende stappen 1 en 2 worden overgeslagen.
Het eerste gebruik start in dit geval bij stap 3.
1 Omvormer met Fronius Datamanager 2.0 of Fronius Datamanager Box 2.0 met Fronius Solar Net verbinden
2 Bij een koppeling van meerdere omvormers in Fronius Solar Net:
Schakelaar voor Fronius Solar Net Master / Slave op Fronius Datamanager 2.0-insteekkart goed zetten
- één omvormer met Fronius Datamanager 2.0 = master
- alle andere omvormers met Fronius Datamanager 2.0 = slave (de LED's op de Fronius Datamanager 2.0-insteekkaarten branden nicht)
3 Apparaat in de servicemodus schakelen
- WLAN-toegangspunt via Setup-menu van de omvormer activeren

De omvormer stelt het WLAN-toegangspunt in. Het WLAN-toegangspunt blijft 1 uw geopend. De IP-schakelaar op de Fronius Datamanager 2.0 kan door activering van het WLAN-toegangspunt in schakelaarpositie B blijven.
Installatie via Solar.start App
4 Fronius Solar.start downloaden

Fronius Solar.start App uitvoeren
Installatie via webbrowser
Eindapparaat aan het WLANtoegangspunt koppelen
- Naar een netwerk met de naam FRONIUS_240.xxxxxxxxx Zoeken
- Verbinding met dit networkmake
Wachtwoord 12345678 invo-eren
(Of eindapparaat en omvormer met Ethernet-kabel verbinden)
In browser het volgende invoeren http://datamanager
of
192.168.250.181 (IP-adres voor WLAN-verbinding)
of
169.254.0.180 (IP-adres voor
LAN-verbinding)
De startpagina van de installmentwizard worden weergegeven.
Hartelijk welkom bij de inbedrijfname-assistant.
In slechts enkele stappen maar een comfortsabele systemdbewaking

SOLAR WEB-ASSISTENT
Alleen voor getraind personeel of vakpersoneel
De Technicus-assistant is bedoeld voor de installmenteur en bevat normspecifieke instellingen. De uitvoering van de Technicus-assistant is optioneel.
Als de Technicus-assistant uitgevoerd worden, zeker het toegeweizen Servicewachtwoord noteren. Dit Service-wachtwoord is voor het instellen van de menuoptie Netwerkbeheerde-editor vereist.
Als de Technicus-assistant Niet uitgevoerd worden, zich er geen regels voor vermogensreductie ingesteld.
De uitvoering van de Fronius Solar.web-assistant is verplicht!
6 Voer de Fronius Solar.web-assistant UIT en volg de instructies op het scherm
De Fronius Solar.web-startpagea wordt weergegeven. of
De website van de Fronius Datamanager 2.0 worden weergegeven.
7 Indien nodig de Technicus-assistant UITvoeren en de instructies op het scherm volgen
Meer informatie over Fronius Datamanager 2.0
Meer informatatie over Fronius Datamanager 2.0 en de overige opties voor in-bedrijfname vindt u onder:

http://www.fronius.com/QR-link/420426019NL
Bedieningselementen en aanduidingen
Bedieningselementen en aanduidingen

Item Beschrijving
(1) Display voor het weergeven van waarden, instellenen en menu's
(2) LED algemene status (rood) brandt
- wonneer op het display een statuscode worden weergegeven
- bij onderbreking van de terugleveringsmodus
-ijdens de behandeling van de storing (de inverter wacht op het verwijderen of verhelpen van een opgetreden storing)
(3) Startup-LED (orange) brandt wanner de inverter zich in de automatische startup- of zelftestfase bevindt (zodra de zonnepanelen na zonsopgang voldoende vermogen leveren) de inverter in het Setup-menu in de stand-bymodus werk geschakeld (= handmatige uitschakeling van de terugleveringsmodus) de software van de inverter bijgewerkt worden
(4) Bedrijfsstatus-LED (groen) brandt
- wonneer de PV-installatie na de automatische startup-fase van de inverter storingvrij werkt
- zolang er energia aan het stroomnet worden teruggeleverd
Functietoetsen - verwullen afhankelijk van procedure verschillende functies:
(5) Toets 'links/omhoog' voor navigatie maar links en�<|im_start|> boven
(6) Toets 'omlaag/rechts' voor navigatie maar beneden enaarrechts
(7) Toets 'Menu / Esc' voor het wisselen in het menuniveau voor het verlaten van het Setup-menu
(8) Toets 'Enter' voor het bevestigen van een keuze
De toetsen zijn capacitieve toetsen, aanraking met water kan de werkking van de toetsen beinvloeden. Voor een optimale werkking van de toetsen eventueel met een doek droogwrijven.
Display De voeding van het display worden verzorgd via de AC-netspanning. Afhankelijk
van deinstelling in het menu Setup kan het display de gehele dag ter beschikking staan.
BELANGRIJK! Het display van de inverter is geen geijkt meetapparaat.
Afhankelijk van het systeme kan een geldinge afwijking van enkele procenten optreden. Voor het opstellen van een nauwkeurige afrekening voor het energiebedrijf is waarom een geijkte meter vereist.

Afleesbereiken op het display, afleesmodus

Afleesbereiken op het display, Setup-modus
(^*) Schuifbalk
(^**) Symbol Energie-Manager
wordt weergegeven wanner de functie 'Energie-Manager' is geactiveerd ( ) WR-Nr. = Inverter DATCOM-nummer,
Geheugensymbol - worden kortstondig weergegeven bij het opslaan van de ingestelde waarden,
USB-verbinding wanner een USB-stick is aangesloten
Het menuniveau
Displayverlichting activeren
1 Druk op een willekeurige toets
De displayverlichting wordt ingeschakeld.
In de menuoptie SETUP bestaat onder de record 'Instellenen - verlichting' de möglichkheid om de displayverlichting permanent in te schakelen of continuuuit te schakelen.
Automatisch de-activeren van dedisplayverlichting/Overschakelenaardeafleesmodus 'NU'
Als 2 minuten lang geen toets worden ingedrukt, dan gaat de displayverlichting automatisch uit en schakelt de inverter de afleesmodus 'NU' in (indien de displayverlichting op 'Automatisch' is ingesteld).
Het automatisch overschakelen maar de afleesmodus 'NU' geschiedt vanuit jegere willekeurige positie tenzij de inverter handmatig in de bedrijfsmodus 'Stand-by' is gezet.
Na het automatisch overschakelen maar de menuoptie 'NU' worden de huidige teruggeleverde elektriciteit weergegeven.
Menuniveau oproepen

1 De knop 'Menu' ndrukken

Het display verandert van menuniveau.
Kies met behulp van de knappen 'links' of 'rechts' de gewenste menuoptie
3 De gewenste menuoptie door het indrukken van de knop Enter' proepen
De menuopties 'NU', 'LOG' en 'GRAPH'
NULOGGRAPH

NU (Weergave van momentele waarden)

LOG (opgeslagen data van de huidige dag, van actuel kalenderjaar en vanaf het eerste gebruik van de inverter)

GRAPH dag-diagram geeft het verloop van het uitgangsvermogen tijdens de dag grafisch wee. De schaal van de tijdas past zich automatisch aan.
Druk op de knop 'Terug' om de weergave te sluiten
In de menuopties NU en LOG weergegeven waarden
In de menuoptie NU weergegeven waarden:
| Uitgangsvermogen (W) |
| AC-blindvermogen (VAr) |
| Netspanning (V) |
| Uitgangsstroom (A) |
| Netfrequentie (Hz) |
| Solarspanning (V) |
| Solarstroom (A) |
| Tijd / Datum tijd en datum op de inverter of in de Fronius Solar Net Ring |
In de menuoptie LOG weergegeven waarden:
(voor de huidige dag, het actuele kalenderjaar en vanaf de eerste ingebruikneming van de inverter)
Geleverde energia (kWh/MWh)
tijdens de geobserverveerdeperiode aan het stroomnet geleverde energie
In verband met verschillende meetmethoden kuren afwijkingen ten opzichte van afleeswaarden van anderemeetapparaten ontstaan. Voor het verrekenen van de geleverde energia+zijn alleen de afleeswaarden van de door de elektriciteitsmaatschappij ter beschikking gestelde, geijkte meter bindend.
Maximaal uitgangsvermogen (W)
hoogste,ijdens de geobserverde periode aan het stroomnet geleverd vermoen
Inkomsten
tijdens de geobserverde periode bespaard geld (valuta in het Setup-menu instelbaar)
Net als bij de geleverde energia{kunnen ook bij Inkomsten afwijkingen ten opzichte van andere meetwaarden ontstaan.
Instelling van valuta en verrekentarief worden in de rubriek 'Het Setup-menu' beschreiben.
De fabrieksinstelling hangt af van de betreffende landspecifieke setup.
CO2-besparing (g / kg)
tijdens de geobserverde periode bespaarde CO_2 -emissie
De waarde voor de CO2 -besparing komt overeen met de CO2 -emissie, die bij productie van de gelijke hoeveelheid stroom in een bestaande energiecentrale zou zich vrijgekomen. De fabrieksinstalling bedraagt 0,53kg / kWh (bron: DGS - Deutsche Gesellschaft für Sonnenenergie).
Maximale spanning L-N (V)
hoogste,ijdens de geobserverde periode gemeten spanning:tussen draad en nulleider
Maximale solarspanning (V)
hoogste,ijdens de geobserverde periode gemeten solarspanning
Bedrijfsuren
bedrijfsduur van de inverter (HH:MM).
BELANGRIJK! Voor de correcte weergave van de dag- enaarwaarden要去 hetijd correct�zijn ingesteld.
De menuoptie SETUP
Voorkeursinstelling
De inverter is na de volledige UITvoering van de inbedrijfname (bijvoorbeeld met behulp van de installmentiewizard) voorgeconfigureerd volgens de landspecifieke setup.
Via de menuoptie SETUP können de voorkeursinstellungen van de inverter eenvoudig worden gewijzigd om zo goed möglich aan uw specifieke wensen en eisen te voldoen.
SETUP

SETUP (setup-menu)
OPMERKING!
Naar aanleiding van software-updates kuren functies op uw apparaat beschikbaar zich in die in deze gebruiksaanwijzing Niet zichen beschreiben (of omgekeerd).
Bovendien konnen enkele afbeeldingen in geringe mate afwijkken van de bedieningselementen op uw apparaat. De werking van deze bedieningselementen isECHTER gelijk.
Navigeren in de menu-optie SETUP
De menu-optie SETUP openen

Menuniveau 'SETUP' geseleceerd
In het menuniveau met de knop 'links' of 'rechts' de menuoptie 'SETUP' selecteren
2 De knop 'Enter' hdukken

Item 'Standby'
Het eerste item van de menuoptie SETUP
wordt weergegeven:
'Standby'
Tussen de items bladersen

Voorbeeld: Menuoptie 'WiFi Access Point' (WLAN-toegangspunt)
3 Met de knappen 'omhoog' of 'omlaag' tussen de beschikbare items bladeren
Een item verlaten

4 Om een item te verlaten, moet u de knop Terug'ndrukken
Het menuniveau wordenweergegeven
Indien er 2 minuten geen knop worden ingedrukt,
schakelt de inverter vanuit iedere willekeurige positie binnen het menuniveau over maar de menu-optie 'NU' (uitzondering: Setup-menu-item 'Standby'),
- gaat de display-verlichting UIT.
- De momenteel aan het net teruggeleverde elektriciteit worden weergegeven.

Menurecordinsistellenalgemeen
1 Open het gewenste menu
2 Selecteer met behulp van de toets op' of 'neer' de gewenste record
3 Druk op de toets 'Enter'
De ter beschikking staande instellungen worden weergegeven:
De eerste positie van een in te stellen waarde knippert:
4 Selecteer m.b.v. de toetsen 'op' of 'neer' de gewensteinstellung
Kies m.b.v. de toets 'op' of 'neer' een getal voor de eerste positie
5 Druk op de toets 'Enter' om de keuze op te slaan en over te nemen.
Druk op de toets 'Enter'
Druk om de keuze nicht op te slaan de toets 'Esc' in.
De tweeede positie van de waarde knippert.
Herhaal stap 4 en 5 tot ...
de complete, in te stellen waarde knippert.
Druk op de toets 'Enter'
Herhaal stappen 4-6 zo nods voor eenheden of andere in te stellen waarden tot de eenheid of de in te stellen waarde knippert.
9 Druk op de toets 'Enter' om de wijzigingen op te slaan en over te nemen.
Druk om de wijzigingen Niet op te slaan de toets 'Esc' in.
De actueel geseleede record wordt weergegeven.
De actueel geseleeteerde record wordt weergegeven.
Toepassings- Voorbeeld: Tijd instellen

Setup-menue-item Tijd / Datum' lecteren
2 De knop 'Enter' ndrukken

Het overzicht van de instelbare waarden wordt weergegeven.
3 Met de knoppen 'omhoog' of 'omlaag' ♦ Tijd instellen' selectoren
4 De knop 'Enter' hdukken

De tijd worden weergegeven. (HH:MM:SS, 24- uurs weergave), het cijfer voor de tientallen van de uren knippert.
5 Met de knoppen 'omhoog' of 'omlaag' + - een waarde voor het cijfer voor de tientallen van de uren selecteren
6 De knop 'Enter' hdukken

Het cijfer voor de eenheden voor de uren knippert.
7 Handeling 5 en 6 voor de eenheden van de uren herhalen voor de Minutes en seconden tot ...

de ingesteldeijd knippert.
8 De knop 'Enter' ndrukken

De tijd worden opgeslagen, het overzicht van de instelbare waarden worden weergegeven.
4 De knop 'Esc' ndrukken

Setup-menu-item 'Tijd / Datum' worden weergegeven.
Stand-by Handmatige activering / deactivering van de stand-bymodus
Er vindt geen teruglevering aan het net plaats.
- De Startup-LED Licht orangje op.
Op het display wordt afwisseled STANDBY/ENTER weergegeven
- In de stand-bymodus kan geen andere menuoptie in het menuniveau worden opgeroepen of ingesteld.
- Het automatisch wisselen waar de afleesmodus 'NU' worden nicht geactiveerd als gedurende 2 minuten geen toets worden ingedrukt.
- De stand-bymodus kan alleen handmatig door het indrukken van de toets 'Enter' worden beeindigd.
- Tenzij er sprake is van een fout (statuscode) kan de terugleveringsmodus te allen tijde worden hervat door op de toets 'Enter' te drukken
Stand-bymodus instellen (handmatig uitschakelen van de terugleveringsmodus):
1 Het item 'Stand-by' selectoren
2 De functietoets 'Enter' hdukken
Op het display verschijnt afwisseled 'STANDBY' en 'ENTER'.
De stand-bymodus is nu geactiveerd.
De Startup-LED Licht oranje op.
Hervatting van de terugleveringsmodus:
In de standby-modus verschijnt op het display afwisselend 'STANDBY' en 'ENTER'.
1 Om de terugleveringsmodus te hervatten, moet u de functietoets 'Enter' indrukken
Het item 'Stand-by' wordt weergegeven.
Parallel daaraan doorloopt de inverter de Startup-fase.
Nadat de terugleveringsmodus werk is ingeschakeld,licht de bedrijfsstatus-LED groen op.
WiFi-toegangspunt
Voor het activeren/deactiveren van het WiFi Access Point (WiFi-toegangspunt). Dit is bijvoorbeeld nodig om via de webinterface van de Datamanager de systemeemonitoring in te stellen of aan te passen. Als de inverter geen Datamanager detecteert, worden [niet beschikbaar] weergegeven
Instelbereik WiFi-toegangspunt [gestopt]
WiFi AP activeren?
Voor het activeren van het WiFi-toegangspunt Op de toets 'Enter' drukken
WiFi-toegangspunt [actief]
De SS-ID (SS) en het wachtwoord (PW) worden weergegeven.
Voor het deactiveren van het WiFi-toegangspunt p de toets 'Enter' drukken
WiFi-toegangspunt [niet beschikbaar]
Wordt weergegeven wanner er geen systemdemonitoring op de inverter beschikkaar is.
DATCOM Controle van de datacommunicatie, invoer van het inverternummer, protocolinstelleningen
Instelbereik Status / Inverternummer / Protocoltype
Status
geeft datacommunicatie via Fronius Solar Net of een in de datacommunicatie opgetreden fout aan
Inverternummer
installing van het nummer (=adres) van de inverter bij een installmentie met meer-dere aan elkaar gekoppelde inverters
Instelbereik 00 - 99 (OO = inverter adres 100)
Fabrieksinstelling 01
BELANGRIJK! Bij het integregeren van meerdere inverters in een datacommunicaiesystem moet aan iedere inverter een eigendres worden toegewezen.
Protocoltype
legt vast welt communicatieprotocol de data overbrengt:
Instelbereik Fronius Solar Net / Interface *
Fabrieksinstalling Fronius Solar Net
- Het protocoltype Interface werkt uitsluitend zonder Fronius Datamanager-kaart. Eventueel aanwezige Fronius Datamanager-kaarten要去en uit de inverter worden verwijderd.
USB Firmware-updates uitvoeren of gedetailleerde waarden van de inverter op de USB-stick opslaan
Instelbereik Hardware veilig verwijderen / Software-update / Logging-interval
Hardware veilig verwijderen
Om een USB-stick zichonder verlies van data uit de USB A-bus bij de insteekeenheid voor datacommunicatie te trekken.
De USB-stick kan worden verwijderd:
- wonneer het OK-bericht worden weergegeven
- wonneer de LED 'Data-overdracht' Nieteer knippert of brandt
Software-update
voir hetactualiseren van de inverter-firmware met behulp van een USB-stick.
Werkwijze:
Het firmware-updatebestand 'froxxxxx.upd' downloaden
(bijv. via http://www.fronius.com; xxxx staat voor het desbetreffende versienummer)
OPMERKING!
Voor het probleemloos bijwerken van de inverter-software mag de hiervoort bestemde USB-stick geen verborgen partities en geen versleuteling bevatten (zie het hoofdstuk 'Geschikte USB-sticks').
2 Het firmware-updatebestand in het buitenste dataveld op de USB-stick opslaan
3 Deksel van het datacommunicatiegedeelte op de inverter openen
4 USB-stick met het firmware-updatebestand aansluiten op de USB-bus in het datacommunicatiegedeelte van de inverter
In het Setup-menu de menuoptie 'USB' en verzolgens 'Software-update' selectoren
Op de knop 'Enter' drukken
7 Wachtent tot op het display de actuèle firmware-versie op de inverter versus de neue firmware-versie worden weergegeven:
- Eerste pagina: Recerbo-software (LCD), toetsen-controllersersoftware (KEY), landensetup versie (Set)
- Tweede pagina: Vermogensfasedeel software (PS1, PS2)
8 Na elke bladzijde de functietoets 'Enter' indrukken
De inverter gegint met het kopiernen van de data.
'BOOT' en de opslagvoortgang van de afzonderlijke tests worden in %
weergegeven tot de data voor alle elektronische componenten zijn gekopieerd.
Na het kopieren werkdt de inverter een voor een de benodigde elektronische componenten bij.
'BOOT', de desbetreffende componenten en de bijwerkingsvoortgang worden in % weergegeven.
AlsThatstepactualiseertdeinverterhetdisplay.
Het display blijt gedurende ca. 1 minuut donker, de contrôle- en status-LED's knipperen.
Nadat het bijwerken van de firmware is afgesloten, schakelt de inverter over maar de startup-fase en verrolgens�a de terugleveringsmodus. De USB-stick met behulp van de functie Hardware veilig verwijderen' loskoppelen.
Bij hetactualiseren van de inverter-firmware blijven individuele instelleningen in het Setup-menu behouden.
Logging-interval
Activeren / deactiveren van de USB-logging-functie, evenals instelling van een logging-interval
Eenheid Minuten
Instelbereik 30 Min / 20 Min / 15 Min / 10 Min / 5 Min / No Log
Fabrieksinstelling 30 min
30 min Het logging-interval bedraagt 30 minutes; elke 30
minutes worden er neue logging-data op de USB-stick opgeslagen.
20 min
15 min
10 min

5 min Het logging-interval bedraagt 5 minutes; elke 5 minutes
worden er neue logging-data op de USB-stick op-geslagen.
No Log (Geen log-boek)
Geen opslag van data
BELANGRIJK! Voor een goed werkende USB-logging-functie moet deijd correct+zijn ingesteld. De tijsinstelling worden behandeld onder 'Menupunten in het Setup-menu' - 'Tijd / datum'.
Relais (spanningsvrij schakelcontact)
Met behulp van het spanningsvrijje schakelcontact (relais) op de inverter kuren statusescodes (State Codes), de toestand van de inverter (bijv. de terugleveringsmodus) of de functies van de Energy Manager worden weergegeven.
Instelbereik Relaismodus / Relaistest / Inschakelpunt / Uitschakelpunt
- worden alleen weergegeven als onder 'Relaismodus' de functie 'E-Manager' is ge-activeerd.
Relaismodus
de volgende functies können via de relaismodus worden aufgebeeld:
- alarmfunctie (permanent / ALL / GAF)
- actieve uitgang (ON/OFF)
- Energy Manager (E-Manager)
Instelbereik ALL / permanent / GAF / OFF / ON / E-Manager
Fabrieksinstelling ALL
Alarmfunctie:
ALL / permanent:
Schakelen van het spanningsvrije schakelcontact bij permanente enijdelijkke servicecodes (bijv. korte onderbreking van de terugleveringsmodus, een servicecode treedt vaker dan een bepaald aantal keer per dag op - instelbaar in het menu 'BA-SIC')
GAF Zodra de modus GAF is geselecteerd, worden het relais ingeschakeld. Zodra het vermogensdeel een foumt meldt en van de normale terugleveringsmodus op een foutostand overgaat, worden het relais geopend. Daardoor kan het relais voor alle faalveilige functies worden gebruikt.
Mogelijktoepassing
Bij gebruik van eenfasige inverters op een meerfasige locatie kan een fasecorrectie nodig�n. Wanner bij een ofmeer inverters een fouit optreedt en de verbinding met het net wordt verbroken, moet de verbinding van de andere inverters eveneens worden verbroken om het fasenevenwicht te behouden. De 'GAF' relaisfunctie kan in verbinding met de Datamanager of een extern beschermingsapparaat worden gebruikt om op te merken of door te geen dat een inverter Niet wordt teruggeleverd of van het stroomnet wordt afgesloten, en om de overige inverters via een commando op afstand eveneens van het stroomnet af te sluiten.
Actieveuitgang:
ON ('AAN'): Het spanningsvrije NOC-schakelcontact is continu ingeschakeld zolang de inverter in bedrijf is (zolang het display verlicht is of iets weergeeft).
OFF ('UIT'): Het spanningsvrijne NOC-schakelcontact is uitgeschakeld.
Energy Manager:
E-Manager: Raadpleeg voor meer informatie over de functie Energy Manager het hoofdstuk 'Energy Manager'.
Relaistest
Controleren of het spanningsvrije schakelcontact periodiek schakelt
Inschakelpunt (alleen bij geactiveerde functie 'Energy Manager') voor het instellen van de vermogenslimiet die bepaalt wonneer het spanningsvrijje schakelcontact moet worden ingeschakeld
Fabrieksinstelling 1.000 W
Instelbereik ingesteld uitschakelpunt tot het maximale vermogen van de inverter (W of kW)
Uitschakelpunt (alleen bij geactiveerde functie 'Energy Manager') voor het instellen van de vermogenslimiet die bepaalt wonneer het spanningsvrijje schakelcontact要去 worden uitgeschakeld
Fabrieksinstelling 500
Instelbereik O tot ingesteld inschakelpunt van de inverter (W of kW)
Energy Manager (in menu-optie Relais)
Met behulp van de functie Energy Manager (E-Manager) kan het spanningsvrijje schakelcontact zo worden aangestuurd dat dit als actor fungeert. Zodoende kan een op het spanningsvrijje schakelcontact aangesloten verbruiker worden aangestuurd door instelling van een in- of uitschakelpunt dat afhankelijk is van het aan het net geleverde vermogen (werkelijk vermogen).
Het spanningsvrije schakelcontact worden automatisch uitgeschakeld:
als de inverter geen stroom levert aan het openbare stroomnetwork
- als de inverter handmatig in de stand-bymodus worden gezet
- als er een werkelijk vermogen worden voorgeschreven dat < 10% van het nom-inale vermogen van de inverter bedraagt.
Voor het activeren van de functie Energy Manager het punt 'E-Manager' selecteren en op de toets 'Enter' drukken.
Als de functie 'Energy Manager' actief is, wordt linksboven op het display het symbol 'Energy Manager' weergegeven:
- bijuitgeschakeld spanningsvrij schakelcontact NO (open contact)
bij ingeschakeld spanningsvrij schakelcontact NC (gesloten contact)
Voor het deactiveren van de functie Energy Manager een andere functie (ALL / Permanent / OFF / ON) selecteren en op de toets 'Enter' drukken.
OPMERKING!
Instructies voor het instellen van het in- en uitschakelpunt
Een teklein verschil tussen het in- en uitschakelpunt evenals schommelingen in het werkelijkke vermogen konnen tot frequente schakelcycli leiden.
Om frequent in- en uitschakelen te voorkomen,要去h verschil tussen het inen uitschakelpunt minimaal 100 - 200 W+zijn.
Houd bij het kiezen van het uitschakelpunt rekening met de vermogensopname van de aangesloten verbruiker.
Houd bij het kiezen van het inschakelpunt rekening met weersinvloeden en de verwachte zoninstraling.
Voorbeeld
Inschakelpunt = 2000W uitschakelpunt = 1800W
Als de inverter ten minste 2.000 W of meer levert, worden het spanningsvrijne schakelcontact van de inverter ingeschakeld.
Als het vermogen van de inverter daalt tot onder 1.800 W, worden het spanningsvrijje schakelcontact uitgeschakeld.
Interessante toepassingsmogelijkheden, zoals een warmtepomp of een airco met zoveel möglichk eigena verbruik, kunnen met dit systeme smel worden gerealiseerd
Tijd / datum Instellen vanijd, datum, weergaveformaten en automatische omschakeling van de zomer- en wintertijd
Instelbereik Tijd instellen / Datum instellen / Weergaveformaatijd / Weergaveformaat datum / Zomer-/wintertijd
Tijd instellen
Instelling vanijd (uu:mm:ss of uu:mm am/pm - afhankelijk van instelling onder weergaveformaatijd)
Datum instellen
Installing van datum (dd.mm.jjj of mm/dd/jjjj - afhankelijk van instilling onder weergaveformaat datum)
Weergaveformataatijd
Instelling van het weergaveformaat voor dearend
Fabrieksinstelling afhankelijk van de landspecifieke setup
Weergaveformulaat datum
Instelling van het weergaveformaat voor de datum
Instelbereik mm/dd/yyyy of dd.mm.yy
Fabrieksinstelling afhankelijk van de landspecifieke setup
Zomer-/wintertijd
Activeren / deactiveren van het automatisch omschakelen van zomertijd en wintertijd
BELANGRIJK! Gebruik de automatische zomer-/wintertijdomschakeling alleen als er in een Fronius Solar Net Ring geen LAN- of WLAN-compatiblele system-componenten aanwezig zijn (bijv. Fronius Datalogger Web, Fronius Datamanager of Fronius Hybrid Manager).
Instelbereik on (aan) / off (uit)
Fabrieksinstelling on (aan)
BELANGRIJK! Het correct instellen van de tijd en datum is voorwaarde voor de correcte weergave van de dag- en一年多eden evenals de daggrafiek.
Display-installingen
Instelbereik Taal / Nachtmodus / Contrast / Verlichting
Taal
Installing van de displaytaal
Instelbereik Engels, Duits, Frans, Spaans, Italiaans, Netherlands, Tsjechisch, Slowaaks, Hongaars, Pools, Turks, Portugees, Roemeens
Nachtmodus
De nachtmodus stuart de Fronius DATCOM en de displayfunctie van de inverter aanijdens deucht of bij onvoldoende DC-spanning
Instelbereik AUTO / ON (AAN) / OFF (UIT)
Fabrieksinstalling OFF ('UIT')
AUTO: De Fronius DATCOM-functie is algijd actief zolang een Fronius Datamanager op een actief, ononderbroken Fronius Solar Net is aangesloten. Het display van de inverter is tijdens de nacht donker en kan worden geactiveerd door op een willekeurige functietoets te drukken.
ON De Fronius DATCOM-functie is.altijd actief.De inverter stelt de 12 ('AAN' VDC spanning voor de voeding van het Fronius Solar Net zonder): onderbreking ter beschikking. Het display is altijd actief.
BELANGRIJK! Is de Fronius DATCOM-nachtmodus bij aangesloten Fronius Solar Net-componenten ingesteld op AAN of op AUTO, dan worden het stroomverbruik van de inverter gedurende de nacht verhoogd tot 7 W.
OFF Geen Fronius DATCOM-bedrijf's nachts, de inverter heeft.daarom ('UIT'): 's nachts geen netspanning nodig om Fronius Solar Net van stroom te voorzien. Het display van de inverter is's nachtsuitgeschakeld, de Fronius Datamanager is dan Niet beschikbaar. Om de Fronius Datamanager toch te activeren: de inverter aan AC-zijde uit- en wee inschakelen en binnen 90 seconden op een willekeurige functietoets op het display van de inverter drukken.
Contrast
Instelling van het contrast op het display van de inverter
Instelbereik O - 10
Fabrieksinstelling 5
Omdat het contrast temperatuurafhankelijk is, kuren wisselende omgevingsvoorwaarden deinstelling van de menu-optie 'Contrast'oodzakelijk makeen.
Verlichting
Installing van de displayverlichting van de inverter
De menu-optie 'Verlichting' betreft uitsluitend de weitergrundverlichting van het display van de inverter.
Instelbereik AUTO / ON (AAN) / OFF (UIT)
Fabrieksinstelling AUTO
AUTO: De displayverlichting van de inverter worden door het indrukken van een willekeurige toets ingeschakeld. Wordt 2 minutes lang geen toets ingedrukt, dan.gaat de displayverlichting weeer UIT.
ON De displayverlichting van de inverter is bij actieve inverter permanent insgeschakeld.
OFF De displayverlichting van de inverter is permanent uitgeschakeld. ('UIT'):
Energieop-brengst
De volgende instellungen können hier worden gewijzigd/ingesteld:
- Teller afwijking / kalibratie
- Valuta
Leveringstarief
CO2-factor
Instelbereik Valuta / Voedingsstarief
Teller afwijking / kalibratie kalibreren van de teller
Valuta instelling van de valuta
Instelbereik 3 positions, A-Z
Verrekentarief
instelling van valuta en verrekentarief voor de vergoeding van de geleverde energie
Instelbereik 2 cijfers, 3 decimaaltekens
Fabrieksinstelling (afhankelijk van de landspecifieke setup)
CO2-factor
installing van de CO2-factor van de geleverde energia
Ventilatoren voor het controleren van de werking van de ventilatoren
Instelbereik Test ventilator 1 / Test ventilator 2 (afhankelijk van apparaat)
selecteer de gewenste ventilator met de toetsen 'op' en 'neer
- Het testen van de geseleede ventilator worden door het indrukken van de toets 'Enter' gestart.
- De ventilator draait zo lang tot het menu door het indrukken van de toets 'Esc' worden verlaten.
BELANGRIJK! Op het display van de inverter worden weergegeven of de ventilator in orde is. Of de ventilator goed functioneert, kan alleen worden gecontroleerd door te horen en te voelen.
De menuoptie INFO
INFO

INFO (informatie over apparaat en software)
Meetwaarden Status VFD Netstatus
Meetwaarden Weergavebereik: PV Iso. / Ext. Lim. / U PV1 / U PV2 / GVDPR / Fan #1
PV Iso. isolatieweerstand van de PV-installatie (bij Niet-geaarde zonnepanelen en bij zonnepanelen met min-pool-aarding)
Ext. Lim.
externe vermogensreductie in percentage, bijv. door
netwerkbeheerder ingesteld
UPV1 huidige DC-spanning op de klemmen, ook wanner de inverter in het geheel Niet aan het elektriciteitsnet levert (van 1e MPP-tracker)
UPV2 huidige DC-spanning op de klemmen, ook wanner de inverter in het geheel Niet aan het elektriciteitsnet levert (van 2e MPP-tracker)
GVDPR Netspanningsafhankelijke vermogensreductie
Fan #1 procentuele waarde van het nominale ventilatorvermogen
Status VFD Status van de letzst opgetreden storing in de inverter kan worden weergegeven.
BELANGRIJK! Op grond van een zwakke zoninstraling verschijnen elke ochtend en avond logischerwijs de statuscode 306 (Power low) en 307 (DC low). Aan deze statuses codes ligt geen fout ten grondslag.
- Na het indrukken van de toets 'Enter' worden de status van de vermogensfasedeel en de LAST opgetreden storing weergegeven
Blader met behulp van de toets 'omhoog' of 'omlaag' door de lijst - Druk de toets 'Terug' in om de status- en storingslijst teverlaten
| Netstatus De 5IRST opgetreden netstoringen kuren worden weergegeven: | |
| - | Na het indrukken van de toets 'Enter' worden de 5 LAST opgetreden netstoringen weergegeven |
| - | Blader met behulp van de toets 'omhoog' of 'omlaag' door de lijst |
| - | Druk de toets 'Terug' in om de lijst met netstoringen te verlaten |
Apparaatinformatie Voor het weergeven van instellenen die relevant zijn voor een energiebedrijf. De weergegeven waarden zijn afhankelijk van de betreffende landspecifieke setup of van apparaatspecifieke instellenen van de omvormer.
Weergavebereik Algemeen / Landinstelling / MPP-tracker / Netmonitoring / Netspannings-grenzen / Lichtnetfrequentiegrenzen / Q-modus / AC-vermogensgrens / AC-spanningsderating / Fault Ride Through
Algemeen: Apparaattype - exacte naam van de omvormer
Fam. - omvormerfamilie van de omvormer
Serienummer - serialummer van de omvormer
Landinstalling: Setup - ingestelde landspecifieke setup Version - versie van de landspecifieke setup Origin activated - geeft aan dat de normale landinstelling is geactiveerd. Alternat. activated - geeft aan dat de alternatieve landinstelling is in- geschakeld (alleen voor Fronius Symo Hybrid) Group - groep voor het bijwerken van de omvormer-software
MPP-tracker: Tracker 1 - weergave van het ingestelde trackinggedrag (MPP AUTO / MPP USER / FIX) Tracker 2 (alleen bij Fronius Symo met uitzondering van Fronius Symo 15.0-3 208)-weergave van het ingestelde trackinggedrag (MPP AUTO / MPP USER / FIX)
Netmonitoring: GMTi - Grid Monitoring Time - opstarttijd van de omvormer in sec (seconden)
GMTr - Grid Monitoring Time reconnect - herinschakeltijd in sec (second) na een netstoring
ULL - U (spanning) Longtime Limit - spanningsgrenswaarde in V (Volt) voor de gemiddelde spanningswaarde gedurende 10 minutes
LLTrip - Longtime Limit Trip - activeringstijd voor ULL-monitoring: hoe snel de omvormer要去uitschakelen
| Netspanning-gren-swaarden interne grenswaarde: | Umax - hoogste interne netspanningswaarde in V (volt) |
| TTMax - Trip Time Max - activeringstijd voor overschrijding van de bovenste interne netspanning-grenswaarde in cyl* | |
| Umin - laagste interne netspanningswaarde in V (volt) | |
| TTMin - Trip Time Min - activeringstijd voor onderschrijding van de onderste interne netspanning-grenswaarde in cyl* | |
| *cyl = netperioden (cycl); 1 cyl komt overeen met 20 ms bij 50 Hz of 16,66 ms bij 60 Hz | |
| Netspanning-gren-swaarden externe grenswaarde | UMax - hoogste externe netspanningswaarde in V (volt) |
| TTMax - Trip Time Max - activeringstijd voor overschrijding van de bovenste externe netspanning-grenswaarde in cyl* | |
| UMin - laagste externe netspanningswaarde in V (volt) | |
| TTMin - Trip Time Min - activeringstijd voor onderschrijding van de onderste externe netspanning-grenswaarde in cyl* | |
| *cyl = netperioden (cycl); 1 cylokit overeen met 20 ms bij 50 Hz of 16,66 ms bij 60 Hz | |
| Lichtnetfrequen-tiegrenzen: | FILmax - hoogste internelichtnetfrequentiewaarde in Hz (Hertz) |
| FILmin - laagste internelichtnetfrequentiewaarde in Hz (Hertz) | |
| FOLmax - hoogste externelichtnetfrequentiewaarde in Hz (Hertz) | |
| FOLmin - laagste externelichtnetfrequentiewaarde in Hz (Hertz) | |
| Q-modus: weergave welke blindvermogensinstalling momenteel op de omvormer is ingesteld (bijv. OFF, Q / P, enz.) | |
| AC-vermogensgrens inclusief weergave softstart en/of AC-lichtnetfrequentie derating: | Max P AC - maximaaluitvoervermogen dat kan worden gewijzigd met de functie 'Manual Power Reduction' (Handmatige vermogensreductie) |
| GPIS - Gradual Power Incrementation at Startup - weergave (%/sec) of de softmax-functionie op de omvormer is geactiveerd | |
| GFDPRe - Grid Frequency Dependent Power Reduction enable limit - geeft de ingesteldelichtnetfrequentiewaarde in Hz (Hertz) wee: vanaf wonneer een vermogensreductie plaatsvindt | |
| GFDPRv - Grid Frequency Dependent Power Reduction derating gradient - geeft de ingesteldelichtnetfrequentiewaarde in %/Hz aan: hoe sterk de ver-mogensreductie is | |
| AC-spanningsderat-ing: | GVDPRe - Grid Voltage Depending Power Reduction enable limit - drempel-waarde in V vanaf welke de spanningsafhankelijkke vermogensreductie begint |
| GVDPRv - Grid Voltage Depending Power Reduction derating gradient - re-ductiegradiënt in %/V waarmee het vermogen worden gereduceerd | |
| Message - geeft aan of de verzending van een infobericht via Fronius Solar Net geactiveerd is | |
Versie Weergave van het versienummer en serialummer van in de inverter ingebouwde printplaten (bijvoorbeeld voor servicedodeleinden)
Weergavebereik Display / Display Software / Checksum SW / Datageheugen / Datageheugen #1 / Vermogensmodule / Vermogensmodule SW / EMV-filter / Power Stage #3 / Power Stage #4
Toetsenblokkering in- en uitschakelen
Algemeen De inverter is met een toetsenblokkeerfunctie uitgerust.
Bij geactiveerde 'Setup Lock' functie kan het Setup-menu nicht worden opgeroepen, bijvoorbeeld als beveiliging gegen onbedoeld verstellen van de setupgegevens.
Voor het activeren / deactiveren van de toetsenblokkeerfunctie要去 de code 12321 worden ingegeven.
Toetsenblokkering in- enuitschakelen

1 Druk de knop 'Menu' feverlaten
Het menuniveau worden weergegeven.
Druk de Niet-voorgeprogrammeerde knop 'Menu / Esc'
5x in□□□

In het menu 'CODE' wordt 'Toegangscode' weergegeven, de eerste positie knippert.
3 Voer de code 12321 in: Kies met behulp van de knappen 'plus' of 'min' de waarde voor de eerste positie van de code
4 De knop 'Enter' veIaten

De tweede positie knippert.
Herhaal handeling 3 en 4 voor de tweeede, derde, vierde en vrijde positie van de code tot ...
de ingestelde code knippert.

6 De knop 'Enter' ve terlaten
In het menu 'LOCK' (Vergrendelen) worden 'Toetsblokkering' weergegeven.
Kies met behulp van de knappen 'plus' of 'min' de knopblokkering in of UIT:
ON (AAN) = knopblokkering is ingeschakeld (de menuoptie SETUP kan nicht worden opgeroepen)
OFF (UIT) = knopblokkering isuit-geschakeld (de menuoptie SETUP kan worden opgeroepen)
8 De knop 'Enter' ve terlaten
USB-stick als datalogger en voor hetactualiseren van de invertersoftware
USB-stick als datalogger
Een op de USB A-bus aangesloten USB-stick kan als datalogger voor een inverter fungeren.
De op de USB-stick opgeslagen logging-data können te allen tjnde
-
via het meegelogde FLD-bestand in de software Fronius Solar.access worden geimporteerd,
-
via het meegelogde CSV-bestand direct in de programme's van andere aanbieders (bijvoorbeeld Microsoft® Excel) worden bekeken.
Oudere versies (tot Excel 2007) hebben een regelbeperking van 65536 tekens.
Meer informatatie over 'Data op de USB-stick', 'Datahoeveelheid en opslagcapaciteit' en 'Buffergeheugen' vindt u onder:

http://www.fronius.com/QR-link/4204260204DE
Passende USB-sticks
Door het groe aantal op de markt verkrijgbare USB-sticks kan nicht worden gegarandeerd dat iedere USB-stick door de inverter worden herkend.
Fronius advisert uitsluitend gecertificateerde, voor industrieel gebruik geschikte USB-sticks te gebruiken (let op het USB-IF-logo!).
De inverter ondersteunt USB-sticks met de volgende bestandssystemen:
- FAT12
- FAT16
- FAT32
Fronius raadt aan de gebruikte USB-sticks alleen te gebruiken voor het registereren van loggingdata of voor het bijwerken van de invertersoftware. De USB-sticks mogen geen andere data bevatten.
USB-symbool op het inverterdisplay, bijvoorbeeld in de afleesmodus 'NU':

Herkent de inverter een USB-stick, dan worden rechtsboven op het display het USB-symbool weergegeven.
Bij het aanbrengen van de USB-stick erop letten of het USB-symbol worden weergegeven (kan ook knipperen).

Opmerking! Let er bij buitentoepassingen op dat de functie van gebruikelijke USB-sticks vaak slechts in een beperkt temperatuurbereik is gegardeerd. Stel bij buitentoepassingen veilig dat de USB-stick bijv. ook bij lage temperaturen werkct.
USB-stick voor het bijwerken van de inverter-software
Met behulp van de USB-stick hunnen ook eindgebruikers via het menuelement USB in de menuoptie SETUP de software van de inverter bijwerken: het updatebestand worden van tevoren op de USB-stick opgeslagen en vanaf de USB-stick maar de inverter gekopieerd. Het updatebestand moet zich in de root van de USB-stick bevinden.
USB-stick verwijdersen
Opmerking m.b.t. deeiligheid voor het verwijderen van een USB-stick:

BELANGRIJK! Om het verlies van data te voorkomen, mag een aangesloten USB-stick alleen onder de volgende voorwaarden worden verwijderd:
- alleen via de menuoptie SETUP, menurecord 'USB / Hardw. veilig verw.'
- wonneer de LED 'Data-overdracht' Niet meer knippert of brandt.
Algemeen In het Basic-menu worden de volgende voor de installmentie en werkig van de inverter belangrijke parameters ingesteld:
-
DC-bedrijfsmodus
-
Aardingsmodus / Aardingsbewaking
Fix-spanning
-
Isolatie-installingen
-
MPPT1-/MPPT2-startspanning
-
USB-logboek
-
VOLLEDIGEReset
-
Gebeurtenisteller
Het Basic-menu openen

1 De knop 'Menu' ndrukken
Het menuniveau worden weergegeven.
2 Druk de Niet-voorgeprogrammeerde knop 'Menu / Esc' 5x in

In het menu 'CODE' wordt 'Access Code' (Toegangscode) weergegeven, de eerste positie knippert.
3 Voer de code 22742 in: Kies met behulp van de knappen 'plus' of 'min' de waarde voor de eerste positie van de code
4 De knop 'Enter' thdukken

De tweede positie knippert.
Herhaal handeling 3 en 4 voor de tweeede, derde, vierde en vijfde positie van de code tot ...
de ingestelde code knippert.
6 De knop 'Enter' findrukken
Het Basic-menu worden weergegeven.
Kies met behulp van de knoppen 'plus' of 'min' het gewenste item
Bewerk het geseleeteerde item door de knop 'Enter' fhte drukken
9 Om het Basic-menu te verlaten, de knop 'Esc' Indrukken
De Basic-men-urecords
In het Basic-menu worden de volgende voor de installmenten en het bedrijf van de omvormer belangrijke parameters ingesteld:
- MPP-tracker 2: ON / OFF (AAN / UIT) (alleen bij MultiMPP-tracker-appar-aten)
-
DC-bedrijfsmodus: MPP AUTO / FIX / MPP USER
-
MPP AUTO: normale bedrijfstoestand; de omvormer zoekt automatisch het optimale werkpunkt
- FIX: voor het invoeren van een vaste DC-spanning waarmee de omvormer werkt
-
MPP USER: voor het invoeren van de laagste MP-spanning waarvandaan de omvormer�nzim opimale werkpunt zoekt
-
Dynamic Peak Manager: ON / OFF
Fix-spanning: voor het invoeren van de fix-spanning (80 - 800 V) - MPPT-startspanning: voor het invoeren van de startspanning (80 - 800 V)
USB-logboek
Activeren of deactiveren van de functie, alle foumteldingen op een USB-stick opslaan
AUTO/OFF/ON(AUTOM./UIT/AAN)
Signalingang
- Werkwijze: Ext Sig. / So-Meter / OFF
Werkwijze Ext Sig.:
- Type activating: Warning (waarschuwing wordt op display weergegeven) / Ext. Stop (omvormer wordenuitgeschakeld)
- Type aansluiting: N/C (normally closed, verbreekcontact) / N/O (normally open, maakcontact)
Werkwijze SO-meter - zie hoofdstuk Dynamische vermogensreductie via omvormer op pagina 121.
- Terugleveringslimiet elektriciteitsnet
Veld voor het invoeren van het maximale terugleveringsvermogen in W. Als deze waarde worden overschreden, regelt de omvormer binnen de door de nationale normen en voorschriften vereisteijd terug maar de ingestelde waarde.
- Impulsen per kWh
Veld voor het invoeren van de impulsen per kWh van de SO-teller.
SMS / Relais
- Gebeurtenisvertraging
voor het invoeren van de tijdsvertraging waarmee een SMS worden verstuurd of het relais moet schakelen 900 - 86.400 seconden
- Gebeurtenissenteller:
voor het invoeren van eenantal gebeurtenissen dat tot signalering leidt: 10 - 255
Isolatie-installing
- Isolatiewaarschuwing: ON / OFF
- Drepelwaarde waarschuwing: voor het invoeren van een drempelwaarde die een waarschuwing tot gevolg heeft
TOTAL Reset
zet in de menuoptie LOG de max. en de min. spanningswaarden evenals de max. teruggeleverde elektriciteit wee por op nul.
Het terugzetten van de waarden kan nicht ongedaan worden gemaakt.
Om de waarden weeop nul te zetten,drukt u de toets Enter'in.
'BEVESTIGEN' wordt weergegeven.
De waarden worden teruggezet, het menu worden weergegeven
De inverter spanningsloos make en weein schakelen
Inverter stroomloos schakelen

- Schakel de veiligheidsschakelaar van de kabel UIT.
- Zet de DC-scheidingsschakelaar in de stand 'Uit'.
Voer de eerder genoemde stappen in omgekeerde volgorde uit om de inverter waar weer in bedrijf te stellen.
Statusdiagnose en storing opheffen
Weergave van statuses codes
De inverter beschicht over een systemdzelfdiagnose die een groot aantal möglichke fouten zichstandig herkent en op het display weergeeft. Hierdoor konnen defec- ten van de inverter en de PV-installatie alsmede installmentie- en bedieningsfouten snug worden opgespoord.
Indien de systeemzelfdiagnose een concrete fout heeft gezonden, worden de bijbehorende statuscode op het display weergegeven.
BELANGRIJK! Kortstondig aangegeven statusescodes können gevolg zichen van het regelgedrag van de inverter. Werkt de inverterervolgens storingsvrij verdier, dan is geen fout aanwezig.
Vollediguitvallen van het display
Blijft het display langerearend zaonopgangdonker:
-
Wisselspanning op de aansluitingen van de inverter controeren: de wisselspanning要去 230V(+10% / - 5%)^* bedragen.
-
Netspanningtolerantie afhankelijk van de landspecifieke Setup
Statuscodes in de e-Manual
De meest recente statusescodes zijn te vinden in de e-Manual-versie van deze bedi- eningshandleiding:
manuals.fronius.com/html/4204102165/#o_t_0000000061

manuals.fronius.com/html/4204102165/#0_t_0000 000061
STATE CODES Fronius Primo
Klantenservice BELANGRIJK! Neem contact op met uw Fronius leverancier of een door Fronius geschoolde servicemonteur, wanneer
- een storing vaak of permanent opttreedt
- een storing optreedt die nicht in de tabellen is vermeld
Exploitation in omgevingen met een sterke stofontwikkeling
Bij exploitation van de inverter in omgevingen met een sterke stofontwikkeling: zo nodig de koellichamen en ventilatoren aan de achechterzijde van de vermogens-module, evenals de inlaatluchtopeningen in de montagesteun met schone persluchtuitblazen.
Technische gegevens
Algemene data en veiligheidsvoorzieningen Fronius Primo 3.0-1 -8.2-1
| Eigenverbruik 's nachts 0,6 W | |
| Koeling Geregelde geforceerde ventil- | atie |
| Beschermingsklasse IP 65 | |
| Afmetingen h x b x d 628 x 428 x 205 mm | |
| Gewicht 21,6 kg | |
| Toelaatbare omgevingstemperatuur -40 °C - +55 °C | |
| Toelaatbare luchtvochtigkeit 0 - 100 % | |
| EMV-emissieklasse | B |
| Overspanningscategorie DC / AC | |
| Invertertopologie | niet geïsoleerd,[zonder trans-formator |
| Spanningsclassificatie AC | DVC-C |
| Decisive Voltage Classification DC | DVC-C |
| (DVC-Rating) Data | DVC-A |
| Veiligheidsvoorzieningen | |
| DC-isolatiemeting | Waarschuwing / uitschakeling2) bij RISO < 1 mOhm |
| Gedrag bij DC-overbelasting | Werkpuntverschuiving,ver-mogensbegrenzing |
| DC-scheidingsschakelaar | geintegrereerd |
| Actieve anti-islandingmethode | Frequentieverschuivings-methode |
| Fronius Primo | 3.0-1 | 3.5-1 | 3.6-1 |
Ingangsgegevens
| MPP-spanningsbereik | 200 - 800 V |
| Max. ingangsspanning bij 1.000 W/m2 / 14 °C in nullastbedrijf | 1.000 V |
| Max. ingangsstroom (MPPT1 / MPPT2) | 12,0 A |
| Max. kortsluitingsstroom van de zonnepanelen (MPPT1 / MPPT2) 8) | 24 / 24 A |
| Max. inverter-terugleverstroom voor PV-veld3) | 18 A |
Uitgangsgegevens
| Fronius Primo 3.0-1 3.5-1 3.6-1 | |||
| Nominal uitvoervermogen (Pnom) 3000 W 3500 W 3680 W | |||
| Max. uitvoervermogen 3000 W 3500 W 3680 W | |||
| Nominal schijnvermogen 3000 VA 3500 VA 3680 VA | |||
| Nominate netspanning 1 ~ NPE 220 / 230 / 240 V | |||
| Min. netspanning | Invertertopologie 150 V1) | ||
| Max. netspanning | 270 V1) | ||
| Max. uitgangsstroom 13,7 A 16,0 A 16,8 A | |||
| Nominate freiestie | 50 / 60 Hz1) | ||
| Totale harmonische vervorming < 3 % | |||
| Vermogensfactor cos phi | 0,85 - 1 ind./cap.2) | ||
| Max. toelaatbare netimpedantie Zmax bij PCC | geen | ||
| Inschakelstroom5) | 36 A / 2,2 ms | ||
| Max. uitgangsdifferentieelstroom per tjidsduur 38 A / 172 ms | |||
Rendement
| MPP-spanningsbereik | 210 - 800 V | 240 - 800 V | 240 - 800 V |
| Max. ingangsspanning bij 1.000 W/m2/ 14 °C in nullastbedrijf | 1.000 V | ||
| Max. ingangsstroom (MPPT1 / MPPT2) 12,0 A | |||
| Max. kortsluitingsstroom van de zonnepanelen (MPPT1 / MPPT2) 8) | 24 / 24 A | ||
| Max. inverter-terugleverstroom voor PV-veld3) | 18 A | ||
Uitgangsgeevens
| Nominaal uitvoervermögen (Pnom) 4000 W | 4600 W | 5000 W | |
| Max. uitvoervermögen 4000 W 4600 W | 5000 W | ||
| Nominaal schijnvermögen 4000 VA 4600 VA 5000 VA | 5000 VA | ||
| Nominate netspanning 1 ~ NPE 220 / 230 / 240 V | |||
| Min. netspanning | 150 V1) | ||
| Max. netspanning | 270 V1) | ||
| Max. uitgangsstroom | 18,3 A | 21,1 A | 22,9 A |
| Fronius Primo 4.0-1 4.6-1 5.0-1 | |||
| Nominate freiertie | 50 / 60 Hz1) | ||
| Totale harmonische vervorming < 3 % | |||
| Vermogensfactor cos phi | 0,85 - 1 ind./cap.2) | ||
| Max. toelaatbare netimpedantie Zmax bij PCC | geen | ||
| Inschakelstroom5) | 36 A / 2,2 ms | ||
| Max. uitgangsdifferentieelstroom per tijdsduur 38 A / 172 ms | |||
Rendement
| MPP-spanningsbereik 240 - 800 V 240 - 800 V | 270 - 800 V | ||
| Max. ingangsspanning bij 1.000 W/m2/ 14 °C in nullastbedrijf | 1.000 V | ||
| Max. ingangsstroom (MPPT1 / MPPT2) | 18,0 A | ||
| Max. kortsluitingsstroom van de zonnepANELen (MPPT1 / MPPT2) 8) | 36 A / 36 A | ||
| Max. inverter-terugleverstroom voor PV-veld3) | 27,0 A | ||
Uitgangsgegevens
| Nominaal uitvoervermogen (Pnom) | 4600 W | 6000 W | 8200 W |
| Max. uitvoervermogen | 5000 W | 6000 W | 8200 W |
| Nominaal schijnvermogen | 5000 VA | 6000 VA | 8200 VA |
| Nominate netspanning | 1 ~ NPE 220 / 230 / 240 V | ||
| Min. netspanning | 150 V1) | ||
| Max. netspanning | 270 V1) | ||
| Max. uitgangsstroom | 22,9 A | 27,5 A | 37,5 A |
| Nominate freiuentie | 50 / 60 Hz1) | ||
| Totale harmonische verrorming < 3 % | |||
| Vermogensfactor cos phi | 0,85 - 1 ind./cap.2) | ||
| Max. toelaatbare netimpedantie Zmax bij PCC | geen | ||
| Inschakelstroom5) | 36 A / 2,2 ms | ||
| Max. uitgangsdifferentieelstroom per tjidsduur | 38 A / 172 ms | ||
Rendement
| Fronius Primo 5.0-1 AUS 6.0-1 8.2-1 | |||
| Maximaal rendement 98,1 % 98,1 % 98,1 % | |||
| Europ. rendement 97,1 % 97,3 % 97,7 % |
Fronius Primo 5.0-1 SC
Ingangsgegevens
| MPP-spanningsbereik 240 - 800 V | |
| Max. ingangsspanning bij 1.000 W/m2/ 14 °C in nullastbedrijf | 1.000 V |
| Max. ingangsstroom (MPPT1 / MPPT2) 18,0 A | |
| Max. kortsluitingsstroom van de zonnepanelen (MPPT1 / MPPT2) 8) | 36 / 36 A |
| Max. inverter-terugleverstroom voor PV-velt 3) | 27 A |
Uitgangsgegevens
| Nominal uitvoervermogen (Pnom) 5000 W | |
| Max. uitvoervermogen 5000 W | |
| Nominal schijnvermogen 5000 VA | |
| Nominate netspanning 1 ~ NPE 220 / 230 / 240 V | |
| Min. netspanning | 150 V1) |
| Max. netspanning | 270 V1) |
| Max. uitgangsstroom | 22,9 A |
| Nominate freiagentie | 50 / 60 Hz1) |
| Totale harmonische verrorming | <3% |
| Vermogensfactor cos phi | 0,85 - 1 ind./cap.2) |
| Max. toelaatbare netimpedantie Zmax bij PCC | geen |
| Inschakelstroom5) | 36 A / 2,2 ms |
| Max. uitgangsdifferentieelstroom per tijsdsduur | 38 A / 172 ms |
Rendement
Verklaring van de voetnoten
1) Vermelde waarden zijn standard waarden; afhankelijk van de bestelling worden de omvormer special op het betreffende land afgestemd.
2) Afhankelijk van landspecifieke setup of apparaatspecifieke instellenen (ind. = inductief; cap. = capacitief)
3) Maximale stroom van een defect zonnepaneel maar alle andere zonnepanelen. Van de omvormer zichaar de PV-zijde van de omvormer is het O A.
4) Veiliggesteld door de elektrische constructie van de omvormer
5) Piekestroom bij inschakelen van de omvormer
6) Vermelde waarden zijn standard waarden;DEXE Waarden moeten afhankelijk van de eisen en het PV-vermogen worden aangepast.
7) Vermelde waarde is een maximale waarde; als de maximale waarde worden overschreden, kan dit de werkung negatief beinvloeden.
8) ISCPV = ISCmax ≥ I_SC (STC) x 1,25 na bijv.: IEC 60364-7-712, NEC 2020, AS/NZS 5033:2021
Geintegreerde DC-scheidingssschak eraar
| Instellingen | |
| Productnaam Benedict LS32 E 7798 | |
| Toegekende isolatiespanning 1500 V DC | |
| Toegekende doorgangsweerstand 8 kV | |
| Geschiktheid voor isolatie Ja, alleen DC | |
| Gebruikscategory en/of PV-gebruikscategory | volgens IEC/EN 60947-3 gebruikscategory DC-PV2 |
| Toegekende korte-duurstroom-meerstand (Icw) | Toegekende korte-duurstroomweerstand (Icw): 1000 A voor 2 polen, 1700 A voor 2 + 2 polen |
| Toegekend kortsluitingsinschakelvermogen (Icm) | Toegekend kortsluitingsinschakelvermogen (Icm): 1000 A voor 2 polen, 1700 A voor 2 + 2 polen |
| Toegek-endebedrijfsppanning(Ue)[V d.c.] | Toegek-endebedrijfsstroom (Ie)[A] | I(make)/I-break)[A] | Toegek-endebedrijfsstroom (Ie)[A] | I(make)/I-break)[A] | Toegek-endebedrijfsstroom (Ie)[A] | I(make)/I-break)[A] | |
| 1P | 1P | 2P | 2P | 2 + 2P | 2 + 2P | ||
| Toegekenduitschakelvermogen | ≤ 500 14 56 32 128 50 200 | ||||||
| 600 8 32 27 108 35 140 | |||||||
| 700 3 12 22 88 22 88 | |||||||
| 800 3 12 17 68 17 68 | |||||||
| 900 2 8 12 48 12 48 | |||||||
| 1000 | 2 8 6 24 6 24 | ||||||
Aangehouden normen en richtlijnen
CE-aanduiding
Aan alle vereiste en geldende normen en richtlijnen ten aanzien van de geldende EU-richtlijn worden voldaan, zodat de apparatuur het CE-aanduiding draagt.
Schakeling ter voorkoming van eilandwerking
De inverter beschibt over een goedgekeurde schakeling ter voorkoming van eil-andwerking.
Netuityval
De standard in de inverter geintegreerde meet- en veiligheidsprocedures zorgen ervoor dat bij een netuitval (uitschakeling door het energiebedrijf of leidingschade) de levering aan het net onmiddelijk worden onderbroken.
Garantiebepalingen en verwijdering
Fronius-fabrieksgarantie
Gedetailleerde, landspecifieke garantievoorwaarden zijn beschikbaar op internet: www.fronius.com/solar/warranty
Om de volledige garantieperiode voor uw neuen geinstalleerde Fronius-inverter of -opslag te krijgen, registreert u zich op: www.solarweb.com.
Verwijdering Afgedankte elektrische en elektronische apparatuur要去 conform Europese rechtlichen en nationale wetgeving geschaden worden ingezameld en op een milieuvriendelijk manier worden gerecycled. Gebruikte apparaten要去en bij de dealer of via eenplaatselijk, erkend inzamel- en afvoersysteme worden ingeleverd. Een correcte afvoer van het oude apparaat bevordert een duurzame recycling van materièle hulpbronnen. Het negeren ervan kan leiden tot möglichke gezondheids-/milieueffecten.
