KG39EALCB - Koelkast SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KG39EALCB SIEMENS in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KG39EALCB SIEMENS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KG39EALCB - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KG39EALCB van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING KG39EALCB SIEMENS
Koel-/diepvriescombinatie
KG..E..
[de] Gebrauchsanleitung
[fr] Notice d'utilisation
[It] Istruzione per l'u.
[nl] Gebruiksaanwijzing

Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen 79
Aanwijzingen over de afvoer 82
Omvang van de levering 83
Dejuisteplaats 83
Let op de omgevingstemperatuuren de beluchting 84
Apparaat aansluiten 84
Kennismaking met het apparatusat .... 85
Inschakelen van het apparatus 86
Instellen van de temperatuur 87
Vakantie-modus 87
Alarmfunctions 87
Netto-inhoud 88
De koelruimte 88
Superkoelen 89
Diepvriesruimte 89
Invriescapaciteit 89
Invriezen en opslaan 90
Verse levensmiddelen invriezen 90
Supervriezen 91
Ontdooien van diepvrieswaren 92
Uitvoering 92
Sticker "OK" 94
Apparaat uitschakelen en buiten
werking stellen 94
Ontdooien 95
Schoonmaken van het apparatus 96
Luchtjes 97
Verlichting (LED) 97
Energie bespare 97
Bedrijfsgeluiden 98
Kleine storingen zelf verhelpen 98
Zelftest apparatus 100
Servicedienst, product-/ fabricagenummer en technische
gegevens 100
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen
Voordatu het apparaat in gebruik neemt
Lees de gebruiksaanwijzing en het installmentievoorschrift nauwkeurig door. U vindt waarin belangrijke informatatie overplaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid als de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing Niet in acht worden genomen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter.
Door de leidingen van het
koelcircuit stroomt eenkleine hoeveelheid milieuvriendelijk, maarbrandaar koelmiddel (R600a). Dit is Niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect Niet. Vrijkomend koelmiddel kanECHter oogletselveroorzaken of vlam vatten.
Bij beschadiging
Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden;
- Ruimte gedurende een paar minuten goed luchten;
Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken;
- Contact opnemen met de Servicedienst.
Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat,des te groter moet de ruimte+zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een tekleine ruimte kan bij eenlek een ontvlambaarmengsel van gas en lucht ontstaan.
Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1m^3 groot়n. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het aansluitsnoer nicht worden afgeklemd of beschadigd.
nI
Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden verrangen door de fabrikant, deservicedienst of een andere gekwalificierde persoon. Onvakkundige installmente en reparations kuren groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door defabrikant, de klantenservice ofeen andere gekwalificeerde persoon.
Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gezruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan deveiligheidseisen voldoen.
Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters.

Brandgevaar
Draagbare meervoudige
stopcontacten of draagbare netvoedingen kuren oververhit raken en tot brand leiden. Plaats geen draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen anschter het apparaat.
Bij het gebruik
- Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsbereiders etc.). Explosiegevaar!
Ontdooi of reinig het apparaat nooit met een stoomreiniger! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen terechtkomen en kortsluiting veroorzaken. Gevaar voor elektrische schokken!
■ Afgezien van de aanbevelingen van de fabrikant geen aanvullende maatregelen nemen om het ontdooien te versnellen. Explosiegevaar! - Gebruik geen suntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. U kunt hierdoor de koelleidingen beschadigen.Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
-
Geen producten met brandbare vrijfussen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Explosiegevaar!
-
Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. nicht als opstapje gebruiken of om opte leunen.
- Om te ontdooien of schoon te make: stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel.
- Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren.
- Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen endeurafdichtingen. Deze künnen hierdoor pereus worden.
De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken of dichtmaken.
Flessen en blinkjes met vloeistoffen - vooral koolzuurhoudende dranken - Niet in de diepvriesruimte opslaan.Dergelijkke flessen en blinkjes konnen barsten!
Diepvrieswaren nadat u dezeuit de diepvriesruimte hebgethegaard, nooit onmiddelijk inde mond nemen.
Kans op vrieswonden!
Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen:
Kwetsbaar zijn kinderen/ personen met lichamelijke, geestelijkde of zintuigelijkbeperkingen, evenals personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat.
Zorg ervoor dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gezaren worden.
Een voor de veriligheid verantwoordelijkke persoon要去 zicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instruieren.
Alleen kinderen vanaf 8aar het apparaat lately gebruiken. Bij reiniging en onderhoud toezicht honden op kinderen. Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.
Vermijd langdurig contact van uw handen met diepvrieswaren, ijs of de verdamperbuizen enz. Kans op vrieswonden!
nI
Kinderen in het huishouden
Verpakkingsmateriaal en onderdelen ervan zich geen spelelgoed voor kinderen. Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozens en folie!
Het apparaat is geen spelelgoed voor kinderen!
Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!
Algemene bepalingen
Het apparatus is geschikt
- voor het koelen en invriezen van levensmiddelen,
— voor het bereiden van ijs.
Dit apparaat is bestemd voor privilegebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving.
Het koelcircuit is op dichtheid gecontrolerd.
Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.
Aanwijzingen over de afvoer
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat
De verpakking beschermt uw apparaat gegen transportschade. De gebruikte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en+kunnen opnieuw worden gebruikt. Helpaarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk worden afgevoerd.
U kurz bij uw leverancier of bij de reinigungsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmaterialial van het neue apparaat kurz (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijk verwerking.
Afvoeren van uw oude apparaat
Oude apparaten zijn geen waardeeloos afval! Door een milieuvriendelijk afvoer hunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

Waarschuwing
Bij afgedankte apparaten
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen.
- Legplateaus en voorraadvakken nicht eruit halen om het kinderen moeilijk te makeerin te klimmen!
- Laat kinderen nicht met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddel en in de isolatie gas. Die zorgvuldig要去en worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijk afvoer mooten de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport nicht beschadigd worden.
Omvang van de levering
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Voor klachten kurz u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij once klantenservice.
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
Vrijstaand apparatus
Uitrusting (modelafhankelijk)
Zakje met montagematerialial
Gebruiksaanwijzing
Montagevoorschrift
■ Klantenserviceboekje
Garantiebjlage
Informatie over energieverbruik en geluiden
De juiste plaats
Elke droge, goed te ventileren ruimte is geschikt. Het apparaat Niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmte bron plaatsen. Isplaatsing naast een warmtebron Niet te vermijden, maak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden tot de warmtebron in acht:
- Naast elektrische- of gasfornuizen 3 cm.
Naast een CV-installatie 30~cm
De vloer op deplaats van opstelling mag nicht meegeven, vloer eventueel verstevigen. Eventuele oneffenheden in de vloer opheffen door er iets onder te leggen.
Afstand tot de wand
Afb. 3
Het apparaat heeft geen wandafstand aan de zijkant nodig. De laden en legplateaus+kunnen desondanks volledig worden uitgeschoven.
Deuraanslag wisselen
(indien nodig)
Indien nodig: Wij raden u aan de deurophanging door de Servicedienst te lately verwisselen. De kosten voor het verwisselen van de deuraanslag kutu opvragen bij de Servicedienst in uw regio.

Waarschuwing
Tijdens het verwisselen van de deurophanging mag het apparaat Niet op het elektriciteitsnet� aangesloten. Eerst de stekker uit het stopcontact trekken. Leg voldoende zich material op de grond, om te voorkomen dat de achterkant van het apparaat beschadigd raakt. Het apparaat voorzichtig op� rug leggen.
Aanwijzing
Wanner het apparaat op de rug worden gelegd, mag de wandafstandhouser nicht gemonteerd zich.
Let op de omgevingstemperat uu r en de beluchting
Omgevingstemperatuur
Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklassie geconstrueerd. Afhankelijk van de klimaatklassie kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.
De klimaatklasse staat op het typeplaatje, afb. 20.
| Klimaatklasse Toelaaatbare omgevingstemperatuur |
| SN +10 °C tot 32 °C |
| N +16 °C tot 32 °C |
| ST +16 °C tot 38 °C |
| T +16 °C tot 43 °C |
Aanwijzing
Het apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanner een apparaat uit klimaatklasse SN worden gezruikt bij een lagere binnentemperatuur, konnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5^
Beluchting
Afb. 4
De lucht aan de achechterzijde van het apparaat worden warm. De verwarmde lucht要去 ongehinderd afgevoerd hunnen worden. Anders要去 de koelmachine meer presteren. Waardoor het energieverbruik toeneemt. De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!
Apparaat aansluiten
Na hetplaatsen van het apparaat moet u minimaal 1aar wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsystem terecht komt.
Vór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat").
Elektrische aansluiting
Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparatusat bevinden en ook na het opstellen van het apparatusat goed bereikbaar�.

Waarschuwing
Gevaar voor een elektrische schok!
Gebruik, indien het aansluitsnoor Niet lang genoeg is, in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren. Neem inplaats waarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen.
Het apparaat voldoet aan beschemklasse I. Sluit het apparaat aan op een volgens de voorschriften geinstalleerd 220-240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact要去en beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A.
Controleer bij apparaten die in nicht Europese landen worden gebrukt of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet. U vindt deze gegevens op het typeplaatje, afb. 20.

Waarschuwing
Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers.
Voor onsze apparaten können netvoedingsinverters en sinusinverters worden gezruikt. Netvoedingsinverters worden gezruikt bij fotovoltaische installaties die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben,要去en sinusinverter worden gezruikt.
Kennismaking met het apparaat

De)[-]tstbe bladzijde met de afbeeldingen uitklappen. Deze gebruiksaanwijzing is opeer dan een type van toepassing.
De uitrusting van de modellen kan variieren.
Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zich mogelijk.
Afb. 1
*Niet bij alle modellen.
A Koelruimte
B Diepvriesruimte
1-9 Bedieningselementen
10 Verlichting (LED)
11 Glasplateau in de koelruimte
12 Flessenrek
13 Verskoelvak
14 Groentelade
15 Boter en kaasvak
16* Voorraadvak in de deur „EasyLift"
17 Vak voor große flessen
18 Diepvrieslade (klein)
19 Glasplateau in de diepvriesruimte
20 Diepvrieslade (groot)
21 Dooiwaterafvoergootje
22 Schroefvoetjes
nI
Bedieningselementen
Afb. 2
1 Toets Aan/Uit
Om het hele apparaat in en uit te schakelen.
2 Toets „super" (Diepvriesruimte)
Om het supervriessystem in en uit te schakelen.
3 Temperatuurinsteltoetsen diepvriesruimte
Met deze toetsen wordt de temperatuur van de diepvriesruimte ingesteld.
4 Temperatuurindicatie Diepvriesruimte
De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de diepvriesruimte in ^ C
5 Alarmtoets
Om het alarmsignaal UIT te schakelen (zie hoofdstuk „Alarm function").
6 Holiday-toets
Dient voor het in- en uitschakelen van de Vakantie-modus (zie het hoofdstuk Vakantiemodus).
7 Temperatuurinsteltoetsen koelruimte
Met deze toetsen worden de temperatuur van de koelruimte ingesteld.
8 Temperatuurindicatie koelruimte
De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de koelruimte in ^ C
9 Toets „super" (Koelruimte)
Om het superkoelsystem in enuit te schakelen.
Inschakelen van het apparaat
Afb. 2
- Het apparatusat met de toets Aan/Uit inschakelen 1.
Er klinkt een alarmsignaal, de temperatuurindicatie 4 knippert en de alarmtoets 5 brandt.
- Door de alarmtoets 5 in te drukken wordt het alarmsignaaluitgeschakeld.
Het apparatus begint te koelen. De verlichting is ingeschakeld wanneer de deur open is.
De fabriek advisiert de volgende temperaturen:
■ Koelruimte: +4 °C
Diepvriesruimte: -18 °C
Aanwijzingen bij het gebruik
- Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperaturen zijn bereikt.
Vóor dieijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen.
De voorzijde van het apparaatincer de deur wordt gedeelteklicht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting worden voorkomen.
Wanneer de deur van de diepvriesruimte na het sluiten nicht direct waar geopend kan worden, dient u even te wachten tot de onderdruk is verdwenen.
Instellen van de temperatuur
Afb. 2
Koelruimte
De temperatuur is instelbaar van +2^ tot +8^ .
Temperatuur-insteltoets koelruimte 7, net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de koelruimte is ingesteld.
De LAST ingestelde waarde worden in het geheugen opgeslagen. De ingestelde temperatuur worden aangegeven op de temperatuurindicatie van de koelruimte 8.
Gevoelige levensmiddelen nicht warmer dan bij +4^ bewaren.
Diepvriesruimte
De temperatuur is instelbaar van -16^ tot -24^ .
Temperatuurinsteltoets diepvriesruimte 3
meermaals indrukken tot de gewenste diepvriesruimtetemperatuur is ingesteld.
De LAST ingestelde waarde wordt in het geheugen opgeslagen. De ingesteldetemperatuur wordt aangegeven op de temperatuurindicatie diepvriesruimte 4.
Vakantie-modus
Bij langere afwezigheid kunt u het apparaat in de energiebesparende vakantie-modus schakelen.
Bij het inschakelen van de vakantiemodus worden het automatische supervriezen uitgeschakeld.
De temperatuur in de koelruimte worden automatisch op +14^ gezet.
Bewaar in dezearend geen levensmiddelen in het koelcompartment.
In- en uitschakelen
Afb. 2
Holiday-toets 6 indrukken.
Als de vakantiemodus is ingeschakeld, brandt de toets en geeft de temperatuurindicatie van de koelruimte 8 geen temperatuur meer aan.
Alarmfunctions
Deuralarm
Er worden een alarmsignaal ingeschakeld als de deur van het apparaat langereijd openstaat. Door de deur te sluiten worden het alarmsignaal uitgeschakeld.
nl
Temperatuuralarm
Het temperatuuralarm wordt
ingeschakeld als het in de
diepvriesruimte te warm is waardoor
de diepvrieswaren können ontdooien.
Na indrukken van de toets alarm 5, geeft de temperatuurindicatie diepvriesruimte 4 gedurende vijf seconden de warmste temperatuur aan die in de diepvriesruimte heeft geheerst.
Hierna worden deze waarde gewist. De temperatuurindicatie diepvriesruimte 4 toont de ingestelde diepvriesruimtetemperatuur, zonder te knipperen.
Vanaf dit moment worden de warmste temperatuur opniew bepaald en in het geheugen opgeslagen.
Zonder gevaar voor de diepvrieswaren kan het alarm automatisch inschakelen:
■ bij het in gebruik nemen van het apparaat,
■ bij het inladen van grothe hoeveelheden verse levensmiddelen,
als de deur van de diepvriesruimte te lang geopend werk.
Aanwijzing
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opnieuw invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht konnen ze opnieuw worden ingevroren.
De maximale bewaartijd nicht meer ten volle benutten.
Alarm uitschakelen
Afb. 2
De alarm-toets 5 indrukken om het alarmsignaaluit te schakelen.
Netto-inhoud
De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat. Afb. 20
Vriesvermogen volledig benutten
Om de maximale hoeveelheid diepvrieswaren in te ruimen,{kunnen alle uitrustingsonderdelen worden verwijderd. De levensmiddelen kuren danrechtstreeks op de legplateaus en op de bodem van de vriesruimte worden gestapeld.
Onderdelen eruit halen
Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen. Afb. 16
De koelruimte
De koelruimte is de ideale bewaarplaats voor bereide gerechten, bakproducten, conserven, gecondenseerde melk en harde kaas, evenals koudegevoelige groente en fruit.
Attentie bij het inruimen
De levensmiddlesen goed verpakt of afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur, kleur en versheid behouden. Bovendien wordt voorkomen dat de levensmiddlesen maar elkaar gaan smaken en de kunststof onderdelen verkleuren.
Aanwijzing
Voorkom dat de levensmiddelende hinterwand raken. Anders worden de luchtcirculatie verminderd.
Levensmiddelen of verpakkingen können aan de hinterwand vastvriezen.
Let op de koudezones in de koelruimte
Door de luchtcirculation in de koelruimte verschillen de koudezones:
Koudste zone
is in de binnenruimte segende hinterwand en in het verskoelvak Afb. 1/13
Aanwijzing
In de koudste zones gevoelige levensmiddelen opslaan zoals vis, worst en vlees.
De warmste zone
behindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Aanwijzing
Bewaar in de warmste zone bijv.
harde kaas en boter. Kaas kan zo+zijn aroma verder ontwikkelen en de boter blijft goed smeerbaar.
Superkoelen
Tijdens het superkoelen worden de koelruimte ca. 15 uur zo koud möglich gekoeld. Hierna worden automatisch omgeschakeld maar de voor het superkoelen ingestelde temperatuur. Het superkoelsystem inschakelen bijv.
vór het inladen van grothe hoveeelheden levensmiddelen.
om dranken snel te koelen.
Aanwijzing
Als het superkoelsystem is
ingeschakeld
kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
In- en uitschakelen
Afb. 2
Super-toets koelruimte 9 indrukken.
De toets brandt als het superkoelsystem is ingeschakeld.
Diepvriesruimte
De diepvriesruimte gebruiken
■ voor het opslaan van diepvriesproducten,
om ijsblokjes te make,
om levensmiddelen in te vriezen.
Aanwijzing
Let erop dat de deur van het diepvriesruimte goed gesloten is! Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In de diepvriesruimte vormt zich veel ijs. Bovendien: energieverspilling door te hoog stroomverbruik!
Invriescapaciteit
Gegevens over de invriescapaciteit vindt u op het typeplaatje. Afb. 20
Voorwaarden voor invriesvermogen
Supervriezen inschakelen 24 uur voordat er verse levensmiddelen worden aangebracht (zie hoofdstuk Supervriezen).
Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur invriezen in het onderstevak. Daar worden ze heel snugendaardoor voorzichtig ingevroren.
Invriezen en opslaan
Inkopen van diepvriesproducten
- De verpakking mag nicht beschadigd zichn.
Neem de houdbaarheidsdatum in acht.
De temperatuur in de verkoop-koelkist moet -18 °C of kouderহn. - De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in de diepvriesruimte leggen.
Levensmiddelen invriezen
Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen.
Al ingevroren levensmiddelen mogen nicht met de nog in te vriezen levensmiddelen in aanraking komen.
De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze nicht uitdrogen of hun smoak verliezen.
Diepvrieswaren opslaan
De diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven om een goede luchtcirculatie te waarborgen.
Als er veel levensmiddelen moeten worden opgeslagen, dan kurz u de levensmiddelen direct op de glasplateaus en op de bodem van de diepvriesruimte opstapelen.
- Daartoe dient u alle diepvriesladen te verwijderen.
- Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijdersen. Afb. 16
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen invriezen
In het hoofdstuk Automatisch supervriezen leest u hoe u Kleinere hoeveelheden levensmiddelen op de snelste manier in kunt vriezen.
Verse levensmiddelen invriezen
Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen.
Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed möglich te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het worden ingevroren. Bij aubergines, paprika's, courgettes en asperges is blancheren nichtoodzakelijk.
Literatuur over invriezen en blancheren vindt u in de boekhandel.
Aanwijzing
Al ingevroren levensmiddelen mogneniet met de nog in te vriezenlevensmiddelen in aanraking komen.
Geschikt om in te vriezen: Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gezogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten,.gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.
Niet geschickt om in te vriezen: Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes, ongepelde eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken, hardgekookee eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonnaise.
Diepvrieswaren verpakken
De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodate ze Niet uitdrogen of hun smoak verliezen.
- Levensmiddelen in de verpakking leggen.
- Lucht eruit drukken.
- Het geheel van een goede sluiting voorzien.
- Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.
Voor verpakking geschikt:
Kunststof-, polyetheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen.
Deze producten zijn in de handel verkrijgbaar.
Niet geschikt voor verpakking:
Inpakpapier, perkamentpapier, cellofaan, afvalzakken en gebruike boodschappentasjes.
Als sluiting geschikt:
elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d.
Zakjes en wrapfolie van polyethylen (PE) kurz u sealen met een folie-sealer.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren
De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddelen.
Op een temperatuur van -18 °C:
Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket: tot 6 maanden.
Kaas, gevogelte, vlees: tot 8 maanden.
Groente, fruit: tot 12 maanden.
Supervriezen
Levensmiddelen dienen zo snel möglichk tot in de Kern te bevriezen, om vitamins, voedingswaarde, uiterlijk en smoak te behouden.
Het apparaat werkt na inschakeling van het supervriezen continu. De temperaturen van de diepvrieskompartimenten liggen duidelijk lager dan tijdens de normale werkinq.
Supervriezen inschakelen
Afhankelijk van de in te vriezen hoeveelheid levensmiddelenkest u het supervriezen op verschillende manieren gebruiken.
Aanwijzing
Als het supervriessystem is ingeschakeld,kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
Automatisch supervriezen
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen bevriezen het snelst als u ze als volgt invriest:
in het bovenste diepvriesbakje
links
Het automatisch supervriezen schakelt bij het invriezen van warme levensmiddelen automatisch in.
Handmatig supervriezen
Afb. 2
Vries grote hoeveelheden
levensmiddelen bij voorkeur in in het onderstevak. Daar worden ze heel snelen daardoor voorzichtig ingevroren.
Schakel enkele uren voordat u verse levensmiddelen invriest het supervriezen in, om een ongewenste temperatuurstijging te voorkomen.
nl
Als u het invriesvermogen conform het typepeplaatje wilt gebruiken, dient u 24 uur voor het invriezen van de verse waar het supervriezen in te schakelen.
Toets Super 2 indrukken.
Is supervriezen ingeschakeld, danlicht de toets op.
Supervriezen uitschakelen
Afb. 2
Toets Super 2 indrukken.
Het supervriezen is nu uitgeschakeld.
Na afloop van het supervriezen schakelt het apparaat automatisch over op de normale werkig.
Bij het automatisch supervriezen: zodra de in te vriezen Kleinere hoeveelheid levensmiddelen bevroren is.
Bij het handmatig supervriezen: na ca. 212 dag.
Ontdooien van diepvrieswaren
Afhankelijk van soort en bereidingswijze van de levensmiddelen(Int)kunt u kiezen uit de volgende möglichkheden:
■ bij omgevingstemperatuur
in de koelkast
in de elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator
in de magnetron

Attentie
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opniew invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht konnen ze opniew worden ingevroren.
De maximale bewaartijd worden hierdoor bekort.
Uitvoering
(niet bij alle modellen)
Boter en kaasvak
Door een lichte druk in het midden van de klep.gaat het botervak open.
Om schoon te makeh het botervak van onderen iets optillen en eruit halen.
Verstelbaar deur-legplateau „EasyLift"
Afb. 5
Het legplateau kan in de hoogte versteld worden zonder dat het eruit gehaald hoeft te worden.
De knoppen op de zijkant van het legplateau gelijktijdig indrukken om het legplateau maar beneden te verplaatsen. Het kan�n boven worden verplaatst zonder de knoppen in te drukken.
Flessenhouser
Afb. 7
De flessenhouder voorkomt dat de flessen kantelen bij het openen en sluiten van de deur.
Glasplateaus
Afb. 8
U kunt de plateaus en voorraadvakken in de binnenruimte maar wens verplaatsen: Daartoe het legplateau uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.
Variabel legplateau
Afb. 9
Het legplateau kan desgewenst omlaag worden geklapt. Het legplateau maar voren trekken, lately zakken enaar achteren drukken.
Deze is geschikt voor het bewaren van levensmiddelen en flessen.
Ontbijtset
Afb. 10
De bakjes van de ontbijtset{kennen afzonderlijk eruit genomen en bevuld worden.
U kurz de ontbijtset eruit nemen omdezete vullen of leeg te make. Daartoe deontbijtset optillen en eruit trekken.De houder van de bakjes kurz u verschuiven.
Flessenrek
Afb. 11
In de flessenrek kuren flessen veilig worden bewaard. De houder is variabel.
Verskoelvak
Afb. 1/13
In het verskoelvak heersen lagere temperaturen dan in de koelruimte. Er kuren ook temperaturen onder 0^ optreden.
Ideaal voor het bewaren van vis, vlees en worst. Niet geschikt voor salades, groente en koudegevoelige levensmiddelen.
Groentelade met vochtigheidsregelaar
Afb. 13
Om optimale omstandigheden te scheppen voor het bewaren van groente en fruit, kan de luchtvochtigheid in de groentelade worden aangepast aan de hoeveelheid levensmiddelen:
■kleinehoeveelheid fruit en groente - hoge luchtvochtigheid
- große hoeveelheid fruit en groente - lage luchtvochtigheid
Aanwijzingen
Koudegevoelig fruit (bijv. ananas, bananen, papaja en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten de koelkast bewaard te worden op een temperatuur van circa +8^ tot +12^ .
- Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich condenswater vormen in de groentelade. Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.
nl
Inzetbak voor de groentelade
Bild 14
De inzetstuk kan eruit gehaald worden.
Diepvrieslade (groot)
Afb. 1/20
Voor het bewaren van grote diepvrieswaren, bijv. kalkoenen, eenden en ganzen.
Aanwijzing
Scheidingsplaat (indien aanwezig) kan nicht worden verwijderd.
IJsbakje
Afb. 18
- IJsbakje voor 3/4 met drinkwater vullen en in de diepvriesruimte zetten.
- Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (steel van een lepel).
- Om de ijsblokjes los te make: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden.
Koude-accu
De koude-accu kan voor het tijdelijk koelhonden van levensmiddelen (bijv. in een koeltas) eruit genomen worden.
De koude-accu vertraagt bij het uittvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren.
Sticker "OK"
(niet bij alle modellen)
Met de sticker "OK"=kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temepratuurbereiken +4^ of kouder bereikt,zijn. Als de sticker Niet "OK" aangeeft, moet de temperatuur stapsgewijs worden verlaagd.
Aanwijzing
Na ingebruikneming van het apparaat kan het 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

Correcte instelling
Apparaat uitschakelen en buiten werkinq stellen
Apparaat uitschakelen
Afb. 2
Toets Aan/Uit 1 indrukken.
De temperatuurindicatie 8 gaat uit en de koelmachine wordenuitgeschakeld.
Buiten werking stellen van het apparatus
Als u het apparaat langerearend Niet gebruikt:
- Uitschakelen van het apparaat.
-
Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.
-
Schoonmaken van het apparaat.
- Deur van het apparat open lately.
Ontdooien
Koelruimte
Het apparatus wordt automatisch ontdooid.
Het dooiwater loopt via de dooiwatergootjes en het afvoergaatje aan het verdampingsgedeelte van het apparatus.
Diepvriesruimte
De diepvriesruimte worden nicht automatisch ontdood omdat de diepvrieswaren Niet mogen ontdooien. Een laagje rijp in de diepvriesruimte vermindert de koude-afgifte aan de diepvrieswaren waardoor het stroomverbruik worden verhoogd. Verwijder regelmatig de laag rijp of ijs.

Attentie
Een laag rijp of ijs Niet met een mes of een scherp voorwerp aftschrapen. U kunth hierdoor de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
U gaat als volgt te werk:
Aanwijzing
Ca. 4 eer voor het ontdooien het supervriessystem inschakelen zodate levensmiddelen een zeer lage temperatuur bereiken en hierdoor langer bij omgevingstemperatuur bewaard kuren worden.
- Het apparaat uitschakelen om te ontdooien.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.
- Diepvriesladen met de levensmiddelen op een koele plaats bewaren. Koude-accu (indien aanwezig) op de levenmiddelen leggen.
- Dooiwaterafvoer openen. Afb. 19
- Het legplateau voor große flessen kan worden gezruikt om het dooiwater op te vangen. Hiertoe het plateau voor große flessen verwijderen (zie het hoofdstuk Apparaat reinigen) en onder de open dooiwaterafvoer zetten.
- Om het ontdooiprocesse te versnellen twee pannen met heet water op een onderzetter in het apparaat zetten.
- Na het ontdooien het opgevangen dooiwater wegieten. Het resterende dooiwater op de bodem van de diepvriesruimte met een spons afwissen.
- Dooiwaterafvoer sluiten.
- Plateau voor grote flessen weer in de deurplaatsen.
- Na het ontdooien het apparaat wee aansluten en inschakelen.
Schoonmaken van het apparaat

Attentie
- Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
- Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken.
Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
- De legplateaus en voorraadvakken mogen Niet in de afwasmachine gereinigd worden.
Ga als volgt te werk:
- Vóor het schoonmaken het apparaat uitschakelen.
- De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.
- Diepvrieswaren verwijderen en bewaren op een koele plaats. Koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.
- Wachten tot de rijplaag is ontdooid.
- Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel. Het sop mag nicht in de verlichting terechtkomen.
- Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.
- Na het schoonmaken apparaat wee aansluiten en inschakelen.
- Diepvrieswaren opniew in het diepvriesvak leggen.
Uitvoering
Voor het reinigen+kennen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd.
Legplateausuit de deur nemen
Afb. 6
Legplateaus optillen en verwijderen.
Glasplateaus eruit halen
Afb. 8
De glasplateaus optillen, waar voren trekken, lately zakken en zijdelings eruit zwenken.
Schuiflade verwijderen
Schuiflade jets optillen en eruit halen.
Dooiwater-afvoerklep
Voor het reinigen van de dooiwaterafvoergoot要去 het glasplateau boven de groentelade, afb. 1/14, worden losgemaakt van de dooiwater-afvoerklep:
- Glazen legplateau verwijderen.
- Dooiwater-afvoerklep optillen en verwijderen. Afb. 12
Aanwijzing
De dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig reinigen met wattenstaafjes o.i.d., zodate het dooiwater goed kan weglopen.
Groentelade
Afb. 15
De afschermplaat van de groentelade kan ter reiniging worden verwijderd.
De knappen aan de zijkant na elkaar indrukken en waar bij de afterschermplaat van de groentelade nemen.
Reservoir verwijderen
Afb. 5
Reservoir tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.
Luchtjes
Als u onaangename luchtjes ruikt:
- Apparaat uitschakelen met de Aan/Uit-knop.Afb.2/1
- Alle levensmiddelen uit het apparaat halen.
- Binnenruimte reinigen (zie hoofdstuk Schoonmaken van het apparaat).
- Alle verpakkingen schoonmaken.
- Sterk ruikende levensmiddelen luchtdicht verpakken om luchtjes te voorkomen.
- Apparaat weer inschakelen.
- Levensmiddelen inruimen.
- Na 24 eer controlleren of er opniew luchtjes zich ontstaan.
Verlichting (LED)
Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.
Reparaties aan deze verlichtingogens alleen door de Servicedienst of een erkend vakman worden uitgevoerd.
Energie bespare
Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat Niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis. Gebruik eventueel een isolatieplaat.
Warme gerechten en dranken eerst latent afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
Diepvrieswaren in de koelruimte leggen om ze te ontdooien en de kou van de diepvrieswaren gebruiken om andere levensmiddelen te koelen.
Een laag rijp of ijs in de diepvriesruimte regelmatig lately ontdooien.
Een laag rijp of ijs vermindert de afgithe van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.
- Deuren van het apparaat zo kort可想而知 openen.
- Om een verhoogd stroomverbruik te vermijden,要去 de onderkant van het apparaat af en toe worden gereinigd.
Indien aanwezig: Wandafstandhouser monteren om de geplande energieopname van het apparaat te bereiken (zie montagehandleiding). Een Kleinere afstand tot de muur heeft geen nadelige invloed op de werkking van het apparaat. Het energieverbruik kan daniets hoger worden. De afstand van 75~mm mag nicht worden overschreten.
- De ordening van de uitrustingsdelen hebft geen invloed op de energieopname van het apparatus.
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Aanwijzing
Als het supervriezen is ingeschakeld,\ kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat nicht waterpas
Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat.
Het apparaat staat gegen een ander meubel of apparaat
Het apparaat van het meubel of apparaat ernaastwegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controleer de delen die eruit gehaald...,
kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geben om de storing te verhelppen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
Storing Eventuele oorzaak Oplossing
| De temperatuur wijkt erg af van de instelling. | In sommige gevalen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minutes uit te schakelen. Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is. Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren. |
| Geen enkeleindicatie brandt. Stroomuitval; de zekering isuitgeschakeld; de stekker zit Niet goed in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. Controleer of er stroom is. Controleer de zekeringen. |
| Storing Eventuele oorzaak Oplossing | ||
| Temperatuurindicatie geeft „E.“ aan. | De elektronica heeft een fou geconstaaterd. | Inschakelen van de Servicedienst. |
| Alarmsignaal klinkt, de alarmtoets brandt. Afb. 2/5 | Druk de toets alarm 5 in om het alarmsignaaluit te schakelen. | |
| In de diepvriesruimte is het te warm! Gevaar voor de diepvrieswaren! | De deur is geopend. Deur sluiten. | |
| De be- en ontluchtingsopeningen+zijn afgedekt. | Verwijder de afdekking. | |
| Er zich te veel levensmiddelen tegelijk in het diepvriesvak gelegd. | Invriescapaciteit Niet overschrijden. | |
| Nadat de storing is verholpen, gaat de alarmtoets 5 na enigeijd uit. | ||
| Temperatuurindicatie diepvriesruimte knippert, afb. 2/4 Het alarmsignaal is te horen. De alarmtoets brandt. Afb. 2/5 In de diepvriesruimte is het te warm! Gevaar voor de diepvrieswaren! | Om het alarmsignaaluit te schakelen dealarmtoets afb. 2/5 indrukken. | |
| De deur is geopend. Deur sluiten. | ||
| De be- en ontluchtingsopeningen+zijn afgedekt. | Verwijder de afdekking. | |
| Er zich te veel levensmiddelen tegelijk in het diepvriesvak gelegd. | Invriescapaciteit Niet overschrijden. | |
| Als de storing is verholpen gaat het alarmindicatie na eenijdje uit. | ||
| Temperatuurindicatie diepvriesruimte knippert, afb. 2/4. | Door een storing is het in de diepvriesruimte te warm geweest. | Na het indrukken van de alarmtoets 5 worden het knipperen van de temperatuurindicatieuitgeschakeld. Afb. 2/4 De temperatuurindicatie geeft gedurende 5 seconden de warmste temperatuar aan die in de diepvriesruimte heeft geheerst. |
| Het apparaat koelt net, de temperatuur-indicatie en de verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. | Alarmtoets, afb 2/5, gedurende10 seconden ingedrukt honden tot eenbevestigingssignaal te horen is. Na eenijdje controlleden of het apparaat koelt. |
| Automatisch supervriezen schakelt net in. | Het apparaat beslist zichstandig of het automatische supervriezen nodig is en schakelt deze functie automatisch in of uit. | |
Zelftest apparatus
Het apparaat beschikt over een automatisch zelftestprogramma dat de oorzaken van storingen aangeeft die alleen door de Servicedienst verholpen{kunnen worden.
Zelftest starten
- Apparaat uitschakelen en 5 minutes wachten.
- Apparaat inschakelen en binnen de eerste 10 seconden de super-toets, afb. 2/2, gedurende 3-5 seconden ingedrukt houden, tot er een geluidssignaal klinkt.
Het zelftestprogramma start.
Terwijl de zichtest worden uitgevoerd, klinkt er een lang geluidssignaal.
Wanner de zelftest is afgelopen en er tweeemaal een geluidssignaal klinkt, is uw apparaat in orde.
Als de super-toets 10 seconden knippert en er 5 geluidssignalen klinken, is er sprake van een fouit. Neem contact op met de klantenservice.
Zelftest apparatus beeindigen
Na afloop van het programma schakelt het apparaat weever op het normale gebruik.
Servicedienst, product/fabricagenummer entechnische gegevens
Servicedienst
Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat Niet zich kunt verhelpen of als het apparaat要去 worden gerepareerd, neem dan contact op met once servicedienst.
Veel problemen sunt u via de informatatie voor het verhelpen van storingen in deze gebruiksaanwijzing of op once website zich verhelpen. Als dit Niet het geval is, neem dan contact op met once servicedienst.
We vinden alkijd een passende oplossing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden.
We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieksgarantie met originele reserveonderdelen door geschoolde servicetechnici worden gerepareerd.
Om veiligheidsredenen mag alleen geschoold vakpersoneel reparations aan het apparaat uitvoeren. De garantieclaim verwalt indien reparations of ingrepen worden uitgevoerd door personen die daartoe Niet door ons+zijn gemachtigd, dan wel indien once apparaten worden voorzien van verrangende onderdelen, aanvullende onderdelen of accessoires die geen originele onderdelen+zijn en daardoor een defect wordenveroorzaakt.
Originele verrangende onderdelen die relevant zijn voor de werkinq in overeenstemming met de desbeteffende Ecodesign-verordening kut u voor de duur van ten minste 10aar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onsese serviceddienst verkrijgen.
Aanwijzing
Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van deplaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden Gratis.De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2aar (behalte in Denemarken en Zweden waar de duur 1aar bedraagt) in overeenstemming met de geldende plaatselijk garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doeen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijkrecht heeft.
Gedetailleerde informatatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land=kunt u opvragen bij once servicedienst, uw dealer of op once website.
Als u contact opneemt met de serviceddienst, hebt u het productienummer (E-Nr.) en het fabricagenummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgeevens van de serviceddienst vindt u in de meegeleverde serviceddienstlijst of op unsere website.
Productnummer (E-Nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparatusaat. Afb. 20
Om uw apparaatgeevens en de servicededienst-telefoonnummers nelu terug te kunnen vinden,kest u de geevens noteren.
Technische gegevens
Koelmiddel, netto inhoud van het apparaat en andere technische gegevens vindt u op het typeplaatje. Afb. 20
Overige informatatie over uw model vindt u op het internet onder https://www.bshgroup.com/energylabel (geldt alleen voor landen in de Europese economische ruimte). Dit webadres is bevat een link maar de officièle EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL tenijdvean het drukken nog nicht was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoekenaar het model op. De modelidentificatie bestaatuit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op de typeplaat.
Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgeveens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
NL0884244020
B 070222142





3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

17

18

19

20
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Str. 34
81739 München
GERMANY
Gefabricceerd door BSH Hausgeräte GmbH onder handelsmerklicentie van Siemens AG