EH679MN27F - Kookplaat SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EH679MN27F SIEMENS in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over EH679MN27F SIEMENS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kookplaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EH679MN27F - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EH679MN27F van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING EH679MN27F SIEMENS
[nl] Gebruiksaanwijzing .....20
Veiligheidsvoorschriften 20
Oorzaken van schade.... 22
Bescherming van het milieu 22
Milieuvriendelijk afvoeren 22
Tips om energie te besparen 22
Koken op Inductie.... 23
Voordelen van het Koken op Inductie 23
Geschikte pannen.... 23
Het apparaat leren kennen.... 24
Het bedieningspaneel....24
De kookzones.... 24
Restwarmte-indicator....24
Programmeren van de kookplaat 25
Aan- en uitzetten van de kookplaat.... 25
De kookzone afstellen 25
Kooktabel 25
Frituurfunctie.... 27
Koekenpannen voor de frituurfunctie.... 27
De temperatuurniveaus.... 27
Zo wordt dit geprogrammeerd....27
Tabel....28
Frituurprogramma's 29
Flexibele zone 29
Tips voor het gebruik van pannen.... 29
Waarschuwingen.... 29
Als twee onafhankelijke zones.... 29
Als één enkele kookzone.... 29
Kinderslot....30
Het kinderslot activeren en deactiveren 30
Automatisch kinderslot 30
Functie Powerboost....30
Gebruiksbeperkingen 30
Activeren.... 30
Deactiveren.... 30
Timerfunctie....31
Een kookzone automatisch uitschakelen.... 31
De kookwekker 31
Automatische tijdslimiet 31
Beschermingsfunctie bij reiniging....32
Basisinstellingen 32
Toegang tot de basisinstellingen.... 33
Onderhoud en reiniging....33
Kookplaat 33
Omlijsting van de kookplaat 33
Repareren van storingen 33
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat...... 34
Servicedienst ....34
Geteste gerechten 35
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.siemens-home.com en in de online-shop: www.siemens-eshop.com
⚠️ Veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.
Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Geen afdekplaten of ongeschikte kinderbeveiligingsroosters gebruiken. Deze kunnen ongevallen veroorzaken, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal.
Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door
kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Risico van brand!
■ Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
- De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
- Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat.
- De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Risico van verbranding!
- De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
■ Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat.
■ Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt doordat er geen pan op staat.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïinstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
■ Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
- Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
■ Scheuren of barsten in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Dit apparaat voldoet aan de reglementeringen inzake de veiligheid en de elektromagnetische compatibiliteit. Personen met een pacemaker dienen echter uit de buurt te blijven van het apparaat als dat aan staat. Hoewel het risico klein is, het onmogelijk om te garanderen dat 100% van deze mechanismen die op de markt zijn voldoen aan de geldige regelgeving omtrent elektromagnetische compatibiliteit en dat er zich geen interferenties voordoen die de juiste werking in gevaar brengen. Ook is het mogelijk dat personen met andere soorten mechanismen, zoals hoorapparaten, enige vorm van hinder kunnen ondervinden.
Gevaar voor beschadiging!
Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.
Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.
Risico van letsel!
- Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen.
■ Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
Oorzaken van schade
Attentie!
■ Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken.
- Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade veroorzaken.
Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.
■ Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen.
Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat wordt afgeraden.
Algemeen overzicht
In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:
| Schade | Oorzaak | Maatregel |
| Vlekken | Gemorst voedsel | Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. |
| Ongeschikte reinigingsproducten | Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. | |
| Krassen | Zout, suiker en zand | Gebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun. |
| Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzaken | Controleer de pannen. | |
| Verkleuringen | Ongeschikte reinigingsproducten | Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. |
| Aanraking van de pannen | Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen. | |
| Afbladderingen | Suiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalte | Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. |
Bescherming van het milieu
Pak het apparaat uit en gooi het verpakkingsmateriaal op milieuvriendelijke wijze weg.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Tips om energie te besparen
- Gebruik altijd het deksel dat overeenstemt met elke kookpan. Wanneer zonder deksel gekookt wordt, is aanzienlijk meer energie nodig. Gebruik een glasdeksel om een goede zichtbaarheid te hebben zonder dat u het deksel van de pan hoeft te nemen.
-
Gebruik pannen met een vlakke bodem. Bij een niet vlakke bodem wordt meer energie verbruikt.
-
De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Een te kleine diameter t.o.v. de kookzone kan energieverspilling veroorzaken. Opgelet: pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan.
- Gebruik een kleine pan voor kleine hoeveelheden. Een grote, weinig gevulde pan vereist veel energie.
- Gebruik weinig water voor het koken. Op deze wijze wordt energie bespaard en blijven alle vitaminen en mineralen van de groenten behouden.
■ Bedek altijd een zo groot mogelijk oppervlak van de kookzone met de pan.
■ Selecteer de laagste vermogensstand die het kookpunt behoudt. Met een te hoge stand wordt energie verspild.
Koken op Inductie
Voordelen van het Koken op Inductie
Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:
■ Tijdbesparing bij het koken en frituren; doordat de pan rechtstreeks wordt verwarmd.
■ Dit werkt energiebesparend.
■ Eenvoudiger in onderhoud en reiniging. Overgelopen voedingswaren verbranden minder snel.
■ Warmte- en veiligheidscontrole; de plaat levert energie of stopt de energietoevoer onmiddellijk als op de controleknop wordt gedrukt. De inductiekookzone levert geen warmte meer af als de pan wordt weggenomen, ook al wordt het apparaat voor die tijd niet uitgeschakeld.
Geschikte pannen
Alleen ferromagnetische pannen zijn geschikt voor inductiekoken, zoals pannen van:
■ geëmailleerd staal
■ gietijzer
■ speciale pannen voor inductie van roestvrij staal.
Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of ze worden aangetrokken door een magneet.
Andere pannen die geschikt zijn voor inductie
Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een niet geheel ferromagnetische bodem.


Bij het gebruik van grote pannen met een ferromagnetische zone met een kleinere diameter, wordt enkel de ferromagnetische zone verwarmd, zodat de warmte niet homogeen kan worden verdeeld.
Pannen met aluminium kookzo- nes in de bodem verkleinen de ferromagnetische zone, zodat het geleverde vermogen lager kan zijn en er problemen kunnen ontstaan bij de detectie van de pan en het kan zelfs zijn dat deze niet wordt gedetecteerd.
Om goede kookresultaten te verkrijgen, is het raadzaam dat de diameter van de ferromagnetische zone van de pan is afgestemd op de maat van de kookzone. Als de pan op een kookzone niet wordt gedetecteerd, probeer hem dan op de zone met een iets kleinere diameter.
Niet geschikte pannen
Gebruik nooit straalplaten of pannen van:
■ dun normaal staal
■ glas
aardewerk
■ koper
aluminium
Kenmerken van de bodem van de pan
De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.
Geen pan of ongeschikte afmeting
Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.
Lege pannen of pannen met een dunne bodem
Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie "automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.
Pandetectie
ledere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.
Het apparaat leren kennen
Deze gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende kookplaten. Op pagina 2 vindt u een typenoverzicht met informatie over afmetingen.
Het bedieningspaneel

text_image
min low med max min low med max 0 +b S| Bedieningsvlakken | |
| 1 | Hoofdschakelaar |
| De kookzone selecteren | |
| 0 | Programmeerzone |
| Bescherming bij reiniging en kinderslot | |
| De tijd programmeren | |
| Flexibele zone | |
| S | Frituurfunctie |
| P | Programma's frituurfunctie |
| Indicatoren | |
| 0 | Operationaliteit |
| 1-9 | Vermogensstanden |
| H/h | Restwarmte |
| b | Functie Powerboost |
| ■ | Flexibele zone |
| →0 | Kinderslot |
| 00 | Timerfunctie |
| ◇ | Kookwekker |
| I→I | Automatische uitschakeling |
| R | Frituurfunctie |
| P | Programma's van de frituurfunctie |
| ! | Temperatuur frituurfunctie |
| min, low, med, max | Temperatuurniveaus |
Bedieningsvlakken
Bij het aanraken van een symbool wordt de overeenkomstige functie geactiveerd.
Aanwijzing: Zorg ervoor dat de bedieningsvlakken altijd droog zijn. Vocht heeft een negatieve invloed op de werking.
De kookzones
| Kookzone | Activeren en deactiveren |
| ○ Enkelvoudige kookzone | Gebruik een pan met de geschikte maat. |
| □ Flexibele zone | Zie hoofdstuk “flexibele zone” |
| Gebruik enkel pannen die geschikt zijn om te koken op inductie, zie hoofdstuk “Geschikte pannen”. | |
Restwarmte-indicator
De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die indicatie niet aan.
Ook als de plaat uitgeschakeld is, blijft de indicator h of H, branden zolang de kookzone warm is.
Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator h o H en de geselecteerde vermogensstand.
Programmeren van de kookplaat
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.
Aan- en uitzetten van de kookplaat
De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.
Inschakelen: druk op het symbool ①. De indicator boven de hoofdschakelaar gaat branden. De kookplaat is klaar om te werken.
Uitschakelen: druk op het symbool Ⓐ tot de indicator boven de hoofdschakelaar dooft. Alle kookzones worden uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zijn.
Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld zodra alle kookzones meer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn.
De kookzone afstellen
Regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.
Vermogensstand 1 = minimumvermogen.
Vermogensstand 9 = maximumvermogen.
Elke vermogensstand is voorzien van een tussenliggende afstelling. Deze wordt aangegeven met een punt.
Selecteer de kookzone en de vermogensstand
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
-
Selecteer de kookzone met het symbool □□. Op de visuele indicator lichten □ en het symbool ▶ op.
-
Beweeg, binnen de volgende 10 seconden, uw vinger over de programmeerzone, totdat de gewenste vermogensstand gaat branden.

De vermogensstand is afgesteld.
De vermogensstand wijzigen
Selecteer de kookzone en regel de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.
De kookzone uitschakelen
Selecteer de kookzone en stel af op in de programmeerzone. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.
Aanwijzingen
Zodra de kookzone is geselecteerd, verschijnt het symbool ▶. Vervolgens kan men verder gaan met de instelling.
Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de geselecteerde kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.
Kooktabel
In onderstaande tabel worden enkele voorbeelden gegeven.
De kooktijden zijn afhankelijk van de vermogensstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.
Bij het verhitten van purees, crèmes en dikke sauzen dient u af en toe te roeren.
Gebruik de vermogensstand 9 als u begint te koken.
| Vermogensstand | Kookduur | |
| Smelten | ||
| Chocolade, chocoladecouverture | 1-1. | - |
| Boter, honing, gelatine | 1-2 | - |
| Verhitten en warmhouden | ||
| Maaltijdsoep (bv. linzen) | 1.-2 | - |
| Melk** | 1.-2. | - |
| Worstjes opgewarmd in water** | 3-4 | - |
| Ontdooien en verhitten | ||
| Diepvriesspinazie | 3-4 | 15-25 min. |
| Diepvriesgoulash | 3-4 | 30-40 min. |
* Koken zonder deksel
** Zonder deksel
***Geregeld omdraaien
| Vermogensstand | Kookduur | |
| Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken | ||
| Aardappelballetjes* | 4.-5. | 20-30 min. |
| Vis* | 4-5 | 10-15 min. |
| Witte sauzen, bv. bechamel | 1-2 | 3-6 min. |
| Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus | 3-4 | 8-12 min. |
| Koken, stomen, smoren | ||
| Rijst (met twee keer zoveel water) | 2-3 | 15-30 min. |
| Rijstpap | 2-3 | 30-40 min. |
| Aardappelen in de schil | 4-5 | 25-30 min. |
| Geschilde aardappelen met zout | 4-5 | 15-25 min. |
| Pasta* | 6-7 | 6-10 min. |
| Eenpansgerecht, soep | 3.-4. | 15-60 min. |
| Groenten | 2.-3. | 10-20 min. |
| Diepvriesgroenten | 3.-4. | 7-20 min. |
| Koken met de snelkookpan | 4.-5. | - |
| Sudderen | ||
| Rollade | 4-5 | 50-60 min. |
| Stoofschotel | 4-5 | 60-100 min. |
| Goulash | 3-4 | 50-60 min. |
| Braden / frituren met een beetje olie** | ||
| Filets, al dan niet gepaneerd | 6-7 | 6-10 min. |
| Diepvriesfilets | 6-7 | 8-12 min. |
| Koteletten, al dan niet gepaneerd*** | 6-7 | 8-12 min. |
| Biefstuk (3 cm dik) | 7-8 | 8-12 min. |
| Borst (2 cm dik)*** | 5-6 | 10-20 min. |
| Diepvriesborst*** | 5-6 | 10-30 min. |
| Hamburgers, gehaktballetjes (3 cm dik)*** | 4.-5. | 30-40 min. |
| Vis en visfilet, ongepaneerd | 5-6 | 8-20 min. |
| Vis en visfilet, gepaneerd | 6-7 | 8-20 min. |
| Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks | 6-7 | 8-12 min. |
| Garnalen en steurgarnalen | 7-8 | 4-10 min. |
| Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd | 6-7 | 6-10 min. |
| Pannenkoeken | 6-7 | een voor een frituren |
| Omelet | 3.-4. | een voor een frituren |
| Spiegeleieren | 5-6 | 3-6 min. |
| Frituren** (150-200 g per portie in 1-2 l olie) | ||
| Diepvriesproducten, bv. frieten, kipnuggets | 8-9 | een portie na de andere frituren |
| Diepvrieskroketten | 7-8 | |
| Vlees, bv., stukjes kip | 6-7 | |
| Vis, gepaneerd of in bierdeeg | 6-7 | |
| Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons | 6-7 | |
| Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg | 4-5 | |
* Koken zonder deksel
** Zonder deksel
***Geregeld omdraaien
Frituurfunctie
Met deze functie kunt u frituren terwijl de temperatuur van de koekenpan automatisch wordt geregeld.
De kookzones die met deze functie zijn uitgerust bevinden zich aan de zijkant rechts, of onderaan rechts, afhankelijk van het model, (zie afbeelding).

Voordelen bij het frituren
De kookzone verwarmt enkel wanneer dit nodig is. Op die manier wordt energie bespaard. De olie en het vet raken niet oververhit.
Aanwijzingen
■ Verhit nooit olie, boter of reuzel zonder toezicht.
■ Zet de koekenpan in het midden van de kookzone.
Controleer of de bodem van de koekenpan de juiste diameter heeft.
■ Doe geen deksel op de koekenpan. Doet u dat wel, dan werkt de automatische regeling niet. U kunt wel gebruik maken van een beschermende zeef, zo werkt de automatische regeling wel.
- Gebruik uitsluitend olie die geschikt is om te frituren. Gebruikt u boter, margarine, olijfolie of reuzel, selecteer dan het temperatuurniveau min.
Koekenpannen voor de frituurfunctie
Er zijn pannen die optimaal geschikt zijn voor deze functie. Ze kunnen achteraf aangekocht worden als optioneel toebehoren, in de vakhandel of bij onze technische dienst. Duid altijd de overeenkomstige referentie aan:
■ HZ390210 kleine pan (15 cm diameter).
■ HZ390220 middelgrote pan (19 cm)
■ HZ390230 grote pan (21 cm)
De koekenpannen hebben een antiaanbaklaag. Het is ook mogelijk om voedsel te frituren met weinig olie.
De hieronder vermelde temperatuurniveaus werden speciaal voor dit type pannen ingesteld.
Aanwijzing: Als u een ander type pan gebruikt, probeer dan eerst op het laagste temperatuurniveau en pas dit indien nodig aan. Deze pannen kunnen oververhit geraken.
De temperatuurniveaus
| Vermogensstand | Temperatuur | Geschikt voor |
| max | hoog | bv. aardappelkoekjes, gesauteerde aardappelen en weinig doorbakken steak. |
| med | middelhoog-hoog | bv. "fijne" bakproducten zoals gepaneerde diepvriesproducten, schnitzels, ragout en groente. |
| low | laag-middelhoog | bv. grote bakproducten zoals frikandellen en worstjes, vis. |
| min | laag | bv. omeletten gebakken in boter, olijfolie of margarine |
Zo wordt dit geprogrammeerd
Raadpleeg het geschikte temperatuurniveau in de tabel. Plaats de koekenpan op de kookzone.
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
- Selecteer de kookzone en druk op het symbool S. Op de visuele indicator van de kookzone licht de indicator R op. Op de programmeerzone zijn de mogelijke temperatuurniveaus te zien.

text_image
min low med max 0 + b 17 S- Selecteer binnen de volgende 10 seconden het gewenste temperatuurniveau op de programmeerzone.

text_image
low min low med max 0 + b SDe frituurfunctie is nu geactiveerd. De temperatuurindicator blijft branden tot de frituurtemperatuur bereikt is. Dan hoort u een signaal en gaat het temperatuursymbool uit.
Aanwijzing: Om de temperatuurindicators ♪ en het temperatuurniveau te zien, moet de kookzone geselecteerd zijn.
- Doe, als het temperatuurniveau bereikt is, olie in de pan en voeg vervolgens het voedsel toe. Draai het voedsel om, om te voorkomen dat het aanbrandt.
De frituurfunctie uitschakelen
De tabel geeft aan welk temperatuurniveau geschikt is voor elk soort voedsel. De kooktijd kan variëren, afhankelijk van het soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van het voedsel.
De geselecteerde vermogensstand is afhankelijk van het soort koekenpan dat gebruikt wordt.
| Temperatuurniveau | Totale bereidingstijd vanaf het akoestisch signaal | ||
| Vlees | Schnitzel, al dan niet gepaneerd | med | 6-10 min. |
| Lendestuk | med | 6-10 min. | |
| Koteletten | low | 10-17 min. | |
| Cordon bleu | low | 15-20 min. | |
| Biefstuk, zacht gebakken (3 cm dikte) | max | 6-8 min. | |
| Biefstuk, zachtjes of goed gebakken (3 cm dikte) | med | 8-12 min. | |
| Borst (2 cm dikte) | low | 10-20 min. | |
| Gekookte of rauwe worstjes | low | 8-20 min. | |
| Hamburgers / frikadellen | low | 6-30 min. | |
| Leberkäse | min | 6-9 min. | |
| Ragout, gyros | med | 7-12 min. | |
| Gehakt | med | 6-10 min. | |
| Doorregen spek | min | 5-8 min. | |
| Vis | Gebakken vis | low | 10-20 min. |
| Visfilet, al dan niet of gepaneerd | low / med | 10-20 min. | |
| Garnalen en steurgarnalen | med | 4-8 min. | |
| Eiergerechten | Pannenkoeken | med | een voor een frituren |
| Omeletten | min | een portie na de andere frituren | |
| Spiegeleieren | min / med | 2-6 min. | |
| Roereieren | min | 2-4 min. | |
| Kaiserschmarm | low | 10-15 min. | |
| Wentelteefjes / Franse toast | low | een portie na de andere frituren | |
| Aardappelen | Gesauteerde aardappelen, bereid met ongeschilde, gekookte aardappelen | max | 6-12 min. |
| Gesauteerde aardappelen, bereid met rauwe aardappelen* | low | 15-25 min. | |
| Aardappelkoekjes | max | een portie na de andere frituren | |
| Geglaceerde aardappelen | med | 10-15 min. | |
| Groente | Knoflook, uien | min | 2-10 min. |
| Courgette, aubergine | low | 4-12 min. | |
| Paprika, groene asperges | low | 4-15 min. | |
| Paddestoelen | med | 10-15 min. | |
| Geglaceerde groente | med | 6-10 min. | |
| Diepvriesproducten | Schnitzel | med | 15-20 min. |
| Cordon bleu | low | 10-30 min. | |
| Borst | min | 10-30 min. | |
| Nuggets | med | 10-15 min. | |
| "Gyros", "Kebab" | med | 10-15 min. | |
| Gebakken vis, al dan niet gepaneerd | low | 10-20 min. | |
| Vissticks | med | 8-12 min. | |
| Frites | med / max | 4-6 min. | |
| Panklare gerechten en groenten | min | 8-15 min. | |
| Loempia | low | 10-30 min. | |
| Camembert / kaas | low | 10-15 min. | |
| Diversen | Camembert / kaas | low | 7-10 min. |
| Kant-en-klaarmaaltijden, te bereiden door toevoeging van water, bv. pasta in de koekenpan | min | 4-6 min. | |
| Croutons | low | 6-10 min. | |
| Amandelen / walnoten / pijnboompitten* | min | 3-7 min. | |
* In een koude koekenpan.
Frituurprogramma's
Gebruik deze programma's uitsluitend met voor de frituurfunctie aanbevolen koekenpannen.
Met deze programma's kunnen de volgende gerechten worden bereid:
| Programma | Gerecht |
| P1 | Schnitzel |
| P2 | Kippenborst, cordon bleu |
| P3 | Biefstuk, weinig doorgebakken |
| P4 | Biefstuk, half of goed doorgebakken |
| P5 | Vis |
| P6 | Gerechten en groenten om in de koekenpan te bereiden, diepvriesproducten |
| P7 | Oven - frites, diepvriesproducten |
| P8 | Pannenkoeken |
| P9 | Omelet, eieren |
Flexibele zone
Kan worden gebruikt als één enkele zone of als twee afzonderlijke zones, afhankelijk van de kookbehoeften op elk ogenblik.
Bestaat uit 4 inductoren die onafhankelijk van elkaar werken. Als de flexibele zone in werking is, wordt alleen de zone die bedekt wordt door de pan geactiveerd.
Tips voor het gebruik van pannen
Om te zorgen voor een goede detectie en verdeling van de warmte, wordt aanbevolen de pan correct te centreren:
Als één enkele kookzone

Diameter minder dan of gelijk aan 13 cm
Zet de pan op een van de 4 posities die op de afbeelding te zien zijn.

Zet de pan op een van de 3 posities die op de afbeelding te zien zijn.

Als de pan meer dan een kookzone inneemt, plaats hem dan vanaf de bovenste of onderste rand van de flexibele zone.
Als twee onafhankelijke zones

De voorste en achterste zone, met ieder twee inductoren, kunnen los van elkaar gebruikt worden door het vermogen van iedere zone te regelen. In dit geval is het raadzaam maar een pan op elke zone te gebruiken.
Selecteer het gewenste programma
Selecteer de kookzone.
- Druk op het symbool P. Op de visuele indicator van de kookzone gaat O branden. Op de visuele indicator van het programma gaat P branden.
- Beweeg, binnen de volgende 10 seconden, uw vinger over de programmeerzone, totdat het gewenste programma verschijnt.
Het programma is nu geselecteerd.
Tot de overeenkomstige temperatuur bereikt is, blijft het temperatuursymbool branden. Als de temperatuur bereikt is, hoort u een akoestisch signaal en gaat het temperatuursymbool uit.
Doe olie of vet in de koekenpan, en vervolgens het voedsel. Draai het voedsel zoals gewoonlijk om, zodat het niet verbrandt.
Het programma uitschakelen
Stel 0 af in de programmeerzone.
Waarschuwingen
Wanneer twee pannen gebruikt worden met een verschillende maat of die niet uit hetzelfde materiaal bestaan, kunnen bepaalde geluiden of trillingen optreden die de correcte werking van de zone niet in de weg staan.

Om het maximumvermogen te behalen met de Functie Powerboost, dient u de pan in het midden van de flexibele zone te plaatsen, als deze als een enkele kookzone wordt gebruikt.

Op kookplaten met meer dan een flexibele zone wordt aanbevolen om voor één pan niet meerdere zones tegelijk te gebruiken.
Als twee onafhankelijke zones
De flexibele zone is standaard afgesteld om te worden gebruikt als twee onafhankelijke kookzones.
Zo wordt dit geactiveerd
Zie paragraaf "de kookzone afstellen".
Als één enkele kookzone
De kookzone wordt volledig gebruikt, waarbij beide zones samengevoegd worden.
Zo wordt dit geactiveerd
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
-
Plaats de pan en druk op het symbool ■. De indicator ▶■ gaat branden.
De flexibele zone wordt geactiveerd. -
Selecteer vervolgens de gewenste vermogensstand door met uw vinger over de programmeerzone te gaan tot de gewenste vermogensstand gaat branden.
De flexibele zone is ingeschakeld.
De vermogensstand wijzigen
Selecteer de flexibele zone door op het symbool ■ te drukken en de vermogensstand met de programmeerzone te veranderen.
Een nieuwe pan toevoegen
Druk op het symbool ■. De nieuwe pan wordt gedetecteerd en de vooraf geselecteerde vermogensstand blijft behouden.
Aanwijzing: Indien de pan van de kookzone die in werking is wordt verplaatst of opgetild, dan wordt door de kookplaat automatisch gezocht en blijft de vooraf geselecteerde vermogensstand behouden.
Zo wordt dit gedeactiveerd
Stel af op □ in de programmeerzone.
Weer als twee kookzones gebruiken
Selecteer een van de twee kookzones van de flexibele zone en stel af op 0.
Aanwijzing: Wanneer de kookplaat uitgeschakeld en daarna opnieuw ingeschakeld wordt, wordt de flexibele zone opnieuw gebruikt als twee kookzones.
Kinderslot
De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen.
Het kinderslot activeren en deactiveren
De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
Activeren: houd het symbool Ⓞned gedurende circa 4 seconden ingedrukt. Het symbool → gaat gedurende 10 seconden branden. De kookplaat blijft geblokkeerd.
Deactiveren: houd het symbool 📋 gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedeactiveerd.
Automatisch kinderslot
Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgeschakeld.
Activeren en deactiveren
In hoofdstuk Basisinstellingen vindt u informatie over het inschakelen van het automatische kinderslot.
Functie Powerboost
Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller worden verwarmd dan wanneer de vermogensstand 9 wordt gebruikt.
Gebruiksbeperkingen
Deze functie is beschikbaar in alle kookzones, mits de andere zone van dezelfde groep niet in werking is. (Zie afbeelding) Is dit niet het geval, dan gaan op de visuele indicator van de geselecteerde kookzone 6 en 9 knipperen; vervolgens zal de vermogensstand 9 automatisch worden aangepast zonder de functie te activeren.

text_image
Groep 1 2 3 1 4 Groep 2
text_image
Groep 1 2 3 1 4 Groep 2Aanwijzing: In de flexibele zone kan de functie Powerboost geactiveerd worden als hij gebruikt wordt als een enkele kookzone. Plaats in dit geval de pan in het midden, zoals getoond wordt in het hoofdstuk Flexibele zone.
Activeren
- Selecteer de gewenste vermogensstand 9.
- Druk op de programmeerzone boven het symbool +b. De functie zal geactiveerd worden.
Deactiveren
Druk op de programmeerzone boven het symbool +b. De functie Powerboost is nu gedeactiveerd.
Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te beschermen.
Timerfunctie
Deze functie kan op twee verschillende manieren gebruikt worden:
■ om een kookzone automatisch uit te schakelen.
■ als kookwekker.
Een kookzone automatisch uitschakelen
De zone gaat automatisch uit na het verstrijken van de geselecteerde tijd.
Programmeren van de kooktijd.
De kookplaat moet ingeschakeld zijn:
- Selecteer de kookzone en de gewenste vermogensstand.
- Druk op het symbool ⏻. De indicator I→I van de kookzone gaat branden. Op de visuele indicator van de timerfunctie verschijnt ⚪. Om een andere kookzone te selecteren, drukt u meerdere keren op het symbool ⏻ tot de indicator I→I van de gewenste kookzone gaat branden.
- Selecteer binnen de volgende 10 seconden, de gewenste kooktijd op de programmeerzone. De mogelijke voorafgaande instelling is van links naar rechts 1, 2, 3..... tot 10 minuten.

text_image
1. min 00 ①
text_image
2. min 1→1 3.0 4 ⊕ ■ ■ 0 +b ←Na enkele seconden begint de kooktijd te lopen.
Aanwijzing: Het is mogelijk om dezelfde kooktijd voor alle zones automatisch te programmeren. De geprogrammeerde tijd zal onafhankelijk verstrijken voor ieder van de kookzones. In het hoofdstuk Basisinstellingen vindt u informatie over de automatische programmering van de kooktijd.
Als in de programmeerzone vooraf 1 tot 5 ingedrukt wordt, vermindert de kooktijd met een minuut. Als de knop ingedrukt gehouden wordt, vermindert de tijd automatisch tot 1 minuut..
Als in de programmeerzone vooraf de regeling 6 tot 10 ingedrukt wordt, zal de kooktijd met een minuut verlengd worden. Als de knop ingedrukt gehouden wordt, verhoogt de tijd automatisch tot 99 minuten.
De tijd wijzigen of annuleren
Druk meerdere keren op het symbool ⏻ tot de gewenste indicator I→I gaat branden. Wijzig de kooktijd met de programmeerzone of stel af op 00.
Na het verstrijken van de kooktijd
De kookzone wordt uitgeschakeld. Er weerklinkt een geluidssignaal en de visuele indicator van de timerfunctie gaat branden 00 gedurende 10 seconden. De indicator I→I gaat branden. Druk op het symbool ⏻, de indicators doven en het akoestisch signaal stopt.
Een kookzone met frituurfunctie automatisch uitschakelen
Tijdens het koken met de frituurfunctie, gaat de geprogrammeerde kooktijd pas in als de temperatuur in de geselecteerde zone bereikt is.
Aanwijzingen
Als een kooktijd in de diverse kookzones ingesteld werd, is het mogelijk om in te stellen dat alle tijdwaarden weergegeven worden. Druk hiertoe meerdere keren op het symbool ⏻ tot de indicator I→I van de gewenste kookzone gaat branden.
■ De maximale bereidingstijd die ingesteld kan worden is 99 minuten.
De kookwekker
Met de kookwekker kan een tijd geprogrammeerd worden tot 99 minuten. Deze is niet afhankelijk van andere instellingen. Deze functie schakelt de kookzone niet automatisch uit.
Zo wordt dit geprogrammeerd
- Druk meerdere keren op het symbool ⏻ tot de indicator ♗ gaat branden. Op de visuele indicator van de timerfunctie verschijnt ⚡.
- Selecteer in de programmeerzone de gewenste tijd.
Na enkele seconden begint tijd te verstrijken.
De tijd wijzigen of annuleren
Druk meerdere keren op het symbool ⏻ tot de indicator ♘ gaat branden. De tijd in de programmeerzone wijzigen of instellen op 00.
Na het verstrijken van de tijd
Er klinkt een waarschuwingssignaal. De visuele indicator van de timerfunctie toont ☐☐ en de indicator ⚠ gaat branden. Na 10 seconden doven de indicators.
Druk op het symbool Ⓤ, de indicators doven en het akoestisch signaal stopt.
Automatische tijdslimiet
Indien de kookzone gedurende lange tijd in werking is en er geen enkele wijziging in de instelling uitgevoerd wordt, dan wordt de automatische tijdslimiet geactiveerd.
De kookzone wordt niet meer verhit. De visuele indicator van de kookzone knippert afwisselend F en 8.
De indicator gaat uit als er op een willekeurig symbool wordt gedrukt. Nu kan de kookzone opnieuw ingesteld worden.
Wanneer de automatische limiet geactiveerd is, wordt deze geregeld volgens de geselecteerde kookstand (van 1 tot 10 uur).
Beschermingsfunctie bij reiniging
Indien het bedieningspaneel gereinigd wordt terwijl de kookplaat ingeschakeld is, kunnen de instellingen gewijzigd worden.
Om dit te vermijden, beschikt de kookplaat over de beschermingsfunctie bij reiniging. Druk op het symbool 📄. Er weerklinkt een signaal. Het bedieningspaneel blijft gedurende 35 seconden geblokkeerd. Nu kan het oppervlak van het
bedieningspaneel gereinigd worden zonder risico op wijziging van de instellingen.
Aanwijzing: De blokkering heeft geen invloed op de hoofdschakelaar. De kookplaat kan desgewenst uitgeschakeld worden.
Basisinstellingen
Het apparaat beschikt over diverse basisinstellingen. Deze instellingen kunnen aangepast worden aan de behoeften van de gebruiker.
| Indicator | Functie |
| c1 | Automatisch kinderslotGedeactiveerd.*Geactiveerd. |
| c2 | Akoestische signalenBevestigingssignaal en foutsignaal gedeactiveerd.Alleen bevestigingssignaal gedeactiveerd.Alle signalen geactiveerd.* |
| c5 | Automatische programmering van de kooktijd.Uitgeschakeld.*-99 Tijd van de automatische uitschakeling. |
| c6 | Duur van het geluidssignaal van de timerfunctie10 seconden*.30 seconden.31 minuut. |
| c7 | Functie Power-Management=Gedeactiveerd.*= 1000 W minimumvermogen.= 1500 W2= 2000 W...9 of 9. = maximumvermogen van de plaat. |
| c9 | Selectietijd van de kookzoneOnbeperkt: de laatst geprogrammeerde kookzone blijft geselecteerd.*Beperkt: de kookzone blijft slechts 10 seconden lang geselecteerd. |
| c0 | Terug naar de standaardinstellingenPersoonlijke instellingen.*Terug naar de fabrieksinstellingen. |
*Fabrieksinstelling
Toegang tot de basisinstellingen
De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
- Schakel de kookplaat in met de hoofdschakelaar.
- Druk binnen de volgende 10 seconden op het symbool Ⓛ en houd het gedurende 4 seconden ingedrukt.

text_image
c 1 0 + bOp de visuele indicators licht c i op en 0 als vooraf ingestelde instelling.
-
Druk meerdere keren op het symbool Ⓛ tot de indicator van de gewenste functie verschijnt.
-
Selecteer vervolgens de gewenste instelling in de programmeerzone.

text_image
c 1 1 0 +b ↑- Houd het symbool Ⓛ nogmaals gedurende meer dan 4 seconden ingedrukt.
De instellingen zijn op de juiste wijze bewaard.
Afsluiten
Om de instellingen af te sluiten, de kookplaat met de hoofdschakelaar uitschakelen.
Onderhoud en reiniging
De raadgevingen en waarschuwingen in dit hoofdstuk zijn bedoeld voor het optimaal schoonmaken en onderhouden van de kookplaat.
Kookplaat
Reiniging
Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. Op die manier voorkomt u dat aangekoekte resten verbranden. Maak de kookplaat pas schoon als hij voldoende is afgekoeld.
Gebruik alleen reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Volg de aanwijzingen op de verpakking van het product op.
Gebruik nooit:
■ Onverdund afwasmiddel
■ Afwasmiddel voor vaatwasmachines
■ Schurende middelen
■ Corrosieve producten zoals ovensprays of vlekkenverwijderaars
■ Schuursponzen
■ Hogedrukreinigers of stoommachines
De beste manier om hardnekkig vuil te verwijderen is om een glasschraper te gebruiken. Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht.
Glasschrapers zijn verkrijgbaar via de Technische dienst of in onze online winkel.
Omlijsting van de kookplaat
Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te vermijden, moeten de volgende aanwijzingen worden opgevolgd:
■ Gebruik alleen warm water met een beetje zeep
■ Gebruik nooit scherpe of bijtende producten
■ Gebruik de glasschraper niet
Repareren van storingen
Storingen zijn gewoonlijk toe te schrijven aan kleine details. Neem de volgende raadgevingen en waarschuwingen in acht alvorens contact op te nemen met de Technische Dienst.
| Indicator | Storing | Maatregel |
| geen | De stroom is uitgevallen. | Controleer met andere elektrische apparaten of de stroom is uitgeval- len. |
| Het apparaat is niet aangesloten volgens het aansluitschema. | Controleer of het apparaat is aangesloten volgens het aansluit- schema. | |
| Storing in het elektronische systeem. | Als de storing na de voorgaande controles niet is opgelost, neem dan contact op met de technische dienst. |
* Als de indicatie voortduurt, neem dan contact op met de technische dienst.
Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.
| Indicator | Storing | Maatregel |
| E knippert | Het bedieningspaneel is vochtig of er ligt iets op. | Droog de zone van het bedieningspaneel of neem het voorwerp weg. |
| Er + nummer /d+ nummer /E+ nummer | Storing in het elektronische systeem. | Sluit de kookplaat af van het verdeelnet. Wacht 30 seconden alvo-rens hem weer aan te sluiten. * |
| F0/F9 | Er is een interne fout in de werking opge-treden. | Sluit de kookplaat af van het verdeelnet. Wacht 30 seconden alvo-rens hem weer aan te sluiten. * |
| F2/F5 | Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft de overeenkomstige kookzone uitgeschakeld. | Wacht tot het elektronische systeem voldoende afgekoeld is. Druk vervolgens op een willekeurig symbool van de kookplaat. * |
| F4 | Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft alle kookzones uitgeschakeld. | |
| U1 | Onjuiste voedingsspanning, overschrijding van de normale werklimieten. | Neem contact op met uw elektriciteitsleverancier. |
| U2/U3 | De kookzone is oververhit en is uitgeschakeld om uw kookplaat te beschermen. | Wacht totdat het elektronische systeem voldoende afgekoeld is en schakel de zone opnieuw in. |
* Als de indicatie voortduurt, neem dan contact op met de technische dienst.
Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat
De technologie van het verwarmen door inductie is gebaseerd op het ontstaan van elektromagnetische velden die ervoor zorgen dat de warmte rechtstreeks op de bodem van de pan wordt voortgebracht. De pannen kunnen, afhankelijk van hun bouw, geluiden of trillingen voortbrengen, zoals hieronder worden genoemd:
Een diep gezoem zoals in een transformator
Dit geluid ontstaat tijdens het koken op een hoge vermogensstand. De oorzaak daarvan is de hoeveelheid energie die de kookplaat aan de pan overdraagt. Het geluid verdwijnt of vermindert zodra de vermogensstand wordt verlaagd.
Een laag fluitend geluid
Dit geluid ontstaat als de pan leeg is. Het geluid verdwijnt zodra er water of voedsel in de pan wordt gedaan.
Knisperen
Dit geluid doet zich voor bij pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen. Het geluid komt door de trillingen die ontstaan op de verbindingsvlakken van de verschillende materialen. Dit geluid is afkomstig van de pan. De hoeveelheid voedsel en de manier waarop het wordt bereid, kunnen de intensiteit van het geluid doen variëren.
Hoge fluitende geluiden
De geluiden ontstaan met name in pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen, zodra deze worden aangezet op de hoogste stand en op twee kookzones tegelijk. Deze fluitende geluiden verdwijnen of worden minder zodra het vermogen wordt verlaagd.
Geluid van de ventilator
Voor een goed gebruik van het elektronische systeem moet de kookplaat op een gecontroleerde temperatuur werken. Hiertoe is de kookplaat voorzien van een ventilator die wordt geactiveerd als een hoge temperatuur wordt gedetecteerd. De ventilator kan ook door inertie werken, nadat de kookplaat is uitgezet, als de gedetecteerde temperatuur nog te hoog is.
De omschreven geluiden zijn normaal en maken deel uit van de inductietechnologie en duiden niet op een storing.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar.
E-nummer en FD-nummer
Geef wanneer u contact opneemt met de servicedienst altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u op het identificatiebewijs van het apparaat.
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
NL 088 424 4020
B 070 222 142
Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.
Geteste gerechten
Deze tabel is opgesteld door evaluatie-instituten om de controles van onze apparaten te vereenvoudigen.
De gegevens van de tabel verwijzen naar ons toebehoren van Schulte-Ufer (pannenset van 4 stuks voor inductieplaat HZ390042 met de volgende afmetingen:
■ Steelpan ∅ 16 cm, 1,2 l voor kookzones van ∅ 14,5 cm
■ Kookpan ∅ 16 cm, 1,7 l voor kookzones van ∅ 14,5 cm
■ Kookpan ∅ 22 cm, 4,2 l voor kookzones van ∅ 18 cm
■ Koekenpan ∅ 24 cm, voor kookzones van ∅ 18 cm
| Geteste gerechten | Kookzone | Voorverwarming | Koken | |||
| Vermogensstand | Duur (Min:S) | Deksel | Vermogensstand | Deksel | ||
| Chocolade smelten | ||||||
| Pan: steelpanChocoladecouverture (bv. merk Dr. Oetker puur 55%, 150 g.) | 14,5 cm | - | - | - | 1 - 1. | Nee |
| Linzensoep verhitten en warmhouden | ||||||
| Pan: KookpanBegintemperatuur 20 °C | ||||||
| Linzensoep* | ||||||
| Hoeveelheid 450 g. | 14,5 cm | 9 | 1:30 zonder te roeren | Ja | 1. | Ja |
| Hoeveelheid: 800 g. | 18 cm | 9 | 2:30 zonder te roeren | Ja | 1. | Ja |
| Linzensoep uit blik, bv. linzen met chorizo van Erasco | ||||||
| Hoeveelheid 500 g. | 14,5 cm | 9 | 1:30 omroeren na circa 1:00 | Ja | 1. | Ja |
| Hoeveelheid 1 kg. | 18 cm | 9 | 2:30 omroeren na circa 1:00 | Ja | 1. | Ja |
| Bechamelsaus bereiden | ||||||
| Pan: SteelpanTemperatuur van de melk: 7 °C | ||||||
| Ingrediënten: 40 g boter , 40 g meel, 0,5 l melk (3,5% vetstof) en een snufje zout | 14,5 cm | |||||
| 1. De boter laten smelten, het meel en het zout erdoor mengen en alles laten verhitten | 1 | circa 3:00 | Nee | |||
| 2. Voeg de melk toe en breng de saus aan de kook en blijf ondertussen doorroeren | 7 | circa 5:20 | Nee | |||
| 3. Als de Bechamelsaus begint te koken, laat dan nog 2 minuten staan terwijl u blijft doorroe-ren | 1 | Nee | ||||
| Rijstpap maken | ||||||
| Pan: Gewone panTemperatuur van de melk: 7 °C | ||||||
| Verwarm de melk tot hij omhoog komt. Verander de aanbevolen vermogensstand en voeg de rijst, de suiker en het zout aan de melk toe. | ||||||
| Ingrediënten: 190 g. rondkorrelige rijst, 23 g. suiker, 750 ml. melk (3,5% vetstof) en een snufje zout | 14,5 cm | 8. | circa 6:30 | Nee | 2 omroeren na circa 10:00 | Ja |
| Ingrediënten: 250 rondkorrelige rijst, 30 g. suiker, 1 l. melk (3,5% vetstof) en een snufje zout | 18 cm | |||||
*Recept volgens DIN 44550
**Recept volgens DIN EN 60350-2
| Geteste gerechten | Kookzone | Voorverwarming | Koken | |||
| Vermogensstand | Duur (Min:S) | Deksel | Vermogensstand | Deksel | ||
| Rijst koken* | ||||||
| Pan: Kookpan | ||||||
| Temperatuur van het water 20 °C | ||||||
| Ingrediënten: 125 g rondkorrelige rijst, 300 g water en een snufje zout | ∅ 14,5 cm | 9 | circa 2:30 | Ja | 2 | Ja |
| Ingrediënten: 250 g rondkorrelige rijst, 600 g water en een snufje zout | ∅ 18 cm | 9 | circa 2:30 | Ja | 2. | Ja |
| Varkenshaas bakken | ||||||
| Pan: Koekenpan | ||||||
| Begintemperatuur van de varkenshaas: 7 °C2 varkenshaasfilets (totaal gewicht circa 200 g, 1 cm dik) | ∅ 18 cm | 9 | 1:30 | Nee | 7 | Nee |
| Pannenkoeken bakken** | ||||||
| Pan: Koekenpan55 ml pannenkoekbeslag | ∅ 18 cm | 9 | 1:30 | Nee | 7 | Nee |
| Diepvriesfrieten bakken | ||||||
| Pan: Kookpan | ||||||
| Ingrediënten: 1,8 kg zonnebloemolie per bereiding: 200 g diepvriesfrieten (bv. McCain 123 Frites Original) | ∅ 18 cm | 9 | Tot de olietemperatuur 180 °C bedraagt | Nee | 9 | Nee |
*Recept volgens DIN 44550
**Recept volgens DIN EN 60350-2