CC421 - Multimeter VOLTCRAFT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CC421 VOLTCRAFT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CC421 VOLTCRAFT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CC421 - VOLTCRAFT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CC421 van het merk VOLTCRAFT.
GEBRUIKSAANWIJZING CC421 VOLTCRAFT
Stroom-ijktoestel CC-421
NL GEBRUIKSAANWIJZING Pagina 53 - 68
NL Colofon in onze gebruiksaanwijzingen
Deze gebruiksaanwijzing is een publicatie van de firma Voltcraft®, Lindenweg 15, D-92242 Hirschau/Duitsland, Tel. +49 180/586 582 7 (www.voltcraft.de).
Alle rechten, vertaling inbegrepen, voorbehouden. Reproducties van welke aard dan ook, bijvoorbeeld fotokopie, microverfilming of de registratie in elektronische gegevensverwerkingsapparatuur, vereisen de schriftelijke toestemming van de uitgever. Nadruk, ook van uittreksels, verboden.
Deze gebruiksaanwijzing voldoet aan de technische stand bij het in druk bezorgen. Wijziging van techniek en uitrusting voorbehouden.
NL Deze gebruiksaanwijzing behoort tot het product. Ze bevat belangrijke wenken m.b.t. ingebruikneming en hantering. Gelieve hiermee rekening te houden, zelfs indien u het aan derden doorgeeft.
U dient deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig te bewaren voor latere raadpleging!
Een inhoudsopgave met de hierbij horende pagina's vindt u op pagina 55.

text_image
20.0 1 2 3 4 5 6 7
text_image
9 8D Einführung
Sehr geehrter Kunde
Met het stroom-ijktoestel CC-421 heeft u een zeer nauwkeurig hulp-middel voor de ijking van uw meettoestel(len) volgens de nieuwste stand van de techniek verworven. Tot max. 24 mA kan de stroom-bron aan max. 400 Ohm leveren. Er zijn gelijkstroommetingen van max. 24 mADC en lusstroommetingen ook van tot max. 24 mADC mogelijk, waarbij de 2-lus uit het toestel met 12 VDC wordt gevoed. Het stroom-ijktoestel is ook als gelijkspanningsbron van -199,9 tot +199,9 mVDC te gebruiken.
Het stroom-ijktoestel is in navolging van de EN 61010 - 1 (= DIN VDE 0411 / deel 1) geconstrueerd. Het meettoestel is volgens EMV gecontroleerd en voldoet daarmee aan de eisen van de geldige Europese en natioale richtlijnen. De conformiteit werd aangetoond, de betreffende verklaringen en documenten werden bij de fabrikant in bewaring gegeven.
Gelieve als gebruiker deze gebruiksaanwijzing goed op te volgen teneinde de onberispelijke toestand te behouden en een gebruik zonder gevaren te waarborgen!
Voor meer informatie kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be
Correct gebruik:
- Functie als gelijkstroombron tot max. 19,99 mA aan 500 Ohm resp. max. 24 mA aan 400 Ohm.
- Functie als gelijkspanningsbron van -199,9 mVDC tot +199,9 mVDC.
- Meting van gelijkstromen tot max. 24 mA
- Meting van 2-leider-lusstromen tot max. 24 mA bij een lusspanning van 12 VDC (±2VDC) uit het stroom-ijktoestel.
- Het gebruik onder ongunstige omgevingsomstandigheden is niet toegestaan. Ongunstige omstandigheden zijn:
- nattigheid of een te hoge luchtvochtigheid,
- stof en brandbare gassen, dampen of oplosmiddelen,
- Onweer resp. onweerachtige omstandigheden als sterke elektrostatische velden etc.
Een ander gebruik dan hierboven beschreven leidt tot beschadigingen van het meettoestel (de meettoestellen). Bovendien is dit met gevaren als bijvoorbeeld kortsluiting, brand, elektrische schokken etc. verbonden. Het gehele product mag niet gewijzigd of omgebouwd worden! De veiligheidsinstructies dienen in ieder geval te worden nagevolgd!
Instelelementen
Afbeelding (vouwpagina)
- LC-display (vloeibaarkristaldisplay), 3 1/2-plaatsen tot max. 199.9
- Schuifschakelaar voor het instellen van de functies mA-MEASURE (mA-stroommeting) - Power/mA-MEASURE (mA-lussen 5. stroommeting) - CURRENT SOURCE (stroombron) - VOLTAGE SOURCE (spanningsbron)
- Schuifschakelaar "POWER" voor "O" (= toestel uitgeschakeld) en "I" (= toestel ingeschakeld)
- Schuifschakelaar voor het instellen van het stroombereik en dus (plaats-) resolutie
-
Instelknop (meergang-potentiometer) voor het instellen van de uitgangsstroom bij de stroombron resp. van de uitgangsspanning bij de spanningsbron.
-
Deksel van het batterijvak
- In- / uitgang van het stroom-ijktoestel
- Vierpolige stekker van de aansluitleiding
- zogenaamde krokodilklemmen rood (+) en zwart (-) van de aans-luitleiding
Inhoud
Inleiding 53
Correct gebruik .... 53
Instelelementen (vouwpagina) 54
Inhoud 55
Veiligheidsopmerkingen 55
Gebruik, inbedrijfneming 58
Afvalbehandeling 66
Verhelpen van storingen 66
Onderhoud. 66
Veiligheidsopmerkingen

Bij beschadigingen ten gevolge van niet-naleving van deze gebruiksaanwijzing vervalt uw garantie!
Voor verdere schade die uit een schadegeval voortvloeit aanvaarden wij geen enkele aansprakelijkheid!
Bij materiële schade of persoonlijke ongelukken, die door onoordeelkundig gebruik of niet-naleving van de veiligheidswenken werden veroorzaakt, aanvaar-
den wij geen enkele aansprakelijkheid! In dergelijke gevallen vervalt de garantie!
- Het toestel is volgens VDE 0411 deel 1 = EN resp. IEC 61010-1, de veiligheidsmaatregelen voor elektronische meettoestellen geconstrueerd en heeft het bedrijf in een veiligheidstechnisch onberispelijke staat verlaten. Om deze staat te behouden en een veilige werking te waarborgen, moet de gebruiker de veiligheidsopmerkingen en waarschuwingen in acht nemen die in deze handleiding staan.
- Stroommetingen zijn alleen in stroomkringen toegestaan, die zelf met 25 mA zijn beveiligd en waarin geen spanningen van meer dan 35 VDC optreden.
- Het meettoestel mag niet in installaties van overspannings-categorie III volgens IEC 664 worden gebruikt. Het meettoestel en de aansluitleiding zijn niet tegen lichtboogexplosies beveiligd (IEC 1010-2-031, hoofdstuk 13.101).
- Meettoestellen en toebehoren buiten het bereik van kinderen houden!
- In bedrijven dient men rekening te houden met de voorschriften ter voorkoming van ongevallen opgesteld door de nationale bonden van de ongevallenverzekering voor elektrische installaties en productiemiddelen.
- In scholen, opleidingsinstellingen en doe-het-zelfwerkplaatsen dient de omgang met meettoestellen onder toezicht van deskundig personeel te gebeuren.
- Wees bijzonder voorzichtig bij het werken met spanningen van meer dan 25 V wissel- (AC) resp. meer dan 35 V gelijkspanning (DC). Bij deze spanningen kunnen al bij aanraking van de elektrische geleider levensgevaarlijke elektrische schokken worden opgelopen.
- Voor iedere wijziging van het meetbereik dienen de meetpunten resp. adapters van het meetobject te worden verwijderd.
- Controleer voor iedere meting uw meettoestel resp. uw meetleidingen en adapters op beschadiging(en).
- Werk met het meettoestel niet in ruimtes of onder ongunstige omgevingsomstandigheden, waarin of waarbij brandbare gassen, dampen of stoffen kunnen zijn. Voorkom voor uw eigen veiligheid vooral dat het meettoestel resp. de meetleidingen nat worden. Werk niet met het toestel in de buurt van
a) sterke magnetische velden (luidsprekers, magneten)
b) elektromagnetische velden (transformatoren, motoren, spoelen, relais, beveiligingen, elektromagneten enz.)
c) elektrostatische velden (op-/ontladingen)
d) zendantennes of HF-generatoren
Daardoor kunnen verkeerde meetwaarden worden veroorzaakt.
- Voorkom voor uw eigen veiligheid vooral dat het meettoestel resp. de meetleidingen en adapters nat worden.
- Gebruik voor het meten uitsluitend de meetleidingen die bij het meettoestel meegeleverd zijn. Alleen deze zijn toegestaan.
- Indien blijkt dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is, dient u het toestel buiten werking te stellen en onopzettelijk gebruik te voorkomen. Men mag ervan uitgaan, dat een veilig gebruik niet meer mogelijk is, indien
- het toestel zichtbare beschadigingen vertoont,
- het toestel niet meer werkt en
- na lange opslag onder ongunstige omstandigheden of
- na zware belastingen tijdens het transport.
- Schakel het toestel nooit meteen in, wanneer het van een koude in een warme ruimte terecht komt. Het hierdoor optredende condenswater kan uw toestel vernietigen. Laat het toestel uitgeschakeld op kamertemperatuur komen.
Gebruik, inbedrijfneming
Het stroom-ijktoestel heeft aan drie schuifschakelaars en een meer-gangpotentiometer voor de bediening genoeg. Met de schakelaar wordt het stroombereik aangepast, die functie ingesteld, het toestel in-/ uitgeschakeld en met de "poti" de stroomwaarde van de stroombron resp. de spanningswaarde van de gelijkspanningsbron gewijzigd.
A "FUNCTION"
- Wanneer de schakelaar op "mA MEASURE" staat, wordt het stroom-ijktoestel als mA-meter gebruikt. Er kunnen gelijkstromen tot 20 (19,99) mA met twee plaatsen achter de komma en tot 24 (24,0) mA met een plaats achter de komma worden gemeten en aangetoond.
- Wanneer de schakelaar op "Power/mA MEASURE" staat zijn lusstroommetingen van tweegeleiderlussen met eigen voeding mogelijk. Hierbij levert het ijktoestel een gelijkspanning (DC) van 12 V en meet de stroom in de lus tot max. 24,0 mA.
- Wanneer de schakelaar op "CURRENT SOURCE" staat, dient het ijktoestel als stroombron, om andere aangesloten meettoestellen in het mA-meetbereik af te stellen.
- Wanneer de schakelaar op "VOLTAGE SOURCE" staat, wordt het stroom-ijktoestel als spanningsbron gebruikt. Het toestel levert dan een instelbare gelijkspanning van -199,9 mV tot +199,9 mV. Zo wordt ook de afstelling van mV-bereiken (zie ook panelmeter) mogelijk.
B "RANGE"
Met deze schakelaar wordt het stroombereik van de stroombron resp. het meetbereik bij de gelijkstroommeting omgeschakeld. Er zijn twee mogelijkheden: tot 19,99 mA (twee plaatsen achter de komma) en tot 24 mA (een plaats achter de komma).
C "POWER"
Met deze schakelaar wordt het stroom-ijktoestel in- en ook uitgeschakeld. Na een korte initialisatietijd ist het toestel gereed.
D "CAL. ADJUST"
Met deze meergang-potentiometer wordt de uitgangsstroom bij het gebruik als stroombron en de uitgangsspanning bij het gebruik als spanningsbron ingesteld. De uitgangswaarden worden verhoogd door de stelknop naar rechts te draaien en verlaagd door hem naar links te draaien.
Metingen doorvoeren, werking als "bron"
mA-gelijkstroommeting
Voor het meten van lage gelijkstromen tot max. 24 mADC doet u het volgende:
a) Verbind de aansluitleiding (platte stekkerbehuizingskant onder) met het uitgeschakelde stroom-ijktoestel. Let erop, dat de verbinding correct is.
b) Zet de schakelaar "FUNCTION" op "mA MEASURE" (helemaal links).
c) Zet de schakelaar "RANGE" op de rechter plaats voor twee plaatsen achter de komma tot max. 19,99 mA of op de linker plaats voor een plaats achter de komma en max. 24 mA.
d) Schakel het stroom-ijktoestel met behulp van de schakelaar "POWER" op "I" in. Na een korte initialisatietijd ist het toestel gereed.
e) Verbind de krokodilklemmen van de aansluitleiding in serie met het meetobject (zie afbeelding).

text_image
Beveiliging mA Meettoestel Stroom- bron Meetobject
Let op!
Zodra bij de gelijkstroommeting een "-" voor de meetwaarde wordt aangetoond, is de gemeten stroom negatief (of de meetleidingen werden verwisseld). Meet geen stroom in stroomkringen, waarin spanningen van meer dan 35 VDC kunnen optreden, omdat dit voor u onder ongunstige omstandigheden levensgevaarlijk is. Meet in geen geval stromen van meer dan 24 mA. Meet stromen die gelijk zijn aan of kleiner zijn dan 24 mA alleen in stroomkringen, die zelf met 25 mA zijn beveiligd.
mA-Meting lusstroom
Voor het meten van lusstroom in 2 – geleider – lussen van max. 24 mADC doet u het volgende:
a) Verbind de aansluitleiding (platte stekker behuizing beneden) met het uitgeschakelde stroom-ijktoestel. Let erop, dat de verbinding correct is.
b) Zet de schakelaar "FUNCTION" op "Power / mA MEASURE".
c) Zet de schakelaar "RANGE" op de rechter plaats voor twee plaatsen achter de komma tot max. 19,99 mA of op de linker plaats voor een plaats achter de komma en max. 24 mA.
d) Open de te meten 2-geleiderlus (zie ook afbeelding) en verbind de krokodilklemmen (let op:"+" = rood en "-" = zwart) van de aans-luitleiding in serie met het meetobject. De meetspanning voor de voeding van de lus wordt door het stroom-ijktoestel opgewekt (12 VDC).

flowchart
graph TD
A["DC 12 V ± 2 V VOEDING"] --> B["mA - meter"]
B --> C["rode klem +○"]
B --> D["zwarteklem -○"]
D --> E["ext. last, Gebruiker-schakeling..."]
F["Sroom-ijktoestel"] --> A
e) Schakel het stroom-ijktoestel met behulp van de schakelaar "POWER" op "I" in. Na een korte initialisatietijd ist het toestel gereed.

Let op!
Zodra bij de gelijkstroommeting een "-" voor de meetwaarde wordt aangetoond, is de gemeten stroom negatief (of de meetleidingen werden verwisseld). Meet geen stroom in stroomkringen, waarin spanningen van meer dan 35 VDC kunnen optreden, omdat dit voor u onder ongunstige omstandigheden levensgevaarlijk is. Meet in geen geval stromen van meer dan 24 mA. Meet stromen die gelijk zijn aan of kleiner zijn dan 24 mA alleen in stroomkringen, die zelf met 25 mA zijn beveiligd.
Stroombron
De feitelijk taak van het stroom-ijkinstrument is het met behulp van een zeer nauwkeurige instelbare meetstroom een aangesloten multimeter in diens mA-meetbereik af te stellen (te ijken). Doe hiervoor het volgende:
a) Verbind de aansluitleiding (platte stekker behuizing beneden) met het uitgeschakelde stroom-ijktoestel. Let erop, dat de verbinding correct is.
b) Zet de schakelaar "FUNCTION" op "CURRENT SOURCE" en het meergangpotentiometer "CAL. ADJUST" op de linker aanslag (helemaal naar links draaien).
c) Zet de schakelaar "RANGE" op de rechter plaats voor twee plaatsen achter de komma tot max. 19,99 mA of op de linker plaats voor een plaats achter de komma en max. 24 mA.
d) Schakel het stroom-ijktoestel met behulp van de schakelaar "POWER" op "I" in. Na een korte initialisatietijd ist het toestel gereed.
e) Verbind de krokodilklemmen van de aansluitleiding met de meet-punten van de af te stellen en uitgeschakelde multimeter en zet hem op ADC-meting.

Let op!
De meetleidingen van de af te stellen multimeter moeten met diens stroommeetingang zijn verbon- den (let op "+" en "-" ).
f) Aan het stroom-ijktoestel wordt nu een stroom aangetoond, omdat de stroomkring over het aangesloten meettoestel resp. over diens nevenweerstand (= Shunt; wanneer zekering ok is) nu gesloten is. Stel nu de gewenste ijkstroom in door de CAL.-ADJUST-stelknop naar rechts bijv. op 19 mA te zetten. De aangetoonde waarde ligt nu aan de uitgang van het stroom-ijktoestel aan.
g) Schakel de aangesloten multimeter in en stel het indien noodzakelijk af.
Spanningsbron
Een verdere bijzonderheid van dit stroom-ijktoestel is de mogelijkheit om het als zeer nauwkeurige instelbare spanningsbron te kunnen gebruiken. Men kan ermee bijvoorbeeld zogenaamde (digitale) panelmeters met een max. ingangsspanning van "+" of "-" 199,9 mV betrekkelijk eenvoudig afstellen. Doe dit als volgt:
a) Verbind de aansluitleiding (platte stekker behuizing beneden) met het uitgeschakelde stroom-ijktoestel. Let erop, dat de verbinding correct is.
b) Zet de schakelaar "FUNCTION" op "VOLTAGE SOURCE" en het meergangpotentiometer "CAL. ADJUST" op de linker aanslag (helemaal naar links draaien).
c) Schakel het stroom-ijktoestel met behulp van de schakelaar "POWER" op "I" in. Na een zeer korte initialisatietijd ist het toestel gereed.
d) aan het stroom-ijktoestel wordt nu een negatieve ("-") of positieve spanning aangetoond. Stel de gewenste uitgangsspanning in door de CAL.-ADJUST-stelknop naar rechts bijv. op 100,0 mV te zetten. De aangetoonde waarde ligt nu aan de uitgang van het stroom-ijktoestel aan.
e) Verbind de krokodilklemmen van de aansluitleiding of met de meetingang van een panelmeter (digitale meetbouwstenen) of met de meetpunten van een af te stellen uitgeschakelde multimeter en zet hem op mVDC-meting.
f) Schakel de af te stellen multimeter in.
Onderhoud, batterijen vervangen, installeren van het stroom-ijktoestel
a Algemeen
Om de nauwkeurigheid van het stroom-ijktoestel CC – 421 voor een langere periode te kunnen waarborgen, dient hij jaarlijks opnieuw te worden geijkt. Hoe batterijen en zekeringen worden vervangen wordt in de volgende alinea beschreven. Om de toestellen resp. de display-vensters en de meetleidingen te reinigen gebruikt u een schone, pluisvrije, antistatische en droge doek.
Let op!
Gebruik voor de reiniging geen carbon bevattende schoonmaakmiddelen of benzines, alcohol of eendere producten, omdat deze het oppervlak van de meettoestellen aantast. Bovendien zijn de dampen schadelijk voor de gezondheid en explosief. Gebruik voor de reiniging ook geen gereedschap met scherpe kanten, geen schroevendraaiers of metalen borstels e.d.
b Batterijen vervangen
Voor het werken met het stroom-ijktoestel is een 9-V-blokbatterij noodzakelijk. Wanneer het symbool "BAT" een paar uur voor het "einde" van de batterij op het display wordt aangetoond (vanaf ca. 7,5 V) moet de batterij worden vervangen. Doe dit als volgt:
- Koppel het meettoestel van de meetkring los,
- verwijder de meetleidingen van het meettoestel,
- schakel het uit en
- draai met een geschikte schroevendraaier (kruiskop) de bevestigingsschroef van het deksel van het batterijvak uit.
- Neem het deksel voorzichtig van het toestel af. Nu is het batterijvak vrij.
- Doe handschoenen voor eenmalig gebruik aan, neem de lege batterij uit neem hem van de aansluitingsclip weg.
- Neem een nieuwe batterij, verbind de polingsrichting met de aansluitclip en leg hem in het batterijvak.
- Nadat u de batterij heeft vervangen en geïnstalleerd sluit u het batterijvak weer zorgvuldig. Let er bij de montage op dat de leidingen van de aansluitclip niet bekneld raken.

Let op!
Gebruik het toestel in geen geval in open staat. Laat geen lege batterijen in het meettoestel zitten, omdat zelfs batterijen die tegen uitlopen zijn beveiligd kunnen corroderen waardoor chemische stoffen kunnen worden vrijgezet, die uw gezondheid schade toe kunnen brengen of het battreijvak kunnen vernietigen. Lege batterijen horen bij klein chemisch afval en moeten daarom milieuvriendelijk worden weggedaan. U kunt ze bij uw leverancier resp. bij de betreffende ophaalplaatsen in speciale bakken kwijt.
c Meettoestel installeren (schuine stand)
Het meettoestel heeft aan de achterkant van de behuizing een openklapbare standaard. Daarme kunt u het meettoestel in een schuine stand brengen, die het aflezen van de waarden gemakkelijker maakt.
Afvalbehandeling
Wanneer het stroom-ijktoestel CC – 421 ondanks intacte voeding (9-V-blokbatterij) niet meer functioneert resp. niet meer gerepareerd kan worden, moet hij volgens de geldige wettelijke bepalingen worden weggedaan.
Verhelpen van storingen
Met het stroom-ijktoestel CC – 421 heeft u een product verworven, dat volgens die nieuwste stand van de techniek is geconstrueerd. Er kunnen ondanks dat storingen en problemen optreden. Daarom is hier beschreven, hoe u een paar van deze storingen betrekkelijk gemakkelijk kunt verhelpen; Let in ieder geval op de veiligheidsopmerkingen!
| Fout Mogelijke oorzaak | |
| Geen meting mogelijk Hebben de meetleidingen veilig contact met de meetbussen? | |
| Geen aanduiding bij Is de batterij leeg? ingeschakeld toestel | |
| Geen stroomaanduiding Is | het stroommeetbereik van het aangesloten meettoestel hoogoh-mig resp.de zekering defect? |
Technische gegevens en meettoleranties
Aanduiding van de nauwkeurigheid ±(% met betrekking tot de bereikseindwaarde + aantal plaatsen = digits = dgt(s) ) Nauwkeurigheid 1 jaar bij een temperatuur van +23 °C ±5 K, bij een rel. luchtvochtigheid van minder dan 80 %, niet condenserend.
Modus Bereik Nauwkeurigheid Resolutie Gelijkspan- -199,9 mV ±(0,25%+1dgt 0,1 mV ningsbron tot +199,9 mV
De aansluitimpedantie van het aangesloten meettoestel mag niet onder 1 kOhm komen te liggen.
Gelijkstroom- 19,99 mA ±(0,25%+1dgt) 0,01 mA bron 24,0 mA ±(0,50%+1dgt) 0,1 mA
Aansluitimpedantie tot 500 Ohm in het bereik van 0 tot 19,99 mA Aansluitimpedantie tot 400 Ohm in het bereik van 20 mA tot 24,0 mA
Gelijkstroom- 19,99 mA ±(0,25%+1dgt) 0,01 mA meting 24,0 mA ±(0,50%+1dgt) 0,1 mA
Gelijkstroom- 19,99 mA ±(0,25%+1dgt) 0,01 mA bron, Twee- 24,0 mA ±(0,50%+1dgt) 0,1 mA geleiderlus
Uitgangsspanning 12 VDC ±2 V in de lus; meting van de lus-stroom

Let op!
Wanneer de max. toegestane ingangswaarden te boven worden gegaan of er kortsluiting van de bron-impedantie optreedt kan het stroom-ijktoestel worden beschadigd.