FSRC 4807 2P MK 2F X - Fornuis Fulgor Milano - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FSRC 4807 2P MK 2F X Fulgor Milano in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over FSRC 4807 2P MK 2F X Fulgor Milano
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FSRC 4807 2P MK 2F X - Fulgor Milano en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FSRC 4807 2P MK 2F X van het merk Fulgor Milano.
GEBRUIKSAANWIJZING FSRC 4807 2P MK 2F X Fulgor Milano
1- Kenmerken van uw oven 3
2 - Speciale waarschuwingen 5
Voorafgaand aan de installatie 5
3 - Veiligheidsaanwijzingen 6
Veiligheid voor de zelfreinigende oven 8
4 - Afmetingen product en installatieafmetingen 9
Installatie beugel kantelbeveiliging 11
5 - Informatie voor installatie 12
6 - Installatie-aanwijzingen 13
7 - Eisen gasnet 17
Aanwijzingen voor de installatie van het apparaat (eisen voor plaatsing en ventilatie) 17
Plaatsing 17
Ventilatie 17
Aansluiting gas 17
Aansluiting starre leiding 17
8 - Ombouw naar een ander soort gas 18
Ombouw naar een ander soort gas 18
Tabel gassproeiers 18
Vervanging gassproeiers (brander twee ringen) 24
Vervanging gassproeier (grillplaat) 24
Afstelling lage vlam 25
Afstelling voor brander met één of twee ringen: 25
9 - Ombouw voor LPG of aardgas 26
De vlammen van de branders 26
10 - Elektriciteitsvoorziening 27
Aansluiting van de oven op het elektriciteitsnet 27
11 - Bedieningspaneel 28
12 - Algemene informatie oven 29
Foutcodes 29
Pieptonen 29
Deurvergrendeling 29
Stroomstoring 29
Standaardinstellingen 29
F Storing Nummercodes 29
Voorverwarmen en snel voorverwarmen 29
Timer 29
13 - Algemene tips oven 30
De oven voorverwarmen 30
Suggesties voor gebruik 30
Kookgerei 30
Oven condensatie en temperatuur 30
Op grote hoogte bakken 30
INHOUDSOPGAVE PAG.
14 - Gebruiksaanwijzing 31
De eerste keer dat u de oven gebruikt 31
Ovenroosters 31
Uitschuifbare ovenroosters 32
15 - Gebruiksaanwijzingen
Aanwijzingen voor eerste inschakeling 33
Selectie ovenkamer (dubbele oven) 33
16 - Gebruikersinstellingen
Taal 34
Temperatuur en gewicht 34
Tijd 34
Datum 35
Helderheid 35
Zoemer 35
17 - Systeeminstelling
Logboek 36
Demo 36
18 - Uw oven starten
De oven in- en uitschakelen 37
De bereidingsmodus selecteren 37
De bereidingsmodus wijzigen 37
De temperatuur wijzigen 37
Voorverwarmingsfase 39
Eco 39
Snel voorverwarmen 39
Gebruik van de ovenlampen 39
19 - Getimede werking oven
Bereidingstijd 40
Stoptijd 40
20 - Instelling vleesthermometer (indien aanwezig)
21 - Begrip van de verschillende bereidingsmodi van de oven
Tips en technieken voor roosteren 43
Algemene Richtlijnen 43
Tips en technieken voor hetelucht verwarming 43
Tips en technieken voor hetelucht roosteren 44
Tips en technieken voor hetelucht braden 44
Tips en technieken voor braden 44
Tips en technieken voor drogen 44
Droogtabel 45
22 - Recepten
23 - Classic Pizza (sommige modellen)
24 - Aanwijzingen modus Sabbat (op sommige modellen)
25 - Oven Onderhoud en Reiniging
Automatische reiniging van de oven 51
De oven voorbereiden op de Automatische reiniging 51
INHOUDSOPGAVE PAG.
26 - Instelling modus automatische reiniging 52
De instelling van de automatische reiniging 52
De reinigingstijd wijzigen 52
De start van de reiniging uitstellen 52
27 - Deurvergrendelingssysteem (alleen beschikbaar op sommige modellen) 53
Automatische deurvergrendeling tijdens de pyrolytische cyclus 53
Doe-het-zelf onderhoud verwijderen ovendeur 53
28 - Een ovenlamp vervangen 54
29 - Kenmerken van uw kookplaat 55
30 - Werking gaskookplaat 57
Instelling knop gasregeling 57
Gasbranders 57
Branders met twee ringen 57
Super-afgedichte oppervlaktebranders 58
31 - Werking grillplaat gaskookplaat 60
32 - Pannen 61
Kenmerken pannen 61
Overeenkomst diameter pan met grootte vlam 61
33 - Algemene verzorging oven 62
Gebruik van de tabel voor reiniging oven 62
Tabel reiniging 62
34 - Afwerkingoven/Reinigingsmethoden 63
35 - Reiniging van de kookplaat 64
Aanbevolen reinigingsmiddelen voor delen/materialen kookplaat 64
36 - Operationele problemen oplossen 66
37 - Problemen van de bereidingen oplossen 68
38 - Technische bijstand 69
Registratie servicegegevens 69
KENMERKEN VAN UW OVEN

text_image
Display bedieningspaneel Koelventilatoren Deurpakking Halogeenlamp Onderste brander (verborgen) Typeplaatje model en serienummer Brander braadslede Halogeenlamp Halogeenlamp Onderste brander (verborgen) Onderste brander (verborgen) Ventilator hete lucht (verborgen)
text_image
Achterkant ovenrooster Voorkant ovenrooster
text_image
Stop braadslede Telescopisch rooster (indien aanwezig) Greep (indien aanwezig - niet alle modellen) Geleide-arm StopNL 1 - Kenmerken van uw oven
BELANGRIJK: Bewaar deze aanwijzingen voor de plaatselijke elektrische inspecteur.
INSTALLATEUR: Deze handleiding moet door de eigenaar bewaard worden voor toekomstige raadpleging.
EIGENAAR: Bewaar deze handleiding voor toekomstige raadpleging.
Besteed aandacht aan de volgende symbolen die in de handleiding worden gebruikt:

GEVAAR
Als u de aanwijzingen niet ONMIDDELLUK naleeft, kan dit leiden tot ernstig letsel of de dood.

WAARSCHUWING
Dit is het symbool voor een veiligheidswaarschuwing. Dit symbool waarschuwt u voor potentiële gevaren die kunnen leiden tot letsel of de dood, voor u en anderen. Als u deze aanwijzingen niet naleeft, kan dit leiden tot ernstig letsel of de dood.
LEES EN BEWAAR DEZE AANWIJZINGEN.
Voor de installateur:
Bewaar deze aanwijzingen bij het apparaat.
Voor de klant:
Bewaar deze aanwijzingen voor toekomstige raadpleging.

BELANGRIJKE AANWIJZING
Lees alle aanwijzingen voorafgaand aan het gebruik van het apparaat.

U bent verantwoordelijk voor de correcte installatie. Laat het gasfornuis installeren door een gekwalificeerde technicus.

BELANGRIJK
- Neem alle plaatselijke normen en verordeningen in acht.
- Noteer het model en het serienummer van het gasfornuis voorafgaand aan de installatie. Beide nummers staan aangegeven op het typeplaatje, zie de onderstaande afbeelding.
Voorafgaand aan de installatie
- Controleer de plaats van installatie van het apparaat. Op deze plaats mag er geen sprake zijn van sterke tocht, veroorzaakt door ramen, deuren en krachtige ventilatoren voor verwarming.
- De elektrische aarding is verplicht. Zie "Elektrische eisen"
OPMERKING: Dit apparaat is vervaardigd voor gebruik met aardgas of propaan.
Verwijs voor de ombouw naar LPG (propaan) of naar aardgas naar de aanwijzingen in de set voor gasombouw, bijgeleverd in de documentatie. Er moet een correcte gasaansluiting beschikbaar zijn. Zie de eisen voor gastoevoer.

WAARSCHUWING
Controleer, alvorens het apparaat op het gasnet aan te sluiten, of de kenmerken ervan correct zijn. Het door de fabrieksinstellingen voorziene type gas staat aangegeven op het typeplaatje.

BELANGRIJK
Het apparaat moet worden aangesloten door een gekwalificeerde technicus, in overeenstemming met de geldende regelgeving. Het typeplaatje van de oven is ook na de installatie van het apparaat zichtbaar.
Dit plaatje, zichtbaar wanneer de ovendeur open staat, bevat alle identificatiegegevens van het apparaat, evenals het type gas en de bedrijfsdruk waarvoor het apparaat is gekalibreerd. Volg strikt de aanwijzingen en suggesties om een veilig en correct gebruik van dit product te verzekeren.

BELANGRIJK
DIT APPARAAT IS UITSLUITEND BESTEMD VOOR HUISHOUDELIJK GEBRUIK. DE FABRIKANT KAN NIET OP ENIGERLEI WIJZE AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR EVENTUEEL LETSEL OF SCHADE VEROORZAAKT DOOR EEN ONJUISTE INSTALLATIE OF DOOR EEN ONEIGENLIJK, ONJUIST OF IRRATIONEEL GEBRUIK.

BELANGRIJK
DIT APPARAAT IS NIET BESTEMD OM GEBRUIKT TE WORDEN DOOR PERSONEN (INCLUSIEF KINDEREN) MET BEPERKTE LICHAMELIJKE, ZINTUIGLIJKE OF GEESTELIJKE VERMOGENS, OF MET GEBREK AAN ERVARING EN KENNIS, TENZIJ ZE ONDER TOEZICHT STAAN OF INSTRUCTIES VERKRIJGEN INZAKE HET GEBRUIK VAN HET APPARAAT VAN EEN PERSOON DIE VERANTWOORDELIJK IS VOOR HUN VEILIGHEID.
KINDEREN MOET ONDER TOEZICHT STAAN OM ERVOOR TE ZORGEN DAT ZENIET MET HET APPARAAT SPELEN.
- Demonteer geen onderdelen voordat het apparaat is losgekoppeld van de netvoeding.
-
Gebruik het apparaat niet als er een onderdeel defect is (bijvoorbeeld een ruit). Koppel het los van de netvoeding en bel de klantendienst.
-
Alvorens de oven te openen voor het eerst gebruikt, is het aan te raden deze eerst een uur lang leeg op de maximale temperatuur te laten werken om de geur van de isolatiematerialen te verwijderen.
- Voor alle modellen geldt dat de deur dicht moeten worden gelaten als de grill aanstaat.
- De koelventilator kan blijven functioneren zolang de oven warm is, zelfs nadat deze is uitgeschakeld.
- Tijdens het gebruik wordt het apparaat zeer heet; vermijd contact met de verwarmingselementen in de oven.
- Tijdens de werking wordt de voorkant van de oven heet: houd kinderen dus uit de buurt van de oven, met name tijdens de automatische reiniging.
- Ouders en volwassenen moeten bijzonder goed opletten wanneer het product in het bijzijn van kinderen wordt gebruikt.
- Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.
- Houd kinderen onder de 8 jaar uit de buurt, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Dit apparaat is niet bestemd om gebruikt te worden door mensen (inclusief kinderen ouder dan 8 jaar) met verminderde lichamelijke of geestelijke vermogens, of met gebrek aan ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan en instructies verkrijgen over het gebruik van het apparaat van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
- Kinderen mogen zonder toezicht niet de reiniging en het onderhoud uitvoeren.
- Om te vermijden dat het email van de oven beschadigd raakt, is het aangeraden om de bodemplaat van de oven niet met aluminiumfolie, een pan of andere zaken te bedekken.
- Reinig de ovendeur niet met schuurmiddelen of scherpe metalen schrapers omdat dit krassen op de ruit kan veroorzaken waardoor het kan gaan barsten.
- Wij raden aan geen schuurmiddelen en stoomapparaten te gebruiken om de oven te reinigen.
- Alvorens de automatische reiniging te starten, moeten alle accessoires (roosters, borden, pannen) verwijderd worden om beschadiging te voorkomen, moeten grove kookresten verwijderd worden en vervolgens de deur gesloten worden; controleer of de deur goed is gesloten.
- De oven moet koud en uitgeschakeld zijn, alvorens de deur te verwijderen. Dit zou anders kunnen leiden tot een elektrische schok of brandwonden.
- Het apparat mag niet geïnstalleerd worden achter een decoratieve deur, om oververhitting te voorkomen.

WAARSCHUWING
Zorg dat het apparaat is uitgeschakeld alvorens de lamp te vervangen om de mogelijkheid tot een elektrische schok te vermijden.
- Gebruik uitsluitend de vleesthermometer die bij het apparaat is geleverd.
- Langdurig intensief gebruik van het apparaat kan aanvullende ventilatie behoeven, bijvoorbeeld door een raam te openen of een krachtigere ventilatie door het niveau van mechanische ventilatie, indien aanwezig, te verhogen.
- Controleer voorafgaand aan de installatie of de kenmerken van het plaatselijke gasnet (soort en druk gas) en de eisen van het apparaat compatibel zijn.
- Gebruik op de kookplaat geen potten en pannen die voorbij de randen steken.
Om het risico op brandwonden tijdens het gebruik van de kookplaat te voorkomen, moet het volgende in acht worden genomen:
- Kinderen of huisdieren mogen niet alleen of zonder toezicht verblijven in de ruimte waar de apparaten worden gebruikt.
- Kinderen mogen nooit op enig deel van het apparaat zitten of staan.
- Sla geen ontvlambare materialen op in de nabijheid of op de kookplaat.
- Tijdens het gebruik van de kookplaat: RAAK DE ROOSTERS VAN DE BRANDERS OF DE AANGRENZENDE GEBIEDEN NIET AAN.
- Gebruik uitsluitend droge pannenlappen: vochtige of natte pannenlappen op hete oppervlakken kunnen brandwonden door stoom veroorzaken.
- Laat de kookplaat tijdens het gebruik nooit onbeheerd.
- Overkoken kan rook veroorzaken, gemorste vette stoffen kunnen vlam vatten. Op een brander gemorst materiaal kan een deel van of alle vlammen doven of de vonkontsteking verhinderen. In geval van overkoken moet de brander wordt uitgeschakeld en moet de werking ervan gecontroleerd worden. Functioneert de brander naar behoren, dan kan hij weer ontstoken worden.
- Tijdens het koken moet de regeling van de brander zo worden ingesteld dat de vlam alleen de bodem van de pan verwarmt en niet buiten de bodem van de pan uitsteekt.
-
Zorg ervoor dat tocht veroorzaakt door ventilatoren of ventilatieopeningen geen ontvlambaar materiaal naar de vlammen kan blazen of kan veroorzaken dat de vlammen voorbij de bodem van de pan steken.
-
Plaats de handvatten van pannen naar de binnenkant toe zodat ze zich niet boven de aangrenzende werkoppervlakken, de branders of voorbij de rand van de kookplaat bevinden.
- Draag geschikte kleding. Vermijd loszittende kleding of wijde mouwen tijdens het koken.
- Zorg ervoor dat kleding, pannenlappen of andere ontvlambare materialen niet in contact komen met hete branders of branderroosters.
- Gebruik uitsluitend bepaalde potten en pannen van bepaalde soorten glas, hittebestendig glaskeramiek, keramiek, aardewerk of andere geglazuurd kookgerei die geschikt zijn voor gebruik op de kookplaat.
- Reinig de kookplaat niet als hij nog heet is. Enkele reinigingsmiddelen kunnen bij toepassing op hete oppervlakken schadelijke dampen veroorzaken.

LET OP
Gebruik geen aluminiumfolie, plastic, papier of textiel in contact met de hete branders of roosters. Zorg ervoor dat de pannen niet droogkoken.

LET OP
Sla geen voor kinderen interessante voorwerpen op boven het apparaat.
Als kinderen bovenop het apparaat klimmen om deze voorwerpen te bereiken, kunnen ze ernstig verwond worden.
Om het risico van brand in de ovenkamer te beperken:
- Sla geen ontvlambare materialen op in of nabij de oven.
- Gebruik geen water voor het doven van brandend vet. Doof het vuur met brandblussers met droge chemische poeder of schuim.
- Wij raden sterk aan om ervoor te zorgen dat er in de nabijheid van het apparaat een brandblusser beschikbaar is.
- Kook het voedsel niet te lang door. Let zeer goed op als er in de oven papier, plastic of andere ontvlambare materialen worden geplaatst.
- Gebruik de ovenkamer niet als opslag. Laat geen papieren producten, kookgerei of voedsel in de niet gebruikte ovenkamer.
- Als het materiaal in de oven vlam vat, moet de ovendeur gesloten blijven. Schakel de oven uit en koppel het voedingsnet los door middel van de stroomonderbreker.
- Blokkeer geen ventilatieopeningen.
- Controleer of de ventilator tijdens de werking van de oven functioneert. Als de ventilator niet functioneert, mag de oven niet gebruikt worden. Neem contact op met een erkend servicecentrum.
- Draag voor uw persoonlijke veiligheid geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of wijde mouwen tijdens het gebruik van dit apparaat.
NL 3 - Veiligheidsaanwijzingen
- Verzamel lang haar in een staart.
- Raak de verwarmingselementen of de binnenste oppervlakken van de oven niet aan.
- Ook als de verwarmingselementen donker van kleur zijn, kunnen ze heet zijn. De binnenste oppervlakken van de oven kunnen heet genoeg worden om brandwonden te veroorzaken.
- Raak niet aan tijdens en na het gebruik en laat geen kleding of ander ontvlambaar materiaal in contact met de verwarmingselementen of de binnenste oppervlakken van de oven, tot er voldoende tijd is verstreken en ze zijn afgekoeld. Ook andere oppervlakken van het apparaat kunnen voldoende heet worden om brandwonden te veroorzaken, bijvoorbeeld de ventilatieopeningen en de aangrenzende oppervlakken, de ovendeuren en de ruiten van de ovendeuren.
- Ook de lijst op de bovenkant en de zijkanten van de oven kunnen heet genoeg worden om brandwonden te veroorzaken.
- Wees voorzichtig bij het openen van de deur. Open de deur een klein stukje om de hete lucht en de stoom te laten ontsnappen alvorens voedsel in de oven te plaatsen of eruit te verwijderen.
- Verwarm geen niet-geopende voedselverpakkingen. De opbouw van druk zou de verpakking kunnen doen ontploffen en letsel kunnen veroorzaken.
- Plaats de ovenroosters altijd bij afgekoelde oven op de gewenste plaats. Als een rooster bij hete oven verplaatst moet worden, zorg er dan voor dat de pannenlap geen contact maakt met de verwarmingselementen.
- Gebruik uitsluitend droge pannenlappen. Vochtige of natte pannenlappen op hete oppervlakken kunnen brandwonden door stoom veroorzaken. Zorg ervoor dat de pannenlappen niet de verwarmingselementen aanraken. Gebruik geen handdoek of dikke doeken.

WAARSCHUWING
- Voor een goede ontsteking en goede prestaties van de branders moeten de ontstekers schoon en droog worden gehouden.
- Als een brander uit gaat en er gas ontsnapt, moet er een raam of een deur geopend worden. Wacht ten minste 5 minuten alvorens de kookplaat weer te gebruiken.
- De stroom van verbrandings- en ventilatielucht mag niet belemmerd worden.
- Gebruik geen aluminiumfolie voor het bekleden van delen van de ovenkamer: het zal tijdens het gebruik smelten en het email beschadigen.
- Als het gasfornuis zich naast een raam bevindt, zorg er dan voor dat er geen gordijnen boven of in de buurt van de branders kunnen bewegen omdat deze brand kunnen vatten.
Veiligheid voor de zelfreinigende oven
- Zorg ervoor dat de deur gesloten is en dat hij niet geopend kan worden nadat de knop naar de stand CLEAN is gedraaid en het pictogram van de gesloten deur verschijnt. Als de deur niet wordt vergrendeld, draai de keuzeschakelaar van de bereidingsmodus dan naar OFF en activeer niet de automatische reiniging. Neem contact op met het servicecentrum.
- Reinig de deurpakking niet. Dit is noodzakelijk voor een goede dichting. Wees voorzichtig om de deurpakking niet beschadigd, verplaatst of verwijderd wordt.
- Gebruik geen commerciële ovenreinigers of enig type beschermende ovencoating in de oven of rond enige onderdelen van de oven.
- Reinig alleen de onderdelen van de oven aangegeven in deze handleiding.
- Voorafgaand aan de automatische reiniging van de oven moeten de braadslede, de ovenroosters (alleen indien niet van porselein gemaakt), andere gebruiksvoorwerpen en overmatig gemorst materiaal worden verwijderd.

WAARSCHUWING
De verwijdering van vuil tijdens de automatische reiniging genereert enkele bijproducten die in deze lijst van stoffen zijn opgenomen.
Om de blootstelling aan deze stoffen te beperken, moet deze oven altijd gebruikt worden in overeenstemming met de aanwijzingen van deze handleiding en moet gezorgd worden voor een goede ventilatie in de ruimte, tijdens en onmiddellijk na de automatische reiniging van de oven.
AFMETINGEN PRODUCT
Modellen gasfornuis 122 cm breed

NL 4 - Afmetingen product en installatieafmetingen
INSTALLATIEAFMETINGEN

text_image
min 25 1/2" (65) Minimaal tot brandbaar materiaal of tot de onderkant van de afzuigkap min 18" (45.7) min 18" (45.7) min 6" (15.2) min 6" (15.2) 2" (5.1) max. afstand tot de muur voor aansluitingen gas en elektriciteit 3" (9) 3" (9) GAS ELEKTRISCH min 4 3/4" (12.3)Het oppervlak van de achterwand boven het gasfornuis en onder de afzuigkap moet geheel bekleed worden met onbrandbaar materiaal.
*Raadpleeg de plaatselijke voorschriften voor de plaats voor de afvoer.
Boven het kookoppervlak (meer dan 91,4 cm [36")
• Zijkanten - 15,2 cm (6")
- Tot 15,2 cm (6") ruimte aan de zijkant, kastjes niet dieper dan 33,0 cm (13") en minimaal 45.7 cm (18") boven het kookoppervlak
- Achterkant - 0 cm met 22,86 cm achterste scherm; 0 cm met niet-brandbare achterwand.
Onder het kookoppervlak (91,4 cm [36"] en minder)
- Installeer zonder tussenruimte tussen aangrenzende brandbare constructie onder het kookoppervlak en aan de achter- en zijkanten van het apparaat.
EXTRA VRIJE RUIMTEN:
Handhaaf voor installatie in een kookeiland minimaal 6,35 cm van de uitsparing naar de achterrand van het aanrechtblad en minimaal 7,62 cm van de uitsparing tot de zijranden van het aanrechtblad (zie bovenaanzicht). Voor installatie in een kookeiland minimaal 305 cm (12") vrije ruimte achter het gasfornuis tot de brandbare achterwand boven het aanrechtblad.
VERZONKEN INSTALLATIE IN KOOKEILAND

text_image
ACHTERKANT min 2 1/2" (6.3) min 3" (7.6) min 3" (7.6)Voorafgaand aan de verplaatsing van het gasfornuis moeten eventuele afgewerkte vloeren beschermd worden en de ovendeuren geblokkeerd worden om schade te voorkomen.
Combinaties met afzuigkap:
Aanbevolen wordt om deze gasfornuizen te installeren in combinatie met een geschikte afzuigkap erboven.
Vanwege de hoge warmtecapaciteit van dit apparaat moet bijzondere aandacht worden besteed aan de afzuigkap en de installatie van het leidingwerk die moeten voldoen aan de plaatselijke bouwvoorschriften.

WAARSCHUWING
Luchtgordijnen of andere bovengeplaatste afzuigkappen die met hun werking een neerwaartse luchtstroom op het gasfornuis blazen, mogen niet gebruikt worden in combinatie met andere gasfornuizen met een gaskookplaat dan die waarvoor de afzuigkap en het gasfornuis zijn ontworpen, getest en gecertificeerd door een onafhankelijk testlaboratorium voor gebruik in combinatie met elkaar.
Vrije ruimtes tot horizontale oppervlakken boven het gasfornuis, gemeten tot het kookoppervlak, zijn minder groot. De niet-naleving van deze aanwijzingen kan resulteren in brandgevaar.
- De installatie van een eigen afzuigkap met blootgestelde horizontale brandbare oppervlakken moeten een functie voor automatische inschakeling voorzien.
- Verwijs voor andere installaties met een afzuigkap naar de installatie-aanwijzingen met de specifieke vrije ruimten van de afzuigkap.

LET OP
Deze gasfornuizen wegen maximaal 180 kg (400 pound). De demontage van enkele delen zal het gewicht aanzienlijk verminderen. In verband met het gewicht en de afmeting van het gasfornuis en om het risico op letsel en beschadiging van het product te verminderen:
VOOR EEN CORRECTE INSTALLATIE ZUN ER TWEE PERSONEN NODIG.
Installatie beugel kantelbeveiliging

WAARSCHUWING
Kantelgevaar
Een kantelend, vallend gasfornuis vormt voor kinderen en volwassenen een gevaar voor, ook dodelijk, letsel.
Zorg ervoor dat de beugel voor kantelbeveiliging is aangebracht wanneer het gasfornuis wordt verplaatst.
Gebruik het gasfornuis niet als de beugel voor kantelbeveiliging niet geinstalleerd en actief is.
Niet-naleving van deze aanwijzingen kan leiden tot ernstige brandwonden en de door voor kinderen en volwassenen.

Om te controleren of de kantelbeveiligingsbeugel is geinstalleerd en geactiveerd:
- Schuif het gasfornuis vooruit.
- Kijk of de kantelbeveiligingsbeugel stevig is bevestigd op de vloer of de wand.
- Schuif het gasfornuis achteruit, zo dat de voet van het gasfornuis zich onder de kantelbeveiligingsbeugel bevindt.
- Verwijs naar de installatie-aanwijzingen voor meer informatie.

text_image
Kantelbeveiligingsbeugel Voet gasformuisINSTALLATIE KANTELBEVEILIGINGSBEUGEL

text_image
ZUWAND KASTJE ACHTERMUR MUURANKER VERZONKEN KANTELBEVEIL- GINGSBEUGELVoor constructie van beton of cement:
Gebruik geschikte bevestigingsmiddelen (niet bijgeleverd).
Bevestig de beugel aan de wand en/of de vloer met ten minste 4 houtschroeven (meegeleverd).

De kantelbeveiligingsbeugel moet worden ingebracht in de opening van de kantelbeveiligingsanker op het gasfornuis.

WAARSCHUWING
• Gevaar hoog gewicht
Voor de verplaatsing en installatie van het gasfornuis zijn er twee of meer personen nodig.
Niet-naleving van dit voorschrift kan leiden tot rugletsel en ander letsel.
• Gevaar voor snijwonden
Let op voor scherpe randen. Gebruik het beschermende polystyreen materiaal bij de verplaatsing van het product. Gebeurt dit niet, dan zou dit kunnen resulteren in kleine verwondingen of snijwonden.
De stroom verbrandingslucht bij de ventilatieopening van de oven, rond het onderstel en onder het onderste voorpaneel van het gasfornuis mag niet belemmerd worden. Vermijd om de ventilatieopeningen of aangrenzende oppervlakken aan te raken omdat ze tijdens de werking van de oven heet kunnen worden. Dit gasfornuis behoeft verse lucht voor de correcte werking van de brander.
Belemmer NOOIT eventuele sleuven, gaten of doorgangen in de oven en bedek een rooster niet volledig met aluminiumfolie. Dit zou resulteren in een blokkering van de luchtstroom in de oven en kan vergiftiging door koolmonoxide veroorzaken. Bekleding met aluminium folie kan ook hitte vasthouden, waardoor een brandgevaar ontstaat.
De plaat van het gasfornuis moet zorgvuldig gekozen worden.
Het gasfornuis moet voor een comfortabel gebruik in de keuken worden geplaatst, uit de buurt van sterke tocht.
Sterke tocht kan veroorzaakt door open deuren en ramen, of door ventilatoren voor verwarming en/of airconditioning.

BELANGRIJKE OPMERKING
Bij de installatie tegen een brandbaar oppervlak is een beschermende plaat van de minimaal aanbevolen afmetingen nodig; neem de minimale vrije ruimte tot brandbare oppervlakken in acht zoals aangegeven op de afbeelding van de pagina Installatieafmetingen 10.
Voorafgaand aan de verplaatsing van het gasfornuis moeten eventuele afgewerkte vloeren beschermd worden en de ovendeuren geblokkeerd worden om schade te voorkomen.
Hef en verplaats het gasfornuis niet met behulp van de handgreep van de deur.
Om het risico op brandwonden of brand bij het reiken boven de verwarmde oppervlakken weg te nemen, moet de plaatsing van opslagruimte zoals kastjes boven het gasfornuis worden vermeden. Als er kastjes moeten worden voorzien, kan het risico verminderd worden met de installatie van een afzuigkap die horizontaal een minimaal aantal centimeters voorbij de onderkant van de kastjes uitsteekt.
Alle openingen in de wanden of vloeren op de plaats van installatie van het gasfornuis moeten afgedicht worden.
NOODZAKELIJK GEREEDSCHAP

Verwijder voorafgaand aan de installatie het verpakkingsmateriaal en het pakket met documentatie vanaf de kookplaat.
Neem de installatie-aanwijzingen uit de documentatie en lees ze zorgvuldig voordat u begint
GELEVERDE MATERIALEN

text_image
Pakking Schroeven kantelbeveiligingsbeugelVEREISTE MATERIALEN (niet bijgeleverd)

text_image
Afdichtingsmiddel Pijpfittingen AfsluitklepOPMERKING: Koop een nieuwe flexibele slang, gebruik niet de eerder gebruikte gasslang.
Bij de installatie de pootjes mag het gasfornuis niet op de zijkant worden gekanteld. De zijwanden zijn niet geschikt om het gewicht van het gasfornuis te dragen en zullen doorbuigen. Eventuele schade veroorzaakt door kantelen wordt niet gedekt door de garantie. Volg de methode beschreven in de bijgeleverde installatiehandleiding.

Snij het verpakkingsband (1) door en verwijder de installatie-aanwijzingen vanaf de bovenkant van het gasfornuis; lees de aanwijzingen zorgvuldig voordat u begint.

LET OP
Ga veilig staan. De uiteinden van het verpakkingsband zou naar u toe kunnen schieten wanneer het wordt doorgesneden.

Open de bovenkant (2) van de verpakking en verwijder de accessoires (3), verwijder vervolgens het kartonnen omhulsel (4).

NL 6 - Installatie-aanwijzingen
STAP 3 (alleen voor modellen 122 cm breed)
Verwijder het achterste houten anker (5) en de voorste metalen bevestigingsbeugels (6).

Verschuif het gasfornuis net voldoende, zodat de achterste voeten geïnstalleerd kunnen worden.

Schuif het apparaat verder en kantel het achterwaarts (9), plaats de achterste poten op de vloer en monteer dan de voorste poten (10); in deze gekantelde positie moet het apparaat ondersteund worden door de achterpoten en de houten pallet.

Verwijder de pallet terwijl de voorkant van het gasfornuis wordt ondersteund (11); laat het gasfornuis op een gecontroleerde wijze zakken naar de vloer.

text_image
11 12STAP 7
In geval het gasfornuis verplaatst moet worden, gebruik dan de verpakkingselementen van schuim of karton (13) rond het apparaat om de afgewerkte oppervlakken van het gasfornuis te beschermen tegen contact met de steekwagen en bevestigingsriemen rond het apparaat (14). In geval van kleinere gastornuizen kan deze techniek gebruikt worden om het apparaat van de pallet te verwijderen en de poten (15) te installeren. Kantel het gasfornuis om de wielen van de steekwagen vanaf de pallet omlaag te brengen. Plaats de geleiderails van het apparaat op de vloer, links en rechts voor de opening om de vloer te beschermen tijdens de verplaatsing naar de definitieve plaats. De ovendeur(en) is/zijn een belangrijk onderdeel van het totale gewicht van het gasfornuis; het zou nuttig kunnen zijn om de deuren te verwijderen in geval van een verplaatsing van het gasfornuis over een grote afstand. Verwijs naar de bijgeleverde handleidingen voor de verwijdering en herinstallatie van de deuren.

Installeer de achterste bescherming (indien aanwezig) met de drie schroeven op de achterkant. In enkele gevallen kan dit een optionele achterste bescherming zijn die apart is besteld, in plaats van de bij het gasfornuis geleverde bescherming. Verwijs naar de bij het accessoire geleverde aanwijzingen voor de specifieke installatie-eisen.

text_image
A 9" 3"NL 6 - Installatie-aanwijzingen
STAP 9
Na het voltooien van de aansluitingen op het elektriciteits- en gasnet (zie de bijgevoegde aanwijzingen), moeten de vier hoeken in het uitgespaarde gebied gemeten worden om te controleren of de vloer vlak is. Pas de stelpoten aan naar de gewenste hoogte en controleer of het gasfornuis waterpas staat. Draai het onderste deel van de poten linksom om de poot te verlengen en rechtsom om het in te korten.

BELANGRIJK
Bij de eerste inschakeling van het apparaat moet er een veiligheidstest van het deurslot worden voltooid. Voordat er elektriciteit aan het apparaat wordt geleverd, moet er voor gezorgd worden dat de deuren weer geïnstalleerd worden indien ze voor de verplaatsing verwijderd werden. Open de ovendeur niet en tracht niet de oven te gebruiken tot u er zeker van bent dat de test succesvol is afgerond. De opening/sluiting van de deur tijdens de test kan resulteren in beschadiging van het slotmechanisme. Verwijs, indien nodig, naar de handleidingen voor meer informatie.
Zorg ervoor dat de vloer beschermd wordt. Schuif het apparaat naar zijn definitieve plaats en zorg ervoor dat de kantelbeveiligingsbeugel wordt aangegrepen.

Haak de lipjes van de stootplaat in de sleuven aan beide zijden van het onderstel en draai de plaat omhoog tot de magneten op de bovenkant ervan contact maken en de bevestiging verzekeren.

De lektest van het apparaat moet worden uitgevoerd door de installateur en in overeenstemming met de verstrekte aanwijzingen.
Aanwijzingen voor de installatie van het apparaat (eisen voor plaatsing en ventilatie)
De geldende voorschriften zijn de normen voor de installatie, het onderhoud en het gebruik van gasapparaten voor huishoudelijk gebruik. Een uittreksel van deze normen wordt hieronder weergegeven. Verwijs voor niet opgenomen aanwijzingen naar de bovengenoemde normen.
Plaatsing
De verbrandingsproducten van kooktoestellen moeten altijd worden afgevoerd via een geschikte afzuigkap, aangesloten op een schoorsteen, een rookkanaal of een rechtstreekse afvoer naar buiten het gebouw. In situaties waarin het niet mogelijk is om een afzuigkap te installeren, moet er een elektrische afvoerventilator geïnstalleerd worden in een venster of een buitenmuur, op voorwaarde dat wordt voldaan aan alle voorschriften voor ventilatie; de ventilator moet inschakelen wanneer het apparaat in werking is.
VENTILATIE

Het is van fundamenteel belang dat de ruimte van installatie van gastoestellen goed geventileerd wordt, om te verzekeren dat alle apparaten de vereiste hoeveelheid verse lucht voor de verbranding ontvangen. Voor het verzekeren van een goede luchtstroom is het mogelijk noodzakelijk om openingen te creëren in overeenstemming met de volgende eisen:
a) met een dwarsdoorsnede van 6 cm ^2 per kW met een minimale dwarsdoorsnede van 100 cm ^2 (deze openingen kunnen ook gemaakt worden door de opening tussen deuren en de vloer groter te maken);
b) geplaatst onderaan een buitenmuur, bij voorkeur de muur tegenover de plek waar de verbrandingsproducten worden afgevoerd;
c) de plekken van de openingen moeten zo gekozen worden dat hun eventuele belemmering wordt voorkomen; de openingen in buitenmuren worden beschermd worden met roosters, metaalgaas, enz. aangebracht op de buitenzijde van de muur.
Als er in de ruimte een elektrische afzuigventilator voor het afvoeren van vuile lucht is geïnstalleerd, moeten de openingen voor luchtverversing een ventilatieniveau van ten minste 35 m ^3 /h per kW geïnstalleerd vermogen verzekeren.
Aansluiting gas
De oven is ontworpen om te functioneren met zowel aardgas (methaan) als vloeibaar gas (LPG) en kan eenvoudig worden omgebouwd voor de twee soorten gas; zie hiervoor de aanwijzingen in het betreffende gedeelte van deze handleiding.
De aansluiting op het gasnet moet worden uitgevoerd door gekwalificeerde technici en in overeenstemming met de geldende normen.
Als het apparaat functioneert met gasflessen (LPG), moet een drukregelaar in overeenstemming met de eisen worden voorzien.
Aansluiting starre leiding
De aansluiting op het gasnet kan tot stand worden gebracht met een starre leiding, stevig bevestigd op de fitting "G", of door middel van een flexibele roestvrij stalen slang met doorgaande wand met een maximale lengte van 2 meter. De fitting "G" en de afdichting "C" worden bij het apparaat geleverd en voldoen aan de normen.

BELANGRIJK
Gebruik twee sleutels om de fitting "G" te draaien naar de gewenste stand. Wanneer de fitting zich in de gewenste stand bevindt, moet de moer "A" stevig worden aangescherpt.
AANSLUITING STARRE LEIDING

text_image
G C A B
BELANGRIJK
Na de aansluiting van het apparaat op het gasnet (of op de gasflessen) MOET GECONTROLEERD WORDEN OP LEKKEN ter hoogte van de koppeling, met behulp van een oplossing van zeep en water (gebruik hiervoor nooit open vuur).
NL 8 - Ombouw naar een ander soort gas
Ombouw naar een ander soort gas
Alvorens het apparaat om te bouwen voor gebruik met een ander soort gas moet het momenteel ingestelde soort gas gecontroleerd worden op de sticker (Afbeelding 1 pagina 3) op het apparaat.
Koppel de elektriciteitsvoorziening van het apparaat los. Verwijs voor de correcte diameter van de gassproeier naar de betreffende tabel in deze handleiding.
Tabel gassproeiers
De diameter in honderdsten van een millimeter staat op de sproeier gestanst.
| Bovenste brander 4,50 kW | LP | |||
| Nominale branderbelasting | kW | 4,50 4,50 4,50 4,50 | ||
| Gassproeier binnenste ring maat 37 | 37 34 32 | |||
| Gassproeier buitenste ring maat 98 | 98 94 90 | |||
| Verbruik 328 g/u 328 g/u 328 g/u 328 g/u | ||||
| Gasfamilie 3+ 3B/P 3B/P 3B/P | ||||
| Gas "G30G31" "G30G31" "G30G31" "G30G31" | ||||
| Gasdruk | mbar | "28...3037" | 30 | 37 |
| AT | ||||
| BE | x | |||
| BG | x | |||
| CH | x | |||
| CY | x | x | ||
| CZ | x | |||
| DE | ||||
| DK | x | |||
| EE | x | |||
| ES | x | |||
| FI | x | |||
| FR | x | |||
| GB | x | |||
| GR | x | x | ||
| HU | x | |||
| IE | x | |||
| IS | x | |||
| IT | x | |||
| LT | x | x | ||
| LU | ||||
| LV | x | |||
| MT | x | |||
| NL | x | |||
| NO | x | |||
| PL | x | |||
| PT | x | |||
| RO | x | |||
| SE | x | |||
| SI | x | x | ||
| SK | x | x | ||
| AL | x | x | ||
| HR | x | |||
| MK | x | x | ||
| TR | x | x | ||
| Bovenste brander 4,00 kW | LP | |||
| Nominale branderbelasting | kW | 4,00 | 4,00 | 4,00 |
| Gassproeier binnenste ring maat 37 | 37 | 34 | 32 | |
| Gassproeier buitenste ring maat 93 | 93 | 89 | 86 | |
| Verbruik 291 g/u 291 g/u 291 g/u 291 g/u | ||||
| Gasfamilie 3+ 3B/P 3B/P 3B/P | ||||
| Gas "G30G31" "G30G31" "G30G31" "G30G31" | ||||
| Gasdruk mbar "28...3037" | 30 | 37 | 50 | |
| AT | ||||
| BE | x | |||
| BG | x | |||
| CH | x | |||
| CY | x | x | ||
| CZ | x | |||
| DE | ||||
| DK | x | |||
| EE | x | |||
| ES | x | |||
| FI | x | |||
| FR | x | |||
| GB | x | |||
| GR | x | x | ||
| HU | x | |||
| IE | x | |||
| IS | x | |||
| IT | x | |||
| LT | x | x | ||
| LU | ||||
| LV | x | |||
| MT | x | |||
| NL | x | |||
| NO | x | |||
| PL | x | |||
| PT | x | |||
| RO | x | |||
| SE | x | |||
| SI | x | x | ||
| SK | x | x | ||
| AL | x | x | ||
| HR | x | |||
| MK | x | x | ||
| TR | x | x | ||
NL 8 - Ombouw naar een ander soort gas
| Bovenste bakplaat 3,35 kW LP | ||||
| Nominale branderbelasting kW 3,35 3,35 3,35 3,35 | ||||
| Gassproeier maat 87 87 82 80 | ||||
| Verbruik 244 g/u 244 g/u 244 g/u 244 g/u | ||||
| Gasfamilie 3+ 3B/P 3B/P 3B/P | ||||
| Gas "G30G31" "G30G31" "G30G31" "G30G31" | ||||
| Gasdruk mbar "28...3037" 30 37 50 | ||||
| AT | x | |||
| BE | x | |||
| BG | x | |||
| CH | x | x | ||
| CY | x | x | ||
| CZ | x | |||
| DE | x | |||
| DK | x | |||
| EE | x | |||
| ES | x | |||
| FI | x | |||
| FR | x | |||
| GB | x | |||
| GR | x | x | ||
| HU | x | |||
| IE | x | |||
| IS | x | |||
| IT | x | |||
| LT | x | x | ||
| LU | ||||
| LV | x | |||
| MT | x | |||
| NL | x | |||
| NO | x | |||
| PL | x | |||
| PT | x | |||
| RO | x | |||
| SE | x | |||
| SI | x | x | ||
| SK | x | x | x | |
| AL | x | x | ||
| HR | x | |||
| MK | x | x | ||
| TR | x | x | ||
| Bovenste brander4,50 kW | NG | |||||||||||
| Nominale branderbelasting | kW | 4,50 | 4,50 | 4,50 | 4,50 | 4,50 | 4,50 | 4,50 | 4,50 | 4,50 | ||
| Gassproeier binnenste ring | maat | 55 | 55 | 55 | 58 | 57 | 57 | 74 | 57 | |||
| Gassproeier binnenste ring | maat | 143 | 143 | 143 | 147 | 160 | 160 | 135 | 152 | 200 | 165 | |
| Verbruik | 429 | l/u | 429 | l/u | 429 | l/u | 498 | l/u | 498 | l/u | 498 | |
| Gasfamilie 2H 2E 2E+ 2K | 2L | 2LL | 2H | 2S | 2Lw | 2Ls | ||||||
| Gas | G20 | G20 | "G20 G25" | G25.3 | G25 | G25 | G20 | G25.1 | G2.350 | |||
| Gasdruk | mbar | 20 | 20 | "20 | 25" | 25 | 20 | 20 | 25 | 25 | 13 | |
| AT | x | |||||||||||
| BE | x | |||||||||||
| BG | x | |||||||||||
| CH | x | |||||||||||
| CY | x | |||||||||||
| CZ | x | |||||||||||
| DE | x | x | ||||||||||
| DK | x | |||||||||||
| EE | x | |||||||||||
| ES | ||||||||||||
| FI | x | |||||||||||
| FR | x | |||||||||||
| GB | x | |||||||||||
| GR | x | |||||||||||
| HU | x | x | ||||||||||
| IE | x | |||||||||||
| IS | ||||||||||||
| IT | x | |||||||||||
| LT | x | |||||||||||
| LU | x | |||||||||||
| LV | x | |||||||||||
| MT | ||||||||||||
| NL | x | |||||||||||
| NO | x | |||||||||||
| PL | x | x | ||||||||||
| PT | x | |||||||||||
| RO | x | x | ||||||||||
| SE | x | |||||||||||
| SI | x | |||||||||||
| SK | x | |||||||||||
| AL | x | |||||||||||
| HR | x | |||||||||||
| MK | x | |||||||||||
| TR | x | |||||||||||
NL 8 - Ombouw naar een ander soort gas
| Bovenste brander 4,00 kW | NG | ||||||||||
| Nominale branderbelasting | kW | 4,00 | 4,00 | 4,00 | 4,00 | 4,00 | 4,00 | 4,00 | 4,00 | ||
| Gassproeier binnenste ring | maat | 55 | 55 | 55 | 57 | 59 | 52 | 74 | 57 | ||
| Gassproeier binnenste ring | maat | 136 | 136 | 136 | 140 | 146 | 146 | 136 | 146 | 187 | 152 |
| Verbruik | 381 | l/u | 381 | l/u | 381 | l/u | 43 | l/u | 44 | l/u | |
| Gasfamilie 2H 2E 2E+ 2K | 2L | 2LL | 2H | 2S | 2Lw | 2Ls | |||||
| Gas | G20 | G20 | "G20 G25" | G25.3 | G25 | G20 | G25.1 | G2.350 | |||
| Gasdruk | mbar | 20 | 20 | "20 | 25" | 25 | 20 | 20 | 25 | 13 | |
| AT | x | ||||||||||
| BE | x | ||||||||||
| BG | x | ||||||||||
| CH | x | ||||||||||
| CY | x | ||||||||||
| CZ | x | ||||||||||
| DE | x | x | |||||||||
| DK | x | ||||||||||
| EE | x | ||||||||||
| ES | |||||||||||
| FI | x | ||||||||||
| FR | x | ||||||||||
| GB | x | ||||||||||
| GR | x | ||||||||||
| HU | x | x | |||||||||
| IE | x | ||||||||||
| IS | |||||||||||
| IT | x | ||||||||||
| LT | x | ||||||||||
| LU | x | ||||||||||
| LV | x | ||||||||||
| MT | |||||||||||
| NL | x | ||||||||||
| NO | x | ||||||||||
| PL | x | x | |||||||||
| PT | x | ||||||||||
| RO | x | x | |||||||||
| SE | x | ||||||||||
| SI | x | ||||||||||
| SK | x | ||||||||||
| AL | x | ||||||||||
| HR | x | ||||||||||
| MK | x | ||||||||||
| TR | x | ||||||||||
| Bovenste brander 3,35 kW | NG | |||||||||||
| Nominale branderbelasting | kW | 3,35 | 3,35 | 3,35 | 3,35 | 3,35 | 3,35 | 3,35 | 3,35 | 3,35 | ||
| Gassproeier maat 125 125 | 125 | 13 | 5 | 140 | 140 | 120 | 135 | 190 | 145 | |||
| Verbruik | 319 | l/u | 319 | l/u | 3 | 63 | l/u | 37 | l/u | 319 | l/u 371 | |
| Gasfamilie 2H 2E 2E+ 2K | 2L | 2LL | 2H | 2S | 2Lw | 2Ls | ||||||
| Gas | G20 | G20 | "G20 G25" | G25.3 | G25 | G25 | G20 | G25.1 | G2.350 | G27 | ||
| Gasdruk | mbar | 20 | 20 | "20 25" | 25 | 20 | 20 | 25 | 20 | |||
| AT | x | |||||||||||
| BE | x | |||||||||||
| BG | x | |||||||||||
| CH | x | |||||||||||
| CY | x | |||||||||||
| CZ | x | |||||||||||
| DE | x | x | ||||||||||
| DK | x | |||||||||||
| EE | x | |||||||||||
| ES | ||||||||||||
| FI | x | |||||||||||
| FR | x | |||||||||||
| GB | x | |||||||||||
| GR | x | |||||||||||
| HU | xx | |||||||||||
| IE | x | |||||||||||
| IS | ||||||||||||
| IT | x | |||||||||||
| LT | x | |||||||||||
| LU | x | |||||||||||
| LV | x | |||||||||||
| MT | ||||||||||||
| NL | x | |||||||||||
| NO | x | |||||||||||
| PL | x | xx | ||||||||||
| PT | x | |||||||||||
| RO | x | x | ||||||||||
| SE | x | |||||||||||
| SI | x | |||||||||||
| SK | x | |||||||||||
| AL | x | |||||||||||
| HR | x | |||||||||||
| MK | x | |||||||||||
| TR | x | |||||||||||
NL 8 - Ombouw naar een ander soort gas
Vervanging gassproeiers (brander twee ringen)
- Verwijder de roosters en de branderdeksels.
- Verwijder de aluminium branderkelk.
- Verwijder de drie schroeven van de branderkelk (1).
- Verwijder de twee schroeven van de afdekking van de sproeier (2).
- Verwijder de gassproeier (A) met een moersleutel van 7 mm (9-32"); draai de sleutel linksom.
- Verwijder de gassproeier (B) met een ringsleutel van 7 mm (9-32"); draai de sleutel linksom.
- Installeer de bij het apparaat geleverde sproeiers in de juiste brander. De sproeiers hebben op de zijkant in het klein een nummer gestanst; dit nummer komt overeen met de diameter van de opening en de plaatsing in de correcte brander (verwijs naar de afbeeldingen van deel: "Plaatsing sproeiers").
- Draai rechtsom om aan te scherpen (naar een aanhaalmoment van 1,69 tot 2,25 Nm).
- Plaats alle onderdelen terug in omgekeerde volgorde ten opzichte van de uitbouw.
- Bewaar de verwijderde sproeiers voor toekomstig gebruik.
EXPLOSIETEKENING VAN DE BRANDER

Vervanging gassproeier (grillplaat)
- Verwijder de grillplaat.
- Verwijder de afdekking van de brander.
- Verwijder de bevestigingsschroeven van de brander (1).
- Verwijder de veren (2) vanaf de thermokoppel en de ontsteker om de brander te kunnen verplaatsen.
- Verwijder de gassproeier (A) met een moersleutel van 7 mm (9-32"); draai de sleutel linksom.
- Installeer de bij dit apparaat geleverde sproeier. De sproeier heeft op de zijkant in het klein een nummer gestanst; dit nummer komt overeen met de diameter van de opening.
- Draai rechtsom om aan te scherpen (naar een aanhaalmoment van 1,69 tot 2,25 Nm.)
- Plaats alle onderdelen terug in omgekeerde volgorde ten opzichte van de uitbouw.
- Bewaar de verwijderde sproeiers voor toekomstig gebruik.
EXPLOSIETEKENING VAN DE BRANDER

Het ontsteken van gasbranders met een lucifer is gevaarlijk.
Doe dit alleen in noodgevallen.
Steek een lucifer aan en houd de vlam naast de te ontsteken brander. Houten lucifers functioneren het best. Draai de regelknop in en draai hem langzaam.
Zorg ervoor dat u de correcte knop draait voor de te ontsteken brander.
OPMERKING: Als de brander niet binnen vijf seconden gaat branden, draai de knop dan dicht en wacht één minuut alvorens het opnieuw te proberen.

LET OP
Als u probeert om de inwendige conus van de vlam te meten, wees dan zeer voorzichtig. Dit kan een bron van brandwonden zijn.
Bij het verlaten van de fabriek zijn op dit apparaat de afstellingen voor lage en gemiddelde vlam al geregeld. Indien verdere afstelling is vereist, ga dan als volgt te werk:
Afstelling voor brander met één of twee ringen:
- Ontsteek de brander en verplaats de regelknop naar lage vlam.
- Verwijder de regelknop vanaf het asje van de klep.
- Verwijder de zitting van de knop vanaf het bedieningspaneel.
- Steek een dunne, platte schroevendraaier in de uitsparing achter de regelknop (A of B) en steek het schroevendraaierblad in de sleuf met de regelschroef.
- Draai om de grootte van de vlam aan te passen:
- rechtsom voor lagere vlam
- linksom voor hogere vlam
- Plaats na de afstelling de regelknop terug.
AFSTELLING LAGE VLAM

text_image
A - SUDDERSTANDB - HOOFDVLAM

NL 9 - Ombouw voor LPG of aardgas
Een correcte afstelling komt overeen met een stabiele blauwe vlam van minimale grootte.
De definitieve afstelling moet gecontroleerd worden door de knop verscheidene keren van hoog naar laag te draaien: de vlam mag niet uitgaan.
Deze afstelling van de lage vlam heeft automatisch de afstelling van de gemiddelde vlam ten gevolge.
Controleer, na het uitvoeren van de stappen van de ombouw, het aspect van de vlam van elke brander op de instelling HI (hoog) en LO (laag). Is de vlam te groot of te klein dan moeten de verschillende stappen gecontroleerd worden om er zeker van te zijn dat ze correct zijn voltooid.
OPMERKING: Voor het verkrijgen van een correcte minimale afstelling met LPG moet rechtsom worden gedraaid om de klep(pen) volledig aan te scherpen, met de dunnen schroevendraaier ingebracht in de uitsparing achter de regelknop (A en/of B).
Gasbrandersgebruikeneenelektrischontstekingsmechanisme dat zich naast
elke brander bevindt en dat de branders automatisch ontsteekt.
ELEKTRISCHE ONTSTEKING

Zie de handleiding voor gebruik en onderhoud voor een nadere toelichting en de regeling ervan.
De vlammen van de branders
Ontsteek de verschillende branders. De vlammen moeten blauw zijn, zonder sporen met een gele kleur. De vlammen mogen niet flakkeren of van de brander weg bewegen. De inwendige conus van de vlam moet tussen 1,25 en 1,9 cm lang zijn.
VLAMMEN VAN DE BRANDERS

text_image
1/2" tot 3/4" BRANDER| GEABSORBEERD VERMOGEN | GROTE OVEN KLEINE OVEN | |
| bovenste element oven: | 3500 + 1000W 230V - 3500 + 1000W 240V | 2100 + 700W 230V - 2100 + 700W 240V |
| onderste element oven: | 3000W 230V - 3000W 240V 1750W 230V | 1750W 240V |
| rond element (hete lucht): | 2x1300W 240V or 1x2500W 240V (afhankelijk van het model) | 1x2500W 240V |
| lamp: | 3x25W 2x25W | |
| motor heteluchtventilator: | 2x44W or 1x44W (afhankelijk van het model) | 1x28W |
| motor koelventilator: | 44W 44W |
MAXIMAAL GEABSORBEERD VERMOGEN:
(zie typeplaatje).
VOEDINGSSPANNING:
(zie typeplaatje).
Aansluiting van de oven op het elektriciteitsnet

WAARSCHUWING
Dit apparaat moet worden geaard.
De oven dient uitsluitend voor huishoudelijk gebruik.
De voedingsspanning en het geabsorbeerde vermogen staan op het identificatieplaatje vermeld, linksboven te zien als de ovendeur is geopend.
De aansluiting moet gebeuren door gekwalificeerd personeel conform de geldende normen.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele persoonlijk letsel of materiële schade veroorzaakt door de niet-naleving van deze aanwijzingen.
Als het bijbehorende snoer stuk raakt, moet het door de fabrikant, zijn erkende vertegenwoordiger of een deskundige worden vervangen om ongevallen te voorkomen.
De oven moet door middel van een meerpolige stroomonderbreker met een minimale contactopening van 3 mm op het voedingsnet worden aangesloten; controleer dat de aarddraad niet is losgekoppeld.
Gebruik een buigzame slang van het type H05V2V2-F 3x1,5 mm2 voor de aansluiting en zorg dat het lang genoeg is om de oven gedurende het onderhoud uit zijn behuizing te kunnen nemen.
De aansluitdoos bevindt zich op de achterkant van het apparaat. Als er een nieuwe kabel wordt gemonteerd, moet hij door de klem worden geleid en aangesloten worden zoals op het schema. De aarddraad moet langer zijn dan de andere draden: op deze manier zal hij, in geval aan de kabel wordt getrokken, als laatste los raken.
Na de aansluiting moet de kabelklem worden aangescherpt en moet het deksel van de aansluitdoos worden gesloten.
SOORTEN KABELS EN MINIMALE KABELDIAMETERS
| 220-240 Vof 240 V | 380-415 V 2Nof 415 V 2N |
| H05RR-F 3x4,0 mm ^2 | 4x1,5 mm ^2 |
| H05VV-F 3x4,0 mm ^2 | 4x1,5 mm ^2 |
| H05RN-F 3x4,0 mm ^2 | 4x1,5 mm ^2 |
| H05V2V2-F 3x4,0 mm ^2 | 4x1,5 mm ^2 |

Uw apparaat kan iets afwijken ten opzichte van onderstaande afbeeldingen.
A - Beeldscherm
B - Regelknoppen grote oven
C - Regelknoppen kleine oven

text_image
TRADITIONAL 350°C 70°C 11:00 C A B BBedieningsknoppen
De regelknoppen moeten bediend worden door ze links- of rechtsom te draaien en zachtjes in te drukken. De regeling zal niet werken als meerdere knoppen tegelijkertijd worden ingedrukt of gedraaid.
KNOP ON/OFF & TEMP



DRAAI NAAR ON/OFF: IN- en UITSCHAKELING oven.
DRAAI NAAR + : Verhoging temperatuurregeling
DRAAI NAAR - ▶ : Verlaging temperatuurregeling
FUNCTIEKNOP



DRUK OP OK: De instelling bevestigen en de werking starten.
DRUK OP LIGHT: De verlichting van de oven IN- en UITSCHAKELEN, alleen wanneer ingedrukt tijdens de werking.
DRAAI LINKSOM : Draaien om de selectie op het display te verplaatsen.
DRAAI RECHTSOM : Draaien om de selectie op het display te verplaatsen.
DRAAI NAAR BACK (2 sec.): Terugkeren naar de vorige pagina op het display.
DRAAI NAAR LOCK (2 sec.): Activering van de sleutel en het deurslot.
Verwijder voor het eerste gebruik van de oven alle verpakking en vreemde materialen van de oven(s). Als dit type materiaal niet wordt weggenomen, zou het kunnen smelten of verbranden tijdens het gebruik van het apparaat.
Foutcodes
Deze code verschijnt in het geval de elektronische besturing een storing aangeeft. De huidige functie wordt geblokkeerd wanneer deze code verschijnt. Als het type fout betrekking heeft op een veiligheidsfunctie wordt de oven onbruikbaar en verschijnt dezelfde foutcode iedere keer dat er een startpoging wordt gedaan (bel de after-sales service in dit geval). Heeft de fout betrekking op een kleine storing, dan kan de oven bij opnieuw starten gebruikt worden voor alle functies die geen betrekking hebben op het defecte onderdeel (bijv. een verwarmingselement).
Pieptonen
Bevestigt dat de opdracht gegeven met het indrukken van een knop is ontvangen.
Een pieptoon kan ook betekenen dat een getimede functie is voltooid (bijv. timer of kookwekker). Tijdens de uitvoering van een recept zal een akoestisch signaal de gebruiker waarschuwen dat de oven wacht op een handeling door de gebruiker (bijv. een gerecht plaatsen of omdraaien).
Pieptonen signaleren ook een ovenstoring.
Deurvergrendeling
Het wordt continue weergegeven wanneer de deur op slot is. Het symbool knippert wanneer de grendel in beweging is om de deur te vergrendelen of te ontgrendelen. Probeer niet de deur te openen op dit moment. De deur kan geopend worden wanneer het symbool is verdwenen. Een hangslot verschijnt wanneer de deur automatisch vergrendeld is vanwege de modus automatische reiniging.
Stroomstoring
Als na een stroomuitval de stroomvoorziening wordt hersteld, zal het mechanisme van het deurslot een test uitvoeren, waarna de datum en de tijd weer worden weergegeven.
Standaardinstellingen
De bereidingsmodi selecteren bij hun selectie automatisch een geschikte temperatuur; deze temperatuur kan naar een andere vereiste waarde worden gewijzigd.
F Storing Nummercodes
Deze codes worden getoond als de elektrische besturing een probleem van de oven of van de elektronica detecteert. De foutcode wordt geregistreerd in het foutenlogboek in het menu Instellingen. Deze fout kan worden meegedeeld aan de monteur, zodat hij/zij de mogelijke oorzaak van het probleem op voorhand kan begrijpen.
Voorverwarmen en snel voorverwarmen
Wanneer een bereidingsmodus is ingesteld en de oven aan het opwarmen is, start het voorverwarmen; tijdens deze periode wordt de momentane temperatuur weergegeven samen met het symbool van de thermometer.
Zodra de 100% is bereikt, klinkt er een geluidssignaal voor "einde voorverwarming" en wordt de momentane temperatuur niet meer weergegeven.
Wanneer het nodig is de oven snel te verwarmen, is er een modus Snel Voorverwarmen beschikbaar: deze modus gebruikt de verwarmingselementen en de heteluchtventilator op een speciale manier om de verwarmingstijd zoveel mogelijk te beperken. Draai, na de instelling van een van de bereidingsfuncties waarvoor de functie Snel Voorverwarmen beschikbaar is en na de instelling van de gewenste temperatuur, de knop naar RECHTS. Selecteer in het menu functies het picogram door middel van de knop ◀n bevestig met druk op de knop [FUNCTIES]. Zodra de gewenste temperatuur wordt bereikt, klinkt er een geluidssignaal en verdwijnen de pictogrammen "Snel Voorverwarmen" en "Huidige temperatuur". De oven schakelt automatisch naar de gewenste, eerder ingestelde bereidingsmodus: plaats het gerecht nu in de oven.
Timer

WAARSCHUWING
De timer op de oven schakelt het apparaat niet aan of uit, het enige doel is om u te waarschuwen door middel van de zoemer.
Gebruik de einde van de bereiding of uitgestelde bereiding functie wanneer u de oven automatisch wil uitschakelen.
OPMERKING: Het indrukken van de knop OFF heeft niet de reset of de stop van de timer tot gevolg.
- Selecteer de functie ☺ en stel met de functieknop de gewenste tijd in; bevestig door de functieknop in te drukken.
- De tijd kan worden ingesteld tussen 1 minuut en 12 uur en 59 minuten. Na de instelling blijft de resterende tijd altijd weergegeven op de onderste statusbalk, tot de tijd is verstreken of wordt gereset.
- Om de ingestelde tijd te annuleren moet de timer gereset worden door de knop [FUNTIE] 2 seconden ingedrukt te houden terwijl u zich in het menu voor de instelling van de timer bevindt.
- De tijd wordt meestal als UU:MIN aangegeven, gedurende de laatste minuut wordt overgeschakeld naar MIN:SEC.
- Wanneer de tijd verstrijkt, toont het display de waarde 00:00 en klinkt er een geluidssignaal, gedurende één minuut of tot de knop [FUNCTIE] wordt ingedrukt.
De oven voorverwarmen
- Bij gebruik van de modi Bakken, Hetelucht Bakken of Hetelucht Roosteren moet de oven worden voorverwarmd.
- Gebruik de Snel Voorverwarmen functie wanneer een kortere tijd is gewenst om de oven voor te verwarmen.
- De selectie van een hogere temperatuur zal de voorverwarmingstijd niet verminderen.
- Voorverwarmen is noodzakelijk voor goede resultaten bij het bakken van cakes, koekjes, gebak en brood.
- Voorverwarmen helpt om gebraad dicht te schroeien en vleessappen te behouden.
- Plaats de ovenroosters in de juiste positie voorafgaand aan het voorverwarmen.
- Tijdens het voorverwarmen wordt altijd de geselecteerde bereidingstemperatuur weergegeven.
- Een pieptoon bevestigt dat de oven voorverwarmd is en de "gedetecteerde temperatuur" wordt uitgeschakeld.
Suggesties voor gebruik
- Plaats geen pannen op de open ovendeur.
- Gebruik bij voorkeur de interne ovenlampen om de gerechten door het glas van de ovendeur te bekijken in plaats van de deur regelmatig te openen.
Kookgerei
- Glazen ovenschalen absorberen warmte. Verlaag de oventemperatuur met 25 F (15 C) bij het bakken in glas.
- Gebruik bakblikken die de gewenste bruining geven. Het type afwerking van het bakblik bepaalt mede de mate van bruining die optreedt.
- Glanzend, gladde metalen of lichte anti-aanbak/geanodiseerde bakblikken reflecteren warmte, wat resulteert in lichtere, meer delicate bruining. Cakes en koekjes vereisen dit type bakgerei.
- Donkere, ruwe of doffe bakblikken absorberen warmte, wat resulteert in een donkere, krokantere korst. Gebruik dit voor taarten.
- Gebruik donkere anti-aanbak/geanodiseerde of donkere, doffe metalen bakblikken of glazen bakgerei voor donkere, krokante korsten. Geïsoleerde bakblikken kunnen de bereidingstijd verlengen.
- Kook niet met een lege geperforeerde bakplaat in de oven, omdat dit de bereidingsprestaties kan aantasten.
- Bewaar de geperforeerde bakplaat buiten de oven.
Oven condensatie en temperatuur
- Het is normaal dat een bepaalde hoeveelheid vocht verdampt uit het voedsel tijdens een bereidingsproces. De hoeveelheid is afhankelijk van het vochtgehalte van het voedsel. Het vocht kan op elk oppervlak koeler dan de binnenkant van de oven condenseren, zoals het bedieningspaneel.
- Uw nieuwe oven heeft een elektronische temperatuursensor die het handhaven van een nauwkeurige temperatuur mogelijk maakt. Mogelijk had uw vorige oven een mechanische thermostaat die geleidelijk aan een hogere temperatuur bereikte. Het is dus normaal dat uw favoriete recepten mogelijk aan de nieuwe oven moeten worden aangepast.
Op grote hoogte bakken
- Bij het bereiden op grote hoogte zullen de recepten en de bereidingstijden afwijken van de standaardwaarden.
De eerste keer dat u de oven gebruikt
Maak de oven grondig schoon met water en zeep en spoel goed af.
Laat de oven ongeveer 30 minuten bij maximale temperatuur functioneren om alle sporen van vet te verbranden; deze zouden anders onaangename geuren tijdens de bereiding kunnen veroorzaken.

WAARSCHUWING
Geen aluminiumfolie gebruiken om de ovenroosters te bedekken of de oven te bekleden. Dit kan schade aan de ovenbekleding veroorzaken, als er warmte onder de folie blijft hangen.

WAARSCHUWING
Zorg ervoor niet te veel kracht te gebruiken om schade aan de lakverf te voorkomen.
Ovenroosters
- De oven heeft roostergeleiders op zes niveaus, zoals aangeduid op de afbeelding op Pagina 3.
- De roosterstanden zijn genummerd vanaf de onderste geleider (#1) tot de bovenste (#6).
- Controleer de bereidingstabellen om de beste roosterstand vast te stellen.
- Elke roostergeleider bestaat uit gepaarde steunen gevormd in de zijwanden aan iedere kant van de ovenkamer.
- Zorg er altijd voor dat u de ovenroosters plaatst vóór het aanzetten van de oven. Zorg ervoor dat de roosters horizontaal geplaatst worden. Verwijs naar de afbeelding van pagina 3 als er twijfel bestaat over wat de voorzijde van het rooster is.
- De ovenroosters zijn ontworpen om te stoppen, als ze tot hun limiet naar voren worden getrokken.

LET OP
Gebruik nooit aluminiumfolie voor het bedekken van de roosters of voor het bekleden van de oven. Dit zou beschadiging van de oven kunnen veroorzaken als de hitte onder de folie wordt vastgehouden.

LET OP
Zorg ervoor niet te forceren om schade aan het email te voorkomen.

Om het ovenrooster uit de oven te verwijderen:
- Trek het ovenrooster naar voren uit

- Til het ovenrooster aan de voorkant op en verwijder het dan

Een ovenrooster vervangen:
- Plaats de achterkant van het rooster tussen de roostergeleiders.

- Til de voorkant van het rooster op, schuif het helemaal naar binnen en laat de voorkant zakken.

NL 14 - Gebruiksaanwijzing
Uitschuifbare ovenroosters
- Het uitschuifbare ovenrooster vereenvoudigt de toegang tijdens het bereiden van de gerechten.# Het ovenrooster is langer dan de standaard platte ovenroosters en brengt het gerecht dichterbij de gebruiker.

LET OP
Als het ovenrooster buiten de oven is, schieten de uitschuifbare delen niet op slot. Deze kunnen onverwacht uitschuiven als het rooster onjuist gedragen wordt.
Het openschuiven van de delen kan letsel veroorzaken.
Een ovenrooster mag alleen worden vastgehouden of gedragen door het aan de zijkanten vast te pakken.
OPMERKING: Het uitschuifbare ovenrooster dient altijd te worden verwijderd vóór de automatische reiniging van de oven.

LET OP
Voor het vermijden van brandwonden, het rooster helemaal uittrekken en de pan boven de handgreep tillen bij het verplaatsen van voedsel naar en van de oven.
Het uitschuifbare ovenrooster uit de oven verwijderen:
- Til het ovenrooster enigszins op en duw het tot het wordt ontgrendeld.

- Til de achterkant van het rooster op tot aan het frame en stop als de roostergeleider zichtbaar is

- Trek het rooster omlaag en naar buiten

Een uitschuifbaar ovenrooster vervangen:
- Pak het rooster aan beide kanten stevig vast. Plaats het rooster (inclusief het frame) boven de gewenste roostergeleider

- Duw het rooster helemaal naar binnen, tot de achterkant van het rooster op zijn plaats valt

- Trek beide delen vooruit tot de vergrendeling geactiveerd wordt. Het rooster moet vlak en horizontaal geplaatst zijn, niet schuin

Aanwijzingen voor eerste inschakeling
Nadat het gasfornuis voor de eerste keer op de netvoeding wordt aangesloten, bereid de besturing zich automatisch voor op het instellen van een aantal gebruikersinstellingen die in het geheugen blijven opgeslagen voor de latere inschakelingen.
OPMERKING: Zowel bij de eerste als op daarop volgende aansluitingen op de netvoeding voert het deurvergrendelingsmechanisme een kalibratie uit - houd de deur altijd gesloten tijdens deze fase.
• Taal
• Temperatuur&Gewicht
• Tijd
- Datum
Verwijs naar de paragraaf GEBRUIKERSINSTELLINGEN voor de aanwijzingen voor de instelling.
Na het uitvoeren van de gebruikersinstellingen gaat de besturing automatisch naar de pagina "Stand-by".

text_image
TUESDAY 11/24/2015 PM 04 : 26Selectie ovenkamer (dubbele oven)
Na de inschakeling van het apparaat worden in de linkerbovenhoek twee pictogrammen weergegeven om de gebruiker te informeren over de geselecteerde ovenkamer en de status ervan.
- De RODE kleur duidt op de INGESCHAKELDE ovenkamer (WERKING ACTIEF).
- De WITTE kleur duidt op de INGESCHAKELDE ovenkamer (WERKING NIET ACTIEF).
- De GRUZE kleur identificeert de UITGESCHAKELDE ovenkamer.
- Het kader identificeert de selectie van de oven (WEERGEGEVEN OP HET DISPLAY).
VOORBEELD 1
GROTE oven: ROOD pictogram - INGESCHAKELD (actief / geselecteerd) KLEINE oven: GRIJS pictogram - UITGESCHAKELD (niet geselecteerd)

text_image
TRUE CONVECTION 325°FVOORBEELD 2
GROTE oven: ROOD pictogram - INGESCHAKELD (actief / geselecteerd) KLEINE oven: ROOD pictogram - INGESCHAKELD (actief / niet geselecteerd)

text_image
TRUE CONVECTION 325°FVOORBEELD 3
GROTE oven: ROOD pictogram - INGESCHAKELD (actief / niet geselecteerd) KLEINE oven: WIT pictogram - INGESCHAKELD (niet actief / geselecteerd)

text_image
TRUE CONVECTION 325°FVOORBEELD 4
GROTE oven: GRIJS pictogram - UITGESCHAKELD (niet geselecteerd) KLEINE oven: WIT pictogram - INGESCHAKELD (niet actief / geselecteerd)

text_image
TRUE CONVECTION 325°FOPMERKING: Druk op de knop [ON/OFF] om de oven IN te SCHAKELEN en druk nogmaals om de oven UIT te SCHAKELEN. De oven keert terug naar de stand-bymodus.
Druk voor de selectie van de ovenkamer gedurende 2 seconden op de betreffende knop [FUNCTIE].
Als een ovenkamer is UITGESCHAKELD en geselecteerd, terwijl de andere is INGESCHAKELD, verschijnt er op het display een pictogram om te waarschuwen dat de niet-geselecteerde ovenkamer actief is.
![Fulgor Milano FSRC 4807 2P MK 2F X - Druk voor de selectie van de ovenkamer gedurende 2 seconden op de betreffende knop [FUNCTIE]. - 1](/content/2026/04/608906/images/6d081d7442c276c990a185a59421221349fa63f1145bd13762016c811e542a35.jpg)
NL 16 - Gebruikersinstellingen
Selecteer bij ingeschakelde oven het pictogram en bevestig met de functieknop om het menu INSTELLINGEN te openen. In dit menu kan de instelling van uw oven gepersonaliseerd worden. Om het menu te kunnen openen mogen er geen bereidingsprocessen of functies voor tijdinstelling in uitvoering zijn.
OPMERKING: Het instellingenmenu kan nooit worden ingesteld als er al een tijdfunctie is ingesteld: verwijder eerst alle actieve tijdfuncties.
- Draai de knop [FUNCTIE] voor het selectie van het submenu en bevestig met druk op de knop [FUNCTIE].

- Gebruik dit menu om de volgende instellingen te wijzigen: Draai de knop [FUNCTIE] voor de selectie van de instelling of de wijziging van een submenu onder de zes beschikbare submenu's en bevestig met druk op de knop [FUNCTIE].

text_image
SETUP yk abc 12 LANGUAGETaal
Draai de knop [FUNCTIE] voor de selectie van een taal onder de beschikbare opties en bevestig door te drukken op de knop [FUNCTIE].

text_image
Italiano English Deutsch Francaise Espanol Nederlands yk abcTemperatuur en Gewicht
Draai de knop [FUNCTIE] voor de selectie van de twee temperatuuropties "C/F" of de gewichtsopties "Kg/lb" en bevestig door middel van druk op de knop [FUNCTIE].

text_image
°F °C lb KgTijd
Draai de knop [FUNCTIE] voor de selectie van het formaat van de tijd onder de opties "12u AM/PM of 24u" en bevestig door middel van druk op de knop [FUNCTIE]. Stel vervolgens de tijd van de dag in met dezelfde procedure.

text_image
12h 24h
text_image
AM PM
text_image
PM 04 : 26Datum
Draai de knop [FUNCTIE] voor de selectie van het formaat van de datum onder de opties "D.M.J. - J.M.D. - M.D.J" en bevestig door middel van druk op de knop [FUNCTIE].

Draai de knop [FUNCTIE] om te kiezen welk helderheidsniveau voor de statusen INGESCHAKELD of STAND-BY gewijzigd moet worden. Draai vervolgens de knop [FUNCTIE] om het gewenste helderheidsniveau te selecteren en bevestig door middel van druk op de knop [FUNCTIE].

text_image
ON STAND-BY LOW MID HIGH DARK MID HIGHZoemer
Draai de knop [FUNCTIE] voor de selectie van het niveau van het geluidsniveau en bevestig door middel van druk op de knop [FUNCTIE].

Selecteer bij ingeschakelde oven het pictogram en bevestig met de knop [FUNCTIE] om het menu INSTELLINGEN te openen. Dit menu maakt het instellen van een aantal parameters of speciale functies mogelijk. Het geeft ook toegang tot de foutenlijst.
- Druk op de knop [FUNCTIE] voor het selectie van het submenu en bevestig met druk op de knop [FUNCTIE].

- Gebruik dit menu om de volgende instellingen te wijzigen: Druk op de knop [FUNCTIE] voor de selectie van de weer te geven optie onder de drie beschikbare opties en bevestig met druk op de knop [FUNCTIE].

Het menu geeft toegang tot het controleren van opgenomen fouten. Deze codes kunnen aan de after-salesservice worden gemeld.

text_image
EVENT LOGS 01 12/11/2015 07:06 CODE: F10305 02 17/11/2015 13:17 CODE: F10305Demo
Het doel van deze functie is de instelling van de modus DEMO, functie waarmee de oven niet gebruikt kan worden, maar die een automatische demonstratie van de functies geeft.
- Druk op de knop [FUNCTIE] om het item ON te selecteren.
- Bevestig met druk op de knop [FUNCTIE].
- Druk op de knop [ON/OFF].
Na ongeveer 30 seconden begint de oven te werken in deze modus.
De functie DEMO kan tijdelijk gestopt worden door een willekeurige knop enkele seconden ingedrukt te houden: de oven gaat over naar stand-by.
Druk opnieuw op de knop [ON/OFF] om de DEMO weer te starten.
Voor de deactivering van de functie moet de pagina DEMO geopend worden en moet de functie op OFF worden ingesteld. Bevestig met druk op de knop [FUNCTIE].
OPMERKING Eenmaal ingesteld, blijft de functie actief, ook als de oven wordt losgekoppeld van de netvoeding.

text_image
DEMO ◄ ON ►De oven in- en uitschakelen

BELANGRIJK
- Na de uitschakeling van de oven kan de koelventilator nog blijven functioneren, tot de binnenste delen van de oven afgekoeld zijn.
Druk op de knop [ON/OFF] om de oven IN te SCHAKELEN en druk nogmaals om de oven UIT te SCHAKELEN. De oven keert terug naar de stand-bymodus.
Druk voor de selectie van de ovenkamer gedurende 2 seconden op de betreffende knop [FUNCTIE].
De bereidingsmodus selecteren

BELANGRIJK
- Laat de deur niet te lang open tijdens het bereiden.
- De deur moet gesloten blijven tijdens de functies BRADEN.
- Plaats de grill of grills op een geschikt niveau.
Functions

BAKKEN

ROOSTEREN

HETELUCHT VERWARMING

HETELUCHT ROOSTEREN

HETELUCHT BAKKEN

ECO-BAKKEN

BRADEN

HETELUCHT GRILL

HETELUCHT BRADEN

PIZZA

CLASSIC PIZZA (Op sommige modellen)
Functions

ONTDOOIEN

DROGEN

VERWARMEN

VERWARMEN PLUS

SABBAT (Op sommige modellen)

AUTOMATISCHE REINIGING
Selecteer de gewenste bereidingsmodus, op basis van het te bereiden voedsel door middel van de knop [FUNCTIE] en druk op dezelfde knop om te bevestigen.
De bereidingsmodus wijzigen
Om tijdens de werking van de oven de bereidingsmodus te wijzigen, moet de knop [TERUG] gedurende 2 seconden worden gedraaid. Op dit punt kan er een andere bereidingsmodus geselecteerd worden onder de in de groep beschikbare modi door middel van de knop [FUNCTIE]
De temperatuur wijzigen

BELANGRIJK
- De functie BRAAD functioneert met niveaus. Er kan geen temperatuur worden ingesteld omdat deze werkt met vaste cycli volgens het ingestelde niveau van L1 tot L5.
- De maximale temperatuur van de functie BRADEN wordt beperkt op basis van het ingestelde niveau.
- In alle bereidingsmodi met een vaste temperatuur wordt dit niet op het scherm weergegeven.
-
Aan het einde van een functie toont het scherm de temperatuur van de resterende warmte in het compartiment vanuit de stand-by pagina.
-
Op de pagina van de bereidingsmodus kan de temperatuur gewijzigd worden door middel van de knop [TEMPERATUUR].
-
Nadat de bereiding is gestart, kan de temperatuur in ieder geval en op elk gewenst moment worden gewijzigd door middel van de knop [TEMPERATUUR].
| BEREIDINGSMODUS | PICTOGRAM | SNEL VOORVER-WARMEN | VLEES-THERMOMETER | TEMPERATUUR | |
| Min. Voorinstelling Max. | |||||
| ONTDOOIEN | ![]() | *** *** *** | |||
| DROGEN | ![]() | 120 F (50 C) 140 F (60 C) 160 F (70 C) | |||
| VERWARMEN | ![]() | 85 F (30 C) | 105 F (40 C) 120 F (50 C) | ||
| VERWARMEN PLUS | ![]() | 130 F (55 C) | 165 F (75 C) 210 F (100 C) | ||
| BAKKEN | ![]() | 165 F (75 C) | 345 F (175 C) 480 F (250 C) | ||
| ROOSTEREN | ![]() | 165 F (75 C) | 345 F (175 C) 480 F (250 C) | ||
| ECO-BAKKEN | ![]() | 165 F (75 C) | 330 F (165 C) 480 F (250 C) | ||
| HETELUCHT VERWARMING | ![]() | 165 F (75 C) | 330 F (165 C) 480 F (250 C) | ||
| PIZZA | ![]() | 165 F (75 C) | 330 F (165 C) 480 F (250 C) | ||
| HETELUCHT ROOSTEREN | ![]() | 165 F (75 C) | 330 F (165 C) 480 F (250 C) | ||
| HETELUCHT GRILL | ![]() | 165 F (75 C) | 330 F (165 C) 480 F (250 C) | ||
| HETELUCHT BAKKEN | ![]() | 165 F (75 C) | 445 F (230 C) 480 F (250 C) | ||
| HETELUCHT BRADEN | ![]() | 165 F (75 C) | 445 F (230 C) 480 F (250 C) | ||
| BROILL1 | ![]() | 375 F (190 C) | |||
| BROILL2 400 F (205 C) | |||||
| BROILL3 430 F (220 C) | |||||
| BROILL4 450 F (235 C) | |||||
| BROILL5 480 F (250 C) | |||||
| CLASSIC PIZZA (indien aanwezig) | ![]() | 650 F (345 C) | |||
| SABBAT (indien aanwezig) | ![]() | 140 F (60 C) | |||
| AUTOMATISCHE REINIGING | ![]() | 860 F (460 C) | |||
Voorverwarmingsfase
Tijdens de voorverwarmingsfase van de oven wordt de momentane temperatuur weergegeven onder het pictogram van de bereidingsmodus.

text_image
TRUE CONVECTION 325°F 275°F 11:00 amZodra de ingestelde temperatuur is bereikt, klinkt er een akoestisch signaal en verdwijnt de momentane temperatuurindicator.

text_image
TRUE CONVECTION 325°F 11:06 amEco
Met deze functie bespaart u energie.
Ideaal voor bevroren of voorgekookt voedsel en kleine porties maaltijden. De voorverwarmingstijd is zeer kort en de bereiding neigt hierdoor
langzamertegaan. Nietaanbevolenvoorgrotehoeveelheden, zoals grote porties of grote maaltijdbereidingen.
Snel voorverwarmen
De functie SNEL VOORVERWARMEN bereikt de gewenste temperatuur sneller ten opzichte van de standaard voorverwarming. De functie kan geactiveerd worden voor alle bereidingsmodi in de groepen BAKKEN (behalve SABBAT en ECO), HETE LUCHT en PIZZA.
Voor de selectie van SNEL VOORVERWARMEN:
- Selecteer en start de bereidingsmodus en draai de knop naar RECHTS.
- Open het menu functies en selecteer het pictogram △ door middel van de knop ◀ ▷ bevestig met druk op de knop [FUNCTIE]. Het symbool △ verschijnt op het onderste gedeelte van het scherm.

text_image
TRUE CONVECTION 325°F 11:00 am- De schermpagina toont het pictogram van de actieve functies totdat de ingestelde temperatuur is bereikt. Daarna schakelt de functie over naar automatisch in de geselecteerde bereidingsmodus.

text_image
TRUE CONVECTION 325°F 275°F 11:00 amGebruik van de ovenlampen
Een enkele druk op de knop [FUNCTIE] activeert de lampen alleen wanneer er een bereidingsmodus actief is. De ovenlampen gaan automatisch aan als de deur open is. Als er een oven in gebruik is, gaan de ovenlampen automatisch branden wanneer er een modus wordt gestart. De ovenlampen gaan automatisch uit als de ovenmodus wordt geannuleerd.
OPMERKING: De lampen functioneren niet tijdens de modus voor automatische reiniging.
OPMERKING: Na de inschakeling worden de lampen na 3 minuten automatisch UITGESCHAKELD. Om ze weer IN te SCHAKELEN moet gedrukt worden op de knop [FUNCTIE] of moet de deur geopend worden.
NL 19 - Getimede werking oven
Zorg ervoor dat de klok met de tijd van de dag de juiste tijd aangeeft.
De getimede modus schakelt de oven uit aan het einde van de bereidingstijd.

LET OP
Laat voedsel nooit langer dan een uur voorafgaand aan of na de bereiding in de oven staan.
Dit zou de eigenschappen van het voedsel zelf kunnen verslechteren.
OPMERKING De tijdfuncties kunnen niet gebruikt worden als de vleesthermometer in gebruik is. De maximale bereidingstijd die ingesteld kan worden is 12 u.
Bereidingstijd
Gebruik de functie "Bereidingstijd" om de oven gedurende een bepaalde periode te gebruiken. De oven start onmiddellijk en gaat automatisch uit zodra de tijd is verstreken.
Een tijdfunctie instellen
- Selecteer de bereidingsfunctie en temperatuur.
- Er zijn twee manieren om de functie in te stellen.
a) Selecteer 📋 voor de instelling van de duur en druk op de knop [FUNCTIE].
b) Selecteer 📊 op de stoptijd in te stellen en druk op de knop [FUNCTIE]. - Na de selectie van een van de twee bovenstaande opties moet de tijd worden ingesteld door middel van de knop [FUNCTIE] en bevestigd worden met druk op dezelfde knop.
-
Na druk op de knop [FUNCTIE] wordt de bereiding gestart en wordt de informatie van de bereidingstijd weergegeven op het display.
-
Bereidingsmodus
- Temperatuur
- Bereidingstijd
- Einde van de bereidingstijd

text_image
TRUE CONVECTION 325°F END 11:50 am TIME 00:50 275°F 11:00 am5 Na de bereiding wordt de oven automatisch uitgeschakeld en klinkt er een geluidssignaal om te waarschuwen dat de bereiding is voltooid.
Voor de wijziging van de bereidingstijd wanneer de oven al functioneert, is het voldoende om de knop [FUNCTIE] naar rechts naar [SLOT] te draaien en de nieuwe bereidingstijd in te voeren; druk vervolgens opnieuw op de knop [FUNCTIE].
Stoptijd
Gebruik de functie "Stoptijd" om de start van de getimede bereiding uit te stellen. Voer de eindtijd van de bereiding in, waarna de oven automatisch de begintijd berekent. De oven gaat automatisch aan en uit.
De start van een getimede modus uitstellen
1 Stel allereerst de gewenste bereidingstijd in zoals aangegeven in paragraaf "BEREIDINGSTIJD".
2 Selecteer 📊 voor de instelling van de stoptijd en druk op de knop [FUNCTIE].
3 Stel de stoptijd van de bereiding in door middel van de knop [FUNCTIE] en bevestig door te drukken op dezelfde knop.
4 Na het indrukken van de knop [FUNCTIE] activeert de functie de stand-by en worden de details van de uitgestelde bereiding op het scherm weergegeven.
- Bereidingsmodus
- Temperatuur
- Stoptijd van de bereiding
- Begintijd van de bereiding

text_image
TRUE CONVECTION 325°F END 12:30 pm START 11:40 275°F 11:00 am- Na de bereiding schakelt de oven uit en waarschuwt een akoestisch signaal dat de bereiding is beeindigd.
Om de bereidingstijd en de stoptijd te wijzigen terwijl de oven al functioneert, moet de knop [FUNCTIE] rechtsom naar [SLOT] worden gedraaid, moet de nieuwe stoptijd van de bereiding worden ingevoerd en bevestigd worden door nogmaals op de knop [FUNCTIE] te drukken.
Wanneer vlees gebraden wordt of biefstuk of gevogelte wordt bereid, is dit de beste manier om te weten of het voedsel juist gegaard is.
Deze oven is optioneel voorzien van de vleesthermometerfunctie om de temperatuur binnenin het vlees te meten en de bereiding te stoppen zodra de ingestelde waarde is bereikt.
Wanneer de thermometer in gebruik is, controleert de oven automatisch de bereidingstijd.
OPMERKING: de kernthermometer is een accessoire die alleen beschikbaar is voor sommige versies van dit product.
Malsheid, smaak en aroma zijn het resultaat van een nauwkeurig en functioneel gebruik.
De kernthermometer is een thermometer die wordt ingebracht in de kern van het gerecht om de temperatuur ervan te controleren. Zo kan het einde van de bereidingstijd worden vastgelegd.
Het kan inderdaad gebeuren dat het vlees aan de buitenkant gaar lijkt maar aan de binnenkant nog rood is!
De bereikte temperatuur van de voedingswaren is, tijdens het bakken, nauw verbonden met problemen met betrekking tot gezondheid of hygiène. Bacteriën kunnen aanwezig zijn in elk soort vlees, gevogelte en vis en ook in rauwe eieren. Sommige bacteriën kunnen voedingswaren bederven, andere zoals de Salmonella, Campylobacter jejuni, Listeria monocytogenes, Escherichia coli en de Staphylococcus aureus kunnen de gezondheid ernstige schade toebrengen. Boven de 4,4 C en tot 60 C vermenigvuldigen bacteriën zich heel snel. Gehakt is wat dat betreft bijzonder risicovol. Om het vermenigvuldigen van bacteriën tegen te gaan, zijn de volgende maatregelen nodig:
- Voedingswaren niet ontdooien op kamertemperatuur maar in de koelkast of in de oven met gebruik van de specifieke functie. In dit laatste geval moet men de voedingswaren onmiddellijk daarna bereiden.
- Vul kip vlak voor het nuttigen. Koop geen voorverpakte opgevulde kip en koop enkel voorgekookte opgevulde kip indien deze binnen 2 uur genuttigd zal worden.
- Marineer gerechten in de koelkast, niet op kamertemperatuur.
- Gebruik een kernthermometer om de temperatuur van vlees, vis en gevogelte te controleren in geval deze dikker zijn dan 5 cm om er zeker van te zijn dat de minimale bereidingstemperatuur wordt bereikt.
- De voornaamste gevaren komen voort uit kip dat niet goed doorbakken is, in het bijzonder het risico op Salmonella.
- Voorkom dat het bereidingsproces onderbroken wordt, d.w.z., het gedeeltelijk bereiden van voedsel, het bewaren en het later verder bereiden ervan. Deze volgorde bevordert de groei van bacteriën door de "warme" temperaturen die worden bereikt in het voedsel.
- Rooster vlees en gevogelte in de oven op temperaturen van tenminste 165 C.
NB: Gebruik uitsluitend de vleesthermometer die bij het apparaat is geleverd.
In ieder geval raden wij u aan de volgende tabel uit de Nationale Levensmiddelendatabank (VS) te raadplegen.
Voedingswaren Minimale interne temperatuur
| Gehakt | |
| Hamburger 71 C | |
| Rund, kalf, lam, varken 74 C | |
| Kip, kalkoen 74 C | |
| Rund, kalf, lam | |
| Gebraad en biefstuk: | |
| Rare | De bereidingstemperatuur voor rare vlees wordt niet weergegeven in het NLDB aangezien het onveilig is voor de gezondheid. |
| Medium-rare 63 C | |
| Medium 71 C | |
| Doorbakken 77 C | |
| Varken | |
| Karbonades, gebraad, koteletten: | |
| Medium 71 C | |
| Doorbakken 77 C | |
| Verse ham 71 C | |
| Verse worsten | 71 C |
| Gevogelte | |
| Kip, heel of in stukjes | 82 C |
| Eend | 82 C |
| Hele kalkoen (niet gevuld) | 82 C |
| Kalkoenborst | 77 C |
NL 20 - Instelling vleesthermometer (indien aanwezig)

WAARSCHUWING
- Gebruik, om brandwonden te vermijden, een ovenwant om de vleesthermometer te verplaatsen wanneer de oven heet is.
- Gebruik altijd de handgreep om de thermometer te verwijderen. Als het wordt verwijderd door aan de kabel te trekken, kan de thermometer beschadigt raken.
- Zorg ervoor dat het voedsel volledig is ontdooid alvorens de thermometer erin te plaatsen. Anders zou de thermometer beschadigd kunnen worden.
OPMERKING De vleesthermometer is niet beschikbaar voor alle functies (de functie vleesthermometer is ook niet beschikbaar voor Recepten). Als de thermometer tijdens één van deze functies wordt gebruikt, verschijnt er op het display een bericht voor de verwijdering van de thermometer.
Indien de vleesthermometer per ongeluk verwijderd wordt tijdens de werking, verschijnt er een waarschuwingsbericht op het scherm.
De temperatuur van de thermometer kan ingesteld worden tussen de 104 F en 212 F (40 C - 100 C).
De oven slaat de laatste door de gebruiker ingestelde temperatuur op.
Steek de punt van de thermometer in het midden en dikste deel van het vlees.
Zorg ervoor dat de thermometer niet in contact komt met vet, bot, ovenonderdelen of bakblikken.
De vleesthermometer wordt automatisch herkend wanneer het wordt ingebracht en het pictogram verschijnt op het scherm.
Wanneer een bereidingsfunctie wordt gestart met ingebrachte thermometer, verschijnt automatisch de schermpagina voor het instellen van de functie.

text_image
[325°F 145°F 11:00 am- Stel de gewenste temperatuur van de thermometer in door middel van de knop [TEMPERATUUR].

text_image
TRUE CONVECTION 325°F 145°F 70°F 275°F 11:00 am-
Na druk op de knop [FUNCTIE] wordt de bereiding gestart en verschijnt alle informatie over de bereiding met de thermometer op het scherm.
-
Bereidingsmodus
- Oventemperatuur
• Thermometertemperatuur instellen - Momentane thermometertemperatuur
Zodra de ingestelde thermometertemperatuur is bereikt, schakelt de oven uit en waarschuwt een akoestisch signaal dat de bereiding is beëindigd.
OPMERKING: Na de start van de bereiding kan de oventemperatuur in ieder geval en op elk gewenst moment gewijzigd worden door middel van de knop [TEMPERATUUR].
Voor de wijziging van de temperatuur van de thermometer moet de knop [FUNCTIE] gedurende 2 seconden naar [TERUG] worden gedraaid; selecteer vervolgens weer de functie bereiding en wijzig de temperatuurwaarde.
Tips en technieken voor roosteren
Roosteren is een bepaalde bereiding met verwarmde lucht. Zowel de bovenste als onderste elementen in de oven worden gebruikt om de lucht te verwarmen, maar er wordt geen ventilator gebruikt om de lucht te laten circuleren.
Volg het recept of de aanwijzingen op de verpakking voor baktemperaturen, baktijden en roosterstanden. Baktijden variëren al naar gelang de temperatuur van de ingrediënten en de grootte, vorm en afwerking van het bakgerei.
Algemene Richtlijnen
- Voor de beste resultaten moeten de gerechten op één enkel rooster worden bereid, met ten minste 2,5 - 3 cm (1" - 1 ½") afstand tussen het kookgerei en de wanden van de oven.
- Gebruik één ovenrooster bij het selecteren van de bakwijze.
- Controleer de gaarheid op de minimale tijd.
- Gebruik metalen bakgerei (met of zonder anti-aanbaklaag), keramisch glas, keramisch aardewerk of andere kookgerei dat geschikt is voor de oven.
- Verlaag, bij gebruik van hittebestendig glas, de temperatuur met 25 F (15 C) van de aanbevolen temperatuur.
- Gebruik bakplaten met of zonder zijkanten.
- Donkere metalen bakblikken of anti-aanbaklagen zorgen voor een snellere bereiding met meer bruining. Geïsoleerde bakvormen zullen de bereidingstijd voor de meeste etenswaren iets verlengen.
- Gebruik geen aluminiumfolie of wegwerp aluminiumschalen om een deel van de oven te bekleden. Folie is een uitstekende warmte-isolator en warmte zal eronder vast blijven zitten. Dit zal de bereidingsprestaties wijzigen en kan de afwerking van de oven beschadigen.
- Gebruik de geopende deur niet als een plank om pannen op te zetten.
- Tips voor het oplossen van Bakproblemen staan op pagina 68.
Tips en technieken voor hetelucht verwarming
- Verlaag de temperatuur in de recepten met 25 F (15 C).
- Voor het beste resultaat moeten gerechten onbedekt worden bereid in lage bakblikken om optimaal gebruik te kunnen maken van de geforceerde luchtcirculatie. Gebruik, tenzij anders aangegeven, glanzende aluminium bakblikken voor het beste resultaat.
- Hittebestendig glas of keramiek kan gebruikt worden. Verlaag de temperatuur nog eens met 25 F (15 C) bij gebruik van glazen hittebestendige schalen voor een totale verlaging van 50 F (30 C).
- Donkere metalen bakblikken mogen gebruikt worden. Let erop dat etenswaren sneller kleuren wanneer er gebruikt wordt gemaakt van donkere metalen bakvormen.
- Het aantal gebruikte ovenroosters wordt bepaald door de hoogte van het te bereiden voedsel.
- Gebakken etenswaren kunnen, meestal, uitstekend in een heteluchtoven worden bereid. Probeer recepten zoals custard, quiche, pompoentaart of cheesecake die geen baat hebben bij het hetelucht verwarminsgproces, niet te converteren. Gebruik de reguliere modus Bakken voor deze gerechten.
- Ovengerechten bereiden met meerdere bakplaten kan worden uitgevoerd op de roosterstanden 1, 2, 3 en 4. Alle vier de ovenroosters kunnen gebruikt worden voor koekjes en hapjes.
- Bakken met 2 ovenroosters: Gebruik de standen 1 en 3.
Stapel, bij het bakken van vier cakelagen tegelijkertijd, de bakblikken zodanig op dat de bakblikken niet recht boven elkaar zitten. Plaats cakes, voor het beste resultaat, aan de voorkant van het bovenste rooster en de achterkant van de onderste rooster. (Zie afbeelding rechts). Laat 2,5 - 3cm (1" - 1 ½") luchtruimte rondom de bakblikken.
- Uw eigen recept converteren is geen probleem. Kies een recept dat goed aansluit bij bakken in een heteluchtoven.
- Verlaag, indien nodig, de temperatuur en de bereidingstijd. Er kunnen enkele pogingen nodig zijn om het perfecte resultaat te verkrijgen. Houd uw techniek bij voor de volgende keer dat u het gerecht wilt bereiden met heteluchtoven.
- Tips voor het oplossen van Bakproblemen staan op pagina 68.
Aanbevolen voedingswaren voor de modus Hetelucht Bakken:
Koekjes (2 tot 4 roosters) Gistbrood
Slagroomsoesjes
Muffins
Stoofschotels en eenpansgerechten.
Ovenmaaltijden (roosterstand 1, 2, 3)
Luchtige Gerechten (Soufflés, Schuimgebak, met Schuimgebak bedekte nagerechten, Hemelse cakes, Sponscakes)
ROOSTERSTANDEN

NL 21 - Begrip van de verschillende bereidingsmodi van de oven
Snelle en gemakkelijke recepttips.
Converteren van standaard BAKKEN naar HETELUCHT BAKKEN:
Verlaag de temperatuur met 15 C (25 F).
Gebruik dezelfde baktijd als voor de modus BAKKEN indien de tijd lager is dan 10 tot 15 minuten.
Gerechten met een baktijd van korter dan 30 minuten moeten 5 minuten eerder dan in de standaard bakrecepten staat, gecontroleerd worden op gaarheid.
Als gerechten langer dan 40 tot 45 minuten gebakken worden, moet de baktijd met 25% verkort worden.
Tips en technieken voor hetelucht roosteren
- Voorverwarmen is niet nodig voor Hetelucht Roosteren.
- Rooster in een open schaal met lage zijkanten.
- Stop de vleugels achter de rug en bind de poten losjes vast met keukentouw bij het roosteren van hele kippen of kalkoenen.
- Gebruik de 2-delige grillbakplaat voor onbedekt roosteren.
- Gebruik een vleesthermometer of kernthermometer om de interne gaarheid te bepalen aan de hand van de "EIND" temperatuur.
- Controleer de interne temperatuur van het vlees of gevogelte door de vleesthermometer op een andere positie in te brengen.
- Het kan nodig zijn groot gevogelte te bedekken met folie (en in de bakblik te roosteren) voor een gedeelte van de roostertijd om te veel bruining te voorkomen.
Snelle en gemakkelijke recepttips.
Converteren van standaard BAKKEN naar HETELUCHT ROOSTEREN:
- De temperatuur hoeft niet verlaagd te worden.
- Gebraad, grote stukken vlees en gevogelte hebben over het algemeen 10-20% minder bereidingstijd nodig. Controleer eerder op gaarheid.
- Ovenschotels en stoofpotten die bedekt gebakken worden in GEVENTILEERD ROOSTEREN zullen in ongeveer dezelfde tijd gaar worden.
- De minimale veilige temperatuur voor gevuld gevogelte is 165 F (75 C).
- Bedek het gerecht, nadat het uit de oven gehaald is, losjes met folie voor ongeveer 10 tot 15 minuten, voor het aansnijden, om de uiteindelijke temperatuur van de vulling met 5 to 10 F (3 to 6 C) te verhogen.
Bereidingstijden zijn indicatief en zijn ook afhankelijk van de dikte en de starttemperatuur van het vlees voorafgaand aan de bereiding.
Tips en technieken voor hetelucht braden
- Plaats het ovenrooster in de vereiste stand alvorens de oven in te schakelen.
- Gebruik de modus Hetelucht Braden met de gesloten ovendeur.
- Het is niet nodig om de oven voor te verwarmen.
- Gebruik de 2-delige braadslede.
- Draai vlees halverwege de bereidingstijd één keer om (zie de Hetelucht Braden tabel).
Tijden voor braden en hetelucht braden zijn bij benadering en kunnen iets afwijken.
Bereidingstijden zijn indicatief en zijn ook afhankelijk van de dikte en de starttemperatuur van het vlees voorafgaand aan de bereiding.
Tips en technieken voor braden
- Plaats het ovenrooster in de vereiste stand alvorens de oven in te schakelen.
- Gebruik de modus Braden met de gesloten ovendeur.
- Verwarm de oven 5 minuten voor gebruik.
- Gebruik de 2-delige braadslede.
- Draai vlees halverwege de bereidingstijd één keer om (zie de Hetelucht Braden tabel).
Tijden voor braden en hetelucht braden zijn bij benadering en kunnen iets afwijken.
Bereidingstijden zijn indicatief en zijn ook afhankelijk van de dikte en de starttemperatuur van het vlees voorafgaand aan de bereiding.
Tips en technieken voor drogen
Drogen kan worden gedaan met de modus Drogen.
Er wordt een lagere temperatuur gebruikt en de verwarmde circulerende lucht verwijdert langzaam het vocht voor het bewaren van etenswaren.
Detemperatuurvan de modus Drogen is voorgeprogrammeerd op 140°F (60°C).
De beschikbare temperaturen voor de modus Drogen zijn 120°F (50°C) to 160°F (70°C).
Meerdere bakplaten kunnen gelijktijdig worden gebruikt.
Sommige etenswaren hebben tot 14-15 uur nodig om volledig uit te drogen.
Raadpleeg een boek over het bewaren van etenswaren voor specifieke tijden en handelingen voor verschillende etenswaren.
Deze modus is geschikt voor allerlei soorten fruit, groenten, kruiden en stukken vlees.
Droogroosters zijn te koop in keukenspeciaalzaken.
Met keukenpapier kan een deel van het vocht al geabsorbeerd worden alvorens te beginnen met drogen (zoals met gesneden tomaten of gesneden perziken).
Droogtabel
| VOEDINGSWAREN VOORBEREIDING BIJ BENADERING | GAARHEIDSTEST | ||
| DROOGTIJD* (uren) | |||
| FRUIT | |||
| Appels | Gedoopt in kopje citroensap en 2 kopjes water, plakjes. | 11 - 15 Licht buigzaam | |
| Bananen | Gedoopt in kopje citroensap en 2 kopjes water, plakjes. | 11 - 15 Licht buigzaam | |
| Kersen | Was en maak handdoekdroog. Verwijder bij verse kersen de pitten. | 10 - 15 Buigzaam, leerachtig, taai | |
| Sinaasappelschillen en plakjes | sinaasappelplakjes; Sinaasappel, deel van de schil dun geschild van sinaasappels | Schillen: 2-4 Plakjes: 12-16 Uit blik: 9-13 Vers: 8-12 12 - 17 Droog, broos | |
| Ananasringen | Handdoekdroog | ||
| Aardbeien | Was en maak handdoekdroog. 12" dikke plakken schil (buitenkant) omlaag op het rooster | ||
| GROENTE | |||
| Paprika's | Was en maak handdoekdroog. Verwijder de zaadlijst van de paprika, grof gesneden in stukjes van ongeveer 1" | 16 - 20 | Leerachtig zonder vocht aan de binnenkant |
| Paddenstoelen | Was en maak handdoekdroog. Snijd het uiteinde van de steel eraf. Snijd in plakjes van 1/8" | 7 - 12 Taai en leerachtig, droog | |
| Tomaten | Was en maak handdoekdroog. Snijd in plakjes van 1/8", goed drogen | 16 - 23 | Droog, baksteenrood van kleur |
| KRUIDEN | |||
| Oregano, salie, peterselie, tijm en venkel | Afspoelen en drogen met keu- kenpapier | Drogen op 120 F (60 C) | 3 - 5 Knapperig en broos |
| Basilicum | Gebruik basilicumblaadjes van 3 tot 4 inch vanaf de bovenkant. Besprenkel met water, Schud het water er af en dep droog | Drogen op 120 F (60 C) | 3 - 5 Knapperig en broos |
NL 22 - Recepten
De functie Recept van uw oven biedt u de mogelijkheid om gerechten te bereiden zonder dat u de oven elke keer handmatig hoeft in te stellen. Met het selecteren van een "INGESTELD" recept worden automatisch de bereidingsmodus, temperatuur en tijd ingesteld volgens het gekozen recept uit het menu.
| Receptenlijst Type voedsel Staat van het | voedsel | Receptenlijst Getoonde informatie | ||
| VOORAF INGESTELD OF PERSOONLIJK | ![]() | VERS | BROOD PIZZA EERST | TYPE TOEBEHORENNIVEAU / STANDGEWICHT VAN HET VOEDSELBEREIDINGSTIJDVOORVERWARMEN VEREIST (JA/NEE) |
| BEVROREN | ||||
![]() | HEEL | VLEES | ||
| IN STUKKEN | ||||
![]() | HEEL | GEVOGELTE | ||
| IN STUKKEN | ||||
![]() | HEEL | VIS | ||
| IN STUKKEN | ||||
![]() | - | GROENTEN | ||
| - | ||||
![]() | - | PASTEIIEN | ||
| - | ||||
Selecteer een reeds ingesteld recept:
- Schakel de oven in, selecteer het pictogram en druk op de knop [FUNCTIE].
- Gebruik de knop [FUNCTIE] om de lijst "VOORINGESTELD" of "PERSOONLIJK" te selecteren en bevestig met druk op dezelfde knop.
- Kies het type te bereiden voedsel met de knop [FUNCTIE] en bevestig met dezelfde knop.
- Gebruik de knop [FUNCTIE] om te kiezen tussen "VERS" of "DIEPVRIES", of in andere gevallen tussen "HEEL" of "STUKKEN", en bevestig met dezelfde knop.
- Selecteer het gewenste recept met de knop [FUNCTIE] en bevestig met dezelfde knop.
- Na de selectie van het recept verschijnt op het display de volgende pagina:

text_image
ROASTED TURKEY RECTANGULAR GRID LEVEL 1 WEIGHT 3800g COOKING TIME 03:00 PREHEAT YES START SAVE- Bevestig, voor de start van het recept, door te drukken op de knop [FUNCTIE].
Tijdens een recept zullen een aantal akoestische en visuele berichten u vragen om de volgende handelingen te verrichten. Volg simpelweg de instructies op het scherm.
- Na de bereiding schakelt de oven uit en waarschuwt een akoestisch en visueel signaal dat het recept is voltooid.
Een gepersonaliseerd recept opslaan:
Wanneer een recept geselecteerd is, kunnen de instellingen "Tijd" en "Gewicht" gewijzigd worden en kan het recept opgeslagen worden onder "PERSOONLIJK".
- Draai, na de selectie van een recept, de knop [FUNCTIE] en bevestig met dezelfde knop.
- Voor de wijziging van het gewicht moet het gewenste gewicht door middel van de knop [FUNCTIE] worden ingevoerd en bevestigd worden door te drukken op dezelfde knop.

text_image
POULTRY WEIGHT 3800g- De oven schakelt automatisch over naar de bereidingstijd. Om deze tijd te wijzigen, moet de knop [FUNCTIE] worden gebruikt om de bereidingstijd in te stellen; bevestig met dezelfde knop.

text_image
POULTRY COOKING TIME 03:00- Op dit punt kan het recept worden opgeslagen in de lijst "PERSOONLIJK" door "OPSLAAN" te selecteren en te bevestigen met de knop [FUNCTIE].

text_image
ROASTED TURKEY RECTANGULAR GRID LEVEL 1 WEIGHT 2500g COOKING TIME 02:00 PREHEAT YES START ▶ SAVEOPMERKING Als de waarden voor tijd en gewicht zijn gewijzigd en niet onmiddellijk worden opgeslagen, verschijnt er aan het einde van het recept een bericht dat u zal vragen of u wenst op te slaan.
- Druk voor de start van het recept op de knop [FUNCTIE].
Een Persoonlijk recept annuleren:
- Om een recept te verwijderen uit de lijst van persoonlijke recepten, moet het recept geselecteerd worden.
- Draai de knop ON/OFF rechtsom, selecteer de keuze en bevestig met de knop [FUNCTIE].

De functie CLASSIC PIZZA is specifiek ontworpen om in slechts een paar minuten perfecte PIZZA'S te kunnen bakken. Selecteer, voor perfecte resultaten, de [CLASSIC PIZZA] om bij dit speciale recept te komen. Na het maken van deze instellingen doet Classic Pizza de rest, met het bereiken van ongeveer 650 F (345 C) door de verwarmingselementen op 100% van hun capaciteit in te schakelen. Bij deze temperatuur bent u verzekerd van een krokante bodem en een goede garing van het pizzabeleg, zoals in de pizzeria. Het geheim van een lekkere pizza ligt in de eenvoud van een goed gerezen, goed bereid en goed gebakken deeg: gebruik een kleine hoeveelheid beleg van goede kwaliteit.
| Receptenlijst Type voedsel | Staat van het voedsel | Receptenlijst | Getoonde informatie |
| VOORAF INGESTELD OF PERSOONLIJK | ![]() | ENKELE DUNNE PIZZA | TYPE TOEBEHORENNIVEAU / STANDBEREIDINGSTIJDVOORVERWARMEN VEREIST JA/NEE) |
| ENKELE DIKKE PIZZA | |||
| DUBBELE DUNNE PIZZA | |||
| DUBBELE DIKKE PIZZA |
Pizza Gewicht Gerezen Deeg Diameter
| DUN 180 gr 30 cm | |
| DIK 260 gr 30 cm |
Een vooraf ingesteld "CLASSIC PIZZA" recept selecteren:
- Start de oven en selecteer het pictogram [P2]bevestig met de knop [FUNCTIE].
- Selecteer met de knop [FUNCTIE] de lijst tussen "VOORINGESTELD" of "PERSOONLIJK" en bevestig met dezelfde knop.
- Kies het type te bereiden pizza door middel van de knop [FUNCTIE] en druk op de knop om te bevestigen.
- Nadat een recept geselecteerd is, verschijnt de volgende beeldschermpagina:

text_image
PIZZA SINGLE THIN RECTANGULAR GRID LEVEL 2 COOKING TIME 03:00 PREHEAT YES START SAVENadat een recept geselecteerd is, kan de instelling "Tijd" gewijzigd worden (van 01:00 min/sec tot 59:59 min/sec) en kan het recept worden opgeslagen op de lijst van "PERSOONLIJKE" recepten van de functie Classic Pizza. Indien nodig, kan het opgeslagen recept ook geannuleerd worden.
Als de aangepaste tijd niet meteen is opgeslagen, verschijnt er, aan het einde van het recept, een bericht met de vraag of u het op wilt slaan.
(RAADPLEEG DE INSTRUCTIES IN DE RECEPTPARAGRAAF, VOOR MEER INFORMATIE OVER HET UITVOEREN VAN DEZE STAPPEN)
5. Na de bevestiging met de knop [FUNCTIE] zal de oven voorverwarmen; eenmaal op temperatuur klinkt er een geluidssignaal en meldt het display dat de pizza's in de oven kunnen worden geplaatst. Het bakken begint automatisch met het sluiten van de deur en zijn er verder geen andere instellingen of handelingen nodig; volg simpelweg de aanwijzingen op het display.

text_image
PIZZA SINGLE THIN CLASSIC PIZZA TIME 00:50 PREHEAT 11:00 amOPMERKING Na de eerste pizza, kunnen meteen andere pizza's gebakken worden zonder voor te verwarmen. Indien dat geselecteerd is, wordt het recept herhaald, terwijl wanneer er gedrukt is op OFF het recept beëindigd zal worden.
Tips Voor Een Lekkere Pizza:
Gezien de hoge temperaturen en de korte bereidingstijd, raden wij aan om de pizza's snel in de oven te plaatsen en eruit te verwijderen, zodat de deur zo kort mogelijk open staat en de temperatuur niet daalt.
Verwijder de pizza meteen uit de oven zodra de piep klinkt en het scherm aangeeft dat het bakken klaar is, omdat de bereidingstijd zo kort is en zelfs een paar seconden een groot effect kunnen hebben.
De baktijd is aanpasbaar op basis van het type deeg en pizza; de aanpassing kan worden gedaan met de + / - toetsen voor het drukken op de startknop.
Aan het einde van het recept wordt gevraagd of u het wilt opslaan in uw persoonlijke recepten.
PIZZA GRILL OVENSTEEN (INDIEN AANWEZIG)

Plaats in de oven voor het voorverwarmen
NL 24 - Aanwijzingen modus Sabbat (op sommige modellen)
De modus Sabbat van de oven leeft de Joodse wetten na. Deze functie zorgt ervoor dat de oven alleen in statische functie werkt.
De volgende functies worden uitgeschakeld wanneer de functie Sabbat wordt geselecteerd:
- Ovenlampen
- Alle toetsen behalve AAN/UIT
• Functie vleesthermometer - Getimed koken functie
- Timerfunctie
- Het pictogram op het scherm is stil en niet in beweging zoals bij traditionele bereidingsfuncties.
- Belangrijke beeldscherm en akoestische waarschuwingen.
Voor de instelling van de modus Sabbat moet de oven worden INGESCHAKELD en moet de functie Sabbat geselecteerd worden door middel van de knop [FUNCTIE]; bevestig met dezelfde knop.
De functie start met het tonen van het pictogram op het beeldscherm.

text_image
SABBATH [5AB SSS] 11:06 amOPMERKING De functie duurt maximaal 72 uur.
De temperatuur is niet te aan te passen en staat vast op 140 F (60 C). De functie kan op elk moment uitgezet worden door op de UIT toets te drukken.
Wij raden aan geen schuurmiddelen en stoomapparaten te gebruiken om de oven te reinigen.

WAARSCHUWING
Reinig de ovendeur niet met schuurmiddelen of scherpe metalen schrapers omdat dit krassen op de ruit kan veroorzaken waardoor het kan gaan barsten.

WAARSCHUWING
Zorg ervoor dat de deur gesloten is, voordat de functie voor automatische reiniging start, anders wordt de automatische deurvergrendeling niet voltooid. Zie onderstaande paragraaf.
Automatische reiniging van de oven
Deze oven heeft een pyrolytische zelfreinigende functie die de moeilijke en tijdrovende handmatige reiniging van de ovenruimte overbodig maakt. Tijdens automatische reiniging gebruikt de oven hele hoge temperaturen (ong. 860 F/460 C) om etensresten en vet weg te branden.
- Gebruik de kookplaat niet tijdens de cyclus voor automatische reiniging.
- Slechts één oven tegelijk kan worden ingesteld op Automatische reiniging.
- Afhankelijk van de inhoud en hoeveelheid resten in de oven, is het normaal rook en/of af en toe vlammen te zien tijdens de cyclus voor automatische reiniging. Als een vlam aanhoudt
- moet de oven worden uitgeschakeld en afkoelen alvorens de deur te openen en de overmatige voedselresten te verwijderen.
- De deurvergrendeling wordt automatisch geactiveerd na het selecteren van de cyclus voor automatische reiniging.
Het pictogram "HANGSLOT" verschijnt op het scherm. Dit zorgt er voor dat de deur niet geopend kan worden wanneer de ovenruimte op schoonmaak temperaturen is.
- De ovenlamp werkt niet tijdens deze cyclus.
- De keuken moet tijdens de automatische reiniging goed geventileerd worden om door de functie veroorzaakte geuren af te voeren. Geuren zullen verminderen met gebruik.
- Drie uur is de vooraf ingestelde duur van de reiniging.
- De functie stopt automatisch aan het einde van de reinigingstijd.
- De automatische deurvergrendeling ontgrendelt wanneer de warmte van de oven een veilige temperatuur heeft bereikt zodat de deur geopend kan worden.
De oven voorbereiden op de Automatische reiniging
- Verwijder alle bak- en kookgerei.
- Verwijder bakplaten die niet van porselein zijn. Als verchroomde bakplaten in de oven worden gelaten tijdens de cyclus voor automatische reiniging, zullen ze de glanzende afwerking permanent verliezen en krijgen ze een doffe donkere afwerking.
- Veeg losse etensresten en vet op met keukenpapier. Overtollig vet zal vlammen en rook in de oven veroorzaken tijdens automatische reiniging.
- Raadpleeg de onderstaande afbeelding. Sommige delen van de oven moeten met de hand schoongemaakt worden voor de cyclus begint. Deze worden niet heet genoeg tijdens de reingingscyclus om resten weg te branden. Gebruik een spons met zeep of een plastic schrobber. Maak de rand van de ovendeur, het frame aan de voorkant van de oven en het binnenframe tot 1-½" (2-3 cm) met de hand schoon met wasmiddel en heet water. Wrijf niet op de pakking op de oven. Maak het raam van de ovendeur met de hand schoon. Spoel alle vlakken grondig af en droog ze dan.
- Zorg er voor dat de ovenlampen uit zijn en de lampen en beschermers in plaats zijn.

text_image
Reinig gebied frame buiten de pakking met de hand einig de pakking NIET met de hand Reinig gebied deur buiten de pakking met de hand Reinig 2 cm (1") van de roostergeleiders van frame tot ovenkamer met de hand Reinig de ruit van de deur met de handDe instelling van de automatische reiniging
- Druk op de knop ON/OFF en selecteer het pictogram bevestig met dezelfde knop.
- Op het scherm verschijnt een bericht dat vraagt om alle voorwerpen en accessoires uit de ovenkamer te verwijderen.
- Druk op de knop [FUNCTIE] om de deur te vergrendelen en de reinigingscyclus te starten.
- De reinigingstijd wordt automatisch getoond, de standaard waarde is 3 uur.

text_image
SELF CLEAN END 4:30 pm START 1:30 pm 11:00 am-
Aan het einde van de geprogrammeerde reinigingstijd schakelt de oven automatisch uit.
-
Druk op de knop ON/OFF om de reinigingsmodus op elk gewenst moment te stoppen.
- De cyclus voor automatische reiniging kan niet geselecteerd worden als de deur open staat.
- Als de deur open staat terwijl de functie al geselecteerd is en er wordt gedrukt op de knop [FUNCTIE], zal de grendel niet bewegen, wordt het pictogram "HANGSLOT" knipperen tot de deur gesloten blijft en stopt de motor van het slot. Wanneer het "GESLOTEN HANGSLOT" wordt getoond, kan de deur niet geopend worden.
- Controleer of de deur is gesloten; als de deur niet sluit, druk kan op de knop ON/OFF en start niet de automatische reiniging. Neem contact op met de servicedienst.
- Probeer de deur niet te openen als de cyclus voor automatische reiniging in uitvoering is en de deur vergrendeld is.
De reinigingstijd wijzigen
- De instelling van 3 uur kan, onmiddellijk na de start, gewijzigd worden naar 2 uur voor een lichte vervuiling.
- Draai, om de tijd te wijzigen, de knop [FUNCTIE] naar RECHTS en selecteer het pictogram (de uren zullen knipperen). Gebruik de knop [FUNCTIE] om de waarde te wijzigen en bevestig met dezelfde knop.
- Automatisch beginnen de minuten te knipperen; gebruik de knop [FUNCTIE] om de waarde te wijzigen en bevestig met dezelfde knop.
De start van de reiniging uitstellen
- Volg de bovenstaande stappen van 1 tot 3.
- Druk op het pictogram ☐ en controleer of "STOPTIJD" op het scherm wordt weergegeven. De uren beginnen te knipperen. Gebruik de knop [FUNCTIE] om de waarde te wijzigen en bevestig dan met dezelfde knop.
- Automatisch beginnen de minuten te knipperen; gebruik de knop [FUNCTIE] om de waarde te wijzigen en bevestig met dezelfde knop.

text_image
SELF CLEAN END 2:00 pm TIME 03:00 11:00 am- Als de uitgestelde tijd is verstreken, begint de automatische reiniging.
- Aan het einde van de geprogrammeerde reinigingstijd schakelt de oven automatisch uit.

LET OP
Houd in gedachten dat de ovendeur vergrendeld blijft totdat het veilig genoeg is om hem te openen. Het slot symbool verdwijnt van het scherm als het deurslot wordt vrijgegeven.
U moet nog steeds voorzichtig zijn wanneer het deurslot wordt vrijgegeven omdat de binnenkant van de oven nog heet kan zijn.
Na de beëindiging van de cyclus automatische reiniging zal de besturing van de oven de interne temperatuur controleren en worden de volgende berichten weergegeven:
- Van 460 C/860 F tot 270 C/518 F= "Einde Automatische reiniging"
- Van 270 C/518 F tot 50 C/122 F= "Wachten op Automatische reiniging"
- Van 50 C/122 F tot 25 C/77 F= "Verwijder resten" (Druk op de AAN/UIT toets om het bericht te wissen).
Het is mogelijk om na de automatische reiniging as aan te treffen op de bodem van de oven.# Dit is een normale situatie. Gebruik een vochtige doek of spons om de resten op te vegen nadat de oven is afgekoeld.
Tips voor automatische reiniging:
U kunt, als u wilt, de cyclus herhalen als er nog etensresten achtergebleven zijn in de oven na de cyclus voor automatische reiniging.
Voer de automatische reiniging van de oven regelmatig uit om het ophopen van te veel vuil te voorkomen. Op deze manier zal de cyclus voor automatische reiniging beter functioneren en worden rook en geuren voorkomen.
Automatische deurvergrendeling tijdens de pyrolytische cyclus
Om veiligheidsredenen wordt de deur automatisch vergrendeld zodra de modus automatische reiniging wordt geselecteerd. De deur wordt ook automatisch ontgrendeld als de reinigingstijd is verstreken, maar alleen nadat de temperatuur is gedaald tot onder de veiligheidsdrempel.
OPMERKING Het is niet mogelijk om het deurvergrendelingsmechanisme tijdens de automatische reiniging uit te sluiten. Het is dus niet mogelijk om de deur handmatig te ontgrendelen omdat de modus automatische reiniging de hoogste prioriteit heeft en alle andere selecties omzeilt.
Het hangslot-symbol (▶) op het scherm is:
AAN Bij volledig vergrendelde deur
UIT Bij volledig ontgrendelde deur
KNIPPEREN Wanneer het grendelmechanisme beweegt of wacht op een bevel van de elektronische besturing. (Na de automatische reiniging knippert het symbool, totdat de temperatuur veilig is en de deur wordt ontgrendeld).
Doe-het-zelf onderhoud verwijderen ovendeur

WAARSCHUWING
- Zorg ervoor dat de oven is afgekoeld en uitgeschakeld alvorens de deur te verwijderen. Dit zou anders kunnen leiden tot een elektrische schok of brandwonden.
- De ovendeur is zwaar en breekbaar. Gebruik beide handen om de ovendeur te verwijderen.
De voorkant van de deur is van glas. Voorzichtig hanteren om breken te voorkomen.
- De ovendeur alleen aan de zijkanten vastpakken. Niet aan de handgreep vastpakken, want deze kan in uw hand draaien en schade of letsel veroorzaken.
- Het niet stevig en goed vastpakken van de ovendeur kan leiden tot persoonlijk letsel of productschade.
Deur Verwijderen
- Maak de deur volledig open.
- Til de houder van het scharnier op (1).
- Houd de deur aan beide kanten stevig vast met twee handen en sluit de deur.
- Stevig vasthouden; de deur is zwaar.
- Zet de deur neer op een geschikte plek.
De Deur Vervangen
- De bovenarmen (2) van beide scharnieren in de sleuven (3) brengen. De uitsparingen (4) moeten op de randen (5) vasthaken.
- Beweeg de scharnierhouders (1) terug in hun positie.
- Sluit en open de deur langzaam om te controleren dat deze correct en veilig op zijn plaats is.

NL 28 - Een ovenlamp vervangen
- Elke oven is uitgerust met halogeenlampen in de zijwanden van de oven.
- De lampen zijn aan als de deur open is of als de oven in een bereidingscyclus is.
- De ovenlampen zijn niet aan tijdens de AUTOMATISCHE REINIGING.
- Elke lamp bestaat uit een verwijderbare bescherming, een lamp evenals een fitting die vast zit op zijn plaats. Zie de afbeelding op deze pagina.
- Het vervangen van een lamp wordt beschouwd als routineonderhoud.
Een Lamp Vervangen
- Lees de WAARSCHUWING op deze pagina.
- Schakel de stroom uit op de hoofdelektriciteitsvoorziening (zekering of stroomonderbreker).
- Verwijder in ovens met laterale roosters, de roosters door de vier schroeven los te draaien.
- Verwijder de bescherming door deze open te breken tussen de schroef en het glas met een schroevendraaier.
- Verwijder de lamp uit de fitting door er aan te trekken.
- Vervang de lamp met een nieuwe. Vermijd het aanraken van de lamp met uw vingers, aangezien olie van de handen de lamp kan beschadigen als deze heet wordt.
- De lamp is halogeen: gebruik een lamp van hetzelfde type door de spanning en stroomsterkte te controleren.
- Plaats de bescherming er weer op.
- Plaats de ovenrekken terug, indien van toepassing voor het ovenmodel.
Schakeld de stroom op de hoofdelektriciteitsvoorziening weer in (zekering of stroomonderbreker).

WAARSCHUWING
- Zorg ervoor dat de oven en lampen zijn afgekoeld en de stroom van de oven is uitgeschakeld alvorens de lamp(en) de vervangen. Dit zou anders kunnen leiden tot een elektrische schok of brandwonden.
- De beschermingen moet zich op hun plaats bevinden tijdens het gebruik van de oven.
- De beschermingen dienen om de lamp te beschermen tegen breken.
- De beschermingen zijn vervaardigd van glas. Voorzichtig hanteren om breken te voorkomen. Gebroken glas kan letsel veroorzaken.
OVENLAMP

text_image
A A
NL 29 - Kenmerken van uw kookplaat
GRILLPLAAT

D - Grillplaat
E - Kap brander
F - Drager grillplaat
Instelling knop gasregeling
Degasbrandergebruikteenelektrischontstekingsmechanisme dat zicht naast elke brander bevindt en de ontsteking ervan verzekert.
ELEKTRISCHE ONTSTEKING

Modellen met automatische ontsteking
De automatische elektrische ontsteking steekt de oppervlaktebrander aan wanneer de betreffende regelknop wordt gedraaid en de rotatie van de klep een gasstroom toestaat die voldoende is voor een vlam.
Voor de instelling:
- Druk en draai een knop linksom naar een willekeurige stand. Alle bougies maken een tikkend geluid (vonk), maar alleen de brander met de knop gedraaid binnen het bereik - azal een vlam produceren.

WAARSCHUWING
- Gebruik de branders niet met lege pannen of zonder pannen op het rooster.
- Raak de brander niet aan wanneer de ontstekers tikken (vonken afgeven).
- Laat de vlam van de branders niet buiten de bodem van de pan steken.
- Draai alle bedieningselementen uit wanneer er niet gekookt wordt.
De niet-naleving van dit voorschrift zou kunnen leiden tot persoonlijk letsel of brand.
Gasbranders
Bij het ontwerp van de gasbranders van deze modellen kookplaat is bijzondere zorg besteed aan comfort bij het koken met als primaire aandachtspunten de maat, het vermogen en de functie voor sudderen.
Branders met twee vlamringen
Deze speciale brander heeft twee aparte vlamringen voor een volledige warmteregeling van hoog vermogen naar sudderen.
Voor de instelling:
- Druk en draai de knop linksom naar het hoofdbereik ⚙ - ⚙ als de brander wordt ontstoken zullen zowel de hoofdvlam als de suddervlam blijven branden.
- Stel de gewenste temperatuur in binnen het hoofdbereik
Instelling sudderen
Draai de knop verder linksom naar het bereik SUDDEREN ⬆ - ⬆ De buitenste vlamring wordt gedoofd en de temperatuurregeling kan alleen met de binnenste vlamring worden aangepast.
De brander uitschakelen
Draai de knop helemaal rechtsom naar de positie uit. Controleer of de vlam volledig dooft.
KNOP BRANDER

NL 30 - Werking gaskookplaat
De vlammen van de branders
Ontsteek de verschillende branders. De vlammen moeten blauw zijn, zonder sporen met een gele kleur. De vlammen van de brander mogen niet flakkeren of van de brander weg bewegen. De inwendige conus van de vlam moet tussen 1,25 en 1,9 cm lang zijn.
Super-afgedichte oppervlaktebranders

BELANGRIJK
De stroom van de verbrandings- en ventilatielucht rond de randen van het rooster van de brander mag niet belemmerd worden.
Branderdeksels en branderkelk
Houd de branderdeksel en de branderkelk altijd op hun plaats tijdens het gebruik van een oppervlaktebrander. Een schone branderdeksel en branderkelk dragen bij aan het voorkomen van een slechte ontsteking en onregelmatige vlammen. Reinig de onderdelen altijd in geval van overkoken en voer regelmatig de gewone reiniging uit volgens de aanwijzingen van het deel "Algemene reiniging".
Branderplaat en sproeier
Het gas moet vrij kunnen stromen door de opening van de sproeier om correct vlam te kunnen vatten. Houd dit gebied vrij van vuil en zorg ervoor dat overgekookte stoffen, voedsel, reinigingsmiddelen en andere materialen niet de opening van de sproeier binnendringen.
Bescherm de sproeier tijdens de reiniging.
ELEKTRISCHE ONTSTEKING

Controleer bij het ontsteken van de brander:
- Of de branderkelk correct geplaatst is en de pin correct is uitgelijnd met de sleuf van de branderplaat.
- Of de branderdeksel correct is geplaatst en de pin correct is uitgelijnd met de sleuf van de branderkelk.
Branderpoorten
Controleer de vlammen van de brander regelmatig. Een goede vlam is blauw van kleur, niet geel.
Houd dit gebied vrij van vuil en zorg ervoor dat overgekookte stoffen, voedsel, reinigingsmiddelen en andere materialen niet de opening van de branderpoorten binnendringen.
Voor de reiniging van de gasbrander:

BELANGRIJK
Zorg ervoor dat, voorafgaand aan de reiniging, alle bedieningselementen op uit staan en de kookplaat is afgekoeld.
- Verwijder het branderdeksel van de branderplaat en reiniging in overeenstemming met de aanwijzingen van het deel Reiniging.
- Verwijder de branderkelk.
Reinig de opening van de gasleiding en de branderpoort in overeenstemming met de aanwijzingen van het deel Reiniging. - Reinig de branderplaat met een vochtige doek (zorg ervoor dat het reinigingsmiddel en andere materialen niet de opening van de sproeier binnendringen).
- Plaats de branderkelk en het branderdeksel terug en zorg ervoor dat de pinnen correct zijn uitgelijnd met de sleuven.
- Ontsteek de brander.
Als de brander niet wordt ontstoken, controleer dan de uitlijning tussen deksel en kelk. Als de brander nog steeds niet wordt ontstoken, vermijd dan om zelf onderhoud op de gasbrander uit te voeren.
Neem contact op met een gekwalificeerde reparateur.
EXPLOSIETEKENING VAN DE BRANDER

De brander van de grillplaat gebruikt een elektrisch ontstekingsmechanisme dat zich naast de brander bevindt en de ontsteking ervan verzekert. Dit mechanisme wordt thermostatisch geregeld voor het handhaven van een gelijkmatige temperatuur.
Om te voorkomen dat voedsel blijft vastplakken, moet de grillplaat voorafgaand aan het gebruik ingevet worden.
ELEKTRISCHE ONTSTEKING

*OPMERKING: deze functie is bedoeld als veiligheidsvoorziening.
Voor de instelling:
- Druk op de knop: de bougies maken gedurende ongeveer 10 seconden een tikkend geluid (vonk). Draai de knop linksom naar de maximale stand. In het systeem opent een elektromechanische klep voor de start van de gasklep. De brander zal een vlam produceren.
- De grillplaat heeft een lampje "ON" dat gaat branden wanneer de thermostaat van de grillplaat wordt ingeschakeld.
- Als de brander niet wordt ontstoken, draai de regelknop dan terug naar de stand "OFF". Ventileer de ruimte en wacht ten minste 1 minuut alvorens opnieuw te proberen.
De brander uitschakelen
Draai de knop helemaal rechtsom naar de positie uit. Controleer of de vlam volledig dooft.
KNOP BRANDER GRILLPLAAT

Voor een goede werking van de grillplaat moet het gasfornuis waterpas staan.

LET OP
- Oververhit de grillplaat niet. Dit zou de coating van de plaat kunnen aantasten.
- Gebruik geen metalen gebruiksvoorwerpen die het oppervlak van de plaat kunnen beschadigen.
- Schakel altijd uit in geval van niet-gebruik of verminder de warmte tijdens de verschillende bereidingen.
- Gebruik de grillplaat niet voor andere doeleinden, bijvoorbeeld als snijplank of als opslagplank.
- Kook geen overmatig vette voedingsmiddelen. Het vet zou over de randen van de plaat kunnen wegvloeien.
- De grillplaat kan zeer heet worden. Gebruik ovenwanten bij het plaatsen en verwijderen van de grillplaat.
- Verwijder de grillplaat niet tot de roosters van de kookplaat, de oppervlakken en de plaats zelf zijn afgekoeld.
- De grillplaat is tamelijk zwaar. Gebruik bij het plaatsen en verwijderen van de grillplaat beide handen.
NL 31 - Werking grillplaat gaskookplaat
Tips voor koken
- Verwarm de grillplaat ongeveer 20 minuten voor en stel dan de gewenste temperatuur in.
- Gebruik vloeibare olie, oliespray of boter voor eieren, pannenkoeken, toast, vis en sandwiches. Dit voorkomt dat het voedsel vastplakt. (Gebruik uitsluitend vet/olie die bestand is tegen hoge temperaturen)
- Dep natte voedingsmiddelen droog met keukenpapier om spatten tijdens het grillen te voorkomen.
- Verwijder voedselresten tijdens het koken met en metalen spatel, om de reiniging te vereenvoudigen en om te voorkomen dat deze resten in de gerechten worden opgenomen.
Tabel grillplaten
| Voedingswaren | °F °C | |
| Eieren 250 - 300 | 121 - 149 | |
| Bacon 325 - 350 | 163 - 177 | |
| Pannenkoeken 375 | - 450 191 - 232 | |
| Croque monsieur | 425 218 | |
| Visfilets 300 149 | ||
| Groente 300 149 | ||
| Hamburgers 350 | 177 | |
| Biefstuk 350 177 | ||

BELANGRIJK
Na elke bereiding moet de lekbak worden geledigd en gereinigd, om vervolgens te worden teruggeplaatst onder de grillplaat.
Zorg ervoor dat, voorafgaand aan de reiniging, alle bedieningselementen op uit staan en de grillplaat is afgekoeld.
- Verwijder de grillplaat van de branderplaat en reinig volgens de aanwijzingen van het deel Reiniging.
- Verwijder de afdekking van de brander.
- Reinig, indien nodig, de zitting van de brander met een vochtige doek (houd de gebieden van de sproeier en de thermokoppel vrij van reinigingsmiddelen en ander materiaal).
- Plaats de afdekking van de brander en de grillplaat terug en let op voor hun correcte plaatsing.
- Ontsteek de brander.
Als de brander niet wordt ontstoken, wacht dan enkele minuten en herhaal de handeling. Als de brander nog steeds niet wordt ontstoken, vermijd dan om zelf onderhoud op de gasbrander uit te voeren. Neem contact op met een gekwalificeerde reparateur.
EXPLOSIETEKENING VAN DE BRANDER VAN DE GRILLPLAAT

BELANGRIJK: Laat nooit lege pannen en potten op een heet oppervlak van het kookgebied, op een element of een oppervlaktebrander.
Ideaal kookgerei heeft een platte bodem, rechte zijkanten, een goed passende deksel en moet van middeldik tot erg dik materiaal zijn gemaakt. Ruwe afwerkingen kunnen de kookplaat beschadigen.
Als kern of de bodem van de pannen mag aluminium of koper worden gebruikt. Dit materiaal kan echter permanente sporen op de kookplaat of de roosters achterlaten.
Het materiaal van de pannen draagt bij aan de snelheid en regelmatigheid van de warmteoverdracht, en is dus van invloed op de kookresultaten. Een anti-aanbaklaag heeft dezelfde kenmerken als zijn basismateriaal.
Bijvoorbeeld, een aluminium pan met een anti-aanbaklaag neemt de eigenschappen van aluminium aan.
Gebruik het onderstaande overzicht als richtlijn voor de kenmerken van het materiaal van het kookgerei.
Kenmerken pannen
Aluminium:
Verwarmt snel en gelijkmatig.
Geschikt voor alle soorten bereiding. Middeldik of zeer dik materiaal is het beste voor de meeste bereidingen.
Gietijzer:
Verwarmt langzaam en gelijkmatig.
Goed voor bruinen en frituren. Handhaaft de warmte voor langzaam koken.
Keramiek of glaskeramiek:
Volg de aanwijzingen van de fabrikant.
Verwarmt langzaam, maar onregelmatig. Ideale resultaten op instellingen met lage of gemiddelde warmte.
Koper:
Verwarmt zeer snel en regelmatig.
Aardewerk:
Volg de aanwijzingen van de fabrikant.
Gebruik alleen bij lage warmte-instelling.
Porseleinemail op staal of gietijzer:
Zie aanwijzingen voor roestvrij staal of gietijzer.
Roestvrij staal:
Verwarmt snel, maar onregelmatig. Een kern of bodem van aluminium of koper of roestvrij staal zorgt voor een regelmatige verwarming.
Overeenkomst diameter pan met grootte vlam
De vlam moet even groot of kleiner zijn dan de bodem van de pan. Gebruik geen kleine pannen boven een hoge vlam waarbij de vlammen langs de bovenkant van de pan omhoog komen. Grote pannen die twee branders in beslag nemen, moeten voor en achter worden geplaatst, niet links en rechts.
Gebruik gebalanceerde pannen
Pannen moeten stevig op het rooster van de kookplaat staan, zonder te schommelen. Centreer de pan op de brander.
Gebruik een goed passend deksel
Een goed passend deksel helpt de bereidingstijd te verminderen. Pannen met een vlakke en dikke bodem zorgen voor gelijkmatige warmte en stabiliteit.

WAARSCHUWING
GEBALANCEERDE PAN

NL 33 - Algemene verzorgen oven
Gebruik van de tabel voor reiniging oven
- Identificeer het nummer van het te reinigen onderdeel op de afbeelding van deze pagina.
-
Vind de naam van het onderdeel in de tabel.
-
Gebruik de in de linkerkolom aangegeven reinigingsmethode als de oven een gekleurde geëmailleerde afwerking heeft.
-
Gebruik de in de rechterkolom aangegeven reinigingsmethode als de oven van roestvrij staal is.
-
Vergelijk de letter met de reinigingsmethode op de volgende pagina.
ONDERDELENLIJST

| Onderdeel | Reinigingsmethode | Onderdeel | Reinigingsmethode | ||||
| Geëmailleerd | Roestvrij staal | Geëmailleerd | Roestvrij staal | ||||
| 1 | Deurframe D G 11 Binnenkant ovendeur E | E | |||||
| 2 | Binnenkant ovenruit F F 12 Deurhendel | G | G | ||||
| 3 | Uitneembare ovenroosters | A of E | A of E | 13 | Deur koelventilator | E | E |
| 4 | Schuifgeleiders | G | G | 14 | Voorste deur | C&D | C&G |
| 5 | Lijst bedieningpaneel | G | G | 15 | Lijst oven | D | D |
| 6 | Bedieningspaneel | D G 16 Eindafsluitingen | D G | ||||
| 7 | Koelventilatoren oven | D | D | 17 | Rek braadslede | E | E |
| 8 | Voorste frame oven | E | E | 18 | Boden braadslede | E | E |
| 9 | Ovenkamer | E | E | 19 | Uitschuifbaar rooster | A | A |
| 10 | Filterpakking | B | B | ||||
De gehele oven kan veilig gereinigd worden met behulp van een spons en zeepsop; spoel vervolgens af en droog goed. Volg in geval van hardnekkig vuil de onderstaande reinigingsmethoden.
- Gebruik altijd een voor het doel geschikt reinigingsmiddel dat zo mild mogelijk moet zijn.
- Op metalen afwerkingen moet in de polijstrichting gewreven worden.
- Gebruik schone, zachte doeken, sponzen of papieren doeken.
- Spoel goed af met zo min mogelijk water zodat het niet in de openingen binnendringt.
- Droog af om watervlekken te voorkomen.
De hieronder aangegeven reinigingsmiddelen duiden enkel op de soorten te gebruiken producten en zijn geen goedkeuring van bepaalde merken.. Gebruik alle producten in overeenstemming met de aanwijzingen op de verpakking.
| Onderdeel Reinigingsmethode | ||
| A | Verchroomd | Was met hete zeepsop. Goed afspoelen en drogen. Of, wrijf voorzichtig met sponsjes zoals Soft Scrub®,Bon-Ami®, Comet®, Ajax®, Brillo® of S.O.S.®, in overeenstemming met de aanwijzingen. Reinigers zoals Easy Off® of Dow® Oven(formule koude oven) kunnen gebruikt worden, maar kunnen eventuele donker kleuring of ontkleuring veroorzaken.De roosters kunnen tijdens de automatische reiniging in de oven zelf gereinigd worden. Verchroomde rekken zullen echter hun glanzende afwerking verliezen en permanent een metallic grijze kleur aannemen. |
| B | Glasvezelweefsel | REINIG DE PAKKING NIET MET DE HAND. |
| C | Glas | Sproei Windex® of Glass Plus® op een doek en wrijf schoon. Gebruik Fantastik® of Formula 409® voor de verwijdering van vette spatten. |
| D | Gelakt | Reinig met hete zeepsop of breng Fantastik® of Formula 409® aan op een schone spons of een papieren doek en wrijf schoon. Vermijd het gebruik van poedervormige reinigers en staalwol. |
| E | Porselein | Gemorste zure stoffen zoals fruitsap, melk en tomaat moeten onmiddellijk worden opgenomen met een droge doek. Gebruik op heet porselein geen vochtige spons/doek. Reinig in afgekoelde toestand met hete zeepsop of breng Bon-Ami® of Soft Scrub® aan op een vochtige spons. Goed afspoelen en afdrogen. Gebruik voor hardnekkige vlekken voorzichtig sponsjes zoals Brillo® of S.O.S.®. Het is normaal dat het porselein door veroudering fijne lijntjes gaat vertonen als gevolg van de blootstelling aan hitte en voedselresten. |
| F | Reflecterend glas | Reinig met hete zeepsop en een spons of een plastic schraper. Wrijf over hardnekkige vlekken met azijn, Windex®, ammoniak of Bon-Ami®. GEBRUIK GEEN SCHUURMIDDELEN. |
| G | Roestvrij staal | Wrijf en veeg altijd in de polijstrichting. Reinig met een spons en zeepsop, spoel af en droog goed. Of sproei Fantastik® of Formula 409® op een papieren doek. Bescherm en polijst met Stainless Steel Magic® en een zachte doek. Verwijder watervlekken met een doek bevochtigd met witte azijn. Gebruik Zud®, Cameo®, Bar Keeper's Friend® of RevereWare Stainless Steel Cleaner® voor de verwijdering van verkleuring door hitte. |
| H | Sonde (indien aanwezig) | Reinig de sonde met de hand met reinigingsmiddel en heet water. Spoel af en droog goed. Niet in de vaatwasser reinigen. |
NL 35 - Reiniging van de kookplaat
De gehele kookplaat kan veilig gereinigd worden met een spons en zeepsop; spoel vervolgens af en droog goed. Volg in geval van hardnekkig vuil de onderstaande reinigingsmethoden.

LET OP
- Controleer voorafgaand aan de reiniging of de branders uit zijn en de roosters zijn afgekoeld.
- Gebruik altijd een voor het doel geschikt reinigingsmiddel dat zo mild mogelijk moet zijn. Gebruik schone, zachte doeken, sponzen of papieren doeken.
- Op roestvrij stalen afwerkingen moet in de polijstrichting gewreven worden. Veeg het gebied droog om watervlekken te voorkomen.
- De wegneembare delen van de kookplaat mogen niet gereinigd worden door middel van een automatische reinigingscyclus van de oven.
- Plaats na de reiniging alle onderdelen correct terug op hun plaats alvorens de kookplaat te gebruiken.
De hieronder en op de volgende pagina aanbevolen reinigingsmiddelen duiden enkel op het type te gebruiken product en zijn geen goedkeuring van bepaalde merken. Gebruik alle producten in overeenstemming met de aanwijzingen op de verpakking.
REINIGING VAN DE KOOKPLAAT

Deel/materiaal kookplaat Aanbevolen reinigingsmiddelen
| Onderdelen en materialen | Aanbevolen reinigingsmiddelen Suggesties/Geheugensteun | |
| Branderplaat(Gegoten aluminium) | Vochtige doek. Zorg ervoor dat het reinigingsmiddel en andere materialen niet de opening van de sproeier binnendringen | |
| Branderkelk(Gegoten aluminium) | Reinigingsmiddel en heet water, afspoelen en afdrogen.Stevige nylon tandenborstel voor de reiniging van de openingen van de branderpoort.Schuurmiddelen: Revere ware® metaalpolish.Volgens de aanwijzingen op de verpakking Gebruik sponsjes Brillo® of S.O.S.®.Goed afspoelen en afdrogen. | Licht wrijven met een cirkelvormige beweging.Reinigingsmiddelen voor aluminium kunnen ervoor zorgen dat het oppervlak mat wordt.Gebruik voor de reiniging van de branderpoort een tandenborstel of een recht gebogen paperclip. Wees voorzichtig om de vorm van de poorten niet te beschadigen / groter te maken. |
| Branderkelk(Messing) | Was in heet zeepsop, spoel af en droog af.Gebruik een stevige nylon borstel of een rechtgebogen paperclip om de inkepingen van de branderkelk te reinigen. | Licht wrijven met een cirkelvormige beweging.Reinigingsproducten voor messing kunnen ervoor zorgen dat het oppervlak mat wordt.Gebruik voor de reiniging van de branderpoort een tandenborstel of een recht gebogen paperclip. |
| Branderdeksel en rooster(Porseleinemail op gietijzer) | Niet-schurende reinigingsmiddelen: Heet water en reinigingsmiddel, Fantastic, Formula 409. Afspoelen en onmiddellijk afdrogen.Mild schurende reinigingsmiddelen: Bon Ami® en Soft Scrub®.Schurende reinigingsmiddelen voor hardnekkige vlekken: ingezeepte staalsponsjes. | De roosters zijn zwaar: wees voorzichtig bij het optillen. Plaats ze op een beschermde ondergrond.Blaasjes/scheurtjes/schilfers zijn normaal als gevolg van de hoge temperaturen en de snelle temperatuurveranderingen.Gemorste zure stoffen of stoffen die suiker bevatten kunnen het email aantasten. Verwijder resten onmiddellijk.Te krachtig en te vaak gebruikte schuurmiddelen kunnen het email eventueel aantasten. |
| Afwerking van de buitenkant(Porseleinemail) | Hete zeepsop: grondig afspoelen en goed drogen. Niet-schurende reinigingsmiddelen: Ammonia, Fantastic®, Formula 409®.Mild schurende reinigingsmiddelen: Bon Ami®, Ajax®, Comet®.Vloeibare reinigers: Kleen King®, Soft Scrub® | Gemorste zure stoffen of stoffen die suiker bevatten kunnen het porseleinemail aantasten. Verwijder resten onmiddellijk. Gebruik op heet porselein geen natte spons/doek.Oefen met schurende reinigingsmiddelen altijd zo min mogelijk druk uit. |
| Regelknoppen(Roestvrij staal) | Hete zeepsop: grondig afspoelen en onmiddellijk drogen. Indien nodig kunnen de knoppen verwijderd worden (recht omhoog wegtrekken). | Laat de knoppen niet in vloeistof weken.Gebruik geen schurende middelen of reinigers. De knoppen mogen niet op de as van de klep geforceerd worden.Voor de verwijdering moeten de knoppen recht omhoog van het bedieningspaneel worden weggetrokken.Zorg er bij de vervanging van knoppen voor dat ze op de stand OFF staan.Verwijder niet de zittingen onder de knoppen. |
| Afwerking van de buitenkant(Roestvrij staal) | Niet-schurende reinigingsmiddelen: Heet water en reinigingsmiddel. Fantastic®, Formula 409®. Afspoelen en onmiddellijk afdrogen.Polijstmiddel: Stainless Steel Magic® om de afwerking te beschermen tegen vlekken en putjes; verbetert het aanzicht.Kalkvlekken: Witte schoonmaakazijn. Mild schurende reinigingsmiddelen: Kleen King® vloeibare reiniger roestvrij staal, Cameo® reiniger aluminium & roestvrij staal, Bon Ami®. Verkleuring door hitte: Bar Keepers Friend®. | Roestvrij staal is bestand tegen de meeste voedselvlekken en putjes, mits het oppervlak schoon en beschermd wordt gehouden.Zorg ervoor dat voedselvlekken of zout niet lang op het roestvrij stalen oppervlak blijven.Wrijf voorzichtig in de polijstrichting.Chloor of chloorverbindingen in sommige reinigingsmiddelen zijn corrosief voor roestvrij staal. Controleer de ingredienten op het etiket voorafgaand aan het gebruik.Oefen met schurende reinigingsmiddelen altijd zo min mogelijk druk uit, met name op de grafische elementen. |
| Ontstekers(Keramiek) | Voorzichtig wrijven met een wattenstaafje bevochtigd met water, ammoniak of Formula 409®.Vuil voorzichtig wegschrapen met een tandenstoker. | Vermijd veel water te gebruiken op de ontsteker.Een vochtige ontsteker slaagt er niet in de brander te ontsteken.Verwijder eventueel na de reiniging achtergebleven pluisjes. |
| Trilaminaat grillplaat(INDIEN AANWEZIG)(grillplaat van drie lagen roestvrij staal / aluminium) | Waarschuwing: De reiniging van een nog heet kookoppervlak vormt een gevaar voor brandwonden!Reinig het kookoppervlak nooit met schuurpoeder of agressieve reinigingsmiddelen. Reinig het kookoppervlak met ijsblokjes of koud water. | Na elk gebruik:Schakel het apparaat uit en wacht tot het afkoelt naar ongeveer 90/100 C (195/215 F) (20/30 min.).Veeg de grillplaat af met een stevige droge doek om eventuele resten en voedseldeeltjes te verwijderen.Plaats de afzonderlijke ijsblokjes na elkaar op het kookoppervlak en gebruik tegelijkertijd een spatel om het vuil los te maken en van de grillplaat te verwijderen; vang het vuil op in de lekbak. Als alternatief voor ijsblokjes kan er ook koud water worden gebruikt.Nadat het kookoppervlak is afgekoeld, kunnen eventuele vlekken van eiwit of zuur verwijderd worden met citroensap en een schone doek.Spoel goed af met een vochtige doek.Smeer licht in met bakolie.Is het kookoppervlak voorafgaand aan de reiniging al afgekoeld, dan moet het naar 100 C worden verwarmd, waarna de werking moet worden uitgeschakeld. |
NL 36 - Operationele problemen oplossen
Controleer het volgende, alvorens contact op te nemen met de technische dienst, om onnodige kosten te vermijden.
| Problemen van de oven Stappen voor probleemoplossing | |
| Foutcode F1030* or F2030* verschijnt op het beeldscherm | Er is een probleem met het vergrendelmechanisme. Schakel de stroom uit en vervolgens na een paar seconden weer opnieuw in. De oven zou dan automatisch een vergrendelingstest moeten uitvoeren. Noteer de foutcode (in het LOGBOEK) als het probleem zich blijft voordoen en neem contact op met de technische dienst. |
| Een andere F foutcode verschijnt op het beeldscherm. | Schakel de stroom uit en vervolgens na een paar seconden weer opnieuw in. Als de toestand aanhoudt, noteer dan de code en neem contact op met het servicecentrum. |
| Het beeldscherm van de oven blijft UIT | Schakeldestroomuitopdehoofdelektriciteitsvoorziening(zekeringofstroomonderbreker). Schakel de stroomonderbreker weer in. Schakel een geautoriseerde dienst in als het probleem zich blijft voordoen. |
| De koelventilator blijft draaien als de oven uitgeschakeld is | De ventilator gaat automatisch uit als de elektronische componenten voldoende afgekoeld zijn. |
| De ovendeur is gesloten en ontgrendelt niet, zelfs niet na afkoelen. | Zet de oven uit bij de stroomonderbreker en wacht een paar seconden. Schakel de stroomonderbreker weer in. De oven moet zichzelf opnieuw instellen en zal weer bediend kunnen worden. |
| Oven wordt niet warm | Controleer de stroomonderbreker of zekeringkast van uw huis. Zorg ervoor dat de oven op correcte wijze op de netvoeding is aangesloten. Zorg ervoor dat de oventemperatuur geselecteerd is. |
| Oven bakt niet gelijkmatig. | Controleer de kalibratie van de oven. Pas de kalibratie aan, indien nodig (zie Instelling temperatuur, pagina 34). Raadpleeg de bereidingstabellen voor de aanbevolen roosterstand. Verlaag de temperatuur altijd met 25 F (15 C) voor bereidingen met de modus Hetelucht Bakken. |
| Ovenlamp werkt niet goed | Vervang de lamp als hij defect is of draai de lamp aan als hij los zit. Zie pagina 54. Vermijd het aanraken van de lamp met uw vingers, aangezien olie van de handen ervoor kan zorgen dat de lampen eerder uitbranden. |
| Ovenlamp blijft aan | Controleer of iets de ovendeur belemmert. Controleer of het scharnier is verbogen of dat de deurschakelaar kapot is. |
| De automatische reiniging van de oven werkt niet goed | Laat de oven afkoelen alvorens de Automatische reiniging uit te voeren. Verwijder altijd eerst losse etensresten en gemorste vloeistoffen alvorens de Automatische reiniging uit te voeren. Zet de oven op een vier uur durende Automatische reiniging als hij erg vuil is. Zie voor het voorbereiden van de oven op Automatische reiniging, pagina 52. |
| Klok en timer werken niet goed | Zorg ervoor dat de oven op correcte wijze op de netvoeding is aangesloten. Zie het deel Klok en Timer op pagina 34. |
| Overmatig vocht | Verwarm de oven eerst voor bij gebruik van de modus Bakken. Hetelucht Bakken of Hetelucht Roosteren verwijderen al het vocht in de oven (dit is één van de voordelen van heteluchttoepassing). |
| Porselein splinters | De ovenroosters moeten voor hun verwijdering en vervanging altijd worden opgetild en mogen niet geforceerd worden om afschilfering van het porselein te voorkomen. |
De ontsteking werkt niet
| Is de voedingskabel aangesloten? | Sluit de voedingskabel aan op een geaard stopcontact. |
| Is de zekering van het voedingsnet doorgebrand of heeft de stroomonderbreker ingegrepen? | Vervang de zekering of herstel het voedingsnet. |
Problemen van de oven Stappen voor probleemoplossing
De oppervlaktebranders functioneren niet
Is dit de eerste keer dat de oppervlaktebranders gebruikt worden? Draai alle knoppen van de oppervlaktebranders open om lucht uit de gasleidingen te verwijderen.
Is de regelknop correct ingesteld? Duw de knop in alvorens hem naar een instelling te draaien.
Zijn de branderpoorten verstopt? Zie deel "Super-afgedichte oppervlaktebranders".
De vlammen van de oppervlaktebranders zijn ongelijkmatig, geel en/of maken geluid
Zijn de branderpoorten verstopt? Zie deel "Super-afgedichte oppervlaktebranders".
Zijn de branderdeksels correct aangebracht? Zie deel "Super-afgedichte oppervlaktebranders".
Wordt er propaangas gebruikt? Het apparaat is mogelijk onjuist omgebouwd. Neem contact op met een technicus.
De oppervlaktebrander maakt tikkende geluiden
Is de brander nat? Laat hem drogen
Zijn het deksel en de branderkelk correct geplaatst? Controleer dat de pinnen correct zijn uitgelijnd; zie deel "Super-afgedichte oppervlaktebranders".
Is de pan veel grote dan de toegewezen ruimte op het rooster? Verwijder de pan tijdelijk: houd het tikken op en keert het terug na de terugplaatsing van de pan, dan is het geluid te wijten aan een te grote pan. U kunt blijven koken met de pan, maar het geluid zal tot aan einde bereiding aanhouden.
Overmatige hitte rond het kookgerei op de kookplaat
Is het kookgerei van de juiste grootte? Gebruik kookgerei met ongeveer dezelfde grootte als het kookgebied, het kookelement of de oppervlaktebrander. Het kookgerei mag niet meer dan 2,5 cm (1") buiten het kookgebied uit steken.
Bereidingen op de kookplaat geven niet het verwachte resultaat
| Wordt geschikt kookgerei gebruikt? | Zie deel "Kookgerei". |
| Is de regelknop ingesteld op het correcte warmteniveau? | Zie deel "Instelling van de regelknoppen". |
NL 37 - Problemen van de bereidingen oplossen
Of het nu om Bakken of Hetelucht Bakken gaat, slechte resultaten kunnen om vele redenen, anders dan een storing van de oven, voorkomen. Zie hieronder in de tabel de oorzaken voor de meeste voorkomende problemen. Omdat de grootte, de vorm en het materiaal van het bakgerei direct effect kunnen hebben op de bakresultaten, kan het een oplossing zijn om oud bakgerei dat verkleurd en door gebruik kromgetrokken is te vervangen.
| PROBLEMEN VAN DE BEREIDINGEN OORZAAK | |
| Gerecht is onregelmatig gebruind | - Oven is niet voorverwarmd- Aluminiumfolie op het ovenrooster of de bodem van de oven.- Bakgerei te groot voor het recept- Bakblikken die elkaar of de zijkant van de oven raken |
| Onderkant gerecht te veel gebruind | - Oven is niet voorverwarmd- Gebruik van glas, doffe of donker geworden metalen bakblikken- Onjuiste stand van het rooster- Bakblikken die elkaar of de zijkant van de oven raken |
| Gerecht is droog of aanzienlijk gekrompen | - Temperatuur van de oven te laag- Oven is niet voorverwarmd- Ovendeur te vaak geopend- Strak afgesloten met aluminiumfolie- Te klein bakblik |
| Gerecht bakt of roostert te langzaam | - Temperatuur van de oven te laag- Oven is niet voorverwarmd- Ovendeur te vaak geopend- Strak afgesloten met aluminiumfolie- Te klein bakblik |
| Niet gebruinde korsten onderkant taart of vochtige korst | - Baktijd niet lang genoeg- Gebruik van glanzende stalen bakblikken- Onjuiste stand van het rooster- Temperatuur van de oven te laag |
| Bleke, platte cakes en waarschijnlijk niet gaar van binnen | - Temperatuur van de oven te laag- Onjuiste baktijd- Cake te vroeg gecontroleerd- Ovendeur te vaak geopend- Te grote cakevorm |
| Cakes hoog gerezen in het midden met een scheur op de bovenkant | - Baktemperatuur te hoog- Baktijd te lang- Bakblikken die elkaar of de zijkant van de oven raken- Onjuiste stand van het rooster- Te klein bakblik |
| Te veel gebruinde korsten taarten | - Oventemperatuur te hoog- De randen van de korst te dun |
Controleer eerst "Probleemoplossing" alvorens contact op te nemen met de technische dienst. Dit dit kan u gesprekskosten besparen.
Volg onderstaande instructies, als u nog steeds hulp nodig heeft. Houd, wanneer u belt, de aankoopdatum, het modelnummer en het serienummer van het apparaat bij de hand. Deze informatie zal ons helpen om beter te antwoorden op uw verzoek.
Registratie servicegegevens
Raadpleeg voor erkende servicecentra en onderdelen de GARANTIE
Zie pagina 3 voor de plaats van het typeplaatje met het serienummer. Het is nu een goed moment om deze informatie in de onderstaande ruimte te noteren. Bewaar de factuur voor garantiebevestiging.
Registratie servicegegevens
Modelnummer ____
Serienummer
Datum van aankoop of bezitneming























