DL210TH - Gegevenslogger VOLTCRAFT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DL210TH VOLTCRAFT in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Gegevenslogger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DL210TH - VOLTCRAFT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DL210TH van het merk VOLTCRAFT.
GEBRUIKSAANWIJZING DL210TH VOLTCRAFT
12. Overzicht van de werkingsmodi, instellingen en aanduidingen op het
Zeer geachte klant, Met de aankoop van dit Voltcraft
-product heeft u een uitstekende beslissing genomen waarvoor wij u van harte danken. Voltcraft
- Deze naam staat op het gebied van meet-, laad- en nettechniek voor producten van meer dan gemiddelde kwaliteit die uitblinken door waartoe ze in staat zijn op hun expertisegebied, hun buitengewone prestatievermogen en hun permanente innovatie. Van de ambitieuze vrijetijdselektronicus tot de professionele gebruiker hebben met een product uit het Voltcraft
-assortiment zelfs voor de meest veeleisende opgaven altijd de beste oplossing tot hun beschikking. En wat heel bijzonder is: De goed uitgewerkte techniek en de betrouwbare kwaliteit van onze Voltcraft
-producten bieden wij u aan met een bijna onovertrefbaar gunstige prijs-/kwaliteitsverhouding. Daarmee leggen wij de basis voor een lange, goede en ook succesvolle samenwerking. Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe Voltcraft
-product! Alle vermelde rmanamen en productomschrijvingen zijn handelsmerken der respectieve gerechtigden. Alle rechten voorbehouden. Bij technische vragen kunt u zich wenden tot onze helpdesk. Voor meer informative kunt u kijken op www.conrad.nl of www.conrad.be149
2. UITLEG OVER DE SYMBOLEN
EN OPSCHRIFTEN Een uitroepteken in een driehoek wijst op belangrijke instructies in deze gebruiksaanwijzing die absoluut opgevolgd dienen te worden. Een “pijl”-symbool geeft aan dat er bijzondere tips en aanwijzingen over de bediening van het apparaat gegeven worden. Dit apparaat voldoet aan de CE-normen en de vereiste Europese richtlijnen.150
De op batterijen aangedreven en draagbare datalogger DL-200T is voorzien van een interne temperatuursensor, DL-210TH is voorzien van een interne temperatuur-/vochtsensor en de DL-220THP is voorzien van een interne temperatuur-/vocht-/luchtdruksensor. De meetgegevens worden automatisch geregistreerd tegen een aanpasbare testsnelheid tussen 1 minuut en 24 uur. Er kunnen maximaal
40.020 meetwaarden worden opgeslagen. De gemeten waarden kunnen
onmiddellijk op het LCD-beeldscherm worden afgelezen. De datalogger kan online of met de meegeleverde software gecongureerd worden. Het product kan op een computer worden aangesloten zoals een gewone USB-geheugenstick om de metingen af te lezen. Een grasch rapport wordt automatisch in het PDF-formaat gegenereerd. Een hoogwaardige lithium batterij waarborgt een lange opnametijd. Het product is stof- en sproeidicht wanneer de beschermkap is vastgemaakt en kan zowel binnen- als buitenshuis worden gebruikt. Gebruik het apparaat niet wanneer de behuizing niet volledig dicht is of de beschermkap niet goed vastgemaakt kan worden. Het is niet toegestaan om metingen onder ongunstige omgevingsomstandigheden te voeren, zoals in de buurt van stof, brandbare gassen, dampen of oplosmiddelen. Volg de veiligheidsinstructies strikt op! Dit product voldoet aan de Europese en nationale eisen betreffende elektromagnetische compatibiliteit (EMC). De CE-conformiteit werd gecontroleerd en de betreffende verklaringen en documenten werden neergelegd bij de fabrikant. Het product is in overeenstemming met de nationale en Europese wettelijke voorschriften.151 Op veiligheids- en goedkeuringsgronden moet u dit apparaat niet verbouwen en/of wijzigen. Indien het product voor andere doeleinden wordt gebruikt dan hiervoor beschreven, kan het product worden beschadigd. Bovendien kan onjuist gebruik tot gevaarlijke situaties leiden zoals kortsluiting, brand, etc. Lees de gebruiksaanwijzing goed door en gooi het niet weg. Als u dit product aan een derde geeft, doe dan tevens deze gebruiksaanwijzing erbij.
- Gebruiksaanwijzing Bijgewerkte gebruiksaanwijzingen Download de laatste gebruiksaanwijzing van onze website www.conrad.com/downloads of scan de gedrukte QR-code. Volg de aanwijzingen op de website.
5. EIGENSCHAPPEN EN FUNCTIES
- Draagbare datalogger met LCD-beeldscherm
- Compact USB-stickdesign
- IP65 bescherming tegen indringing met vastgemaakte beschermkap
- Metingen en registratie van - temperatuur (DL-200T) - Temperatuur en relatieve vochtigheid (DL-210TH) - Temperatuur, relatieve vochtigheid en luchtdruk (DL-220THP)
- Maximum en minimum waarden152 Lees de gebruiksaanwijzing grondig door en bekijk in het bijzonder de veiligheidsinformatie. Indien de veiligheidsinstructies en de aanwijzingen voor een juiste bediening in deze gebruiksaanwijzing niet worden opgevolgd, kunnen wij niet aansprakelijk worden gesteld voor de daardoor ontstane materiële schade of persoonlijk letsel. In dergelijke gevallen vervalt de garantie.
- Het apparaat is geen speelgoed. Houd het buiten het bereik van kinderen en huisdieren.
- Laat verpakkingsmateriaal niet zomaar rondslingeren. Dit kan gevaarlijk zijn als kinderen ermee gaan spelen.
- Bescherm het product tegen extreme temperaturen, direct zonlicht, hevige schokken, vocht, brandbare gassen, dampen en oplosmiddelen.
- Stel het product niet aan mechanische spanning bloot.
- Als het product niet langer op een veilige manier gebruikt kan worden, stop met het gebruik van het product en bescherm het tegen toevallig gebruik. Een veilige werking kan niet langer worden verzekerd als het product: - zichtbaar is beschadigd, - niet langer naar behoren werkt, - voor langere duur is opgeslagen onder slechte omstandigheden, of
- Automatische generatie van PDF-rapport met graek
- Aanpasbare testsnelheid tussen 1 minuut en 24 uur
6. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES153
- onderhevig is geweest aan ernstige transportbelasting.
- Behandel het product met zorg. Schokken, botsingen of zelfs een val van een beperkte hoogte kunnen het product beschadigen.
- Houd ook de hand aan de veiligheidsinstructies en gebruiksaanwijzing van alle andere producten die op dit product aangesloten zijn.
- Gebruik het apparaat niet in ruimten of onder ongunstige omgevingsomstandigheden waar ontvlambare gassen, stoom of stof aanwezig is of kan zijn. Gebruik het apparaat niet in de buurt van: - sterke magnetische of elektromagnetische velden - uitzendende antennes of HF-generatoren dit kan de meting beïnvloeden.
- Dek de sensoropeningen tijdens gebruik niet af. Steek geen voorwerpen in de sensoropeningen.
- Het product is alleen stof- en sproeidicht wanneer de beschermkap is vastgemaakt en de behuizing volledig dicht is, en kan zowel binnen- als buitenshuis worden gebruikt. Gebruik de datalogger niet met een open batterijvak of zonder de beschermkap.
- Houd batterijen buiten bereik van kinderen. Laat geen batterijen rondslingeren, dit kan gevaar op inslikking door kinderen of huisdieren opleveren
- Installeer de batterij altijd volgens de juiste polariteit.
- Batterijen moeten uit het product worden verwijderd als dit langere tijd niet gebruikt wordt om schade t.g.v. lekken te vermijden. Lekkende of beschadigde batterijen kunnen brandwonden veroorzaken wanneer in aanraking met de huid. Gebruik altijd gepaste beschermende handschoenen voordat u beschadigde batterijen aanraakt.154
- Haal batterijen niet uit elkaar, sluit deze niet kort en gooi geen batterijen in vuur. Wegwerpbatterijen mogen nooit opnieuw worden opgeladen. Er bestaat ontplofngsgevaar!
- Raadpleeg een deskundige wanneer u advies nodig hebt over de werking, veiligheid of aansluiting van het product.
- Onderhoud, aanpassingen en reparaties mogen alleen uitgevoerd worden door een expert of in een daartoe bevoegde werkplaats. Mocht u nog vragen hebben over hoe het product correct aan te sluiten of te gebruiken, of mocht u andere vragen hebben die in deze gebruiksaanwijzing niet zijn beantwoord, neem dan contact op met onze technische klantendienst of andere technische vaklui.155
Symbolen op het LCD-beeldscherm Symbool Betekenis Alarmindicator: De gemeten waarden zijn tijdens de configuratie binnen de aangegeven grenzen. Er is geen hoog/laag alarm ingesteld. Alarmindicator: De gemeten waarden worden tijdens de configuratie overschreden. Opname is gestopt. Bezig met opnemen. Opname is onderbroken.
Apparaat is klaar om op te nemen: Apparaat is geconfigureerd, en opname is nog niet gestart. Het verdwijnt eenmaal de datalogger opneemt. Batterijsymbool: Vol batterijvermogen Batterijsymbool: Voldoende batterijvermogen Batterijsymbool: Laag batterijvermogen, vervang de batterij ºC Eenheid voor temperatuur %RV Eenheid voor relatieve vochtigheid (Alleen DL-210TH, DL-220THP)157 Symbool Betekenis hPa/ mmHg/ kPa Eenheid voor luchtdruk (Alleen DL-220THP) ID Logger-ID MAX/MIN Maximum/minimum meting USB Verbonden met computer. USB PDF Verbonden met computer en PDF-rapport aan het genereren. PAUSE Geeft aan dat de pauzefunctie voor het limietalarm ingeschakeld is. MODE START Geeft aan dat er een startmodus werd gekozen. Het wordt weergegeven voordat de opname start. MODE STOP Geeft aan dat er een stopmodus werd gekozen. Het wordt weergegeven voordat de opname stopt. TIME START Geeft de resterende tijd voor de start van de opname aan. TIME STOP Geeft de resterende tijd voor het einde van de opname aan. Klaar om de opname te starten door de ENTER (8) knop enkele seconden ingedrukt te houden. (Selecteer “START BIJ DRUKKEN OP DE KNOP” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME” tijdens de conguratie.)158 Symbool Betekenis Opname kan worden gestopt door de ENTER (8) knop enkele seconden ingedrukt te houden. (Selecteer “STOPKNOP” als “STOPWIJZE” tijdens de configuratie.)
Klaar om pauzefunctie van limiet te activeren door de ENTER (8) knop enkele seconden ingedrukt te houden.
Klaar om pauzefunctie van limiet te deactiveren door de ENTER (8) knop enkele seconden ingedrukt te houden. Dagen, eenheid voor resterende tijd. (Als de resterende tijd minder dan één dag is, wordt de resterende tijd in de UU:MM-notatie weergegeven.) Klaar om firmware bij te werken. Meetfout Meetwaarden zijn buiten het meetbereik. Configuratiefout. Een fout is tijdens de configuratie opgetreden. Herhaal het configuratieproces.
8. WEERGAVE VAN LED-STATUS
LED-controle- lampje Omschrijving Groene LED- controlelampje (3) knippert. Meetwaarde(n) zijn binnen de gecongureerde limieten voor het laag en hoog alarm.159 LED-controle- lampje Omschrijving Rode LED- controlelampje (2) knippert. Geheugen is vol. Meetwaarde(n) overschrijden de gecongureerde limieten voor het laag en hoog alarm. In de modus “START BIJ DRUKKEN OP DE KNOP” of “STOPTIJD” is de opname gestopt. (Om de opname opnieuw te starten, congureer de datalogger opnieuw.) In de modus “START BIJ DRUKKEN OP DE KNOP” is de datalogger klaar om de opname te starten. (Om de opname te starten, houd de ENTER (8) knop enkele seconden ingedrukt.) Rode LED- controlelampje (2) brandt continu. Datalogger is PDF-rapport aan het genereren. Groene LED- controlelampje knippert tweemaal. Conguratie is succesvol. Firmware is met succes bijgewerkt. Er brandt geen LED-lampje. LED-alarm werd tijdens conguratie uitgeschakeld.160
a) Beschermkap De datalogger is alleen stof- en waterdicht met een vastgemaakte beschermkap (12) en rubber afdichtingen (9, 10). Deze bescherming maakt een permanente vastlegging van waarden in een vochtige ruimte of buiten mogelijk.
- Verwijder de beschermkap alleen voor het vervangen van de batterij of het overdragen van de gegevens naar de computer.
- Verwijder de beschermkap door het van de datalogger te trekken. De beschermkap past perfect door middel van de rubber afdichting (10).
- Breng de beschermkap opnieuw juist op de datalogger aan. b) Met de computer verbinden
- Verwijder de beschermkap (12) van de datalogger.
- Sluit de datalogger aan op een beschikbare USB-poort van uw computer
- De computer herkent de nieuwe hardware. Het modeltype van uw datalogger verschijnt als een massaopslagapparaat op uw computer. c) Van de computer ontkoppelen
- Ontkoppel de datalogger van uw computer en verwijder het.
- Breng de beschermkap opnieuw op de datalogger aan. d) De start-/stopmodus kiezen
- Selecteer de startmodus vanaf “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME” tijdens de conguratie.
- Kies de stopmodus vanaf “STOPWIJZE” tijdens de conguratie.161 e) Datum en tijd tijdens de conguratie bepalen
- Selecteer maand, jaar en tijd met de datumkiezer en tijdschuifregelaars. De tijd wordt weergegeven als “TIME” in het UU:MM:SS formaat. Bevestig met “DONE”. De datum- en tijdinstellingen worden in de overeenkomstige velden weergegeven.
- Of klik op “NOW” als u onmiddellijk met het registreren wilt starten. De huidige datum en tijd - zoals ingesteld op uw computer - worden automatisch in het veld “STARTTIJD”/”STOPTIJD” ingesteld. f) ENTER knop
- Druk op de ENTER knop om tussen de maximum en minimum waarde te schakelen.
- Druk en houd de ENTER knop enkele seconden ingedrukt om de registratie te starten/stoppen of de pauzefunctie te activeren/ deactiveren.
- Verwijder de beschermfolie van het LCD-beeldscherm (5). b) De batterij installeren/vervangen
- Installeer de batterij voor ingebruikname of vervang de batterij wanneer het batterijsymbool “ “ in het LCD-beeldscherm wordt weergegeven. Er worden geen gegevens of instellingen gewist tijdens het verwijderen en vervangen van de batterijen.
- Verwijder de beschermkap van de datalogger.162
- Druk en houd de BATTERIJVAK ONTGRENDELEN knop (7) ingedrukt en trek de datalogger uit de behuizing. De beschermkap past perfect door middel van de tweede rubber afdichting (9).
- Laat de BATTERIJVAK ONTGRENDELEN knop los.
- Het batterijvak (4) bevindt zich aan de achterkant van de datalogger. Breng een nieuwe en gepaste batterij (zie “21. Technische gegevens” op pagina 190) in het batterijvak volgens de juiste polariteit (plus/+ en min/-).
- Schuif de datalogger opnieuw in de behuizing. Zorg dat het LCD- beeldscherm overeenstemt met het LCD-venster van de behuizing.
- Breng de beschermkap opnieuw op de datalogger aan. De datalogger werkt het best op kamertemperatuur. De levensduur van de batterij is korter wanneer het apparaat bij een extreem lage temperatuur wordt gebruikt. Als dit het geval is, beperk het stroomverbruik van de datalogger om de werkingstijd te verlengen door het volgende te doen: - schakel het LCD-beeldscherm uit - schakel het LED-alarm uit - stel een langere meetsnelheid in Voor meer informatie, ga naar hoofdstuk “11. Conguratie” op pagina 162.
Na het installeren van een batterij, congureer de datalogger via de software of de website. Selecteer logparameters zoals de meetsnelheid, starttijd, opnametijd, pauzefunctie, LED-itsinterval, LCD-beeldscherm in-/ uitschakelen en de PDF-rapportinstellingen.163 De conguratieterminologieën en -opdrachten kunnen in de software en website anders zijn. De volgende instructies en uitleg zijn gebaseerd op de terminologieën en opdrachten die op de conguratiewebsite worden gevonden. Na het maken van het conguratiebestand, kopieer het naar de datalogger! a) Software installeren
- Breng de software-CD in het DVD-station van uw computer.
- De installatie start automatisch. Als dit niet het geval is, ga naar de map van uw DVD-station en open het installatiebestand “autorun.exe”.
- Selecteer uw gewenste taal: Duits, Frans of Engels.
- Volg de aanwijzingen op het scherm om de installatie te voltooien. Het is mogelijk dat uw computer opnieuw moet gestart worden naargelang uw besturingssysteem.
- Voor meer informatie, raadpleeg de gebruiksaanwijzingen op de meegeleverde CD (sectie 3).
- De meegeleverde software is de Voltsoft standaard editie. De professionele versie (Voltsoft datalogger, Nr. 101333) is een optioneel item dat afzonderlijk gekocht kan worden. Als u de professionele versie koopt, zult u een licentiesleutel ontvangen. Volg de stappen in de Voltsoft gebruiksaanwijzing om de professionele versie te registreren en bij te werken.164 b) Overzicht van de softwarefuncties Standaard Professioneel Gebruikersbeheer χ √ E-mailbeheer χ √ Algemene instellingen √ √ Taalvoorkeur √ √ E-mailsjabloon χ √ Apparaatbeheer (Toevoegen/ Verwijderen)
Persoonlijke graeken χ √ c) Maak het conguratiebestand met de software en draag het gemaakte conguratiebestand vanaf de software over naar de datalogger.
- Sluit de datalogger aan op uw computer.
- Start de Voltsoft software en volg de gebruiksaanwijzingen in de softwarehandleiding (sectie 6 en kies uw ondersteund apparaat).
- Ontkoppel de datalogger van uw computer. d) De conguratie-instelling op de website uitvoeren Er zijn 3 manieren om de conguratie website te openen:
- Open www.conrad.com in een browser en navigeer naar de productpagina van de datalogger product door het itemnummer te gebruiken (bijv. 1435090 voor DL-200T datalogger). Klik op de link voor de conguratiewebsite om de website te openen.
- Open http://datalogger.voltcraft.com/CongBuilder/index.jsp in een browser.165
- Sluit de datalogger aan op uw computer. Open het station van de datalogger op uw computer. Klik op de link “Conguration Website.html” om de conguratie website te openen. Hoofscherm - Overzicht Algemene instellingen Kies de gewenste taal voor de website door op de overeenkomstige vlag te klikken. Selecteer het model van uw datalogger. De modelnaam is vermeld op de verpakking en/of het product. Het gekozen modeltype wordt in rood gemarkeerd. “METING” opties Hier kunt u de logparameters voor uw datalogger selecteren. Voor meer informatie, raadpleeg ““METING” opties - “BASISINSTELLING”” op pagina 166 en ““METING” opties - “ALARMINSTELLING”” op pagina 169. “PDF- RAPPORT OPTIES” Hier kunt u de inhoud en naam van het PDF-rapport bepalen. Voor meer informatie, raadpleeg en ““PDF- RAPPORT OPTIES”” op pagina 170. Overige instellingen Hier kunt u het conguratiebestand maken, een vorige instelling laden of de invoer op standaard terugzetten. Voor meer informatie, raadpleeg “Andere instellingen” op pagina 171.166 “METING” opties - “BASISINSTELLING” Selecteer “METING” in de navigatiebalk en open instellingen in “BASISINSTELLING”. “LOGGER- ID” De logger-ID is een identificatie bestaande uit 4 cijfers. Voer een getal tussen 0000 en 9999 in, bijv. 0014. Maak gebruik van verschillende logger-ID’s om de dataloggers te identiceren, bijv. verschillend conguratiebestand voor verschillend gebruik. “START- VOOR- WAARDE VAN OPNAME” Selecteer een van volgende opties om te bepalen wanneer de datalogger start met opnemen. Elke optie heeft een standaard stopinstelling. “ONMIDDELLIJK TOT GEHEUGEN VOL”: Datalogger start onmiddellijk met opnemen van gegevens totdat het geheugen vol is. “START BIJ DRUKKEN OP DE KNOP”: Datalogger start met opnemen nadat de ENTER (8) knop enkele seconden is ingedrukt. Datalogger stopt met opnemen totdat het geheugen vol is. “START BIJ STARTTIJD”: Datalogger start met opnemen op een bepaalde datum en tijd totdat het geheugen vol is. “START/STOPTIJD”: Datalogger start en stop met opnemen van gegevens op een bepaalde datum en tijd.167 “START- VOOR- WAARDE VAN OPNAME” “CIRCULAIR VASTLEGGEN” Datalogger start onmiddellijk en circulair met het vastleggen van gegevens. De nieuwste gegevens overschrijven de oudste gegevens. Het opnemen/registreren stopt eenmaal de batterij leeg is of “CIRCULAIR VASTLEGGEN” tijdens de conguratie werd vervangen door een andere “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”. “STOP- WIJZE” Selecteer een van volgende opties om te bepalen wanneer de datalogger stopt met opnemen. “GEEN” Er is geen stopvoorwaarde aangegeven. Datalogger stopt met met opnemen op basis van de “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME” instelling. “STOPKNOP”: Datalogger stopt met opnemen nadat de ENTER (8) knop enkele seconden is ingedrukt. “NA MAKEN VAN PDF”: Datalogger stopt met opnemen nadat PDF-rapport is gegenereerd. “START- TIJD” Bepaal de datum en tijd wanneer de opname van gegevens moet starten. “STOPTIJD” Bepaal de datum en tijd wanneer de opname van gegevens moet stoppen. “START- UITSTEL MINUTEN” Bepaal de uitsteltijd of onmiddellijke start van de opname.168 “TESTSNEL- HEID” Bepaal hoe vaak de datalogger meet en gegevens registreert in “SECONDEN”, “MINUTEN” of “UREN”. Wanneer u de datalogger bij een extreem lage temperatuur gebruikt, kies een langere testsnelheid om het stroomverbruik te verlagen en de levensduur van de batterij te verlengen. “OPNAME- TIJD” Deze waarde wordt automatisch berekend op basis van de testsnelheid en kan niet door de gebruiker worden ingesteld. “INTERVAL VAN LED KNIPPE- REN” Selecteer hoe snel de LED-controlelampjes (2,3) zullen knipperen. Kies een interval van 5, 10, 15, 20, 25 of 30 seconden. “DISPLAY INSCHAKE- LEN” Verwijder het vinkje in het vakje om het LCD- beeldscherm uit te schakelen of vink het vakje aan om het LCD-beeldscherm in te schakelen. Wanneer u de datalogger bij een extreem lage temperatuur gebruikt, kies een langere testsnelheid om het stroomverbruik te verlagen en de levensduur van de batterij te verlengen.169 “METING” opties - “ALARMINSTELLING” Congureer de alarminstellingen in de tab “Meting”: “LED- ALARM INSCHAKE- LEN” Het LED-alarm geeft aan wanneer een meetwaarde zich buiten het bepaald bereik bevindt. Om het LED-alarm uit te schakelen, verwijder het vinkje in het vakje. Om het LED-alarm in te schakelen, vink het vakje aan. Wanneer u de datalogger bij een extreem lage temperatuur gebruikt, schakel het LED-alarm uit om het stroomverbruik te verlagen en de levensduur van de batterij te verlengen. “PAUZE- FUNCTIE BEPERKEN” Het limietalarm kan tijdens het opnemen worden uitgeschakeld. Selecteer “INSCHAKELEN” of “UITSCHAKELEN” om de pauzefunctie in/uit te schakelen. De pauzefunctie stopt de opname niet. “LAAG ALARM”/ “HOOG ALARM” Selecteer parameter(s) door het aanvinken van de parametervakjes en voer het laag en hoog alarm in cijfers in. Voor de luchtdruk, kies de gewenste eenheid in het vervolgkeuzemenu (alleen DL-220THP). Het rode LED-controlelampje (2) knippert wanneer de meetwaarde zich buiten het bepaald bereik van het laag en hoog alarm bevindt.170 “PDF-RAPPORT OPTIES” Selecteer “PDF-RAPPORT OPTIES” in de navigatiebalk en voer de instellingen in om de inhoud voor het PDF-rapport te bepalen. “TAAL” Kies de taal waarin het PDF-rapport weergegeven zal worden in het selectievakje. “PDF-BE- STANDSNAAM” Klik op “NAAM INVOEGEN” om het patroon van de bestandsnaam te bepalen. - Een nieuw venster “KIES HET ONDERSTAANDE NAAMPATROON” wordt geopend. Kies de nodige elementen
(EIGENAAR/SERIE-ID/MODELNAAM/
DATUM/TIJD/LOCATIE) en hun volgorde. U kunt tot 6 elementen kiezen. De gekozen elementen verschijnen in het veld “BESTANDSNAAM”. - Druk op “WISSEN” om alle gekozen elementen te verwijderen. Het veld “BESTANDSNAAM” is opnieuw leeg. - Druk op “X” om de bestandsnaampatroon op te slaan en dit venster te sluiten. “DATUMNO- TATIE” Selecteer de gewenste datumnotatie uit het menu. “TIJDNOTATIE” Selecteer tussen de 12-uur of 24-uurnotatie. “EIGENAAR” Voer de naam van de eigenaar in. “LOCATIE” Voer de naam van de locatie in, bijv. de naam van de locatie wanneer u de opname zult maken.171 “RAPPORT- TITEL” Voer een rapporttitel in, die op het PDF-rapport vermeld zal staan. “GEBRUIKER- STEKST” Indien gewenst, voeg mededelingen of extra informatie toe Andere instellingen “CONFI- GURATIE MAKEN” Maak het conguratiebestand en sla het op in uw computer en installeer het in de datalogger. Voor meer informatie, raadpleeg “e) Conguratiebestand via website maken” op pagina 171 en “f) Conguratiebestand dat op de website is gemaakt naar de datalogger overdragen.” op pagina 172. “INSTEL- LINGEN LADEN” Laad een vorig conguratiebestand -indien aanwezig- om de details over dit bestand op de website te controleren. - Een nieuw venster verschijnt. - Kies een conguratiebestand, die u reeds hebt gemaakt en op de computer hebt opgeslagen. “STAN- DAARD” Zet de instellingen terug op de standaard waarden en instellingen. e) Conguratiebestand via website maken
- Na het uitvoeren van de conguratie-instellingen, selecteer “CONFIGURATIE MAKEN” om het conguratiebestand naar uw computer te downloaden.
- Een nieuw venster verschijnt om de naam van het conguratiebestand te wijzigen. De standaard naam is “Setlog”. Indien nodig, wijzig de naam van het bestand.172
- Bevestig de bestandsnaam door te klikken op “CONFIGURATIE MAIKEN”. Uw conguratiebestand is naar uw computer gedownload/ geïmporteerd. f) Conguratiebestand dat op de website is gemaakt naar de datalogger overdragen.
- Verwijder de beschermkap van de datalogger.
- Sluit de datalogger aan op uw computer.
- Sleep het conguratiebestand vanaf de downloadmap van uw computer en zeer neer in de map van de datalogger om de conguratie uit te voeren.
- Het groene LED-controlelampje (3) knippert tweemaal wanneer het conguratiebestand met succes op de datalogger is geïnstalleerd.
- Als de datalogger is gecongureerd, ontkoppel de datalogger van uw computer. g) Conguratie-instellingen opnieuw bekijken
- Startmodus is gebaseerd op de conguratie-instelling “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Stopmodus is gebaseerd op de conguratie “STOPWIJZE”.
- U kunt controleren welke startmodus er actief is door het bestaande conguratiebestand in de webinterface of in het PDF-rapport te laden, of door het functiemenu van de datalogger te openen.
- U kunt controleren welke stopmodus er actief is door het bestaande conguratiebestand in de webinterface te laden, of door het functiemenu van de datalogger te openen.
- Voor meer informatie over het laden van de bestaande conguratie- instellingen, raadpleeg “Andere instellingen” op pagina 171.
- Voor meer informatie over het openen van het functiemenu, raadpleeg “a) Functiemenu openen” op pagina 181.173
a) Werkingsmodi en instellingen Voor het uitvoeren van de volgende conguratie-instellingen, raadpleeg ““METING” opties - “BASISINSTELLING”” op pagina 166. Modus 1 Functie Registreren start onmiddellijk Registreren stopt wanneer geheugen vol is. Instelling • Selecteer “ONMIDDELLIJK TOT GEHEUGEN VOL” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”. Modus 2 Functie Registreren start onmiddellijk Registreren stopt wanneer ENTER enkele seconden wordt ingedrukt. Instelling • Selecteer “ONMIDDELLIJK TOT GEHEUGEN VOL” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Selecteer “STOPKNOP” als “STOPWIJZE” Modus 3 Functie Registreren start onmiddellijk Registreren stopt na genereren van PDF-rapport. Instelling • Selecteer “ONMIDDELLIJK TOT GEHEUGEN VOL” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Selecteer “NA MAKEN VAN PDF” als “STOPWIJZE”.174 Modus 4 Functie Registreren start wanneer ENTER enkele seconden wordt ingedrukt. Registreren stopt wanneer geheugen vol is. Instelling • Selecteer “START BIJ DRUKKEN OP DE KNOP” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”. Modus 5 Functie Registreren start en stopt wanneer ENTER enkele seconden wordt ingedrukt. Instelling • Selecteer “START BIJ DRUKKEN OP DE KNOP” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Selecteer “STOPKNOP” als “STOPWIJZE” Modus 6 Functie Registreren start wanneer ENTER enkele seconden wordt ingedrukt. Registreren stopt na genereren van PDF-rapport. Instelling • Selecteer “START BIJ DRUKKEN OP DE KNOP” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Selecteer “NA MAKEN VAN PDF” als “STOPWIJZE”. Modus 7 Functie Registreren start op bepaalde tijd. Registreren stopt wanneer geheugen vol is. Instelling • Selecteer “START BIJ STARTTIJD” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Bepaal de startdatum en -tijd van opname in het veld “STARTTIJD”.175 Modus 8 Functie Registreren start op bepaalde tijd. Registreren stopt wanneer ENTER enkele seconden wordt ingedrukt. Instelling • Selecteer “START BIJ STARTTIJD” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Bepaal de startdatum en -tijd van opname in het veld “STARTTIJD”.
- Selecteer “STOPKNOP” als “STOPWIJZE” Modus 9 Functie Registreren start op bepaalde tijd. Registreren stopt na genereren van PDF-rapport. Instelling • Selecteer “START BIJ STARTTIJD” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Bepaal de startdatum en -tijd van opname in het veld “STARTTIJD”.
- Selecteer “NA MAKEN VAN PDF” als “STOPWIJZE”. Modus 10 Functie Registreren start en stopt op bepaalde tijd. Instelling • Selecteer “START-/STOPTIJD” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Bepaal de startdatum en -tijd van opname in het veld “STARTTIJD”.
- Bepaal de stopdatum en -tijd van opname in het veld “STOPTIJD”.176 Modus 11 Functie Registreert onmiddellijk en circulair gegevens. Het registreren stopt eenmaal de batterij leeg is of “CIRCULAIR VASTLEGGEN” tijdens de conguratie werd vervangen door een andere “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”. Instelling • Selecteer “CIRCULAIR VASTLEGGEN” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”. Modus 12 Functie Registreert onmiddellijk en circulair gegevens. Als u een extra stopmodus wilt, kies: Registreren stopt wanneer ENTER enkele seconden wordt ingedrukt. Instelling • Selecteer “CIRCULAIR VASTLEGGEN” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Selecteer “STOPKNOP” als “STOPWIJZE” Modus 13 Functie Registreert onmiddellijk en circulair gegevens. Als u een extra stopmodus wilt, kies: Registreren stopt na genereren van PDF-rapport. Instelling • Selecteer “CIRCULAIR VASTLEGGEN” als “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Selecteer “NA MAKEN VAN PDF” als “STOPWIJZE”.
- Voor modus 1 tot 13 kunt y een extra functie toewijzen om de starttijd van de registratie uit te stellen. Voer tijdens de conguratie de waarde voor de minuten in in “STARTUITSTEL MINUTEN”.177 b) Aanduidingen op het LCD-scherm
- Bepaalde instellingen worden niet op het LCD-beeldscherm aangeduid. Om de instellingen te bekijken, raadpleeg “g) Conguratie-instellingen opnieuw bekijken” op pagina 172.
- Als er geen enkele indicator op het scherm wordt weergegeven of eenmaal de datalogger start/stopt met opnemen, wordt de laatste meting op het display weergegeven. Modus Startmodus Stopmodus Opmerkingen
geen indicator op het scherm niet van toepassing Wanneer het geheugen vol is, rode LED-controlelampje (2) knippert.
geen indicator op het scherm Stop de opname door de ENTER knop enkele seconden ingedrukt te houden.
geen indicator op het scherm geen indicator op het scherm178 Modus Startmodus Stopmodus Opmerkingen
niet van toepassing Wanneer het geheugen vol is, rode LED-controlelampje (2) knippert. Start de opname door de ENTER knop enkele seconden ingedrukt te houden.
Start en stop de opname door de ENTER knop enkele seconden ingedrukt te houden.
geen indicator op het scherm Start de opname door de ENTER knop enkele seconden ingedrukt te houden.
niet van toepassing Wanneer het geheugen vol is, rode LED-controlelampje (2) knippert.179 Modus Startmodus Stopmodus Opmerkingen
Stop de opname door de ENTER knop enkele seconden ingedrukt te houden.
geen indicator op het scherm
geen indicator op het scherm niet van toepassing
geen indicator op het scherm Stop de opname door de ENTER knop enkele seconden ingedrukt te houden.
geen indicator op het scherm geen indicator op het scherm180 Modus Startmodus Stopmodus Opmerkingen “STARTUITSTEL MINUTEN” Afhankelijk van modus 1-13
13. GEGEVENS REGISTREREN
De datalogger is stof- en waterdicht met een vastgemaakte beschermkap (12) en rubber afdichtingen (9, 10). Deze bescherming maakt een permanente vastlegging van waarden in een vochtige ruimte of buiten mogelijk. Voor gebruik, controleer of de beschermkap stevig op de datalogger is vastgemaakt en de behuizing volledig dicht is. Dompel het niet in water! Gebruik het apparaat niet in de buurt van sterke magnetische velden. Dek de sensoropeningen niet af.
- Zorg dat de rubber afdichtingen zich in de juiste posities bevindt en dat de kap stevig op de datalogger is vastgemaakt.
- Plaats de datalogger op de bestemde locatie.
- Verwijder de beschermkap om de batterij te installeren/vervangen of om de opgeslagen gegevens via een computer te lezen. Trek de beschermkap van het apparaat af.
- Maak de beschermkap stevig vast aan de datalogger voordat u opnieuw gegevens opneemt.181 a) Functiemenu openen Druk op de OMLAAG (6) knop om het functiemenu te openen. De laatst opgenomen meting, logger-ID en de geselecteerde start-/stopmodus tijdens de conguratie verschijnen op volgorde door herhaaldelijk op de OMLAAG knop te drukken. b) Opname starten
- De opname start naargelang de conguratie-instelling “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Als de datalogger de opname start, verschijnt “ ” op het LCD- beeldscherm.
- “P” geeft aan dat de datalogger klaar is om op te nemen en verdwijnt eenmaal de datalogger aan het opnemen is. c) Opname stoppen
- De opname stopt naargelang de conguratie-instelling “STOPWIJZE”. Als de stopwijze “GEEN” werd geselecteerd, dan stopt de opname naargelang de instelling “STARTVOORWAARDE VAN OPNAME”.
- Als de datalogger de opname stopt, verschijnt “ ” op het LCD- beeldscherm. d) De resterende tijd tot de start/einde van opname tonen
- Druk op de OMLAAG (6) knop om het functiemenu te openen.
- Druk herhaaldelijk op de OMLAAG knop totdat “TIJDSTART” en/of “TIJDSTOP” en de resterende tijd (in uur/minuten of dagen) in het LCD- beeldscherm worden weergegeven. Een tijdsduur korter dan 24 uur wordt in de UU:MM-notatie weergegeven. Als de resterende tijd langer dan 24uur is, wordt de duur in dagen “ ” weergeven.182
- Eenmaal de opname start/stopt, wordt de laatste meting in het beeldscherm weergegeven.
- Druk op de OMLAAG knop om naar het functiemenu terug te gaan. e) De pauzefunctie voor het limietalarm activeren/ deactiveren
- Om de pauzefunctie voor het limietalarm tijdens de opname te activeren/ deactiveren, zorg dat het limietalarm tijdens de conguratie wordt ingeschakeld (raadpleeg ““METING” opties - “ALARMINSTELLING”” op pagina 169).
lang ENTER drukken pauze aan lang ENTER drukken pauze uit Activeer/deactiveer de pauzefunctie voor het limietalarm door de ENTER (8) knop enkele seconden ingedrukt te houden. Eenmaal de pauzefunctie voor het limietalarm wordt geactiveerd/ gedeactiveerd, wordt de laatste meting in het beeldscherm weergegeven.183 De opgenomen waarden tijdens de geactiveerd pauzefunctie worden zoals gewoonlijk in de graek van het rapport weergegeven. Het wordt echter duidelijk in de graek weergegeven wanneer en hoe lang de pauzefunctie werd geactiveerd. Wanneer de pauzefunctie voor het limietalarm tijdens de opname is geactiveerd, is er geen alarmindicator “√” of “X”. De LED- alarmstatus, de maximum en minimum waarden worden niet bijgewerkt. f) Maximum/minimum metingen aezen kort drukken ENTER kort drukken ENTER
- Druk herhaaldelijk op de OMLAAG (6) knop in het functiemenu totdat u de meting (bijv. temperatuur) bereikt waarvan u de maximum en minimum waarde wilt zien.
- Druk op de ENTER (8) knop om de maximum en minimum waarde- modus te openen.
- Druk op de ENTER knop om tussen de maximum en minimum waarde voor de geselecteerde meting te schakelen.
- Druk op de ENTER knop om de maximum en minimum waarde-modus af te sluiten. “MAX” geeft de maximum en “MIN” de minimum waarde aan. De maximum en minimum metingen worden geregistreerd vanaf het moment dat de opname wordt gestart. Voor de laatste metingen registreert en werkt de datalogger de waarde op het scherm bij, tenzij de pauzefunctie voor het limiet werd geactiveerd.184 De maximum en minimum metingen stoppen met bijwerken eenmaal het apparaat stopt met registreren.
14. PDF-RAPPORT MAKEN
- Sluit de datalogger aan op uw computer.
- Een PDF-rapport wordt automatisch gegenereerd. Rode controlelampje (2) brandt en “USB PDF” wordt op het LCD-beeldscherm weergegeven. Ontkoppel de datalogger tijdens deze periode niet van uw computer.
- Open het station van de datalogger op uw computer.
- Eenmaal het PDF-bestand met succes is gegenereerd, verdwijnt “PDF” van het LCD-beeldscherm (5). “USB” blijft op het LCD-beeldscherm weergegeven.
- Selecteer en open het PDF-bestand.
- Het PDF-rapport bevat algemene informatie over het apparaat, de instellingen dan de datalogger, alarmstatussen en een graek die de gemeten waarden tijden de opnametijd weergeven.
- Sla het PDF-bestand op op uw computer en sluit the bestand.
- Ontkoppel de datalogger van uw computer. Afhankelijk van het aantal opgeslagen metingen, duurt het circa 30 seconden voordat het PDF-bestand is gegenereerd. Alleen de maximum en minimum waarde tijdens de opname worden in het PDF-rapport weergegeven, maar niet tijdens de pauzefunctie.185
15. GEGEVENS VERWIJDEREN
Genereer en sla het PDF-rapport op voordat u, indien gewenst, de meetgegevens verwijdert. Het verwijderen van de gegevens heeft geen invloed op de conguratie-instellingen.
- Druk en houd de OMLAAG en ENTER knop ingedrukt, en sluit de datalogger aan op uw computer. “USB” wordt op het LCD-beeldscherm weergegeven. Alle gegevens worden verwijderd.
- Laat de knoppen los.
- Het station van de datalogger op uw computer is leeg, dat betekent dat alle gegevens succesvol zijn verwijderd. Ontkoppel de datalogger van uw computer.
16. FIRMWARE BIJWERKEN
- Download de laatste datalogger rmware vanaf de productpagina op www.conrad.com.
lang ENTER drukken Druk herhaaldelijk op de OMLAAG (6) knop totdat de loggeridenticatie uit 4 cijfers en “ID” op het beeldscherm worden weergegeven. Druk en houd de ENTER (8) knop totdat de loggeridenticatie uit 4 cijfers door “ ” wordt vervangen.
- Sluit de datalogger aan op uw computer.186
- Sleep de rmware vervolgens naar het station van de datalogger op uw computer.
- De datalogger start met bijwerken. Tijdens deze periode verdwijnt de datalogger, die als een massaopslagapparaat wordt weergegeven, kortstondig van uw computer. Ontkoppel de datalogger niet van uw computer!
- Eenmaal de datalogger opnieuw als een massaopslagapparaat verschijnt, is het bijwerken voltooid. Het groene LED-controlelampje knippert tweemaal.
- Ontkoppel de datalogger van uw computer. De rmwareversie van de datalogger kan in de linker benedenhoek van het PDF-rapport worden gecontroleerd.
17. NAAR DE STANDAARD
FIRMWARE TERUGZETTEN Het terugzetten van de rmware verwijdert alle conguratie- instellingen, maar heeft geen invloed op de opgeslagen metingen.
- Verwijder de batterij zoals vermeld in hoofdstuk “9. Eerste gebruik” op pagina 160.
- Druk en houd de OMLAAG knop ingedrukt, en sluit de datalogger aan op uw computer. Eenmaal het groene LED-controlelampje (3) brandt, laat de OMLAAG knop los.
- Wacht enkele minuten totdat de computer de datalogger als een USB- apparaat herkent. De rmware is teruggezet.
- Congureer de datalogger zoals vermeld in “11. Conguratie” op pagina
Probleem Mogelijke oplossing De computer herkent de datalogger niet. Controleer of “USB” na aansluiting op de datalogger wordt weergegeven. Als dit het geval is, sluit het aan op een andere USB-poort. Controleer of het gebruik van het USB- massaopslagapparaat op uw computer ingeschakeld is. Er wordt geen PDF-bestand gegenereerd. Controleer of de datalogger door uw computer wordt herkend. Controleer of uw computer de datalogger als een nieuw massaopslagapparaat weergeeft. Controleer de datalogger de rmware bijwerkt (raadpleeg “16. Firmware bijwerken” op pagina 185 ). Onrealistische informatie op het LCD- beeldscherm. Zet de rmware van de datalogger terug (raadpleeg “17. Naar de standaard rmware terugzetten” op pagina 186). De ENTER/ OMLAAG werkt niet wanneer deze wordt ingedrukt.188 Probleem Mogelijke oplossing Het LCD- beeldscherm is uitgeschakeld. Controleer of het LCD-beeldscherm tijdens de conguratie uitgeschakeld is (raadpleeg “Andere instellingen” op pagina 171). Vervang de batterij. Geen LED- alarm. Controleer of het LED-alarm in het conguratiebestand uitgeschakeld is (raadpleeg “Andere instellingen” op pagina 171). Controleer of het alarm onderbroken is (raadpleeg “e) De pauzefunctie voor het limietalarm activeren/ deactiveren” op pagina 182).
19. ONDERHOUD EN REINIGING
- Afgezien van af en toe schoonmaken is het product onderhoudsvrij.
- Voor reiniging, ontkoppel het apparaat van de computer.
- Dompel het product nooit in water.
- Gebruik in geen geval agressieve schoonmaakmiddelen, schoonmaakalcohol of andere chemische oplossingen. Maak de buitenkant van het product schoon met een droge, zachte en schone anti-statische doek.189
a) Product Elektronische apparaten zijn herbruikbaar afval en horen niet bij het huisvuil. Gooi het product weg volgens de geldende regels als het niet meer gebruikt kan worden. Haal eventueel ingebrachte (oplaadbare) batterijen uit en gooi ze afzonderlijk van het product weg. b) Batterijen U bent als eindverbruiker volgens de KCA-voorschriften wettelijk verplicht alle gebruikte batterijen in te leveren; Verwijdering via het huisvuil is niet toegestaan. Batterijen die schadelijke stoffen bevatten zijn van nevenstaand symbool voorzien om aan te geven dat het verboden is om deze met het huisafval weg te gooien. De aanduidingen voor de betreffende zware metalen zijn: Cd = Cadmium, Hg = Kwik, Pb = Lood (naam op batterijen, bijv. onder het linker weergegeven vuilnisbaksymbool). Gebruikte batterijen kunnen bij de inzamelpunten van uw gemeente, onze winkels of overal waar (oplaadbare) batterijen worden verkocht worden ingeleverd. Op deze wijze vervult u uw wettelijke verplichtingen en draagt u bij tot het beschermen van het milieu.190
SimpelGids