Cool & Clean AAC6000 - Airconditioning BESTRON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Cool & Clean AAC6000 BESTRON in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Cool & Clean AAC6000 - BESTRON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Cool & Clean AAC6000 van het merk BESTRON.
GEBRUIKSAANWIJZING Cool & Clean AAC6000 BESTRON
PROFICIAT! Proficiat met de aankoop van dit Bestron-product. In deze gebruiksaanwijzing leggen we de werking en het gebruik uit. Lees de gebruiksaanwijzing dus aandachtig door vóór u het apparaat gaat gebruiken. Gebruik het apparaat alleen zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing. Bewaar de gebruiksaanwijzing daarna zorgvuldig. Bij een defect: Mocht het apparaat onverhoopt defect raken, probeer dan nooit zélf de reparatie uit te voeren. Laat reparaties altijd uitvoeren door een gekwalificeerde monteur. Gebruik door kinderen:
- Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen ouder dan 8 jaar en personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, maar alleen onder toezicht of als ze instructie hebben gekregen over het veilig gebruik van het apparaat en de mogelijke gevaren ervan begrijpen.
- Reiniging en onderhoud moeten niet worden gedaan door kinderen, behalve als zij ouder dan 8 jaar zijn en onder toezicht staan.
- Houd het toestel en de kabel buiten bereik van kinderen tot 8 jaar oud.
- Houd kinderen steeds in de gaten en zorg ervoor dat ze niet met het toestel en de afstandsbediening spelen.
- Controleer of de netspanning overeenkomt met de aangegeven netspanning op het typeplaatje van een elektrisch apparaat, voordat u het gebruikt.
- Controleer of het stopcontact waarop u een elektrisch apparaat aansluit, geaard is.
- Beschadig het koelcircuit niet.
- Als u een geur opmerkt, is het koelcircuit mogelijk defect. Schakel het apparaat uit, open het raam en de deur en neem contact op met de klantenservice.
- Zorg ervoor dat uw handen droog zijn als u een elektrisch apparaat, een snoer of een stekker aanraakt.
- Elektrische apparaten moeten hun warmte kwijt kunnen om brand- gevaar te voorkomen. Zorg er dus voor dat het apparaat voldoende vrij is (vloeroppervlak groter dan 5 m
) en niet in contact kan komen met brandbaar materiaal. Elektrische apparaten mogen nooit worden bedekt.28
- Zorg ervoor dat elektrische apparaten, snoeren of stekkers niet in aanraking komen met water.
- Dompel elektrische apparaten, snoeren of stekkers nooit onder in water of een andere vloeistof.
- Pak elektrische apparaten niet op wanneer ze in het water zijn gevallen. Trek direct de stekker uit het stopcontact. Gebruik het apparaat niet meer.
- Zorg ervoor dat elektrische apparaten, snoeren en stekkers niet in aanraking komen met hittebronnen, zoals een hete kookplaat of open vuur.
- Laat snoeren niet over de rand van het aanrecht, werkblad of een tafel hangen.
- Haal stekkers altijd uit het stopcontact wanneer u het elektrisch apparaat niet gebruikt.
- Als u de stekker uit het stopcontact neemt, trek dan aan de stekker zelf en niet aan het snoer.
- Als u dit apparaat aan iemand anders doorgeeft, moet u deze gebruiksaanwijzing bij het apparaat voegen.
- Schakel het apparaat niet snel achter elkaar in en uit. Wacht na het uitschakelen even voordat u het apparaat weer inschakelt. WAT U MOET WETEN OVER DIT APPARAAT
- Gebruik geen andere middelen dan degenen die aanbevolen worden door de fabrikant om het ontdooiingsproces te versnellen of om het toestel schoon te maken.
- Het toestel moet opgeslagen worden in een kamer zonder ontstekingsbronnen die voort-durend in werking zijn (zoals: open vuur, een werkend gastoestel of een werkende elektrische verwarming).
- Niet doorprikken of verbranden.
- Wees je ervan bewust dat koelmiddelen geurloos kunnen zijn.
- Houd de noodzakelijke ventilatieopeningen vrij.
- Onderhoud mag enkel in overeenstemming met de aanbevelingen van de fabrikant uitgevoerd worden.
- Het toestel moet bewaard worden in een goed geventileerde ruimte waarvan de grootte overeenstemt met de grootte die bepaald is voor de werking.
- Alle personen die betrokken zijn bij het werken aan of het openen van een circuit met koelmiddelen dienen in het bezit te zijn van een geldig certificaat van een Let op, brandgevaar! R29029
door de industrie erkende beoordelings-autoriteit, die oordeelt dat ze bekwaam zijn om op een veilige manier om te gaan met koelmiddelen, volgens de door de industrie erkende beoordelingsspecificaties.
- Onderhoud mag enkel in overeenstemming met de aanbevelingen van de fabrikant uitgevoerd worden.
- Onderhoud en reparaties waarvoor de hulp nodig is van ander opgeleid personeel dienen uitgevoerd te worden onder de supervisie van de persoon die bevoegd is om ontvlambare koelmiddelen te gebruiken.
- Alle procedures voor werkzaamheden die invloed hebben op de veiligheid mogen enkel uitgevoerd worden door bevoegde personen. Opmerkingen:
- De airconditioning is enkel geschikt voor gebruik binnenshuis en is niet geschikt voor andere toepassingen.
- Volg de plaatselijke regelgeving op omtrent het aansluiten van de airconditioning op het elektriciteitsnetwerk en zorg ervoor dat deze correct geaard is. Volg bij vragen over de elektrische installaties de instructies van de fabrikant op en vraag indien nodig een professionele technicus om de installatie uit te voeren.
- Plaats de machine op een vlakke en droge plaats en bewaar een afstand van meer dan 30 cm tussen de machine en omgevende voorwerpen of muren.
- Zorg er na het aansluiten van de airconditioning voor dat de stekker intact is en dat deze goed is aangesloten op het stopcontact. Leg de stroomkabel zo dat er niemand over kan vallen of de stekker uit kan trekken.
- Plaats geen voorwerpen tussen de luchttoevoer en de uitstroom van de airconditioning. Zorg ervoor dat de luchttoevoer –en uitstroom vrij van blokkeringen zijn.
- Gebruik geen kracht om de bovenste en onderste luchtkanalen af te stellen om schade te voorkomen.
- Zorg ervoor dat de machine rechtop staat als je deze verplaatst.
- De machine mag niet in de buurt komen van benzine, ontvlambare gassen, kachels en andere hittebronnen.
- Demonteer, reviseer of pas de machine niet willekeurig aan. Dit kan zorgen voor een verstoring van de werking en zelfs schade berokkenen aan personen of eigendommen. Vraag aan de fabrikant of professionals om de machine te herstellen wanneer er zich een storing voordoet, om gevaar te vermijden.
- Installeer of gebruik de airconditioning niet in de badkamer of op andere vochtige plekken.
- Schakel het apparaat altijd uit voordat u de stekker uit het stopcontact trekt. Trek niet aan het snoer.
- Plaats geen bekers of andere voorwerpen op de machine om te30
- Gebruik geen insecticide in sprayvorm of andere ontvlambare stoffen in de buurt van de airconditioning.
- Wrijf de airconditioning niet schoon of was deze niet met chemische oplosmiddelen zoals benzine of alcohol.
- Haal de stekker uit het stopcontact wanneer je de airconditioning schoon moet maken en maak schoon met een vochtige doek. Maak de machine schoon met een mild reinigingsmiddel wanneer deze echt vuil is.
- De installatie van leidingwerk moet worden beperkt tot minimaal 5m
- Gebruik de airconditioning niet in een natte ruimte, zoals een badkamer of wasruimte.
- Houd bij het afvoeren van het apparaat rekening met de nationale voorschriften voor het afvoeren van apparaten met brandbare koelmiddelen. Vraag uw verantwoordelijke afvalverwerkingsbedrijf.
- Bewaar het apparaat, als het niet wordt gebruikt, alleen in droge en vorstvrije ruimtes. Het apparaat mag tijdens opslag niet worden beschadigd. MILIEU
- Werp verpakkingsmateriaal zoals plastic en dozen in de daarvoor bestemde containers.
- Dit product aan het eind van de gebruiksduur niet inleveren als normaal huishoudelijk afval, maar bij een inzamelpunt voor hergebruik van elektrische en elektronische apparatuur. Let op het symbool op het product, de gebruiksaanwijzing of de verpakking.
- De materialen kunnen hergebruikt worden zoals aangegeven. Door uw hulp bij hergebruik, de verwerking van de materialen of ander vormen van de benutting van oude apparatuur levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van ons milieu.
- Informeer bij de gemeente naar het juiste inzamelpunt bij u in de buurt.
- De batterijen van de afstandsbediening mogen enkel bij de daarvoor aangewezen inzamelpunten weggeworpen worden.31
EU-CONFORMITEITSVERKLARING Dit product voldoet aan de eisen volgens de Europese richtlijnen. R. Neyman Quality control
WERKING - Algemeen Het apparaat is alleen bedoeld voor huishoudelijke doeleinden, niet voor professioneel gebruik.
3. Achterste deel van de behuizing
a. LED-display b. Knop timerfunctie “timer” c. Knop snelheid “speed” d. Knop temperatuur omhoog “up” e. Knop temperatuur omlaag “down” f. Knop slaapstand “sleep” g. Knop modus instellen “mode” h. Knop aan/uit “power”
7. Voorste deel van de behuizing
9. Aansluiting voor continu-waterafvoer
10. Warmeluchtuitlaat
(2 x AAA batterij, niet inbegrepen)
MONTAGE Deze airconditioner moet aangesloten worden op een elektrisch circuit met een 16 A stroomonderbreker aan de zijde van het gebouw. Hij moet weggehouden worden van snel ontvlambare materialen en er dient een vrije ruimte van 30 cm rond het toestel te zijn. Bijkomend wordt een aardlekschakelaar van 30 mA aanbevolen. Indien er gebruik gemaakt wordt van een verlengkabel, dan mag er enkel gebruik gemaakt worden van geschikte diameters. Stekkerdozen niet overladen indien hier gebruik van gemaakt wordt. De airconditioner moet op een vlakke vloer met voldoende draagvermogen geplaatst worden. MONTAGE - Warmteafvoer installeren
1. Kies een plek in de buurt van een raam en een
stopcontact om het apparaat neer te zetten.
2. Draai de twee kunststof uiteindes van de afvoer-
slang (figuur 1, nr. 14) op de afvoerslang (zie figuur 2).
3. Monteer de afvoerslang op de warmeluchtuitlaat
(10) aan de achterkant van het apparaat (zie figuur 2). LET OP:
- Om breken te voorkomen, mag de afvoerslang niet te ernstig worden vervormd of gedraaid.
- De maximale lengte van de afvoerslang is 150 cm. Gebruik geen verlengstukken of andere af- voerslangen, dit kan ernstige storingen veroor- zaken.
- Om oververhitting te voorkomen, mag de afvoer van het apparaat niet worden geblokkeerd.
- Heeft u een kiepraam in plaats van een schuifraam, schaf dan een raamafdichtingsset aan om uw hele raam luchtdicht af te kunnen sluiten. GEBRUIK - In- en uitschakelen
1. Steek de stekker in het stopcontact. Het apparaat geeft een pieptoon, dat is normaal. Het display (figuur
1, a) geeft de huidige kamertemperatuur aan.
2. Druk op de knop “power” (h). Het apparaat begint te werken in de laatst gebruikte modus. Als u het
apparaat voor de eerste keer inschakelt, is dat de koelmodus. Het betreffende indicatielampje boven de knop “mode” gaat branden.
3. Stel de gewenste richting van de luchtstroom in. Richt de luchtstroom recht vooruit of iets naar beneden
door de horizontale lamellen (6) handmatig in de gewenste stand te zetten. Draai of verplaats het apparaat gemakkelijk dankzij de stevige zwenkwielen om de luchtstroom in de ruimte te richten.
4. Druk nogmaals op de knop “power” om het apparaat uit te schakelen.
5. Neem na gebruik de stekker uit het stopcontact.
GEBRUIK - Modus instellen Het apparaat is voorzien van drie werkmodi, waarmee u de ruimte kunt ventileren, ontvochtigen en koelen. Ventileren
1. Druk één of meerdere keren op de knop “mode” (figuur 1, g), totdat het indicatielampje bij “fan” gaat
branden. Het apparaat werkt nu als ventilator.
2. Druk op de knop “speed” (c) om te wisselen tussen een lage of hoge snelheid van de uitgeblazen lucht.
Het indicatielampje bij “low” (lage snelheid) of “high” (hoge snelheid) gaat branden. Ontvochtigen
1. Druk één of meerdere keren op de knop “mode” (figuur 1, g), totdat het indicatielampje bij “dehum” gaat
branden. Het apparaat schakelt naar de laagste snelheid en zal nu vocht aan de lucht onttrekken.
- Wanneer de interne wateropvangbak vol is, stopt het apparaat met werken en gaat op het bedienings- paneel het indicatielampje bij “water full” branden. U moet de wateropvangbak legen voordat u het apparaat weer kunt gebruiken (zie ‘REINIGING EN ONDERHOUD - Waterafvoer’).
- Wanneer u het apparaat veelvuldig gebruikt om lucht te ontvochtigen, kunt u ook de continu-afvoer gebruiken (zie ‘REINIGING EN ONDERHOUD - Waterafvoer’. Koelen
1. Druk één of meerdere keren op de knop “mode” (figuur 1, g), totdat het indicatielampje bij “cool” gaat
branden. Het apparaat werkt nu als luchtkoeler en zal de lucht middels een koelelement afkoelen.
2. Gebruik de knoppen “up” (d) en “down” (e) om de koeltemperatuur tussen 16°C en 31°C in te stellen.
3. Druk op de knop “speed” (c) om te wisselen tussen een lage of hoge snelheid van de uitgeblazen lucht.
Het indicatielampje bij “low” (lage snelheid) of “high” (hoge snelheid) gaat branden. GEBRUIK - Slaapfunctie Het apparaat is voorzien van een slaapfunctie. Inschakelen van deze functie laat het apparaat op de stilste en meest energiezuinige stand werken. Let op: de slaapfunctie werkt alleen in de “cool”-modus.
1. Druk op de knop “sleep” (figuur 1, f) om de slaapfunctie in te schakelen. Het apparaat schakelt naar de
laagste en meest energiezuinige stand.
2. Druk nogmaals op de knop “sleep” om de slaapfunctie uit te schakelen.
GEBRUIK - Timerfunctie Het apparaat is voorzien van een tijdschakelaar waarmee u het apparaat automatisch kunt laten in- of uitschakelen aan het einde van een ingestelde tijd. Automatisch inschakelen Als het apparaat is uitgeschakeld:
1. Druk op de knop “timer” (figuur 1, b). Het display begint te knipperen.
2. Gebruik de knoppen “up” (d) en “down” (e) om de inschakeltijd tussen 1 en 24 uur in te stellen.
3. Wacht tot het display (a) stopt met knipperen. De inschakeltimer is ingesteld.
4. Druk nogmaals op de knop “timer” om de inschakeltijd eventueel aan te passen.
5. Druk nogmaals op de knop “timer” om de timerfunctie uit te schakelen.
Automatisch uitschakelen Als het apparaat is ingeschakeld:
1. Druk op de knop “timer” (figuur 1, b). Het display begint te knipperen.
2. Gebruik de knoppen “up” (d) en “down” (e) om de uitschakeltijd tussen 1 en 24 uur in te stellen.
3. Wacht tot het display (a) stopt met knipperen. De uitschakeltimer is ingesteld.
4. Druk nogmaals op de knop “timer” om de uitschakeltijd eventueel aan te passen.
5. Druk nogmaals op de knop “timer” om de timerfunctie uit te schakelen.
GEBRUIK - Afstandsbediening Het apparaat kan ook via de bijgeleverde afstandsbediening bediend worden. De afstandsbediening werkt op twee AAA-batterijen (niet inbegrepen). Open het batterijvakje op de onderkant, plaats de batterijen en sluit het deksel. De knoppen op de afstandsbediening werken hetzelfde als de knoppen op het bedieningspaneel. Voor een optimale werking:
- Zorg dat de afstand tussen de ventilator en de afstandsbediening niet groter is dan 6 meter.
- Richt de afstandsbediening op het apparaat en zorg voor een richtingshoek kleiner dan 30 graden. REINIGING EN ONDERHOUD - Algemeen Na verloop van tijd kan er stof blijven zitten in de roosters en tussen de lamellen van het apparaat.
1. Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.
2. Verwijder met een handveger en/of stofzuiger het stof van de roosters en lamellen.
3. Reinig de behuizing met een zachte, vochtige doek. Dompel het apparaat nooit onder in water. Let er op
dat geen vocht in de elektrische aansluitingen dringt.35
REINIGING EN ONDERHOUD - Waterafvoer Het apparaat is voorzien van een interne waterop- vangbak. Wanneer deze vol is, stopt het apparaat met werken en gaat op het bedieningspaneel het indicatielampje bij “water full” branden.
1. Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit
2. Plaats het apparaat op een verhoging en plaats
een emmer of andersoortige opvangbak onder het afvoergat van de wateropvangbak.
3. Draai de dop en stop van het afvoergat (figuur 1,
nr. 12), zie figuur 6. Het water stroomt vanuit de wateropvangbak in de emmer. LET OP:
- Verplaats het apparaat voorzichtig en houd het te allen tijde rechtop, om te voorkomen dat water over de rand van de interne wateropvangbak knoeit. Tijdens het legen kunt u het apparaat ietwat schuin houden om het laatste water uit de wateropvangbak te krijgen.
- Als de emmer of andersoortige opvangbak niet al het water in één keer kan opvangen, plaats dan tussentijds de dop en stop van het afvoergat terug. Leeg de emmer en herhaal de stappen.
4. Als de wateropvangbak leeg is, plaats de dop
en stop terug in het afvoergat en zorg dat deze goed is afgesloten. Continu-afvoer Wanneer u het apparaat veelvuldig gebruikt om lucht te ontvochtigen, kunt u ook de continu-afvoer gebrui- ken. Let op: de continu-afvoer werkt alleen in de “dehum”-modus.
1. Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.
2. Draai de dop en stop van het continu-afvoergat (figuur 1, nr. 9), zie figuur 7.
3. Sluit een afvoerslang (niet ingegrepen) aan op het continu-afvoergat en zorg dat het uiteinde van de
slang in een afvoer, emmer of andersoortige opvangbak uitkomt.
4. Gebruik het apparaat zoals aangegeven in deze handleiding.
REINIGING EN ONDERHOUD - Filter reinigen Voor een optimaal resultaat dient u het EVA-filter iedere twee weken te reinigen en minstens 1x per jaar te vervangen, of vaker als blijkt dat het filter zichtbaar dicht zit. Reinig het filter ook voordat u het apparaat opbergt om langere tijd niet te gebruiken of wanneer u het na langere tijd weer in gebruik neemt.
1. Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit
2. Gebruik een kruiskopschroevendraaier om het
filter van de achterkant van het apparaat te verwijderen (middelste schroef, zie figuur 8).
3. Spoel het filter af met handwarm water of laat
het in een warm sopje weken.
4. Laat het filter goed drogen.
5. Plaats het gereinigde (of een nieuw) filter terug
in het apparaat en schroef het vast. LET OP: Als het filter niet goed is gedroogd, kan water in het apparaat komen. Hierdoor kan (elektrische) beschadiging ontstaan.
PROBLEEMOPLOSSING Probleem Mogelijke oorzaak Aangeraden oplossing De airconditioning werkt niet Er is geen elektriciteit De kamertemperatuur is lager dan de ingestelde koeltemperatuur In de koelmodus: de kamertemperatuur is te laag of te hoog In ontvochtigingsmodus: de kamertemperatuur is te laag Het apparaat staat in de zon Controleer of het stopcontact waarop het apparaat is aangesloten is voorzien van elektriciteit Verander de ingestelde koeltemperatuur Het apparaat werkt optimaal bij een kamertemperatuur tussen 7°C en 35°C Het apparaat werkt optimaal bij een kamertemperatuur vanaf 17°C Verplaats het apparaat naar de schaduw Het koeleffect is niet goed Er staan deuren of ramen open De verwarming of andere hittebronnen staat aan Het filter is vies of verstopt De lucht in- of uitlaten zijn geblokkeerd Sluit openstaande deuren of ramen Zet de verwarming uit Maak het filter schoon Verwijder obstructies Het apparaat maakt veel lawaai Het apparaat is niet op een stabiele en vlakke ondergrond geplaatst Plaats het apparaat op een stabiele en vlakke ondergrond Compressor werkt niet Het apparaat is oververhit Wacht enkele minuten totdat de temperatuur is gedaald en herstart het apparaat Afstandsbediening werkt niet De batterijen zijn leeg De afstand tussen het apparaat en de afstands- bediening is te groot De afstandsbediening is niet richting het apparaat gericht Vervang de batterijen Ga dichter bij het apparaat staan Richt de afstandsbediening richting het apparaat Display geeft ‘E1’ aan De uitlaattemperatuursensor werkt niet goed Laat de uitlaattemperatuursensor en schakelingen controleren door een professional Display geeft ‘E2’ aan De kamertemperatuursensor werkt niet goed Laat de kamertemperatuursensor en schakelingen controleren door een professional37
GARANTIEBEPALINGEN Bestron hanteert onder de volgende voorwaarden 60 maanden na aankoopdatum garantie op deze ap- paratuur tegen defecten die zijn ontstaan door fabricage- en/of materiaalfouten.
1. In de genoemde garantieperiode zullen geen kosten worden berekend voor arbeidsloon en materiaal.
2. De onder garantie uitgevoerde reparatie verlengt de garantietermijn niet.
3. Defecte onderdelen of bij omruiling de defecte apparaten zelf, worden automatisch eigendom van
4. De garantie is uitsluitend geldig voor de eerste koper en niet overdraagbaar.
5. De garantie is niet geldig voor schade die is ontstaan door:
- Foutieve installatie
- Aansluiting op een andere netspanning dan die op het typeplaatje is vermeld
- Ongeautoriseerde wijziging
- Reparaties uitgevoerd door niet-gekwalificeerde derden
- Gebruik in strijd met de geldende wettelijke, technische of veiligheidsnormen
- Onzorgvuldig transport zonder geschikte verpakking of andere bescherming
6. Aanspraak op garantie kan niet worden gedaan bij:
- Schade tijdens het transport
- Het verwijderen of wijzigen van het serienummer van het apparaat.
7. Uitgezonderd van garantie zijn:
8. De garantie geeft geen enkel recht op vergoeding van eventuele schade, buiten de vervanging
respectievelijk reparatie van de defecte onderdelen. Bestron kan nooit aansprakelijk gesteld worden voor eventuele vervolgschade of enigerlei andere consequenties die door of in relatie met de door hem geleverde apparatuur zijn ontstaan.
9. Aanspraak op garantie kan alleen bij uw (web-)winkelier of rechtstreeks bij de Bestron Service Dienst.
Stuur echter nooit zomaar iets op. Het pakket kan dan namelijk geweigerd worden en eventuele kosten zijn voor uw rekening. Neem eerst contact op voor aanwijzingen hoe u het apparaat moet inpakken en verzenden. Elke aanspraak op garantie dient vergezeld te gaan van het aankoopbewijs. SERVICE Mocht zich onverhoopt een storing voordoen, dan kunt u contact opnemen met de BESTRON-service- dienst: www.bestron.com/service38 NL39
Notice-Facile