AEG KMK565060M - Oven

KMK565060M - Oven AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KMK565060M AEG in PDF-formaat.

📄 144 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice AEG KMK565060M - page 2
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : AEG

Model : KMK565060M

Categorie : Oven

Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KMK565060M - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KMK565060M van het merk AEG.

GEBRUIKSAANWIJZING KMK565060M AEG

Bedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd om jarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën die het leven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparaten aantreft. Neem een paar minuten de tijd om het beste uit het apparaat te halen. Ga naar onze website voor: Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie- informatie: www.aeg.com/support Registreer je product voor een betere service: www.registeraeg.com Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat: www.aeg.com/shop

KLANTENSERVICE EN SERVICE

Gebruik altijd originele onderdelen. Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u de volgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer. De informatie vindt u op het typeplaatje. Waarschuwingen en veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatie Wijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE

1. VEILIGHEIDSINFORMATIE........................ 3

1.1 De veiligheid van kinderen en

6.1 Instellen: Verwarmingsfuncties......13

9.2 Automatische uitschakeling........... 25

voor de magnetron ..............................26

10.3 Aanbevolen vermogensinstellingen

voor verschillende soorten voedsel..... 28

10.4 Kooktafels voor testinstituten.......29

11.2 Hoe te verwijderen:

Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.

1.1 De veiligheid van kinderen en kwetsbare personen

  • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan. 3/144 VEILIGHEIDSINFORMATIE• Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij met het apparaat gaan spelen..
  • Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
  • WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
  • Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
  • Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.

1.2 Algemene veiligheid

  • Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
  • Dit apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik in een binnenomgeving.
  • Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgastenhuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik niet hoger is dan (gemiddeld) huishoudelijk gebruik.
  • Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren en de kabel vervangen.
  • Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
  • Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordat u welke soort onderhoud dan ook gaat uitvoeren.
  • Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een erkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties met elektriciteit te voorkomen.
  • WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld voordat u de lamp vervangt om elektrische schokken te voorkomen. 4/144 VEILIGHEIDSINFORMATIE• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
  • Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires of ovenschalen te verwijderen of erin te plaatsen.
  • Activeer de magnetronfunctie niet wanneer het apparaat leeg is. Metalen onderdelen in de ruimte kunnen elektrische vonken veroorzaken.
  • Tijdens bereiding in de magnetron zijn geen metalen voedselbakjes en drinkbekers toegestaan. Deze vereiste is niet van toepassing als de fabrikant heeft aangegeven dat het formaat en de vorm van het metalen voorwerp geschikt is voor bereiding in de magnetron.
  • WAARSCHUWING: Als de deur of deurafdichtingen beschadigd zijn, mag het apparaat niet worden gebruikt totdat het is gerepareerd door een erkende installatietechnicus.
  • WAARSCHUWING: Alleen een erkende installatietechnicus kan service- of reparatiewerkzaamheden uitvoeren waarbij een afdekking wordt verwijderd die bescherming biedt tegen blootstelling aan magnetronenergie.
  • WAARSCHUWING: Warm geen vloeistoffen en ander voedsel in afgesloten verpakkingen op. Ze kunnen exploderen.
  • Gebruik alleen voorwerpen die geschikt zijn voor gebruik in de magnetron.
  • Let bij het opwarmen van voedsel in plastic of papieren verpakkingen op het apparaat vanwege de mogelijkheid tot zelfontbranding.
  • Het apparaat is bedoeld voor het opwarmen van voedsel en dranken. Het drogen van voedsel of kleding en het opwarmen van warmhoudkussentjes, slippers, sponzen, vochtige doeken enzovoort kunnen leiden tot letsel, vonkontsteking of brand. 5/144 VEILIGHEIDSINFORMATIE• Als rook wordt uitgestoten, schakelt u het apparaat uit of trekt u de stekker uit het stopcontact en houdt u de deur gesloten om vlammen te kunnen doven.
  • Het opwarmen van dranken in de magnetron kan tot kookvertraging leiden. Wees voorzichtig bij het hanteren van de verpakking.
  • De inhoud van zuigflesjes en babyvoedingspotjes moet worden geroerd of geschud en de temperatuur vóór het gebruik worden gecontroleerd om brandwonden te voorkomen.
  • Eieren in hun schaal en hele hardgekookte eieren mogen niet in het apparaat worden opgewarmd omdat ze kunnen exploderen, zelfs nadat de opwarming in de magnetron is beëindigd.
  • Om de inschuifrailen te verwijderen trek eerst de voorkant van de inschuifrail en dan de achterkant uit de zijwanden. Plaats de inschuifrails in omgekeerde volgorde.
  • Het apparaat moet regelmatig worden gereinigd en alle voedselresten moeten worden verwijderd.
  • Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken.
  • Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of scherpe metalen schrapers om de glazen deur schoon te maken. Deze kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak, waardoor het glas zou kunnen breken.
  • Als het apparaat niet in een schone toestand wordt onderhouden, kan dit leiden tot een verslechtering van het oppervlak. Dit kan de levensduur van het apparaat negatief beïnvloeden en mogelijk een gevaarlijke situatie opleveren.

WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren.

  • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. 6/144 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN• Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
  • Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
  • Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
  • Trek het apparaat nooit aan de handgreep van zijn plaats.
  • Installeer het apparaat op een veilige en geschikte plaats die aan alle installatie-eisen voldoet.
  • Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
  • Controleer, voordat u het apparaat monteert, of de ovendeur onbelemmerd opengaat.
  • Het apparaat is uitgerust met een elektrisch koelsysteem. Het moet worden gebruikt met de elektrische voeding.
  • De inbouweenheid moet voldoen aan de stabiliteitsvereisten van DIN 68930. Minimumhoogte kast (Minimumhoogte kast onder werkblad) 444 (460) mm Kastbreedte 560 mm Kastdiepte 550 (550) mm Hoogte van de voorkant van het apparaat 455 mm Hoogte van de achterkant van het apparaat 440 mm Breedte van de voorkant van het apparaat 595 mm Breedte van de achterkant van het apparaat 559 mm Diepte van het apparaat 567 mm Ingebouwde diepte van het apparaat 546 mm Diepte met open deur 882 mm Minimumgrootte ventilatieopening. Opening ge‐ plaatst aan de onderkant van de achterzijde 560x20 mm Lengte netvoedingskabel. Kabel wordt in de rech‐ terhoek van de achterzijde geplaatst 1500 mm Bevestigingsschroeven 3.5x25 mm

2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken. 7/144 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN• Alle elektrische aansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt.

  • Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
  • Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
  • Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
  • Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
  • Zorg dat u de netstekker en het netsnoer niet beschadigt. Indien de voedingskabel moet worden vervangen, dan moet dit gebeuren door onze Klantenservice.
  • Laat de stroomkabel niet in aanraking komen met de deur van het apparaat of de niche onder het apparaat, met name niet als deze werkt of als de deur heet is.
  • De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
  • Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
  • Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
  • Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
  • Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
  • De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
  • Dit apparaat wordt geleverd met een stekker en een netsnoer.

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden, elektrische schokken of een explosie.

  • De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
  • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
  • Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
  • Schakel het apparaat na elk gebruik uit.
  • Wees voorzichtig met het openen van de deur van het apparaat wanneer het apparaat in werking is. Er kan hete lucht vrijkomen.
  • Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
  • Oefen geen druk uit op de open deur.
  • Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
  • Open de deur van het apparaat voorzichtig. Het gebruik van ingrediënten met alcohol kan een mengsel van alcohol en lucht veroorzaken.
  • Laat geen vonken of open vlammen in contact met het apparaat komen wanneer u de deur opent.
  • Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
  • Gebruik de magnetronfunctie niet om de oven voor te verwarmen. WAARSCHUWING! Risico op schade aan het apparaat.
  • Om schade of verkleuring van het email te voorkomen: 8/144 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN– leg geen aluminiumfolie op de bodem van de ruimte in het apparaat. – plaats geen water direct in het hete apparaat. – bewaar geen vochtige gerechten en voedsel in het apparaat nadat u klaar bent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen of bevestigen van accessoires.
  • Verkleuring van het email of roestvrij staal is niet van invloed op de werking van het apparaat.
  • Gebruik een diepe pan voor vochtige taarten. Vruchtensappen veroorzaken vlekken die permanent kunnen zijn.
  • Kook altijd met de deur van het apparaat gesloten.
  • Als het apparaat achter een meubelpaneel gemonteerd is (bijv. een deur), zorg er dan voor dat de deur nooit gesloten is als het apparaat in werking is. Warmte en vocht kunnen achter een gesloten meubelpaneel ophopen en schade aan het apparaat, de behuizing of de vloer veroorzaken. Sluit het meubelpaneel niet tot het apparaat compleet is afgekoeld na gebruik.

2.4 Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brand en schade aan het apparaat.

  • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
  • Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Er bestaat een risico dat de glasplaten kunnen breken.
  • Vervang direct de glazen deurpanelen als deze beschadigd zijn. Neem contact op met een erkend servicecentrum.
  • Wees voorzichtig als u de deur van het apparaat verwijdert. De deur is zwaar!
  • Zorg ervoor dat de ovenruimte en de deur na elk gebruik worden afgeveegd. Stoom geproduceerd tijdens de werking van het apparaat condenseert op de wanden en kan roest veroorzaken.
  • Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
  • Vet en voedsel dat in het apparaat achterblijft, kan brand en elektrische vonken veroorzaken wanneer de magnetronfunctie werkt.
  • Maak het apparaat schoon met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
  • Volg als u een ovenspray gebruikt de aanwijzingen op de verpakking.

2.5 Hanteren van glaswerk

Als u uw glaswerk niet met passende zorg behandelt, kan dit leiden tot breuken, afsplintering, barsten of aanzienlijke krassen:

  • Mors geen koud water of andere vloeistoffen op het glaswerk omdat een plotselinge daling van de temperatuur ertoe kan leiden dat het glas onmiddellijk breekt. Stukjes gebroken glas kunnen zeer scherp zijn en moeilijk te vinden.
  • Plaats heet glaswerk niet op een nat of koel oppervlak, direct op het aanrecht of een metalen oppervlak of in de gootsteen of hanteer heet glaswerk niet met een vochtige doek.
  • Gebruik of repareer geen glaswerk dat is afgesplinterd, gebarsten of zwaar bekrast.
  • Laat heet glaswerk niet op of tegen een hard voorwerp stoten en sla er niet met keukengerei tegen. 9/144 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN• Verwarm leeg of bijna leeg glaswerk niet in de magnetron, of oververhit olie of boter niet in de magnetron (neem de minimale kooktijd in acht). Laat heet glaswerk afkoelen op een koelrek, pannenlap of droge doek. Zorg ervoor dat het glaswerk genoeg is afgekoeld voordat het wordt gewassen of in de koelkast of diepvries wordt gezet. Vermijd het hanteren van heet glaswerk (waaronder items met silicone grijpvlakken) zonder droge pannenlappen. Vermijd misbruik van de magnetron (bijv. de oven aanzetten zonder iets erin te zetten of met een zeer kleine belasting).

2.6 Binnenverlichting

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken.

  • Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
  • Dit product bevat een lichtbron van energie-efficiëntieklasse G.
  • Gebruik alleen lampjes met dezelfde specificaties.
  • Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat.
  • Gebruik alleen originele reserveonderdelen.

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking.

  • Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
  • Haal de stekker uit het stopcontact.
  • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
  • Verwijder de deurvergrendeling om te voorkomen dat kinderen of huisdieren binnen in het apparaat vast komen te zitten. 10/144

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT

3.1 Algemeen overzicht

Knop voor verwarmingsfuncties

Inschuifrails, verwijderbaar

Bakrooster Voor kookgerei, bak- en braadvormen. Bakplaat Voor gebak en koekjes. Glazen bodemplaat van de magnetron Voor het bereiden van voedsel in de magnetronmodus. 11/144 BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT4. HET IN- EN UITSCHAKELEN VAN DE OVEN

4.1 Verzonken knoppen

Om het apparaat te bedienen, moet u de bedieningsknop indrukken. De knop komt dan naar buiten.

4.2 Bedieningspaneel

Sensorvelden van het bedieningspaneel Druk op Draai aan de knop WATT Timer Snel op‐ warmen Bin‐ nen‐ ver‐ lich‐ ting Magne‐ tronvermo‐ gen Instelling bevestigen Selecteer een verwarmingsfunctie om de oven in te schakelen. Draai de knop voor de verwarmingsfuncties naar de uit-stand om de oven uit te schakelen. Wanneer de knop voor de verwarmingsfuncties in de uit-stand staat, gaat het display naar stand-by. Display met ingestelde toetsfuncties. Indicatie‐ lampjes ti‐ mer: Voortgangsbalk – voor temperatuur of tijd. De balk is volledig rood wanneer de oven de ingestel‐ de temperatuur bereikt. 12/144 HET IN- EN UITSCHAKELEN VAN DE OVEN5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

5.1 Eerste reiniging

Reinig de lege oven voor het eerste gebruik en stel de tijd in: 00:00 Stel de tijd in. Druk op .

6. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

6.1 Instellen: Verwarmingsfuncties

Begin met koken Stap 1 Stap 2 Selecteer een verwarmingsfunctie. Stel de temperatuur in. Druk op de regelknop WATT en draai aan deze knop om het magnetronvermogen aan te pas‐ sen. Druk op

13/144 VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK6.2 Instellen: Magnetronverwarmingsfuncties Stap 1 Verwijder alle accessoires uit de oven. Plaats de glazen bodemplaat van de magnetron. Plaats het voedsel op de glazen bodemplaat van de magnetron. Stap 2 Selecteer de magnetronverwarmingsfunctie en druk op: om te beginnen met de standaardinstellingen. Het display toont: duur en magnetronvermogen. Stap 3 Draai de knop voor de verwarmingsfuncties naar de uit-stand om de oven uit te schakelen. Je kunt de instellingen tijdens het koken aanpassen. Draai aan de regelknop om de duur aan te passen. Druk op: Druk op de regelknop WATT en draai aan deze knop om het magnetronvermogen aan te passen. Druk op: De maximale tijd van de magnetronfuncties is afhankelijk van het door jou ingestelde magnetronvermogen: MAGNETRONVERMOGEN MAXIMUMTIJD

100 - 600 W 59:55 minuten.

Meer dan 600 W 7 minuten Als je de deur opent, stopt de functie. Om de functie opnieuw te starten, sluit de deur. Druk op .

6.3 Verwarmingsfuncties

Standaardverwarmingsfuncties Verwarmingsfunc‐ tie Toepassing Hetelucht Bakken op maximaal twee rekstanden tegelijkertijd en voedsel drogen. Stel de temperatuur 20 - 40 °C lager in dan voor Boven + onderwarmte. 14/144 DAGELIJKS GEBRUIKVerwarmingsfunc‐ tie Toepassing Boven + onder‐ warmte Voor het bakken en roosteren op één ovenniveau. Circulatiegrill Voor het braden van grote stukken vlees of gevogelte met bot op één ni‐ veau. Voor gratineren en bruinen. Pizza-functie Voor het bakken van pizza. Voor intensieve bruining en een krokante bo‐ dem. Circulatiegrill + magnetron Om grotere stukken vlees op één niveau te roosteren. Voor gratineren en bruinen.De functie met magnetron-boost. Hetelucht + mag‐ netron Bakken op één rekstand.De functie met magnetron-boost. Ontdooien Vlees, vis, gebak ontdooien, vermogensbereik: 100 - 200 W Opwarmen Vermogensbereik voor het opwarmen van vooraf bereide maaltijden en delicate gerechten: 300 - 700 W Magnetron Opwarmen, koken, vermogensbereik: 100 - 1000 W Menu Om het menu te openen: Kook- En Bakassistent, Instellingen. 15/144 DAGELIJKS GEBRUIK6.4 Instellen: Kook- En Bakassistent Het Kook- En Bakassistent submenu bestaat uit een reeks extra functies en gerechten met aanbevolen bereidingsfuncties, temperaturen en tijden. Je kunt de tijd en de temperatuur tijdens het koken aanpassen. Voor sommige gerechten kun je ook koken met:

  • Per gewicht Kook- En Bakassistent - gebruik het om een gerecht snel te bereiden met de standaardin‐ stellingen: Stap 1 Stap 2 Stap 3 Stap 4 P1 - P45 Open het menu. Selecteer Kook- En Bakassistent. Druk op

Selecteer het ge‐ recht. Druk op . Plaats het gerecht in de oven. Instelling bevestigen.

6.5 Kook- En Bakassistent

Legenda Per gewicht beschikbaar. Functie met magnetronvermogen. Gebruik een magnetronbestendig ac‐ cessoire. Verwarm de oven voor voordat je begint met koken. Lagerniveau. Verwarmingsfunctie Toepassing F1 Grillen Om dunne stukken voedsel te grillen en brood te roos‐ teren. F2 Onderwarmte Voor het bakken van taarten met een krokante bodem en het bewaren van voedsel. 16/144 DAGELIJKS GEBRUIKVerwarmingsfunctie Toepassing F3 Bevroren gerechten Om kant-en-klaar-gerechten (bijv. patat, aardappelpar‐ tjes of loempia's) krokant te maken. F4 Boven- en onderwarmte + magnetron Bak- en braadgerechten op één niveau. De functie met magnetron-boost. F5 Grill + magnetron Om gerechten korter te bereiden en tegelijkertijd een bruin korstje te geven. De functie met magnetron- boost. Controleer wanneer de functie is afgelopen of het voedsel klaar is. Gerecht Gewicht Plankniveau/accessoire Tijdsduur Rundvlees P1 Biefstuk, rauw

- 5 cm dikke stukken 1; bakplaat Bak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaats deze in de oven. 40 min P2 Biefstuk: me‐ dium 50 min P3 Biefstuk, gaar 60 min P4 Biefstuk, me‐ dium

per stuk; plakjes van 3 cm dik 2 braadschaal op bakrooster Bak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaats deze in de oven. 15 min P5 Rundvlees‐ braadstuk / gestoofd (pri‐ me rib, boven‐ kant rond, dik‐ ke flank) 1,5 - 2 kg 1 braadschaal op bakrooster Bak het vlees een paar minuten in een hete pan. Voeg vloeistof toe. Plaats deze in de oven. 120 min 17/144 DAGELIJKS GEBRUIKGerecht Gewicht Plankniveau/accessoire Tijdsduur P6 Biefstuk, rauw (lang‐ zaam koken)

- 5 cm dikke stukken 1; bakplaat Gebruik uw favoriete kruiden of gewoon zout en vers gemalen peper. Bak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaats deze in de oven. 75 min P7 Biefstuk, me‐ dium (lang‐ zaam koken) 85 min P8 Biefstuk, gaar (langzaam ko‐ ken) 130 min P9 Filet, rauw (langzaam ko‐ ken) 0,5 - 1,5 kg;

ke stukken 1; bakplaat Gebruik uw favoriete kruiden of gewoon zout en vers gemalen peper. Bak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaats deze in de oven. 75 min P10 Filet, gemid‐ deld (lage temperatuur garen) 90 min P11 Filet, gereed (lage tempera‐ tuur garen) 120 min Kalfsvlees P12 Geroosterd kalfsvlees (bijv. schou‐ der) 0,8 - 1,5 kg; 4 cm dikke stukken 1 braadschaal op bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. Voeg vloei‐ stof toe. Geroosterd. 80 min Varkensvlees P13 Geroosterde hals of schou‐ der van var‐ kensvlees 1,5 kg 1; keramische of glazen oven‐ schaal op rooster, geschikt voor MW Gebruik je favoriete kruiden. Draai hal‐ verwege de bereidingstijd het vlees om. 90 min P14 Aangetrokken varkensvlees (lage tempera‐ tuur garen) 1,5 - 2 kg 1; bakplaat Gebruik je favoriete kruiden. Draai het vlees na halverwege de bereidingstijd, om een gelijkmatige bruining te krijgen. 215 min 18/144 DAGELIJKS GEBRUIKGerecht Gewicht Plankniveau/accessoire Tijdsduur P15 Lende, vers 1 - 1,5 kg; 5 - 6 cm dikke stukken 1; braadschaal op bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. 55 min P16 Spare ribs 2 - 3 kg; ge‐ bruik ruwe,

dunne spare ribs 2; diepe pan Voeg vloeistof toe om de bodem van een gerecht te bedekken. Draai halverwege de bereidingstijd het vlees om. 90 min Lamsvlees P17 Lamsbeen met botten 1,5 - 2 kg; 7 - 9 cm dikke stukken 1; braadslede op bakplaat Voeg vloeistof toe. Draai halverwege de bereidingstijd het vlees om. 130 min Gevogelte P18 Hele kip 1,1 kg; vers 1; keramische of glazen oven‐ schaal op rooster, geschikt voor MW Gebruik je favoriete kruiden. Leg de kip met de borstzijde naar beneden en draai hem om na de helft van de bereidingstijd. 40 min P19 Halve kip 0,5 - 0,8 kg 2; bakplaat Gebruik je favoriete kruiden. 40 min P20 Kippenborst 180 - 200 g per stuk 1 stoofschotel op bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. Bak het vlees een paar minuten in een hete pan. 25 min P21 Kippenpoten, vers

2; bakplaat Als u eerst kippenpoten hebt gemari‐ neerd, stel dan een lagere temperatuur in en kook ze langer. 30 min P22 Hele eend 2 - 3 kg 1 braadschaal op bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. Plaats het vlees op de braadslede. Draai de eend na de helft van de bereidingstijd om. 100 min 19/144 DAGELIJKS GEBRUIKGerecht Gewicht Plankniveau/accessoire Tijdsduur P23 Gans, heel 4 - 5 kg ; diepe pan Gebruik je favoriete kruiden. Plaats het vlees op een diepe bakplaat. Draai de gans na de helft van de bereidingstijd om. 110 min Overig P24 Gehaktbrood 1 kg 1; bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. 60 min Vis P25 Hele vis, ge‐ grild 0,5 - 1 kg per vis 1; bakplaat Vul de vis met boter en gebruik je favor‐ iete kruiden en specerijen. 30 min P26 Visfilet - 2 stoofschotel op bakrooster Gebruik je favoriete kruiden. 20 min Zoet bakken / nagerechten P27 Cheesecake - 1; springvorm van 28 cm op bakrooster 90 min P28 Appelcake - 2; bakplaat 45 min P29 Appeltaart - 1; taartvorm op bakrooster 40 min P30 Appeltaart - 1; 22 cm taartvorm op bak‐ rooster 60 min P31 Brownies 2 kg 2; diepe pan 30 min P32 Chocolade muffins

2 muffinbakplaat op bakrooster 25 min P33 Broodcake - 1; broodvorm op bakrooster 50 min 20/144 DAGELIJKS GEBRUIKGerecht Gewicht Plankniveau/accessoire Tijdsduur Groenten / Bijgerechten P34 Gebakken aardappelen 1 kg 1; bakplaat Leg de hele aardappelen met de schil op de bakplaat. 50 min P35 Wegwerpen 1 kg 2; bakplaat bedekt met bakpapier Gebruik je favoriete kruiden. Snijd aard‐ appelen in stukjes. 35 min P36 Gegrilde ge‐ mengde groenten

2; bakplaat bedekt met bakpapier Gebruik je favoriete kruiden. Snijd de groenten in stukjes. 30 min P37 Kroketten, be‐ vroren 0,5 kg 2; bakplaat 25 min P38 Pommes, be‐ vroren 0,75 kg 2; bakplaat 25 min Gratins, brood en pizza P39 Vlees-/groen‐ telasagne met droge noe‐ dels

; 1; keramisch of glazen stoof‐ schotelgerecht op bakrooster 35 min P40 Aardappelgra‐ tin (rauwe aardappelen) 1,1 kg ; 2; keramisch of glazen stoof‐ schotelgerecht op bakrooster Draai het gerecht na de helft van de be‐ reidingstijd. 35 min P41 Pizza fris, dun

1; bakplaat bedekt met bakpapier 15 min P42 Pizza fris, dik

1; bakplaat bedekt met bakpapier 25 min P43 Quiche - 1; bakblik op bakrooster 45 min P44 Stokbrood / ciabatta / wit‐ brood 0,8 kg 1; bakplaat bedekt met bakpapier Meer tijd nodig voor witbrood. 30 min 21/144 DAGELIJKS GEBRUIKGerecht Gewicht Plankniveau/accessoire Tijdsduur P45 Volledig graan / rog‐ ge / bruin brood volle‐ dig graan in broodpan 1 kg 1; bakplaat bedekt met bakpa‐ pier / bakrooster 60 min

Klokfunctie Toepassing Kookwekker. Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssig‐ naal. Kooktijd. Wanneer de timer stopt, klinkt het signaal en stopt de verwar‐ mingsfunctie. Uitsteltijd. Om het begin en/of het einde van het koken uit te stellen. Uptimer. Maximum is 23 uur 59 min. Deze functie heeft geen invloed op de werking van de oven. Om de Uptimer in en uit te schakelen, selecteer: Menu, Instellingen. Klokfuncties zijn alleen beschikbaar voor: Hetelucht, Boven + onderwarmte, Circulatiegrill, Pizza-functie, Circulatiegrill + magnetron, Hetelucht + magnetron.

7.2 Instellen: Klokfuncties

Instellen: Dagtijd Stap 1 Stap 2 Stap 3 Om de dagtijd te wijzigen, gaat u naar het menu en selecteert u Instellingen, Tijd. Stel de klok in. Druk op: . 22/144 KLOKFUNCTIESInstellen: Kookwekker Stap 1 Op het dis‐ play ver‐ schijnt: 00:00 Stap 2 Stap 3 Druk op: . Stel de Kookwekker in Druk op: . De timer begint onmiddellijk af te tellen. Instellen: Kooktijd Stap 1 Stap 2 Op het display verschijnt: 00:00 Stap 3 Stap 4 Kies een verwar‐ mingsfunctie en stel de tempera‐ tuur in. Druk herhaalde‐ lijk . Stel de berei‐ dingstijd in. Druk op: . De timer begint onmiddellijk af te tellen. Instellen: Uitsteltijd Stap 1 Stap 2 Het dis‐ play toont: de dag‐ tijd STAR‐ TEN Stap 3 Stap 4 Op het display ver‐ schijnt:

STOP‐ PEN Stap 5 Stap 6 Selec‐ teer de verwar‐ mings‐ functie. Druk her‐ haaldelijk

Stel de starttijd in. Druk op:

Stel de eindtijd in. Druk op:

Timer begint af te tellen op een ingestelde starttijd. 23/144 KLOKFUNCTIES8. GA ALS VOLGT TE WERK VOOR GEBRUIK: ACCESSOIRES

8.1 Accessoires plaatsen

Gebruik uitsluitend geschikt kookgerei en materiaal. Raadpleeg hoofdstuk 'Hints en tips', kookgerei en materiaal geschikt voor de magnetron. Een kleine inkeping bovenaan verhoogt de veiligheid. De inkepingen zijn ook anti- kantelmechanismen. De hoge rand rond het rooster voorkomt dat het kookgerei van het rooster afglijdt. Bakrooster: Plaats het rooster tussen de geleidestan‐ gen van de roostersteun en zorg ervoor dat de pootjes omlaag staan. Bakplaat: Schuif de plaat tussen de geleidestangen van de inschuifrail. Bakrooster, Bakplaat: Plaats de plaat tussen de geleiders van de inschuifrails en het bakrooster op de gelei‐ ders erboven. 24/144 GA ALS VOLGT TE WERK VOOR GEBRUIK: ACCESSOIRESGlazen bodemplaat van de magnetron: Gebruik de glazen bodemplaat van de magnetron alleen met de magnetronfunc‐ tie. Het is niet geschikt voor de gecombi‐ neerde magnetronfunctie (bijv. grillen met de magnetron). Plaats het accessoire op de bodem van de uitsparing. Je kunt het voedsel direct op de glazen bo‐ demplaat van de magnetron plaatsen.

Deze functie voorkomt dat de ovenfunctie per ongeluk wordt ingeschakeld. Schakel het in wanneer de oven werkt - de ingestelde bereiding gaat verder, het bedieningspa‐ neel is vergrendeld. Schakel het in als de oven uit staat - de oven kan niet worden ingeschakeld, het bedieningspaneel is vergrendeld. - houd ingedrukt om de functie in te schakelen. Er klinkt een signaal. - houd ingedrukt om het uit te schakelen. 3 x - knippert als het slot is ingeschakeld.

9.2 Automatische uitschakeling

Om veiligheidsredenen schakelt de oven na bepaalde tijd uit als er een ovenfunctie in werking is en u geen instellingen wijzigt. (°C) (h)

25/144 EXTRA FUNCTIESDe automatische uitschakeling werkt niet met de functies: Binnenverlichting, Uitsteltijd.

Als de oven in werking is, wordt de koelventilator automatisch ingeschakeld om de oppervlakken van de oven koel te houden. Als u de oven uitschakelt, kan de koelventilator blijven werken totdat de oven is afgekoeld.

10. AANWIJZINGEN EN TIPS

10.1 Magnetronaanbevelingen

Laten we koken! Plaats het voedsel op de glazen bodemplaat die zich onderin de magnetronruimte bevindt. Plaats het voedsel op een bord onderin de ruimte. Draai het voedsel halverwege de ontdooi- en bereidingstijd om of roer het door. Roer vloeibare gerechten zo nu en dan door. Roer het voedsel voor het opdienen door. Dek het voedsel voor bereiding en opwarming af. Zet tijdens het opwarmen van dranken de lepel in de fles of het glas om de warmte beter te verdelen. Plaats het voedsel in de oven zonder verpakkingsmateriaal. De verpakte kant-en-klaar- maaltijden kunnen alleen in de oven worden geplaatst als de verpakking magnetronbestendig is (raadpleeg de informatie op de verpakking). Koken in de magnetron Bereid voedsel afgedekt. Bereid voedsel slechts zonder het te bedekken als je een korst wilt behouden. Kook de gerechten niet te lang door het vermogen en de tijd te hoog instellen. Het voedsel kan uitdrogen, aanbranden of brand veroorzaken. Gebruik de oven niet om eieren in hun schaal en slakken met huisjes te bereiden, omdat deze kunnen barsten. Prik het eigeel van gebakken eieren door voordat ze worden opgewarmd. Prik voedsel met huid of schil diverse malen door voordat je het bereidt. Snij groenten in stukjes van gelijke grootte. Nadat je de oven uitzet, neem je het voedsel uit de oven en laat je het een paar minuten rusten om de warmte gelijkmatig te verdelen. Ontdooien in de magnetron Plaats het bevroren, uitgepakte voedsel op een klein omgekeerd bord met een bakje eronder of op een ontdooirek of plastic zeef, zodat de dooivloeistof kan weglopen. Verwijder telkens de stukken die zijn ontdooid. Je kunt een hoger magnetronvermogen gebruiken om fruit en groenten te bereiden zonder ze eerst te ontdooien.

10.2 Kookgerei en materialen geschikt voor de magnetron

Gebruik alleen kookgerei en materiaal in de magnetron dat hier geschikt voor is. Gebruik onderstaande tabel als referentie. Controleer de specificaties van het kookgerei/materiaal voor gebruik. 26/144 AANWIJZINGEN EN TIPSKookgerei/materiaal

Ovenvast glas en porselein zon‐ der metalen onderdelen, bijv. hit‐ tebestendig glas Niet-ovenbestendig glas en por‐ selein zonder zilveren, gouden, platina of andere metalen versie‐ ringen X X Glas en glaskeramiek van oven‐ bestendig / diepvriesbestendig materiaal Ovenvaste keramiek en aarde‐ werk zonder kwarts of metalen onderdelen en metaalhoudend glazuur Keramiek, porselein en aarde‐ werk met ongeglazuurde onder‐ kant of met kleine gaatjes, bijv. op handvaten X X X Tot 200 °C hittebestendige kunststof

Karton, papier X X Huishoudfolie X X Magnetronfolie X Braadschalen gemaakt van me‐ taal, bijv. email, gietijzer X X X Bakblikken, zwarte lak of met si‐ liconen coating X X X Bakplaat X X X Bakrooster X X 27/144 AANWIJZINGEN EN TIPSKookgerei/materiaal

Glazen bodemplaat magnetron X Kookgerei voor gebruik in mag‐ netron, bijv. pan voor knapperige gerechten X X

10.3 Aanbevolen vermogensinstellingen voor verschillende soorten

voedsel De gegevens in de tabel dienen alleen als richtlijn.

Aanbakken aan het begin van het kookproces Vloeistoffen opwarmen

Groenten koken Eiergerechten bereiden Hutspot laten sudderen Eenpansgerech‐ ten opwarmen Ontdooien en opwarmen van bevroren maal‐ tijden

Smelten van kaas, chocolade, boter Rijst sudderen Babyvoeding op‐ warmen Koken/opwarmen van delicaat voed‐ sel Doorgaan met koken 28/144

AANWIJZINGEN EN TIPS100 - 200 W

Ontdooien van brood Ontdooien van fruit en gebak Ontdooien van kaas, room, boter Ontdooien van vlees, vis

10.4 Kooktafels voor testinstituten

Informatie voor testinstituten Testen volgens IEC 60705. Gebruik het bakrooster, tenzij anders aangegeven. MAGNETRON‐ FUNCTIE (W)

(min) Cake, zacht 600 0.475 Bottom 7 - 9 Draai halverwege de bereidingstijd de kom 1/4. Gehaktbrood 400 0.9 2 25 - 32 Draai halverwege de bereidingstijd de kom 1/4. Bouillon met stuk‐ jes ei 500 1 Bottom 18 - Ontdooien van vlees 200 0.5 Bottom 7 - 8 Draai het vlees hal‐ verwege de berei‐ dingstijd om. Gebruik het ovenrek. COMBI‐ MAGNE‐ TRON‐ FUNCTIE (W) (°C) (min) Cake, 0.7

Boven- en onderwarm‐ te + mag‐ netron 100 200 2 23 - 27 Draai halverwege de bereidingstijd de kom 1/4. 29/144 AANWIJZINGEN EN TIPSGebruik het ovenrek. COMBI‐ MAGNE‐ TRON‐ FUNCTIE (W) (°C) (min) Aardap‐ pelgratin,

Hetelucht + magnetron 300 180 2 38 - 42 Draai halverwege de bereidingstijd de kom 1/4. Kip, 1.1

Circulatie‐ grill + mag‐ netron 400 230 1 35 - 40 Doe het vlees in een ronde glazen kom en draai het halverwege de be‐ reidingstijd om.

11. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

11.1 Opmerkingen over schoonmaken

Reinigings‐ middelen Maak de voorkant van de oven schoon met een zachte doek, warm water en een mild reinigingsmiddel. Gebruik een reinigingsoplossing om metalen oppervlakken te reinigen. Reinig vlekken met een mild reinigingsmiddel. Dagelijks ge‐ bruik Reinig de uitsparing telkens na gebruik. Vetophoping of andere resten kunnen brand veroorzaken. Reinig voorzichtig de bovenkant van de oven om resten en vet te verwijderen. Bewaar het voedsel niet langer dan 20 minuten in de oven. Droog de uitsparing na elk gebruik met een zachte doek. 30/144 ONDERHOUD EN REINIGINGAccessoires Reinig alle accessoires na elk gebruik en laat ze drogen. Gebruik een zachte doek met warm water en een mild reinigingsmiddel. De accessoires niet in de afwasmachine reinigen. Reinig de antiaanbakaccessoires niet met agressieve reinigingsmiddelen of scherpe voorwerpen.

11.2 Hoe te verwijderen: Inschuifrails/

Verwijder de inschuifrails om de oven te reinigen. Stap 1 Schakel de oven uit en wacht totdat deze is afgekoeld. Stap 2 Trek de inschuifrails voorzichtig naar boven toe uit de voorste ophanging.

Stap 3 Trek de voorkant van de in‐ schuifrails weg van de zijwand. Stap 4 Trek de inschuifrails uit de ach‐ terste ophanging. Plaats de inschuifrails in omgekeerde volgorde.

11.3 Hoe te vervangen: Lamp

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken. Het lampje kan heet zijn. Houd de halogeenlamp altijd met een doek vast om te voorkomen dat er vetrestjes op de ovenlamp verbranden. Voordat u de lamp vervangt: Stap 1 Stap 2 Stap 3 Schakel de oven uit. Wacht tot de oven afgekoeld is. Trek de oven uit het stopcon‐ tact. Plaats een doek op de bodem van de holte. Bovenlamp Stap 1 Draai de glazen afdekking om die te verwijderen. 31/144 ONDERHOUD EN REINIGINGStap 2 Reinig de glasafdekking. Stap 3 Vervang de lamp door een geschikte 300 °C hittebestendige lamp. Stap 4 Installeer het glazen deksel.

12. PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

12.1 Wat te doen als...

Neem in alle gevallen die niet in deze tabel zijn opgenomen contact op met een erkend servicecentrum. De oven gaat niet aan of warmt niet op Probleem Controleer of de volgende zaken van toe‐ passing zijn... Je kunt de oven niet inschakelen of bedienen. De oven is juist op een elektrische toevoer aangesloten. De oven wordt niet warm. De automatische uitschakeling is gedeacti‐ veerd. De oven wordt niet warm. De zekering is niet doorgeslagen. De oven wordt niet warm. De vergrendeling is uitgeschakeld. Onderdelen Probleem Controleer of de volgende zaken van toe‐ passing zijn... De verlichting werkt niet. De lamp is opgebrand. 32/144 PROBLEEMOPLOSSINGFoutcodes Op het display verschijnt… Controleer of de volgende zaken van toe‐ passing zijn... 00:00 Er was een stroomstoring. Stel de tijd van de dag in. Als het display een foutcode weergeeft die niet in deze tabel staat, schakelt u de zekering van het huis uit en weer in om de oven opnieuw te starten. Als de foutcode opnieuw optreedt, neemt u contact op met een erkend servicecentrum.

12.2 Servicegegevens

Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling. De contactgegevens van de servicedienst staan op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich aan de voorkant van de ovenruimte. Verwijder het typeplaatje niet uit de ovenruimte. Wij raden je aan om de gegevens hier te noteren: Model (MOD.) ......................................... Productnummer (PNC) ......................................... Serienummer (S.N.) .........................................

Zorg ervoor dat de ovendeur gesloten is als u de oven in werking stelt. Open de ovendeur niet te vaak tijdens gebruik. Houd het deurrubber schoon en zorg ervoor dat het goed op zijn plaats vastzit. Gebruik metalen kookgerei om meer energie te besparen (alleen als u geen magnetronfunctie gebruikt). Verwarm de oven niet voor als het niet hoeft. Houd onderbrekingen tussen het bakken zo kort mogelijk als je een aantal gerechten tegelijkertijd bereidt. Koken met hete lucht Gebruik indien mogelijk de bereidingsfuncties met hete lucht om energie te besparen. Restwarmte De ventilator en lamp blijven werken. Wanneer u de oven uitschakelt, geeft het display de restwarmte aan. U kunt die warmte gebruiken om het eten warm te houden. Wanneer de kookduur langer is dan 30 minuten, verlaag dan de oventemperatuur tot minimaal 3-10 minuten voor het einde van het koken. De restwarmte in de oven zal blijven koken. Je kunt de restwarmte gebruiken om andere maaltijden op te warmen. 33/144 ENERGIEZUINIGHEIDEten warm houden Kies de laagst mogelijke temperatuurinstelling om de restwarmte te gebruiken en een maaltijd warm te houden. Het indicatielampje van de restwarmte of temperatuur verschijnt op het display. Koken met de verlichting uitgeschakeld Schakel de verlichting tijdens het koken uit. Doe het aan als je het nodig hebt.

- selecteer om de Menu. Stap 1 Stap 2 Stap 3 Stap 4 Stap 5 O1 - O9 Selecteer de Menu, Instellin‐ gen. Instelling beves‐ tigen. Selecteer de in‐ stelling. Instelling beves‐ tigen. Pas de waarde aan en druk op

Instellingen O1 Dagtijd Wijzigen O2 Helderheid display 1 - 5 O3 Toetstonen 1 - Geluids‐ signaal

O4 Geluidsvolume 1 - 4 O5 Uptimer Aan/uit O6 Binnenverlichting Aan/uit O7 Demofunctie Activerings‐ code: Hoofd‐ stuk 2468 O8 Softwareversie Controleren O9 Terug naar fabrieksin‐ stellingen Ja / Nee 34/144 MENUSTRUCTUUR15. MILIEUBESCHERMING Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente. 35/144