TXA663A - Lichtdimmer HAGER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis TXA663A HAGER in PDF-formaat.
| Producttype | KNX-lichtdimmer |
| Merk | Hager |
| Model | TXA663A |
| Categorie | Lichtdimmer |
| Afmetingen | 6 modules (105 mm) op DIN-rail |
| Netvoeding | 230 V~ +10/-15%, 240 V~ +6/-6%, 50/60 Hz |
| KNX-busvoeding | 21-32 V SELV |
| KNX-stroomverbruik | 2,3 mA |
| Verbruik zonder belasting | 600 mW |
| Maximaal vermogensverlies | 8,9 W |
| Aantal uitgangen | 1 tot 3 selecteerbaar |
| Max. vermogen per uitgang (gloeilamp) | Tot 900 W (1 uitgang) |
| Beschermingen | Kortsluiting, overbelasting, oververhitting |
| Hoofdfuncties | Handbediening, automatische lastdetectie, dimmen via fase-aansnijding/-afsnijding, timer, scènes, forceren |
| Dimmodi | Automatisch, handmatig, lastleren (CFL/LED) |
| Compatibele lasttypen | Gloeilamp, halogeen, dimbare LED, dimbare spaarlamp, elektronische/ferromagnetische transformator |
| Beschermingsgraad | IP20 (behuizing), IP30 (onder frontplaat) |
| Bedrijfstemperatuur | -5°C tot +45°C |
| Opslagtemperatuur | -20°C tot +70°C |
| Montage | Op DIN-rail (EN 60715) |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een droge, pluisvrije doek |
| Veiligheid | Installatie door een gekwalificeerde elektricien, spanning uitschakelen voor ingrepen |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Niet door gebruiker te repareren, neem contact op met een erkende technische dienst |
| Normen | KNX, CE |
Veelgestelde vragen - TXA663A HAGER
Gebruikersvragen over TXA663A HAGER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Lichtdimmer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TXA663A - HAGER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TXA663A van het merk HAGER.
GEBRUIKSAANWIJZING TXA663A HAGER
Veiligheidsinstructies

Inbouw en montage van elektrische apparatuur mogen alleen door een installmenter worden uitgevoerd conform de geldende installationenormen, richtlijnen, bepalingen, veiligheids- en ongevallenpreventievoorschriften van het betreffende land.
Wanner deze handleiding nicht in acheit worden genomen, denen schade aan het apparaat, brand of andere gevaren optreden.
Gevaar voor elektrische schok. Loskoppelen voordat werkzaamheden aan het apparaat worden uitgevoerd of lampen worden verrangen. Houdt waar bij reckening met alle installmentatie-automaten, die gevaarlijke spanningsen aan het apparaat leveren.
Gevaar voor elektrische schok. Het apparaat is nicht geschikt voor loskoppelen van belastingen van de netspanning. Ook bij een uitgeschakeld apparaat is de belasting Niet galvanisch van het net gezehden.
Gevaar voor elektrische schokken aan de SELV-of PELV-installatie. Sluit geen verbruikers voor laagspanning SELV, PELV of FELV gemeinschappelijk aan.
Sluit geen LED- of compaete TL-lampen aan, die Niet uitdrukkelijk voor dimmen geschikt zich. Het apparaat kan beschadigd raken.
Sluit geen armaturen met geintegreerde dimmer aan.
Capacitievelasten en inductievelasten Niet Gemeenschappelijk op de uitgang aansluten.
De togeteustane maximale belasting per apparaat mag nicht worden overschreden.
Deze handleiding maakt deel uit van het product en dient in het bezit van de eindgebruiker te blijven.

Opbouw van het apparatus
Afb. 1: overzicht apparaten
(1) Schuifschakelaar auto/min/max/manu
(2) Verlichte toets dimmodus
(3) KNX busaansluitklem
(4) Aansluiting belastingen
(5) Schuifschakelaar kanaalkeuze
(6) Verlichte programmeertoets
(7) Bedieningstoets voor handmatige modus peruitgang met status-LED
(8) Controle-LED kortsluiting en overbelastingsbeveiliging per uitgang
(9) Controle-LED oververhittingsbeveiliging
(10) Netspanningsaansluiting
Functie
Systeiminformatie
Dit apparaat is een product van het KNX-systeem en voldoet aan de KNX-richtlijnen. Gedegen vakkennis door KNX-oppledingen worden als voorwaarde gesteld. Planning, installmenten in bedrifstelling van het apparaat worden uitgevoerd met behulp van KNX-gecertificateerde software.
Systemlink inbedrijfstelling:
De werkung van het apparaat is afhankelijk van de software. De software is te vinden in de product-database. Productdatabase, technische beschrij-vingen en conversie- en andere hulpprogramma's vindt u altijd acteel op once internetpagina.
Easylink inbedrijfstelling:
De functie van het apparaat is afhankelijk van de configuratie. De configuratie kan ook met behulp van speciaal voor de eenvoudige instelling en inbedrijfstelling ontwikkelde apparaten worden uitgevoerd.
Dit type configuratie is alleen met apparaten uit het easylink-systeem möglichk. Easylink staat voor een eenvoudige, visueler ondersteunde inbedrijstelling. Hierbij worden voergeconfigureerde standard-functies met behulp van een servicemodule aan de in-/uitgangen toegekend.
Functiebeschrljving
Het apparaat heeft drie belastingsuitgangen, die voor lastenverhoging via een schuifschakelaar variabel kuren worden gecombineerd. Deze werkt met automatische belastingsherkenning per aangesloten belasting in faseaan- of -afsnijding en maakt het schakelen en dimmen via de KNX-bus möglichk van:
-Gloe- en halogeenlampen
- Laagspanningshalogeenlampen met conventionele of elektronische transformator
- Dimbare LED- en energiespaarlampen
Bovendien beschicht het apparaat over een leerfunctie voor officiente besturing van energiespaaren 230 V LED-lampen.
Juliste toepassing
- Dimmen van elektrische verbruikers AC 230 V
- Montage op profielrail conform DIN EN 60715 in onderverdeling
Producteigenschappen
- Statusindicatie van de uitgangen op het apparaat
- Handmatige aansturing van de uitgangen op het apparaat möglichk, bouwplaatsmodus
- Automatische belastingsherkenning
- Instelling van de minimale en maximale dimwaarde
Tijdschakelaarfunctions
-Scenefunctie - Geforceerde stand via besturing van hoger niveau
Kortsluitings- en overbelastingsbeveiliging Kortsluiting of overbelasting wordt via de contro-LED (8) gesignaleerd. De belasting wordt gesmoord (zie hulp in geval van problemen).
Oververhittingsbeveiliging
Een oververhitting van het instrument worden door permanent branden van de controle-LED (9) gesignaleerd. De aangesloten belasting worden gesmoord (zie hulp in geval van problemen).
Bediening
Handmatige modus
Bus- of netspanningsvoeding is actief.
Schakelaar (1) in standplaatsen.
De handmatige modus is ingeschakeld, deuitgangen kunnen via de bedieningstoetsen (7) worden aangestuurd.
de handmatige modus is de besturing via de KNX-bus uitgeschakeld.
System link inbedrijfstelling:
Dafankelijk van de programmering worden de handmatige modus permanent geactiveerd of gedurende een via de applicaitiesoftware geparacetreerde tijd. Wanner de handmatige modus via de applicatie-software is geblokkeerd, worden de activering Niet uitgevoerd.
Of:
Schakelaar (1) in stand auto plaatsen.
De handmatige modus is uitgeschakeld. De besturing volgt uitsluitend via de KNX-bus. De uitgang neemt de door de busbesturing geveen holderheid aan.
Uitgangen in handmatige modus bedienen
Bediening vindt plaats via kort of lang indrukken (tabel 1) van de bedieningstoets (7).
Danneer de geintegreerde LED bij de bediening van de bedieningstoets brandt, dan is er geen belasting aangesloten.
Tabel 1:handmatige modus
| Toestand Gedrag | bij toetsbediening |
| De belasting isuitgeschakeld.Status-LED van de toets (7) isuit. | Korte toetsbediening:INschakelen van de aangeslo-ten belasting. LED brandt.Lange toetsbediening:dimmen tot de maximale hel-derheid. Status-LED van de toets (7) brandt. |
| Belasting isingschakeld.Status-LED van de toets (7) brandt. | Korte toetsbediening:UITschakelen van de aangeslo-ten belasting. Status-LED van de toets (7) gaatuit.Lange toetsbediening:veranderen van de actuèle hel-derheid. Het dimmen geschiedt in tegenovergestelde richting van het LASTe dimproces tot de maximale of minmale hel-derheid. |
Informatie voor de elektrotechnischystallateur
Montage en elektrische aansluiting

GEVAARI
Gevaar voor elektrische schokken bij aanraking van onderdelen die onder spanning staan!
Elektrische schokken kunnen de dood tot gevolg hebben!
Voorafgaand aan werkzaamheden aan het apparaat de aansluitleidingen loskoppelen en spanningvoerende delen in de omgeving afdekken!

VOORZICTHIG!
Ontoelaatbare opwarming bij te hoge belasting van het apparaat!
Het apparaat en de aangesloten kabels\ kunnen in het aansluitgebied\ beschadigd raken!
Overschrijd de maximale stroombelasthaarheid Niet!
Emperatuurbereik aanhouden. Zorg voor voldoende koeling.
- Monteer het apparaat op een DIN-rail conform DN EN 60715.
Apparaat aansluiten

Afb. 2: installment/deinstallatie met steekklemen


Afb. 3: apparaat aansluiten
(11) belasting
- Buskabel via aansluitklem (3) aansluiten.
Belasting (11) op de onderste klemstrook (4) van het apparatusaat aansluiten.
Inbedrijfstelling
Systemlink: fysieke adres en aplicatiesoftware laden
De schakelaar voor handmatige modus (1) staat in de positie auto.
Busspanning inschakelen.
Programmeertoets (5) indrukken.
De toetslicht op.
Vanneer de toets nicht brand, is geen busspansion aanwezig.
Fysieke adres in het apparaat laden. Status-LED van de toets gaat UIT.
- Applicaitiesoftware laden.
Fysieke adres op het apparaat noteren.
Easylink
Informatie over de installmentecfguratie is te vinden in de uitvoerige beschrijving van de servicemoduleEasylink.
Apparaat in bedrijf stellen
Netvoeding inschakelen.
Werkingstontrole
Via de status-LED van de bedieningstoetsen (7)
wordt de functionaliteit van de uitgangen getoond.
| LED-toestand | Betekenis van het signalaal |
| LED brandt permanent | Belasting wordt aangestuurd |
| Led knippert | Geen belasting aangesloten |
Aantaluitgangen via schuifschakelaar kiezen
De uitgangen können via de instelling van de schuifschakelaar (5) variabel worden gecombineerd, om hogere belastingen aan te sturen.
- Aantal uitgangen via de schuifschakelaar kiezen (tabel 2).
Minimale en maximale dimwaarde op het apparaat instellen
Het apparaat is klaar voor gebruik.
- Heldheridswaarde instellen
Deinstalling kan via de handbediening op het apparaat of via de geprogrammeerde dimtoets van een bedieningsapparaat worden uitgevoerd.
Schakelaar (1) op max. instellen, om de ingestelde helderheid als maximale dimwaarde over te nemen.
Of:
Schakelaar (1) op min. instellen, om de ingestelde heldererheid als minimale dimwaarde over te nemen.
Bedieningstoets (7) langer dan 3 s ingedrukt honden.
De status-LED knippert tweemaal. De ingestelde holderheidswaarde worden opgeslagen.
Bvanneer de minimale resp. maximale dimwaarde buiten het instelbereik ligt, dan knippert de status-LED (7) na het opslaan permanent.
Dimmodus op het apparaat instellen
In de fabrieksinstelling voert het apparaat voor ohmse, inductieve en capaciteit lasten een automatische belastingsherkenning uit en kiest het passende dimgedrag. Wanner het soort belastingbekend is, kan deze op het apparaat vooraf worden ingesteld, zonder dat een automatische belastingsherkenning hoeft te worden uitgevoerd.
Het apparaat is klaar voor gebruik.
Toets dimmodus (2) ingedrukt houden, tot zich eigén verlichting knippert.
- Selecteer het kanaal waarvan de dimmodus gewijzigd要去en worden door op knop (7) te drukken.
Toets dimmodus (2) herhaaldelijk kort bedieren, tot de gekleurde verlichting van de toets (2) de gewenste modus aangeeft (tabel 3).
Toets (2) dimmodus ingedrukt houden, tot de verlichting van de toets (2) snel knippert. Zolang de toets snel knippert worden de gekozen modus ingesteld. Aansluitend worden de modus ca. 3 s lang weergegeven, voordat de toets stopt met branden.
Danneer niert wordt bevestigd door de toets ingedrukt te houden, neemt het apparaat na 2 minuten wee der voorgaande dimmodus in.
D'anneer de gekozen modus nicht bij de aangesloten belasting past, dan gaat het dimkanaal automatisch terug waar de ,fabrieksinstelling".
| Verlichting toets (2) | Dimmodus |
| geel | Energiespaarlampen (CFL)1) |
| violet | Capacitieve last |
| blauw | Inductieve last |
| rood | LED-last |
| groen | Geprogrammeerde belasting (CFL + LED)1) |
| wit | Automatische lastinstelling (fa-brieksinstelling) |
1) Bij de gekozen dimmodus vindt gedurende ca. 30 s programmeren van de belasting plaat. Dit kan kortstandig de verlichting beinvoeden.
Tabel 3
Tabel 2: aantaluitgangen een aansluitvermogen
| Aantal uitgangen | 2 | 3 | ||
| Positie van de schuifschakelaar (5) | ||||
| Belastingstype | Maximale belasting op de uitgang | |||
| Gloeilampen, halogeenlampen 230 V | C1 | 900 W | 600 W | 300 W |
| C2 | 300 W | 300 W | ||
| C3 | 300 W | |||
| Conventionele transformator. | C1 | 900 VA | 600 VA | 300 VA |
| C2 | 300 VA | 300 VA | ||
| C3 | 300 VA | |||
| Elektronische transformator. | C1 | 900 W | 600 W | 300 W |
| C2 | 300 W | 300 W | ||
| C3 | 300 W | |||
| Dimbare energiespaarlampen (CFL) | C1 | 210 W | 120 W | 60 W |
| C2 | 60 W | 60 W | ||
| C3 | 60 W | |||
| Dimbare LED-lampen | C1 | 210 W | 120 W | 60 W |
| 15 lampen | 15 lampen | 8 lampen | ||
| C2 | 60 W | 60 W | ||
| 8 lampen | 8 lampen | |||
| C3 | 60 W | |||
| 8 lampen | ||||
Dimmodus weergeven
- Door kort op knop (2) te drukken en verrolgens op de knop (7) van het betreffende kanaal, kan de huidige dimmodus geraadpleegd worden. De gekleurde verlichting van de toets geeft de actuèle modus gedurende ca. 3 s aan (tabel 3).
Belasting via toets van een bedieningsapparaat programmeren
Bij het programmeren van de aangesloten belasting worden het dimgedrag voor compacte TL- en LED-lampen geoptimaliseerd.
Het apparatus is maar voor gebruik. De dimtoets van een bedieningsapparaat werden met de uitgang geprogrammeerd.
Dimtoets 5x kort bedieren, daarna toets ingedrukt honden tot de belasting uitschakelt.
De korte bediening is onafhankelijk van het geparametreerde bedieningsgedrag op het bedieningsapparaat (5 x aan, 5 xuit of 5 x aan/uit).
Toets 1 x kort bedieren.
De programmeerprocedure start. Het programmeren duurt ca. 30 s. Voor het optimaliseren van het dimgedrag worden een dimprocedure uitgevoerd. Na het programmeren brandt de aangesloten belasting met maximale helderde en knippert 1x. De programmeerprocedure is afgerond.
Dfhangelijk van de aangesloten belasting kan door de programmeerprocedure de minimale helderheid veranderen.
Geprogrammeerde belastingen in het apparaat resetten
Het apparatus aan hier automatische belastingsherkenning worden teruggezet, bijv. na het verrangen van het verlichtingsmiddel.
De automatische belastingsherkening is bijzonder goed geschikt voor belastingen die eenduidig in faseaan- of -afsnijding+kennen worden gedimd (conventionelelasten).
Het apparatusaat is maar voor gebruik. De dimtoets van een bedieningsapparaat werden met de uitgang geprogrammeerd.
Dimtoets 5x kort bedieren, daarna toets ingedrukt honden tot de belasting uitschakelt.
De korte bediening is onafhankelijk van het geparametreerde bedieningsgedrag op het bedieningsapparaat (5 x aan, 5 x uit of 5 x aan/uit).
D'anneer binnen 10 s geen verdere bediening van de dimtoets plaatsvindt, blijft het geleerde dimprincipe behouden.
Toets 2 x kort bedieren.
De belasting knippert 2 x. De automatische belastingsherkenning is wee geactiveerd.
Bijlage
| Voedingsspanning via net | 230V~ +10/-15% 240V~ +6/-6% |
| Netfrequentie | 50/60 Hz |
| Verliesvermogen | 8,9 W |
| Voedingsspanning KNX/EIB | 21-32V = SELV |
| Stroomverbruik KNX/EIB | 2,3 mA |
| Verbruik zonder belasting | 600 mW |
| Beveiligin : Installatieautomaat van maximaal | 10 A |
| Gebruikshoogte max. | 2000 m |
| Vervuilingsgraad | 2 |
| Piekspanning | 4 kV |
| Beschermingsklasse behuizing | IP 20 |
| Beschermingsklasse behuizing onder frontplaat | IP30 |
| IK (stootbescherming) | 04 |
| Overspanningsklasse | III |
| Afmeting | 6 TE, 6 x 17,5 mm |
| Aansluitcapaciteit | 0,75 mm²...2,5 mm² |
| Bedrijfstemperatuur | -5 ...+45°C |
| Opslagtemperatuur | -20 ...+70°C |
| Communicatiemiedia KNX | TP 1 |
| Configuratiemodus | S-Mode, easy link controller (TXA663A) |
Conventionele of elektronische transformatoren mogen nicht met minder dan 75% van de nomi-nale last worden gebruikt.
Hulp bij problemen
Oorzaak 1: schakelaar (1) Niet op ingesteld.
Schakelaar op instellen.
Oorzaak 2: handbediening is nicht vrijgeven (Systemlink)
Handbediening via applicationsoftware vrijgeven.
Aangesloten belastingen branden niet
Oorzaak 1: kortsluiting- en overbelastingsbeveilig ing geactiveerd, contro-LED (8) brandt/knippert.
Aangesloten belasting verminderen, bedrading controleren en eventuel repareren.
Oorzaak 2: oververhittingsbeveiling is geactiveerd, contro-LED (9) brandt.
Aangesloten last verminderen, voor voldoende koeling zorgen, afstand tot naastgelegen apparaten vergroten.
Busmodus niet möglichk
Oorzaak 1: busspanning is nicht aanwezig. Busaanluitklemmen controlleren op goed poling. Busspanning controlleren door kort de programmemeertoets (6) in te drukken, rode LED brandt bij aanwezig busspanning. Bij aanwezig netspanning zonder busspanning brandt de rode led continu.
Oorzaak 2: handmatige modus is actief. De scha-kelaar (1) staat in stand
Schakelaar (1) in stand auto plaatsen.

Correcte verwijdering van dit product
Dit merkteken op het product of het bijbehorende informatiemateriaal duidt erop dat het Niet met ander huishoudelijk afval verwijdert moet worden aan het einde van zichen gebruiksduur. Om möglichke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid door ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, moet u dit product van andere soorten afval scheiden en op een verantwoordere manier recyclen, zDat het duurzame hergebruik van materiaaalbronnen worden bevorderd.
Huishoudelijke gebruikers要去 contact opnemen met de winkkel waar ze dit product hebben gekocht of met de gemeente waar ze wonen om te vernemen waar en hoe ze dit product millieuvriendelijk kunnen lately recyclen.
Zakelijkge gebruikers要去en contact opnemen met hun leverancier en de algemene voorwaarden van de koopovereenkomsten nalezen. Dit product moet nicht worden gemengd met ander bedrijsaval voor verwijdering.
Te gebruiken in geheel Europa en in Zwitzerland