PKE645CA2E - Fornuis BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PKE645CA2E BOSCH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PKE645CA2E - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PKE645CA2E van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING PKE645CA2E BOSCH
Veiligheid 1 Veiligheid Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht. 1.1 Algemene aanwijzingen ¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de appa- raatpas en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport- schade niet aan. 1.2 Bestemming van het apparaat Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie. Gebruik het apparaat uitsluitend: ¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro- cessen ononderbroken in het oog. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. ¡ tot een hoogte van 2000m boven zeeni- veau. Gebruik het apparaat niet: ¡ met een externe timer of een separate af- standsbediening. Dit geldt niet voor het ge- val dat de werking middels de door EN50615 genoemde apparaten wordt uitge- schakeld. 1.3 Inperking van de gebruikers Dit apparaat kan worden bediend door kinde- ren vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij on- der toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen. 1.4 Veilig gebruik WAARSCHUWING‒Brandgevaar! Zonder toezicht koken op kookplaten met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorza- ken. Verlies hete oliën en vetten daarom nooit uit het oog. Nooit proberen om een vuur met water te blussen, maar het apparaat uitschakelen en dan de vlammen bijv. met een deksel of een blusdeken afdekken. Het kookvlak wordt erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op het kook- vlak of in de directe omgeving leggen. Nooit voorwerpen op het kookvlak bewaren. Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat. Als de kookplaat wordt afgedekt, kan dat on- gelukken veroorzaken, bijvoorbeeld door over- verhitting, in brand vliegen of ontploffende ma- terialen. Dek de kookplaat niet af. 27nl Materiële schade voorkomen Levensmiddelen kunnen vuur vatten. Er moet toezicht worden gehouden op het kookproces. Een korte procedure moet per- manent worden gecontroleerd. WAARSCHUWING‒Kans op brandwon- den! Tijdens het gebruik worden het apparaat en zijn aanraakbare onderdelen heet, vooral een eventueel aanwezig kookplaatframe. Wees voorzichtig om het aanraken van ver- warmingselementen te voorkomen. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden. Kookplaatbeschermroosters kunnen tot onge- vallen leiden. Nooit kookplaatbeschermroosters gebruiken. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen. De grepen van het kookgerei kunnen tijdens het gebruik heet worden. Als de grepen boven de verwarmingszone komen te liggen, kunnen de grepen bijzonder heet worden. Altijd de volledige verwarmingszone met het kookgereik afdekken. Een pannenlap gebruiken. WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren. Er mogen uitsluitend originele reserveonder- delen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat. Wanneer de netaansluitkabel of de apparaat- aansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale ap- paraataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice. Als het netsnoer van dit apparaat wordt be- schadigd, moet het door geschoold vakper- soneel worden vervangen. Een beschadigd apparaat is gevaarlijk. Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. Is het oppervlak gescheurd, dan het appa- raat uitschakelen om een mogelijke elektri- sche schok te vermijden. Hiervoor het appa- raat via de zekering in de meterkast uitscha- kelen. Kookzoneknop op nul zetten. Neem contact op met de service-afdeling. Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren. Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken. Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger ge- bruiken om het apparaat te reinigen. Bij hete apparaatonderdelen kan de kabeliso- latie van elektrische apparaten smelten. Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elektri- sche apparaten nooit in contact komt met hete onderdelen van het apparaat. WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone, kunnen kookpannen plotseling omhoog springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn. WAARSCHUWING‒Kans op verstikking! Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken. Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinde- ren houden. Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken. Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden. Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen. Materiële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomen LET OP Door ruwe bodems van pannen ontstaan krassen op de glaskeramiek. Kookgerei controleren. Door droogkoken kan het kookgerei of het apparaat be- schadigd raken. Nooit pannen zonder inhoud op een hete kookzone zetten of laten droogkoken. Verkeerd geplaatst kookgerei kan tot oververhitting van het apparaat leiden. Nooit hete kook- of bakpannen op de bedieningsele- menten of de kookplaatrand zetten. Wanneer er harde en puntige voorwerpen op de kook- plaat vallen, kan deze beschadigd raken. Geen harde of puntige voorwerpen op de kookplaat laten vallen. 28Milieubescherming en besparing nl Hittegevoelige materialen smelten op de hete kookzo- nes. Geen beschermingsfolie op de kookplaat gebruiken. Geen aluminiumfolie of kunststof vormen gebruiken. 2.1 Overzicht van de meest voorkomende schade Hier vindt u de meest voorkomende schade en tips om deze te voorkomen. Schade Oorzaak Maatregel Vlekken Overgelopen etenswaar Overgelopen etenswaar on- middellijk verwijderen met een schraper voor vitroke- ramische kookplaat. Vlekken Ongeschikte rei- nigingsmiddelen Gebruik alleen reinigings- middelen die geschikt zijn voor glaskeramiek. Schade Oorzaak Maatregel Krassen Zout, suiker of zand Gebruik de kookplaat niet als werkblad of plateau om iets neer te zetten. Krassen Ruwe bodems van pannen Het kookgerei controleren. Verkleu- ring Ongeschikte rei- nigingsmiddelen Gebruik alleen reinigings- middelen die geschikt zijn voor glaskeramiek. Verkleu- ring Slijtage van pan- nen, bijv. alumi- nium Pannen optillen om ze te verplaatsen. Schelp- vormige bescha- diging van het opper- vlak Suiker of sterk suikerhoudend voedsel Overgelopen etenswaar on- middellijk verwijderen met een schraper voor vitroke- ramische kookplaat. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing 3.1 Afvoeren van de verpakking De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun- nen worden hergebruikt. De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren. 3.2 Energie besparen Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaat minder energie. Een kookzone kiezen die bij de grootte van de pan past. Het kookgerei gecentreerd plaatsen. Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over- eenkomt met de diameter van de kookzone. Tip: Fabrikanten van kookgerei geven vaak de bovendi- ameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bo- demdiameter. Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedekte kookzones verbruiken veel energie. Pannen afsluiten met een passend deksel. Wanneer u zonder deksel kookt, heeft het apparaat aanzienlijk meer energie nodig. Deksel zo min mogelijk oplichten. Wanneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veel ener- gie. Glazen deksel gebruiken. Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zon- der het deksel op te lichten. Pannen met vlakke bodem gebruiken. Als de bodem niet vlak is, wordt het energieverbruik hoger. Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levens- middel. Groot kookgerei met weinig product heeft meer ener- gie nodig om op te warmen. Met weinig water koken. Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meer energie is er nodig om op te warmen. Schakel tijdig terug naar een lagere kookstand. Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie. De restwarmte van de kookplaat gebruiken. Bij langere bereidingstijden de kookzone 5-10minuten vóór het ein- de van de bereidingstijd uitschakelen. Onbenutte restwarmte verhoogt het energieverbruik. Uw apparaat leren kennen4 Uw apparaat leren kennen De gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende kookpla- ten. De afmetingen van de kookplaten vindt u in het ty- peoverzicht.
- Pagina2 29nl De Bediening in essentie 4.1 Bedieningspaneel Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw appa- raat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoe- stand. Kookzoneknoppen De kookzoneknoppen zijn vast gemonteerd. Ze mogen er niet af worden gehaald. Verwijdering met geweld van de kookzoneknoppen leidt ertoe dat ze onherstelbaar worden beschadigd. 4.2 Kookzones Hier vindt u een overzicht van de verschillende bijscha- kelingen van de kookzones. Kookplaat Bijschakelen en uitschakelen Kookzone met één ring Kookzone met twee ringen Bijschakelen: kookzoneknop tot naar rechts draaien. Kookstand instellen. Uitschakelen: kookzoneknop naar 0 draaien en opnieuw in- stellen. Kookzoneknop nooit over het symbool heen naar 0 draai- en. Opmerkingen Donkere gedeelten in het gloeibeeld van de kookzo- ne hebben een technische oorzaak. Ze zijn niet van invloed op de werking van de kookzone. De kookzone regelt de temperatuur door de verwar- ming in en uit te schakelen. Ook bij het hoogste ver- mogen kan de verwarming inschakelen en uitschake- len. – Gevoelige onderdelen worden daarmee be- schermd tegen oververhitting. – Het apparaat wordt beschermd tegen elektrische overbelasting. 4.3 Kookzone-indicatie en restwarmte- indicatie De kookplaat heeft een kookzone-indicatie en een rest- warmte-indicatie. De indicatie brandt wanneer een kook- zone warm is. Indicatie Betekenis Kookzone-in- dicatie Brandt tijdens de werking, korte tijd na het inschakelen. Restwarmte- indicatie Brandt na het koken, wanneer de kookzo- ne nog warm is. Opmerking: U kunt kleine gerechten warmhouden of couverture smelten. De Bediening in essentie5 De Bediening in essentie 5.1 Kookplaat inschakelen of uitschakelen U schakelt de kookplaat in en uit met de kookzoneknop. 5.2 Instellen van de kookzones Met de kookzoneknop stelt u het verwarmingsvermogen van de kookzone in. Kookstand 1 laagste stand 9 hoogste stand Het symbool op het display laat zien op welke kookzone de indicatie van toepassing is, bijv. voor de kookzone rechtsachter. 5.3 Insteladvies voor het koken Hier krijgt u een overzicht van verschillende gerechten en de bijbehorende kookstanden. De bereidingstijd varieert afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de gerechten. De doorkookstand is afhankelijk van de gebruikte pan. Aanwijzingen voor de bereiding Voor het aan de kook brengen kookstand9 gebrui- ken. Dikvloeibaar voedsel af en toe omroeren. Levensmiddelen die snel en heet worden aangebra- den of waarbij tijdens het aanbraden veel vloeistof vrijkomt, in kleine porties aanbraden. Tips voor energiebesparend koken.
Pagina29 30Reiniging en onderhoud nl Smelten Gerecht Door- kook- stand Doorkook- duur in minuten Boter, gelatine 1 - Verwarmen of warmhouden Eenpansgerecht, bijv. linzen- schotel
1-2 - Gaarstoven of zachtjes laten koken Knoedels, balletjes 2,3 3-4 20-30 Vis 2,3 3 10-15 Witte saus, bijv. bechamelsaus 1 3-6 Koken, stomen of stoven Rijst met dubbele hoeveelheid water 3 15-30 Aardappelen in schil 3-4 25-30 Gekookte aardappelen 3-4 15-25 Deegwaren, pasta 2,3 5 6-10 Eenpansgerecht, soep 3-4 15-60 Groente, vers of diepvries 3-4 10-20 Voedsel in de snelkookpan 3-4 - Sudderen Rollades 3-4 50-60 Stoofvlees 3-4 60-100 Goulash 3-4 50-60 Braden met weinig olie De gerechten zonder deksel braden. Schnitzel, al dan niet gepaneerd 6-7 6-10 Koteletten, al dan niet gepaneerd
6-7 8-12 Steak, 3 cm dik 7-8 8-12 Vis of visfilet, al dan niet gepa- neerd 4-5 8-20 Vis of visfilet, gepaneerd en diepvries, bijv. vissticks 6-7 8-12 Pangerechten, diepvries 6-7 6-10 Pannenkoeken 5-6 ononder- broken Reiniging en onderhoud6 Reiniging en onderhoud Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken. 6.1 Reinigingsmiddelen Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitroke- ramische kookplaat zijn verkrijgbaar bij de service- dienst, in de online-shop of in de vakhandel. LET OP Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlak- ken van het apparaat beschadigen. Nooit ongeschikte reinigingsmiddelen gebruiken. Ongeschikte reinigingsmiddelen Onverdund afwasmiddel Reinigingsmiddelen voor de vaatwasser Schuurmiddelen Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of vlekverwijderaars Krassende sponzen Hogedrukreinigers of stoomstraalapparaten 6.2 Glaskeramiek reinigen Reinig de kookplaat na elk gebruik om te voorkomen dat kookresten inbranden. Opmerking: Neem de informatie over de ongeschikte reinigingsmiddelen in acht.
Pagina31 Vereiste: De kookplaat is afgekoeld.
Verwijder hardnekkig vuil met een schraper voor vitro- keramische kookplaat.
Reinig de kookplaat met een reinigingsmiddel voor glaskeramiek. Houd u aan de reinigingsinstructies die op de verpak- king van het reinigingsmiddel staan. Tip: Met een speciale spons voor glaskeramiek kunt u goede reinigingsresultaten boeken. 6.3 Kookplaatrand reinigen Reinig de kookplaatrand na het gebruik, als er vuil of vlekken op zitten. Opmerkingen Neem de informatie over ongeschikte reinigingsmid- delen in acht.
Pagina31 Niet de schraper voor vitrokeramische kookplaat ge- bruiken.
De kookplaatrand reinigen met warm zeepsop en een zachte doek. Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwas- sen.
Met een zachte doek nadrogen.
Bereid het gerecht zonder deksel. Het water met afgesloten deksel aan de kook brengen. Kook het gerecht verder zonder deksel. Het gerecht meerdere malen keren. 31nl Afvoeren Afvoeren7 Afvoeren 7.1 Afvoeren van uw oude apparaat Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt. Voer het apparaat milieuvriendelijk af. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoerme- thoden. Dit apparaat is gekenmerkt in overeen- stemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equip- ment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en ver- werking van oude apparaten. Servicedienst8 Servicedienst Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten min- ste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen. Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis. Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QR- code op het meegeleverde document over de service- contacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenser- vice, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig. De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website. De informatie conform verordening (EU) 66/2014 en (EU) 2023/826 vindt u online op www.bosch-home.com op de productpagina en de servicepagina van uw appa- raat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende docu- menten. 8.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje vindt u: op de apparaatpas. aan de onderkant van de kookplaat. Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoon- nummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gege- vens noteren. Montagehandleiding9 Montagehandleiding Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat. 9.1 Veilige montage Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht. ¡ Elektrische aansluiting: alleen door een er- kend vakman. In geval van een verkeerde aansluiting komt de garantie te vervallen. ¡ Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installatievoorschrift wordt uit- gevoerd, is de veiligheid bij het gebruik ge- garandeerd. Bij schade als gevolg van een niet-deskundige inbouw is de monteur aan- sprakelijk. 9.2 Onderbouw Geen koelapparaten, vaatwasmachines, ovens zonder ventilatie en wasmachines onderbouwen. Als u een oven onderbouwt, moet de werkbladdikte minstens 20 mm bedragen, in sommige gevallen ook meer. Neem de aanwijzingen in de installatiehandlei- ding bij de oven in acht. Let erop dat uitstekende delen, zoals de behuizing of het snoer van de netaansluiting, niet in botsing ko- men met bijvoorbeeld een lade. 9.3 Tussenbodem Wanneer de onderkant van de kookplaat kan worden aangeraakt, moet er een tussenschot worden gemon- teerd. Informeer in de vakhandel of er een tussenschot als accessoire verkrijgbaar is. Wanneer u een eigen tussenschot gebruikt, moet de minimale afstand tot de netaansluiting van het appa- raat 10mm zijn. 32Montagehandleiding nl 9.4 Meubel voorbereiden Het werkblad dient egaal, waterpas en stabiel te zijn. De inbouwmeubelen inclusief wandafsluitstrips moeten minstens 90°C hittebestendig zijn. Een nisbekleding binnen 50mm afstand tot de achterwand mag niet brandbaar zijn (bijv. tegels, steen). De snijvlakken hittebestendig afdichten om te voorkomen dat het werkblad door vocht uitzet. 9.5 Elektrische aansluiting Ter bescherming het apparaat eerst uit de piepschuim- verpakking halen, wanneer u het apparaat in de uitspa- ring drukt. Plaats het apparaat niet rechtop op een zij- kant van het apparaat. Controleer de elektrische installatie van de woning vóórdat u het apparaat aansluit. Het apparaat voldoet aan veiligheidsklasse I en mag alleen in combinatie met een geaarde aansluiting worden gebruikt. De geïnstalleerde elektrische installatie dient volgens de opbouwvoorschriften in de fasen te worden voor- zien van een separator. Als op het display van het apparaat verschijnt, is het verkeerd aangesloten. Scheid het apparaat van het net, controleer de aansluiting. Aansluiting met 3-aderige leiding Zorg voor een geschikte beveiliging van de huisinstalla- tie. Neem de kleurcodering van de netaansluitkabel in acht. Groen-geel is de aarddraad . Blauw is de nulleider. Bruin is de fase (buitendraad). De kabel kan indien nodig door een meerfasige aan- sluitkabel worden vervangen. Bij het vervangen van de kabel volgende paragraaf in acht nemen. Aansluiting zonder voorgemonteerde kabel Sluit de kookplaat alleen aan volgens het aansluitsche- ma. Bouw indien nodig de meegeleverde koperbruggen in. De hoofdleiding moet van het type H05 VV-F of hoger zijn. De draaddiameter moet overeenkomstig de stroom- belasting worden bepaald. Niet toegestaan is een dia- meter <1,5mm². Aansluiting met voorgemonteerde 5-aderige aansluitleiding Alleen geschoold servicepersoneel mag de aansluitlei- ding verwisselen. 9.6 Kookplaat inbrengen Zorg ervoor dat de aansluitkabel niet beklemd raakt en niet over scherpe randen wordt geleid. Is er een oven onder de kookplaat geplaatst, dan de leiding via de achterste hoeken van de oven naar de aansluitdoos leiden. De kookplaat kan ook in een voorhanden 500 mm diep uitsparing worden ingebouwd. 33nl Montagehandleiding 9.7 Uitbouw van de kookplaat
Maak het apparaat spanningsloos.
Notice-Facile