BOSCH KBN96NSE0 - Koelkast

KBN96NSE0 - Koelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KBN96NSE0 BOSCH in PDF-formaat.

📄 120 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 8 vragen 🖨️ Afdrukken
Notice BOSCH KBN96NSE0 - page 92
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : KBN96NSE0

Categorie : Koelkast

Titel Beschrijving
Type koelkast Combinatiekoelkast
Totale capaciteit No information available
Energieklasse A++
Afmetingen (HxBxD) No information available
Gewicht No information available
Koelsysteem Gevulde koeling
Extra functies Verse zone, LED-verlichting
Gebruik Temperatuurregeling via digitale display
Onderhoud Automatisch ontdooien
Veiligheid Veiligheidssluiting
Garantie 2 jaar

Veelgestelde vragen - KBN96NSE0 BOSCH

Hoe stel ik de temperatuur van mijn BOSCH KBN96NSE0 koelkast in?
Om de temperatuur in te stellen, drukt u op de temperatuurinstelknop en gebruikt u vervolgens de "+" of "-" knoppen om de gewenste temperatuur aan te passen. De ideale temperatuur voor de koelkast is 4 b0C.
Wat moet ik doen als mijn koelkast niet goed koelt?
Controleer of de koelkast correct is aangesloten en of het stopcontact werkt. Zorg ervoor dat de luchtcirculatieopeningen niet geblokkeerd zijn en dat de deur goed sluit.
Hoe maak ik de binnenkant van mijn koelkast schoon?
Koppel de koelkast los en verwijder alle voedingsmiddelen. Gebruik een mengsel van warm water en zuiveringszout om de binnenoppervlakken schoon te maken. Vergeet niet goed af te spoelen en te drogen.
Waarom maakt mijn koelkast vreemde geluiden?
Geluiden kunnen afkomstig zijn van de compressor, de ventilator of het stromende water. Zorg ervoor dat het apparaat waterpas staat en dat er geen voorwerpen het motorblok raken.
Hoe ontdooi ik mijn BOSCH KBN96NSE0 koelkast?
Om te ontdooien, koppel de koelkast los en laat het ijs natuurlijk smelten. U kunt handdoeken plaatsen om het water op te nemen. Gebruik nooit een mes of scherp gereedschap om het ijs te verwijderen.
Wat is de capaciteit van mijn BOSCH KBN96NSE0 koelkast?
De totale capaciteit van deze koelkast is ongeveer 528 liter, inclusief koelkast en vriezer.
Hoe weet ik of mijn koelkast onderhoud nodig heeft?
Als u een onjuiste temperatuur, ongebruikelijke geluiden, waterlekkages of een continu werkende compressor opmerkt, wordt het aanbevolen een technicus te contacteren voor onderhoud.
Hoe optimaliseer ik de ruimte in mijn koelkast?
Gebruik bakken en organizers om de ruimte te maximaliseren. Vermijd het overladen van de planken om een goede luchtcirculatie mogelijk te maken.

Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KBN96NSE0 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KBN96NSE0 van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING KBN96NSE0 BOSCH

[nl] Gebruikershandleiding Koelvriescombinatie 914

Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie. Inhoudsopgave 1 Veiligheid...................................93

1.1 Algemene aanwijzingen .......... 93

1.2 Bestemming van het appa-

raat .......................................... 93

1.3 Inperking van de gebruikers ... 93

2 Het voorkomen van materiële schade .......................................99 3 Milieubescherming en bespa- ring.............................................99

3.1 Afvoeren van de verpakking ... 99

3.2 Energie besparen.................... 99

4 Opstellen en aansluiten...........100

4.1 Leveringsomvang ...................100

4.2 Criteria voor de opstellocatie .100

4.3 Apparaat monteren ................101

4.4 Het apparaat voor het eerste

gebruik voorbereiden .............101

4.5 Apparaat elektrisch aanslui-

6.2 Fruit- en groentelade met

vochtigheidsregelaar..............102

7.2 Opmerkingen bij het gebruik 103

10.3 Schakel de verbinding met

het thuisnetwerk (WiFi) in....107

10.4 Schakel de verbinding met

het thuisnetwerk (WiFi) uit...107

11.1 Tips voor het bewaren van

levensmiddelen in het koel- vak.......................................108

11.2 Koudezones in het koelvak.108

12.3 Tips voor het bewaren van

levensmiddelen in het vries- vak........................................109

12.4 Tips voor het bevriezen van

verse levensmiddelen...........109

12.5 Houdbaarheid van de diep-

vrieswaren bij −18°C ..........110

12.6 Ontdooimethodes voor

diepvrieswaren .....................110 13 Ontdooien...............................110

13.1 Ontdooien in het koelvak. ....110

13.2 Ontdooien in het vriesvak ....111

14 Reiniging en onderhoud........111

14.1 Apparaat voorbereiden

voor reiniging........................111

14.2 Apparaat schoonmaken.......111

14.3 De dooiwatergoot en het af-

16 Opslaan en afvoeren..............115

16.1 Apparaat buiten gebruik

stellen ...................................115

16.2 Afvoeren van uw oude ap-

1 Veiligheid Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht. 1.1 Algemene aanwijzingen ¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la- ter gebruik of voor volgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan. 1.2 Bestemming van het apparaat Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld. Gebruik het apparaat uitsluitend: ¡ om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de berei- ding van ijsblokjes. ¡ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de hui- selijke omgeving. ¡ tot een hoogte van 2000m boven zeeniveau. 1.3 Inperking van de gebruikers Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkin- gen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe- zicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het appa- raat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan. Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen. 1.4 Veiliger transport WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels ver- oorzaken. ▶ Het apparaat niet alleen optillen.nl Veiligheid

1.5 Veilige installatie WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk. ▶ Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de ge- gevens op het typeplaatje. ▶ Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïn- stalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wis- selstroom aansluiten. ▶ Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd. ▶ Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bij- voorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand. ▶ Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd. ▶ Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd. Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen. WAARSCHUWING‒Kans op explosie! Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-lucht- mengsel ontstaan. ▶ Ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de in- bouwbehuizing niet afsluiten. WAARSCHUWING‒Kans op brand! Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adap- ters is gevaarlijk. ▶ Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken. ▶ Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.Veiligheid nl

▶ Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer be- schikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen. Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare net- voedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden. ▶ Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen niet aan de achterkant van de apparaten plaat- sen. 1.6 Veilig gebruik WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken. ▶ Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes. ▶ Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het ap- paraat te reinigen. WAARSCHUWING‒Kans op verstikking! Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken. ▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden. ▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hier- door stikken. ▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen. WAARSCHUWING‒Kans op explosie! Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddel lekken en exploderen. ▶ Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere me- chanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant zijn aanbevolen. ▶ Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.nl Veiligheid

Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kun- nen exploderen, bijv. spuitbussen. ▶ Bewaar geen producten met brandbare drijfgassen en explosie- ve stoffen in het apparaat. WAARSCHUWING‒Kans op brand! Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders. ▶ Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat. WAARSCHUWING‒Kans op letsel! Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten. ▶ Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren. Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen. ▶ De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet be- schadigen. WAARSCHUWING‒Kans op koude-brandwonden! Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden. ▶ Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak werden genomen. ▶ Vermijd langer contact van de huid met diepvrieswaren, ijs en oppervlakken van het vriesvak. VOORZICHTIG‒Kans op gevaar voor de gezondheid! Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van le- vensmiddelen te voorkomen. ▶ Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het appa- raat. ▶ Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelij- ke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon. ▶ Rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast dusda- nig bewaren dat het niet in contact komt met andere levensmid- delen of op deze drupt.Veiligheid nl

▶ Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het ap- paraat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen. Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kun- nen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumio- nen overdragen naar de levensmiddelen. ▶ Verontreinigde levensmiddelen niet consumeren. 1.7 Beschadigd apparaat WAARSCHUWING‒Kans op elektrische schok! Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaar- lijk. ▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektri- citeitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de ze- kering in de meterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina116 Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden ge- bruikt voor reparatie van het apparaat. ▶ Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluit- kabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.nl Veiligheid

WAARSCHUWING‒Kans op brand! Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemid- del en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken. ▶ Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat. ▶ Ventileer de ruimte. ▶ Het apparaat uitschakelen. →Pagina103 ▶ De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen. ▶ Neem contact op met de service. →Pagina116Het voorkomen van materiële schade nl

Het voorkomen van materiële schade 2 Het voorkomen van materiële schade Het voorkomen van materiële schade LET OP! Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of op- stapje kan het apparaat beschadigd raken. ▶ Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen. Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdich- tingen poreus worden. ▶ Houd kunststofdelen en deuraf- dichtingen olie- en vetvrij. Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen alu- minium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corro- deert en verkleurt het aluminium. ▶ Levensmiddelen uitsluitend verpakt in het apparaat bewaren. Wanneer u uitrustingsdelen en acces- soires in de vaatwasser reinigt, kun- nen deze vervormen of verkleuren. ▶ Nooit uitrustingsdelen en accessoi- res in de vaatwasser reinigen. Milieubescherming en besparing 3 Milieubescherming en besparing Milieubescherming en besparing 3.1 Afvoeren van de verpak- king De verpakkingsmaterialen zijn milieu- vriendelijk en kunnen worden herge- bruikt. ▶ De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren. 3.2 Energie besparen Als u deze aanwijzingen opvolgt, ver- bruikt uw apparaat minder stroom. Keuze van de opstellingslocatie ¡ Stel het apparaat niet bloot aan di- rect zonlicht. ¡ Plaats het apparaat zo ver moge- lijk van radiatoren, fornuis en ande- re warmtebronnen: – Houd 30mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen. – Houd 300mm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen. ¡ De externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren. Energie besparen bij het gebruik. Opmerking:De plaatsing van de uit- rustingsonderdelen heeft geen in- vloed op het energieverbruik van het apparaat. ¡ Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig. ¡ De binnenste ventilatieopeningen of de externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren. ¡ Transporteer gekoelde levensmid- delen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat. ¡ Warm voedsel en dranken eerst la- ten afkoelen, daarna in het appa- raat plaatsen. ¡ Leg om de koude van de diep- vriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak. ¡ Laat altijd wat ruimte tussen de le- vensmiddelen en de achterwand.nl Opstellen en aansluiten Opstellen en aansluiten 4 Opstellen en aansluiten Opstellen en aansluiten 4.1 Leveringsomvang Controleer na het uitpakken alle on- derdelen op transportschade en de volledigheid van de levering. Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst →Pagina116 contact op. De levering bestaat uit: ¡ Inbouw ¡ Uitrusting en accessoires

¡ Montagemateriaal ¡ Montagehandleiding ¡ Gebruiksaanwijzing ¡ Klantenservice overzicht ¡ Garantiebijlage

¡ Energielabel ¡ Informatie over energieverbruik en geluiden ¡ Informatie over HomeConnect 4.2 Criteria voor de opstello- catie WAARSCHUWING Kans op explosie! Wanneer het apparaat in een te klei- ne ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gas- luchtmengsel ontstaan. ▶ Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1m

per 8g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het type- plaatje. →Fig. 1 /

Het gewicht van het apparaat kan af- hankelijk van het model tot 80 bedra- gen. De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen. Toegestane ruimtetemperatuur De toegestane kamertemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat. De klimaatklasse vindt u op het type- plaatje. →Fig. 1 /

Klimaat- klasse Toegestane ruimte- temperatuur SN 10°C…32°C N 16°C…32°C ST 16°C…38°C T 16°C…43°C Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentempe- ratuur. Wanneer u een apparaat van de kli- maatklasse SN gebruikt bij lagere ka- mertemperaturen, dan kunnen be- schadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5°C wor- den uitgesloten. Nismaten Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de nis inbouwt. Bij af- wijkingen kunnen problemen optre- den tijdens de installatie van het ap- paraat. Nisdiepte Bouw het apparaat in een nisdiepte van 560 mm in. Nisbreedte Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 710mm nodig.

Afhankelijk van de apparaatuitvoering

Over-and-Under- en Side-by-Side- opstelling Als u 2 koeltoestellen boven of naastelkaar wilt opstellen, moet u tussende toestellen minimaal een tussenaf-stand van 150 mm aanhouden. Voorbepaalde toestellen is een opstellingzonder minimumafstand mogelijk.Neem hiervoor contact op met uwdealer of keukeninstallateur. 4.3 Apparaat monteren ▶ Het apparaat conform meegelever-de montagehandleiding monteren. 4.4 Het apparaat voor het eer- ste gebruik voorbereiden 1. Haal het informatiemateriaal er uit.2. Verwijder de beschermfolie entransportborgingen, bijv. plakstripsen karton.3. Het apparaat voor de eerste keerreinigen. →Pagina111 4.5 Apparaat elektrisch aan- sluiten 1. De apparaatstekker van het aan-sluitsnoer aan het apparaat aan-sluiten.2. De netstekker van het aansluit-snoer van het apparaat in eenstopcontact in de omgeving vanhet apparaat steken.De aansluitgegevens van het ap-paraat staan op het typeplaatje.→Fig. 1 /

3. De netstekker op vastheid contro-leren.a De temperatuurdisplays tonen eenanimatie en het bedieningspaneelis geblokkeerd.a Het apparaat is gebruiksklaar wan-neer de animatie is afgelopen enop elk temperatuurdisplay een LEDbrandt.Uw apparaat leren kennen 5 Uw apparaat leren ken- nen Uw apparaat leren kennen 5.1 Apparaat Hier vindt u een overzicht van de on-derdelen van uw apparaat.→Fig. 1

Deurrek voor grote flessen→Pagina102Opmerking:Verschillen tussen uwapparaat en de afbeeldingen zijn mo-gelijk op basis van uitrusting engrootte. 5.2 Bedieningspaneel Via het bedieningsveld kunt u allefuncties van uw apparaat instellen eninformatie krijgen over de gebruiks-toestand.→Fig. 2

alarm schakelt het waarschu-wingssignaal uit.nl Uitrusting

schakelt de verbinding met het WiFi thuisnetwerk in of uit.

brandt, wanneer de gebrui- kersgedefinieerde instellingen via de HomeConnectapp zijn ingesteld. Meer informatie kunt u vinden in de Ho- meConnectapp.

super(vriesvak) schakelt Su- pervriezen in of uit.

Toont de ingestelde tempera- tuur van het vriesvak in°C.

super(koelvak) schakelt Su- perkoelen in of uit.

Toont de ingestelde tempera- tuur van het koelvak in°C.

3sec. schakelt het appa- raat in of uit. Uitrusting 6 Uitrusting Uitrusting De uitrusting van uw apparaat is mo- delafhankelijk. 6.1 Legplateau Om de schappen naar wens te varië- ren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen.

  • "Plateau verwijderen", Pagina112 6.2 Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar Bewaar vers fruit en groente onver- pakt in de fruit- en groentelade. Bewaar gesneden fruit en groente af- gedekt of luchtdicht verpakt. Met de vochtigheidsregelaar kunt u de luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade aanpassen. Hierdoor kunt u vers fruit en verse groente lan- ger bewaren als bij een conventione- le bewaarmethode.
  • Fig. 3 De luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade kunt uafhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen door het verschuiven van de vochtigheidsregelaar instellen: ¡ Lage luchtvochtigheid bij overwe- gend bewaren van fruit, gemeng- de- of hoge belading. ¡ Hoge luchtvochtigheid bij over- wegend bewaren van groente of bij geringe belading. Afhankelijk van de soort levensmid- delen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswa- ter vormen. Het condenswater verwijderen met een droge doek en een lage lucht- vochtigheid via de vochtigheidsrege- laar instellen. Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente bui- ten het apparaat bewaren bij tempe- raturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv. ananas, bananen, citrusvruchten, au- gurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen. 6.3 Deurrekken Om het deurrek naar behoefte te vari- ëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaat- sen.
  • "Deurrek verwijderen", Pagina112 6.4 Accessoires Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model. Eierplateau Bewaar eieren veilig op het eierpla- teau.De Bediening in essentie nl

IJsblokjesschaal Gebruik de ijsblokjesschaal om ijs- blokjes te maken. IJsblokjes maken Gebruik voor het maken van ijsblok- jes uitsluitend drinkwater.

1. Vul de schaal voor ijsblokjes voor

¾ met drinkwater en plaats deze in het diepvriesvak. Maak vastgevroren levensmidde- len met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.

2. Om deijsblokjesschaal los tema-

ken de ijsblokjesschaal iets torde- ren of kort onder stromend water houden. De Bediening in essentie 7 De Bediening in essen- tie De Bediening in essentie 7.1 Apparaat inschakelen

1. Het apparaat elektrisch aansluiten.

  • Pagina101 Opmerking:Wanneer het apparaat eerder via het bedieningspaneel werd uitgeschakeld, 3sec. 3se- conden ingedrukt houden. a De temperatuurdisplays tonen een animatie en het bedieningspaneel is geblokkeerd. a Het apparaat is gebruiksklaar wan- neer de animatie is afgelopen en op elk temperatuurdisplay een LED brandt. a Het apparaat begint te koelen. a Er klinkt een waarschuwingssig- naal, het temperatuurdisplay (vries- vak) en "alarm" knipperen omdat het vriesvak nog te warm is.

2. Het waarschuwingssignaal met

alarm uitschakelen. a "alarm" gaat uit zodra de ingestel- de temperatuur is bereikt.

3. De gewenste temperatuur instellen.

  • Pagina103 7.2 Opmerkingen bij het ge- bruik ¡ Wanneer u het apparaat heeft in- geschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde tempe- ratuur wordt bereikt. Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. ¡ De behuizing rond het vriesvak wordt tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswa- ter in de zone van de deurafdich- ting. ¡ Wanneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd. ¡ De temperatuur in het apparaat va- rieert door de volgende condities: – Het aantal keer dat het apparaat wordt geopend – Beladingshoeveelheid – Temperatuur van de vers opge- slagen levensmiddelen – Omgevingstemperatuur – Direct instralend zonlicht 7.3 Machine uitschakelen ▶ 3sec. 3Seconden ingedrukt houden. 7.4 Temperatuur instellen Tip:Via de HomeConnectapp kunt u de temperaturen instellen, welke niet op het bedieningspaneel zijn weergegeven.nl Extra functies

Koelvaktemperatuur instellen ▶ Op de gewenste temperatuur druk- ken. De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4°C.

  • "Sticker "OK"", Pagina108 Vriesvaktemperatuur instellen ▶ Op de gewenste temperatuur druk- ken. De aanbevolen temperatuur in het vriesvak bedraagt −18°C. Extra functies 8 Extra functies Extra functies Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt. Via de HomeConnectapp kunnen andere aanvullende functies worden ingesteld. 8.1 Superkoelen Bij het Superkoelen koelt het koelvak zo koud mogelijk. Schakel Superkoelen in voor het be- waren van grote hoeveelheden le- vensmiddelen in het koelvak. Opmerking:Als Superkoelen is inge- schakeld, kan er meer geluid ont- staan. Superkoelen inschakelen ▶ Druk op super(koelvak). a "super"(koelvak) brandt. Opmerking:Na ca. 6 uur schakelt het apparaat over op de normale werking. Superkoelen uitschakelen ▶ Druk op super(koelvak). 8.2 Automatisch Supervrie- zen Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een la- gere temperatuur dan bij de normale werking. Hierdoor bevriezen de le- vensmiddelen sneller tot in de kern. De automatische Supervriezen scha- kelt in als u verse levensmiddelen in de achter op de grote diepvrieslade geplaatste driepvriesschaal of van rechts beginnend in de vlakke diep- vrieslade legt. Het automatische Supervriezen is af- fabriek geactiveerd. U kunt het auto- matische Supervriezen deactiveren. Als het automatische Supervriezen is ingeschakeld, brandt "super"(vries- vak) en er kunnen meer geluiden ont- staan. Het apparaat schakelt na het verstrij- ken van het automatisch Supervrie- zen op normale werking. Automatisch Supervriezen activeren ▶ super(vriesvak) 5Sekunden ge- drückt halten, bis 1 akustisches Signal ertönt. a Als er 2 akoestische signalen te horen zijn, is het automatische Su- pervriezen geactiveerd. Automatische Supervriezen deactiveren ▶ super(vriesvak) 5Seconden inge- drukt houden, tot een akoestisch signaal klinkt. a Als er 3 akoestische signalen te horen zijn, dan is het automatische Supervriezen gedeactiveerd. Automatische Supervriezen annuleren ▶ Druk op super(vriesvak).Alarm nl

8.3 Handmatig Supervriezen Bij het Supervriezen koelt het vries- vak zo koud mogelijk. Schakel Supervriezen 4 tot 6 uur voor het inladen van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in het vriesvak in. Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u Supervriezen.

  • "Voorwaarden voor invriesvermo- gen", Pagina109 Opmerking:Als Supervriezen is inge- schakeld, kan er meer geluid ont- staan. Handmatig Supervriezen inschakelen ▶ Druk op super(vriesvak). a "super"(vriesvak) brandt. Opmerking:Na ca. 50 uur schakelt het apparaat over op de normale werking. Handmatig Supervriezen uitschakelen ▶ Druk op super(vriesvak). 8.4 Sabbat-modus Opdat u het apparaat ook op sabbat kunt gebruiken, schakelt de Sabbat- modus alle niet absoluut benodigde functies uit. Tijdens de Sabbat-modus zijn de volgende functies uitgeschakeld: ¡ Superkoelen ¡ Automatische Supervriezen en handmatige Supervriezen ¡ Alarm ¡ Binnenverlichting ¡ Akoestische signalen ¡ Meldingen op het bedieningspa- neel Opmerking:Tijdens de Sabbat-mo- dus schakelt de verlichting van het bedieningspaneel uit. super(vries- vak) brandt met gereduceerde hel- derheid. Sabbat-modus inschakelen ▶ super(vriesvak) 15seconden in- gedrukt houden, totdat een tweede akoestische signaal klinkt. a "super"(vriesvak) brandt. Opmerking:Na ca. 80 uur schakelt het apparaat over op de normale werking. Sabbat-modus uitschakelen ▶ super(vriesvak) 15seconden in- gedrukt houden, totdat een tweede akoestische signaal klinkt. Alarm 9 Alarm Alarm 9.1 Deuralarm Als de deur van het apparaat langere tijd open staat wordt het deuralarm ingeschakeld. Er klinkt een waarschuwingssignaal, "alarm" knippert en de ingestelde temperatuur van het betroffen vak knippert. Deuralarm uitschakelen ▶ De apparaatdeur sluiten of op alarm drukken. a Het waarschuwingssignaal is uitge- schakeld. 9.2 Temperatuuralarm Wanneer het te warm is in het vries- vak, wordt het temperatuuralarm ge- activeerd. Er klinkt een waarschuwingssignaal, de ingestelde temperatuur (vries- vak)en "alarm" knipperen.nl HomeConnect

VOORZICHTIG Kans op gevaar voor de gezond- heid! Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven. ▶ Half of geheel ontdooide diepvries- waren niet opnieuw invriezen. ▶ Het voedsel pas na koken of bra- den opnieuw invriezen. ▶ De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten. Het temperatuuralarm kan in de volgende gevallen inschakelen: ¡ Het apparaat wordt in gebruik ge- nomen. Levensmiddelen pas in het appa- raat inruimen wanneer de ingestel- de temperatuur is bereikt. ¡ Er worden grote hoeveelheden ver- se levensmiddelen ingeruimd. Voor het in het apparaat inruimen van grote hoeveelheden levens- middelen Supervriezen inschake- len. ¡ De deur van het vriesvak is te lang geopend. Controleer of het diepvriesproduct deels of geheel is ontdooid. Temperatuuralarm uitschakelen ▶ alarm indrukken. a Het waarschuwingssignaal is uitge- schakeld. HomeConnect 10 HomeConnect HomeConnect Dit apparaat is geschikt voor netwer- ken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de HomeCon- nect app te bedienen. De HomeConnect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschik- baarheid van de functie HomeCon- nect is afhankelijk van de beschik- baarheid van de HomeConnect dien- sten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com. Om HomeConnect te kunnen gebrui- ken, dient u eerst de verbinding met het WLAN-thuisnetwerk (Wi-Fi

) en met de HomeConnect app te confi- gureren. Na het inschakelen van het apparaat ten minste 3minuten wachten tot de interne initialisatie van het apparaat is voltooid. Configureer pas dan Ho- meConnect. De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de HomeConnect app om de instellingen aan te bren- gen. Tip:Neem ook de aanwijzingen in deHomeConnectapp in acht. Opmerkingen ¡ Houd u aan de veiligheidsinstruc- ties in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u het apparaat via de HomeConnect app bedient.

  • "Veiligheid", Pagina93 ¡ De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de HomeConnectapp niet mogelijk.

Wi-Fi is een geregistreerd handelsmerk van de Wi-Fi Alliance.HomeConnect nl

op het mobiele eindapparaat.

2. De HomeConnect app starten en

de toegang voor HomeConnect instellen. De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. 10.2 HomeConnect instellen Vereisten ¡ De HomeConnectapp is op het mobiele eindapparaat geïnstal- leerd. ¡ Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).

1. De HomeConnect app openen en

de volgende QR-code scannen. RFSM0Z01

2. De aanwijzingen van de Ho-

meConnect app opvolgen. 10.3 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) in ▶ Op drukken. 10.4 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) uit ▶ Op drukken. 10.5 Update van de Ho- meConnectsoftware in- stalleren Opmerking:Wanneer een update van de HomeConnectsoftware be- schikbaar is, dan verschijnt een mel- ding in de HomeConnectapp. ▶ Volg om de update van de Ho- meConnectsoftware te installeren, de aanwijzingen in de HomeCon- nectapp op. a Tijdens de installatie is het bedie- ningspaneel deels geblokkeerd. 10.6 HomeConnect instellin- gen resetten Als het tot verbindingsproblemen van uw apparaat met uw thuisnetwerk (WiFi) komt of als u uw apparaat in een ander thuisnetwerk (WiFi) wilt aanmelden, kunt u de HomeCon- nectinstellingen terugzetten. ▶ 6seconden ingedrukt houden, totdat dooft. a De HomeConnectinstellingen zijn gereset. 10.7 Bescherming persoons- gegevens Neem de aanwijzingen m.b.t. de be- scherming van de persoonsgegevens in acht. Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de HomeConnect server (eerste registratie): ¡ Eenduidige identificatie van het ap- paraat (bestaande uit apparaat- sleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFicommunicatiemodule).nl Koelvak

¡ Veiligheidscertificaat van de WiFi- communicatiemodule (voor de in- formatietechnische beveiliging van de verbinding). ¡ De actuele software- en hardware- versie van uw huishoudapparaat. ¡ Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen. Bij de eerste registratie wordt het ge- bruik van de HomeConnect functio- naliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de HomeConnect functionaliteiten gebruik wilt maken. Opmerking:Let erop dat de Ho- meConnect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combina- tie met de HomeConnect app. Infor- matie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Ho- meConnect app. Koelvak 11 Koelvak Koelvak In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en brood en banket bewa- ren. De temperatuur is van 2°C tot 8°C instelbaar. Door de koelopslag kunt uook licht bederfelijke levensmiddelen opkorte ofmiddellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers. 11.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak ¡ Alleen verse en onbeschadigde le- vensmiddelen inruimen. ¡ Bewaar de levensmiddelen lucht- dicht verpakt of afgedekt. ¡ Om de luchtcirculatie niet te hinde- ren en het bevriezen van levens- middelen te vermijden, de levens- middelen niet direct tegen de ach- terwand plaatsen. ¡ Laat warme etenswaren en dran- ken eerst afkoelen. ¡ Houd de door de fabrikant vermel- de houdbaarheidsdatum of ge- bruiksdatum in acht. 11.2 Koudezones in het koel- vak Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones. Koudste zone De koudste zone is tussen de op de zijkant gestempelde pijl en het eron- der liggende legplateau. Tip:Bewaar snel bedervende levens- middelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees. Warmste zone De warmste zone bevindt zich hele- maal bovenaan in de deur. Tip:Bewaar minder gevoelige le- vensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar. 11.3 Sticker "OK" Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levens- middelen aanbevolen veilige tempe- ratuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn. De sticker OK wordt niet bij alle mo- dellen meegeleverd.Vriesvak nl

Wanneer de sticker OK niet weer- geeft, dan de temperatuur stapsge- wijze verlagen.

  • "Koelvaktemperatuur instellen", Pagina104 Na ingebruikneming van het appa- raat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. Correcte instelling Vriesvak 12 Vriesvak Vriesvak In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken. De temperatuur is van −16°C tot −24°C instelbaar. Langdurig bewaren van levensmidde- len moet opeen temperatuur van – 18°C of lager gebeuren. Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen ver- tragen of stoppen het bederven. 12.1 Invriescapaciteit Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoe- veel uur tot in de kern kan worden in- gevroren. Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje. →Fig. 1 /

Voorwaarden voor invriesvermogen

1. Ca. 24 uur vóór het inladen van

verse levensmiddelen, Supervrie- zen inschakelen.

  • "Handmatig Supervriezen in- schakelen", Pagina105

2. De levensmiddelen eerst in de on-

derste diepvrieslade leggen. 12.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken Kom te weten hoe u de maximale hoeveelheid diepvriesproducten in het vriesvak kunt doen.

1. Alle uitrustingsdelen verwijderen.

2. De levensmiddelen direct op de

bodem van het vriesvak stapelen. 12.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak ¡ Bewaar de levensmiddelen lucht- dicht verpakt. ¡ Breng in te vriezen levensmiddelen niet in aanraking met ingevroren levensmiddelen. ¡ De levensmiddelen naast elkaar in de diepvriesladen leggen. ¡ Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven. 12.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmidde- len ¡ Alleen verse en onberispelijke le- vensmiddelen bevriezen. ¡ Levensmiddelen per portie invrie- zen. ¡ Bereide levensmiddelen zijn beter geschikt dan rauw eetbare levens- middelen. ¡ Groente vóór het invriezen wassen, kleiner maken en blancheren. ¡ Fruit vóór het invriezen wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuur- oplossing toevoegen.nl Ontdooien

¡ Voor het invriezen geschikte le- vensmiddelen zijn bijv. bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild en gevogelte, eieren zonder schaal, kaas, boter, kwark, kant-en-klaar- gerechten en etensresten. ¡ Voor het invriezen ongeschikte le- vensmiddelen zijn bijv. kropsla, ra- dijsjes, eieren met schaal, druiven, rode appels en peren, yoghurt, zu- re room, crème fraîche en mayo- naise. Diepvrieswaren verpakken Geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking behouden in hoge mate de productkwaliteit en vermijden vriesbrand.

1. De levensmiddelen in de verpak-

2. De lucht eruit drukken.3. De verpakking luchtdicht afsluiten

om te voorkomen dat de levens- middelen hun smaak verliezen of uitdrogen.

4. De verpakking met de inhoud van

de invriesdatum voorzien. 12.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18°C Product Bewaartijd Vis, worst, klaarge- maakte gerechten, brood en banket Tot 6 maan- den Gevogelte, vlees Tot 8 maan- den Groente, fruit Tot 12 maan- den De erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van –18°C. 12.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren VOORZICHTIG Kans op gevaar voor de gezond- heid! Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven. ▶ Half of geheel ontdooide diepvries- waren niet opnieuw invriezen. ▶ Het voedsel pas na koken of bra- den opnieuw invriezen. ▶ De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten. ¡ Dierlijke levensmiddelen in het koelvak ontdooien, bijv. vis, vlees, kaas en kwark. ¡ Brood bij kamertemperatuur ont- dooien. ¡ Levensmiddelen voor directe con- sumptie in de magnetron, in de oven of op de kookplaat bereiden. Ontdooien 13 Ontdooien Ontdooien 13.1 Ontdooien in het koel- vak. Tijdens het gebruik vormen zich op de achterwand van het koelvak af- hankelijk van de werking waterdrup- pels of rijp. De achterwand van het koelvak ontdooit automatisch.

  • Fig. 4 Het dooiwater loopt via de dooiwater- goot in het afvoergat naar de ver- dampingsschaal en hoeft niet worden afgeveegd. Neem de volgende informatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming wordt vermeden: De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen →Pagina112.Reiniging en onderhoud nl

13.2 Ontdooien in het vries- vak Door hetvolledig automatische “NoF- rost”-systeem blijft hetvriesvak vorst- vrij. Ontdooien isniet nodig. Reiniging en onderhoud 14 Reiniging en onder- houd Reiniging en onderhoud Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken. De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn. 14.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging

1. Het apparaat uitschakelen.

2. Haal de stekker van het apparaat

uit het stopcontact. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

3. Alle levensmiddelen eruit halen en

op een koele plaats bewaren. Indien beschikbaar koelelementen op de levensmiddelen leggen.

4. Verwijder alle uitrustingsdelen en

accessoires uit het apparaat.

  • Pagina112 14.2 Apparaat schoonmaken WAARSCHUWING Kans op elektrische schok! Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedruk- reiniger gebruiken om het appa- raat te reinigen. Vloeistof in de verlichting of in de be- dieningselementen kan gevaarlijk zijn. ▶ Het afwaswater mag niet in de ver- lichting of in de bedieningselemen- ten terechtkomen. LET OP! Ongeschikte reinigingsmiddelen kun- nen de oppervlakken van het appa- raat beschadigen. ▶ Geen harde schuur- of afwas- sponsjes gebruiken. ▶ Geen scherpe of schurende reini- gingsmiddelen gebruiken. ▶ Geen sterk alcoholhoudende reini- gingsmiddelen gebruiken. Wanneer vloeistof in het afvoergat komt, kan de verdampingsschaal overstromen. ▶ Het sop mag niet in het afvoergat komen. Wanneer u uitrustingsdelen en acces- soires in de vaatwasser reinigt, kun- nen deze vervormen of verkleuren. ▶ Nooit uitrustingsdelen en accessoi- res in de vaatwasser reinigen.

1. Apparaat voorbereiden voor reini-

2. Het apparaat, de uitrustingsdelen,

de accessoires en de deurafdich- tingen met een vaatdoek, lauw wa- ter en een beetje pH-neutraal af- wasmiddel reinigen.

3. Met een zachte, droge doek gron-

4. De uitrustingsdelen plaatsen en de

apparaatdelen inbouwen.nl Reiniging en onderhoud

5. Het apparaat elektrisch aansluiten.

6. Doe de levensmiddelen in het ap-

paraat. 14.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. Reinig de dooiwatergoot en het af- voergat regelmatig, om ervoor te zor- gen dat het dooiwater kan weglopen.

1. Legplateau boven de fruit- en

groentelade verwijderen.

2. Reinig de dooiwatergoot en het af-

voergat voorzichtig, bijv. met een wattenstaafje.

  • Fig. 5 14.4 Onderdelen eruit halen Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het ap- paraat. Plateau verwijderen ▶ Het plateau aan de voorzijde optil- len , er uit trekken en verwijde- ren .
  • Fig. 6 Deurrek verwijderen ▶ Het deurrek omhoog tillen en ver- wijderen.
  • Fig. 7 Groente- en fruitlade verwijderen

1. Deurrek voor grote flessen verwij-

2. De fruit- en groentelade tot de aan-

3. Til de fruit- en groentelade aan de

voorzijde op en verwijder deze

  • Fig. 8 Diepvrieslade verwijderen

1. De diepvrieslade tot aan de aan-

2. De diepvrieslade vooraan optillen

  • Fig. 9 Ladefront verwijderen U kunt het ladefront van de fruit en groentelade en de vriesproductenla- de verwijderen voor het gemakkelij- ker schoonmaken. ▶ Druk de klikhaken aan de zijkant van de lade in en verwijder het ladefront middels een draaibewe- ging van de lade .
  • Fig. 10 14.5 Apparaatonderdelen de- monteren Als u uw apparaat grondig wilt reini- gen, kunt u bepaalde onderdelen uit uw apparaat demonteren. Legplateau boven de fruit- en groentelade Om de afdekking van de fruit- en groentelade grondig te reinigen, kunt u deze demonteren. Legplateau boven de fruit- en groentelade verwijderen

1. De fruit- en groentelade verwijde-

2. Het plateau boven de groentelade

verwijderen. →Pagina112 Legplateau boven de fruit- en groentelade inbouwen ▶ Het legplateau boven de groente- en fruitlade plaatsen.Storingen verhelpen nl

Storingen verhelpen 15 Storingen verhelpen Storingen verhelpen Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten. WAARSCHUWING Kans op elektrische schok! Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor repa- ratie van het apparaat. ▶ Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaan- sluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabri- kant of de klantenservice. Storing Oorzaak en probleemoplossing Apparaat koelt niet, in- dicaties en verlichting branden. Het presentatielicht is ingeschakeld.

1. Koppel het apparaat los van de voedingspanning.

Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.

Sluit het apparaat opnieuw aan. →Pagina101

4. Houd super(koelvak) ingedrukt, tot 4 akoestische

signalen hebben geklonken.

5. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt.

LED-verlichting functi- oneert niet. Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶ Neem contact op met de servicedienst. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bij- gevoegde overzicht van servicediensten. HomeConnect functi- oneert niet correct. Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶ Ga naar www.home-connect.com. Er klinkt een waar- schuwingssignaal, de ingestelde tempera- tuur (koelvak) en "alarm" knipperen. Deur van het koelvak is open. ▶ Sluit de deur van het koelvak. Er klinkt een waar- schuwingssignaal, de ingestelde tempera- tuur (vriesvak)en "alarm" knipperen. Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶ Druk op alarm. a Schakel het alarm uit. Vriesvakdeur is open.nl Storingen verhelpen

Storing Oorzaak en probleemoplossing Er klinkt een waar- schuwingssignaal, de ingestelde tempera- tuur (vriesvak)en "alarm" knipperen. ▶ Sluit de vriesvakdeur. Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt. ▶ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatie- openingen. Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen in- geruimd. ▶ Overschrijd het vriesvermogen niet.

  • "Invriescapaciteit", Pagina109 Temperatuur wijkt erg af van deinstelling. Verschillende oorzaken zijn mogelijk.

Schakel het apparaat uit. →Pagina103

2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in.

  • Pagina103 ‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw. ‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de tem- peratuur dan de volgende dag opnieuw. Bodem van het koel- vak is nat. De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt. ▶ De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.
  • Pagina112 Het apparaat bromt, borrelt, zoemt, gorgelt, klikt, of maakt knakge- luiden. Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit. Het automatische ontdooisysteem treedt in wer- king. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. Apparaat produceert geluiden. Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen. ▶ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. Flessen of containers raken elkaar. ▶ Haal flessen of containers van elkaar. Supervriezen is ingeschakeld. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.Opslaan en afvoeren nl

15.1 Stroomuitval Tijdens een stroomuitval stijgt de temperatuur in het apparaat, hierdoor verkort de bewaartijd en de kwaliteit van de diepvriesproducten vermin- dert. Op onze website van uw apparaat vindt in de technische gegevens de bewaartijd van de diepvriesproducten in geval van een storing. Opmerkingen ¡ Het apparaat tijdens een stroomuit- val zo weinig mogelijk openen en geen andere levensmiddelen inrui- men. ¡ De kwaliteit van de levensmiddelen onmiddellijk na de stroomuitval controleren. – Diepvriesproducten die ontdooid en warmer dan 5°C zijn, weg- gooien. – Licht ontdooide diepvriesproduc- ten koken of bakken en ofwel verbruiken of opnieuw invriezen. Opslaan en afvoeren 16 Opslaan en afvoeren Opslaan en afvoeren 16.1 Apparaat buiten gebruik stellen

1. Het apparaat uitschakelen.

2. Haal de stekker van het apparaat

uit het stopcontact. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

3. Alle levensmiddelen verwijderen.

4. Het apparaat reinigen.

5. Om de ventilatie van het interieur

te waarborgen het apparaat geo- pend laten. 16.2 Afvoeren van uw oude apparaat Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen op- nieuw worden gebruikt. WAARSCHUWING Kans op gevaar voor de gezond- heid! Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar gera- ken. ▶ Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen legplateaus en lades niet uit het apparaat ne- men. ▶ Kinderen uit de buurt van een af- gedankt apparaat houden. WAARSCHUWING Kans op brand! Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken. ▶ De buizen van de koudemiddel- kringloop en de isolatie niet be- schadigen.

1. De stekker van het netsnoer uit het

stopcontact trekken.

2. Het netsnoer doorknippen.

3. Voer het apparaat milieuvriendelijk

af. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoer- methoden. Dit apparaat is geken- merkt in overeenstem- ming met de Europese richtlijn 2012/19/EU be- treffende afgedankte elektrische en elektroni-nl Servicedienst

sche apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het ka- der aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten. Servicedienst 17 Servicedienst Servicedienst Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetref- fende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen. Opmerking:Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantie- voorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Eu- ropese Economische Ruimte be- draagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garan- tievoorwaarden. De garantievoor- waarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft. Gedetailleerde informatie over de ga- rantieperiode en garantievoorwaar- den in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servi- cedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en het volgnummer (Z-Nr.) van het appa- raat nodig. De contactgegevens van de service- dienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website. 17.1 Productnummer (E-Nr.), productienummer (FD) en volgnummer (Z-Nr.) Het productnummer (E-Nr.), het pro- ductienummer (FD) en het volgnum- mer (Z-Nr.) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

Om uw apparaatgegevens en de ser- vicedienst-telefoonnummers snel te- rug te kunnen vinden, kunt u de ge- gevens noteren. Technische gegevens 18 Technische gegevens Technische gegevens Koudemiddel, netto inhoud en overi- ge technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

Dit product bevat een lichtbron van energieklasse E. De lichtbron is lever- baar als reserveonderdeel en mag uitsluitend door een hiervoor getrain- de monteur worden vervangen. Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// eprel.ec.europa.eu/

. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-product- databank EPREL. Volg dan de aan- wijzingen bij het zoeken naar het mo- del op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E- nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Al- ternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU- energielabel.

Geldt alleen voor landen in de Europese Economische RuimteConformiteitsverklaring nl

18.1 Informatie over vrije software en opensource- software Dit product bevat softwarecomponen- ten die door de houders van de intel- lectuele eigendom als vrije software of opensourcesoftware zijn gelicenti- eerd. De informatie over de betreffende li- centie is in het huishoudapparaat op- geslagen. Daarnaast kunt u deze li- centie-informatie via de HomeCon- nect app raadplegen: 'Profiel -> Juri- dische informatie -> Licentie- informatie'.

Verder kunt u de licentie- informatie downloaden via de pro- ductwebsite. (Zoek daarvoor op de productwebsite naar uw apparaatmo- del en de bijbehorende documenta- tie.) In plaats daarvan kunt u de be- treffende informatie ook aanvragen via ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München. De broncode wordt u op verzoek ter beschikking gesteld. Zend een daartoe strekkend verzoek naar ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München. Onderwerp: „OSSREQUEST“ De kosten voor de afhandeling van uw verzoek worden u in rekening ge- bracht. Dit aanbod geldt gedurende drie jaar vanaf de datum van aan- koop of ten minste gedurende de pe- riode waarin wij support en reserve- onderdelen voor het betreffende ap- paraat bieden. Conformiteitsverklaring 19 Conformiteitsverkla- ring Conformiteitsverklaring Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richtlijn 2014/53/EU. Een uitvoerige RED conformiteitsver- klaring vindt u op het internet onder www.bosch-home.com op de pro- ductpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten. 2,4-GHz-band (2400–2483,5MHz): max. 100mW 5-GHz-band (5150–5350MHz + 5470–5725MHz): max. 150mW BE BG CZ DK DE EE IE el ES FR HR IT CY LI LV LT LU HU MT NL AT PL PT RO SI SK FI SE NO CH TR IS UK (NI) 5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. AL GA MD ME MK RS UK UA 5GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis.