PDM 250 A2 - Multimeter POWERFIX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PDM 250 A2 POWERFIX in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - PDM 250 A2 POWERFIX
Gebruikersvragen over PDM 250 A2 POWERFIX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PDM 250 A2 - POWERFIX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PDM 250 A2 van het merk POWERFIX.
GEBRUIKSAANWIJZING PDM 250 A2 POWERFIX
Veiligheidsaanwijzingen 58
Auteursrecht 60
Voor de ingebruikname. 60
Batterijplaatsen/ervangen 61
Ingebruikname 62
Overschrijdingsmelding 62
Gelikspanning meten (DC) 62
Wisselspanning meten (AC) 62
Wisselstroom meten (AC) 63
Gelijkstroom meten (DC) 63
Batterijtest. 64
Weerstand meten 64
Continuiteit controleren 65
Diode test 65
HOLD-functie 65
Bediening met een hand 66
Multimeter neerzetten/ophangen 66
Onderhoud / Reiniging 66
Onderhoud 66
Zekering verrangen 67
Reiniging 68
Milieurichtlijen en afvoerbepalingen. 68
Conformiteit 68
Service en garantie 69
Inleiding
Hartelijk bedankt dat u gekozen heeft voor een product van POWERFIX.
Met de POWERFIX digitale multimeter PDM 250 A2, hierna aangeduid met multimeter, kurz u geg- en wisselspanningen en geg- en wisselstromen meten. Met de multimeter kurz u bovendien weltstand meten en een batterij, een diode en continuiteit testen.
Bedoeld gebruik
Deze multimeter is nicht bedoeld voor gebruik binnen een bedrijf of voor commerciele doeleinden. De multimeter is uitsluitend bestemd voor privégebruik; elk ander gebruik geldt als Niet doelmatig. Deze multimeter voldoet aan alle voor CE-markering relevante richtlijnen en normen. Wijzigingen aan de multimeter die Niet door de fabrikant zichtoegestaan+kunnen de overeenstemming met deze richtlijnen en normen teniet doeen. Voor hierdoor veroorzaakte schade of storingen worden door de fabrikant geen enkele aansprakelijkheid aanvaard.
Gelieve de nationale voorschriften of wetten van het land van gebruik in acht te nemen.
Leveringsomvang
Multimeter
- 2 meetpennen (incl. meetsnoer)
Holster
9V blokbatterij
- Deze handleiding
Deze handleiding is voorzien van een uitklapbare omslag. Aan de binnenzijde van de omslag is de multimeter afgebeeld met benummering. De cijfers hebben de volgende betekenis:
1 Display
2 Holster
3 HOLD-toets (opsgaotoets)
4 Meetbereikschakelaar
5 COM-aansluiting (aarde)
6 V-aansluiting
7 Meetpennen (incl. meetsnoer)
8 10A-aansluiting
9 mA/Ω/BATT-aansluiting
10 Aan/uit-knop
Technische gegevens
| Display 3 1/2 digits LC-display, max. weergave: 1999 | |
| Meetsnelheid ca. 3 metingen/seconde | |
| Meetsnoorlengthe elk ca. 80 cm | |
| Batterijtype 9V blokbatterij | |
| Overspanningscategoriè CAT II 250 V | |
| Hold-functionie ja | |
| automatische polariteitsweergave ja | |
| Low-Bat-weergave ja | |
| Auto Power-OFF-functionie ja | |
| Bedrijfstemperatuur, luchtvochtigkeit | 0°C tot +40°C; max. 75 % relatieve luchtvochtigkeit |
| Opslagtemperatuur, luchtvochtigkeit | -10°C tot +50°C; max. 85 % relatieve luchtvochtigkeit |
| Afmetingen (b x h x d) 85 x 164 x 35 mm (zonder holster)93 x 178 x 52 mm (zonder holster) | |
| Gewicht 204 g (zonder holster, zonder batterij)345 g (met holster, zonder batterij) | |
| Veiligheidscontrole: | TÜV Rheinland GmbH |
Wijzigingen aan de technische specificaties en het ontwerp können zonder voorafgaande kennisgeving worden toegepast.
Gelijkspanning
| Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| 200mV | 0,1mV | ± (0, |
| 2V | 1mV | ± (0,8%+5) |
| 20V | 10mV | |
| 200V | 0,1V | |
| 250V | 1V | ± (1,0%+5) |
Ingangsimpedantie: 10MΩ
Overbelastingsbeveiliging: 250V DC/AC RMS
Wisselspanning
| Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| 2V | 1mV | ± (1,0%+5) |
| 20V | 10mV | |
| 200V | 0,1V | |
| 250V | 1V | ± (1,2%+5) |
Ingangsimpedantie: 10MΩ
Frequentiebereik: 40Hz tot 400Hz
Overbelastingsbeveiling: 250V AC RMS
Weergave: effectieve waarde (kwadratisch gemiddelde van de sinusgolf)
Gelijkstroom
| Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| 200μA | 0,1μA | ± (1,0%+5) |
| 2mA | 1μA | |
| 20mA | 10μA | ± (1,2%+5) |
| 200mA | 0,1mA | |
| 10A | 10mA | ± |
Overbelastingsbeveiliging: F1: F 250mA / 250V zekering
F2: F 10A / 250V zekering
Maximale ingangsstroom: 10A (ingangsstroom > 2A voor continu meten < 15 sec. en interval > 15 min.)
Wisselstroom
| Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| 2mA | 1μA | ± |
| 20mA | 10μA | ± (1,5%+5) |
| 200mA | 0,1mA | |
| 10A | 10mA | ± |
Overbelastingsbeveiliging: F1: F 250mA / 250V zekering
F2: F 10A / 250V zekering
Maximale ingangsstroom: 10A (ingangsstroom > 2A voor continu meten < 15 sec. en interval > 15 min.)
Frequeniebereik: 40Hz tot 400Hz
Weergave: effectieve waarde (kwadratisch gemiddelde van de sinusgolf)
Weerstand
| Bereik | Resolutie | Nauwkeurigheid |
| 200Ω | 0,1Ω | ± (1,0%+5) |
| 2kΩ | 1Ω | ± (0,8%+3) |
| 20kΩ | 10Ω | |
| 200kΩ | 0,1kΩ | |
| 2MΩ | 1kΩ | |
| 20MΩ | 10kΩ | ± (1,2%+3) |
Overbelastingsbeveiliging: 250V
Batteriicontrole
| Bereik | Verbruik |
| 1,5V | ±20mA |
| 9V | ±5mA |
De met ± aangegeven nauwkeurigheid (% van de weergave + aantal cijfers) is voor eenperiode van eenaar bij een omgevingstemperatuur van 18^ tot 28^ en een max. luchtvochtigheid van 75% gegarandeerd.
Veiligheidsaanwijzingen
Lees onderstaande aanwijzingen grondig door voordat u de multimeter voor de eerste keer gebruikt en neem alle waarschuwingen in acht, zichs wanner u ervaren bent in de omgang met elektronische apparatuur. Bewaar deze handleiding goed om er ook later op terug te kennen vallen. Wanner u de multimeter verkoopt of doorgeeft, geef dan in ieder geval ook deze handleiding erbij.

WAARSCHUWING! Dit symbol duidt op belangrijke instructies voor een veilig gebruik van de multimeter en ter bescherming van de gebruiker.

Dit symbol duidt op nadere informatie of aanwijzingen over het onderwerp.
Elektrische apparatuur behoort nicht in kinderhanden. Ook personen met beperkingen dieren elektrische apparatuur alleen binnen de grenzen van hun möglichkheden te gebruiken. Laat kinderen en personen met beperkingen nooit zonder toezicht elektrische apparatuur gebruiken. Deze kuren eventuele gevaren nicht altijd juist inschatten. Batterijen en keine onderdelen können bij inslikken levensgevaarlijk sein. Bewaar de batterij op een onbereikbare plek. Zorg direct voor medische assistentie wonneer een batterij is ingeslikt. Houd ook verpakkingsmateriaal, met name plastic zakken, buiten bereik. Er bestaat gevaar voor verstikking!
Als u merkt dat de multimeter rook, geur of vreme deluiden produeert, breek dan de meting onmiddelijk af. In dit geval dient de multimeter Niet verder te worden gebruikt en moet het worden nagekeken door een bevoegd onderhoudstechnicus. Adem in geen geval rook in van een eventuele brand in het apparaat. Als u toch rook heeft ingaedemd, raadpleeg dan onmiddelijk een arts. Het inademen van rook kan schadelijk zichn voor de gezondheid.
De meetpennen mogen alleen acheer de vingerbescherming worden vastgepak, waar er anders bij het meten gevaar bestaat op een elektrische schok!
Bij eventuele schade aan de multimeter of de meetpennen (incl. meetsnoer)月至 geen zich Niet meer worden gebruikt. Er bestaat dan gevaar op een elektrische schok!
Let vooral op uw verdigeid bij wisselspanningen vaneer dan 30V of gelijkspanninger vaneer dan 60V. Er bestaat dan gevaar op een elektrische schok!
Gebruik de multimeter nooit met geopende behuizing. Er bestaat dan gevaar op een elektrische schok!
Zorg ervoor dat u de meetpennen en de te meten aansluitingen tijdens de meting nicht aanraakt om een elektrische schok te voorkomen.
Gebruik de multimeter nicht in een native of vochtige omgeving. Zorg er ook voor dat uw handen en schoenen droog zich om het gevaar op een elektrisch schok te voorkomen!
Gebruik de multimeter nicht in de buurt van explosieve gassen, dampen of in een stoffige omgeving. Er bestaat dan explosiegevaar!
Let op dat er zich geen brandende voorwerpen (zoals kaarsen) op of in de buurt van de multimeter bevinden. Er bestaat dan brandgevaar!
Ga de vermelde maximale invoerwaarden voor de afzonderlijke meetbereiken Niet te boven. De multimeter kan anders worden beschadigd.

De aangegeven overspanningscategorie CAT II mag nicht worden overschreten. De multimeter kan anders worden beschadigd.
CAT II: Metingen aan elektrische en elektronische apparatuur die via hetlichtnet van stroom worden voorzien. Deze categorie omvat ook de categorie CAT I voor metingen aan schakelingen die Niet direct+zijn aangesloten op hetlichtnet (batterij, autoaccu, etc.).

Voordat u van meetbereik wisselt, dient de multimeter van het meetobject te worden losgekoppeld, anders kan de multimeter worden beschadigd.

Sluit bij het werkken met de meetpennen eerst de zwarte kabel aan op de COM-aansluiting voordat u de rode meetkabel aansluit. Verwijder eerst de rode meetpen als u de meetpennen wilt loskoppelen.

Sluit nooit een spanningsbron aan op de meetpennen als er continuiteit, watstandsmeting, diodetest of stroommeting geselecteerd is. De multimeter kan anders worden beschadigd.

De multimeter mag nicht wordenblootgesteld aan directe warmtebronnen (bijv. radiatoren), direct zonlicht of sterk kunstlicht. Vermijd ook enig contact met waternevel, waterdruppels en agressieve vloeistoffen. Gebruik de multimeter Niet in de buurt van water. De multimeter mag vooral nooit worden ondergedompeld (plaats geen met vloeistof gemulde voorwerpen, zoals een vaas of een glas op de multimeter). Zorg er tevens voor dat de multimeter Niet wordt blootgesteld aan hevige schokken of trillingen. Bovendien mogen er geen vreeimde voorwerpen in het apparaat verecht komen. De multimeter kan anders worden beschadigd.
Auteursrecht
De inhoud van deze handleiding is auteursrechtelijk beschermd en dient uitsluitend als bron van informatatie voor de lezer. Het kopiën of reproduceren van gegevens en informatatie is verboden zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de auteur. Dit geldt ook voor het commerciele gebruik van de inhoud en de gegevens. Tekst en afbeeldingen voldoen aan de stand der techniek op het moment van drukken.
Voor de ingebruikname
Neem de multimeter en het toebehoren uit de verpakking.
Controller de multimeter en het toebehoren op beschadigingen. Bij beschadigingen mag de multimeter nicht in gebruik worden genomen.
Batterijplaatsen/ervangen
De multimeter werk ist op een 9V blokbatterij. Om de batterij teplaaten of te verrangen gaat u als volgt te werk:

Zet de multimeter uit en verwijder alle meetsnoeren voordat u de multimeter opent!

Als de batterij leeg is verschijnt het symbol op het display [1]. Voor een juiste werkinq dient de batterij bij de eerstvolgende gelegenheid te worden verrangen.
- Verwijder het holster [2].
- Draai de twee schroeven aan de achterkant van de multimeter los en verwijder dechterzijde.

- Sluit de 9V batterij met de juiste polariteit (let op + en -) aan op de batterijclip enplaats de 9V batterij in het batterijvak.

- Plaats de awhile deveer terug en schroef deze vast met de twee schroeven.
- Plaats de multimeter waar in het holster [2].
Ingebruikname

Ga in geen geval de maximaal toelaatbare ingangswaarden te boven.
Verwijder voor het meten de afdekking van de meetpennen [7] en de meetsnoeren en zet de multimeter aan door het indrukken van de aan/uit-knop [10]. De multimeter beschikt over een automatische uitschakelfunctie (Auto Power-OFF) en gaat als deze langere fictid Niet worden gezruikt automatischuit. U kunt de multimeter echter ookrechtstreeks uitzieten met de aan/uit-knop [10].

Het meetresultaat is nauwkeuriger als u een zo laag möglichkt meetbereik gebruikt.
Overschrijdingsmelding
De multimeter beschicht over een overschrijdingsmelding. Als een meetwaarde de grens van het ingestelde meetbereik overschrijdt, verschijnt er op het display [1] de melding '1'. Schakel in dat geval indien möglich onmiddelijk om maar een hoger meetbereik of verwijder demeetpennen [7] van het meetobject.
Gelikspanning meten (DC)
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de V-gansluiting [6].
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het meetbereik voor gelijkspanning V op het gewenste bereik.
Stel als u geen idee heeft over de hoogte van de spanning eerst het maximale meetbereik in en schakel dan geleidelijk om maar de lagere bereiken tot er een bevredigend meetresultaat tot stand kommt.
- Sluit de meetpennen [7] aan op het meetobject.
- Het meetresultaat verschijnt nu op het display [1]. Een negatif meetresultaat worden gangegeven met een minteken voor demeetwaarde.
Wisselspanning meten (AC)
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de V-aansluiting [6].
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het meetbereik voor wisselspanning V~ op het gewenste bereik.
Stel als u geen idee heeft over de hoogte van de spanning eerst het maximale meetbereik in en schakel dan geleidelijk om maar de lagere bereiken tot er een bevredigend meetresultaat tot stand kommt.
- Sluit de meetpennen [7] aan op het meetobject.
- Het meetresultaat verschijnt nu op het display [1].
Wisselstroom meten (AC)
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de 10A-aansluiting [8] (voor stromen >200mA ) of op de mA/Ω/BATT-aansluiting [9] (voor stromen <200mA ).
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het meetbereik voor wisselstroom A^ op het gewenste bereik.
Stel als u geen idee heeft over de stroomsterkte eerst het maximale meetbereik in en schakel dan geleidelijk om maar de lagere bereiken tot er een bevredigend meetresultaat tot stand kommt.
- Sluit de meetpennen [7] aan op het meetobject.
- Het meetresultaat verschijnt nu op het display [1].
Gelijkstroom meten (DC)
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de 10A-aansluiting [8] (voor stromen >200mA ) of op de mA/Ω/BATT-aansluiting [9] (voor stromen <200mA ).
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het meetbereik voor gelijkstroom A = op het gewenste bereik.
Stel als u geen idee heeft over de stroomsterkte eerst het maximale meetbereik in en schakel dan geleidelijk om maar de lagere bereiken tot er een bevredigend meetresultaat tot stand kommt.
- Sluit de meetpennen [7] aan op het meetobject.
- Het meetresultaat verschijnt nu op het display [1]. Een negatif meetresultaat worden aangegeven met een minteken voor demeetwaarde.
Batterijtest
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de mA/Ω/BATT-aansluiting [9].
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het BATT-meetbereik op het desbetreffende bereik voor een batterijspanning van 1,5V of 9V.
- Sluit de rode meetpen [7] aan op de pluspool en de zwarte meetpen [7] op de minpool van de batterij.
- Het meetresultaat verschijnt nu op het display [1].

In de meetbereiken BATT 1,5V en BATT 9V wordt de te meten batterij belast met een interne wonderstand, zodate u praktische informatatie kriigt over de toestand en het functioneren van de geteste batterij.
Weerstand meten

Zorg ervoor dat er op de te meten onderdelen, schakelingen, componenten en andere meetobjecten absolut geen spanning staat en deze zijn ontladen. De multimeter kan anders worden beschadigd.
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de mA/O/BATT-aansluiting [9].
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het Ω-meetbereik op het gewenste bereik.
- Sluit de meetpennen [7] aan op het meetobject.
- Het meetresultaat verschijnt nu op het display [1].

Bij verbessarden >1M kan de meting enkele seconden duren. Wacht in dat geval totdat de meetwaarde zich heeft gestabiliseerd.

De meetpennen [7] dienen uitsluitend awhile de vingerbescherming te worden vastgepak om een fouf meetresultaat te voorkomen.

Voor metingen van lage waarstanden (200Ω bereik), kan de interne waarstand van de meetsnoren leiden tot een foufresultaat. Noteer om dit gegen te gaan eerst de meetwaarde met kortgesloten meetpennen en trek deze verwolgens af van de daadwerkelijk meetwaarde.
Continuiteit controeren

Zorg ervoor dat er op de te meten onderdelen, schakelingen, componenten en andere meetobjecten absolut geen spanning staat en deze zijn ontladen. De multimeter kan anders worden beschadigd.
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de mA/Ω/BATT-aansluiting [9].
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het Ω-meetbereik op de -stand.
- Sluit de meetpennen [7] aan op het meetobject.
- Als de onderstand lager is dan ca. 60 klinkt er een toon en het meetresultaat worden op het display [1] weergegeven.
Diodetest

Zorg ervoor dat er op de te meten onderdelen, schakelingen, componenten en andere meetobjecten absolut geen spanning staat en deze zijn ontladen. De multimeter kan anders worden beschadigd.
- Sluit het zwarte meetsnoor aan op de COM-aansluiting [5] en het rode meetsnoor op de mA/Ω/BATT-aansluiting [9].
- Zet de meetbereikschakelaar [4] in het Ω-meetbereik op de -stand.
- Sluit de rode meetpen [7] aan op de anode en de zwarte meetpen [7] op de kathode van de te testen diode.
- Op het display [1] dient de spanning in Volt te worden weergegeven. Als er darüber een '1' op het display [1] verschijnt, is de diode verkeerd om aangesloten of defect. Voer ten contrôle nog een meting uit met omgekeerde polen.
HOLD-functie
Door het indrukken van de HOLD-toets [3] kan de meetwaarde op het display [1] worden opgeslagen. Druk opnieuw op de HOLD-toets [3] om terug te keren maar de meetfunctie.
Bediening met één hand
U kunt de multimeter ook met een hand bedieren. Steek daartoe een meetpen [7] in een van de openings aan de Achterkant van het holster [2]. U kunt uw metingen dan gewoon blijven uitvoeren zonder dat u de multimeter hoeft neer te leggen.

Multimeter neerzetten/ophangen
U kunt de multimeter met behulp van het holster [2] neerzetten of ophangen. Klap om de multimeter neer te zetten de standard aan de achterkant van het holster [2]uit. Boven de standard bevindt zich ook een uitsparing om de multimeter te konnen ophangen.

Onderhoud / Reiniging
Onderhoud

Onderhoudswerkzaamheden zijn vereist als de multimeter beschadigd is, er vloeistof voorwerpen in de behuizingterecht zich gekomen, het aan regen of vochtigheid is blootgesteld, het is geallen of Niet maar behoren functioneert. In dit geval dient de multimeter Niet verder te worden gebruikt en moet deze worden nagekeken door een bevoegd onderhoudstechnicus. Neem contact op met een gekwalificeerdvakman als er onderhoudswerkzaamheden nodigহ.
Zekering verrangen
Voor het verwangen van de zekering gaat u als volgt te werk:

Zet de multimeter uit en verwijder alle meetsnoeren voordat u de multimeter opent!
- Verwijder het holster [2].
- Draai de twee schroeven aan de achterkant van de multimeter los en verwijder dechterzijde.

- Vervang de defekte zekering F1 (F 250mA / 250V) of F2 (F 10A / 250V) door een neue van hetzelfde type.

- Plaats de awhile deuer terug en schroef deze vast met de twee schroeven.
- Plaats de multimeter waar in het holster [2].
Reiniging

Zet de multimeter uit en verwijder alle meetsnoeren voordat u de multimeter reinigt!
Gebruik voor het reinigen een droge doek en geen oplos- of reinigingsmiddelen die kunststof aantasten. Zorg ervoor dat er geen vloeistof in de behuizing verecht kankommen. Gebruik bij sterkere verruiling alleen een enigszins vochtige doek.
Milieurichtlijnen en afvoerbepalingen

De met dit symbol gemarkeerde apparaten zijn onderhevig aan de Europeserechtlijke 2012/19/EU. Alle elektrische en elektronische apparatuur要去, geschaffen van het huisvul, via waaroor aangewezen inzamelpunten worden afgevoerd. Door een juiste afvoer van oude apparatuur voorkomt u schade aan het milieu en uw gezondheid. Informatie over het afvoeren van oude apparatuur is te verkrijgen bij uw gemeente en bij de winkel waar u dit product hebt aangeschaft.
Denk aan het milieu. Gebruike batterijen horen nicht bij het huisvuil. Deze dieren bij een inzamelpunt voor gebruike batterijen te worden afgegeven. Houdt u er rekening mee dat batterijen alleen in ontladen toestand in de waaroor bestemde verzamelcontainer mogen worden gedeponeerd, of dat wanner batterijen Niet volledig+zijn ontladen, er voorzieningen dienen te worden getroffen om kortsluiting te voorkomen.
Voer ook de verpakking op een milieuvriendelijk manier af. Karton kan ter recycling worden verzameld als oud papier of gedeponeerd bij openbare inzamelpunten. Meegeleverde folie en plastic kan via uw gemeente worden ingezameld en milieuvriendelijk worden afgevoerd.
Conformiteit

Dit apparaat beantwoordt aan de essentièle eisen en overige relevante voorschriften van de EMC-richtlijn 2004/108/EC, de laagspanningsrichtlijn 2006/95/EC en de RoHS-richtlijn 2011/65/EU. De conformiteitsverklaring vindt u ook aan het einde van每次都 handleiding.
Service en garantie
Garantie van TARGA GmbH
U krijgt op dit apparaat 3aar garantie vanaf de datum van aankoop. Gelieve de originele kassabon als bewijs van aankoop te bewaren. Lees voordat u het product in gebruik neemt de bijbehorende documentationatie of online help door. Mocht er een probleem optreden dat op deze manier Niet kan worden opgelost, neem dan contact op met once hotline. Houdt u bij elke navraag het artikelnummer of indien beschikbaar het serienummer bij de hand. In het geval dat een oplossing per telefon Niet mogelijk is, za once hotline er afhankelijk van de oorzaak van het probleem voor zorgen dat het probleem op andere wijze worden opgelost. Binnen de garantie worden het product bij materiaal- of fabricagefouten - maar ons goeddunken - Gratis gerepareerd of verrangen. Met de reparatie of verranging van het product begint geen neue garantietermiin. Verbruiksmaterialiaal zoals batterijen, accu's en lampen vallen buiten de garantie.
Uw wettelijke rechten ten opzichte van de verkoper zijn van toepassing afzonderlijk van deze garantie en worden hierdoor nicht beperkt.

Service
NL
Telefoon: 020-2013989
E-Mail: service.NL@targa-online.com
BE
Telefoon: 02-7001643
E-Mail: service.BE@targa-online.com
LU
Telefoon: 800-24143
E-Mail: service.LU@targa-online.com
IAN: 96765

Fabrikant
TARGA
GmbH
Coesterweg 45
59494 SOEST
GERMANY
Content
Introduction. 71
Intended use 71
Supplied items. 72
Technical data. 73
SimpelGids