Fresco 700 - Airconditioning Sonnenkönig - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Fresco 700 Sonnenkönig in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - Fresco 700 Sonnenkönig
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Fresco 700 - Sonnenkönig en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Fresco 700 van het merk Sonnenkönig.
GEBRUIKSAANWIJZING Fresco 700 Sonnenkönig
1 Veiligheidsmaatregelen Lees de gebruiksaanwijzing voor het eerste gebruik zorgvuldig door en volg de veilig- heidsinstructies op om schade door verkeerd of ondeskundig gebruik en ongeschikte omgevingsomstandigheden te voorkomen. Bewaar deze gebruiksaanwijzing, zodat u deze later nogmaals kunt raadplegen. Controleer het apparaat nadat u het uit de verpakking hebt gehaald op beschadigingen. Gebruik het apparaat niet als u vermoedt dat het is beschadigd. Raadpleeg in zo’n geval een deskundige. Het recyclebare verpakkingsmateriaal moet op de juiste manier worden weggegooid of op zo’n manier worden opgeborgen dat kleine kinderen er niet bij kunnen. Dit apparaat mag uitsluitend worden gebruikt waarvoor het uitdrukkelijk is ontwikkeld. Elk ander gebruik dient als onjuist en dus als gevaarlijk te worden beschouwd. De leverancier is niet aansprakelijk voor eventueel letsel van personen dat of eventuele materiële schade die op ondeskundig of verkeerd gebruik kan worden teruggevoerd. Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen die acht jaar of ouder zijn en door personen met verminderde lichamelijke, sensorische of psychische capaciteiten, of met onvoldoende ervaring en kennis, wanneer dit gebeurt onder toezicht of instructie over het veilig gebruik van het apparaat en mits deze personen de aan het gebruik verbon- den risico‘s begrijpen. Laat kinderen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen zonder toezicht de handelingen van de reiniging en het onderhoud niet uitvoeren. Zet het apparaat op een geschikte ondergrond, zodat gelekte vloeistoffen geen schade kunnen veroorzaken. Reparaties aan elektrische apparaten dienen uitsluitend door deskundigen te worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparaties en veranderingen aan het apparaat kunnen gevaarlijke gevolgen hebben voor de gebruiker. Als dit soort reparaties en ver- anderingen worden uitgevoerd, komt het recht op garantie te vervallen. Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door voordat u het toestel in gebruik neemt of er onderhoud aan pleegt. Volg alle veiligheidsinstructies nauwkeurig op. Doet u dat niet, dan kan dat tot ongelukken of schade leiden. Bewaar deze gebruiksaanwijzing goed, zodat u deze later nogmaals kunt raadplegen.75
- Dit apparaat is een mobiel airconditioningstoestel voor huishoudelijk ge- bruik.
- Gebruik dit airconditioningstoestel alleen volgens de in deze gebruiksaan- wijzing beschreven instructies.
- Controleer of de stroomtoevoer overeenkomt met de vereiste spanning (220-240 V/50 Hz).
- Controleer of de elektrische apparatuur de energie kan leveren die nodig is voor het airconditioningstoestel, naast de stroom die normaal voor ande- re apparaten (huishoudelijke apparaten, verlichting) nodig is. Zorg ervoor dat de maximale stroomafname, die op het typeplaatje van het airconditio- ningstoestel is aangegeven, niet wordt overschreden.
- Het toestel moet volgens de geldende installatievoorschriften op het stroom- netwerk worden aangesloten.
- Controleer of de vermogensschakelaar en de veiligheidsventielen van het systeem geschikt zijn voor een aanloopstroom van 7 A (normaal gesproken voor minder dan 1 seconde).
- De impedantiewaarde van de stroomtoevoer moet minder dan 0,219 ohm bedragen.
- De contactdoos van het systeem moet altijd over een efficiënte aardingslei- ding beschikken.
- Controleer of de stekker goed vastzit. Gebruik geen meervoudige contact- doos. Raak de stekker niet aan met natte handen. Controleer of de stekker schoon is.
- Gebruik de stekker niet om het airconditioningstoestel in of uit te schake- len. Gebruik daarvoor de knop ‘POWER’ op de afstandsbediening of op het bedieningspaneel.
- Plaats het airconditioningstoestel niet in ruimten waar er water op kan spat- ten, zoals een bijkeuken of wasserij.
- Dit toestel mag niet worden gebruikt door personen (onder wie kinderen) met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of mentale vaardigheden, tenzij zij instructies hebben gekregen over het gebruik van het toestel van iemand die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.76
- Controleer of de stekker uit het stopcontact is gehaald voordat u het toestel reinigt of verplaatst.
- Verplaats het airconditioningstoestel niet als het is ingeschakeld. Schakel het toestel eerst uit, controleer de condenswaterstand en leeg eventueel het reservoir.
- Wilt u het toestel loskoppelen van het stroomnetwerk, druk dan op de knop ‘OFF’ op de afstandsbediening en haal de stekker uit het stopcontact. Trek daarbij alleen aan de stekker zelf. Trek niet aan het snoer.
- Schakel het toestel niet in als het snoer of de stekker is beschadigd. Is de voedingskabel beschadigd, dan moet deze bij de klantenservice worden omgeruild om risico’s te voorkomen. WAARSCHUWING!
- Steek geen voorwerpen in het airconditioningstoestel. Dat is riskant, omdat de lucht heel snel wordt rondgeblazen.
- Controleer of de lucht vrij kan circuleren. Verstop de luchtaanzuig- en luchtafvoerroos- ters niet met gordijnen of op een andere manier.
- Het airconditioningstoestel moet op minstens 50 cm afstand van de muur of een ander object en op een vlakke, stabiele ondergrond worden neergezet, zodat er geen water uit het toestel kan lekken.
- Het airconditioningstoestel is voorzien van een beveiligingssysteem, zodat de compressor niet overbelast raakt. Dit systeem zorgt ervoor dat de compressor minimaal 3,5 minuut nadat deze is uitgeschakeld weer wordt ingeschakeld. Als u het airconditioningstoestel inschakelt, gaat de ventilator aan. De compressor wordt echter pas ingeschakeld nadat de led HEATING of COOLING 3,5 minuut heeft geknipperd. Dankzij deze voorzorgsmaat- regel raakt de compressor niet beschadigd.
- Zet het airconditioningstoestel niet in direct zonlicht. De kleur van de onderdelen kan anders verbleken of veranderen. Daarnaast kan het beveiligingsmechanisme van het toestel door eventuele oververhitting worden geactiveerd, waardoor het toestel wordt uitgeschakeld.
- Gebruik geen insecticide, olie of spuitlak in de buurt van het apparaat. Gebruik geen agressieve chemische reinigingsmiddelen om de behuizing te reinigen, omdat die de fijne afwerking en de kleur kunnen beschadigen.
- Sluit alle geopende ramen, zodat het toestel optimaal werkt.
- De fabrikant is niet aansprakelijk als de veiligheidsvoorschriften niet worden opgevolgd.77
2 Uitpakken – handleiding BELANGRIJK: Wacht voordat u ten minste 12 uur na het uitpakken van de apparatuur te gebruiken!
1. Zet het toestel rechtop en in de juiste positie neer voordat u het uitpakt.
2. Snijd beide verpakkingsbanden door.
3. Schuif het karton omhoog om het van de onderkant af te halen.
4. Pak de grepen aan de zijkanten van het toestel en til het op uit de verpakking.
5. Kantel het toestel licht om de afzuigslang eronder vandaan te halen, zoals op de af-
6. Monteer de afzuigslang op het toestel voordat u het toestel in gebruik neemt.78
3 Beschrijving van het toestel Beperkingen min./max. (binnentemperaturen): Koeling: 17 °C – 13 °C / 32 °C – 23 °C Verwarming: 10 °C / 32 °C Ontvochtiging: 10 °C / 32 °C Als de binnentemperatuur daalt, kan het dat het toestel minder goed werkt. Lukt het niet om de gewenste temperatuur te bereiken, gebruik dan nog een verwarmingstoestel.
1. Bedieningspaneel – functietoetsen zon-
3. Koudeluchttoevoer (koeling)
4. Koppelstuk voor afzuigslang.
(verwarming – koudeluchttoevoer)
5. Aansluiting voor afzuigslang
7. Grepen aan zijkant
8. Opening condenswaterafvoer
(koeling en verwarming)
9. Vak voor afstandsbediening
10. Koppelstuk voor afzuigslang
(koeling – heteluchttoevoer)
13. Grepen aan zijkant
Vooraanzicht: koeling en ontvochtiging Achteraanzicht: verwarming (16)79
4 Het toestel in gebruik nemen Digitale afstandsbediening Koppelstuk voor afzuigslang (verwarming – koudelucht- toevoer) Ronde aansluiting tussen het eindstuk van de slang en de platte stekker. Koppelstuk voor afzuigslang (koeling – heteluchttoevoer) Platte stekker voor luchtafvoer die wordt aangesloten en tussen de raamvleugels wordt geplaatst. Batterij voor afstandsbediening (type CR2025) buis flexibel Meegeleverde onderdelen (zie afbeeldingen ernaast).80
Zet het toestel rechtop neer op een vlakke, stabiele ondergrond, indien mogelijk in de buurt van een raam. Zet het toestel op minstens 50 cm afstand van de muur of andere objecten neer. Koeling - Achteraanzicht Verwarming - Achteraanzicht Sluit de afzuigslang aan op het koppelstuk van de slang voor de warmeluchtafvoer (1). Draai de slang met de klok mee (volg de pijl) en bevestig deze aan het toestel (2). Sluit de ronde verbinding aan op de slang en trek de slang ver genoeg naar buiten (maximaal 400 mm). Sluit de slang eventueel aan op de platte stekker. Wilt u de slang verwijderen, draai deze dan tegen de klok in (volg de pijl) (3). Sluit de afzuigslang aan op het koppelstuk van de slang voor de koudeluchtafvoer (1). Draai de slang met de klok mee (volg de pijl) en bevestig deze aan het toestel. Sluit de ronde verbinding aan op de slang en trek de slang ver genoeg naar buiten (maximaal 400 mm). Sluit de slang eventueel aan op de platte stekker. Wilt u de slang verwijderen, draai deze dan tegen de klok in (volg de pijl) (3).81
Wisselen van koeling naar verwarming achteraanzicht Koppel de flexibele slang en het koppelstuk los en draai het toestel 180°. Steek de aansluiting voor koudeluchtafvoer en de flexibele slang in de achterkant van de toestel. Gebruik van het toestel met aansluiting voor raam Sluit de aansluiting aan op het eindstuk (4). Open het raam en blokkeer een van de raamvleugels met de greep. Steek de slang tussen de raamvleugels en sluit de andere vleugel zo veel mogelijk.82
Dit toestel kan voor koeling, ontvochtiging en verwarming worden gebruikt. Als u naar een andere gebruiksmodus overschakelt, blijft de ventilator ingeschakeld. De compressor wordt echter uitgeschakeld en gaat pas na 3,5 minuut weer aan. Deze startvertraging beschermt de compressor tegen eventuele beschadiging. BELANGRIJK! Plaats het airconditioningstoestel voor de functies ‘koeling’ en ‘ontvochtiging’ met het bedieningspaneel en de brede luchtuitlaat naar voren. Kies vervolgens met de afstandsbediening of via de knop FUNC op het bedieningspaneel de functies ‘COOLING’ (koeling) en ‘DEHUMIDIFY’ (ontvochtiging) (zie hoofdstuk ‘GEBRUIKSMODI’). Draai het toestel voor de verwarmingsfunctie 180°, zodat het bedieningspaneel aan de andere kant komt te zitten en de smalle luchtuitlaat aan de voorkant. Kies vervolgens met de afstandsbediening of via de knop FUNC op het bedieningspaneel de functie ‘HEATING’ (verwarming) (zie hoofdstuk ‘GEBRUIKSMODI’). Zorg ervoor dat de slang niet te veel wordt gebogen. Steek de stekker in een geschikt stopcontact (220-240 V). 5 Gebruiksmodi van het airconditioningstoestel83
De afzuigslang moet continu op het toe- stel zijn aangesloten tenzij u de ontvoch- tigingsfunctie gebruikt. In dat geval wordt aanbevolen het apparaat de lucht recht- streeks in de ruimte te laten uitstoten voor maximale efficiëntie (zie paragraaf over de gebruiksmodus ‘ontvochtiging’). Reinig de luchtfilters onder de eenvoudig verwijderbare zijpanelen regelmatig, zodat het toestel efficiënt blijft werken. Koeling Ontvochtiging Verwarming84 6 Gebruiksmodi
1. cooling-modus (KOELING)
- Het toestel staat als u het voor de eerste keer inschakelt in de gebruiksmodus ‘Coo- ling’, met een vooraf ingestelde temperatuur van 25 °C. De led COOLING gaat uit.
- De temperatuur kan tussen 17 °C en 30 °C worden ingesteld.
- Als u in deze gebruiksmodus op de knop ‘POWER’ drukt, en daarmee het apparaat uitschakelt, wordt de ingestelde temperatuur opgeslagen voor als u het toestel weer inschakelt.
- In deze gebruiksmodus kunnen de snelheid van de ventilator (Speed ) en de functies Timer en SLEEP worden ingesteld.
- Voor een stillere werking zet u de snelheid zo laag mogelijk (LO).
2. Gebruiksmodus ‘dehumidify’ (ONTVOCHTIGING)
- Druk op de knop FUNC om de ontvochtigingsfuntie te kiezen. De led DEHUMI- DIFY gaat uit.
- De temperatuur wordt door een printplaat gestuurd en kan niet wordt ingesteld. Als u in deze gebruiksmodus op de knop ‘POWER’ drukt, en daarmee het apparaat uitschakelt, worden de instellingen opgeslagen voor als u het toestel weer inschakelt.
- In deze gebruiksmodus kan de timer wordt ingesteld.
- De snelheid van de ventilator is van tevoren vastgesteld (LO) en kan niet worden ingesteld. Belangrijk Het airconditioningstoestel verkoelt de ruimte niet als u de ontvochtigingsfunctie gebruikt. Sluit de afzuigslang niet aan als u het toestel als ontvochtiger gebruikt. Laat voor maximale ontvochtiging de afzuigaansluiting aan de achterkant vrij, zodat het toestel de lucht rechtstreeks in de ruimte kan uitstoten. De ontvochtigingsmodus wordt in de herfst en de winter aangeraden. Gebruikt u deze functie in de zomer, dan moet de afzuigslang zijn aangesloten, zodat de warme lucht naar buiten en niet in de ruimte wordt afgevoerd. Sluit als u de ontvochtigingsfunctie gebruikt de continue afvoer aan (zie paragraaf ‘CONDENSWATER WEGGOOIEN’) NL85
3. Gebruiksmodus ‘heating’ (VERWARMING)
Als u het airconditioningstoestel in de verwarmingsmodus wilt gebruiken, koppelt u de flexibele slang en het koppelstuk los en draait u het apparaat 180°. steek de aansluiting voor koudeluchtafvoer en de flexibele slang in de achterkant van de toestel.
- Druk op de knop FUNC om de verwarmingsfunctie te kiezen. De led HEATING gaat uit
- De temperatuur is standaard op 25°C ingesteld.
- De temperatuur kan tussen 15°C en 25°C worden ingesteld.
- Als u in deze gebruiksmodus op de knop ‘POWER’ drukt, en daarmee het appa- raat uitschakelt, wordt de ingestelde temperatuur opgeslagen voor als u het toestel weer inschakelt.
- De snelheid van de ventilator is van tevoren vastgesteld (HI) en kan niet worden ingesteld.
- In deze gebruiksmodus kunnen de timer en de SLEEP-functie worden ingesteld. NL86
Het toestel laat het condenswater in de koelings- en verwarmingsmodus automatisch verdampen. Controleer als u de koeling of verwarming gebruikt of de rubberen afdich- ting, waarmee de afzuigopening aan de zijkant is afgesloten juist is geplaatst. Sluit de continue afvoer niet aan als u het toestel in de koelings- of verwarmingsmo- dus gebruikt. Alleen in bijzondere omstandigheden, wanneer de luchtvochtigheid zeer hoog is, kan er zich water in het apparaat verzamelen. Als het interne reservoir vol is, verschijnt op het bedieningspaneel ‘E4’ en wordt er weergegeven hoe vol het reservoir is. Vervolgens wordt het apparaat uitgeschakeld. Koeling en verwarming Als u het reservoir gaat legen, moet u het aircon- ditioningstoestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen. Verwijder de afdichtdop rechts onderaan (vooraanzicht, koeling) en sluit daar een kleine slang op aan om het condenswater te laten weglopen. Sluit het andere eind van de slang op een normale waterafvoer aan. Controleer of de slang niet verdraaid of gebogen is. De slang moet naar beneden lopen. Doe de dop weer op de afzui- gopening en schakel het toestel weer in. Ontvochtiging WAARSCHUWING! Als u het toestel in de ontvochtigingsmodus gebruikt, wordt aangeraden altijd de continue afvoer aan te sluiten voor maximale efficiëntie bij de ontvochtiging. Als u het reservoir gaat legen, moet u het aircon- ditioningstoestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen. Verwijder de afdichtdop rechts onder het rooster (achteraanzicht, ontvochtiging) en sluit daar een kleine slang op aan om het con- denswater te laten weglopen. Sluit het andere eind van de slang op een normale waterafvoer aan. 7 Condenswater weggooien87
8 Bedieningspaneel en afstandsbediening (1) Signaalzender (2) Knop in-/uitschakelen (power ) Druk op de knop ‘POWER’ om het airconditioningstoestel in of uit te schakelen. Als u het toestel inschakelt, is het nog steeds zo ingesteld als toen u het uitschakelde (opslagfunctie). (3) Knop voor functieselectie (func ) Druk op deze knop om een van de verschillende gebruiksmodi te kiezen. (4) (5) Knop temperatuurinstelling Temperatuur verhogen ( ):
1) Hiermee kunt u de gewenste temperatuur in de gebruiksmodi ‘koeling’ en ‘verwarming’ instellen
2) Telkens als u op de knop ( ), drukt, wordt de ingestelde temperatuur met 1 °C ver-
hoogd. Als u de knop ingedrukt houdt, stijgt de temperatuur continu.88
Temperatuur verlagen ( ):
1) Hiermee kunt u de gewenste temperatuur in de gebruiksmodi ‘koeling’ en ‘verwar-
2) Telkens als u op de knop ( ) drukt, wordt de ingestelde temperatuur met 1 °C ver-
laagd. Als u de knop ingedrukt houdt, daalt de temperatuur continu. (6) Weergave in bedrijf Op het scherm worden de temperatuur en de ingestelde timer weergegeven. Als u de temperatuur en de timer instelt, worden de nieuwe instellingen enkele seconden op het bedieningspaneel weergegeven. Vervolgens wordt de kamertemperatuur weer op het scherm weergegeven. Het scherm geeft ook problemen aan. Probleem Oorzaak Oplossing E1-E2 Defecte temperatuursensor of PCB. Neem contact op met de klantenservice.
Reservoir vol of stekker niet goed in stopcontact. Leeg het reservoir. Controleer of de stekker goed in het stopcontact is gestoken.Druk vervolgens op de knop . (7) Knop ventilatorsnelheid Druk op deze knop als de koelingsmodus is ingeschakeld om de ventilatorsnelheid in te stellen. Hoge snelheid: De led HI wordt ingeschakeld Middelmatige snelheid: De led MID wordt ingeschakeld Lage snelheid: De led LO wordt ingeschakeld Als u op de knop AUTO drukt, wordt de ventilatorsnelheid automatisch ingesteld op een van de 3 mogelijke instellingen: hoog (HI), middelmatig (MID), laag (LO). Hoog Middelmatig Laag Gebruikt u het toestel in de verwarmingsmodus, dan wordt de ventilatorsnelheid au- tomatisch op de maximale waarde en de ontvochtigingsmodus op de minimale waarde ingesteld.89
(8) KNOP ‘TIMER OFF’ (automatisch uitschakelen) Als het toestel is uitgeschakeld, kunt u aangeven wanneer u wilt dat het weer wordt ingeschakeld:
- Kies een periode van minimaal 1 en maximaal 24 uur.
- Telkens als u op de KNOP ‘TIMER’ drukt, wordt de periode met 1 uur verlengd, tot maximaal 24 uur.
- Als u op de KNOP drukt voordat de ingestelde periode is afgelopen, wordt de instelling gewist en wordt het toestel uitgeschakeld.
1. Als u één keer op deze knop drukt, wordt de SLEEP-functie ingeschakeld en verschijnt
de bijbehorende weergave op het scherm. Als u twee keer op deze knop drukt, wordt de SLEEP-functie uitgeschakeld en verdwijnt de bijbehorende weergave van het scherm.
2. Schakelt u de SLEEP-functie in de koelingsmodus in, dan wordt de ingestelde tempe-
ratuur de volgende twee uur automatisch na één uur met 1 °C verhoogd. De rest van de tijd verandert de temperatuur niet.
3. Schakelt u de SLEEP-functie in de verwarmingsmodus in, dan wordt de ingestelde
temperatuur de volgende twee uur automatisch na één uur met 0,5 °C verlaagd. De rest van de tijd verandert de temperatuur niet.
4. Als u het apparaat uitschakelt, wordt de SLEEP-functie ook uitgeschakeld. Wilt u de
SLEEP-functie weer inschakelen, dan drukt u gewoon op de knop ‘SLEEP’90
9 Afstandsbediening Temperatuur hoger TIMER SLEEP FUNC Modusselectie
richt de zender van de afstandsbediening voor een optimale werking op de ontvanger op het airconditioningstoestel. Batterij afstandsbediening Plaats de batterij in de afstandsbediening. Let goed op de polariteit. Gebruik alleen batterijen van het type CR2025 3 V Li, overeenkomstig EU-richtlijn 2006/66/EG (meegeleverd met de afstandsbediening). Haal de batterij eruit als u de afstandsbediening een maand of langer niet gebruikt. Probeer de batterij niet op te laden. Verbrand de batterijen in geen enkel geval. Ze kunnen anders ontploffen. De batterijen in de afstandsbediening plaatsen of eruit halen zie afbeelding hieronder) Open het batterijvak aan de achterkant van de afstandsbediening (druk op het deksel en haal het eraf). Plaats de batterij en let daarbij op de polariteit. Plaats het deksel weer terug.92 10 Onderhoud Waarschuwing! Haal de stekker uit het stopcontact voordat u begint met de reiniging of het onderhoud.
1. De luchtfilters reinigen
De luchtfilters moeten telkens als u het airconditioningstoestel twee weken hebt gebruikt minstens één keer worden gecontroleerd. Als u het toestel gebruikt met vuile of verstopte filters, werkt het toestel minder goed en kan dit bovendien tot ernstige storingen leiden. Verwijder de filters door de bovenkant van beide aanzuigroosters aan de zijkant los te maken en de filters voorzichtig omhoog te tillen en eruit te nemen. Verwijder het stof van de filters met een stofzuiger. Zijn de filters daarna nog niet schoon, neem ze dan af met lauwwarm water en eventueel een neutraal reinigingsmid- del. Spoel ze vervolgens af en laat ze vanzelf drogen voordat u ze terugplaatst. Sluit de roosters nadat u de filters hebt teruggeplaatst. Nu kunt u het airconditioningstoestel weer gebruiken.
2. De behuizing reinigen.
Reinig de buitenkant van het airconditioningstoestel met een zachte, vochtige doek. Gebruik geen heet water, oplosmiddel of andere agressieve chemische verbindingen, talkpoeder of borstels, anders kan het oppervlak beschadigd raken of de kleur van de behuizing veranderen. Vlekken kunt u met lauwwarm water en wat neutraal reinigings- middel verwijderen. Giet geen water over het airconditioningstoestel om het te reinigen. De onderdelen in het toestel kunnen anders beschadigd raken en er kan kortsluiting ontstaan. NL93
Gaat u het airconditioningstoestel langere tijd niet gebruiken, reinig dan de filters voordat u het toestel opbergt. Berg het toestel altijd rechtop op. Leg geen zware voor- werpen op het oppervlak en bescherm het toestel indien mogelijk met een kunststof bedekking.
Vervoer het airconditioningstoestel indien mogelijk rechtop. Is dit niet mogelijk, leg het dan op de rechterkant. Zet het toestel bij aankomst op de bestemming meteen weer rechtop en wacht minstens 12 uur voordat u het weer gebruikt.
5. Controleer het netsnoer regelmatig voor maximale veiligheid van het toestel. Is het
door gebruik beschadigd geraakt, neem dan contact op met de klantenservice. NL94
11 Aanbevelingen Controleer het volgende:
- Of het aanzuig- en uitvoerrooster van het toestel vrij zijn.
- Of de luchtfilters schoon zijn. Is een filter vies, dan kan de lucht er niet goed door- heen en werkt het toestel minder goed.
- Of deuren en ramen gesloten zijn, zodat er geen onbehandelde lucht van buiten naar binnen kan.
- Of de slang juist is geplaatst en niet gebogen is. VERORDENING (EG) Nr. 842/2006 gefluoreerde bloeikasgassen 842/2006 Voorkom de uitstoot van R410A in de atmosfeer. R410A is een gefluoreerd, door het Protocol van Kyoto beschermd broeikasgas met een aardopwarmingsvermogen (GWP, global warming potential) van 2088. 12 Garantie / verwijdering / technische wijzigingen Garantie De apparaten worden voordat ze worden geleverd uitgebreid gecontroleerd. Treedt er desondanks toch een defect aan uw apparaat op, neem dan contact op met de verkoper. Toon daarbij uw aankoopbewijs, omdat u dit nodig hebt om van de garantie gebruik te kunnen maken. Verwijdering De verwarming moet op de juiste manier worden weggegooid Technische wijzigingen Wijzigingen aan de techniek en het ontwerp voorbehouden. Bewaar de verpakking van het apparaat goed. CE markering Het apparaat voldoet aan de volgende normen: EN 60335-2-40:2003+A11:2004+A12:2005+A1:2006+A2:2009 EN 60335-1:2002+A11:2004+A1:2004+A12:2006+A2:2006+A13:2008+A14:2010+A15:2011 EN 62233:2008 EN 55014-1:2006+A1:2009+A2:2011 EN 55014-2:1997+A1:2001+A2:2008 EN 61000-3-2:2006+A1:2009+A2:2009 EN 61000-3-3:200895
Notice-Facile