555GM - Verwarming DOVRE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 555GM DOVRE in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - 555GM DOVRE
Gebruikersvragen over 555GM DOVRE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verwarming in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 555GM - DOVRE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 555GM van het merk DOVRE.
GEBRUIKSAANWIJZING 555GM DOVRE
- Inleiding 4
- Veiligheid 4
- Installatievoorschrift ....5
3.1. Vooraf 5
3.1.1. De schoorsteen....5
3.1.2. Ventilatie van het lokaal....6
3.1.3. Vloer, wanden....6
3.2. Voorbereidende werkzaamheden....7
3.2.1. Montage van poten en asvang 7
3.2.2. Rookgasuitgang....7
3.2.3. Montage van de "koude hand" (450 - 555GM)......8
3.3. Afwerking 8
3.4. Verpakkingsmaterialen....8
- Gebruiksaanwijzing 9
4.1. Brandstof 9
4.2.Aanmaken....9
4.3. Stoken met hout....10
4.4. Stoken met kolen....10
4.5. Ontassen....11
4.6. Doven....11
4.7. Weersomstandigheden 11
- Onderhoud....12
Bijlage 1 : Technische gegevens ....41
Bijlage 2 : Afmetingen ....42
Bij deze haard ontvangt u deze installatievoorschriften en gebruiksaanwijzing. U vindt er naast instructies voor het plaatsen en informatie over het gebruik, ook adviezen omtrent veiligheid en onderhoud.
Lees dit boekje zorgvuldig, vooraleer met de plaatsing aan te vatten en het toestel in gebruik te nemen.
Bewaar dit boekje, zodat een volgende gebruiker er zijn voordeel mee kan doen.
1. Inleiding
Met de aankoop van een DOVRE heeft u een kwaliteitsproduct gekocht, een toestel dat symbool staat voor een nieuwe generatie energiezuinige en milieuvriendelijke verwarmingstoestellen, waarbij optimaal gebruik wordt gemaakt van zowel convectiewarmte als stralingswarmte. Door toepassing van een revolutionair verbrandings-concept levert een DOVRE verbluffende resultaten en voldoet aan de strenge milieu- en veiligheidsnormen. Daarbij kunt u blijven genieten van een mooi vlammenspel.
De toestellen worden geproduceerd volgens ISO 9002 en met de modernste productiemiddelen.
Mocht er onverhoopt toch iets aan uw toestel mankeren, dan kunt u altijd een be-roep doen op de DOVRE service. Het toestel mag niet gewijzigd worden en gebruik steeds originele onderdelen.
Dit toestel is ontworpen om te worden geplaatst in een woonruimte en hermetisch aangesloten aan een rookgasafvoerkanaal (schoorsteen).
Een vakkundige plaatsing, een goedwerkende schoorsteen en een afdoende verluchting zijn een waarborg voor een langdurige en feilloze werking van Uw toestel.
Laat u bij plaatsing en aansluiting adviseren of helpen door een vakman.
2. Veiligheid
Het toestel is ontworpen voor verwarmingsdoeleinden. Dit houdt in dat alle oppervlaktes, inclusief het glas, zeer heet kunnen worden (> 100°C).
Plaats geen gordijnen, kleren, wasgoed, meubels of andere brandbare materialen bovenop of in de nabijheid van het toestel.
Het is raadzaam, na installatie van de haard, deze enige uren op de hoogste stand te stoken en daarbij tevens goed te ventileren, zodat de hittebestendige lak de kans heeft om uit te harden. Dit kan gepaard gaan met enige rookontwikkeling, doch deze verdwijnt vanzelf na enige tijd.
Regelmatige reiniging en onderhoud van toestel en schoorsteen is noodzakelijk voor een langdurige en veilige werking van uw installatie. Volg hiervoor nauwgezet de instructies in het betreffende hoofdstuk.
Bij schoorsteenbrand zet je de luchtschuiven van het toestel onmiddellijk dicht, verlucht de kamer en bel de brandweer.
Gebroken of gebarsten glas moet worden vervangen alvorens het toestel opnieuw in gebruik te nemen.
Het toestel is specifiek ontworpen om bepaalde soorten brandstoffen te gebruiken. In de technische specificaties in bijlage vindt U hiervan de detail. Het is absoluut verboden andere dan deze brandstoffen te gebruiken. Uw toestel kan hierdoor sneller beschadigd worden. Het is bovendien schadelijk voor het milieu.
3. Installatievoorschrift
3.1. Vooraf
De kachel moet hermetisch worden aangesloten op een goed werkende schoorsteen, voldoende afgeschermd zijn van brandbare materialen (vloer en wanden), in een ruimte met voldoende verluchting.
Informeer naar nationale of plaatselijke normen en voorschriften terzake. Uw verde- ler kan u hierin adviseren.
Raadpleeg eventueel ook brandweer en/of verzekeringsmaatschappij naar specifieke voorschriften of vereisten.
Neem ook kennis van de technische specificaties in bijlage van deze handleiding alvorens met de installatie aan te vatten.
3.1.1. De schoorsteen
De schoorsteen (het rookkanaal) heeft een dubbele functie :
- Het aanzuigen van de lucht vanuit de kamer, nodig voor de verbranding van de brandstof in de kachel of open haard.
- Het afvoeren van de verbrandingsgassen door thermische en natuurlijke trek. De thermische trek ontstaat door het warmteverschil tussen de lucht in en buiten het rookkanaal. De opgewarmde lucht in het rookkanaal is lichter dan de koudere lucht buiten het kanaal en stijgt daarom omhoog, samen met de verbrandingsgassen. Natuurlijke trek wordt veroorzaakt door omgevingsfactoren o.a. de wind.
Het is verboden om meerdere toestellen op een enkele schoorsteen aan te sluiten (bv. de centrale verwarmingsketel), tenzij lokale of nationale reglementeringen hier-in voorzien.
Ga na welke schoorsteen nodig is voor het gekozen toestel, en of de bestaande schoorsteen geschikt is. Laat u hierbij adviseren door een specialist.
De schoorsteen voldoet best aan de volgende voorwaarden :
- Het rookkanaal moet gemaakt zijn van vuurvast materiaal. Elementen van keramiek of roestvrij staal verdienen aanbeveling.
- De schoorsteen moet luchtdicht en goed gereinigd zijn, en een voldoende trek garanderen (een trek of onderdruk van 15 tot 20 Pa tijdens normaalbelasting is ideaal).
- Hij moet zo verticaal mogelijk lopen, vertrekkend van de uitgang van het toestel. Richtingsveranderingen en horizontale stukken zijn afgeraden, wegens verstoring van de rookgasafvoer en mogelijke ophoping van roet (verstopping !!).
- De binnenmaten van de schoorsteen mogen niet te groot zijn om de rookgassen niet te sterk te laten afkoelen. Voor aanbevolen schoorsteendiameter, zie technische specificatie in bijlage. Indien het rookkanaal behoorlijk geïsoleerd is, kan de diameter eventueel groter zijn.
- De sectie van het rookkanaal moet vooral constant zijn. Verbredingen, en vooral vernauwingen, verstoren de vlotte rookgasafvoer en worden best vermeden. Hetzelfde geldt voor een dekplaat of afvoerkap bovenop de schoorsteen. Let
erop dat hierdoor de uitmondingsectie niet vernauwt, en dat de kap zodanig ontworpen is dat, bij wind, de afvoer van de rookgassen niet belemmerd, maar bevorderd wordt.
- Vooral als het rookkanaal door onverwarmde ruimten loopt of buitenwanden heeft, is bijkomende isolatie belangrijk. Metalen schoorstenen, of schoorsteen-gedeelten buiten de woning, moeten steeds worden uitgevoerd in dubbelwandig geïsoleerde buizen. Het buitendaks gedeelte van de schoorsteen moet steeds geïsoleerd zijn.
- De schoorsteen dient voldoende hoog te zijn (minimum 4 meter), en uitmonden in een zone die niet verstoord wordt door omliggende gebouwen, nabijstaande bomen of andere hindernissen. Als vuistregel geldt: 60 cm boven de nok van het dak. Indien de nok meer dan 3 meter verwijderd is van de schoorsteen, zie dan de afmetingen aangegeven in figuur hieronder. Afhankelijk van eventueel nabijgelegen gebouwen en / of bomen, moet de schoorsteen hoger zijn.

text_image
3 m min 0.5 m min 1 m hoogste punt van het dak binnen een afstand van 3 m.3.1.2. Ventilatie van het lokaal
Verbranding van hout, kolen of gas verbruikt zuurstof. Het is dus van groot belang dat de ruimte waar het toestel geïnstalleerd wordt, voldoende verlucht of geventileerd wordt.
Bij een onvoldoende verluchting kan de verbranding verstoord worden, en kan de feilloze afvoer van de rookgassen door de schoorsteen niet meer gegarandeerd worden, met mogelijk rookuitwasemingen in de woonkamer tot gevolg.
Plaats desnoods in de kamer een verluchtingsrooster die toevoer van verse lucht garandeert. Deze voorziening is zeker nodig bij goed geïsoleerde ruimtes, wanneer er mechanische ventilatie aanwezig is.
Let ook op andere luchtverbruikers die in dezelfde ruimte of in de woning aanwezig zijn, zoals een ander verwarmingstoestel, een dampkap, een droogkast of een bad-kamerventilator. Gebruik deze toestellen niet als de haard brandt, of zorg voor een extra luchttoevoer in functie van deze toestellen.
3.1.3. Vloer, wanden
Voorzie voldoende afstand tussen het toestel en brandbare materialen zoals houten wanden en meubels. Voor vrijstaande toestellen dient deze afstand minimaal 40 cm te bedragen.
De vloer moet voldoende draagkrachtig zijn. Een brandbare vloer moet voldoende beschermd worden tegen warmte-uitstraling door middel van een onbrandbare beschermplaat. Een vloerkleed moet minimaal 80cm van het vuur verwijderd zijn.
Voor verdere specifieke richtlijnen, zie technische specificatie in bijlage.
3.2. Voorbereidende werkzaamheden
Controleer het toestel onmiddellijk bij ontvangst op transportschade en/of zichtbare schade en breng desgevallend de leverancier op de hoogte. Stel het toestel intussen niet in werking.
Teneinde beschadiging van het toestel te vermijden bij plaatsing, en om het toestel gemakkelijker te kunnen manipuleren, is het aangeraden vooraf eerst alle niet-vaste onderdelen uit de kachel te verwijderen (vuurvaste stenen, aslade, stookrooster). Let bij het uithalen van deze stukken op hun positie, zodat u ze achteraf op de juiste manier opnieuw in het toestel kan plaatsen.
Met het toestel worden de volgende accessoires meegeleverd :
- Een stel poten
- Een gereedschap voor het maken van de aansluitopening (425GM - 555GM)
- Een aansluitkraag met bevestigingsbeugels
- Een "koude hand" voor de deur (450 - 555GM)
- Een "koude hand" voor het uitnemen van de aslade
- Een trekschepje voor de assen
- Een losse asvang (450)
3.2.1. Montage van poten en asvang
(425GM - 555GM) Monteer bovenste en onderste gedeelte van de poten aan elkaar met behulp van de bijgeleverde bou- ten en sluitringen op de door u gewenste hoogte.
Kantel de kachel achterover op de rugzijde en monteer nu de 4 poten op de kachel. Gebruik de sluitringen en moeren, die reeds gemonteerd zijn op de bodemplaat.
(450) Monteer de asvang aan de voorzijde onder de bodemplaat. Schroef twee tapeinden (M8x20) in de bodemplaat en maak de asvang met twee moeren (M8) en twee sluitringen vast.
3.2.2. Rookgasuitgang
Uw toestel laat de volgende aansluitingen toe : topaansluiting, achteraansluiting.
425GM - 555GM

Eens de keuze van de aansluiting bepaald, maakt u de overeenkomstige opening met behulp van het bijgeleverd hulpgereedschap. Volg voor
het maken van de opening de bijgeleverde instructies.
Bij topaansluiting dient U de opening uit te breken in de bovenplaat van het toestel. Bij achteraansluiting haakt u eerst het hitteschild af en breekt u de voorgesneden plaat uit. Nadien maakt u de opening in de achterplaat van het toestel.
Monteer de aansluitkraag in de gewenste positie aan boven- of achterplaat van de kachel met behulp van de 2 bijgeleverde bevestigingsbeugels aan de binnenzijde en de moeren aan de buitenzijde (zie figuur hiernaast). Let op de juiste positie van de beugels in de daartoe voorziene zitting aan de linker- en

rechterkant van de opening. Zorg voor een goede afdichting van de aansluitkraag op het toestel door middel van de bijgevoegde kit of pasta.
Plaats het eventueel verwijderd hitteschild terug vooraleer het toestel aan de schoorsteen wordt verbonden.
Een reeds gemaakte opening kan nadien steeds opnieuw gedicht worden met behulp van een dekseltje dat met een plaatstalen plaatje en een bout kan worden vastgezet (zie figuur hiernaast). Zulk dekseltje kan als accessoire steeds worden verkregen.

Monteer de meegeleverde aansluitkraag en afsluitdeksel (bij levering los in de topplaat) met behulp van de bijgeleverde moeren en klemplaatje (zie figuren) volgens de gewenste aansluitrichting. Bij achteraansluiting haakt u eerst het hitteschild af en breekt u de voorgesneden plaat uit. Zorg voor een goede afdichting van aansluitkraag en deksel op het toestel door middel van de bijgevoegde kit of pasta.

Plaats het eventueel verwijderd hitteschild terug vooraleer het toestel aan de schoorsteen wordt verbonden.
3.2.3. Montage van de "koude hand" (450 - 555GM)
De schroef M8x50 wordt in het houten handvat gebracht en dan aan de bedieningsbeugel en aan het verloopstuk geschroefd. Zie figuur voor montage.
Bij sommige toestellen kan de "koude hand" onderaan het toestel worden gehangen, aan de hand-greephouder die op de bodemplaat van het toestel kan worden bevestigd (zie figuur).

Wanneer het toestel op de juiste plaats staat, en hermetisch op de schoorsteen is aangesloten, worden alle losse delen terug in het toestel geplaatst.
Uw toestel is nu gebruiksklaar.
Let op: laat het toestel NOOIT branden zonder binnenplaten of vuurvaste ste- nen.
3.4. Verpakkingsmaterialen
De verpakkingsmaterialen moeten op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen worden afgevoerd.
4. Gebruiksaanwijzing
4.1 Brandstof
Dit toestel is uitsluitend geschikt voor het stoken van hout, bruinkoolbriketten en kolen. Alle andere brandstoffen zijn verboden. Het gebruik ervan kan leiden tot ernstige schade aan Uw toestel.
Stook ook geen behandeld hout, zoals sloophout, geverfd hout, geïmpregneerd hout of verduurzaamd hout, multiplex of spaanplaat. Het stoken ervan, evenals van kunststof, oud papier en huishoudelijk afval is sterk vervuilend voor het toestel, de schoorsteen en het milieu. Een schoorsteenbrand kan hiervan het gevolg zijn.
Hout
Gebruik bij voorkeur hard hout. Eik, berk en fruitbomenhout zijn zeer goede houtsoorten om te stoken.
Het hout moet minstens 2 jaar goed gedroogd zijn op een overdekte en goed verluchte plaats. Reeds gekloven hout droogt beter. Het maximale vochtpercentage voor droog hout is 20%.
Nat hout is als brandstof niet bruikbaar, u heeft er geen warmte van, alle energie gaat verloren in het verdampen van het vocht, er komen slechtruikende gassen vrij en er is veel roetaanslag op de ruit van de deur en in de schoorsteen.
Bruinkoolbriketten
Bruinkoolbriketten branden op ongeveer dezelfde manier als hout. Zorg ervoor dat vooraleer U briketten gaat stoken, er een goed houtskoolbed in de kachel aanwezig is.
Kolen
Antracietkolen bestaan er in verschillende categorieën. Sommige kenmerken kunnen bij wet bepaald zijn. Zo moet antraciet "A" minder dan 10% vluchtige bestanddelen bevatten, antraciet "B" minder dan 12%. Het asgehalte kan variëren van 3 tot 13%.
Voor een goede werking van Uw toestel wordt het gebruik van antraciet "A" met een laag asgehalte aanbevolen. Brandstof met een hoog asgehalte heeft immers een lagere stookwaarde, er moet vaker ontast worden, en het vuur dooft sneller.
Het aanbevolen kaliber is 12/22 of 20/30.
4.2. Aanmaken
Om voldoende trek te creëren in de schoorsteen en om alzo geen rook in de kamer te bekomen, moet de schoorsteen voor het aanmaken van de haard eerst voldoende opgewarmd worden. Bij een koude schoorsteen kan men best een "lokvuur" maken, door bv. een prop (kranten)-papier boven de vlamplaat aan te steken.
Het toestel wordt aangemaakt met (kranten)papier en/of aanmaakblokjes en kleine stukjes hout.
Zet de deur op een kier en de luchtschuiven geheel open. Zie figuur hiernaast voor de werking van de luchtschuiven.
Het is belangrijk dat het aanmaakvuur hevig doorbrandt. Daarna kunnen er dikkere stukjes hout op en kan de deur gesloten worden. Is het vuur voldoende gestabiliseerd en is er voldoende gloed dan kunne hout, kolen of bruinkoolbriketten worden opgelegd.

text_image
om de n )- 1 : primaire lucht 2 : secundaire lucht ○ = open ● = gesloten4.3. Stoken met hout
De beste regeling van de vuurhaard bekomt men door de aanmaakluchtschuif onderaan volledig te sluiten en de luchttoevoer volledig te regelen met de bovenste luchtschuif. Indien deze regeling onvoldoende blijkt, of om het vuur aan te wakkeren, kan tijdelijk de onderste luchtschuif gedeeltelijk geopend worden voor extra luchttoevoer.
Zorg dat de deur van de kachel steeds goed gesloten is. Stook nooit met open deur. Vul tijdig brandstof bij. Vul nooit teveel ineens. Best is de vuurhaard tot maximaal een derde te vullen en regelmatig bij te vullen.
Open de vuldeur steeds langzaam en open ze steeds voor een zo kort mogelijke tijd. Vooraleer wordt bijgevuld, zorg ervoor dat het houtskoolbed gelijkmatig over de stookvloer verdeeld wordt, en ga na dat er net achter het vuurrooster voldoende gloed is zodat de vulling onmiddellijk vuur vat. Open desnoods de aanmaakluchtschuif onderaan voor een tijdje.
Wanneer het hout los gestapeld wordt, zal het zeer vlug verbranden omdat de zuurstof elk stuk hout gemakkelijk kan bereiken. Deze stapeling gebruikt men wanneer men kort wil stoken. Wanneer het hout compacter gestapeld wordt, zal het langzamer verbranden aangezien de lucht slechts bepaalde stukken hout kan bereiken. Het hout wordt best op deze manier gestapeld wanneer men voor een langere tijd wil stoken.

text_image
losse stapeling compacte stapelingWanneer u langdurig hout op een lage stand stookt, kan er zich in de schoorsteen een afzetting van teer en creosoot vormen. Teer en creosoot zijn zeer brandbaar. Als deze stoffen zich teveel afzetten in de schoorsteen, kan er bij een plotse hoge temperatuur een schoorsteenbrand ontstaan. Daarom is het noodzakelijk regelmatig het toestel flink door te stoken, zodat geringe afzettingen van teer en creosoot onmiddellijk verdwijnen.
Bij een te lage stand gaat er zich ook teer afzetten op de ruit en de deuren.
Het is beter, bij milde buitentemperatuur, de kachel slechts enkele uren per dag intens te laten branden.
4.4. Stoken met kolen
VOOR HET STOKEN VAN KOLEN WORDT DE LUCHTSCHUIF BOVENAAN STEEDS GESLO-TEN GEHOUDEN.
Is het vuur voldoende gestabiliseerd en is er voldoende gloed dan kan een eerste schep kolen op het vuur. Eens de kolen vuur gevat hebben, vervolledigt u de vulling. Let erop dat u het vuur niet dooft door er in een keer te veel kolen op te doen. Regel na een tijdje doorbranden de stand van de luchtschuif onderaan de deur. Net voor het bijvullen zet u de luchtschuif onderaan volledig open. Gebruik nu het schudrooster (425GM - bediening onderaan links) of het meegeleverde trekschepje en schud tot er gloeiende deeltjes in de aslade vallen en vul daarna de kolen bij. Zet na enkele minuten de luchtschuif weer in de gewenste stand. Doe er maximaal zoveel kolen bij tot u nog juist de gloed kunt zien van de vorige vulling.
Als de vuurkorf of de gietijzeren lamellen rood gloeiend staan, bent u te hard aan het stoken.
4.5. Ontassen
Onderaan de vuurhaard is het toestel voorzien een stook-of schudrooster doorheen dewelke de assen in de asbak belanden. Door heen en weer bewegen van de schudstang (425GM) en/of gebruik van het trekschepje kunnen de assen behoorlijk verwijderd worden en in de asbak vergaard. Met de bijgeleverde "koude" hand kan de asbak uit het toestel genomen worden (zie figuur).

Van hout hebt u relatief weinig assen en is het niet nodig uw toestel elke keer te ontassen, het stoken van hout in een asbed geeft overigens een betere verbranding.
Bij kolenstook moet regelmatig ontast worden en de aslade tijdig geledigd worden. De assen mogen de onderzijde van het stookrooster NOOIT raken.
4.6. Doven
Vul geen brandstof bij en laat de kachel gewoon uitgaan.
Als een vuur getemperd wordt door de luchttoevoer te verminderen, komen veel schadelijke stoffen vrij. Het vuur moet daarom vanzelf uitbranden en mag pas verla- ten worden als het goed gedoofd is.
4.7. Weersomstandigheden
Waarschuwing!
Bij nevel en dichte mist wordt de afvoer van de rookgassen door de schoorsteen sterk bemoeilijkt, en kunnen rookgassen neerslaan en stankoverlast geven. Indien het niet echt nodig is, kunt u beter onder deze weersomstandigheden niet stoken.
5. Onderhoud
Het vraagt weinig moeite om uw toestel in goede staat te houden.
Controleer regelmatig of het dichtingkoord van de deuren nog goed afsluit.
Het toestel wordt aan de buitenzijde zuiver gemaakt met een vochtig zeemvel, als het voldoende koud is. Poets het toestel nooit wanneer het nog warm is.
Kleine verfbeschadigingen kunnen bijgewerkt worden met een spuitbus. Uw verdeler kan U de gepaste spuitbus bezorgen. Bij het eerste gebruik na het spuiten kan Uw toestel nog wat geur afgeven. Dit verdwijnt echter snel. Kleine emailbeschadigingen worden hersteld met een reparatiekit van de gewenste kleur, beschikbaar bij Uw verdeler.
Het glas wordt gereinigd met in de handel verkrijgbare glasreinigingsproducten (bv. producten voor keramische kookplaten). Uw installateur kan U ook aangepaste producten bezorgen. Gebruik echter nooit schurende of bijtende producten.
Een eventueel slecht lopende luchtschuif kan worden gere- geld met de twee schroeven in de frontplaat boven de luchtopeningen (zie figuur).
Aan het eind van het stookseizoen sluit u de schoorsteen af met een prop krantenpapier.U kunt nu de kachel inwendig goed schoon maken. Vernieuw indien nodig de koordafdichtingen en kit eventuele lekkages dicht. Verwijder eventueel ook de gietijzeren wandstenen, het stookrooster, en de vlamplaat bovenaan in de vuurhaard voor een grondige reiniging.
De vlamplaat is tegen de achterwand bevestigd met een bout (zie figuur). Na losschroeven van deze bout kan de vlamplaat gewoon uit het toestel gehaald worden.

Vooraleer het stookseizoen aan te vangen, laat U eerst de schoorsteen door een erkend vakman vegen.
Ook tijdens het stookseizoen is het nuttig de schoorsteen op roet te controleren. Controle en onderhoud van de schoorsteen is een wettelijke verplichting.
Wanneer bovenstaande punten in acht genomen worden, zult U in volle tevredenheid kunnen genieten van uw kachel.
Préface
CE-conformiteitsverklaring
Declaration de conformité CE
Dovre nv, Nijverheidsstraat 18, B2381 Weelde,
verklaren bij deze dat de houtkachel 450/500GM/425GM/555GM/550GM conform is volgens de EN 13240.
In het kader van een continue productverbetering, kunnen specificaties van het geleverde toestel afwijken van de beschrijving in deze brochure, zonder voorafgaande kennisgeving.
Nijverheidsstraat 18 Fax : +32 (0) 14 65 90 09
B-2381 Weelde
E-mail : info@dovre.be
SimpelGids