ATB81011NW - Vriezer AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ATB81011NW AEG in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - ATB81011NW AEG
Gebruikersvragen over ATB81011NW AEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ATB81011NW - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ATB81011NW van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING ATB81011NW AEG
Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om vele jarenuitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven gemakkelijker helpen make met functies die gewone apparaten wellicht Niet hebben. Neem eenaar minuten deijd om het door te lezen zodat u er optimaal van kunt profiteren.
Gaaaronzewebsitevoor:

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en onderhoudsinformatie: www.aeg.com/webselfservice

Registreer uw product voor een betere service: www.registeraeg.com

Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw apparaat: www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik alkijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens bij de hand hebt: model, productnummer, seriENUMmer.
Deze informatatie worden vermeld op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
① Algemene informatatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installmentie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is nicht verantwoordelijk voor letsel of schade veroorzaakt door een verkeerde installmentie of verkeerd gebruik. Bewaar de instructies.altijd op een veilige en toegankelijkpeaats voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligkeit van kinderen en kwetsbare mensen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8aar en ouder en door mensen met beperktelichamelijke, zintuiglijke of verstandelijkke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zich onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over hetveilig gebruiken van het apparaat en indien zich de eventuele bevaren begrijpen.
- Laat kinderen nicht met het apparaat spelen.
- Reiniging en onderhoud van het apparaat mag nicht worden uitgevoerd door kinderen zonder toezicht.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en Goodi het op passende wijze weg.
-
Dit apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik of gelijksoortige toepassingen zoals:
-
Boerderijen, personeelskeukens in winkels, kantoren of andere werkomgevingen
-
Door gasten in hotels, motels, bed&breakfasts en andere woonomgevingen
-
Houd de ventilatieopengingen.altijd vrij van obstructies; dit geldt zowel voor losstaande als ingebouwde modellen.
-
Gebruik geen mechanische of andere middelen om het ontdooiprocess te versnellen, behalte die middelen die door de fabrikant+zijn aanbevolen.
-
Let op dat u het koelcircuit nicht beschadigt.
-
Gebruik geen elektrische apparaten in de koelkast, tenzij deze door de fabrikant worden aanbevolen.
- Gebruik geen waterstralen of stoom om het apparaat te reinigen.
- Maak het apparaat schoon met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- Bewaar geen explosieve substanties zoals spuitbussen met drijfgas in dit apparaat.
- Als de voedingskabel beschadigd is,要去 fabrikant,een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze verrangen teneinde gevaarlijke situatuies te voorkomen.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installereren.
- Verwijder de verpakking en de transportbauten.
- Installee en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installmentie-instructies op dieijken meegeleverd met het apparaat.
- Pas.altijd op bij verplaatsing van het apparaat,want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
Zorg ervoor dat rond het apparaat lucht kan circuleren. - Wacht ten minste 4aar alvorens het apparaat aan de netstroom aan te sluiten. Hierdoor kan de olie terug in de compressor stromen.
- Installee het apparaat Niet in denabijheid van radiators, fornuizen, ovens of kookplaten.
- De weiterzemde van het apparaat要去 tegen de muur worden geplaatst.
-
Installee het apparaat Niet op eenplaats met direct zonlicht.
-
Gebruik dit apparaat Niet in gebieden die te vochtig of te koud zich, zoals bijgebouwen, garages of kelders.
- Til de Voorkant van het apparaat op als u hem wilt verplaatsen, om krassen op de vloer te voorkomen.
2.2 Aansluiting op het elektriciteitsnet

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Controller of de elektrische informatatie op het typeplaatje overeenkomt met de stroomvoorziening. Zo Niet, neem dan contact op met een elektromonteur.
- Gebruik altijd een correct geinstalleerd, schokbestendig stopcontact.
- Gebruik geen meerwegstekkers en verleangsnoeren.
- Zorg dat u de elektrische onderdelen (hoofstekker, kabel, compressor) nicht beschadigt. Neem contact met de erkende servicedienst of een
elektricien om de elektrische onderdelen te wijzigen.
- De stroomkabel moet lager blijven dan het niveau van de stopcontact.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installmentie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installmentie bereikbaar is.
- Trek Niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek.altijd aan de stekker.
2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar op letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van het apparaat mag nicht worden veranderd.
- Plaats geen elektrische apparaten (bijv. ijsmachines) in het apparaat tenszij uitdrukkelijk geschikt verklaard door de fabrikant.
- Zorg ervoor dat u het koelcircuit nicht beschadigt. Het bevat isobutaan (R600a), aardgas met een hoge ecologische compatibiliteit. Dit gas is ontvlambaar.
- Als er schade aan het koelcircuit opttreedt, zorg er dan voor dat er zich geen vlammen en andere ontstekingsbronnen in de kamer bevinden. Ventileer de kamer goed.
- Zet geen hete items op de kunststofonderdelen van het apparatus.
- Plaats geen koolzuurhoudende dranken in het vriesvak. Dit zal extra druk in de drankfles veroorzaken.
- Bewaar geen ontvlambare gassen en vloeistoffen in het apparaat.
- Plaats geen ontvlambare producten of items die vochtig zijn door ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Raak de compressor of condensator niet aan. Zeijken heet.
-
Zorg ervoor dat u nooit met natte of vochtige handen itemsuit het vriesvak verwijderd of aanraakt.
-
Vries ontdooide voedingswaren nooit opnieuw in.
- Bewaar de voedingswaren volgens de instructies op de verpakking.
2.4 Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
- Het koelcircuit van dit apparaat bevat koolwaterstoffen. Enkel bevoegde personen mogen de eenheid onderhonden en herladen.
- Controller regelmatig de afvoer van het apparaat en reinig het indien nodig. Indien de afvoer verstopt is, zal er water op de bodem van het apparaat liggen.
2.5 Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
Haal de stekker uithetstopcontact.
- Snij het netsnoer van het apparaat af en gooi dit weg.
- Verwijder de deur om te voorkomen dat kinderen en huisdieren opgesloten raken in het apparaat.
- Het koelcircuit en de isolatiematerialen van dit apparaat zichn ozonvriendelijk.
- Het isolatieschuim bevat ontvlambare gassen. Neem contact met uwplaatselijke overheid voor informatiem.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat.
- Veroorzaak geen schade aan het deel van de koeleenheid dat zich naast de warmtewisselaar bevindt.
3. BEDIENING
3.1 Bedieningspaneel

1 AAN/UIT-controlelampje
2 AAN-/UIT-toets
3 Toets om de temperatuur hoger te zetten
4 Display
5 Toets om de temperatuur lager te zetten
6 Alarmindicatielampje
7 Alarmstop-knop
8 FROSTMATIC Indicatielampje
9 Knop FROSTMATIC
3.2 Inschakelen
Laat het apparaat na plaatsing 4 uur staan.
- Steek de stekker in het stopcontact
- Druk op de AAN/UIT-toets. Het groene AAN/UIT-controleampjeGaat branden. Als het groene AAN/ UIT-controleampjeGaat branden, betekent dit dat het apparaat is ingeschakeld.

Als het rode Controlelampje gaat knipperen en u het Alarmsignaal hoor, betekent dit dat de vriezer Niet op de goede temperatuur is. Als u het Geluidsalarm en knipperende temperatuurdisplay wilt uitschakelen, drukt u op Alarmstop-knop.
Als de normale omstandigheden hersteld zich, worden het Geluidsalarm automatisch uitgeschakeld. Als het rode Controlelampje blijft knipperen, drukt u op de Alarmstop-knop.

Als de vriezer voor de eerste\ keer worden ingeschakeld,\ gaat het rode\ controlelampje knipperen\ tot de temperatuur is bereikt\ die nodig is voor het\ invriezen van voedsel.
3.3 Uitschakelen
Druk gedurende 3 seconden op de toets AAN/UIT.
Het groene AA/UIT-controlelampje gaat branden en het display wordenuitgeschakeld.

Trek de stekker uit het stopcontact om de stroomtoevoer maar het apparaat af te sluiten.
3.4 Rood indicatielampje alarm
Onder normale omstandigheden zorgt de temperatuur in de vriezer ervoor dat het voedsel lang kan worden bewaard.
De temperatuurstijging boven een bepaald niveau in de vriezer (-12^, bijvoorbeeld door een eerdere stroomstoring) worden aangeduid met het knipperen van het rode controelampje en worden het geluidsalarm gegeven.
- Druk op de alarmstoptoets. Het geluidsalm schakeltuit.
Het display toont gedurende een aantal seconden de hoogste temperatuur. En toont dan wee de ingestelde temperatuur.

Het rode Controleampje blijft knipperen tot de temperatuur is bereikt die nodig is voor het invriezen van voedsel.
3.5 Temperatuurregelaar
De ingestelde temperatuur van de vriezer kan worden aangepast door op de Thermostaatknop te drukken.
Standaardtemperatuur:
- 18^ voor de vriezer
De ingestelde temperatuur worden in het display weergegeven.

De ingestelde temperatuur
zal binnen 24 eer worden
bereikt.
Na een stroomonderbreking blijdt de ingestelde
temperatuur opgeslagen.
3.6 FROSTMATIC-functie
Als er meer dan 3 - 4kg voedsel wordt ingevroren:
4. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
4.1 Vers voedsel invriezen
De vriesvakken zijn geschikt voor het invriezen van vers voedsel en voor het gedurende langeperiodebewaren van ingevroren en diepgevroren voedsel.
De maximale hoeveelheid voedsel die in 24 eer ingevroren kan worden is vermeld op het typeplaatje, een etiket dat aan de binnenkant van het apparatusaat zit.
Activeer de FROSTMATIC-functie om vers voedsel in te vriezen.
- Druk 6-24 eer voordat er vers voedsel in de vriezer worden geplaatst gedurende 2-3 seconden op de knop FROSTMATIC om de functie FROSTMATIC te activeren. Het gele controleampje FROSTMATIC gaat branden. De compressor zal constant.gaan lopen om ervoor te zorgen dat het verse voedsel zo snel möglichk worden ingevroren.

Het is möglichk om de
functie te allen tijde te
deactiveren door
gedurende 2-3
seconden op de knop
FROSTMATIC te
drukken.
- Plaats het voedsel in het vriesvak of de vriesvakken en LAST de functie FROSTMATIC nog eens 24 eer aan staan.
- Druk als het voedsel eenmaal is ingevroen gedurende 2-3 seconden op de knop FROSTMATIC en het gele controelampje FROSTMATIC gaat UIT.
- Verplaats het bevroen voedsel van de vriesvakken maar de bewaarvakken omplaats te makeen voor in te vriezen voedsel.
Het invriesproces duurt 24 uur: voegtijdens dezeperiode geen ander voedseltoe om in te vriezen.
4.2 Het bewaren van ingevroren voedsel
Als u het apparaat voor het eerst of na eenperiode dat het Niet gebruikt is inschakelt, dient u het apparaat minstens 2aar op een hoge instelling te lately werken voordat u er producten in staat.
In het geval van onbedoelde ontdooiing, bijvoorbeeld als de stroom langer isuitgevallen dan de duur die op de kaart met technische kenmerken onder "maximale bewaartijd bij stroomuitval" is vermeld, moet het ontdooide voedsel snel geconsumeerd worden of onmiddelijk bereid worden en dan weeer worden ingevroren (nadat het afgekoeld is).
5. AANWIJZINGEN EN TIPS
5.1 Normale bedrijfsgeluiden:
De volgende geluiden zijn normaltijdens de werkig:
- Een zicht gorgelend en borrelend geluid als het koelmiddel door leidingen worden gesprompt.
- Een zoemend en kloppend geluid van de compressor als het koelmiddel worden rondgeprompt.
- Een plotseling krakend geluiduit de binnenkant van het apparaatveroorzaakt door thermische uitzetting (een naturuiijk en ongevaarlijk natuurkundig fenomeen).
- Een zicht klikkend geluid van de thermostat als de compressor aan ofuit gaat.
5.2 Tips voor energiebesparing
- De deur Niet vaker openen of open laten staan dan striktoodzakelijk.
5.3 Tips voor het invriezen
Om u te helpen het voedsel zo goed可想而知 in te vriezen, volgen hier een pauar belangrijke tips:
- de maximale hoeveelheid voedsel die in 24aar ingevroren kan worden, staat vermeld op het typeplaatje;
- het invriesproces duurt 24 uur. Tijdens dezeperiode moet er geen ander in te vriezen voedsel worden toegevoegd;
4.3 Ontdooien
Diepgevroren of ingevroren voedsel kunt u,voordat het gebruikt wordt,in het koelvak of op kamertemperatuur laden ontdooien,afhankelijk van de hoeveelheidijd die hiervoor nodig is.
Kleine stukken können themselvesrechtstreeks vanuit de vriezer gekookt worden als zenog bevoren zijn: in dat geval zal debereidingietslangerduren.
- vries alleen vers en grondig schoongemaakte levensmiddelen vanuitstekende kwaliteit in;
- bereid het voedsel inkleine porties voor, zo kan het snel en volledig worden ingevroren en zo kunt u later alleen die hoeveelheid lately ontdooien die u nodig hebft;
- wikkel het voedsel in aluminiumfolie of plastic en zorg ervoor dat de pakjes luchtdichtহn;
leg vers, nog Niet ingevroren voedsel Niet gegen het al ingevroren voedsel, om te voorkomen dat dit LASTE warm wordt; - mager voedsel kan beter worden ingevroren dan vet voedsel. Zout zorgt dat het voedsel in de vriezer ); minder lang goed blijft;
- water bevriest, als dit rechtstreeks uithet vriesvak geconsumeerd wordt,kan het aan de huid vastvriezen;
- het is aan te bevelen de invriesdatum op elk pakje te vermelden, dan kut uzien hoe lang het al bewaard is.
5.4 Tips voor het bewaren van ingevroren voedsel
Om de.besteresultaten van dit apparaat teverkrijgen,dientu
- verzeker u ervan dat de commercieel ingevroren levensmiddelen op geschikte wijze door de detailhandelaar werden opgeslagen;
- zorg ervoor dat de ingevroen levensmiddelen zo snel möglichk van
de winkelnaaruwvriezer gebracht worden;
- de deur Niet vaker te openen of opente lately staan dan striktoodzakelijk;
-
als voedsel eenmaal ontdooid is, bederft het snel en kan het Niet opnieuw worden ingevroren;
-
bewaar het voedsel Niet langer dan de door de fabrikant aangegevenbewaarperiode.
6. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 Algemene waarschuwingen

LET OP!
Voordatu welke
onderhoudshandeling dan
ook verricht, de stekker uithet stopcontact trekken.

Dit apparaat bevat
koolwaterstoffen in de
koeleenheid. Onderhoud en
hervullen mag alleen
uitgevoerd worden door
bevoegde technici.

De toebehoren en onderdelen van het apparatusaat zichn Niet geschikt om in een afwasmachine gewassen te worden.
6.2 De binnenkant schoonmaken
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, wast u de binnenkant en de interne accessoires met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typische geur van een neuen product weg te nemen. Droog daarna grondig af.

LET OP!
Gebruik geen
reinigingsmiddelen,
schuurpoeders, chloor of
reinigers op oliebasis. Deze
beschadigende afwerking.
6.3 Periodieke reiniging

LET OP!
Trek Niet aan leidingen en/of kabels aan de binnenkant van de kast en verplaats of beschadig ze Niet.

LET OP!
Zorg ervoor dat u het koelsystemeem nicht beschadigt.

LET OP!
Tilde voorkant van de koelkast op als u hem wilt verplaatsen, om krassen op de vloer te voorkomen.
Het apparaat moet regelmatig worden schoongemaaakt:
- Maak de binnenkant en de accessoires schoon met laww water en wat neutrale zoep.
- Controller de affdichtingen regelmatig en wrijf ze schoon om u ervan te verzekeren dat ze schoon en vrij van restjes+zijn.
- Spoel ze af en maak ze grondig droog.
- Maak indien toegankelijk de condensor en de compressor aan dechterkant van het apparaat schoon met een borstel. Deze handeling zal de prestatie van het apparaat verbeteren en het elektriciteitsverbruik besparen.
6.4 Ontdooien
Uw apparatus is rijpvrij. Dit betekent dat er geen rijp gezormd worden als het vriesvak werkt, noch op de binnenwanden, noch op het voedsel
Dit kommt door de continue circulatie van koude lucht binnen hetvak door een automatisch aangedreten ventilator
6.5 No-Frost-technologie
Om het verwijderen van de ijslaag möglich te make, wordt de verdamper tijdens de ontdooipprocedure geholpen door elektrische verwarming. De ventilator staat uit. Het dooiwater druppelt in de lade die in de compressor worden geplaatst en verdamt dan. Tijdens de ontdooipprocedure (die ongeveer 30 minutes duurt) wordt de verdamper warm, maar dit heeft geen invloed op de temperatuur in de vriezer zich.
De levensmiddelen moeten goed verpakt zich om vochtverlies ten gevolge van de luchtcirculatie te voorkomen.
Het worden aanbevolen om alle levensmiddelen in de manden van het vriesvak teplaatsen.
6.6 Periododes dat het apparaat Niet gebruikt worden
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen als het apparaat gedurende langeijd Niet gebruikt wordt:
- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Verwijder al het voedsel.
- Maak het apparaat en alle toebehoren schoon.
- Laat de deur/deuren open staan om onaangename luchtjes te voorkomen.

WAARSCHUWING!
Als u uw apparaat
ingeschakeld wiltCTX,
vraag dan iemand om het zo
nu en dan te controleren,
om te voorkomen dat het
bewaarde voedsel berdft,
als de stroom uittvalt.
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
7.1 Wat moet u doe n als...
| Probleem Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| Het apparaat werkt nicht. Het apparaat is uitgeschä-keld. | Zet het apparaat aan. | |
| De stekker zit nicht goed in het stopcontact. | Steen de stekker goed in het stopcontact. | |
| Er staat geen spanning op het stopcontact. | Sluit een ander elektrisch apparaat op het stopcontact aan. Neem contact op met een gekwalificeerd elektricien. | |
| Het apparaat maakt lawaai. Het apparaat is nicht stevig en stabel geplaatst. | Controler of het apparaat stabel staat. | |
| Er is een hoorbaar of zich-haar alarm. | De kast is recent ingeschakeld. | Zie 'Deur Open Alarm' of 'Alarm Hoge Temperatuur'. |
| De temperatuur in het apparaat is te hoog. | Zie 'Deur Open Alarm' of 'Alarm Hoge Temperatuur'. | |
| De compressor werktconti- nu. | De temperatuur is Niet goed ingesteld. | Raadpleeg het hoofdstuk 'Bediening'. |
| Erijken groe hoeveelheden | voedsel tegelijk in de vriezer geplaatst. | Wacht eenaar uur en con- troleer dan nogmaals de temperatuur. |
| De omgevingstemperatuur | is te hoog. | Zie het typeplaatje voor de klimaatklasse. |
| Het voedsel dat in het appara- raat werk geplaatst, was te warm. | Laat voedsel afkoelen tot ka- mertemperatuur voordat u het opslaat. | |
| De deur is Niet goed geslo- ten. | Zie 'De deur sluiten'. | |
| De functie FROSTMATIC is ingeschakeld. | Raadpleeg de "functie FROSTMATIC". | |
| Er is te veel rijp en ijs. De deur is Niet correct geslo- sloten of de deurpakking is verrormd/vies. | Zie 'De deur sluiten'. | |
| De productenijken Niet op de juiste wijze verpakt. | Pak de producten better in. | |
| De compressor start Niet on- middellijk na het drukken op FROSTMATIC, of na het ver- anderen van de tempera- tuur. | Dit is normal, er is geen storing. | De compressor start na eni- geijd. |
| Er ligt water op de vloer. De dooiwaterafvoer is Niet aangesloten op de verdam- perbak boven de compres- sor. | Maak de dooiwaterafvoer vast op de verdamperbak. | |
| De temperatuur kan Niet worden ingesteld. | De functie FROSTMATIC is ingeschakeld. | Schakel FROSTMATIC hand- matiguit of wacht tot de functie automatisch reset om de temperatuur in te stellen. Raadpleeg "functie FROST- MATIC" |
| De deur is verkeerd uitge- lijnd of komt gegen het ven- tilatierooster aan. | Het apparaat staat Niet wa- terpas. | Zie 'Waterpas zetten'. |
| De temperatuur in het appa- raat is te laag/hoog. | De temperatuurknop is Niet goed ingesteld. | Stel een hogere/lagere tem- peratuur in. |
| De deur is nicht goed geslo- ten. | Zie 'De deur sluiten'. | |
| De temperatuur van het voedsel is te hoog. | Laat het voedsel afkoelen tot kamertemperatuur voordat u het conserveert. | |
| Er worden veel producten tegelijk bewaard. | Conserveer minder produ- ten tegelijk. | |
| De deur is te vaak geopend. | Open de deur alleen als het nodig is. | |
| De functie FROSTMATIC is ingseschakeld. | Raadpleeg de "functie FROSTMATIC". | |
| Er is geen koude luchtcircu- latie in het apparaat aanwe- zig. | Zorg ervoor dat er koude luchtcirculatie in het appa- raat aanwezig is. | |
| Deur.gaat Niet makkelijk open. | U probeerde de deur na het sluiten meteen wee ter ope- nen. | Wacht een paar seconden tussen het sluiten en weeer openen van de deur. |

Bel, wonneer het advies nicht tot resultaten leidt, de dichtst bijzijnde klantenservice voor dit merk.
7.2 De deur sluiten
- Maak de afldichtingen van de deur schoon.
8. MONTAGE

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Plaatsing
Installer het apparaat op een droge, goed geventileerde plaatsbinnen waar de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatklass die vermeld is op het typeplaatje van het apparaat.
| Klimaat- Omgevingstemperatuur klasse |
| SN +10°C tot + 32°C |
- Stel de deur, indien nodig, af. Raadpleeg "Montage".
- Vervang, indien nodig, de defecte deurafdichtingen. Neem contact op met de klantenservice.
| Klimaat- Omgevingstemperatuur klasse |
| N +16°C tot + 32°C |
| ST +16°C tot + 38°C |
| T +16°C tot + 43°C |

Bij bepaalde modeltypes\ kunnen er functionele\ problemen ontstaan als deze\ temperaturen nicht worden\ gerespecteerd. De juiste\ werking van het apparaat\ kan enkel gegarandeerd\ worden als het opgegeven\ temperatuurbereik worden\ gerespecteerd. Als u twijfels\ hebt over waar het apparaat\ te installereren, raadpleeg dan\ de verkoper, de\ klantenservice of de\ dichstsbijzijnde erkende\ servicedienst.
8.2 Nivellering
Zorg ervoor dat het apparaat waterpas staat wanner u hetplaatst. Deze stand kan bereikt worden met de twee afstelbare voetjes die aan de Voorkant en onderkant van het apparaat bevestigd�.

Als u het apparaat op een standard zet:
- Draai de voet los van het deurscharnier.
- Schroef het reservepootje in de zak met de eierhouser aan de kast.
8.3 Locatie

De stroomtoevoer aan het apparaat moet verbroken kuren worden; de stekker moet waarom na de installmentie gemakkelijk toegankelijk়.
Het apparaat moet ver van hittebronnen, zoals radiatoren, boilers, direct zonlicht enz., vandaan worden geinstalleerd. Zorg
er voor dat lucht vrij kan circuleren aan dechterkant van het keukenkastje. Als het apparaat onder een wandkast worden geplaatst, moet de minimale afstand tussen de bovenkant van de kast en de wandkast ten minste 100mm bedragen om optimale prestaties te garanderen. Voor de Beste prestatie kut u het apparaatECHTER beter Niet onder een wandkast zetten.De afstelbare voetjes aan de onderkant van het apparaat garanderen een nauwkeurig horizontale uitlijning.

8.4 Omkeerbaarheid van de deur

WAARSCHUWING!
Voordat werkzaamheden worden uitgevoerd, moet u zich ervan verzekeren dat de stekker uit het stopcontact is getrokken.

LET OP!
Om de volgende handelingen uit te voeren, raden we aan dit te doe n met de hulp van iemand anders die de deuren van het apparaat tijdens de werkzaamheden stevig vasthoudt.
- Kantel het apparaat voorzichtig waar achteren, zodat de compressor de vloer Niet kan raken.
- Schroef beiden afstelbare voetjes los.

- Draai de schroeven van het onderste deurscharnier los.
- Verwijder de deur van het apparaat door deze iets omlaag te trekken.
- Schroef de bovenste deurscharnierpen los en monteern.Deze aan de andere kant.

- Installee de deur van het apparaat op de bovenste deurscharnierpen.
- Verwijder het onderste scharnier.
Verplaats de deurscharnierpen in derichting van de pijl. - Draai de schroef los en monteer deze aan de andere kant.
- Installee het onderste scharnier aan de tegenovergestelde kant waar bij u de stand van de deur ongewijzigd LAST.
- Monteer de ene schroef op deplaats die is vrijgekomen aan de andere kant evenals de stelvoetjes (2 stuks).
- Verwijder en installeer de handgreep aan de andere kant.


LET OP!
Zet het apparaat op zijnplaats, zet het waterpas, wacht minstens vier uur en steek dan de stekker in het stopcontact.

Voer een eindcontrole uit en verzeker u ervan dat:
- Alle schroeven zijn aangedraaid.
- De magnetische aufdicht strip vast zit aan de kast.
- De deur goed open en dicht gaat.
Als de
omgevingstemperatuur laag is (bijv. in de winter), kan het waarin dat het deurrubber nicht precies op de kast past. Wacht in dat geval tot de deurrubber zich op een natururlijke wijze zet. Als u bovenstaande handelingen liever Niet zichuitvoert, neem dan contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice. Eenvakman van de klantenservice za de draairichting van de deuren op uw kosten veranderen.
8.5 Aansluiting op het elektriciteitsnet
Zorg er voor het aansluten voor dat het voltage en de freiuentie op het typeplaatje overeenkomen met de stroomtoevoer in uwuis.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. De netsnoerstekker is
voorzien van een contact voor dit doel Als het stopcontact Niet geaard is, sluit het apparaat dan aan op een afzonderlijk aardepunt, in overeenstemming met de geldende regels, raadpleeg hiervoor een gekwalificeerd elektricien
- De fabrikant kan nicht aansprakelijk gesteld worden als bovenstaande veiligheidsvoorschriften Niet opgevolgd worden.
- Dit apparaat voldoet aan de EEGrichtlijnen.
| In hoogte mm 850 |
| Breedte mm 595 |
| Diepte mm 635 |
| Maximale bewaartijd bij stroomuitval Uur 13 |
| Spanning Volt 230 - 240 |
| Frequentie Hz 50 |
De technische gegevens staan op het typeplaatje aan de binnen- of buitenkant van het apparaat en op het energielabel.
10. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbol
Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten
gemarkeerd met het symboliet weg met het huishoudelijk afval. Breng het productaar het milieuustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
TABLE DES MATIÈRES
- INFORMATIONS DE SECURITE 17
- CONSIGNES DE SECURITE 18
- FONCTIONNEMENT 20
- UTILISATION QUOTIDIENNE 22
- CONSEILS 22
- ENTRETIEN ET NETTOYAGE 23
- EN CAS D'ANOMALIE DE FONCTIONNEMENT 24
- INSTALLATION 27
9.CARACTERISTIQUES TECHNIQUES 30