GVW820KOR - Vaatwassers Pelgrim - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GVW820KOR Pelgrim in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Vaatwassers in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GVW820KOR - Pelgrim en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GVW820KOR van het merk Pelgrim.
GEBRUIKSAANWIJZING GVW820KOR Pelgrim
- H I I J JKLToestelinformatie A, B en C (fig. 1) A – bovenkorf B – sproeiarm boven C – onderkorf D – sproeiarm onder E – zoutreservoir F – zeef G – reservoir voor zeep en glansmiddel Bedieningspaneel (fig. 2a, 2b en 2c) A – programma keuzeknop B – handgreep C – aan/uit toets D – toets ECO (indien van toepassing) E – toets super (indien van toepassing) F – toets halve lading (indien van toepassing) G – toets BIO (indien van toepassing) H – signaallampje aan/uit I – signaallampje zoutvoorraad (indien van toepassing) J – signaallampje glansmiddelvoorraad (indien van toepassing) K – toets instelbare starttijd - tot 9 uur (indien van toepassing) L – display instelbare starttijd1 Introductie Als u deze gebruiksaanwijzing doorleest, bent u snel op de hoogte van alle mogelijkheden die dit toestel u biedt. U vindt informatie voor uw veiligheid en over het onderhoud van het toestel. Verder vindt u milieutips en aanwijzingen om energie te besparen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift. Een eventueel volgende gebruiker van dit toestel kan daar zijn voordeel mee doen. Dit toestel voldoet aan de geldende CE-richtlijnen. Inhoud NL ■ Introductie p. 1
- ■ Veiligheid p. 2
- - 4 Vóór het eerste gebruik p. 2
- Waarop u moet letten p. 3
- ■ Bediening p. 5
- - 8 Wasprogramma “A” p. 5
- Verklaring programma “A” p. 5
- Wasprogramma “B” p. 6
- Wasprogramma “C” p. 7
- Verklaring programma “B” en “C” p. 8
- ■ Toepassing p. 9
- - 13 Zout, glansmiddel en wasmiddel p. 9
- Korven p. 12
- - 13 De eerste was p. 14
- ■ Storingen p. 15
- ■ Onderhoud p. 16
- - 17 Reinigen p. 16
- ■ Installatie p. 17
- - 18 ■ Montage p. 19
- - 20 ■ Afvoeren verpakking en toestel INHOUD 3930 | 5400 | 97392 VEILIGHEID Vóór het eerste gebruik ■ Dit toestel mag alleen door een erkend installateur worden aangesloten (zie elektrische aansluiting). ■ Gebruik het toestel niet als het tijdens het transport is beschadigd; neem contact op met uw dealer. ■ Het toestel is alleen geschikt voor huishoudelijk gebruik en voor de aangegeven doeleinden. ■ Gebruik het toestel niet als u natte handen heeft of op blote voeten staat. ■ Houd verpakkingsmateriaal, zoals plastic zakken, polystyreen en hout buiten het bereik van kinderen. ■ Houd afwasmiddelen buiten het bereik van kinderen. Houd kinderen uit de buurt van het toestel; het is geen speelgoed. ■ Maak het toestel spanningsloos voordat met reparatie of schoonmaken wordt gestart. Bij voorkeur door de stekker uit het stopcontact te halen of de schakelaar in de meterkast op nul te zetten. ■ Gebruik geen verlengsnoer. ■ Reinig nooit elektrische apparaten in de vaatwasmachine. ■ Plaats geen plastic vaatwerk op het verwarmingselement. Plastic voorwerpen kunnen smelten. ■ Gebruik geen wasmiddelen die fosfaten en chloorbleekmiddelen bevatten. ■ Voorkom kalkaanslag door regelmatig regenereerzout bij te vullen. Gebruik alleen speciaal zout voor vaatwasmachines. ■ Vul het glansmiddel-, wasmiddel- of zoutbakje nooit met oplosmiddelen zoals wasbenzine, terpentine of alcohol. Een explosie kan het gevolg zijn. ■ Controleer sproeiarmen en filtergedeelte regelmatig op verontreinigingen. ■ Gebruik de vaatwasmachine nooit zonder de filters. ■ Nooit op een geopende deur zitten of staan. De deur kan ontzet raken of de vaatwasmachine kan naar voren kantelen. ■ Raak tijdens, of direct na beëindiging van het wasprogramma het verwarmingselement niet aan.Waar u op moet letten Voordat u vaat in de machine plaatst ■ Verwijder eerst voedselresten. Hiermee voorkomt u verstopping. ■ Potten en pannen die erg vuil zijn eerst in de week zetten. Milieutips ■ Spaar het gebruikte vaatwerk op en was pas af wanneer één (bij “halve lading” mogelijk- heid) of beide korven geheel gevuld zijn. ■ Kies steeds het programma dat het meest geschikt is voor de verontreinigingsgraad van uw vaat. ■ Maak geen, of zo weinig mogelijk, gebruik van het voorspoelprogramma. ■ Sluit de machine indien mogelijk aan op een warmwaterinstallatie met een maximumtemperatuur van 60 °C. Porselein Niet geschikt: Alle soorten porselein waarbij een voelbare opdruk of rand te zien is. Let ook op de vorm van het porselein. Klokvormige kopjes breken sneller dan rechtvormige kopjes. Plaats in geen geval poreus aardewerk in de vaatwasmachine. Wel geschikt: Porselein dat bij 700/800 °C is gebakken. Gebruik hierbij niet teveel spoelmiddel om schade te voorkomen. Enkel wit of uni- gekleurd porselein dat bij 1200/1300 °C is gebakken is geheel vaatwasserbestendig. Glas Niet geschikt: Kristal en mondgeblazen glaswerk; glas met een ingebrande opdruk of een goudrandje. Wel geschikt: Al het overige glaswerk. Bestek Niet geschikt: Bestek waarbij het handvat is gemaakt van hout, aardewerk of porselein. De kans op barsten is groot. Dit gevaar bestaat overigens voor alle houten voorwerpen die in een machine gewassen worden. Bestek gemaakt van chroomstaal is minder geschikt om in de machine af te wassen. Bij dit bestek kan corrosie (roest) ontstaan. Wel geschikt: Bestek gemaakt van chroomnikkelstaal 18/10. Dit kwalitatief hoogwaardige bestek is roestvrij en bestand tegen de inwerking van zuren. Echter, het lemmet van een mes kan van ander materiaal gemaakt zijn. Let hier op. Zilver of verzilverd bestek is ook vaatwasser- bestendig. Het gebruikte spoelmiddel mag in dit geval geen citroenzuur bevatten, aangezien dit het zilver aantast. Ook kunnen bij regelmatig wassen in de machine krasjes ontstaan. VEILIGHEID p. 21
VEILIGHEID Let op: U hebt langer plezier van bestek èn vaatwasser wanneer u de volgende tips ter harte neemt: ■ Na gebruik het bestek – met name messen – afspoelen onder de kraan. Hiermee voorkomt u inwerking door zout- en zuurbevattende etensresten. ■ Messen, vorken en lepels altijd met het heft naar beneden in de afwasmachine zetten. ■ Chroomnikkelstaal-bestek en chroomstaal- bestek niet bij elkaar in de machine zetten. U loopt anders de kans dat “roest- besmetting” plaatsvindt. ■ Haal bestek na afloop van het spoel- programma meteen uit de machine en wrijf het na. Laat bestek nooit vochtig in de machine staan. ■ Verzilverd en roestvrijstalen bestek nooit samen in één korf plaatsen. ■ Zilveren bestek mag nooit met aluminium in aanraking komen, aangezien dit het zilver kan beschadigen. ■ Kunststof handgrepen van pannen kunnen dof worden. En verder… ■ Voorwerpen van kunststof moeten hittebestendig zijn. ■ Aluminium pannen, vaatwerk en verschillende glassoorten kunnen verkleuren na vele malen afwassen. Bepaalde decoraties kunnen verbleken. ■ Let op de aanduiding “Geschikt voor vaatwasser” bij geglazuurd aardewerk. ■ Let, bij de aankoop van nieuw serviesgoed, op vormen die geschikt zijn voor de vaat- wasmachine. Zoals rechte gladde wanden, grote openingen, geen al te diepe holten, vaatbestendige decoraties, bestek en aardewerk.5 Bediening BEDIENING Wasprogramma “A” knopstand programma was- voor- was- koud warm drogen middel was temp. spoelen spoelen 1 Voorspoelen – – koud – – – 2 Intensief 65 °C 25 g. • 65 °C 2x 65 °C • 3 Normaal 60 °C 25 g. • 60 °C 1x 65 °C • S Spaar 60 °C 25 g. – 60 °C 1x 65 °C • 4 Spoelprogramma – – – 1x 65 °C • Verklaring van het programma “A” Symbool Geschikt voor… Programmaverloop Voorspoelen Vaatwerk gereed voor Kort koud spoelen ter voorkoming van het volgende wasprogramma. opdrogen van etensresten. Intensief Zeer vuile pannen en Koud voorwassen; wasprogr. bij 65 °C; 65 °C borden (geen glaswerk). 2x koud spoelen en warm spoelen bij 65 °C; nadrogen. Normaal Normaal vuile pannen, Koud spoelen; wasprogr. bij 60 °C; 1x koud 60 °C borden en glaswerk. spoelen en warm spoelen bij 65 °C; nadrogen. Spaar Normaal vuile pannen, Koud spoelen; wasprogr. bij 60 °C; koud 60 °C borden en glaswerk. spoelen en warm spoelen bij 65 °C; nadrogen. Spoel- Vaatwerk alleen spoelen. 1x koud spoelen en warm bij 65 °C; nadrogen. progr. Wasmiddelreservoir open zetten.
- 65 °C • 55 °C Dagelijks 3 25 g. _ 65 °C
- Aanbevolen programma bij gebruik van de nieuwe generatie afwasmiddelen met enzymen. super
- 65 °C • 55 °C (1/2) Dagelijks 3 (1/2) 25 g. _ 65 °C
- 65 °C • 45 °C (1/2) (1/2) = halve lading naar keuze
- Aanbevolen programma bij gebruik van de nieuwe generatie afwasmiddelen met enzymen.
BEDIENING Verklaring van het programma “B” en “C” Symbool Geschikt voor… Programmaverloop Voorspoelen Vaatwerk gereed voor Kort koud spoelen ter voorkoming van het volgende wasprogramma. opdrogen van etensresten. Super Zeer vuile pannen en Voorwassen bij 55 °C; wasprogr. bij 65 °C; borden (geen glaswerk) met 2x koud spoelen en warm spoelen bij 65 °C; aangekoekte etensresten. nadrogen. Bio 55 °C Normaal vuile pannen en Koud voorwassen; wasprogr. bij 55 °C; borden (geen glaswerk) met 1x koud spoelen en warm spoelen bij 65 °C; aangekoekte etensresten. nadrogen. Normaal Normaal vuile pannen Koud spoelen; wasprogr. bij 65 °C; 1x koud 65 °C en borden. spoelen en warm spoelen bij 65 °C; nadrogen. Eco 55 °C Licht vuile pannen en Wasprogramma bij 55 °C; koud spoelen en borden (geen glaswerk) met warm spoelen bij 65 °C; nadrogen. aangekoekte etensresten. Dagelijks Licht vuile pannen en Wasprogramma bij 65 °C; koud spoelen en 65 °C borden van de dag zelf. warm spoelen bij 65 °C; nadrogen. Delicaat Matig vuil vaatwerk, zoals Wasprogramma bij 55 °C; koud spoelen en 55 °C glazen. warm spoelen bij 65 °C; nadrogen. Delicaat Matig vuil vaatwerk, zoals Energiespaarprogramma bij 45 °C; koud spoelen 45 °C glaswerk. en warm spoelen bij 65 °C; nadrogen.9 TOEPASSING Zout, glansmiddel en wasmiddel Waterontharder De vaatwasmachine is uitgerust met een automatische waterontharder die, bij gebruik van zout dat geschikt is voor vaatwasmachines, harde bestanddelen aan het water onttrekt. Hard water laat op de droge vaat witte vlekken achter; bovendien wordt de vaat na verloop van tijd dof. Het apparaat kan worden afgesteld overeenkomstig de hardheidsgraad van kraanwater in uw woning en het daarmee samenhangende zoutverbruik. ■ Bij het verlaten van de fabriek is de machine afgesteld op een gemiddelde hardheidsgraad. ■ Let erop dat u na het bijvullen van het zout het zoutreservoir weer goed afsluit. Het is belangrijk dat het afwasmiddel of het waswater niet in het zoutreservoir kunnen lopen, daar deze het functioneren van de regeneratie-inrichting negatief kunnen beïnvloeden. De garantie dekt een dergelijke storing niet. Zout bijvullen Gebruik alleen zout dat geschikt is voor vaatwasmachines voor huishoudelijk gebruik. Indien u gebruik maakt van zoutpastilles moet u het reservoir niet helemaal vullen. Gebruik in geen geval keukenzout of industrieel zout, daar deze niet oplosbare bestanddelen bevatten, die na verloop van tijd het functioneren van de wateronthardings- installatie nadelig kunnen beïnvloeden. ■ Het zoutreservoir bevindt zich op de bodem van de vaatwasmachine. Draai, na eerst het onderrek te hebben verwijderd, de dop van het reservoir tegen de richting van de klok in los en giet het zout erin met behulp van de trechter (die bij de vaatwasmachine is geleverd, afb. 3). ■ Verwijder eventuele zoutresten op de rand van de opening van het reservoir voordat u de dop weer vastdraait. De waterontharder kan ongeveer 1,7 kg zout bevatten. ■ Giet bij het eerste wasprogramma tegelijk met het zout ook 1 liter water in het reservoir. ■ Het zoutreservoir moet altijd direct voor een wasprogramma worden gevuld. Op deze manier wordt de overlopende zoutoplossing altijd gelijk door het waswater verwijderd. De langdurige aanwezigheid van zoutoplossingen kan corrosie van de bak veroorzaken.Afstelling van de waterontharder De vaatwasmachine is uitgerust met een inrichting die op de hardheidsgraad van het kraanwater kan worden afgestemd. Na het openen van de deur ziet u de inrichting in de rechterbovenhoek. U kunt deze afstellen met een munt (fig. 4). Afhankelijk van het model is het mogelijk 3 of 5 standen in te stellen. Raadpleeg voor het instellen van de water- ontharder de onderstaande tabellen en zet het nummer van het gekozen niveau (1,2, ...) op het referentieteken. fig. 4 Model met 3 standen waterhardheid instellingen Duitse Franse graden graden
Model met 5 standen waterhardheid instellingen Duitse Franse graden graden
Informeer bij het waterleidingbedrijf naar de hardheid van het leidingwater. Glansmiddel fig. 5 ■ Open het glansmiddelreservoir (zie fig. 5) aan de binnenkant van de deur naast het afwasmiddelbakje. De uitvoering is afhankelijk van het type vaatwasser; de reservoirs werken allen volgens hetzelfde principe. ■ Deksel van het glansmiddelreservoir – tegen de wijzers van de klok in – losdraaien.
■ Giet glansmiddel in het reservoir en sluit het weer. Het reservoir heeft een inhoud van 140 cc. ■ Controleer het peil van het glansmiddel af en toe. Het peilglas (A) bevindt zich linksboven het deksel. Reservoir leeg:
■ De juiste hoeveelheid glansmiddel per wasbeurt is instelbaar. Draai de knop (B) in het reservoir op de gewenste stand (C). De dosis glansspoel- middel staat in verhouding tot de nummers op de knop. – Dosis verhogen (hoger getal kiezen): Gewassen vaatwerk is mat of vlekkerig door opgedroogde druppels. – Dosis verlagen (lager getal kiezen): Gewassen aardewerk is kleverig of heeft witachtige strepen. Opmerking: Het glansmiddelreservoir is standaard afgesteld op een gemiddelde dosis. Wasmiddel fig. 6 In de deur, naast het glansmiddelreservoir, bevindt zich ook het reservoir voor het afwasmiddel (zie fig. 6). ■ Druk op knop A om het deksel van het wasmiddelreservoir te openen. ■ Vul het reservoir (B) met circa 25 gram wasmiddel. Volg hierbij de aanwijzingen van de wasmiddelenproducent. ■ Wanneer u het “super” programma kiest, handel dan als volgt: Vul het reservoir voor het wasmiddel (B) met circa 20 gram en het reservoir voor het voorwasmiddel (C) met ca. 10 gram. Sluit het deksel. Opmerking: Tijdens de was wordt het reservoirdeksel automatisch geopend om het wasmiddel aan het water toe te voegen. Bij gebruik van wastabletten – in een houder aan het bestekmandje – dient het reservoir gesloten te zijn.
B CKorven De vaatwasmachine heeft een capaciteit van twaalf couverts. Het onderste rek is bestemd voor vaat die extra vuil is. Het bovenste rek is bestemd voor kleine en middelgrote vaat, zoals glazen, kleine bordjes, koffie- en theekopjes en lage schalen. Halve lading (indien aanwezig) Bij de vaatwasmachine hebt u de mogelijkheid met halve belading te werken. Door gebruik te maken van het “halve lading” programma bereikt u een aanzienlijke besparing op water en elektriciteit. ■ Vul de bovenste korf en druk de toets in. Er mag bij gebruik van het programma geen vaat in de onderste korf staan. Hoogte-instelling bovenkorf De bovenkorf kan op twee verschillende hoogten geplaatst worden, afhankelijk van de hoogte van het vaatwerk. ■ Trek de korf helemaal naar voren en verwijder het afdekkapje aan de rechterzijde (zie fig. 7). Verwijder de korf. Plaats het andere stel wieltjes in de rails (zie fig. 8). Duw de korf weer in de machine en plaats het afdekkapje terug. fig. 7 fig. 8 Bovenkorf in hoge positie ■ In deze stand is de korf is geschikt voor klein en middelgroot vaatwerk, zoals glazen, kleine bordjes, kopjes, kommetjes en lichte plastic voorwerpen die tegen hitte bestand zijn. Bovenkorf in lage positie ■ In deze stand is de korf geschikt voor (niet al te vuile) grote borden. Beladen van de bovenkorf ■ Borden met de bovenkant naar voren plaatsen. ■ Kopjes en bakjes met de opening naar beneden plaatsen. ■ Aan de linkerkant van de korf kunt u – op twee niveaus – kopjes en glazen plaatsen. U kunt de bovenste afdruiprekjes omhoog klappen.
TOEPASSING13 TOEPASSING Beladen van de onderkorf (zie fig. 9) ■ De onderkorf kan – net als de bovenkorf – helemaal uitgetrokken worden door eerst de deur geheel te openen. ■ Plaats soep-, platte en dessertborden, pannen, deksels en schotels in de onderkorf. ■ Borden met de bovenkant naar voren, of naar het midden, plaatsen. Zorg ervoor dat er altijd ruimte tussen de borden overblijft, zodat het water er vrij langs kan stromen. ■ Kommen en pannen met de opening naar beneden plaatsen. fig. 9 ■ De bordenrekken kunnen afhankelijk van de uitvoering worden omgeklapt (zie fig. 10). fig. 10 Bestekmandje ■ Het bestekmandje is geschikt voor elk type bestek. ■ In het bestekmandje worden messen, vorken en lepels, met het heft naar beneden, geplaatst. Controleer altijd of de sproeiarmen vrij kunnen draaien.14 TOEPASSING De eerste was (zie fig. 2a/2b/2c) ■ Sluit de deur en zet de waterkraan helemaal open. ■ Draai de programmaknop op de gewenste stand (zie de programmakeuze-tabel op pag. 5 t/m 8). ■ Start de vaatwasser door de aan/uit knop (zie fig. 2a, 2b en 2c) in te drukken. Het signaallampje licht op. Einde programma ■ De vaatwasser schakelt zichzelf automatisch uit na beëindiging van het programma. ■ U schakelt de vaatwasmachine handmatig uit door op de aan/uit knop te drukken. ■ Als u kiest voor een programma met nadrogen dan kunt u na circa 30 minuten de vaat uit de machine halen. Houd tot die tijd de deur gesloten. ■ Neem de vaat uit de machine. Let op: – Het vaatwerk kan heet zijn. – Leeg eerst de onderste korf. Als u de bovenste korf het eerst leegt kunnen waterdruppels op het vaatwerk in de onderste korf vallen. Uitstellen starttijd Afhankelijk van het type vaatwasser kan de aanvang van het programma met minimaal één uur en maximaal negen uur worden uitgesteld. Modellen met uitstelbare starttijd ■ Na het inschakelen van het toestel hebt u ongeveer één minuut de tijd om met toets “M”de gewenste starttijd in te stellen. De resterende tijd tot de aanvang van het programma wordt op het display “N” weergegeven.15 STORING Storingen zelf verhelpen Mocht het toestel niet naar wens functioneren, controleer dan eerst of u de storing zelf kunt verhelpen met behulp van de tabel hieronder. Vaak is maar een kleinigheid de oorzaak van de storing. Het programma begint niet oorzaak remedie Stekker niet in het Stop de stekker in het stopcontact. stopcontact. Deur niet goed gesloten. Sluit de deur. Zekering in meterkast Meterkast controleren. defect. Geen water in de machine oorzaak remedie Waterkraan niet open. Open de waterkraan. Er zit een knik in de Zorg ervoor dat de toevoerslang. toevoerslang “vrij” hangt. Er bevindt zich nog Verwijder de afsluitdop. een afsluitdop in de afvoerslang of in de afvoeraansluiting op de sifon. Programma loopt niet door oorzaak remedie Waterkraan niet geheel Open waterkraan geheel. geopend. Kraanfiltertje is vuil. Maak het kraanfiltertje schoon. Stankafsluitdopje van Plaats het afsluitdopje sifon is verwijderd. weer in de sifon. Geen schone vaat oorzaak remedie Fout programma. Kies het juiste afwas- programma. Sproeiarmen geblokkeerd. Zorg ervoor dat de sproei- armen vrij kunnen draaien. Controleer of het vaatwerk goed is ingeladen. Maak de filters schoon. Onjuiste dosering Stel de dosering van het afwasmiddel. afwasmiddel bij. Controleer of er nog zout in het zoutreservoir aanwezig is. Zorg ervoor dat het zout- reservoir correct op de waterhardheid is afgesteld. Vaat niet droog en zonder glans oorzaak remedie Verkeerd afwasmiddel Gebruik een goed afwas- gebruikt. middel. Onjuiste dosering. Gebruik meer afwasmiddel. Witachtige vlekken of slierten op de vaat oorzaak remedie Onjuiste dosering. Gebruik minder glansmiddel. Opgedroogde waterdruppels op de vaat oorzaak remedie Onjuiste dosering. Gebruik meer glansmiddel.16 ONDERHOUD Reinigen Maak het toestel eerst spanningsloos (zie ook pagina 2). Sproeiarmen ■ Neem de bovenste sproeiarm uit door deze – met een draaiende beweging – rechtstandig naar beneden te trekken (zie fig. 11). fig. 11 ■ Neem de onderste sproeiarm uit door deze rechtstandig naar boven te trekken (zie fig. 12). Spoel de sproeiarmen schoon onder de kraan. fig. 12 Roestvrijstalen filter (zie fig. 13a, 13b, 13c) fig. 13a fig 13b fig. 13c ■ Verwijder de onderste sproeiarm. ■ Verwijder de filtergroep (C) door de lipjes linksom te draaien (1). Neem de filtergroep rechtstandig uit (2).17 ONDERHOUD/INSTALLATI ■ Verwijder het microfilter (D) door de bajonetsluiting open te draaien. ■ Verwijder de zeef door in het filterhuis te knijpen (zie fig. 13c). Neem tegelijkertijd de zeef rechtstandig uit. ■ Reinig de zeef met een borstel onder stromend water. ■ Monteer de filtergroep weer in omgekeerde volgorde. Installatie Elektrische aansluiting 230 V – 50 Hz Algemeen Wanneer het toestel niet is voorzien van een aansluitsnoer met stekker, dan dient het alleen door een erkend installateur op het lichtnet te worden aangesloten. Let op: Op het gegevensplaatje staan de aansluitwaarde en de vereiste netspanning aangegeven. Het aansluiten moet gebeuren in overeenstemming met de nationale en lokale voorschriften. Bij een gespecificeerd vermogen groter dan 3 kW gebruikt u een contactdoos geschikt voor een stroomsterkte van meer dan 13 A. Technische gegevens Aansluitwaarde: kW zie typeplaatje Maten: Max. hoogte mm 870 Min. hoogte mm 820 Breedte mm 596 Diepte mm 550 Deurpaneel: Max. hoogte* mm 600 Min. hoogte mm 500 Breedte mm 598 Bedieningspaneel: Max. hoogte mm 155 Min. hoogte mm 115 Sokkel: Max. hoogte mm 170 Min. hoogte mm 100
- bij minimale bedieningspaneelhoogte Waar u verder op moet letten ■ Monteer kraan, afvoer en de geaarde stekker/wandcontactdoos altijd onder handbereik. ■ Zorg ervoor dat de plint kan worden verwijderd. De vaatwasmachine moet voor onderhouds-/reparatiewerkzaamheden uit de nis gehaald kunnen worden. ■ Toevoerslang/aquastop aansluiten op een zelfbeluchtende waterkraan met een 3/4˝ schroefaansluiting. Zorg ervoor dat er geen vuil achterblijft in een nieuw geïnstalleerde waterleiding.■ De vaatwasser kan zowel op een koudwater- als op een warmwaterkraan (max. 60 °C) aangesloten worden. Wanneer u de vaatwasmachine op een warmwaterkraan aansluit zal de afwastijd met ongeveer twintig minuten bekort worden. De vaatwasser wast dan wel minder doelmatig. Het 45 °C-programma zal hierdoor op een wat hogere temperatuur uitgevoerd worden. ■ Boor geen gaten in deur of zijwanden. De vaatwasmachine kan hierdoor onherstelbaar beschadigd raken. Inbouwen Bevestig de stelvoeten met de contramoeren onder de zijpanelen van de machine. Hoogte-afstelling toestel ■ De hoogte van de vaatwasser kan met verstelbare voetjes aangepast worden van 820 tot 870 mm. Meet voor u dit doet de hoogte van de nis. – Het verdient aanbeveling de machine op een zogeheten vaatwasservlonder te plaatsen. Informeer hiernaar bij uw keuken- handelaar. Hoogte-afstelling bedieningspaneel (zie fig. 14) fig. 14 ■ U kunt de hoogte van het bedieningspaneel aanpassen aan de hoogte van het keukenmeubel. Dit doet u met behulp van de schroeven (A) aan de onderzijde van het paneel. ■ Verwijder de schroeven, veren en lijst om de minimale hoogte-instelling te verkrijgen. ■ Wanneer u de lijst niet verwijdert is de hoogte in te stellen van 125 tot 140 millimeter. Met behulp van de extra lijst kunt u de bedieningspaneelhoogte instellen tot maximaal 155 millimeter. ■ U bereikt een paneelhoogte tussen 120 en 125 mm door de “halve maan” in de lijst een aantal millimeters dieper uit te snijden.
INSTALLATIE AMontage Montage deurpaneel (zie fig. 15) fig. 15 ■ Bepaal eerst de hoogte van het bedieningspaneel. ■ Leg de mal op de binnenzijde van het deurpaneel. De maatstrepen op de mal die corres- ponderen met de gemeten paneelhoogte gelijkleggen met de bovenzijde van de deur. De mal aan linker- en rechterzijde centreren met behulp van de verticale maatstrepen. ■ Neem de markeringen van de boorgaten op de mal over op de deur. ■ Als het deurpaneel van massief hout is, de gaatjes voorboren met een boor van 2 mm (12 mm diep). Let op Houd rekening met eventuele verschillen in dikte van het paneel (ingefreesde verdiepingen of afgeschuinde kanten). ■ Monteer het bevestigingsmateriaal op de deur, zoals aangegeven op de mal. fig. 16 ■ Bevestig het paneel op de deur van de vaatwasser door de bovenste pennen in de sleuven van het kunststof gedeelte te drukken. Schuif het paneel iets omhoog. Bevestig de onderzijde zoals aangegeven in fig. 16. Afstellen veerspanning (zie fig. 17) fig. 17 ■ De deur is standaard op de laagste veerspanning afgesteld. ■ Verhoog de veerspanning door – met een schroevendraaier – de twee stelschroeven in de richting van de klok te draaien. De veerspanning is goed, als de deur in geopende toestand in evenwicht is. MONTAGE 19Plaatsing (zie fig. 18) fig. 18 Let op: Slangen mogen niet geknikt of platgedrukt worden tijdens de installatie van de vaatwasmachine in de nisruimte. ■ Bevestig de meegeleverde stalen plaat aan de onderzijde van het aanrechtblad. ■ De vaatwasmachine waterpas afstellen. ■ Bevestig de vaatwasmachine aan het aanrechtblad. ■ Plaats de plint. ■ Open – voorzichtig – de deur van de vaatwasser en controleer of de deur tegen de plint stoot. ■ Als dit het geval is, markeer dan het gedeelte van de plint dat verwijderd moet worden. Laat drie millimeter speling tussen deur en plint opdat de deur vrij kan draaien. ■ Maak het uitgezaagde stuk plint waterdicht – met bijvoorbeeld verf – en plaats de plint weer. Waar u verder op moet letten Maak de speling rondom het toestel niet groter dan drie millimeter. Bij meer speling bestaat de mogelijkheid dat elektrische delen van de machine aangeraakt kunnen worden. Waterafvoer ■ De afvoerpijp moet voorzien zijn van een sifon. De afvoerslang moet vrij hangen in de afvoerpijp. De afvoerpijp mag dus niet afgedicht worden. ■ De afvoerslang moet op maximaal 80 cm hoogte hangen. De minimale hoogte is 32 cm. Aquastop De aquastop is in de toevoerslang geïntegreerd. ■ De aquastop herstelt een geblokkeerde watertoevoer niet uit zichzelf. Sluit de waterkraan wanneer het indicatievenstertje op de aquastop rood is. Onderzoek eerst waarom de aquastop de watertoevoer geblokkeerd heeft. Neem contact op met de installateur of met de servicedienst.
Notice-Facile