CH232253 - Oven CONSTRUCTA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CH232253 CONSTRUCTA in PDF-formaat.
| Merk | Constructa |
| Model | CH232253 |
| Apparaattype | Inbouwoven |
| Elektrische voeding | 220-240 V, 50/60 Hz |
| Bereidingsstanden | Hetelucht, boven-/onderwarmte, pizzastand, heteluchtgrill, groot oppervlak grill, klein oppervlak grill, onderwarmte, ontdooien |
| Ovenverlichting | Ja, E14 40W lamp bestand tegen 300°C |
| Elektronische klok | Met timer, gebruiksduur, einde gebruiksduur en programmering |
| Inclusief accessoires | Aluminium bakplaat, rooster, geëmailleerde druipbak |
| Binnenmateriaal | Emaille |
| Deur | Demontabel met verwijderbare ruiten voor reiniging |
| Reiniging | Met zeepwater, vermijd schurende producten |
| Veiligheden | Automatische uitschakeling via timer, vergrendeling van scharnieren |
| Reserve lamp | E14, 220-240 V, 40 W, bestand tot 300°C |
| Deurafdichting | Vervangbaar, beschikbaar als los onderdeel |
| Repareerbaarheid | Service na verkoop Constructa, onderdelen beschikbaar |
| Aantal inschuifniveaus | 4 niveaus |
| Bedieningstype | Uitschuifbare draaiknoppen en toetsen |
Veelgestelde vragen - CH232253 CONSTRUCTA
Gebruikersvragen over CH232253 CONSTRUCTA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CH232253 - CONSTRUCTA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CH232253 van het merk CONSTRUCTA.
GEBRUIKSAANWIJZING CH232253 CONSTRUCTA
[nl] Gebruiksaanwijzing 37
Belangrijkeveiligheidsvoorschriften. 37
Millieuvriendelijk afvoeren 38
Uw neue apparaat 39
De toebehoren 40
Voor het eerste gebruik 40
Apparaat bedieren 41
Reiniging en onderhoud 49
Storingen en reparations 51
Testgerechten 53

Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kurz u uw apparaat goed en veilig bedieren. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te geben aan een volgende eigenaar. Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installmentevoorschrift inRCT.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.
Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt worden. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of personen die gebrek aan kennis oferving hebben, wanner zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust�n van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen nicht met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen Niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8aar of ouder zich en onder toezig staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger+zijn dan 8aaruit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Risico van brand!
- Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard+kunnen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanner er spreke is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Wonneer de apparaatdeur geopend worden, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier algijd met een vom. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag Niet uitsteken over de toebehoren.
Risico van verbranding!
- Het toestel worden zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijdCTXn afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
- Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen algijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- Alcohol dampen hun in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen keine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
Kans op verbranding!
- Tijdens het gebruik worden de toegankelijkke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt�n.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zichn. - Door water in de hete binnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenuimte gieten.
Risico van letsel!
Wanner er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geenschraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparations zijngevaarlijk.Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijngeinstrueerd door de klantenservice.1s het apparaat defect, haal dan de stekker uithet stopcontact of schakel de zekering inde meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- De kabelisolation van hetetoestelonderdelen kan smelten. Zorgervoor dat er nooit aansluitkabels vanelektrische toestellen in contact komemet hete onderdelen van het apparatusaat.
- Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hagedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
Bij verranging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot verranging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. - Een defect toestel kan een schokveroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Oorzaken van schade
Attentie!
Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toeebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vom op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanner een temperatuur van meer dan 50^ ingesteld is. Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen nichteer hem email worden beschadigd.
Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
Vochtige levensmiddelen: Geen vouchtige levensmiddelen langereijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd.
Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak nicht te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt,That vlekken ache ter die Niet更是kunnen worden verwijderd.Gebruik zo möglichk de diepere braadslede.
■ Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen latent afkoelen wanner deze afgesloten is. Ook wanner de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd.
- Sterk verwulde deurdichting: is de deurdichting sterk verwulld, dan sluit de apparaatdeur tijdens het gebruik Niet meer goed. De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd.Zorg ervoor dat de deurdichting altijd schoon is.
Apparaatdeur als vlik om op iets op te leggen of teplaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen.
- Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kuren de toebehoren krassen geben op de deur. Toebehoren alsijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven.
Apparaat transporteren: Het apparaat Niet aan de deurgreep vasthonden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat Niet en kan afbreken.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijk manier af. De richtlijn biedt het kader voor de terugname en verwerking

Dit apparaat is conform de Europese richtlijn 2002/96/EG inzake gebruikte elektr- en elektronica-apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE) gekarakteriseerd.
Uw neue apparaat
In dit hoofdstuk vindt u informatie over het toestel.
Bedieningspaneel
Druk op de indrukbare bedieningsknoppen om ze in en uit te klikken.

Bedieningselement Gebruik
Oven
1 Functiekeuzeknop Functie kiezen (zie het hoofdstuk: Apparaat bedieren)
5 Indicatielampje voor tempera- Het indicatielampje brandt verwijl het apparaat voorverwarmt en altijd bij het nawarmen. tuurkeuzeknop
6 Temperaturkeuzeknop Temperatuur kiezen
Elektronische klok
2 Klokdisplay Klok of klokfunctie worden weergegeven
3 Klokfunctietoets Klokfunctie kiezen (zie het hoofdstuk: Elektronische klok)
4 Draaiknop Installingen binnen een klokfunctie uitvoeren
Kookplaat
7 Indicatielampje voor kookzones Indicatielampje brandt Niet: kookzones uit Indicatielampje brandt: er is minstens een kookzone aan
8 Bedieningsknop voor kookzo- Kookzones in- en uitschakelen (zie het hoofdstuk: Appraat bedieren, zie de gebruiks- zones aanwijzing bij de kookplaat)
Functies
Functie Toepassing

2D Hetelucht voor het bakken en braden op een of twee niveaus

Boven- en onderwarmte voor het bakken en braden op eeniveau. Bijzonder geschikt voor taarten met een vochtige bedekking (bijv. kwarktaart)

Pizzastand voor diepvries kant-en-klaar producten en voor gerechten die veel warmte aan de onder- Kant nodig hebben (zie het hoofdstuk: Bakken)

Rondom-grillen voor gevogelte en grotere stukken vlees

Grill, grot voor platte, kine gerechten van de grill (bijv. steaks, worstjes)

Grill, Klein Voor kline hoeveelheden platte, kine gerechten van de grill (biv. steaks, toast)

Onderwarmte voor gerechten en bakwaren die aan de onderkant sterker gebruind of krokant moeten worden. Schakel de onderwarmte aan het einde van de baktijd slechts kort in

Ontdooistand voor het voorzichtig ontdooien van vlees, brood en kwetsbaar gebak (bijv. slagroomtaart)

Ovenverlichting als hulp bij het onderhoud en schoonmaken van de binnenruimte
De toebehoren
In dit hoofdstuk krijt u informatie over de toebehoren, de plaatsing van de toebehoren in de binnenruimte, de inschuifhoogtes en de speciale toebehoren.
Toebehoren
Bij de levering van uw apparaat�z de volgende toebehoren inbegrepen:

Bakplaat, aluminium
voort het bakken vanplaatgebak en Klein gebak

Rooster
voor het bakken in vormen, het braden in braadservies en het grillen

Braadslede, geemailleerd
voort het bakken van vochtig gebak,
voort het braden, het grillen en het opvangen van afdruijpende vloeistof
Aanwijzing: Als gevolg van groote temperetuurvershillen (bijv. wanner diepvriesproducten in de hete binnenruimte worden geplaatst) kuren de bakplaat en braadslede kromtrekken.
Toebehoren inschuiven
De toebehoren zijn voorzien van een vergrendelingsfunctie. De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de toebehoren kantelen wanneser ze worden verwijderd. De toebehoren dienen op de juiste wijze in de binnenruimte te worden geschoven, zatat de Kantelbeveiliging goed werkt.
Let er bij het inschuiven van het rooster op
- dat de ontgrendelnok (a) maar beneden wijst
- dat de ontgrendelnok (a) zich achefter het rooster bevindt

Let er bij het inschuiven van de bakplaat of de braadslede op
dat de ontgrendelnok (a) zich anschter de toebehoren bevindt
- dat de schuine kant van de toebehoren tijdens het inschuiven maar de deur van het toestel is gericht

Inschuifhoogtes
De binnenruimte heeft vier inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden maar boven geteld.
Bij het bakken en braden met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 Niet gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat.

Extra toebehoren
Extra toebehoren kurz u kopen bij de klantenservice of in spezialzaken.
Toebehoren Bestelnr.
Bakplaat, aluminium CZ 1332 X0
Bakplaat, geemailleerd CZ 1342 X0
Braadslede met inzetrooster CZ 1242 X1
Inzetrooster om te braden en te grillen, voor 740766 gebruik in de braadslede
Bak- en braadrooster CZ 1432 X1
Pizzavorm CZ 1352 X0
System-stoomapparaat CZ 1282 X3
2-voudige telescopische uitschuifvoorziening CZ 1702 X2
3-voudige telescopische uitschuifvoorziening CZ 1742 X2
4-voudige volledig uitschuifbare telescopi-CZ 1755 X2
sche voorziening
Voor het eerste gebruik
Stel de tiled in en maak het apparaat schoon voor de eerste keer dat u het gezruikt.
Tijd instellen
Aanwijzing: Wanner u op de klokfunctietoets drukt, heeft u 3 seconden deijd om deijd met de draaiknop in te stellen. Was dit te kort, dan kurz u deijd later nog veranderen.
Op het klokdisplay knippert 0:00.
- Klokfunctietaets kort indrukken om maar de instelmodus te gaan.
De symbolen
- Met de draaiknop de actuèle tijd instellen. Uw instelling worden na 3 seconden automatisch overgenomen.
Tijd wijzigen
Om deijd achteraf te veranderen, drukt u zo vaak op de klokfunctietoets tot de symbolen en weer verlicht zich. Met de draaiknop deijd wijzigen.

Apparaat reinigen
Maak het apparaat voor het eerste gebruik schoon
- Toebehoren en verpakkingsresten uit de binnenruimte verwijderen.
- Toebehoren en binnenruimte schoonmaken met warm zeepsop (zie het hoofdstuk: Reiniging en onderhoud).
- Boven- en onderwarmte op 240 °C 60 minutes lang verwarmen.
- De afgekoelde binnenruimte met warm zeepsop afnemen.
- Reinig de buitenkant van het apparaat met een zachte, vochtige doek en zeepsop.
Apparaat bedienen
In dit hoofdstuk leest u hoe u het apparaat in- en uitschakelt en een functie en de temperatuur kiest.
Apparaat inschakelen
- Aan de functiekeuzeknop draaien tot de gewenste functie ingesteld is.
- Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot de gewenste temperatuur ingesteld is.
Het indicatielampje brandt verwijl het apparaat opwarmt en altijd bij het nawarmen.
Apparaat uitschakelen.
- Functiekeuzeknop in de stand o terugdraaien.
- Temperatuurkeuzeknop in de stand ● terugdraaien.
Na het uitschakelen kan de koelventilator nalopen.
Kookplaat in- en uitschakelen
Bij de kookplaat hoort een afzonderlijke gebruiksaanwijzing. Hierin vindt u belangrijke instructies over de veiligheid, eenuitvoerige handleiding voor het instellen en veel informatie over onderhoud en reiniging.
Elektronische klok
In dit hoofdstuk leest u
hoe u de kookwekker instelt
hoe u het apparaat automatisch uitschakelt (gebruiksduur en gebruikseinde)
hoe u het apparaat automatisch in- en uitschakelt (instelling vooraf)
hoe u de tijd instelt

Klokdisplay
Klofnctie Gebruik
| Δ | Kookwekker | U kunt de wekker gebruiken als een kook- of eierwekker. Het apparaat gaat nicht automatisch aan of UIT. |
| I→I | Gebruiksduur | Het apparaat gaat na een ingestelde gebruiksduur (bijv. 1:30aar) automatisch UIT |
| →I | Gebruikseinde | Het apparaat gaat op een ingesteld tijdstep (bijv. 12:30aar) automatisch UIT |
| Voorkeuze-functie | Het apparaat worden automatisch in- en uitgeschakeld. Gebruiksduur en gebruikseinde worden gecombineerd |
Tijd Tijd instellen
Aanwijzingen
Tussen 22:00 en 5:59 uwr worden het klokdisplay verduisterd runawayer u in deze tijd niets instelt of als er geen klokfunctie geactiveerd is.
Bij het instellen van een klokfunctie wordt het tijdsinterval langer wanner u hogere waarden instelt (bijv. gebruiksduur tot 1:00h met een precisie van een minuut, hoger dan 1:00h met een precisie van 5 minute in te stellen).
Bij de klokfuncties Kookwekker, Gebruiksduur , Gebruikseinde en Voorkeuzefunctie klinkt na afloop van deinstallingen een signaal en het symbol knippert. Wilt u het geluidssignaal voortijdig beeindigen, druk dan op de klokfunctietoets .
Druk steeds maar slechts kort op de klokfunctietoets om een klokfunctie tekiezen. U heeft dan 3 seconden de tijd om de geselecteerde klokfunctie in te stellen. Hierna worden de instelmodus automatisch verlaten.
Klokdisplayuit-eninschakelen
- Klokfunctietoets 6 seconden lang indrukken. Het klokdisplay gaat uit. Is er een klokfunctie actief, dan blijft het bijbehorende symbool verlicht.
- Klofkunctietoets kort indrukken.
Het klokdisplay gaat aan.
Kookwekker
- KLokfunctietaets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht়n.
- Met de draaiknop de tijsdsuur instellen (bijv. 5:00 minutes). De instelling worden automatisch overgenomen. Hierna worden weeer de tijd weergegeven en de kookwekker loopt af.

Gebruiksduur
Automatisch uitschakelen na een ingestelde tijdsduur.
- Functie en temperatuur instellen.
Het apparatus warmt op. - Klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht zich.
- Met de draaiknop de gebruiksduur instellen (bijv. 1:30aar). De instelling worden automatisch overgenomen. Hierna worden wee derijd weergegeven en de ingestelde gebruiksduur loopt af.

Na afloop van de gebruiksduur schakelt het apparaat automatischuit.
- Functie- en temperatuurkeuzeknop wee in de stand o draaien.
- Klokfunctietaets indrukken om de klokfunctie te beeindigen.
Gebruikseinde
Automatisch uitschakelen op een ingesteld tijdstip.
- Functie en temperatuur instellen.
Het apparatus warmt op. - KLokfunctietaets zo vaak indrukken tot de symbolen en I verlicht zich.
- Met de draaiknop het gebruikseinde instellen (bijv. 12:30 uur).
Deinstellungwordtautomatischovergenomen.Hiernawordt weerdetijdweergegeven.

Op hetijdstip van het ingestelde gebruikseinde schakelt het apparaat automatisch uit.
- Functie- en temperatuurkeuzeknop wee in de stand o draaien.
- Klokfunctietaets indrukken om de klokfunctie te beeindigen.
Voorkeuze-functie
Het apparatus schakelt automatisch in en op het tijdstip van het gekozen gebruikseindeuit. Combineer hiervoor de klokfuncties Gebruiksduur en Gebruikseinde.
Let erop dat levensmiddelen die snel bederven nicht te lang in de binnenruimte mogen staan.
- Functie en temperatuur instellen.
Het apparatus warmt op. - Klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en I I verlicht+zijn.
- Met de draaiknop de gebruksduur instellen ( bijv. 1:30aar). De instelling worden automatisch overgenomen.
- KLokfunctietaets zo vaak indrukken tot de symbolen en I verlicht়n.
- Met de draaiknop het gebruikseinde instellen (bijv. 12:30 uur). Het apparaat schakeltuit en wacht op het juiste tijdstip om in te schakelen (in het voorbeeld om 11:00 uur).Op het ingestelde gebruikseinde schakelt het apparaat automatischuit (12:30 uur).
- Functie- en temperatuurkeuzeknop wee in de stand o draaien.
- Klokfunctietaets indrukken om de klokfunctie te beeindigen.
Tijd instellen
U kunt de tijd alleen wijzigen wanner er geen andere klokfunctie actief is.
- Klofkunctietaets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht়.
- Met de draaiknop deijd instellen. De instelling worden automatisch overgenomen.

Instellingen controleren, corrigeren of wissen
- Om uw installingen te controleren drukt u zo vaak op de klokfunctietoets tot het betreffende symbol verlicht is.
- Zo nodig kunt u de instelling met de draaiknop corrigeren.
- Wonneer u de instelling wilt wissen, draait u de draaiknop waar links terug op de oorspronkelijke waarde.
Bakken
Bij het bakken met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 nicht gebruiken. Dit heeft invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter bak- en braadresultaat.
Toebehoren voor het bakken
Bakvormen
Gebruik donkere bakvormen van metaal. Blikken en glazen vormen verlengen de baktijd en het gebak bruint nicht gelijkmatig. Wilt u met blinkken vormen en boven- en onderwarmte l bakken, gebruik dan inschuifhooge 1.
Plaats een rechthoekige vorm algid diagonal en een ronde bakkvorm algid in het midden van het rooster.
Bakplaten
Wij raden u aan uitsluitend de originele bakplaten te gebruiken, omdat deze optimaal op de binnenruimte en de functies zich afgestemd.
Schuif de bakplaten algid voorzichtig in tot de aanslag. Let erop dat de schuine kant van de bakplaat algid maar de apparaatdeur wijst.
Bakken op twee niveaus
Gebruik bij het bakken op twee niveaus bij voorkeur bakplaten en schuif deze tegelijkertijd in.
Houd er rekening mee dat uw gebak op de verschillende niveaus Niet even snel bruin wordt. Het gebak op het onderste niveau wordt het snelst bruin en kan vroeger uit de oven worden genomen.
Baklabel voor basisdeeg
De opgaven in de tabel zich richtwaarden, die gelden voor bakplaten van aluminium en donkere bakvormen. De waarden können variieren, afhankelijk van de soort en hoeveelheid deeg en de bakvorm.
De waarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
Wij raden u aan om de eerste keer de laagste van de opgegeven temperatures in te stellen. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Wanneer u gerechten bakt volgens eigenei receipt, houd dan de waarden van gelijksoortig gebak in de tabel aan.
Neem de aanwijzingen voor het Voorverwarmen in de tabel inacht.
| Basisdeeg Inschuif- | 2D Hetelucht Boven- en | underwarmte ☐ | |||
| hoogte | Tempera-tuur in °C | Tijdsduur in minutes | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | |
| Roerdeeg | |||||
| Plaatgebak met bedekking 1 150 - 160 30 - 40 1 180 - 190 | |||||
| 1 + 3 150 - 160 35 - 45 -- | |||||
| Spring-/rechthoekige vom 1 150 - 160 55 - 70 2 160 - 170 | |||||
| Zandtaartdeeg | |||||
| Plaatgebak met droge bedekking, bijv. strooisel 1 160 - 170 45 - 55 1 190 - 200 | |||||
| 1 + 3 160 - 170 60 - 70 -- | |||||
| Plaatgebak met vochtige bedekking, bijv. roomglazuur 1 160 - 170 70 - 80 1 190 - 200 | |||||
| Springvorm, bijv. kwarttaart | 1 160 - 180 50 - 90 2 170 - 180 | ||||
| Vorm vruchtentaarbodem | 1 | 160 - 170* | 25 - 35 | 2 | 170 - 180* |
- Oven voorverwarmen
| 2D Hetelucht Boven- en Basisdeeg | underwarmte Biscuitbeslag | |||||
| Inschuift- hoogte | Tempera- tuur in °C | Tijdsduur in minuten | Inschuift- hoogte | Tempera- tuur in °C | ||
| Biscuitrol 1 180 - 190* 10 - 15 1 200 - 210* | ||||||
| Biscuit (6 eieren) 1 150 - 160 25 - 40 2 160 - 170 | ||||||
| Biscuit (3 eieren) 1 150 - 160* 25 - 35 2 160 - 170* | ||||||
| Gistdeeg | ||||||
| Plaatgebak met droge bedekking, bijv. strooisel 1 160 - 180 45 - 55 1 180 - 200 | ||||||
| 1 + 3 170 - 180 50 - 60 -- | ||||||
| Gistkrans-/vlecht (500g) 1 160 - 170 35 - 45 1 180 - 190 | ||||||
| Springvorm 1 160 - 170 30 - 40 2 160 - 170 | ||||||
| Tulbandvorm 1 160 - 170 35 - 45 2 170 - 180 | ||||||
| * Oven voorverwarmen | ||||||
| 2D Hetelucht Boven- en Klein gebak | onderwarmte Gistdeeg | |||||
| Inschuift- hoogte | Tempera- tuur in °C | Tijdsduur in minuten | Inschuift- hoogte | Tempera- tuur in °C | ||
| 1 | 160 - 170 | 15 - 25 | 2 | 180 - 190 | ||
| 1 + 3 160 - 170 20 - 30 -- | ||||||
| Baisermassa | 1 80 | 130 - 150 | 2 80 | |||
| 1 + 3 | 80 | 150 - 170 | -- | |||
| Bladerdeeg/soezendeeg | 1 | 190 - 210* | 20 - 30 | 1 | 200 - 220* | |
| 1 + 3 | 190 - 210* 25 - 35 -- | |||||
| Roerdeeg, bijv. muffins | 1 | 150 - 160* | 25 - 35 | 1 | 170 - 180* | |
| 1 + 3 | 150 - 160* 30 - 40 -- | |||||
| Zandtaartdeeg, bijv. boterkoekjes | 1 | 140 - 150* | 15 - 20 | 2 | 150 - 160* | |
| 1 + 3 | 130 - 140* 20 - 25 -- | |||||
| * Oven voorverwarmen | ||||||
| 2D Hetelucht Boven- en Brood/broodjes | onderwarmte Broodjies | |||||
| Inschuift- hoogte | Tempera- tuur in °C | Tijdsduur in minuten | Inschuift- hoogte | Tempera- tuur in °C | ||
| 1 | 220* | 15 - 25 | 1 | 240* | ||
| Brooddeeg 750 - 1000 g | ||||||
| Afbakken | 1 | 220* | 35 - 40 | 2 | 220* | |
| Brooddeeg 1000 - 1250 g | ||||||
| Voorbakken | 1 | 220* | 10 - 15 | 2 | 240* | |
| Afbakken | 1 | 180 | 40 - 45 | 2 | 200 | |
| Brooddeeg 1250 - 1500 g | ||||||
| Voorbakken | 1 | 220* | 10 - 15 | 2 | 240* | |
| Afbakken | 1 | 180 | 40 - 50 | 2 | 200 | |
| * Oven voorverwarmen | ||||||
| Baktabel voor gerechten en kant-en-klare diepvriesproducten | ||||||
| De pizzastand is sheer geschikt voor het bereiden van verse gerechten, waaroorveil warmte van de onderkant nodig is, en voor kanent-en-klare diepvriesproducten. | ||||||
| Let op de volgende punten: | ||||||
| ■ Bekleed de bakplaat met bakpapier | ||||||
De opgaven in de tabel zichr richtwaarden, die gelden voor bakplaten van aluminium. De waarden konnen varieren, afhankelijk van de soort en hoeveelheid deeg en de bakvorm.
Wij raden u aan om de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in te stellen. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
De opgaven in de tabel gelden voor producten die in de onverwarmde oven worden geplaatst.
Met de pizzastand kunt u Niet op meertere niveaus bakken.
| 2D Hetelucht® Pizzastand® | |||||
| Gerechten Inschuif- Pizza, vers 1 180 - 190 20 - 30 1 190 - 210* | hoogte | Tempera-tuur in °C | Tijdsduur in minu-ten | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C |
| 1 + 3 170 - 180 30 - 40 -- | |||||
| Flammkuchen 1 190 - 200* 15 - 25 1 210 - 230* | |||||
| Quiche 1 170 - 180 45 - 55 1 180 - 200* | |||||
| Taart 1 190 - 200* 30 - 45 1 200 - 220* | |||||
| Zwitsserse vruchtentaart 1 170 - 190* 45 - 60 1 170 - 190 | |||||
| Gegratineerde aardappels van ongekooke te aardappels 1 180 - 190 60 - 70 1 170 - 180 | |||||
| Strudel, diepvries | 1 180 - 200 35 - 45 1 180 - 200 | ||||
| Pizza, diepvries | 1 180 - 200 15 - 25 1 200 - 220 | ||||
| 1 + 3 170 - 190 20 - 30 -- | |||||
| Aardappelproducten, diepvries | |||||
| Frites | 1 190 - 210 15 - 25 1 200 - 220 | ||||
| 1 + 3 170 - 190 25 - 35 -- | |||||
| Kroketten/Rösti | 1 180 - 200 25 - 35 1 200 - 220 | ||||
| Brood en banket | |||||
| Broodjes, diepvries | 1 | 180 - 200 | 5 - 15 | 1 | 170 - 190* |
| Voorgebakken broodjes, diepvries | 1 180 - 200 10 - 20 1 170 - 190* | ||||
| Voorgebakken broodjes | 1 | 180 - 200 | 5 - 15 | 1 | 170 - 190* |
| * Oyen voorverwarmen | |||||
Tips en trucs
| Het gebak is te Licht | Inschuifhoogte en aanbevolen bakgerei controleren. De bakvorm op het rooster en nicht op de bakplaat plaatsen. Langere baktijd of hogere temperatuur aanhoven. |
| Het gebak is te donker | Inschuifhoogte controleren. Een kortere baktijd of lagere temperatuur aanhoven. |
| Het gebak in de bakvorm is ongelijkmatag布鲁n geworden | Inschuifhoogte en temperatuur controleren. Bakvorm Niet direct voor de luchtuitlaat van dechterwand van de binnenruimte plaatsen. Controller of de bakvorm goed op het rooster staat. |
| Het gebak op de bakplaat is ongelijkmatag布鲁n geworden | Inschuifhoogte en temperatuur controleren. Bij het bakken van Klein gebak gelijke groottes en diktes aanhoven. |
| Het gebak is te droog. | Een kortere baktijd en een wat hogere temperatuur aanhoven. |
| Het gebak is van binnen te vochtig | Temperatuur verlagen Let op: baktijden+kunnen door hogere temperaturen Niet korter worden (van buitenaar, van binnen Niet). Baktijd verlangen en het deeg langer latent rij-zen. Minder vloeistof aan het deeg of beslag toevoegen. |
| Het gebak zakt in nadat u het UIT de oven heeft genomen. | Minder vloeistof aan het deeg of beslag toevoegen. Baktijd verlangen of de temperatuur verlagen. |
| De opgegeven baktijd is Niet juist | Controller bij Klein gebak de hoeveelheid op de bakplaat. Klein gebak mag elkaar Niet raken. |
| Diepvriesproduct is na het bakken Niet overal gelijkmatig bruin geworden | Wanner diepvriesproducten na het voorbakken in ongelijke mate bruin zijn geworden blijft dit zo na het bakken. |
| Diepvriesproduct is Niet bruin, Niet knap-perig of de opgegeven tijd is Niet juist | Verwijder voor het bakken het ijs van het diepvriesproduct. Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten. |
Braden
Kans op letsel door gebruik van nicht hittebestendige schalen!
Gebruik alleen braadvormen die special voor de oven bestemd zich.
Bij het braden met 2D Hetelucht inschuifhoogte 2 nicht gebruiken. Dit hebt invloed op de luchtcirculatie, met als gevolg een slechter braadresultaat.
Open braden
Voor het open braden worden een vorm zonder dechsel gebruikt. Giet zo nodig wat vloeistof in de braadvorm. Tijdens het braden verdampt de vloeistof. Voeg zo nodig voorzichtig hete vloeistof toe.
Keer het vlees bij het braden met boven- en onderwarmte om nadat ca. de helft of twee derde van de braadtijd verstreten is.
Bakken in de braadslede
Tijdens het braden in de braadslede ontstaat braadsap. Dit braadsap(Intu u als basis voor een smakelijk saus gebruiken. Bij het braden in de braadslede(Intu ook bijgerechten (bijv. groenten) mee latenten garen.
Bijkleinere stukken vlees kunt u inplaats van de braadsleede eenkleinere braadvorm gebruiken. Plaats deze direct op het rooster.
Gesloten braden
Voor het gesloten braden worden een braadvorm met deksel gebruikt. Gesloten braden is zeer geschikt voor stoofgerechten.
Braadtable
De braadtijd en temperatuur zijn afhankelijk van de grotte, de hoogte, de kwaliteit en het soort vlees.
In het algemeen geldt: Hoe groter het braadstuk, des te lager de temperatuur en des te langer de braadduur.
De opgaven in de tabel zichr richtwaarden en gelden voor het braden zonder deksel. De waarden kuren varieren, afhankelijk van het soort en de hoeveelheid vlees en de braadvorm.
Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Laat het vlees na afloop van de braadtijd nog ca. 10 minuten rusten in de uitgeschakelde, gesloten binnenruimte. Bij de opgegeven braadtijd is de aanbevolen rusttijd Niet inbegrepen.
De opgaven in de tabel gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.
| Vlees Inschuif- | 2D Hetelucht Boven- en | underwarmte ☐ | |||
| hoogte | Tempera-tuur in °C | Braadtijd in minutes | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | |
| Gehakt (van 500 g vlees) | 1 | 170 - 180 | 60 - 70 | 2 | 200 - 210 |
| Vis, heel (300 g) | 1 | 160 - 170 | 30 - 40 | 3 | 180 - 200 |
| Vis, heel (700 g) | 1 | 160 - 170 | 40 - 50 | 2 | 180 - 200 |
| Varkensvlees | |||||
| Filet, medium (400 g) | 1 | 170 - 180 | 30 - 45 | 3 | 200 - 220 |
| Braadstuk met zwaerd (1,5 kg) | 1 | 160 - 170 | 120 - 150 | 2 | 190 - 210 |
| Braadstuk, doorregen,+zonder zwaerd,bijv.nek (1,5 kg) | 1 | 160 - 170 | 100 - 130 | 2 | 190 - 210 |
| Braadstuk mager (1 kg) | 1 | 170 - 180 | 80 - 100 | 2 | 200 - 220 |
| Casselerrib | 1 160 - 180 60 - 80 2 190 - 210 | ||||
| Rundvlees | |||||
| Filet, medium (1 kg) | 1 | 180 - 190 | 40 - 60 | 2 | 200 - 220 |
| Rosbief, medium (1,5 kg) | 1 | 180 - 190 | 30 - 45 | 2 | 200 - 220 |
| Stoofvlees (1,5 kg)* | 1 | 170 - 180 | 120 - 150 | 2 | 200 - 220 |
| Kalfsvlees | |||||
| Kalfsvlees/-borst (1,5 kg) | 1 | 160 - 170 | 90 - 120 | 2 | 180 - 200 |
| Schenkel | 1 | 160 - 170 | 100 - 130 | 2 | 190 - 210 |
| Gevogelte (ongevuld) | |||||
| Kip, heel (1 kg) | 1 | 170 - 180 | 60 - 70 | 2 | 200 - 220 |
| Eend, heel (2 - 3 kg) | 1 | 160 - 170 | 90 - 120 | 2 | 190 - 210 |
| Gans, heel (3 - 4 kg) | 1 | 150 - 160 | 130 - 180 | 2** | 180 - 200 |
- Stoovlees gesloten braden
** bij een hoog gerecht inschuifthoogte 1 gebruiken
Tips en trucs
| Korst te dik en/of vlees te droog Inschuifhoogte controlleren. Lagere temperatuur of kortere braadtijd aanhouden. | |
| Korst te dun Temperatuur verhogen of na afloop van de braadtijd de grill even inschakelen. | |
| Het vlees is van binnen nicht gaar | Neem de toebehoren die Niet nodig zijnuit de binnenruimte. Braadtijd verlengen. Controleer met behulp van een vleesthermometer de kerntemperatuur van het vlees. |
| Waterdamp in de binnenruimte.slaatneer op de apparaatdeur | Wanner het apparaat aan is,verdwijnt de waterdamp geleidelijk. Bij zeer veel water-damp(Intkort u kort en voorzichtig de apparaatdeur openen, zatat hij sneller verwijnt. |
Grillen
Attentie!
Schade door hoge temperatures: In de binnenruimte ontstaat een zeer hoge temperatuur. Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten. Nooit met een geopende apparaatdeur grillen.
Gebruik om te grillen altiijd het rooster en de braadslede. Plaats het rooster op de inschuifhoogte die in de grillabel worden aangegeven. Om verontreiniging te voorkomen plaatst u de braadslede eeniveau lager. Leg de te grillen producten altiijd in het midden van het rooster.
Aanwijzing: De braadslede altijd in de normale toestand (niet omgekeerd) gebruiken.

Let erop dat bij het grillen van meerdere stukken vlees gelijke vleessoorten met geldijke dikte en gewicht worden gebruikt.
Random-grillen
Rondom grillen is bijzonder geschikt voor gezogelte of vlees (bijv. varkensvlees met zwaerd), dat rondom knapperig gegrild moet worden.
Keer de gerechten van de grill na ca. de helft tot tweeerde van de grilltijd om.
Steen bij eend en gans het vel onder de vleugels en boutevast, zodate het vet er goed uit kan braden.
Bij het rondom-grillen op het rooster kan al naargelang het te grillen gerecht de binnenruimte sterker verruild raken. Maak de binnenruimte na gebruik waarom.altijd schoon, zodat het vuil nicht inbrandt.
De gegevens in de tabel zichr Richtwaarden, die gelden voor de geemailleerde braadslede met rooster. De waarden kannen al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variieren.
Stel de eerste keer de laagste opgegeven temperatuur in. In principe levert de laagste temperatuur de meest gelijkmatige bruining op.
Laat de gerechten van de grill aan het einde nog ca.
10 Minutes rusten in de uitgeschakelde, gesloten oven. Bij de opgegeven grillijd is de aanbevolen rusttijd Niet inbegrepen.
De opgaven gelden voor het inschuiven in de onverwarmde oven en voor vlees dat direct uit de koelkast komt.
| Gerechten van de grill Inschuifhoogte Temperatuur in °C Grilltijd in minutes | ||
| Rosbief, medium 2 220 - 240 40 - 50 | ||
| Lamsbout zonder been, medium 2 170 - 190 120 - 150 | ||
| Varkensvlees | ||
| Gebraden varkensvlees met zwoerd 2 170 - 190 140 - 160 | ||
| Varkensschenkel 2 180 - 200 120 - 150 | ||
| Gevogelte (niet gezuld) | ||
| Halve kippen, 1 - 2 stuks | 2 210 - 230 40 - 50 | |
| Kip, heel (1 - 2 stuks) | 2 200 - 220 60 - 80 | |
| Eend, heel (2 - 3 kg) | 2 | 180 - 200 90 - 120 |
| Gans, heel (3 - 4 kg) | 2 150 - 170 130 - 160 | |
| Vlakgrillen | ||
| Gebruik voor große hoeveelheden platte grillproducten het groe grilloppervlak ☑. | Bestrijk het te grillen product indien gewenstlicht met olie. | |
| Gebruik voorkleine hoeveelheden platte grillproducten hetkleine grilloppervlak ☐. Leg de te grillen producten op het midden van het rooster. Door hetkleine grilloppervlak tegebruiken bespaart u energia. | Keer het te grillen vlees na de helft tot twee derde van de grilltijd.De opgaven in de tabellen zijn richtwaarden. De waarden kuren al naargelang het soort en de hoeveelheid gerechten variëren. Deze gelden uitsluitend voor hetplaatsen in een foude oven en voor vlees direct uit de koelkast. | |
| Gerechten van de grill | Inschuif-hoogte | Tempera-tuur in °C | Grilltijd in minutes | Aanwijzingen |
| Worsten | 4 | 250 | 10 - 14 | Licht insnijden |
| Groente | 4 | 270 | 15 - 20 | |
| Toast met bedekking | 3 | 220 | 10 - 15 | De inschuifhoogte worden bepaald door de hoogte van het product |
| Varkensvlees | ||||
| Filesteaks, medium (3 cm dik) 4 270 12 - 15 | ||||
| Steak, doorbakken (2 cm dik) 4 270 15 - 20 | ||||
| Rundvlees | ||||
| Filesteaks (3 - 4 cm dik) 4 270 15 - 20 Afhankelijk van de gewenste gering kunnen grillijden | ||||
| Tournedos 4 270 12 - 15 | worden verkort of verlengd | |||
| Lamsvlees | ||||
| Filets 4 270 8 - 12 Afhankelijk van de gewenste gering kunnen grillijden | worden verkort of verlengd | |||
| Koteletten 4 270 10 - 15 | ||||
| Gevogelte | ||||
| Kippenbauten | 3 250 25 - 30 Door de huid in te steken kan blaasvorming bij het | |||
| Kleine kipdelen | 3 250 25 - 30 | grillen worden voorkomen | ||
| Vis | ||||
| Steaks | 4 220 15 - 20 Delen要去 even dik+zijn | |||
| Koteletten 4 220 15 - 20 | ||||
| Hele vis | 3 220 20 - 25 | |||
Ontdooien
In dit hoofdstuk leest u hoe u met 2D Hetelucht of met de ontdooistand ontdooit.
Ontdooien met 2D Hetelucht
Gebruik voor het ontdooien en garen van diepvriesproducten de functie 2D Hetelucht.
Houd hierbij rekening met het volgende:
- Ontdooide diepvriesproducten (vooral vlees) hebben kortere bereidingsstijden nodig dan verse producten
- De bereidingstijd van diepvriesvlees worden verlangd met de tijd die nodig is voor het ontdooien
Diepvriesgevogelte dient u voor de bereiding alttijd te ontdooien om de ingewanden te kunnen verwijderen
Maak diepvriesvis opdezelfde temperatuur klaar als verse vis
U kurz kant-en-klare diepvriesgroente in aluminiumschalen in grotere hoeveelheden gelijktijdig in de binnenruimte plaatsen - Gebruik bij het ontdooien op een niveau inschuiffhoogte 1 en op twee niveaus inschuiffhoogte 1 + 3
Houd u bij diepvrieslevensmiddelen aan de aanwijzingen van de fabrikant
| Diepvriesgerecht | Tempera-tuur in °C | Ontdooitijd in minutes |
| Rauwe diepvriesproducten/ diep- vrieslevensmiddelen | 50 | 30 - 90 |
| Brood/broodjes (750 - 1500 g) | 50 | 30 - 60 |
| Droog diepvriesplaatgebak | 60 | 45 - 60 |
| Vochtig diepvriesplaatgebak | 50 | 50 - 70 |
Ontdooistand
Met de functie Ontdooistand kunt u bijzonder goed gevoelig gebak (bijv. slagroomtaart) ontdooien.
- De functie Ontdooistand inschakelen.
- Diepvriesproduct afhankelijk van de soort en groote 25 - 45 minutes ontdooien.
- Diepvriesproduct uit de binnenruimte nemen en 30 - 45 minutes latent rusten.
Bijkleinehoeveelheden(stukjes)wordt de ontdooitijd 15-20 minuten en de rusttijd 10-15 minuten korter.
Yoghurt
Met uw apparaat kutu de yoghurt ook zelf make. Hiervoor wordt de warmte van de ovenverlichting gebruikt.
- Toebehoren en inhangroosters, telescooprails of afzonderlijke insteeksystemen verwijderen.
2.1 Liter gesteriliseerde melk (3,5%) vet) of gespasteuriseerde melk tot 40^ opwarmen of 1 Liter gespasteuriseerde melk een keer opkoken en tot 40^ latent afkoelen. -
150 g yoghurt bij de warme melk doeon, er doorheen roeren en hier gelijkmatig potjes ofkommen mee vullen. Niet meer dan 200ml per glas/schaaltje.
-
De potjes ofkommen met een passend deksel of plasticfolie afdekken.
- Oven met groot grill-oppervlak 15 minutes bij 100^ voorverwarmen.
- Vervolgens de functiekeuzeknop op Ovenverlichting zetten.
- Vormen op gelijke afstand van elkaar verdelen over de hele bodem van de binnenruimte en de apparaatdeur sluiten.
- Na 8 eer de ovenverlichting uitschakelen en de vormpjes minimaal 12 eer in de koelkast plaatsen.
Reiniging en onderhoud
Risico van kortsluiting!
Gebruik geen hagedrukreiniger of stoomstraalapparaat om uw apparaat schoon te make.
Attentie!
Schade aan het oppervlak door verkeerde reiniging: Gebruik geen
scherpe of schurende schoonmaakmiddelen
alcoholhoudende schoonmaakmiddelen
schurende reinigingshulpen zoals staalwol of schuursponzen.
Houd u aan de opgaven in de tabellen.
Aanwijzing: Via de klantenservice kurz u bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en onderhoudsmiddelen betrekken. Neem de betreffende aanwijzingen van de fabrikant in acht.
Het apparatus van buiten reinigen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen beschadigd raken, dient u zich te honden aan de opgaven in de tabel.
Was neue vaatdoekjes voor het gebruik goed UIT.
| Apparaatonderdeel/ Oppervlak | Reinigungsmiddel/-hulp |
| Roestvrijstalen oppervlakken | Schoonmaakmiddelen met een zacht,vochtige doek of zeem opbrengen; met een zacht doek nadrogen. Gebruik bij sterke verruiling een reinigungsmiddel voor gematteerd roestvrij staal. |
| Voorzijde van de oven | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zacht doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Ruiten van de deur | Glasreinigings- of schoonmaakmiddelen met een zacht, vochtige doek of zeem opbrengen; met een zacht doek nadrogen.De binnenste deurruit van de apparaat-deur heeft een coating die een lichte uitzstraling kan hebben. |
Binnenruimte reinigen
Attentie!
Schade aan het oppervlak! Maak geen gebruik van special voor ovens bestemde schoonmaakmiddelen.
Aanwijzingen
Op het email+kunnen om technische redenen kleurverschillen te zien+zijn.Dit hierf geen invloed op de werkig.
- De randen van dunne platen konnen ruw়. De bescherming gegen corrosie isECHTER gegaandeerd.
| Apparaatonder-deel | Reinigungsmiddel/-hulp |
| Emailen vlakken | Schoonmaakmiddelen of azijnwater met een zachte,vochtige doeckof zeem opbren-gen;met een zachte doecknadrogen.Inge-brande voedselresten met een vochtige doeck en schoonmaakmiddel losweken.De binnenruimte na het schoonmakersopenlaten om te drogen.Bij sterke verontreining adviseren wij het gebruik van een ovenreiner. Bij het schoonmakers met ovenreiner dient u zich te houden aan de opgaven van de fabrikant. |
| Deurdichting Warm zeepsop | |
| Inhangroosters Warm zeepsop: laten weken en reinigen met een schoon-maakdoekje of borstel. | |
| Telescooprails Warm zeepsop: reinigen met een schoonmaakdoekje of bor-stel. Verwijder het smeervet Niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn.Niet laten weken of schoonmakers in devaatwasmachine. | |
| Toebehoren Weken in warm zeepsop.Met borstel en sponns schoonmakers of in de vaatwasmachine reinigen. | |
Vervoiling vermijden
Maak de binnenruimte na gebruik alkijd schoon, odomat het vuil bij later gebruik inbrandt en moeilijk kan worden verwijderd. Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekker alkijd onmiddelijk.
Gebruik zo möglichk de functie 2D Hetelucht. Bij deze functie treedt minder verruiling op
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijk schoon te makek sunt u de apparaatdeur verwijderen.
Risico van letsell!
De scharnieren van de apparaatdeur hunnen met groe kracht terugklappen. Klap de blokkerhendels van de scharnieren om de deur te hunnen verwijderen algijd hebelaal open en na het inbrengen weeher helemaal dicht. Kom Niet met uw handen aan het scharnier.
Risico van letsell!
Hangt de apparaatdeur er aan een Kantuit, kom dan nicht met uw handen aan het scharnier. Het scharnier kan met groe kracht terugklappen. Neem contact op met de klantenservice.
Apparaatdeur verwijderen
- Apparaatdeur helemaal openen.
- Blokeerhendels links en rechts helemaal openklappen.

De scharnieren zijn beveiligd en{kunnen nicht dichtklappen.
- De apparaatdeur zo ver sluiten tot u merkt dat er een watstand is (Afbeelding A).
- Met beiden handen links en rechts vastpakken, jets verder sluiten en eruit trekken (Afbeelding B).


Apparaatdeur inbrengen
- De scharnieren in de houders links en rechts plaatsen (Afbeelding C).
De keep van beiden scharieren moet inklikken. - Apparaatdeur helemaal openen.
- Blokkeerhendels links en rechts helemaal dichtklappen (Afbeelding D).


De apparaatdeur is beveiligd en kan nicht meer worden verwijderd.
- Apparaatdeur sluiten.
Ruiten van de deur schoonmaken
Om ze gemakkelijker schoon te makek Aunt u de binnenste ruiten van de apparaatdeur verwijderen.
Risico van letsel!
De componenten van de apparaatdeur können scherpe randen hebben. Hierdoor kurz u snijwonden oplopen. Draag veiligkeitshandschoenen.
Risico van letsel!
Gebruik het apparaat pas waar wonneer de ruiten en de apparaatdeur maar behoren+zijn aangebracht.
Deurruit verwijderen
Aanwijzing: Let er voordat u de ruit verwijdert op in welke positie hij is ingebracht, zoday u hem later Niet verkeerdplaatst.
- Apparaatdeur verwijderen en met de voorkant maar beneden op een zacht, schone ondergrond leggen (zie het hoofdstuk: Apparaatdeur verwijderen en inbrengen).
- De afscherming bovenaan de apparaatdeur afnemen. Hiervoor links en rechts het lipje met de vingers indrukken (Afbeelding A).
- Deurruit Licht optillen en waar buiten trekken (Afbeelding B).


Middelste ruit verwijderen
Middelste ruit iets optillen en er maar voren uittrekken.

Reinigen
Reinig de deurruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Risico van letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Middelste ruit inbrengen
Aanwijzing: Let er bij het inbrengen op dat "right above" linksonder ondersteboven staat.
Middelste ruit schuin maar achteren tot de aanslag inschuiven.

Deurruit inbrengen
- Deurruit schuin waar achteren in beiden holders inschuiven tot de aanslag. Het gladly vlak moet zich aan de buitenkant bevinden.

- De afscherming plaatsen en aanrukken tot hij vergrendeld is.
- Apparaatdeur wee inbrengen.
Inhangroosters reinigen
U kunt de inhangroosters verwijderen om ze gemakkelijkere schoon te make.
Risico van verbranding door hete onderdelen in de binnenruimte!
Wacht tot de binnenruimte afgekoeld is.
- Inhangroosters aan de voorkant maar boven drukken enaar opzij verwijderen (Afbeelding A).
- Inhangroosters aan de achterkant maar voren trekken enaar opzij verwijderen (Afbeelding B).


- Inhangroosters met afwasmiddel en spons of een borstel reinigen.
- De inhangroosters alkijd met de welving (a) maar beneden inbrengen, zodate de inschuifhoogtes kloppen.
- Inhangroosters achefter tot de aanslag inbrengen enaarachten drukken (Afbeelding C).
- Inhangroosters voor tot de aanslag inbrengen en maar beneden drukken (Afbeelding D).


Storingen en reparations
Ga voordat u de klantenservice belt na of de tips in de volgende tabellen van nut+kunnen zich.
Kans op een elektrische schok!
■ Werkzaamheden aan de elektronica van het apparaat mogen alleen door een vakman worden uitgevoerd.
Bij het werkken aan de elektronica van het apparaat beslist de netstekker uit het stopcontact halen. Automatische beveiliging activeren of de zekering in de meterkast van uw wonig eruit draaien.
| Storing Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| Elektrische functie vertoont een storing (bijv. individielampjes branden nicht meer) | Zekering defect Zekeringen in de meterkast controlleder, eventuel verrangen | |
| Vloeistof dunvloeijaar deeg worden zeer eenzijdig verdeld | Apparaat Niet waterpas ingebouwd Inbouw van het apparaat controlleder (zie Installatievoorschrift) | |
| Op het klokdisplay knippert 0:00 | Stroomtoevoer is onderbroken | Tijd opnieuw instellen (zie het hoofdstuk: Elektronische klok) |
| Elektronisch gestuurde functies werken Niet | Energetische impulsen (bijv. blikseminslag) | Betreffende functie opnieuw instellen |
| Bij het braden of grillen ontstaat een walm | Vet op het grillelement verbrandt | Verder grillen of braden tot het vet op het grillelement verbrand is |
| Rooster of braadslede verkeerd ingescho-ven | Inschuifhoogtes controlleder (zie het hoofdstuk: Braden of grillen) | |
| In de binnenruimte treedtmeer con-denswater op | Normaal verschijnsel (bijv. bij gebak met verzichtige vulling of een groot braad-stuk) | Apparaatdeurijdens het gebruik af en toe kort openen |
| Geëmailleerde toebehoren vertonen matte, lichte vlekken | Normaal verschijnsel door afduipend vlees- of vuchtensap | Niet mogelijk |
| Deurruiten+zijn beslagen Normaal verschijnel, dat ontstaat door temperatuurverschillen | Apparaat bij 100 °C opwarmen en na 5 minutenoor uitschakelen | |
Ovenlamp verrangen
Een defecte ovenlamp dient te worden verrangen.
Reservelampen kurz u kriijgen bij de klantenservice of uw specialzaak: E14, 220 - 240 V, 40 W, hittebestendig tot 300^ . Gebruikuitsluitend originele ovenlampen.
Kans op een elektrische schok!
Maak het apparaat stroomloos. Activeer de zekeringsautomaat of draai de zekering van de meterkast van uw wonig eruit.
- Theedoek in de koude binnenruimte leggen, om schade te voorkomen.
- Glazen afterscheringaar links draaien en afnemen.

- Ovenlamp verrangen door een van hetzelfde type.
- Glazen afscherming er weein inschroeven.
- Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Aanwijzing: Gebruik rubberhandschoenen wanner de glazen afterscherming er Niet afgedraaid kan worden. Of bestel een demontagehulp bij de klantendienst (Bestelnr. 613634).
Deurdichting verrangen
Is de deurdichting defect, dan要去 deze worden verrangen. Vervangende afdichtingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice.
De deurdichting is op vier punten bevestigd (Afbeelding A). Om de dichting te verrangen de haken op alle vier deplaatsen losmaken resp. bevestigen (Afbeelding B).


De bevestiging van de dichting vooral in de hoeken nog eens controeren.
Servicedienst
Bij storingen en reparations die u Niet zich kunt oplossen, staat de servicedienst voor u klaar.
De contactgeveens vindt u in de lijst met klantenservicebureau
Aanwijzig: Het kost u geld wonneer u wegens een bedieningsfout contact opneemt met de klantenservice.
Wanner u contact opneem met de klantenservice het E-nummer en FD-nummer opgeven.
U vindt deze op het typeplaatjechyter de apparaatdeur linksonder aan de zijkant.
E-nr. FD
Meer informatatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.constructa.de en in de online-shop: www.constructa-eshop.com
Testgerechten
Testgerechten volgens de norm EN 50304/EN 60350 (2009) resp. IEC 60350. Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in de tabellen in acht.
| Bakken Inschuif- | hoogte | Functie Temperatuur in °C | Tijdsduur in minu- ten |
| Sprits 2 ☐ 160 - 170* 20 - 25 | |||
| 1 ☐ 140 - 150* 15 - 25 | |||
| 1 + 3 ☐ 140 - 150* 20 - 30 | |||
| Small cakes (20 stucks perplaat) 2 ☐ 160 - 170** 20 - 30 | |||
| 1 ☐ 150 - 160** 20 - 30 | |||
| 1 + 3 ☐ 140 - 150** 30 - 40 | |||
| Waterbiscuit 2 ☐ 160 - 170* 25 - 35 | |||
| 1 ☐ 150 - 160* 25 - 35 | |||
| Bedekte appeltaart (vormen naast elkaar, afbeelding A) | 1 ☐ 160 - 170 | 65 - 75 | |
| Bedekte appeltaart (vormen diagonala geplaatst, afbeelding B) | 1 + 3 ☐ 170 - 180 60 - 70 | ||
- Oven voorverwarmen
** 10 minutes voorverwarmen


| Grillen Inschuifhoopte Functie | Temperatuur | in °C | Grilltijd in minutes | ||
| Toast (braadslede + rooster) | 3 + 4 | ☒ | 275* | 1 - 2 | |
| Beefsteaks, 12 stucks (braadslede + rooster) | 3 + 4 | ☒ | 275 | 20 - 25** |
- 10 minutes voorverwarmen
** na 32 van de tijd keren