GI 215145 - Vaatwassers GAGGENAU - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GI 215145 GAGGENAU in PDF-formaat.

📄 90 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice GAGGENAU GI 215145 - page 66
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : GAGGENAU

Model : GI 215145

Categorie : Vaatwassers

Download de handleiding voor uw Vaatwassers in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GI 215145 - GAGGENAU en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GI 215145 van het merk GAGGENAU.

GEBRUIKSAANWIJZING GI 215145 GAGGENAU

Inhoud Veiligheidsvoorschriften 66. . . . Kennismaking met het apparaat 67 Wateronthardingsinstallatie 68. Zout bijvullen 69. . . . . . . . . . . . . Vullen met glansspoelmiddel 70 Ongeschikt servies 71. . . . . . . . Serviesgoed sorteren 72. . . . . . Afwasmiddelen 74. . . . . . . . . . . . Programma-overzicht 77. . . . . . Afwassen 78. . . . . . . . . . . . . . . . Schoonmaken en onderhoud 79 Opsporing van storingen 81. . . . Inschakelen van de Servicedienst 84 Attentie 84. . . . . . . . . . . . . . . . . . Installatie 85. . . . . . . . . . . . . . . . .de

Veiligheidsvoorschriften Bij aflevering Controleer onmiddellijk of de verpakking en de afwasautomaat tijdens het transport beschadigd zijn. Een beschadigd apparaat niet in gebruik nemen maar contact opnemen met uw leverancier. Het verpakkingsmateriaal volgens de bestaande milieuvoorschriften (laten) afvoeren. Bij de installatie Het apparaat volgens het installatie- en montagevoorschrift plaatsen en aansluiten. Tijdens het installeren mag de afwasautomaat niet op het lichtnet zijn aangesloten. Overtuig u ervan dat het aardingssysteem van de elektrische huisinstallatie volgens de geldende elektrotechnische voorschriften is geïnstalleerd. De elektrische aansluitvoorwaarden moeten overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje van de afwasautomaat. Gebruik bij het aansluiten nooit een verlengkabel. Voor een goede stabiliteit van het apparaat mogen integreerbare of onderbouwapparaten alleen onder een doorlopend werkblad worden ingebouwd dat aan de kasten ernaast is vastgeschroefd. Na het plaatsen van het apparaat moet de stekker gemakkelijk te bereiken zijn. Niet bij alle modellen: Het kunststof huis aan de water- aansluiting bevat een elektrisch ventiel. In de toevoerslang bevinden zich de aansluitingsleidingen. De slang niet doorsnijden en het kunststof huis niet in water onderdompelen. Waarschuwing: Als het toestel niet in een nis staat en daardoor een zijwand toegankelijk is, dan moeten de deurscharnieren om veiligheidsredenen bedekt worden (gevaar voor verwondingen). De afdekkingen krijgt u als extra toebehoren bij de klantendienst of uw dealer. Dagelijks gebruik De afwasautomaat alleen in het huishouden en voor het aangegeven doel: het afwassen van huishoudelijk serviesgoed, gebruiken. Niet op de geopende deur gaan zitten of staan. Het apparaat kan kantelen. Het water in de spoelruimte is geen drinkwater. Doe geen oplosmiddel in de spoelruimte. Kans op explosie! Tijdens het programmaverloop de deur alleen voorzichtig openen. Er bestaat gevaar dat er water uit het apparaat spuit. Bij kinderen in het huishouden Kleine kinderen mogen niet met de afwasautomaat spelen of deze bedienen. Kleine kinderen uit de buurt van afwasmiddelen en glansspoelmiddelen houden. Kleine kinderen uit de buurt van de geopende afwasautomaat houden. Er kunnen nog resten afwasmiddel in het apparaat zijn achtergebleven.nl

Bij schade Reparaties mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Bij reparaties mag het apparaat niet op het lichtnet zijn aangesloten. Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen. Alleen aan de stekker trekken, niet aan de aansluitkabel. Kraan dichtdraaien. Bij het afvoeren van het apparaat Afgedankte apparaten onmiddellijk onbruikbaar maken waardoor ongevallen worden voorkomen. Stekker uit het stopcontact trekken, aansluitkabel doorknippen en de deursluiting onklaar maken. Het apparaat volgens de bestaande milieuvoorschriften (laten) afvoeren. Waarschuwing: Kinderen kunnen in het toestel ingesloten raken (verstikkingsgevaar) of in andere situaties terechtkomen. Daarom: Stekker uittrekken, netkabel afsnijden en weggooien. Deurslot zodanig kapot maken dat de deur niet meer sluit. Inkopen voordat u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt: – zout – afwasmiddel – glansspoelmiddel Gebruik enkel producten die geschikt zijn voor de vaatwasmachine. Kennismaking met het apparaat De afbeeldingen van het bedieningspaneel en van de binnenkant van het apparaat zijn op de laatste uitklapbare bladzijde van deze brochure afgedrukt. A.u.b. vóór het lezen deze bladzijde openklappen. Bedieningspaneel

Hoofdschakelaar 2 Handgreep voor het openen van de deur 3 Indicatie einde van het programma 4 Indicatie zout bijvullen * 5 Indicatie glansspoelmiddel bijvullen * 6 Programmatoetsen

  • niet bij alle modellen Binnenkant van het apparaat

Bovenste servieskorf met etagère

Extra bestekkorf voor de bovenste servieskorf *

Zoutreservoir met bijvul-indicatie *

Schakelaar voor waterhardheidsbereik

Onderste servieskorf

Reservoir voor glansspoelmiddel met bijvulindicatie

  • niet bij alle modellennl

Wateronthardingsinstallatie Voor een goed afwasresultaat heeft de afwasautomaat zacht water, d.w.z. water met weinig kalk nodig. Anders zetten zich witte kalkresten op het serviesgoed en de binnenkant van de spoelruimte af. Leidingwater met een te hoge hardheidsgraad moet voor gebruik in de afwasautomaat onthard, d.w.z. ontkalkt worden. Dit gebeurt met behulp van speciaal zout in de wateronthardingsinstallatie van de afwasautomaat. De instelling en daarmee de benodigde hoeveelheid zout zijn afhankelijk van de hardheidsgraad van het leidingwater. Instellen van de wateronthardingsinstallatie Vraag de hardheidsgraad van het water bij het waterleidingbedrijf of bij de Servicedienst op. De juiste instelling vindt u in de tabel voor de waterhardheid. Programmatoets B ingedrukt houden en de hoofdschakelaar 1 inschakelen. Daarna de toetsen loslaten. De indicatie 4 knippert en de lampjes bij de toetsen A en B branden. (De instelwaarde van de hardheid werd door de fabriek ingesteld op stand 2.) Om de instelling te veranderen: programmatoets B indrukken. Bij elke druk op de toets wordt de instelling steeds met één stand verhoogd (0–3). Als de lampjes boven de toetsen A , B en C branden, is de maximale instelwaarde van de waterhardheid bereikt. Als de instelwaarde nu weer verhoogd wordt, dan gaan de lampjes uit en staat de instelwaarde van de hardheid weer op stand 0 (geen enkel lampje boven de toetsen brandt). Hoofdschakelaar 1 uitschakelen. De ingestelde waarde is in het geheugen opgeslagen. Om de onthardingsinstallatie te regeneren is ca. 4 liter water nodig. Hierdoor wordt het waterverbruik per afwasprogramma – afhankelijk van de instelling voor de waterhardheid – met 0 tot 4 liter verhoogd. Tabel voor de waterhardheid _dh _Clarke mmol/

Zout bijvullen Werking van het zout Tijdens het afwassen wordt het zout automatisch uit het zoutreservoir in de wateronthardingsinstallatie gespoeld waar de kalk wordt opgelost. De kalkhoudende oplossing wordt uit de afwasautomaat gepompt. Daarna functioneert het onthardingssysteem weer. Het regenereren functioneert alleen als het zout in het water is opgelost. Deksel van het zoutreservoir 24 openen. Voordat u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt: ca. 1 l water in het zoutreservoir gieten. Daarna zoveel zout toevoegen tot het zoutreservoir vol is (maximaal 1,5 kg). Gebruik hiervoor de meegeleverde maatbeker. Als u het reservoir met zout vult, dan wordt het water verdrongen en loopt weg. Als er zout bijgevuld moet worden, moet u dit dus altijd vóór het inschakelen van de machine doen. U bereikt hiermee dat de zoutoplossing van het overlopende reservoir meteen wordt verdund en weggespoeld. Verwijder vervolgens de zoutresten rond de vulopening en sluit het reservoir. Let erop, bij een apparaat met draaideksel het deksel niet schuin op te draaien.

  • niet bij alle modellen De indicatie zout bijvullen 4 op het bedieningspaneel brandt eerst en gaat na enige tijd uit als zich een voldoende zoutconcentratie heeft gevormd. Bij instelling op ’0’ moet u geen regenereerzout gebruiken omdat er tijdens het afwassen geen zout gebruikt wordt. Bij instelling op ’1’ tot ’4’ moet het zoutreservoir met zout worden gevuld. Attentie! Het zoutreservoir nooit met afwasmiddel vullen. Hierdoor gaat de onthardingsinstallatie kapot. Indicatie zout bijvullen Zodra de indicatie zout bijvullen 4 in het bedieningspaneel brandt, moet u zout bijvullen. Bij modellen zonder indicatie in het bedieningspaneel moet zout worden bijgevuld als de gekleurde punt in het deksel van het zoutreservoir 24 niet meer zichtbaar is.nl

Vullen met glansspoelmiddel Glansspoelmiddel wordt gebruikt om de glazen helder en het serviesgoed zonder strepen te laten opdrogen. Deksel van het voorraadreservoir voor glansspoelmiddel 30 openklappen. Druk hiertoe op de markering op het deksel en open tegelijkertijd het deksel met het bedieningslipje . Glansspoelmiddel in de vulopening gieten tot de indicatie donker wordt. Deksel sluiten tot u een klik hoort. Attentie! Gebruik alleen glansspoel- middel dat geschikt is voor gebruik in een huishoudelijke afwasautomaat. Instellen van de juiste dosering van glansspoelmiddel De dosering van de hoeveelheid glansspoelmiddel kan traploos worden ingesteld. De instelknop is door de fabriek op 4 ingesteld. Verander de instelling van de instelknop voor glansspoelmiddel als er strepen (draaien in richting –) of watervlekken (draaien in richting +) op het serviesgoed achterblijven.

Instelknop voor glansspoelmiddel Indicatie glansspoelmiddel bijvullen Zolang de indicatie glansspoelmiddel bijvullen op het bedieningspaneel 5 resp. bij de doseerinrichting 30 donker is, is er genoeg glansspoelmiddel aanwezig. Indicatie glansspoelmiddel bijvullennl

Ongeschikt servies In uw afwasautomaat mag u het volgende niet afwassen: bestek en servies met houten onderdelen. Ze logen uit en worden lelijk; ook de gebruikte lijm is niet bestand tegen de optredende temperaturen. Gevoelige gedecoreerde glazen en vazen, speciaal antiek of niet meer te vervangen servies- goed. Deze decoraties waren nog niet bestand tegen het afwassen in een afwasautomaat. Niet geschikt zijn bovendien kunststof voorwerpen die gevoelig zijn voor heet water, koperen en tinnen serviesgoed. Geglazuurd serviesgoed en voorwerpen van zilver en aluminium kunnen bij het afwassen gaan verkleuren of verbleken. Ook sommige soorten glas kunnen dof worden nadat ze vele malen zijn afge- wassen. Verder hoort materiaal dat water absorbeert, zoals sponzen en doeken, niet in de afwasautomaat thuis. Tip: koop voortaan alleen serviesgoed waarbij staat aangegeven dat het geschikt is voor een afwasautomaat. Attentie Serviesgoed dat bevuild is met as, kaarsvet, smeerolie of verf mag niet in de afwasautomaat worden afgewassen. Schade aan glas en serviesgoed Oorzaken: glassoort en fabricagewijze van het glas; chemische samenstelling van het afwasmiddel; temperatuur van het water en programmaduur van de afwasautomaat. Advies: gebruik glas en porcelein dat door de fabricant aangeduid wordt als geschikt voor afwasautomaten. Gebruik afwasmiddel dat het serviesgoed ontziet. U kunt dit informeren bij de fabricant van het afwasmiddel. Kies een programma met een zo laag mogelijke temperatuur en een korte programmaduur. Om beschadigingen te voorkomen glas en bestek na afloop van het programma zo snel mogelijk uit de afwasautomaat halen.nl

Serviesgoed sorteren Serviesgoed inruimen Grove etensresten verwijderen. Voorspoelen onder stromend water is niet nodig. Het serviesgoed als volgt inruimen: alle soorten vaatwerk zoals kopjes, glazen, pannen etc. met de opening naar beneden zetten. Serviesgoed met een ronding of een holte schuin in de servieskorf zetten zodat het water er vanaf kan lopen. Het serviesgoed moet stevig staan en mag niet wankelen. De twee sproeiarmen moeten ongehinderd kunnen ronddraaien. Heel kleine stukken kunnen niet in de machine gewassen worden omdat ze makkelijk uit de manden kunnen vallen. Vaatwerk uit de machine halen Om te vermijden dat waterdruppels van de bovenste mand op het vaatwerk in de onderste mand vallen, is het aan te raden om eerst de onderste en dan de bovenste mand te legen. Kopjes en glazen Bovenste servieskorf 20 Pannen Onderste servieskorf 28 Bestek Bestek altijd ongesorteerd met het eetvlak naar boven inruimen (wees voorzichtig met messenlemmets). Op deze manier kan de sproeistraal elk stuk bestek beter bereiken. Om verwondingen te voorkomen: lange en puntige voorwerpen en messen op de etagère (bij sommige modellen) of op de messen-etagère (tegen meerprijs) leggen.nl

  • niet bij alle modellen De bordensteunen zijn omklapbaar waardoor pannen en schalen practischer kunnen worden ingeruimd. Bakplaat-sproeikop *
  • niet bij alle modellen Bekijk eerst de afbeeldingen in de omslag. Grote bakplaten of roosters kunt u met behulp van de bakplaatĆsproeikop reinigen: bovenste servieskorf eruit halen en de sproeikop erin zetten zoals afgebeeld. De bakplaten volgens de afbeelding inruimen, zodat de sproeistraal alle delen kan bereiken (maximaal 2 bakplaten en 2 roosters). Messen-etagère *
  • niet bij alle modellen De etagère *
  • niet bij alle modellen Hoge glazen en glazen op een hoge voet niet tegen het servies maar tegen de rand van de etagère laten leunen. Glazen, kopjes en schoteltjes op de etagère zetten. U kunt de etagère naar wens in- en uitklappen.nl

Verstellen van de korfhoogte *

  • niet bij alle modellen De bovenste servieskorf kan – indien gewenst – op de bovenste of de onderste rollen gebruikt worden om of in de bovenste of in de onderste servieskorf meer ruimte te maken voor hoger serviesgoed. Afwasmiddelen Attentie U kunt in uw afwasautomaat de in de handel verkrijgbare vloeibare of poedervormige afwasmiddelen, resp. tabletten gebruiken (geen hand- afwasmiddel!). Er zijn momenteel drie soorten afwasmiddel verkrijgbaar:

1. met fosfaat en chloor

2. met fosfaat en zonder chloor

3. zonder fosfaat en zonder chloor

Bij gebruik van afwasmiddel zonder fosfaat kan er bij hard leidingwater eerder witte aanslag op het serviesgoed en de wanden van de spoelruimte ontstaan. U kunt dit vermijden door een grotere hoe- veelheid afwasmiddel te doseren. Afwasmiddel zonder chloor heeft een geringere bleekwerking. Dit kan leiden tot een versterkte aanslag van thee of tot verkleuringen op kunststof onderdelen. De oplossing in dit geval: – het gebruik van een sterker afwasprogramma of – het doseren van een grotere hoeveelheid afwasmiddel of – het gebruik van een afwasmiddel met chloor. Of een afwasmiddel geschikt is voor zilveren voorwerpen vindt u op de verpakking van het afwasmiddel. Heeft u nog andere vragen, dan raden wij u aan contact op te nemen met de fabrikant van het afwasmiddel.nl

Afwasmiddelbakje met doseerhulp De indeling in het afwasmiddelbakje biedt hulp bij de juiste dosering van het afwasmiddel. Het afwasmiddelbakje bevat bij de onderste lijn 15 ml afwasmiddel en bij de middelste lijn 20 ml. Een vol afwasmiddel- bakje bevat 40 ml afwasmiddel. 40 ml 25 ml 15 ml Attentie! Als het afwasmiddelbakje nog dicht is: vergrendeling opzij drukken om het te openen. Vullen met afwasmiddel Het afwasmiddelbakje 31 met afwasmiddel vullen. Neem voor een juiste dosering de gegevens van de fabrikant op de verpakking van het afwasmiddel in acht. Besparingstip Als het serviesgoed niet erg vuil is, kunt u normalerwijze volstaan met minder afwasmiddel dan is aangegeven. Deksel van het afwasmiddelbakje sluiten: (1) deksel dichtschuiven en tot slot (2) licht erop drukken zodat de sluiting hoorbaar vastklikt. Bij gebruik van tabletten vindt u op de verpakking waar u de tabletten moet gebruiken (bijv. in de bestekkorf, het afwasmiddelbakje etc.). Let erop dat ook bij gebruik van tabletten het deksel van het afwasmiddelbakje gesloten is.nl

ATTENTIE ! – BELANGRIJKE AANWIJZING

VOOR HET GEBRUIK VAN

GECOMBINEERDE REINIGINGSPRODUCTEN GEACHTE KLANT Neem bij het gebruik van zogenaamde gecombineerde reinigingsproducten die het gebruik van b.v. spoelmiddel of zout overbodig moeten maken, de volgende belangrijke aanwijzingen in acht: Sommige producten met geïntegreerd spoelmiddel werken slechts bij bepaalde programma’s optimaal. Bij toestellen met automatische programma’s bereiken dergelijke producten meestal niet het gewenste effect. Producten die het gebruik van regenereerzout overbodig maken, kunnen enkel bij een bepaalde waterhardheid gebruikt worden. Als u deze gecombineerde producten wilt gebruiken, dan moet u aandachtig de gebruiksaanwijzing van deze producten of eventuele aanwijzingen op de verpakking lezen! Neem in geval van twijfel contact op met de fabrikant van het reinigingsproduct, vooral als: het vaatwerk na het einde van het programma heel nat is. er kalkaanzetting is. Bij klachten in verband met het gebruik van dergelijke producten, kunnen we niet aansprakelijk gesteld worden!nl

Programma-overzicht In dit overzicht staat het maximaal mogelijke aantal programma’s vermeld. De bij uw apparaat behorende programma’s kunt u op het bedieningspaneel aflezen. Soort serviesgoed bijv. porcelein, pannen, bestek, glazen, etc. Soort etensresten bijv. van Hoeveelheid etensresten Toestand van de etensresten Afwas- programma’s Programma- verloop Programma- gegevens Onge- voelig Gemengd Soep, soufflé, saus, aardappelen, deegwaren, rijst, eieren, gebraden gerechten Soep, aardappelen deegwaren, rijst, eieren, gebraden gerechten Koffie, gebak, melk, worst, koude dranken, salade veel weinig heel weinig erg aangekoekt weinig aangekoekt Normaal 65° Intensief 70° Eco 50° Snel 35° Voor- spoelen Voorspoelen50°Reinigen70°Tussen-spoelenTussen-spoelenNaspoelen70°DrogenDrogenNaspoelen65°Tussen-spoelenTussen-spoelenReinigen65°VoorspoelenDrogen Tussen-spoelenTussen-spoelenNaspoelen55°Reinigen35°Naspoelen65°Reinigen50° Laboratorium-meetwaarde volgens de Europese norm EN 50242 Afspoelen als het serviesgoed enkele dagen tot de afwas in het apparaat bewaard wordt. VoorspoelenWaterverbruik in litersDuur in min.Stroomverbruikin kWhmet warmtewisselaarzonder warmtewisselaarmet warmtewisselaarzonder warmtewisselaar

Afwassen Programmakeuze Aan de hand van het soort en de hoeveelheid serviesgoed, resp. van de etensresten kunt u in het programma- overzicht het juiste door u in te stellen programma vinden. In het onderste gedeelte van het programma-overzicht vindt u tevens het programmaverloop en de program- magegevens. Een voorbeeld: bij gemengd serviesgoed met veel en erg aangekoekte etensresten moet u het programma „Normaal“ gebruiken. Besparingstip Bij een niet vol beladen machine kunt u meestal gebruik maken van een minder sterk programma. Programmagegevens De programmagegevens hebben betrekking op normale omstandigheden. Door: verschillen in de hoeveelheid serviesgoed de temperatuur van het toegevoerde water de druk in de waterleiding de omgevingstemperatuur toleranties in de netspanning en de onvermijdelijke toleranties in het apparaat (bijv. temperatuur, hoeveelheid water, ...) kunnen grotere afwijkingen optreden. De waarden van het waterverbruik hebben betrekking op instelwaarde 2 van de waterhardheid. Inschakelen van het apparaat Kraan opendraaien. Hoofdschakelaar 1 inschakelen. De indicatie einde van het programma 3 gaat branden. Programmatoets 6 indrukken. De indicatie einde van het programma 3 gaat uit. De indicatie van het gekozen programma gaat branden. Deur sluiten. Het programmaverloop start automatisch. Einde van het programma Het programma is beëindigd als de indicatie einde van het programma 3 en de indicatie van het afgelopen programma branden. Uitschakelen van het apparaat Enkele minuten na afloop van het programma: Na afloop van het programma de deur openen. Hoofdschakelaar 1 uitschakelen. Kraan dichtdraaien (niet van toepassing op apparaten met Aqua-Stop). Na afkoeling het serviesgoed uit het apparaat halen.nl

Onderbreking van het programma Deur openen. Wees voorzichtig! Er bestaat kans dat er water uit het apparaat spuit. De deur pas helemaal openen als de sproeiarm niet meer ronddraait. Hoofdschakelaar 1 uitschakelen. De lichtindicatie gaat uit. Het programma blijft opgeslagen in het geheugen. Bij aansluiting op warm water of als de machine al is opgewarmd en de deur van het apparaat geopend werd, de deur eerst een paar minuten op een kier laten staan en daarna dichtdoen. Anders kan door expansie de deur van het apparaat openspringen. Om het programma door te laten gaan: hoofdschakelaar weer inschakelen en de deur sluiten. Programma afbreken (Reset) Alleen als de hoofdschakelaar is ingeschakeld: Programmatoetsen A en C gedurende ca. 3 sec. tegelijkertijd indrukken. Het programmaverloop duurt ca. 1 min. De indicatie einde van het programma en de indicatie van het afgelopen programma gaan branden. Hoofdschakelaar 1 na afloop van het programma uitschakelen. Afwasmiddelbakje 31 sluiten. Om een nieuw programma te starten de hoofdschakelaar 1 weer inschakelen en het gewenste programma kiezen. Wijzigen van het programma Nadat u het apparaat hebt ingeschakeld, kunt u tot het sluiten van de deur van het apparaat een ander programma instellen. Als het programma hierna gewijzigd moet worden, dan worden eerst de al gestarte programma-onderdelen (bijv. reinigen) afgewerkt. Schoonmaken en onderhoud Regelmatige controle en onderhoud van het apparaat dragen ertoe bij defecten te voorkomen. Dit bespaart u tijd en ergernis. Daarom moet u af en toe de afwasautomaat goed controleren. Algemene toestand van de machine Spoelruimte controleren op aanslag van vet en kalk. Als u zulke aanslag aantreft: machine met afwasmiddel grondig doorspoelen. Speciaal zout Controleer de indicatie zout bijvullen 4 resp. 24 . Indien nodig zout bijvullen. Glansspoelmiddel Controleer de indicatie glansspoelmiddel bijvullen op het bedieningspaneel 5 resp. de indicatie in het voorraadreservoir 30 . Indien nodig glansspoelmiddel bijvullen.nl

Zeven De zeven 26 zorgen ervoor dat grove etensresten in het spoelwater niet in de pomp terechtkomen. Door de etensresten kunnen de zeven verstopt raken. Na elke afwasbeurt de zeven op etensresten controleren en eventueel schoonmaken. Na het losdraaien van de grove/ microzeef kunt u tevens de fijne zeef eruit halen. Etensresten verwijderen en de zeven onder stromend water schoonmaken. De zeven er weer in zetten en de grove/microzeef vastschroeven. Grove/microzeef Sproeiarmen Kalk en etensresten in het spoelwater kunnen de sproei-openingen en de lagers van de sproeiarmen 22 en 23 blokkeren. Sproeiopeningen van de sproeiarmen op verstopping door etensresten con- troleren. Eventueel de onderste sproeiarm 23 naar boven eraf trekken. Bovenste sproeiarm 22 eraf schroeven. Sproeiarmen onder stromend water schoonmaken. Sproeiarmen weer vastdrukken resp. vastschroeven. Sproeiarmennl

Afvoerpomp Grove etensresten in het spoelwater die niet door de zeven worden tegengehouden, kunnen de afvoerpomp blokkeren. Het spoelwater wordt dan niet afgepompt en blijft boven de zeef staan. In dit geval: eventueel water eruit scheppen. Zeven 26 eruit halen. Schroef uit de afdekking schroeven (torx T 20) en de afdekking eraf halen. Binnenruimte controleren op vreemde voorwerpen en deze – indien nodig – verwijderen. Afdekking weer aanbrengen en vastschroeven. Zeven er weer in zetten en vastschroeven. Opsporing van storingen Kleine storingen zelf verhelpen De meest voorkomende storingen in het dagelijks gebruik van het apparaat kunt u zelf verhelpen zonder de hulp van de Servicedienst in te roepen. Hiermee bespaart u kosten en bent u ervan zeker dat u het apparaat weer snel kunt gebruiken. Het volgende overzicht kan u erbij helpen de oorzaken van de ontstane storingen vinden. Storingen ... bij het inschakelen Het apparaat start niet De zekering in het huis is niet in orde. De stekker zit niet in het stopcontact. De deur van het apparaat is niet goed gesloten. U hebt geen programmatoets ingedrukt. De kraan staat niet open. De zeef aan de watertoevoerslang is verstopt. De zeef bevindt zich aan de aansluiting van de Aqua-Stop resp. van de toevoerslang.nl

Attentie! Reparaties mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke schade en gevaar voor de gebruiker opleveren. ... aan het apparaat de onderste sproeiarm draait moeilijk Sproeiarm door kleine deeltjes of etensresten geblokkeerd. Deksel van het afwasmiddelbakje kan niet gesloten worden Doseerreservoir te vol. Mechanisme door vastgeplakte afwasmiddelresten geblokkeerd. Controlelampjes gaan na de afwas niet uit Hoofdschakelaar nog ingeschakeld. Er kleven na de afwas resten afwasmiddel in het reservoir Reservoir was bij het vullen vochtig, alleen een droog reservoir met afwasmiddel vullen. Na afloop van het programma blijft er water in het apparaat staan De afvoerslang is verstopt of geknikt. De afvoerpomp is geblokkeerd. De zeven zijn verstopt. Het programma is nog niet afgelopen. Wacht op het einde van het programma (de indicatie einde programma brandt). Functie ”Reset” uitvoeren. ... bij de afwas Abnormale schuimvorming Handafwasmiddel in het reservoir voor glansspoelmiddel. Gemorst spoelmiddel kan bij de volgende spoelbeurt tot overmatige schuimvorming leiden, daarom moet u het gemorste spoelmiddel met een doek verwijderen. Het programma stopt tijdens de afwas Stroomtoevoer onderbroken. Watertoevoer onderbroken. Klappende geluiden tijdens de afwas Sproeiarm slaat tegen serviesgoed. Kletterende geluiden tijdens de afwas Serviesgoed niet goed ingeruimd. Klappende geluiden van de vul-ventielen Wordt veroorzaakt door de ligging van de waterleiding en heeft geen invloed op het functioneren van de machine. Deze geluiden kunnen niet verholpen worden.nl

... aan het serviesgoed Er blijven gedeeltelijk etensresten aan het serviesgoed plakken Het serviesgoed was niet goed ingeruimd, de waterstralen konden het oppervlak niet bereiken. De servieskorf was te vol. Het serviesgoed ligt tegen elkaar aan. Te weinig afwasmiddel gebruikt. Een te zwak programma gekozen. Sproeiarmen konden niet ongehinderd ronddraaien doordat een stuk serviesgoed in de weg stond. Sproeiers van de sproeiarmen zijn door etensresten verstopt. De zeven zijn verstopt. Zeven verkeerd ingezet. Afvoerpomp geblokkeerd. Er ontstaan verkleuringen op kunststof onderdelen Te weinig afwasmiddel gebruikt. Het afwasmiddel heeft te weinig bleekwerking. Afwasmiddel met chloor gebruiken. Er blijven gedeeltelijk witte vlekken op het serviesgoed achter, de glazen blijven melkkleurig Te weinig afwasmiddel gebruikt. Hoeveelheid glansspoelmiddel te laag ingesteld. Ondanks een hoge hardheidsgraad van het leidingwater geen zout toegevoegd. Onthardingsinstallatie te laag ingesteld. Het deksel van het zoutreservoir is niet goed vastgedraaid. Als u afwasmiddel zonder fosfaat hebt gebruikt, probeer dan eens afwasmiddel met fosfaat ter vergelijking. Het serviesgoed wordt niet droog Programma zonder drogen gekozen. Hoeveelheid glansspoelmiddel te laag ingesteld. Serviesgoed te snel uit het apparaat gehaald. De glazen zien er dof uit Hoeveelheid glansspoelmiddel te laag ingesteld. Resten thee of lippenstift zijn achtergebleven Het afwasmiddel heeft te weinig bleekwerking. Een te lage afwastemperatuur gekozen. Roestsporen op het bestek Het bestek is niet voldoende roestbestendig. Het zoutgehalte in het afwaswater is te hoog. Deksel van het zoutreservoir niet goed vastgedraaid. Tijdens het navullen te veel zout toegevoegd. De glazen worden dof en verkleuren, de aanslag kan niet worden afgewreven Een ongeschikt afwasmiddel gebruikt. De glazen zijn niet geschikt voor een afwasautomaat. Op glazen en bestek blijven strepen achter, de glazen zien er metaalachtig uit. Hoeveelheid glansspoelmiddel te hoog ingesteld.nl

Inschakelen van de Servicedienst Als het u niet lukt de fout te verhelpen,schakel dan de Servicedienst in. Hetdichtstbijzijnde adres van de Servicedienstvindt u in het telefoonboek of in demeegeleverde brochure metservice-adressen. Geef aan deServicedienst het typenummer (1) en hetFD-nummer (2) op. U vindt deze gegevensop het typeplaatje op de deur van hetapparaat.

OpgeletWe willen er u op wijzen dateen bezoek van een technicusvan onze klantendienst naaraanleiding van een debeschreven storingen ooktijdens de garantieperiode nietkostenloos is. Attentie Richtlijnen bij het afvoeren van uw oude apparaat en van de verpakking Uw oude apparaat is geen waardeloosafvalproduct.Waardevolle grondstoffen kunnen dooreen milieuvriendelijke wijze van afvoerenna bewerking opnieuw gebruikt worden.Bij afgedankte apparaten: stekker uit hetstopcontact trekken, aansluitkabeldoorknippen en samen met de stekkerverwijderen.Deursluiting onklaar maken. Hiermeervoorkomt u dat kinderen zichzelf tijdenshet spelen in het apparaat opsluiten en inlevensgevaar raken.Uw nieuwe apparaat werd tijdens hettransport naar u door de verpakkingbeschermd. Voor de verpakking werdgebruik gemaakt van materialen die hetmilieu kan verdragen en die geschikt zijnvoor hergebruik. Help a.u.b. mee aan hetbeschermen van het milieu door deverpakking op een milieuvriendelijke wijzete (laten) afvoeren.Kinderen niet met de verpakking enonderdelen ervan laten spelen.Kans op verstikking door vouwkarton enfoliemateriaal.U kunt bij de reinigingsdienst in uwgemeente informeren hoe u uw oudeapparaat en het verpakkingsmateriaal vanhet nieuwe apparaat kunt (laten) afvoerenvoor een milieuvriendelijke verwerking. Algemeen Geïntegreerde en onderbouwapparatendie achteraf als vrijstaand apparaatworden opgesteld, moeten beveiligdworden tegen kantelen, bijv. door hetvast te schroeven aan de muur of doorinbouw onder een doorlopend werkbladdat aan de kasten ernaast is vastge-schroefd.nl

Installatie Om de afwasautomaat goed te laten functioneren moet hij vakkundig worden aangesloten. De gegevens van watertoevoer en -afvoer en de elektrische aansluitwaarden moeten met de vereiste criteria overeenkomen zoals deze in de volgende alinea’s resp. in het montage- voorschrift zijn beschreven. Bij de montage de juiste volgorde van de handelingen aanhouden: – bij aflevering controleren – plaatsen – aansluiting op de waterafvoer – aansluiting op de watertoevoer – elektrische aansluiting Aflevering Uw afwasautomaat werd in de fabriek zorgvuldig getest op foutloos functioneren waardoor kleine watervlekken zijn achter- gebleven. Deze zijn na de eerste afwas- beurt verdwenen. Plaatsing De vereiste inbouwmaten vindt u in het montagevoorschrift. Het apparaat met behulp van de verstelbare voetjes waterpas stellen. Let erop dat het appa- raat stevig staat. Aansluiten op de waterafvoer De noodzakelijke handelingen vindt u in het montagevoorschrift. Eventueel een sifon met aansluitnippel monteren. Afvoerslang met behulp van de meege- leverde onderdelen op de aansluitnippel van de sifon aansluiten. Aansluiten op de watertoevoer Aansluiting volgens montagevoorschrift. Toevoerslang met behulp van de meegeleverde onderdelen op de kraan aansluiten. Waterdruk: minimaal 0,5 bar, maximaal 10 bar. Bij hogere druk een reduceerventiel aanbrengen. Hoeveelheid binnenstromend water: minimaal 10 liter per minuut. Temperatuur van het water: bij voorkeur koud water. Warm water mag maximaal een temperatuur van 60 °C hebben. Elektrische aansluiting Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften aangebracht, randgeaard stopcontact op 230 volt wisselstroom aansluiten. Zie het typeplaatje 32 voor de vereiste zekering. Het stopcontact moet zich in de buurt van de afwasautomaat bevinden en gemakkelijk toegankelijk zijn. Bij verlenging van de aansluitkabel de stekker er niet afknippen. De kabel kan in de aansluitdoos aan de achterkant van het apparaat vervangen worden. Bij gebruik van een aardlekschakelaar mag alleen een type met het teken worden geïnstalleerd. Alleen deze aardlekschakelaar voldoet aan de nu geldende voorschriften. Demontage De volgorde van de handelingen is ook hier belangrijk: allereerst het apparaat loskoppelen van het lichtnet. Stekker uit het stopcontact trekken. Watertoevoer afsluiten. Aansluiting op de waterafvoer en -toevoer loskoppelen. Bevestigingsschroeven onder het werkblad losdraaien. Indien aanwezig de plint verwijderen. Het apparaat eruit halen en de slang voorzichtig naar voren trekken.nl

Transport De afwasautomaat leeg laten lopen. Losse onderdelen vastzetten. Het apparaat alleen rechtop vervoeren Als het apparaat niet rechtop wordt vervoerd, dan kan er resterend water in het besturingsmechanisme terechtkomen. Dit kan tot een verkeerd programmaverloop leiden. Het apparaat laten leeglopen op de volgende wijze: Kraan opendraaien. Hoofdschakelaar inschakelen. Programma A kiezen. Ca. 4 minuten wachten. Programma beëindigen door de toetsen A en C tegelijkertijd in te drukken. Na één minuut het apparaat uitschakelen. Kraan dichtdraaien. Bescherming tegen vorst Als het apparaat niet in een vorstvrije ruimte staat (bijv. in een vakantiehuisje), dan moet u het apparaat helemaal laten leeglopen (zie transport). Kraan dichtdraaien, toevoerslang losmaken en laten leeglopen.GAGGENAUWERKE HAUS- UND LUFTTECHNIK GMBH