BC 330 MT AL-KO

BC 330 MT - Grasmaaier AL-KO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BC 330 MT AL-KO in PDF-formaat.

Page 41
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : AL-KO

Model : BC 330 MT

Categorie : Grasmaaier

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BC 330 MT - AL-KO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BC 330 MT van het merk AL-KO.

GEBRUIKSAANWIJZING BC 330 MT AL-KO

Productbeschrijving 41

Technische gegevens 44

Veiligheidsinstructies 45

Onderhoud en verzorging 53

Opnieuw in gebruik nemen 57

Afvoeren als afval 57

Hulp bij storingen 58

CE-conformiteitsverklaring 59

Over deze handleiding

 Lees deze documentatie vóór de ingebruikname door.

Dit is een voorwaarde voor veilig werken en storingsvrij

 Neem de veiligheids- en waarschuwingsinstructies in

deze documentatie en op het apparaat in acht.

 Deze documentatie vormt een vast onderdeel van het

beschreven product en moet bij verkoop aan de koper

Verklaring van tekens

Het nauwkeurig opvolgen van deze waarschu-

wingsinstructies kan schade aan personen of

Speciale aanwijzingen voor meer duidelijkheid en

Deze documentatie beschrijft een handbediende bos-

maaier met benzinemotor.

De complete set bestaat uit de componenten:

 Motorgroep (1) Art.-Nr. 112983

 Opzetstuk voor snijmes en

draadspoel (set) (2) Art.-Nr. 112986

 Hoogsnoeizaagopzetstuk (3) Art.-Nr. 112970

 Heggenschaaropzetstuk (4) Art.-Nr. 112971

Betekenis van symbolen op de motorgroep

Gebruikershandleiding lezen

Veiligheidsbril, veiligheidshelm,

gehoorbescherming dragen

Veiligheidshandschoenen dragen

Veiligheidsschoenen dragen

Snijwerktuig bij lichaam en kleding

Ongevalsrisico door weggeslingerde

voorwerpen 15m(50ft) Tussen apparaat en andere personen

minstens 15 m afstand houden42

Originele gebruikershandleiding

Betekenis van symbolen op het snijmes-/snijdraad-

Gebruikershandleiding lezen

Veiligheidsbril, veiligheidshelm,

gehoorbescherming dragen

Veiligheidshandschoenen dragen

Veiligheidsschoenen dragen

Personen op afstand houden. Veilige

afstand van 15 m aanhouden

Ongevalsrisico door weggeslingerde

Oppassen voor terugslag

Max. toerental van snijmes

Max. toerental van snijmes

Betekenis van symbolen op de heggenschaar

Gebruikershandleiding lezen

Veiligheidsbril, veiligheidshelm,

gehoorbescherming dragen

Veiligheidshandschoenen dragen

Veiligheidsschoenen dragen

Personen van snijwerk vandaan

houden. Veilige afstand van 15 m

Betekenis van symbolen op de hoogsnoeizaag

Gebruikershandleiding lezen

Veiligheidsbril, veiligheidshelm,

gehoorbescherming dragen

Veiligheidshandschoenen dragen

Veiligheidsschoenen dragen

Personen van snijwerk vandaan

houden. Veilige afstand van 15 m

Hoogsnoeizaag niet gebruiken nabij

kabels of telefoon- of elektriciteitslei-

Bij het werken met de hoogsnoeizaag

een veilige afstand van 10 m aanhou-

den tot bovengronds aangebrachte

elektriciteitsleidingen.

Lengte van zaagblad 310 mm

Max. zaaglengte 260 mm

Kettingsmering instellen

Veiligheids- en beveiligingsvoorzieningen

Let op - ongevalsrisico!

Veiligheidsfuncties en beveiligingen mogen niet

buiten werking worden gesteld!

Let op - ongevalsrisico!

De motorgroep mag zonder opzetstuk (snijmes,

snijdraadspoel, hoogsnoeizaag of heggenschaar)

niet worden gebruikt.

Uitsluitend de bij het originele apparaat meegele-

verde werktuigopzetstukken gebruiken.43

In een noodgeval de contactschakelaar in de stand

Steenslagbeschermkap

Beschermt de gebruiker tegen weggeslingerde voorwer-

pen. De geïntegreerde draadsnijder kort de snijdraad

tijdens gebruik in volgens de toelaatbare lengte.

Gedeelde bedieningssteel

Aan de deelbare bedieningssteel kunnen de motorgroep

en de opzetstukken gemakkelijk worden gemonteerd, na

de werkzaamheden weer worden losgehaald en ruimtebe-

sparend worden opgeborgen.

De opzetstukken worden bevestigd aan de deelbare steel.

Reglementair gebruik

Er bestaat een ongevalsrisico!

 Met reglementair gebruik wordt ook gedoeld op de

inachtneming van de door de fabrikant beschreven

condities voor gebruik, onderhoud en verzorging, even-

als het opvolgen van de in de handleiding vermelde

veiligheidsinstructies.

 Elk ander, hiervan afwijkend gebruik wordt beschouwd

als niet-reglementair. De fabrikant wijst de aansprake-

lijkheid af voor elke eventueel hieruit voortvloeiende

schade: het risico berust dan alleen bij de gebruiker.

 Bij eigenmachtig uitgevoerde wijzigingen aan het ap-

paraat is de fabrikant niet aansprakelijk voor hieruit

mogelijk voortvloeiende schade.

 Het apparaat mag alleen worden klaargemaakt, ge-

bruikt en onderhouden door personen die ermee ver-

trouwd zijn en op de hoogte zijn met de risico's ervan.

Reparatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door ons

worden uitgevoerd of door vestigingen voor klantenser-

vice die door ons zijn erkend.

Van toepassing op snijmes-/draadspoelopzetstuk:

 Het snijmes mag uitsluitend worden gebruikt voor het

maaien van gras en het kortwieken van struikgewas en

onderbegroeiing op privéterreinen.

 Het draadspoelopzetstuk is geschikt voor het maaien

van gras en soortgelijke begroeiing, zoals gazonran-

den in hobby- en privétuinen die met de gazonmaaier

niet bereikbaar zijn.

 Het apparaat mag niet worden gebruikt in openbare

plantsoenen, parken, sportterreinen of langs wegen en

in de land- en bosbouw.

 Het apparaat mag niet worden gebruikt voor het maai-

en en verhakselen van:

 heggen, struiken en heesters

Van toepassing op de hoogsnoeizaag:

 De hoogsnoeizaag is uitsluitend geschikt voor het

snoeien van takken aan opstaande bomen.

 De hoogsnoeizaag niet gebruiken voor het omzagen

van bomen, boomscheuten of struikgewas.

 De hoogsnoeizaag niet gebruiken voor het verzagen

van bouwmateriaal en kunststoffen.

 De hoogsnoeizaag is uitsluitend geschikt voor privége-

bruik rondom het huis en in hobbytuinen.

 De hoogsnoeizaag is niet geschikt voor gebruik in de

bosbouw (als snoeizaag voor bosbomen).

Van toepassing op de heggenschaar:

 De heggenschaar is uitsluitend bedoeld voor het knip-

pen van twijgen en jonge scheuten aan heggen en

struiken rondom het huis en in hobbytuinen.

 Een heggenschaar bedoeld voor privégebruik rondom

het huis en in hobbytuinen is niet geschikt voor gebruik

in openbare plantsoenen, parken, sportterreinen of in

de land- en bosbouw.

 Het apparaat mag niet worden gebruikt voor het maai-

en van gazons en gazonranden of om te composteren

plantmateriaal te versnipperen.

Ook bij reglementair gebruik en inachtneming van alle

veiligheidsinstructies kan er, vanwege de voor het ge-

bruiksdoel vereiste constructie van het apparaat, toch nog

sprake zijn van overige risico's.

Deze overige risico's kunnen worden beperkt door alle

informatie zoals vermeld bij „Veiligheidsinstructies“, onder

„Reglementair gebruik“ en in de gebruikershandleiding in

zijn geheel in acht te nemen.

Door oplettendheid en voorzichtigheid wordt het risico op

letsel en schade beperkt.

 Dit apparaat produceert tijdens het gebruik een

elektromagnetisch veld. Dit veld kan onder bepaalde

omstandigheden actieve of passieve medische implan-

taten beïnvloeden. Om het risico op ernstig letsel te

verkleinen, raden wij personen met medische implan-

taten aan om vooraf aan gebruik van het apparaat con-

tact op te nemen met hun arts of de fabrikant van het

implantaat en zich te laten adviseren.

 Lichamelijk letsel als gevolg van hand/arm zwaaibewe-

gingen, wanneer het apparaat lange tijd aaneen wordt

gebruikt of niet op correcte wijze wordt gehanteerd of

Originele gebruikershandleiding

(Afbeeldingnrs.) verwijzen naar de afbeeldingen

in het illustratiegedeelte.

(Afbeeldingnrs. - Werkstapnrs.) verwijzen naar

werkstappen die in het illustratiegedeelte nader

2-takt, luchtgekoeld

Gebruiksgewicht zonder

Brandstofhoeveelheid

Snijlengte voor heg-

Lengte van kettingzaag-

 Gehoorbeschadiging bij langdurig gebruik zonder ge-

 Risico op brandwonden bij aanraken van hete onder-

 Risico op koolmonoxidevergiftiging bij gebruik van het

apparaat in afgesloten of slecht geventileerde ruimten.

Van toepassing op snijmes-/draadspoelopzetstuk:

 Risico op letsel aan vingers en handen bij aanraking

met draaiend snijwerktuig.

 Risico op voetletsel bij aanraking van snijwerktuig daar

waar dit niet is afgedekt.

 Wegslingeren van stenen en aarde

Van toepassing op de hoogsnoeizaag:

 Terugslagrisico als het zaagbladuiteinde op een vast

 Risico op letsel aan vingers en handen bij aanraking

met het werktuig (zaagketting).

 Letsel door wegspringen van gezaagd materiaal.

Van toepassing op de heggenschaar:

 Letsel door wegslingeren van materiaal.

 Breken en wegspringen van mesgedeelten.

Ook voor het overige kunnen, ondanks alle getroffen voor-

zorgsmaatregelen, toch nog andere dan de hier vermelde

risico's blijven bestaan..

Het productoverzicht (1) biedt een overzicht van het ap-

paraat. Het apparaat is afgebeeld in de uitvoering met het

draadspoelopzetstuk.

Overzicht van onderdelen (1)

2 Oog voor draaggordel

7 Bevestiging gedeelde bedieningssteel

8 Gedeelde bedieningssteel

11 Draadspoelkap met draadspoel45

Veiligheidsinstructies

Neem de volgende instructies in acht om uzelf

en anderen te beschermen tegen eventueel

Lees en volg vooraf aan de ingebruikname van

dit apparaat ter vermijding van ongevallen de

navolgende instructies en de veiligheidsvoorschrif-

ten vermeld in de documentatie bij uw ongeval-

lenverzekering. Neem ook de in uw land geldende

veiligheidswetgeving door, om uzelf en anderen zo

te beschermen tegen eventueel letsel.

 Overhandig de veiligheidsinstructie aan alle personen

die met de machine gaan werken.

 Bewaar deze veiligheidsinstructie op een geschikte

 Reparaties aan de afslagbeveiliging moeten worden

uitgevoerd door de fabrikant of een door de fabrikant

 Lees voorafgaand aan het gebruik de handleiding

door, zodat u vertrouwd bent met het gebruik van het

 Gebruik het apparaat niet voor doeleinden waarvoor dit

niet is bestemd (zie onder Beoogd gebruik).

 Werk aandachtig. Let goed op wat u doet. Overleg bij

zelf hoe u te werk zult gaan. Gebruik het apparaat niet

wanneer u moe bent of onder invloed bent van drugs,

alcohol of medicijnen. Wanneer uw aandacht even ver-

slapt, kan het apparaat ernstig letsel veroorzaken.

 Kinderen, jongeren onder 18 jaar en personen die niet

vertrouwd zijn met de handleiding mogen het apparaat

 Zorg dat kinderen, mensen en dieren buiten het werk-

bereik blijven (op minstens 15 meter afstand).

 Zorg dat andere personen, met name kinderen, van

het apparaat of de motor afblijven.

 Gebruik het apparaat niet terwijl andere mensen, met

name kinderen, in de nabijheid zijn.

Uitrusting voor persoonlijke beveiliging

Werk nooit zonder een geschikte persoonlijke uitrusting:

 draag geen ruim vallende kleding of sieraden, deze

kunnen worden gegrepen door bewegende onderdelen

 gebruik bij lang haar een haarnetje

 gebruik een goedgekeurde veiligheidshelm in situaties

waarbij hoofdletsel mogelijk is.

 gezichtsbescherming

 veiligheidsjack in een opvallende kleur

 broek en handschoenen met snijbeveiliging

 slipvast schoeisel (veiligheidsschoenen) met snijbevei-

liging en teenbescherming

Toerental van werktuig

BC 330 MT (motorgroep)

2-takt, luchtgekoeld

Originele gebruikershandleiding

 brandblusser en spade (tijdens het werken kan er

vonkvorming optreden)

 eventueel een mobiele telefoon

Veiligheidsinstructies – alvorens te gaan werken

Voer voordat u aan het werk gaat en regelmatig tijdens

de werkzaamheden de volgende controles uit. Neem de

informatie in de betreffende paragrafen in de gebruiksaan-

 Is het apparaat compleet en gemonteerd volgens de

 Is het apparaat in goede en veilige conditie?

 Zijn de handgrepen schoon en droog?

 Controleer voordat u aan de slag gaat of:

 zich in de directe werkomgeving geen andere per-

sonen, kinderen of dieren bevinden

 of u bij achteruit lopen niet zult struikelen over

 de directe omgeving rondom uw voeten vrij is van

rommel, struikgewas en takken

 een veilige werkpositie gegarandeerd is.

 Bestaat er op de werkplek echt geen risico op

struikelen? Zorg dat uw directe werkomgeving ordelijk

blijft! Slordigheden kunnen leiden tot ongevallen,

bijvoorbeeld door een misstap!

 Houd rekening met wat er gebeurt in uw omgeving:

 Werk niet als er te weinig licht is (zoals bij mist, re-

gen, in sneeuwbuien of in de schemering). Details

in uw directe omgeving herkent u dan niet meer en

er ontstaat zo een ongevalsrisico!

 Gebruik het apparaat niet nabij brandbare vloei-

stoffen of gassen - brandgevaar!

 De gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen

of voor de risico's waaraan andere personen of

hun bezittingen eventueel worden blootgesteld.

Veiligheidsinstructies - bediening

 Werk nooit met alleen één hand. Houd het apparaat

altijd met beide handen vast.

 met gestrekte armen

 op moeilijk bereikbare plekken

 boven schouderhoogte íVWDDQGRSHHQODGGHURI

steiger of in een boom.

 Werk op een slipvaste en goed geëffende ondergrond.

Vermijd een abnormale lichaamshouding. Zorg ervoor

dat u stevig staat en uw evenwicht kunt bewaren.

 Zet het apparaat uit als u gaat pauzeren en leg dit zo

neer dat dit voor niemand een risico vormt. Zorg dat

het apparaat niet toegankelijk is voor onbevoegden.

Veiligheidsinstructies – tijdens het werk

 Werk nooit alleen. Zorg dat anderen u altijd kunnen

zien en horen, zodat men in een noodgeval onmiddel-

lijk hulp kan verlenen.

 Zet in een noodgeval of als er gevaar dreigt de motor

 Laat het apparaat nooit onbeheerd draaien.

 Het apparaat produceert schadelijke gassen! Laat

het daarom nooit draaien in een afgesloten of slecht

geventileerde ruimte. Zorg dat er voldoende lucht

kan toetreden als u op laag gelegen plekken of in

een afgraving of nauwe ruimte werkt. Er bestaat dan

verstikkingsgevaar of een risico op vergiftiging door

 Staak de werkzaamheden direct zodra er sprake is

van lichamelijk ongemak (zoals hoofdpijn, duizeligheid,

misselijkheid etc.). Er is dan sprake van een verhoogd

 Overbelast het apparaat niet! Het werken verloopt

beter en veiliger als u binnen het aangegeven vermo-

 Pauzeer van tijd tot tijd tijdens de werkzaamheden, zo-

dat de motor de gelegenheid krijgt om af te koelen.

 Leg het hete apparaat niet neer in droog gras of op

brandbaar materiaal.

 Raak de hete uitlaatdemper en motor nooit aan terwijl

het apparaat nog draait of direct nadat de motor is af-

gezet. Risico op brandwonden!

Wanneer mensen met een bloedscirculatiestoornis te vaak

worden blootgesteld aan vibraties, kan dit leiden tot letsel

aan het zenuwstelsel of in de bloedvaten.

Vibraties kunnen worden beperkt:

 door stevige, warme werkhandschoenen te gebruiken

 de werktijd te verkorten (las meerdere langdurige

Roep medische hulp in als uw vingers opzwellen, wanneer

u zich onwel voelt of als de vingers gevoelloos worden.

Algemeen - veiligheidsinstructies

 Onderhoud het apparaat zorgvuldig:

 Volg de onderhoudsvoorschriften en -instructies bij

het vervangen van werktuigen.

 Zorg dat handgrepen droog blijven en dat hierop

geen hars, olie of vet achterblijft.

 Monteer uitsluitend de voor het apparaat bedoelde

snijwerktuigen. Het gebruik van andere werktuigen en

toebehoren kan voor u als gebruiker een ongevalsri-

 Controleer het apparaat op eventuele beschadigingen:

 Als u het apparaat blijft gebruiken moeten bevei-

ligingen zorgvuldig worden gecontroleerd op een

storingsvrije werking overeenkomstig de beoogde

functie. Gebruik het apparaat uitsluitend met com-

plete en correct aangebrachte beschermingsvoor-

zieningen; wijzig het apparaat niet zodanig dat de

veiligheid niet langer gegarandeerd is.

 Controleer of bewegende onderdelen storingsvrij

functioneren en niet klemmen; kijk ook of er mo-

gelijk onderdelen beschadigd zijn. Alle onderdelen

moeten correct zijn gemonteerd en moeten aan

alle voorwaarden voldoen om storingsvrij gebruik

 Beschadigde beveiligingen en onderdelen dienen

op deskundige wijze door een erkende reparateur

te worden gerepareerd of vervangen, zolang de

gebruikershandleiding niets anders vermeldt.

 Beschadigde of onleesbaar geworden veiligheids-

stickers dienen te worden vervangen.

 Laat werktuigen niet in het apparaat zitten! Controleer

steeds of alle werktuigen wel zijn verwijderd voordat u

het apparaat aanzet.

 Bewaar een ongebruikt apparaat op een droge en af-

sluitbare locatie, buiten het bereik van kinderen.

 Voer geen andere reparaties aan het apparaat uit dan

zoals vermeld in het hoofdstuk „Onderhoud“; neem

eventueel rechtstreeks contact op met de fabrikant of

de betreffende klantenservice.

 Reparaties aan het apparaat moeten worden uit-

gevoerd door de fabrikant of een door de fabrikant

 Gebruik uitsluitend originele vervangingsonderdelen of

toebehoren en speciale onderdelen. Het gebruik van

andere vervangingsonderdelen en toebehoren kan een

ongevalsrisico inhouden voor de gebruiker. De fabri-

kant wijst de aansprakelijkheid af voor de eventueel

hieruit resulterende schade.

Veiligheidsinstructie bij snijmes-/draadspoelopzetstuk

 Verwijder voordat u gaat maaien eerst alle verontrei-

nigingen (zoals steentjes, takken, draad etc.). Let ook

tijdens het werken op eventuele andere verontreini-

 Controleer voordat u het apparaat aanzet of het snij-

werktuig niet in aanraking zal komen met de onder-

 Controleer voordat u het apparaat aanzet of uw voeten

en handen op gepaste afstand blijven van het snij-

 Ga pas maaien nadat het snijwerktuig op volle snel-

heid is gaan draaien.

 Breng het draaiende snijwerktuig nooit in aanraking

met vaste voorwerpen (stenen, boomstammen).

 Het snijwerktuig blijft na stilzetten nog even doordraai-

en! Rem het werktuig niet met uw hand af.

 Zet het apparaat uit en haal de bougiedop los als:

 het apparaat in aanraking kwam met stenen, spij-

kers of andere objecten

 als het apparaat moet worden gerepareerd

 bij onderhouds- of reinigingswerkzaamheden

 er storingen moeten worden verholpen

 het apparaat moet worden vervoerd of opgebor-

 het snijwerktuig moet worden vervangen

 als het apparaat onbeheerd blijft (ook bij korte

Veiligheidsinstructies hoogsnoeizaag

 Gebruikers van de hoogsnoeizaag dienen een bij het

verwachte gebruik passende training te hebben onder-

gaan en moeten vertrouwd zijn met de werking van de

hoogsnoeizaag en met hulpmiddelen voor persoonlijke

 Gebruik het zaagblad en zaagketting uitsluitend in de

juiste combinatie, zoals beschreven in de „Technische

Gegevens“. Een verkeerde combinatie verhoogt het

 Is de olietank (kettingsmering) afgevuld? Controleer

het olieniveau regelmatig. Vul de zaagkettingolie altijd

direct bij zodat de zaagketting niet kan drooglopen.

 Is de zaagketting correct gespannen? Let op de pun-

ten vermeld in de paragraaf „Zaagketting spannen“.

 Is de zaagketting goed scherp? Gebruik uitsluitend een

goed geslepen zaagketting; bij een botte zaagketting is

niet alleen het terugslagrisico hoger maar wordt ook de

motor zwaarder belast.

 Een zaagketting met inkervingen moet niet langer

worden gebruikt, evenals een ketting die van vorm is

 Bij het aanzetten van de zaagsnede moet de

hoogsnoeizaag veilig worden ondersteund en goed

worden vastgehouden. De ketting en het zaagblad

 Ga pas zagen zodra de zaagketting op volle snelheid

 Probeer niet om het zaagblad in een al aanwezige

zaagsnede te plaatsen.

 Gebruik de hoogsnoeizaag niet om hout te verplaatsen

 Zaag versplinterd hout voorzichtig af. Er bestaat dan

een ongevalsrisico doordat houtsplinters kunnen weg-

 Gebruik de hoogsnoeizaag alleen terwijl u stevig staat.48

Originele gebruikershandleiding

 het werkingsgeluid sterker wordt

 de machine ongewoon sterk gaat trillen. Trek dan

de bougiedop los van de bougie en neem de vol-

- controleer of de machine beschadigd is;

- controleer of er onderdelen zijn losgekomen en zet

zulke onderdelen weer vast;

- vervang beschadigde onderdelen door gelijkwaar-

dige onderdelen of laat repareren.

 Zet de motor uit en haal de bougiedop los

 bij het weghalen van vastgeklemd plantmateriaal

 als een storing moet worden verholpen

 als het werk wordt onderbroken

 als de heggenschaar onbeheerd wordt achterge-

Pas na de geheel voltooide montage mag het

apparaat gebruikt worden.

1. Plaats het handgreepbenedendeel bij de rubberen

manchet aan het steelbuisstuk van de motorgroep (5).

2. Plaats de handgreep op het handgreepbenedendeel

en bevestig beide onderdelen met de boutjes, ringen

1. Het metaalblad (6-2) onder de afschermkap (6-3)

2. Met de vier schroeven (6-1) bij de steel vastzetten.

Het in de afschermkap geïntegreerde mes (draad-

snijder) snijdt het snijdraad automatisch op de

1. De kleinere snijbeveiliging op de afschermkap

2. 'HVSOLWSHQHUXLWWUHNNHQHQGHÀHQV

3. Het snijmes (8-4) zodanig op de meeneemschijf (8-2)

plaatsen dat de boring van het snijmes precies over

de centreerring van de meeneemschijf komt.

 Verander uw werkpositie van tijd tot tijd, om een te

eenzijdige lichaamshouding te vermijden.

 Controleer of zich in het hout geen vreemde voorwer-

pen vinden (zoals spijkers etc).

 Wees aan het eind van de zaagsnede voorzichtig. Zo-

dra de hoogsnoeizaag uit het hout komt, verandert de

gewichtsbelasting. Er ontstaat dan een ongevalsrisico

voor uw benen en voeten.

 Verwijder de hoogsnoeizaag alleen uit de zaagsnede

terwijl de zaagketting nog loopt.

 Zet het apparaat direct uit zodra de zaagketting klem

komt te zitten in het hout. Gebruik dan een wigvormig

hulpmiddel om het zaagblad weer vrij te maken.

 Breng de zaagketting terwijl hij loopt nooit in aanraking

met een afrastering of met de bodem.

 Bij een werkonderbreking moet de hoogsnoeizaag zo

worden beveiligd (kettingbescherming aanbrengen) en

opgeborgen dat deze voor niemand een gevaar vormt.

Zorg dat de hoogsnoeizaag niet toegankelijk is voor

 Zet het apparaat uit en haal de bougiedop los als:

 het apparaat in aanraking kwam met grond, ste-

nen, spijkers of andere objecten. Controleer de

zaagketting en het zaagblad direct

 als het apparaat moet worden gerepareerd

 bij onderhouds- of reinigingswerkzaamheden

 er storingen moeten worden verholpen

 als het apparaat wordt vervoerd

 naspannen van de ketting vereist is

 de ketting wordt vervangen

 als het apparaat onbeheerd blijft (ook bij korte

Veiligheidsinstructies heggenschaar

 Verwijder vreemde voorwerpen (zoals metaaldraad)

uit de heg, deze kunnen het snijwerk van de heggen-

 Wees voorzichtig bij bovengrondse elektriciteitsdraden.

 Blijf met uw handen en voeten bij het snijwerk vandaan

terwijl dit in beweging is.

 Gebruik de heggenschaar niet om stukken hout of

soortgelijke voorwerpen op te tillen of weg te schuiven.

 Als u de gashendel loslaat blijft het snijwerk nog enige

tijd doordraaien (vrijloopeffect).

 Begin pas met knippen van de heg terwijl het snijwerk

 Gebruik de heggenschaar niet als het snijwerk bot,

gebarsten of beschadigd is.

 Breng het snijwerk terwijl dit loopt nooit in aanraking

met een afrastering of de bodem.

 Zet de motor uit en laat de machine tot stilstand komen

 het snijwerk in aanraking komt met een vreemd

4. 'HÀHQV]RGDQLJRSKHWVQLMPHVplaatsen dat de

platte zijde naar het snijmes is gericht.

5. De bevestigingsmoer (7) vastdraaien op de centreer-

stift van de aandrijfas (1). Daartoe de inbussleutel (3)

in de daarvoor bedoelde boring plaatsen en de sleutel

6. De moer borgen met de splitpen.

1. 6SOLWSHQHQÀHQVYHUZLMGHUHQ

2. De inbussleutel in de boring van de meeneemschijf

steken en de draadspoel linksom vastdraaien op de

centreerstift van de aandrijfas.

3. De meeneemschijf met de inbussleutel blokkeren om

de draadspoel vast te zetten.

Schoudergordel instellen

Tijdens werkzaamheden altijd de schoudergordel

gebruiken. De schoudergordel pas aanhaken

nadat de motor is gestart en stationair draait.

1. De schoudergordel eerst over de linkerschouder ha-

2. De vergrendelhaak in het oog (1-2) haken.

3. De lengte van de schoudergordel met enkele zwaai-

bewegingen controleren, zonder de motor laten draai-

 Het draadspoelopzetstuk of het snijmes moet

evenwijdig aan de ondergrond bewegen.

1. De vastzetmoer (9-1) losdraaien en de splitpen iets

naar buiten trekken (9-2).

2. Het benedenstuk van de steel met de afschermkap in

het bovenstuk steken - de spiebaanzijde moet aan de

kant van de splitpen komen. (9-3).

3. De splitpen (10-1) weer loslaten en het steelbeneden-

stuk vastzetten met de vastzetmoer (10-2).

1. De vastzetmoer (9-1) losdraaien en de splitpen iets

naar buiten trekken (9-2).

2. Het steelbenedenstuk met de afschermkap uit het bo-

venstuk trekken (10-3).

Het Multitool BC 3030 MT kan zo ruimtebesparend

Steelverlengstuk monteren aan hoogsnoeizaag en

heggenschaaropzetstuk

1. Het spiebaangedeelte aan het steelverlengstuk in de

hoogsnoeizaag of in het heggenschaaropzetstuk ste-

2. De schroef (3-2, 4-2) aanbrengen in het gat en vast-

3. De klembout (3-3, 4-3) vastzetten.

Hoogsnoeizaagopzetstuk

Zaagblad en zaagketting monteren

Bij werkzaamheden aan het zaagblad en de

zaagketting altijd de motor uitzetten en veiligheids-

handschoenen dragen.

kettingspannertap (13-4) bij de laatste schroefdraad-

3. Leg de zaagketting in de geleidegroef rondom het

Let daarbij op de juiste looprichting van de ketting-

4. Plaats het zaagblad op het apparaat. De kettingspan-

nertap (15-1) moet in de bijbehorende kettingspanner-

boring van het zaagblad grijpen.

5. Controleer bij het monteren of de kettingschakels cor-

rect aanliggen in de zaagbladgroef en op het ketting-

6. Breng de beschermkap (13-2) weer aan en zet de be-

7. Span de zaagketting zoals beschreven in de para-

graaf „Zaagketting spannen“.50

Originele gebruikershandleiding

Brandstofmengsel aanmaken

Uitsluitend brandstof in een 25:1 verhouding

Het is raadzaam om brandstof met een bio-

ethanolgehalte van minder dan 5% te gebruiken.

1. Benzine en een merkolie voor tweetaktmotoren in een

geschikte houder gieten overeenkomstig de tabel.

2. Beide bestanddelen grondig mengen.

Mengverhoudingen voor brandstof

Vóór de ingebruikname altijd een visuele controle

De term snijwerktuig verwijst naar het snijblad,

draadspoel, zaagketting en naar de snijmessen

van de heggenschaar.

 Met een los zittend, beschadigd of versleten snijwerk-

tuig en/of bevestigingsonderdelen mag het apparaat

niet gebruikt worden!

 De draaggordel om de linker schouder hangen en de

gordel vasthaken aan het gordeloog aan de motor-

 Neem een veilige positie in

 Het snijmes altijd alleen gebruiken samen met de af-

 'HODQGVSHFL¿HNHYRRUVFKULIWHQYRRUGHJHEUXLNVGXXU

 Altijd de aanwijzingen in de meegeleverde gebruiks-

aanwijzing van de motorfabrikant opvolgen

 Het snijwerktuig vooraf aan het gebruik controleren op

beschadigingen of inkervingen; eventueel de bescha-

digde of versleten onderdelen vervangen door origi-

VOORZICHTIG - Vergiftigingsrisico!

De motor nooit laten draaien in afgesloten ruimten!

Snijdraad voor het starten inkorten tot op 13 cm,

om de motor niet te overbelasten.

1. Draai de bevestigingsmoer (13-1) maximaal ongeveer

2. Haal het uiteinde van het zaagblad iets omhoog en

draai de kettingspanschroef (13-3) rechtsom totdat de

ketting voldoende gespannen is.

3. De zaagketting is correct gespannen wanneer deze

op het midden van het zaagblad nog ca. 3 - 4 mm kan

worden opgetild (16).

4. Draai de kettingspanschroef linksom als de zaagket-

ting te strak gespannen is.

5. Controleer of de kettingschakels correct aanliggen in

de groef rondom het zaagblad.

6. Zet de bevestigingsmoeren weer vast.

Heggenschaaropzetstuk

De kantelstand van het heggenschaaropzetstuk kan voor

een optimaal gebruik worden versteld.

1. Verstelhendel los zetten (11-1).

2. Het apparaat in de gewenste stand kantelen.

3. Verstelhendel vast zetten.

4. Alvorens te gaan werken de beschermers (12) afne-

Brandstof en hulpvloeistoffen

Veiligheidsinstructies

WAARSCHUWING - Brandgevaar!

Benzine vat uiterst gemakkelijk vlam!

VOORZICHTIG - Vergiftigingsrisico!

De motor nooit laten draaien in afgesloten ruimten!

 Controleren of uit de motor, de brandstoftank of -leidin-

gen geen brandstof weglekt

 Benzine uitsluitend bewaren in de daarvoor bedoelde

 Alleen brandstof bijvullen in de openlucht

 Niet roken tijdens bijvullen van brandstof

 De tankdop niet openen terwijl de motor draait of nog

 De tank of de tankdop bij beschadiging vervangen

 Tankdeksel altijd stevig sluiten

 Wanneer er benzine is weggestroomd:

 De motor niet starten

 De benzine niet proberen te verbranden

 Het apparaat reinigen

 De nog resterende brandstof laten verdampen51

Motor draait na uitzetten nog even door - onge-

De motor tijdens trimmen/maaien/zagen steeds laten

draaien in het bovenste toerentalbereik.

Veiligheidsinstructies

De veiligheids- en waarschuwingsinstructies in

deze documentatie en op het apparaat beslist in

 Doelmatige werkkleding dragen

 Tijdens werkzaamheden een veilige werkpositie aan-

 Het apparaat steeds met beide handen bedienen

 Het snijwerktuig bij lichaam en kleding vandaan hou-

 Anderen op afstand houden van de gevarenzone

 Draadspoelopzetstuk nooit boven kniehoogte houden

terwijl het apparaat in bedrijf is

 Bij maaiwerkzaamheden op hellingen altijd beneden

het snijwerktuig blijven

 Nooit op een heuvel of helling werken als deze glad of

 Het apparaat nooit gebruiken nabij gemakkelijk ont-

vlambare vloeistoffen of gassen.

Explosie- en/of brandgevaar!

 Na aanraking met een vreemd voorwerp:

 Apparaat controleren op beschadigingen.

 Personen die nog niet vertrouwd zijn met de trimmer

moeten het gebruik ervan oefenen terwijl de motor

LET OP - Terugslagrisico!

Het startkoord altijd rechtuit uittrekken. Niet plotse-

ling laten terugschieten.

1. Zet de START/STOP-schakelaar(19-4) in de stand

de gashendel (19-6) tegelijkertijd.

3. Zet de chokehendel (19-1) in de stand CHOKE.

4. Druk de brandstofpompknop (19-3) een paar keer

(ca. 10x) stevig in totdat er benzine/schuim zichtbaar

wordt in de aanzuigpomp.

5. Trek het startkoord (19-2) langzaam uit tot u weer-

stand voelt en trek vervolgens snel en krachtig ver-

der uit. Trek het startkoord niet helemaal naar buiten

en voer de startkoordgreep langzaam terug zodat het

startkoord correct oprolt.

6. Herhaal deze procedure totdat de motor hoorbaar kort

7. Zet de chokehendel in de stand RUN zodra een mo-

torontsteking heeft plaatsgevonden.

8. Het startkoord uittrekken tot de motor aanslaat.

9. Als de motor niet aanslaat, stappen 1-8 herhalen.

10. Als de gashendel wordt losgelaten gaat de motor sta-

3. Gashendel bedienen zoals vermeld onder „Koude

4. Het startkoord maximaal 6 keer snel uittrekken - de

motor slaat aan. De gashendel helemaal aangedrukt

houden totdat de motor rustig loopt.

 Motor slaat niet aan:

 Chokehendel in de stand RUN zetten

 Startkoord 5 keer uittrekken

 Als motor ook nu niet aanslaat:

 Vijf minuten wachten en vervolgens nogmaals pro-

beren met doorgedrukte gashendel

Aanwijzingen in hoofdstuk „Hulp bij storingen“

Originele gebruikershandleiding

Terugslageffect voorkomen

Ongevalsrisico bij ongecontroleerd

Als bij werkzaamheden met metalen snijmessen

het mes in aanraking komt met vaste objecten

(bomen, takken, stenen e.d.), kan het hele ap-

paraat terugslaan of juist onverwacht naar voren

Een dergelijke terugslag treedt plotseling en

geheel onverwacht op, de gebruiker kan dan de

macht over het apparaat verliezen en zichzelf of

omstanders in gevaar brengen. Dit risico is nog

groter in dichte begroeiing en op plekken met

 Houd het apparaat tijdens het werken altijd met beide

 Houd een veilige werkpositie aan. Zet uw voeten in

een comfortabele spreidstand neer en houd altijd reke-

ning met een eventuele terugslag.

 Overschat uzelf niet en bewaar tijdens het werken te

allen tijde uw evenwicht.

 Voordat u gaat maaien moet het snijmes al op volle

Bij maaien op open plekken kunnen stenen en rommel

worden weggeslingerd en zo ernstig letsel toebrengen.

Controleer daarom of de afschermkap stevig gemonteerd

is. Wanneer draaiende onderdelen (snijmes) foutief

zijn bevestigd, kan dit leiden tot ernstige ongevallen.

Controleer voordat u gaat werken of het snijmes stevig is

 Kantel het apparaat iets naar voren en beweeg dit met

gepaste en gelijkmatige snelheid van rechts naar links.

Op deze manier komt het maaisel terecht op het zo-

juist gemaaide oppervlak.

 Hoog gras en dichte begroeiing kan het best traps-

gewijs worden gemaaid. Kort dan eerst het bovenste

gedeelte van het te maaien materiaal in, door het

apparaat naar rechts te bewegen. Haal het apparaat

vervolgens in de teruggaande beweging naar links en

maai het onderste gedeelte.

 Maai hellingen bij voorkeur in stroken. Maai een strook

parallel aan de helling; ga dan over het gemaaide ge-

deelte terug en maai de volgende strook.

 Pas het motortoerental en de maaihoogte altijd aan

volgens de omstandigheden ter plekke. Bij een te laag

motortoerental kan er maaisel in het snijwerktuig ver-

ward raken of klem komen te zitten.

 Wanneer er gras, takken of andere voorwerpen in het

snijwerktuig vast komen zitten of als het apparaat on-

gewoon sterk gaat trillen, zet de motor dan meteen uit

en controleer het apparaat.

 Als de haakse tandwieloverbrenging geblokkeerd

raakt, kan dat leiden tot schade aan de koppeling.

 Vastgeklemd maaisel mag nooit worden verwijderd

terwijl het snijmes nog draait. Wacht dan totdat het

 Als het snijmes bot, ingekerfd of verbogen is, moet

dit altijd door een origineel reserveonderdeel worden

Werken met draadspoel

 Kantel het apparaat iets naar voren en beweeg dit met

gepaste en gelijkmatige snelheid van links naar rechts.

 Het beste resultaat wordt verkregen bij het maaien van

 Haal de snijdraad niet pal langs muren en tegels, op

deze manier zal het snijdraad snel afslijten.

 Hoog gras en dichte begroeiing kan het best traps-

gewijs worden gemaaid, zodat de draadspoel niet

 Pas het motortoerental en de maaihoogte altijd aan

volgens de omstandigheden ter plekke. Bij een te laag

motortoerental kan er maaisel in het snijwerktuig ver-

ward raken of klem komen te zitten.

 Wanneer er gras, takken of andere voorwerpen in het

snijwerktuig vast komen zitten of als het apparaat on-

gewoon sterk gaat trillen, zet de motor dan meteen uit

en controleer het apparaat.

 Als de haakse tandwieloverbrenging geblokkeerd

raakt, kan dat leiden tot schade aan de koppeling.

 De snijdraad zal na uitzetten van het draadspoelopzet-

stuk nog even blijven doordraaien. Wacht dan totdat de

spoel stil staat voordat u het apparaat weer aanzet.

 Wanneer de draadspoel leeg is, moet deze worden

vervangen door een originele nieuwe draadspoel.