KGE39AL43 - Koelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KGE39AL43 BOSCH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KGE39AL43 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KGE39AL43 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING KGE39AL43 BOSCH
nl Gebruiksaanwijzing
Veiligheidsbepalingen
en waarschuwingen 64
Aanwijzingen over de afvoer 66
Omvang van de levering 66
Let op de omgevingstemperatuur
en de beluchting 67
Apparaat aansluiten 67
Kennismaking met het apparaat 68
Inschakelen van het apparaat 69
Instellen van de temperatuur 69
Maximale invriescapaciteit 72
Invriezen en opslaan 72
Verse levensmiddelen invriezen 73
Ontdooien van diepvrieswaren 74
Apparaat uitschakelen en buiten
Schoonmaken van het apparaat 77
Verlichting (LED) 78
Energie besparen 79
Bedrijfsgeluiden 79
Kleine storingen zelf verhelpen 80
Zelftest apparaat 81
nlGebruiksaanwijzing
Veiligheidsbepalingen
Voordat u het apparaat
Lees de gebruiksaanwijzing en het
installatievoorschrift nauwkeurig door.
U vindt daarin belangrijke informatie over
plaatsing, gebruik en onderhoud van het
De fabrikant aanvaardt geen
aansprakelijkheid als de aanwijzingen
in de gebruiksaanwijzing niet in acht
worden genomen. Bewaar
de gebruiksaanwijzing en het
montagevoorschrift voor later gebruik
of voor een eventuele latere bezitter.
Technische veiligheid
Het apparaat bevat een geringe
hoeveelheid van het milieuvriendelijke
maar brandbare koelmiddel R600a. Let
erop dat de leidingen van het koelcircuit
bij het transport of de installatie niet
beschadigd worden. Koelmiddel dat naar
buiten spuit kan vlam vatten of tot
■ Open vuur of andere
ontstekingsbronnen uit de buurt van
het apparaat houden;
■ Ruimte gedurende een paar minuten
■ Apparaat uitschakelen en de stekker
uit het stopcontact trekken;
■ Contact opnemen met
Hoe meer koelmiddel het apparaat
bevat, des te groter moet de ruimte zijn
waarin het apparaat wordt opgesteld.
In een te kleine ruimte kan bij een lek
een ontvlambaar mengsel van gas
Per 8 g koelmiddel moet het vertrek
minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid
koelmiddel in uw apparaat vindt u op het
typeplaatje aan de binnenkant van het
Als de aansluitkabel van het apparaat
beschadigd raakt, moet deze worden
vervangen door de fabrikant, de
klantenservice of een andere
gekwalificeerde persoon. Onvakkundige
installatie en reparaties kunnen groot
gevaar opleveren voor de bezitter.
Reparaties mogen uitsluitend worden
uitgevoerd door de fabrikant, de
klantenservice of een andere
gekwalificeerde persoon.
Er mogen alleen originele onderdelen
van de fabrikant gebruikt worden. Alleen
bij deze onderdelen garandeert de
fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen
Een verlengsnoer voor de aansluitkabel
mag uitsluitend via de klantenservice
■ Nooit elektrische apparaten in het
apparaat gebruiken (bijv.
verwarmingsapparaten, elektrische
ijsmaker etc.). Gevaar voor explosie!
■ Het apparaat nooit met een
stoomreiniger ontdooien of
schoonmaken! De hete stoom kan in
de elektrische onderdelen
terechtkomen en kortsluiting
veroorzaken. Kans op een elektrische
■ Gebruik geen puntige of scherpe
voorwerpen om een laag ijs of rijp
te verwijderen. Hierdoor kunt u
de koelleidingen beschadigen.
Koelmiddel dat naar buiten spuit kan
vlam vatten of tot oogletsel leiden.
■ Geen producten met brandbare
drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen
explosieve stoffen in het apparaat
opslaan. Gevaar voor explosie!
■ Plint, uittrekbare manden of laden,
deuren etc. niet als opstapje
gebruiken of om op te leunen.
■ Om te ontdooien of schoon te maken:
stekker uit het stopcontact trekken
resp. de zekering uitschakelen of
losdraaien. Altijd aan de stekker
trekken, nooit aan de aansluitkabel.
■ Dranken met een hoog
alcoholpercentage altijd goed
afgesloten en staand bewaren.
■ Geen olie of vet gebruiken op
kunststof onderdelen en
deurdichtingen. Ze kunnen poreus
■ De be- en ontluchtingsopeningen van
het apparaat nooit afdekken.
■ Personen (inclusief kinderen) met
fysieke, sensorische of psychische
beperkingen of gebrekkige kennis
mogen dit apparaat uitsluitend
gebruiken indien ze onder toezicht
staan van een persoon die
verantwoordelijk is voor hun veiligheid
of door deze persoon zijn ingelicht
over de wijze waarop het apparaat
dient te worden gebruikt.
■ Flessen en blikjes met vloeistoffen –
vooral koolzuurhoudende dranken –
niet in de diepvriesruimte opslaan.
De flessen en blikjes kunnen
■ Diepvrieswaren nadat u ze uit de
diepvriesruimte hebt gehaald, nooit
onmiddellijk in de mond nemen.
Kans op verbranding!
■ Vermijd langdurig contact van uw
handen met de diepvrieswaren, ijs of
de verdamperbuizen enz.
Kans op verbranding!
Kinderen in het huishouden
■ Verpakkingsmateriaal en onderdelen
ervan zijn geen speelgoed voor
Verstikkingsgevaar door opvouwbare
kartonnen dozen en folie!
■ Het apparaat is geen speelgoed voor
■ Bij een apparaat met deurslot:
sleutel buiten het bereik van kinderen
Het apparaat is geschikt
■ voor het koelen en invriezen van
■ voor het bereiden van ijs.
Dit apparaat is bestemd voor
privégebruik in het huishouden en de
huiselijke omgeving.
Het apparaat is ontstoord volgens EU
richtlijn 2004/108/EC.
Het koelcircuit is op dichtheid
Dit apparaat voldoet aan
de veiligheidsbepalingen voor
elektrische apparaten (EN 60335-2-24).nl
* Afvoeren van de verpakking
van uw nieuwe apparaat
De verpakking beschermt uw apparaat
tegen transportschade. De gebruikte
materialen zijn onschadelijk voor het
milieu en kunnen opnieuw worden
gebruikt. Help daarom mee en zorg
dat de verpakking milieuvriendelijk wordt
U kunt bij uw leverancier
of bij de reinigingsdienst
in uw gemeente informeren hoe
u uw oude apparaat en het
verpakkingsmateriaal van het nieuwe
apparaat kunt (laten) afvoeren voor een
milieuvriendelijke verwerking.
* Afvoeren van uw oude
Oude apparaten zijn geen waardeloos
afval! Door een milieuvriendelijke afvoer
kunnen waardevolle grondstoffen worden
Bij afgedankte apparaten
1. Stekker uit het stopcontact trekken.
2. Aansluitkabel doorknippen en samen
met de stekker verwijderen.
3. Legplateaus en voorraadvakken niet
eruit halen om het kinderen moeilijk
te maken erin te klimmen!
4. Laat kinderen niet met het afgedankte
apparaat spelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddel
en in de isolatie gas. Die zorgvuldig
moeten worden afgevoerd. Met het oog
op een doelmatige en milieuvriendelijke
afvoer mogen de leidingen van het
koelcircuit tot het moment van transport
niet beschadigd worden.
Controleer na het uitpakken alle
onderdelen op eventuele
Voor klachten kunt u terecht bij de winkel
waar u het apparaat hebt aangeschaft of
bij onze klantenservice.
De levering bestaat uit de volgende
onderdelen: ■ Vrijstaand apparaat■ Uitrusting (modelafhankelijk)■ Zakje met montagemateriaal■ Gebruiksaanwijzing■ Montagevoorschrift■ Klantenserviceboekje■ Garantiebijlage■ Informatie over energieverbruik en geluiden
Dit apparaat is gekenmerkt in
overeenstemming met de
Europese richtlijn 2012/19/EU
betreffende afgedankte
electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan
voor de in de EU geldige
terugneming en verwerking van
omgevingstemperatuur
Omgevingstemperatuur
Het apparaat is voor een bepaalde
klimaatklasse geconstrueerd. Afhankelijk
van de klimaatklasse kan het apparaat
bij de volgende omgevingstemperaturen
De klimaatklasse staat op
het typeplaatje, afb. 2.
Het apparaat is volledig functioneel
binnen de binnentemperatuurgrenzen
van de aangegeven klimaatklasse.
Wanneer een apparaat uit klimaatklasse
SN wordt gebruikt bij een lagere
binnentemperatuur, kunnen
beschadigingen aan het apparaat
worden uitgesloten tot een temperatuur
De lucht aan de achterzijde van
het apparaat wordt warm. De verwarmde
lucht moet ongehinderd afgevoerd
kunnen worden. Anders moet de
koelmachine meer presteren. Waardoor
het energieverbruik toeneemt. De
be en ontluchtingsopeningen mogen dan
ook nooit worden afgedekt!
Na het plaatsen van het apparaat moet
u minimaal 1 uur wachten voordat u het
apparaat in gebruik neemt. Tijdens het
transport kan het gebeuren dat de olie
van de compressor in het koelsysteem
Vóór het eerste gebruik de binnenruimte
van het apparaat schoonmaken (zie
hoofdstuk „Schoonmaken van
Elektrische aansluiting
Het stopcontact moet zich in de buurt
van het apparaat bevinden en ook na het
opstellen van het apparaat goed
Het apparaat voldoet aan
beschermklasse I. Het apparaat
aansluiten op een volgens
de voorschriften geïnstalleerd 220–
240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact
met aardleiding. Het stopcontact moet
zijn beveiligd met een zekering van 10 A
Bij apparaten die in niet Europese landen
worden gebruikt op het typeplaatje
controleren of de aansluitspanning
en de stroomsoort overeenkomen met
de waarden van uw elektriciteitsnet.
U vindt deze gegevens
op het typeplaatje. Afb. 2
Klimaatklasse Toelaatbare
omgevingstemperatuur
Het apparaat mag in geen geval worden
aangesloten op elektronische
energiebesparingsstekkers.
Voor onze apparaten kunnen
netvoedingsinverters en sinusinverters
worden gebruikt. Netvoedingsinverters
worden gebruikt bij fotovoltaïsche
installaties die rechtstreeks zijn
aangesloten op het openbare
elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen
(bijv. op schepen of in berghutten) die
geen rechtstreekse aansluiting op het
openbare elektriciteitsnet hebben, moet
een sinusinverter worden gebruikt.
De laatste bladzijde met de afbeeldingen
uitklappen. Deze gebruiksaanwijzing is
op meer dan één type van toepassing.
De uitrusting van de modellen kan
Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zijn
* Niet bij alle modellen.
15* Voorraadvak in de deur „EasyLift”
16 Vak voor grote flessen
17 Diepvrieslade (klein)
18 Glasplateau in de diepvriesruimte
19 Diepvrieslade (groot)
Om het hele apparaat in en uit
2 Toets „super” (Diepvriesruimte)
Om het supervriessysteem
in en uit te schakelen.
3 Temperatuurinsteltoetsen
Met deze toetsen wordt de
diepvriesruimte ingesteld.
4 Temperatuurindicatie
De cijfers komen overeen met
de ingestelde temperaturen in
de diepvriesruimte in °C.
Om het alarmsignaal uit te
schakelen (zie hoofdstuk „Alarm
Dient voor het in- en uitschakelen
van de Vakantie-modus (zie het
hoofdstuk Vakantiemodus).nl
1. Het apparaat met de toets Aan/Uit
inschakelen, afb. 1.
Er klinkt een alarmsignaal,
de temperatuurindicatie 4 knippert en
de alarmtoets 5 brandt.
2. Door de alarmtoets 5 in te drukken
wordt het alarmsignaal uitgeschakeld.
Het apparaat begint te koelen. De
verlichting is ingeschakeld wanneer
De fabriek adviseert de volgende
■ Diepvriesruimte: -18 °C Aanwijzingen bij het gebruik
■ Na het inschakelen kan het een aantal
uren duren voordat de ingestelde
temperaturen zijn bereikt.
Vóór die tijd geen levensmiddelen in
het apparaat leggen.
■ De voorzijde van het apparaat achter
de deur wordt gedeeltelijk licht
verwarmd waardoor de vorming van
condenswater in de buurt van de
deurafdichting wordt voorkomen.
■ Wanneer de deur van de
diepvriesruimte na het sluiten niet
direct weer geopend kan worden,
dient u even te wachten tot de
onderdruk is verdwenen.
De temperatuur is instelbaar van +2 °C
Temperatuur-insteltoets koelruimte 7, net
zo vaak indrukken tot de gewenste
temperatuur in de koelruimte
De laatst ingestelde waarde wordt in het
geheugen opgeslagen. De ingestelde
temperatuur wordt aangegeven op de
temperatuurindicatie van de
De temperatuur is instelbaar van -16 °C
Temperatuurinsteltoets diepvriesruimte 3
meermaals indrukken tot de gewenste
diepvriesruimtetemperatuur is ingesteld.
De laatst ingestelde waarde wordt in het
geheugen opgeslagen. De ingestelde
temperatuur wordt aangegeven op de
temperatuurindicatie diepvriesruimte 4.
7 Temperatuurinsteltoetsen
Met deze toetsen wordt de
temperatuur van de koelruimte
8 Temperatuurindicatie
De cijfers komen overeen met
de ingestelde temperaturen in
de koelruimte in °C.
9 Toets „super” (Koelruimte)
Om het superkoelsysteem in en
Bij langere afwezigheid kunt u
het apparaat in de energiebesparende
Vakantie-modus zetten.
De temperatuur in de koelruimte wordt
automatisch op +14 °C omgeschakeld.
Gedurende deze tijd geen
levensmiddelen in de koelruimte
Holiday-toets 6 indrukken.
Als de vakantiemodus is ingeschakeld,
brandt de toets en geeft de
temperatuurindicatie van de koelruimte 8
geen temperatuur meer aan.
Het deuralarm wordt ingeschakeld
wanneer de deur van de koelruimte
langer dan een minuut openstaat. Door
de deur te sluiten wordt het alarmsignaal
Het temperatuuralarm wordt
ingeschakeld als het
in de diepvriesruimte te warm
is waardoor de diepvrieswaren kunnen
Na indrukken van de toets alarm 5, geeft
de temperatuurindicatie
diepvriesruimte 4 gedurende vijf
seconden de warmste temperatuur aan
die in de diepvriesruimte heeft geheerst.
Hierna wordt deze waarde gewist. De
temperatuurindicatie diepvriesruimte 4
diepvriesruimtetemperatuur, zonder te
Vanaf dit moment wordt de warmste
temperatuur opnieuw bepaald en
in het geheugen opgeslagen.
Zonder gevaar voor de diepvrieswaren
kan het alarm automatisch inschakelen:
■ bij het in gebruik nemen van het
■ bij het inladen van grote
hoeveelheden verse levensmiddelen,
■ als de deur van de diepvriesruimte
te lang geopend werd.
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren
niet opnieuw invriezen. Pas na het koken
of braden tot een kant-en-klaargerecht
kunnen ze opnieuw worden ingevroren.
De maximale bewaartijd niet meer ten
De alarm-toets 5 indrukken om het
alarmsignaal uit te schakelen.
De gegevens over de netto-inhoud vindt
u op het typeplaatje in uw apparaat.
Om de maximale hoeveelheid
diepvrieswaren in te ruimen, kunnen alle
uitrustingsonderdelen worden verwijderd.
De levensmiddelen kunnen dan
rechtstreeks op de legplateaus en op
de bodem van de vriesruimte worden
Onderdelen eruit halen
Diepvriesladen tot aan de aanslag
uittrekken, vooraan optillen en
De koelruimte is de ideale bewaarplaats
voor bereide gerechten, bakproducten,
conserven, gecondenseerde melk en
harde kaas, evenals koudegevoelige
Attentie bij het inruimen
De levensmiddelen goed verpakt of
afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur,
kleur en versheid behouden. Bovendien
wordt voorkomen dat de levensmiddelen
naar elkaar gaan smaken en
de kunststof onderdelen verkleuren.
Voorkom dat de levensmiddelen
de achterwand raken. Anders wordt
de luchtcirculatie verminderd.
Levensmiddelen of verpakkingen kunnen
aan de achterwand vastvriezen.
Let op de koudezones
Door de luchtcirculatie in de koelruimte
ontstaan verschillende koudezones:
is in de binnenruimte tegen de
achterwand en in de chillerhouder.
In de koudste zones gevoelige
levensmiddelen opslaan zoals vis,
bevindt zich helemaal bovenaan
Bewaar in de warmste zone bijv.
harde kaas en boter. Kaas kan zo zijn
aroma verder ontwikkelen en de boter
blijft goed smeerbaar.
Tijdens het superkoelen wordt
de koelruimte ca. 15 uur zo koud
mogelijk gekoeld. Hierna wordt
automatisch omgeschakeld naar de vóór
het superkoelen ingestelde temperatuur.
Het superkoelsysteem inschakelen bijv.
■ vóór het inladen van grote
hoeveelheden levensmiddelen.
■ om dranken snel te koelen.
Als het superkoelsysteem is
kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.nl
Super-toets koelruimte 9 indrukken.
het superkoelsysteem is ingeschakeld.
De diepvriesruimte gebruiken
■ voor het opslaan van
■ om ijsblokjes te maken,
■ om levensmiddelen in te vriezen.
Let erop dat de deur van
het diepvriesruimte goed gesloten is! Bij
een open deur ontdooien de
diepvrieswaren. In de diepvriesruimte
vormt zich veel ijs. Bovendien:
energieverspilling door te hoog
Gegevens over de maximale
invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op
het typeplaatje. Afb. 2
Voorwaarden voor max.
■ Supervriezen inschakelen voordat u
de verse levensmiddelen aanbrengt
(zie hoofdstuk „Supervriezen”).
■ Uitrustingsdelen eruit halen; stapel de
levensmiddelen rechtstreeks op
de legplateaus en de bodem van
■ Grote hoeveelheden levensmiddelen
bij voorkeur invriezen in het bovenste
vak. Daar worden ze heel snel en
daardoor voorzichtig ingevroren.
■ Verse levensmiddelen zo dicht
mogelijk bij de zijwanden invriezen.
Invriezen en opslaan
■ De verpakking mag niet beschadigd
■ Neem de houdbaarheidsdatum in
■ De temperatuur in de verkoop-koelkist
moet -18 °C of kouder zijn.
■ De diepvriesproducten liefst in een
koeltas transporteren en snel in de
diepvriesruimte leggen.
Levensmiddelen invriezen
■ Gebruik uitsluitend verse
■ Al ingevroren levensmiddelen mogen
niet met de nog in te vriezen
levensmiddelen in aanraking komen.
■ De levensmiddelen luchtdicht
verpakken zodat ze niet uitdrogen of
hun smaak verliezen.
Diepvrieswaren opslaan
De diepvrieslade tot aan de aanslag
inschuiven om een goede luchtcirculatie
Als er veel levensmiddelen moeten
worden opgeslagen, dan kunt u
de levensmiddelen direct op
de glasplateaus en op de bodem van
de diepvriesruimte opstapelen.nl
1. Daartoe dient u alle diepvriesladen te
2. Diepvriesladen tot aan de aanslag
uittrekken, vooraan optillen en
Verse levensmiddelen
Gebruik uitsluitend verse
Om de voedingswaarde, het aroma en
de kleur zo goed mogelijk te behouden,
dient groente geblancheerd te worden
voordat het wordt ingevroren. Bij
aubergines, paprika’s, courgettes en
asperges is blancheren niet
Literatuur over invriezen en blancheren
Al ingevroren levensmiddelen mogen
niet met de nog in te vriezen
levensmiddelen in aanraking komen.
■ Geschikt om in te vriezen:
Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees,
wild, gevogelte, groente, fruit, kruiden,
gepelde eieren, melkproducten zoals
kaas, boter en kwark, bereide
gerechten en kliekjes zoals soep,
eenpansgerechten, gaar vlees en gare
vis, aardappelgerechten, ovenschotels
■ Niet geschikt om in te vriezen:
Groentesoorten die meestal rauw
worden gegeten, zoals kropsla en
radijsjes, ongepelde eieren,
wijndruiven, hele appels, peren en
perziken, hardgekookte eieren,
yoghurt, dikke zure melk, zure room,
crème fraîche en mayonaise.
Diepvrieswaren verpakken
De levensmiddelen luchtdicht verpakken
zodat ze niet uitdrogen of hun smaak
1. Levensmiddelen in de verpakking
2. Lucht eruit drukken.
3. Het geheel van een goede sluiting
4. Vermeld op de pakjes inhoud en
Voor verpakking geschikt:
Kunststof-, polyetheen-
en aluminiumfolie, diepvriesdozen.
Deze producten zijn in de handel
Niet geschikt voor verpakking:
pakpapier, vetvrij papier, cellofaan,
vuilniszakken en gebruikte
Als sluiting geschikt:
elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes,
koudebestendig plakband e.d.
polyetheen kunnen met een folie-
lasapparaat worden dichtgelast.
De houdbaarheid is afhankelijk van
het soort levensmiddelen.
Op een temperatuur van -18 °C:
■ Vis, worst, klaargemaakte gerechten,
■ Kaas, gevogelte, vlees:
De levensmidelen zo snel mogelijk door
en door invriezen zodat vitamine,
voedingswaarden, uiterlijk en smaak
Schakel enkele uren voordat u de verse
levensmiddelen inlaadt het supervriezen
in, om ongewenste temperatuurstijging te
Doorgaans is 4-6 uur van tevoren
Na het inschakelen werkt het apparaat
permanent, in de diepvriesruimte wordt
een zeer lage temperatuur bereikt.
Als u het max. vriesvermogen wilt
gebruiken, dient u 24 uur vóór het
inladen van de verse waar het
supervriezen in te schakelen.
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen
(max. 2 kg) kunnen zonder gebruik van
het supervriessysteem worden
Als het supervriessysteem is
ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden
Is super vriezen ingeschakeld, dan licht
Het supervriessysteem wordt
Afhankelijk van soort en bereidingswijze
van de levensmiddelen kunt u kiezen uit
de volgende mogelijkheden:
■ bij omgevingstemperatuur
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren
niet opnieuw invriezen. Pas na het koken
of braden tot een kant-en-klaargerecht
kunnen ze opnieuw worden ingevroren.
De maximale bewaartijd wordt hierdoor
(niet bij alle modellen)
U kunt de plateaus en voorraadvakken
in de binnenruimte naar wens
verplaatsen: Daartoe het legplateau
uittrekken, vooraan optillen en
Het legplateau kan in de hoogte versteld
worden zonder dat het eruit gehaald
De knoppen op de zijkant van het
legplateau gelijktijdig indrukken om het
legplateau naar beneden te verplaatsen.
Het kan naar boven worden verplaatst
zonder de knoppen in te drukken.
kunnen ook temperaturen onder 0 °C
Ideaal voor het bewaren van vis, vlees en
worst. Niet geschikt voor salades,
groente en koudegevoelige
vochtigheidsregelaar
Om optimale omstandigheden te
scheppen voor het bewaren van groente
en fruit, kan de luchtvochtigheid
in de groentelade worden aangepast
aan de hoeveelheid levensmiddelen:
■ kleine hoeveelheid fruit en groente –
hoge luchtvochtigheid
■ grote hoeveelheid fruit en groente –
lage luchtvochtigheid
■ Koudegevoelig fruit (bijv. ananas,
bananen, papaja en citrusvruchten) en
groente (bijv. aubergines,
komkommers, courgettes, paprika,
tomaten en aardappels) dienen voor
een optimaal behoud van kwaliteit en
aroma buiten de koelkast bewaard te
worden op een temperatuur van circa
■ Afhankelijk van de soort
levensmiddelen en de hoeveelheid
kan zich condenswater vormen in de
groentelade. Condenswater
verwijderen met een droge doek en
de luchtvochtigheid in de groentelade
aanpassen met behulp van de
vochtigheidsregelaar.
Groentelade-inzetstuk
De inzetstuk kan eruit gehaald worden.
Het legplateau kan desgewenst omlaag
worden geklapt. Het legplateau naar
voren trekken, laten zakken en naar
Deze is geschikt voor het bewaren van
De flessenhouder voorkomt dat
de flessen kantelen bij het openen en
sluiten van de deur.
Diepvrieslade (groot)
Voor het bewaren van grote
diepvrieswaren, bijv. kalkoenen, eenden
Scheidingsplaat (indien aanwezig) kan
niet worden verwijderd.nl
De koude-accu vertraagt bij het uitvallen
van de stroom of bij een storing
het verwarmen van de opgeslagen
diepvrieswaren. De langste opslagtijd
wordt bereikt wanneer u het koelelement
in het bovenste vak op
de levensmiddelen legt.
1. IJsbakje voor ¾ met drinkwater vullen
en in de diepvriesruimte zetten.
2. Het vastgevroren ijsbakje alleen met
een bot voorwerp losmaken (steel van
3. Om de ijsblokjes los te maken:
het ijsbakje iets verbuigen of kort
onder stromend water houden.
(niet bij alle modellen)
Met de „OK”-temperatuurcontrole
kunnen temperaturen onder +4 °C
worden geregistreerd. Stel
de temperatuur trapsgewijs kouder in als
de sticker niet „OK” aangeeft.
Bij ingebruikneming van het apparaat
kan het tot 12 uur duren voor
de temperatuur is bereikt.
Apparaat uitschakelen
Uitschakelen van het apparaat
Toets Aan/Uit 1 indrukken.
De temperatuurindicatie gaat uit
en de koelmachine wordt uitgeschakeld.
Buiten werking stellen van
Als u het apparaat langere tijd niet
1. Uitschakelen van het apparaat.
2. Stekker uit het stopcontact trekken of
de zekering losdraaien resp.
3. Schoonmaken van het apparaat.
4. Deur van het apparat open laten.
Het apparaat wordt automatisch
Het dooiwater loopt via
de dooiwatergootjes en het afvoergaatje
naar het verdampingsgedeelte van
De diepvriesruimte wordt niet
automatisch ontdooid omdat
de diepvrieswaren niet mogen
ontdooien. Een laagje rijp in
de diepvriesruimte vermindert de koude-
afgifte aan de diepvrieswaren waardoor
het stroomverbruik wordt verhoogd.
Verwijder regelmatig de laag rijp of ijs.
Een laag rijp of ijs niet met een mes of
een scherp voorwerp afschrapen. U kunt
hierdoor de koelleidingen beschadigen.
Koelmiddel dat naar buiten spuit kan
vlam vatten of tot oogletsel leiden.
U gaat als volgt te werk:
Ca. 4 uur vóór het ontdooien
het supervriessysteem inschakelen zodat
de levensmiddelen een zeer lage
temperatuur bereiken en hierdoor langer
bij omgevingstemperatuur bewaard
1. Het apparaat uitschakelen om te
2. Stekker uit het stopcontact trekken of
de zekering losdraaien resp.
3. Diepvriesladen met
de levensmiddelen op een koele
plaats bewaren. Koude-accu (indien
aanwezig) op de levenmiddelen
4. Dooiwaterafvoer openen. Afb. .
5. Het legplateau voor grote flessen kan
worden gebruikt om het dooiwater op
te vangen. Hiertoe het plateau voor
grote flessen verwijderen (zie het
hoofdstuk Apparaat reinigen) en
onder de open dooiwaterafvoer zetten.
6. Om het ontdooiproces te versnellen
twee pannen met heet water op een
onderzetter in het apparaat zetten.
7. Na het ontdooien het opgevangen
dooiwater weggieten. Het resterende
dooiwater op de bodem van
de diepvriesruimte met een spons
8. Dooiwaterafvoer sluiten.
9. Plateau voor grote flessen weer in de
10.Na het ontdooien het apparaat weer
aansluiten en inschakelen.
■ Gebruik geen schoonmaak of
Op de metalen oppervlakken kan
■ De legplateaus en voorraadvakken
mogen niet in de afwasmachine
Ze kunnen vervormen!
U gaat als volgt te werk:
1. Vóór het schoonmaken het apparaat
2. Stekker uit het stopcontact trekken of
de zekering losdraaien resp.
3. De diepvrieswaren eruit halen en op
een koele plaats bewaren. Koude-
accu (indien aanwezig) op
de levenmiddelen leggen.nl
4. Het apparaat schoonmaken met
een zachte doek en lauw water
met een scheutje pH neutraal
schoonmaakmiddel. Het sop mag niet
in de verlichting terechtkomen.
5. Deurafdichting alleen met schoon
aansluiten en inschakelen.
Voor het reinigen kunnen alle variabele
onderdelen van het apparaat worden
Glasplateaus eruit halen
De glasplateaus optillen, naar voren
trekken, laten zakken en zijdelings eruit
Dooiwater-afvoerklep
Voor het reinigen van de dooiwater-
afvoergoot moet het glasplateau boven
de groentelade, afb. !/13, worden
losgemaakt van de dooiwater-afvoerklep.
Glasplateau verwijderen, dooiwater-
afvoerklep optillen en verwijderen.
De dooiwater-afvoergoot en het
afvoergat regelmatig reinigen met
wattenstaafjes o.i.d., zodat het dooiwater
Reservoir verwijderen
Reservoir tot aan de aanslag uittrekken,
vooraan optillen en verwijderen.
De afschermplaat van de groentelade
kan ter reiniging worden verwijderd.
De knoppen aan de zijkant na elkaar
indrukken en daarbij de afschermplaat
van de groentelade nemen.
Legplateaus uit de deur nemen
Legplateaus optillen en verwijderen.
Als u onaangename luchtjes ruikt:
1. Apparaat uitschakelen met de Aan/
2. Alle levensmiddelen uit het apparaat
3. Binnenruimte reinigen (zie hoofdstuk
Schoonmaken van het apparaat).
4. Alle verpakkingen schoonmaken.
5. Sterk ruikende levensmiddelen
luchtdicht verpakken om luchtjes te
6. Apparaat weer inschakelen.
7. Levensmiddelen inruimen.
8. Na 24 uur controleren of er opnieuw
luchtjes zijn ontstaan.
Het apparaat is voorzien van een
onderhoudsvrije LED verlichting.
Reparaties aan deze verlichting mogen
alleen door de Servicedienst of een
erkend vakman worden uitgevoerd.nl
■ Het apparaat in een droge, goed
te ventileren ruimte plaatsen! Het
apparaat niet direct in de zon of in de
buurt van een warmtebron plaatsen
zoals een verwarmingsradiator of een
Gebruik eventueel een isolatieplaat.
■ Warme gerechten en dranken eerst
laten afkoelen, daarna in het apparaat
■ Diepvrieswaren in de koelruimte
leggen om ze te ontdooien en de kou
van de diepvrieswaren gebruiken om
andere levensmiddelen te koelen.
■ Een laag rijp of ijs
in de diepvriesruimte regelmatig laten
Een laag rijp of ijs vermindert
de afgifte van koude aan
de diepvrieswaren en verhoogt
het energieverbruik.
■ Deuren van het apparaat zo kort
■ Om een verhoogd stroomverbruik te
vermijden, dient de achterkant van het
apparaat af en toe gereinigd te
Wandafstandhouder monteren om
de geplande energieopname van het
apparaat te bereiken (zie
montagehandleiding). Een kleinere
afstand tot de muur heeft geen
nadelige invloed op de werking van
het apparaat. Het energieverbruik kan
dan iets hoger worden. De afstand
van 75 mm mag niet worden
■ De ordening van de uitrustingsdelen
heeft geen invloed op de
energieopname van het apparaat.
Heel normale geluiden
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten,
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Motor, schakelaar of magneetventielen
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat niet waterpas
Het apparaat met behulp van
een waterpas stellen. Gebruik hiervoor
de schroefvoetjes of leg iets onder
Het apparaat staat tegen een ander
Het apparaat van het meubel of apparaat
ernaast wegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen
Controleer de delen die eruit gehaald
kunnen worden en zet ze eventueel
opnieuw in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van
Kleine storingen zelf verhelpen
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over
de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing
te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek
Storing Eventuele oorzaak Oplossing
De temperatuur wijkt erg af
In sommige gevallen is het voldoende om
het apparaat gedurende 5 minuten uit
Als de temperatuur te warm is: na enkele uren
controleren of de temperatuur
de temperatuurinstelling genaderd is.
Als de temperatuur te koud is: de volgende
dag de temperatuur nogmaals controleren.
Geen enkele indicatie brandt. Stroomuitval; de zekering is
uitgeschakeld; de stekker zit
niet goed in het stopcontact.
Stekker in het stopcontact steken. Controleer
of er stroom is. Controleer de zekeringen.
Temperatuurindicatie geeft
De elektronica heeft een fout
Inschakelen van de Servicedienst.
de toets „alarm” brandt.
In de diepvriesruimte
Om het alarmsignaal uit te schakelen
de toets „alarm” 5 indrukken.
Het apparaat is geopend. Het apparaat sluiten.
en ontluchtingsopeningen
De be- en ontluchting moet gewaarborgd zijn.
levensmiddelen in één keer
ingeladen om in te vriezen.
Max. invriescapaciteit niet overschrijden.
Nadat de storing is verholpen, gaat
de toets „alarm” 5 na enige tijd uit.nl
Het apparaat beschikt over een
automatisch zelftestprogramma dat
de oorzaken van storingen aangeeft die
alleen door de Servicedienst verholpen
1. Apparaat uitschakelen en 5 minuten
2. Apparaat inschakelen.
3. Alarm-toets, Afb. "/5, indrukken om
het alarm uit te schakelen.
Als er geen alarmsignaal klinkt, vervalt
Storing Eventuele oorzaak Oplossing
Temperatuurindicatie
diepvriesruimte knippert,
Het alarmsignaal is te horen.
De alarmtoets brandt.
In de diepvriesruimte
Om het alarmsignaal uit te schakelen
de alarmtoets, afb "/5, indrukken.
De deur is geopend. Deur sluiten.
en ontluchtingsopeningen
Afdekking verwijderen.
levensmiddelen in één keer
ingeladen om in te vriezen.
Max. invriescapacitiet niet overschrijden.
Als de storing is verholpen gaat
het alarmindicatie na een tijdje uit.
Temperatuurindicatie
diepvriesruimte knippert,
Door een storing is het in
de diepvriesruimte te warm
Na het indrukken van de alarmtoets 5 wordt
het knipperen van de temperatuurindicatie
uitgeschakeld. Afb. "/4
De temperatuurindicatie geeft gedurende
5 seconden de warmste temperatuur aan die
in de diepvriesruimte heeft geheerst.
Het apparaat koelt niet, de
temperatuur-indicatie en
de verlichting branden.
Het presentatielicht
Alarmtoets, afb "/5, gedurende
10 seconden ingedrukt houden tot een
bevestigingssignaal te horen is.
Na een tijdje controleren of het apparaat koelt.nl
4. Binnen de eerste 10 seconden na
inschakeling van het apparaat
gedurende 3 tot 5 seconden de
super-toets, afb. "/2, ingedrukt
houden, tot er een geluidssignaal
Het zelftestprogramma start. Terwijl de
zelftest wordt uitgevoerd, klinkt er een
lang geluidssignaal.
Wanneer de zelftest is afgelopen en er
tweemaal een geluidssignaal klinkt, is uw
Als de super-toets 10 seconden knippert
en er 5 geluidssignalen klinken, is er
sprake van een fout. Neem contact op
met de klantenservice.
Zelftest apparaat beëindigen
Na afloop van het programma schakelt
het apparaat weer over op het normale
Adres en telefoonnummer van
de Servicedienst in uw omgeving kunt u
vinden in het telefoonboek of
in de meegeleverde brochure met
service-adressen. Geef a.u.b. aan
de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.)
en het FD-nummer (FD) van
U vindt deze gegevens op
het typeplaatje. Afb. 2
Door vermelding van het fabrikaat- en
productnummer kunt u onnodige
voorrijdkosten vermijden. Zo bespaart u
zich de daarmee verbonden meerkosten.
Verzoek om reparatie en advies
De contactgegevens in alle landen vindt
u in de bijgesloten lijst met
Notice-Facile