WMG 942BV EU - Wasmachine HOTPOINT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis WMG 942BV EU HOTPOINT in PDF-formaat.

Page 25
Bekijk de handleiding : Français FR English EN Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : HOTPOINT

Model : WMG 942BV EU

Categorie : Wasmachine

Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WMG 942BV EU - HOTPOINT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WMG 942BV EU van het merk HOTPOINT.

GEBRUIKSAANWIJZING WMG 942BV EU HOTPOINT

Uitpakken en waterpas zetten

Hydraulische en elektrische aansluitingen

Onderhoud en verzorging, 28

Afsluiten van water en stroom

Reinigen van de wasautomaat

Reinigen van het wasmiddelbakje

Onderhoud van deur en trommel

Reinigen van de pomp

Controle van de buis van de watertoevoer

Voorzorgsmaatregelen en advies, 29

Beschrijving van de wasautomaat, 30-31

Het uitvoeren van een wascyclus, 32

Wasmiddelen en wasgoed, 34

Voorbereiden van het wasgoed

Gebruiksaanwijzing26

NL Een correcte nivellering geeft de machine

stabiliteit en voorkomt trillingen, lawaai en het

zich verplaatsen van de automaat tijdens de

werking. In het geval van vloerbedekking of

een tapijt regelt u de stelvoetjes zodanig dat

onder de wasmachine genoeg plaats is voor

Hydraulische en elektrische

Aansluiting van de watertoevoerbuis

1. Sluit de toevoerbuis

schroefdraad van 3/4

gas (zie afbeelding).

wasautomaat aansluit

moet u het water laten

lopen totdat het helder is.

watertoevoerbuis aan

hem op de betreffende

schroeven, rechtsboven

aan de achterkant (zie

3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels

! De waterdruk van de kraan moet zich

binnen de waarden van de tabel Technische

Gegevens bevinden (zie bladzijde hiernaast).

! Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet

u zich wenden tot een gespecialiseerde winkel

of een bevoegde installateur.

! Gebruik nooit tweedehands buizen.

! Gebruik de buizen die bij het apparaat

! Het is belangrijk deze handleiding te bewaren

voor latere raadpleging. In het geval u het

apparaat verkoopt, of u verhuist, moet het

boekje bij de wasautomaat blijven zodat de

nieuwe gebruiker de functies en betreffende

raadgevingen kan doornemen.

! Lees de instructies aandachtig door: u vindt

er belangrijke informatie betreffende installatie,

gebruik en veiligheid.

Uitpakken en waterpas zetten

1. De wasautomaat uitpakken.

2. Controleer of de wasautomaat geen schade

heeft geleden gedurende het vervoer. Indien

dit wel het geval is moet hij niet worden

aangesloten en moet u contact opnemen met

afstandsleider die zich

4. Sluit de openingen af met de bijgeleverde

5. Bewaar alle onderdelen: mocht de

wasautomaat ooit worden vervoerd, dan

moeten deze weer worden aangebracht.

! Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed

1. Installeer de wasautomaat op een rechte en

stevige vloer en laat hem niet steunen tegen een

muur, meubel of dergelijke.

2. Als de vloer niet

volledig horizontaal

gemeten ten opzichte

van het werkvlak, mag de 2° niet overschrijden.27

NL Aansluiting van de afvoerbuis

afvoerleiding of aan

een afvoer in de muur

afvoerslang mag niet

! Gebruik nooit verlengstukken voor de

buis; indien dit niet te vermijden is moet het

verlengstuk dezelfde doorsnede hebben als de

oorspronkelijke buis en mag hij niet langer zijn

Elektrische aansluiting

Voordat u de stekker in het stopcontact steekt

moet u zich ervan verzekeren dat:

• het stopcontact geaard is en voldoet aan de

• het stopcontact het maximum vermogen

van de wasautomaat kan dragen, zoals

aangegeven in de tabel Technische

Gegevens (zie hiernaast);

• de spanning zich bevindt tussen de

waarden die zijn aangegeven in de tabel

Technische Gegevens (zie hiernaast);

• de contactdoos geschikt is voor de stekker

van de wasautomaat. Indien dit niet zo

is moet de stekker of het stopcontact

! De machine mag alleen binnenshuis op een

vorstvrije en droge plek worden geïnstalleerd

om elektronische schade door bevriezing of

condensatie te voorkomen.

! Als de wasautomaat is geïnstalleerd moet het

stopcontact gemakkelijk te bereiken zijn.

! Gebruik geen verlengsnoeren of

! Het snoer mag niet gebogen of

samengedrukt worden.

! De voedingskabel mag alleen door een

bevoegde installateur worden vervangen.

Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk

worden gesteld wanneer deze normen niet

Na de installatie en voor u de wasautomaat in

gebruik neemt, dient u een wascyclus uit te

voeren met wasmiddel maar zonder wasgoed,

op het programma “WASMACHINE REINIGEN”

(zie “Reinigen van de wasautomaat”).

zie het typeplaatje met de

technische eigenschappen

dat op het apparaat is beve-

tot 1400 toeren per minuut

standaardprogramma voor

standaardprogramma voor

Deze apparatuur voldoet aan

de volgende CE voorschrif-

- 2004/108/CE (Elektroma-

gnetische compatiabiliteit)

- 2006/95/CE (Laagspanning)28

NL Onderhoud en verzorging

Reinigen van de pomp

De wasautomaat is voorzien van een

zelfreinigende pomp en hoeft dus niet te

worden onderhouden. Het kan echter

gebeuren dat kleine voorwerpen (muntjes,

knopen) in het voorvakje dat de pomp

beschermt en zich aan de onderkant ervan

bevindt, terechtkomen.

! Verzeker u ervan dat de wascyclus klaar is en

haal de stekker uit het stopcontact.

Toegang tot het voorvakje:

eraf, tegen de klok in

(zie afbeelding): het

is normaal dat er een

beetje water uit komt;

3. maak de binnenkant goed schoon;

4. schroef het deksel er weer op;

5. monteer het paneel weer, met de haakjes

goed bevestigd in de juiste openingen, voordat

u het paneel tegen de machine aandrukt.

Controleren van de buis van de

Controleer minstens eenmaal per jaar de

slang van de watertoevoer. Als er barstjes of

scheuren in zitten moet hij vervangen worden:

gedurende het wassen kan de hoge waterdruk

onverwachts breuken veroorzaken.

! Gebruik nooit tweedehands buizen.

Afsluiten van water en stroom

• Sluit na iedere wasbeurt de kraan

af. Hiermee beperkt u slijtage van de

waterinstallatie van de wasmachine en

• Sluit altijd eerst de stroom af voordat u

de wasautomaat gaat schoonmaken en

gedurende onderhoudswerkzaamheden.

Reinigen van de wasautomaat

• De buitenkant en de rubberen onderdelen

kunnen met een spons en een lauw sopje

worden schoongemaakt. Gebruik nooit

schuurmiddelen of oplosmiddelen.

• De wasautomaat beschikt over een

programma “WASMACHINE REINIGEN”

voor het reinigen van de binnenkant van de

automaat. Dit moet worden uitgevoerd als de

automaat volledig leeg is.

voor een niet zo vuile

reinigingsmiddelen voor

tijdens dit wasprogramma. We raden u aan dit

reinigingsprogramma elke 40 wascycli uit te

Om dit programma te activeren drukt u

tegelijkertijd 5 sec. op de toetsen A en B (zie afb.).

Het programma start automatisch en heeft

een duur van circa 70 minuten. Om de cyclus

te beëindigen drukt u op de toets START/

Reinigen van het wasmiddelbakje

voren te trekken (zie

Onderhoud van deur en trommel

• Laat de deur altijd op een kier staan om nare

luchtjes te vermijden.

NL Voorzorgsmaatregelen

! De wasmachine is ontworpen en geproduceerd volgens

de internationale veiligheidsnormen. Deze aanwijzingen zijn

voor uw eigen veiligheid geschreven en moeten aandachtig

• Dit apparaat is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijk

niet-professioneel gebruik.

• Dit apparaat mag alleen door kinderen van 8

jaar en ouder, door personen met een beperkt

lichamelijk, sensorieel of geestelijk vermogen,

of met onvoldoende ervaring of kennis worden

gebruikt, mits ze worden begeleid, of wanneer

zij toereikende instructies hebben gekregen

betreffende het veilige gebruik van het apparaat

en mits zij op de hoogte zijn van de betreffende

gevaren. Kinderen mogen niet met het apparaat

spelen. Onderhoud en reiniging mogen niet door

kinderen zonder supervisie worden uitgevoerd.

• Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent of met

natte of vochtige handen of voeten.

• Trek de stekker nooit uit het stopcontact door aan het snoer

te trekken, maar altijd door de stekker zelf beet te pakken.

• Open het wasmiddelbakje niet terwijl de machine in

• Raak het afvoerwater niet aan aangezien het zeer heet

• Forceer de deur nooit: het veiligheidsmechanisme

dat een ongewild openen van de deur voorkomt, kan

• Probeer in geval van storingen nooit zelf de interne

mechanismen van de wasautomaat te repareren.

• Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de

machine komen als deze in werking is.

• De deur kan tijdens het wassen zeer heet worden.

• Als de machine verplaatst moet worden, doe dit dan met

twee of drie personen tegelijk en zeer voorzichtig. Doe dit

nooit alleen, want het apparaat is erg zwaar.

• Voordat u het wasgoed in de automaat laadt, moet u

controleren of hij leeg is.

• Het wegdoen van het verpakkingsmateriaal: houdt u aan

de plaatselijke normen zodat het materiaal hergebruikt

• De Europese Richtlijn 201219/EU over Vernieti

ging van Electrische en Electronische Apparatuur,

vereist dat oude huishoudelijke electrische appa

raten niet mogen vernietigd via de normale

ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten

moeten apart worden ingezameld om zo het

hergebruik van de gebruikte materialen te optima liseren

en de negatieve invloed op de gezondheid en het milieu

Het symbool op het product van de “afvalcontainer met

een kruis erdoor” herinnert u aan uw verplichting, dat

wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat apart

moet worden ingezameld.Consumenten moeten contact

opnemen met de locale autoriteiten voor informatie over

de juiste wijze van vernietiging van hun oude apparaat.

Handmatige opening van de deur

Mocht er in het huis geen stroom aanwezig zijn en u wilt

het deurtje openen om de was op te hangen, dan dient u

het volgende te doen:

1. haal de stekker uit het

2. controleer dat het

waterniveau in de automaat

lager is dan het deurtje; als

dat niet het geval is kunt het

water weg laten lopen door

middel van de afvoerbuis en

dit opvangen in een emmer,

zoals aangegeven in de

3. verwijder het afdekpaneel

aan de voorkant van de

wasautomaat met behulp

van een schroevendraaier (zie

4. trek het lipje dat wordt aangegeven in de afbeelding

naar voren totdat het plastic bandje loskomt; trek hem

daarna naar beneden en open tegelijkertijd de deur.

5. monteer het paneel weer, met de haakjes goed

bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel

tegen de machine aandrukt.

NL Beschrijving van de wasautomaat

UITGESTELDE START Knoppen en controlelampjes

FUNCTIE Wasmiddelbakje: voor wasmiddelen en wasversterkers

(zie “Wasmiddelen en wasgoed”).

Knop ON/OFF : druk even op de toets om de

wasautomaat aan of uit te zetten. Het groene START/

PAUSE controlelampje dat langzaam knippert geeft aan

dat de wasautomaat aanstaat. Om de wasautomaat

tijdens de wascyclus uit te zetten moet u de toets iets

langer, circa 3 seconden, ingedrukt te houden. Als u de

toets kort, of per ongeluk indrukt zal de wasautomaat

niet uitgaan. Als u de wasautomaat tijdens de wascyclus

uitdoet wordt de cyclus automatisch geannuleerd.

DRAAIKNOP PROGAMMA’S voor het instellen van het

gewenste programma (zie “Programmatabel”).

Knoppen en controlelampjes OPTIE: om de beschikbare

opties te selecteren. Het controlelampje van de gekozen

optie zal aanblijven.

: druk op deze toets

om de gewenste wasintensiteit te kiezen.

Knop TEMPERATUUR : druk hierop om de

temperatuur te verminderen of om met koud water te

wassen: de waarde wordt op het display aangegeven.

Knop CENTRIFUGE : druk hierop om het

centrifugetoerental te verminderen of om de centrifuge in

zijn geheel uit te sluiten; de waarde wordt op het display

Toets UITGESTELDE START : druk om een

uitgestelde start voor het gekozen programma in te stellen;

het uitstel wordt op de display aangegeven.

Knop met controlelampje START/PAUSE: als het groene

controlelampje langzaam knippert, moet u op de toets

drukken om de wascyclus te starten. Als de cyclus is

gestart blijft het controlelampje vast aanstaan. Als u de

wascyclus wilt pauseren drukt u nogmaals op de toets;

het controlelampje wordt oranje en gaat knipperen. Als het

symbool niet aan is kunt u de deur openen. Om het

programma te hervatten drukt u opnieuw op de toets.

Toets TOETSBLOKKERING : om de blokkering

van het bedieningspaneel te activeren dient u de

toets circa 2 seconden lang ingedrukt te houden. Het

ontstoken symbool geeft aan dat het bedieningspaneel

geblokkeerd is. Op deze manier kunt u voorkomen dat

er ongewilde wijzigingen aan de programma’s worden

aangebracht (met uitzondering van de knop ON/OFF),

bijvoorbeeld bij aanwezigheid van kinderen. Om de

blokkering van het bedieningspaneel te deactiveren dient

u de toets circa 2 seconden lang ingedrukt te houden.

Deze wasautomaat beschikt, in overeenkomst met de

nieuwe normen betreffende de energiebesparing, over

een systeem wat het apparaat automatisch na 30 minuten

uitschakelt (stand-by) indien men het niet gebruikt. Druk

kort op de ON-OFF toets en wacht tot de wasautomaat

Gebruik in off-mode: 0,5 W Gebruik in Left-on: 8 W SCHOONMAAK ACTIE Knop

TOETSBLOKKERING toets31

NL Het display is nodig om de wasautomaat te programmeren en geeft meerdere soorten informatie.

In de sectie A verschijnt de duur van de beschikbare programma’s en, als de cyclus is gestart, de resterende tijd tot

het einde ervan. Indien een UITGESTELDE START is geselecteerd verschijnt de resterende tijd tot aan de start van het

geselecteerde wasprogramma.

Bovendien verschijnen, na het drukken op de betreffende toets, de maximale waarden van de centrifugesnelheid en van de

temperatuur die de wasautomaat kan uitvoeren bij het geselecteerde programma of voor de laatstgekozen waarden indien

deze voor het gekozen programma kunnen worden gebruikt.

In de sectie B verschijnen de “wasfases” voor de geselecteerde cyclus en, als het programma reeds is gestart, de lopende

In de sectie C zijn, vanaf de linkerkant, de symbolen voor “temperatuur”, “centrifuge” en “Uitgestelde start” aangegeven.

De streepjes “temperatuur” geven de hoogste temperatuur aan die voor de ingestelde cyclus gekozen kan worden.

De streepjes “centrifuge” geven de hoogste temperatuur aan die voor de ingestelde cyclus gekozen kan worden.

Indien het symbool “UITGESTELDE START” verlicht is, geeft dit aan dat op de display de waarde van de ingestelde “Uitgestelde

start” wordt weergegeven.

Controlelampje deur geblokkeerd

Het verlichte symbool geeft aan dat de deur is geblokkeerd. Om schade te voorkomen moet u wachten tot het symbool

uitgaat voordat u de deur van de wasautomaat opent.

Om de deur te openen terwijl de cyclus bezig is, drukt u op de toets START/PAUSE; als het symbool DEUR GEBLOKKEERD

uit is kunt u de deur openen.

NL Het uitvoeren van een wascyclus

1. DE WASAUTOMAAT AANZETTEN. Druk optoets

; het groene controlelampje START/PAUSE zal langzaam

2. HET WASGOED INLADEN. Open de deur. Laad het

wasgoed in en zorg ervoor nooit de laadhoeveelheid te

overschrijden aangegeven in de programmatabel op de

3. WASMIDDEL DOSEREN.Trek het bakje naar buiten

en doe het wasmiddel in de speciale bakjes, zoals

aangegeven in “Wasmiddelen en wasgoed”.

5. KIES HET PROGRAMMA. Kies met de draaiknop

PROGRAMMA’a het gewenste programma; hiermee

zijn een temperatuur en een centrifugesnelheid

verbonden die gewijzigd kunnen worden. Op het display

verschijnt de duur van de cyclus.

6. DE WASCYCLUS AANPASSEN. Druk op de speciale

Wijzig de temperatuur en/of de centrifuge. Het

apparaat toont automatisch de maximale temperatuur

en centrifuge die voor het ingestelde programma

gelden of de laatst geselecteerde waarden, mits deze

compatibel zijn met het gekozen programma. Door

op de toets te drukken kunt u de temperatuur

langzaamaan verlagen, tot aan de koude wascyclus

“OFF”. Door te drukken op de toets kunt u het

toerental van de centrifuge langzaamaan verlagen, tot

aan nul toe” OFF”. Als u nogmaals op de toetsen drukt

zult u op de maximaal toegestane waarden terugkeren.

! Uitzondering: als u het programma 3 selecteert kunt u

de temperatuur tot op 90° instellen.

Een uitgestelde start instellen

Om de uitgestelde start van het gekozen programma

in te stellen drukt u op de betreffendetoetstotdat u de

gewenste vertraging heeft bereikt. Wanneer deze optie

geactiveerd is, wordt op de display het symbool

verlicht. Om de uitgestelde start te verwijderen drukt

u op de toets totdat op het display de tekst “OFF”

De gewenste wasintensiteit te kiezen.

Met de optie kunt u het wasprogramma optimaliseren

op basis van de vuilgraad van het wasgoed en de

gewenste wasintensiteit.

Selecteer het wasprogramma, de cyclus wordt

automatisch ingesteld op het niveau “Normal”, dat

geoptimaliseerd is voor middelmatig vuile was (deze

instelling geldt niet voor de cyclus “Wol” die automatisch

wordt ingesteld op het niveau “Delicate”).

Voor zeer vuile was drukt u op de toets totdat u het

niveau “Intensive” bereikt. Dit niveau garandeert een

kwalitatief zeer hoog wasresultaat dankzij het gebruik

van een grotere hoeveelheid water in de beginfase van

de cyclus, en een grotere mechanische beweging van de

trommel. Hierdoor worden zelfs de hardnekkigste vlekken

verwijderd. Kan met of zonder bleekmiddel gebruikt

Als u bleekmideel wil toevoegen plaatst u het bijgeleverde

bakje 4 in vakje 1. Schenk het bleekmiddel en zorg ervoor

nooit het “max” niveau, aangegeven op de centrale spil, te

overschrijden (zie fig. op pag. 34).

Voor niet zo vuile was of voor een voorzichtigere

behandeling van het wasgoed drukt u op de toets

totdat u het niveau “Delicate” bereikt. Deze cyclus zorgt

voor een beperktere mechanische beweging waardoor fijne

was perfect kan worden gewassen.

De kenmerken van de cyclus wijzigen.

• Druk op de toets om de optie te activeren. Het

controlelampje dat bij de toets hoort gaat aan.

• Druk nogmaals op de knop om de optie te

deactiveren; desbetreffend controlelampje gaat uit.

! Als de geselecteerde optie niet compatibel is met

het ingestelde programma gaat het controlelampje

knipperen en zal de optie niet worden geactiveerd.

! Als de optie die geselecteerd is niet compatibel is met

een eerder ingestelde optie, zal het controlelampje

voor de eerst geselecteerde functie gaan knipperen

en zal alleen de tweede optie geactiveerd wordenhet

controlelampjevan de optiedie geactiveerd is zal

! De opties kunnen van invloed zijn op de aanbevolen

washoeveelheid en/of de duur van de cyclus.

7. HET PROGRAMMA STARTEN. Druk op de toets

START/PAUSE. Het betreffende controlelampje zal

aangaan met een groen licht en de deur wordt geblokkeerd

(het symbool DEUR GEBLOKKEERD is aan). Om

een programma te wijzigen terwijl de cyclus bezig is,

zet u de wasautomaat in pauzestand door middel van

de toets START/PAUSE (het controlelampje START/

PAUSE gaat langzaam knipperen met een oranje licht);

selecteer daarna de gewenste cyclus en druk opnieuw

op de toets START/PAUSE. Om de deur te openen

terwijl de cyclus bezig is, drukt u op de START/PAUSE

toets. Als het symbool DEUR GEBLOKKEERD uit is

kunt u de deur openen. Druk nogmaals op de START/

PAUSE toets om het programma te hervatten vanaf het

punt dat het werd onderbroken.

8. EINDE VAN HET PROGRAMMA. De tekst “END”

verschijnt op het display. Als het symbool DEUR GEBLOKKEERD uitgaat kunt u de deur openen.

Open het deurtje, laad het wasgoed uit en schakel het

! Als u een reeds gestarte wascyclus wilt annuleren moet u

enkele seconden de toets ingedrukt houden. De cyclus

zal worden onderbroken en de wasautomaat gaat uit.33

NL Programma’s en opties

Door deze optie te selecteren verhoogt u het spoelresultaat

en zorgt u ervoor dat elk spoor van wasmiddel verdwijnt. Deze

optie is vooral nuttig bij personen met een gevoelige huid.

! Deze functie is niet activeerbaar bij de programma’s

Als u deze functie selecteert wordt de voorwas uitgevoerd,

handig voor het verwijderen van moeilijke vlekken.

N.B.: Doe het wasmiddel in het speciale vakje.

! Deze functie is niet activeerbaar bij de programma’s

4, 6, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, , .

De duur van de cyclus die wordt aangegeven op het display of op de gebruiksaanwijzing is een geschatte waarde die wordt gecalculeerd bij standaard omstandigheden.

De effectieve tijd kan variëren aan de hand van talloze factoren zoals temperatuur en druk van de watertoevoer, de kamertemperatuur, de hoeveelheid wasmiddel, de hoeveelheid en type lading, de balancering van de was en de geselecteerde aanvullende opties.1) Controleprogramma volgens de norm 1061/2010: selecteer het programma 3

met een temperatuur van 60°C. Dit is de geschiktste cyclus voor het wassen van een middelmatig vuile lading katoenen wasgoed. Het is ook de efficiëntste cyclus v.w.b. het gecombineerde verbruik van

energie en water, voor wasgoed dat op 60°C kan worden gewassen. De effectieve wastemperatuur kan verschillen van de temperatuur die wordt aangegeven.

2) Controleprogramma volgens de norm 1061/2010: selecteer het programma 4 met een temperatuur van 40°C.

Dit is de geschiktste cyclus voor het wassen van een middelmatig vuile lading katoenen wasgoed. Het is ook de efficiëntste cyclus v.w.b. het gecombineerde verbruik van

energie en water, voor wasgoed dat op 40°C kan worden gewassen. De effectieve wastemperatuur kan verschillen van de temperatuur die wordt aangegeven. 3) Bij een temperatuur van 60°C kan de functie “Voorwas” niet worden geactiveerd.Voor alle Test Institutes:2) Programma katoen lang: selecteer het programma 4 met een temperatuur van 40°C. 4) Programma Synthetisch lang: selecteer het programma 5 met een temperatuur van 40°C.Programma’sBeschrijving van het ProgrammaMax. temp. (°C) Max. snel-heid (toeren per mi-nuut)Wasmiddel en wa-sversterkersMax. lading (kg) Energieverbru- ik % Energieverbruik kWh Totaal water lt Duur cyclusVoorwasWassenBleekmid- del Wasver-zachter 1 Vlekkenverwijdering40° 1400  

Standaardprogramma voor katoen op 60° (1): zeer vuil wit en kleur echt bont wasgoed. 60° (Max. 90°) 1400

 (3)   9 53 1.36 57.5 195’ 4

Standaardprogramma voor katoen op 40° (2): weinig vuile witte en bonte fijne was.40° 1400 -  9 53 1.09 92 175’ 5 Synthetisch: zeer vuile kleurvaste bonte was.60° 800   4.5 46 1.03 60 115’ 5 Synthetisch (4): weinig zo vuile kleurvaste bonte was.40° 800   4.5 46 0.56 60 100’ 6 Antiallergie60° 1400 -  5 - - - 195’ 7

Baby 40° 1000   5 - - - 145’ 8 Wol: voor wol, kasjmier, etc.40° 800 - 

 2 - - - 85’ 9 Extra Delicaat30° 0 - 

 1 - - - 80’ 10 Snelle was 60’: voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed (niet geschikt voor wol, zijde en handwas).60° 1400 - 

 3.5 53 0.84 44 60’ 11 Standaardprogramma voor katoen op 20°: weinig vuile witte en bonte fijne was.20° 1400 -  9 - - - 175’ 12 KatoenKoud water1400 - 

NL Wasmiddelen en wasgoed

Een goed wasresultaat hangt ook af van de juiste dosis

wasmiddel: te veel wasmiddel maakt het wassen niet beter.

Het wasmiddel blijft aan de binnenzijde van de wasautomaat

zitten en zorgt voor het vervuilen van het milieu.

! Gebruik waspoeder voor witte katoenen was, voor de

voorwas en voor het wassen op temperaturen van meer

! Volg de aanwijzingen op de wasmiddelverpakking.

! Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aangezien die

te veel schuim vormen.

Trek het laatje naar voren

en giet het wasmiddel of de

wasversterker er als volgt

Vak 1: Wasmiddel voor

Voordat u het middel erin

strooit moet u controleren

of het aanvullende bakje 4

Vak 2: Wasmiddel voor hoofdwas (poeder of

vloeibaar) Als u een vloeibaar wasmiddel gebruikt raden

we u aan het bijgeleverde schotje A te gebruiken voor een

correcte dosering. Voor het gebruik van poederwasmiddel

doet u het schotje terug in de opening B.

Vak 3: Wasversterkers (wasverzachter, enz.)

De wasverzachter mag niet boven het roostertje uitkomen.

Extra Vak 4: Bleekmiddel

Voorbereiden van het wasgoed

• Verdeel het wasgoed volgens:

- het soort stof / het symbool op het etiket.

- de kleuren: scheid de bonte was van de witte was.

• Leeg de zakken en controleer de knopen.

• Overschrijd het aangegeven gewicht, berekend voor

droog wasgoed, nooit: zie “Programmatabel” Hoeveel weegt wasgoed? 1 laken 400-500 g.

1 tafelkleed 400-500 g.

1 handdoek 150-250 g.

Speciale programma’s

Vlekkenverwijdering: dit programma 1 is geschikt

voor het wassen van zeer vuil kleurvast wasgoed. Het

programma garandeert een hogere wasklasse dan de

standaard klasse (klasse A). Meng tijdens dit programma

nooit kleding van verschillende kleuren. We raden u aan

waspoeder te gebruiken. We raden u aan hardnekkige

vlekken voor te behandelen met wasversterkers.

Witte was: gebruik deze cyclus 2 voor het wassen van

wit wasgoed. Het programma is ontwikkeld voor het

langdurige behoud uw stralend witte was.

Voor een beter resultaat raden we u aan een wasmiddel in

poedervorm te gebruiken.

A B Antiallergie: gebruik het programma 6 voor het verwijderen

van de voornaamste allergenen zoals stuifmeel, mijten,

katten- en hondenhaar.

Baby: gebruik het speciale programma 7 voor het wassen

van typisch kindervuil en vervolgens al het wasmiddel te

verwijderen om allergie te voorkomen op de tere kinderhuid.

Deze cyclus is speciaal ontwikkeld om de hoeveelheid

bacteriën terug te dringen door een vergroot waterverbruik

en een optimale toepassing van hygiënische wasversterkers.

Wol: Het “Wol” wasprogramma van deze Hotpoint-Ariston

wasmachine is door The Woolmark Company getest en

goedgekeurd voor het wassen van wollen kleding die

als handwas geclassificeerd is, op voorwaarde dat de

aanwijzingen worden opgevolgd die op het etiket van

het kledingstuk vermeld staan en de instructies van de

fabrikant van de wasmachine. Hotpoint-Ariston is het

eerste wasmachinemerk dat voor zijn wasprestaties en

het verbruik van water en energie van The Woolmark

Company de certificering Woolmark Apparel Care –

Platinum verkregen heeft. (M1127)

Extra Delicaat: gebruik het programma 9 voor het

wassen van zeer fijne was met stras of pailetten.

Voor het wassen van zijden kleding of gordijnen selecteert

u de cyclus 9 en stelt u het niveau “Delicate” in van de optie

.We raden u aan de kleding binnenstebuiten te draaien

voor u hem wast en om kleine kledingstukken in het

speciale zakje voor fijne was te stoppen. Voor een beter

resultaat raden we u aan voor de fijne was een vloeibaar

wasmiddel te gebruiken.

Eco programma’s garanderen goede wasprestaties op

lage temperaturen. Deze programma’s gebruiken minder

elektrische energie waardoor u zowel geld bespaart als het

milieu.De programma’s Eco (Katoen 12, Synthetisch13

en Snelle was 30’ 14) zijn ontwikkeld voor verschillende

materialen en voor niet zo vuile was. Om een optimaal

resultaat te garanderen bevelen we het gebruik van een

vloeibaar wasmiddel aan. We raden u bovendien aan

manchetten, kragen en vlekken voor te behandelen.

Standaardprogramma voor katoen op 20° Katoen

ideaal voor een lading vuil katoen. De optimale prestaties,

zelf met koud water, die kunnen worden vergeleken

met een wascyclus op 40°C, worden gegarandeerd

door een mechanische werking die de snelheid varieert

met herhaaldelijke en zeer dicht op elkaar liggende

Balanceersysteem van de lading

Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt de automaat

de lading voor het centrifugeren op een gelijkmatige manier.

Dit gebeurt door de trommel te laten draaien op een snelheid

die iets hoger ligt dan de wassnelheid. Als na herhaaldelijke

pogingen de lading nog steeds niet goed is gebalanceerd,

zal de wasautomaat de centrifuge op een lagere snelheid

uitvoeren dan die voorzien was. Als de lading zeer uit balans

is zal de wasautomaat een verdeling uitvoeren in plaats

van een centrifuge. Teneinde een betere distributie van de

waslading en een juiste balancering te bereiken raden wij u

aan kleine en grote kledingstukken te mengen.35

NL Storingen en oplossingen

Het kan gebeuren dat de wasautomaat niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst (zie “Service”) moet u

controleren of het niet een storing betreft die u zelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van de volgende lijst.

De wasautomaat gaat niet aan.

De wascyclus start niet.

De wasmachine ontvangt geen

water (Op de display knippert de

De wasautomaat blijft water aan-

De wasautomaat voert het water

niet af of centrifugeert niet.

De machine trilt erg tijdens het

De wasautomaat lekt.

De controlelampjes van de “Opties”

en het controlelampje START/PAUSE

gaan snel knipperen en op het

display verschijnt een storingscode

Er ontstaat teveel schuim.

Mogelijke oorzaken / Oplossing:

• De stekker zit niet in het stopcontact of niet ver genoeg om contact te maken.

• Het hele huis zit zonder stroom.

• De deur zit niet goed dicht.

• De ON/OFF toets is niet ingedrukt.

• De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.

• De waterkraan is niet open.

• Er is een uitgestelde start ingesteld.

• De watertoevoerbuis is niet aangesloten op de kraan.

• De buis is gebogen.

• De waterkraan is niet open.

• Het hele huis zit zonder water.

• Er is onvoldoende druk.

• De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.

• De afvoerbuis is niet op 65 tot 100 cm afstand van de grond af geïnstalleerd (zie

• Het uiteinde van de afvoerbuis ligt onder water (zie “Installatie”).

• De afvoer in de muur heeft geen ontluchting.

Als na deze controles het probleem niet is opgelost, moet u de waterkraan

dichtdraaien, de wasautomaat uitzetten en de Servicedienst inschakelen. Als u

op een van de hoogste verdiepingen van een flatgebouw woont kan zich een

hevelingsprobleem voordoen, waarbij de wasautomaat voortdurend water aan- en

afvoert. Om deze storing te verhelpen zijn er in de handel speciale beluchters te koop.

• Het programma voorziet geen afvoer: met enkele programma’s dient de machine

handmatig te worden ingesteld.

• De afvoerbuis is gebogen (zie “Installatie”).

• De afvoerleiding is verstopt.

• De trommel is bij het installeren niet op de juiste wijze gedeblokkeerd (zie

• De wasautomaat staat niet goed recht (zie “Installatie”).

• De wasautomaat staat te krap tussen meubels en muur (zie “Installatie”).

• De buis van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie “Installatie”).

• Het wasmiddelbakje is verstopt (voor reiniging zie “Onderhoud en verzorging”).

• De afvoerbuis is niet goed aangesloten (zie “Installatie”).

• Doe de wasautomaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht circa 1

minuut en doe hem daarna weer aan.

Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen.

• Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasautomaten (er moet “voor

wasautomaat”, “handwas en machinewas”, of dergelijke op staan).

• U heeft teveel wasmiddel gebruikt.36

Voordat u de Servicedienst inschakelt:

• Controleer eerst of u het probleem zelf kunt oplossen (zie “Storingen en oplossingen”).

• Start het programma opnieuw om te controleren of de storing is verholpen;

• Neem indien dit niet helpt contact op met de servicedienst.

! Wendt u nooit tot een niet erkende installateur.

• het model wasautomaat (Mod.);

• het serienummer (S/N).

Deze informatie vindt u op het typeplaatje aan de achterkant van de wasautomaat en aan de voorzijde als u het deurtje