CFJ1295 - Vriezer FAGOR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CFJ1295 FAGOR in PDF-formaat.
| Producttype | Vriezer |
| Merk | FAGOR |
| Model | CFJ1295 |
| Voeding | 220-240 V ~ 50 Hz met randaarde |
| Klimaatklasse | N (16°C tot 32°C), ST (16°C tot 38°C), T (16°C tot 43°C) |
| Vriescapaciteit | Aangegeven op het typeplaatje (maximale hoeveelheid in 24u) |
| Hoofdfuncties | Bewaren, invriezen, superinvriezen, temperatuuralarm |
| Ontdooien | Handmatig, minstens 1 keer per jaar of wanneer de ijslaag > 10 mm |
| Binnenverlichting | Vervangende lamp 15 W max (afhankelijk van model) |
| Onderhoud en reiniging | Binnenkant reinigen met lauw water en zuiveringszout; geen schurende middelen gebruiken |
| Veiligheid | Aarding verplicht; vermijd adapters en verlengsnoeren; instructies voor kinderen |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Uitsluitend gecertificeerde originele reserveonderdelen gebruiken; ingrepen door gekwalificeerde professional |
| Service na verkoop | Neem contact op met erkende centra of gekwalificeerd personeel |
| Koudereserve | Ongeveer 2 gevallen afhankelijk van de vulling (zie handleiding) |
| Normale geluiden | Borrelen van koelmiddel, zoemen van compressor, krakende geluiden door uitzetting |
Veelgestelde vragen - CFJ1295 FAGOR
Gebruikersvragen over CFJ1295 FAGOR
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CFJ1295 - FAGOR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CFJ1295 van het merk FAGOR.
GEBRUIKSAANWIJZING CFJ1295 FAGOR
Veiligheidsvoorschriften 03
·Elektrische aansluiting 04 - Alvorens het apparaat aan te sluiten 04 · Milieubescherming 04 Recycling 04 - Beschrijving van het apparaat 05
2/ GEBRUIK VAN HET APPARAAT
Inwerkingstelling 06 Bewaren 06 ·Invriezen 06 - Energiebesparingen 06
3 / NORMAAL ONDERHOUD VAN HET APPARAAT
- Ontdooien 07 Onderhoud 07
4/ BIJZONDERE MELDINGEN, INCIDENTEN
Storingen 08 5/SERVICEDIENST 09
Dit apparaat is bestemd voor het bewaren van diepvriesproducten, het invriezen van verse producten en het maken van ijsblokjes. Ieder ander gebruik is onjuist.
De installatie moet tot stand worden gebracht volgens de instructies gegeven in deze handleiding: door een onjuiste installatie kan het apparaat beschadigd worden.
In het geval er storingen optreden moet u contact opnemen met erkende servicediensten of een beroep doen op vakmensen.
Altijd eerst de steker uit de contactdoos halen voordat u onderhoudswerkzaamheden gaat verrichten aan het apparaat. De steker met de hand uit de contactdoos verwijderen en niet aan het snoer trekken.
Indien de vrieskast een oude of in onbruik geraakte vrieskast vervangt welke een sluitingsmechanisme met klink of veer, slot of overige heeft, moet u niet vergeten dit sluitingsmechanisme te vernietigen of, beter nog, de deur van de oude vrieskast gewoonweg te demonteren om te voorkomen dat iemand zich erin op zou sluiten (spelende kinderen, huisdieren enz.).
Na het apparaat te hebben uitgepakt, moet u zorgvuldig controleren of het niet is beschadigd. Mocht dit het geval zijn, dan moet u de beschadigingen melden bij de verkoper binnen de 24 uur die volgen op de levering. Al het verpakkingsmateriaal kan gerecycled worden (karton, PE plastic, EPS...). Deze materialen buiten bereik van kinderen en huisdieren houden.

Het koelcircuit van het apparaat bevat koel-isobutaan, dit is een
Weinig verruilend maar wel ontvlambaar natuurlijk gas. Tijdens het vervoer en het installeren van het apparaat moet u ervoor zorgen dat geen van de componenten van het koelcircuit worden beschadigd. Is dit toch het geval, dan moet u het apparaat ver van vlammen en ontstekingsbronnen houden en het vertrek waarin het staat goed luchten en ventileren.
Voor een optimale werking van het apparaat is het beter het ver van warmtebronnen te installeren en moet u ervoor zorgen dat de lucht vrijelijk om het apparaat kan stromen (zie Installatie van het apparaat).
Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik door personen (kinderen inbegrepen) waarvan de lichamelijke, zintuiglijke of mentale capaciteiten beperkt zijn, of personen zonder ervaring of kennis, behalve onder toezicht van een persoon die instaat voor hun veiligheid of voorafgaande instructies over het gebruik van het apparaat.
Kinderen dienen verhinderd te worden met het apparaat te spelen.
Belangrijk:
Voordat u het apparaat gaat installeren, moet u de veiligheidsvoorschriften aandachtig lezen om bepaalde problemen te voorkomen.
Het apparaat moet in een droog en goed geventileerd vertrek geïnstalleerd worden, ver uit de buurt van een warmtebron. U moet een ruimte van ten minste 10 cm open laten achter de vrieskast en ook 10 cm aan elke kant van het apparaat.
De klimaatklasse van uw apparaat staat vermeld op het typeplaatje. Deze klasse bepaalt het bereik van omgevingstemperaturen waarvoor de koelunit ontworpen is en waarin de goede werking van het apparaat verzekerd is.
Klasse Omgevingstemperatuur
N 16° tot 32°
ST 16° tot 38°
T 16° tot 43°
Eigenschappen van de contactdoos: 220-240V met aardaansluiting. Het is beter geen adapters en verlengsnoeren te gebruiken.
De kabel mag niet in contact met de compressor komen.
Ervoor zorgen dat de kabel niet onder het apparaat komt vast te zitten.
De elektrische installatie van het apparaat is voorzien van een aardaansluiting. Om veiligheidsredenen moet het apparaat op een contactdoos met een werkzame aardaansluiting worden aangesloten (overeenkomstig de van kracht zijnde normen met betrekking tot elektrische installaties).
De constructeur wijst iedere aansprakelijkheid van de hand wat betreft schade die voortvloeit uit het feit dat het apparaat niet op de aarde is aangesloten.

ALVORENS HET APPARAAT AAN TE SLUITEN
- Maak de binnenkant van de vrieskast schoon met lauw water met bicarbonaat. Afspoelen en zorgvuldig drogen.
- Twee uur wachten voordat u de vrieskast aanzet zodat de smeermiddelen van de motor-compressor zich kunnen stabiliseren.
MILIEUBESCHERMING
Het koelcircuit en het isolatiemateriaal van dit apparaat bevatten geen koelgassen die schadelijk zijn voor de ozonlaag. Het apparaat mag niet worden afgevoerd met het huisvuil en oud ijzer, hierdoor zou het koelcircuit beschadigd kunnen worden en met name aan de achterzijde van het apparaat. Neem contact op met de technische dienst van uw woonplaats om te weten te komen op welke manier dit soort apparaten moet worden afgevoerd.
RECYCLING
Het verpakkingsmateriaal van dit apparaat kan gerecycled worden. Draag uw steentje bij tot de milieubescherming en recyclingsmogelijkheden door het in de door de gemeente hiervoor neergezette containers af te voeren.

Het apparaat bevat eveneens talrijke materialen die ook gerecycled kunnen worden. Om die reden is het voorzien van dit logo om u te vertellen dat oude apparaten niet worden vermengd met ander afval. Op deze manier komt de door de fabrikant georganiseerde recycling zo goed mogelijk tot stand, overeenkomstig de Europese richtlijn 2002/96/CE met betrekking tot afval van elektrische en elektronische uitrustingen. Neem contact op met de technische dienst van uw woonplaats of de verkoper om de plaatsen te weten te komen waar u dit soort apparaten kunt afvoeren. Wij danken u voor uw medewerking en uw bijdrage tot de milieubescherming.
A Knop voor het regelen van de temperatuur
Deze knop regelt de temperatuur in de vrieskast op verschillende posities: Vanaf de positie Min tot aan de positie Max draaiend krijgt u steeds koudere temperaturen.
B Waarschuwingslampje
Als dit rode controlelampje aan gaat en aan blijft, dan betekent het dat de vrieskast niet regelmatig functioneert en dat de temperatuur te hoog wordt. (U moet de technische dienst erbij halen) Dit lampje kan voor een korte periode aangaan als de deur iets te lang open is geweest (voor het inladen of eruit halen van levensmiddelen);
C Controlelampje aansluiting aan het elektrische net
Het groene lichtje gaat aan en blijft aan gedurende het normale functioneren van het apparaat.
D Controlelampje invriezen
Dit gele controlelampje gaat aan als de schakelaar E in de Super-positie staat.
E Schakelaar voor vlugge bevriezing
Wanneer deze op staat (het gele lichtje "D" is aan), werkt de compressor zonder ophouden teneinde de lage temperaturen te bereiken die nodig zijn voor het invriezen van verse levensmiddelen. Op de beginstand (schakelaar "E" OFF) werkt het apparaat normaal.
F Lampje met bescherming (Bij sommige modellen wordt dit accessoire niet geleverd)
G Dooiwaterafvoersysteem
H Mandje
J Stelpootjes/Wielen

INWERKINGSTELLING
- Steek de stekker in het stopcontact : naargelang uw apparaat zullen de groene (onder spanning) en rode (alarm) lampjes oplichten.
- Zet de thermostaat op de middenstand en laat het apparaat zo ongeveer 4 uur draaien : het controlelampje van de alarm moet uitgaan.
Na het apparaat in werking te hebben gesteld zal het alarmcontrolelampje gaan branden als de temperatuur in de vrieskast op abnormale wijze omhoog gaat tijdens de werking.
BEWAREN
Indien de thermostaatknop op maximum staat of de toets "Super Invriezen" (volgens model) niet geactiveerd is, zal uw apparaat in conserveermodus werken. De uiterste gebruiksdatum hangt hoofdzakelijk af van het soort product.
INVRIEZEN
Het vriesvermogen wordt bepaald door de maximale hoeveelheid producten die het apparaat in 24 uur kan invriezen, te weten vanaf de omgevingstemperatuur tot aan -18°C. Deze hoeveelheid staat vermeld op het typeplaatje aan de achterzijde van het apparaat. Ten minste 24 uur voor het inbrengen van de levensmiddelen die ingevroren moeten worden, dient u de toets "Super Invriezen" (oranje) van uw apparaat aan te zetten of de thermostaat op maximum te zetten (indien uw diepvriezer geen toets Super Invriezen heeft). Dan kunt u verse producten in de vrieskast leggen en deze toets ongeveer 24 uur ingedrukt houden.
Daarna kunt u opnieuw producten invriezen of het apparaat terugzetten naar de bewaarmodus.
Het is beter de in te vriezen producten te plaatsen op de bodem en tegen de wanden zodat zij sneller worden ingevroren. Vermijd verse producten in contact te brengen met reeds ingevroren producten.
Let op: Als u de in te vriezen producten in de vrieskast plaatst, kan het alarmcontrolelampje enkele ogenblikken gaan branden. Dit is normaal en heeft geen invloed op de werking of de kwaliteit van de producten.
Voedingsmiddelen Bewaartijd in maanden
| 1 | |
| 1 | |
| 2 | |
| 3 | |
| 4 | |
| 6 | |
| 8 | |
| 8 | |
| 10 | |
| 12 |
Vries alleen verse producten in na ze te hebben schoongemaakt en ingepakt in adequate verpakkingsmiddelen.
Breng op ieder pakje een etiketje aan met de datum van invriezen, het gewicht of het aantal porties en de aard van het product.
Leg geen flessen of blikjes met koolzuurhoudend water in de vrieskast, die zouden kunnen springen.
Vries nooit en te nimmer een ontdooid product opnieuw in. Dit product moet onmiddellijk gebruikt worden.
- Vermijd het deksel van de vrieskast te vaak te openen om te voorkomen dat de temperatuur in de vrieskast onnodig oploopt.
- Neem de aanbevolen uiterste gebruiksdatum vermeld op de verpakking van diepvriesproducten in acht.
ENERGIEBESPARINGEN
- Laat de producten afkoelen voordat u ze in de vrieskast plaatst.
- Als het apparaat in de "bewaarmodus" staat, raden wij u aan de thermostaat zodanig in te stellen dat de temperatuur in de vrieskast rond de -18°C blijft.
- De stand van de thermostaat die overeenkomt met het cijfer 3 maakt het u mogelijk minder stroom te verbruiken als de diepvriesproducten maar de helft van de capaciteit van het apparaat in beslag nemen.
ONTDOOIER
Het ontdooisysteem van de vrieskast is handmatig.
GEBRUIK NOOIT EEN METALEN INSTRUMENT OF ELEKTRISCH APPARAAT OM DE VRIESKAST TE ONTDOOIEN.
Met het oog op de juiste werking van de vrieskast is het nodig hem minstens 1 keer per jaar te ontdooien en vaker als het laagje ijs dikker dan 10 mm is.
- Kies hiervoor een periode uit waarin de vrieskast niet al te vol is.
- Druk op de toets "Super invriezen" (of volgens uw model, zet de thermostaat op maximum) om de bevroren voedingswaren op een zo laag mogelijke temperatuur te bewaren.
- Haal de producten uit de vrieskast, wikkel ze zorgvuldig in en leg ze in de koelkast of op een andere koele plaats.
- Haal de stekker van de vrieskast UIT de contactdoos.
- Verwijder het laagje ijs met een krabber van hout of plastic. Spons het gesmolten water weg.
- Schoonmaken met lauw water met een beetje zeep. Gebruik NOOIT schurende producten, schuursponsjes of agressieve producten (alcohol, verdunningsmiddelen ...).
- Afspoelen met helder water, zorgvuldig droog maken en het deksel enkele minuten open laten staan.
- Zet het apparaat opnieuw aan en activeer de functie "Super invriezen" (of zet de thermostaat op maximum). Plaats uw voedingswaren opnieuw in de diepvriezer.
- Het ontdooien moet zo snel mogelijk gebeuren zodat de diepvries- en ingevroren producten zo snel mogelijk terug in de vrieskast gelegd kunnen worden. Als hun temperatuur te veel oploopt, kunnen zij minder lang bewaard worden.

ONDERHOUD
Tips
Bij een stroomonderbreking: als de stopzetting voorzien is, activeer de functie "Super invriezen" (of zet de thermostaat op maximum) 24 uur op voorhand indien mogelijk. Het apparaat niet openen zolang de stroom is afgesloten.
- Uw vrieskast is voor 3/4 vol. In dit geval is de koudereserve voldoende groot om te voorkomen dat de temperatuur abnormaal oploopt.
- De vrieskast bevat maar weinig producten. In dit geval raden wij u aan om in de vrieskast met water gevulde plastic bakjes te plaatsen. Het water zal, als het is bevroren, voor de nodige koudereserve zorgen.
Als het apparaat langdurig wordt uitgezet, moet u de stekker uit de contactdoos halen. Wij raden u aan het deksel iets open te zetten zodat de vrieskast maar behoorlijk kan worden gelucht.
Vervangen van het lampje
Om het lampje van de binnenverlichting te vervangen (bij modellen die deze bezitten) moet men het beschermingskapje aan de binnenkant van de deur verwijderen (Afb. 3). Vervang de kapotte lamp door een nieuwe lamp van niet meer dan 15 Watt.

STORINGEN
Tijdens de werking maakt de vrieskast verschillende geluiden, deze zijn normaal:
- Het koelgas kan borrelen als het door de leidingen stroomt.
- De compressor kan ronken, vaak iets harder bij het opstarten.
- De gebruikte materialen kunnen "kraken" bij het uitzetten of krimpen.
| PROBLEEM | OPLOSSING |
| Het apparaat werkt nicht. | Controller of de steker welশ behoren in de contactdoos is gestoken, of de zekering Niet is doorgeslagen en of de lastscha-kelaar Niet is doorgeslagen. |
| De vrieskast koelt nicht voldoende af. | Controller de thermostat en zorg ervoor dat de deur Niet te lang open blijft staan. Controller ook of de deur welশ behoren sluit. |
| De motor draait constant. | Controller of de vrieskast welশ behoren worden geventileerd dus of er wel voldoende ruimte eromheen is opengelaten zoals vermeld in het hoofdstuk “Installatie”. Controller eveneens of het apparaat Niet in contact komt met een warmtebron. |
Indien u alle hierboven staande controles hebt uitgevoerd en de storing niet is verdwenen, MAG U NIET ZELF GAAN SLEUTELEN AAN DE VRIESKAST. Neem contact op met de Technische Servicedienst bij u in de buurt.
CE
DIT APPARAAT VOLDOET AAN DE CEE RICHTLIJNEN
De mogelijke ingrepen op uw apparaat moeten worden verricht door door het merk erkende vakmensen.
Als u de technische dienst belt, moet u de volledige referentie van het apparaat aangeven (model, type, serienummer). Deze inlichtingen staan vermeld op het garantiecertificaat en het typeplaatje.
OORSPRONKELIJKE ONDERDELEN: eis bij een onderhoudsbeurt altijd dat er oorspronkelijke vervangingsdelen worden gebruikt.