GEBRUIKSAANWIJZING SBI 14S44 A++ X929C VALBERG
Dit product wordt gegarandeerd voor een periode van 2 jaar vanaf de aankoopdatum*, voor elke storing die het gevolg is van een fabricagefout of het materiaal. Gebreken of schade door slechte installatie, onjuist gebruik of abnormale slijtage van het product worden niet gedekt door deze garantie.
*op vertoon van kassabon.
GARANTIEVOORWAARDEN
Proficiat met uw keuze voor een product van VALBERG. De selectie en de testen van de toestellen van VALBERG gebeuren volledig onder controle en supervisie van ELECTRO DEPOT. We staan garant voor de kwaliteit van de toestellen van VALBERG, die uitmunten in hun eenvoudig gebruik, hun betrouwbare werking en hun onberispelijke kwaliteit. ELECTRO DEPOT beveelt de VALBERG toestellen aan en is ervan overtuigd dat u uiterst tevreden zult zijn bij elk gebruik van het toestel.
Welkom bij ELECTRO DEPOT.
Bezoek onze website www.electrodepot.be

ELECTRO DEPOT
De gebruiksaanwijzingen kunnen tevens worden geraadpleegd op de website: http://www.electrodepot.be
| A | Alvorens het apparaat | 38 | Veiligheidsinstructies |
| B | Overzicht van het apparaat | 41 | Onderdelen |
| 43 | Snelstartgids |
| 44 | Specificaties (Europese richtlijn 1059/2010) |
| C | Het apparaat gebruiken | 45 | Voor ingebruikname |
| 55 | Een afwasprogramma starten |
| D | Reinigung en onderhoud | 58 | Reinigung en onderhoud |
| 61 | Probleemoplossingen |
| E | Installatie-instructions | 64 | Installatie-instructions |
| 68 | Starten van de afwasmachine |
| F | Praktische informatatie | 69 | Verpakking en milieu |
| 69 | Afdanken van uw oude toestel |
Veiligheidsinstructies
LEES DE GEBRUIKSAANWIJZING AANDACHTIG DOOR VOORDAT U HET APPARAAT IN GEBRUIK NEEMT EN BEWAAR DEZE VOOR LATER GEBRUIK.
Opgelet! Waterstof is een explosief gas
- Onder bepaalde omstandigheden kan zich waterstof vormen in een warmwatersysteem dat niet gebruikt werd gedurende twee of meer weken. WATERSTOF IS EEN EXPLOSIEF GAS.
- Indien het warmwatersysteem niet gebruikt werd gedurende deze termijn, moet u alle warmwaterkranen openen voordat u uw afwasmachine gebruikt en het water laten lopen gedurende enkele minuten. Dit laat opgehoopte waterstof ontsnappen. Aangezien het gas ontvlambaar is, niet roken of geen open vlam gebruiken tijdens deze operatie.
Instructies over de aarding
- Dit apparaat moet op de aarding worden aangesloten. In geval van een storing of een uitschakeling, laat de aarding toe het risico op een elektrische schok te verminderen door het bieden van een aansluiting op de elektrische stroom met een lagere weerstand. Dit apparaat is uitgerust met een snoer voorzien van een aardingsgeleider en een aardingsstekker. De stekker moet aangesloten worden op een geschikt stopcontact, geïnstalleerd en geaard volgens alle plaatselijke codes en regels.
Opgelet! Correct gebruik
- De deur of het rek van de afwasmachine niet verkeerd gebruiken, erop gaan zitten of erop steunen.
- De verhitte elementen niet aanraken tijdens of onmiddellijk na gebruik.
- Geen vaatwerk in plastic afwassen, uitgezonderd als het het merkteken 'bestand tegen afwasmachine' heeft. Voor vaatwerk zonder dit merkteken, moet men de aanbevelingen van de fabrikant bekijken.
Enkel reinigingsmiddelen en naspoelmiddelen gebruiken bestemd voor een automatische afwasmachine. Gebruik in de afwasmachine nooit zeep, reinigingsmiddel voor het wasgoed of reinigingsmiddel voor handwas. Bewaar deze middelen buiten het bereik van kinderen. - Houd vaatwas- en glansmiddelen altijd uit de buurt van kinderen. Hou de kinderen op een veilige afstand van de open deur van de afwasmachine, er kan reinigingsmiddel overblijven aan de binnenkant van de afwasmachine. - De deur mag niet open gelaten worden om het risico op kantelen te voorkomen. Tijdens de installatie mag de stroomkabel niet op een overdreven of gevaarlijke manier gevouwen of platgedrukt worden. - Geen aanpassingen aanbrengen aan het besturingssysteem. - Houd toezicht over kinderen om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen. - De reinigingsmiddelen voor de afwasmachine zijn bij-
zonder alkalisch en kunnen zeer gevaarlijk zijn in geval van inname. Vermijd elk contact met de huid en de ogen en hou kinderen op een veilige afstand van de afwasmachine wanneer de deur open is.
Uw afwasmachine niet gebruiken zolang de sluitpanelen niet correct geplaatst zijn. De deur voorzichtig openen wanneer de afwasmachine in werking is om elk risico op sproeien van het water te voorkomen. - Geen zware objecten aanbrengen op de open deur. Het apparaat zou kunnen kantelen. - Bij het laden van het af te wassen vaatwerk:
- De gegunte elementen aanbrengen op een manier die de dichting van de deur niet beschadigt;
- De gegunte messen met de punt naar beneden aanbrengen om het risico op snijwonden te verminderen.
- Tijdens het gebruik van de afwasmachine, moet men vermijden dat het plastic vaatwerk in contact komt met de verhitte elementen.
- Indien de stroomkabel be-
schadigd is, moet die vervangen worden door de fabrikant, haar Dienst na verkoop of door een persoon met gelijkaardige kwalificatie, om gevaar te voorkomen.
- Gelieve het verpakkingsmateriaal op een gepaste manier te verwerken.
- Gebruik de afwasmachine enkel voor het gebruik waartoe die bestemd is. In geval van verhuis of demontage van de reeds gebruikte afwasmachine, de deur verwijderen om toegang te krijgen tot het afwascompartiment.
- Jonge kinderen moeten steeds onder toezicht blijven om zich ervan te verzekeren dat ze niet met het apparaat spelen.
- Controleer of het reservoir van het reinigingsmiddel leeg is op het einde van de afwascyclus.
- Het maximum aantal te wassen couverts: 14.
- De maximale toegestane druk van het water bij de ingang is 1 MPa (10 bar).
- De minimale toegestane druk van het water bij de ingang is 0,04 MPa (0,4 bar).
- De afwasmachine moet
aangesloten zijn op de waterleiding met nieuwe slangen. Hergebruik geen oude slangen.
- De ventilatie-openingen mogen niet versperd worden door een tapijt.
- Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder en door personen met beperkte fysische, sensorische en mentale capaciteiten, of met een gebrek aan ervaring of kennis, maar die gevormd en begeleid zijn geweest om dit apparaat in alle veiligheid te gebruiken en de ermee verbonden risico's te begrijpen.
- Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
- Kinderen zonder toezicht mogen het apparaat niet reinigen of onderhouden.
- Dit apparaat is geschikt voor huishoudelijk gebruik en gelijksoortige toepassingen zoals:
- kantines voor personeel van winkels, kantoren of een andere werkomgeving;
- boerderijen;
- door gasten in hotels, motels en andere types van huisvesting;
- bed & breakfasts en vergelijkbare instellingen.
Onderdelen
1 Bovenste mand, 2 Binnenste slang, 3 Onderste mand, 4 Zoutreservoir, 5 Dispenser, 6 Bekerrek
7 Sproeiarmen, 8 Filtereenheid, 9 Inlaatleidingaansluiting, 10 Afvoerleiding, 11 Snoer met stekker
① Aan/uit-knop: De machine in-/uitschakelen. ② Wasvermogen-knop: verbetert de reinigingsprestaties alleen voor de functies ECO en 90. ③ Extra drogen-knop: verbetert droogprestaties (alleen voor de functies ECO en 90). ④ Alt-knop: Dubbele zone reinigingsfunctie. Druk op de knop om de gevulde bovenste mand of onderste mand te selecteren. Het overeenkomstige controlelampje brandt (alleen voor de functies en 90). ⑤ Scherm: Weergave van de overeenkomstige functies/status.
Tekort aan glansmiddel
Tekort aan zout
Waterkraan-controlelampje
⑥ Functieknop: Functie kiezen. ⑦ Delay (Uitstel) knop: druk op de knop om de uitsteltijd te verhogen

Kinderslot-controlelampje
Instellen/annuleren: Druk en houd de + en - knop gedurende 3 seconden ingedrukt.

Delay (Uitstel) knop: druk op de knop om de uitsteltijd te verlagen

Pauze knop: werking starten/onderbreken.
| Controleampje | Beschrijving |
| A | Automatische modus |
| / | Bovenste mand is bevuld. |
| / | Onderste mand is bevuld. |
| - | Intensieve modus |
| - | Krachtig wassen |
| - | Extra drogen |
| D | Normale modus |
| ECO | Standaard programma |
| - | Glasmodus |
| 90' | Snelle vaatwasmodus |
| - | Snel modus |
| - | Tekort aan glansmiddel |
| - | Kinderslot-controleampje |
| - | Spoelen (voorwas) modus |
| - | Tekort aan zout |
| - | Waterkraan-controleampje |
| :00 | Tijd |
Snelstartgids
| Schakel het apparaat in.
Druk op de Ⓞknop van het apparaat. Open de deur. |
| Vul het vaatwasmiddelreservoir.
Vak A: voor alle vaatwascycli.
Vak B: alleen voor programma's met een voorwasfase. |
| Controler het niveau van het glansmiddel.
Mechanische indicator C.
Elektrische indicator op scherm. |
| Controler het niveau van het zout.
Elektrische indicator op scherm. |
| Vul de manden.
Verwijder groe etensresten op keukengerei en eventuele vastgekoekte etens-resten op pannen voordat u de manden vult. Raadpleeg de instructies voor het vullen van de afwasmachine. |
| Kies een programa.
Druk op de P knop totdat het gekozen programa worden aangegeven. |
| Schakel de afwasmachine in.
Sluit de deur, draai de kraan open en druk op de ➔knop. De machine begint te werken. |
| Kies een ander programma.
1. U kunt de huidige cyclus alleen wijzigien wanner het nog Niet lang bezig is, anders kan het vaatwasmiddel reeds+zijn vrijgeveen. Als dit het geval is,要去 u het vaatwasmiddelreservoir opnieuw vullen.
2. Druk op de ➔knop en houd de P knop verzolgens gedurende langer dan 3 seconden ingedrukt om het huidige programa te annuleren.
3. Kies een/Newu programa.
4. Schakel de afwasmachine opnieuw in.
Voeg vaatwasmiddelijdens een cyclus toe.
1. Druk op de ➔knop om het apparaat uit te schakelen.
2. Open de deur.
3. Voeg het vergeten vaatwasmiddel toe.
4. Sluit de deur. Druk op ➔. De machine begint opnieuw te werken. |
| Schakel het apparaat uit.
Eenmaal de cyclus is voltooid, hoort u 8 geluidssignalen waarna het apparaat worden uitgeschakeld.
Schakel het apparaat uit door op de Ⓞknop te drukken. |
| Draai de kraan zich en leeg de manden.
Waarschuwing: wacht circa 15 min voordat u de afwasmachine leegt om het vastnemen van nog warme eneer breekbare borden en ander keukengerei te vermijden. Ze drogen in dit geval tevenseer gelijkmatig. Start met het legen van de onderste mand. |
Nederlands Specificaties (Europese richtlijn 1059/2010)
| Merk | VALBERG |
| Referentie | SBI 14S44 A++ X 929C |
| Nominatecapaciteit | 14 bestekken |
| Energie-efficiëntieklasse1 | A++ |
| Jaarliks energieverbruik (AEc)2 | 266 kWh |
| Energieverbruik (Et) van de standard afwascyclus | 0,93 kWh |
| Elektriceteitsverbruik bij Stilstand (Po) | 0,45 W |
| Elektriceteitsverbruik bij Waakstand (Pl) | 0,49 W |
| Jaarliks waterverbruik (AWc)3 | 2800 liter |
| Droog-efficiëntieklasse4 | A |
| Standaard afwasprogramma5 | ECO 45 °C |
| Duur van het standard afwasprogramma | 195 minutes |
| Geluidsemissie in de lucht | 44 dB(A) re 1 pW |
| Type installment | Inbouw |
| Integreerbare installment mogelijk | JA |
| Hoogte | 81,5 cm |
| Breedte | 59,8 cm |
| Diepte (met kabel en leidingen) | 57,0 cm |
| Nominale voedingsspanning | 220-240 V~ 50 Hz |
| Nominaal vermogen | 1760-2100 W |
| Druk van het water | 0,4-10 bar = 0,04-1 MPa |
De afwasmachine leeg maken: EN 50242
Opmerkingen:
1 Energie-efficiëntieklasse A op een schaal gaande van D (minst efficiënte apparaten) tot A++ (meest efficiënte apparaten). 2 Energieverbruik van 266 kWh per jaar, op grond van 280 standaard afwascycli met koud water en van het verbruik van de gebruiksmodi met laag vermogen. Het werkelijke energieverbruik is afhankelijk van het gebruik van het apparaat. 3 Waterverbruik van 2.800 liter per jaar, op basis van 280 standaard wascycli. Het werkelijke waterverbruik is afhankelijk van de gebruiksomstandigheden van het apparaat. 4 Energie-efficiëntieklasse A op een schaal gaande van G (minst efficiënte apparaten) tot A (meest efficiënte apparaten). 5 Dit programma is geschikt voor een normale reiniging van vuil vaatwerk en is het meest doeltreffend voor wat betreft een combinatie van energie- en waterverbruik voor dit soort vaatwerk.
Dit apparaat is in overeenstemming met de geldende Europese normen en richtlijnen die op de datum van levering van kracht zijn [als het versienummer niet in overeenstemming is met de laatste normen, raadpleeg het laatste versienummer]:
LVD 2014/35/UE CEM 2014/30/UE ErP 2009/125/CE
De hierboven beschreven gegevens werden gemeten volgens de testomstandigheden bepaald door de van toepassing zijnde normen.
De resultaten kunnen variëren in functie van de hoeveelheid en de vuilheidsgraad van het vaatwerk, de hardheid van het water en de hoeveelheid gebruikt reinigingsmiddel, enz.
Deze handleiding werd geschreven conform de regels en normen van de Europese Gemeenschap.
Voor ingebruikname
Voordat u uw afwasmachine voor de eerste keer gebruikt:
A Programmeer de waterontharder B Plaats het uiteinde van de trechter (geleverd) in de opening en giet er ongeveer 1,5 kg zout in. Het is normaal als het water een beetje overloopt uit het zoutreservoir. C Vul de spoelmiddelverdeler D Functie van reinigingsmiddel
A. Waterontharder
- De waterontharder moet handmatig geprogrammeerd worden, met behulp van de kiesschijf van de waterhardheid.
- De waterontharder is ontworpen om de mineralen en de zouten uit het water te halen, die een schadelijk of tegenwerkend effect zouden kunnen hebben op de werking van de machine. Hoe hoger het gehalte aan zout en mineralen, hoe harder het water. De ontharder moet geregeld worden in functie van de hardheid van het water in uw omgeving. Uw plaatselijke watervoorzieningsautoriteit kan u advies geven omtrent de hardheid van het water in uw omgeving.
Regeling van het verbruik van zout
De afwasmachine is ontworpen om de regeling van de hoeveelheid te verbruiken zout toe te laten op basis van de hardheid van het gebruikte water. Dit maakt het mogelijk om het verbruik van zout te optimaliseren en aan te passen, via de volgende procedure:
Gelieve de volgende stappen te volgen om het niveau van het zout te regelen:
- Schakel het apparaat in.
- Druk op de Start/Pauze-toets gedurende meer dan 5 seconden opdat de waterontharder vrijkomt 60 seconden nadat het apparaat is aangezet;
- Druk op de Start/Pauze-toets om de correcte regeling te kiezen in functie van uw plaatselijke omgeving, de regelingen verschijnen in deze volgorde: H1→H2→H3→H4→H5→H6;
- Druk op de Aan/Uit-toets of wacht 5 seconden om de regeling te behouden.
Waterhardheidstabel
| °dH | Waterhardheid | mmol/l | Selectiepositie de display van het/de programma(l's) gaat aan | Hoeveel-heid zout (gram/ cyclus) | Auto-nomie (cycli/1,2 kg) |
| °fH | °Clark |
| 0-5 | 0-9 | 0-6 | 0-0,94 | H1 - Snel | 0 | / |
| 6-11 | 10-20 | 7-14 | 1,0-2,0 | H2 - 90 min | 20 | 60 |
| 12-17 | 21-30 | 15-21 | 2,1-3,0 | H3 - 90 min + Snel | 30 | 50 |
| 18-22 | 31-40 | 22-28 | 3,1-4,0 | H4 - Breekbaar | 40 | 40 |
| 23-34 | 41-60 | 29-42 | 4,1-6,0 | H5 - Breekbaar + Snel | 50 | 30 |
| 35-55 | 61-98 | 43-69 | 6,1-9,8 | H6 - Breekbaar + 90 min | 60 | 20 |
Opmerkingen:
°dH = 1,25
°dH Duitse graad
°Clark = 1,78
°fH : Franse graad
°fH = 0,178 mmol / l
Clark: Engelse graad
Opmerking: Indien uw model geen waterontharder heeft, mag u deze paragraaf overslaan.
Waterontharder
- De hardheid van het water varieert van gebied tot gebied. Als hard water wordt gebruikt in een afwasmachine, vormt zich afzetting op het vaatwerk en het eetgerei.
- De machine is uitgerust met een speciale ontharder die specifiek ontworpen zouten gebruikt om de kalk en de mineralen uit het water te verwijderen.
B. Bijvullen van het zout in de ontharder
- Steeds zout gebruiken dat ontworpen is voor het gebruik in de afwasmachine.
- Het zoutreservoir bevindt zich onder het onderste rek en moet gevuld worden volgens de volgende voorschriften:

OPGELET
Enkel zout gebruiken dat specifiek ontworpen is voor het gebruik in de afwasmachine! Elk ander type zout dat niet specifiek ontworpen is voor een afwasmachine, in het bijzonder zout in tabletten, zal de waterontharder beschadigen. In geval van beschadiging veroorzaakt door het gebruik van niet geschikte zouten, geeft de fabrikant geen enkele garantie en zal in geen geval verantwoordelijk geacht kunnen worden voor de veroorzaakte schade.
Het zoutreservoir enkel vullen net voor het opstarten van een van de volledige afwasprogramma's. Dit om te voorkomen dat de zoutkorrels of zout water, die verspreid kunnen zijn geweest, zich neerzetten onderaan de machine gedurende een zekere tijd, wat tot corrosie zou kunnen leiden. Na de eerste afwascyclus gaat het lichtje op het bedieningspaneel UIT.
1. De onderste mand wegnemen, daarna het deksel van het zoutreservoir losdraaien en wegnemen. 2. Plaats het uiteinde van de trechter (meegeleverd) in het gat en doseer ongeveer 1,5 kg vaatwaszout.
Vul het zoutreservoir volledig met water. Het is normaal dat tijdens het toevoegen een kleine hoeveelheid water uit het zoutreservoir stroomt.
Het deksel zorgvuldig terug aanschroeven.
Het controlelampje voor het zout stopt met knipperen eenmaal het zoutreservoir met zout is gevuld.
Start na het vullen van het zoutreservoir onmiddellijk een vaatwasprogramma. We raden u aan om een kort programma te gebruiken. Zo kunnen het filtersysteem, de pomp en andere belangrijke delen van de machine door het zoutwater schade oplopen.

Het zoutreservoir moet bijgevuld worden wanneer het lichtje voor de vulling van het zout op het bedieningspaneel aangaat. Zelfs al is het zoutreservoir voldoende gevuld, kan het lijken dat het lichtje niet uitgaat vooraleer de zouten volledig opgelost zijn. Als er geen lichtje voor de vulling van het zout aanwezig is op het bedieningspaneel (op bepaalde modellen), kunt u het moment van vulling van het zout in de ontharder bepalen in functie van de cycli die de afwasmachine uitvoert.
Tips:
- Het zoutreservoir kan alleen worden gevuld wanneer het lampje brandt. Afhankelijk van hoe goed het zout oplost, kan het lampje nog steeds branden, zelfs als het zoutreservoir is gevuld.
- Als het lampje niet brandt (bij sommige modellen), kunt u het moment voor het vullen van het zout in de ontharder inschatten aan de hand van de cycli die de afwasmachine heeft gelopen.
- Als er zout gemorst is, moet er een week- of een snelprogramma worden uitgevoerd om het overtollige zout te verwijderen.
C. Vul het doseerbakje van het naspoelmiddel
Hulpfunctie bij het spoelen
Het hulpmiddel voor de spoeling wordt automatisch toegevoegd tijdens de laatste spoeling, om te zorgen voor een zorgvuldige spoeling en een foutloze droging zonder vlekken of strepen.
Het verbetert ook het drogen doordat het water van de vaat afrolt. Uw afwasmachine is ontworpen voor gebruik met vloeibare glansmiddelen. De glansmiddeldispenser bevindt zich binnenin de deur net naast de vaatwasmiddeldispenser. Om de dispenser te vullen, opent u de dop en giet het glansmiddel in de dispenser totdat de niveau-indicator volledig zwart is. Het volume van het glansmiddelreservoir is circa 110 ml.

OPGELET
Gebruik enkel naspoelmiddelen van merken voor de afwasmachine. Vul de spoelmiddelverdeler nooit met een andere substantie (vb. product voor de afwasmachine, vloeibaar wasmiddel). Dit zou het toestel kunnen beschadigen.
Wanneer moet het doseerbakje van het naspoelmiddel bijgevuld worden?
Als er geen lichtje voor het naspoelmiddel voorzien is op het besturingspaneel, kunt u de hoeveelheid naspoelmiddel nagaan op basis van de kleur van het optisch niveau van de indicator "C" aanwezig bij het deksel. Indien het reservoir voor het naspoelmiddel gevuld is, is de volledige indicator donker. Naarmate het naspoelmiddel vermindert, vermindert de grootte van het donkere punt. Laat het niveau van het naspoelmiddel nooit zakken onder 1/4 van het volume.
Indicator spoeling
Naarmate het naspoelmiddel vermindert, verandert de omvang van het zwarte punt op de indicator van het niveau van het naspoelmiddel:

Vol

3/4 gevuld

1/2 gevuld

1/4 gevuld - Moet bijgevuld worden om het vuil te verwijderen

Leeg
Doseerbakje naspoelmiddel
Om het doseerbakje te openen, draai het deksel in de richting van de pijl "OPEN" (naar links) en open het. Bij het gieten van het naspoelmiddel in het doseerbakje, opletten dat deze niet teveel gevuld worden. Het deksel opnieuw aanbrengen op de lijn van de pijl "OPEN" en draaien in de richting van de pijl voor het sluiten (naar rechts).
Let erop het doseerbakje niet te veel te vullen, want dat zou tot het overlopen van schuim kunnen leiden. Elk overschot wegvegen met een vochtige doek. Vergeet niet het deksel opnieuw aan te brengen voordat u de deur van uw afwasmachine sluit.

OPGELET
Elk overschot van het naspoelmiddel bij het vullen wegvegen met een absorberende vochtige doek om het overlopen van schuim te voorkomen bij de volgende afwasbeurt.
De spoelmiddelverdeler instellen
Wijzer voor de regeling (Naspoeling)
Het doseerbakje van het naspoelmiddel heeft zes of vier programma's. Steeds beginnen met het doseerbakje geprogrammeerd op 4. Indien er een probleem is met vlekken of slecht drogen, verhoog dan de toegediende dosis spoelmiddel door het deksel van de verdeler te verwijderen en de display op 5 te zetten. Als de vaat nog steeds niet correct gedroogd is, de kiesschijf op het volgende nummer zetten tot uw vaatwerk goed is. Wij adviseren u op 4 te programmeren (de standaardwaarde bij het verlaten van de fabriek is 4).

Opmerking: De dosis verhogen indien de water- of kalksporen aanwezig blijven na het afwassen. De dosis verlagen wanneer het vaatwerk witte of kleverige strepen vertoont, of wanneer de glazen of de lemmeten van de messen een blauwachtig laagje vertonen.
D. Functie van reinigingsmiddel
Reinigingsmiddelen die chemische ingrediënten bevatten zijn nodig om het vuil te verpulveren en weg te nemen en het uit de afwasmachine af te voeren. Het merendeel van de kwaliteitsdetergenten die verkocht worden, is hiervoor geschikt.

OPGELET!
JUIST GEBRUIK VAN HET
VAATWASMIDDEL:
- Gebruik alleen vaatwasmiddelen die specifiek voor het gebruik in afwasmachines zijn ontworpen. Houd uw vaatwasmiddel vers en droog. Giet het vaatwaspoeder pas in de dispenser wanneer u klaar bent om de vaat te wassen.
Geconcentreerd detergent
Naargelang de chemische samenstelling worden detergenten voor de afwasmachine verdeeld in twee basiscategorieën:
- gewone alkalische detergenten met caustische ingrediënten, weinig alkalische geconcentreerde detergenten met natuurlijke enzymen
Reinigingsmiddelttabletten
De oplostijd van vaatwastabletten van verschillende merken kan verschillen.
Om die reden kunnen bepaalde reinigingsmiddelttabletten niet oplossen en hun volle reinigingscapaciteit niet ontwikkelen tijdens de korte programma's. Dienengevolge raadt men aan lange programma's te gebruiken wanneer men reinigingsmiddelttabletten gebruikt, teneinde de volledige verwijdering van de resten van het reinigingsmiddel te garanderen.
Vaatwasmiddelreservoir
Het doseerbakje moet gevuld worden voor het opstarten van elke wascyclus door het volgen van de instructies aangegeven in het schema van de wascyclus. Uw afwasmachine gebruikt minder reinigingsmiddel en naspoelmiddel dan traditionele afwasmachines. Gewoonlijk is een enkele lepel reinigingsmiddel nodig voor een gewoon doseerbakje. Anderzijds vereisen erg vuile spullen meer detergent. Voeg het detergent toe vlak voor u de afwasmachine aanzet, anders zou het vaatwasmiddel vochtig kunnen worden en niet goed oplossen.
Hoeveel vaatwasmiddel hebt u nodig
8
Het hendeltje indrukken om te openen

Opmerking: Steeds reinigingsmiddel toevoegen net voordat u elke wascyclus opstart. Gebruik enkel detergenten die specifiek voor de afwasmachine ontworpen werden.

OPGELET
Het reinigingsmiddel van de afwasmachine is bijtend! Houd het buiten het bereik van kinderen.
Gepast gebruik van het reinigingsmiddel
Gebruik enkel detergenten die specifiek voor de afwasmachine ontworpen werden. Bewaar uw reinigingsmiddel op een koele en droge plaats. Geen reinigingsmiddel aanbrengen in het doseerbakje voordat u klaar bent om over te gaan tot het afwassen van de vaat.
Het vullen van het reinigingsmiddel
Vul het doseerbakje van het reinigingsmiddel met reinigingsmiddel.
De markering geeft de doseerniveaus aan:

A In het vulbakje voor reinigingsmiddel voor de hoofdwascyclus
B In het vulbakje voor reinigingsmiddel voor de voorwascyclus
Gelieve de aanbevelingen voor dosering en opslag te volgen van de fabrikanten op de verpakking van het reinigingsmiddel. - Sluit het deksel en druk tot het vastklikt. - Als het vaatwerk heel vuil is, een bijkomende dosis aanbrengen in het vulbakje voor reinigingsmiddel van de voorwascyclus. Dit reinigingsmiddel zal zijn effect sorteren tijdens de voorwasfase.

Opmerking: U vindt informatie omtrent de hoeveelheid reinigingsmiddel voor de eenvoudige programma's. Let op: In functie van de vuilheidsgraad en van de hardheid van het water kunnen er verschillen mogelijk zijn. Men raadt aan de aanbevelingen van de fabrikant, aangeduid op de verpakking van het reinigingsmiddel, te volgen.
Reinigingsmiddelen
Er bestaan 3 soorten reinigingsmiddelen
- Met fosfaat en met chloride
- Met fosfaat en zonder chloride
- Zonder fosfaat en zonder chloride
De nieuwe verpulverde reinigingsmiddelen bevatten gewoonlijk geen fosfaat. De functie van de waterverzachter voor fosfaten wordt dan niet vermeld. In dat geval raden we aan het zoutreservoir te vullen met zout, zelfs bij een waterhardheid van slechts 6 dH. Als reinigingsmiddelen zonder fosfaat gebruikt worden bij hard water, dan zullen vaak witte vlekken verschijnen op het vaatwerk en op de glazen. In dat geval dient u meer detergent toe te voegen voor betere resultaten. De reinigingsmiddelen zonder chloride reinigen slechts weinig.
De sterke en gekleurde vlekken zullen niet helemaal weggaan. In dat geval raadt men aan een programma te kiezen met een hogere temperatuur.
Laden van de rekken van de afwasmachine - Aanbevelingen
- Het is aanbevolen vaatwerk te kopen dat geschikt is voor het afwassen in een afwasmachine.
- Gebruik een speciaal reinigingsmiddel voor het afwassen van dergelijke breekbare elementen. Indien nodig vraagt u bijkomende informatie aan de fabrikant van het detergent.
- Voor bepaalde breekbare stukken kiest u het programma met de laagst mogelijke temperatuur. Teneinde elke beschadiging te voorkomen, zorgt u ervoor dat u de glazen en het eetgerei snel weghaalt na het einde van de afwascyclus.

Opmerkingen:
- Als het vaatwerk slechts gematigd vuil is, gebruik minder vaatwasmiddel dan aanbevolen.
- Als u een vaatwastablet gebruikt, raadpleeg de gebruiksinstructies die op de verpakking vermeld om het vaatwasmiddel op de juiste positie in de afwasmachine aan te brengen (bijv. in de bestekkorf, het vaatwasmiddel-reservoir, etc.).
- Sluit altijd het deksel van het reservoir na het toevoegen van het vaatwasmiddel.
Aanbevelingen voor het afwassen in een afwasmachine van het volgende vaatwerk en eetgerei:
Afwassen in de afwasmachine verboden
Keukengerei met handvatten in hout, porselein of paarlemoer.
- Kunststof onderdelen die niet bestand zijn tegen verhitting.
- Oud vaatwerk dat niet bestand is tegen verhitting of met gelijmde stukken. Eetgerei of vaatwerk waarop bepaalde stukken zijn toegevoegd. Onderdelen van tin of koper.
- Kristallen glazen.
- Roestgevoelige stalen onderdelen. Houten vaatwerk.
- Onderdelen van kunstvezel.
Afwassen in de afwasmachine weinig aanbevolen
- Bepaalde soorten glazen kunnen dof worden na een groot aantal wasbeurten. Stukken van zilver en aluminium hebben de neiging te verkleuren tijdens het afwassen.
- Geëmailleerde modellen kunnen mat worden als ze vaak in de afwasmachine gewassen worden.
Voorzorgen die men moet nemen voor of na het laden van de korven van de afwasmachine
Om de beste prestaties van uw afwasmachine te verkrijgen, gelieve de volgende aanwijzingen te volgen bij het laden. De functies en de vorm van de rekken en de korven verschillen naargelang het model.
Schraap alle etensresten van de borden. Laat de pannen waarin voedsel is verbrand weken teneinde het zachter te maken. Het is niet nodig om het vaatwerk onder stromend water te spoelen.
Plaats het keukengerei als volgt in de afwasmachine:
- Kopjes, glazen, kommen/pannen, enz. omgekeerd geplaatst worden.
- Holle voorwerpen of voorwerpen met openingen schuin geplaatst worden zodat het water eraf kan lopen.
- Alle voorwerpen zodanig geplaatst worden dat ze niet kantelen.
- Ze moeten zodanig geplaatst worden dat ze de werking van de sproeiarmen tijdens het wassen niet hinderen.

Opmerking: Elementen die heel klein zijn mogen niet in de afwasmachine gewassen worden want ze kunnen gemakkelijk uit de compartimenten vallen.
Laad de holle elementen zoals kopjes, glazen, pannen enz. omgekeerd zodat het water er niet in stagneert. - Het vaatwerk en het eetgerei mogen niet in elkaar geplaatst worden of elkaar bedekken. - Om te vermijden dat de glazen beschadigd worden, mogen ze elkaar niet raken. Laad de grote voorwerpen, die moeilijker schoon te maken zijn, in de onderste mand. - Het bovenste compartiment is ontworpen voor het delicatere en lichtere vaat zoals glazen, koffietassen en theekopjes. - De messen met lang lemmet kunnen gevaarlijk zijn als ze verticaal geplaatst worden! - Lange en/of scherpe voorwerpen zoals vleesmessen moeten horizontaal geplaatst worden in de bovenste mand, aangezien ze gevaarlijk kunnen zijn. Laad de afwasmachine nooit te vol. Plaats geen te grote schotels in de afwasmachine. Dit is belangrijk om de beste resultaten te verkrijgen en het energieverbruik te beperken.
De afwasmachine ledigen
Om te vermijden dat het water van de bovenste mand op de onderste mand loopt, raden wij u aan steeds eerst de onderste mand uit te laden en daarna de bovenste mand.
De bovenste mand vullen
(1) Naar binnen toe
De bovenste korf is bestemd voor het meer delicate en lichte vaatwerk zoals de glazen, de thee- en koffiekopjes, schotels, borden, kleine ronde borden en de braadpannen (indien ze niet te vuil zijn). Plaats het vaatwerk en het eetgerei op zo'n manier dat ze zich niet verplaatsen door het sproeien van het water.
Houd er rekening mee dat:
- De pannen, de dienborden enz. steeds omgekeerd geplaatst moeten worden.
- De diepe borden moeten schuin geplaatst worden teneinde het wegvloeien van het water mogelijk te maken.
- De onderste mand heeft verschillende plooibare delen zodat er grotere voorwerpen of meer vaat in geplaatst kan worden.
11
De onderste mand vullen

Naar binnen toe
We raden aan de grootste elementen van het vaatwerk, die het moeilijkst gereinigd worden, te plaatsen in de onderste korf: pannen, braadpannen, deksels, dienborden en kommen.
Het is verkieslijk de diepe borden en de deksels aan de zijkanten van de mand te plaatsen om te vermijden dat de rotatie van de bovenste sproeiarmen geblokkeerd worden.
Regeling van het bovenste compartiment
12
Onderste positie
13
Hoogste positie
Indien nodig kan het bovenste compartiment in de hoogte geregeld worden teneinde meer plaats te creëren voor breder eetgerei dat geplaatst wordt in het bovenste of onderste compartiment.
De bovenste mand aanpassen
De hoogte van de bovenste mand kan worden aangepast om meer ruimte vrij te maken voor groter keukengerei, dit voor de bovenste of de onderste mand. De hoogte van de bovenste mand kan worden aangepast door de wieltjes op verschillende hoogtes van de stangen te plaatsen. Plaats lang keukengerei, zoals serveer- en saladebestek of grote keukenmessen op het rek op een manier zodat de rotatie van de sproeiarmen niet wordt belemmerd.
14 Plooi het rek van de kopjes
Voor een betere plaatsing van potten en pannen kunnen de bekerrekken omlaag worden gevouwen.
15 De staafjes van de onderste korf plooien
Voor een betere plaatsing van potten en pannen kunnen de punten omlaag worden gevouwen.
16 Korf voor bestek
Teneinde de beste afwaskwaliteit te garanderen, let u op de volgende punten wanneer u het bestek laadt in de afwasmachine:
- Ze mogen elkaar niet overlappen;
- Het langste eetgerei moet in het midden geplaatst worden;
- Ze moeten omgekeerd geplaatst worden;
- Plaats het bestek met het scherpe uiteinde naar onder gericht.

OPGELET!
- Er mag geen enkel voorwerp uit het onderste deel uitsteken.
- Stop scherp keukengerei altijd met het scherpe uiteinde naar onder in de afwasmachine!
Een afwasprogramma starten
Tabel van de wascyclus
| Programma | Informatie omtrent de cyclus | Beschrijving van cyclus | Reinigings-middel (vóör/afwas) | Duur van de cy-clus(min) | Energie(Kwh) | WATER(I) | Na-spool-middel |
| A | Automatische detectie van vaatwasprogramma, Licht, normal enzer bevuild, met ofzonder vastgekoekteetensresten. | Voorwas (45 °C) Automatisch wassen (45 tot 55 °CSpoelen Spoelen (65 °CDrogen | 5/30 g(1 of 2stuks) | 150 | 0,9~1,3 | 11~15 | ✓ |
| Automa-tisch |
| Intensief | Bij heel vuile vaat:schalen, borden, gla-zen, braadpannen enkommen die reeds langniet behandeld werden.Ook nuttig om etens-resten die reeds langop de vaat vastzitten te verwijderen. | Voorwas (50 °C) Afwas (60 °CSpoelen Spoelen Spoelen (70 °CDrogen | 5/30 g(1 of 2do-sissen) | 175 | 1,6 | 17,5 | ✓ |
| Normaal | Bij normala vuilevaat: schalen, bor-den, glazen, braad-pannen enkommen die Licht vuil+zijn. | Voorwas (45 °C) Afwas (55 °CSpoelen Spoelen (65 °CDrogen | 5/30 g(1 of 2dosis-sen) | 185 | 1,30 | 13,5 | ✓ |
| ECO(EN50242*) | Standaardcyclusvoor normala vuile vaat: schotels, borden, glazen en pannen. | Voorwas Afwas (45 °C) Spoelen (65 °CDrogen | 5/30 g(1 of 2dosis-sen) | 195 | 0,93 | 10 | ✓ |
Nederlands
| Programma | Informatie omtrent de cyclus | Beschrijving van cyclus | Reini-gings- middel (vóör/ afwas) | Duur van de cy-clus (min) | Ener-gie (Kwh) | Wa-ter (I) | Na-spoel-middel |
| Glas | Voorlicht vuile en breekbare vaat: glas, kristal, porselein... | Voorwas Afwas (40 °C) Spoelen Spoelen (60 °C) Drogen | 5/30 g (1 stuks) | 130 | 0,9 | 13 | √ |
| 90' | Voorlicht vuile vaat die geen intensieve droging nodig heeft. | Afwas (65 °C) Spoelen Spoelen (65 °C) Drogen | 35 g (1 stuks) | 90 | 1,35 | 12,5 | √ |
| Hoog | Een korte cyclus voor een Lichtjes vuile vaat die nicht gedroogd hoeff te worden. | Afwas (45 °C) Spoelen (50 °C) Spoelen (55 °C) | 25 g | 30 | 0,75 | 11 | |
| Spoel | Om de vaat te spoelen die u later die dag wilt wassen | Voorwas | | 15 | 0,02 | 4 | |
Opmerkingen:
EN 50242*: Het programma Eco is het programma voor de conformiteitstest met de norm EN 50242 met de volgende eigenschappen: Capaciteit: 14 bestekken - Positie bovenste korf; bovenste wieltjes op de rails - Naspoelmiddel op positie 6 - Het verbruik van het vermogen in waakstand (PI) is 0,49 W en bij stilstand (PO) 0,45 W - De voeding wordt automatisch ontkoppeld na 30 minuten na beëindiging van het programma.
In gang zetten van het apparaat
Een wascyclus starten
- Haal het onderste en bovenste compartiment eruit, plaats uw vuile vaat en duw de compartimenten terug in de machine. We raden aan eerst alles in het onderste compartiment te laden en daarna in het bovenste compartiment.
- Het reinigingsmiddel toevoegen.
- Steek de stekker in het stopcontact. De stroombron is 220-240 V 50 Hz, de specificatie van de stekker is 250 V 10 A.
- Sluit de deur door licht te duwen om zich van de correcte sluiting te verzekeren. Opmerking: Men kan een klik horen wanneer de deur perfect gesloten is.
- Open de watertoevoer op volle druk.
- Druk op de aan/uit-knop.
- Druk op de programmaknop. Het vaatwasprogramma wijzigt als volgt: ECO → □ → □₉₀ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → □ → ECO.
- Eenmaal u een programma hebt geselecteerd, brandt het overeenkomstig controlelampje.
- Druk op ▶ II. De afwasmachine begint te werken.

Opmerking: Wanneer u op de knop ▸ drukt wanneer de cyclus bezig is, stopt het lampje met knipperen en zal de afwasmachine elke minuut piepen tot u opnieuw op de knop ▸ drukt om de wascyclus opnieuw op te starten.
Wisselen van programma
Een programma kan enkel een kort ogenblik na het opstarten gewijzigd worden, voordat het detergent is toegevoegd. Anders dient u de detergentverdeler opnieuw te vullen.
Druk op de ▸ I-toets, de afwasmachine gaat in pauze. Druk op de Programma-toets gedurende minstens 3 seconden. U kunt dan een nieuw programma kiezen.
Druk opnieuw op de Start/Pauze-toets om de afwas te starten.

Opmerking: Als u de deur opent tijdens de cyclus, gaat de machine automatisch in pauze. Het programmalampje stopt met knipperen en de afwasmachine knippert elke minuut tot de deur opnieuw gesloten wordt. Nadat de deur gesloten is, zal de afwasmachine haar cyclus automatisch na 10 seconden hervatten.
Een bord vergeten?
Wanneer u iets bent vergeten te plaatsen in de afwasmachine, kan het op eender welk moment toegevoegd worden voordat het doseerbakje van het reinigingsmiddel open is gegaan.
- Druk op Start/Pauze om de afwasmachine stil te leggen.
- Open de deur.
- Voeg het vaatwerk toe.
- Sluit de deur.
- Druk op Start/Pauze, de machine start opnieuw na 10 seconden.
Op het einde van de afwascyclus
Wanneer de afwascyclus afgelopen is, zal het alarm 8 seconden weerklinken en dan stoppen. Druk op Aan/Uit om de afwasmachine uit te zetten en sluit de watertoevoer af. Open de deur van uw afwasmachine. Wacht een paar minuten voordat u de afwasmachine leegt om te vermijden dat u schotels en keukengerei vastneemt wanneer het nog warm is en zou kunnen breken. Hierdoor droogt de vaat ook beter.
De afwasmachine uitzetten
Wanneer het controlelampje aan is en niet knippert, is het afwasprogramma afgelopen.
- Zet de afwasmachine uit door op de Aan/Uit-toets te drukken.
- Sluit de watertoevoer af.
Open voorzichtig de deur. De warme stoom kan ontsnappen wanneer de deur geopend is!
Warme schotels zijn schokgevoelig. Het is raadzaam om ongeveer 15 minuten af te koelen voordat ze uit de afwasmachine gehaald worden. Open vervolgens de deur volledig, laat ze open en wacht een tijdje voordat u de schotels eruit haalt. Zo kunnen ze sneller afkoelen en sneller drogen.
De afwasmachine leegmaken
Het is normaal dat de afwasmachine van binnen vochtig is.
Haal eerst de onderste mand en daarna het bovenste compartiment leeg. Zo vermijdt u dat het water uit het bovenste compartiment op de schotels in het onderste compartiment zou spatten.

WAARSCHUWING
Het is gevaarlijk de deur te openen tijdens de wascyclus, aangezien u zich zou kunnen verbranden aan het warme water.
Reiniging en onderhoud
Filtersysteem
Voor uw gemak hebben we de afvoerpomp en het filtersysteem in het toestel geplaatst.
Het filtersysteem bestaat uit 3 elementen: de hoofdfilter, de afvalfilter en de microfilter.
1 Hoofdfilter: De etensresten en de vuile deeltjes die opgevangen worden door deze filter worden verpulverd met een speciale straal door de onderste sproeiarm en naar de afvoerslang geleid. 2 Afvalfilter: Grotere elementen, zoals stukken glas of botten, die de afvoerslang zouden kunnen versperren, worden opgevangen in de afvalfilter. Om een element dat door deze filter werd gevangen weg te nemen, drukt u zachtjes op de lipjes aan de bovenkant van de filter en tilt hem op.
Microfilter: Deze filter houdt de etensresten en de vuile deeltjes in de aanzuigzone en voorkomt dat deze opnieuw op het vaatwerk terechtkomen tijdens de cyclus.
- Controleer de filters na elk gebruik om elke verstopping te vermijden.
- Door de vuilfilter los te draaien kunt u het volledige filtersysteem verwijderen. Verwijder elk restje of afval en reinig de 3 filters onder stromend water.
18 Draai de filter in tegenwijzerzin. Haal de filter eruit door naar boven toe te trekken.

Opmerking: De stappen 1 en 2 tonen hoe u de filter kunt wegnemen. Om hem opnieuw te plaatsen, volg dezelfde stappen in omgekeerde volgorde.
Om de afvalfilter en de microfilter te reinigen, gebruikt u een schoonmaakborstel. Monteer daarna opnieuw de onderdelen van de filter en breng het geheel opnieuw aan op de juiste plaats in de afwasmachine door naar onder toe te drukken.
Gebruik de afwasmachine nooit zonder de filters. Een onjuiste plaatsing van de filter kan de prestaties van het toestel verminderen en de vaat en het keukengerei beschadigen.

WAARSCHUWING! Gebruik de afwasmachine nooit zonder de filters op hun plaats te brengen.
Schoonmaken van de sproeiarmen
Het is noodzakelijk de sproeiarmen te reinigen, omdat de chemische middelen die het water bevat de waterstralen en het draaien van de sproeiarmen kunnen blokkeren.
20 De bovenste sproeiarm afhalen:
- Houd de moer vast.
- Draai de arm met de klok mee om af te halen.
De onderste sproeiarm afhalen:
Trek de sproeiarm omhoog.
- Was de armen in lauw zeepwater en gebruik een soepele borstel om de sproeiers te reinigen. Plaats de armen terug nadat u ze zorgvuldig gespoeld heeft.
De afwasmachine onderhouden
Maak het bedieningspaneel schoon met een licht bevochtigde doek. Veeg vervolgens grondig droog. Maak de buitenkant schoon met een hoogwaardige glanswas. Maak geen enkel onderdeel van de afwasmachine schoon met een scherp voorwerp, schuursponsje of agressief schoonmaakmiddel.
21 De deur schoonmaken
Om de deuromtrek schoon te maken hebt u enkel een zachte vochtige doek nodig. Om elke indringing van water in de grendel van de deur en de elektrische onderdelen te vermijden, gebruikt u geen schoonmaakmiddelen in spuitbussen.
Op dezelfde manier nooit schuurreinigers of -sponzen gebruiken op de externe oppervlaktes, want de bekleding zou krassen kunnen vertonen. Bepaalde papieren servetten kunnen eveneens krassen of sporen op de oppervlakte nalaten.

WAARSCHUWING
Gebruik nooit stoomreinigers om de deur te reinigen want ze zouden de grendel van de deur en de elektrische onderdelen kunnen beschadigen. Het is verboden schuurmiddel of een papieren servet te gebruiken door het risico op krassen of vlekken op de oppervlakte in roestvrij staal.
Als u uw afwasmachine op een niet verwarmde plaats bewaart tijdens de winter, moet u het volgende vragen aan een gespecialiseerde dienst:
- De elektrische stroomvoorziening van de afwasmachine ontkoppelen en de zekeringen wegnemen of de stroomschakelaar stopzetten.
- Sluit de watertoevoer af en koppel de watertoevoerslang af aan de waterkraan.
- Het water laten wegvloeien uit de toevoerslang en uit de waterkraan (gebruik een pan om het water op te vangen).
- De watertoevoerslang aan de waterkraan koppelen.
- Het plastic deksel van de aspiratie op de kuip wegnemen en een spons gebruiken om het water te verwijderen.
Hoe houdt u uw afwasmachine in goede staat
Na elke afwas - Na elke afwas de watertoevoer van de machine afsluiten en de deur een beetje open laten opdat het vocht en de geuren niet aan de binnenkant blijven.
Het stopcontact verwijderen - Vóór de reiniging of de onderhoudshandelingen steeds de stekker ontkoppelen van het stopcontact. Neem geen enkel risico.
Niet reinigen met oplosmiddelen of schuurmiddelen - Om de buitenkant en de rubberen onderdelen van de afwasmachine schoon te maken, gebruikt u geen schuurmiddelen. Gebruik daarentegen enkel een doek met lauw zeepwater. Om de vlekken op de interne oppervlakten te verwijderen, gebruikt u een doek dat met water bevochtigd is, met een beetje witte azijn, of een schoonmaakproduct dat speciaal ontworpen is voor afwasmachines.
Wanneer u op reis vertrekt - Wanneer u op reis vertrekt, is het aangeraden een cyclus te draaien en daarna de stekker uit het stopcontact te halen, de watertoevoer af te sluiten en de deur van de machine een beetje open te laten. Dit zorgt ervoor dat de afdichting langer meegaat en voorkomt geuren aan de binnenkant van de machine.
Het toestel verplaatsen - Als de machine verplaatst moet worden, probeer haar in verticale positie te houden. Indien het absoluut noodzakelijk is, mag ze maar achterover hellen.
Dichtingen - De vorming van geuren in de afwasmachine kan veroorzaakt worden door etensresten die in de dichting achterblijven. Een regelmatige reiniging met een vochtige spons kan dit ongemak voorkomen.
Probleemoplossingen
| Probleem | Mogelijk oorzaken | Wat te doein |
| De afwasma-chine werkteniet. | De zekering is doorgeslagen, of de stroomschakelaar is uittgeschakeld. | De zekering verrangen of de schake-laar inschakelen. Schakel alle andere toestellen die hetzelfde circuit als de afwasmachine gebruiken uit. |
| De elektrische stroom is Niet aan. | Zich ervan vergewissen dat de afwasma-machine in werkung is en de deur goed gesloten is.Zich ervan vergewissen dat het snoer van de elektrische voeding correct aan-gesloten is op het stopcontact. |
| De druk van het water is zwak. | Controleer of de watertoevoer correct aangesloten werk en de watertoevoer geopend is. |
| De deur van de afwasmachine is Niet juist gesloten. | Sluit de deur op een juiste manier en vergrendel.Deze. |
| Het water wordt Niet uitt de afwasma-chine weg-prompt. | Knik in de afvoerslang.Filter is verstopt.De goatsteen is verstopt. | Controleer de afvoerslang.Controleer de grove filter.Controleer of de goatsteen het water goed afvoert. Als de goatsteen het wa-ter Niet afvoert, neem contact op met een bekwame loodgieter inplaats van een reparateur voor afwasmachines. |
| Schuim in de waskuip. | Verkeerd vaatwasmiddel. | Gebruik alleen vaatwasmiddel speci-fiek voor afwasmachines om schuim te voorkomen. Als dit zich voordoet, open de afwasmachine en LAST het schuim verdampen. Voeg circa 5 liter koud water aan de waskuip toe. Sluit en vergrendel de deur en selecteer vers-volgens een cyclus. De afwasmachine voert het water af tijdens de eerste stap. Open de deur eenmaal het water is af-gevoerd en controller of alle schuim is verdwenen. Herhaal indien nodig. |
| Gemorst glansmiddel. | Veeg gemorst glansmiddel algijd on-middelijk op. |
| Vlekken op de binnenkant van de waskuip. | Vaatwasmiddel met Kleurstof werkgebruikt. | Zorgervoord dat het vaatwasmiddel zon-der kleurstof is. |
Nederlands
| Probleem | Mogelijk oorzaken | Wat te doein |
| Witte film op de bennenkant van de afwasma-chine. | Harde watermineralen. | Maak de bennenkant schoon met een vochtige spons en vaatwasmiddel en draag rubber handschoenen. Gebruik geen ander schoonmaakmiddel om het risico op schuimvorming te voorkomen. |
| Roestvlekken op het bestek. | Het aangetaste keukengerei is Niet roestbestendig. | Kies roestbestendig keukengerei. |
| Het programma start nicht nadat vaatwaterzout waar toegevoegd. Zoutsporen zich in de vaatwascyclus verecht-gekomen. | Na het toevoegen van vaatwaterzout, voor algintijd een snel vaatwasprogrammauit: – zonder vaatwerk in de afwasmachine – en zonder het selecteren van de Turbofunctie (indien aanwezig). |
| Het deksel van de ontharder zich los. | Zet het deksel vast. |
| Kloppend geluid in de waskuip. | Een spreierarm klopt gegen een articlel in een korf. | Onderbreek het programma. Herschik de items die de spreierarm hinderen. |
| Ratelend geluid in de waskuip. | Bepaalde stukken vaatwerk zitten losesten in de waskuip. | Onderbreek het programma. Herschik de items. |
| Kloppend geluid in de waterleidingen. | Dit kan worden veroorzaakt door een installmentie ter plekke of de dwarsdoorsnede van de ledingen. | Dit heeft geen invloed op de werkking van de afwasmachine. In geval van twij-feel, neem contact op met een bekwame loodgieter. |
| De vaat is Niet schoon. | Het vaatwerk ward Niet cor-rect aangebracht. | Raadpleeg "De korven vullen". |
| Het programme was onvol-doende krachtig. | Kies een intensiever programme. |
| Er werk onvoldoende vaat-wasmiddel vrijgeveen. | Gebruik meer vaatwasmiddel of pro-beer een ander. |
| Items hinderen het ronddraai-en van de spreierarmen. | Herschik de items zodate de spreierarmen vrij hunnen ronddraaien. |
| Het filtersysteme onderaan de waskuip is Niet schoon of Niet juist geplaatst. De spreier-armen kunnen hierdoor ge-blokkeerd raken. | Reinig en/of installeer het filtersystem op eenjuiste manier. Maak de spreiers op de spreierarmen schoon. |
| Troebel glaswerk. | Combinatie van zacht water en teveel vaatwasmiddel. | Gebruik minder vaatwasmiddel als u zacht water hebt en kies de kortste vaatvascylus voor het wassen van glaswerk. |
Nederlands
| Probleem | Mogelijk oorzaken | Wat te doeon |
| Zwarte of grijze vlekken op borden. | Aluminium keukengerei schuurde gegen de borden | Verwijder deze sporen met een mild schoonmaakmiddel. |
| Er bevindt zich nog vaatwas-middel in de dispenserhou-ders. | Tafelgerei blokkeert de dis-penserhoulders | Plaats het vaatwerk op een juiste manier in de vaatwasser. |
| De vaat drooigt Niet. | Verkeerd geplaatst. | Vul de afwasmachine Zoals aangegeven in deze gebruikershandleiding. |
| Onvoldoende glansmiddel. | Gebruik meer glansmiddel/vul de glansmiddeldispenser. |
| Het vaatwerk is te snuguiit de machine gehaald. | Leeg uw afwasmachine Niet onmiddellijk na het wassen. Open de deur Lichtjes zodat de stoom kan ontsnappen. Maak de afwasmachine pas leeg eenmaal het vaatwerk nog amper warm is. Leeg eerst de onderste korf. Dit voorkomt dat er water vanaf het vaatwerk in de bovenste korf druppelt. |
| Het verkeerde programma ward geselecteerd. | De wastemperatuur is in een kort programme lager. Dit leidt tevens tot lagere reinigingsprestaties. Kies eenprogramma met een lange wastijd. |
| Het gebruik van bestek met een minderwaardige buitenlaag. | Het afvoer van het water is moeilijker met dit soort items. Bestek of servies van dit type is nicht geschikt voor deze afwasmachine. |
Foutcodes
Wanneer bepaalde storingen voorkomen, toont de machine foutcodes om ze u te melden:
| Codes | Betekenissen | Mogelijk oorzaken |
| E1 | Langere toevoertijd. | • Kraan is Niet opengedraaid.
• Waterinlaat is verstopt.
• De waterdruk is laag. |
| E3 | Vereiste temperatuur worden nicht bereikt. | • Defect aan verwarmingselement. |
| E4 | Overlopen | • Bepaalde elementen van de afwasmachinelekken. |
| Ed | Communicatiefout+tussen voornamste printplaat en printplaat van scherm. | • Open circuit of breuk in de communicatiebedrading. |

OPGELET
Bij het overlopen eerst de hoofdwatertoevoer dichtdraaien alvorens een hersteldienst te bellen. Indien er water in de bodem van de basis gelopen is bij het overlopen of bij een klein lek, dient het water er eerst uit verwijderd te worden alvorens de afwasmachine opnieuw op te starten.
Installatie-instructies
Plaatsing van de machine
Plaats de machine op de gewenste plaats. De achterkant moet tegen de muur erachter steunen en de zijkanten tegen de aangrenzende kasten of muren. De afwasmachine is uitgerust met toevoer- en afvoerslangen van het water die rechts of links aangebracht kunnen worden om de installatie te vergemakkelijken.

Afmetingen van de kast: minder dan 5 mm tussen de bovenkant van de afwasmachine en de kast, en de buitendeur op een lijn met de kast.
① Aansluitingen voor elektriciteit, afvoer en watertoevoer ② Ruimte tussen de onderkant van de kast en de vloer

Minimum ruimte wanneer de deur open is
① ② ③ Kast

Installatie van het sierpaneel ①

Afmetingen en installatie van het sierpaneel
26 Installatie van het houten sierpaneel
(1) Verwijder de 4 korte schroeven. Draai de 4 lange schroeven vast.
Installatiestappen voor de afwasmachine
Maak de deur van het meubel vast aan de buitenste deur van de afwasmachine met behulp van de meegeleverde steunen. Raadpleeg het model voor de juiste positie van de steunen. 2. De veerspanning van de deur afstellen: De veren van de deur werden in de fabriek afgesteld op een spanning die voor de buitenste deur geschikt is.
Als u het houten sierpaneel aanbrengt, dient u de veerspanning van de deur af te stellen.
Draai aan de afstelschroef om de spanning op de staalkabel te verhogen of te verlagen.
De veerspanning van de deur is goed wanneer de deur horizontaal blijft wanneer deze volledig open is en volledig sluit wanneer u de deur met slechts één vinger omhoog brengt.
Maak de toevoerslang vast op de koude waterkraan.
Sluit de afvoerslang aan.
Steek de stekker in het stopcontact.
Maak de condensatiestrook vast aan de onderkant van het werkblad van de kast. Zorg dat de condensatiestrook uit de onderkant van het werkblad steekt.
Breng de afwasmachine in de kast aan.
Zet de afwasmachine waterpas. Het achterste voetje kan vanaf de voorkant van de afwasmachine worden afgesteld door de zeskantschroef in het midden aan de onderkant van de afwasmachine te draaien met behulp van een zeskantsleutel. Om het voorste voetje af te stellen, draai het voorste voetje met behulp van een platkopschroevendraaier totdat de afwasmachine waterpas staat.
De afwasmachine moet waterpas staan voor een juiste werking van de manden en goede wasprestaties.
- Plaats een waterpas op de deur en de schuifrails binnenin het apparaat, zoals afgebeeld, om na te gaan of de afwasmachine waterpas staat. Zet de afwasmachine waterpas door de 3 stelvoetjes afzonderlijk af te stellen. Tijdens het waterpas zetten van de afwasmachine, zorg dat de afwasmachine niet kan kantelen.
Maximale afstelhoogte van de stelvoetjes: 50 mm
De afwasmachine moet op zijn plaats worden vastgezet. Er zijn 2 methodes om dit te doen:
6 Normaal werkvlak: stop de installatiehaak in de gleuf aan de zijkant en maak de haak vervolgens vast aan het werkvlak met behulp van de houtschroeven. Werkvlak van marmer of graniet: maak de zijkant vast met behulp van de schroef.
Bekijk het typeplaatje om de spanning te kennen en de afwasmachine te koppelen aan de geschikte elektrische stroom, met een zekering met als norm 10 ampère. Een trage zekering of een stroomschakelaar worden aangeraden en verzekeren een afgescheiden circuit dat enkel dit apparaat dient.
Verzeker u van de aanwezigheid van een geschikte aardverbinding voor gebruik.
Elektrische aansluiting
Nadat u gecontroleerd hebt of het voltage en de frequentiewaarden voor de stroom van de woning overeenkomen met wat aangeduid is op het typeplaatje en dat het elektrisch systeem voorzien is voor het maximum voltage dat op het typeplaatje voorkomt, stopt u de stekker in een correct geaard wandstopcontact. Indien het stopcontact waarop de machine moet gekoppeld worden niet geschikt is voor de stekker, het stopcontact verrangen, eerder dan een aanpassstuk of een gelijkaardig instrument gebruiken, want dit zou kunnen leiden tot oververhitting en brandwonden.
Instructies voor de aardverbinding
Dit toestel dient geaard te worden. In geval van een defect of een panne, vermindert de aarding het risico op elektrocutie door een kanaal van mindere weerstand van de elektrische stroom te bieden. Dit apparaat is uitgerust met een stroomkabel voorzien van een aardverbindingsgeleiding en een aardverbinding. De stekker dient in een correct geïnstalleerd stopcontact geplaatst en geaard te worden conform alle plaatselijke reglementeringen en normen.

OPGELET
Gebruik geen enkele elektrische verlengkabel of een kabelaansluitstuk bij dit apparaat.
De derde aardgeleider op het elektrisch snoer in geen geval doorknippen of verwijderen.
De installatie van de slangen en de elektrische uitrusting dient door een vakbekwame technicus te worden uitgevoerd.
Elektrocutiegevaar! Ontkoppel de netvoeding voordat u uw afwasmachine installeert. Het negeren van deze instructie kan leiden tot een elektrische schok en/of de dood.
Aansluiting op koud water
De slang voor koud water aansluiten op een mondstuk met schroefdraad 1,90 cm en zich ervan verzekeren dat die goed vastzit.
Als de kanalisaties van het water nieuw zijn en lange tijd niet gebruikt geweest zijn, het water laten lopen om er zeker van te zijn dat het water helder en vrij van onzuiverheden is. Als men deze voorzorgsmaatregel niet neemt, bestaat een risico op blokkering van de watertoevoer en beschadiging van de machine.

OPGELET
Draai de kraan dicht na gebruik.
Aansluiting van de afvoerslang
De waterafvoerslang inbrengen in een hoofdafvoerleiding met een diameter van minstens 40 mm, erop lettend dat de slang niet bevouwen of platgedrukt wordt. De bovenkant van de slang dient geplaatst te worden op een hoogte van minder dan 1000 mm (1 m). Het vrije uiteinde van de slang mag niet in het water liggen om elk risico op terugvloeien te voorkomen.
Hang de afvoerslang op manier A of B.
Hoe het water afvoeren dat aanwezig is in de slangen?
Als de waterafvoer hoger is dan één meter van de grond, kan het teveel aan water niet wegvloeien uit de slang. Men moet dan het water laten wegvloeien in een teil of een bak die groot genoeg is om al het water op te vangen, en die vastgemaakt wordt aan de zijden aangegeven in de vorige paragraaf.
Afvoer van het water
Sluit de waterafvoerslang aan. De waterafvoerslang dient correct geïnstalleerd te worden om lekken te vermijden. Let erop dat de leiding niet gebogen of gekneld wordt.
Verlengen van de slang
Indien nodig kan u een verlenging van de afvoerslang gebruiken; de slang moet dezelfde eigenschappen hebben en mag niet langer zijn dan 4 meter. Als dit het geval was, zouden de prestaties en de werking van de afwasmachine verstoord kunnen worden.
Aansluiting op de sifon
De aansluiting van de waterafvoerslang kan rechtstreeks geplaatst worden op een sifon indien de hoogte ervan niet hoger is dan 1 meter ten opzichte van de onderkant van de afwasmachine. De waterafvoerslang moet vastgemaakt worden met behulp van een geschikte slangklem.
Starten van de afwasmachine
De volgende punten moeten gecontroleerd worden voordat u de afwasmachine start.
- De afwasmachine is waterpas en vastgezet;
- De watertoevoerklep is open;
- Er zijn geen lekken ter hoogte van de aansluitingen op de waterleidingen;
- De elektrische draden zijn goed verbonden;
- De elektriciteit staat aan;
- De afvoer- en toevoerslangen van het water zijn aangesloten;
- Alle verpakkingsmaterialen en het drukwerk zijn uit de afwasmachine verwijderd.

OPGELET
Gelieve na de installatie deze handleiding in de hoes van het drukwerk te bewaren. De inhoud van deze handleiding is heel nuttig voor de gebruikers.
Verpakking en milieu
Afdanken van de verpakkingsmaterialen
De verpakkingsmaterialen beschermen uw toestel tegen mogelijke beschadiging tijdens het transport. Deze materialen zijn milieuvriendelijk want ze kunnen gerecycleerd worden. Door materialen te recycleren kan op grondstoffen bespaard worden en worden er minder afval geproduceerd.
Afdanken van uw oude toestel
SELECTIEVE INZAMELING VAN ELEKTRISCH EN ELEKTRONISCH AFVAL

Dit toestel is voorzien van het AEEA-symbool, wat betekent dat het niet bij het huishoudelijk afval weggegooid mag worden op het einde van zijn levensduur, maar dat het naar een recyclagecentrum voor elektrische en elektronische huishoudtoestellen gebracht dient te worden. Wanneer u versleten huishoudtoestellen recycleert, levert u een aanzienlijke bijdrage tot de bescherming van ons milieu.
BESCHERMING VAN HET MILIEU - RICHTLIJN 2012/19/EU
Wanneer u versleten elektrische en elektronische apparaten recycleert, levert u een aanzienlijke bijdrage tot de bescherming van ons milieu en onze gezondheid. Dit dient echter wel te gebeuren volgens bepaalde regels en vraagt de betrokkenheid van zowel leverancier als consument.
Daarom mag uw toestel, zoals aangegeven door het symbool op het kenplaatje of de verpakking, in geen geval in een openbare of private vuilnisbak voor huishoudelijk afval weggegooid worden. De gebruiker heeft het recht om het toestel naar een openbaar inzamelpunt voor selectieve afvalverwerking te brengen, zodat het toestel gerecycleerd of opnieuw gebruikt kan worden voor andere toepassingen, conform de richtlijn.
Bewaar uw oude toestellen steeds op een veilige plaats buiten uw huis waar kinderen er niet bij kunnen.
Hartelijk dank!