GEBRUIKSAANWIJZING CG 60 4CC S VET VALBERG
Wij streven ernaar kwaliteitsproducten aan te bieden die uw verwachtingen overtreffen. Wij bieden u producten aan die in moderne faciliteiten worden geproduceerd, waarbij elk fornuis afzonderlijk op kwaliteit wordt getest.
Deze brochure bevat alle noodzakelijke informatie met betrekking tot de installatie en het gebruik van uw nieuwe fornuis.
Voordat u uw nieuwe fornuis gaat gebruiken, raden we u aan deze brochure zorgvuldig te lezen, omdat deze alle basisinformatie bevat voor een correcte en betrouwbare installatie, het juiste gebruik en regelmatig onderhoud van uw fornuis. Dit fornuis mag alleen worden geïnstalleerd door een gekwalificeerde professional, in overeenstemming met de veiligheidsnormen en -wetgeving. Probeer nooit zelf uw fornuis te repareren.
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese richtlijnen, besluiten en voorschriften, en aan de normen waarnaar wordt verwezen.
CE
INHOUD
Algemene richtlijnen
Installatierichtlijnen
Tijdens het gebruik
Tijdens het schoonmaken en onderhoud
Veiligheid van kinderen
3. INSTALLATIE
3.1 Installatie-omgeving voor uw fornuis
3.2 De installatie van uw fornuis
3.3 De voetjes bijregelen
3.4 Gasverbinding
3.5 Gas verrangen
4. GEBRUIK
4.1 Het gebruik van gasbranders
4.1.1 Het gebruik van de branders van het kookfornuis
4.1.2 Het gebruik van de gasoven
4.2 Accessoires bij de oven
5. SCHOONMAKEN EN ONDERHOUD
5.1 Schoonmaken
5.2 Onderhoud
6. KLANTENDIENST EN TRANSPORT
6.1 Vereisten voor u contact opneemt met de klantendienst
6.2 Informatie bij het transport



Onderdelenlijst van het fornuis:
1-Kookplaatdeksel
10-Semi-snelbrander
2-Kookplaat
11-Snelbrander
3-Bedieningspaneel
12-Secundaire brander
4-Ovendeurhendel
13-Pansteunrooster
5-Sub-oven of lade vooraan
14-Semi-snelbrander
6-Regelbare voet
7-Ovendeur
8-Ovenschaal
9-Draadrooster
LEES DEZE INSTRUCTIES ZORGVULDIG EN VOLLEDIG VOOR U UW FORNUIS IN GEBRUIK NEEMT EN BEWAAR ZE VOOR EEN EVENTUELE RAADPLEGING IN DE TOEKOMST.
DEZE HANDLEIDING IS GEMAAKT VOOR MEER DAN ÉÉN MODEL. HET IS MOGELIJK DAT SOMMIGE FUNCTIES DIE IN DEZE HANDLEIDING WORDEN BESPROKEN NIET AANWEZIG ZIJN OP UW APPARAAT. LET OP DE UITDRUKKINGEN MET AFBEELDINGEN TIJDENS HET LEZEN VAN DE HANDLEIDING.
Algemene veiligheidswaarschuwingen
- Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en personen met een verminderd fysiek, zintuiglijk of mentaal vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, als ze onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilige gebruik van het apparaat en zij de gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen het apparaat niet reinigen of onderhouden zonder toezicht.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen worden heet tijdens het gebruik. Men dient ervoor te zorgen geen hete elementen aan te raken. Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden, tenzij ze onder voortdurend toezicht staan.
- WAARSCHUWING: Koken zonder toezicht op een brander met olie of vet kan gevaarlijk zijn en brand veroorzaken. Probeer een brand NOOIT te doven met water, maar schakel het apparaat uit en dek de vlam af, bijv. met een deksel of branddeken.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: geen voorwerpen op de kookoppervlakten plaatsen.
- WAARSCHUWING: Als de oppervlakte gebarsten is, moet u het toestel uitschakelen om het risico op elektrische schokken te vermijden.
- Bij kookplaten met een deksel moeten alle gemorste etensresten worden verwijderd van het deksel voor u het open maakt. U moet de oppervlakte van de kookplaat ook laten afkoelen voor u het deksel sluit.
- Bij kookplaten is het toestel niet bedoeld voor werking met een externe timer of een afzonderlijk systeem met afstandsbediening.
- Om te voorkomen dat het apparaat zou omkantelen, moeten de stabilisatiebeugels worden geïnstalleerd.
- Het toestel warmt op tijdens gebruik. Men dient er zorg voor te dragen geen warme elementen in de oven aan te raken.
- Tijdens het gebruik kunnen de handvaten die bij normaal gebruik worden vastgehouden opwarmen.
- Gebruik geen harde schurende schoonmaakmiddelen of scherpe metalen schrapers om het glas en andere oppervlakten van de ovendeur schoon te maken.
Dit kan krassen op het glas of schade aan de oppervlakte veroorzaken.
- Gebruik geen stoomreinigers om het apparaat schoon te maken.
- WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld voor u de lamp vervangt om het risico op elektrische schokken te vermijden.
- LET OP: Toegankelijke delen kunnen warm worden wanneer de grill in gebruik is. Jonge kinderen moeten uit de buurt gehouden worden.
- Uw apparaat werd geproduceerd conform de toepasselijke lokale en internationale normen en reglementeringen.
- De onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mogen uitsluitend door geautoriseerd onderhoudspersoneel worden uitgevoerd. De installatie en reparaties die worden uitgevoerd door niet geautoriseerde technici kan risico's inhouden. Het is gevaarlijk de specificaties van het apparaat op welke wijze dan ook te wijzigen.
- Voor de installatie dient u te controleren of de lokale distributievoorwaarden (aard van het gas en gasdruk of elektrische spanning en frequentie) en de instelling van het toestel compatibel zijn. De instellingen voor dit toestel worden vermeld op het label.
- LET OP: Dit apparaat is enkel bedoeld voor voedselbereidingen en huishoudelijk gebruik en mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden of in een andere toepassing, zoals voor niet-huishoudelijk gebruik of in een commerciële omgeving.
- Til het apparaat niet op of verplaats het niet door aan het handvat te trekken.
- Dit toestel is niet verbonden met een evacuatie van verbrandingsproducten. Het moet worden geïnstalleerd en verbonden in overeenstemming met de huidige installatievoorschriften. U dient in het bijzonder te letten op de relevante vereisten op het gebied van ventilatie.
- Als de brander niet inschakelt na 15 seconden, dient u de bediening van het apparaat stop te zetten en de deur van het compartiment te openen en/of minimaal 1 minuut te wachten voordat u de brander opnieuw probeert te ontsteken.
- Deze instructies zijn enkel geldig als het landsymbool op het apparaat verschijnt. Als het symbool niet op het apparaat verschijnt, moet u de technische instructies raadplegen waar u de nodige instructies kunt vinden met betrekking tot het wijzigen van het apparaat naargelang de gebruiksvoorwaarden van het land.
- Alle mogelijke veiligheidsmaatregelen werden genomen om uw veiligheid te garanderen. Aangezien het glas kan breken, moet u opletten tijdens het schoonmaken om krassen te vermijden. Vermijd het slaan of kloppen op het glas met accessoires.
- U dient erop toe te zien dat netsnoeren niet geklemd raken tijdens de installatie. Als het netsnoer beschadigd is, dient het te worden vervangen door de fabrikant, zijn onderhoudsdienst of dergelijk gekwalificeerde personen om ieder risico uit te sluiten.
- Wanneer de ovendeur open is, mogen kinderen niet op de ovendeur klimmen of zitten.
Waarschuwingen bij de installatie
- U mag het apparaat niet in gebruik nemen voordat de installatie volledig is afgewerkt.
- Het toestel moet gemonteerd en in werking gesteld worden door een geautoriseerde technicus. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor enige schade die veroorzaakt kan worden door een incorrecte plaatsing en opstelling door niet-erkend personeel.
- Als u het apparaat uitpakt, moet u erop letten dat het niet werd beschadigd tijdens het transport. Als u een defect waarneemt, mag u het apparaat niet in gebruik nemen, maar moet u onmiddellijk de erkende onderhoudsdienst waarschuwen. De materialen van de verpakking (nylon, nietjes, polystyreen, enz.) kunnen schadelijke effecten veroorzaken bij kinderen. Ze moeten dan ook onmiddellijk verzameld en verwijderd worden.
- Bescherm het apparaat tegen atmosferische invloeden. Stel het niet bloot aan zon, regen, sneeuw, stof, enz.
- Het materiaal rond het apparaat (kast) moet een temperatuur van minstens 100 °C kunnen weerstaan.
Tijdens het gebruik
- Als u de oven de eerste maal inschakelt, zult u een geur opmerken van de isolatiematerialen en de verwarmingselementen. Om die reden moet u de oven voor de ingebruikname gedurende 45 minuten bij maximumtemperatuur laten draaien. U moet de omgeving waarin de oven wordt geïnstalleerd ook gelijktijdig correct ventileren.
- De externe en interne oppervlakken van de oven warmen op tijdens gebruik. Wanneer u de ovendeur opent, moet u een stap terugnemen om de hete stoom te vermijden die uit de oven komt. Er bestaat een risico op brandwonden.
- Plaats geen ontvlambaar of brandbaar materiaal in of in de buurt van het apparaat wanneer het in gebruik is.
- Gebruik steeds keukenhandschoenen om etenswaren te verwijderen uit of te verplaatsen in de oven.
- Blijf in de buurt van het kookfornuis wanneer u met vaste of vloeibare oliën kookt. Deze kunnen in brand schieten bij extreme temperaturen. Giet nooit water op vlammen die ontstaan uit olie. Dek de pan af met het deksel om de vlammen te verstikken. Schakel het fornuis uit.
- Plaats pannen steeds centraal boven de kookzone en draai de handvaten in een veilige positie zodat ze niet kunnen worden omgestoten of vastgegrepen.
- Indien u het apparaat voor langere tijd niet gebruikt, schakel het dan uit. Laat de hoofdschakelaar uitgeschakeld. Wanneer het apparaat niet gebruikt wordt, moet u de gaskraan uitgeschakeld houden.
- Let er op dat de bedieningstoetsen van het apparaat steeds op "0" (stop) staan als het fornuis niet wordt gebruikt.
- De laden hellen wanneer u ze verwijdert. Zorg ervoor dat geen warme vloeistof kan spatten.
- LET OP: Het gebruik van een gastoestel om etenswaren te bereiden, resulteert in de productie van warmte, vocht en ontbrandingsproducten in de ruimte waarin het wordt geïnstalleerd. Zorg ervoor dat de keuken goed geventileerd is, in het bijzonder als het toestel wordt gebruikt. Houd de natuurlijke ventilatieopeningen open of installeer een mechanisch ventilatietoestel (mechanische ventilator).
- Bij langdurig intensief gebruik van het toestel kan bijkomende ventilatie noodzakelijk zijn, bijvoorbeeld een venster openen, of een efficiëntere ventilatie, bijvoorbeeld het niveau van mechanische ventilatie verhogen indien aanwezig.
- Als u de grillbrander gebruikt, moet u de ovendeur open houden en steeds het grilldeflectorschild gebruiken dat werd geleverd met het product. Gebruik nooit de grillbrander met de ovendeur gesloten.
- LET OP: Glazen deksels kunnen barsten wanneer ze verhit worden.
Schakel alle branders af voordat u het deksel sluit.
U moet de oppervlakte van de kookplaat ook laten afkoelen voordat u het deksel sluit.

- Als de deur of de lade van de oven geopend is, mag u er niets op plaatsen. Dit kan het apparaat uit evenwicht brengen of het deksel breken.
2. WAARSCHUWINGEN
- Plaats geen zware, ontvlambare of brandbare zaken (zoals nylon, plastic zakken, papier, vodden, enz.) in de onderste lade. Inclusief kookgerei met plastic accessoires (bijv. handvatten).
- Hang geen handdoeken, vaatdoeken of kledij aan het apparaat of de handvatten.
Tijdens het schoonmaken en onderhoud
- Schakel het toestel uit voordat u het schoonmaakt of onderhoudt. U kunt dit doen nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld of de hoofdschakelaar hebt uitgeschakeld.
- U mag de bedieningstoetsen niet verwijderen om ze schoon te maken.
VOOR DE EFFICIËNTIE EN VEILIGHEID VAN HET APPARAAT RADEN WE AAN DAT U STEEDS DE ORIGINELE ONDERDELEN GEBRUIKT EN DAT U UITSLUITEND BEROEP DOET OP ONZE ERKENDE TECHNICI IN GEVAL VAN NOOD.
Tijdens het schoonmaken en onderhoud
- Schakel het fornuis steeds uit voor iedere schoonmaak- of onderhoudsbeurt door de stekker te verwijderen uit het stopcontact of de hoofdschakelaar uit te schakelen.
- Vermijd het gebruik van schurende schoonmaakmiddelen, crèmes met loogzout, schurende sponzen of krabbers met scherpe metalen voorwerpen om schade aan de oppervlakten te vermijden.
- U mag de bedieningstoetsen niet verwijderen om ze schoon te maken.
- Gebruik nooit stoomreinigers om het fornuis schoon te maken (intern of extern).
- Alle mogelijke veiligheidsmaatregelen werden genomen om uw veiligheid te garanderen. Aangezien het glas kan breken, moet u opletten tijdens het schoonmaken om krassen te vermijden. Vermijd het slaan of kloppen op het glas met accessoires.
Veiligheid van kinderen
OPGELET: Toegankelijke delen kunnen heet worden wanneer het fornuis in gebruik is.
- Jonge kinderen moeten uit de buurt gehouden worden. Houd kinderen uit de buurt van het fornuis wanneer het niet in gebruik is.
- Wanneer de ovendeur open is, mogen kinderen niet op de ovendeur klimmen of zitten.
- Kinderen moeten onder toezicht staan om zeker te zijn dat ze niet spelen met dit apparaat.
VOOR DE EFFICIËNTIE EN VEILIGHEID VAN HET FORNUIS RADEN WE AAN DAT U ORIGINELE RESERVEONDERDELEN GEBRUIKT EN ENKEL CONTACT OPNEMT MET DE GEAUTORISEERDE TECHNISCHE DIENST.
- Bij langdurig intensief gebruik van het toestel kan bijkomende ventilatie noodzakelijk zijn, bijvoorbeeld een venster openen, of een meer efficiënte ventilatie, bijvoorbeeld het niveau van mechanische ventilatie verhogen indien aanwezig.
- Het gebruik van een gasapparaat om etenswaren te bereiden, resulteert in de productie van warmte, vocht en ontbrandingsproducten in de ruimte waarin het wordt geïnstalleerd. Zorg ervoor dat de keuken goed geventileerd is, in het bijzonder als het apparaat wordt gebruikt. Houd de natuurlijke ventilatieopeningen open of installeer een mechanisch ventilatieapparaat (mechanische ventilator).
- Bij langdurig intensief gebruik van het toestel kan bijkomende ventilatie noodzakelijk zijn, bijvoorbeeld een venster openen, of een meer efficiënte ventilatie, bijvoorbeeld het niveau van mechanische ventilatie verhogen indien aanwezig.
- Dit apparaat dient uitsluitend om etenswaren te bereiden. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden, bijvoorbeeld om een ruimte op te warmen.
3. INSTALLATIE
Dit moderne, functionele en praktische fornuis is vervaardigd met de meest kwalitatief hoogstaande onderdelen en materialen en zal aan al uw kookbehoeften voldoen. Voordat u uw fornuis in gebruik neemt, dient u deze brochure zorgvuldig te lezen om alle functies te begrijpen en optimale resultaten te bereiken. Voor een correcte installatie kunt u de volgende aanbevelingen overwegen om problemen of gevaarlijke situaties te vermijden. Ze moeten steeds worden gelezen door de technicus die het fornuis installeert.
3.1 Installatie-omgeving voor uw fornuis
- Uw fornuis moet geplaatst en gebruikt worden in een ruimte waar er altijd ventilatie is. Gasontbranding wordt mogelijk gemaakt door de zuurstof in de lucht. Het is dus noodzakelijk dat de lucht wordt ververst en dat ontbrandingsproducten worden geventileerd in overeenstemming met de reglementeringen. Er moet een natuurlijke ventilatie zijn, genoeg om maatregelen te treffen tegen het gebruikte gas in de ruimte. De luchtstroom moet via ventilatieopeningen worden geïnstalleerd op de wanden in direct contact met de buitenzijde (zie onderstaand schema).


- De luchtstroom moet via de bodem (minimum 100cm2 ) naar binnen stromen en langs boven naar buiten stromen (minimum 100cm2 ). Deze ventilatieopeningen moeten een minimum zone van 100cm2 bedragen voor een efficiënte luchtdoorstroming. Deze ventilatieopeningen moeten open zijn en mogen nooit worden afgesloten. Bij voorkeur moeten ze zich dicht bij de achterzijde van het fornuis bevinden (voor de luchtinlaat Afb. 1 en 2) en tegenover de brandgassen veroorzaakt door het koken (voor de evacuatie), m.a.w. minimum 1,80 m boven de grond. Als u deze ventilatieopeningen niet kunt bereiken via de buitenzijde, waar het fornuis is geïnstalleerd, kan de noodzakelijke lucht ook van een andere locatie komen op voorwaarde dat het correct wordt geventileerd en geen slaapkamer of een gevaarlijke ruimte is.
Brandgassen verwijderen
Het wordt aangeraden een dampkap te installeren die rechtstreeks wordt aangesloten op een buis die naar buiten leidt (Afb. 3), of een elektrische ventilator geïnstalleerd op het venster of de buitenmuur (Afb. 4) om brandgassen rechtstreeks naar buiten te verwijderen. De voeding van de elektrische ventilator moet worden berekend om de lucht in de keuken 4-5 maal per uur te verversen.



3.2 De installatie van uw fornuis
- Het fornuis mag in de buurt van een meubel worden geplaatst, maar zorg ervoor dat het nabije meubel niet hoger is dan het fornuis (zie afb. 5).
- Als het keukenmeubel hoger is dan het fornuis moet u minimum 10 cm vrijlaten tussen de zijkanten van het fornuis en het meubel.
- De minimumhoogte tussen de kookplaat en de dampkap (of muureenheden) wordt weergegeven in Afb. 5. De dampkap moet minimum 65cm boven de kookplaat hangen. Als er geen dampkap is moet het meubel 70cm boven de kookplaat hangen.
- Laat 2 cm vrije ruimte tussen de achterzijde van het fornuis en de muur en tussen de zijkanten en de aanpalende meubelen.
- Let erop het fornuis niet vlak bij een koelkast te plaatsen; er mag geen ontvlambaar of brandbaar materiaal zoals een gordijn, doeken, etc. aanwezig zijn die snel in brand kunnen vliegen.
- Aanpalende meubelen moeten bestand zijn tegen temperaturen tot 90°C.
3.3 De voetjes bijregelen

Uw oven staat op 4 regelbare poten. Nadat u ze in de correcte positie hebt geplaatst, moet u de waterpasheid verifiëren. Pas hiervoor de 4 regelbare voetjes aan door ze aan of losser te draaien (Afb. 6). Het fornuis moet absoluut horizontaal worden gepositioneerd.
Aanpassingen kunnen worden uitgevoerd op een maximumhoogte van 30 mm.
U kunt de lade van het fornuis verwijderen om de hoogte van de voetjes aan te passen.
Wanneer de voetjes correct zijn aangepast, mag u het fornuis niet verslepen. U moet het optillen (niet optillen aan het
3.4 Gasverbinding
Gas verbinden en controleren op lekken
De gasverbinding van het fornuis moet worden uitgevoerd door een gekwalificeerd technicus in overeenstemming met de huidige normen (in overeenstemming met artikel 10 van de verordening van 02-08-1977 en D.T.U 61-1 reglementering die de aanwezigheid vereist van een controleklep op het buisuiteinde voor aardgas met een overdrukklep conform de NF D 36-303 norm. Deze controleklep dient om de gastoevoer te sluiten wanneer het fornuis niet in gebruik is).
Controleer eerst welk type gas geïnstalleerd is bij het fornuis. Deze informatie staat vermeld op een sticker op de rechterzijde van het fornuis. U vindt informatie over de soorten gas en injectoren in de technische gegevenstabel. Let erop dat de gastoevoerdruk moet overeenstemmen met de waarden die in de technische gegevenstabel terug te vinden zijn, zodat u de beste efficiëntie en het minste verbruik heeft. Indien de druk van het gebruikte gas anders of wisselvallig is dan deze waarden, is het plaatsen van een drukregelaar op de ingangspijp noodzakelijk. Een klantendienst moet worden geraadpleegd om deze aanpassingen uit te voeren.
Butaangas (G30) - propaangas (G31) aansluiten
De technicus zal eerst de gasaanpassing controleren op uw fornuis. Als het fornuis werkt met aardgas, moet u de injectoren (zie onder) vervangen om het te kunnen gebruiken met butaangas. De installatie kan worden uitgevoerd met een specifieke butaan/propaangas buis verkocht met 2 klemmen of met een specifieke TFEM slang gemonteerd met fittings.
Als u een butaan/propaanleiding monteert met kraag, worden de butaangas tip met gasafdichting geïnstalleerd op het fornuis. De leiding wordt diep aangebracht op deze tip en een kraag wordt geïnstalleerd door deze stevig aan te draaien zonder de leiding te snijden. Volg dezelfde procedure voor de klep (zie afbeelding 7).
De vereiste maximumlengte is 1,5 m. Het is uiterst belangrijk de vervaldatum vermeld op de leiding te controleren en de leiding te vervangen voor die datum om de veiligheid te garanderen.

Als u een TFEM-leiding monteert, is de butaangas tip vereist. Schroef de klemmen van de TFEM-leiding op de fornuiszijde en fleszijde (correct aandraaien met 2 sleutels, zoals weergegeven in het onderstaande schema).
Aardgas aansluiten (G20/G25)
De technicus moet een mechanische leidingtip (TFEM) installeren in conformiteit met de NF D 36100/36103/36121 norm en het fornuis aansluiten in overeenstemming met de huidige normen.
3.5 Gasverbinding - BE

! Aandachtspunten bij de aansluiting van de leiding
- Geen enkel onderdeel van de leiding mag in contact komen met een oppervlakte met een hitte van meer dan 50°C (de minimumafstand tussen de leiding en de warme delen moet 20 mm zijn).
- De lengte van de leiding mag niet meer zijn dan 1,5 m.
- De leiding mag niet geschreurd, aangespannen of gezouwen worden.
- De buis mag niet in contact komen met scherpe hoeken, bewegende delen en mag niet defect zijn. De leiding moet grondig worden gecontroleerd voor de montage om zeker te zijn dat er geen fabricagefout bestaat.
- Wanneer het gas aangesloten is, moet de buisafdichting worden gecontroleerd met een specifiek belproduct door een gekwalificeerde technicus. Er mogen geen luchtbellen verschijnen. Indien er wel luchtbellen zijn, kijk de verbinding opnieuw na en voer de test opnieuw uit. Gebruik nooit een aansteker, lucifer, etc. tijdens het uitvoeren van deze controle.
- De aanspanning van de butaangas buiskragen moet roestvrij zijn.
- De geldigheidsdatum van de leiding moet regelmatig worden gecontroleerd.
- De gasinlaat van dit product bevindt zich op de rechterzijde van het apparaat. Indien de verbindingspunten moeten worden verplaatst naar de linkerzijde van het apparaat, kunt u een verlengbuis aanvragen van uw geautoriseerde Dienst. OPGELET!!! Gebruik zeker geen aansteker of lucifer om op gaslekken te controleren.
3.6 Gas verrangen
Waarschuwing: De volgende procedures mogen enkel door geautoriseerd Dienstpersoneel uitgevoerd worden.
Uw fornuis is ontworpen voor gebruik met LPG (propaan of butaan) of aardgas. De gasbranders kunnen worden aangepast aan deze uiteenlopende soorten gas door de overeenstemmende injectoren te vervangen en de minimum vlamhoogte aan te passen voor iedere brander. De onderstaande stappen moeten strikt worden gevolgd:
De injectoren vervangen:
Kookplaatbranders:
- Sluit de hoofdgastoevoer af en verwijder de stekker uit het stopcontact.
- Verwijder de branderdop en de bovenste brander (Afbeelding 8).
- Schroef de injectoren los. Gebruik hiervoor een 7mm tang (Afbeelding 9).
- Installeer de nieuwe injectoren in overeenstemming met het soort gas dat wordt gebruikt, zoals weergegeven in de technische gegevenstabel. Let erop de nieuwe injectoren recht aan te spannen. Als u ze zijdelings zou monteren, beschadigt u de draad van het rek en het rek zal moeten worden vervangen (en dit wordt niet gedekt door de garantie).


Oveninjectoren:
De ovenbrander is uitgerust met een enkele schroef die op de tip van de brander wordt geplaatst.
Voor de ovendeur (hieronder), open de ovendeur, verwijder de bevestigingsschroeven van de onderste plaat. Open het compartiment onder de oven (lade of trekdeur) voor toegang tot de voorste schroef op de brander (Afbeelding 12). Als het fornuis een sub-oven voorzijde heeft, moet u de ovendeur eerst ontmantelen om toegang te krijgen tot de bevestigingsschroeven van de plaat.
3. INSTALLATIE
Verwijder de schroef van de brander en verplaats de brander diagonaal om toegang te krijgen tot de injector onderin achteraan op de moffeloven (Afbeelding 11).
Schroef de injectoren los. Gebruik hiervoor een 7mm tang. Installeer de nieuwe injectoren in overeenstemming met het soort gas dat wordt gebruikt, zoals weergegeven in de technische gegevenstabel. Let erop de nieuwe injectoren recht aan te spannen. Als u ze zijdelings zou monteren, beschadigt u de draad van het rek en het rek zal moeten worden vervangen (en dit wordt niet gedekt door de garantie).


De vlam aanpassen tot de minimumstand op de klep
De vlamhoogte op minimumpositie wordt aangepast met een platte schroef op de klep. Voor kleppen voorzien van een thermokoppel bevindt de schroef zich op de zijde van de klepas (Afbeelding 12). Voor kleppen die niet zijn voorzien van een thermokoppel bevindt de schroef zich in de klepas. Voor een eenvoudigere aanpassing van de vlam tot de minimumstand is het aanbevolen het bedieningspaneel te verwijderen voor fornuizen voorzien van een thermokoppel en microschakelaar (automatische schakelaar), tijdens de aanpassing.
Om de minimumstand te bepalen, ontsteekt u de branders achtereenvolgens en stelt u ze in op de minimumstand. Draai met behulp van een kleine schroevendraaier de overbruggingsschroef los, ongeveer 90 graden. Als de vlam een omvang heeft van 4 mm, is de aanpassing correct. Ter verificatie moet u ervoor zorgen dat de vlam niet uitdooft tijdens de overgang van de maximum- naar de minimumstand. Creëer een kunstmatige wind met uw hand om te zien of de vlammen stabiel blijven.

Laat de ovenbrander minimaal 5 minuten draaien. Open en sluit de oven 2-3 keer om de stabiliteit van de brandervlam te controleren.
De minimumvlampositie hoeft niet te worden aangepast voor de grillbranders.
Tijdens de conversie van LPG naar NG moet de overbruggingsschroef worden losgeschroefd. Als men omzet van NG naar LPG, moeten dezelfde schroeven vaster worden gemaakt. Tijdens deze aanpassing moet u ervoor zorgen dat de stekker van het fornuis wordt verwijderd en de gastoevoer open is.

De gastoevoer vervangen:
Controleer de vervaldatum van de gasleiding van uw fornuis. Als de vervaldatum is bereikt, moet u de slang vervangen.
Deze leidingen zijn verkrijgbaar op de markt en moeten voldoen aan de huidige normen. Nadat u de slang hebt vervangen, moet u controleren dat er geen lek is door te verwijzen naar de informatie in de bovenstaande paragraaf: Gas aansluiten en controleren op lekken.
4. HET GEBRUIK VAN UW PRODUCT
4.1 Het gebruik van gasbranders
De branders ontsteken
De symbolen op de knoppen van het bedieningspaneel geven de positie van de brander aan.
- Handmatige ontsteking van de gasbranders
Als uw fornuis niet is uitgerust met een elektrische ontsteking, of indien er een fout is in het elektrische netwerk, kunt u de onderstaande procedures volgen:
Voor kookplaatbranders: Om een van de branders in te schakelen, drukt u op de knop en draait u deze tegen de klok in tot de maximumstand en ontsteekt u onmiddellijk een lucifer of aansteker dicht bij de openingen in de brander. Verwijder de ontstekingsbron zodra u een stabiele vlam ziet.
Voor kookplaatbranders met thermokoppel: Kookplaten uitgerust met een thermokoppel bieden veiligheid indien de vlam per ongeluk uitdooft. Om die reden, tijdens de handmatige ontsteking, drukt u op de knop en houdt u hem ingedrukt tot u stabiele vlammen ziet. Als de vlammen onstabiel blijven nadat u de knop loslaat, moet u de procedure herhalen. Als de vlam uitdooft, zal het thermokoppelsysteem de betrokken gasklep sluiten en de accumulatie van ongebrand gas voorkomen. U moet minimaal 90 seconden wachten voordat u een gasbrander opnieuw ontsteekt na een automatische uitschakeling.
Voor de ovenbrander (uitgerust met thermokoppel): Alle oven-/grillbranders zijn uitgerust met veiligheidsthermokoppels en bieden veiligheid wanneer de vlam per ongeluk uitdooft. Om de ovenbrander te ontsteken, drukt u op de knop van de oven en draait u tegen de klok in tot u de maximumstand bereikt. Terwijl u de knop ingedrukt houdt, ontsteekt u onmiddellijk een lucifer of aansteker dicht bij de ontstekingsopeningen links vooraan op de brander. Zodra de brander brandt met een stabiele vlam, moet u de ontstekingsbron onmiddellijk verwijderen en de knop nog ongeveer 3 seconden ingedrukt houden. Als de vlammen uitdoven nadat u de knop loslaat, moet u de procedure herhalen. Als de vlam uitdooft, zal het thermokoppelsysteem de betrokken gasklep sluiten en de accumulatie van ongebrand gas voorkomen. Als de brander niet ontsteekt wanneer u de branderknop minimaal 30 seconden ingedrukt houdt, moet u de ovendeur openen en minimaal 90 seconden wachten voordat u hem opnieuw probeert te ontsteken. Als de vlammen van de oven per ongeluk uitdoven, moet u dezelfde procedure herhalen.
4.1.1 Het gebruik van de branders van het kookfornuis
OFF (UIT) stand.
MAX stand
MIN stand
Intermediair
Afbeelding 14
De knoppen van de kookplaat hebben 3 standen: Uit (0), max (grote vlamsymbool) en min (kleine vlamsymbool). Na ontsteking van de brander in de "Max" stand (zoals hierboven beschreven) kunt u de vlamlengte aanpassen tussen de "Max" en "Min" standen. Plaats de knoppen niet tussen de "Max" en "Uit" standen.

Voer een visuele controle uit van de vlam na de ontsteking. Als u een gele tip ziet, een opgetilde of onstabiele vlam, draait u de gastoevoer uit en controleert u de stand van de branderdoppen en kronen (afb. 15).
Opgelet: deze elementen zijn heel warm, laat ze afkoelen om brandwonden te vermijden. Zorg ervoor dat u vloeistofstromen in de branders vermijdt. Als de vlammen per ongeluk ontsnappen van de brander, moet u de kleppen sluiten, de keuken ventileren met frisse lucht en minimaal 90 seconden wachten voordat u de oven opnieuw inschakelt.
Om de bereiding te stoppen, draait u de knop van de brander met de wijzers van de klok mee tot het teken op de knop op "0" staat (knopmarkering boven).
Uw kookplaat is uitgerust met branders van verschillende diameters. Om de branders het meest effectief te gebruiken, let op de grootte van de steelpannen die u op de branders wenst te plaatsen en de steelpannen moeten vlakke bodems hebben. Gebruik geen pannen met een ronde of bolle bodem om geen energie te verspillen. Gebruik pannen van een correcte grootte die overeenkomen met de vlam; als u containers gebruikt die kleiner zijn dan hieronder aangegeven, zult u energie verspillen. De goedkoopste methode om het gas te gebruiken is de vlam te verlagen tot de minimumstand zodra u het kookpunt hebt bereikt. Het wordt aanbevolen de pan steeds af te dekken.
Snelle brander: 22-26 cm
Semi-snelle brander: 14-22 cm
Secundaire brander: 12-18 cm

Afbeelding 16
Als u het fornuis gedurende een lange periode niet zult gebruiken, moet u de gasinlaatklep sluiten.
OPGELET:
- Gebruik enkel vlakke pannen met een voldoende dikke basis.
- Zorg ervoor dat de basis van de pan droog is voordat u ze op de branders plaatst.
4. HET GEBRUIK VAN UW PRODUCT
- De temperatuur van de onderdelen die aan vlammen worden blootgesteld, kan uiterst hoog zijn tijdens het gebruik. Het is dus heel belangrijk om kinderen en dieren uit de buurt van de branders te houden tijdens en na het koken.
- Na gebruik blijft de kookplaat gedurende een lange periode warm. Raak ze niet aan en plaats er geen voorwerpen op.
- Plaats nooit messen, vorken, lepels en deksels op de kookplaat, want ze kunnen heel heet worden en ernstige brandwonden veroorzaken.
4.1.2 Het gebruik van de gasoven

Na het ontsteken van de ovenbrander zoals hierboven beschreven, kunt u de temperatuur in de oven aanpassen met de knop vooraan op het bedieningspaneel of de hendelbasis (min tot max). Als uw oven is voorzien van een oventhermostaat, raadpleeg dan de onderstaande temperatuurtabel om de temperatuur te selecteren naargelang de etenswaren die u wilt bereiden. Gebruik de oven niet door de knop te draaien tussen de "Uit"-stand en het punt dat de minimumtemperatuur aangeeft (tegen de klok in). Gebruik de oven steeds tussen de maximum- en minimumstanden. Om de bereiding te stoppen, draait u de knop van de brander met de wijzers van de klok mee tot het teken op de knop op "0" staat (knopmarkering boven).
Voorverwarming
Als u de oven wilt voorverwarmen, raden we een periode aan van 10 minuten voordat u de schotel invoert. Voor bereidingen die hoge temperaturen vereisen, bijv. brood, gebak, enz., worden de beste resultaten behaald als de oven eerst wordt voorverwarmd. U moet de oven ook steeds voorverwarmen om optimale resultaten te behalen bij de bereiding van diepgevroren of gekoelde maaltijden.
Bereiding
- Uw fornuis wordt geleverd (naargelang het model) met platen, ovenschotels, een rooster en een spit om gevogelte te roosteren. U kunt ook glazen schotels, cakeschotels en ovenplaten gebruiken die speciaal zijn aangepast aan het bakken in de oven. Deze zijn beschikbaar op de markt.
- Zorg ervoor de instructies van de fabrikant te volgen met betrekking tot het mogelijke gebruik van de schotels. Als u kleine containers gebruikt, plaatst u ze op de grill zodat ze centraal in het midden van het rooster staan. De volgende instructies moeten worden nageleefd voor alle glazen schotels.
- Als de etenswaren van de bereiding de volledige oppervlakte van de kookplaat niet volledig afdekken, of als de etenswaren uit de diepvriezer komen, of als de ovenschaal wordt gebruikt om de jus op te vangen die kan druppen tijdens het roosteren, kan de schotel vervormen door de hoge temperaturen tijdens het bereiden of roosteren. De plaat zal haar oorspronkelijke vorm enkel opnieuw aannemen als ze volledig is afgekoeld na de bereiding. Dit is een perfect normaal fenomeen veroorzaakt door warmte-overdracht.
- Als u schotels en ander glaswerk gebruikt bij de bereiding, mag u ze niet onmiddellijk aan koude blootstellen nadat u ze uit de oven haalt. Plaats ze niet op koude en natte oppervlakken. Plaats ze op een droge keukendoek of een voetstuk en laat ze langzaam afkoelen om te vermijden dat ze zouden breken.
- Zorg ervoor de ovenschaal niet onderin de oven te plaatsen, want hier kunnen ze oververhitten en het email van de oven beschadigen.
Katalytische reiniging
Het katalytisch reinigen gebeurt met behulp van een coating die op de ovenruimte is aangebracht. De katalytische platen verwijderen tijdens verhitting op hoge temperatuur kleine vetresten. Als er na de bereiding vetresten achterblijven, kunnen deze worden verwijderd door de lege oven gedurende een uur op 250°C te laten werken. Er zijn beperkingen. Deze behandeling reinigt niet de gehele oven, maar slechts de delen die voorzien zijn van de katalytische platen; zowel de email basis als de glazen ovendeur moeten worden schoongemaakt met een huishoudelijk reinigingsmiddel.

4.2 Accessoires bij de oven
- De oven wordt geleverd met accessoires. U kunt ook accessoires gebruiken die u op de markt koopt (maar ze moeten hitte- en vlambestendig zijn). U kunt ook glazen schotels, cakeschotels, speciale ovenschotels gebruiken die geschikt zijn voor gebruik in de oven. Let op de gebruiksaanwijzingen van de fabrikant van deze accessoires.
- Indien een kleine schotel wordt gebruikt, plaatst u de schotel in het midden van het rooster zodat het correct gepositioneerd is.
- Indien de te koken etenswaren de ovenschaal niet volledig bedekken, indien de etenswaren uit de diepvries worden gehaald of indien de schaal wordt gebruikt om de jus van de etenswaren op te vangen, kan de vorm van de schaal veranderen door de hoge temperatuur tijdens het kook- of braadproces. De schotel keert enkel terug naar de oude vorm als de schotel afkoelt na de bereiding. Dit is een normaal fysisch proces dat voorkomt tijdens warmteoverdracht.
- Plaats geen glazen bakschotels in een koude omgeving onmiddellijk na de bereiding. Plaats ze niet op koude en natte oppervlakken. Zorg ervoor dat ze langzaam afkoelen op een doek of voetstuk, zo niet zullen ze breken.
- Als u grillt in uw oven, raden we aan de grill te gebruiken die meegeleverd is met de lade voor dit product (als uw product met dit item wordt geleverd). Indien u de grote grillschaal gebruikt, plaats dan een schaal op de lagere schappen zodat de oliën worden verzameld. Giet ook water in de schotel om hem eenvoudig te kunnen schoonmaken en rook te vermijden.
- Zoals beschreven in de overeenstemmende clausules, mag u de grill nooit gebruiken zonder het deksel. Als uw oven uitgerust is met een gasrooster en u hebt het deksel verloren, mag u de grill niet gebruiken en moet u zo snel mogelijk een nieuw deksel bestellen bij de dichtstbijzijnde geautoriseerde dienst.

Ovenmoffel
Standen op de vormgegoten schuiven
Draadrooster
- Accessoires voor uw oven kunnen verschillen naargelang het model.
| Lade van gemiddelde grootte |
| De lade van gemiddelde grootte is om stoofpotjes te bereiden.
Om deze lade correct in de holte teplaatsen, staat u ze op een van de rekken u duwt de lade volledig in. |
| Oven-accessoires |
| Het rooster worden gelebruikt voor het grillen om uiteenlopende kookgereedschap te steunen.
Om het rooster correct in de holte teplaatsen, staat u het op een van de rekken u duwt het rooster volledig in. |
5.1 Schoonmaken
Zorg ervoor dat alle bedieningshendels en toetsen van de brander uitgeschakeld zijn en dat het fornuis afgekoeld is voordat u de oven schoonmaakt.
Belangrijk: Schakel altijd de elektrische schakelaar uit voordat u begint met schoonmaken.
Kijk na of de schoonmaakproducten die u gaat gebruiken, door de fabrikant worden aanbevolen voordat u ze gebruikt. Gebruik geen crèmes met loogzout, schurende schoonmaakpoeders, schurende sponzen, dikke staalwol of harde werktuigen om schade aan de oppervlakte te vermijden. Indien er vloeistoffen overstromen rond uw oven, kan het email van de oven worden beschadigd. Maak gemorste vloeistof onmiddellijk schoon met een geschikt product.
De binnenzijde van de geglazuurde oven is het best schoon te maken wanneer de oven warm is. Veeg de oven schoon met een zachte doek die na gebruik in een zeepsop gedompeld wordt. Veeg nadien de oven met een vochtige doek schoon en droog de oven. Het kan soms noodzakelijk zijn een vloeibaar schoonmaakmiddel te gebruiken. Reinig niet met droge en poedervormige reinigingsmiddelen of stoomreinigers.
De ovendeur demonteren



De ovendeur demonteren:
- Open de ovendeur (1).
- Open de verschuifbare sluiting tot de eindpositie (2).
- Sluit de deur tot ze bijna volledig gesloten is zoals weergegeven in het derde diagram en verwijder de deur door ze naar u toe te trekken.
OPMERKING: Om de deur opnieuw te monteren, volgt u de omgekeerde verwijderingsvoorschriften.
Zorg ervoor dat de genestelde steunen correct gepositioneerd zijn op het scharnier zoals aangeduid in het tweede diagram.
De hermontage van de deur gebeurt in omgekeerde richting van de bovenstaande beschrijving. Zorg ervoor dat de verschuifbare sluitingen correct worden aangebracht.
Gasbranders schoonmaken
- Verwijder de geëmailleerde roosters, branderdoppen en bovenste branders (Afbeelding 15). Maak ze schoon in een warm zeepsopje.
- Afspoelen en afdrogen met een zachte doek (laat ze niet nat staan).
- Na de schoonmaak moet u controleren dat de hermontage van de onderdelen correct gebeurt. Maak geen enkel onderdeel van de kookplaat schoon met een metalen spons. Dit kan krassen veroorzaken.
- De bovenste oppervlakten van de geëmailleerde roosters kunnen na verloop van tijd schade oplopen door het gebruik en de vlammen van de brander. Deze onderdelen verroesten niet en dit is geen productiefout.
- Tijdens het schoonmaken van de kookplaat moet u erop toezien dat er geen water in de branders stroomt om de injectoren te blokkeren.
Email onderdelen:
Om ze nieuw te houden, moet u ze regelmatig schoonmaken met een lauw zeepsopje en daarna afdrogen met een zachte doek. Was ze niet als ze nog warm zijn en gebruik nooit schurende poeders of schoonmaakmiddelen. De volgende elementen mogen niet in langdurig contact komen met de email onderdelen: azijn, koffie, melk, zout, water, citroen of tomatensap, zo niet kunnen ze onherroepelijke schade veroorzaken aan de email oppervlakte.
Roestvrij staal:
Roestvrij stalen onderdelen moeten regelmatig worden schoongemaakt met een lauw zeepsopje en een zachte spons. Droog daarna met een zachte doek. Gebruik geen schurende poeders of schoonmaakmiddelen. De volgende elementen mogen niet in langdurig contact komen met de roestvrij stalen onderdelen: azijn, koffie, melk, zout, water, citroen of tomatensap, zo niet kunnen ze onherroepelijke schade veroorzaken aan de roestvrij stalen oppervlakte.
5,2 Onderhoud
Overige beheersingsmaatregelen:
Controleer de vervaldatum van de gastoevoerleiding regelmatig. Als de datum vervalt, moet u deze snel vervangen.
In geval van problemen tijdens het gebruik van de bedieningshendels van de branders en de oven (bijv. moeilijk de hendels te draaien), neem contact op met de klantendienst.
- Controleer of de stekker van het fornuis correct is ingevoerd.
- Controleer of er een stroompanne is en of er stroomtoevoer aanwezig is op de schakelaar.
- De warmte was niet gelijkmatig met de bedieningstoets van de oven.
Bereiding (als het onderste of bovenste deel niet op dezelfde wijze opwarmt):
- Controleer de locatie van roosters en laden, bereidingstijden en thermostaattemperaturen aanbevolen in deze brochure.
De kookplaatbranders werken niet correct:
- Controleer of de onderdelen van de brander correct werden aangebracht (in het bijzonder na een schoonmaakbeurt of de installatie).
- De gastoevoerdruk kan te laag of te hoog zijn. Voor fornuizen die werken met LPG-tanks (propaan of butaan) moet u controleren of de tanks niet leeg zijn.
Als u het fornuis moet verplaatsen, moet u de originele verpakking van de uitrusting bewaren en meenemen. Volg de transportaanwijzingen vermeld op de verpakking. Plak de branders en roosters vast met plakband zodat er niets kan bewegen tijdens het transport (beter nog, plaats ze in een aparte doos). Plaats papier tussen het bovenste deksel en de kookoppervlakte, dek het bovenste deksel opnieuw af en plak het op de zijkant van het fornuis. Open de ovendeur en plaats karton of papier op het glas aan de binnenzijde van de oven zodat de laden en het rooster het fornuis niet beschadigen tijdens het transport. Plak ook de deksels van de oven aan de zijwanden.
Indien u de originele verpakking niet meer hebt, moet u maatregelen nemen om het fornuis te beschermen, in het bijzonder de externe zijden (glas en geverfde oppervlakten) zodat ze niet kunnen bewegen.
CG604CCSVET
| G30 28-30mbar 10,3 kW 749 g/h II2E+3+ FR-BE Classe: 1 | NG G20/G25 20/25 mbar | LPG G30/G31 28-30/37 mbar |
| SNELLE | | |
| Unjektor diam (1/100 mm) | 115 | 85 |
| Nominal Rating (kw) | 2,75 | 3 |
| Consumption in 1h | 261,9 l/h | 218,1 g/h |
| MEDIUM BRANDER | | |
| Unjektor diam (1/100 mm) | 97 | 65 |
| Nominal Rating (kw) | 1,75 | 1,75 |
| Consumption in 1h | 166,7 l/h | 127,2 g/h |
| MEDIUM BRANDER | | |
| Unjektor diam (1/100 mm) | 97 | 65 |
| Nominal Rating (kw) | 1,75 | 1,75 |
| Consumption in 1h | 166,7 l/h | 127,2 g/h |
| BIJKOMENDE BRANDER | | |
| Unjektor diam (1/100 mm) | 72 | 50 |
| Nominal Rating (kw) | 1 | 1 |
| Consumption in 1h | 95,2 l/h | 72,7 g/h |
| OVEN BRANDER | | |
| Unjektor diam (1/100 mm) | 120 | 76 |
| Nominal Rating (kw) | 2,8 | 2,8 |
| Consumption in 1h | 266,7 l/h | 203,6 g/h |
| Merk | | ▲▲▲▲
VALBERG |
| Model | | CG604CCSVET |
| Type kookplaat | | Gas |
| Aantal kookzones | | 4 |
| Verwarmtechnologie-1 | | Gas |
| Formaat-1 | | Hulp |
| Energie-efficiëntie-1 | % | N.v.t. |
| Verwarmtechnologie-2 | | Gas |
| Formaat-2 | | Normaal |
| Energie-efficiëntie-2 | % | 59,0 |
| Verwarmtechnologie-3 | | Gas |
| Formaat-3 | | Normaal |
| Energie-efficiëntie-3 | % | 59,0 |
| Verwarmtechnologie-4 | | Gas |
| Formaat-4 | | Snel |
| Energie-efficiëntie-4 | % | 57,0 |
| Energie-efficiëntie van kookplaat | % | 58,3 |
| Deze kookplaat voldoet aan EN 30-2-1 | | |
Tips voor energiebesparing
Kookplaat
- Gebruik pannen met een platte bodem.
- Gebruik pannen met geschikte afmeting.
- Gebruik pannen met deksel.
- Gebruik zo min mogelijk vloeistof of vet.
- Verlaag de stand als de vloeistof begint te koken.

VOOR PRODUCTEN MET AARDGAS RESERVEONDERDELEN SET
Indien een aardgasverbinding met een flexibele leiding vereist is, moet de aansluiting gemonteerd op de gasinlaat worden gebruikt. Zorg ervoor dat de flexibele leiding die u gebruikt conform is met de norm van NF D 36100/36103/36121. Gebruik steeds een afdichting tussen verbindingstukken.
OPGELET: VOER STEEDS EEN LEKTEST UIT MET ZEEPSOP NA EEN GASAANSLUITING.

Indien een aardgasverbinding met een flexibele leiding vereist is, moet de aansluiting in het reserveonderdelen set worden gebruikt. Zorg ervoor dat de flexibele leiding die u gebruikt conform is met de norm van NF D 36100/36103/36121. Gebruik steeds een afdichting tussen verbindingstukken.
OPGELET: VOER STEEDS EEN LEKTEST UIT MET ZEEPSOP NA EEN GASAANSLUITING.

Dit symbool op het product of de verpakking wijst erop dat het product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. Het moet naar het toepasselijke verzamelpunt worden gebracht voor de recyclage van elektrische en elektronische apparatuur. Door ervoor te zorgen dat dit product op een correcte wijze wordt verwijderd, helpt u potentiële negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid vermijden die het gevolg kunnen zijn van een verkeerde aanpak van dit product. Voor meer gedetailleerde informatie in verband met recyclage van dit product kunt u contact opnemen met uw lokale overheid, uw huishoudelijk afval ophaaldienst of de winkel waar u dit product hebt aangekocht.
VALBERG
CG604CCSVET
GEBRUIKSAANWIJZING
INSTALLATIE VAN HET
VRIJSTAANDE GASFORNUIS
INSTALLATIE

Beste klant,
Indien een aardgasverbinding met een flexibele leiding vereist is, moet de aansluiting gemonteerd op de gasinlaat worden gebruikt. Zorg ervoor dat de flexibele leiding die u gebruikt conform is met de norm NF D 36100/36103/36121. Gebruik steeds een afdichting tussen verbindingstukken.
OPGELET: VOER STEEDS EEN LEKTEST UIT MET ZEEPSOP NA EEN GASAANSLUITING.

Indien een aardgasverbinding met een flexibele leiding vereist is, moet de aansluiting in het reserveonderdelen set worden gebruikt. Zorg ervoor dat de flexibele leiding die u gebruikt conform is met de norm NF D 36100/36103/36121. Gebruik steeds een afdichting tussen verbindingstukken.
OPGELET: VOER STEEDS EEN LEKTEST UIT MET ZEEPSOP NA EEN GASAANSLUITING.
