HIG CG 60 4CM BVT - Gasfornuis HIGH ONE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis HIG CG 60 4CM BVT HIGH ONE in PDF-formaat.

📄 116 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice HIGH ONE HIG CG 60 4CM BVT - page 41
Bekijk de handleiding : Français FR Español ES Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : HIGH ONE

Model : HIG CG 60 4CM BVT

Categorie : Gasfornuis

Download de handleiding voor uw Gasfornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HIG CG 60 4CM BVT - HIGH ONE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HIG CG 60 4CM BVT van het merk HIGH ONE.

GEBRUIKSAANWIJZING HIG CG 60 4CM BVT HIGH ONE

Bedankt! Bedankt om voor dit product van HIGHONE gekozen te hebben. ELECTRO DEPOT kiest, test en beveelt de producten van het merk HIGHONE aan, deze staan garant voor eenvoud in gebruik, betrouwbare prestaties en een onberispelijke kwaliteit Dankzij dit toestel weet u dat elk gebruik tevredenstellend zal zijn. Welkom bij ELECTRO DEPOT Bezoek onze website www.electrodepot.be

Inhoudstafel Alvorens het toestel 42 Veiligheidsinstructies te gebruiken Overzicht van het 56 Beschrijving van het toestel toestel 56 Technische specificaties Gebruik van het 57 _Installatie toestel 64 Gebruik 68 Accessoires van de oven Praktische informatie 70 Reiniging 73 Onderhoud 73 Bijkomende informatie 74 Injectortabel

Veiligheïdsinstructies Beste klant, Het is ons doel u kwaliteitsproducten voor te stellen die beantwoorden aan uw verwachtingen en die vervaardigd worden in moderne fabrieken waar alle fornuizen aan kwaliteitstesten onderworpen worden. Deze handleiding omvat alle informatie die nodig is voor de installatie en het gebruik van uw nieuwe fornuis. Alvorens van start te gaan met het gebruik van uw nieuwe fornuis, raden wij u aan deze handleiding aandachtig te lezen, want deze bevat alle basisinlichtingen voor een correcte en betrouwbare installatie, een goed gebruik en een regelmatig onderhoud van uw fornuis. Dit fornuis mag enkel door een bekwaam vakman geïnstalleerd worden, in overeenstemming met de

A Alvorens het toestel te gebruiken veiligheidsnormen en de wetten die van kracht zijn. Tracht het fornuis nooit zelf te herstellen. Lees deze handleiding aandachtig en volledig alvorens uw kooktoestel te gebruiken en bewaar deze om deze later te kunnen raadplegen wanneer dat nodig zou zijn. Deze handleiding is ontworpen voor verschillende modellen. Uw kooktoestel is misschien niet voorzien van alle eigenschappen die in deze handleiding beschreven worden. Gelieve in de handleiding de eigenschappen te controleren in de paragrafen met afbeeldingen. + De vervaardiging van uw kooktoestel is in overeenstemming met alle nationale en internationale

Alvorens het toestel te gebruiken DA normen en reglementeringen die van kracht zijn voor wat betreft de materie. + De onderhoudswerken mogen enkel door ervaren techniekers uitgevoerd worden. Herstellingen en onderhoud uitgevoerd door niet-gekwalificeerde personen stellen u bloot aan gevaren. Wijzig de specificaties van uw kooktoestel in geen enkel geval. Voer zelf geen herstellingen uit, hierdoor zou üu zich kunnen blootstellen aan gevaren zoals elektrocutie. + Controleer véér de installatie dat de plaatselijke voorzieningen {naargelang uw toestel: aard en druk van het gas, spanning en frequentie van de elektriciteit] compatibel zijn met de eigenschappen die op het typeplaatje van uw toestel aangeduid worden. Bij schade door een onaangepaste aansluiting of onaangepaste installatie, zal de garantie vervallen. VAN OPGELET Uw kooktoestel is enkel ontworpen voor de bereiding van voedingsmiddelen en is enkel geschikt voor huishoudelijk gebruik. Het toestel mag nooit voor andere doeleinden gebruikt worden, bijvoorbeeld in een commerciële omgeving of om een zaal te verwarmen. De fabrikant is in geen geval aansprakelijk voor schade die het gevolg is van ongepast, verkeerd of onachtzaam COUMLE eVoor de elektrische toestellen: de elektrische veiligheid van uw kooktoestel is enkel gegarandeerd indien dit aangesloten is op een elektrische voeding met

aarding,conformde geldende normen inzake elektrische veiligheid. Raadpleeg een erkend elektricien wanneer u niet zeker bent van uw elektrische installatie met aarding. + Dit kooktoestel mag niet gebruikt worden door kinderen jonger dan 8 jaar of door personen met beperkte fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of met gebrek aan de vereiste ervaring of kennis, waardoor ze dit toestel niet zonder risico Kunnen gebruiken wanneer ze niet onder toezicht staan of in de afwezigheid van instructies van een verantwoordelijk persoon die een gebruik van het toestel zonder gevaar verzekert. Kinderen mogen niet spelen met het toestel. Kinderen die reinigings- en onderhoudshandelingen uitvoeren dienen onder toezicht te staan van een verantwoordelijk persoon.

A Alvorens het toestel te gebruiken + Probeer het toestel niet op te tillen of te verplaatsen door aan het handvat van de oven te trekken. + Dit toestel is niet aangesloten op een afvoertoestel voor verbrandingsgassen. Het dient geïnstalleerd en aangesloten te worden volgens de geldende voorschriften. Bijzondere aandacht dient besteed te worden aan de voorschriften inzake de ventilatie. + Wanneer na afloop van 15 seconden de gasbrander niet aanslaat, sluit u de hendel van de betreffende brander, open de deur van de keuken en wacht minstens één minuut alvorens te proberen het brander opnieuw in te schakelen. + Deze instructies gelden enkel wanneer het symbool van het land op uw kooktoestel voorkomt. Wanneer het symbool van het land niet op uw kooktoestel staat, is het belangrijk uw

Alvorens het toestel te gebruiken DA toevlucht te nemen tot de technische informatie met betrekking tot de bijzondere gebruiksvoorwaarden. OPGELET Het toestel en de toegankelijke delen kunnen erg warm worden tijdens het gebruik. Let erop de warm wordende elementen niet aan te raken. kinderen jonger dan 8 jaar dienen uit de buurt gehoudenteworden, behalve wanneer ze voortdurend in de gaten gehouden worden. eTijdens het gebruik worden alle toegankelijke elementen van uw kooktoestel heet en blijven deze gedurende een bepaalde tijd warm, zelfs wanneer u uw kooktoestel uitgeschakeld heeft. Raak de warme oppervlakken niet aan (met inbegrip van de bedieningen en het handvat van de oven]) en verhinder kinderen jonger dan 8 jaar in de buurt van het kooktoestel te komen. We raden aan de delen die rechtstreeks aan de warmte blootgesteld worden eerst te laten afkoelen alvorens ze aan te raken. + Laat uw kooktoestel nooit onbewaakt achter wanneer u olie, vloeibare of vaste vetstoffen verwarmt. Deze stoffen kunnen bij hoge temperatuur vuur vatten en een brand veroorzaken. TRACHT vlammen die afkomstig zijn van brandende olie NOOIT te blussen met water; schakel uw toestel uit en dek de kookpot of de pan afmet een deksel om de vlam te doven. Wanneer u een dampkap hebt, mag u deze nooit onbewaakt inschakelen wanneer u de olie opwarmt.

Alvorens het toestel te gebruiken Nederlands

Laat nooit ontvlambare materialen in de buurt van uw kooktoestel wanneer het in werking is. OPGELET Risico op brand: ePlaats nooit voorwerpen op de COLLUEELS Leg geen voorwerpen op de kookplaat en bewaar geen enkel voorwerp onder druk zoals spuitbussen of brandbare materialen (voorwerpen in papier, plastic of stof) in de lade onder de oven of de COLLUEELS

° Het plastic keukengerei maakt daar ook deel van uit (alsook de handvatten van het keukengerei). Waarschuwing: ° Indien het oppervlak gebarsten is, dient u de stekker uit het stopcontact te trekken om het risico op elektrische schokken te vermijden. + Indien uw toestel uitgerust is met een kookplaat in glas (vitrokeramisch of inductie]) en indien het oppervlak gebarsten is, zet de regelaars dan op « 0 » om eventuele elektrische schokken te voorkomen. Indien er barsten zitten in de elektrische platen dan dient de elektrische voeding onmiddellijk afgesloten te worden om zo elektrocutie te voorkomen. We raden aan geen metalen voorwerpen

Alvorens het toestel te gebruiken ES zoals messen, vorken, lepels en deksels op het kookvlak te plaatsen omdat deze heet kunnen worden. + Schakel het fornuis na gebruik uit door de bedieningsschakelaar te gebruiken. Reken niet op de detector voor recipiënten. + Verwijder restanten van overlopen alvorens het deksel te openen. Indien uw toestel uitgerust is met een deksel, dan dient u dit deksel op te tillen voor u de kookzones inschakelt. Vooraleer u het deksel terug op de kookzone plaatst, dient u te controleren of het toestel goed afgekoeld is. De glazen deksels kunnen breken wanneer ze warm zijn. Schakel alle branders uit alvorens de afdekplaat te sluiten. + Het toestel is niet bestemd om via een externe timer of een afzonderlijk bedieningssysteem ingeschakeld te worden. Uw kooktoestel mag nooit aangesloten worden via een verlengsnoer, op een externe timer, een driewegstekker of eenapartbedieningssysteem vanop afstand of eender welk ander toestel dat het toestel automatisch onder spanning zou brengen. ° Om te vermijden dat uw kooktoestel zou kantelen, dienen stabiliseringsbevestigingen aangebracht worden. Indien uw kooktoestel op een sokkel geïnstalleerd werd, neemt u de noodzakelijke voorzorgen zodat deze niet kan vallen. Waarschuwing: Deze stabiliseringsinstelling moet opgesteld worden om te vermijden dat het toestel kantelt {zie uitleg in de handleiding). - Tijdens het gebruik wordt het toestel erg warm. Let er op de verwarmende elementen binnenin de oven niet aan te raken. Wanneer de oven werking in is, mag u absoluut

de verwarmende delen niet aanraken [(weerstanden): u loopt het risico brandwonden op te lopen. + Controleer of de handvatten van de kookpotten naar de binnenkant van de kookplaat gericht zijn om eventuele valpartijen te voorkomen. De handvatten van de kommen kunnen warm worden, let op de kinderen. + Let op de handvatten van de deur van de oven en op de bedieningshendels van de kookzones die warm kunnen worden tijdens het gebruik van uw kooktoestel en tijdens een bepaalde tijd na het gebruik. + Gebruik geen schurende schoonmaakmiddelen, caustische crèmes, schuursponzen of metalen schrapers om de onderdelen van uw toestel schoon te maken (glas, email, inox, plastic en verf). Dit kan krassen veroorzaken en kan ervoor zorgen dat de oppervlakken in glas barsten

A Alvorens het toestel te gebruiken of andere onderdelen van het toestel beschadigen. Gebruik geen schurend onderhoudsproduct of harde metalen krabbers om de glazen deur van de oven te reinigen. Dit kan het oppervlak schrammen en leiden tot een barst in het glas. ° Gebruik geen stoomreinigers om uw kooktoestel schoon te maken. + Alle mogelijke veiligheidsmaatregelen werden getroffen om uw veiligheid te garanderen. Om te voorkomen dat de glazen elementen breken, dient u erop te letten ze niet te bekrassen tijdens de reiniging. Vermijd op de glazen oppervlakken te slaan of er voorwerpen op te laten vallen en op de glazen oppervlakken te kruipen (wanneer u boven uw kooktoestel werkt].

Alvorens het toestel te gebruik DA OPGELET Controleer of het toestel van de elektriciteit losgekoppeld is vooraleer de lamp te vervangen om het risico op elektrische schokken vermijden. OPGELET De toegankelijke delen kunnen warm worden tijdens het gebruik.

+ Bij pyrolytische reinigingen dienen de ovengrillen, de rekken en ander toebehoren verwijderd te worden vooraleer de pyrolysecyclus geactiveerd wordt. Overdreven spatten dienen eveneens schoongemaakt te worden voor het starten van de pyrolysecyclus. + Gebruik enkel de voor deze oven aanbevolen thermische sonde {optie voor vleessonde indien uw toestel hiermee uitgerust is). + Oefen geen enkele druk uit ophetelektrischsnoer(indien voorzien] bij de installatie van uw kooktoestel. Vergewis u ervan dat het snoer niet vast komt te zitten achter uw kooktoestel. Wanneer de voedingskabel beschadigd is, dient deze vervangen te worden door een kabel met dezelfde eigenschappen als de originele en dit door een erkend technicus om alle gevaren te voorkomen. + Zet niets op de geopende deur van de oven of de geopende lade onder de oven en laat kinderen niet op de deur klimmen of zitten. Dit zou het toestel uit evenwicht kunnen brengen en bepaalde onderdelen beschadigen {daarom is het noodzakelijk bevestigingen te installeren waardoor het toestel niet kan kantelen]. Bij gebruik van elektrische toestellen in de buurt van uw kooktoestel, dient u erop te letten dat de voedingskabel van deze toestellen niet in contact

Nederlands staat met het hete oppervlak van uw kooktoestel. Installatiewaarschuwingen + Gebruik uw kooktoestel pas wanneer de installatie voltooid is. + Uw kooktoestel mag enkel geïnstalleerd en in bedrijf gesteld worden door een erkend technicus. De fabrikant ziet af van alle aansprakelijkheid voor alle schade die resulteert uit het verkeerde plaatsen of de installatie van uw kooktoestel door een niet- erkend technicus. + Nadat u uw kooktoestel heeft uitgepakt, controleert u zorgvuldig of het niet werd beschadigd tijdens het transport. Bij twijfel gebruikt u het niet en neemt u dadelijk contact op met uw verkoper. Gezien de verpakkingsmaterialen {polystyreen, nylon, nietjes...] gevaarlijk kunnen zijn voor de kinderen, verzamelt u en verwijdert u ze onmiddellijk

A Alvorens het toestel te gebruiken {steek ze in containers die specifiek bestemd zijn voor het recycleren ervan]. + Bescherm uwtoesteltegen de atmosferische effecten. Stel het toestel niet bloot aan rechtstreekse zonnestralen, regen, sneeuw, stof... + De materialen die het toestel omringen [meubels) dienen bestand te zijn tegen een minimumtemperatuur van 100 °C. + De omstandigheden waarin uw toestel op de gasleiding aangesloten wordt, worden aangeduid op het etiket dat achteraan aangebracht werd (enkel voor de kooktoestellen op gas en de gemengde kooktoestellen). Wanneer uw kooktoestel op gasflessen met propaan werkt, dient de fles buiten het huis geïnstalleerd te worden [enkel voor kooktoestellen op gas). We raden u aan een rookdetector in uw huis te installeren en een branddeken of een

Alvorens het toestel te gebruiken ES brandblusser in de buurt van uw kooktoestel. Tijdens het gebruik + Tijdens de eerste inwerkingstelling van uw kooktoestel [ter hoogte van de oven] zal een kenmerkende geur van de isolatiematerialen en verwarmingselementen vrijkomen. Laat om deze reden uw oven alvorens deze te gebruiken eerst gedurende 45 minuten leeg werken aan zijn maximale temperatuur. U dient zich er ook van te vergewissen dat de Kkamer waarin uw kooktoestel geïnstalleerd wordt goed verlucht is. + Wanneer u de oven gebruikt, worden de interne en externe oppervlakken van het toestel warm. Op het moment van de opening van de deur van de oven, doet u een stap terug om te voorkomen dat u zich verbrandt aan de hete stoom die vrij zal komen uit de oven: er is een risico op brandwonden. + Plaats geen ontvlambare of brandbare materialen in de buurt van uw kooktoestel tiidens de werking. + Gebruik steeds keukenhandschoenen om de kookplaten in de oven te zetten of ze eruit halen. e Laat uw kooktoestel nooit onbewaakt achter wanneer u olie, vloeibare of vaste vetstoffen verwarmt. Deze stoffen kunnen bij hoge temperatuur vuur vatten en een brand veroorzaken. Tracht vlammen die afkomstig zijn van brandende olie nooit te blussen met water; schakel uw toestel uit en dek de kookpot of de pan af met een deksel om de vlam te doven. Wanneer u een dampkap hebt, mag u deze nooit onbewaakt inschakelen wanneer u de olie opwarmt. Leg geen brandbare stoffen in de buurt van uw kooktoestel wanneer dit werkt.

+ Plaats de kookrecipiënten steeds in het midden van de kookzone en richt de handvatten zodat ze niet hinderlijk zijn en kinderen ze niet vast Kunnen grijpen. + Gebruik de kookzones niet met lege kookpotten of zonder kookpot. + Gebruik enkel recipiënten met een platte bodem op de elektrische kookplaten. Snijd geen brood op de vitrokeramische en inductieglasplaten. De glazen plaat mag niet als werkblad gebruikt worden. Let erop geen recipiënten op de plaat te plaatsen die de plaat kunnen beschadigen. Recipiénten met scherpe randen kunnen het oppervlak aan de bovenkant krassen en beschadigen. Advies: veeg systematisch de onderkant van de kookpotten af met een vod alvorens ze op het glazen oppervlak te plaatsen om de micropartikels onder het recipiént, die het glas

A Alvorens het toestel te gebruiken zouden kunnen bekrassen, te verwijderen. Gebruik enkel recipiënten met een platte bodem op de vitrokeramische oppervlakken. ° Gebruik enkel recipiënten met een platte bodem, die specifiek bestemd zijn voor inductie op inductiekookzones (aangegeven op de onderzijde van het recipiënt door de fabrikant]. + Het is mogelijk dat u een geluidje hoort bij het aanzetten van een kookzone. + Gebruikers met een pacemaker dienen hun bovenlichaam minstens 30 cm van de ingeschakelde inductiekookzone te houden. + Wanneer u uw kooktoestel gedurende een lange periode niet zal gebruiken, raden wij u aan het toestel uit te schakelen. Let er ook op tegelijkertijd de gaskraan te sluiten wanneer u het toestel niet gebruikt.

Alvorens het toestel te gebruiken ES + Wanneer u uw platen een bepaalde tijd niet gebruikt, zal het noodzakelijk zijn om er een beetje olie op te doen om te voorkomen dat ze gaan roesten (platen in gietijzer]. + Vergewis u ervan dat de bedieningen van uw kooktoestel steeds op ‘0' staan wanneer uw kooktoestel niet gebruikt wordt. Verwijder het deksel van alle restanten van het overlopen alvorens het te openen. Laat de kookplaat afkoelen alvorens het deksel te sluiten. Plaats de roosters van de oven in de zijdelingse geleiders, die hiertoe voorzien worden. In het tegengestelde geval kunnen de roosters wanneer u eraan trekt kantelen en kan de warme inhoud uit het Kookgerei lopen of u verbranden. + Bepaalde kooktoestellen met elektrische oven zijn uitgerustmeteentangentiële ventilator. Deze ventilator werkt tijdens het koken. De lucht wordt door de openingen tussen de deur van de oven en het bedieningspaneel gestuwd. De ventilator kan blijven werken nadat de oven werd uitgeschakeld om de bedieningen te helpen af te koelen: maak u niet ongerust. + Opgelet: het gebruik van een kooktoestel op gas produceert warmte, vocht, geuren en gasverbrandingsproducten in de kamer waar uw kooktoestel zich bevindt. Controleer of de keuken goed verlucht wordt wanneer het kooktoestel werkt, blokkeer de openingen niet of installeer een mechanisch ventilatietoestel {zoals een mechanische afzuigdampkap}). Ook bij elektrische kooktoestellen veroorzaakt het koken vocht en geuren. Het zal ook noodzakelijk

Alvorens het toestel te gebruiken zijn een mechanische ventilatievoorziening te installeren. + Langdurig gebruik van uw toestel kan een bijkomende verluchting vereisen, zoals het openzetten van een venster of het harder zetten van de mechanische ventilatie. + Indien u de grill op gas (naargelang model) gebruikt, dient u de deur open te laten staan en het beschermingsdoek plaatsen {voor het bedieningspaneel en de regelaars]) dat bij uw kooktoestel geleverd werd. Gebruik de grill op gas nooit wanneer de deur van de oven gesloten is {voor kooktoestellen op gas met grill op gas]. + Wanneer u de elektrische grill (naargelang het model) gebruikt, dient de deur van de oven gesloten te zijn {voor de kooktoestellen met elektrische oven).

OPGELET De glazen deksels kunnen barsten door de inwerking van de warmte. Alvorens het deksel opnieuw te sluiten, schakelt u alle branders uit en dooft u de kookzones en laat u het oppervlak van de kookplaat afkoelen. + Zet niets op de geopende deur van de oven of de geopende lade onder de oven en laat kinderen niet op de deur klimmen of zitten. Dit zou het toestel uit evenwicht kunnen brengen en bepaalde onderdelen beschadigen {daarom is het noodzakelijk bevestigingen te installeren waardoor het toestel niet kan kantelen].

Alvorens het toestel te gebruiken ES + Berg geen zware of ontvlambare voorwerpen (nylon, plastic zak, papier, kleding...] op in de lade onder de oven. Het plastic keukengerei maakt daar ook deel van uit (alsook de handvatten van het keukengerei). + Droog geen handdoeken, sponzen of kledij in of op uw kooktoestel, noch op het handvat van de oven. Tijdens de reiniging en het onderhoud e Stop steeds uw kooktoestel voor de reiniging of het onderhoud door de stekker uit het stopcontact te trekken of door de hoofdschakelaar uit te schakelen. Verwijder nooit de bedieningsknop om het bedieningspaneel schoon te maken. + Gebruik nooit een stoomreiniger om de onderdelen van uw kooktoestel schoon te maken. Binnen de optiek van het behouden van de doeltreffendheid en het garanderen van de veiligheid van uw toestel, raden we u aan steeds originele stukken te gebruiken en onze vertegenwoordigers te bellen indien nodig.

Overzicht van het toestel

Æ Beschrijving van het toestel 5 (

Gebruik van het toestel Installatie Dit moderne, handige en praktische fornuis, dat vervaardigd werd met de beste onderdelen en materialen, zal in alle opzichten aan uw verwachtingen beantwoorden. Lees deze handleiding aandachtig om alle functies te kennen en de best mogelijke resultaten te verkrijgen, alvorens uw fornuis te gebruiken. Houd voor een correcte installatie rekening met de volgende aanbevelingen om alle problemen of gevaarlijke situaties te vermijden. Deze moeten ook gelezen worden door de technieker die het fornuis zal installeren. Installatie-omgeving van uw fornuis + Uw keuken dient geïnstalleerd en gebruikt te worden in een op een doeltreffende manier geventileerde ruimte. De gasverbranding is mogelijk dankzij de zuurstof in de Lucht. Het is dus noodzakelijk dat deze lucht ververst wordt en dat de verbrandingsproducten afgevoerd worden in overeenstemming met de geldende reglementen. Er dient voldoende natuurlike ventilatie te zijn om gas te kunnen gebruiken in deze omgeving. De gemiddelde luchttoevoer dient via de ventilatie in de muren die rechtstreeks in contact staan met buiten te gebeuren {zie onderstaande tekening). + Tijdens de werking heeft dit fornuis 2 m3/u lucht per KW nodig. Min. vi luchtingangsdoorsnede in 100 cm? luchtingangsdoorsnede 100 cm? Afbeelding 1 Afbeelding 2 + De luchtstroom dient onderaan aangevoerd (minimum 100 cm?] en bovenaan afgevoerd worden {minimum 100 cm2]. Deze ventilaties dienen dus een oppervlak te hebben van ten minste 100 cm?, de doeltreffendheidsdrempel voor de luchtdoorvoer. Deze ventilaties dienen open te zijn en mogen nooit verstopt zitten. Ze dienen zich bij voorkeur in de buurt van de achterkant van het fornuis te bevinden (voor de luchttoevoer afb. 1 en 2] en tegenover het verbrande gas dat veroorzaakt wordt door het koken (voor de afvoer], d.w.z. ten minste 1,80 m boven de grond. Wanneer het onmogelijk is deze ventilatoren naar buiten te openen op de plek waar het fornuis geïnstalleerd is, mag de noodzakelijke Lucht ook uit een andere kamer komen op voorwaarde dat deze correct geventileerd wordt en dat het geen slaapkamer of gevaarlike ruimte betreft. Afvoeren van verbrande gassen We raden aan ofwel een dampkap die rechtstreeks aangesloten is op een leiding die rechtstreeks naar buiten Loopt (afb. 3], ofwel een elektrische ventilator te installeren op

Gebruik van het toestel het venster of de buitenmuur (afb. 4] om de verbrande gassen rechtstreeks naar buiten te kunnen afvoeren. Het vermogen van de elektris che ventilator dient berekend te worden om de lucht in de keuken 4 tot 5 keer te kunnen vernieuwen per uur (met het eigen Luchtvolume per uurl. Dampkap Min. luchtingangsdoorsnede 100 cm° Afbeelding 3 Elektrische ventilator Min. luchtingangsdoorsnede 100 cm? Afbeelding 4 Min. 60 cm ë EslEz £ $ silei Ÿ £ <ElLE £ £ É5|£s £ (l ——— (l Afbeelding 5 Installatie van uw oven - Het fornuis mag in de buurt van een ander meubel geïnstalleerd worden, maar let erop dat de hoogte van de meubels in de omgeving niet hoger is dan de hoogte van het fornuis (zie afbeelding 5). + Indien de meubels hoger zijn dan het fornuis, laat u een ruimte van ten minste 10 cm tussen de zijkanten van het fornuis en de meubels. + De minimale hoogte tussen de kookplaat en de dampkap (of de muurelementen) wordt aangegeven op afbeelding 5. De dampkap dient zich ten minste 65 cm boven de kookplaat te bevinden. Wanneer er geen dampkap is, dient er een afstand van ten

minste 70 em te zijn tussen de kookplaat en het meubel erboven. + Laat een vrije ruimte van 2 cm tussen de achterzijde van het fornuis en de muur, en tussen de zijkanten van het fornuis en de omliggende meubels. + Let erop de kookplaat niet in de buurt van een koelkast te plaatsen, dat er geen ontvlambare materialen zoals gordijnen, doeken... in de buurt zijn die snel vuur kunnen vatten. + De meubels er rond dienen vervaardigd te worden uit een materiaal dat bestand is tegen een temperatuur van 90 °C.

Gebruik van het toestel Afstelling van de poten Uw fornuis beschikt over 4 verstelbare poten. Nadat het op de voorziene plaats gezet werd, is het noodzakelijk te kijken of het waterpas staat. Hiervoor past u de 4 verstelbare poten aan door ze aan of Los te draaien (afbeelding 6]. Het fornuis dient absoluut horizontaal geplaatst te worden. De instelling kan gebeuren tot een maximale hoogte van 30 mm. U kunt de lade van het fornuis verwijderen om de hoogte van de poten te verstellen. Wanneer de poten correct afgesteld zijn, mag u het fornuis niet bewegen door eraan te trekken, maar | door het op te tillen {let op dat u het niet optilt bij het Afbeelding 6 handvat van de deur van de oven). Aansluiting op gas Aansluiting op de gasleiding en controle op lekken De gasaansluiting dient volgens de van kracht zijnde normen ook door een erkend technicus te gebeuren [volgens artikel 10 van de verordening van 02-08-1977 en de regels van artikel D.T.U 61-1 die opleggen dat op het uiteinde van de Leiding een bedieningskraan voor aardgas aanwezig is met een reduceerklep-ontspanner conform de norm NF D 36-303. Deze bedieningskraan laat toe de gastoevoer te onderbreken wanneer het fornuis niet gebruikt wordt}. Controleer eerst wat voor soort gas er geïnstalleerd werd op het fornuis. Deze informatie wordt aangeduid op het label dat op de achterkant van het fornuis gekleefd is. U vindt er de informatie met betrekking tot het soort gas en de injectoren in de tabel met technische specificaties. Controleer of de druk van het aangevoerde gas in overeenstemming is met de waarden die vermeld worden in de tabel met de technische kenmerken om een betere doeltreffendheid te hebben en een minimaal gasverbruik te verzekeren. Indien de druk van het gebruikte gas verschilt van deze waarden of variabel is, dient u een drukregelaar op de aanvoerleiding te installeren. We raden u aan de klantendienst te contacteren om deze metingen en afstellingen uit te voeren. Aansluiting voor butaan (630) - propaan (631) De technicus dient eerst de gasregeling van uw fornuis te controleren. Wanneer deze gevoed wordt met aardgas, dienen de injectoren (zie hieronder] vervangen te worden om het fornuis te kunnen gebruiken met butaangas. De installatie dient te gebeuren met een specifieke gasleiding voor butaan/propaan (NF D 36112 of NF D 36125 -norm] verkocht met 2 kransen, ofwel met een specifieke flexibele leiding met mechanisch opzetstuk met gemonteerde aansluitingen. Indien u een flexibele Leiding met mechanisch opzetstuk wenst te gebruiken voor de aansluiting : - gebruik de aansluiting die meegeleverd wordt met de wisselstukken voor aardgas, - controleer of de leiding die u gebruikt in overeenstemming is met de norm NF D 36112 of NF D 36125, - gebruik steeds een pakking tussen de aansluiting en de gastoevoer.

Gebruik van het toestel Indien u een leiding voor butaan/propaan met krans installeert, dient het opzetstuk voor butaangas met de pakking geïnstalleerd te worden op het fornuis, de Leiding dient op dit opzetstuk geplaatst te worden door deze correct aan te draaien, maar zonder de leiding door te snijden. Doe hetzelfde Langs de kant van de reduceerklep (zie afb. 7]. De maximaal toegestane lengte bedraagt 1,5 m. Het is belangrijk de vervaldatum, die aangegeven wordt op de leiding, in de gaten te houden en de leiding te vervangen voor deze datum om de veiligheid te garanderen. — Aansluiting MEL on mechanisch Icnting D +— opzetstuk

D Slangmet mechanisch 4 opzetstuk g | ex Slang met mechanisch opzetstuk butaangas Wanneer u een flexibele leiding met mechanisch opzetstuk monteert, is een butaanopzetstuk overbodig. Het volstaat de verbindingsstukken van de leiding met mechanisch opzetstuk aan te draaien aan de kant van het fornuis en aan de kant van de fles (correct aandraaien met 2 sleutels zoals aangegeven op het bovenstaande schemal. Aansluiting op aardgas (620/625) De technicus dient een leiding met mechanisch opzetstuk te installeren volgens de norm NF D 36100/36103/36121 en het fornuis aan te sluiten in overeenstemming met de van kracht zinde normen. Punten om na te Leven tijdens de aansluiting van de Leiding op de gastoevoer: + Geen enkel deel van de slang mag in contact komen met een oppervlak dat warmer is dan 50 °C (de minimale afstand tussen de slang en de warme delen dient 20 mm te bedragen]. + De lengte van de Leiding mag niet langer zijn dan 1,50 m. + De leiding mag niet gesneden, geklemd of geplooïd worden. + De leiding mag niet in contact komen met puntige, scherpe randen of bewegende voorwerpen en mag niet defect zijn. + Véér de installatie dient de leiding volledig gecontroleerd te worden om na te gaan of deze geen fabricagefout vertoont. + Wanneer het gas aangesloten is, dient de dichtheid van de leiding gecontroleerd te worden met een specifiek product met luchtbellen door een erkend technicus. Er mag

Gebruik van het toestel

geen enkel belletje verschijnen. Wanneer er luchtbellen verschijnen, controleert u de aansluitingspakking en voert u de test opnieuw uit. Nooit een aansteker, lucifers en dergelijke gebruiken tijdens de controle. + De buisklemmen van de butaangasleiding mogen niet verroest zijn. + De geldigheidsdatum van de leiding dient regelmatig gecontroleerd te worden. Nederlands + De gasaansluiting bevindt zich aan de rechterachterzijde van het toestel [toestel van vooraan gezien] en is voorzien voor een gastoevoer aan de rechterkant. Indien uw gasvoeding zich aan de linkerkant bevindt, dient u een gehomologeerde seriekit te installeren die beschikbaar is bij de klantendienst. OPGELET Gebruik geen aansteker of Lucifer om op gaslekken te controleren. Verandering van gas OPGELET De volgende procedures dienen uitgevoerd te worden door een erkend technicus. Uw fornuis werd ontworpen om hetzij op vloeibaar petroleumgas (butaan of propaan] hetzij op aardgas te werken. De branders kunnen aangepast worden aan dit type gas door de overeenkomstige injectoren te vervangen en door de minimumlengte van de vlam van elke brander af te stellen. De volgende stappen dienen verplicht uitgevoerd te worden: procedure voor het vervangen van de injectoren: Branders van het kookvlak: + Onderbreek de hoofdgastoevoer en trek de stekker uit het stopcontact. + Verwijder het branderdeksel en de bovenste brander [afbeelding 8]. + Schroef de injectoren los. Gebruik hiertoe een sleutel van 7 mm [Afbeelding 9). + Plaats de nieuwe injectoren in overeenstemming met het te gebruiken type gas, volgens de tabel met de technische specificaties. Let erop dat de nieuwe injectoren recht vastgeschroefd worden. Wanneer u ze schuin monteert, riskeert u het steunnet te beschadigen en dient de houder vervangen te worden (niet gedekt door de garantie]. NL 61

Gebruik van het toestel

Fi] Afbeelding 8 beelding 9 Injectoren van de oven : Ze worden vastgemaakt met één schroef aan het uiteinde van de brander. Verwijder de schroef, trek de brander van de grill naar u voor toegang tot de injector, die zich aan de achterkant boven de moffel van de oven bevindt [afbeelding 10]. We raden u aan een zaklamp te gebruiken om het werk uit te voeren. Voor de brander van de oven (onderaan], opent u de deur van de oven, maakt u de bevestigingsschroef van de onderste plaat Los. Open het compartiment onder de oven {lade of klapdeur] voor toegang tot de bevestigingsschroef vooraan die zich op de brander bevindt [afbeelding 11]. Indien het fornuis is uitgerust met een vast frontje, dient u eerst de deur van de oven te demonteren om toegang te krijgen tot de bevestigingsschroef van deze plaat. Verwijder de schroef van de brander en plaats de brander diagonaal om toegang te krijgen tot de injector die zich aan de achterzijde onderaan van de moffel van de oven bevindt (afbeelding 10]. Schroef de injectoren los. Gebruik hiervoor een sleutel van 7 mm. Plaats de nieuwe injectoren in overeenstemming met het te gebruiken type gas, volgens de tabel met de technische specificaties. Let erop dat deze nieuwe injectoren recht vastgeschroefd worden. Wanneer u ze schuin monteert, riskeert u het steunnet te beschadigen en dient de houder vervangen te worden [niet gedekt door de garantie]. Injéctor Afbeelding 10 Afbeelding 11

Gebruik van het toestel Regeling van de vlam op de minimale hoogte ten opzichte van de kraan De lengte van de vlam op de minimale positie kan geregeld worden met behulp van een platte schroef ter hoogte van de kraan. Voor de kranen met thermokoppel bevindt de schroef zich aan de achterzijde van de stang van de kraan (afbeelding 12). Voor een makkelijkere regeling van de vlam in de minimale stand, raden we aan het bedieningspaneel af te nemen voor de fornuizen uitgerust met een thermokoppeling en micro-onderbreker lautomatische ontsteking) tijdens de regeling. Kraan met thermokoppelvoorziening B hroef PPASS SONO A fbeelding 12) Om de minimumpositie te bepalen, ontsteekt u de branders één voor één en zet u ze in de mimimumstand. Met behulp van een schroevendraaiertje schroeft u de bypass-schroef ongeveer 90° los of vast. Wanneer de vlam een hoogte van ten minste 4 mm bereikt, is de instelling correct. Controleer of de vlam niet dooft wanneer u van de maximumstand naar de minimumstand gaat. Creéer een kunstmatige wind met uw hand in de richting van de vlam om te zien of deze stabiel is. Bij de overstap van aardgas op LPG dient dezelfde schroef maximaal losgezet te worden. Wat de brander van de oven betreft, laat deze gedurende ten minste 5 minuten werken in de minimumstand. Open en hersluit de deur van de oven 2 tot 3 keer om de stabiliteit van de vlam van de brander te controleren. De regeling van de minimale stand van de vlam is niet vereist voor de brander van de grill. Bij de overstap van LPG op aardgas dient de bypass schroef losgezet te worden. Bij de overstap van aardgas op LPG dient dezelfde schroef maximaal losgezet te worden. Tijdens deze instelling dient u zich ervan te vergewissen dat het fornuis Losgekoppeld is van het elektriciteitsnet en dat de gastoevoer geopend is. Vervanging van de gastoeverleiding: Niet-thermostatische ovenkraan Afbeelding 13 Controleer regelmatig de vervaldatum van de gasleiding van uw fornuis. Wanneer de vervaldatum nadert, is het noodzakelijk de leiding te vervangen. Deze Leidingen zijn in de handel verkrijgbaar en dienen in overeenstemming te zijn met de normen die momenteel van kracht zijn. Nadat u de Leiding vervangen heeft, controleert u of er geen lek is aan de hand van de informatie in de bovenstaande paragraaf: aansluiting op de gasleiding en controle op Lekken.

Gebruik van het toestel Gebruik Gebruik van branders Inschakeling van branders De symbolen van de hendels op het bedieningspaneel geven de positie van de brander aan. Handmatige inschakeling van de gasbranders Wanneer uw fornuis niet uitgerust is met een elektrische ontsteking of wanneer er een panne is aan het elektriciteitsnet dient u de onderstaande procedures na te leven: Voor de branders van het kookvlak: Om één van de branders in te schakelen, drukt ü en draait u de hendel van de betreffende kraan in tegenwijzerzin tot wanneer deze in de maximale positie staat en benader de kroon met gaatjes van de brander zo snel mogelijk met een Lucifer of gasaansteker. Verwijder de ontstekingsbron van zodra u een stabiele vlam ziet. Voor de branders van het kookvlak: De kookvlakken uitgerust met veiligheden met thermokoppeling minimaliseren het gevaar wanneer de vlam per ongeluk dooft. Om deze reden houdt u tijdens het handmatige ontsteken de hendel van de kraan ingedrukt om stabiele vlammen te verkrijgen. Wanneer de vlammen onstabiel blijven nadat u de knop heeft losgelaten, hervat u de procedure. Wanneer de vlam dooft, sluit dan het thermokoppelsysteem de gastoevoer van de betreffende kraan naar de brander en wordt zo de ophoping van onverbrand gas verhinderd. U bent verplicht ten minste 90 seconden te wachten alvorens de gasbrander na een automatische onderbreking opnieuw in te schakelen.

Voor de brander van de oven (uitgerust met een thermokoppeling): Alle branders van de oven/grill zijn uitgerust met veiligheden met thermokoppeling en beperken het gevaar wanneer de vlam per ongeluk ingeschakeld wordt. Om de brander van de oven te doven, houdt u de hendel van de kraan van de oven ingedrukt en draait ü deze in tegenwijzerzin tot wanneer de hendel in de maximumpositie staat. TerwijL u de hendel ingedrukt houdt, brengt u meteen een Lucifer of gasaansteker bij de ontstekingsopening aan de linkervoorzijde van de brander. Zodra de brander ontstoken is en de vlam stabiel is, verwijdert u de ontstekingsbron onmiddellijk en houdt u de hendel nog een drietal seconden ingedrukt. Hervat de procedure wanneer de vlammen onstabiel zijn nadat u de hendel heeft losgelaten. Wanneer de vlam dooft, sluit het thermokoppelsysteem de gastoevoer van de kraan van de oven naar de brander en wordt zo de ophoping van onverbrand gas verhinderd. Wanneer de brander van de oven niet ontsteekt nadat u de knop van de brander gedurende maximaal 30 seconden heeft ingedrukt, opent u de deur van de oven en bent u verplicht ten minste 90 seconden te wachten alvorens te proberen de brander opnieuw te ontsteken. Wanneer de vlammen per ongeluk uit de oven ontsnappen, herhaalt u dezelfde procedure. Uitleg van de veiligheidsvoorziening thermokoppel: een thermisch onderdeel detecteert de vlam van de brander en houdt de gaskraan open. Bij het verdwiinen van de vlam detecteert het thermische onderdeel het warmteverlies en onderbreekt deze de toevoer van de gaskraan.

Gebruik van het toestel Gebruik van de branders van het kookvlak Stopstand Maximum stand Minimum stand Midden Afbeelding 14 De hendels van de kookplaat hebben 3 standen: Stop (0), Maximum [groot vlamsymbool] en Mini (klein vlamsymbool]. Nadat u de brander heeft ingeschakeld op de stand ‘Maximum' zoals hierboven uitgelegd, heeft u de mogelijkheid om de hoogte van de vlam in te stellen tussen de standen ‘Maximum en ‘Minimum'. Zet de hendel Liever niet tussen de standen ‘Maximum! en ‘stop’. Na de inschakeling gaat u over tot de visuele controle van de vlammen. Wanneer u een gele punt ziet of sputterende of onstabiele vlammen, sluit u de gaskraan en controleert u of de kronen goed geplaatst werden [afb 15.]. Opgelet, deze elementen zijn erg heet, wacht tot wanneer ze afgekoeld zijn om brandwonden te vermijden. Let erop dat er geen vloeistof in de branders stroomt. Wanneer er per ongeluk vlammen uit de brander ontsnappen, sluit u de kranen, verlucht u de keuken met verse Lucht en wacht ten minste 90 seconden alvorens de brander ABéelding 15) opnieuw in te schakelen. Om de bereiding te stoppen, draait u de hendel van de brander in wijzerzin tot wanneer de markering van de hendel tegenover het punt ‘0' staat (de markering op de hendel dient omhoog te staan]. Uw kookplaat is uitgerust met branders met verschillende diameters. Om de doeltreffendheid van de branders te garanderen, dient u te letten om de omvang van de kookpotten die op de branders geplaatst worden en gebruikt u perfect vlakke kookpotten. Gebruik geen kookpotten met een bolle of holle bodem om energieverlies te vermijden. Gebruik kookpotten met een omvang die bij de vlam past. Wanneer u recipiënten gebruikt met afmetingen die kleiner zijn dan deze die hierna vermeld worden, riskeert u energieverlies. De meest economische manier om het gas te gebruiken bestaat erin de vlam terug te brengen naar de minimale stand zodra het kookpunt bereikt is. We raden u aan uw kookrecipiënt systematisch af te dekken.

Gebruik van het toestel Snelle brander: 22-26 cm Semi-snelle brander: 14-22 cm Hulpbrander: 12-18 cm

Afbeelding 16 Wanneer u uw fornuis Lange tijd niet gebruikt, Let u erop de gaskraan steeds te sluiten. OPGELET + Gebruik enkel kookpotten met een vlakke en vrij dikke bodem. + Let erop dat de basis van de kookpot droogis alvorens deze op de branders te plaatsen. + De temperatuur van de aan de vlam blootgestelde delen kan erg hoog oplopen tijdens het gebruik. is de reden waarom het verplicht is kinderen en dieren buiten het bereik van de branders te houden tijdens en na de bereiding. + Na het gebruik blijft de kookplaat een bepaalde erg warm. Raak de kookplaat niet aan en zet er geen voorwerpen op. + Leg messen, vorken, lepels en deksels niet op het kookvlak omdat deze warm worden en kunnen Leiden tot ernstige brandwonden. Gebruik geen kookgerei dat voorbij het werkblad uitsteekt. = 0 CORRECT FOUTIER. 1e bader van de kodkpat werd verkeerd Jkookpat met een kisine | EE FOUTIEE Ronde bodem van de kookpot FOUTIEF

Gebruik van het toestel Gebruik van de brander van de gasoven Nadat u de brander van de oven heeft ingeschakeld zoals hierboven uitgelegd, kunt u de temperatuur aan de binnenkant van de oven regelen door de hendel tegenover de aanduidingen op het bedieningspaneel of aan de onderkant van de hendel {minimum tot maximum) te zetten. Wanneer uw oven is uitgerust met een thermostaat, raadpleegt u onderstaande tabel om de temperaturen te kiezen in functie van de te bereiden voedingsmiddelen. Vermijd de oven in werking te stellen door de hendel tussen de positie ‘Stop’ en de indicatie van de minimumtemperatuur [in tegenwijzerzin). Gebruik de oven steeds tussen maximum- en minimumposities. Afbeelding 17 Om de bereiding te stoppen, draait u eerst de hendel van de brander van de oven in wijzerzin tot wanneer de hendel boven het punt ‘0’ staat ( de markering op de hendel dient naar boven gericht te worden]. Voorverwarming Wanneer u de oven moet voorverwarmen, raden we aan dit 10 minuten voordat de schotels in de oven moeten te doen. Voor recepten die hoge temperaturen vereisen zoals brood, deegwaren, rond brood, soufflés.. Verwarm de oven voor voor optimale resultaten. Om betere resultaten te krijgen bij de bereiding van diepgevroren of verse voedingsmiddelen, Let u erop de oven eerst te Laten voorverwarmen. Koken + Uw fornuis wordt geleverd (afhankelijk van het model] met platen, een vetvanger, een rooster en een draaispit om gevogelte te braden. U kunt bovendien gebruikmaken van glazen schotels, taartvormen of ovenplaten die in de handel verkrijgbaar zijn. + Gelieve de instructies van de fabrikant met betrekking tot het gebruik van schotels in acht te nemen. Wanneer u kleine schotels gebruikt, plaatst u deze zodanig op de rooster dat deze goed in het midden staan. De volgende instructies dienen eveneens in acht genomen te worden voor alle geëmailleerde platen. + Wanneer de te bereiden voedingsmiddelen niet het totale kookoppervlak innemen, wanneer het voedingsmiddelen die net uit de diepvriezer komen betreft of wanneer de vetvanger gebruikt wordt om het braadvocht op te vangen bij het braden kan deze plaat van vorm veranderen door de sterke temperaturen die veroorzaakt worden door het koken of het braden. De plaat zal haar oorspronkelijke vorm terugkrijgen wanneer ze volledig afgekoeld is na de bereiding. Het betreft een geheel normaal fenomeen dat veroorzaakt wordt door de warmteoverdracht.

Gebruik van het toestel + Indien u glazen schotels of ander glazen keukengerei gebruikt in de oven, mag u ze niet onmiddellijk na de bereiding blootstellen aan koude temperaturen. Plaats ze nooit op koude of vochtige oppervlakken. Plats ze op een droge keukenhanddoek of een onderzetter en zorg ervoor dat ze langzaam afkoelen, zodat ze niet kunnen breken. + Plaats de vetvanger nooit helemaal onderaan de oven, aangezien hij oververhit zou kunnen raken en het email van de oven zou kunnen beschadigen. Toebehoren van de oven + Wanneer een kleine schotel gebruikt wordt, plaatst u deze in het midden van de rooster zodat deze correct geplaatst wordt. + Wanneer de te bereiden voedingsmiddelen de plaat van de oven niet volledig bedekken, wanneer de voedingsmiddelen uit de diepvriezer komen of wanneer de plaat gebruikt wordt om de jus van de voedingsmiddelen op te vangen tijdens het grillen, kan de plaat vervormen door de hoge temperaturen. Zodra de plaat na het koken weer afgekoeld is, krijgt deze zijn normale vorm terug. Het is een normale fysieke vervorming die resulteert uit de inwerking van de warmte. + Plaats geen glazen kookgerei in een koude omgeving wanneer deze uit de oven komt. Plaats ze ook niet op koude en vochtige oppervlakken. Vergewis u ervan dat de oven progressief afkoelt, door deze op een onderlegger of vod te plaatsen. Wanneer u dit niet doet, kan deze barsten. + Wanneer u grilt in de oven, raden wij u aan de rooster te gebruiken die meegeleverd werd met de plaat van dit product (indien uw oven ermee uitgerust is). Wanneer u de grote rooster wenst te gebruiken, steekt u er een plaat onder om de olie op te vangen. Giet ook water in deze plaat voor een vlotte reiniging en om rook te voorkomen + Zoals aangegeven in de vorige paragraaf gebruikt u de brander van de grill nooit zonder de beschermingsplaat. Wanneer uw oven uitgerust is met een gasbrander en u de beschermingsplaat kwijt bent, gebruikt u deze niet en bestelt u zo snel mogelijk een nieuwe bij de dichtstbijzijnde erkende dienst. Toebehoren van de oven Rooster + De accessoires van uw oven kunnen verschillen in functie van het model. De rooster wordt gebruikt om te grillen en om kookgerei te ondersteunen. Om de rooster goed in de oven te plaatsen, zet u deze op om het even welke steun en duwt u deze naar achter.

Plaat met middelmatige dikte

Niveau S Niveau & Niveau 3 Niveau 2 Niveau? Gebruik van het toestel De plaat met middelmatige dikte dient voor de bereiding van ragouts. Om de rooster goed in de oven te plaatsen, zet u deze op om het even welke steun en duwt u deze naar achter. Rooster: wordt gebruikt voor de grillfunctie of om andere schotels of platen op te plaatsen, met uitzondering van de vetvanger. Vetvanger met ondiepe bodem: wordt gebruikt om gebak, zoals flans, te bereiden. vetvanger met diepe bodem: wordt gebruikt voor langzame bereidingen. OPGELET Plaats het rooster correct op een niveau tot het volledig in de oven zit.

D Praktische informatie Reiniging Let erop dat alle hendels van de branders en bedieningen uitgeschakeld werden en dat het fornuis afgekoeld is alvorens de oven te reinigen. (@) OPMERKING Trek de stekker steeds uit het stopcontact alvorens van start te gaan met de reiniging. Controleer of de reinigingsproducten aangepast zijn en aan- bevolen worden door de fabrikant alvorens ze te gebruiken. Gebruik geen bijtende crèmes, schurende reinigingsmiddel schuursponsjes, staalwol of hard gereedschap om schade aan de oppervlakken te voorkomen. Wanneer vloeistoffen overlopen rond uw oven, kunnen de geëmailleerde delen beschadigd worden. Reinig de vloeistoffen die overliepen onmiddellijk met een passend product. Reiniging van de binnenkant van de oven De binnenkant van de geëmailleerde oven kan gemakkelijker gereinigd worden wanneer de oven nog een beetje warm is. Veeg de oven na elk gebruik schoon met een zachte vod, die u eerst in zeephoudend water heeft gedrenkt. Veeg de oven daarna nog eens schoon met een vochtige vod en droog hem af. Het is soms noodzakelijk een vloeibaar reingingsproduct te gebruiken voor een volledige reiniging. Reinig de oven vooral niet met reinigingsmiddelen die droog zijn, in poedervorm of met een stoomreiniger.

1e Open de deur van de oven [1]. + Open de vergrendelingshendel tot in de eindstand (2]. PE ni 4 VUS + Sluit de deur zodat deze bijna | nt | volledig gesloten is zoals aangegeven ‘in het schema en neem de deur af door deze naar u te trekken. OPMERKING Om de deur terug te monteren, voert u het proces uit in de omgekeerde volgorde. OPGELET Vergewis u ervan dat de ingebouwde steunen zich wel degelijk op de steun van het scharnier bevinden zoals aangegeven in het tweede schema. Het hermonteren van de deur gebeurt in omgekeerde richting van de bovenstaande uüitleg. Vergewis u ervan dat de vergrendelingshendel goed op zijn plaats zit. Reiniging van de gasbranders + Verwijder de geëmailleerde roosters, de branderdeksels en de bovenste branders (afbeelding 15). NL 71

D Praktische informatie - Reinig ze met zeephoudend water. + Spoel ze en droog ze af met een zachte doek {laat ze niet nat liggen). + Na de reiniging vergewist u zich ervan de onderdelen correct geplaatst te hebben. + Voorkom een deel van de kookplaat te reinigen met een stalen sponsje. Dit zou het oppervlak kunnen krassen. + De bovenste oppervlakken van de geëmailleerde roosters kunnen met de tijd veranderen door het feit van hun gebruik en de vlammen van de branders. Deze delen zullen niet aangetast worden door roest en dit is geen defect dat verband houdt met de productie.

  • Tijdens de reiniging van de kookplaat, dient u eropte Letten dat het water in de branders stroomt om te voorkomen de injectoren te verstoppen. Geëmailleerde onderdelen: Reinig deze regelmatig met lauw zeephoudend water en droog ze af met een droge vod om ze als nieuw te houden. Was ze niet wanneer ze nog warm zijn en gebruik nooit poeders of schurende reinigingsmiddelen. Laat de volgende elementen niet langdurig in contact komen met de geëmailleerde onderdelen: azijn, koffie, melk, zout, water, citroen of tomatensap. Deze kunnen het geëmailleerde oppervlak onherroepelijk beschadigen.

Praktische informatie Onderhoud Andere controles Controleer regelmatig de geldigheidsdatum van de gastoeverslang. Vervang de slang zo snel mogelijk wanneer deze gaat vervallen. Gelieve contact op te nemen met de klantendienst bij problemen tijdens het gebruik van de bedieningsknoppen van de branders en de oven {bijvoorbeeld knoppen die moeilijk verdraaien). Bijkomende informatie Alvorens contact op te nemen met de klantendienst Wanneer het fornuis niet werkt: + Controleer of het goed aangesloten is. + Controleer of er geen stroomonderbreking is en of er weldegelijk stroom op het stopcontact zit. De oven warmt niet op: + De warmte werd misschien niet ingesteld met de bedieningsknop van de oven. Garing (indien het onderste deel of bovenste deel niet egaal gaart): + Controleer de locaties van de roosters en platen, de gaartijd en de temperatuur van de thermostaat die aanbevolen wordt in deze handleiding. De branders van het kookvlak werkt niet correct: + Controleer of de elementen van de brander goed teruggeplaatst werden [vooral na een reiniging of installatie). + Het is mogelijk dat de gastoevoerdruk te klein of te groot is. Voor de fornuizen die werken met LPG-flessen (butaan of propaan) controleert u of de flessen niet Leeg zijn. Wanneer er zelfs na het uitvoeren van bovenstaande controles problemen met het fornuis blijven bestaan neemt u contact op met de dienst na verkoop.

ktische informatie Informatie betreffende het transport Indien u de oven dient te transporteren, bewaar dan de originele verpakking en vervoer de oven daarin. Respecter de tips voor transport die op de verpakking aangeduid zijn. Plak de branders en de branderroosters vast zodat niets kan bewegen tijdens het transport (of leg deze elementen in een afzonderlijke doos). Leg een blad papier tussen het bovenste deksel en de kookplaat, dek het bovenste deksel af en kleef het dicht aan de zijkanten van het fornuis. Open de deur van de oven en plaats karton of papier op de binnenkant van het glas zodat de platen en het rooster de deur niet beschadigen tidens het transport. Kleef ook de deur van de oven vast tegen de zijwanden. Wanneer u niet over de originele verpakking beschikt, neemt u maatregelen om het fornuis te beschermen tegen schokken, in het bijzonder de externe oppervlakken (glazen en geschilderde oppervlakken]. Injectortabel: Totaal vermogen: LPG G30/631 28-30/37 Aardgas G20/625 20/25 630 28-30 mbar mbar mbar 10,3 KW 749 g/u Gascategorie: 112E+3+ Bestemming: FR, B Klasse: 1 Snelle brander Merkteken injector (1/100 mm) 85 115 Nominaal vermogen (Kw) 3 2,75 Nominaal debiet 218,1 g/u 261,9 Uu Middelste brander Merkteken injector (1/100 mm) 67 97 Nominaal vermogen (Kw) 1,75 1,75 Nominaal debiet 127,2 g/u 166,7 Vu Hulpbrander Merkteken injector (1/100 mm) 50 72 Nominaal vermogen (Kw) 1 1 Nominaal debiet 72,7 g/u 95,2 Vu Brander oven Merkteken injector (1/100 mm) 76 120 Nominaal vermogen (Kw) 2,8 2,8 Nominaal debiet 203,6 g/u 266,7 Uu

Praktische informatie Uw toestel wordt in de fabriek afgesteld om gevoed te worden met aardgas met een flexibele Leiding met mechanisch opzetstuk: Om uw fornuis aan te sluiten met een flexibele leiding met mechanische opzetstukken demonteert u de zowel de aansluiting als de reeds op de gastoevoer geïnstalleerde pakking niet. Vergewis u ervan dan de leiding die u gebruikt in overeenstemming is met de norm NF D 36100 / 36103 / 36121. OPGELET Nadat u de aansl g op het

Nederlands gas heeft uitgevoerd, mag u niet vergeten een Lektest te doen met zeephoudend water. ( Aansluiting uitgerust met pakking ] Wanneer uw toestel in de fabriek is afgesteld om gevoed te worden met butaangas : Wanneer u een aangepaste aansluitslang met een flexibele Leiding met mechanisch opzetstuk OF wanneer u de voedingswijze wenst te wijzigen en uw fornuis wenst aan te sluiten op het aardgas met een aansluitslang met een f N flexibele Leiding met mechanisch opzetstuk. LPG: Gebruik de aansluiting de meegeleverd wordt met de wisselstukken. Vergewis ü ervan dan de leiding die u gebruikt in overeenstemming is met de norm NF D 36100 / 36103 / 36121. Gebruik steeds een pakking tussen de aansluiting en de gastoevoer. OPGELET Nadat u de aansluiting op het gas heeft uitgevoerd, mag u niet vergeten een Lektest te doen met zeephoudend water. t Kansluiting + pakking) NL 75

Ce p nti pour une période de 2 ans à partir de La date d'achat, résultant d'un vice de fabrication ou de matériau. Cette garantie ne couvre pas L nmages résultant d'une mauvaise installation, d'une utilisation incorrecte ou e du produit GARANTIEVOORWAARDEN Dit product wordt gegarandeerd voor een periode van 2 jaar vanaf de aankoopdatum* elke storing die het gevolg is van een fabricagefout of het materiaal. Gebreken of schade door slechte installatie, onjuist gebruik of abnormale slitage van het product worden niet gedekt door deze garanti *op vert n kassabon