VI242120 - VI242120 - Kookplaat GAGGENAU - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VI242120 - VI242120 GAGGENAU in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over VI242120 - VI242120 GAGGENAU
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kookplaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VI242120 - VI242120 - GAGGENAU en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VI242120 - VI242120 van het merk GAGGENAU.
GEBRUIKSAANWIJZING VI242120 - VI242120 GAGGENAU
Bestemming van het apparatus 22
Belangrijkeveiligheidsinstructies 23
Oorzaken van schade 24
Overzicht 24
Bescherming van het milieu 25
Tips om energie te besparen 25
Milieuvriendelijk afvoeren 25
Koken met inductie 25
Voordelen bij koken met inductie 25
Pannen 25
Het apparatusleren kennen 27
Het bedieningspaneel 27
Bedieningsknop 27
De kookzones 27
Restwarmte-indicatie 27
Apparaat bedieren 28
Kookzone instellen 28
Kookadvies 28
Flexible kookzone 30
Tips voor het gebruik van pannen 30
Als twee onafhankelijke kookplaten 30
Als afzonderlijke kookplaat 30
PowerBoost-functie 31
Activeren 31
Deactiveren 31
Braadsensor 31
Voordelen bij het bakken en braden 31
Pannen voor de braadsensor 31
Temperatuurstunden 32
32
Zostelt u in 34
Automatische veiligheidsuitschakeling 34
Reinigen 35
Kookplaat 35
Omlijsting van de kookplaat 35
Bedieningsknop 35
Reiniging van het bedieningspaneel 35
FAQ 36
Wat te doeen bij een storing? 37
Demomodus 37
Servicedienst 38
E-nummer en FD-nummer 38
Meer informatatie over producten, accessoires, onderdelen en Diensten vindt u op het internet: www.gaggenau.com en in de online-shop: www.gaggenau.com/zz/store
Bestemming van het apparatusat
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gebruiksaanwijzing, het installmentievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geben aan volgende eigenaren.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan Niet in, maar neem contact op met de technische Dienst en leg de veroorzaakte schadenschriftelijk vast. Doet u dat Niet, dan gaat elkrecht op een schadevergoeding verloren.
Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat要去cken geinstalleerd volgens het meegeleverde installmentevoorschrift.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. Het kookproces要去 regelmatig worden gecontroleerd. Een kort kookproces要去 continu in de gaten worden gehonden. Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 4.000 meter boven zeeniveau.
Dek de kookplaat Niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal.
Gebruik uitsluitend beveiligingsvoorzieningen of kindertralies die door ons zich goedgekeurd. Ongeschekte beveiligingsvoorzieningen of kindertralies können tot ongevallen leiden.
Dit apparaat is Niet bestemd voor gebruik met een externe tijsdschakelklok of een afstandbediening.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte fysieke, sensorieche of geestelijkke vermogens of Personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanner een onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun verilgheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust� van derisico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen Niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 15aar of ouder zich en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger+zijn dan 8aaruit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Draagt u een actief geimplanteerd medisch apparaat (bijv. een pacemaker of defibrillator), ga dan na of uw arts voldoet aan de richtlij 90/385/EWG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 Juni 1990 evenals DIN EN 45502-2-1 en DIN EN 45502-2-2 en dat het apparaat conform VDE-AR-E 2750-10 gekozen, geimplanteerd en geprogrammeerd is. Is aan deze voorwaarden voldaan en worden bovendien non-ferro pannen met non-ferro handgrepen gebruikt, dan kan deze inductiekookplaat - als het op de juiste manier gebeurt - zonder bezwaar worden gebruikt.
Belangrijke veiligheidsinstructies
Waarschuwing - Risico van brand!
- Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
- De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
- Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat.
- De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan nicht meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Kookplaten mogen nicht worden afgedekt.Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal.
Waarschuwing - Risico van verbranding!
- De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijing worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zich.
- De kookzone warmth op, maar de individatie fonctioneert nicht Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Voorwerpen van metaal worden zeer snug heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat.
Schakel, na elk gebruik, alsijd de kookzonesuit met de knappen. Wacht nicht tot dekookplaat automatisch uitschakelt doordater geen pan op staat.
Waarschuwing - Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparations zijn gevaarlijk. Reparations en de verranging van beschadigde aansluitleidingenogens uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zich geinstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hagedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
- Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Scheuren of barsten in het glaskeramiek hunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Waarschuwing - Storingsgevaar!
Deze kookplaat beschikt aan de onderkant over een ventilator. Bevindt zich onder de kookplaat een lade, bewaar waar dan geenkleine of scherpe voorwerpen, geen papier en geen theedoeken. Deze+kunnen aangezogen worden en de ventilator beschadigen of de koeling belemmeren.
Tussen de inhoud van de lade en de ventilator-ingang要去en minimale afstand van 2 cm worden aangehonden.
Waarschuwing - Risico van letsell!
- Bij de bereiding au-bain-marie{kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag Niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is bevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen.
- Wonneer er vloeistof zitussen de bodem van de pan en de kookzone+kennen kookpannen plotseling in de hoogte springsen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan.altijd droog+zijn.
Oorzaken van schade
Attentie!
- Ruwe bodems van pannen kuren krassen op de kookplaat veroorzaken.
- Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade veroorzaken.
- Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.
- Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen.
Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat worden afgeraden.
Overzicht
In de volgende tabellen ziet u welke schade het(meest voorkomt:
| Schade | Oorzaak | Maatregel |
| Vlekken | Overgelopen etenswaar | Verwijder overgelopen etenswaar onmiddelijk met een schraper |
| Ongeschikte reinigingsmiddelen | Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt+zijn voor dit soort kookplaten | |
| Krassen | Zout, suiker en zand | Gebruik de kookplaat Niet alsplaats omiets neer te zetten of als werkvlak |
| Ruwe pannenbodems makeen krassen op de kookplaat | Controler het kookgerei | |
| Verkleuringen | Ongeschikte reinigingsmiddelen | Gebruik alleen schoonmaak middelen die geschikt+zijn voor dit soort kookplaten |
| Slijtage door het kookgerei | Til de pannen op wanner u ze verplaatst. | |
| Defecten | Suiker, sterk suikerhoudende gerechten | Verwijder overgelopen etenswaar onmiddelijk met een schraper |
Bescherming van het milieu
In dit hoofdstuk krijgt u informatie over de besparing van energia en de afvoer van het apparatus.
Tips om energie te besparen
- Gebruik alsijd het deksel dat overeenstemt met elke kookkan. Wanneer zonder deksel gekookt worden, is aanzienlijk更是nergie nodig. Gebruik een glasdeksel om een goede zichtaarheid te hebben zonder dat u het deksel van de pan hoeft te nemen.
- Gebruik pannen met een vlakke bodem. Bij een nicht vlakke bodem worden meer energia verbruikt.
- De diameter van de bodem van de pan要去 overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Opgelet: pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan.
- Gebruik eenkleine pan voorkleinehoeveelheden.
Eengrote,weiniggevulde pan vereist veel energie. - Gebruik weinig water voor het koken. Op deze wijze worden energie bespaard en blijven alle vitaminen en mineralen van de groenten behonden.
- Selecteer de laagste vermogensstand die het kookpunt behoudt. Met een te hove stand worden energie verspild.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijk manier af.

Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlij geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Koken met inductie
Voordelen bij koken met inductie
Koken met inductie is radicaal anders dan gebruikelijk, de warmte ontstaat direct in het kookgerei. Dit biedt vele voordelen:
Tijdsbesparing bij het koken en bakken.
Besparing van energia.
Gemakkelijker te reinigen en te onderhonden. Overgelopen etenswaar brandt nicht zo snel in.
- Warmteregeling en veiligheid: de kookplaat verhoogt of verlaagt de toevoer van warmte algtdirect na de bediening. Neemt u het kookgerei van de kookzone, dan worden de warmtetotoevoer direct onderbroken door de kookzone met inductie, zonder dat deze eerst isuitgeschakeld.
Pannen
Gebruik alleen ferromagnetische vormen voor inductiekoken, bijv.:
kookgerei van geëmailleerd staal
kookgerei van gietijzer
- speciaal kookgerei van roestvrij staal dat geschikt is voor inductie.
Om vast te stellen of de pan voor inductie is geschikt, dient u te controleren of de bodem van de pan door een magneet worden aangetrokken of kijk na in de gegevens van de fabrikant.
Voor een goed bereidingsresultaat dient het ferromagnetische gebied van de bodem van de pan overeen te komen met de grootte van de kookzone. Wordt een pan Niet herkend op een kookzone, probeer dan een met eenkleinere diameter.

Wanner de flex-kookzone als een afzonderlijke kookzone worden ingezet, können grotere paffen worden gebrukt die hier special geschickt voor zich. Informatie over deplaatsing van het kookgerei vindt u in het hoofdstuk "Flexible kookzone".

Er zich ook inductievormen waarvan de bodem nicht volledig ferromagnetisch is:
Is de bodem van de pan slechts gedeeltelijk ferromagnetisch, dan worden alleen het ferromagnetische oppervlak heet. Hierdoor worden de warmte möglichn Niet gelijkmatig verdeld. De temperatuur van het nicht-ferromagnetische gebied kan dan te laag zich om te koken.


- Bestaat het materiaal van de bodem van het kookgerei deelsuit aluminium, dan is het ferromagnetische oppervlak ook kleiner. Mogelijk worden dit Niet warm genoeg of zelfs helemaal nicht herkend.

Niet geschikte pannen
Gebruik nooit straalplaten of pannen van:
dun normal staal
glas
aardewerk
koper
aluminium
Eigenschappen van de bodem van het kookgerei
Het bereidingsresultaat kan worden beinvloed door de kwaliteit van pannenbodem. Gebruik pannen waarvan het materiaal de warmte gelijkmatig in de pan verdweit, bijv. pannen met "sandwich-bodems" van roestvrij staal. Daarmee wordenijd en energia bespaard.
Gebruik kookgerei met vlakke bodems. Ongelijke bodems haben invloed op de warmtetotoevoer.

Er staat geen pan of de afmetingen ervan zich nicht geschickt
Als u geen pan op de kookzoneplaatst, een pan van nicht geschikt materiaal of een pan met ongeschikte afmetingen gebruikt, is de lichtring van de bedieningsknop wit verlicht. Plaats een geschikte pan op de kookzone zodat de indicateie Niet meer knippert. Duurt dit longer dan 9 minutes, dan.gaat de kookzone automatischuit.
Lege pannen of pannen met een dunne bodem
Verwarm geen lege pannen engebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssystem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie "automatischuitschakelen" geenijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan Niet aan en schakel de kookzoneuit. Als het apparaat na het afkoelen nicht werkkt, neem dan contact op met de technische Dienst.
Herkenning van de pan
Elke kookzone heeft een ondergrens voor de herkenning van de pan. Deze is afhankelijk van de ferromagnetische diameter en het materiaal van de bodem. Daarom dient u.altijd de kookzone te gebruiken die het beste past bij de diameter van de pannenbodem.
Het apparaat leren kennen
Informatie over afmetingen en vermogens van de
kookzones vindt u in Blz. 2
Het bedieningspaneel

Bedieningsknop

Bedieningsknop
Met de bedieningsknuppen kurz u de vermogensstanden en andere functies instellen.De bedieningsknuppen kurz u vanuit de positie nul maar links of rechts draaien.
| Posities van de bedieningsknop | |
| 0 | Kookzone UIT |
| □ | Flex kookzone |
| ® | Braadsensor |
| ● | Indicatie braadsensor |
| 1-9 | Vermogensstunden |
| 1-5 | Temperatuurstunden |
| »» | PowerBoost-functie |
| Indicatie | |
| ● | Indicatie braadsensor |
De bedieningsknuppen zijn voorzien van eenlichtring die voor elke functie een optische individatie heeft. Delichtring verandert van kleur wanner bepaalde functies of processen worden geactiveerd.
De kookzones
| Kookzone | ||
| □ Kookzone met één ring | Gebruik pannen die de juiste afmetin-gen haben | |
| □ Flex-kookzone | Zie het hoofdstuk → "Flexibele kookzone" | |
Alleen pannen gebruiken die geschikt zijn voor inductiekoken, zie het hoofdstuk "Koken met inductie"
Restwarmte-indicatie
De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. De lichtring van de bedieningsknop knippert orangje zolang de kookzone nog heet is. Raak de kookplaat Niet aan zolang de restwarmte-indicatie brandt of onmiddelijk nadat deze is uitgegaan.

Als u de panijdens het koken van de kookzone neemt, knippert de bedieningsknop orangje. Draai de bedieningsknop op stand 0.
Als u de kookzone uitschakelt, knippert de lijtring van de bedieningsknop oranje. Ook als de kookzone al isuitgeschakeld, knippert de lijtring zolang de kookzone nog heet is.
Apparaat bedienen
In dit hoofdstuk(Int)kunt u lezen hoe u een kookzone instelt. In de tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor verschillende gerechten.
Kookzone instellen
Stel met de bedieningsknop de gewenste vermogensstand in.
| 0 | Kookzone uit. |
| Vermogensstand 1 | laagste stand |
| Vermogensstand 9 | hoogste stand |
Aanwijzingen
- Om de gevoelige onderdelen van het apparaat te beschermen gegen oververhitting of elektrische overbelasting, kan het vermogen van de kookplaat voor korteijd worden teruggebracht.
- Om geluidshinder van het apparaat te voorkomen kan het vermogen van de kookplaat voor korteijd worden teruggebracht.
Kookstand kiezen
De bedieningsknop indrukken en in de gewenste kookstand draaien.

De lichtring van de bedieningsknop is oranje verlicht. De vermogensstand is ingesteld.
Kookzone uitschakelen
Draai de bedieningsknop in de stand 0. De kookzone schakelt uit en de liachtung van de bedieningsknop knippert oranje tot de kookzone is afgekoeld.
Aanwijzingen
- Staat er geen pan op de kookzone of worden hij nicht herkend, dan is de liachtung van de bedieningsknop wit verlicht. Na ca. 9 minutes schakelt de kookzone uit.
In dit geval knippert de lichtring van de bedieningsknop oranje en wit. De bedieningsknop opniew in de stand 0 draaien. De lichtring knippert nicht meer. - Na het koken, pan, deksel of andere metalen voorwerpen van de kookplaat nemen. Wordt bij het reinigen van het werkblad, bij het aanraken van een bedieningsknop enz. per ongeluk een kookzone ingeschakeld, dan warmen dergelijkke voorwerpen heel snel op.
Kookadvies
Advies
Roer bij het warm makeen van puree, crèmesoepen en stevige, gebonden sauzen zo nu en dan om.
- Gebruik voor het Voorverwarmen vermogensstand 8 - 9.
Verlaag bij het bereiden met deksel de vermogensstand zodra er stoom vrijkomt. Het bereidingsresultaat worden hierdoor nicht beinvoed.
Houd na het bereiden de pan tot het serveren gesloten.
Neem bij het koken in de snelkookpan de aanwijzingen van de fabrikant in acht.
- Kook de gerechten nicht te lang om de voedingswaarden te behouden. Met de kookwekker kun t u de optimale bereid ingstijd instellen.
- Voor een gezonder resultaat dient u erop te letten dat de olie Niet rookit.
Uw gerechten krijgen een moogie, bruine kleur wonneer u ze na elkaar bakt inkleine porties.
- Het kookgerei kanijdens de bereiding zeer heet worden. Gebruik het best pannenlappen.
- Adviezen voor een energia-efficiente bereiding vindt u in het hoofdstuk "Bescherming van het milieuu".
Bereidingstabel
In de tabel worden voor alle gerechten weergegeven welke kookstand geschikt is. De bereidingstijd kan afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de gerechten variieren.
| Vermogensstand | Bereidigungsmethoden | Voorbeelden |
| 8 - 9 | Voorverwarmen | Water |
| Aanbraden | Vlees | |
| Verwarmen | Vet/olie, vloeistoffen | |
| Kort opkoken | Soepen, sauzen | |
| Blancheren | Groente | |
| 6 - 8 | Braden | Vlees, aardappels |
| 5 - 7 | Braden | Vis |
| 6 - 7 | Braden | Gerechten met bloem en eieren, bijv. pannenkoeken |
| Koken zonder deksel | Pasta, vloeistoffen | |
| 5 - 6 | Aanbruinen | Bloem, uien |
| Roosteren | Amandelen, paneermeel | |
| Braden | Spek, bacon | |
| Reduceren | Vleesbouillon, sauzen | |
| 4 - 5 | Doorkoken zonder deksel | Aardappelballetjes, groentesoepenn eenpansgerechten, gepocheerde eieren |
| 3 - 4 | Doorkoken zonder deksel | Gekooke worstjes |
| 4 - 5 | Bereiden met stoom | Groente, aardappels, vis |
| Stomen | Fruit, groente, vis | |
| Stoven | Rollade, vleesrol, groente | |
| 2 - 4 | Stoven | Goulash |
| 2 - 4 | Koken met deksel | Soepen, sauzen |
| 2 - 3 | Ontdooien | Diepvriesproducten |
| Koken met deksel | Rijst, peulvruchten, groente | |
| Indikken | Eiergerechten, bijv. omelet | |
| 1 - 2 | Verwarmen / Warmhouden | Soep, groente in saus |
| 1 | Verwarmen / Warmhouden | Eenpansgerecht, bijv. linzenschotel |
| Smelten | Boter, chocolade |
Flexible kookzone
Hij kan maar wens als een kookzone of als twee afzonderlijke kookzones worden gezruikt.
Hij bestaatuitvierinductoren,die onafhankelijk van elkaar functioneren. Is deflexibelekookzone in gebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd dat door het kookgerei worden bedekt.
Tips voor het gebruik van pannen
Om te zorgen voor een goede detectie en verdeling van de warmte, worden aanbevolen de pan correct te centreren:
Als afzonderlijke kookzone

Diameter kleiner dan of gelijk aan 13 cm
Plaats de vorm in een van de vier posities die op de afbeelding te zien zich.

Plaats de vorm in een van de drie posities die op de afbeelding te zien zich.

Is er meer dan een kookzone nodig voor het kookgerei,plaats het dan met de rand op de bovenste of onderste rand van de flexibele kookzone.
Als twee onafhankelijke kookplaten

De voorste en achterste kookzones, elk met twee inductoren, hunnen onafhankelijk van elkaar worden gebruikt. Stel voor elke afzonderlijke kookzone de gewenste kookstand in. Gebruik op elke kookzone slechts een pan.
Als twee onafhankelijkke kookplaten
De flexibele kookzone worden gebruikt als tweet onafhankelijke kookplaten.
Activeren
Zie het hoofdstuk "Apparaat bedieren"
Als afzonderlijke kookplaat
Gebruik van de gehele kookzone door beiden kookplaten met elkaar te verbinden.
Beide kookzones verbinden
1 Kookgerei plaatsen. Draai een van de bedieningsknoppen in de stand.
2 De vermogensstand kiezen met de andere bedieningsknop.
De lichtring van de beiden bedieningsknuppen is orangjeverlicht. De flex-kookzone is geactiveerd.
Kookstand wijzigen
De kookstand wijzigem met de bedieningsknop waarkee erder de kookstand is gekozen.
Een neue pan toevoegen
De neue pan plaatsen. De bedieningsknop waarmee de flex-kookzone gekozen is in de stand 0 en cervolgens opniew in de stand draaien.
De neue pan worden herkend en de eerder gekozen kookstand blijft beholden.
Aanwijzing: Wordt de kookvorm op de gebruikte kookzone verplaatst of opgetild, dan start de kookplaat automatisch met zoeken, waardoor de erder gekozen kookstand behouden blijft.
Scheiden van de beiden kookzones
Draai de bedieningsknop waarmee de flex-kookzone gekozen is in de stand 0.
De flex-kookzone is gedeactivateerd. Een van de kookzones functioneert nog als onafhankelijkke kookzone.
PowerBoost-functie
Met de PowerBoost-functie=kunt u grote waterhoeveelheden sneller verwarmen dan met vermogensstand 9.
Deze functie is alleen beschikbaar voor een kookzone wanneer de andere kookzone Niet in gebruik is. Anders knippert de lichtring 3 keer en er zich 3 geluidssignalente horen; verrolgens worden de vermogenstand 9 automatisch ingesteld zonder dat de functie worden geactiveerd. Draai de bedieningsknop in de stand O.
Aanwijzing: In het flex-gebied kan de powerboost-functie ook worden geactiveerd wanner er slechts een kookzone worden gebruikt.
Activeren
Op de bedieningsknop drukken en in de stand >> draaien. Er werkblinkt een signal, de liachtung van de bedieningsknop gaat uit en is dan oranje verlicht.

De functie is geactiveerd.
Deactiveren
De bedieningsknop op de gewenste vermogensstand draaien. Er werklijk een signal, de信息披露 van de bedieningsknop gaat uit en is dan oranje verlicht.
De functie is gedectiveerd.
Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan PowerBoost-functie automatisch uitschakelen, ter bescherming van de elektronica-elementen binnenin de kookplaat.
In dit geval worden de vermogensstand 9 automatisch ingesteld, de lijtring knippert 3 keer en erijken 3 geluidssignalen te horen.
De bedieningsknop op de positie O of een gewenste vermogensstand draaien.
Braadsensor
Met deze functie is het möglichk om te bakken met behoud van de juiste temperatuur van de pan.
Voordelen bij het bakken en braden
- De kookzone warmth alleen op wanner dit nodig is om de temperatuur te handhaven. Zo worden energie bespaard en de olie of het vet Niet oververhit.
- De braadfunctie meldt wanner de lege pan de optimale temperatuur voor toevoeging van de olie enervoigens het toevoegen van de gerechten hebft bereikt.
Aanwijzingen
- Geen deksel op de pan leggen. Anders worden de functie Niet juist geactiveerd. Er kan een spatbescherming worden gezruikt, om vetspetterst te voorkomen.
- Gebruik olie of vet die geschikt zich om te bakken en te braden. Worden poter, margarine, pure olijfolie of reuzel gebruikt, stel de temperatuurstand dan in op 1 of 2.
- Nooit een pan met of zonder inhoud verwarmen zonder dat er toezicht bij is.
- Heeft de kookzone een hogere temperatuur dan de pan of omgekeerd, dan worden de braadsensor nicht op de juiste manier geactiveerd.
Paffen voor de braadsensor
Voor de braadsensor zijn special geschikte paffen verkrijgbaar. Deze optionele accessoires können achteraf in de vakhandel of via once technische Dienst worden verkreten. Geef steeds het juiste referentienummer op.
GP900001 pan met een diameter van 15 cm.
GP900002 pan met een diameter van 19 cm.
GP900003 pan met een diameter van 21 cm.
De pannen zich voorzien van een antiaanbaklaag, zodate voor het bakken en braden nauwelijks olie nodig is.
Aanwijzingen
- De braadsensor is special ingesteld op pannen van dit type.
-
Zorg ervoor dat de diameter van de pannenbodem overeenkomt met de grootte van de kookzone. Zet de pan in het midden van de kookzone.
-
Op de flex-kookzone worden de braadsensor bij een afwijkende grootte van de pan of een slecht geplaatste pan möglichk Niet geactiveerd. Zie het hoofdstuk "Flexible kookzone"
Andere pannensoorten können oververhit raken. De temperatuur kan lager of hoger� dan de gekozen temperatuurstand. Probeer het eerst met de laagste temperatuurstand en verander deze zo nodig.
Temperatuurstunden
| Temperatuurstand | Geschikt voor | |
| 1 | zeer laag | Bereiden en reduceren van sauzen, stoven van groente en bakken van gerechten met koudgeperste olijfolie, boter of margarine. |
| 2 | laag | Bakken en braden van gerechten met koudgeperste olijfolie, boter of margarine, bijv. omeletten. |
| 3 | laag gemiddeld | Het bakken of braden van vis en dikke producten, zoals bijv. gehaktballen en worstjes. |
| 4 | gemiddeld hoop | Het bakken van steaks, medium of well done, gepaneerde diepvriesproducten, dunne bakproducten zoals schnitzels, in reepjes gesneden vlees in saus, en groente. |
| 5 | hoog | Het bakken en braden van gerechten bij hove temperaturen, bijv. aardappelpannenkoekjes, gebakken aardappels en steaks rare (saignant). |
Tabel
In de tabel worden voor alle gerechten weergegeven welke temperatuurstand geschikt is. De baktijd kan afhankelijk van de soort, het gewicht, de grotte en kwaliteit van de gerechten variieren.
De ingestelde temperatuurstand varieert afhankelijk van de gelebruikte pan.
Lege pan voorverwarmen, na het geluidssignaal de olie en het gerecht toevoegen.
| Tempera-turstand | Totale bereidingsstijd vanaf het geluidssignaal (min.) | |
| Vlees | ||
| Schnitzel, on/gepaneerd | 4 | 6 - 10 |
| Filet | 4 | 6 - 10 |
| Koteletten* | 3 | 10 - 15 |
| Cordon bleu, Wiener Schnitzel* | 4 | 10 - 15 |
| Steak, saignant (3 cm dik) | 5 | 6 - 8 |
| Steak, medium of doorbakken (3 cm dik) | 4 | 8 - 12 |
| Borst van gezogelte (2 cm dik) | 3 | 10 - 20 |
| Worstjes, gekocht of rauw* | 3 | 8 - 20 |
| Hamburgers, gehaktballetjes, gezulde vleesballetjes* | 3 | 6 - 30 |
| Ragout, Gyros | 4 | 7 - 12 |
| Gehakt | 4 | 6 - 10 |
| Spek | 2 | 5 - 8 |
| Vis | ||
| Vis, gebakken, heel, bijv. forel | 3 | 10 - 20 |
| Visfilet, on/gepaneerd | 3 - 4 | 10 - 20 |
| Garnalen, kraben | 4 | 4 - 8 |
- Regelmatig keren.
** Totale tijdsduur per portie. Na elkaar bakken.
| Tempera-turstand | Totale bereidigungstijd vanaf het geluidssignaal (min.) | |
| Eiergerechten | ||
| Pannenkoeken** | 5 | 1,5 - 2,5 |
| Omelet** | 2 | 3 - 6 |
| Spiegelei | 2 - 4 | 2 - 6 |
| Roereieren | 2 | 4 - 9 |
| Kaiserschwarrn (Zuid-Duitse pannenkoeken) | 3 | 10 - 15 |
| French toast** | 3 | 4 - 8 |
| Aardappels | ||
| Gebakken aardappels (van gekooke aardappels) | 5 | 6 - 12 |
| Frites (van ongekooke aardappels) | 4 | 15 - 25 |
| Aardappelkoekjes** | 5 | 2,5 - 3,5 |
| Zwitsserse rösti | 2 | 50 - 55 |
| Geglaceerde aardappels | 3 | 15 - 20 |
| Groente | ||
| Knoflook, uien | 1 - 2 | 2 - 10 |
| Courgettes, aubergines | 3 | 4 - 12 |
| Paprika, groene asperges | 3 | 4 - 15 |
| In olie gestoofde groente, bijv. courgette, groene paprika | 1 | 10 - 20 |
| Paddestoelen | 4 | 10 - 15 |
| Geglaceerde groente | 3 | 6 - 10 |
| Grote uien | 3 | 5 - 10 |
| Diepvriesproducten | ||
| Schnitzels | 4 | 15 - 20 |
| Cordon bleu* | 4 | 10 - 30 |
| Borst van gevogelte* | 4 | 10 - 30 |
| Kip-nuggets | 4 | 10 - 15 |
| Gyros, kebab | 4 | 10 - 15 |
| Visfilet, on/gepaneerd | 3 | 10 - 20 |
| Vissticks | 4 | 8 - 12 |
| Frites | 5 | 4 - 6 |
| Pangerechten, bijv. groentepannenetje metkip | 3 | 6 - 10 |
| Loempia's | 4 | 10 - 30 |
| Camembert/Kaas | 3 | 10 - 15 |
| Sauzen | ||
| Tomatensaus met groente | 1 | 25 - 35 |
| Bechamelsaus | 1 | 10 - 20 |
| Kaassaus, bijv. Gorgonzolasaus | 1 | 10 - 20 |
| Ingekooke sauzen, bijv. tomatensaus, Bolognese-saus | 1 | 25 - 35 |
| Zoete sauzen, bijv. sinaasappelsaus | 1 | 15 - 25 |
| Diversen | ||
| Camembert/Kaas | 3 | 7 - 10 |
| Voorgegaarde, droge producten met toevoeging van water, bijv. pasta. | 1 | 5 - 10 |
| Croutons | 3 | 6 - 10 |
| Amandelen/walnoten/pijnboompitten | 4 | 3 - 15 |
- Regelmatig keren.
** Totale tijdsduur per portie. Na elkaar bakken.
Zostelt u in
Kies de juiste temperatuurstand in de tabel. Een lege pan op de kookzone plaatsen.
1 Op de bedieningsknop drukken en in de stand draaien. De lichtring van de bedieningsknoplicht wit op.
Na 3 seconden werkklinkt een signaal, de individatie naast het symbol Licht op.

2 Met de bedieningsknop de gewenste temperatuurstand kiezen.
Aanwijzing: Voor deze functie zich de temperatuurstanden van 1 tot 5 beschikbaar, zich de babel met temperatuurstanden.

De functie is geactiveerd.
De lichtring dimt van wit maar oranje zolang het apparaat opwarmt. Bij het bereiken van de ingestelde temperatuur werkblinkt een geluidssignaal.
3 Doe wanner de braadtemperatuur bereikt is eerst de olie enervoigens de gerechten in de pan.
Aanwijzingen
- Wordt een temperatuurstand boven 5 gekozen, dan knippert de liachtig oranje en wit zonder dat de functie worden geactiveerd. Een passende temperatuurstand kiezen.
- Keer de gerechten, zodat ze nicht aanbranden.
Braadsensor uitschakelen
Draai de bedieningsknop in de stand 0. De kookzone gaat uit en de restwarmte-indicatie worden geactiveerd.
Automatische veiligheidsuitschakeling
Voor uw bescherming is het apparaat voorzien van een veiligheidsuitschakeling. Afhankelijk van de gekozen kookstand worden de kookzone gedectiveerd wanner er na enigeijd geen actie is uitgevoerd.
| Vermogensstand | Deactiveren na |
| 1 | 10(uur) |
| 2 tot 3 | 5(uur) |
| 4 tot 5 | 4(uur) |
| 6 tot 7 | 3(uur) |
| 8 tot 9 | 1(uur) |
| Temperatuurstand braadsensor | Deactiveren na |
| 1 tot 5 | 3 uwr |
Een geluidssignaal geeft aan dat dearend is afgelopen. De lichtring van de actieve bedieningsknop knippert wit en oranje.
Draai de bedieningsknop in de stand 0. De kookzone opniewu instellen.
Reinigen
Geschikte Reinigings- en onderhoudsmiddelen kurz u kopen via de klantenservice of in unsere e-shop.
Kookplaat
Schoonmaken
Maak de kookplaat.altijd schoon na het koken.Hierdoor wordt voorkomen dat achtergebleven resten van etenswaar inbranden.Maak de kookplaat pas schoon wanner de individatie van de restwarmte verdwenen is.
Reinig de kookplaat met een vochtig schoonmaakdoekje en droog hemervoalgens met een doek na, zodat er geen kalkvlekken ontstaan.
Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zich voor dit soort kookplaten. Lees de aanwijzingen van de fabrikant op de productverpakking.
Gebruik in geen geval:
onverdunde afwasmiddelen
- schoonmaakmiddelen voor de vaatwasmachine
schuurmiddelen
scherpe schoonmaakmiddelen zoals ovensprays of vlekkenmiddelen
schuursponsjes
- hagedrukreinigers of stoomstraalapparaten
Hardnekkig vuil verwijdert u het best met een in de handel verkrijgbare schraper. Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant.
Geschekte schraperskestukopenviade klantenservice of in onze online-shop.
Met speciale sponsjes voor het reinigen van kookplaten van glaskeramiek bereikt u goede resultaten.
Mogelijk vlekken
| Resten van kalk en water | Maak de kookplaat schoon zodia hij afgekoeld is. Er kan een geschikt schoonmaakmiddel voor kookplaten van glaskeramiek worden gezruikt.* |
| Suiker, maizen of plastic | Direct verwijderen, gebruik een schra- per. Voorzichtig: risico van verbranding.* |
- Vervolgens met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen en met een doek nadrogen.
Aanwijzing: Gebruik geen schoonmaakmiddelen zolang de kookplaat warm is. Hierdoor konnen vlekken ontstaan. Zorg ervoor dat alle resten van het gebruikte schoonmaakmiddel worden verwijderd.
Omlijsting van de kookplaat
Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te voorkomen, dient u zich te houden aan de volgende aanwijzingen:
Gebruik alleen warm zeepsop.
Was neue schoonmaakdoekjes voor gebruik grondig UIT.
- Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen schraper of scherpe voorwerpen.
Bedieningsknop
Uitsluitend warm zeepsop gebruiken. Geen schurende of scherpe reinigingsmiddelen gebruiken. Geen schrapers gebruiken, de bedieningsknop kan hierdoor beschadigd raken.
Citroen en azijn zichn nicht geschikt om de bedieningsknop schoon te make. Hierdoor kannne matte plekken ontstaan.
Reiniging van het bedieningspaneel
Gebruik alleen warm water met een beetje zeep.
Gebruik geen bijtende of corrosieve reinigingsmiddelen. Gebruik geen glasschrapers. Het bedieningspaneel zou können worden beschadigd.
Citroen en azijnল geschikt voor de reiniging van het bedieningspaneel. Er konnen doffe vlekken verschijnen.
FAQ
| Geluiden |
| Waarom zijn tijdens het koken geluiden te horen? Afhankelijk van de kwaliteit van de bodem van de pan hunnen bij gebruik van de kookplaat geluiden te horen zijn. Deze geluiden zijn normal en horen bij de inductietechnologie. Ze wijzen Niet op een defect. |
| Mogelijkge geluiden: Diep zoemenzoals bij een transformator: Is te horen bij het koken op een hogere kookstand. Het geluid verdwijnt of neemt af wonneer de kookstand lager wordt gezet. Diep fluiten: Is te horen wonneer de pan leeg is. Dit geluid verdwijnt wonneer er water of levensmiddelen in de pan worden gedaan. Knisperen: Is te horen bij pannen die uit verschillende materiaaallagen bestaan of bij geleiktijdig gebruik van pannen van verschil-lende grotte en verschillend materiaal. Het volume van het geluid kan variëren, afhankelijk van de hoeveelheid en de bereidingswijze van de gerechten. Hoge fluittonen: Kunnen ontstaan wonneer voor twee kookzones tegelijk de hoogste kookstand wordt gebruikt. De fluittonen verdwij- nen of worden zwakker wonneer de kookstand lager wordt gezet. Ventilatorgeluid: De kookplaat beschikt over een ventilator die bij hove temperaturen wordt ingeschakeld. De ventilator kan ook na uit-schakeling van de kookplaat verder lopen, wonneer de gemeten temperatuur nog te hoop is. |
| Vormen |
| Welk pannenijken geschikt voor de inductiekookplaat? Voor informatie over pannen die geschiktঀoor inductiekoken, die hoofdstuk → "Koken met inductie" |
| Waarom verwarmt de kookplaat Niet? De kookzone waarop de pan staat, is Niet ingeschakeld. Zorg ervoor dat de kookzone waarop de pan staat ingeschakeld is. De pan is teklein voor de ingeschakelde kookzone of Niet geschikt voor inductiekoken. Ga na of de pan geschicht is voor inductiekoken en of hij op de kookzone met de meest geschikte afmetingen staat. Voor informatie over het soort koogerei en de grotte en plaatsing ervan, die hoofdstuk → "Koken met inductie", en → "Flexiblekookzone". |
| Waarom duurt het zo lang tot de pan warm wordt, of waarom wordt hij net warm genoeg, hoewel er een hove vermogens- stand is ingesteld? De pan is teklein voor de ingeschakelde kookzone of Niet geschikt voor inductiekoken. Ga na of de pan geschicht is voor inductiekoken en of hij op de kookzone met de meest geschikte afmetingen staat. Voor informatie over het soort koogerei en de grotte en plaatsing ervan, die hoofdstuk → "Koken met inductie", en → "Flexiblekookzone". |
| Reinigen |
| Hoe wordt de kookplaat schoongemaakt? U bereikt optimale resultaten met speciale reinigingsmiddelen voor glaskeramiek. Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen, schoonmaakmiddelen voor vaatwasmachines (concentraten) of schoonmaakdoekjes. Meer informatie voor de reiniging en het onderhoud van uw kookplaat vindt u in het hoofdstuk → "Reinigen" |
Wat te doen bij een storing?
In de regel gaat het bij storingen omkleinigheden ie gemakkelijk op te losen zich. Neem alstublieft de aanwijzingen in de tabel in acht voor u de servicedienst belt.
| Indicatie | Mogelijk oorzaak | Oplossing |
| Geen | De stroomtoevoer is onderbroken. | Controleer met behulp van andere elektrische appara- ten of er kortsluiting bij de stoomtoevoer is opgetreten. |
| Het apparaat is nicht aangesloten volgens het schakelschema. | Zorg ervoor dat het apparaat volgens het schakel- schema is aangesloten. | |
| Storing in het elektronisch system. | Kan de storing Niet worden verholpen, neem dan con- tact op met de technische servicedienst. | |
| De lichtering van de actieve bedieningsknop knippert oranje en wit | De kookzone is langeijd en zonder onder- breking in gebruik geweest. | De automatische veiligheidsuitschakeling is geacti- veerd. Zie het hoofdstuk → "Automatische veiligheidsuitschakeling" op pagina 34. |
| Er is lang Niet aan de bedieningsknop gedraaid. | ||
| De elektronica is oververhit, waardoor de betreffende kookzone is uitgeschakeld. | Wacht tot de elektronica voldoende is afgekoeld en schakel de kookzone opnieuw in. | |
| De elektronica is oververhit, waardoor alle kookzones zijn uitgeschakeld. | ||
| Erijken 3 signalen te horen en de lichtering brandt 3 keer | De functie PowerBoost wer Niet juist geac- tiveerd. | Zie het hoofdstuk → "PowerBoost-functie" op pagina 31. |
| De functie PowerBoost wer automatisch gedeactiveerd om de elektronica-elemen- ten binnenin de kookplaat te beschermen. | Draai de bedieningsknop in de stand 0. De kookplaat opnieuw zoals gebruikelijk inschaken. | |
| De lichtering van de bedie- ningsknop knippert snel en oranje | De bedrijfsspanning is onjuist, buiten het normale bedrijfsgebied. | De elektriciteitsleverancier op de hoogte brengen. |
| De kookplaat is Niet op de juiste manier aangesloten | Haal de stekker van de kookplaat UIT het stopcontact. Zorg ervoor dat hij volgens het schakelschema is aan- gesloten. |
Aanwijzingen
Knippert de lichtring van de bedieningsknop snel en oranje, dan de kookzone van het stroomnet loskoppelen, 30 seconden wachten en dan opnieuw aansluiten. Verschijnt de indicate tie opnieuw, neem dan contact op met de technische servicedienst en geef de exacte storingscode op.
Treedt er een fout op, dan gaat het apparaat nicht更是 over maar de standby-modus.
Demomodus
Is de lichtring van de bedieningsknop wit verlicht en de kookzone verwarmt Niet, dan is de demodus geactiveerd. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact. Wacht 30 seconden en sluit het apparaat opnieuw aan. Deactiveer verrolgens de demodus binnen 3 minuten als volgt:
1 De bedieningsknop van rechts waar links op de positie draaien.
2 Draaidezelfdebedieningsknopnarrichtsin de stand
3 Draaidezelfde bedieningsknopnarrlinks inde stand0. De lichtring van de bedieningsknop is witverlicht.
De demo-modus is gedeactiveerd.
Servicedienst
Wanner uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u maar.Wij vinden.altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van medewerkers van de servicedienst te voorkomen.
E-nummer en FD-nummer
Geefijdens het telefoongesprek algijd het volledige productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodate wij u goed van dienst+kennen. Het typeplaatje met de nummers vindt u aan de onderkant van het apparaat.

Om Niet te lang te hoeven zoeken wanner u de serviceddienst nodig heeft,kest u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de serviceddienst invullen.
E-nr.
FD-nr.
Servicedienst
Houd er rekening mee dat een bezoek van medewerkers van de serviceddienst in het geval van een verkeerde bediening ookijdens de garantieperiode kosten met zich meebreckt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijglesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
NL 0884244030
B 070222148
Vertrouv op de compétentie van de produit. Zo bent u er zeker van dat de reparatie worden uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijk appearaten.
SimpelGids