KH 3236 DETECTEUR MULTIFONCTIONS 5 EN 1 AVEC LASER - Multifunctionele detector KOMPERNASS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KH 3236 DETECTEUR MULTIFONCTIONS 5 EN 1 AVEC LASER KOMPERNASS in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KH 3236 DETECTEUR MULTIFONCTIONS 5 EN 1 AVEC LASER KOMPERNASS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multifunctionele detector in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KH 3236 DETECTEUR MULTIFONCTIONS 5 EN 1 AVEC LASER - KOMPERNASS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KH 3236 DETECTEUR MULTIFONCTIONS 5 EN 1 AVEC LASER van het merk KOMPERNASS.
GEBRUIKSAANWIJZING KH 3236 DETECTEUR MULTIFONCTIONS 5 EN 1 AVEC LASER KOMPERNASS
| Inhoudsopgave | Bladzijde |
| Gebruik in overeenstemming met bestemming | 36 |
| Veiligheidsvoorschriften | 36 |
| Technische gegevens | 38 |
| Apparaatbeschrijving | 38 |
| Inhoud van de verpakking | 39 |
| Uitpakken | 39 |
| Batterijen plaatsen | 39 |
| Meten van afstanden | 40 |
| Meten van oppervlakten | 43 |
| Meten van volumen | 44 |
| Opsporen van afgedekte objecten | 45 |
| Lasermarkering | 47 |
| Batterij-indicator | 49 |
| Opbergen en reinigen | 49 |
| Milieurichtlijnen | 49 |
| Importeur | 50 |
| Service | 50 |
Lees de gebruiksaanwijzing vóór het eerste gebruik aandachtig door en bewaar deze voor toekomstig gebruik. Als u het apparaat aan derden geeft, vergeet dan niet de handleiding erbij te geven.
5-in-1 multimeetdetector met laser KH 3236
Gebruik in overeenstemming met bestemming
De multimeetdetector met laser is ontwikkeld voor het bepalen van de positie van elektrische leidingen, objecten van metaal en hout, voor het projecteren van laserlijnen, voor het berekenen van oppervlakten en volumen, alsmede voor het meten van afstanden. Dit apparaat is alleen bedoeld voor privédoeleinden. Gebruik het apparaat derhalve niet bedrijfsmatig.
Veiligheidsvoorschriften ⚠
- Stel het apparaat niet bloot aan regen. Gebruik het apparaat niet in een vochtige of natte omgeving.
- Gebruik het apparaat niet op plaatsen waar brandgevaar of explosiegevaar bestaat, zoals bijvoorbeeld in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen.
- Plaats geen met vloeistof gevulde voorwerpen, zoals vazen op het apparaat.
- Plaats geen open vuurbronnen, zoals bijvoorbeeld kaarsen, op het apparaat.
- Houd het apparaat uit de buurt van kinderen en berg het op een veilige plaats, buiten het bereik van kinderen, op.
- Ga voorzichtig met de klemnaalden om. Deze zijn zeer spits en kunnen tot verwondingen leiden.

Het apparaat bevat een Klasse II laser. Richt de laser niet op personen of dieren. Kijk niet in de laser. De laser kan oogschade veroorzaken.
- Richt de laserstraal niet op sterk reflecterende materialen. Gevaar door reflecterend licht.
- Gebruik het apparaat niet om wisselspanning in blootliggende resp. niet geïsoleerde leidingen op te sporen.
- Gebruik het apparaat niet als vervanging voor een voltmeter.
Het apparaat herkent niet altijd alle buizen en leidingen. De volgende omstandigheden kunnen onnauwkeurige resultaten veroorzaken:
- zeer dikke wanden
- zwakke batterijen
- diepliggende léidingen of buizen
- afgeschermde kabels
- dikke wanden met dunne buizen of leidingen
- wanden die bekleed zijn met metaal
-
zeer vochtige omstandigheden
-
Met dit apparaat kunnen geen leidingen worden opgespoord in stroomkringen,
- die van de netspanning zijn geïsoleerd.
- waardoor gelijkstroom stroomt.
-
die voor computer- of telecommunicationsystemen worden gebruikt.
-
Met dit apparaat kunnen geen kunststof buizen worden opgespoord, alleen metalen buizen.
- Er wordt geen enkele aansprakelijkheid geaccepteerd voor beschadigingen aan de laserinrichting alsmede aan de ultrasonische zender/-ontvanger door manipulatie en bij het niet in acht nemen van de veiligheidsvoorschriften.
Technische gegevens
Afstandsmeter met behulp van ultrasoontrilling
Opsporen van: stroomleidingen, metaal, hout
Laserklasse: II
Pmax: <1mW
Voeding: 9V blokbatterij
Apparaatbeschrijving
① Meetpunt
② Display
③ Materiaalschakelaar (STUD/AC WIRE/METAL)
④ Toets MODE
⑤ Toets klemnaald
⑥ Toets READ
⑦ Toets M (Memory)
⑧ Luchtbelwaterpas
9 Laser
⑩ Ultrasonische zender / ontvanger
11 Functieschakelaar (Laser/Detector/Distance)
⑫ Toets RM (Read Memory)
⑬ Toets klemnaald
14 Toets +/=
15 Batterijvak
16 Toets PUSH
Inhoud van de verpakking
- 5-in-1 multimeetdetector met laser
• 9V blokbatterij - Gebruiksaanwijzing
Uitpakken
Haal de multimeetdetector uit de verpakking. Verwijder alle transportbeveiligingen en verpakkingsmaterialen. Verwijder de beschermfolie van het display ②.
Batterijen plaatsen
- Open het batterijvak 15 aan de achterkant van de multimeetdetector.
- Steek de 9V-blokbatterij op de contactpunten. Let op de juiste polariteit (+"op "+" en "-" op "-").
- Plaats de band voor het eruit halen van de batterij onder de 9V-blokbatterij en druk de batterij in het batterijvak 15.
⚠️ Let op: dat de kabels niet bekneld raken. Dit leidt tot onherstelbare schade aan het apparaat. - Sluit het batterijvak 15. De klep van het batterijvak moet er hoorbaar inklikken.
Meten van afstanden
- Zet de functieschakelaar ⑪ op "Distance". Het display ② wordt ingeschakeld.
Om over te schakelen tussen metrische en Engelse/Amerikaanse maateenheden, drukt u tegelijkertijd op de toetsen READ ⑥ en MODE ④, tot u twee geluids-signalen hoort. Als u de toetsen loslaat, verandert u de maateenheden.
① Aanwijzing: De meting begint bij het meetpunt ①!
Bevindt de meting zich buiten het meetbereik, verschijnt op het display "Err" of een onlogisch getal. Het meetbereik ligt tussen de 0,6 m en 16 m.
-
Houd het apparaat horizontaal voor de wand, waarvan u de afstand wilt meten. De ultrasonische zender / ontvanger 10 moet in een rechte hoek naar de wand wijzen. Gebruik hiervoor de waterpas: De luchtbel in de luchtbelwaterpas 8 moet tussen de markeringsstrepen staan (zie afb.1).
-
Druk op de toets READ ⑥. Op het Display ② verschijnt de gemeten afstand. Als u de toets READ ⑥ ingedrukt houdt en het apparaat langzaam over het te meten oppervlak beweegt, meet het apparaat continu de afstanden. Deze worden op het display ② weergegeven.
Let op de volgende afbeeldingen:

text_image
MIN. 0,6 m MAX. 16 m 90°
Des te verder u van de wand bent verwijderd des te groter is het oppervlak (a) dat de multimeetdetector met behulp van de ultrasoontrilling mist (afb. 2). Zorg er daarom voor dat de multimeetdetector altijd op een vlak oppervlak in een rechte hoek wordt gericht (afb. 1 en 3). Let op dat er geen voorwerpen in het meetbereik aanwezig zijn.
Fout!

Tijdens de metingen brandt de displayverlichting. Drukt u binnen 15 seconden geen toets in, gaat de verlichting weer uit. En drukt u binnen 30 seconden geen toets in, dan gaat het display uit. Druk op de toets READ ⑥ om het display en de verlichting weer te activeren.
Aanwijzing: Als de batterijen te zwak zijn, ontstaan onnauwkeurige meetresultaten. Is de batterij te zwak, verschijnt op het display het batterijsymbool.
Optellen van afstanden
U kunt de gemeten afstanden optellen:
- Meet zoals beschreven de eerste afstand.
- Druk op de toets +/= ⑭. Op het display ② verschijnt "+" en de gemeten afstand wordt op de onderste regel weergegeven.
- Meet de volgende afstand. De nieuwe gemeten afstand wordt op de bovenste regel weergegeven.
- Druk opnieuw op de toets +/- = 10. De nieuwe meetwaarde wordt opgeteld bij de oude meetwaarde en op de onderste regel weergegeven.
- Herhaal stap 2 t/m 4 om nog meer meetwaarden op te tellen.
- Druk op de toets MODE ④, als u de optelmodus wilt verlaten. Alle waarden worden gewist.
Meten van oppervlakten
- Zet de functieschakelaar ⑪ op "Distance". Het display ② wordt ingeschakeld.
- Druk eenmaal op de toets MODE ④. Op het display ② knippert de "L" (length = lengte).
- Druk op de toets READ ⑥, om de lengte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten lengte en de "W" (width = breedte) begint te knipperen.
- Druk op de toets READ ⑥, om de breedte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten breedte en op de onderste regel wordt het resultaat weergegeven van de oppervlakteberekening.
Optellen van oppervlakten
- Meet een oppervlak, zoals beschreven in het hoofdstuk "Meten van oppervlakten".
- Druk op de toets M ⑦. Op het display ② verschijnt "M+" . Het gemeten oppervlak is opgeslagen.
- druk op de toets MODE ④. Het apparaat is nu gereed voor de tweede meting.
- Meet het volgende oppervlak.
- Druk op de toets +/= 14. Op het display 2 verschijnt een "+"
- Druk op de toets RM ⑫. Op de onderste regel wordt het resultaat weergegeven van de eerste meting.
- Druk op de toets +/= 14. De beide metingen worden opgeteld en het resultaat wordt op de onderste regel weergegeven.
- Herhaal stap 2. t/m 7. om nog meer meetwaarden op te tellen.
- Druk op de toets MODE ④, als u de optelmodus wilt verlaten. Alle waarden worden gewist.
Meten van volumen
- Zet de functieschakelaar ⑪ op "Distance". Het display ② wordt ingeschakeld.
- Druk tweemaal op de toets MODE ④. Op het display ② knippert de "L" (length = lengte).
- Druk op de toets READ ⑥, om de lengte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten lengte en de "W" (width = breedte) begint te knipperen.
- Druk op de toets READ ⑥, om de breedte te meten. Op de bovenste regel verschijnt de gemeten breedte en de "H" (height = hoogte) begint te knipperen.
- Druk op de toets READ ⑥, om de hoogte te meten. Op de bovenste regel wordt de gemeten hoogte weergegeven. Op de onderste regel wordt het resultaat weergegeven van de volumeberekening.
Optellen van volumen
- Meet een volume, zoals beschreven in het hoofdstuk "Meten van volumen".
- Druk op de toets M ⑦. Op het display ② verschijnt "M+" . Het gemeten volume is opgeslagen.
- Druk op de toets MODE ④. Het apparaat is nu gereed voor de tweede meting.
- Meet het volgende volume.
- Druk op de toets +/= 14. Op het display 2 verschijnt een "+"
- Druk op de toets RM ⑫. Op de onderste regel wordt het resultaat weergegeven van de eerste meting.
- Druk op de toets +/- = 14. De beide metingen worden opgeteld en het resultaat wordt op de onderste regel weergegeven.
-
Herhaal stap 2. t/m 7., om nog meer meetwaarden op te tellen.
-
Druk op de toets MODE ④, als u de optelmodus wilt verlaten. Alle waarden worden gewist.
Opsporen van afgedekte objecten
i Aanwijzingen:
- Test het apparaat voor gebruik en laat het apparaat bijvoorbeeld een buis of stroomleiding opsporen waarvan u weet waar deze zich bevindt.
- Raadpleeg in geval van twijfel altijd een gekwalificeerde aannemer.

Let op! Vindt het apparaat een wisselstroomvoerende leiding verschijnt op het display ⚠. Ga dan in ieder geval niet op deze plaats boren! Gevaar voor een elektrische schok!
Het opsporen van afgedekte objecten verloopt in alle drie de modi (STUD = Hout, AC WIRE = Stroomvoerende leidingen, METAL = Metaal) op dezelfde wijze.
- Zet de functieschakelaar ⑪ op "Detector".
- Zet de materiaalschakelaar ③ op STUD, AC WIRE of METAL.
- Eerst moet u de meetdetector kalibreren. Plaats de detector vlak op de wand, op de plek waar u naar afgedekte objecten wilt zoeken.
-
Druk op de toets PUSH 16 en houd deze ingedrukt tot het geluidssignaal niet meer te horen is. Het apparaat heeft zich nu op de wanddikte ingesteld. Houd de toets PUSH 16 nog ingedrukt.
-
Beweeg de meetdetector langzaam over de wand. Als de pijlen op het display naar een punt bewegen, nadert u het gezochte object. Zijn de pijlen compleet en krijgt u een aanhoudend geluidssignaal te horen, markeert u deze positie (zie afb. 4).

flowchart
graph TD
A["Device 1"] --> B["Signal"]
C["Device 2"] --> D["Signal"]
E["Device 3"] --> F["Signal"]
G["Device 4"] --> H["Signal"]
I["Device 5"] --> J["Signal"]
K["Device 6"] --> L["Signal"]
M["Device 7"] --> N["Signal"]
O["Device 8"] --> P["Signal"]
Q["Device 9"] --> R["Signal"]
S["Device 10"] --> T["Signal"]
U["Device 11"] --> V["Signal"]
W["Device 12"] --> X["Signal"]
Y["Device 13"] --> Z["Signal"]
AA["Device 14"] --> AB["Signal"]
AC["Device 15"] --> AD["Signal"]
AE["Device 16"] --> AF["Signal"]
AG["Device 17"] --> AH["Signal"]
AI["Device 18"] --> AJ["Signal"]
AK["Device 19"] --> AL["Signal"]
AM["Device 20"] --> AN["Signal"]
Afb. 4
- Ga precies op dezelfde wijze te werk, maar nader nu het object van de andere kant. Zodra u het geluids-signaal hoort, markeert u deze positie (zie afb. 4).
Tussen deze posities bevindt zich het gezochte object.
Zoeken naar houten objecten
- Ga bij het zoeken naar houten objecten op de manier te werk die beschreven is in het hoofdstuk "Opsporen van afgedekte objecten".
- Als de multimeetdetector een object heeft gevonden, dient u deze positie te markeren. Om er zeker van te zijn dat het object van hout is, zet u de materiaalschakelaar ③ op METAL.
- Zoek nu op dezelfde plaats naar metaal. Vindt de multimeetdetector niets, dan is het object van hout. Vindt de multimeetdetector wel nog wat, dan is het object van metaal.
Zoek in dit geval in de modus "STUD" op een andere plaats en herhaal stap 1 t/m 3.
Lasermarkering

Het apparaat bevat een Klasse II laser. Richt de laser niet op personen of dieren. Kijk niet in de laser. De laser kan oogschade veroorzaken.
U kunt de lasermarkering gebruiken om bijvoorbeeld schilderijen, kasten, enz. verticaal resp. horizontaal uit te lijnen.
- Zet de functieschakelaar ⑪ op "Laser". Er wordt een laserlijn geprojecteerd.
Horizontale laserlijn
⚠️ Let op! Ga voorzichtig met de klemnaalden om. Deze zijn zeer spits en kunnen tot verwondingen leiden.
1. Houd de meetdetector horizontaal tegen de wand en lijn deze met behulp van de luchtbelwaterpas ⑧ uit. De luchtbel moet tussen de beide markeringen staan.
2. Schuif de beide toetsen van de klemnaalden (5+18) stevig naar onder. De naalden boren zich in de wand, zodat de meetdetector niet omlaag kan vallen. De laser zet een horizontale lijn uit op de wand.
Aanwijzing: De klemnaalden werken niet op stenen en metalen wanden. De wanden moeten een zacht oppervlak hebben.
Verticale laserlijn
- Bevestig een draad aan het oog boven het meetpunt ①.
- Hang de meetdetector aan de wand op de plaats waar u de verticale lijn wilt projecteren. De meet-detector hangt zoals een paslood verticaal naar onder. De laser zet een verticale lijn uit op de wand.
Batterij-indicator
Op het display ② verschijnt het batterijsymbool, als de batterij zwak wordt. Vervang zo snel mogelijk de batterij (zie hoofdstuk "Batterijen plaatsen"). Anders zijn de meetresultaten niet correct.
Opbergen en reinigen
- Berg het apparaat op een droge en vorstvrije plaats op.
- Als u het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt, haal dan de batterijen uit het batterijvak.
- Reinig het apparaat met een droge, zachte doek.
- Gebruik geen chemische of schurende schoonmaakmiddelen. U kunt hierdoor de behuizing van het apparaat beschadigen.
Milieurichtlijnen

Deponeer het toestel in geen geval bij het normale huisvuil.
Voer het toestel af via een erkend afvalverwerkingsbedrijf of via uw gemeentereiniging.
Neem de bestaande voorschriften in acht. Neem in geval van twijfel contact op met de gemeentelijke reinigingsdienst.
Batterijen afvoeren!
Batterijen mogen niet bij het huisvuil worden gedeponeerd. Elke consument is wettelijk verplicht batterijen/accu's in te leveren bij een inzamelpunt in zijn gemeente of in de handel.
Deze verplichting dient om batterijen op een milieu-vriendelijke manier tot afval te kunnen verwerken. Lever batterijen/accu's uitsluiten in ontladen toestand in.

Voer alle verpakkingsmateriaal op een milieu-vriendelijke manier af.
Importeur
KOMPERNASS GMBH
BURGSTRASSE 21
D-44867 BOCHUM
www.kompernass.com
Service
NL I.T.S.w. bv
Papierbaan 55
9672 BG Winschoten
Tel.: 0900/8724357
Fax: 0597/420632
e-mail: support.nl@kompernass.com
Verzendadres: Antwoordnummer 300
9670 WB Winschoten
NL
50
B I.T.S.w. bv
p/a Forwarding Team bvba
tav Esther
Bellestraat 7
2030 Antwerpen
Tel.: 03/5413760
Fax: 03/5415651
e-mail: support.be@kompernass.com
Verzendadres / Suscription:
Reponse 2 / Antwoordnummer 2
2030 Antwerpen