PCM 8 ST - Zag BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PCM 8 ST BOSCH in PDF-formaat.
| Producttype | Radiale verstekzaag |
| Merk | Bosch |
| Model | PCM 8 ST |
| Afmetingen (L x B x H) | ongeveer 500 x 400 x 300 mm |
| Gewicht | ongeveer 12 kg |
| Voeding | 230 V ~ 50 Hz |
| Opgenomen vermogen | 1600 W |
| Zaagblad diameter | 210 mm (8 inch) |
| Zaagblad boring | 30 mm |
| Onbelast toerental | 4800 tpm |
| Maximale zaagcapaciteit (90°) | 65 x 130 mm |
| Maximale zaagcapaciteit (45°) | 45 x 95 mm |
| Horizontale verstekhoekbereik | 0° tot 45° (links/rechts) |
| Verticale verstekhoekbereik (kanteling) | 0° tot 45° (links) |
| Hoofdfuncties | Dwarszaag, verstekzaag, afschuinzaag |
| Onderhoud en reiniging | Reinig regelmatig het zaagblad en de glijbanen, stof het apparaat na gebruik af |
| Veiligheid | Gebruik een veiligheidsbril, handschoenen en houd uw handen uit de buurt van het draaiende zaagblad |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Verkrijgbaar bij erkende Bosch-dealers of op de Bosch Professional-website |
| Algemene informatie | Gebruiksaanwijzing gratis te downloaden op notice-facile.com |
Veelgestelde vragen - PCM 8 ST BOSCH
Gebruikersvragen over PCM 8 ST BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PCM 8 ST - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PCM 8 ST van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING PCM 8 ST BOSCH
Veiligheidsvoorschriften
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen
WAARSCHUWING
Lees alle veiligheidswaarschuwingen, aanwijzingen,
afbeeldingen en specificaties die bij dit elektrische gereedschap worden geleverd. Als de hieronder vermelde aanwijzingen niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle waarschuwingen en aanwijzingen voor toekomstig gebruik.
Het in de waarschuwingen gebruikte begrip „elektrisch gereedschap” heeft betrekking op uw elektrische gereedschap voor gebruik op het elektriciteitsnet (met netkabel) en op uw elektrische gereedschap voor gebruik met een accu (kabelloos).
WAARSCHUWING Bij het gebruik van elektrisch gereedschap moeten de volgende belangrijke veiligheidsmaatregelen in acht worden genomen ter bescherming tegen een elektrische schok en tegen verwondings- en brandgevaar. Lees al deze voorschriften voordat u dit elektrische gereedschap gebruikt en bewaar deze veiligheidsvoorschriften goed.
Veiligheid van de werkomgeving
Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevalen leiden. ▶ Werk met het elektrische gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen. Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
Elektrische veiligheid
De aansluitstekker van het elektrische gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
▶ Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het elektrische gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapdelen. Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok.
Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok.
Als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, dient u een aardlekschakelaar te gebruiken. Het gebruik van een aardlek-
schakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.
Veiligheid van personen
Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrische gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.
Draag persoonlijke beschermende uitrusting. Draag altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen.
Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u de stekker in het stopcontact steekt of de accu aansluit en voordat u het gereedschap oppakt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden.
Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot verwondingen leiden.
Voorkom een onevenwichtige lichaamshouding. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren en kleding uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, lange haren en sieraden kunnen door bewegende delen worden mee-genomen.
Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging beperkt het gevaar door stof.
Ondanks het feit dat u eventueel heel goed vertrouwd bent met het gebruik van gereedschappen, moet u ervoor zorgen dat u niet nonchalant wordt en veiligheidsvoorschriften voor het gereedschap gaat negeren. Een onoplettende handeling kan binnen een fractie van een seconde ernstig letsel veroorzaken.
Zorgvuldige omgang met en zorgvuldig gebruik van elektrische gereedschappen
Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.








- Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd. Trek de stekker uit het stopcontact en/of neem de accu (indien uitneembaar) uit het elektrische gereedschap, voordat u het elektrische gereedschap instelt, accessoires wisselt of het elektrische gereedschap opbergt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het elektrische gereedschap. Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt. Pleeg onderhoud aan elektrische gereedschappen en accessoires. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het elektrische gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat deze beschadigde onderdelen voor het gebruik repareren. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen. Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden.
- Gebruik elektrisch gereedschap, accessoires, inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. Houd handgrepen en greepvlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en greepvlakken verhinderen dat het gereedschap in onverwachte situaties veilig kan worden gehanteerd en bediend.
Service
Laat het elektrische gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
Veiligheidsvoorschriften voor verstekzagen
Verstekzagen zijn bestemd voor het zagen van hout of houtachtige materialen, ze kunnen niet worden gebruikt met doorslijpschijven voor het doorslijpen van ferrometalen zoals stangen, staven, spijkers enz. Slijp-stof kan ervoor zorgen dat bewegende delen zoals de onderste beschermkap blokkeren. Vonken die bij doorslijpen ontstaan, leiden tot brandplekken bij de onderste beschermkap, de verstekzaagbak en andere kunststof onderdelen.
- Gebruik indien mogelijk lijmklemmen om het werkstuk te ondersteunen. Als u het werkstuk met de hand ondersteunt, moet u uw hand aan beide kanten altijd op een afstand van ten minste 100 mm van het zaagblad houden. Gebruik deze zaag niet om stukken te zagen die te klein zijn om veilig vastgeklemd of met de hand vastgehouden te worden. Als uw hand te dicht bij het zaagblad wordt geplaatst, bestaat er een verhoogd risico op letsel door contact met het zaagblad.
- Het werkstuk moet stationair en vastgeklemd zijn of tegen zowel de geleider als de tafel worden gehouden. Voer het werkstuk niet in het zaagblad of zaag op geen enkele manier „uit de vrije hand”. Niet vastgeklemde of bewegende werkstukken zouden met hoge snelheden weggeslingerd kunnen worden en zo letsel kunnen veroorzaken. Duw de zaag door het werkstuk. Trek de zaag niet door het werkstuk. Zo gaat het zagen in zijn werk: u tilt de zaagkop omhoog en trekt deze zonder te zagen over het werkstuk heen, u start de motor, duwt de zaagkop omlaag en u duwt de zaag door het werkstuk. Zagen met een trekkende beweging kan het zaagblad naar de bovenkant van het werkstuk laten klimmen en daardoor kan het zaagblad met geweld in de richting van de bediener worden geslingerd. Beweeg nooit met uw hand over de geplande zaaglijn voor of achter het zaagblad. Het „met gekruiste handen” ondersteunen van het werkstuk, d.w.z. het werkstuk met rechts vasthouden en het zaagblad met links of omgekeerd, is heel gevaarlijk. Kom achter de geleider niet met uw handen binnen een afstand van 100 mm van het draaiende zaagblad, om houtafval te verwijderen of om enige andere reden. Het is misschien niet meteen duidelijk dat het draaiende zaagblad zo dicht bij uw hand is en u zou ernstig gewond kunnen raken.
- Controleer uw werkstuk vóór het zagen. Als het werkstuk gebogen of krom is, klem dit dan met de naar buiten gebogen kant naar de geleider toe. Zorg er altijd voor dat er langs de zaaglijn geen opening is tussen het werkstuk, de geleider en de tafel. Gebogen of kromme werkstukken kunnen draaien of verschuiven en ertoe leiden dat het draaiende zaagblad tijdens het zagen klem komt te zitten. Er mogen geen spijkers of vreemde voorwerpen in het werkstuk zitten.
- Gebruik de zaag pas, als de tafel vrij is van alle gereedschappen, houtafval enz. en er alleen het werkstuk op ligt. Kleine stukjes afval of losse stukken hout of andere voorwerpen die met het draaiende zaagblad in aanraking komen, kunnen met een hoge snelheid worden weggeslingerd. Zaag maar één werkstuk tegelijkertijd. Meerdere op elkaar gestapelde werkstukken kunnen niet goed worden vastgeklemd of vastgezet en kunnen ervoor zorgen dat het zaagblad tijdens het zagen klem komt te zitten of verschuift.
Zorg ervoor dat de verstekzaag vóór gebruik op een vlakke, stevige ondergrond wordt gemonteerd of geplaatst. Een vlakke en stevige ondergrond vermindert het risico dat de verstekzaag onstabiel wordt. Plan uw werk. Telkens als u de instelling voor de schuinte of verstekhoek wijzigt, moet u ervoor zorgen dat de verstelbare geleider correct is ingesteld voor ondersteuning van het werkstuk en het zaagblad of de beschermkap niet hindert. Maak zonder de machine in te schakelen en zonder werkstuk op de tafel met het zaagblad een volledige gesimuleerde zaagbeweging om er zeker van te zijn dat er geen obstakels zijn of dat er geen gevaar is voor het doorzagen van de geleider. Zorg voor voldoende ondersteuning, zoals tafelverlengingen, zaagbokken, enz., voor een werkstuk dat breder of langer is dan de bovenkant van de tafel. Werkstukken die langer of breder zijn dan de verstekzaag, kunnen zonder een veilige ondersteuning kantelen. Als het afgezaagde stuk of het werkstuk kantelt, kan het de onderste beschermkap optillen of door het draaiende zaagblad worden weggeslingerd. Gebruik geen andere persoon als vervanging voor een tafelverlenging of als extra ondersteuning. Onstabiele ondersteuning voor het werkstuk kan ervoor zorgen dat het zaagblad klem komt te zitten of dat het werkstuk tijdens het zagen verschuift, waardoor u en uw helper in het draaiende zaagblad worden getrokken. Het afgezaagde stuk mag absoluut niet tegen het draaiende zaagblad worden geklemd of gedrukt. Als het afgezaagde stuk ingesloten zit, d.w.z. bij het gebruik van lengteaanslagen, dan zou het tegen het zaagblad vast kunnen komen zitten en met geweld weggeslingerd kunnen worden. - Gebruik altijd een lijmklem of een spaninrichting die speciaal voor het ondersteunen van rond materiaal als stokken e.d. is ontworpen. Stokken hebben de neiging om tijdens het zagen te gaan rollen, waardoor het zaagblad gaat „bijten” en het werkstuk met uw hand in het zaagblad trekt. Laat het zaagblad zijn volle snelheid bereiken, voordat u dit met het werkstuk in aanraking brengt. Dit vermindert het risico dat het werkstuk weggeslingerd wordt. Als het werkstuk of het zaagblad klem komt te zitten, schakelt u de verstekzaag uit. Wacht tot alle bewegende delen tot stilstand zijn gekomen en trek de stekker uit het stopcontact of verwijder de accu. Maak het klemzittende materiaal dan vrij. Als u met een klemzittend werkstuk doorgaat met zagen, dan verliest u de controle of wordt de verstekzaag beschadigd. Nadat het zagen voltooid is, laat u de schakelaar los, houdt u de zaagkop omlaag en wacht u tot het zaagblad tot stilstand is gekomen, voordat u het afgezaagde stuk verwijdert. Het is gevaarlijk om met uw hand in de buurt van het uitlopende zaagblad te komen. Het elektrische gereedschap wordt geleverd met een waarschuwingsplaatje (in de weergave van het elektrische gereedschap op de pagina met afbeeldingen aangeduid met nummer 2).
sche gereedschap op de pagina met afbeeldingen aangeduid met nummer 2).

Als de tekst van het waarschuwingsplaatje niet in de taal van uw land is, plak er dan vóór de eerste ingebruikneming de meegeleverde sticker in de taal van uw land op.

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk niet zelf in de directe of reflecterende laserstraal. Daardoor kunt u personen verblinden, ongevallen veroorzaken of het oog beschadigen.
Als laserstraling het oog raakt, dan moeten de ogen bewust gesloten worden en moet het hoofd onmiddellijk uit de straal bewogen worden. ■ Breng geen wijzigingen aan de laserinrichting aan. Maak waarschuwingsstickers op elektrisch gereedschap nooit onleesbaar. Bewaar het elektrische gereedschap als u het niet gebruikt op een veilige plaats. Bewaar het op een droge en afsluitbare plaats. Daarmee voorkomt u dat het elektrische gereedschap tijdens het bewaren beschadigd of door onervaren personen bediend wordt. Gebruik het elektrische gereedschap niet met een beschadigde kabel. Raak de beschadigde kabel niet aan en trek de stekker uit het stopcontact als de kabel tijdens de werkzaamheden wordt beschadigd. Beschadigde kabels vergroten het risico van een elektrische schok. Controleer de kabel regelmatig en laat een beschadigde kabel alleen door een erkende servicewerkplaats voor Bosch elektrische gereedschappen repareren. Vervang een beschadigde verlengkabel. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het elektrische gereedschap in stand blijft. Gebruik geen stompe, gescheurde, verbogen of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd gerichte tanden veroorzaken door een te nauwe zaagopening een verhoogde wrijving, vastklemmen van het zaagblad of terugslag. - Gebruik het gereedschap nooit zonder de inlegplaat. Vervang een defecte inlegplaat. Zonder een correct werkende inlegplaat kunt u zich aan het zaagblad verwonden. Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd snel-draaistaal (HSS-staal). Dergelijke zaagbladen kunnen gemakkelijk breken. Gebruik altijd zaagbladen met de juiste maat en vorm (ruitvormig of rond) van het opnameboorgat. Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaagmachine passen, lopen niet rond en leiden tot het verliezen van de controle. Controleer dat de beschermkap correct werkt en vrij kan bewegen. Klem de beschermkap nooit in geopende toestand vast.
Houd de vloer vrij van houtspanen en materiaalresten. U kunt uitglijden of struikelen. Pak het zaagblad na de werkzaamheden niet vast voordat het afgekoeld is. Het zaagblad wordt tijdens de werkzaamheden zeer heet. Verlaat het gereedschap nooit voordat het volledig tot stilstand is gekomen. Uitlopende inzetgereedschappen kunnen verwondingen veroorzaken. ▶ Beweeg het zaagblad alleen ingeschakeld naar het werkstuk. Anders bestaat er gevaar voor een terugslag als het zaagblad in het werkstuk vasthaakt. ▶ Ga nooit op het elektrische gereedschap staan. Er kunnen ernstige verwondingen optreden wanneer het elektrische gereedschap kantelt of wanneer u per ongeluk met het zaagblad in aanraking komt.
Symbolen
De volgende symbolen kunnen voor het gebruik van het elektrische gereedschap van belang zijn. Zorg ervoor dat u de symbolen en hun betekenis herkent. Het juiste begrip van de symbolen helpt u het elektrische gereedschap goed en veilig te gebruiken.
Symbolen en hun betekenis

Houd uw handen uit de buurt van de zaagomgeving terwijl het elektrische gereedschap loopt. Bij aanraking van het zaagblad bestaat verwondingsgevaar.

Draag een stofmasker.

Draag een veiligheidsbril.

Draag een gehoorbescherming. De blootstelling aan lawaai kan gehoorverlies tot gevolg hebben.

Laserstraling Staar niet in de straal Klasse 2 laserproduct

Gevarenbereik! Houd handen, vingers en armen zo veel mogelijk uit de buurt.
Symbolen en hun betekenis

Bij het zagen van verticale verstekhoeken moet de verstelbare aanslagrail naar buiten getrokken worden.

Let op de afmetingen van het zaagblad. De gatdiameter moet zonder speling op de uitgaande as passen. Gebruik geen reduceerstukken of adapters.

De zaaglijn kan door de laserstraal naar keuze links of rechts van het zaagblad aangegeven worden.
Product- en vermogensbeschrijving

Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle voorschriften. Als de waarschuwingen en voorschriften niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Gebruik volgens bestemming
Het elektrische gereedschap is bestemd voor gebruik als staand gereedschap voor schulpen en afkorten met een rechte zaaglijn in hout. Daarbij zijn horizontale verstekhoeken van -48° tot +48° en verticale verstekhoeken van 0° tot 45° mogelijk.
Het vermogen van het elektrische gereedschap maakt het geschikt voor het zagen van hard en zacht hout.
Het elektrische gereedschap is niet geschikt voor het zagen van aluminium of andere non-ferrometalen.
Afgebeelde componenten
De componenten zijn genummerd zoals op de afbeeldingen van het elektrische gereedschap op de pagina's met afbeeldingen.
1 Handgreep 2 Laser-waarschuwingsplaatje 3 Hendel voor losdraaien van gereedschaparm 4 Beschermkap 5 Pendelbeschermkap 6 Glijrol 7 Aanslagrail 8 Zaagtafel 9 Boorgaten voor montage
10 Inlegplaat
11 Vastzetknop voor verstekhoek naar wens (horizontaal) 12 Kantelbeveiliging 13 Hoekaanduiding (horizontaal) 14 Inkepingen voor standaardverstekhoek 15 Schaalverdeling voor verstekhoek (horizontaal)
16 Bevestigingsschroef voor stationaire zaagtafelverlenging 17
17 Zaagtafelverlenging (stationair)
18 Vertelbare aanslagrail
19 Lijmklem
20 Lasereenheid/uitgang laserstraling
21 Spangreep voor verstekhoek naar wens (verticaal)
22 Transportgreep
23 Stofzak
24 Instelschroef van diepteaanslag
25 Diepteaanslag
26 Zaagblad
27 Aan/uit-schakelaar
28 Schakelaar voor laser (zaaglijnmarkering)
29 Spaanafvoer
30 Kantelbeveiligingsbeugel
31 Afkortvoorziening
32 Vastzethendel van trekinrichting
33 Boorgaten voor lijmklem
34 Opname voor stationaire zaagtafelverlenging 17
35 Transportvergrendeling
36 Opname voor flexibele zaagtafelverlenging 48 (op elektrisch gereedschap)
37 Blokkering uitgaande as
38 Inbussleutel
39 Klemhendel van verstelbare aanslagrail
40 Hoekaanduiding (verticaal)
41 Schaalverdeling voor verstekhoek (verticaal)
42 Bevestigingsschroef voor kantelbeschermbeugel
43 Inbusbout voor zaagbladbevestiging
44 Spanflens
45 Binnenste spanflens
46 Vleugelschroef
47 Draadeind
48 Zaagtafelverlenging (flexibel)
49 Opname voor flexibele zaagtafelverlenging 48 (op de stationaire zaagtafelverlenging 17)
50 Schuif lasereenheid
51 Bevestigingsschroef voor inlegplaat
Niet elk afgebeeld en beschreven toebehoren wordt standaard meegeleverd. Het volledige toebehoren vindt u in ons toebehorenprogramma.
Informatie over geluid
Geluidsemissiewaarden vastgesteld volgens EN 61029-2-9.
Het A-gewogen geluidsniveau van het gereedschap bedraagt kenmerkend: geluidsdrukniveau 94 dB(A); geluidsvermogenniveau 102 dB(A). Onzekerheid K=3 dB.
Draag een gehoorbescherming.
Technische gegevens
| Radiaalzaag PCM 8 S | |||
| PCM 800 S | PCM 8 ST | ||
| Productnummer 3 603 M10.... 1.. | ... 1.. | ||
| Opgenomen vermogen | W 1200 1200 | ||
| Onbelast toerental | min 1 | 4800 | 4800 |
| Lasertype | nm | 650 | 650 |
| mW | < 1 | < 1 | |
| Laserklasse | 2 | 2 | |
| Divergentie laserlijn | 1,0 mrad(volle hoek) | 1,0 mrad(volle hoek) | |
| Onderstel | - ● | ||
| Gewicht volgens EPTA-Procedure 01:2014 | kg 11,4 18,2* | ||
| Isolatieklasse | ☐/II | ☐/II | |
* Gereedschapuitvoering met onderstel
Toegestane werkstukmaten (maximaal/minimaal) zie pagina 84.
De gegevens gelden voor nominale spanningen [U] 230 V. Bij afwijkende spanningen en bij per land verschillende uitvoeringen kunnen deze gegevens afwijken.
Afmetingen voor geschikte zaagbladen
| Zaagbladdiameter | mm | 216 |
| Bladdikte | mm | 1,4-1,8 |
| max. zaagbreedte | mm | 2 |
| Boorgatdiameter | mm | 30 |
Conformiteitsverklaring
CE
We verklaren op onze verantwoordelijkheid dat het onder „Technische gegevens” beschreven product aan alle desbetreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, tot 19 april 2016: 2004/108/EG, vanaf 20 april 2016: 2014/30/EU, 2006/42/EG inclusief van de wijzigingen ervan voldoet en met de volgende normen overeenstemt EN 61029-1, EN 61029-2-9, EN 60825-1, EN 50581:2012.
Technisch dossier (2006/42/EG) bij:
Robert Bosch Power Tools GmbH, PT/ETM9, 70538 Stuttgart, GERMANY
Henk Becker
▶ Voorkom per ongeluk starten van het elektrische gereedschap. Tijdens de montage en bij alle werkzaamheden aan het elektrische gereedschap mag de stekker niet zijn aangesloten op de stroomvoorziening.
Nederlands | 81
Meegeleverd

Raadpleeg daarvoor de beschrijving van de meegeleverde onderdelen aan het begin van de gebruiksaanwijzing.
Controleer voor de eerste ingebruikneming van het elektrische gereedschap of alle hier-
na vermelde onderdelen zijn meegeleverd:
- Radiaalzaag met gemonteerd zaagblad
- Stofzak 23
- stationaire zaagtafelverlenging 17 (2 x), bevestigingsschroeven 16 (2 x)
- flexibele zaagtafelverlenging 48 (2 x)
- Lijmklem 19
- Inbussleutel 38
- Kantelbeschermbeugel 30 met bevestigingsschroeven 42
Extra onderdelen bij PCM 8 ST (gereedschapuitvoering met onderstel)
Onderstel
- voetprofielen F, C (telkens 4 x)
- verbindingsprofielen E, D (telkens 2 x)
- kopprofielen A, B (telkens 2 x)
- onderlegplaat i (2 x)
Bevestigingsset
- slotschroeven onderstel g (26 x)
- flensmoeren h (30 x)
- bevestigingsschroeven elektrisch gereedschap j (4 x)
- onderlegringen k (4 x)
Opmerking: Controleer het elektrische gereedschap op eventuele beschadigingen.
Voordat u het elektrische gereedschap verder gebruikt, dient u veiligheidsvoorzieningen en licht beschadigde onderdelen zorgvuldig te controleren op hun juiste werking volgens de voorschriften. Controleer of de bewegende delen goed werken en niet vastklemmen en of er onderdelen beschadigd zijn. Alle onderdelen moeten juist gemonteerd zijn en aan alle voorwaarden voldoen om een correcte werking te waarborgen.
Laat beschadigde beschermingsvoorzieningen en onderdelen door een erkend en gespecialiseerd bedrijf op deskundige wijze repareren of vervangen.
Gereedschap dat naast de meegeleverde onderdelen benodigd is:
- Ring- of steeksleutel (12 mm)
(voor de montage van onderstel
Montage van onderdelen
- Neem alle meegeleverde delen voorzichtig uit de verpakking.
- Verwijder al het verpakkingsmateriaal van het elektrische gereedschap en het meegeleverde toebehoren.
- Let erop dat het elektrische gereedschap zich in de transportstand bevindt, om de werkzaamheden bij de montage van de meegeleverde gereedschapelementen te vergemakkelijken.
Kantelbeschermbeugel monteren (zie afbeelding A)
Voor het eerste gebruik van het elektrische gereedschap moet u de kantelbeschermbeugel 30 monteren.
- Draai het elektrisch gereedschap om en leg het voorzichtig op de beschermkap 4 en de zaagtafel 8.
- Steek de kantelbeschermbeugel 30 zover in de daarvoor bestemde boorgaten in de voetplaat tot de schroefdraadgaten van kantelbeschermbeugel en voetplaat met elkaar in één lijn liggen.
- Steek de bevestigingsschroeven 42 in de schroefdraadgaten en draai deze vast met de meegeleverde inbussleutel 38.
- Draai het elektrisch gereedschap om, zodat het nu weer in de juiste positie voor te werken staat.
▶ Verwijder nooit de kantelbeveiligingsbeugel. Zonder de kantelbeveiliging staat het elektrische gereedschap niet zeker en kan het kantelen, vooral bij het zagen van een maximale verstekhoek.
Stationaire zaagtafelverlengingen monteren (zie afbeelding B)
De stationaire zaagtafelverlengingen 17 moeten links en rechts van de zaagtafel 8 aan het elektrisch gereedschap worden vastgeschroefd.
- Steek telkens een zaagtafelverlenging 17 met de bevestiggingsschroeven 16 naar voren in de opnamen 34 op het elektrisch gereedschap.
- Draai de bevestigingsschroeven 16 vast met de meegeleverde inbussleutel 38.
Montage zonder onderstel (zie afbeelding C)
- Bevestig het elektrische gereedschap met een geschikte schroefverbinding op het werkoppervlak. Daartoe dienen de boorgaten 9.
Flexibele opstelling (niet geadviseerd!) (zie afbeelding D)
Als het in uitzonderingsgevallen niet mogelijk is om het elektrische gereedschap op een vlak en stabiel werkoppervlak te monteren, kunt u het provisorisch met de kantelbeveiliging opstellen.
Zonder de kantelbeveiliging staat het elektrische gereedschap niet zeker en kan het kantelen, vooral bij het zagen van een maximale verstekhoek.
- Draai de kantelbeveiliging 12 zo ver naar binnen of naar buiten tot het elektrische gereedschap recht op het werkoppervlak staat.
PCM 8 ST: Montage met onderstel (zie afbeeldingen F1-F6)
- Steek telkens een plastic kapje op een voetprofiel F.
- Steek telkens twee slotschroeven g door een lang voetprofiel F, door een kort voetprofiel C en door een kort verbindingsprofiel E. Borg de slotschroeven losjes met de flensmoeren h.
- Verbind een tweede voet (lang voetprofiel F, kort voetprofiel C) met het korte verbindingsprofiel E. Borg de slot-schroeven losjes met de flensmoeren h.
- Herhaal de beide voorgaande stappen met de resterende profielen F, C, E.
- Verbind de op deze manier ontstane zijdelen van het onderstel telkens met een lang verbindingsprofiel D. Borg de slotschroeven losjes met de flensmoeren h.
- Zet de lange kopprofielen A op de voetprofielen C en schroef ze stevig vast aan het onderstel.
- Zet de korte kopprofielen B vanaf de buitenkant op de lange kopprofielen A (boorgaten naar boven) en schroef deze stevig vast aan het onderstel. Let erop dat de boorgaten van beide kopdelen met elkaar in één lijn liggen.
- Leg de onderlegplaten i tot aan de aanslag op de korte kop-profielen B. Let erop dat de boorgaten van onderlegplaat en kopdeel met elkaar in één lijn liggen.
- Steek telkens een slotschroef g door het vierkante gat van de onderlegplaat i en van het kopprofiel B. Borg de slotschroeven losjes met de flensmoeren h.
- Draai alle flensmoeren h vast met een ring- of steeksleutel (12 mm).
- Zet het elektrisch gereedschap op de onderlegplaten i. Let erop dat de boorgaten 9 op het elektrisch gereedschap in één lijn liggen met de boorgaten van onderlegplaat en kop-deel.
- Schroef het elektrisch gereedschap aan het onderstel vast met behulp van de bevestigingsschroeven j, de onderlegringen k en de flensmoeren h.
Afzuiging van stof en spanen
Stof van materialen zoals loodhoudende verf, enkele houtsoorten, mineralen en metaal kunnen schadelijk voor de gezondheid zijn. Aanraking of inademing van stof kan leiden tot allergische reacties en/of ziekten van de ademwegen van de gebruiker of personen die zich in de omgeving bevinden. Bepaalde soorten stof, bijvoorbeeld van eiken- en beukenhout, gelden als kankerverwekkend, in het bijzonder in combinatie met toevoegingsstoffen voor houtbehandeling (chromaat en houtbeschermingsmiddelen). Asbesthoudend materiaal mag alleen door bepaalde vakmensen worden bewerkt.
- Gebruik altijd een stofafzuiging.
- Zorg voor een goede ventilatie van de werkplek.
- Er wordt geadviseerd om een ademmasker met filterklasse P2 te dragen.
Neem de in uw land geldende voorschriften voor de te bewerken materialen in acht.
De afzuiging van stof en spanen kan geblokkeerd worden door stof, spanen of fragmenten van het werkstuk.
- Schakel het elektrische gereedschap uit en trek de stekker uit het stopcontact.
- Wacht tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen.
- Stel de oorzaak van de blokkering vast en maak deze ongedaan.
Eigen afzuiging (zie afbeelding E)
- Steek de stofzak 23 op de spaanafvoer 29.
De stofzak mag tijdens het zagen nooit met bewegende delen van het gereedschap in aanraking komen.
Maak de stofzak op tijd leeg.
Externe afzuiging
Voor de afzuiging kunt u aan de spaanafvoer 29 ook een stofzuigerslang (∅ 35 mm) aansluiten.
De stofzuiger moet geschikt zijn voor het te bewerken materiaal.
Gebruik bij het afzuigen van voor de gezondheid bijzonder gevaarlijk, kankerverwekkend of droog stof een speciale zuiger.
Inzetgereedschap wisselen
(zie afbeeldingen G1-G4)
▶ Trek altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de stekker uit het stopcontact. ▶ Draag werkhandschoenen bij de montage van het zaagblad. Bij het aanraken van het zaagblad bestaat verwondingsgevaar.
Gebruik alleen zaagbladen met een maximaal toegestaan toerental dat hoger is dan het onbelaste toerental van het elektrische gereedschap.
Gebruik alleen zaagbladen die voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing vermelde specificaties, volgens EN 847-1 zijn gecontroleerd en overeenkomstig zijn gemarkeerd.
Gebruik alleen zaagbladen die door de fabrikant van het elektrische gereedschap werden aanbevolen en die geschikt zijn voor het materiaal dat u wilt bewerken. Dit voorkomt oververhitting van de zaagtanden bij het zagen.
Zaagblad demonteren
- Zet het elektrische gereedschap in de werkstand.
- Draai de inbusbout 43 met de meegeleverde inbussleutel 38 en druk tegelijkertijd op de blokkering van de uitgaande as 37 tot deze vastklikt.
- Houd de asblokkering 37 ingedrukt en draai de schroef 43 met de klok mee naar buiten (linkse schroefdraad!).
- Neem de spanflens 44 van de as.
- Druk op de hendel 3 en draai de pendelbeschermkap 5 tot aan de aanslag naar achteren.
- Houd de pendelbeschermkap in deze stand en verwijder het zaagblad 26.
- Geleid de pendelbeschermkap langzaam weer omlaag.
Zaagblad monteren
Reinig indien nodig voor de montage alle te monteren delen.
- Druk op de hendel 3, draai de pendelbeschermkap 5 tot aan de aanslag naar achteren en houd de kap in deze stand vast.
- Zet het nieuwe zaagblad op de binnenste spanflens 45.
Let er bij de montage op dat de snijrichting van de tanden (richting van de pijl op het zaagblad) overeenkomt met de richting van de pijl op de beschermkap.
- Geleid de pendelbeschermkap langzaam weer omlaag.
- Breng de spanflens 44 en de schroef 43 aan. Druk op de asblokkering 37 tot deze vastklikt en draai de schroef tegen de richting van de wijzers van de klok vast.









Gebruik
- Trek altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de stekker uit het stopcontact.
Transportvergrendeling (zie afbeelding H)
Dankzij de transportvergrendeling 35 kunt u het elektrische gereedschap gemakkelijker vervoeren.
Elektrisch gereedschap ontgrendelen (werkstand)
- Duw de gereedschaparm aan de handgreep 1 iets omlaag om de transportbeveiliging 35 te ontlasten.
- Trek de transportvergrendeling 35 helemaal naar buiten.
- Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Elektrisch gereedschap vergrendelen (transportstand)
- Maak de vastzethendel 32 los, als deze de trekinrichting 31 vastklemt. Trek de gereedschaparm helemaal naar voren en druk voor het vergrendelen van de trekinrichting de vastzethendel weer naar achter.
- Schroef de instelschroef 24 helemaal omhoog.
- Draai voor het vergrendelen van de zaagtafel 8 de vastzetknop 11 aan.
- Druk op de hendel 3 en draai tegelijkertijd de gereedschaparm aan de handgreep 1 zo ver naar onderen tot de transportbeveiliging 35 helemaal naar binnen kan worden geduwd.
De gereedschaparm is nu voor het transport stevig vergrendeld.
Werkstuk bevestigen (zie afbeelding I)
Span het werkstuk altijd vast om een optimale arbeidsveiligheid te waarborgen.
Bewerk geen werkstukken die te klein zijn om te worden vastgespannen.
- Druk het werkstuk vast tegen de aanslagrails 18 en 7.
- Steek de meegeleverde lijmklem 19 in een van de daarvoor voorziene boorgaten 33.
- Draai de vleugelschroef 46 los en pas de lijmklem aan het werkstuk aan. Draai de vleugelschroef weer vast.
- Span het werkstuk vast door aan het draadeind 47 te draaien.
Werkstuk losmaken
- Als u de lijmklem wilt losdraaien, draait u het draadeind 47 tegen de wijzers van de klok in.
Zaagtafel verlengen (zie afbeelding J)
Het flexibele steeksysteem van de zaagtafelverlengingen 48 maakt voor u een groot aantal verlengingsvarianten mogelijk.
- Steek naar behoefte de flexibele zaagtafelverlengingen 48 in de opnamen 36 op het elektrisch gereedschap of in de opnamen 49 van de stationaire zaagtafelverlengingen.
Verstekhoek instellen
Bedien bij het instellen van de verstekhoek nooit de aan/uit-schakelaar 27. Als daardoor het elektrische gereedschap onbedoeld start, bestaat er verwondingsgevaar.
Horizontale verstekhoek instellen (zie afbeelding K)
De horizontale verstekhoek kan in een bereik van 48° (linkerzijde) tot 48° (rechterzijde) worden ingesteld.
- Draai de vastzetknop 11 los wanneer deze is vastgedraaid.
- Draai de zaagtafel 8 aan de vastzetknop naar links of rechts tot de hoekaanduiding 13 de gewenste verstekhoek aangeeft.
- Draai de vastzetknop 11 weer vast.
Voor het snel en nauwkeurig instellen van vaak gebruikte verstekhoeken klikt de zaagtafel 8 bij de volgende standaardhoeken vast:
Links Rechts
0°
45°30°22,5°15°15°22,5°30°45°
Verticale verstekhoek instellen (zie afbeeldingen L1-L2)
De verticale verstekhoek kan in een bereik van 0° tot 45° worden ingesteld.
- Maak de klemhendel 39 los.
- Trek de verstelbare aanslagrail 18 volledig naar buiten.
- Voor de bevestiging van de verstelbare aanslagrail trekt u de gereed de klemhendel 39 weer vast.
- Maak de spangreep 21 los.
- Draai de gereedschaparm aan de handgreep 1 tot de hoekaanduiding 40 de gewenste verstekhoek aangeeft.
- Houd de gereedschaparm in deze stand en draai de spangreep 21 weer vast.
Voor het snel en nauwkeurig instellen van de standaardhoeken 0° en 45° zijn op het machinehuis eindaanslagen voorzien.
- Maak de spangreep 21 los.
- Draai de gereedschaparm aan de handgreep 1 tot aan de aanslag naar rechts (0°) of tot aan de aanslag naar links (45°).
- Draai de spangreep 21 weer vast.
Ingebruikneming
Let op de netspanning! De spanning van de stroombron moet overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje van het elektrische gereedschap. Met 230 V aangeduide elektrische gereedschappen kunnen ook met 220 V worden gebruikt.
Inschakelen (zie afbeelding M)
- Als u het gereedschap wilt inschakelen drukt u de aan/uitschakelaar 27 in en houdt u deze ingedrukt. Om energie te besparen, schakelt u het elektrische gereedschap alleen in wanneer u het gebruikt.
Opmerking: Om veiligheidsredenen kan de aan/uit-schakelaar 27 van de machine niet worden vergrendeld, maar moet deze tijdens het gebruik voortdurend ingedrukt blijven.
Alleen door het indrukken van de hendel 3 kunt u de gereedschaparm omlaag bewegen.
- Als u wilt zagen, moet u daarom de hendel 3 indrukken terwijl u de aan/uit-schakelaar 27 bedient.
Uitschakelen
- Als u het gereedschap wilt uitschakelen laat u de aan/uitschakelaar 27 los.
Tips voor de werkzaamheden
Algemene aanwijzingen voor het zagen
Draai de vastzetknop 11 en de spangreep 21 voor het zagen altijd stevig vast. Het zaagblad kan anders in het werkstuk schuin wegdraaien. Elke keer wanneer u zaagt, moet u eerst controleren dat het zaagblad op geen enkel moment de aanslagrail, lijmklemmen of andere gereedschapsdelen kan aanraken. Verwijder eventueel gemonteerde hulpgeleiders of pas deze op de juiste wijze aan.
Zorg ervoor dat de pendelbeschermkap correct werkt en vrij kan bewegen. Als de gereedschapsarm omlaag wordt geleid, moet de pendelbeschermkap opengaan. Als de gereedschapsarm omhoog wordt geleid, moet de pendelbeschermkap boven het zaagblad weer sluiten en in de bovenste positie van de gereedschapsarm vergrendelen.
Bescherm het zaagblad tegen schokken en stoten. Oefen geen zijwaartse druk op het zaagblad uit.
Zaaglijn markeren (zie afbeeldingen N1-N2)
Een laserstraal geeft de zaaglijn van het zaagblad aan. Daardoor kunt u het werkstuk voor het zagen nauwkeurig positioneren zonder de pendelbeschermkap te openen.
- Schakel daarvoor de laserstraal met de schakelaar 28 in.
- Schuif afhankelijk van favoriete kijkrichting de lasereenheid 20 met behulp van de schuif 50 naar links of rechts. Daardoor wordt de zaaglijn door de laserstraal naar keuze links of rechts van het zaagblad aangegeven.
- Als de zaaglijn door de laserstraal links van het zaagblad wordt aangegeven, lijn dan uw markering op het werkstuk aan de rechterkant van de laserlijn uit. Als de zaaglijn door de laserstraal rechts van het zaagblad wordt aangegeven, lijn dan uw markering op het werkstuk aan de linkerkant van de laserlijn uit.
Positie van de bediener (zie afbeelding O)
- Ga niet op één lijn met het zaagblad vóór het elektrische gereedschap staan, maar altijd opzij van het zaagblad. Zo is uw lichaam beschermd tegen een mogelijke terugslag.
Toegestane werkstukmaten
Maximale werkstukmaten:
| Verstekhoek Hoogte x breedte | ||
| Horizontaal Verticaal | ||
| 0° 0° | 65 x 220 mm | |
| 45° 0° | 65 x 155 mm | |
| 0° 45° | 40 x 220 mm | |
| 45° | 45° | 40 x 155 mm |
Minimale werkstukmaten (= alle werkstukken die met de meegeleverde lijmklem 19 links of rechts van het zaagblad kunnen worden vastgespannen): 100 x 40 mm (lengte x breedte)
Max. zaagdiepte (0°/0°): 50 mm
Zagen zonder afkortbeweging (kappen) (zie afbeelding P)
- Voor zagen zonder trekbeweging (kleine werkstukken) maakt u de vastzethendel 32 los, als deze de trekinrichting 31 vastklemt. Schuif de gereedschaparm tot aan de aanslag in de richting van de aanslagrails 18 en 7 en druk voor het vergrendelen van de trekinrichting de vastzethendel weer naar achter.
- Span het werkstuk overeenkomstig de afmetingen vast.
- Stel de gewenste verstekhoek in.
- Schakel het elektrische gereedschap in.
- Druk op de hendel 3 en beweeg de gereedschaparm met de handgreep 1 langzaam omlaag.
- Zaag het werkstuk met een gelijkmatige voorwaartse beweging door.
- Schakel het elektrische gereedschap uit en wacht tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen.
- Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Zagen met afkortbeweging
- Voor zagen met behulp van de trekinrichting 31 (brede werkstukken) maakt u de vastzethendel 32 los, als deze de trekinrichting vastklemt.
- Span het werkstuk overeenkomstig de afmetingen vast.
- Stel de gewenste verstekhoek in.
- Draai de gereedschaparm zo ver van de aanslagrail 7 weg tot het zaagblad zich voor het werkstuk bevindt.
- Schakel het elektrische gereedschap in.
- Duw nu de gereedschaparm in de richting van de aanslagrail 7 en zaag het werkstuk met een gelijkmatige voorwaartse beweging door.
- Schakel het elektrische gereedschap uit en wacht tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen.
- Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Druk op de hendel 3 en beweeg de gereedschaparm met de handgreep 1 langzaam omlaag.
Diepteaanslag instellen (groef zagen) (zie afbeelding Q)
De diepteaanslag moet worden versteld als u een groef wilt zagen.
- Zwenk de diepteaanslag 25 naar buiten.
- Druk op de hendel 3 en draai de gereedschaparm in de gewenste positie.
- Draai de instelschroef 24 tot het einde van de schroef de diepteaanslag 25 raakt.
- Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Inlegplaat vervangen (zie afbeelding R)
De zwarte inlegplaat 10 kan na langer gebruik van het elektrisch gereedschap slijten.
Vervang een defecte inlegplaat.
- Zet het elektrische gereedschap in de werkstand.
- Schroef de bevestigingsschroef 51 met de inbussleutel 38 eruit en verwijder de oude inlegplaat.
- Plaats de nieuwe inlegplaat en schroef de bevestigingsschroef 51 weer vast.
Profielplinten bewerken
Profielplinten kunt u op twee verschillende manieren bewerken:
- Tegen aanslagrail geplaatst
- Plat op de zaagtafel liggend

Bovendien kunt u afhankelijk van de breedte van de profielplint met of zonder trekbeweging zagen.
Probeer de ingestelde verstekhoek altijd eerst uit op een stuk afvalhout.
Transport (zie afbeelding S)
Ga als volgt te werk voordat u het elektrische gereedschap vervoert:
- Zet het elektrische gereedschap in de transportstand.
- Steek de flexibele zaagtafelverlengingen 48 in de opnamen 36 van het elektrisch gereedschap.
- Verwijder al het toebehoren dat niet vast op het elektrische gereedschap kan worden gemonteerd. Leg ongebruikte zaagbladen als u deze wilt vervoeren indien mogelijk in een afgesloten bak.
- Draag het elektrische gereedschap altijd aan de transportgreep 22.
- Gebruik bij het vervoeren van het elektrische gereedschap alleen de transportvoorzieningen en nooit de beschermingsvoorzieningen.
Onderhoud en service
Onderhoud en reiniging
- Trek altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de stekker uit het stopcontact.
Als de aansluitkabel moet worden vervangen, moeten deze werkzaamheden door Bosch of een erkende klantenservice voor Bosch elektrische gereedschappen worden uitgevoerd om veiligheidsrisico's te voorkomen.
Reiniging
Houd het elektrische gereedschap en de ventilatieopeningen altijd schoon om goed en veilig te werken.
De pendelbeschermkap moet altijd vrij kunnen bewegen en zelfstandig kunnen sluiten. Houd daarom de omgeving rond de pendelbeschermkap altijd schoon.
Verwijder na de werkzaamheden stof en spanen door uitblazen met perslucht of met een kwast.
Reinig de glijrol 6 regelmatig.
Toebehoren
| Productnummer | |
| Zaagbladen voor hout | |
| Zaagblad 216 x 30 mm, 24 tanden | 2 608 640 431 |
| Zaagblad 216 x 30 mm, 48 tanden | 2 608 640 432 |
| Zaagbladen voor hardhout en combinatiematerialen | |
| Zaagblad 216 x 30 mm, 60 tanden | 2 608 640 433 |
Klantenservice en gebruiksadviezen
Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op:
www.bosch-pt.com
Het Bosch-team voor gebruiksadviezen helpt u graag bij vragen over onze producten en toebehoren.
Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande productnummer volgens het typeplaatje van het product.
Nederland
Tel.: (076) 579 54 54
Fax: (076) 579 54 94
E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com
België
Tel.: (02) 588 0589
Fax: (02) 588 0595
E-mail: outillage.gereedschap@be.bosch.com
Afvalverwijdering
Elektrische gereedschappen, toebehoren en verpakkingen moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Gooi elektrische gereedschappen niet bij het huisvuil.
Alleen voor landen van de EU:

Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU over elektrische en elektronische oude apparaten en de omzetting van de richtlijn in nationaal recht moeten niet meer bruikbare elektrische gereedschappen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Wijzigingen voorbehouden.
- tegen de aanslagrail geplaatst

▶ Draag een veiligheidsbril.

12 Kantelbeveiliging
30 Frame kantelbeveiliging