Voxtel R210 - Walkietalkie AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Voxtel R210 AEG in PDF-formaat.
| Producttype | Portofoon |
| Merk | AEG |
| Model | Voxtel R210 |
| Frequentiebanden | PMR446 (licentievrij) |
| Aantal kanalen | 8 kanalen |
| Zendvermogen | 0,5 W (wettelijk max PMR446) |
| Maximaal bereik | Tot 10 km in open veld |
| Voeding | 3 AA-batterijen (niet inbegrepen) |
| Batterijduur | Ongeveer 20 uur in stand-by |
| Afmetingen (L x H x D) | Ongeveer 120 x 55 x 30 mm |
| Gewicht | Ongeveer 80 g (zonder batterijen) |
| Belangrijkste functies | Tweerichtingscommunicatie, kanaalscan, VOX (handsfree), squelch, oproeptoon |
| LCD-scherm | Verlicht display voor kanaal- en batterij-indicator |
| Waterdichtheid | Niet gespecificeerd (beperkte spatwaterbestendigheid) |
| Bijgeleverde accessoires | Riemclip, koord, gebruikershandleiding |
| Onderhoud en reiniging | Afnemen met een droge, zachte doek; geen oplosmiddelen gebruiken |
| Veiligheid | Gebruik alleen aanbevolen batterijen; niet blootstellen aan overmatige hitte |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Geen reserveonderdelen beschikbaar; reparatie door een professional |
| Algemene informatie | Conform Europese regelgeving; recreatief gebruik |
Veelgestelde vragen - Voxtel R210 AEG
Gebruikersvragen over Voxtel R210 AEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Walkietalkie in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Voxtel R210 - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Voxtel R210 van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING Voxtel R210 AEG
Wij willen u bedanken voor de aankoop van dit product. Bij de ontwikkeling en montage van dit product stonden u en het milieu centraal. Daarom krijgt u bij dit product een verkorte installatiehandleiding, zodat er minder papier wordt gebruikt en er dus minder bomen moeten worden gekapt. Bedankt dat u ons steunt in onze zorg voor het milieu.
2 UW PMR
2.1 Overzicht PMR (zie P1)
| # Betekenis | ||
| 1 | Lcd-schermGeeft de huidige kanaalselectie en andere symbolen weer. | |
| 2 | ![]() | OproeptoetsIndrukken om een oproeptoon te verzenden naar andere PMR-toestellen. |
| 3 | ![]() | Toetsen omhoog/omlaagIndrukken om het kanaal of het volume te wijzigen en om instellingen te selecteren tijdens de programmering. |
| 4 | ![]() | MenutoetsIndrukken om van modus te veranderen. |
| 5 | Luidspreker | |
| 6 MIC | Microfoon | |
| 7 | ![]() | Aan-uittoetsIngedrukt houden om het toestel in of uit te schakelen. |
| 8 PTT | PTT-toets (push to talk)Ingedrukt houden om te zenden. | |
| 9 | Aansluiting voor microfoon/oortjes/lader | |
| 10 | Antenne | |
2.2 Lcd-scherm (zie P2)
| Betekenis | |
![]() | Kanaalnummer.Verandert van 1 tot 8 naargelang de keuze van de gebruiker. |
![]() | CTCSS-code.Verandert van 1 tot 38 naargelang de keuze van de gebruiker. |
![]() | Geeft het batterijniveau weer. |
![]() | Weergegeven wanneer de chronometerfunctie actief is. |
![]() | Weergegeven bij het verzenden van een signaal. |
![]() | Weergegeven bij het ontvangen van een signaal. |
![]() | Weergegeven wanneer dual channel monitor actief is. |
![]() | Weergegeven wanneer DCS actief is. |
![]() | Weergegeven wanneer de VOX-functie actief is. |
![]() | Weergegeven wanneer de PMR alle kanalen scant. |
![]() | Weergegeven wanneer de toetsvergrendeling actief is. |
![]() | Geeft het huidige luidsprekervolume weer. |
3 INSTALLATIE
3.1 De riemclip verwijderen
- Trek het lipje van de riemclip naar voren (weg van de PMR).
- Duw de riemclip omhoog terwijl u aan het lipje van de riemclip trekt, zoals geïllustreerd in Fig. 1.
3.2 De riemclip plaatsen
- Schuif de riemclip in het slot zoals geillustreerd in Fig. 2.
Een 'klik' geeft aan dat de riemclip op zijn plaats zit.
Lipje van riemclip

3.3 De batterijen plaatsen (zie P3)
Voorzichtig:
Controleer de polariteit van de batterijen wanneer u de batterijen plaatst. Een onjuiste plaatsing van de batterijen kan zowel de batterijen als het toestel beschadigen.
- Schuif de afdekking van het batterijcompartiment omlaag.
- Plaats de oplaadbare batterijen volgens de oriëntatie geïllustreerd in P3.
- Plaats de afdekking van het batterijcompartiment terug.
Belangrijk:
Lees deze veiligheidswaarschuwingen alvorens de batterijen te vervangen.
- Probeer niet-oplaadbare batterijen nooit op te laden.
- Zorg dat de afdekking van het batterijcompartiment correct vergrendeld is wanneer u de batterijen oplaadt.
- Gooi gebruikte batterijen veilig weg op een manier die het milieu geen schade toebrengt. Probeer ze nooit te verbranden en laat ze nooit achter op een plaats waar ze verbrand of doorboord kunnen raken.
- Laat lege batterijen niet in uw PMR-toestel zitten. Ze kunnen dan gaan lekken.
3.4 De batterijen opladen
3.4.1 Met duolader (model R210/R220) (zie P4)
- Steek de kleine stekker aan het einde van de netadapter in de netsnoeringang achteraan de duolader.
- Steek de netadapter in een stopcontact 210 - 240 V AC/50 Hz.
- Plaats de PMR-toestellen rechtop in de lader. De led-lampjes van de laadindicators lichten op.
- Het duurt ongeveer 10 uur om volledig lege batterijen op te laden. Bij nieuwe batterijen duurt een volledige laadbeurt tot 14 uur.
Belangrijk:
- Het toestel moet worden opgeladen met de meegeleverde netadapter. Bij gebruik van een andere adapter worden de EN60950-1-regels overtreden en worden de goedkeuringen en garantie ongeldig.
- Schakel de PMR-toestellen steeds uit tijdens het laden. Dit verkort de oplaadtijd.
3.4.2 De adapter gebruiken (model R200/R210/R220) (zie P5)
- Open de afdekking van de laadcontacten bovenaan de PMR.
- Steek de ronde stekker van de adapter (9 V DC / 200 mA) in de laadaansluiting.
- Steek de netadapter in een stopcontact 210 - 240 V AC/50 Hz.
3.5 Batterijniveau
Het batterijniveau-icoon bevindt zich in de linkerhoek van het lcd-scherm. Hij lijkt op een batterij met drie staafjes erin. Dit geeft het resterende niveau aan. Wanneer het batterijniveau onder de minimumdrempel zakt terwijl de PMR aanstaat, weerklinken er twee beeptonen en wordt het toestel automatisch uitgeschakeld.
Het toestel geeft de batterijlading aan in vier niveaus:
| Batterijniveau hoog. | |
| Batterijniveau gemiddeld. | |
![]() | Batterijniveau laag. Bij dit niveau geeft het toestel in de normale modus om de 10 seconden een biepgeluid weer.Belangrijk: Laad het toestel 10 tot 14 uur op. |
![]() | Batterijniveau erg laag. Wanneer het batterijniveau onder de minimumdrempel zakt, laat het toestel twee bieptonen horen, wordt de stroom automatisch uitgeschakeld en gaat het toestel over naar de klokmodus. |
3.6 Levensduur van de batterij
Het toestel heeft een ingebouwde energiebesparingsmodus om de batterijen langer te laten meegaan. Toch verdient het aanbeveling om de toestellen uit te schakelen wanneer u ze niet gebruikt om het laadniveau van de batterij op peil te houden.
4 BEDIENING
4.1 Zendbereik
Het bereik hangt af van de omgeving en het terrein. Op grote open ruimtes zonder hindernissen zoals heuvels of gebouwen, kan het bereik oplopen tot ongeveer 8 km. Gebruik de twee PMR-toestellen niet wanneer ze minder dan 1,5 meter uit elkaar zijn. Anders krijgt u interferentie.
Belangrijke veiligheidswaarschuwing:
- Om de blootstelling aan radiofrequenties te beperken wanneer u uw PMR gebruikt, houdt u het toestel ten minste 5 cm van uw gezicht.
- Gebruik het toestel nooit buiten tijdens een onweer.
- Gebruik het toestel niet in de regen.
- Als uw toestel nat wordt, schakel het dan uit en verwijder de batterijen. Droog het batterijcompartiment en laat de afdekking er enkele uren af. Gebruik het toestel niet voor het volledig droog is.
- Houd het toestel buiten bereik van baby's en jonge kinderen.
4.2 Het toestel in-/uitschakelen
Inschakelen:
- Houd de aan-uittoets ① ingedrukt tot het lcd-scherm aan gaat en het huidige kanaal weergeeft.
Uitschakelen:
- Houd de aan-uittoets Ⓔ ingedrukt tot het lcd-scherm uitgaat. >U hoort telkens een bevestigingstoon.
4.3 Het luidsprekervolume regelen
Het volume wordt aangegeven met verticale staafjes op het lcd-scherm. U kunt het volume wijzigen terwijl u uw toestel gebruikt of wanneer het toestel inactief is (ingeschakeld maar niet in gebruik).
- Druk op de toets omhoog ▲ om het volume te verhogen of de toets omlaag ▼ om het te verlagen.
4.4 Van kanaal veranderen
Het toestel heeft acht beschikbare kanalen. Om te kunnen communiceren met andere PMR-gebruikers binnen het zendbereik moeten alle gebruikers hetzelfde kanaal hebben ingesteld.
- Druk een keer op de menutoets →. Het huidige kanaalnummer knippert op het lcd-scherm. - Druk op de toets omhoog ▲ of omlaag ▼om het gewenste kanaal te selecteren.
U kunt de kanalen doorlopen van 1 tot 8 of vice versa.
- Druk op de PTT-toets om de kanaalinstelling te bevestigen.
Opmerking:
Een gedetailleerde frequentielijst vindt u in de sectie, Kanaalfrequentietabel' in deze handleiding.
4.4.1 DCS codes (Digital Coded Squelsh) instellen
Elk kanaal heeft ook 83 DCS codes, die u kunt gebruiken voor beveiligde privécommunicatie binnen een gebruikersgroep. Als u het subkanaal hebt ingesteld, kunt u enkel communiceren met andere PMR-gebruikers die hetzelfde kanaal en subkanaal hebben ingesteld.
Om de subkanaalfunctie uit te schakelen, zet u het subkanaal gewoon op 0 (nul). U kunt dan communiceren met alle PMR-gebruikers die
hetzelfde kanaal hebben ingesteld en die de subkanaalfunctie hebben uitgeschakeld.
- Druk twee keer op de menutoets → . Het nummer van het huidige CTCSS-subkanaal knippert op het lcd-scherm.
- Druk op de toets voor omhoog ▲ of omlaag ▼om een van de 38 CTCSS-subkanalen te selecteren.
- Druk op de PTT-knop om de subkanaalinstelling te bevestigen.
4.4.2 De geavanceerde digitale code (DCS) instellen
Elk kanaal heeft ook 83 digitale codes, die u kunt gebruiken voor beveiligde privécommunicatie binnen een gebruikersgroep.
- Druk drie keer op de menutoets → . De DCS-code knippert op het lcd-scherm.
- Druk op de toets voor omhoog ▲ of omlaag ▼om de gewenste DCS-code in te stellen.
- Druk op de PTT-toets om het ingestelde DCS-kanaal te bevestigen.
!
Zenden en ontvangen
- De PMR-transmissie is 'enkelrichtingsverkeer'. U kunt niet tegelijk praten en een transmissie ontvangen.
- De PMR is een open band. Identificeer uzelf steeds wanneer u op hetzelfde kanaal uitzendt.
4.5 Ontvangstmodus
Wanneer het toestel aanstaat en niet uitzendt, staat het steeds in de ontvangstmodus. Wanneer er een signaal wordt ontvangen op het huidige kanaal, wordt pictogram RX weergegeven op het lcd-scherm.
4.6 Zendmodus
- Houd de PTT-toets (Push to Talk) ingedrukt om uw boodschap te verzenden. Het pictogram TX wordt weergegeven op het lcd-scherm.
- Houd het toestel verticaal met de microfoon op 5 cm van uw mond. Praat op een normaal volume in de microfoon terwijl u de PTT-toets ingedrukt houdt.
- Laat de PTT-toets los wanneer u stopt met praten.
4.7 Monitorfunctie
U kunt de monitorfunctie gebruiken om zwakkere signalen in het huidige kanaal te zoeken.
- Houd de menutoets → en de toets voor omlaag tegelijk ingedrukt. Het pictogram RX wordt weergegeven op het lcd-scherm. Uw toestel pikt signalen van het huidige kanaal op, inclusief achtergrondruis.
- Druk op de menutoets → om de monitorfunctie van het kanaal stop te zetten.
4.8 De VOX-gevoeligheid instellen
In de VOX-modus verzendt het toestel alleen een signaal wanneer het door uw stem of andere geluiden rond u wordt geactiveerd. Wanneer u stopt met praten, blijft het toestel nog twee seconden verder uitzenden.
De VOX-gevoeligheid wordt weergegeven door een cijfer op het lcd-scherm. Op het hoogste niveau pikken de toestellen ook zachtere geluiden (inclusief achtergrondruis) op. Op het laagste niveau, pikt het enkel luidere geluiden op.
- Druk vier keer op de menutoets → . Het pictogram VOX wordt weergegeven en ,OF' knippert op het lcd-scherm.
- Druk op de toets omhoog ▲ om de VOX-gevoeligheid in te stellen op het maximumniveau (het maximumniveau is 3).
- Om de VOX-functie uit te schakelen, drukt u op de toets omlaag tot op het lcd-scherm ,OF' verschijnt.
- Druk op de PTT-toets om uw instelling te bevestigen. VOX gaat continu branden op het lcd-scherm zolang de VOX-functie actief is.
Opmerking:
De VOX-functie wordt niet aanbevolen in lawaaierige of winderig omgevingen.
De kanaalscan zoekt actieve kanalen in een eindeloze lus voor de 8 kanalen, 38 CTCSS-codes en 83 DCS-codes.
- Druk vijf keer op de menutoets → . Het pictogram SC verschijnt op het lcd-scherm.
- Druk op de toets omhoog ▲ of omlaag ▼om kanalen te beginnen scannen. Wanneer er een actief signaal wordt gedetecteerd, pauzeert de kanaalscan op het actieve kanaal.
- Druk zes keer op de menutoets ➞. CTCSS knippert op het lcd-scherm. Druk op de toets omhoog ▲ of omlaag ▼om de CTCSS te beginnen scannen vanaf 1-38.
- Druk zeven keer op de menutoets →. DCS knippert op het lcd-scherm. Druk op de toets voor omhoog ▲ of omlaag ▼om DCS-code 1-83 te beginnen scannen.
- Druk op de PTT-toets om de instelling te bevestigen.
4.10 Oproepsignaal
Uw PMR kan u waarschuwen voor een inkomend signaal door een hoorbare beltoon te laten weerklinken.
4.10.1 Oproeptoon
U kunt andere PMR-gebruikers een oproeptoon sturen om hen te laten weten dat u wilt communiceren.
- Druk op de oproeptoets.
U hoort ongeveer twee seconden lang een oproeptoon; Het pictogram TX verschijnt op het lcd-scherm. Alle andere toestellen die zich binnen het zendbereik bevinden en op hetzelfde kanaal en subkanaal (indien van toepassing) zitten, horen het oproepsignaal.
4.10.2 Een oproepsignaal selecteren
Het toestel is uitgerust met 15 verschillende types van oproepsignalen.
- Druk acht keer op de menutoets → . Het pictogram, CA' verschijnt en ,01' knippert op het lcd-scherm.
- Druk op de toets omhoog ▲ of omlaag ▼om het gewenste oproepsignaal te selecteren.
Het overeenkomstige oproepsignaal wordt afgespeeld wanneer u van de ene toon naar de andere gaat.
- Druk op de PTT-toets om de instelling te bevestigen.
4.11 Roger Beep
De Roger beep is een bieptoon die automatisch wordt doorgestuurd wanneer u de PTT-toets loslaat. Dit geeft de ontvanger aan dat u de transmissie hebt beëindigd en dat uw toestel in ontvangstmodus staat.
- Druk negen keer op de menutoets → . Het pictogram "R0" verschijnt op het lcd-scherm en het ,ON'-pictogram knippert.
- Druk op de toets omhoog ▲ of omlaag ▼om de roger biep in of uit te schakelen.
- Druk op de PTT-toets om de instelling te bevestigen.
4.12 De toetstoon in- of uitschakelen
Als deze functie is ingeschakeld, geeft het toestel steeds een bevestigingstoon wanneer men een toets indrukt.
- Druk tien keer op de menutoets →. Het pictogram, T0' verschijnt op het Icd-scherm en, ON' knippert.
- Druk op de toets voor omhoog ▲ of omlaag ▼om de toetstoon in of uit te schakelen.
- Druk op de PTT-toets om de instelling te bevestigen.
Uw toestel is in staat om twee kanalen te monitoren, het huidige en een ander kanaal. Als het toestel op een van beide kanalen een signaal detecteert, stopt het en ontvangt het het signaal.
- Druk elf keer op de menutoets →. Het pictogram "DCM" verschijnt op het lcd-scherm en ,OF' knippert.
- Druk op de toets omhoog ▲ of omlaag ▼om het ,dual watch'-kanaal te selecteren (1-8, op het huidige kanaal na).
- Blijf op de menutoets drukken → om de CTCSS-code te wijzigen.
- Druk op de toets omhoog ▲ of omlaag ▼m de gewenste CTCSS-code (1-38) te selecteren.
- Blijf op de menutoets drukken → om de DCS-code te wijzigen.
- Druk op de PTT-toets om de instelling te bevestigen.
5 BIJKOMENDE FUNCTIONS
5.1 Toetsvergrendeling
Met de toetsvergrendeling kan de gebruiker de toets omhoog ▲, omlaag ▼ en menu ➡itschakelen zodat de PMR-instellingen niet kunnen worden gewijzigd.
- Om de toetsvergrendeling in te schakelen, houdt u de menutoets
→ ingedrukt tot het pictogram toetsvergrendeling op het lcd-scherm verschijnt. - Om de toetsvergrendeling uit te schakelen, houdt u de menutoets
→ ingedrukt tot het pictogram toetsvergrendeling van het lcd-scherm verdwijnt.
Opmerking:
De PTT-toets, oproeptoets • een aan-uittoets • blijven actief, ook wanneer de toetsvergrendeling is ingeschakeld.
5.2 Chronometerfunctie
- Houd de oproeptoets •••• drie seconden ingedrukt met het toestel in stand-bymodus. De pictogrammen voor de chronometer verschijnen op het lcd-scherm.
- Druk een keer op de toets omhoog ▲ om de chronometer te starten. Druk nogmaals op de toets omhoog ▲ om hem te stoppen.
- Druk op de toets omlaag ▼ om de chronometer terug te stellen.
- Houd de oproeptoets •••• ingedrukt om de chronometerfunctie uit te schakelen en terug te keren naar de stand-bymodus.
5.3 Achtergrondverlichting voor lcd-scherm
Telkens er een toets wordt ingedrukt (behalve de PTT-toets en oproeptoets ⚙), licht de achtergrondverlichting van het lcd-scherm gedurende 5 seconden op.
5.4 Aansluiting voor microfoon/oortjes/lader
Het toestel is uitgerust met een extra aansluiting voor een microfoon, oortjes en lader bovenaan het toestel. Voor meer informatie, zie www.aegtelphones.eu
6 SPECIFICATIES
| Beschikbare kanalen Acht kanalen |
| CTCSS-subkanaal 38 voor elk kanaal |
| Outputvermogen (TX) 0,5 W (Max.) |
| Bereik tot 8 km |
Kanaalfrequentietabel
| Kanaal Frequentie (MHz) Kanaal Frequentie (MHz) | ||
| 1 446.00625 5 446.05625 | ||
| 2 446.01875 6 446.06875 | ||
| 3 446.03125 7 446.08125 | ||
| 4 446.03125 8 446.09375 | ||
7 VEILIGHEID
| ! | Beschadigde antenneGebruik geen PMR met een beschadigde antenne. Wanneer een beschadigde antenne in contact komt met de huid, kan ze kleine brandwonden veroorzaken. |
| ! | Oplaadbare batterijenAlle batterijen kunnen materiële schade en/of lichamelijke letsels zoals brandwonden veroorzaken wanneer geleidende materialen zoals juwelen, sleutels of kettingen tegen de blootgestelde contacten komen. Het materiaal kan het elektrische circuit vervolledigen (kortsluiting) en erg warm worden. Wees voorzichtig wanneer u opgeladen batterijen hanteert, vooral wanneer u ze in een zak, tas of andere houder met metalen voorwerpen steekt. |
| ! | Waarschuwing voor voertuigen met een airbagPlaats uw toestel niet op de afdekking van een airbag of in de ontplooingszone van een airbag. Airbags worden met grote kracht ontplooid. Als er zich een toestel in de ontplooingszone bevindt wanneer de airbag zich ontplooit, wordt het met grote kracht weggekatapulteerd en kan het de inzittenden ernstig verwonden. |
| ! | Omgevingen met ontploffingsgevaarSchakel uw toestel uit in de buurt van omgevingen met ontploffingsgevaar, tenzij uw toestel speciaal voor deze omgeving is goedgekeurd (bijvoorbeeld: wederzijdse goedkeuring bij fabrieken). In dergelijke omgevingen is een vonk genoeg om een ontploffing of brand te veroorzaken, met letsels of zelfs de dood tot gevolg. |
| ! | BatterijenVervang of laad de batterijen nooit in een omgeving met ontploffingsgevaar. Bij het plaatsen of verwijderen van de batterijen kunnen er contactvonken ontstaan, die een ontploffing kunnen veroorzaken. |
| ! | Detonator en detonatiezonesOm eventuele interferentie met opblaasactiviteiten te vermijden, dient u uw toestel uit te schakelen in de buurt van elektrische detonators of in een ,detonatiezone' of in zones met de waarschuwing: „Schakel zendapparatuur uit." Respecteer alle borden en instructies. |
OPMERKING:
Zones met ontploffingsgevaar zijn doorgaans – maar niet altijd – duidelijk aangegeven. Dit zijn onder meer tankzones, zoals onder het dek bij boten, overdrachts- of opslagfaciliteiten voor brandstof of chemische producten; zones waar de lucht chemicaliën of partikels zoals zand, stof of metaalpoeder bevat; en andere zones waar u normaal wordt gevraagd om de motor van uw voertuig uit te schakelen.
8
CE-VERKLARING
CE
Dit product voldoet aan de essentiële vereisten en andere relevante voorschriften van de R&TTE-richtlijn 1999/5/EC.
U vindt de conformiteitsverklaring op: www.aegtelephones.eu
9 HET TOESTEL AFDANKEN (MILIEU)

Aan het einde van de levensduur van het product mag u dit product niet weggooien met het normale huishoudafval, maar moet u het product naar een inzamelingspunt voor de recycling van elektrische en elektronische apparatuur brengen. Dat wordt aangegeven met het symbool op het product, in de gebruikershandleiding en/of op de verpakking. Sommige productmaterialen kunnen worden hergebruikt als u ze naar een inzamelingspunt brengt. Door sommige onderdelen of grondstoffen van gebruikte producten aan te bieden voor hergebruik levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van het milieu. Neem contact op met de plaatselijke autoriteiten voor meer informatie over de inzamelingspunten in uw regio.
De batterijen moeten worden verwijderd voordat het toestel wordt weggegooid. Gooi de batterijen op een milieuvriendelijke manier weg, volgens de voorschriften van uw land.
10
REINIGING
Reinig geen onderdelen van uw toestel met benzeen, thinners of andere chemicaliën met oplosmiddelen. Hierdoor kan permanente schade ontstaan die niet onder de garantie valt.
Reinig het toestel wanneer nodig met een vochtige doek.
Houd uw toestel uit de buurt van hete, vochtige omstandigheden of fel zonlicht en laat het niet nat worden.
11 GARANTIE EN SERVICE
Het toestel wordt geleverd met een garantie van 24 maanden vanaf de aankoopdatum vermeld op uw aankoopbon. Onder deze garantie vallen geen storingen of defecten als gevolg van ongevallen, verkeerd gebruik, normale slijtage, onachtzaamheid, knoeien met de apparatuur of pogingen om het toestel aan te passen of te repareren die niet door goedgekeurde servicepunten zijn uitgevoerd.
Bewaar uw aankoopbon; dat is uw garantiebewijs.
11.1 Tijdens de garantieperiode
- Doe alle onderdelen van uw toestel in de originele verpakking.
- Breng het toestel terug naar de winkel waar u het hebt gekocht en neem uw aankoopbon mee.
- Vergeet ook de netvoedingsadapter niet. (indien van toepassing)
11.2 Na de garantieperiode
Als het toestel niet meer onder garantie valt, kunt u contact met ons opnemen via www.aegtelephones.eu

















