DWE576 - Zag DEWALT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DWE576 DEWALT in PDF-formaat.
| Merk | DeWalt |
| Model | DWE576 |
| Producttype | Cirkelzaag |
| Spanning | 230 V |
| Opgenomen vermogen | 1600 W |
| Toerental onbelast | 5200 min⁻¹ |
| Zaagblad diameter | 190 mm |
| Maximale zaagdiepte | 61 mm |
| Boring | 30 mm |
| Verstelbare afkanting | 0° tot 57° (aanslagen bij 22,5° en 45°) |
| Gewicht | 4,0 kg |
| Geluidsdrukniveau (L_PA) | 88 dB(A) |
| Geluidsvermogensniveau (L_WA) | 99 dB(A) |
| Trilling (hout zagen) | < 2,5 m/s² |
| Isolatie | Dubbele isolatie (klasse II) |
| Zaagbladbescherming | Onderste veerbelaste beschermkap |
| Extra handgreep | Ja |
| Parallelgeleider | Inclusief |
| Stofafzuigaansluiting | Inclusief |
| Compatibele geleiderail | Optioneel |
| Beoogd gebruik | Professioneel zagen van hout |
| Garantie | 1 jaar (zie voorwaarden) |
| Reiniging | Perslucht of zachte borstel; geen oplosmiddelen gebruiken |
| Smering | Lagers zijn levenslang gesmeerd; jaarlijkse smering van het tandwielhuis in erkend servicecentrum |
| Repareerbaarheid | Reparatie uitsluitend door een erkend DeWalt servicecentrum |
Veelgestelde vragen - DWE576 DEWALT
Gebruikersvragen over DWE576 DEWALT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DWE576 - DEWALT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DWE576 van het merk DEWALT.
GEBRUIKSAANWIJZING DWE576 DEWALT
Nederlands (vertaald vanuit de originele instructies) 102
Hartelijk gefeliciteerd!
U hebt gekozen voor een DEWALT gereedschap. Jarenlange ervaring, grondige productontwikkeling en innovatie maken DEWALT tot een van de betrouwbaarste partners voor gebruikers van professioneel gereedschap.
Technische gegevens
| DWE575 | DWE576 | |||
| Spanning | V | 230 | 230 | |
| Type | 1 | 1 | ||
| Vermogen | W | 1600 | 1600 | |
| Snelheid onbelast | min^1 | 5200 | 5200 | |
| Zaagbladdiameter | mm | 190 | 190 | |
| Maximale zaagdiepte | mm | 67 | 61 | |
| Zaagbladboring | mm | 30 | 30 | |
| Aanpassing afschulnhock | 57^ | 57^ | ||
| Gewicht | kg | 4.0 | 4.0 | |
| L_PA (geluidsdruk) | dB(A) | 88 | 88 |
| K_PA (onzekerheidstfactor geluidsdruk) | dB(A) | 3 | 3 |
| L_PA (akoestisch vermogen) | dB(A)) | 99 | 99 |
| K_PA (onzekerheid akoestisch vermogen) | dB(A) | 3 | 3 |
Vibratie totaalwaarden (triax vectorsorn) vastgesteld in overeenstemming met EN 60745:
Vibratie-emissiewaarde a _h hout zagen
| a_h,w = | m/s2 | < 2.5 | < 2.5 |
| Onzekerheld K = | m/s2 | 1,5 | 1,5 |
Het vibratie-emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test volgens EN 60745 en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting van blootstelling.

WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap. Als het gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratie-
emissie verschillen. Dit kan het blootstellingniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totale arbeidsduur.
Een inschatting van het blootstellingniveau aan vibratie dient ook te worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totale arbeidsduur.
Stel aanvullende veiligheidsmaatregelen op om de operator te beschermen tegen de effecten van vibratie, zoals: onderhoud het gereedschap en de accessoires, houd de handen warm, organisatie van werkpatronen.
Zekeringen
Europa 230 V gereedschappen 10 Ampère, hoofdstroom
Definities: Veiligheidsrichtlijnen
De onderstaande definities beschrijven het veiligheidsniveau voor ieder signaleringswoord. Lees de gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en let op deze symbolen.

GEVAAR: Geeft een dreigend gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, leidt tot de dood of ernstig letsel.

WAARSCHUWING: Geeft een mogelijk gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, kan leiden tot de dood of ernstig letsel.

VOORZICHTIG: Geeft een mogelijk gevaarlijke situatie aan die, indien dit niet wordt voorkomen, zou kunnen leiden tot gering of matig letsel.
OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kan veroorzaken.

Wijst op het gevaar voor elektrische schok.

Wijst op brandgevaar.
EG verklaring van overeenstemming
RICHTLIJN VOOR MACHINES

DWE575, DWE576
DEWALT verklaart dat deze producten zoals beschreven onder Technische gegevens in overeenstemming zijn met:
2006/42/EC, EN 60745-1, EN 60745-2-5.
Deze producten voldoen ook aan Richtlijn 2004/108/EG en 2011/65/EU. Neem voor meer informatie contact op met DEWALT via het volgende adres of kijk op de achterzijde van de gebruiksaanwijzing.
De ondergetekende is verantwoordelijk voor de samenstelling van het technische bestand en legt deze verklaring af namens DEWALT.

Horst Grossmann
D-65510, Idstein, Duitsland
07.05.2012

SCHUWING: Lees de
instructiehandleiding om het risico op letsel te verminderen.
Algemene
veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap
veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel.
De term „elektrisch gereedschap“ in de waarschuwingen verwijst naar uw (met een snoer) op de netspanning aangesloten elektrische gereedschap of naar (draadloos) elektrisch gereedschap met een accu.
1) VEILIGHEID WERKPLAATS
a) Houd het werkgebied schoon en goed verlicht. Rommelige of donkere gebieden zorgen voor ongelukken.
b) Bedien elektrische gereedschappen niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen kunnen doen ontbranden.
c) Houd kinderen en omstanders op een afstand terwijl u een elektrisch gereedschap bedient. Als u wordt afgeleid kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
a) Stekkers van elektrisch gereedschap moeten in het stopcontact passen. Pas de stekker nooit op enige manier aan. Gebruik geen adapterstekkers samen met geaard elektrisch gereedschap.
Niet aangepaste stekkers en passende contactdozen verminderen het risico op een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlaktes zoals buizen, radiatoren, fornuizen en ijskasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is.
c) Stel elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of natte omstandigheden.
Als er water in een elektrisch gereedschap terecht komt, verhoogt dit het risico op een elektrische schok.
d) Behandel het stroomsnoer voorzichtig. Gebruik het stroomsnoer nooit om het elektrische gereedschap te dragen of te trekken, of de stekker uit het stopcontact te halen. Houd het snoer uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen, of bewegende onderdelen. Beschadigde snoeren of snoeren die in de war zijn verhogen het risico op een elektrische schok.
e) Als u een elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruikt u een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor buitenshuis, verminderet het risico op een elektrische schok.
f) Als het gebruik van een elektrisch gereedschap op een vochtige locatie onvermijdelijk is, gebruikt u een stroomvoorziening die beveiligd is met een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op een elektrische schok.
NEDERLANDS
3) PERSOONLIJKE VEILIGHEID
a) Blijf alert, kijk wat u doet en gebruik uw gezonde verstand als u een elektrisch gereedschap bedient. Gebruik het gereedschap niet als u vermoeid bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicatie bent. Een moment van onoplettendheid tijdens het bedienen van elektrische gereedschappen kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
b) Gebruik een beschermende uitrusting.
Draag altijd oogbescherming.
Beschermende uitrusting zoals een stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, een helm, of gehoorbescherming gebruikt in de juiste omstandigheden zal het risico op persoonlijk letsel verminderen.
c) Vermijd onbedoeld starten. Zorg ervoor dat de schakelaar in de 'off' (uit) stand staat voordat u het gereedschap aansluit op de stroombron en/of accu, het oppakt of ronddraagt. Het ronddragen van elektrische gereedschappen met uw vinger op de schakelaar of het aanzetten van elektrische gereedschappen waarvan de schakelaar aan staat, zorgt voor ongelukken.
d) Verwijder alle stelsleutels of moersleutels voordat u het elektrische gereedschap aan zet. Een moersleutel of stelsleutel die in een ronddraaiend onderdeel van het elektrische gereedschap is achtergelaten kan leiden tot persoonlijk letsel.
e) Rek u niet te ver uit. Blijf altijd stevig en in balans op de grond staan. Dit zorgt voor betere controle van het elektrische gereedschap in onverwachte situaties.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden of lang haar kunnen door bewegende delen worden gegrepen.
g) Als er in apparaten wordt voorzien voor het aansluiten van stofverwijdering- of verzamelapparatuur, zorg er dan voor dat deze correct worden aangesloten en gebruikt. Het gebruik van een stofverzamelaar kan aan stof gerelateerde gevaren verminderen.
4) GEBRUIK EN VERZORGING VAN ELEKTRISCH GEREEDSCHAP
a) Forceer het gereedschap niet. Gebruik het juiste elektrische gereedschap voor uw toepassing. Het juiste elektrische gereedschap voert de werkzaamheden beter en veiliger uit waarvoor het is ontworpen.
b) Gebruik het gereedschap niet als de schakelaar het niet aan en uit kan zetten. leder gereedschap dat niet met de schakelaar kan worden bediend is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Haal de stekker uit het stopcontact en/ of neem de accu uit het gereedschap voordat u aanpassingen uitvoert, accessoires verwisselt, of het elektrische gereedschap opbergt. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrische gereedschap per ongeluk opstart.
d) Bewaar gereedschap dat niet wordt gebruikt buiten het bereik van kinderen en laat niet toe dat personen die onbekend zijn met het elektrische gereedschap of deze instructies het gereedschap bedienen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk in handen van ongetrainde gebruikers.
e) Onderhoud elektrische gereedschappen. Controleer op verkeerde uitlijning en het grijpen van bewegende onderdelen, breuk van onderdelen en andere omstandigheden die de werking van het gereedschap nadelig kunnen beïnvloeden. Zorg dat het gereedschap voor gebruik wordt gerepareerd als het beschadigd is. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden gereedschap.
f) Houd snijdgereedschap scherp en schoon. Correct onderhouden snijdgereedschappen met scherpe snijdranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker te beheersen.
g) Gebruik het elektrische gereedschap, de accessoires en gereedschapsonderdelen enz. in overeenstemming met deze instructies, waarbij u rekening houdt met de werkomstandigheden en de werkzaamheden die dienen te worden uitgevoerd. Gebruik van het elektrische gereedschap voor werkzaamheden die anders zijn dan het bedoelde gebruik, kunnen leiden tot een gevaarlijke situatie.
5) SERVICE
a) Zorg dat u gereedschap wordt onderhouden door een erkende reparameter die uitsluitend identieke vervangende onderdelen gebruikt. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van het gereedschap blijft gegarandeerd.
AANVULLENDE SPECIFIEKE VEILIGHEIDSREGELS VOOR CIRKELZAGEN
Veiligheidsvoorschriften voor alle Zagen.
aJ GEVAAR: Hou de handen op een afstand van het snijgebied en het zaagblad. Hou je tweede hand op het bijkomend handvat of de motorbehuizing. Indien beide handen de zaag vasthouden kunnen ze niet door het zaagblad worden gesneden.
b) Grijp het werkstuk niet langs onder vast. De beschermkap kan u niet van het zaagblad beschermen onder het werkstuk.
c) Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er zou minder dan een volledig tand van de zaagtanden onderaan het werkstuk zichtbaar moeten zijn.
d) Hou het stuk dat gezaagd moet worden nooit vast met jet handen en leg het niet op je been. Maak het werkstuk vast aan een stabiel platform. Het is belangrijk dat het werkstuk correct wordt vastgemaakt om blootstelling aan het lichaam, vastzitten van het zaagblad, of verlies van cotrole te vermijden.
e) Neem bij het uitvoeren van een bewerking waar de cirkelzaag verstopte bedrading kan aanraken het werktuig vast bij de geïsoleerde grijpoppervlakten. Contact met een draad onder spanning zal ook de blootgestelde metalen onderdelen van het werktuig onder spanning zetten en de bediener een schok geven.
f) Gebruik bij het snijden steeds een snijplaat of een hulpstuk met een rechte rand. Dit bevordert de nauwkeurigheid van de snee en vermindert de kans dat het zaagblad zich vastzet.
g) Gebruik altijd zaagbladen met de juiste grootte en vorm (stervormig of rond) van het opnameboorgat. Bladen die niet bij de montagedelen van de zaagmachine passen draaien los, en leiden tot het verfies van de controle.
h) Gebruik nooit beschadigde of verkeerde onderlegringen of schroeven voor het zaagblad. De onderlegringen en schroeven voor het zaagblad zijn speciaal ontworpen voor uw cirkelzaag voor optimale werking en een veilig gebruik.
Oorzaken en Voorkoming van Terugslag
- Terugslag is een plotse reactie op een vasthakend, gebogen of verkeerd gericht zaagblad, waardoor een ongecontroleerde zaag uit het werkstuk naar de bediener opspringt.
- Wanneer het zaagblad zich in de sluitende zaagopening vasthaakt of vastklemt, stopt het zaagblad en slaat de motor snel de machine terug in de richting van de bediener;
- Wanneer het zaagblad in de zaagopening wordt gedraaid of verkeerd wordt gericht, kunnen de tanden van het achterste van het zaagblad zich op het oppervlak van het hout vasthaken waardoor het zaagblad uit de zaagopening naar achter springt in de richting van de bediener.
Terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik of gebruiksomstandigheden en kan worden voorkomen door geschikte voorzorgen te nemen zoals beneden aangegeven:
a) Hou de zaagmachine goed met beide handen vast en plaats uw armen zodat ze terugslagkrachten kunnen weerstaan. Hou je lichaam opzij van het zaagblad, maar niet op een rechte lijn met het zaagblad. Terugslag kan het zaagblad achteruit laten springen. Deze terugslagkrachten kunnen worden beheerst indien de bediener de juiste voorzorgen neemt.
b) Wanneer het zaagblad vastklemt of het zagen om een andere reden wordt onderbroken, laat u de schakelaar los en houdt u de zaagmachine in het materiaal stil tot het zaagblad volledig tot stilstand gekomen is. Probeer nooit om de zaagmachine uit het werkstuk te verwijderen of achteruit te trekken wanneer het zaagblad beweegt, wat tot terugslag kan leiden. Zoek naar de oorzaak van het vastklemmen en neem de geschikte maatregelen om deze te verwijderen.
c) Wanneer u een zaag wilt herstarten die in het werkstuk steekt centreert u het zaagblad in de zaagopening en controleert u of de zaagtanden niet in het materiaal zijn vastgehaakt. Indien het zaagblad klemt kan het uit het werkstuk opspringen of terugslaan wanneer de zaagmachine wordt herstart.
d) Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een klemmend zaagblad te verminderen. Grote platen kunnen onder hun eigen gewicht doorzakken. De platen moeten aan beide zijden ondersteund worden, dicht bij de zaaglijn en bij de randen van de plaat.
NEDERLANDS
e) Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Stompe of verkeerd geplaatste zaagbladen zorgen voor nauwe zaagopeningen wat tot buitensporige wrijving, vastklemmen en terugslag leidt.
f) De sluithendels voor zaagbladdiepte en afschuininstelling moeten stevig en veilig vastzitten alvorens te snijden. Indien de instelling van het zaagblad wijzigt tijdens het zagen kan deze vastgeklemd geraken en terugslag veroorzaken.
g) Wees bijzonder voorzichtig wanneer u in bestaande muren of andere verborgen gedeelten zaagt. Het vooruitstekende zaagblad kan voorwerpen zagen die terugslag kunnen veroorzaken.
Veiligheidsinstructies voor de onderste beschermkap
a) Controleer voor elk gebruik of de onderste beschermkap goed sluit. Gebruik de zaagmachine niet indien de onderste beschermkap niet vrij kan bewegen en niet onmiddelijk sluit. Klem of bind de onderste beschermkap nooit in de geopende stand vast. Indien de zaagmachine op de vloer valt kan de onderste beschermkap gebogen worden. Open de onderste beschermkap met de terutrekhandel en controleer of het vrij beweegt en dat het niet in contact komt met het zaagblad of enig ander onderdeel, bij alle zaaghoeken en zaagdiepten.
b) Controleer de werking van de veer van de onderste beschermkap. Indien de beschermkap en de veer niet correct werken moeten ze voor gebruik onderhouden worden. De onderste beschermkap kan mogelijks traag werken met beschadigde onderdelen, plakkende aanslag of ophoping van puin als oorzaak.
c) De onderste beschermkap zou enkel manueel moeten worden geopend bij bijzondere insnijdingen zoals invallend zagen en haaks zagen. Open de onderste beschermkap met de terugtrekhendel en laat deze los zodra het zaagblad in het materiaal wordt ingevoerd. Bij alle andere zaagwerkzaamheden zou de onderste beschermkap automatisch moeten werken.
d) Zorg ervoor dat de onderste beschermkap het zaagblad bedekt voor u de zaagmachine neerlegt op een bank of de vloer. Een onbeschermd, uitlopend zaagblad zal de zaagmachine achterwaarts
laten lopen en alles in haar pad snijden. Let op de tijd die het zaagblad nodig heeft om te stoppen nadat de schakelaar is losgelaten.
Bijkomende
Veiligheidswaarschuwingen voor Cirkelzaag
- Draag oorbeschermers. Blootstelling aan lawaai kan leiden tot gehoorverlies.
- Draag een stofmasker. Blootstelling aan stofdeeltjes kan voor ademhalingsproblemen en mogelijke verwondingen zorgen.
- Gebruik geen bladen met een grotere of kleiner diameter dan aanbevolen. Zie de technische gegevens voor de juiste zaagcapaciteiten. Gebruik enkel de bladen gespecificeerd in deze handleiding die voldoen aan EN 847-1.
- Gebruik nooit schurende afsnijwielen.
- Gebruik geen accessoires voor de toevoer van water.
- Zet het werkstuk met klemmen of op een andere praktische manier vast en ondersteun het werkstuk op een stabiele ondergrond. Wanneer u het werkstuk vasthoudt met de hand of het tegen uw lichaam gedrukt houdt, is het instabiel en kunt u de controle verliezen.
- Ga zo staan dat uw lichaam aan één van beide zijden van het zaagblad is, maar niet op één lijn met het zaagblad. Door TERUGSLAG zou de zaag naar achteren kunnen springen (zie Oorzaken van Terugslag en Voorkoming daarvan door de Gebruiker en TERUGSLAG).
- Ventilatieopeningen zijn vaak gepositioneerd voor bewegende delen en u kunt beter met uw handen niet in de buurt komen van deze openingen. Losse kleding, sieraden en lang haar kunnen in de bewegende delen bekneld raken.
Overige risico's
De volgende risico's zijn inherent aan het gebruik van cirkelzagen:
- Letsel als gevolg van het aanraken van ronddraaiende onderdelen of hete onderdelen van het gereedschap
Ondanks toepassing van de geldende veiligheidsvoorschriften en het aanbrengen van beveiligingen blijven bepaalde gevaren bestaan. Deze zijn:
NEDERLANDS
- Gevaar voor gehoorbeschadiging.
- Gevaar voor beklemming van vingers bij het verwisselen van de accessoire.
- Gezondheidsrisico's veroorzaakt door het inademen van stof dat vrijkomt als u met hout werkt.
Markering op het gereedschap
De volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld:

Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik.

Draag gehoorbescherming.

Draag oogbescherming.
De datumcode (jj), die ook het jaar van fabricage bevat, is binnen in de behuizing geprint.
Voorbeeld:
2012 XX XX
Jaar van fabricage
Inhoud van de verpakking
De verpakking bevat:
1 Cirkelzaag
1 Zaagblad cirkelzaag
1 Zaagbladsleutel
1 Langsgeleiding
1 Mondstuk Stofafzuiging
1 Gebruiksaanwijzing
1 Uitvergrote tekening
- Controleer of het gereedschap, de onderdelen of accessoires mogelijk zijn beschadigd tijdens het transport.
- Neem de tijd om deze handleiding grondig door te lezen en te begrijpen voordat u de apparatuur gebruikt.
Beschrijving (afb.1)
WAARSCHUWING: Pas het

gereedschap of een onderdeel ervan nooit aan. Dit kan schade of persoonlijk letsel tot gevolg hebben.
a. Aan/Uit-schakelaar
b. Vergrendelknop Aan/Uit-schakelaar
c. Hoofdhandgreep
d. Vergrendeling zaagblad
e. Eindkap
f. Hulphandgreep
g. Aanpassingshendel afschuinhoek
h. Aanpassingsmechanisme afschuinhoek
i. Grondplaat
j. Onderste zaagbladbeschermkap
k. Zaagbladklemschroef
I. Hendel onderste beschermkap
m Bovenste zaagbladbeschermkap
GEBRUIKSDOEL
Deze robuuste cirkelzagen zijn ontworpen voor professionele toepassing bij het zagen van hout. GEBRUIK DEZE ZAAG NIET met accessoires
voor de toevoer van water. GEBRUIK DEZE ZAAG NIET met schurende schijven of bladen. GEBRUIK
DEZE ZAAG NIET bij natte omstandigheden of in de aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen of gassen.
Deze zagen voor zware toepassingen zijn professioneel elektrische gereedschap. Laat kinderen NIET in contact met het gereedschap komen. Toezicht is vereist als onervaren operators dit gereedschap bedienen.
- Dit product is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) die verminderde fysieke, sensorische of psychische vermogens hebben of die het ontbreekt aan ervaring en/of kennis of bekwaamheden, als dat niet gebeurt onder toezicht van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen mogen nooit alleen worden gelaten met dit product zodat ze ermee zouden kunnen spelen.
Elektrische veiligheid
De elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd of de stroomvoorziening overeenkomt met de voltage op het typeplaatje.

Uw DEWALT gereedschap s dubbel geïsoleerd in overeenstemming met EN 60745; daarom is geen aarding nodig.
Als het stroomsnoer is beschadigd, moet het worden vervangen door een speciaal geprepareerd snoer dat leverbaar is via de DEWALT servicedienst.
NEDERLANDS
Een verlengsnoer gebruiken
Gebruik, als een verlengsnoer nodig is, een goedgekeurd 3-aderig verlengsnoer dat geschikt is voor de stroomvoorziening van dit gereedschap (zie Technische gegevens). De minimale geleidergrootte is 1,5 mm ^2 , de maximale lengte is 30 m.
Als u een haspel gebruikt, dient u het snoer altijd volledig af te rollen.
MONTAGE EN AANPASSINGEN
WAARSCHUWING: Beperk het risico van letsel, zet de unit uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u accessoires plaatst of verwijdert, voordat u aanpassingen aanbrengt of een andere opstelling kiest of wanneer u reparaties uitvoert. Wanneer het gereedschap per ongeluk wordt gestart, kan dat letsel tot gevolg hebben.
Zaagbladen wisselen
- Trek met de hendel van de onderste beschermkap (j) de onderste zaagbladbeschermkap (l) in en plaats het zaagblad op de zaagas legen de binnenste klemring (n), en let er daarbij op dat het zaagblad in de juiste richting draait (de richting van de pijl die de rotatie aangeeft op het zaagblad en de tanden moeten in dezelfde richting wijzen als die van de rotatiepijl op de zaag). Ga er niet vanuit dat de afdruk op het zaagblad altijd naar u toe is gericht wanneer deze goed is geïnstalleerd. Wanneer u de onderste zaagbladbeschermkap intrekt voor het installeren van het zaagblad, controleer dan de staat en de werking van de onderste zaagbladbeschermkap zodat u er zeker van kunt zijn dat deze goed werkt. Controleer dat deze vrij beweegt en niet het zaagblad of een ander onderdeel raakt, onder alle hoeken en bij alle zaagdiepten.
- Plaats de buitenste klemring (o) op de zaagas met de schuine zijde naar buiten gericht. Controleer dat de diameter van 30 mm op de zaagbladzijde van de klem past in het gat van 30 mm in het zaagblad, zodat het zeker is dat het zaagblad wordt gecentreerd.
-
Draai met de hand de zaagbladklemschroef (k) op de zaagas (de schroef heeft rechtse draad en moet naar rechts worden vastgedraaid).
-
Druk de zaagbladvergrendeling (d) in terwijl u de zaagas draait met de zaagbladsleutel (p) die onder de hoofdhandgreep is opgeborgen (c) (afb. 5), tot de zaagbladvergrendeling vastgrijpt en het zaagblad niet meer draait.
- Zet de zaagbladklemschroef stevig vast met de zaagbladsleutel.
OPMERKING: Schakel de zaagbladvergrendeling nooit in zolang de zaag loopt, en schakel de vergrendeling ook nooit in in een poging het gereedschap te stoppen. Schakel de zaag nooit in terwijl de asvergrendeling is ingeschakeld. Dit zal leiden tot ernstige beschadiging van uw zaag.
- Maak de zaagbladklemschroef (k) los door de zaagbladvergrendeling (d) in te drukken en draai de zaagas met de zaagbladsleutel (p), die onder de hoofdhandgreep is opgeborgen (c), totdat de zaagbladvergrendeling vastgrijpt en het zaagblad niet meer draait. Draai met de zaagbladvergrendeling ingeschakeld de zaagbladklemschroef met de zaagbladsleutel naar links (de schroef heeft rechtse draad en moet naar links worden losgedraaid).
- Verwijder de zaagbladklemschroef (k) en de buitenste klemring (o). Verwijder het oude zaagblad.
- Haal alle zaagsel weg die zich mogelijk heeft verzameld in de buurt van de beschermkap en de klemring en controleer de staat en de werking van de onderste beschermkap, zoals eerder is uiteengezet. Breng hier geen smering aan.
- Selecteer het juiste zaagblad voor de toepassing (zie Zaagbladen). Gebruik altijd zaagbladen van de juiste afmeting (diameter) met een middengat van de juiste afmeting en vorm voor de montage op de zaagas. Zorg er altijd voor dat de maximale aanbevolen snelheid (tpm) op het zaagblad overeenkomt met of hoger is dan de snelheid (tpm) van de zaag.
- Volg stap 1 tot en met 5 onder Het Zaagblad installeren en let erop dat het zaagblad in de juiste richting draait.
ONDERSTE ZAAGBLADBESCHERMKAP
WAARSCHUWING: De onderste zaagbladbeschermkap is een veiligheidsvoorziening die het risico van ernstig persoonlijk letsel beperkt. Gebruik de zaag nooit als de onderste beschermkap ontbreekt, beschadigd
NEDERLANDS
is, verkeerd gemonteerd is of niet goed werkt. U kunt er niet op vertrouwen dat de onderste zaagbladbeschermkap u onder alle omstandigheden beschermt. Uw veiligheid is afhankelijk van het opvolgen van de volgende waarschuwingen en aanwijzingen voor een veilig gebruik en ook van een goede werking van de zaag. Controleer voor ieder gebruik dat de onderste zaagbladbeschermkap goed sluit. Als de onderste zaagbladbeschermkap ontbreekt of niet goed werkt, laat de zaag dan nazien voordat u het gereedschap weer gebruikt. De veiligheid en betrouwbaarheid van het product kunnen alleen worden gewaarborgd als reparatie, onderhoud en afregeling worden uitgevoerd door een geautoriseerd servicecentrum of een andere gekwalificeerde service-organisatie, waarbij altijd identieke vervangende onderdelen moeten worden gebruikt.
DE ONDERSTE BESCHERMKAP CONTROLEREN (AFB. 1)
- Zet het gereedschap uit en trek de stekker uit het stopcontact.
- Draai de hendel van de onderste beschermkap (afb. 1, l) uit de geheel gesloten positie naar de geheel geopende positie.
- Laat de hendel los en zie erop toe dat de beschermkap (j) naar de geheel gesloten posite terugkeert.
Het gereedschap moet in een officieel erkend servicecentrum worden nagezien, als de beschermkap:
- niet terugkeert in de geheel gesloten positie,
- met horten en sloten of langzaam beweegt, of
- contact maakt met het zaagblad of met een deel van het gereedschap onder alle hoeken en bij alle zaagdiepten.
ZAAGBLADEN

WAARSCHUWING: Beperk het risico van oogletsel zoveel mogelijk, gebruik altijd oogbeschemming. Carbide is een hard maar bros materiaal. Voorwerpen in het werkstuk, die er niet in horen, zoals draad of spijkers, kunnen tot gevolg hebben dat de punt scheurt of breekt. Werk alleen met de zaag wanneer een goede zaagbladbeschermkap is geplaatst. Monteer vóór gebruik het zaagblad
stevig en let op de juiste draairichting, gebruik altijd een schoon, scherp zaagblad.
| Diameter | Tanden | Toepassing | ||
| 190 mm | 18 Snel overlangs | |||
| 190 mm | 24 | zagen Overlangs | zagen | |
| 190 mm | 40 Algemene | |||
toepassing
Neem, als u hulp nodig hebt bij het gebruik van zaagbladen, contact op met de DEWALT-dealer ter plaatse.
Terugslag
Terugslag is een plotselinge reactie op een bekneld, vastgelopen of verkeerd uitgelijnd zaagblad, waarbij een zaag zonder controle omhoog komt uit het werkstuk in de richting van de gebruiker. Wanneer het zaagblad bekneld raakt of vastloopt doordat de zaagsnede zich sluit, loopt het zaagblad vast en wordt de unit door de reactie van de motor snel in de richting van de gebruiker geduwd. Als het zaagblad krom wordt of verkeerd uitgelijnd raakt in de zaagsnede, kunnen de tanden aan achterste rand van het zaagblad zich in het oppervlak van het materiaal vreten, waardoor het zaagblad uit de zaagsnede komt en in de richting van de gebruiker springt.
Het is waarschijnlijker dat terugslag zich zal voordoen onder de volgende omstandigheden.
1. ONJUISTE ONDERSTEUNING VAN HET WERKSTUK
A. Doorzakken of onjuist omhoog brengen van het af te zagen stuk materiaal kan het vastklemmen van het zaagblad tot gevolg hebben en leiden tot terugslag (afb. 24).
B. Wanneer materiaal wordt doorgezaagd dat alleen aan de uiteinden wordt ondersteund, kan dat leiden tot terugslag. Naarmate het materiaal verzwakt, zakt het door, waardoor de zaagsnede zich sluit en het zaagblad klem komt te zitten (afb. 24).
C. Het afzagen van een vrijdragend of overhangend stuk materiaal van onderaf in een verticale richting kan terugslag tot gevolg hebben. Het vallende afgezaagde stuk kan een zaagblad alklemmen.
D. Wanneer lange smalle stroken worden afgezaagd kan dat terugslag tot gevolg hebben. De af te zagen strook kan doorzakken waardoor de zaagsnede zich sluit en het zaagblad bekneld raakt.
NEDERLANDS
E. Het ophalen van de onderste beschermkap op een oppervlak onder het materiaal dat wordt gezaagd, kan verminderde controle van de gebruiker over het gereedschap tot gevolg hebben. De zaag kan gedeeltelijk uit de zaagsnede omhoogkomen en daardoor kan de kans dat het zaagblad wordt verbogen, toenemen.
2. ONJUISTE INSTELLING VAN DE ZAAGDIEPTE OP DE ZAAG
U maakt de meest efficiënte zaagsnede als het zaagblad zo ver uitsteekt dat er slechts een tand uitsteekt, zoals in Afbeelding 8 wordt getoond. Zo kan de schoen het zaagblad ondersteunen en wordt het verbuigen en knellen in het materiaal tot een minimum beperkt. Zie het hoofdstuk getiteld Afstelling zaagdiepte.
3. BUIGING VAN HET ZAAGBLAD (VERKEERDE UITLIJNING IN DE ZAAGSNEDE)
A. Wanneer u harder duwt bij het zagen, kan het zaagblad buigen.
B. Wanneer u probeert de zaag in de zaagsnede te draaien (probeert terug te komen op de gemarkeerde lijn) kan dat tot gevolg hebben dat het zaagblad buigt.
C. Buiten uw macht reiken of de zaag bedienen in een verkeerde lichaamshouding (uit evenwicht), kan buigen van het zaagblad tot gevolg hebben.
D. Het verplaatsen van uw handen of een andere lichaamshouding aannemen kan buigen van het zaagblad tot gevolg hebben.
E. Het ondersteunen van de zaag om het zaagblad vrij te maken, kan verbuigen van het zaagblad tot gevolg hebben.
4. GEBRUIK VAN BOTTE OF VUILE ZAAGBLADEN
Bij gebruik van botte zaagbladen wordt de zaag meer belast. Om dat te goed te maken zal de gebruiker gewoonlijk harder duwen waardoor de unit nog meer wordt belast en het verbuigen van het zaagblad in de zaagsnede nog erger wordt. Versleten zaagbladen zullen misschien ook onvoldoende vrije ruimte hebben waardoor de kans op vastlopen en de belasting toeneemt.
5. HET OPNIEUW STARTEN VAN EEN ZAAGSNEDE TERWIJL DE TANDEN VAN DE ZAAG VASTSTAAN TEGEN HET MATERIAAL
De zaag moet eerst op volle bedrijfssnelheid worden gebracht en pas daarna mag een zaagsnede worden gestart of opnieuw worden
gestart, nadat de unit is gestopt met het zaagblad in de zaagsnede. Als u de zaag niet eerst op volle snelheid laat komen, kan dat leiden tot vastlopen en terugslag.
Alle andere omstandigheden die knellen, vastlopen, buigen of een verkeerde uitlijning tot gevolg kunnen hebben, kunnen leiden tot een terugslag. Raadpleeg de hoofdstukken Aanvullende specifieke veiligheidsregels voor alle cirkelzagen en Zaagbladen voor procedures en technieken die het optreden van terugslag zoveel mogelijk voorkomen.
Zaagdiepteafstelling (Afb. 6–8)
- Maak de hendel voor de diepteafstelling (q) los door de hendel omhoog te halen.
- Zet voor het verkrijgen van de juiste zaagdiepte het juiste merkteken op de strook voor de diepteafstelling (s) tegenover uitsparing (r) op de bovenste zaagbladbeschemkap.
- Zet de diepteafstellingshendel vast.
- Zet voor de meest efficiënte werking met een zaagblad met een carbide tip de diepteafstelling zo, dat ongeveer de helft van een tand onder het oppervlak van het te zagen hout uitsteekt.
- In afbeelding 8 wordt een methode getoond voor het controleren van de juiste zaagdiepte. en Leg een stuk van het materiaal dat u wilt gaan zagen langs het zaagblad, zoals in de afbeelding wordt getoond, en kijk hoeveel van een tand buiten het materiaal steekt.
AFSTELLING VAN DE HENDEL VOOR DE ZAAGDIEPTEAF-STELLING (AFB. 7)
Misschien wilt u de stand van de hendel voor de zaagdiepteafstelling (q) wijzigen. De hendel kan na verloop van tijd losraken en voor het vastzetten de grondplaat raken.
De hendel vastzetten:
- Houd de hendel voor de diepteafstelling (q) vast en draai de moer (t) los.
- Stel de hendel voor de diepteafstelling af door de hendel ongeveer 1/8 slag in de gewenste richting te draaien.
- Moer weer vastzetten.
Afstelling afschuinhoek (afb. 9)
U kunt het mechanisme voor de afschuinhoek (h) afstellen tussen 0° en 57°.
U kunt door gebruik te maken van de markeringen voor de fijnafstelling op de draaibeugel (v) nauwkeurige zaagresultaten bereiken.
- Maak de hendel voor de aanpassing van de afschuinhoek (g) los door de hendel omhoog te halen.
- Kantel de grondplaat in de gewenste hoek door de nauwkeurige aanwijzer voor de afschuinhoek (u) tegenover het merkteken van de gewenste hoek op de draaibeugel (v) te zetten.
- Zet de hendel voor de aanpassing van de afschuinhoek vast door de hendel omlaag te brengen.
Vast punt schuine zaagsnede (afb. 9)
De DWE575 en de DWE576 zijn uitgerust met een functie voor de instelling van een vaste punt voor de afschuinhoek. Wanneer u de grondplaat kantelt, hoort u een klik en voelt u dat de grondplaat vastklikt op 22,5 graad en op 45 graden. Zet, als één van deze standen de gewenste hoek is, de hendel (g) vast door de hendel omlaag te brengen. Als u een andere hoek wilt instellen, kantelt u de grondplaat verder totdal de grove aanwijzer (w) van de afschuinhoek of de fijne aanwijzer (u) van de afschuinhoek tegenover het gewenste merkteken staat.
Indicator zaaglengte (afb. 10)
De markeringen aan de zijkant van de grondplaat tonen de lengte van de sleuf die in het materiaal wordt gezaagd bij de volledige zaagdiepte. De markeringen geven stappen van 5 mm (1/5") aan.
De Parallelle Langsgeleiding monteren en afstellen (afb. 11)
De parallelle langsgeleiding (x) wordt gebruikt voor het zagen parallel aan de rand van het werkstuk.
MONTEREN
- Zet de afstellingsknop van de langsgeleiding (y) wat losser zodat de parallelle langsgeleiding kan passeren.
- Steek de parallele langsgeleiding (x) in de grondplaat (i), zoals wordt afgebeeld.
- Zet de afstellingsknop van de langsgeleiding (y) vast.
AFSTELLEN
-
Draai de afstellingsknop van de langsgeleiding (y) los en zet de parallele langsgeleiding (x) op de gewenste breedte.
U kunt de afstelling aflezen van de schaalverdeling van de langsgeleiding. -
Zet de afstellingsknop van de langsgeleiding (y) vast.
Het mondstuk van de Stofafzuiging monteren (afb. 1, 6, 12)
Uw cirkelzaag DWE575/DWE576 wordt geleverd met een mondstuk voor de stofafzuiging.
HET MONDSTUK VOOR STOFAFZUIGING INSTALLEREN
- Maak de hendel voor de afstelling van de zaagdiepte (q) helemaal los.
- Plaats de grondplaat (i) in de laagste positie.
- Houd de linkerhelft van het mondstuk voor de stofafzuiging (gg) tegenover de bovenste zaagbladbeschermkap (m), zoals wordt afgebeeld. Het is belangrijk dat u de nok in de uitsparing op het gereedschap steekt. Wanneer u dit op juiste wijze uitvoert, zal het mondstuk geheel over de oorspronkelijke diepte van de zaagsnedeaanwijzer klikken.
- Zet het rechtergedeelte tegenover het linker.
- Plaats de schroeven en draai ze stevig vast.
Geleiderailsysteem (DWE576, afb. 13)
Met behulp van geleiderails, als accessoires in verschillende lengte verkrijgbaar, kunt u met de cirkelzaag nauwkeurige, rechte en schone zaagsneden maken en tegelijkertijd het oppervlak van het werkstuk beschermen tegen beschadiging. In combinatie met aan te schaffen accessoires kunt u met het geleiderailsysteem nauwkeurig onder een hoek en in verstek zagen en installatiewerk uitvoeren.
Er zijn klemmen (dd) leverbaar waarmee u de geleiderail (bb) kunt vastzetten op het werkstuk (afb. 13). Door middel van deze klemmen (dd) kunt u de geleiderail (bb) stevig op het werkstuk (cc) bevestigen en veilig werken. Wanneer u de geleiderail eenmaal op de zaaglijn hebt ingesteld en stevig op het werkstuk hebt bevestigd, zal het werkstuk niet kunnen verschuiven tijdens het zagen.
BELANGRIJK: De schaalverdeling voor de instelling van de hoogte is ingesteld voor gebruik van de zaag zonder een geleiderail. Wanneer u de zaag op de geleiderail gebruikt, zal het verschil in hoogte ongeveer 5,0 mm zijn.
DE CIRKELZAAG OP DE GELEIDERAIL (AFB. 1, 14)
U bereikt de beste zaagresultaten wanneer de ruimte tussen de cirkelzaag en de geleiderail (afb. 14, bb) heel klein is. Hoe kleiner deze ruimte is, des te beter is de afwerking van de zaaglijn op het werkstuk.
NEDERLANDS
De ruimte kan worden ingesteld met de twee railaanpassingen (afb. 1, z, aa) voor elk kanaal in de grondplaat, voor zagen op 0° en voor schuin afzagen op 1 - 45° (aa). De railaanpassingen zijn precisienokken door middel waarvan de ruimte tussen het gereedschap en de geleiderail kan worden verminderd. Wanneer u deze aanpassingen hebt ingesteld, wordt zijdelingse verplaatsing van de zaag tijdens het zagen tot een minimum beperkt terwijl het zagen gelijkmatig kan worden uitgevoerd.
OPMERKING: De aanpassingen zijn in de fabriek op de minimale ruimte ingesteld en zullen misschien moeten worden aangepast voordat u met het gereedschap aan de slag kunt. Volg deze instructies voor het instellen van de cirkelzaag op de geleiderail.
DENK ERAAN: Stel de railaanpassingen op de zaag in op de geleiderail.
- Maak de schroef binnen in de railaanpassing los zodat aanpassing tussen de zaag en de geleiderail mogelijk wordt.
- Trek de onderste beschermkap terug en plaats het gereedschap op de geleiderail, let er daarbij op dat het zaagblad in de hoogste positie staat.
- Draai de aanpassing tot de zaag op de geleiderail wordt vergrendeld
BELANGRIJK: Controleer dat de zaag stevig op de rail is bevestigd door te proberen de zaag naar voren te duwen. Het is belangrijk dat de zaag niet kan verschuiven. - Draai de aanpassing wat naar achteren totdat de zaag gemakkelijk langs de rail schuift.
- Houd de railaanpassing op zijn plaats en draai de schroef weer vast.
OPMERKING: Pas het systeemALTIJD aan voor gebruik op andere rails.
De railaanpassingen zijn nu zo ingesteld dat zijdelingse afwijking bij het werken met de zaag op de geleiderail tot een minimum wordt beperkt.
Voor u met de zaag aan de slag gaat, moet de anti- splinterkap (ee) op de geleiderail worden afgesteld. Raadpleeg De Anti-Splinterkap afstellen.
DE ANTI-SPLINTERKAP AFSTELLEN (AFB. 14)
de geleiderail (bb) is voorzien van een anti- splinterkap (ee) die voorafgaand aan het eerste gebruik moet worden afgesteld.
De anti-splinterkap (ee) bevindt zich aan weerszijden van de geleiderail (afo. 14). Het doel van deze anti-splinterkap is de gebruiker een zichtbare zaaglijn te geven en het ontstaan tijdens het zagen van spaanders te beperken langs de zaagrand van het werkstuk.
BELANGRIJK: Lees ALTIJD de aanwijzingen in De cirkelzaag instellen op de geleiderail en volg deze aanwijzingen op voordat u de splinterkap zaagt!
STAPPEN VOOR HET AFSTELLEN VAN DE ANTI- SPLINTERKAP (AFB. 15–18
- Plaats de geleiderail (bb) op een stuk hout (restant) (ff) met een minimumlengte van 100 mm, dat uitsteekt over het werkstuk. Bevestig de geleiderail met een klem stevig op het werkstuk. Zo wordt de nauwkeurigheid gewaarborgd.
- Stel de zaag in op een zaagdiepte van 20 mm.
- Plaats de voorzijde van de zaag op het overhangende deel van geleiderail, waarbij u ervoor zorgt dat het zaagblad voor de rand van de rail is geplaatst (afb. 16).
- Schakel de zaag in en zaag de splinterkap langzaam langs de gehele lengte in één ononderbroken beweging. De rand van splinterkap komt nu precies overeen met de zaagrand van het zaagblad (afb. 17).
U kunt de anti-splinterkap op de andere zijde van geleiderail afstellen door de zaag van de rail te halen en de rail 180° te draaien. Herhaal stap 1 tot en met 4.
OPMERKING: U kunt, als u dat wilt, de splinterkap op 45° schuin afzagen, en vervolgens stap 1 tot en met vier 4 herhalen. Hierdoor is de ene zijde van de rail geschikt voor parallelle zaagsneden en de andere zijde van de rail afgesteld op schuine zaagsneden op 45° (afb. 18).
OPMERKING: Als de anti-splinter is afgesteld voor parallelle zaagsneden aan beide zijden, zal, wanneer de zaag is ingesteld op schuine zaagsneden, het zaagblad niet langs de rand van de anti-splinterkap lopen. Dit komt omdat het kantelpunt van het apparaat niet stationair is en het zaagblad naar builen beweegt wanneer de zaag schuin wordt geplaatst.
HET JUISTE KANAAL GEBRUIKEN (AFB. 19–21)
De grondplaat van de zaag bestaat uit twee kanalen. Het ene kanaal is voor het maken van parallele zaagsneden en het andere kanaal is voor het maken van schuine zaagsneden.
De indicators aan de voorzijde van de grondplaat (afb. 19) geven aan welk kanaal bestemd is voor welke applicatie. Wanneer u zaagsneden maakt, is het belangrijk dat de lijn op de grondplaat op één lijn staat met het kanaal op de geleiderail. Afbeelding 20 toont de zaag in de parallele zaagstand ten opzichte van de geleiderail. Afbeelding 21 toont de zaag in de stand voor schuine zaagsneden ten opzichte van de geleiderail.
Voor ingebruikneming
- Controleer dat de beschermkappen goed zijn gemonteerd. De zaagbladbeschermkap moet gesloten zijn.
- Controleer dat het zaagblad draait in de richting van de pijl op het zaagblad.
- Gebruik geen zeer versleten zaagbladen.
BEDIENING
Instructies voor gebruik
WAARSCHUWING: Houd u altijd aan de veiligheidsinstructies en van toepassing zijnde voorschriften.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u het van de stroomvoorziening, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Wanneer het gereedschap per ongeluk wordt gestart, kan dat letsel tot gevolg hebben.
Juiste positie van de handen (afb.22)
WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, dient u ALTIJD de handen in de juiste positie te hebben, zoals afgebeeld.
WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, houdt u het ALTIJD stevig vast, anticiperend op een plotseling reactie.
Voor een juiste plaatsing van uw handen zet u één hand op de hoofdhandgreep (c) en de andere op de hulphandgreep (f).
In- en uitschakelen (afb. 1)
Om veiligheidsredenen is de Aan/Uit-schakelaar (a) van uw gereedschap voorzien van een vergrendelknop (b).
Ontgrendel het gereedschap door de vergrendelknop in te drukken.
U kunt de machine in werking zetten door op de Aan/Uit-schakelaar (a) te drukken. Zodra u de Aan/Uit-schakelaar loslaat wordt de vergrendelknop automatisch ingeschakeld zodat wordt voorkomen dat de machine onbedoeld wordt gestart.
OPMERKING: Schakel het gereedschap niet IN of UIT wanneer het zaagblad het werkstuk of andere materialen raakt.
Ondersteuning van het werkstuk (afb. 23–26)
WAARSCHUWING: Beperk het risico van ernstig persoonlijk letsel, ondersteun het werkstuk goed en houd de zaag stevig vast zodat u niet de controle over het gereedschap kunt verliezen.
Afbeeldingen 23 en 25 laten de juiste zaagpositie zien. afbeeldingen 24 and 26 laten een onveilige werksituatie zien. Handen mogen niet in de buurt komen van het zaaggebied en het netsnoer wordt weggeleid van het zaaggebied zodat het niet bekneld of in de war raakt bij het werken.
Vermijd terugslag, ondersteun ALTIJD board- en plaatmateriaal DICHTBIJ de zaagsnede, (afb. 23 en 25). ONDERSTEUN board- of plaatmateriaal NIET ver van de zaagsnede verwijderd (afb. 24 en 26). Houd, wanneer u met de zaag werkt, het netsnoer uit de buurt van het zaaggebied en zorg ervoor dat het niet bekneld kan raken tussen het werkstuk.
TREK ALTIJD DE STEKKER VAN DE ZAAG UIT HET STOPCONTACT VOORDAT U AANPASSINGEN UITVOERT! Plaats het werk met de "goede" zijde — de zijde die er het mooist moet uitzien — omlaag. De zaag zaagt naar boven, dus splinters zullen te zien zijn op de zijde van het werkstuk die omhoog gericht is tijdens het zagen.
Zagen
WAARSCHUWING: Probeer nooit dit gereedschap te gebruiken door het ondersteboven op een werkoppervlak te zetten en het materiaal naar het gereedschap te voeren. Zet het werkstuk altijd stevig met klemmen vast en voer het gereedschap naar het werkstuk, waarbij u het gereedschap stevig met beide handen vasthoudt, zoals in afbeelding 25 wordt getoond.
Plaats het bredere gedeelte van de grondplaat van de zaag op dat gedeelte van het werkstuk dat stevig wordt ondersteund, niet op een gedeelte dat valt wanneer de zaagsnede is voltooid. Als voorbeeld, illustreert afbeelding 25 de JUISTE manier voor het afzagen van het uiteinde van een stuk materiaal. Zet het werk altijd met klemmen vast. Probeer niet korte stukken materiaal met de hand vast te houden!
NEDERLANDS
Denk er aan dat u vrijdragend en overhangend materiaal moet ondersteunen. Ga voorzichtig te werk wanneer u materiaal van onderaf afzaagt.
Het is belangrijk dat de zaag op volle snelheid draail voordat het zaagblad het te zagen materiaal raakt. Wanneer u met zagen begint met het zaagblad tegen het materiaal dat moet worden gezaagd of met het zaagblad dat vooruit wordt geduwcl in de zaagsnede, kan dat terugslag tot gevolg hebben. Duw de zaag naar voren met een snelheid waarbij het zaagblad zonder veel moeite kan zagen. Hardheid en taaiheid kunnen variëren, zelfs in hetzelfde stuk materiaal, en knoestige of vochtige delen kunnen de zaag zwaar belasten. Duw de zaag, wanneer dit gebeurt langzamer vooruit, maar wel zo stevig dat de zaag kan blijven werken zonder veel verlies van snelheid. Wanneer u de zaag met geweld voortduwt, kan dat leiden tot ruwe zaagsneden, terugslag en oververhitting van de motor. Als het zo is dat uw zaagsnede begint af te wijken van de zaaglijn, probeer dan niet de zaaglijn weer te bereiken. Laat de schakelaar los en laat het zaagblad volledig tot stilstand komen. U kunt dan de zaag terugtrekken, opnieuw aanleggen en een nieuwe zaagsnede beginnen enigszins binnen de verkeerde zaagsnede. U moet in ieder geval de zaag terugtrekken als u de zaagsnede moet verplaatsen. Wanneer u met geweld een correctie probeert uit te voeren binnen de zaagsnede, kan de zaag vastlopen en dat kan leiden tot terugslag.
LOOPT DE ZAAG VAST, LAAT DE AAN/UIT-SCHAKELAAR DAN LOS EN TREK DE ZAAG TERUG UIT DE ZAAGSNEDE. HET IS BELANGRIJK DAT HET ZAAGBLAD RECHT IN DE ZAAGSNEDE ZIT EN VRIJ VAN DE ZAAGRAND VOORDAT U OPNIEUW BEGINT.
Laat de schakelaar los, wanneer u de zaagsnede voltooil, laat het zaagblad tot stilstand komen en til vervolgens pas de zaag van het werk. Wanneer u de zaag optilt, zal de geveerde telescopische beschermkap zich automatisch onder het zaagblad sluiten. Denk eraan dat het zaagblad pas is afgedekt als de beschermkap is gesloten. Reik niet om welke reden dan ook onder het werk. Wanneer u de telescopische beschermkap met de hand moet terugtrekken (zoals dat moet bij het begin van insteekzagen), doe dat dan altijd met de terugtrekhendel.
OPMERKING: Let er bij het zagen van dunne stroken vooral goed op dat de kleine afgezaagde delen niet binnen de onderste beschermkap terechtkomen.
INSTEEKZAGEN (AFB. 27)

zaagbladbeschermkap nooit vast in een opgehaalde stand. Verplaats de zaag nooit naar achteren bij het insteekzagen. Hierdoor kan de zaag zich omhoog werken uit het werkoppervlak en dat kan leiden tot letsel.
Een insteekzaagsnede is een zaagsnede die wordt gemaakt in een vloer, wand of een ander vlak oppervlak.
- Stel de grondplaat van de zaag zo af dat het zaagblad op de gewenste diepte zaagt.
- Kantel de zaag naar voren en laat de voorzijde van de grondplaat op het te zagen materiaal rusten.
- Trek met de hendel van de onderste beschermkap de onderste beschermkap omhoog. Laat de achterzijde van de grondplaat zakken tot de tanden van het zaagblad bijna de zaaglijn raken.
- Laat de zaagbladbeschemkap los (door het contact met het werk kan de kap vrij opengaan wanneer u de zaagsnede begint). Neem uw hand van de hendel van de beschermkap en pak de hulphandgreep (f) stevig vast, zoals in afbeelding 27 wordt getoond. Plaats uw lichaam en arm zo dat u weerstand kunt« bieden aan terugslag, als deze zich voordoet.
- Controleer dat het zaagblad niet voordat u de zaag start contact maakt met het zaagoppervlak.
- Start de motor en laat de zaag geleidelijk zakken tot de grondplaat vlak op het zagen materiaal rust. Breng de zaag naar voren langs de zaaglijn tot de zaagsnede is voltooid.
- Laat de aan/uit-schakelaar los en trek het zaagblad pas uit het materiaal als het zaagblad geheel tot stilstand is gekomen.
- Ga aan het begin van iedere nieuwe zaagsnede steeds weer te werk zoals hierboven wordt vermeld,
Stofafzuiging (afb. 30)

CHUWING: Risico van het
inademen van stof. Beperk het risico van persoonlijk letsel, draag ALTIJD een goedgekeurd stofmasker.
Bij uw gereedschap wordt een mondstuk voor stofafzuiging (gg) geleverd.
Slangen van de meeste gewone stofzuigers passen rechtstreeks op het mondstuk voor de stofafzuiging.
WAARSCHUWING: Gebruik
ALTijd stofafzuiging die ontworpen is in overeenstemming met de van toepassing zijnde richtlijnen voor stofemissie bij het zagen van hout. Slangen van de meeste gewone stofzuigers passen rechtstreeks in de stofafzuigingspoort.
ONDERHOUD
Uw DEWALT gereedschap op stroom is ontworpen om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren met een minimum aan onderhoud. Het continu naar bevrediging functioneren hangt af van de juiste zorg voor het gereedschap en regelmatig schoonmaken.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op letsel te verminderen schakelt u het apparaat uit en sluit u de stroombron van de machine af voordat u accessoires installeert of verwijdert, voordat u instellingen aanpast of wijzigt, of als u reparaties uitvoert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.

Smering
In het gereedschap wordt gebruikgemaakt van zelfsmerende kogellagers en deze hoeven niet opnieuw te worden gesmeerd. U wordt echter geadviseerd het gereedschap één keer per jaar naar een servicecentrum te brengen of op te sturen voor grondige schoonmaak, inspectie en smering van de tandwielkast.

Reiniging
WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof uit de hoofdbehuizing met droge lucht, zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond de luchtopeningen ophoopt. Draag goedgekeurde oogbescherming en een goedgekeurd stofmasker als u deze procedure uitvoert.
WAARSCHUWING: Gebruik nooit oplosmiddelen of andere bijtende chemicaliën voor het reinigen van niet-metalen onderdelen van het gereedschap. Deze chemicaliën kunnen het materiaal dat in deze onderdelen
is gebruikt verzwakken. Gebruik een doek die uitsluitend met water en milde zeep is bevochtigd. Zorg dat er nooit enige vloeistof in het gereedschap komt; dompel nooit enig onderdeel van het gereedschap in een vloeistof.
ONDERSTE BESCHERMKAP
De onderste beschermkap moet altijd vrij kunnen draaien en sluiten uit een geheel open of geheel gesloten positie. Controleer altijd of de beschermkap goed werkt door de kap voorafgaand aan zaagwerkzaamheden geheel te openen en los te laten. Als de beschermkap langzaam sluit of niet geheel sluit, moet de kap worden schoongemaakt of worden nagezien. Gebruik de zaag pas weer als de beschermkap goed werkt. Maak de beschermkap schoon met droge lucht of een zachte borstel en verwijder alle opgehoopte zaagsel en vuil uit het pad van de beschermkap en rond de veer van de beschermkap. Als hiermee het probleem niet is verholpen, moet het gereedschap worden nagezien door een erkend servicecentrum.
Afstelling van de grondplaat (afb. 5, 28, 29)
Uw grondplaat is in de fabriek zo afgesteld dat het zaagblad haaks op de grondplaat staat. Als, na langdurig gebruik, u het zaagblad opnieuw moet uitlijnen, volg dan onderstaande aanwijzingen:
AFSTELLEN VOOR ZAAGSNEDEN VAN 90 GRADEN
- Zet de zaag terug in de stand voor 0 graden
- Plaats de zaag op zijn zijkant en trek de onderste beschermkap terug.
- Stel de zaagdiepte in op 51 mm (ongeveer 2").
- Maak de hendel voor de aanpassing van de afschuinhoek los (Afb. 29, g). Plaats een winkelhaak tegen het zaagblad en de grondplaat, zoals in afbeelding 28 wordt getoond.
- Draai met een steeksleutel (p) de instelschroef (hh) op de grondplaat tot het zaagblad en de grondplaat beide gelijk liggen met de winkelhaak. Zet de hendel voor het aanpassen van de afschuinhoek weer vast.
AFSTELLEN VAN DE HENDEL VOOR AANPASSING VAN DE AFSCHUINHOEK (AFB. 29)
Het kan wenselijk zijn de hendel voor aanpassing van de afschuinhoek (g) af te stellen. De hendel kan na verloop van tijd losraken en voor het vastzetten de grondplaat raken.
NEDERLANDS
De hendel vastzetten:
- Houd de hendel voor aanpassing van de afschuinhoek (g) vast en draai de vergrendelmoer (ii) los.
- Stel de hendel voor aanpassing van de afschuinhoek af door deze 1/8 in de gewenste richting te draaien.
- Moer weer vastzetten.
Zaagbladen
Een bot zaagblad maakt dat het zagen inefficiënt verloopt, de motor wordt overbelast, er uitzonderlijk veel splinters ontstaan en de mogelijkheid van de terugslag kan toenemen. Vervang zaagbladen wanneer het niet langer gemakkelijk is de zaag door de zaagsnede te duwen, wanneer de motor zwaar wordt belast of wanneer het zaagblad uitzonderlijk heet wordt. Het is een goede gewoonte extra zaagbladen beschikbaar te hebben zodat scherpe zaagbladen onmiddellijk beschikbaar zijn voor gebruik. Botte zaagbladen kunnen op veel plaatsen worden geslepen.
Uitgeharde kit kan van het zaagblad worden verwijderd met wasbenzine, terpentine of zelfs een reinigingsmiddel voor de oven. Zaagbladen met een antihecht-coating kunnen worden gebruikt bij loepassingen waarbij uitzonderlijk veel materiaal zich aan het zaagblad hecht, zoals bij onder druk geimpregneerd hout.
Optionele accessoires
WAARSCHUWING: Aangezien accessoires die niet door DEWALT zijn aangeboden niet met dit product zijn getest, kan het gebruik van dergelijke accessoires met dit gereedschap gevaarlijk zijn. Om het risico op letsel te verminderen dient u uitsluitend door DEWALT aanbevolen accessoires met dit product te gebruiken.
GEBRUIK BIJ DEZE ZAAG GEEN ACCESSOIRES VOOR DE TOEVOER VAN WATER.
VOER EEN VISUELE INSPECTIE UIT VAN CARBIDE ZAAGBLADEN VOORAFGAAND AAN GEBRUIK VERVANGEN IN HET GEVAL VAN BESCHADIGING.
Neem contact op met uw leverancier voor verdere informatie over de geschikte accessoires.
Bescherming van het milieu

Gescheiden afvalinzameling. Dit product mag niet bij het normale huishoudelijke afval worden aangeboden.
Als u op een dag bemerkt dat uw DEWALT product vervangen dient te worden of dat u er verder geen gebruik meer van maakt, mag u het niet als normaal huishoudelijk afval aanbieden. Bied dit product aan bij de gescheiden afvalinzameling.

Gescheiden inzameling van gebruikte producten of verpakkingen maakt het mogelijk dat materiaal kan worden gerecycled en nogmaals gebruikt. Het hergebruik van gerecycled materiaal helpt milieuvervuiling te voorkomen en verminderd de vraag naar grondstoffen.
Plaatselijke bepalingen voorzien mogelijk in de gescheiden inzameling van elektrische producten uit een huishouden, op stedelijke inzamelingspunten of bij de detailhandelaar waar u een nieuw product aanschaft.
DEWALT heeft een faciliteit voor het verzamelen van recyclen van DEWALT producten als ze eenmaal het einde van hun levensduur hebben bereikt. Stuur om van deze service gebruik te maken uw product a.u.b. terug naar iedere erkende reparateur die namens ons de verzameling op zich neemt.
U kunt de locatie van de erkende reparateur die het dichtste bij u in de buurt is opzoeken door contact op te nemen met uw plaatselijke DEWALT kantoor zoals vermeld in deze handleiding. Een lijst van erkende DEWALT reparateurs en volledige details over onze after sales service zijn ook te vinden op internet via: www.2helpU.com.
GARANTIE
DEWALT vertrouwt op de kwaliteit van zijn producten en biedt professionele gebruikers van het product een uitstekende garantie. Deze garantieverklaring is een aanvulling op uw contractuele rechten als een professionele gebruiker of uw wettelijke rechten als een particuliere, niet-professionele gebruiker, en is op geen enkele wijze van invloed op deze rechten. De garantie is geldig binnen het grondgebied van de Lidstaten van de Europese Unie en de Europese Vrijhandelszone.
• 30 DAGEN NIET GOED GELD TERUG GARANTIE •
Als u niet geheel tevreden bent over de prestaties van uw DEWALT-gereedschap, kunt u dit compleet met de originele onderdelen, zoals u het hebt aangekocht. binnen 30 dagen, gewoon terugbrengen bij het verkooppunt en omruilen voor een ander stuk gereedschap of tegen restitutie van het aankoopbedrag. Het product mag niet in onredelijke mate zijn versleten en u dient een aankoopbewijs te overleggen.
• EEN JAAR GRATIS ONDERHOUDSCONTRACT •
Als onderhouds- of servicewerkzaamheden nodig zijn voor uw DEWALT-gereedschap, in de 12 maanden na uw aankoop, hebt u recht op één jaar gratis service. Deze zal kosteloos worden uitgevoerd in een DEWALT-servicecentrum. U dient een aankoopbewijs te overleggen. Inclusief arbeidskosten. Exclusief accessoires en reserveonderdelen, tenzij deze defect raakten en onder de garantie vielen.
• EEN JAAR VOLLEDIGE GARANTIE •
Als uw DEWALT-product defect raakt als gevolg van het gebruik van verkeerde materialen of onjuiste constructie binnen 12 maanden na de datum van aankoop, garandeert DEWALT alle defecte onderdelen gratis te vervangen of – naar onze beoordeling – het apparaat gratis te vervangen, op voorwaarde dat:
- Het product niet verkeerd gebruikt is;
-
Het product in redelijke mate is versleten;
-
Er geen reparaties zijn ondernomen door niet-geautoriseerde personen;
- U een aankoopbewijs kunt overleggen;
- Het product compleet met alle originele onderdelen wordt geretoumeerd.
Als u aanspraak wilt maken op de garantie, neem dan contact op met uw leverancier of zoek het officiële DEWALT-servicecentrum bij u in de buurt in de DEWALT-catalogus of neem contact op met het DEWALT-kantoor op het adres dat wordt vermeld in deze handleiding. Een lijst van officiële DEWALT-servicecentra en volledige details over onze after-sales-service zijn ook te vinden op internet via: www.2helpU.com.