DOLMAR

PM-5165S3 - Grasmaaier DOLMAR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PM-5165S3 DOLMAR in PDF-formaat.

📄 132 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice DOLMAR PM-5165S3 - page 28
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over PM-5165S3 DOLMAR

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PM-5165S3 - DOLMAR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PM-5165S3 van het merk DOLMAR.

GEBRUIKSAANWIJZING PM-5165S3 DOLMAR

  1. Niveau van de geluidssterke volgens de richtlijn 2000/14/CE
  2. EG-merkteken volgens richtlijn 2006/42/CE
  3. Productiejaar
  4. Type grasmaaier
  5. Serienummer
  6. Naam en adres van de Fabrikant
  7. Artikelcode
  8. Vermogen motor en toerental

  9. Chassis 12. Motor 13. Mes (maaiblad) 14. Deflector 15.

Opvangzak 16. Handgreep 17. Versnellingshendel 18.

Bedieningshendel rem 19. Bedieningshendel tractie

BESCHRIJVING VAN DE SYMBOLEN AANGEGEVEN OP DE BEDIENINGEN (indien voorzien)

  1. Langzaam 22. Snel 23. Choke
  2. Motor stoppen 25. Aandrijving ingeschakeld
  3. Snelheid «1» 29. Snelheid «2» 30. Snelheid «3»

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN - Gebruik uw grasmaaier met de nodige voorzichtigheid. Om u tot voorzichtigheid te manen is uw maaier voorzien van een reeks van pictogrammen die wijzen op de belangrijkste gebruiksvoorschriften.

Hun betekenis is hieronder weergegeven. Wij raden u met klem aan om ook de veiligheidsvoorschriften in het volgende hoofdstuk van deze handleiding door te lezen.

  1. Waarschuwing: Lees de gebruik aanwijzing vóórdat u deze maaier gebruikt.
  2. Gevaar voor wegschletende voorwerpen. Houd overige personen uit de buurt tijdens het gebruik van deze maaier
  3. Risico dat u zichzelf snijdt. Het mes is in beweging. Houd uw handen of uw voeten in geen geval in de buurt van of onder de opening van het mes. Neem de bougiekap van de bougle voor u onderhoud of reparaties aan uw maaier uitvoert.

Maximale waarden voor geluid en trillingen

Voor modelPM-5175 S15165 S3
Geluidsdrukniveau aan het oor van de bediener (op basis van de norm 81/1051/EEG)...... db(A) 82,9 82,8- Meetonzekerheid (2006/42/CE - EN 27574) ...... db(A) 0,2 02
Gemeten geluidsniveau (volgens de richtlijn 2000/14/EG, 2005/88/EG)...... db(A) 96,8 96,7- Meetonzekerheid (2006/42/CE - EN 27574) ......db(A) 0,2 0,2
Gegarandeerd geluidsniveau (volgens de richtlijn 2000/14/EG, 2005/88/EG)...... db(A)9898
Trillingsniveau (op basis van de norm EN 1033) ...... m/s ^2 3,674,59
- Meetonzekerheid (2006/42/CE - EN 12096) ...... m/s ^2 0,30,3

E

1) Lees de gebruiksaanwijzing aandachtig door. Zorg dat u vertrouwd raakt met de bedieningsknoppen en u in staat bent de grasmaaier op de juiste wijze te gebruiken. Leer hoe u de motor snel kunt uitschakelen.
2) Gebruik de grasmaaier uitsluitend voor het doel waarvoor hij is bestemd, dat wil zeggen voor het maaien en het opvangen van gras. leder doel waarvoor de grasmaaier wordt gebruikt dat niet uitdrukkelijk in de gebruiksaanwijzing wordt vermeld kan gevaarlijk zijn en zou de machine kunnen beschadigen. De volgende situaties behoren tot het oneigenlijk gebruik (bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend):
- vervoer van personen, kinderen of dieren op de machine;
- zich door de machine laten vervoeren;
- gebruik van de machine voor het aanslepen of aanduwen van een last;
- gebruik van de machine voor het verzamelen van bladeren of afval;
- gebruik van de machine voor het knippen van heggen of voor het maaien van andere vegetatie dan gras;
- gebruik van de machine door meer dan één persoon tegelijk;
- het mes aanschakelen op zones zonder gras.
3) Laat kinderen of personen die deze gebruiksaanwijzing niet gelezen hebben de grasmaaier niet gebruiken. De leeftijd van de gebruiker kan landelijk gereglementeerd zijn.
4) Gebruik de grasmaaier in geen geval:
- als er personen, met name kinderen of dieren in de buurt zijn; - als u onder invloed van medicijnen of alcohol e.d. bent omdat deze uw reactievermogen kunnen verminderen.
5) Denk eraan dat de gebruiker van de grasmaaier aansprakelijk is voor ongevallen en onvoorziene gebeurtenissen die personen of hun eigendommen kunnen overkomen.

B) VOOR HET GEBRUIK

1) Tijdens het maaien dient u altijd stevige schoenen en een lange broek te dragen. Gebruik de grasmaaier niet met blote voeten of met open sandalen.
2) Controleer het gehele terrein dat u wilt maaien grondig en verwijder alles wat door de machine kan worden uitgestoten of de snijgroep en de motor zou kunnen beschadigen (zoals stenen, takken, ijzerdraad, botten e.d.).
3) LET OP: GEVAAR! De benzine is bijzonder brandbaar:
- bewaar de brandstof in speciale tanks;
- giet de brandstof, met behulp van een trechter en alleen in de open lucht, in de tank. Tijdens deze handeling en bij het hanteren van de brandstof is het verboden te roken.
- giet de brandstof in de tank vóórdat u de motor aanzet: als de motor aanstaat of warm is mag u geen benzine toevoegen of de dop van de benzinetank afdraaien;
- als u benzine gemorst hebt mag u de motor niet starten maar dient u de grasmaaier uit de buurt van de plek waar u de benzine gemorst hebt te brengen en voorkomen dat er brand ontstaat. U dient te wachten totdat de brandstof verdampt is en de benzinedampen opgelost zijn;
- draai de dop altijd weer goed op de benzinetank op de grasmaaier en het benzineblik.
4) Vervang de geluiddempers als deze defect zijn.
5) Vóór het gebruik dient u een algemene controle te verrichten en dient u met name de toestand van de messen te controleren en dient u te kontroleren of de bouten en de messen niet versleten of beschadigd zijn. Vervang het beschadigde of versleten mes en/of bouten altijd samen, om ervoor te zorgen dat het maaidek in balans blijft.
6) Vóórdat u met het maaien begint, dient u de beschermingen te monteren (opvangzag en afschermkap).

C) TIJDENS HET GEBRUIK

1) Start de motor niet in gesloten ruimten, waar zich gevaarlijke koolstofmonoxyde kan ontwikkelen.
2) Werk alleen bij daglicht of bij goed kunstlicht.
3) Indien mogelijk, maai niet als het gazon nat is.
4) Kontroleer op een glooiend terrein altijd of u voldoende steunpunten heeft.
5) Ren in geen geval, maar loop gewoon; laat u niet voorttrekken door de grasmaaier;
6) Maai een helling altijd in de dwarsrichting en nooit van boven naar beneden.
7) Pas goed op als u op een helling van richting verandert;
8) Maai geen gazons die een helling van meer dan 20° hebben.
9) Pas goed op als u de grasmaaier naar u toe haalt;
10) Als de grasmaaier om vervoersredenen schuin gehouden moet worden, of als u de grasmaaier over een terrein verplaatst waar geen gras

ligt, of als de grasmaaier van of naar het te maaien terrein verplaatst dient u het mes vast te zetten.
11) Gebruik de grasmaaier nooit om gras te maaien als de beveiligingen beschadigd zijn, of zonder de grasopvangzak of zonder de deflector.
12) Wijzig de afstelling van de motor niet en laat het toerental van de motor niet buitengewoon hoog oplopen.
13) Bij de modellen met voorttrekking, dient u vóórdat u de motor start de wielaandrijving uit te schakelen.
14) Start de motor voorzichtig volgens de aanwijzingen en houd uw voeten uit de buurt van het mes.
15) Houd de grasmaaier niet schuin bij het inschakelen. Schakel de grasmaaier op een vlakke ondergrond in waar geen obstakels zijn of hoog gras.
16) Kom niet met uw handen of voeten in de buurt van of onder de roterende gedeelten. Blijf altijd uit de buurt van de uitwerpopening.
17) Til de grasmaaier niet op of vervoer de grasmaaier niet terwijl de motor draait.
18) Schakel de motor uit en koppel de bougiekabel los:
- vóórdat u enige werkzaamheden onder het maaidek uitvoert of vóórdat u het uitwerpkanaal leegt;
- vóórdat u de grasmaaier kontroleert, schoonmaakt of ermee werkt;
- nadat u op een vreemd voorwerp gestoten bent, controleer of de grasmaaier beschadigd is en voer de nodige reparaties uit vóórdat u de maaier opnieuw gebruikt;
- als de grasmaaier abnormaal begint te trillen (Meteen de oorzaak van de trillingen opsporen en hem laten nakijken door een Gespecialiseerd Servicecentrum).
19) Schakel de motor uit:
- iedere keer als u de grasmaaier onbeheerd achterlaat. Haal bij de modellen die elektrisch bestuurd worden ook de sleutel eruit;
- vóórdat u benzine bijtankt;
- iedere keer als u de grasopvangzag verwijdert of opnieuw aanbrengt;
- vóórdat u de maaihoogte afstelt.
20) Neem gas terug vóórdat u de motor uitschakelt. Draai na het maai- en de benzinetoevoer dicht, waarbij u de aanwijzingen in het motorin- structieboekje nauwkeurig dient op te volgen.
21) Tijdens het maaien dient u altijd een veiligheidsafstand van het roterende mes in acht te nemen, afhankelijk van de lengte van de handgreep.

1) Laat de bouten en de schroeven vastgedraaid zitten om er zeker van te zijn dat de machine altijd op een veilige manier gebruiksklaar is. Als u regelmatig onderhoud aan de grasmaaier pleegt zal de werking van de maaier veilig blijven en zal het prestatieniveau gelijk blijven.
2) Zet de grasmaaier niet met benzine in de tank in een ruimte waar de benzinedampen met vlammen, vonken of een warmtebron in aanraking zouden kunnen komen.
3) Laat de motor afkoelen vóórdat u de grasmaaier opbergt.
4) Om het brandgevaar zoveel mogelijk te beperken dient u de motor, de geluiddemper van het uitwerpmechanisme, de accubak en de benzinetank vrij te houden van gras, bladeren of teveel vet. Laat geen zakken of bakken met gemaaid gras in de opslagruimte achter.
5) Controleer de deflector en de opvangzag regelmatig zodat u kunt controleren of deze onderdelen versleten of beschadigd zijn.
6) Als u de tank moet legen, dient u dit in de open lucht te doen en terwiil de motor koud is.
7) Trek werkhandschoenen aan als u het mes demonteert en opnieuw monteert.
8) Zorg dat het maaidek opnieuw in balans wordt gebracht nadat het mes geslepen is. Alle handelingen aan het maaidek (demontage, slijpen, in balans brengen, hermontage en/of vervanging) vergen een welbepaalde vaardigheid en het gebruik van speciaal gereedschap; uit veiligheidsoverwegingen, dienen deze handelingen bijgevolg uitgevoerd te worden in een gespecialiseerd servicecentrum.
9) Gebruik de machine om veiligheidsredenen nooit met versleten of beschadigde onderdelen. De onderdelen moeten vernieuwd en niet gerepareerd worden. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen. Onderdelen van een andere kwaliteit kunnen de machine beschadigen en kunnen gevaarlijk zijn voor de gebruiker.

E) TRANSPORT EN VERPLAATSING

1) Telkens wanneer de machine verplaatst, geheven, vervoerd of overgeheld moet worden, is het noodzakelijk:
- stevige werkhandschoenen te dragen;
- neem de machine vast op punten waar u een stevige grip hebt, rekening houdend met het gewicht en de spreiding van het gewicht;
- doe een beroep op een toereikend aantal personen die het gewicht van de machine kunnen heffen, volgens de kenmerken van het transportmiddel of de plaats waar de machine opgenomen of opgesteld moet worden.
2) Bevestig de machine tijdens het vervoer goed met touwen of kettingen.

Voor de motor en de batterij (indien aanwezig) wordt verwezen naar de relatieve handleidingen.

OPMERKING - De overeenkomst tussen de verwijzingen in de tekst en de bijbehorende afbeeldingen (op de pag. 2 – 3) is het nummer dat voor iedere paragraaf staat.

1. VERVOLLEDIG DE MONTAGE

OPMERKING - De machine kan mogelijk geleverd worden met sommige onderdelen reeds gemonteerd.

LET OP - De machine moet op een vlakke en solide ondergrond uitgepakt en gemonteerd worden, met voldoende bewegingsruimte voor de machine en de verpakking, en steeds met gebruik van geschikte werktuigen.

De verpakking moet volgens de plaatselijke geldende bepalingen worden afgevoerd.

1.1 Herplaats de steel (1) op de werkpositie en bevestig hem aan de zijdelingse steunen van het chassis, met behulp van de meegeleverde bouten (2) zoals aangegeven in de afbeelding.

De hoogte van de handgreep (1) is verstelbaar in drie verschillende standen, die verkregen worden door de pinnen (3) in een van de drie paar openingen in de steunen te voeren.

De ringen (4) van de handgrepen (5) moeten op dusdanige manier vastgeschroefd worden dat de handgreep (1) stabiel bevestigd is, zonder dat een te groot kracht gebruikt moet worden om ze te blokkeren of vrij te geven.

Draai de handgrepen (5) na de afstelling volledig vast.

Breng het starttouw (6) aan de geleidespiraal (7).

Draai de moer (8) vast om de spiraal (7) te bevestigen.

1.2 Het frame (11) in de zak (12) invoeren en alle plastic profielen (13), aanhaken met behulp van een schroevendraaier, zoals op de figuur wordt aangeduid.

2. BESCHRIJVING VAN DE BEDIENINGSKNOPPEN

2.1 Het gashendel wordt door middel van de hendel (1) bediend. De standen van de hendel blijken uit het betreffende plaatje.

2.2 De rem van het mes wordt door de hendel (1) bediend die tegen de handgreep aan getrokken moet worden om de machine te starten en tijdens de werking aangetrokken moet blijven. Als u de hendel los laat slaat de motor af.

2.3 Bij de modellen met tractie kunt u de grasmaaimachine inschakelen door de hendel (1) tegen de handgreep aan te duwen. De grasmaaimachine gaat niet meer vooruit als u de hendel los laat.

2.4 De versnellingen (indien aanwezig) worden gestuurd door de hendel (1), waarvan de standen aangegeven zijn op het label.

2.5 U kunt de maaihoogte afstellen door de hendel (1) los te koppelen en het chassis omhoog of omlaag te verschuiven en op de gewenste stand te zetten.

Dit kunt u zien door de speciaal daarvoor bestemde opening. U MAG DIT ENKEL DOEN ALS HET MES STIL STAAT.

3. MAAIEN VAN HET GRAS

3.1 De deflector optillen en de harde zak (1) correct vasthaken, zoals blijkt uit de afbeelding.
3.2 Voor het opstarten, volgt men de aanwijzingen in de handleiding van de motor; trek dan de remhendel van het mes (1) tegen de handgreep en geef een stevige ruk aan het handvat van de startkoord (2).
3.3 Het gazon zal er mooier uitzien als u het gras steeds op dezelfde hoogte maait en in afwisselende richting.

RAADGEVINGEN VOOR DE ZORG VAN HET GAZON

Iedere soort gras heeft verschillende kenmerken en er kunnen dus verschillende werkwijzen nodig zijn om het gazon te verzorgen; lees steeds de aanwijzingen op de zaadverpakkingen met betrekking op de maaihoogte, en al naargelang de groeicondities van de zone waar men werkt.

Houd er rekening mee dat de meeste soorten gras uit een steel en een of meerdere bladeren bestaan. Als de bladeren volledig afgemaaid worden, wordt het gazon beschadigd en zal het moeilijker teruggroeien.

Over het algemeen, gelden de volgende aanwijzingen:

  • een te laag maainiveau veroorzaakt scheuren en leegtes in het grasveld, en een "gevlekt" aspect";
  • in dezomer, moet het gras hoger gemaaid worden om te vermijden dat het terrein uitdroogt;
  • maai het gras niet wanneer het nat is; dit zou de werkzaamheid van het mes verminderen omwille van het gras dat aan het mes vastkleeft en zou scheuren in het grasveld veroorzaken;
  • indien het gras bijzonder hoog is, is het raadzaam eerst te maaien op de maximaal toegestane hoogte en vervolgens een tweede maaibeurt te doen na twee of drie dagen.
    3.4 Na gebruik van de machine dient u de hendel (1) van de rem los te laten en het kapje van de bougie (2) te verwijderen.
    WACHTEN TOTDAT HET SNIJSYSTEEM STIL STAAT vóór- dat u welke ingreep dan ook verricht.

4. NORMALE ONDERHOUDSBEURT

BELANGRIJK - Een regelmatig en zorgvuldig onderhoud is van wezenlijk belang om de veiligheid en oorspronkelijke prestaties van de machine in stand te houden.

De grasmaaier op een droge plaats bewaren.

1) Draag sterke werkhandschoenen vóór elke reiniging, onderhoudsbeurt of afstelling van de machine.
2) Was de machine zorgvuldig na elk gebruik; verwijder gras en modder die zich opgehoopt hebben aan de binnenkant van het chassis, om te voorkomen dat deze ter plaatse drogen en de machine de daaropvolgende keer moeilijk gestart wordt.
3) Indien het nodig is toegang te hebben tot de onderkant van de machine, wordt de machine uitsluitend overge-held langs de zijde aangeduid op de handleiding van de motor, volgens de aangegeven instructies.
4) Giet geen benzine op de plastic onderdelen van de motor of de machine, om schade te voorkomen en verwijder onmiddellijk elk spoor van benzine dat eventueel gemorst werd. De garantie dekt geen schade aan de plastic onderdelen, veroorzaakt door benzine.

4.1 ledere ingreep aan het mes kan het beste steeds door een gespecialiseerd centrum uitgevoerd worden, dat over geschikt gereedschap beschikt.

Deze machine is voorzien voor het gebruik van messen met de code:

81004381/1

De messen moeten altijd het keurmerk hebben. Gezien de ontwikkeling van het product, kunnen de boven vermelde messen in de loop van de tijd vervangen worden door andere, met soortgelijke eigenschappen voor wat betreft verwisselbaarheid en functionele veiligheid.

Monteer het mes (2) weer met de code en het keurmerk naar de grond gericht, in de volgorde in de figuur.

Draai de middelste schroef (1) aan met een 35-40 Nm dynamometrische sleutel.

4.2 Voor de modellen met aandrijving wordt de juiste spanning van de riem verkregen met behulp van de moer (1), tot de aangewezen waarde verkregen wordt (6 mm).

4.3 Om de grasmaaier aan de binnenzijde schoon te maken dient u gebruik te maken van de speciale aansluiting (1) voor de waterslang.

Tijdens het reinigen van de grasmaaier dient u altijd achter de handgreep te gaan staan.

5. MILIEUBESCHERMING

De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gunste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven.

  • Wees geen storend element voor uw buren.
  • Volg nauwkeurig de lokale normen op voor de afdanking van het snijafval.
  • Volg nauwgezet de plaatselijke normen voor het verwerken van de verpakking, olie, benzine, batterijen, filters, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op de omgeving; dit afval mag niet met de huisafval weggeworpen worden, maar moet gescheiden worden en aan speciale verzamelcentra toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen.
  • Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu achtergelaten worden maar moet ze naar een opvangcentrum gebracht worden, volgens de geldende locale normen.

Bij twijfel of indien iets u niet duidelijk is, wordt contact opgenomen met het dichtstbijzijnd Servicecentrum of de Dealer.

Werkplaatsservice, reservedelen en garantie

Onderhoud en reparaties

Het onderhoud en de reparatie van moderne apparaten en veiligheidsrelevante modules vraagt een gekwalificeerde vakopleiding en een met speciaal gereedschap en testapparatuur uitgeruste werkplaats.

Alle niet in deze handleiding beschreven werkzaamheden moeten door een geschikte of door DOLMAR geautoriseerde werkplaats worden uitgevoerd.

De vakman beschikt over de noodzakelijke opleiding, ervaring en uitrusting om u steeds met zo weinig mogelijk kosten een oplossing te bieden en helpt u met raad en daad.

Bij reparatiepogingen door derden of niet-geautoriseerde personen vervalt de garantie.

Bevoegdheden

Alleen bij apparaten met motoren van het merk Briggs&Stratton, Honda, Tecumseh of Robin Subaru is voor de motor de motorfabrikant resp. de desbetreffende geautoriseerde werkplaats bevoegd op het gebied van werkplaatsservice, reserveonderdelen en garantie.

Voor het apparaat zelf (zonder motor) is dat DOLMAR.

Deze regeling geldt niet voor stroomgeneratoren en voor alle andere apparaten die geen van de bovenge-melde motoren hebben. Hier ligt de bevoegdheid bij DOLMAR.

Reserveonderdelen

Betrouwbaarheid, levensduur en veiligheid van uw machine is ook afhankelijk van de kwaliteit van de gebruikte reserveonderdelen.

Alleen originele reserveonderdelen gebruiken.

Alleen de originele onderdelen komen uit dezelfde fabriek als de machine en garanderen daarom de beste kwaliteit van materiaal, maatvastheid, werking and veiligheid.

Originele reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij uw vakhandelaar. Deze beschikt over de noodzakelijke reserveonderdelenlijsten en wordt doorlopend op de hoogte gehouden van verbeteringen en veranderingen in het aanbod van reserveonderdelen.

Houd er a.u.b. ook rekening mee dat bij het gebruik van niet-originele onderdelen een prestatie onder garantie niet mogelijk is.

Garantie

DOLMAR garandeert een uitstekende kwaliteit en vergoedt de kosten van verbeteringen door vervanging van de beschadigde onderdelen in geval van materiaal- of fabricagefouten die binnen de garantie na de datum van aankoop optreden.

Houdt u er rekening mee dat in sommige landen specifieke garantievoorwaarden gelden. Vraagt u dit na bij de verkoper in geval van twijfel. Deze is als verkoper van het produkt verantwoordelijk voor de garantie.

De volgende schadeoorzaken vallen buiten de garantie. Wij vragen hiervoor uw begrip:

  • Niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing.
  • Achterwege laten van noodzakelijke onderhouds- en rei-
  • Achterwege laten van noodzakelijke onderhouds- en reinigingswerkzaamheden.
  • Schade als gevolg van een onjuiste carburatorinstelling.
  • Normale slijtage.
  • Duidelijke overbelasting door aanhoudende overschrijding van de maximaal toegestane belasting.
  • Gebruik van geweld, onoordeelkundige behandeling, misbruik of ongevallen.
  • Schade door oververhitting als gevolg van vervuiling van het ventilatorhuis.
  • Ingrepen door ondeskundige personen of ondeskundige reparatiepogingen.
  • Gebruik van ongeschikte reserveonderdelen, resp. nietoriginele DOLMAR onderdelen, voorzover deze schade kunnen veroorzaken.
  • Gebruik van ongeschikte of te lang opgeslagen brandstoffen.
  • Schade die terug te voeren is tot voorwaarden bij verhuur.

Reinigings-, onderhouds- en afstelwerkzaamheden vallen niet onder de garantie. Alle voorkomende garantiewerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een DOLMAR vakhandelaar.

E

  • "Mulching" – Fijnmalen en achterlaten van het gras op het grasveld
    ② Maaien en opvangen van gemaaid gras
    ③ Maaien en uitwerpen van gemaaid gras

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

A) Algemeen

1) Dit instructieblad is een aanvulling op de informatie bevat in de handleiding van de machine en maakt er wezenlijk deel van uit, met betrekking tot het gebruik van het "mulching"-accessoire.
2) Het aanbrengen van het "mulching"-accessoire wijzigt het traditioneel maaisysteem en de eventuele opvang of uitwerping van het gemaaide gras, zoals oorspronkelijk voorzien op de machine.
3) Het aanbrengen van het accessoire en het gebruik van de machine uitgerust om te "mulchen", dient te gebeuren overeenkomstig de veiligheidsvoorschriften vermeld in de handleiding van de machine en de aanwijzingen relatief aan de verschillende gebruiks- en onderhoudssituaties

B) Gebruiksvoorschriften

1) Het accessoire wordt steeds gemonteerd en gedemonteerd bij uitgeschakelde motor, nadat u de start-sleutel hebt verwijderd (indien aanwezig), of het dopje van de bougie van de motor hebt losgekoppeld.
2) Breng het "Mulching"-accessoire aan, waarbij u let op de correcte bevestiging en stabiliteit van de gemonteerde onderdelen.
3) Zelfs met het "mulching"-accessoire gemonteerd, dient steeds te worden gewerkt met de correct gemonteerde opvangzak of steenbeschermkap.
4) Maai nooit teveel gras in een keer, om te voorkomen dat het maaidek verstopt raakt en om de motor en de maaielementen niet te overbelasten.
Pas de rijsnelheid aan de toestand van het grasveld en de hoeveelheid gemaaid gras aan.

AANWIJZINGEN VOOR DE MONTAGE EN DEMONTAGE

Montage

Til de steenbeschermkap op en voer de deflectordop (1), lichtjes hellend in de uitlaatopening naar beneden toe en duw verfolgens goed aan tot de onderkant van de handgreep (2) het chassis raakt.

Demontage

Til de steenbeschermkap op en verwijder de deflectordop (1).

E MODO DE USO

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DOLMAR

Model : PM-5165S3

Categorie : Grasmaaier