EcoTEC plus VC BE 376/5-5 - Ketel VAILLANT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EcoTEC plus VC BE 376/5-5 VAILLANT in PDF-formaat.
| Type product | Gas condenserketel |
| Merk | Vaillant |
| Model | EcoTEC plus VC BE 376/5-5 |
| Hoogte | 720 mm |
| Breedte | 440 mm |
| Diepte | 340 mm |
| Gewicht | 38 kg |
| Voedingsspanning | 230 V / 50 Hz |
| Elektrisch vermogen | 150 W |
| Nominaal vermogen (CV) | 37 kW |
| Nominaal vermogen (tapwater) | 37 kW |
| Energielabel | A |
| Type ontsteking | Elektronisch |
| Kaskarakteristiek | Condenserend |
| Maximaal tapwater debiet | 15 l/min (ΔT=35°C) |
| Expansievat inhoud | 10 l |
| Maximum waterdruk CV | 3 bar |
| Minimum waterdruk CV | 0,8 bar |
| CV-water temperatuur | 30-85 °C |
| Gasgroep | G20/G25/G31 |
| Ontstekingsbeveiliging | Ionische vlamcontrole |
| Onderhoudsinterval | Jaarlijks |
| Stroomverbruik standby | < 5 W |
| Beschermingsgraad | IPX4D |
Veelgestelde vragen - EcoTEC plus VC BE 376/5-5 VAILLANT
Gebruikersvragen over EcoTEC plus VC BE 376/5-5 VAILLANT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EcoTEC plus VC BE 376/5-5 - VAILLANT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EcoTEC plus VC BE 376/5-5 van het merk VAILLANT.
GEBRUIKSAANWIJZING EcoTEC plus VC BE 376/5-5 VAILLANT
Documenttype: Gebruiksaanwijzing
Product: ecoTEC plus
- VC BE 126/5-5
- VC BE 206/5-5
- VC BE 306/5-5
- VC BE 376/5-5
- VCW BE 296/5-5
- VCW BE 346/5-5
- VCW BE 376/5-5
Doelgroep: Gebruiker
Taal: NL
Documentnummer_versie: 0020144292_00
Datum opmaak: 06.08.2012
Uitgever/fabrikant
Vaillant GmbH
Nadruk van deze handleiding, ook bij wijze van uittreksel, is alleen met de schriftelijke toestemming van Vaillant GmbH toegestaan.
Alle in deze handleiding genoemde benamingen van producten zijn handels-/fabrieksmerken van de betreffende firma's.
Technische wijzigingen zijn voorbehouden.
Inhoudsopgave
1 Aanwijzingen bij de documentatie 4
1.1 Aanvullend geldende documenten in acht nemen.... 4
1.2 Documenten bewaren.... 4
1.3 Geldigheid van de handleiding.... 4
2 Veiligheid.... 5
2.1 Waarschuwingen bij handelingen 5
2.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen.... 5
3 Productbeschrijving 8
3.1 Serienummer 8
3.2 Opbouw van het product 8
3.3 Frontklep openen.... 8
3.4 Overzicht bedieningselementen 8
3.5 Digitaal informatie- en analysesysteem (DIA)...... 8
4 Bediening 9
4.1 Bedieningsconcept 9
4.2 Startscherm 10
4.3 Bedieningsniveaus.... 10
5 Bediening 10
5.1 Eisen aan de opstellingsplaats 10
5.2 Product in gebruik nemen 10
5.3 CV-aanvoertemperatuur instellen.... 11
5.4 Warmwaterbereiding instellen 12
5.5 Functies van het product uitschakelen.... 13
5.6 CV-installatie tegen vorst beschermen.... 13
5.7 Onderhoudsmeldingen aflezen 14
6 Verhelpen van storingen.... 14
6.1 Foutmeldingen aflezen 14
6.2 Storing herkennen en verhelpen 14
6.3 Ontstekingsstoring verhelpen 14
7 Extra functies 14
7.1 Functies in het menu 14
7.2 Taal instellen 15
8 Onderhoud 15
8.1 Onderhoudscontract afsluiten 15
8.2 Product onderhouden 15
8.3 Condensaatafvoerleiding en afvoertrechter controleren 15
9 Buitenbedrijfstelling 15
9.1 Product definitief buiten bedrijf stellen 15
10 Recycling en afvoer 16
10.1 Verpakking afvoeren 16
10.2 Product en toebehoren afvoeren 16
11 Garantie en serviceteam.... 16
11.1 Garantie.... 16
11.2 Serviceteam 16
Bijlage.... 17
A Overzicht menustructuur 17
B Storingen herkennen en verhelpen.... 18
C Beknopte bedieningshandleiding.... 19
Trefwoordenlijst....20
1 Aanwijzingen bij de documentatie
1 Aanwijzingen bij de documentatie
1.1 Aanvullend geldende documenten in acht nemen
Neem absoluut goed nota van alle gebruiksaanwijzingen die bij andere componenten van de installatie worden meegeleverd.
1.2 Documenten bewaren
Bewaar deze handleiding en de documenten die ook van toepassing zijn voor het verdere gebruik, maar niet in of op het product.
1.3 Geldigheid van de handleiding
Deze handleiding geldt uitsluitend voor volgende CV-ketels, hierna "product" genoemd:
Types en artikelnummers ecoTEC plus
| VC BE 126/5-5 | 0010014232 |
| VC BE 206/5-5 | 0010011628 |
| VC BE 306/5-5 | 0010011630 |
| VC BE 376/5-5 | 0010011631 |
| VCW BE 296/5-5 | 0010011632 |
| VCW BE 346/5-5 | 0010011633 |
| VCW BE 376/5-5 | 0010011634 |
Het artikelnummer van het product is een onderdeel van het serienummer (→ Pagina 8).
2 Veiligheid
2.1 Waarschuwingen bij handelingen
Classificatie van de waarschuwingen bij handelingen
De waarschuwingen bij handelingen zijn als volgt door waarschuwingstekens en signaalwoorden aangaande de ernst van het potentiële gevaar ingedeeld:
Waarschuwingstekens en signaalwoorden

Gevaar!
Direct levensgevaar of gevaar voor ernstig lichamelijk letsel

Gevaar!
Levensgevaar door een elektrische schok

Waarschuwing!
Gevaar voor licht lichamelijk letsel

Opgelet!
Kans op materiële schade of milieuschade
2.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen
2.2.1 Installatie alleen door installateur
Installatie, inspectie, onderhoud en reparatie van het product alsook gasinstellingen mogen alleen door een installateur uitgevoerd worden.
2.2.2 Gevaar door verkeerde bediening
Door verkeerde bediening kunnen niet te voorziene gevaarlijke situaties ontstaan.
▶ Neem deze handleiding volledig door. ▶ Neem bij alle werkzaamheden aan het product de algemene veiligheidsvoorschriften en de waarschuwingen in acht. ▶ Neem bij de omgang met het product alle geldende voorschriften in acht.
2.2.3 Levensgevaar door lekkend gas
Door installatiefouten, beschadiging, ondeskundige bediening, een niet toegestane opstellingsplaats of dergelijke kan gas lekken en tot vergiftigings- en explosiegevaar leiden.
Bij gaslucht in gebouwen:
▶ Vermijd ruimtes met gaslucht. - Doe, indien mogelijk, deuren en ramen wijd open en zorg voor tocht. ▶ Vermijd open vuur (bv. aansteker, lucifer). ▶ Niet roken. - Bedien geen elektrische schakelaars, geen stekkers, geen deurbellen, geen telefoons en andere communicatiesystemen in het gebouw. ▶ Sluit de gasteller-afsluitkraan of de hoofdkraan.
- Sluit, indien mogelijk, de gaskraan op het product.
- Waarschuw de huisbewoners door te roepen of aan te kloppen. ▶ Verlaat het gebouw. ▶ Verlaat bij hoorbaar uitstromen van gas onmiddellijk het gebouw en voorkom dat derden het gebouw betreden.
- Alarmeer politie en brandweer zodra u buiten het gebouw bent. ▶ Neem contact op met de storingsdienst van het energiebedrijf vanaf een telefoonaansluiting buiten het gebouw.
2.2.4 Levensgevaar door afgesloten of ondichte rookgastrajecten
Door installatiefouten, beschadiging, manipulatie, niet toegestane opstellingsplaats of dergelijke kan rookgas lekken en tot vergiftigingen leiden.
Breng geen veranderingen aan de volledige rookgasinstallatie aan.
Bij gaslucht in gebouwen:
- Doe alle toegankelijke deuren en ramen wijd open en zorg voor tocht. Schakel het product uit. Breng een installateur op de hoogte.
2.2.5 Levensgevaar door gebruik met gedemonteerde frontmantel
Bij ondichtheden in het product kan rookgas lekken en tot vergiftigingen leiden.
Gebruik het product uitsluitend met gesloten frontmantel.
2.2.6 Levensgevaar door explosieve en licht ontvlambare stoffen
Ontploffingsgevaar ontstaat door licht ontvlambare gas-luchtmengsels.
Explosieve of licht ontvlambare stoffen (bijv. benzine, papier, verf, enz.) niet in de opstellingsruimte van het product gebruiken of opslaan.
2.2.7 Levensgevaar door ontbrekende veiligheidsinrichtingen
Ontbrekende veiligheidsinrichtingen (bijv. veiligheidsklep, expansievat) kunnen tot levensgevaarlijke brandwonden en andere letsels leiden, bijv. door explosies.
Laat uw installateur de positie en de werking van de veiligheidsinrichtingen uitleggen.
2.2.8 Verbrandingsgevaar door heet drinkwater
Aan de tappunten voor warm water bestaat bij warmwatertemperaturen van meer dan 60°C gevaar voor verbranding. Kleine kinderen en oudere mensen lopen zelfs bij lagere temperaturen al risico's.
- Kies een temperatuur waarbij niemand gevaar loopt.
2.2.9 Risico op materiële schade door verkalking door te hoge warmwatertemperatuur
Bij producten met warmwaterbereiding (VCW, VUW, VMW) bestaat bij een waterhardheid van meer dan 3,57 mol/m³ verkalkingsgevaar.
▶ Stel de warmwatertemperatuur op maximaal 50°C in.
2.2.10 Veranderingen in de omgeving van het product
Door veranderingen in de omgeving van het product kan er gevaar ontstaan voor lijf en leven van de gebruiker of derden resp. schade aan het product en andere voorwerpen.
▶ Stel de veiligheidsinrichtingen in geen geval buiten bedrijf. ▶ Manipuleer geen veiligheidsinrichtingen. ▶ Vernietig of verwijder geen verzegelingen van componenten. Enkel erkende installateurs en de servicedienst van de fabriek zijn bevoegd om verzegelde onderdelen te veranderen. ▶ Breng geen veranderingen aan:
- aan het product
- aan de toevoerleidingen voor gas, verbrandingslucht, water en spanning
- aan de volledige rookgasinstallatie
- aan het volledige condensafvoersysteem
- aan de veiligheidsklep
- aan de afvoerleidingen
- aan bouwconstructies die de gebruiksveiligheid van het product kunnen beïnvloeden
2.2.11 Vorstschade door ontoereikende kamertemperatuur
Bij een te lage instelling van de kamertemperatuur, ook van afzonderlijke kamers, bestaat er gevaar voor vorstschade aan delen van de CV-installatie.
▶ Neem absoluut de aanwijzingen voor de vorstbeveiliging in acht (→ Pagina 13).
2.2.12 Vorstschade door stroomuitval
Bij een uitval van de stroomvoorziening kunnen deelbereiken van de CV-installatie door vorst beschadigd worden.
Als u het product bij stroomuitval gebruiksklaar wilt houden, dan dient u voor de installatie van een noodstroom-aggregaat het advies van een installateur in te winnen.
2.2.13 Vorstschade door uitschakelen van het product
Als de vorstbeschermingsinrichtingen inactief zijn, kan het product beschadigd worden. Vorstbeschermingsinrichtingen van het product zijn alleen actief als het product aan de stroomvoorziening aangesloten en ingeschakeld is.
▶ Koppel het product niet los van het elektriciteitsnet. ▶ Laat de aan-/uittoets in de stand "aan".
2.2.14 Corrosieschade door chemisch belaste verbrandings- en ruimtelucht
Sprays, oplosmiddelen, chloorhoudende reinigingsmiddelen, verf, lijm, ammoniakverbindingen, stof e.d. kunnen onder ongunstige omstandigheden tot corrosie aan het product en in de VLT/VGA leiden.
- Gebruik en bewaar geen sprays, oplosmiddelen, chloorhoudende reinigingsmiddelen, verf, lijm e.d. in de omgeving van het product. Als u uw product voor commerciële toepassingen wilt gebruiken, bijv. in kapsalons, lakkerijen of schrijnwerkerijen of reinigingsbedrijven, dan kiest u een afzonderlijke opstellingsruimte waarin een verbrandingsluchttoevoer technische vrij van chemische stoffen gegarandeerd is.
2.2.15 Verwondingsgevaar en gevaar voor materiële schade door ondeskundig of niet uitgevoerd onderhoud en reparatie!
Niet uitgevoerd of ondeskundig uitgevoerd onderhoud kan de bedrijfszekerheid van uw product verminderen.
▶ Laat storingen en schade die de veiligheid belemmeren onmiddellijk verhelpen. ▶ Probeer nooit om zelf onderhoudswerk of reparaties aan uw product uit te voeren. - Geef daartoe opdracht aan een installateur. ▶ Neem de opgegeven onderhoudsintervallen in acht.
Er kan bij ondeskundig of oneigenlijk gebruik gevaar ontstaan voor lijf en leven van de gebruiker of derden resp. schade aan het product en andere voorwerpen.
Dit product is niet bedoeld om door personen (met inbegrip van kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vaardigheden of gebrek aan ervaring en/of ontbrekende kennis gebruikt te worden, tenzij zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of die hen in het gebruik van het product geïnstrueerd heeft.
Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat zij niet met het product spelen.
Het product is als warmtebron voor gesloten warmwater-CV-installaties en de warmwaterbereiding bestemd.
Het gebruik volgens de bestemming omvat:
- het naleven van de bijgevoegde gebruiks-, installatie- en onderhoudshandleidingen van het product en van andere componenten van de installatie
- het naleven van alle in de handleidingen vermelde inspectie- en onderhoudsvoorwaarden.
Een ander gebruik dan het in deze handleiding beschreven gebruik of een gebruik dat van het hier beschreven gebruik afwijkt, geldt als niet reglementair.
Als niet-reglementair gebruik geldt ook ieder direct commercieel of industrieel gebruik.
Het gebruik van het product in voertuigen, zoals bijv. campers of woonwagens, geldt als niet reglementair.
Niet als voertuigen gelden eenheden die permanent en stationair geïnstalleerd zijn en geen wielen hebben (zogenaamde stationaire installatie).
2.4 CE-markering

Met de CE-markering wordt aangegeven dat de producten volgens het typeplaatje voldoen aan de fundamentele vereisten van de geldende richtlijnen.
3 Productbeschrijving
3 Productbeschrijving
3.1 Serienummer
Het zevende tot 16e cijfer van het serienummer vormen het artikelnummer.
Het serienummer vindt u op een plaatje dat achter de frontklep aan de onderkant van het product in een kunststof klepje zit en u kunt het serienummer op het display laten weergeven, "Serie- en artikelnummer weergeven" (→ Pagina 15).
3.2 Opbouw van het product
Frontaanzicht
2 Plaatje met serienummer aan de achterkant
3.3 Frontklep openen
- Neem de greep van de frontklep vast.
- Klap de frontklep naar onderen.
3.4 Overzicht bedieningselementen
1 Aan-/uittoets 2 Inbouwthermostaat (toebehoren)
Digitaal Informatie- en analysesysteem (DIA) bestaande uit:
3 Ontstoringstoets
5 Display
4 Bedieningstoetsen
3.5 Digitaal informatie- en analysesysteem (DIA)
Het product is uitgerust met een digitaal informatie- en analysesysteem (DIA-systeem). Het systeem informeert over de bedrijfstoestand van het product en helpt om storingen te verhelpen.
De verlichting van het display wordt ingeschakeld als u
- het product inschakelt of
- terwijl het product ingeschakeld is op een toets van het DIA-systeem drukt. Deze toetsdruk activeert aanvankelijk geen bijkomende functie.
De verlichting gaat uit na een minuut als u op geen enkele toets drukt.
Bedieningselementen DIA-systeem
1 Actuele CV-aanvoertemperatuur, vuldruk van de CV-installatie, modus, foutcode of aanvullende informatie 2 Actuele bezetting van de rechter keuzetoets 3 Linker en rechter keuze- toetsen ☐☐
4 - en±toets
5 Installateurmodus (alleen voor installateur) 6 Toegang tot het menu voor extra informatie 7 Actuele bezetting van de linker keuzetoets 8 Actieve bedrijfstoestand
3.5.1 Weergegeven symbolen
| Symbol | Betekenis Toelichting | |
![]() | correcte branderfunctie brander aan | |
![]() ![]() | Actuele brandermodula-tiegraad | |
![]() ![]() ![]() | Actuele vuldruk van de CV-installatieDe gestippelde lijnen markeren het toege-stane bereik. | - permanent aan: vul-druk in het toege-stane bereik.- knippert: vuldruk bui-ten het toegestane bereik. |
![]() | CV-bedrijf actief - permanent aan:warmteaanvraagCV-bedrijf- knippert: brander aan in CV-bedrijf | |
| Symbol | Betekenis Toelichting | |
![]() | Warmwaterbereiding actief | - permanent aan: tapbedrijf, voor brander aan- knippert: brander aan in het tapbedrijf |
| [28GB] | Comfortmodus actief - permanent aan:comfortmodus actief- knippert: comfortmodus actief, brander aan | |
![]() | Onderhoud vereist Informatie over de onderhoudsmelding in de "Live Monitor". | |
![]() | Zomermodus actiefCV-bedrijf is uitgeschakeld | |
![]() | branderwachttijd actief Voor het vermijden van het frequent in- en uitschakelen (verlengt de levensduur van het product). | |
F.XX | Fout in het product | Verschijnt in de plaats van het startscherm, evt. verklarend tekstbericht. |
4 Bediening
4.1 Bedieningsconcept
U kunt het product met de keuzetoetsen en de plus-/min-toetsen bedienen.
De beide keuzetoetsen hebben een zogenaamde softkeyfunctie, d.w.z. de functie kan wisselen.
Als u bijv. in het startscherm (→ Pagina 10) de linker keuzetoets □ indrukt, dan wisselt de actuele functie van 📁 (warmwatertemperatuur) naar Vorige.
Met
- gaat u direct naar de instelling van de warmwatertemperatuur
- breekt u de wijziging van een instelwaarde of de activering van een modus af
- gaat u in het menu een keuzeniveau hoger.
Met
- gaat u direct naar de instelling van de CV-aanvoertemperatuur, naar de waarde van de vuldruk van de CV-installatie en naar de activering van de comfortmodus
- bevestigt u een instelwaarde of de activering van een modus
- gaat u in het menu een keuzeniveau lager.
Met + tegelijk:
- gaat u naar het menu (→ Pagina 14).
Met of: +
- scrollt u door de items in het menu,
- verhoogt of verlaagt u een gekozen instelwaarde.
5 Bediening
Instelbare waarden worden altijd knipperend weergegeven.
De wijziging van een waarde moet u altijd bevestigen. Pas dan wordt de nieuwe instelling opgeslagen. Met □ kunt u altijd een bewerking afbreken. Als u langer dan 15 minuten op geen enkele toets drukt, springt het display terug naar de basisindicatie.

Een gemarkeerd object wordt op het display weergegeven als heldere tekst op donkere ondergrond.
4.2 Startscherm

Op het display ziet u het startscherm met de actuele toestand van het product. Als u op een keuzetoets drukt, wordt op het display de geactiveerde functie weergegeven.
Welke functies ter beschikking staan, is afhankelijk van het feit of een thermostaat aan het product is aangesloten.
U gaat terug naar het startscherm als u:
- □ indrukt en zo de keuzeniveaus verlaat
- langer dan 15 minuten op geen enkele toets drukt.
Zodra er een foutmelding is, wisselt het startscherm naar de foutmelding.
4.3 Bedieningsniveaus
Het product heeft twee bedieningsniveaus.
Het bedieningsniveau voor de gebruiker toont de belangrijkste informatie en biedt instellingsmogelijkheden die geen speciale voorkennis vereisen.
Het bedieningsniveau voor de installateur mag alleen met vakkennis worden bediend en is daarom met een code beveiligd. Hier kan de installateur de installatiespecifieke parameters instellen.
4.3.1 Opbouw van het menu

1 Schuifbalk (alleen zichtbaar als er meer lijstopties voorhanden zijn dan er op het display tegelijk kunnen worden weergegeven)
2 Actuele bezetting van de rechter en de linker keuzetoets (softkeyfunctie)
3 Lijstopties van het keuzeniveau
4 Naam van het keuzeniveau
Het menu bestaat uit twee keuzeniveaus.

Aanwijzing
Een padopgave aan het begin van een hoofdstuk geeft aan hoe u deze functie bereikt, bijv. Menu → Informatie → Contact data.
Een overzicht van de menustructuur vindt u in de bijlage van deze gebruiksaanwijzing (→ Pagina 17).
5 Bediening
5.1 Eisen aan de opstellingsplaats
5.1.1 Kastachtige mantel
Een kastachtige mantel van het product valt onder de geldende uitvoeringsvoorschriften.
Als u een kastachtige mantel voor uw product wenst, neem dan contact op met een installateur. Breng in geen geval zelf een ommanteling aan uw product aan.
5.2 Product in gebruik nemen
5.2.1 Afsluitvoorzieningen openen
- Laat uw installateur de positie en de werking van de afsluitvoorzieningen uitleggen.
- Open de gasafsluitkraan tot aan de aanslag.
- Controleer, als deze zijn geïnstalleerd, of de onderhoudskranen in de aanvoer en retour van de cv-installatie zijn geopend.
- Geldt voor VMW: open de koudwaterstopkraan. Ter controle kunt u bij een warmwaterkraan proberen of daar water uitkomt.
5.2.2 Product inschakelen
Druk op de aan-/uittoets (1). Als het product ingeschakeld is, dan verschijnt op het display (2) het "startscherm" (→ Pagina 10).
5.2.3 Vuldruk van de CV-installatie controleren

Aanwijzing
Om het gebruik van de installatie met een te kleine hoeveelheid water te vermijden en om te voorkomen dat daardoor schade ontstaat, beschikt uw product over een druksensor en een digitale drukindicatie.
Voor een perfecte werking van de CV-installatie moet de vuldruk bij een koude CV-installatie tussen 0,1 MPa en 0,2 MPa (1,0 bar en 2,0 bar) resp. tussen de beide gestippelde lijnen in de balkindicatie liggen.
Als de CV-installatie zich over meerdere etages uitstrekt, kan een hogere vuldruk van de CV-installatie nodig zijn. Vraag hiervoor raad bij uw installateur.

Aanwijzing
Bij het onderschrijden van 0,08 MPa (0,8 bar) knipperen op het display de rechter balkindicatie en de actuele vuldruk.
Bijkomend wordt na ca. een minuut het symbool ♦ weergegeven.
Als de vuldruk van de CV-installatie onder 0,05 MPa (0,5 bar) daalt, dan schakelt het product uit. Op het display verschijnen afwisselend de foutmelding F.22 en de actuele vuldruk.

1 Actuele vuldruk 3 Minimale vuldruk 2 Maximale vuldruk
- Druk twee keer op ☐
Op het display verschijnen de waarden van de actuele vuldruk (1) alsook van de minimale (3) en de maximale (2) vuldruk.
- Als de vuldruk te laag is, dan vult u water bij.
Zodra u voldoende water hebt bijgevuld, verdwijnt de weergave na ca. 20 seconden vanzelf.
- Als de druk vaker daalt, moet de oorzaak voor het verlies van CV-water worden vastgesteld en verholpen. Breng hierover uw installateur op de hoogte.
5.2.4 CV-installatie vullen

Opgelet!
Risico op materiële schade door sterk kalkhoudend, sterk corrosief of met chemicaliën vervuild verwarmingswater!
Ongeschikt leidingwater beschadigt afdichtingen en membranen, verstopt waterdoorstroomde componenten in het product en in de CV-installatie en veroorzaakt geluiden.
Vul de CV-installatie alleen met geschikt CV-water. Vraag bij twijfel hiervoor raad bij een installateur.
- Vraag een installateur waar de vulkraan zich bevindt.
- Verbind de vulkraan met de warmwatervoorziening, indien mogelijk met een koudwaterkraan, zoals de installateur het u uitgelegd heeft.
- Open alle thermostaatkranen van de CV-installatie.
- Open de koudwaterkraan.
- Draai de vulkraan langzaam open.
- Vul water bij tot de vereiste vuldruk bereikt is.
- Sluit de koudwaterkraan.
- Ontlucht alle radiatoren.
- Controleer daarna de vuldruk aan het display.
- Vul eventueel nog eens water bij.
- Sluit de vulkraan.
- Keer terug naar het "startscherm" (→ Pagina 10).
5.3 CV-aanvoertemperatuur instellen
5.3.1 CV-aanvoertemperatuur instellen (zonder aangesloten thermostaat)

Aanwijzing
Als er geen externe of interne thermostaat aan het product aangesloten is, stel dan de CV-aanvoertemperatuur in zoals hierna beschreven.

1.
Druk op


◀ Op het display verschijnt de gewenste waarde van de CV-aanvoertemperatuur.
2.
Verander de CV-aanvoertemperatuur met of.
3.
Bevestig de wijziging met (OK).

Aanwijzing
De installateur heeft mogelijk de maximaal mogelijke temperatuur aangepast.
5.3.2 CV-aanvoertemperatuur instellen (met aangesloten thermostaat)
▶ Als uw CV-ketel met een weersafhankelijke thermostaat of een kamerthermostaat uitgerust is, stel dan aan de CV-ketel de maximale CV-aanvoertemperatuur in.
De werkelijke CV-aanvoertemperatuur wordt automatisch door de thermostaat ingesteld.
5.4 Warmwaterbereiding instellen
5.4.1 Warmwatertemperatuur instellen

1.
Druk


◀ Op het display wordt de ingestelde gewenste warmwatertemperatuur knipperend weergegeven.
2.
Wijzig de warmwatertemperatuur met of.
3.
Bevestig de wijziging met (OK).

Aanwijzing
Als een thermostaat aangesloten is waaraan u de warmwatertemperatuur kunt instellen, dan stelt u de warmwatertemperatuur aan het CV-toestel op de maximaal mogelijke temperatuur in.
5.4.2 Comfortmodus in- en uitschakelen

Aanwijzing
De comfortmodus levert u direct warm water met de gewenste temperatuur zonder dat u een opwarmingstijd hoeft af te wachten.

1.
Druk op


2
Druk op


◀ Op het display wordt knipperend Komfort aan of Komfort uit weergegeven.
3.
Activeer resp. deactiveer de comfortmodus met ☐ of +.
4
Bevestig de wijziging met (OK).
Als u de comfortmodus geactiveerd hebt, verschijnt in het startscherm het symbool C. Als u de comfortmodus gedeactiveerd hebt, verdwijnt in het startscherm het symbool C.
5.4.3 Gelaagde boiler activeren
Geldt voor: VMW met boiler actoSTOR
Om een bijkomend aangesloten gelaagde boiler actoSTOR te activeren, moet u de boilerlading aan uw product inschakelen.
▶ Activeer hiervoor de comfortmodus (Comfortmodus in- en uitschakelen (→ Pagina 12)).
◀ Het symbool C verschijnt op het display.
▶ Stel de warmwatertemperatuur in.
Voorwaarden: Boilerlading ingeschakeld
– Warmwatertemperatuur: 50 ... 65 °C

Gevaar!
Verbrandingsgevaar!
De producten zijn met een automatische functie legionellabeveiliging uitgerust: als de temperatuur in de gelaagde boiler gedurende 24 uur onder 50°C daalt, dan wordt de boiler eenmalig tot 70°C opgewarmd.
▶ Houd er bij het aftappen rekening mee dat het water erg heet kan zijn.
- Als u de functie "Legionellabeveiliging" wilt uitschakelen, vraag dan hierover om advies aan uw installateur. ▶ Als u de boilerlading wilt uitschakelen, deactiveer dan de comfortmodus (Comfortmodus in- en uitschakelen (→ Pagina 12)).
Voorwaarden: Boilerlading uitgeschakeld
- Warmwatertemperatuur: 35 ... 65 °C
De boiler wordt niet op temperatuur gehouden. Als u water aftapt, schakelt het product in en het product werkt in dit geval alleen als doorstroomgeiser.
5.5 Functies van het product uitschakelen
5.5.1 Warmwaterbereiding uitschakelen
Geldt voor: VC met boiler

- Om de boilerlading uit te schakelen en het CV-bedrijf verder in werking te laten, drukt u op (☐).
◀ Op het display wordt de ingestelde warmwatertemperatuur knipperend weergegeven.
- Zet de warmwatertemperatuur met ☐ op Boiler opladen uit.
- Bevestig de wijziging met OK.
De boilerlading is uitgeschakeld. Alleen de vorstbeschermingsfunctie voor de boiler is actief.
5.5.2 CV-bedrijf uitschakelen (zomermodus)

- Om in de zomer het CV-bedrijf uit te schakelen, maar de warmwaterbereiding verder in bedrijf te laten, drukt u op 📄
◀ Op het display verschijnt de waarde van de CV-aanvoertemperatuur.
- Zet de CV-aanvoertemperatuur met ☐ op Verwarming uit.
- Bevestig de wijziging met (OK).
◀ Het CV-bedrijf is uitgeschakeld. Op het display verschijnt het symbool
5.5.3 Product tijdelijk buiten bedrijf stellen

Opgelet! Kans op materiële schade door vorst!
Vorstbeveiligings- en bewakingsinrichtingen zijn alleen actief als ze niet gescheiden zijn van het elektriciteitsnet en als het product met de aan-/uittoets ingeschakeld is.
▶ Stel het product alleen tijdelijk buiten bedrijf als er geen vorst te verwachten is.
- Om het product uit te schakelen, drukt u op de aan-/uit-toets.
Als het product uitgeschakeld is, gaat het display uit.
Bij langere buitenbedrijfstelling (bijv. vakantie) moet u bijkomend de gasafsluitkraan en bij combiproducten de koudwaterstopkraan sluiten.
5.6 CV-installatie tegen vorst beschermen
5.6.1 Vorstbeveiligingsfunctie

Opgelet! Kans op materiële schade door vorst!
De doorstroming van de volledige CV-installatie kan met de vorstbeveiligingsfunctie niet gegarandeerd worden, zodat delen van de CV-installatie kunnen bevriezen en hierdoor beschadigd worden.
▶ Verzeker u ervan dat, ook als u tijdens een vorstperiode afwezig bent, de CV-installatie in bedrijf blijft en de kamers voldoende op temperatuur worden gehouden.

Aanwijzing Opdat de vorstbeschermingsinrichtingen actief blijven, moet u uw product via de thermostaat in- en uitschakelen, als een thermostaat geïnstalleerd is.
Als de CV-aanvoertemperatuur bij een ingeschakelde aan-/uittoets onder 5°C daalt, gaat het product in bedrijf en verwarmt het omlopende water zowel aan de CV- alsook aan de warmwaterzijde (indien voorhanden) tot ca. 30°C op.
5.6.2 CV-installatie leegmaken
Een andere mogelijkheid van vorstbeveiliging voor erg lange uitschakeltijden bestaat erin de CV-installatie en het product volledig leeg te maken.
▶ Neem hiervoor contact op met een installateur.
6 Verhelpen van storingen
5.7 Onderhoudsmeldingen aflezen
Als het symbool op het display weergegeven wordt, dan is onderhoud van het product noodzakelijk.
▶ Neem hiervoor contact op met uw installateur. ◀ Het product bevindt zich niet in de foutmodus, maar loopt verder. - Als tegelijk de waterdruk knipperend weergegeven wordt, vul dan gewoon water bij. - Om meer informatie over de oorzaak voor het onderhoud af te lezen, roep dan de "Live monitor" (→ Pagina 14) op.
6 Verhelpen van storingen
6.1 Foutmeldingen aflezen

Foutmeldingen hebben prioriteit voor alle andere indicaties en worden op het display in de plaats van het startscherm weergegeven bij het tegelijk optreden van meerdere fouten afwisselend gedurende telkens twee seconden.
- Als uw product een foutmelding weergeeft, neem dan contact op met uw installateur.
- Om meer informatie over de toestand van uw product te verkrijgen, roept u de „Live monitor" (→ Pagina 14) op.
6.2 Storing herkennen en verhelpen
▶ Mochten er bij het gebruik van uw producten problemen opduiken, dan kunt u enkele punten met behulp van de tabel in de bijlage zelf controleren. Storingen herkennen en verhelpen (→ Pagina 18)
▶ Als het product na de controle aan de hand van de tabel niet perfect werkt, neem dan contact op met uw installateur om het probleem te verhelpen.
6.3 Ontstekingsstoring verhelpen

Als na vijf ontstekingspogingen geen ontsteking van de brander volgt, dan treedt het product niet in werking en
schakelt het op storing. Dit wordt aangegeven door weergave van de foutcodes F.28 of F.29 op het display.
Pas nadat u het product handmatig ontstoord hebt, ontsteekt het opnieuw automatisch.
- Zorg ervoor dat de gasafsluitkraan geopend is.
- Om het product te ontstoren, drukt u op de ontstorings-toets.
- Als u de ontstekingsstoring niet met drie ontstorings-pogingen kunt verhelpen, vraag dan uw installateur om advies.
7 Extra functies
7.1 Functies in het menu
7.1.1 Vuldruk van de CV-installatie
Menu → Waterdruk
U kunt de precieze waarde van de vuldruk alsook de minimaal resp. maximaal toegestane vuldruk laten weergeven.
7.1.2 Live monitor (statuscodes)
Menu → Live monitor
Met behulp van de live monitor kunt u de actuele product-status laten weergeven.
| statuscode | Betekenis |
| Indicaties tijdens CV-bedrijf | |
| S.00 | Verwarming geen warmtevraag |
| S.02 | CV vraag pomp voorloop |
| S.03 | CV vraag Ontsteking |
| S.04 | CV vraag Brander aan |
| S.06 | CV vraag naloop |
| S.07 | CV vraag pomp naloop |
| S.08 | CV wachttijd xx min |
| Weergave tijdens warmwaterfunctie | |
| S.10 | Warmwateraanvraag door stromingssensor |
| S.14 | Warm water vraag brander aan |
| Weergaven bij boilerlaadfunctie | |
| S.20 | Warmwateraanvraag |
| S.22 | Warmwaterfunctie pomp voorloop |
| S.24 | Warm water vraag brander aan |
| Speciale gevallen | |
| S.31 | Geen warmtevraag zomer bedrijf |
| S.34 | CV-functie vorstbeveiliging |
| S.40 | Comfortbeveiligingsmodus actief |
Als de installateur bij de installatie zijn telefoonnummer ingevuld heeft, dan kunt u dit nummer hier aflezen.
7.1.4 Serie- en artikelnummer
Menu → Informatie → Serienummer
Hier kunt u het serienummer van het product aflezen. Het artikelnummer staat op de tweede regel.
7.1.5 Displaycontrast instellen
Menu → Informatie → Contrast
Hier kunt u het contrast instellen, zodat het display goed afleesbaar is.
7.1.6 Reset wachttijd (branderwachttijd resetten)
Menu → Reset tijdvertraging
De installateur gebruikt deze functie bij het onderhoud.
7.1.7 Installateurniveau oproepen

Opgelet!
Gevaar voor materiële schade door ondeskundige bediening!
Ondeskundige instellingen in het installateurniveau kunnen tot schade aan de CV-installatie leiden.
▶ De toegang tot het installateurniveau mag u alleen gebruiken als u een installateur bent.
7.2 Taal instellen
Als u een andere taal wilt instellen:
▶ Druk op en-tegefijk. ▶ Druk bijkomend kort op de ontstoringstoets. ▶ Houd ☐ en + ingedrukt tot het display de taalinstelling weergeeft. ▶ Kies de gewenste taal met of. ▶ Bevestig met (OK). - Als de juiste taal ingesteld is, bevestig dan nogmaals met (OK).

Aanwijzing
Als u per ongeluk de verkeerde taal ingesteld hebt, dan kunt u deze zoals hierboven beschreven opnieuw wijzigen. Blader met ☐ tot de juiste taal verschijnt.
8 Onderhoud
8.1 Onderhoudscontract afsluiten
Voorwaarde voor de permanente inzetbaarheid en gebruiksveiligheid, betrouwbaarheid en lange levensduur is een jaarlijkse inspectie en een tweejaarlijks onderhoud van uw product door uw installateur.
Regelmatig onderhoud zorgt voor een optimaal rendement en dus voor een efficiëntere werking van uw product.
We raden u aan om een onderhoudscontract af te sluiten.
8.2 Product onderhouden

Opgelet!
Kans op materiële schade door ongeschikte reinigingsmiddelen!
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de mantel, de armaturen of bedieningselementen beschadigen.
- Gebruik geen sprays, schuurmiddelen, afwasmiddelen of oplosmiddel- of chloorhoudende reinigingsmiddelen.
▶ Reinig de mantel met een vochtige doek en een beetje oplosmiddelvrije zeep.
8.3 Condensaatafvoerleiding en afvoertrechter controleren
- Controleer regelmatig de condensaatafvoerleiding en de afvoertrechter op gebreken, vooral op zicht- of voelbare hindernissen of verstoppingen.
- Als u gebreken vaststelt, laat deze dan door uw installateur verhelpen en laat de nodige doorlaatbaarheid herstellen.
9 Buitenbedrijfstelling
9.1 Product definitief buiten bedrijf stellen
▶ Laat het product door een installateur definitief buiten bedrijf stellen.
10 Recycling en afvoer
10 Recycling en afvoer
10.1 Verpakking afvoeren
Het afvoeren van de verpakking kunt u het best overlaten aan de installateur die het product geïnstalleerd heeft.
10.2 Product en toebehoren afvoeren
- Geef noch het product noch het toebehoren met het huisvuil mee.
- Zorg ervoor dat het product en het toebehoren reglementair afgevoerd worden. Neem alle relevante voorschriften in acht.
gevraagd wordt. Voor elk geschil zijn enkel de Tribunalen van het district waar de hoofdzetel van de vennootschap gevestigd is, bevoegd. Om alle functies van het Vaillant toestel op termijn vast te stellen en om de toegelaten toestand niet te veranderen, mogen bij onderhoud en herstellingen enkel nog originele Vaillant onderdelen gebruikt worden.
11.2 Serviceteam
N.V. Vaillant S.A.
Golden Hopestraat 15
B-1620 Drogenbos
België
Klantendienst: +32 2 334 93 52
11 Garantie en serviceteam
11.1 Garantie
De producten van de NV Vaillant zijn gewaarborgd tegen alle materiaal- en constructiefouten voor een periode van twee jaar vanaf de datum vermeld op de aankoopfactuur die u heel nauwkeurig dient bij te houden. De waarborg geldt alleen onder de volgende voorwaarden:
- Het toestel moet door een erkend gekwalificeerd vakman geplaatst worden die er, onder zijn volledige verantwoordelijkheid, op zal letten dat de normen en installatievoorschriften nageleefd worden.
- Het is enkel aan de technici van de Vaillant fabriek toegelaten om herstellingen of wijzigingen aan het toestel onder garantie uit te voeren, opdat de waarborg van toepassing zou blijven. De originele onderdelen moeten in het Vaillant toestel gemonteerd zijn, zoniet wordt de waarborg geannuleerd.
- Teneinde de waarborg te laten gelden, moet u ons de garantiekaart volledig ingevuld, ondertekend en gefrankeerd terugzenden binnen de veertien dagen na de installatie!
De waarborg wordt niet toegekend indien de slechte werking van het toestel het gevolg is van een slechte regeling, door het gebruik van een niet overeenkomstige energie, een verkeerde of gebrekkige installatie, de niet-naleving van de gebruiksaanwijzing die bij het toestel gevoegd is, door het niet opvolgen van de normen betreffende de installatievoorschriften, het type lokaal of verluchting, verwaarlozing, overbelasting, bevriezing, elke normale slijtage of elke handeling van overmacht. In dit geval zullen onze prestaties en de geleverde onderdelen aangerekend worden. Bij facturatie, opgesteld volgens de algemene voorwaarden van de na-verkoop-dienst, wordt deze steeds opgemaakt op de naam van de persoon die de oproep heeft verricht en/of de naam van de persoon bij wie het werk is uitgevoerd, behoudens voorafgaand schriftelijk akkoord van een derde persoon (bv. huurder, eigenaar, syndic, enz.) die deze factuur uitdrukkelijk ten zijne laste neemt. Het factuurbedrag zal contant betaald moeten worden aan de fabriekstechnicus die het werk heeft uitgevoerd. Het herstellen of vervangen van onderdelen tijdens de garantieperiode heeft geen verlenging van de waarborg tot gevolg. De toekenning van garantie sluit elke betaling van schadevergoeding uit en dit tot voor om het even welke reden ze ook
Bijlage
A Overzicht menustructuur
![graph TD A["50°C bar"] --> B["Menu Waterdruk Live monitor Informatie Vorige Select"] B --> C["Menu Waterdruk Live mpnitor Informatie Vorige Select"] C --> D["Menu Waterdruk Live monitor Informatie Vorige Select"] D --> E["Menu Waterdruk Live monitor Informatie Vorige Select"] E --> F["Menu Waterdruk…](/content/2026/06/1162516/images/7f315e18061d4ddd025f6dd20f4c0dd0a7795eb964445e3808733ef1d64d9c2a.jpg)
B Storingen herkennen en verhelpen
| Probleem | Mogellijke oorzaak | Maatregel om het probleem te verhelpen |
| Geen warm water, verwarming blijft koud; product treedt niet in werking | Gasafsluitkraan aan gebouwzijde gesloten | Gasafsluitkraan aan gebouwzijde openen |
| Stroomvoorziening aan gebouwzijde uitgeschakeld | Stroomvoorziening aan gebouwzijde inschake- len | |
| Aan-/uittoets aan het product uitgeschakeld | Aan-/uittoets aan het product inschakelen | |
| De CV-aanvoertemperatuur is te laag ingesteld of in de instelling "Verwarming uit" en/of de warmwatertemperatuur is te laag ingesteld | CV-aanvoertemperatuur op de gewenste tempe-ratuur instellen en/of warmwatertemperatuur op de gewenste temperatuur instellen | |
| Vuldruk van de CV-installatie niet voldoende | Water in de CV-installatie bijvullen | |
| Lucht in de CV-installatie Radiator ontluchten | Bij herhaaldelijk optredend probleem: installa-teur op de hoogte brengen | |
| Storing bij ontstekingsproces Ontstoringstoets indrukken | Bij herhaaldelijk optredend probleem: installa-teur op de hoogte brengen | |
| Warmwaterbedrijf storing-vrij; verwarming treedt niet in werking | geen warmteaanvraag door de thermostaat | Tijdsprogramma aan de thermostaat controle-ren en evt. corrigerenKamertemperatuur controleren en evt.gewenste kamertemperatuur corrigeren ("gebruiksaanwijzing thermostaat") |
C Beknopte bedieningshandleiding
CV-bedrijf uitschakelen (Zomer bedrijf)
Verwarmingstemperatuur instellen (CV-bedrijf inschakelen)
Warmwatertemperatuur instellen
Comfortmodus in-/uitschakelen
Trefwoordenlijst
A
Afsluitinrichtingen.... 13
Afvoer
Verpakking....16
Afvoertrechter
controleren....15
Artikelnummer 8,15
B
Bedieningselementen 8
Bedieningsniveau
Gebruiker 10
Installateur 10
Boilerlading 13
Branderwachttijd.... 15
Buitenbedrijfstelling
definitief 15
tijdelijk 13
C
CE-markering....7
Comfortmodus 12
Condensaatafvoerleiding
controleren....15
CV-aanvoertemperatuur....13
instellen (met aangesloten thermostaat) 12
instellen (zonder thermostaat)....11
CV-bedrijf (combiproduct)
uitschakelen 13
CV-installatie
leegmaken.... 13
Vuldruk weergeven....11
vullen....11
D
DIA-systeem....8
Display....8
Startscherm....10
Weergegeven symbolen 9
Displaycontrast instellen 15
F
Foutmelding....14
Frontklep....8
G
Gaslucht 5
Gedemonteerde frontmantel....5
Gelaagde boiler
activeren 12
|
Inspectie....5
Installatie 5
Installatiedruk....11
L
Legionellabacteriën 12
Live monitor....14
M
Menu
Montage....10
0
Onderhoud....5, 15
Onderhoudscontract.... 15
Onderhoudsmelding....14
Ontstekingsstoring....14
P
Product
afvoeren 16
definitief buiten bedrijf stellen 15
inschakelen 11
onderhouden 15
ontstoren 14
uitschakelen 13
R
Reiniging 15
Reparatie 5
s
Serienummer 8, 15
Startscherm 10
Statuscodes 14
Symbolen 9
T
Taal instellen 15
Thermostaat 12
Toestelstatus....14
U
Uitschakelen 13
v
Verhelpen van storingen 14
Vorst
CV-installatie tegen vorst beschermen.... 13
Vorstbeveiligingsfunctie.... 13
Vuldruk
Digitale indicatie.... 14
Vuldruk CV-installatie
weergeven ....11
W
Warmwaterbereiding
uitschakelen 13
Warmwatertemperatuur
instellen....12
Verbrandingsgevaar....5
Watertekort....11
Z
Zomermodus....13
0020144292_00











F.XX