MCR-716 - Autoradio Marquant - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MCR-716 Marquant in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MCR-716 Marquant
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autoradio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MCR-716 - Marquant en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MCR-716 van het merk Marquant.
GEBRUIKSAANWIJZING MCR-716 Marquant
- Monteer de installatie op een plaats waar hij de bestuurder van de auto niet hindert tijdens het rijden.
- Sluit, voordat u de installatie definitief monteert, de bedrading een keer aan en controleer of de installatie en het systeem als geheel correct werken.
- Gebruik voor een correcte montage alleen de meegeleverde materialen. Het gebruik van andere onderdelen kan storingen veroorzaken.
- Neem contact op met uw garage als u gaten in uw auto moet boren of als u het voertuig op andere wijze moet aanpassen.
- Monteer de installatie op een plaats waar hij de bestuurder niet in de weg zit, en op een plaats waar een passagier er zich niet aan kan verwonden bij plotseling remmen, bijvoorbeeld bij het maken van een noodstop.
- Plaats het apparaat niet schuiner dan 30 graden, anders kan dit de prestaties van de installatie nadelig beïnvloeden.

- Monteer de installatie nooit op een warme plaats, zoals in direct zonlicht of in de warme-luchtstroom van de verwarming, en stel de installatie niet bloot aan stof, vuil en sterke trillingen.
DIN FRONT/REAR-MOUNT
Deze unit kan zowel met als zonder inbouwframe gemonteerd worden "Front" (conventionele DIN Frontmontage) of "Rear" (DIN Rear-montage, gebruik makend van de voorgeboorde gaten in de unit).
Zie voor details de illustratie's. Methode A en B.
VERWIJDER VOOR MONTAGE VAN DE UNIT DE TRANSPORTSCHROEVEN.
Vergeet niet voor montage de transportschroeven te verwijderen.
VERWIJDER VOOR MONTAGE VAN DE UNIT DE TRANSPORTSCHROEVEN.

Het apparaat installeren
Zorg ervoor dat u eerst alle aansluitingen test, en volg daarna deze stappen voor de installatie van het apparaat.

text_image
53 mm 182 mm- Controleer of het contact uitgeschakeld is en neem vervolgens de kabel van de min-pool (-) van de accu los.
- Maak de kabelboom en de antennekabel los.
- Til de bovenzijde van de buitenste afwerkplaat omhoog en verwijder deze vervolgens.
- Til de bovenzijde van de buitenste afwerkplaat omhoog en verwijder deze vervolgens.
- Met de twee bijgeleverde ontgrendelpennen worden de borglipjes voor de inbouwslede ontgrendeld, zodat deze te verwijderen is. Steek de ontgrendelpennen zover mogelijk in de openingen (met de inkeping naar boven gericht) in de hiervoor bestemde openingen die centraal in de weerszijden van de installatie aangebracht zijn. Schuif de inbouwslede vervolgens in achterwaartse richting van de installatie.

text_image
inbouwslede L ontgrendelpen Buitenste afdekplaat R ontgrendelpen- Monteer de inbouwslede door het in de uitsparing van het dashboard te schuiven en buig de borglippen van de inbouwslede met een schroevendraaier naar buiten. Niet alle borglippen zullen in het dasboard vergrendelen; controleer daarom welke het meest geschikt zijn. Buig de juiste borglippen achter het dashboard om de inbouwslede stevig te bevestigen.

text_image
inbouwslede Dashboard Schroevendraaier Borglippen-
Breng de kabelboom en de antennekabel weer aan en let erop dat de kabels niet bekneld raken.
-
Schuif de installatie zover in de inbouwslede totdat deze met een klik vergrendelt.
-
Om de installatie nog veiliger op zijn plaats te houden, gebruikt u het bijgeleverde metaalbandje waarmee de achterzijde van de installatie geborgd wordt. Gebruik het bijgeleverde bevestigingsmateriaal (zeskantmoer (5mm) en de veerring) en bevestig daarmee een uiteinde van het metaalbandje aan de montagebout op de achterzijde van de installatie. Zo nodig kan het metaalbandje gebogen worden om het geschikt te maken voor de inbouwsituatie van uw auto. Gebruik vervolgens de overige bijgeleverde bevestigingsmaterialen (Zelftapper (5x25mm) en vulring) om het andere uiteinde van het
metaalbandje te bevestigen aan een stevig metalen dashboardonderdeel. Het metaalbandje zorgt tevens voor een goede massa-aansluiting van de installatie.

text_image
Borgring Montagebout Zelftapper Metaalbandje Zeskantmoer met veerring- Sluit de kabel weer op de min-pool(-) van de auto-accu aan. Breng vervolgens de buitenste afwerkplaat weer op zijn plaats aan.
Demontage van de installatie
-
Controleer of het contact uitgeschakeld is en neem vervolgens de kabel van de min-pool (-) van de accu los.
-
Verwijder het metalen bevestigingsbandje aan de achterzijde van de installatie (indien dit bevestigd is).
-
Druk de release-toets in om het voorpaneel van de installatie te verwijderen.
-
Til de bovenzijde van de buitenste afwerkplaat omhoog en verwijder deze vervolgens.
-
Steek de bijgeleverde ontgrendelpennen in de openingen die centraal in de weerszijden van de installatie aangebracht zijn en trek de installatie vervolgens uit de dashboardopening.

Als uw auto een Nissan of Toyota is, volg dan deze montage-instructies.
Gebruik de schroefgaten gemarkeerd T (Toyota) of N (Nissan) aan beide zijden van het apparaat om het apparaat te bevestigen op de meegeleverde montagebeugels.

text_image
Zijaanzicht met schroefgaten gemarkeerd T, N Fabrieksvoorzieningen t.b.v. Radiomontage Schroef Haak Schroef Haak Dashboard of (Midden)consoleInstallatie aanbrengen op de fabrieksvoorzienigen voor radiomontage.
-
Gebruik een schroevendraaier om de schroeven van de haak los te draaien die zich aan de linker- en rechtervoorzijde van de installatie bevinden en verwijder de haken.
-
Zorg dat de schroefgaten van de beugel tegenover de schroefgaten van de installatie liggen en zet vervolgens de schroeven aan weerszijden vast.
Opm.: de buitenste afwerkplaat, de inbouwslede en het metaalbandje worden niet gebruikt bij montagemethode B.
HET FRONTJE VERWIJDEREN
- Druk op de ontgrendelingsknop (OPEN) op het frontje en trek het frontje naar voren.

text_image
Ontgrendelingsknop Frontje- Bewaar het frontje in zijn beschermetui.

text_image
Bescherm-etui FrontjeHET FRONTJE TERUGPLAATSEN
U plaatst het frontje weer terug door hem in de behuizing te drukken. Let erop dat hij stevig vastzit. Anders werken de toetsen en het display misschien niet goed.

Gebruiksvoorschriften
- Laat het frontje niet vallen.
- Druk nooit op het display of op de bedieningsknoppen bij het loshalen of terugplaatsen van het frontje.
- Raak nooit de contacten aan van het frontje of van de installatie zelf. Dit kan een slecht elektrische contact veroorzaken.
- Zijn de contacten vuil, reinig ze dan met een schone, droge doek.
- Stel het frontje nooit bloot aan hoge temperaturen of aan direct zonlicht.
- Laat nooit vluchtige stoffen (zoals wasbenzine, thinner en insectensprays) met het oppervlak van het frontje in contact komen.
- Probeer nooit het frontje uit elkaar te halen.
Let op!
- Gebruik de adaptersteker van de autoradio om een veilige elektrische verbinding te maken.
2.Belangrijk! Let erop, dat de gele geheugenkabel aan de constante +12V voeding aangesloten moet zijn (voor zendergeheugen).
3.Nadat alle verbindingen zijn voltooid, druk op de "RESET" knop.(24)
Antenne-relais kabel
Een blauwe kabel is bijgeleverd voor relais besturing van antenne. Het relais activeert de antenne automatisch en brengt hem omhoog als het apparaat wordt aangezet en trekt hem weer terug als het apparaat wordt uitgeschakeld.
WAARSCHUWING:
Bevestig de gele kabel niet aan motorbedrading of schade aan het apparaat kan het gevolg zijn.

U kunt iedere toets op het paneel gebruiken om het apparaat aan te zetten behalve de OPEN toets.
PWR-toets (9) indrukken om de installatie uit te zetten.
PANEEL TOETS
U Gebruik de OPEN toets (7) om het frontpaneel los te nemen, en op te bergen.
SEL toets
Druk op de SEL toets (10) om het geluid in te regelen. De instellingen kunnen op volgorde worden ingesteld:

flowchart
graph TD
A["Volume Bass Treble Balance Fader"] --> B["Step 1"]
B --> C["Step 2"]
C --> D["Step 3"]
D --> E["Step 4"]
Gebruik de AUDIO ∧ toets en de AUDIO
√ toets (11+12) om de instelling te maken. Druk langere tijd op de SEL toets (10) om de “cycle” modus in te schakelen:

flowchart
graph TD
A["TA SEEK or ALARM P/SOUND or MUTE"] --> B["MASK DPI or ALL RETUNE L or S"]
B --> C["BEEP 2'nd, ALL or OFF"]
Als een bepaalde modusinstelling niet binnen 3 seconden wordt veranderd, keert het display terug naar de normale scherminhoud van het radio- of cd-display.
a) TA SEEK of TA ALARM
- TA SEEK modus:
Wanneer op een nieuw afgestemd station geen TP informatie bekomen wordt gedurende meerdere seconden, zal de radio afstemmen op het volgende station, dat niet hetzelfde station (PI) heeft als het laatste station, maar dat wel beschikt over de TP informatie. Wanneer de TP informatie verloren gaat bij het actuele station gedurende de afstemmingstijd die is ingesteld door middel van RETUNE SHORT (30 sec) of RETUNE LONG (90
sec), zal de radio starten met het opnieuw afstemmen op het volgende zelfde PI station.
Als hetzelfde PI station niet bereikt wordt gedurende 1 cyclische opzoeking, zal de radio opnieuw afstemmen op het volgende station met TP informatie.
- TA ALARM modus:
Als deze modus geselecteerd wordt, is er geen enkele automatische herafstemmingswijze geactiveerd. Er is enkel een dubbel biepgeluid (ALARM) als output. Wanneer op een nieuw afgestemd station geen TP informatie wordt weergegeven gedurende meerdere seconden, zullen de bieps te horen zijn.
Wanneer de TP informatie verloren gaat bij het actuele station gedurende de afstemmingstijd, is er een output van biep geluiden. Als er op een nieuw afgestemd station geen RDS signaal aanwezig is, wordt het "PI SEEK"
signaal ietwat onderdrukt.
b) PI SOUND of PI MUTE
Terwijl er een AF switching wordt toegepast op een C201 station, kan de AF switchen op 100 MHz, hetgeen geen echte AF is (want verschillende PI met dezelfde AF) in een korte "DIP". Indien een wagen in deze kritische zone op en af rijdt, zal er zich een oscillerend fenomeen voordoen, aangezien de verschillende PI codes kunnen ontvangen worden aan 100 MHz met "XXX" PI. De autoradio beschikt over een speciale procedure om zelfs dit soort van onvermijdelijke situaties te reduceren, alhoewel er een limiet bestaat in het volmaakt ontsnappen aan dit ernstig voorval. Bij dit ernstig voorval kunnen er twee modi als volgt geselecteerd worden:

flowchart
graph TD
A["100"] --> B["98"]
B --> C["90"]
D["100"] --> E["100"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
style E fill:#cff,stroke:#333
- PI SOUND mode:
Wanneer in bovenstaand geval een verschillende PI geluid af en toe gehoord wordt (DIP), zullen de DIP geluiden gedurende een korte periode gehoord worden.
- PI MUTE modus:
In dezelfde hier bovenstaande situatie, zal er een dempend geluid gehoord worden gedurende een korte periode.
c) RETUNE L, RETUNE S modus De begintijd van het automatisch TA zoeken of het PI zoeken wordt geselecteerd.
Wanneer de PI informatie niet opgevangen wordt tijdens het herafstemmen, zal de radio starten met het opnieuw afstemmen op het volgende zelfde PI station. Wanneer hetzelfde PI station niet opgevangen wordt gedurende 1 cyclische zoektocht, zal de radio gaan afstemmen op het laatste station en daar gedurende meerdere minuten gaan wachten tot op het ogenblik dat de PI code wordt opgevangen.
- RETUNE L modus:
Geselecteerd als 90 seconden - RETUNE S modus:
Geselecteerd als 30 seconden.
d) MASK DPI of MASK ALL modus De AF frequentie (die verschillende PI of NO RDS signalen heeft met hoge veldsterkten) wordt gemaskeerd gedurende het PI checken wanneer het apparaat AF opzoekt. Het apparaat zoekt deze AF's (DIP) niet op gedurende enkele minuten. In het geval van een AF met een NO RDS signaal met een hoge veldsterkte, zal het apparaat aarzelen om op zoek te gaan naar echte AF's, als deze echte AF verkeerdelijk gemaskeerd wordt als DIP door een willekeurige interferentie. Het is omwille van deze reden dat het apparaat uitgerust is met de gebruikersoptie (MASK DPI), waardoor de AF van het NO RDS signaal niet gemaskeerd wordt met een hoge veldsterkte. In de MASK DPI modus kunnen de verkeerde geluiden of de lange dempingen (overeenstemmend met PI SOUND of PI MUTE) gehoord worden door het AD Station, dat een NO RDS signaal uitzendt en waarvan de veldsterkte groter is dan die van de actueel afstemmende stations.
Maar deze verschijnselen zijn eerder zeldzaam en de gebruiker zal nauwelijks het verkeerde geluid te horen krijgen in gans Europa: gaan afstemmen op het laatste
- MASK DPI modus: Enkel de AF wordt gemaskeerd, die verschillende PI hebben.
- MASK ALL modus: De AF worden gemaskeerd, die verschillende PI hebben en een NO RDS signaal met een hoge veldsterkte.
- BEEP 2'nd modus:
De biep wordt enkel gegenereerd als alle toegelaten dubbele toetsen lang ingedrukt worden (gedurende een seconde).b.v.
Wanneer de Preset toets ingedrukt wordt.
Wanneer de BND/LOU toets ingedrukt wordt.
Wanneer de AMS toets ingedrukt wordt. - BEEP ALL modus:
De biep wordt gegenereerd wanneer iedere toets wordt ingedrukt. - BEEP OFF modus: De biep wordt uitgeschakeld.
LOUDNESS
Druk lang op de BND/LOU toets (13) om de loudness functie in te schakelen. Druk nogmaals lang op de loudness toets om de functie weer uit te zetten.
DISPLAY
Druk op de DSP toets (15) om na iedere druk te schakelen tussen andere display modi.
- In RDS modus: >PS>CT>FREQ>PTY
- In CD modus :
CD>CT>PS>FREQ>PTY
- Indien er geen CT of PTY wordt ontvangen, zal het afleesvenster NO CLOCK weergeven of NO PTY.
- In geval van een niet RDS station : >NO CLOCK>FREQ>NO PTY>
- In CD modus : >CD>CT>FREQ>NO PTY
Opmerking :
CT = Clock Time = klok weergave
FREQ = Frequentie
EQUALIZER
Gebruik de EQ toets (19) om de vooringesteld toonregeling in te schakelen. U heeft de keuze tussen:

Gebruik het afleesvenster voor informatie en instelgegevens
RESET
Toets 24 (reset) is geplaatst achter het frontpaneel, en dient gebruikt te worden met de punt van een balpen. Gebruik deze functie als de radio niet of slecht functioneert of als er vreemde tekens op het afleesvenster zichtbaar zijn.
RADIO FUNCTIES
• RADIO MODUS INSCHAKELEN
Druk kort op de MOD toets (6) om de radio modus in te schakelen. Nadat u voor de radio heeft gekozen zult u de frequentie en geheugen posities op het afleesvenster waarnemen.
• BANDKEUZE
Kies met de BND/LOU toets (13) de gewenste golflengte. U heeft de keuze tussen Fm/MW

- AFSTEMMEN
Druk kort op de ▶ (17) of ◀(16) toeten om de automatische zoekloop in te schakelen. De radio zal op de eerst gevonden zender stoppen, waarna u deze kunt beluisteren of opslaan oner een voorkeuze positie. Druk u lang op de ▶ (17) of ◀(16) toeten, dan zal MANUAL op het afleesvenster verschijnen, en kunt u nu handmatig afstemmen op frequentie.
• AUTOMATISCH AFSTEMMEN
- Druk lang op de AMS toets (18) "Auto Memory Storing" waarna de radio van de huidige frequenties een zoekloop zal uitvoeren en tevens de signaalsterkte meet. De eerste 6
sterkste zenders zullen dan automatisch worden opgeslagen onder de 6 vrije voorkeuze posities. Indien u kort op de AMS toets (18) "Auto Memory Storing" toetst, dan zal er binnen de voorkeuze stations worden gezocht.
• ZENDER OPSLAAN
Zoek als eerst een zender zoals reeds eerder besproken, en nadat u deze heeft gevonden, drukt u voor langere tijd op één van de voorkeuze toetsen 1 t/m 6, totdat u een geluidsignaal waarneemt.
• RDS
Druk op de AF toets (3) en laat deze dan onmiddellijk los om de RDS modus in of uit te schakelen. Als het RDS systeem aan staat, dan zal het symbool AF kunnen worden waargenomen op het display.
CD FUNCTIES
Om de CD speler te gebruiken plaatst u simpelweg een CD in de sleuf, waarna de CD speler automatisch begint met afspelen.
- SELECTEER TRACKS
Druk tijdens de CD modus de TUNE/SKIP/TRACK / - toets (16) in of de TUNE/SKIP/TRACK + /toets (17) om van de voorgaande CD track naar de volgende over te schakelen. De track nummers worden dan aangegeven op de display. Houd tijdens de CD modus de TUNE/SKIP/TRACK / - toets (16) of de TUNE/SKIP/TRACK + / toets (17) ingedrukt om snel terug te spoelen of om vooruit te gaan. De CD speler zal opnieuw beginnen te spelen zodra de toetsen worden losgelaten.
• STOP MET SPELEN
Druk op de AFSPEEL «/ PAUZE» toets (2) om de CDspeler te doen pauzeren. Druk opnieuw op de toets om het spelen verder te zetten.
• HERHAAL DEZELFDE TRACK
Druk in de CD modus op de RPT toets (15) om dezelfde track voortdurend te herhalen. Druk opnieuw op de toets
om het herhalen te beëindigen.
• OVERHOOR ALLE TRACKS
Druk in de CD modus op de SCN toets (14) om de eerste seconden van elke track van de CD te beluisteren. Druk opnieuw op de toets om de intro's te doen ophouden en om naar de volledige track te luisteren.
• SPEEL ALLE TRACKS
Druk gedurende de CD modus op de SHF toets (16) om alle tracks op de CD in een willekeurige volgorde te doen afspelen. Druk opnieuw op deze toets om deze functie uit te schakelen.
- UITWERPEN (EJECT)
Wanneer het frontpanel naar beneden wordt gegleden, druk dan op de EJ toets (4) om de CD speler te doen stoppen en om de CD uit de CD speler sleuf te doen springen
DE MP3 WERKING
Bij de MP3 werking hebben de volgende toetsen de hieronder aangeduide werking:
- "Searching track directly" (Rechtstreeks opzoeken van track) in Digital Audio CD en Normal CD
- "Searching File Name" (Opzoeken bestandsnaam) in Digital Audio CD
- "Searching File or Directory" (Opzoeken bestand of adressenbestand) in de adressenbestandenstructuur in Digital Audio CD De toets wordt aangewezen als Digital Audio Mode Selection toets in de enkelvoudige CDP modus. Wanneer de toets ingedrukt wordt, wordt de functie geactiveerd als een selecteren van iedere modus van Digital Audio. "Searching track directly" -> "Searching File Name" -> "Searching File or Directory"
- Druk eenmaal op de AMS(MP3) toets. Het systeem gaat over in de "Searching track directly" modus in Digital Audio CD en Normal CD. Het apparaat zoekt de track op die geselecteerd wordt door de volgendetoetsen:
• TUNE/SKIP/TRACK DOWN, TUNE/SKIP/TRACK UP, DSP.
Het apparaat gaat op zoek naar bestanden en adressen van dezelfde soort als deze ingedragen door de gebruiker. Het apparaat geeft dan deze gesorteerde bestanden van adressen weer door te drukken op de toetsen TUNE/SKIP/TRACK.
- UP/DOWN.
TOETSEN gebruikt IN Zoekmodus M5 en M6 worden aangewezen als 10 TRACK in geval van Normal Play en van Searching File or Directory. De geselecteerde bestanden kunnen afgespeeld worden door te drukken op de toets BND/LOU(ENTER).
- Druk driemaal op de AMS(MP3) toets. Het systeem gaat over in de "Searching File or Directory" modus van de adressenbestandstructuur in Digital Audio CD. Het apparaat gaat op zoek naar bestanden en adressen in de adressenbestandstructuur door te drukken op de toetsen TUNE/SKIP/TRACK UP/DOWN.
| AMS Mode Select | |
| BND/LOU | ENTER |
| M1 A, B, C, 1 | |
| M2 D, E, F, 2 | |
| M3 G, H, I, 3 | |
| M4 J, K, L, 4 | |
| M5 M, N, O, | 5/Directory DOWN |
| M6 P, Q, R, 6/Directory UP | |
| MOD S, T, U, 7 | |
| MANU/SKIP DOWN | V, W, X, 8 |
| MANU/SKIP UP | Y, Z, SPACE, 9 |
| SEL CHARACTER | SHIFT RIGHT |
| DSP _, -, +, 0 | |
| VOLUME UP/DOWN (A, B - 8, 9) | CHARACTER SELECT(0) |
WERKING BLUETOOTH

text_image
⑥ ⑤
text_image
3 4 1 2- KOPPEL-knop
- LED-indicator
-
GESPREK-knop
-
Interne microfoon
- Naar het hoofdapparaat
- Aansluiting externe microfoon
TYPE A: BLUETOOTH HANDSFREE PROFIEL DE BLUETOOTH-FUNCTIE AAN-/UITZETTEN
Schuif de AAN/UIT-schakelaar (7) aan de zijkant van de commander naar links of rechts om de Bluetooth-functie in of uit te schakelen.
INSTELLEN
a. Druk gedurende ca. 4 seconden op de KOPPEL-knop (1), de LED-indicator gaat snel knipperen en de koppeling naar Handsfree is geactiveerd; als de KOPPEL-knop (1) gedurende 1,5 seconden wordt ingedrukt wordt de koppelfunctie verlaten.
b. Zet de telefoon op het Bluetooth-menu en scan vervolgens de Bluetooth-set en voer het aansluitwachtwoord (0000) in om de Bluetooth-set na een succesvolle scan aan te sluiten. Als het koppelen gereed is toont de telefoon het symbool (8).
c. Druk één keer op de GESPREK-knop, de telefoon toont het symbool ( ), de telefoon kan normaal worden gebruikt. De LED-indicator knippert om de 3 seconden.
WERKING
a. Als u twee maal op de GESPREK-knop (3) drukt terwijl er geen gesprek wordt gevoerd, wordt automatisch het laatste uitgaande nummer op de telefoon opgeroepen.
b. Als u één keer op de GESPREK-knop (3) drukt als er een gesprek binnenkomt, betekent dit dat het inkomende gesprek wordt geaccepteerd.
c. Als u gedurende ca. 1,5 seconden op de GESPREK-knop (3) drukt als er een gesprek binnenkomt, betekent dit dat het gesprek niet wordt geaccepteerd en dus niet wordt beantwoord.
d. Als u één keer op de GESPREK-knop (3) drukt terwijl er een gesprek wordt gevoerd, betekent dit dat de verbinding wordt verbroken.
e. Als u gedurende ca. 1,5 seconden op de GESPREK-knop (3) drukt terwijl er een gesprek wordt gevoerd, wordt het gesprek overgedragen naar de telefoon. Als u nog een keer gedurende 1,5 seconden op de knop drukt wordt het gesprek overgedragen naar Bluetooth.
f. Als u twee maal op de GESPREK-knop (3) drukt terwijl er een gesprek wordtgevoerd, wordt het gesprek in de wacht gezet. Als u er nog een keer twee maal op drukt
wordt de communicatiefunctie geopend.
g. Wanneer u een uitgaand gesprek draait moet u één keer op de GESPREK-knop (3) drukken om de oproep te annuleren.
MICROFOON
U kunt naar de microfoon (4) toe praten. Als u zich niet in de buurt van de commander bevindt, kunt u een andere microfoon aansluiten via de aansluiting voor een externe microfoon (6).
TYPE B: BLUETOOTH HEADSET PROFIEL
DE BLUETOOTH-FUNCTIE AAN-/UITZETTEN
Schuif de AAN/UIT-schakelaar (7) aan de zijkant van de commander naar links of rechts om de Bluetooth-functie in of uit te schakelen.
INSTELLEN
a. Druk ca. 4 seconden op de KOPPEL-knop (1), de LED-indicator gaat snel knipperen. Druk nog een keer op de KOPPEL-knop (1) en het LED gaat langzaam knipperen en de koppeling naar de Headset is geactiveerd. Indien de KOPPEL-knop gedurende ca. 1,5 seconden wordt ingedrukt, wordt de koppelfunctie verlaten.
b. Zet de telefoon op het Bluetooth-menu en scan vervolgens de Bluetooth-set en voer het aansluitwachtwoord (0000) in om de Bluetooth-set na een succesvolle scan aan te sluiten. Als het koppelen gereed is toont de telefoon het symbool (✗).
c. Druk één keer op de GESPREK-knop, de telefoon geeft het symbool (◇) weer, de telefoon kan als normaal worden gebruikt.
WERKING
a. Als u één keer op de GESPREK-knop (3) drukt als er een gesprek binnenkomt, betekent dit dat het inkomende gesprek wordt geaccepteerd.
b. Als u op de GESPREK-knop (3) drukt terwijl er een gesprek wordt gevoerd, betekent dit dat de verbinding wordt verbroken.
c. Wanneer de gebruiker een uitgaand gesprek draait, kunt u één keer op de GESPREK-knop (3) drukken om de oproep van het gesprek te annuleren.
d. Druk, terwijl u een uitgaand gesprek draait, één keer op de GESPREK-knop (3) om de oproep van het gesprek te annuleren.
MICROFOON
U kunt naar de microfoon (4) toe praten. Als u zich niet in de buurt van de commander bevindt, kunt u een andere microfoon aansluiten via de aansluiting voor een externe microfoon (6).
OPMERKINGEN MET BETREKKING TOT BLUETOOTH
- In de Bluetooth-profielen headset en handsfree moet u, als de mobiele telefoon opnieuw is gestart of is teruggekeerd in het ontvangstgebied van de Bluetooth, op de GESPREK-knop drukken om de Bluetooth-set en de telefoon aan te sluiten voor normaal gebruik.
- Het Bluetooth-symbol ( *) en het aansluitsymbool (◀) op de mobiele telefoon kunnen afwijken. Zie de desbetreffende specificaties.
- Het LED gaat branden wanneer er een audio-aansluiting is (b.v. een gesprek) of wanneer het apparaat afgaat.
- Wanneer het hoofdapparaat aan blijft zal er, als er een gesprek binnenkomt, worden overgeschakeld naar de gesprekfunctie. Wanneer u de telefoon ophangt zal het hoofdapparaat terugkeren naar de vorige functie (radio, CD of een andere functie). Wanneer het hoofdapparaat uit staat (met ACC aan) zal het, als er een gesprek binnenkomt, aan gaan en de gesprekfunctie openen. Wanneer de telefoon wordt opgehangen zal het hoofdapparaat automatisch uitschakelen.
ALGEMEEN
Stroomvoorziening : 12 volt gelijkspanning, negatieve massa
Maximum uitgangsvermogen : 4X40 watts
Stroomverbruik : 15 Ampere (max.)
CD-SPELER
Signaal/ruisverhouding : Beter dan 55 dB
Kanaalscheiding : Beter dan 45 dB
Frequentiekarakteristiek : 40 Hz - 18 kHz
RADIO
FM
Frequentiebereik : 87.5 tot 108 MHz
IF :
Gevoeligheid (S/N=30dB) : 4∝V
Kanaalscheiding :
25dB
MW
Frequentiebereik : 522 tot 1620 KHz
IF :
Gevoeligheid (S/N=20dB) : 36 dBu
10.7
450
Controleer eerst alle aansluitingen voordat u deze lijst raadpleegt. Kan het probleem niet aan de hand van deze lijst worden opgelost, neem dan contact op met uw leverancier.
| Symptoom Oorzaak Oplossing | |||
| Kan de installatie niet inschakelen. | Het contact van de auto staat niet aan. | Als de stroomvoorziening correct is aangesloten op het accessoirescircuit van de auto, draai dan de contactsleutel naar de stand "ACC". | |
| De zekering is doorgebrand. | Vervang de zekering. | ||
| Kan geen cd plaatsen of verwijderen. | Er zit al een cd in de speler. | Verwijder eerst de cd uit de speler, en plaats dan pas een nieuwe. | |
| De cd zit op zijn kop in de speler | Plaats compact discs altijd met het label naar boven in de speler. | ||
| De cd is zeer vuil of is beschadigd. | Reinig de cd of probeer een andere. | ||
| Het is te warm in de auto. Laat het interieur afkoelen tot een normale temperatuur. | |||
| Condensvorming. | Schakel de speler circa een uur lang uit, en probeer dan opnieuw. | ||
| Geen geluid. Verhoog de volume-stattling. minimaal. | |||
| De aansluitingen kloppen niet. | Controleer alle aansluitingen. | ||
| De cd-speler slaat over tijdens het afspelen. | Het apparaat staat meer dan 30 graden scheef. | Monteer het apparaat niet schever dan 30 graden. | |
| De cd is zeer vuil of is beschadigd. | Reinig de cd of probeer een andere. | ||
| De bedieningsknoppen werken niet. | De ingebouwde microcomputer werkt niet goed door stoorsignalen. | Druk op de RESET-knop. Het frontje zit niet goed op zijn plaats. | |
| De radio doet het niet. De automatische zenderzoekfunctie werkt niet. | De antennekabel zit los. | Zorg ervoor dat de antennekabel goed vastzit. | |
| De radio-ontvangst is te zwak. | Kies handmatig een zender. | ||