T280 - Mobiele telefoon MOTOROLA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis T280 MOTOROLA in PDF-formaat.
| Type product | Mobiele telefoon |
| Merk | Motorola |
| Model | T280 |
| Afmetingen | 105 x 45 x 15 mm |
| Gewicht | 80 g |
| Scherm | Monochroom LCD, 128x128 pixels |
| Batterijtype | Lithium-Ion, 700 mAh |
| Gesprekstijd | Tot 5 uur |
| Standbytijd | Tot 250 uur |
| Oplaadtijd | Ongeveer 2,5 uur |
| Netwerk | GSM 900/1800 MHz |
| Functies | SMS, telefoonboek, radio FM, wekker, calculator, trilalarm |
| Geheugen | Intern, 100 contacten |
| Kleur | Zwart |
| Inhoud doos | Telefoon, batterij, oplader, handleiding |
| Onderhoud | Reinigen met een droge, zachte doek |
| Veiligheid | Niet blootstellen aan water of hitte |
| Reparatie | Alleen door geautoriseerd personeel |
| Milieu | Recycleerbaar via inzamelpunten |
Veelgestelde vragen - T280 MOTOROLA
Gebruikersvragen over T280 MOTOROLA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Mobiele telefoon in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding T280 - MOTOROLA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. T280 van het merk MOTOROLA.
GEBRUIKSAANWIJZING T280 MOTOROLA


MOTOROLA, het logo van de gestileerde M en alle andere handelsmerken die hierin als zodanig worden aangemerkt, zijn handelsmerken van Motorola, Inc. ® Reg. U.S. Pat. & Tm. Off. TrueSync, Sidekick, Starfish en het logo van de gestileerde Starfish logo zijn gedeponeerde handelsmerken van Starfish Software, Inc., een onafhankelijke volledige dochteronderneming van Motorola, Inc. Alle andere product- of servicenamen zijn het eigendom van hun respectieve eigenaren.
© 2001 Motorola, Inc. Alle rechten voorbehouden. Gedrukt in de EU
Auteursrechtinformatie met betrekking tot de software
De Motorola-producten die in deze handleiding worden beschreven, kunnen auteursrechtelijk beschermde software van Motorola en andere fabrikanten bevatten, die in de halfgeleidergeheugens of op andere media is opgeslagen. Wetten in de Verenigde Staten en andere landen bepalen dat bepaalde exclusieve rechten voor software waarop auteursrecht rust, zijn voorbehouden aan Motorola en andere softwareleveranciers, zoals de exclusieve rechten om de software waarop auteursrecht rust te distribueren of te reproduceren. Overeenkomstig deze wetten mag software waarop auteursrecht rust en die aanwezig is in Motorola-producten, op geen enkele wijze worden gewijzigd, onderworpen aan reverse-engineering, gedistribueerd of gereproduceerd, voor zover is toegestaan door de wet. Aan de koop van Motorola-producten kan geen gebruiksrecht krachtens auteursrechten, patenten of gepatenteerde toepassingen van Motorola of enige andere softwareleverancier worden ontleend, direct noch indirect, noch door estoppel of anderszins, behalve het normale, niet-exclusieve recht waarvoor geen vergoeding verschuldigd is, op gebruik dat voortvloeit uit de uitvoering van de wet bij de verkoop van een product.
2













flowchart
graph TD
A["Instellingenmenu"] --> B["Beltoon/VibraCall"]
A --> C["Beveiliging"]
A --> D["Meer instellingen"]
B --> B1["Melding"]
B --> B2["Melding Detail"]
B --> B3["Mijn tonen"]
B --> B4["Doorschakelen"]
B --> B5["Spraakgesprekken"]
B --> B6["Faxgesprekken"]
B --> B7["Data gesprekken"]
B --> B8["Alles annuleren"]
B --> B9["Doorschakelstatus"]
C --> C1["Telefoon slot"]
C --> C2["Toetsen vergrendelen"]
C --> C3["Slot toepassing"]
C --> C4["Beperkt kiezen"]
C --> C5["Gespreksblokkering"]
C --> C6["SIM PIN"]
C --> C7["Nieuwe codes"]
D --> D1["Personaliseer"]
D --> D2["Hoofdmenu"]
D --> D3["Toetsen"]
D --> D4["Begroeting"]
D --> D5["Quick Dial"]
D --> D6["Initiële Setup"]
D --> D7["Tijd en datum"]
D --> D8["Snel kiezen"]
D --> D9["Autom. opnieuw"]
D --> D10["Display licht"]
D --> D11["Zoomen"]
D --> D12["Blader"]
D --> D13["An i ma at i e"]
D --> D14["Taal"]
D --> D15["Batterij spaarstand"]
D --> D16["Contrast"]
D --> D17["D T M F"]
D --> D18["Fabriekinstelling"]
D --> D19["Alles wissen"]
D --> D20["Net w er k"]
D --> D21["In auto set up"]
D --> D22["Headset"]
A --> E["Verbinding"]
E --> E1["IrDA koppeling"]
E --> E2["Browser setup"]
E --> E3["Tijdens gesprek"]
E --> E4["Timer in gesprek"]
E --> E5["Gesprekskosten"]
E --> E6["Mijn ID"]
E --> E7["Spraak en fax"]
E --> E8["Antwoordopties"]
E --> E9["Wisselgesprek"]


Informatie over deze handleiding....9
Veiligheids- en algemene informatie .... 10
Algehele klanttevredenheid 19
Garantie-informatie 20
Aan de slag.... 25
Wat zit er in de doos? 25
De SIM-kaart plaatsen 25
De batterij plaatsen 27
De batterij verwijderen 28
De batterij opladen 29
De telefoon inschakelen 30
Bellen 31
Een gesprek beëindigen 31
Gebeld worden 32
Uw telefoonnummers weergeven 32
Informatie over uw telefoon 33
Beeldscherm 33
De zoominstelling wijzigen 36
Volume-toetsen 36
4-Richtings Navigatie-Toets 37
Batterijgebruik 38
Gesprekken verzenden en ontvangen....40
Een nummer opnieuw kiezen 40
Automatisch opnieuw kiezen 40
Beller-ID 41
lemand terugbellen van wie u de oproep niet kon
beantwoorden 42
Een alarmnummer bellen 42
Nummers invoeren in het kladblok 43
De beltoon of VibraCall uitschakelen 43
Een binnenkomende oproep beeindigen 4
Verkort kiezen 44
5










Een nummer in een SMS bellen 46
Extra kiesfuncties 46
Functies die u kunt gebruiken terwijl u belt ..... 50
Wisselgesprek 50
Een conferentiegesprek houden 51
Een gesprek doorverbinden 52
Extra mogelijkheden tijdens het bellen 54
Het Menu gebruiken 55
Naar een functie navigeren 55
Een optie voor een functie selecteren 56
Gegevens invoeren voor een functie 57
Tekst invoeren 60
Een tekstmodus kiezen 60
Multi-tikmethode 61
Symboolmodus 64
Voorspellende tekstinvoer met de iTAP™-software ..... 65
Beschrijvingen van menufuncties 71
Gesprek info....87
De lijst met ontvangen of gevoerde gesprekken
weergeven 87
Het kladblok gebruiken 90
Gesprekstijden weergeven en opnieuw instellen ..... 91
Gesprekskosten weergeven en opnieuw instellen .....93
Telefoonboek 96
Velden in een invulformulier van het telefoonboek .....96
Een telefoonboekgegeven opslaan 97
Een VoiceDial voor een telefoonboekgegeven opslaan .. 100
Een telefoonboekgegeven kiezen 101
Een telefoonboekgegeven bewerken 102
Telefoonboekgegevens verwijderen 103
Een gegeven in het telefoonboek kopieren van de telefoon
naar de SIM-kaart of andersom 104
De capaciteit van het telefoonboek controleren ..... 107
Het telefoonboek instellen 108







Een nieuw item opslaan 113
Itemgegevens wijzigen 114
Een item kopiëren 115
Een item verwijderen 116
Radio....118
De radio aan- en uitzetten 118
Afstemmen op een station 119
Een voorkeuze opslaan 119
Een voorkeuze selecteren 119
Oproepen verzenden en ontvangen met de radio aan . . . 120
Een nieuw voicemailbericht ontvangen 121
Een voicemailbericht beluisteren 122
Tekstberichten (SMS) 123
De inbox instellen 123
Een SMS ontvangen 126
Een SMS lezen, vergrendelen of verwijderen ..... 126
Een nieuwe SMS verzenden 128
Een EasySMS verzenden 130
De status van verzonden SMS-berichten weergeven . . . 132
Snelkoppelingen 133
Standaardsnelkoppelingen 133
Snelkoppelingen die de gebruiker kan instellen ..... 134
Een snelkoppeling maken 134
Snelkoppelingen gebruiken 136
VoiceNotes 138
Een VoiceNote opnemen 138
De VoiceNotel-ijst weergeven 139
Een VoiceNote afspelen 140
Een VoiceNote vergrendelen en ontgrendelen ..... 143
7











Een VoiceNote verwijderen 144
Microbrowser....145
De microbrowser starten 145
Interactie met webpagina's 146
Calculator 147
Rekenen 147
Valuta's omrekenen 149
Spelletjes 150
Een nieuw spelletje selecteren en starten ..... 150
Een spelletje beeindigen 151
De spelletjes spelen 151
De instellingen wijzigen 155
Beltoon/VibraCall 155
Herinneringen 163
Doorschakelen 164
Menu-items opnieuw ordenen 167
De functie van een softwaretoets aanpassen ..... 168
Handsfreegebruik 169
Data- en faxgesprekken 172
De telefoon verbinden met een extern apparaat ..... 172
Een data- of faxoproep verzenden 176
Een data- of faxoproep ontvangen 177
Een spraak en fax oproep verzenden 178
Beveiliging 180
Een nieuwe code of een nieuw wachtwoord toewijzen . . . 180
Als u een code of wachtwoord vergeet ..... 181
De telefoon vergrendelen en ontgrendelen 182
De telefoon ontgrendelen 184
De toetsen vergrendelen en ontgrendelen 184
Gespreksblokkering 185
De SIM-kaart beveiligen 186
Accessoires 188
Problemen oplossen 191
Index 201
8







Informatie over deze handleiding
De functies van uw telefoon gebruiken
In deze gebruikershandleiding leert u de vele functies van uw Motorola TIMEPORT -telefoon kennen.
Naar een menufunctie gaan
U kunt toegang krijgen tot veel van de functies van uw telefoon via het menusysteem. In deze handleiding wordt als volgt getoond hoe u naar een bepaalde menufunctie gaat:
Zoek de functie
M >Gespreksinfo > Gevoerde
Het symbool > betekent dat u naar de functie dient te bladeren en dat u de functie vervolgens dient te selecteren. In dit voorbeeld wordt aangegeven dat u op M moet drukken, naar GESPREKSINFO moet bladeren en deze functie moet selecteren. Vervolgens moet u naar GEVOERDE bladeren en moet u deze functie selecteren om de lijst met gevoerde gesprekken weer te geven.
Optionele functies

Functies die met dit label zijn gemarkeerd, zijn optionele netwerkfuncties, SIM-kaartfuncties en/of functies waarvan de beschikbaarheid afhankelijk is van het abonnement dat u hebt. Deze functies worden mogelijk niet door alle serviceproviders in alle he gebieden aangeboden. Neem contact op met uw vider als u wilt weten welke functies beschikbaar zijn.
Optionele accessoires

Functies die met dit label zijn gemarkeerd, vereisen het gebruik van een Motorola Original™-accessoire.
9












Veiligheids- en algemene informatie
BELANGRIJKE INFORMATIE OVER VEILIG EN EFFICIËNTGEBRUIK
LEES DEZE INFORMATIE VOORDAT U UW PERSONAL COMMUNICATOR GEBRUIKT.
Deze informatie vervangt de algemene veiligheidsinformatie vervat in gebruikersgidsen die tot nu toe zijn gepubliceerd. Voor informatie over radiogebruik in een gevaarlijke atmosfeer verwijzen wij u naar de Factory Mutual (FM) Approval Manual Supplement of de Instructiekaart, die is bijgevoegd bij radiomodellen die in dit gebruik voorzien.
Uw Personal Communicator bevat een zender en ontvanger. Wanneer de Personal Communicator is ingeschakeld (AAN) ontvangt en zendt deze radiofrequentie (RF) energie. De Personal Communicator werkt in het frequentiegebied tussen 900 MHz en 1990 MHz en past digitale modulatietechnieken toe.
Wanneer u met uw Personal Communicator communiceert, dan bepaalt het systeem dat uw gesprek verwerkt het vermogen waarmee uw Personal Communicator uitzendt. Het zendvermogen zal normaal gesproken varieren tussen de 0.063 W en 1.58 W.
Blootstelling aan energie van radiofrequentie
Uw Motorola-Personal Communicator is ontworpen om te voldoen aan de volgende nationale en internationale normen en richtlijnen inzake blootstelling van mensen aan elektromagnetische energie van radiofrequentie:
10







Veiligheids- en algemene informatie


• Verenigde Staten Federal Communications Commission, Code of Federal Regulations; 47 CFR deel 2 sub deel J;
• American National Standards Institute (ANSI) / Institute of Electrical and Electronic Engineers (IEEE) C95. 1-1992;
• Institute of Electrical and Electronic Engineers (IEEE) C95.1-1999-uitgave;
• National Council on Radiation Protection and Measurements (NCRP) van de Verenigde Staten, Rapport 86, 1986;
• International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP) 1998;
• National Radiological Protection Board van het Verenigd Koninkrijk 1995;
- Ministerie van Gezondheid (Canada) veiligheidscode 6. Limieten van menselijke blootstelling aan radiofrequentie electromagnestische velden in het frequentiebereik van 3 kHz tot 300 GHz, 1999;
- Australische Communication Authority Radiocommunications (elektromagnetische straling - menselijke blootstelling) norm 1999 (alleen van toepassing op draadloze telefoons);
- EG Richtlijn 1999/5/EC betreffende radioapparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur en de wederzijdse erkenning van hun conformiteit ("R&TTE Richtlijn
Voor optimale werking en om er zeker van te zijn dat de blootstelling van mensen aan elektromagnetische energie van radiofrequentie binnen de bovenstaande richtlijnen valt, dient u te allen tijde de volgende instructies te volgen:

11












Veiligheids- en algemene informatie
Gebruik en blootstelling aan Elektromagnetische Energie
Gebruik van antennes
Gebruik alleen de bijgeleverde of een eventuele goedgekeurde vervangende antenne. Niet voor het apparaat bestemde of niet tevoren goedgekeurde antennes, wijzigingen of hulpstukken zouden de Personal Communicator kunnen beschadigen en kan een overtreding inhouden van FCC of andere toepasselijke regelingen.
Houd de antenne NIET vast wanneer de Personal Communicator "IN GEBRUIK" is. Het vasthouden van de antenne beïnvloedt de gesprekskwaliteit nadelig en kan ertoe bijdragen dat de Personal Communicator meer vermogen gebruikt dan nodig is.
Telefoon
De Personal Communicator is ontworpen om met een headset te worden gebruikt. De Personal Communicator kan ook in de holster worden geplaatst, en vervolgens kan de holster aan uw riem, zak, handtas of andere kleding worden gehecht en met de headset worden gebruikt.
Dragen op het lichaam
Indien u tijdens het zenden uw Personal Communicator op het lichaam draagt, plaats de Personal Communicator dan altijd in een door Motorola geleverde en goedgekeurde klip, houder, holster of etui. Dit is nodig om de regels inzake blootstelling aan elektromagnetische energie na te leven. Het gebruik van accessoires die niet door Motorola zijn goedgekeurd kan meebrengen dat de maximaal toegestane blootstelling wordt
12







Veiligheids- en algemene informatie


overschreden. Indien u geen van de voorgeschreven accessoires op het lichaam draagt, zorg er dan voor dat de antenne tijdens het zenden tenminste 2,5 cm van uw lichaam is verwijderd.
Goedgekeurde accessoires
Raadpleeg het hoofdstuk over accessoires in deze handleiding voor een lijst van door goedgekeurde Motorola-accessoires.
Elektromagnetische storing / compatibiliteit
Nagenoeg elk elektronisch apparaat is onderhevig aan elektromagnetische storing als het niet afdoende is beschermd, ontworpen of op andere wijze is geconfigureerd voor elektromagnetische compatibiliteit.

Gebouwen
Ter voorkoming van elektromagnetische storing: schakel uw Personal Communicator uit in gebouwen waar u wordt verzocht dit te doen. Ziekenhuizen en zorginstellingen kunnen uitrusting gebruiken die gevoelig is voor interferentie.
Vliegtuigen
Schakel uw Personal Communicator uit, wanneer u dit aan boord van een vliegtuig wordt opgedragen. Ieder gebruik van een Personal Communicator moet in overeenstemming zijn met de aan boord toepasselijke regels.



13






Veiligheids- en algemene informatie
Medische apparaten
Pacemakers
De Health Industry Manufacturers Association) adviseert dat er minimaal 15 cm afstand wordt gehouden tussen een draadloze handtelefoon en een pacemaker. Deze aanbeveling komt overeen met het onafhankelijke onderzoek door en de aanbevelingen van het Wireless Technology Research instituut.
Personen met pacemakers dienen het volgende te doen:
- Houd de Personal Communicator ALTIJD méér dan 15 cm van de pacemaker, wanneer de Personal Communicator is ingeschakeld..
- Draag de Personal Communicator niet in een borstzak.
- Gebruik het oor aan de tegenovergestelde kant van de pacemaker om de kans op storing zoveel mogelijk te beperken.
- Schakel de Personal Communicator onmiddellijk uit, als u ook maar denkt dat storing plaatsvindt.
Gehoorapparaten
Sommige digitale draadloze telefoons kunnen bij sommige gehoorapparaten storing veroorzaken of ondervinden. Mocht een dergelijke storing optreden, dan kunt u wellicht contact op nemen met de fabrikant van uw gehoorapparaat om alternatieven te bespreken.
Indien u enige ander medische apparaat of hulpstuk gebruikt, neem dan contact op met de fabrikant van uw apparaat om te bepalen of het voldoende is beschermd tegen RF-energie. Uw
14







Veiligheids- en algemene informatie


arts zou u wellicht kunnen helpen bij het verkrijgen van deze informatie.
Veiligheid en algemeen
Gebruik in voertuigen
Kijk de wetten en regels na over het gebruik van telefoons in uw voertuig. Volg de regels altijd op.
Wanneer u uw Personal Communicator in een voertuig gebruikt, verzoeken wij u het volgende te doen:
- Gebruik bediening zonder handen (hands-free), indien beschikbaar.
- Verlaat de weg en parkeer uw auto alvorens een telefoongesprek te gaan voeren.
Operationele waarschuwingen
Voor voertuigen met een airbag
Plaats de Personal Communicator niet over een airbag of in de ruimte, die een airbag in opgeblazen toestand inneemt. Airbags blazen met enorme kracht op. Indien de Personal Communicator in het gebied is geplaatst waar een luchtkussen automatisch wordt opgeblazen en het luchtkussen blaast op, dan kan de Personal Communicator met enorme kracht losschieten en ernstig letsel veroorzaken aan de inzittenden van het voertuig.
Mogelijke explosieve atmosfeer
Schakel uw Personal Communicator uit vóór u een gebied ingaat, waar mogelijk explosiegevaar heerst, behalve als het
15











Veiligheids- en algemene informatie
apparaat speciaal geschikt voor het gebruik in dergelijke gebieden en als "intrinsiek veilig" voor dergelijke gebieden is aangemerkt (b.v. Factory Mutual, CSA of UL goedgekeurd). Verwijder, installeer en laad geen batterijen in dergelijke gebieden. Vonken kunnen een ontploffing of brand veroorzaken die lichamelijk letsel en zelfs de dood tot gevolg kan hebben.
De gebieden, waaraan hierboven wordt gerefereerd, zijn onder andere gebieden waar brandstof wordt gepompt, zoals onderdeks op schepen, gebieden voor het overpompen of de opslag van brandstof of chemicaliën, gebieden waar de lucht chemicaliën bevat of deeltjes zoals graan, stof of metaalpoeders, en alle andere gebieden waar u normaliter wordt verzocht uw voertuigmotor uit te zetten. Voor gebieden met mogelijke explosieve atmosferen wordt u veelal maar niet altijd gewaarschuwd door
Springladingen en gebieden waar ontploffingen plaatsvinden
Schakel uw Personal Communicator uit wanneer u in de buurt bent van elektrische springladingen, in een gebied waar ontploffingen worden uitgevoerd, of in gebieden waar is voorgeschreven: "Personal Communicator uitschakelen". Volg alle tekens en voorschriften op.
Voorzichtigheid in het gebruik
Antennes
Gebruik de Personal Communicator niet als deze een beschadigde antenne heeft. Indien een beschadigde antenne in aanraking komt met uw huid, kan dit een kleine brandwond tot gevolg hebben.
16







Veiligheids- en algemene informatie


Batterijen
Alle batterijen kunnen zaakschade en/of lichamelijk letsel veroorzaken zoals brandwonden, indien een geleidend materiaal, zoals sieraden, sleutels of kralenkettingen blootgestelde apparatuur aanraakt. Het geleidende materiaal kan een elektrische stroomkring vervolmaken (kortsluiten) en erg heet worden. Wees voorzichtig in het hanteren van een geladen batterij, speciaal wanneer deze in een binnenzak, tas of andere houder wordt geplaatst met een of meer metalen voorwerpen.



17








Veiligheids- en algemene informatie
EU-conformiteitsverklaring

Hierbij verklaart Motorola dat dit product overeenstemt met
- de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van richtlijn1999/5/EG
- alle andere relevante EU-richtlijnen
IMEI: 350034/40/394721/9
CE0168
Type: MC2-41H14
Product-keurings-nummer

Bovenstaande is een voorbeeld van een typisch productkeuringsnummer.
U kunt de verklaring van overeenstemming van uw product met richtlijn 1999/5/EG (de richtlijn voor radio-apparatuur en telecommunicatie-eindapparatuur) bekijken op www.motorola.com/rtte - voor de gewenste conformiteitsverklaring voert u het productkeuringsnummer van het etiket op het product in het vakje "Search" op de webpagina in.

18







Bij Motorola heeft algehele klanttevredenheid de hoogste prioriteit. Hebt u vragen, suggesties of problemen met betrekking tot uw mobiele telefoon van Motorola, dan wil Motorola dit graag van u horen.
Voor vragen via e-mail: mcrc@ei.css.mot.com



19








Motorola verstrekt hiermee aan degene, die bij een door Motorola erkende in Nederland of België gevestigde dealer (hierna "Motorola Dealer") een mobiele telefoon en eventueel bijbehorende accessoires (de "Producten) heeft gekocht (hierna "de Koper"), de garantie dat het gekochte Product bij aflevering zal functioneren overeenkomstig de bij Motorola ten tijde van Productie geldende specificaties. Op deze garantie kan door de Koper gedurende een [1] jaar na de levering (de "Garantietermijn") een beroep worden gedaan. Indien sprake is van een gebrek in het materiaal of in de samenstelling, of van een gebrek aan conformiteit, dient de Koper Motorola binnen [2] maanden na ontdekking, doch in ieder geval binnen de Garantietermijn, hiervan op de hoogte te brengen door het Product voor service bij Motorola in te leveren, op straffe van verval van de Koper's rechten. Motorola kan niet aan verklaringen of toezeggingen omtrent het Product worden gehouden, indien die niet rechtstreeks van haarzelf afkomstig zijn.
Een lijst met telefoonnummers van Motorola Call Centra is bij dit Product ingesloten.
Indien tijdens de Garantietermijn mocht blijken dat het Product bij aflevering niet aan de hierboven genoemde specificaties mocht voldoen, dan zal Motorola, bij wijze van enige remedie, het Product kosteloos repareren of vervangen, ter keuze van Motorola, of, als dit niet mogelijk is, de koopsom van het Product terugbetalen daarbij rekening houdend met het gebruik dat de Koper van het Product heeft gehad. Deze garantie verloopt aan het einde van de Garantietermijn.
Dit is de volledige en enige garantie die door Motorola in verband met de Producten wordt verstrekt, die andere stilzwijgende dan wel uitdrukkelijke garanties vervangt.
20







Jegens de Koper, die geen natuurlijke persoon is die de Producten koopt voor doeleinden die geen verband houden met zijn beroep of bedrijf, geeft Motorola geen enkele stilzwijgende dan wel uitdrukkelijke garantie, zoals geschiktheid (voor welk doel dan ook) of bevredigende kwaliteit.
In geen geval overstijgt Motorola's aansprakelijkheid voor schade het bedrag van de aankoopprijs en in geen geval is Motorola aansprakelijk voor incidentele, speciale of gevolgschade* opgetreden door het gebruik van het Product dan wel de onmogelijkheid het Product te gebruiken, beide voorzover het toepasselijke recht deze aansprakelijkheidsbeperkingen toelaat.
* waaronder, maar niet beperkt tot schade bestaande in afname van gebruiksmogelijkheden, verlies van tijd, verlies van data, ongemak, handelsverliezen, gederfde winst of spaarinkomsten.
De consument, die het Product anders dan voor beroeps- of bedrijfsdoeleinden koopt, heeft onder Nederlands en Belgisch recht bepaalde wettelijke rechten, die deze garantie onverlet laat.



Het verkrijgen van garantieservice
De Motorola Dealer, waarbij de Koper het Product heeft gekocht, zal in de meeste gevallen de garantieservice leveren. De Koper kan ook op onderstaande telefoonnummers contact opnemen met ofwel de afdeling klantenservice van de Koper's service operator ofwel het call centre van Motorola.
Om voor garantieservice in aanmerking te komen, dient de Koper het Product aan de dealer waar hij het Product heeft gekocht te retourneren. De Koper wordt daarbij verzocht geen aanvullende onderdelen zoals SIM- kaarten achter te laten. Het Product dient door de Koper duidelijk te worden voorzien van de Koper's naam, adres en telefoonnummer, de naam van de netwerk provider, en een beschrijving van het probleem. Indien
21









het Product in een auto of ander voertuig is gemonteerd, dient de Koper het betreffende voertuig naar de dealer die het Product heeft verkocht te brengen.
Teneinde voor garantieservice in aanmerking te komen moet de Koper de kassabon of ander bewijs van de aankoop, waarop de datum van aankoop staat vermeld, overleggen.
Op de telefoon dienen bovendien nog duidelijk de oorspronkelijke serienummers (IMEI en MSN-nummers) zichtbaar te zijn. Dit is informatie die op het Product is aangebracht.
Voorwaarden
Van deze garantie kan geen gebruik worden gemaakt en Motorola is niet aansprakelijk als het type -of serienummer van het Product is veranderd, doorgehaald, herhaald of verwijderd of onleesbaar is geworden.
Motorola behoudt zich het recht voor om, indien zij onderdelen vervangt, andere en/of gebruikte onderdelen te gebruiken met dezelfde of vergelijkbare functionaliteit en om de gebruikte software te herzien. Vervangen onderdelen, accessoires, batterijen of kaarten worden gegarandeerd voor de resterende periode van de oorspronkelijk geldende Garantietermijn. De Garantietermijn wordt niet verlengd. Alle vervangen Producten, originele accessoires, batterijen en onderdelen worden weer de eigendom van Motorola.
Motorola geeft geen garantie ten aanzien van de installatie van - of het onderhoud of andere service aan de Producten.
Motorola is onder geen enkele voorwaarde verantwoordelijk of aansprakelijk voor problemen of schade veroorzaakt door randapparatuur (bijvoorbeeld: batterijen, laders, adapters, en stroomvoorzieningen) of door software toepassingen of accessoires, die in combinatie met de Producten wordt gebruikt
22













door de Koper, maar die niet door Motorola is geleverd. Ten aanzien van dergelijke apparatuur geldt deze garantie uitdrukkelijk niet.
Wanneer het Product wordt gebruikt in samenhang met apparatuur die niet van Motorola afkomstig is, dan garandeert Motorola de werking van het Product niet en wordt een gebrek in het Product vermoed door een dergelijk gebruik te zijn veroorzaakt, in welk geval de Koper geen rechten jegens Motorola kan doen gelden, tenzij het tegendeel door Motorola kan worden vastgesteld.
Wat niet door de garantie wordt gedekt
Deze garantie geldt niet als sprake is van beschadiging of schade door verkeerd gebruik, verwaarlozing, demontage of andere handelingen aan het Product door niet-erkende reparateurs of particulieren, en ook niet in de volgende gevallen:
- gebruik van het Product dat afwijkt van het normale, te verwachten gebruik;
- vallen of andere ongelukken;
- gebruik van of met onverenigbare producten;
- verkeerd uitvoeren van testen, installatie of onderhoud, of het gebruik van ongeautoriseerde software toepassingen;
- breuk of andere schade aan antennes, tenzij veroorzaakt door een gebrek in het materiaal of samenstelling;
- foutieve demontage of reparatie;
- gebrekkig bereik of een ander gebrek in verband met bestreken gebied of beschikbaarheid van het netwerk;
- vocht, voedsel of aanraking met andere stoffen;
- spiraaldraden van de bedieningseenheid in het Product die uitgerekt of anderszins gewijzigd zijn;
23











- krassen of schade aan plastic oppervlakken en alle andere extern blootgestelde onderdelen;
- lederen hulzen (Voor lederen hulzen wordt door de betreffende fabrikant een garantie afgegeven.);
- gehuurde producten;
- normale slijtage;
N. B.: De oplaadbare batterij is een verbruiksartikel, waarvoor een kortere Garantietermijn geldt. De oplaadtijd, gebruiksmogelijkheden en totale levensduur van een oplaadbare batterij van Motorola is o.a. afhankelijk van de wijze en intensiteit van het gebruik en van de netwerkconfiguraties. Bij normaal gebruik zou de batterij naar behoren moeten functioneren gedurende de eerste zes maanden vanaf de levering of, indien dit korter duurt, gedurende de eerste 200 keer opladen (de "Garantietermijn").
De Koper kan geen rechten doen gelden en Motorola is niet aansprakelijk ten aanzien van oplaadbare batterijen, (i) die anders dan met door Motorola goedgekeurde batterijladers zijn opgeladen, (ii) waarvan de verzegeling is verbroken of die ander bewijs van geknoei vertonen, (iii) die met andere producten dan de Producten zijn gebruikt of met Producten waarvoor ze niet volgens de specificaties zijn bestemd.






24








Wat zit er in de doos?
Uw digitale draadloze telefoon wordt gewoonlijk geleverd met een batterij en een batterijlader. Met andere optionele accessoires kunt u het gebruiksgemak en de prestaties van de telefoon optimaliseren.
De SIM-kaart plaatsen
De SIM-kaart (Subscriber Identity Module) bevat uw telefoonnummer, servicegegevens en geheugen voor het telefoonboek en berichten. De kaart wordt bewaard in een uitsparing in het batterijvak.
Belangrijk: Buig of kras de SIM-kaart niet. Stel de SIM-kaart niet bloot aan statische elektriciteit, water of vuil.
Handeling
1 Als het batterijdeksel al op zijn plaats zit, duwt u het ontgrendelingspalletje van het batterijdeksel naar beneden, schuift u het deksel omlaag en haalt u het van de telefoon.

25












2 schuif het klepje voor de SIM-kaart naar links en til het op.

3 Steek de SIM-kaart in het klepje. De inkeping moet zich in de rechterbovenhoek bevinden en het gouden plaatje moet naar beneden wijzen.

4 Sluit het klepje met de SIM-kaart en schuif het naar rechts om de SIM-kaart op zijn plaats te vergrendelen.

5 Plaats de batterij in de telefoon, zoals in de volgende sectie wordt beschreven.
26






De batterij plaatsen
Voordat u de telefoon kunt gebruiken, dient u de batterij te plaatsen en op te laden.

U kunt voor uw telefoon alleen de Motorola Original-batterijen en -accessoires gebruiken. U wordt aangeraden de batterijen in hun beschermende verpakking te bewaren als u ze niet gebruikt.
Handeling
1 Haal de batterij uit de beschermende doorzichtige verpakking plastic.
2 Als het batterijdeksel al op zijn plaats zit, duwt u het ontgrendelingspalletje van het batterijdeksel naar beneden, schuift u het deksel omlaag en haalt u het van de telefoon.

3 Plaats de batterij met de gedrukte pijl naar voren in het batterijvak en duw de batterij naar beneden.

Ontgrendelingspalletje
27











4 Plaats het batterijdeksel terug en schuif het deksel omhoog totdat het op zijn plaats vastklikt.

De batterij verwijderen
Handeling
1 Duw het ontgrendelingspalletje van het batterijdeksel naar beneden, schuift het deksel omlaag en haal het van de telefoon.

2 schuif het ontgrendelingspalletje van de batterij zelf naar beneden.

3 Trek de batterij omhoog en haal deze uit de telefoon.

Voordat u de telefoon kunt gebruiken, dient u de batterij te plaatsen en op te laden.
Handeling
1 Sluit de reislader aan op de telefoon. Zorg dat het ontkoppelingsnokje van de stekker omhoog wijst.

2 Steek de andere stekker van de reislader in een geschikt stopcontact.
3 Als de telefoon aangeeft dat de batterij volledig is opgeladen (Opladen voltooid), drukt u het ontkoppelingsnokje in en verwijdert u de reislader.
Opmerking: Als u de batterij oplaadt, geeft de indicator voor het batterijniveau in de rechter bovenhoek van het scherm aan hoe
29












ver het oplaadproces is gevorderd. Zie hoofdstuk "Indicator voor batterijniveau" op pagina 35.
De telefoon inschakelen
Handeling Om
1 Houd @> de telefoon in te schakelen ingedrukt (de aan/uit- toets)

2 Voer, indien nodig, de pincode van uw SIM-kaart in en druk op OK (☑) de SIM-kaart te ontgrendelen Belangrijk: Als u drie keer na elkaar een verkeerde pincode invoert wordt de SIM-kaart
uitgeschakeld en wordt het bericht SIM Gablokkeerd weergegeven. (Zie "De SIM-kaart beveiligen" op pagina 186 voor meer informatie.)
3 Voer, indien nodig, uw slotcode van vier cijfers in en druk op OK (☑). de telefoon te ontgrendelen De slotcode is in eerste instantie op 1234 ingesteld. (Zie "De telefoon vergrendelen en
30







U kunt alleen een nummer bellen als de telefoon aan staat, de SIM-kaart in de telefoon is geplaatst, de telefoon ontgrendeld is en er een netwerkverbinding tot stand is gebracht waarvan de signaalsterkte voldoende is.
Druk op Om
1 de toetsen het telefoonnummer te kiezen (maximaal 32 cijfers)
Tip: Als u zich vergist, drukt u op WIS (☐) om het laatste cijfer te wissen of houdt u WIS (☐) ingedrukt om alle cijfers te verwijderen.
2 Ⓞ (verzendtoets) het gesprek te verzenden

Opmerking: U kunt in noodgevallen wel alarmnummers bellen zelfs als de telefoon vergrendeld is of als er geen SIM-kaart is geïnstalleerd. Zie "Een alarmnummer bellen" op pagina 42.
Een gesprek beëindigen
Druk op Om

(beëindigingstoets)
het gesprek te beëindigen
31












U kunt alleen een gesprek ontvangen als de telefoon aan staat, de SIM-kaart in de telefoon is geplaatst en er een netwerkverbinding tot stand is gebracht waarvan de signaalsterkte voldoende is. Als de telefoon is vergrendeld, dient u de telefoon te ontgrendelen om de oproep te kunnen beantwoorden.
Opmerking: De telefoon kan geen oproepen ontvangen als uw SIM-kaart is vergrendeld.
Als u een oproep ontvangt, begint de telefoon te rinkelen en/of te trillen en wordt op het beeldscherm een oproepbericht weergegeven.
Druk op Om
of NEEM OP (☐)
de oproep te beantwoorden

Uw telefoonnummers weergeven
Vanuit het inactieve scherm:
Druk op Om

UW
geven
eigen
telefoonnummers
weer
Opmerking: Uw telefoonnummers moeten in de SIM-kaart zijn geprogrammeerd om deze functie te kunnen gebruiken.

32








Informatie over uw telefoon


Op pagina 1 vindt u een afbeelding van uw telefoon en worden de hoofdonderdelen van de telefoon beschreven.
Beeldscherm
In het bovenste gedeelte van het beeldscherm worden indicators weergegeven die de status van de telefoon tonen. In de volgende illustratie ziet u enkele algemene indicators die bovenaan het scherm kunnen verschijnen als u de telefoon gebruikt.
Berichten, telefoonnummers en menuopties worden in het midden van het beeldscherm weergegeven. De tekstlabels in de benedenhoeken van het scherm geven weer wat de huidige functies zijn van de softwaretoetsen. De menu-indicator midden onderaan het beeldscherm geeft aan dat u het hoofdmenu of een submenu kunt openen om meer opties weer te geven. Zie "Het Menu gebruiken" op pagina 55 voor meer informatie over de labels van de softwaretoetsen en de menutoets.
Sommige telefoonfuncties die in deze handleiding worden beschreven, moeten worden uitgevoerd vanuit een inactief scherm. De term inactief scherm verwijst naar het standaardscherm dat u ziet als uw telefoon ingeschakeld en klaar is voor gebruik, en u niet bezig bent met bellen en geen gebruik maakt van het menusysteem.





33





Informatie over uw telefoon

① Indicator voor signaalsterkte Toont de sterkte van de verbinding tussen uw telefoon en het netwerk.
Sterk

U kunt geen oproepen verzenden of ontvangen als de indicator geen signaal aangeeft.
② 📄 Indicator voor in gebruik Verschijnt als u een telefoongesprek voert.

3 ▲ Indicator voor roaming Verschijnt als uw telefoon een ander netwerksysteem moet gebruiken buiten uw basisnetwerk. Als u het gebied van uw basisnetwerk verlaat, zal de telefoon op zoek gaan naar een ander netwerk en hierop aanmelden. Dit aanmelden wordt roaming genoemd.
34







Informatie over uw telefoon


④ Indicator voor wachtend berichtr
Verschijnt als de telefoon een tekstbericht ontvangt.

⑤ Indicator voor wachtend voicemailbericht
Verschijnt als u een voicemailbericht ontvangt.
⑥ Indicator voor batterijniveau Toont in
hoeverre de batterij nog is opgeladen. Hoe meer segmenten er zichtbaar zijn, hoe meer de batterij is opgeladen.
Vol




Leeg
Laad de batterij zo snel mogelijk opnieuw op als het waarschuwingsbericht Batterij zwak wordt weergegeven.
Opmerking: Wanneer u de batterij oplaadt, geeft de indicator in plaats hiervan aan hoe ver het oplaadproces is gevorderd. Zie "De batterij opladen" op pagina 29.
⑦ Klok Geeft de huidige tijd weer.
8 Menu-indicator Geeft aan dat u op M kunt drukken om een menu te openen. Zie "Het Menu gebruiken" op pagina 55.

⑨ GPRS-indicator Geeft aan dat er een GPRS-pakketdataverbinding actief is. Dit type verbinding kan door uw serviceprovider worden gebruikt om een hogere overdrachtssnelheid mogelijk te maken. De GPRS-indicator geeft niet aan dat u data transfer heeft; het is alleen een indicatie van het feit dat u op het netwerk bent aangemeld via een GPRS-verbinding. Dit kan ook aangegeven worden door een speciale GPRS icon (G in een vierkant).
35












Informatie over uw telefoon
10 △ Indicator voor de instelling van meldingen Geeft aan welke instelling voor meldingen momenteel is geselecteerd. De standaardinstelling is een beltoon.
[NO TEXT]
Luide beltoon
1)
Zachte beltoon
d
VibraCall
#
Beltoon en VibraCall
z
Stil
De zoominstelling wijzigen
U kunt het beeldscherm van de telefoon zodanig instellen dat er zes regels of vier regels tekst plus de labels van de softwaretoetsen worden weergegeven. Als u voor zes regels tekst kiest, wordt er meer informatie weergegeven. Als u voor vier regels tekst kiest, wordt de tekst groter weergegeven.
Als u de weergave op het beeldscherm wilt wijzigen, drukt u eenmaal op M en drukt u binnen twee seconden nadat u de eerste keer hebt gedrukt opnieuw op M en houdt u de toets ingedrukt.
U kunt de zoominstelling ook vanuit het menu wijzigen. Zie het item "In- en uitzoomen" op pagina 84.
Volume-toetsen
Gebruik de bovenste en de onderste volumetoets om het volume van de luidspreker en de beltoon van uw telefoon aan te passen en om het meldingssignaal van een inkomende oproep uit te s
Volume - toetsen

Informatie over uw telefoon


| Wanneer | Druk | op Doel |
| Tijdens een gesprek | Volumetoets-en | Het volume van de luidspreker verhogen of verlagen |
| Vanuit het inactieve scherm | Volumetoets-en | Het volume van de beltoon verhogen of verlagen |
U kunt de volumetoetsen ook gebruiken om omhoog of omlaag te bladeren door menu's en lijsten.
Als u het volume voor het toetsenbord wilt wijzigen, raadpleegt u de sectie "Uw eigen meldingsprofiel maken" op pagina 156.
4-Richtings Navigatie-Toets
De vier richtingen navigatietoets is een soort joystick die u gebruikt om te navigeren door het
menusysteem. U kunt de instelling voor een functie wijzigen door de toets in de gewenste richting in te drukken.

Tip: Omhoog en omlaag zult u voornamelijk gebruiken voor het doorlopen van de menu's. Links en rechts kunt u gebruiken voor snelkoppelingen (keuzemogelijkheden doorlopen), de agenda, het aanpassen van instellingen (zoals contrast of toetsvolume) en het invoeren of bewerken van tekst.
37











Informatie over uw telefoon
Batterijgebruik
Belangrijk: Om letsel en brandwonden te voorkomen, moet u de polen van de batterij niet met een metalen voorwerp aanraken en geen kortsluiting veroorzaken.
U kunt de prestaties van de batterij als volgt optimaliseren:
- Gebruik altijd Motorola Original™-batterijen en - batterijladers. De garantie van de telefoon dekt geen schade die ontstaat door het gebruik van batterijen en/of batterijladers die niet van Motorola zijn.
- Het opladen van nieuwe batterijen of batterijen die lange tijd zijn opgeslagen, kan soms langer duren.
- Zorg ervoor dat de batterij ongeveer op kamertemperatuur is als u deze oplaadt.
- Stel de batterij niet bloot aan temperaturen onder -10°C of boven 45°C. Neem de telefoon altijd mee als u uw auto verlaat.
- Als u van plan bent om een batterij een tijdje niet te gebruiken, bewaart u deze op een koele, donkere plaats, bijvoorbeeld in de koelkast.
- Na verloop van tijd zal de batterij langzaam maar zeker verslijten en kost het steeds meer tijd om de batterij op te laden. Dit is normaal. Als u de batterij geregeld oplaadt en merkt dat de spreektijd die u hebt, korter wordt of dat het langer duurt voordat de batterij is opgeladen, is het waarschijnlijk tijd om een nieuwe batterij aan te schaffen.
- Hoe vaker u telefoongesprekken voert of telefoonfuncties gebruikt (zoals SMS-berichten verzenden), hoe minder stand-bytijd de batterij heeft.


38






Informatie over uw telefoon



De oplaadbare batterijen die de stroom leveren voor dit product, moeten als klein chemisch afval worden behandeld en kunnen mogelijk worden gerecycled. Kijk op het label van de batterij om na te gaan welk
type batterij u gebruikt. Neem contact op met uw lokaal recyclingbedrijf of de gemeente als u wilt weten wat u moet doen met uw afgedankte batterijen. Gooi batterijen nooit in het vuur, want ze kunnen exploderen.



39








Gesprekken verzenden en ontvangen
Basisinstructies voor het verzenden, beëindigen en ontvangen van een gesprek vindt u op 31-32 van de sectie "Aan de slag". In dit hoofdstuk worden de functies beschreven voor het verzenden en ontvangen van gesprekken. Zie "Gespreksinfo op pagina 87 en "Data- en faxgesprekken" op pagina 172 voor informatie over functies voor andere typen telefoongesprekken.
Een nummer opnieuw kiezen
U kunt een eerder gekozen nummer opnieuw kiezen, ook als het nummer bezet was. Vanuit het inactieve scherm:
Druk op Om
| 1 | direct naar de lijst met gevoerde gesprekken te gaan | |
| 2 | naar het nummer te bladeren dat u wilt bellen | |
| 3 | het gemarkeerde nummer opnieuw te kiezen |

Automatisch opnieuw kiezen
Als het gekozen nummer of het netwerk bezet is, hoort u een bezettoon en wordt op het beeldscherm van de telefoon het bericht Gesprek Mislukt weergegeven.
Als u de telefoon automatisch opnieuw laat kiezen, doet deze automatisch een nieuwe poging om het nummer te bellen totdat het gesprek tot stand komt. Als het gesprek doorkomt, laat de telefoon één belsignaal horen of trilt de telefoon eenmaal en
40








Gesprekken verzenden en ontvangen


wordt het bericht Opnleuw klezen Geslaagd weergegeven en wordt er een verbinding gemaakt.
U moet het automatisch opnieuw kiezen activeren als u de functie wilt gebruiken. Zie het item "Automatisch opnieuw kiezen" op pagina 83 om automatisch opnieuw kiezen te activeren.
Als automatisch opnieuw kiezen is uitgeschakeld, kunt u de functie handmatig activeren om een telefoonnummer opnieuw te kiezen. Als u een bezettoon hoort en het bericht Gesprek Mislukt wordt weergegeven:
Druk op Om
of OPNIEUW (●)
het automatisch opnieuw kiezen te activeren


Beller-ID

Met de lijnidentificatiefunctie (beller-ID) kunt u zien wie er belt voordat u de oproep beantwoordt.
- Als de naam van de beller in uw telefoonboek is opgeslagen, wordt deze naam automatisch weergegeven op het beeldscherm van de telefoon. Als dat niet het geval is, wordt het telefoonnummer van de beller weergegeven.
- Als de informatie over de better-ID niet beschikbaar is, wordt op het scherm van de telefoon het bericht inkomend gesprak weergegeven.





41





Gesprekken verzenden en ontvangen
lemand terugbellen van wie u de oproep niet kon beantwoorden
De telefoon houdt een lijst bij van onbeantwoorde gesprekken. Als u een oproep niet kunt beantwoorden, wordt op het beeldscherm van de telefoon het volgende weergegeven:
• D e i n d(geimiste gesprekken)
- Het bericht Gemiste gesprekken wordt weergegeven, waarbij X het totale aantal gemiste gesprekken is
Druk op Om
| 1 | BEKIJK (☑) de lijst met ontvangen gesprekken |
| weer te geven met het meest recente | |
| gesprek bovenaan |
| 2 | door de lijst te bladeren en een gesprek te selecteren dat u alsnog wilt beantwoorden | |
| 3 | het gesprek te verzenden |

Een alarmnummer bellen

Uw serviceprovider programmeert één of meer alarmnummers (bijvoorbeeld 112) die u onder alle omstandigheden kunt bellen. U kunt een alarmnummer bereiken mits uw telefoon een netwerk kan vinden. De oproep kan worden geplaatst, of er veiligheidscodes zijn ingevoerd en, afhankelijk werk, met of zonder SIM-kaart worden uitgevoerd.
Opmerking: Alarmnummers verschillen per land. De alarmnummers van uw telefoon werken mogelijk niet op alle locaties.
42








Gesprekken verzenden en ontvangen


Op elk moment een alarmnummer bellen:
Druk op Om
1 toetsen het alarmnummer te kiezen (zoals 112)
2
het alarmnummer te bellen
Nummers invoeren in het kladblok
De reeks cijfers die u als laatste hebt ingevoerd met de toetsen, wordt opgeslagen in het tijdelijke geheugen van de telefoon, dat het kladblok wordt genoemd. Deze cijfers kunnen het laatste telefoonnummer zijn dat u hebt gebeld, of een telefoonnummer dat u wel hebt ingevoerd, maar niet hebt gebeld. Deze cijfers blijven zelfs in het kladblok staan als u de telefoon uitzet.
U kunt het kladblok gebruiken om een telefoonnummer op te slaan dat u later wilt bellen (zoals een telefoonnummer dat iemand anders u geeft tijdens een telefoongesprek). Raadpleeg de sectie "Het kladblok gebruiken" op pagina 90 als u wilt weten hoe u deze cijfers uit het kladblok ophaalt.
De beltoon of VibraCall uitschakelen
U kunt het meldingssignaal voor een inkomende oproep uitschakelen voordat u het gesprek beantwoordt.
Doe het volgende terwijl de telefoon een beltoon laat horen of trilt:
Druk op Om
één van de volumetoetsen de beltoon of het trilsignaal uit te schakelen
43











Gesprekken verzenden en ontvangen
Zie "Beltoon/VibraCall" op pagina 156 als u het type melding (beltoon of trilsignaal) wilt opgeven.
Een binnenkomende oproep beeindigen
Doe het volgende terwijl de telefoon een beltoon laat horen of trilt:
Druk op Om

of NEGEER

de binnenkomende oproep te annuleren



Afhankelijk van de instellingen op uw telefoon en het type abonnement dat u hebt bij uw serviceprovider, kan het gesprek worden doorgeschakeld naar een ander nummer of krijgt de beller een bezettoon te horen.


Verkort kiezen
Met de functie voor verkort kiezen kunt u elk gewenst nummer uit het telefoonboek invoeren door slechts een paar toetsen in te drukken.
Telkens wanneer u een gegeven in uw telefoonboek opslaat, wordt aan dit gegeven een uniek verkort nummer toegewezen. Als u het verkorte nummer kent voor het gegeven in het


44








Gesprekken verzenden en ontvangen


telefoonboek dat u wilt bellen, kunt u de functie voor verkort kiezen gebruiken.
Druk op Om
1 de toetsen het verkorte nummer van één, twee of drie cijfers in te voeren voor het gegeven dat u wilt kiezen
2 # het nummer door te sturen
3 ⑤ het nummer te bellen
Zie "Een telefoonboekgegeven opslaan" op pagina 97 als u een gegeven in het telefoonboek wilt opnemen of als u een verkort nummer voor een bestaand telefoonboekgegeven wilt weergeven.
Snelkiezen
U kunt de telefoonboekgegevens 1 tot en met 9 bellen door op slechts één toets te drukken. Druk op de toets met het snelkiesnummer en houd deze toets één seconde ingedrukt.
Zie "Een telefoonboekgegeven opslaan" op pagina 97 als u gegevens op de plaatsen 1 tot en met 9 in het telefoonboek wilt opslaan.
Opmerking: U moet opgeven welke telefoonnummerlijst u wilt gebruiken in combinatie met deze functie: het telefoonboek in het telefoongeheugen, de lijst met beperkte nummers of het telefoonboek op de SIM-kaart. Zie "Voorkeur voor snelkiezen" op pagina 109.
45












Gesprekken verzenden en ontvangen
Een nummer in een SMS bellen

Als u een SMS ontvangt waarin een telefoonnummer is opgenomen, kunt u dat nummer rechtstreeks vanuit het bericht bellen.
Opmerking: U moet de inbox instellen voordat u SMS-berichten kunt ontvangen. Zie "De inbox instellen" op pagina 123.
Zoek de functie

Berichten

Druk op Om
| 1 | ♂ | naar het bericht met het telefoonnummer te bladeren |
| 2 | M | het Menu SMS te openen |
| 3 | ♂ | te bladeren naar Terugbellen |
| 4 | KIES (♂) | het nummer in het bericht te kiezen |

Als het bericht meerdere telefoonnummers bevat, drukt u op om naar het gewenste nummer te bladeren en drukt u vervolgens op KIES (7) om dat nummer te kiezen.
Extra kiesfuncties
U kunt niet alleen toetsen indrukken op het toetsenbord, maar u kunt ook op een groot aantal andere manieren nummers of tekens invoeren en gesprekken verzenden.
46








Gesprekken verzenden en ontvangen


De lokale internationale toegangscode kiezen:
| Handeling Om | |
| Druk twee seconden op 0- | de internationale toegangscode in te voeren voor het land van waaruit u belt |
Terwijl u kiest (en cijfers zichtbaar zijn op het beeldscherm):
| Handeling Om | |
| Druk opM>koppel nummer | een nummer uit het telefoonboek of de lijst met ontvangen of gevoerde gesprekken toe te voegen aan het einde van de reeks cijfers die u al hebt ingevoerd |
| Druk opM>Verberg ID/Toon ID | het ID van de beller te verbergen (of weer te geven) voor het volgende gesprek |
| Druk opM>SMS verzenden | een SMS te verzenden dat is gericht aan het nummer dat u hebt ingevoerd |
| Druk opM>Spraak en fax | spreken en vervolgens een fax te sturen naar hetzelfde telefoonnummer tijdens hetzelfde gesprek |

47












Gesprekken verzenden en ontvangen
| Handeling Om | |
| Druk op en blader naar een van de volgende opties om deze te selecteren:Pauze invoegen (om een p in te voegen)Wachttijd invoegen (om een w in te voegen)'n' Invoegen'(om een n in te voegen) | een speciaal teken in te voegen als u een gesprek plaatst waarvoor u extra cijfers moet kiezen en verzenden (bijvoorbeeld om met een telefoonkaart te bellen of om berichten op te vragen van een antwoordapparaat):Pauze De telefoon krijgt de opdracht te wachten totdat de verbinding tot stand is gebracht voordat deze het volgende cijfer of de volgende cijfers in de reeks verzendt.Wacht De telefoon krijgt de opdracht te wachten totdat de verbinding tot stand is gebracht en u te waarschuwen voordat deze het volgende cijfer of de volgende cijfers verzendt.m e t 'n' vraagt uw telefoon een nummer voordat er verbinding wordt gemaakt. Het nummer dat u invoert wordt gekozen i.p.v. de n. |



48








Gesprekken verzenden en ontvangen


U kunt ook nummers bellen met de volgende functies:
| Handeling Om | |
Druk op de spraaktoets op de rechterzijkant van de telefoon, laat de toets weer los en zeg vervolgens de naam voor het gegeven (binnen twee seconden). — Spraak-toets | een telefoonnummer te bellen met de functie voor kiezen via spraak Zie “Een VoiceDial voor een telefoonboekgegeven opslaan” op pagina 100. |
| Druk op > Service nummers> vermelding die moet worden gekozen | een servicenummer te bellen dat op de SIM-kaart is geprogrammeerd |
| Druk op > Beperkt klezen> vermelding die moet worden gekozen | een beperkt nummer te bellen |
| Druk op > Gesprek info> Ontvangen of Gevoerde> vermelding die moet worden gekozen | het nummer van een gemist gesprek te bellen of een nummer te bellen van een gesprek dat u onlangs hebt gevoerd of ontvangen |






49






Functies die u kunt gebruiken terwijl u belt

Wisselgesprek

Als u een abonnement hebt op een wisselgesprekservice, kunt u tijdens een telefoongesprek een tweede telefoontje aannemen. Als er een tweede oproep binnenkomt terwijl u in gesprek bent, hoort u een meldingstoon.
Het eerste gesprek in de wachtstand zetten en de tweede oproep beantwoorden:
Druk op Om
| 1 | ∅ | het nieuwe gesprek te beantwoorden |
| 2 | WISSEL (∅) | terug te schakelen naar het eerste gesprekOpmerking:U kunt op elk willekeurig moment op WISSEL (∅) drukken om tussen gesprekken te wisselen. |
| ofKOPPEL (∅) | de twee gesprekken met elkaar te verbinden |

Het eerste gesprek beeindigen en de tweede oproep beantwoorden:
50








Functies die u kunt gebruiken terwijl u belt

Druk op Om
| 1 | het huidige gesprek te beëindigenDe telefoon laat een belsignaal horenom de nieuwe oproep aan tekondigen. | |
| 2 | de nieuwe oproep te beantwoorden |
U moet de wisselgesprekfunctie activeren als u deze wilt gebruiken. Zie het item "Wisselgesprek" op pagina 81 voor informatie over het activeren van de wisselgesprekfunctie.
Een conferentiegesprek houden

Als u met meer dan één persoon tegelijk wilt bellen, kunt u een conferentiegesprek houden. U belt de eerste persoon, u belt de tweede persoon en vervolgens koppelt u de twee gesprekken.
Druk op Om
1 toetsen het telefoonnummer van de eerste persoon te kiezen
| 2 | het nummer te bellen | |
| 3 | WACHT (indien beschikbaar)ofM > Wachtstand | het eerste gesprek in de wachtstand te plaatsenOp het beeldscherm van de telefoon wordt de indicator (knipperende telefoon) weergegeven naast het gesprek in de wachtstand. |
51













Functies die u kunt gebruiken terwijl u belt
| Druk op Om | |
| 4 | toetsen het telefoonnummer van de volgende persoon te kiezen |
| 5 | |
| 6 | KOPPEL (●) de twee gesprekken met elkaar te verbinden |
| 7 | |


Een gesprek doorverbinden
Terwijl u in gesprek bent, kunt u het gesprek doorverbinden naar een andere telefoon. U kunt eerst spreken met de persoon die de andere telefoon beantwoordt, maar u kunt het gesprek ook direct doorverbinden.
Het doorverbinden aankondigen
Voordat u het gesprek doorverbindt, kunt u spreken met de persoon die de andere telefoon aanneemt, om te vertellen wie u doorverbindt.
Zoek de functie

Wachtstand
Druk op Om
1 toetsen het telefoonnummer in te voeren waarnaar u het gesprek doorverbindt
52









Functies die u kunt gebruiken terwijl u belt

Druk op Om
| 2 | het telefoonnummer te kiezen Spreek met de persoon die de doeltelefoon beantwoordt. | |
| 3 | M | het menu |
| 4 | naar Doorverbinden te bladeren | |
| 5 | KIES (∅) | Doorverbinden te selecteren |
| 6 | OK (∅) te bevestigen dat u het gesprek wilt doorverbindenOp het beeldscherm van de telefoc wordt het bericht Doorverbinden: Voltoc weergegeven als het gesprek is doorverbonden. U kunt ophangen a u dit bericht ziet. | |
openen
Het doorverbinden niet aankondigen
U kunt een gesprek direct doorverbinden zonder te spreken met de persoon die de doeltelefoon beantwoordt.
Zoek de functie
M > Doorverbinden
Druk op Om
1 toetsen het telefoonnummer in te voeren waarnaar u het gesprek doorverbindt
53












Functies die u kunt gebruiken terwijl u belt
| Druk op Om | |
| 2 | het telefoonnummer te kiezenOp het beeldscherm van de telefoon wordt het bericht Doorverbinden: Voltooid weergegeven als het gesprek is doorverbonden. U kunt ophangen als u dit bericht ziet. |

Extra mogelijkheden tijdens het bellen
Terwijl u een telefoongesprek voert, kunt u de volgende taken uitvoeren:
| Handeling Om | |
| Druk op WACHT (indien beschikbaar)ofDruk op > Wachtstand | een gesprek in de wachtstand te zettenOp het beeldscherm van de telefoon wordt de indicator (knipperende telefoon)weergegeven om aan te geven dat het gesprek in de wachtstand staat. |
| Druk op > Mijn tel. nummers | uw eigen telefoonnummers weer te geven |




54







Naar een functie navigeren
U kunt toegang krijgen tot veel functies van uw telefoon door het menusysteem met de volgende toetsen te doorlopen:

Menutoets
Hiermee krijgt u
toegang tot het
menusysteem
of opent u een
submenu als
onder in het
scherm verschijnt.
Rechtersoftware- toets
Hiermee voert u de
functie uit die in de
rechterbenedenhoek
van het scherm
wordt weergegeven
(gewoonlijk KIES
waarmee u het
gemarkeerde menu-
item kunt
selecteren).
Navigatietoets
voor vier richtingen
Hiermee bladert u
omhoog of omlaag
door menu's en
lijsten. Blader naar
links of rechts om
de waarden van het
gemarkeerde menu-
item te doorlopen en
een waarde in te
55











In deze handleiding wordt als volgt getoond hoe u naar een bepaalde menufunctie gaat:
Zoek de functie

Het symbool > betekent dat u naar de functie dient te bladeren en dat u de functie vervolgens dient te selecteren. In dit voorbeeld wordt aangegeven dat u op M/ moet drukken, naar GESPREK INFO moet bladeren en deze functie moet selecteren. Vervolgens moet u naar GEVOERDE bladeren en moet u deze functie selecteren om de lijst met gevoerde gesprekken weer te geven.
Een optie voor een functie selecteren
Voor sommige functies dient u een item uit een lijst te selecteren:

Er is een submenu beschikbaar. Druk op M om het submenu te openen.
Druk op BEKLIJK (☑) om de details van het gemarkeerde item weer te geven. De tekst OPSLAAN (☑) wordt weergegeven als u het item in uw telefoonboek kunt opslaan.
56











Selecteer een item door het te markeren. Gebruik een van de volgende methoden:
- D r u'øk omcomhoog of omlaag te bladeren naar het gewenste item.
- Klik in een genummerde lijst op een cijfertoets om het gewenste item te markeren.
- Klik in een alfabetische lijst meerdere malen op een toets om de letters van de toets te doorlopen en markeer het item in de lijst dat het meest overeenkomt.
Gegevens invoeren voor een functie
Voor sommige functies, zoals het telefoonboek en de agenda, dient u gegevens in te vullen.

57










- Voer nummers of tekst in met de toetsen. (Zie "Tekst invoeren" op pagina 60.)
- Als voor een item een lijst met mogelijke waarden beschikbaar is, drukt u op ◀ om naar links of rechts door de waarden te bladeren en een waarde te selecteren.
- Als voor een item een lijst met mogelijke genummerde waarden beschikbaar is, drukt u op een cijfertoets om de waarde in te stellen.
- Als u gegevens invoert of bewerkt en vervolgens besluit dat u de wijzigingen toch niet wilt opslaan, drukt u op om te stoppen zonder iets op te slaan.
In het SMS-centrum kunt u SMS-berichten samenstellen en verzenden. (Zie "Tekst invoeren" op pagina 60.) Een knipperende cursor laat zien waar de tekst zal verschijnen:
Knipperende cursorgeeft invoegpositie aan.

Druk op TERUG (☑) om het menu te verlaten zonder wijzigingen aan te brengen.
Druk op om het submenu te openen.
Druk op BLADER (☐) om een reeds eerder opgeslagen naam, nummer of bericht weer te geven en in te voeren.







Als u tekst invoert, verandert de knipperende cursor in een blokcursor en veranderen de functies van de softwaretoetsen:









59





U kunt namen, nummers, e-mailadressen en SMS-berichten op verschillende manieren op uw telefoon invoeren.
U kunt alle tekens (letters, nummers en symbolen) via de standaard multi-tikmethode invoeren. In een andere tekstmodus kunt u gemakkelijk nummers en symbolen invoeren of teksten invoegen die al in het geheugen van uw telefoon zijn opgeslagen. Tot slot kunt u werken in de voorspellende tekstmodus waarin u door slechts een paar toetsen in te drukken tekst kunt invoeren.
Een tekstmodus kiezen
Druk vanuit een willekeurig tekstinvoerscherm op M om een tekstmodus te activeren en selecteer de tekstmodus in het menu Invoermethode:
iTAP In deze modus voorspelt de telefoon elk woord terwijl u het invoert en kiest u vervolgens het woord in de lijst (zie "Voorspellende tekstinvoer met de iTAP™-software" op pagina 65).
Tap In deze modus voert u tekens een voor een in door op de desbetreffende toets voor de letter, het cijfer of het symbool te drukken (zie "Multi-tikmethode" op pagina 61). Dit is de standaardmethode om tekst op de telefoon in te voeren.
Numeriak in deze modus kunt u alleen het cijfer invoeren dat op elke toets wordt weergegeven.
Symbol In deze modus kunt u alleen symbolen invoeren (zie "Symboolmodus" op pagina 64).
60







Bladeren door vooraf gedefinieerde relevant zijn voor de geselecteerde functie.

items die

Opmerking: De tekstmodus die u selecteert, blijft actief totdat u een andere tekstmodus selecteert.
Multi-tikmethode
De Multi-tik methode is de standaardmethode om tekst op de telefoon in te voeren.
Druk vanuit een willekeurig scherm op M en selecteer de menuoptie Multi-tik methode om de Multi-tik methode te activeren.
Tekst invoeren met de Multi-tik methode:
Handeling Om
| 1 | Druk één of meerdere keren op een cijfertoets | de tekens die aan die toets zijn toegewezen te doorlopen en het gewenste teken te selecteren (zie de "Tekentabel" op pagina 63 ). |
| 2 | Druk op de volgende cijfertoetsen | de resterende tekens in de SMS in te voeren |
| 3 | Druk op OK (●) | de tekst te accepteren en op te slaan als u alle gewenste tekens hebt ingevoerd |




61







- Als u gedurende twee seconden geen toets indrukt, wordt het teken in de blokcursor geaccepteerd en gaat de cursor naar de volgende positie.
- Het eerste teken van elke zin krijgt automatisch een hoofdletter, tenzij u dit handmatig wijzigt. (Houd de cijfertoets ingedrukt of druk ◆◆ omlaag om het teken te veranderen in een kleine letter terwijl het door de blokcursor is gemarkeerd.)
Tekentabel
Gebruik deze tabel als leidraad bij het invoeren van spaties, cijfers, letters, symbolen en andere tekens met de tap methode.
| 1 | spatie . 1 ? ! , @ _ & : ; " - ( ) 'i i % £ $ ¥ € |
| 2mc | a b c 2 ä ä á á à ã â α β ç |
| 3mc | d e f 3 δ é è ê φ |
| 4cm | g h i 4 í γ |
| 5m | j k l 5 λ |
| 6mo | m n o 6 ñ ö ø ó ò ô ō ω |
| 7mo | p q r s 7 π β σ |
| 8mo | t u v 8 θ ü ú ù |
| 9mo | w x y z 9 ξ ψ |
| 0. | + - 0 x * / \ [ ] = > < # § |



63






U kunt op uw telefoon ook op een andere manier naar symbolen zoeken en ze in een tekst invoeren. U kunt allerlei verschillende symbolen weergeven en selecteren.
Druk vanuit een willekeurig tekstinvoerscherm op M en selecteer de menuoptie Symbol om de symboolmethode te activeren.
Een symbool invoeren in de symboolmethode:
Handeling Om
| 1 | Druk één keer op een cijfertoets | de bijbehorende symboolopties weer te geven (zie de “Symbooltabel” op pagina 65)De symbolen van het woord die zijn gekoppeld aan de toets die u hebt ingedrukt, worden onder in het beeldscherm weergegeven. Druk indien nodig op andere toetsen om het gewenste symbool weer te geven. |
| 2 | Druk op ◇of meerdere keren op de cijfertoets | het gewenste symbool te markeren |
| 3 | Druk op KIES (●) | het gemarkeerde symbool aan het tekstgebied boven in het beeldscherm toe te voegen |




64






Gebruik deze tabel als leidraad voor het invoeren van symbolen in de symboolmodus.
| 1 | spatie . ? ! , @ _ & : ; " - ( ) ' i % £ ¥ € |
| 2 | @ _ \ |
| 3 | / : ; |
| 4 | " & ' |
| 5 | ( ) [ ] |
| 6 | i i |
| 7 | < > = |
| 8 | £ ¥ € |
| 9 | # % * |
| 0 | + - 0 x * / = > < # § |


Voorspellende tekstinvoer met de iTAP™-software
De iTAP™-software voorspelt op basis van ingevoerde letters welke woorden u wilt vormen. Dit biedt u de mogelijkheid een woord in te voeren met slechts één toetsaanslag per letter.
U moet de iTAP-software inschakelen voordat u letters invoert. U kunt dit doen vanuit elk tekstinvoerscherm door op M te drukken om het menu Invoermethode te openen en de menuoptie iTAP te selecteren.
65








Tekst invoeren
Woorden invoeren
Een woord invoeren:
Handeling Om
| 1 | Druk één keer op een cijfertoets | de eerste letter van het woord in te voerenDe letters van het woord die zijn gekoppeld aan de toets die u hebt ingedrukt, worden onder in het beeldscherm weergegeven. |
| 2 | Druk op de desbetreffende cijfertoetsen (één per letter) | de rest van het woord in te voerenDe alternatieve woorden en lettercombinaties die onder in het beeldscherm worden weergegeven,zijn gebaseerd op de toetsen die u indrukt. Deze woordkeuzen worden bij elke toetsaanslag bijgewerkt. |
| 3 | Als u alle letters van het woord hebt ingevoerd, drukt u op ◆ | het gewenste woord te zoeken en te markeren |
| 4 | Druk op KIES (_) | het gemarkeerde woord aan het tekstgebied boven in het beeldscherm toe te voegenEr wordt automatisch een spatie ingevoegd na het woord. |









Als u bijvoorbeeld het woord "act" wilt spellen, drukt u op 2w. 2w. 8w. Op het beeldscherm wordt het volgende weergegeven:

Woorden die niet in het iTAP-woordenboek staan
U kunt een woord invoeren dat zich niet in de woordenlijst van de iTAP-software bevindt. Als u alle letters van een woord invoert, maar het gewenste woord wordt niet weergegeven, doet u het volgende:
Handeling Om
1 Druk een of meer malen op WIS (●)
één of meer letters te verwijderen totdat er een lettercombinatie wordt weergegeven die overeenkomt met het begin van het onbekende woord
67








Tekst invoeren
Handeling Om
| 2 | Druk op ◇◇ | de letter of lettercombinatie te markeren |
| 3 | Druk op KIES (◇) en druk vervolgens ◇◇ naar links | de tekstinvoercursor naar links te verplaatsen en het geselecteerde deel van het woord te “vergrendelen” |
| 4 | Ga door met het invoeren van letters en het markeren van lettercombinaties | het gewenste woord te spellen |
Interpunctie.
De iTAP-software voegt automatisch een spatie toe achter elk woord. Als u interpunctietekens invoert, wordt deze spatie verwijderd. U gebruikt interpunctie als volgt:
Druk op Om
① of ②+ interpunctietekens of andere tekens in te voeren die in de "Tekentabel" op pagina 63 worden weergegeven
68







Het eerste woord van een zin krijgt automatisch een hoofdletter en wordt gevolgd door woorden met kleine letters. U kunt het hoofdlettergebruik als volgt instellen of aanpassen:
Druk op Om
| ◆◇ | omhoog of |
| omlaag | |
het hoofdlettergebruik te veranderen in alleen een beginhoofdletter, allemaal hoofdletters of allemaal kleine letters
Nummers invoeren
Een nummer invoeren:
Handeling Om
| 1 | Voer het eerste cijfer in en markeer het vervolgens | in de iTAP-software over te schakelen naar de nummerinvoermodus |
| 2 | Druk op de gewenste cijfertoetsen | cijfers aan het nummer toe te voegen |
| 3 | Druk op KIES (☑) | het nummer op de invoegpositie in te voeren |



69





Letters en woorden verwijderen
Plaats de cursor rechts van de tekst die u wilt verwijderen en doe het volgende:
| Handeling Om | |
| Druk opWIS(_) één letter te verwijderen | |
| HoudWIS(_) ingedrukt | de gehele tekst te verwijderen |









Beschrijvingen van menufuncties
In dit hoofdstuk worden alle functies van uw telefoon beschreven in de volgorde waarin de functies in het menuoverzicht op pagina 3 – 4 worden weergegeven. Sommige beschrijvingen bevatten ook nummers van pagina's waar u uitgebreidere informatie over een functie kunt vinden.
Hoofdmenu
GESPREK INFO
Ontvangen gesprekken

Gesprek info
Ontvangen
Een lijst weergeven met gesprekken die u kort geleden hebt ontvangen. Zie "De lijst met ontvangen of gevoerde gesprekken weergeven" op pagina 87.
Gevoerde gesprekken

Gesprak info
Gevoerde
Een lijst weergeven met gesprekken die u kort geleden hebt gevoerd. Zie "De lijst met ontvangen of gevoerde gesprekken weergeven" op pagina 87.
Kladblok

Gesprek Info
Kladblok
Het laatste nummer bellen of opslaan dat u met dede toetsen hebt ingevoerd. Zie "Nummers invoeren in het kladblok" op pagina 43, en "Het kladblok gebruiken" op pagina 90.
Gesprekstijden

Gesprek info
Gesprekstijden
Gesprekstimers weergeven die bijhouden hoeveel tijd u hebt besteed aan uw laatste gesprek, gevoerde gesprekken, ontvangen gesprekken, alle gesprekken sinds
71











Beschrijvingen van menufuncties
de telefoon opnieuw is ingesteld en alle gesprekken in totaal. Zie "Gesprekskosten weergeven en opnieuw instellen" op pagina 93.
Gesprekskosten

Gesprek info
Gesprekskosten

Informatie over de gesprekskosten weergeven. Het netwerk dat u gebruikt, kan u mogelijk informatie bieden over uw huidige tegoed en over de kosten van uw laatste gesprek, gevoerde gesprekken, ontvangen gesprekken en alle gesprekken in totaal. Zie "Gesprekskosten weergeven en opnieuw instellen" op pagina 93.
SERVICENUMMERS

Service nummers
Vooraf geprogrammeerde nummers kiezen die op uw SIM-kaart zijn opgeslagen. Uw serviceprovider kan de SIM-kaart programmeren met servicenummers, zoals taxibedrijven, restaurants en ziekenhuizen.

BEPERKT KIEZEN

Beperkt kiezen
Nummers in de lijst met beperkte nummers kiezen of bewerken.

Als u de functie Beperkt kiezen activeert, kunnen gebruikers alleen nummers kiezen die voorkomen in de lijst met beperkte nummers. Zie het item "Beperkt kiezen" op pagina 81 als u de functie Beperkt kiezen wilt activeren.
De gegevens in de lijst met beperkte nummers kunnen elke gewenste lengte hebben. Als de cijfers 555 als gegeven in de lijst met beperkte nummers worden opgenomen, kunnen gebruikers elk nummer bellen dat begint met 555.
U moet uw SIM-PIN2-code invoeren als u gegevens in de lijst met beperkte nummers wilt bewerken. U kunt in de lijst met beperkte nummers gegevens maken, bewerken, verwijderen en sorteren, net als in de telefoonboeklijst. De
72








Beschrijvingen van menufuncties


gegevens in de lijst met beperkte nummers worden op uw SIM-kaart opgeslagen en bevatten niet de velden Soort of VoiceDial.
Opmerking: Werkgevers kunnen beperkte nummers gebruiken om ervoor te zorgen dat werknemers alleen die nummers kunnen bellen waarvan de (begin)cijfers overeenkomen met de cijfers in de vooraf gedefinieerde lijst met nummers, landcodes, kengetallen of andere begincijfers.
TELEFOONBOEK

Telefoonboek
Namen en telefoonnummers als gegevens in het telefoonboek opslaan en de nummers vervolgens bellen door ze in de telefoonboeklijst te selecteren. Zie "Telefoonboek" op pagina 96.
AGENDA

Agenda
Gebruik de kalender van de agenda om uw afspraken te plannen en te bekijken. Zie "Agenda" op pagina 111.
QUICK DIAL

Quick Dial

Kies vooraf geprogrammeerde nummers die in het geheugen van de telefoon zijn opgeslagen. Uw serviceprovider kan in het geheugen van de telefoon een of meer Quick Dial nummers opslaan, zoals het nummer van de klantenservice. U kunt deze nummers bellen door ze te selecteren in de lijst met Quick Dial nummers.
Opmerking: Het is mogelijk dat uw serviceprovider voor deze functie een andere naam gebruikt.
RADIO

Radio
Naar FM-radiostations luisteren met de optionele Motorola Original™ FM Stereo Headset-accessoire. Deze menufunctie wordt alleen weergegeven als de FM Stereo Radio-headset is

73











Beschrijvingen van menufuncties
aangesloten op de connectorpoort voor accessoires van uw telefoon. Zie "Radio" op pagina 118.
BERICHTEN
M > Berichten
Berichtinstellingen aanpassen, de verschillende typen berichten bekijken en beheren die uw telefoon kan ontvangen en/of verzenden:

Voicemall
Luisteren naar Zie "Voicemailberichten" op pagina 121
opgenomen
berichten.
Inbox SMS verzenden en ontvangen. Zie "Tekstberichten (SMS)" op pagina 123
Cell Broadcast
Info dienst-berichten lezen (uitgezonden berichten, afhankelijk van het abonnement, zoals beursberichten, nieuws en weerberichten) die u hebt ontvangen
Browsermelding. Meldingsberichten lezen die u ontvangt met uw microbrowser.
EasySMS Kant-en-klare berichten selecteren en verzenden vanuit de lijst met EasySMS. Zie "Een EasySMS verzenden" op pagina 130
Outbox Alle uitgaande SMS-berichten bekijken, zowel de verstuurde als de niet-verstuurde.
Concepten SMS-berichten opslaan en bewerken die u hebt geschreven maar nog niet verzonden.
SNELKOPPELINGEN
M > Snelkoppelingen
Toets- of spraaksnelkoppelingen (VoiceTags) maken voor menufuncties. Zie "Snelkoppelingen" op pagina 133.
74







Beschrijvingen van menufuncties


VOICENOTES

VoiceNotes
Gebruik de spraaktoets om berichten en telefoongesprekken op te nemen. Zie "VoiceNotes" pagina 138.
Opmerking: Het opnemen van telefoongesprekken is gebonden aan wettelijke bepalingen die betrekking hebben op de privacy van personen en het opnemen van telefoongesprekken. Deze bepalingen kunnen per land verschillen.
SIM-TOEPASSINGEN

SIM toepassingen

Toegang krijgen tot gegevens en toepassingen die op de SIM-kaart zijn opgeslagen. De naam van dit menu is afhankelijk van uw SIM kaart Uw SIM-kaart kan toepassingen bevatten waarmee u uitgaande gesprekken, SMS-berichten en andere items kunt verwerken. Neem contact op met uw serviceprovider voor meer informatie.
BROWSER

Browser
Webpagina's openen en web-toepassingen uitvoeren. Met de microbrowser kunt u WAP- pagina's (Wireless Application Protocol) van uw serviceprovider rechtstreeks op het beeldscherm van uw telefoon weergeven. Zie "Microbrowser" op pagina 145.

CALCULATOR

Calculator
Gebruik uw telefoon als een calculator en om valuta om te rekenen. Zie "Calculator" op pagina 147.
SPELLETJES

Spelletjes
Spelletjes spelen op uw telefoon. Zie "Spelletjes" op pagina 150.
75










Beschrijvingen van menufuncties
Instellingen menu
BELTOON/VIBRACALL
Melding

Instellingen
Beltoon/VibraCall
Melding
Een type belsignaal of VibraCall-melding selecteren voor binnenkomende gesprekken en berichten. Zie "Beltoon/VibraCall" op pagina 155.
Melding Detail

Instellingen
Beltoon/VibraCall
Melding Detail
Gegevens over de beltoon of het trilsignaal wijzigen.
Melding staat voor de naam van de huidige meldingsinstelling. Zie "Beltoon/VibraCall" op pagina 155.
Mijn tonen

Instellingen
Beltoon/VibraCall
Mijn tonen
Creëer uw eigen meldingstonen voor uw telefoon. Zie "De functie Mijn tonen gebruiken" op pagina 141.

DOORSCHAKELEN

Instellingen
Doorschakelen

Opties instellen voor het doorschakelen van inkomende spraak-, data- en/of faxgesprekken naar een ander telefoonnummer. Zie "Doorschakelen" op pagina 164.

76







Beschrijvingen van menufuncties
TELEFOONSTATUS
Mijn tel. nummers

Instellingen
Telefoonstatus
Mijn tel. nummers

Uw naam en telefoonnummers weergeven, invoeren en bewerken.
Info tegoed

instellingen
Telefoonstatus
Info tegood

Bekijk het beltegoed, de vervaldatum en de datum van de laatste storting. (Deze functie is alleen beschikbaar als u geabonneerd bent als prepay-gebruiker.)
Beschikbaar tegoed

Instellingen
Telefoonstatus
Beschikbaar tegood

Bekijk het beltegoed. (Deze functie is alleen beschikbaar als u geabonneerd bent voor de functie Gesprekskostenindicatie.)
Actieve lijn

instellingen
Telefoonstatus
Actieve IIn

De actieve telefoonlijn wijzigen als u gesprekken wilt verzenden of ontvangen via een van de beschikbare nummers. (Deze functie is alleen beschikbaar op SIM-kaarten die een dubbele lijn kunnen ontvangen.)
Batterijmeter

Instellingen
Telefoonstatus
Batterijmeter
Geeft de actuele batterijlading aan
77











Beschrijvingen van menufuncties
Meer info

Instellingen
Telefoonstatus
Meer Info
De functiespecificaties van uw telefoon weergeven (indien de serviceprovider deze beschikbaar stelt).
VERBINDING
De telefoon verbinden met een computer of palmtopcomputer om data- en faxgesprekken te verzenden en te ontvangen met het verbonden apparaat. Zie "Data- en faxgesprekken" op pagina 172.

IrDA-koppeling

Instellingen
Verbinding
IrDA koppeling
Een infraroodverbinding tot stand brengen. Zie "Een infraroodverbinding tot stand brengen" op pagina 175.
BROWSER SETUP

Instellingen
Browser setup
Wijzig de instellingen van de netwerkverbinding met de microbrowser of creëer een nieuw profiel voor netwerkverbinding.

TIJDENS GESPREK
Functies instellen die actief zijn tijdens een gesprek, zoals de timer tijdens gesprek, logboeken voor gesprekskosten, de wisselgesprekfunctie en opties voor het beantwoorden van gesprekken.
Timer tijdens gesprek

Instellingen
Tijdans gesprek
Inkomend gesprek
De weergave van de gesprekstimer en de instellingen voor de pieptoon aanpassen. U kunt het interval instellen waarmee de timer een pieptoon moet weergeven tijdens uw
78







Beschrijvingen van menufuncties


gesprekken. (60 seconden is de standaardinstelling.) U kunt ook een beeldschermtimer in- of uitschakelen tijdens uw gesprekken:
Tijd De verstreken tijd weergeven voor het huidige gesprek.
Kosten De kosten van het huidige
gesprek weergeven (mits u een abonnement hebt afgesloten voor
gesprekskostenvoorzieningen of de service voor gesprekskostenindicatie).
Totale kosten
De kosten weergeven van alle gesprekken vanaf het moment dat u de timer voor de laatste keer opnieuw hebt ingesteld (mits u een abonnement hebt afgesloten voor gesprekskostenvoorzieningen of de service voor gesprekskostenindicatie).

Beschikbaar tegood
Het nog beschikbare tegod weergeven (mits u een abonnement hebt afgesloten voor gesprekskostenvoorzieningen of de service voor gesprekskostenindicatie).

Uit
De timer weergeven.


Instelling gesprekskosten
M > Instellingen
Alle instellingen voor gesprekskosten wijzigen.
tijdens
het

79










Beschrijvingen van menufuncties
U kunt een tegoedlimiet toewijzen, zodat op het beeldscherm van de telefoon het resterende tegoed wordt weergegeven tijdens telefoongesprekken. De telefoon waarschuwt u als u de limiet nadert en beëindigt het gesprek als u de limiet bereikt.
Het telefoonnetwerk drukt de kosten uit in eenheden, maar met deze functie kunt u aangeven hoe de telefoon de eenheden moet omzetten in een valuta.
Mijn beller-ID
M > Instellingen
Tijdens gesprek
Mijn ID

De weergave van uw telefoonnummer als een ID in- of uitschakelen als u iemand belt.
Sprak en fax
M > instellingen
Tijdens gesprek
Spraak en fax

De service voor spraak en fax in- of uitschakelen.
Gebruik deze functie voordat u een gesprek plaatst als u tijdens dit gesprek zowel met iemand wilt spreken als een fax wilt verzenden of ontvangen via hetzelfde telefoonnummer.
U kunt de functie spraak dan fax ook gebruiken om een fax te verzenden tijdens een telefoongesprek. Zie "Een spraak en fax oproep verzenden" op pagina 178.
Antwoord opties
M > Instellingen
Tijdens gesprek
Antwoord opties
Antwoord opties in- of uitschakelen:
Multi-toets Een gesprek beantwoorden door op een willekeurige toets te drukken.
80







Beschrijvingen van menufuncties
Wisselgesprek
M > Instellingen
Tijdens gesprek
Wisselgesprek

De wisselgesprekfunctie in- of uitschakelen.
Als de wisselgesprekfunctie is ingeschakeld en er een andere oproep binnenkomt terwijl u in gesprek bent, kan er een speciale toon worden weergegeven die de nieuwe oproep aankondigt. Zie "Wisselgesprek" op pagina 50.
BEVEILIGING
Telefoon slot
M > Instellingen > Beveiliging
Telefoon slot
De telefoon vergrendelen en ontgrendelen. Zie "De telefoon vergrendelen en ontgrendelen" op pagina 182.
Toetsen vergrendelen
M > Instellingen > Beveiliging
Toetsen vergrendelen
Instructies over het vergrendelen en ontgrendelen van de toetsen weergeven. Zie "De toetsen vergrendelen en ontgrendelen" op pagina 184.
Toepassing vergrendelen
M > Instellingen > Beveiliging
Slot toepassing
Specifieke telefoontoepassingen, zoals Telefoonboek en Agenda, vergrendelen en ontgrendelen. Als een toepassing is vergrendeld, moeten gebruikers de slotcode invoeren om de toepassing te kunnen gebruiken.
Beperkt kiezen
M > Instellingen
Reveiliging
Baperkt kiezen

Zorgen dat alleen die nummers gebeld kunnen worden die in de lijst met beperkte nummers voorkomen. Zie "Beperkt kiezen" op pagina 72.
81








Beschrijvingen van menufuncties
Gespreksblokkering

Instellingen
Beveiliging
Gespreksblokkering
Inkomende en uitgaande gesprekken beperken. Zie "Gespreksblokkering" op pagina 185.
SIM-PIN

Instellingen
Beveiliging
SIM PIN
De SIM-kaartbeveiliging in- of uitschakelen. Als u de beveiliging inschakelt, moeten gebruikers eerst de SIM-PÍN-code invoeren als ze de telefoon inschakelen of een SIM-kaart plaatsen. Zie "De SIM-kaart beveiligen" op pagina 186.
Nieuwe codes

Instellingen
Bevelliging
Nieuwe codes
Uw slotcode (oorspronkelijk ingesteld op 1234) of beveiligingscode (oorspronkelijk ingesteld op 000000) wijzigen. Zie "Een nieuwe code of een nieuw wachtwoord toewijzen" op pagina 180.
MEER INSTELLINGEN
Aanpassen

Instellingen
Maar instellingen
Personaliseer
Diverse persoonlijke opties instellen voor uw telefoon:
Hoofd Menu
De volgorde van de items in het hoofdmenu wijzigen. (Zie "Menu-items opnieuw ordenen" op pagina 167.)


82







Beschrijvingen van menufuncties


Toetsen
De functies van de softwaretoetsen wijzigen in het inactieve scherm. (Zie "De functie van een softwaretoets aanpassen" op pagina 168.)
Begroeting
De tekst wijzigen die wordt weergegeven als u de telefoon aanzet.

Quick Dial
Wijzigen Quick Dial nummer(s).
Initiële setup

Instellingen
Meer instellingen
Initiele Setup
Vele basisopties instellen voor uw telefoon:
Tijd en datum De tijd en datum op de telefoon instellen.
Snel kiezen De snelkiesfunctie toewijzen aan de nummers 1 tot en met 9 van het telefoonboek in het telefoongeheugen, de lijst met beperkte nummers of het telefoonboek op de SIM-kaart. (Zie "Voorkeur voor snelkiezen" op pagina 109.)
Autom. opnieuw Gebruik deze optie om de functie voor het automatisch opnieuw kiezen in of uit te schakelen. Als u automatisch opnieuw kiezen inschakelt, worden oproepen automatisch opnieuw gekozen als een nummer bezet is of als er iets aan de hand is met het netwerk. (Zie "Automatisch opnieuw kiezen" op pagina 40.)

83












Beschrijvingen van menufuncties
Display Licht Met deze optie kunt u bepalen hoe lang de achtergrondverlichting van het beeldscherm moet blijven branden of kunt u de achtergrondverlichting uitschakelen om op batterijstroom te besparen.
Zoomen Schakelen tussen zes regels (Uitzoomen) en vier regels (Inzoomen) tekst op het beeldscherm.
Blader De cursor dwingen te stoppen of door te bladeren naar het einde of begin als de cursor zich helemaal boven of onder aan de lijst bevindt op het beeldscherm.
Animatie Zet animatie uit of aan (om batterij te sparen). Animatie laat de menu's soepeler bewegen als u door de menu's bladert.
Taal De taal voor de telefoonmenu's instellen.
Batterij spaarstand Het stroomverbruik van de telefoon aanpassen om te besparen op stroom.
Contrast De contrastinstelling voor uw beeldscherm aanpassen.



84




| Beschrijvingen van menufuncties | ||||||
| DTMF | Uw | telefoon | kan | een | numm | |
| een netwerk verzenden als DTMF- tonen (dual tone multi-frequency). DTMF-tonen worden gebruikt om met geautomatiseerde systemen te communiceren die vereisen dat u een nummer zoals een code, een wachtwoord of een creditcardnummer invoert. Gebruik deze optie om DTMF- tonen in of uit te schakelen. | ||||||
| Fabrieksinstelling | Alle opties, behalve de slotcode, de beveiligingscode en de levensduurtimer, opnieuw instellen op hun oorspronkelijke fabrieksinstellingen. | |||||
| Alles wissen | Alle opties, behalve de slotcode, de beveiligingscode en de levensduurtimer, opnieuw instellen op hun oorspronkelijke fabrieksinstellingen en alle instellingen en gegevens wissen die door de gebruiker zijn ingevoerd, behalve de gegevens op de SIM-kaart. Opmerking: Met deze optie wist u alle door de gebruiker ingevoerde gegevens die in het geheugen van de telefoon zijn opgeslagen, inclusief de telefoonboekgegevens en de gegevens in de agenda. Als u deze gegevens eenmaal hebt gewist, kunt u ze niet meer herstellen. | |||||


Beschrijvingen van menufuncties
Netwerk

Instellingen
Andere instellingen
Network
De netwerkinstellingen van de telefoon weergeven en wijzigen.
Uw serviceprovider registreert uw telefoon bij een netwerk. U kunt informatie over het huidige netwerk weergeven, de manier wijzigen waarop de telefoon zoekt naar een netwerk, een voorkeursnetwerk opgeven, de frequentie-instellingen voor verschillende geografische gebieden wijzigen (1900 MHz of 900/1800 MHz) en meldingen activeren die aangeven wanneer een verbinding wordt verbroken of de netwerkregistratie wordt gewijzigd.
Auto-instellingen

Instellingen
Andere instellingen
In auto set up
De instellingen voor de handsfree carkit wijzigen.
U kunt de telefoon zo instellen dat deze gesprekken direct doorstuurt naar de carkit als de telefoon een verbinding detecteert. U kunt ook opgeven dat de telefoon een gesprek automatisch moet beantwoorden na twee belsignalen. Zie "Handsfreegebruik" op pagina 169.
Opmerking: In sommige gebieden is het gebruik van draadloze apparaten en de bijbehorende accessoires mogelijk verboden of kunt u deze apparaten slechts beperkt gebruiken. Neem altijd de wettelijke voorschriften en bepalingen in acht bij het gebruik van deze producten.
Headset

Instellingen
Andere instellingen
Headset
De telefoon zodanig instellen dat deze automatisch gesprekken beantwoordt na twee belsignalen als op de telefoon een headset is aangesloten. Zie "Handsfreegebruik" op pagina 169.


86










U kunt het menu Gesprek info gebruiken als u ontvangen of gevoerde gesprekken wilt bekijken, als u het laatst gekozen nummer wilt ophalen dat in het kladblok is opgeslagen, en als u gesprekstijden en gesprekskosten wilt weergeven of opnieuw wilt instellen.
De lijst met ontvangen of gevoerde gesprekken weergeven
Uw telefoon houdt een lijst met de nummers bij van recentelijk ontvangen oproepen en gevoerde gesprekken, zelfs als er geen verbinding tot stand is gebracht. De lijsten worden gesorteerd van de jongste naar de oudste oproepen. De oudste oproepen worden verwijderd als er nieuwe worden toegevoegd. Bij elk gesprek wordt het nummer (of, indien beschikbaar, de naam) van de persoon vermeld en wordt aangegeven of er een verbinding is gemaakt of niet. U kunt de nummers in deze lijsten bellen, opslaan of verwijderen.
Afkorting: Druk op Ⓞ om direct vanuit het inactieve scherm naar de lijst met gevoerde gesprekken te gaan.
Het menu Gesprek info openen:
Zoek de functie
M >Gesprek Info
Druk op Om
| 1 | ◇◇ | naar Ontvangen of Gevoerde te bladeren |
| 2 | KIES (◇) | Ontvangen of Gevoerde te selecteren |
87











| Druk op Om | ||
| 3 | <♂> | naar een nummer te bladeren dat u wilt kiezen, opslaan of verwijderenOpmerking: √ betekent dat er een verbinding is gemaakt. |
| 4 | ♂ | het nummer van het gesprek te kiezenTip:Houd ⬆ twee seconden ingedrukt om het nummer van het gegeven als DTMF-tonen te verzenden. Zie het item "DTMF-tonen" op pagina 85 als u DTMF-tonen wilt activeren. |
| of | ||
| √ | de details van het gesprek weer te geven als Bekijk boven de ▼-toets rechts verschijnt of de gegevens van het gesprek op te slaan in het telefoonboek als Opslaan boven de ▼-toets verschijnt | |
| of | ||
| M | Laatste te openen om andere procedures uit te voeren, die in de volgende lijst worden beschreven | |










Het menu Laatste bevat de volgende opties:
| Optie Beschrijving | |
| Opslaan | Een telefoonboekgegeven maken met het geselecteerde nummer in het veld Nr.(Deze optie is niet beschikbaar als WIS wordt weergegeven boven de toetsrechts of als het nummer al in het telefoonboek is opgeslagen.) |
| Wissen | Het gegeven verwijderen. (Deze optie is niet beschikbaar als WISSEN boven detoets links wordt weergegeven.) |
| Alles wissen | Alle gegevens in de huidige lijst verwijderen. |
| Toon ID | Jouw beller-ID voor het volgende gesprek. |
| SMS verzenden Een nieuwe SMS maken met het geselecteerde nummer in het veld Tel Nr..Zie “Een nieuwe SMS verzenden” op pagina 128. | |
| Cijfers toevoegen Cijfers toevoegen aan het einde van het geselecteerde nummer. | |
| Koppel nummer Een nummer uit het telefoonboek of de lijst van gevoerde of ontvangen gesprekken toevoegen aan het einde van het geselecteerde nummer. | |
verbergen

(of
weerge
89









| Optie Beschrijving | |
| Tonen verzenden | Het geselecteerde nummer tonen naar het netwerk verzenden voor het bellen met een creditcard of een wachtwoord. (Deze optie is alleen beschikbaar tijdens een actief gesprek.)Zie het item “DTMF-tonen” op pagina 85 als u DTMF-tonen wilt activeren. |
| spraak dan fax | Het netwerk melden dat u iemand wilt opbellen, eerst wilt spreken en vervolgens een fax wilt sturen naar hetzelfde nummer binnen hetzelfde gesprek. Zie “Een spraak en fax oproep verzenden” op pagina 178. |
Het kladblok gebruiken
Uw telefoon is uitgerust met een kladblok waarin de meest recente cijferreeks wordt opgeslagen die is ingevoerd voor een telefoonnummer dat u hebt gebeld of dat u hebt ingevoerd, maar niet gebeld.
Als u het nummer wilt bellen dat in het kladblok is opgeslagen, drukt u vanuit het inactieve scherm op Ⓔ.
Een telefoonboekgegeven maken of het nummer op een andere manier bewerken:
90





DTMF-





| Zoek de functie | M > Gesprek Info > Kladblok |
| Druk op Om | |
| M | het Menu Kiozen te openen (om een nummer bij te voegen of een speciaal teken in te voegen). Zie “Extra kiesfuncties” op pagina 46. |
| of | |
| OPSLAAN (√) | een nieuw telefoonboekgegeven te maken met in het veld Nr. het gekopieerde nummer. Zie “Een telefoonboekgegeven opslaan” op pagina 97. |



Gesprekstijden weergeven en opnieuw instellen
Uw telefoon houdt de gesprekstijden bij en neemt deze op. Gebruik het menu Gesprek info om een gesprekstimer weer te geven en opnieuw in te stellen.
De netwerkverbindingstijd is de verstreken tijd vanaf het moment dat u een verbinding maakt met het netwerk van uw serviceprovider tot het moment dat u het gesprek beëindigt door op te drukken. In deze tijd zijn ook de bezettonen en de belsignalen opgenomen.
De netwerkverbindingstijd die u bijhoudt met de instelbare timer komt mogelijk niet overeen met de tijd op de factuur van uw serviceprovider. Neem voor informatie over facturen rechtstreeks contact op met uw serviceprovider.



91






U kunt de verstreken netwerkverbindingstijd (bij benadering) van de volgende gesprekken weergeven:
| Timer Beschrijving | |
| Laatste De tijd die is | gebruikt voor het laatste gesprek dat is gevoerd of ontvangen. U kunt deze timer niet opnieuw instellen. |
| Gavoerde | De totale tijd die is gebruikt voor het plaatsen van gesprekken sinds u deze timer voor het laatst opnieuw hebt ingesteld. |
| Ontvangen De totale | tijd die is gebruikt voor het ontvangen van gesprekken sinds u deze timer voor het laatst opnieuw hebt ingesteld. |
| Alle De totale tijd die is gebruikt voor het plaatsen en ontvangen van gesprekken sinds u deze timer voor het laatst opnieuw hebt ingesteld. | |
| Levensduur De totale | tijd die is gebruikt voor alle gesprekken op deze telefoon. U kunt deze timer niet opnieuw instellen. |
Een gesprekstimer weergeven:
Zoek de functie

Gesprek Info
Gesprekstijden
Druk op Om
1
naar de timer te bladeren die u wilt weergeven
92







2 KIES (☑) de opgenomen tijd weer te geven
De gesprektimer opnieuw instellen:
Druk op Om
1 RESET (☑) de tijd opnieuw in te stellen (indien beschikbaar)
2 JA (☐) de nieuwe instelling te bevestigen
Gesprekskosten weergeven en opnieuw instellen

Uw telefoonnetwerk kan de volgende kosteninformatie verstrekken:
| Kostenlogboek Beschrijving | |
| Beschikbaar tegoed | Het resterende deel van uw tegoed.Voor GSM-gesprekskostenindicatie is dit alleen beschikbaar als u een limiet voor het tegoed instelt.Opmerking:U ontvangt gesprekskosteninformatie van de voorziening voor GSM-gesprekskostenindicatie of van prepay-software van derden. |
| Vervaldatum De datum | waarop het beschikbare tegoed vervalt (alleen beschikbaar als u zich hebt ingeschreven als prepay-gebruiker). |
93











| Kostenlogboek Beschrijving | |
| Laatste bijdrage Het bedrag waarmee het tegoed het laatste keer is opgewaardeerd (alleen beschikbaar als u zich hebt ingeschreven als prepay-gebruiker). | |
| Laatste | Het bedrag dat u hebt besteed aan het laatste gesprek dat u hebt gevoerd of ontvangen. U kunt dit kostenlogboek niet opnieuw instellen. |
| Gavoerde | Het bedrag dat u aan gevoerde gesprekken hebt besteed sinds de laatste keer dat u dit kostenlogboek opnieuw hebt ingesteld. |
| Ontvangen Het bedrag dat u aan ontvangen gesprekken hebt besteed sinds de laatste keer dat u dit kostenlogboek opnieuw hebt ingesteld. | |
| Alle Het bedrag dat u aan alle gevoerde en ontvangen gesprekken hebt besteed sinds de laatste keer dat u dit kostenlogboek opnieuw hebt ingesteld.U kunt deze waarde los van Gevoerde en Ontvangen opnieuw instellen. Dit betekent dat Gevoerde plus Ontvangen niet gelijk hoeft te zijn aan Alle. | |





94








Een kostenlogboek weergeven:
Zoek de functie

Gesprak info
Gesprekskosten
Druk op Om
1
naar het kostenlogboek te bladeren dat u wilt weergeven
2 KIES (☑) de opgenomen kosten weer te geven
Het kostenlogboek opnieuw instellen:
Druk op Om
1 RESET (☑) de kosten opnieuw in te stellen (indien beschikbaar)
2 OK (☑) uw PIN2-code in te voeren om de nieuwe instelling te bevestigen




95






U kunt een lijst met namen en telefoonnummers in het elektronische telefoonboek van uw telefoon opslaan. U kunt deze gegevens weergeven en de nummers rechtstreeks bellen met uw telefoon.
Als u de lijst met namen die in het telefoonboek is opgeslagen wilt weergeven, drukt u op M > Telefoonboek vanuit het inactieve scherm. Blader naar een naam en druk op BEKJK (☑) om het telefoonboekgegeven te bekijken, zoals in het volgende scherm wordt getoond.
Velden in een invulformulier van het telefoonboek

![Spraknaam-indicator geeft aan dat er een spraknaam is opgenomen Naam Telefoonnummer Type- indicator geeft nummer- type aan: Werk Thuis Hoofd Mobiel Fax Semafoon <=)Carta van Emmerik 01543372151410 Verkort nr.15# (P) TerUGBEWERKEN Verkort nummer van gegeven [pl] geeft aan dat vermelding in telefoon- geheugen is opgeslagen [is] geeft SIM- geheugen aan Terug naar de lijst Druk op M om hetMenu Telefoonboek te openen Gegeven bewerken](/content/2026/06/1155119/images/42747a82c4ccb78846421289a2ebd31e0fc4f10c20522ef0b471936597b27847.jpg)



96





Opmerking: Nummers die op de SIM-kaart zijn opgeslagen, bevatten geen informatie over Type of VoiceDial.


Een telefoonboekgegeven opslaan
Een telefoonnummer is vereist voor een telefoonboekgegeven. Alle andere gegevens zijn optioneel.
U kunt een invoer in het telefoonboek opslaan op uw telefoon of de SIM-kaart. Verkorte nummers van 1 tot 500 worden opgeslagen op de telefoon. Om een invoer in het telefoonboek op te slaan op uw SIM-kaart, dient u een verkort nummer van 501 of hoger toe te kennen. Het totaal aantal nummers dat u op de SIM-kaart kunt opslaan, is afhankelijk van uw serviceprovider.
Afkorting: Voer in het inactieve scherm een telefoonnummer in en druk vervolgens op OPSLAAN (☑) om een telefoonboekgegeven te maken met een nummer in het veld Nr. Ga rechtstreeks naar stap 1 van de volgende procedure om extra gegevens in te voeren en het gegeven op te slaan.
Opmerking: U kunt ook de volgende procedure gebruiken om een gegeven met een vast nummer op te slaan door naar het item Beperkt klezen te bladeren en het item te selecteren.
Gegevens invoeren
Zoek de functie

Druk op Om
1 WIJZIG (☐) Naam te selecteren
2 toetsen een naam in te voeren voor het telefoonboekgegeven (zie "Tekst invoeren" op pagina 60).
97












| Druk op Om | ||
| 3 | OK (☑) de naam op te slaan | |
| 4 | WIJZIG (☑) | e Nr. te selecteren n |
| 5 | toetsen het telefoonnummer in te voeren | |
| 6 | OK (☑) het telefoonnummer op te slaan | |
| 7 | WIJZIG (☑) | Type te selecterenOpmerking: Deze optie is niet beschikbaar voor gegevens die op een SIM-kaart worden opgeslagen. |
| 8 | ◀◇▶ | naar het type telefoonnummer te bladeren |
| 9 | KIES (☑) het type nummer te selecteren | |
| 10 | OPNEMEN (☑)ofGa naar stap 11 als u geen VoiceDial voor het gegeven wilt opnemen | een VoiceDial voor het gegeven op te nemen indien gewenstZie “Een VoiceDial voor een telefoonboekgegeven opslaan” op pagina 100.Opmerking: Deze optie is niet beschikbaar voor gegevens die op een SIM-kaart worden opgeslagen. |
| 11 | ◀◇▶ | naar Verkort nr. te bladeren. Dit is het nummer waarmee u verkort kunt kiezen.Het eerstvolgende verkorte nummer dat beschikbaar is, wordt standaard aan het telefoonboeknummer toegewezen. |




98








| 12 | WIJZIG (●) | Verkort nr. te selecteren als u het nummer wilt wijzigen |
| 13 | toetsen desgewenst een ander verkortnummer in te voeren |
Opmerking: Verkorte nummers van 1 tot 500 worden opgeslagen op de telefoon. Verkorte nummers van 501 of hoger worden opgeslagen op de SIM-kaart.
| 14 | OK (☑) het gewijzigde verkorte nummer op te slaan |
Als het door u gekozen verkorte nummer al aan een ander gegeven is toegewezen, wordt u gevraagd of u die gegevens wilt vervangen. Zoniet krijgt u de mogelijkheid om de nieuwe gegevens op te slaan in het daaropvolgend eerste vrije verkort nummer.
| 15 | KIES (☑) | MEER te selecteren als u een andere gegeven wilt maken met dezelfde Naam |
Opmerking: U moet een naam en nummer invoeren om deze optie te kunnen gebruiken.
99












Het telefoonboekgegeven voltooien
Als u alle gewenste gegevens voor het telefoonboekgegeven hebt ingevuld, doet u het volgende:
Druk op Om
KLAAR (☐) het gegeven op te slaan en naar de telefoonboeklijst terug te keren
Een VoiceDial voor een telefoonboekgegeven opslaan
U kunt een VoiceDial opnemen als u een nieuw telefoonboekgegeven maakt of als u een al eerder opgeslagen telefoonboekgegeven bewerkt. Als u een VoiceDial gebruikt, hoeft u geen nummer in te voeren met de toetsen, maar kunt u een naam uitspreken om een nummer te kiezen (zie "Kiezen door middel van spraak" op pagina 102).
Opmerking: U kunt geen VoiceDial opnemen voor een gegeven dat op een SIM-kaart wordt opgeslagen.
Tip: Maak de opname op een rustige plaats. Houd de telefoon ongeveer 10 centimeter van uw mond en spreek met een normale stem rechtstreeks in de microfoon van de telefoon.
Zoek de functie
M >Telefoonboek
Handeling Om
1 Druk op ◆
naar het gegeven te bladeren waarvoor u een VoiceDial wilt opnemen
100







| 2 | Druk op BEKJJK (☑) alle detailgegevens van een gegeven weer te geven | |
| 3 | Druk op BEWERK (☑) het telefoonboekgegeven te bewerken | |
| 4 | Druk op ◆◇ | naar VoiceDial te bladeren |
| 5 | Druk op OPNEMEN (☑) de opname te startenOp het beeldscherm van de telefoon verschijnt Druk op spraaktoets en zeg de VoiceDial. | |
| 6 | Druk op de spraaktoets op de rechterzijkant van de telefoon, laat de toets weer los en zeg vervolgens de naam voor het gegeven (binnen twee seconden) | de VoiceDial op te nemenOp het beeldscherm van de telefoon verschijnt Druk op spraaktoets en HERHAAL VoiceDial. |
| 7 | Druk op de spraaktoets en spreek de naam nogmaals uit | de VoiceDial te bevestigen Op het beeldscherm van de telefoon verschijnt Getraind: VoiceDial. |


Een telefoonboekgegeven kiezen
U kunt de lijst van het telefoonboek, een VoiceDial, een verkort nummer of een snelkiesnummer gebruiken om een nummer te kiezen dat in uw telefoonboek is opgeslagen. Zie "Verkort kiezen" op pagina 44 als u verkorte nummers wilt gebruiken. Zie "Snelkiezen" op pagina 45 als u wilt snelkiezen.
101








Een nummer bellen in de telefoonboeklijst:
Zoek de functie

Telefoonbook
Druk op Om
1
naar het nummer te bladeren dat u wilt bellen
2
het gesprek te verzenden
Kiezen door middel van spraak
Een nummer bellen via spraak:
Handeling Resultaat
Druk op de spraaktoets op de rechterzijkant van de telefoon, laat de toets weer los en zeg vervolgens de naam van het gegeven (binnen twee seconden).
De telefoon gaat naar het gegeven in het telefoonboek, speelt de opgeslagen VoiceDial af die samen met het gegeven is opgeslagen, wacht twee seconden en kiest vervolgens automatisch het nummer.
Een telefoonboekgegeven bewerken
Opmerking:
- Als u een verkort nummer wijzigt, wordt de bijbehorende invoer naar de nieuwe locatie verplaatst en wordt het oorspronkelijke gegeven gewist. Verkorte nummers van 1 tot 500 worden opgeslagen op de telefoon. Verkorte
102











nummers van 501 of hoger worden opgeslagen op de SIM-kaart.
- U kunt ook de volgende procedure gebruiken om een gegeven met een vast nummer te bewerken door naar het item Beperkt klezen te bladeren en het item te selecteren.
Zoek de functie

Telefoonboek
Druk op Om
| 1 | ♂ | naar het gegeven te bladeren dat u wilt bewerken |
| 2 | BEKLJK (♂) | alle details van een gegeven weer te geven |
| 3 | BEWERK (♂) | het telefoonboekgegeven bewerken |
te
Bewerk een telefoonboekgegeven door de procedure te volgen die in "Een telefoonboekgegeven opslaan" op pagina 97 wordt beschreven.
Telefoonboekgegevens verwijderen
Een telefoonboekgegeven verwijderen:
Zoek de functie

Telefoonboek
Druk op Om
| 1 | naar het gegeven te bladeren dat u wilt verwijderen | |
| 2 | M | het Menu Telefoonboek te openen |
103












Telefoonboek
Druk op Om
| 3 | ◇ | naar Wissen te bladeren |
| 4 | KIES (◇) | Wissen te selecteren |
| 5 | JA (◇) te bevestigen dat u het gegeven wilt verwijderen | |



Een gegeven in het telefoonboek kopieren van de telefoon naar de SIM-kaart of andersom
U kunt een of meerdere ingevoerde telefoonboekgegevens kopieren van uw telefoon naar de SIM-kaart of andersom.
Opmerking:
- Op die manier kopieert u de oorspronkelijke gegevens naar een nieuwe locatie. Het oorspronkelijke gegeven wordt niet gewist.
- Op de SIM-kaart kunnen geen gegevens over Type en VoiceDial voor gegevens worden opgeslagen. Als u een gegeven met type- of VoiceDial-gegevens naar een SIM-kaart probeert te kopieren, wordt u om een bevestiging gevraagd voordat deze informatie uit het gegeven wordt verwijderd.

Eén gegeven kopieren
Ga als volgt te werk om een telefoonboekgegeven te kopieren van uw telefoon naar de SIM-kaart of andersom.
Zoek de functie

Telefoonboek
104







| 1 | ◇◇ | naar het gegeven te bladeren dat u wilt kopierenOpmerking: Verkorte nummers van 1 tot 500 worden opgeslagen op de telefoon. Verkorte nummers van 50 of hoger worden opgeslagen op de SIM-kaart. |
| 2 | M | het Menu Telefoonboek te openen |
| 3 | naar Kopieer gegeven te bladeren | |
| 4 | KIES ( ) | Kopieer gegeven te selecterenOp het beeldscherm van de telefoon wordt het dialoogvenster Kopieren naar weergegeven met het volgende verkorte nummer dat beschikbaar is. |
| 5 | toetsen het verkorte nummer op het formulier Kopieren naar te bewerken |
| 6 | OK (☑) de wijziging van het verkorte nummer te bevestigenOp de telefoon wordt het bericht weergegeven. Indien gewenst kunt u nu het oude telefoonboekgegeven verwijderen. |

Meerdere gegevens kopieren
Ga als volgt te werk om meerdere telefoonboekgegevens te kopiëren van uw telefoon naar de SIM-kaart of andersom.
Zoek de functie
M > Telefoonboek
105








| Druk op Om | ||
| 1 | M | Menu Telefoonboek te openen |
| 2 | naar Kopieer gegevens te bladeren | |
| 3 | KIES ( ) | Kopieer gegevens te selecterenOp de telefoon wordt het formulier Kopieer gegevens weergegeven. |
| 4 | naar Vanaf (Begin) te bladeren | |
| 5 | WIJZIG ( ) het verkorte nummer op het formulier Kopieren naar te bewerken | |
| 6 | de toetsen het eerste (laagste) verkorte nummer in te voeren in de reeks gegevens die u wilt kopierenOpmerking: Verkorte nummers van 1 tot 500 worden opgeslagen op de telefoon. Verkorte nummers van 501 of hoger worden opgeslagen op de SIM-kaart. | |
| 7 | OK ( ) het nummer op te slaan en naar het formulier Kopieer gegevens terug te keren | |
| 8 | naar Vanaf (einde) te bladeren | |
| 9 | WIJZIG ( ) | Vanaf (einde) te selecteren |
| 10 | toetsen het laatste (hoogste) verkorte nummer in te voeren in de reeks gegevens die u wilt kopieren | |
| 11 | OK ( ) het nummer op te slaan en naar het menu Kopiser gegevens terug te keren | |





106





Telefoonboek
Druk op Om
| 12 | ◇◇ | naar Tot (begin) te bladeren |
| 13 | WIJZIG (◇) | Tot (begin) te selecteren |
| 14 | toetsen het eerste (laagste) nieuwe verkorte nummer in te voeren voor de nieuwe locatie van de gegevens | |
| 15 | OK (◇) het nummer op te slaan en naar het menu Kopieer gegevens terug te keren | |
| 16 | KLAAR (◇) het gegeven te kopierenOp het beeldscherm van de telefoon wordt het bericht Gakopiserde Gegevens weergegeven. Indien gewenst kunt u nu de oude gegevens verwijderen. | |


De capaciteit van het telefoonboek controleren
U kunt de capaciteit van uw telefoonboek controleren om te zien hoeveel ruimte er nog is om nieuwe telefoonboekgegevens op uw telefoon of SIM-kaart op te slaan. Voor gegevens die op de telefoon staan opgeslagen, wordt een geheugenmeter weergegeven die aangeeft hoeveel geheugen er nog beschikbaar is om telefoonboek-en agendagegevens in te voeren. Voor de SIM-kaart verschijnt het aantal reeds ingevoerde gegevens en het nog beschikbare aantal locaties.
Zoek de functie
M > Telefoonbook
Druk op Om
1 M het Menu Telefoonboek te openen
107








Telefoonboek
Druk op Om
| 2 | ◇ | naar Telefooncapaciteit of SIM capaciteit te bladeren |
| 3 | KIES (◇) | Telefooncapaciteit of SIM capaciteit te selecterenUw telefoon geeft de geheugenmeter weer of het aantal beschikbare locaties op de SIM-kaart. |

Synchroniseren met TrueSync-software

U kunt telefoonboekgegevens in het geheugen van de telefoon synchroniseren met telefoonboekgegevens op uw computer of palmtop met behulp van de Starfish TrueSync®-software, een product van Motorola.
Raadpleeg de gebruikershandleiding van de TrueSync-software voor meer informatie.
Opmerking: TrueSync-software is ontworpen om gegevens te synchroniseren met de basisfuncties van vele populaire software- en hardwareproducten voor PIM (Personal Information Management).

Het telefoonboek instellen
U kunt de sorteervolgorde voor telefoonboekgegevens en de locatie van de snelkiesnummers opgeven.
De sorteervolgorde van het telefoonboek
U kunt de telefoonboeklijst sorteren op verkort nummer (de standaardinstelling), naam of VoiceDial.
108






Tip: Als u de lijst sorteert op VoiceDial, wordt de lijst ook op naam gesorteerd, maar verschijnen de VoiceDial-labels als eerste in de lijst.
Zoek de functie
M > Telefoonboek
Druk op Om
| 1 | M | het Menu Telefoonboek te openen |
| 2 | ◇◇ | naar Setup te bladeren |
| 3 | KIES (◇) | Setup te selecteren |
| 4 | ◇◇ | naar Sorteren op te bladeren |
| 5 | WIJZIG (◇) | Sorteren op te selecteren |
| 6 | ◇◇ | naar het gewenste gegeven te bladeren |
| 7 | KIES (◇) | het gewenste gegeven te selecteren |
Voorkeur voor snelkiezen
U kunt opgeven of uw snelkiesnummers zich in het geheugen van de telefoon of op de SIM-kaart moeten bevinden.
Zoek de functie
M > Instellingen
Meer instellingen
Initiele setup
Druk op Om
| 1 | ◇ | naar Snel kiezen te bladeren |
| 2 | WLJZIG (◇) | Snel kiezen te selecteren |
109












3 naar de gewenste lijst te bladeren
4 KIES (☑) de gewenste lijst te selecteren



110







De agenda bevat een kalender die u kunt gebruiken om items, zoals afspraken en vergaderingen, te plannen. U kunt uw planning met items per week of per dag weergeven en de agenda een alarmsignaal laten weergeven om u aan bepaalde items te herinneren.
Opmerking: U dient de juiste tijd en datum in te stellen om de agenda te gebruiken. Gebruik de functie Tijd en datum (zie pagina 83) om de datum en tijd in te stellen.
Ga als volgt te werk om items in de agenda te plannen of te bekijken:
Zoek de functie

Agenda
Weekweergave
Als u de agenda opent, wordt op het beeldscherm van de telefoon een weekkalender weergegeven. Lijnen of gevulde vakken onder elke dag geven aan dat er items zijn gepland.

111













Zie "Een optie voor een functie selecteren" op pagina 56 voor instructies over bladeren naar en het selecteren van opties.
Druk op Om
| 1 | WIJZIG (☑) | Titel te selecteren |
| 2 | de toetsen een titel voor het item in te voeren(zie “Tekst invoeren” op pagina 60 ) | |
| 3 | OK (☑) de titel van het item op te slaan | |
| 4 | ◀◀ | naar andere velden te bladeren en debenodigde gegevens in te voerenIn de overige velden kunt u destarttijd, duur, datum, terugkerendeitems en een herinneringsalarminvoeren. |
| 5 | KLAAR (☑) het nieuwe item op te slaan en terugte keren naar de dagweergave | |
Itemgegevens wijzigen
Gegevens van een bestaand item wijzigen:
Zoek de functie

Druk op Om
| 1 | links of rechts | naar het geplande item dag te bladeren |
| 2 | BEKLJK () de dagweergave weer te geven | |
| 3 | naar het item te bladeren dat u wilt wijzigen | |
114







4 BEKJJK (☑) de itemweergave weer te geven
5 BEWERK (☐) het item te bewerken
6 naar het gegeven te bladeren dat u wilt wijzigen
7 WIJZIG( ) de gegevens te bewerken
8 de toetsen nieuwe gegevens in te voeren
9 KLAAR (●) de gegevens op te slaan en terug te keren naar de dagweergave
Een item kopieren
Gegevens kopieren van een huidig item naar een nieuw item :
Zoek de functie

Druk op Om
1 ◆ links of rechts naar het geplande item dag te bladeren
2 BEKIJK (☐) de dagweergave weer te geven
3 naar het item te bladeren dat u wilt kopieren
4 M het Monu Agenda te openen
5 naar Kopiëren te bladeren
6 KIES (☐) het item te kopieren
115











7 JA (☑) de kopieerbewerking te bevestigen de telefoon neemt aan dat u de datum wilt wijzigen en geeft het veld Datum weer.
8 de toetsen de datum in te voeren
9 ▶ (●)
naar de maand, de dag en het jaar te gaan
of
←♂▶ naar rechts
10 KLAAR (●) de kopie van het item op te slaan
11 •••naar items te bladeren en de relevante gegevens te bewerken
12 KLAAR (☐) terug te keren naar de dagweergave
Een item verwijderen
Zoek de functie

Druk op Om
1 ◀ links of rechts naar de geplande dag te bladeren
2 BEKIJK (☐) de dagweergave weer te geven
3 <♂> naar het item te bladeren dat u wilt verwijderen
4 M het Menu Agenda te openen
5 naar Wissen te bladeren
116







Voor niet-terugkerende items gaat u naar stap 7. Voor terugkerende items wordt op het beeldscherm van de telefoon een menu weergegeven voor het verwijderen van het item.
a
naar Alleen dit item of Items herhalen te bladeren
b KIES (☑) het item of items te selecteren die u wilt verwijderen
7 JA (☑) te bevestigen dat u het item wilt verwijderen
Op het scherm van de telefoon wordt kort het bericht Gewist: weergegeven en u keert terug naar de dagweergave.






117





U kunt uw telefoon gebruiken om af te stemmen op en te luisteren naar FM-radiostations als de optionele Motorola Original™ FM Stereo Radio-headset op de connectorpoort voor accessoires is aangesloten. Bovendien kunt u voorkeuzen instellen.

De radio aan- en uitzetten
Druk op Om
Radio (☑) de radio aan en uit te zetten

U kunt ook de volgende procedure gebruiken:
Druk op Om
| 1 | M | het | menu |
| 2 | naar Radio te bladeren | ||
| 3 | AAN (☑) of naar UIT (☑) | de radio aan of uit te zetten | |

te
Opmerking: De functie Radio (☑) voor de softwaretoets en het menu-item Radio worden alleen weergegeven als de FM Stereo Radio-headset op de connectorpoort voor accessoires is aangesloten.
opener

118








Afstemmen op een station
Handeling Om
Druk op ◆
op de volgende of vorige frequentie af te stemmen
of
Houd ◀◆ ingedrukt
op het volgende of vorige beschikbare stereostation af te stemmen
Een voorkeuze opslaan
Een station op een voorkeuzelocatie opslaan om het later opnieuw te kunnen opvragen:
Handeling Om
Houd een cijfertoets ingedrukt (1) tot en met 9
het voorkeuzecijfer toe te wijzen aan het station waarop u hebt afgestemd
Een voorkeuze selecteren
Een vooraf gekozen radiostation selecteren:
Druk op Om
een cijfertoets (① tot en met ⑨)
af te stemmen op het station dat op die voorkeuzelocatie is opgeslagen

119











Oproepen verzenden en ontvangen met de radio aan
Uw telefoon onderbreekt het radiosignaal en geeft een belsignaal of trilt om u op de hoogte te stellen van een binnenkomend gesprek, een bericht of een andere actie. Als u een oproep ontvangt, gaat u als volgt te werk:
| Handeling Om | |
| Druk op NEGEER (☑) de oproep te negeren | |
| Druk op NEEM OP (☑) ofDruk op de knop op de microfoon van de FM Stereo Radio-headset | de oproep te beantwoordenOpmerking: U kunt de microfoon van de FM Stereo Radio-headset gebruiken om met de persoon te spreken |
Het gesprek beëindigen en de FM-uitzending hervatten:
Handeling Om
Druk op
het gesprek te beeindigen
of
Houd de knop op de microfoon van de FM Stereo Radio-headset ingedrukt
Zet de radio uit voordat u de toetsen van de telefoon voor een uitgaand gesprek gebruikt. U hoeft de FM-radiofunctie niet uit te schakelen om alarmnummers of nummers uit uw telefoonboek of andere lijsten te kiezen.
Tip: Als u een recent gekozen nummer opnieuw wilt kiezen, drukt u op (€) of op de knop op de microfoon van de FM Stereo Radio-headset om naar de lijst met gekozen nummers te gaan. Zie "Gesprek info" op pagina 87 voor meer informatie.
120







U kunt uw voicemailberichten beluisteren door het voicemailnummer van uw netwerk te bellen. Voicemailberichten worden op het netwerk opgeslagen en niet in het geheugen van de telefoon. Neem contact op met uw serviceprovider voor meer informatie.
Uw voicemailnummer opslaan
Sla uw voicemailnummer op in het geheugen van de telefoon, zodat u snel en gemakkelijk voicemailberichten kunt ophalen. U krijgt een voicemailnummer van uw serviceprovider.
Zoek de functie

Druk op Om
1 toetsen het telefoonnummer voor de voicemail in te voeren
2 OK (☐) het nummer op te slaan
Een nieuw voicemailbericht ontvangen
Als u een voicemailbericht ontvangt, wordt op het scherm van de telefoon Nieuwe voicemail 📄 weergegeven. (Sommige netwerken geven alleen aan dat u berichten hebt ontvangen, of het nu nieuwe of oude berichten zijn.) Als de herinneringen zijn ingeschakeld, verzendt de telefoon elke vijf minuten een herinnering totdat u de melding voor het nieuwe bericht sluit, het bericht beluistert of de telefoon uitzet. (Zie "Herinneringen" op pagina 163.)
121











Als de melding voor een nieuw bericht wordt weergegeven:
Handeling Om
Druk op BEL (☑) het voicemailnummer te bellen en het bericht te beluisteren

Een voicemailbericht beluisteren
Op elk gewenst moment voicemailberichten beluisteren:
Zoek de functie

Berichten > Voicemall
Het opgeslagen voicemailnummer wordt gebeld. Als u geen voicemailnummer hebt opgeslagen, krijgt u van de telefoon instructies voor het opslaan van een nummer.


122








SMS-jes zijn korte berichten die u kunt verzenden en ontvangen (zoals Waar ontmoeten we elkaar?). De SMS-jes die u ontvangt, worden op het beeldscherm van de telefoon of in het postvak inbox weergegeven.
Voordat u deze berichten kunt verzenden of ontvangen, moet u de inbox instellen. Het totale aantal berichten dat de inbox kan bevatten, hangt af van de lengte van de berichten en het aantal andere berichten en concepten dat in de telefoon is opgeslagen.
Opmerking: Uw serviceprovider heeft de instellingen van de inbox mogelijk al voor u ingesteld.
De inbox instellen
| Zoek de functie | M > BerichtenM > SMS Setup | |
| Druk op Om | ||
| 1 | ◇ | naar Servicecentrumr. te bladeren |
| 2 | WJZIG (◇) | h Servicecentrumr. tetwijzigen dat door uw serviceprovider wordt verstrekt |
| 3 | de toetsen het telefoonnummer in te voeren voor het servicecentrum dat uw uitgaande SMS-jes verwerkt | |
| 4 | OK (◇) het nummer van het servicecentrum op te slaan | |
| 5 | WJZIG (◇) de periode | Vervalt na te wijzigen |

123











| Druk op Om | ||
| 6 | de toetsen de periode in te voeren waarna niet-ontvangen berichten vervallen — het aantal dagen dat het netwerk probeert niet-ontvangen berichten te verzenden | |
| 7 | OK (∅) de periode op te slaan waarna berichten vervallen | |
| 8 | WIJZIG (∅) de optie voor | Antwoordtype te wijzigen |
| 9 | naar het standaardtype antwoorden te bladeren dat u wilt verzenden: SMS-berichten of andere typen berichten | |
| 10 | OK (∅) het antwoordtype op te slaan | |
| 11 | WIJZIG (∅) de instelling voor | Legen te wijzigen |
| 12 | naar de tijdsperiode te bladeren dat berichten in uw inbox kunnen blijven staan | |
| 13 | KIES (∅) de periode voor legen te selecterenGa door als u Aangepast selecteert. Als u een andere optie selecteert, is de procedure voltooid. | |
| 14 | de gegevens voor het nummer of label te wijzigen | |
| 15 | te schakelen tussen het nummer en het label | |




124







Opmerking: U moet de inbox instellen voordat u SMS-jes kunt ontvangen. Zie "De inbox instellen" op pagina 123.
Als u een nieuw bericht ontvangt, wordt op het beeldscherm van de telefoon het bericht (nieuwe SMS) 📧 weergegeven en geeft de telefoon een meldingssignaal. Als de herinneringen zijn ingeschakeld, verzendt de telefoon elke vijf minuten een herinnering totdat u de melding voor het nieuw bericht sluit, het bericht leest of uw telefoon uitzet. (Zie "Herinneringen" op pagina 163.)
Als de inbox vol is, vervangt elk nieuw bericht het oudste bericht dat niet is vergrendeld.
Als de melding voor een nieuw bericht wordt weergegeven:
Druk op Om
LEES (☑) het bericht te openen (of de inbox te openen als er meerdere berichten zijn binnengekomen)



Een SMS lezen, vergrendelen of verwijderen
U kunt op elk moment uw inbox openen om berichten te lezen, te vergrendelen of te verwijderen.
Berichten in de inbox worden gesorteerd van de nieuwste berichten naar de oudste. De oudste berichten worden verwijderd als er nieuwe berichten worden toegevoegd. Als u een bericht wilt bewaren, dient u dit te vergrendelen om te voorkomen dat het wordt overschreven als er nieuwe berichten binnenkomen.

126








| 1 | ◇◇ | naar het gewenste bericht te bladeren(◇! = niet gelezen en dringend,◇ = gelezen, ◎ = vergrendeld) |
2 LEES (☑) het bericht te openen
| 3 | BEWAAR (●)of | het bericht te sluiten zonder het te wijzigen |
| WISSEN (●)of | het bericht te verwijderen | |
| M | het Manu SMS te openen om andere procedures uit te voeren, die in de volgende lijst worden beschreven |
Het Menu SMS bevat de volgende opties:
| Optie Beschrijving | |
| Terughellen Het nummer bellen in de berichtkop of de berichttekst. | |
| Ga naar Naar een webadres (URL) in het bericht gaan. | |



127





| Optie Beschrijving | |
| Antwoord Een nieuwe | we SMS openen waarin hetnummer van het bericht dat u wiltbeantwoorden, in het veldAanwordtweergegeven. |
| Doorsturen Een kopie van de SMS openen waarin hetveldAanleeg is. | |
| Vergrendelen/Ontgrendelen | De SMS vergrendelen of ontgrendelen |
| Nummer opslaan | Een nieuw telefoonboekgegeverwaarin het nummer dat in het bericht isopgenomen, in het veldNr.is gevoerd. |
| WissenofAlles wissen | De SMS verwijderen of alle SMS-jes in deinbox verwijderenDruk opJA(Ⓧ)om te bevestigen dat ude SMS of de SMS-jes wilt verwijderen. |
| Nieuwe SMS | Een nieuw formulier voor een SMSopenen. |
| Setup Het instellingenmenu van de inboxopenen. | |



openen

Een nieuwe SMS verzenden
U kunt een SMS maken en naar een of meerdere ontvangers verzenden. Met de functie SMS kunt u het telefoonnummer van elke ontvanger invoeren of een of meerdere nummers uit het telefoonboek of de lijst met gevoerde of ontvangen gesprekken selecteren.
128








Opmerking: Als u handmatig meerdere telefoonnummers invoert in het veld Aan, dient u een spatie tussen de nummers in te voegen. Houd de 1 ingedrukt om een spatie in te voegen.
Zoek de functie
M > Berichten
Nieuwe
Druk op Om
| 1 | ◇◇ | naar [nieuwe SMS] te bladeren |
| 2 | KIES (◇) | [nieuwe SMS] te selecteren |
| 3 | WIJZIG (◇) | Aan te selecteren |
| 4 | de toetsen | het telefoonnummer in te voeren waar u het bericht naartoe wilt sturenTip: Vergeet niet om de 1 ingedrukt te houden om een spatie in te voegen tussen de nummers die u handmatig invoert. |
| ofBLADEREN (◇) | selecteer een of meer telefoonnummers uit het telefoonboek of de lijst Gevoerde of Ontvangen gesprekken | |
| 5 | OK (◇) het nummer op te slaan | |
| 6 | WIJZIG (◇) | SMS te selecteren |



129





Tekstberichten (SMS)
Druk op Om
| 7 | de toetsen de SMS in te voeren (zie “Tekst invoeren” op pagina 60.)Opmerking:De lengte van het bericht is beperkt. Als het bericht zo groot is geworden, dat u nog maar 40 of minder tekens kunt toevoegen, wordt bovenaan het beeldscherm een teller van twee cijfers weergegeven die toont hoeveel tekens u nog kunt invoeren. | |
| 8 | OK (_) het SMS-bericht op te slaan | |
| 9 | KLAAR (_) het bericht te voltooienOp het beeldscherm van de telefoon verschijntSMS nu verzenden? | |
| 10 | JA (_)ofNEE (_) | het bericht te verzendenhet bericht te annuleren of te bewaren als een conceptBerichten worden opgeslagen in de map Concepten. U kunt deze berichten later bewerken en verzenden. |



Een EasySMS verzenden
EasySMS-jes zijn korte, vooraf geschreven SMS-jes die u kunt maken, selecteren en snel kunt verzenden (bijvoorbeeld, Haalij mej op bij ).
130









Een EasySMS verzenden of opslaan:
Zoek de functie

Druk op Om
| 1 | <♂> | naar de EasySMS te bladeren |
| 2 | M | het Manu EasySMS te openen om andere procedures uit te voeren, die in de volgende lijst worden beschreven |
Het Menu EasySMS bevat de volgende opties:
| Optie Beschrijving | |
| Nieuw Een editor openen waarin u een nieuwe EasySMS kunt makenVoer de tekst in en druk op OK (☑) om de tekst als een EasySMS op te slaan. | |
| Bewerken Open een editor waarin u de geselecteerde EasySMS kunt bewerken.Bewerk de EasySMS en druk op OK (☑) om de wijzigingen op te slaan. | |
| Wissen | Verwijder de geselecteerde EasySMS. |



131





| Optie Beschrijving | |
| Verzenden Open een | nieuw bericht met de geselecteerde EasySMS in het veld SMS.Vul de andere velden in de SMS in (zie "Een nieuwe SMS verzenden" op pagina 128 voor meer informatie).Om de EasySMS naar meerdere ontvangers te versturen, dient u meerdere telefoonnummers in te voeren in het veld Aan, zoals beschreven in stap 2 van de procedure voor "Een SMS verzenden" op pagina 138. |


De status van verzonden SMS-berichten weergeven
SMS-jes die u verzendt, worden in de Outbox opgeslagen. U kunt de inhoud van uw Outbox als volgt weergeven:
Zoek de functie


De berichten worden gesorteerd van de nieuwste naar de oudste berichten.
De volgende pictogrammen geven de status van het bericht aan:
» = Het bericht wordt verzonden 📎 = verzonden
X = Het verzenden is mislukt
132








De telefoon bevat verscheidene vooraf geprogrammeerde snelkoppelingen. U kunt desgewenst zelf extra snelkoppelingen maken om menu-items die u vaak gebruikt, snel te kunnen oproepen.
Standaardsnelkoppelingen
De volgende snelkoppelingen zijn standaard aanwezig in uw telefoon. Deze standaardsnelkoppelingen kunt u niet bewerken of verwijderen.
| Handeling Om | |
| Druk op M en druk opnieuw (binnen twee seconden) op M en houd deze toets ingedrukt | in of uit te zoomen op het beeldscherm van de telefoon(Zie “De zoominstelling wijzigen” op pagina 36.) |
| Druk op M * | de toetsen te vergrendelen of ontgrendelen |
| Druk op M # uw | eigen telefoonnummers weer te geven |
| Druk op ⏻ | naar de lijst met gevoerde gesprekken te gaan(Zie “Gesprek info” op pagina 87.) |
| Druk op ⏱ | het menusysteem te verlaten en terug te keren naar het inactieve scherm |

133










U kunt snelkoppelingen maken naar vele menufuncties en toepassingen. Met een snelkoppeling gaat u rechtstreeks naar een menu-item of voert u een menubewerking uit (indien van toepassing).
Een snelkoppeling maken
U kunt een toets-snelkoppeling of een toets-snelkoppeling en een spraaksnelkoppeling (Voicetag) aan een menu-item toewijzen.
Met een Voicetag kunt u rechtstreeks naar een menu-item gaan door de snelkoppelingsnaam van dat menu-item uit te spreken.
Tip: Maak de opname op een rustige plaats. Houd de telefoon ongeveer 10 centimeter van uw mond en spreek met een normale stem rechtstreeks in de microfoon van de telefoon.
Handeling Om
1 Druk op M het menusysteem te openen
2 Blader naar het item waaraan u een snelkoppeling wilt toewijzen
het menu-item te selecteren
3 Houd M ingedrukt de snelkoppelingen-editor te openen
Op het beeldscherm van de telefoon verschijnt:
Snelkoppeling voor: "Item"?
waarbij Item de naam is van het item dat u hebt geselecteerd.

134








| 4 | Druk op JA (☑) de opties voor snelkoppelingen weer te geven | |
| 5 | Druk op WIJZIG (☑)ofDruk op KIAAR (☑)ofDruk •◇• | indien nodig het nummer van de toetssnelkoppeling te wijzigenhet standaardnummer voor de toetssnelkoppeling te selecteren en de snelkoppelingen-editor te sluiten als u geen Voicetag wilt toewijzennaar Voice te bladeren als u een Voicetag wilt toewijzen |
| 6 | Druk opOPNEMEN (☑) | de opname te startenOp het beeldscherm van de telefoon verschijnt Druk op spraaktoets en zeg de Voicetag. |
| 7 | Druk op de spraaktoets op de rechterzijkant van de telefoon, laat de toets weer los en zeg vervolgens de naam van de snelkoppeling (in twee seconden) | de Voicetag op te nemenOp het beeldscherm van de telefoon verschijnt Druk op spraaktoets en herhaal Voicetag. |
| 8 | Druk op de spraaktoets, laat deze weer los en spreek de naam nogmaals uit | de Voicetag te bevestigenOp het beeldscherm van de telefoon verschijnt Getraind: Voicetag. |

135













9 Druk op KLAAR (●) de snelkoppelingen-editor te sluiten

Snelkoppelingen gebruiken
U kunt een snelkoppeling gebruiken vanuit het inactieve scherm, terwijl u een telefoongesprek voert of door een menu bladert.
Een toetssnelkoppeling gebruiken
Als u het nummer van de toetssnelkoppeling kent, gaat u als volgt te werk:

Druk op Om
1 M het menu te openen
2 het nummer van de toetssnelkoppeling naar het menu-item te gaan of de menubewerking uit te voeren
Een snelkoppeling selecteren in de lijst
U selecteert als volgt een snelkoppeling uit de snelkoppelingenlijst:
Zoek de functie

Snelkoppelingen
de gewenste snelkoppeling

136








Een Voicetag gebruiken
Als u een Voicetag wilt gebruiken, gaat u als volgt te werk:
Handeling Om
| 1 | Druk opM | het menu te openen |
| 2 | Druk op de spraktoets op de rechterzijkant van de telefoon, laat de toets weer los en zeg vervolgens de naam van de snelkoppeling (binnen twee seconden) | naar het menu-item te gaan of de menubewerking uit te voeren |




137





Met de functie VoiceNotes kunt u persoonlijke berichten of telefoongesprekken opnemen. U kunt een VoiceNote op elk gewenst moment afspelen. Op de telefoon zijn geen vooraf opgenomen VoiceNotes aanwezig.
Een VoiceNote opnemen
Gebruik de volgende procedure om een VoiceNote op te nemen vanuit het inactieve scherm of gebruik de procedure tijdens een telefoongesprek als u het gesprek wilt opnemen. Uw telefoon laat een meldingstoon horen om de persoon aan de andere kant van de lijn ervan op de hoogte te stellen dat het gesprek wordt opgenomen.
Opmerking: Het opnemen van telefoongesprekken is gebonden aan wettelijke bepalingen die betrekking hebben op de privacy van personen en het opnemen van telefoongesprekken. Deze bepalingen kunnen per land verschillen.
Tip: Maak de opname op een rustige plaats. Indien u een VoiceNote maakt vanuit het inactieve scherm, hou de telefoon ongeveer 10 centimeter van uw mond en spreek met een normale stem rechtstreeks in de microfoon van de telefoon.
Handeling Resultaat
| 1 | Houd de spraaktoets op de rechterzijde van de telefoon ingedrukt tijdens de opname. |
| Er klinkt een geluid in de luidspreker en op het scherm van de telefoon verschijnt het bericht VoiceNote opnemen. |
| 2 | Spreek uw VoiceNote in terwijl u de spraaktoets ingedrukt houdt. |
| De VoiceNote wordt opgenomen en er wordt een opnametimer weergegeven. |
138







3 Laat de spraaktoets los om met het opnemen te stoppen.
Op de telefoon worden het lijstnummer van de VoiceNote en de totale opnametijd weergegeven.
De VoiceNotel-ijst weergeven
In de VoiceNotelijst worden al uw VoiceNotes weergegeven, samen met andere belangrijke informatie en functies.
Zoek de functie
M > VoiceNotes



Het item Nieuwe VoiceNote verschijnt aan het einde van de lijst of alleen dit item verschijnt als er nog geen VoiceNotes zijn opgenomen. Selecteer Nieuwe VoiceNote om instructies weer te geven voor het opnemen van een nieuwe VoiceNote.
139








Een VoiceNote afspelen
Een opgenomen VoiceNote afspelen:
Zoek de functie
M> VoiceNotes
Druk op Om
1 naar de VoiceNote te bladeren
2 SPEEL (☑) de VoiceNote af te spelen

Als de optionele Motorola Original™ headset of de FM Stereo Radio-headset op uw telefoon is aangesloten, wordt de VoiceNote automatisch doorgestuurd naar de headset.
Tip: U kunt een VoiceNote afspelen terwijl u een gesprek beantwoordt. De VoiceNote wordt niet aan de andere persoon doorgegeven.


140









Druk op deze toetsen als u tijdens het afspelen het volgende wilt doen:
Het afspelen Menu VoiceNotes stoppen en naar Menu VoiceNotes gaan.
Het afspeelvolume van de VoiceNote verhogen of verlagen.
Het afspelen stoppen en teruggaan naar de VoiceNotelijst.
Druk omhoog/omlaag om het afspelen te stoppen en naar de volgende VoiceNote te bladeren.
Druk links om drie seconden terug te spoelen en het afspelen te hervatten.
Druk links en houd ingedrukt
om terug te spoelen naar het begin.

Druk op een willekeurige cijfertoets om het afspelen te stoppen of te starten.
Als de wis VoiceNote ontgrendeld is, stopt u hiermee het afspelen en wordt wls VoiceNote weergegeven.
Als de VoiceNote is vergrendeld, stoppen met afspelen en de VoiceNote ontgrendelen.
Druk rechts om snel drie seconden vooruit te spoelen en het afspelen te hervatten. Druk rechts en houd ingedrukt om snel vooruit te spoelen naar het einde.
Druk, als het afspelen is voltooid, rechts om de VoiceNote opnieuw te spelen.


142











Een VoiceNote vergrendelen en ontgrendelen
U kunt voorkomen dat een VoiceNote per ongeluk wordt verwijderd door de notitie te vergrendelen. Om een vergrendelde VoiceNote te kunnen verwijderen moet u de notitie eerst ontgrendelen.
Zoek de functie
M > VoiceNotes
Druk op Om
| 1 | naar de VoiceNote te bladeren die u wilt vergrendelen of ontgrendelen | |
| 2 | M | het Menu VoiceNotes te openen |
| 3 | naar Vergrendelen of Ontgrendelen te bladeren | |
| 4 | KIES ( ) de VoiceNote te ontgrendelen of vergrendelen | |
U kunt de VoiceNote ook tijdens het afspelen vergrendelen of ontgrendelen. Als het afspeelscherm wordt weergegeven:
Druk op Om
| 1 | M | het Menu VoiceNotes te openen |
| 2 | ◇◇ | Vergrendelen of Ontgrendelen te bladeren |
| 3 | KIES (☑) de VoiceNote te vergrendelen of ontgrendelen | |
Het afspelen wordt gestopt als u een VoiceNote vergrendelt of ontgrendelt. Druk op een willekeurige cijfertoets om het afspelen te hervatten.
143











Een VoiceNote verwijderen
U kunt één ontgrendelde VoiceNote verwijderen, maar u kunt ook alle ontgrendelde VoiceNotes verwijderen. Als u een vergrendelde VoiceNote wilt verwijderen, moet u die eerst ontgrendelen. Zie "Een VoiceNote vergrendelen en ontgrendelen" op pagina 143.
Zoek de functie

VoiceNotes
Druk op Om
| 1 | naar de VoiceNote te bladeren die u wilt verwijderen | |
| 2 | het Menu VoiceNotes te openen | |
| 3 | naar Wissen of Alles wissen te bladeren | |
| 4 | KIES (_) de gemarkeerde optie te selecterenOp het beeldscherm van de telefoon verschijnt:wis VoiceNote X?of VoiceNotes | |
| 5 | JA (_) de geselecteerde VoiceNote te verwijderen of alle VoiceNotes te verwijderen | |
Opmerking:
- U kunt altijd op NEE (☑) drukken als u de VoiceNotes toch niet wilt verwijderen.
- Een verwijderde VoiceNote kan niet worden hersteld.
144







Met de microbrowser kunt u webpagina's weergeven op het beeldscherm van uw telefoon. Neem, indien nodig, contact op met uw serviceprovider om toegang te krijgen tot het Internet.
Opmerking: Uw telefoon kan geschikt zijn voor een GPRS-netwerkverbinding (General Packet Radio Service). Dit type verbinding is herkenbaar aan de GPRS-indicator op het inactieve scherm die verdwijnt als u verbinding maakt met een microbrowser. Als er een -indicator (connected call) wordt weergegeven als u verbinding maakt met een microbrowser, maakt uw telefoon gebruik van een standaard spraakverbinding. De kosten voor uw netwerkverbinding zijn afhankelijk van de gebruikte verbinding.
De microbrowser starten
De microbrowser openen:
Zoek de functie

In de microbrowser wordt de Home-pagina weergegeven die door uw serviceprovider is ingesteld.
Druk op Om
1
naar een favoriet of service te bladeren
2 KIES (☐) de service te selecteren
Snelkoppeling: Als u een SMS opent die een webadres (URL) bevat, kunt u direct naar de URL gaan door M > Ga naar te selecteren.
145










Als u geen netwerkverbinding met de microbrowser kunt krijgen, neemt u contact op met uw serviceprovider.
Interactie met webpagina's
U kunt de volgende bewerkingen op een webpagina uitvoeren:
| Handeling Om | |
| Druk op ◆• en vervolgens op KIES (☐) | door items in een lijst te bladeren en items te selecteren |
| Druk op de toetsen en vervolgens op OK (☐) | gevraagde gegevens in te voerenTip: Druk ☑ om een bij vergissing ingetoetste letter te wissen. |
| Druk op ◆• om naar een telefoonnummer op een webpagina te gaan en druk vervolgens op ☑ | het nummer vanuit de microbrowser te bellen |
| Druk op ☑ terug te gaan | naar de vorige webpagina |
| Druk op ☑ het | Browsermanu te openen |



146







U kunt uw telefoon ook als een handige calculator gebruiken en gebruiken om valuta's om te rekenen.
Rekenen
Zoek de functie
M > Calculator
Druk op Om
1 cijfertoetsen een cijfer in te voeren in de calculator
2 ♦ een calculatorfunctie te selecteren
3 KIES (☑) de geselecteerde functie uit te voeren




Met de calculator kunt u de volgende functies uitvoeren:
| Functie Beschrijving | |
| - | Een decimaalteken invoegen |
| C | De berekening wissen |
| CE | De ingevoerde waarde wissen (deze functie vervangt de C-functie als u opeenvolgende waarden in een berekening invoert) |
| + | Optellen |
| - | Aftrekken |
| X | Vermenigvuldigen |
| ÷ | Delen |
| M8 | De huidige waarde in het geheugen opslaan (opgeslagen waarden overschrijven) |
| M2 | De waarde wissen die in het geheugen is opgeslagen |
| M3 | De weergegeven waarde vervangen door de waarde die in het geheugen is opgeslagen |
| = | Het resultaat berekenen |
| % De weergegeven waarde door 100 delen | |
| ± Het teken voor de waarde wijzigen (positief/negatief) | |
| € | De wisselkoers berekenen |




148






De telefoon bevat drie spelletjes die u tussen uw telefoongesprekken door kunt spelen. Als u wordt gebeld, als er een bericht binnenkomt of als er een alarm of een melding wordt gegeven, wordt het spelletje automatisch beeindigd.
Een nieuw spelletje selecteren en starten
Zoek de functie

Spelletjes
Druk op Om
1
naar het spelletje van uw keuze te bladeren
2 KIES (☐) het spelletje te starten

Als het spelletje is afgelopen, kunt u hetzelfde spelletje nog een keer spelen of terugkeren naar het spelletjesmenu.
| Druk op Om | |
| TERUG (☑)ofNEE (☑) | terug te keren naar het spelletjesmenu |
| NIEUW (☑)ofJA (☑) | het spelletje dat u zojuist hebt gespeeld, opnieuw te spelen |
150







Een spelletje beëindigen
U kunt het spelletje op elk gewenst moment beëindigen.
Druk op Om
TERUG ( )
of

het spelletje te beëindigen en terug te keren naar het spelletjesmenu
De spelletjes spelen
Blackjack
In dit klassieke kaartspel uit Las Vegas speelt u tegen de gever en gaat het erom zo dicht mogelijk bij de 21 punten te komen zonder daar overheen te gaan.
De spelregels
- Bij elk nieuw spel krijgt de gever als eerste een kaart. De kaarten van de dealer staan boven in uw scherm en uw eigen kaarten onder.
- Alle kaarten met afbeeldingen zijn 10 punten waard.
- Alle kaarten met nummers zijn evenveel waard als het aantal punten dat op de kaart wordt aangegeven.
- Een aas is 11 punten, tenzij u daarmee meer dan 21 punten krijgt. In dat geval wordt een aas als 1 punt geteld. Een aas die in eerste instantie voor 11 is geteld, kunt u later ook voor 1 tellen als u daarmee onder de 21 kunt blijven of precies 21 punten bereikt.




151






- Indien u als eerste twee kaarten een aas en een kaart met een waarde van 10 punten in handen krijgt, hebt u precies 21 punten, oftewel Blackjack.
- Blackjack wint automatisch van elke andere kaartencombinatie met een totaal aantal punten van 21.
- Als u meer dan 21 punten krijgt, bent u "dood" of verliest u.
- Als u vijf kaarten krijgt zonder dat u "dood" gaat, wint u.
- Als u en de gever hetzelfde aantal punten hebben, wint de gever.
- U kunt een andere "kaart" vragen zolang u niet "dood" bent.
- Als de gever minder dan 17 punten heeft, moet de gever doorgaan met het nemen van kaarten.
Het spel
Bij het begin van het spel krijgt u twee kaarten. Op basis van het totale aantal punten kunt u het volgende doen:
| Druk op Om | |
| HOUD (💡) het resultaat | van uw kaarten te behouden |
| KAART (💡) een andere | kaart te vragen |

Mindblaster
De bedoeling van het spel is dat u een geheime code van vier symbolen raadt. U speelt door symbolen in vier ruimtes in te voeren en vervolgens te raden.
152







- Uw score is het aantal pogingen dat u nodig hebt om de geheime code te raden.
- Als u gokt, krijgt u aanwijzingen waarin wordt aangegeven hoeveel symbolen u juist hebt geraden en hoeveel er op de juiste plaats staan. De positie van de aanwijzingen komt niet overeen met de plaats van de symbolen.
■ = juiste symbool op juiste positie
□ = juiste symbool op verkeerde positie
- U kunt een lijst met uw laatste 10 pogingen bekijken.
- Als u eenmaal een symbool in een lege ruimte hebt ingevoerd, kunt u het symbool wel wijzigen, maar niet verwijderen.
- Als u de geheime code van de vier symbolen goed hebt geraden, wordt op het scherm uw score en het niveau van het volgende spel weergegeven.
- Als u één spel wint, gaat u van niveau 1 naar niveau 2.
- Als u nog twee spelletjes wint, gaat u van niveau 2 naar niveau 3.
- Als u het spelletje afsluit of de telefoon uitzet, begint u weer bij niveau 1.
Het spel
Bij het begin van het spel ziet u vier lege ruimtes. Het spelletje spelen:
| Handeling Om | |
| Druk op ◆◇ | van de ene lege ruimte naar de andere te gaan |
153











| Handeling Om | |
| Druk op ◆◆ omhoog of omlaag | een symbool in een lege ruimte te plaatsen |
| Druk op RAAD (◇) een | poging te doen om de code te raden (als alle vier ruimtes een symbool bevatten) |
| Selecteer ◆ en druk vervolgens op ◆◆ omhoog of omlaag | een lijst weer te geven met uw laatste 10 pogingen |

Paddelball
In deze uithoudingsproef is het de bedoeling dat u met uw paddel een stuiterende bal slaat. Hoe vaker u de bal raakt, des te kleiner de paddel wordt en hoe sneller de bal gaat bewegen.

De spelregels
- Uw score is het aantal keren dat u met de paddel de bal raakt.
- U verliest als u de bal mist en de bal tegen de muur aankomt.
Het spel
| Druk op Om | |
| •◇• omhoog of omlaag | de paddel te bewegen om de stuiterende bal te raken |

154







De instellingen wijzigen
U kunt allerlei telefooninstellingen wijzigen om de telefoon aan uw persoonlijke wensen aan te passen.
Beltoon/VibraCall
Uw telefoon geeft een belsignaal of trilt om u te waarschuwen dat er een gesprek of een bericht binnenkomt of om een andere actie aan te kondigen. Dit bel- of trilsignaal wordt een melding genoemd. U kunt een standaardmelding gebruiken voor alle gebeurtenissen of voor verschillende gebeurtenissen verschillende typen meldingen instellen. De indicator voor de meldingsinstelling op het beeldscherm toont de huidige standaardmelding:

Luide beltoon

Zachte beltoon

De indicator voor de meldingsinstelling op het beeldscherm toont het huidige meldingsprofiel (zie illustratie op pagina 28).
Elk meldingsprofiel bevat de instellingen voor het volume van het beltoon en de toetsen. Het bevat tevens het meldingssignaal voor verschillende acties: inkomende gesprekken, SMS-jes voicemailberichten, data, en faxgesprekken, alarmen en herinneringen. U kunt de instellingen van elk profiel wijzigen.



155






De instellingen wijzigen
Selecteer een meldingsprofiel
Zoek de functie

Instellingen
Beltoon/VibraCall
Melding
Druk op Om
1
naar het meldingsprofiel te bladeren die u wilt gebruiken
2 KIES (☐) de melding te selecteren
Op de telefoon wordt het bericht Gewijzigd: Molding weergegeven.

Uw eigen meldingsprofiel maken
U kunt uw eigen meldingsprofiel maken door de meldingen voor bepaalde acties te wijzigen (zoals inkomende gesprekken, SMSjes enz.). Uw telefoon bevat een groot aantal vooraf ingestelde tonen en trilsignalen. Eventuele wijzigingen worden opgeslagen in het huidige meldingsprofiel.
Tip: Met deze functie kunt u ook het volume van het belsignaal en de toetsen instellen.
Zoek de functie
M > Instellingen
Beltoon/VibraCall
melding Detail
Druk op Om
1
naar de gebeurtenis te bladeren waarvoor u een nieuwe melding wilt instellen
156







De instellingen wijzigen


Druk op Om
2 WIJZIG (☐) de gebeurtenis te selecteren
Op het beeldscherm van de telefoon wordt de lijst met beschikbare meldingen weergegeven.
| 3 | ◇ | naar de melding te bladeren die u voor de gebeurtenis wilt gebruiken |
| 4 | KIES (◇) de melding te selecteren | |
functie Mijn tonen gebruiken
Met de functie Mijn tonen kunt u voor uw telefoon maximaal 32 aangepaste waarschuwingstonen maken. De tonen die u maakt, verschijnen in de lijst met beschikbare waarschuwingen (zie "Uw eigen meldingsprofiel maken " op pagina 167).
Een toon maken
Zoek de functie
M > Instellingen
Beltoon/VibraCall
Mijn tonen
Druk op Om
| 1 | naar Nieuwe toon te bladeren | |
| 2 | KIES(∅) | Nieuwe toon te selecteren |
| 3 | WIJZIG(∅) | Noten te selecteren |
157












De instellingen wijzigen
Druk op Om
4 de toetsen noten in te voeren voor de toon (zie "Noten invoeren" op pagina 158)
5 OK (●) de noten op te slaan
6 WIJZIG (☐) d Naam te selecteren
7 de toetsen de naam voor de toon in te voeren
8 OK (●) de naam op te slaan
9 KLAAR (☐) de toon op te slaan
Noten invoeren
Als u een nieuwe toon wilt maken, gebruikt u de toetsen om elke noot in te voeren. Druk meerdere malen op een toets om alle beschikbare noten of opties (toonhoogte, octaaf of lengte) te doorlopen. De standaardinstelling voor een nieuwe toon is een kwartnoot in octaaf twee.
| Toets Telefoonbeeldscherm Beschrijving | ||
| 1 | 1 | Octaaf één instellen |
| 2 | Octaaf twee instellen | |
| 3 | Octaaf drie instellen | |
| 2m | A | Noot a |
| B | Noot b | |
| C | Noot c | |




158






De instellingen wijzigen
| Toets Telefoonbeeldscherm Beschrijving | ||
| 3m2 | D | Noot d |
| E | Noot e | |
| F | Noot f | |
| 4cm | G | Noot g |
| R | Rust | |
| 7ruec | # | Kruis |
| b | Mol | |
| 0^+ | q | kwartnoot of kwartrust |
| h | halve noot of halve rust | |
| w | hele noot of hele rust | |


Voer een noot als volgt in:
| Taak Actie | |
| De octaaf wijzigen | Stel de nieuwe octaaf (1, 2 of 3) in voordat u de noot selecteert. De nieuwe octaaf is van toepassing op de noot en alle volgende noten, totdat u de octaaf weer wijzigt. |
| De noot selecteren (vereist) | Druk op een toets om een noot in te voeren. |



159





De instellingen wijzigen
| Taak Actie | |
| Een noot wijzigen in een kruis of een mol | Voer een kruis of een mol ( \# of ) in nadat u de noot hebt geselecteerd.Sommige kruizen en mollen worden als standaardnoten gespeeld. B## is bijvoorbeeld hetzelfde als C. Druk op ◇◇ om bij het invoeren van nieuwe noten naar geldige noten te bladeren. |
| De lengte van een noot wijzigen | Stel de nieuwe lengte ( , w of q) in nadat u de noot hebt geselecteerd. De nieuwe lengte is van toepassing op de noot en alle volgende noten, totdat u de lengte weer wijzigt. |
| Een rust toevoegen | Voer in de tonenreeks naar wens een of meer rusten (R-tekens) in. U kunt de lengte van de rust wijzigen door na de rust een h, w of q in te voeren, net zoals bij een noot. |
| Tijdens het componeren de nieuwe toon beluisteren | Druk op M om het Menu Samenstellen in te voeren en selecteer Alles afsplen om alle noten af te spelen die u hebt ingevoerd. |
Voorbeeld
Druk op de volgende toetsen om deze reeks noten en rusten in octaaf drie af te spelen: C (kwartnoot), E kruis (kwartnoot), halve rust en G (hele noot):
Druk op Om Telefoonbeeldscherm
1 ① ① ① octaaf drie in te stellen
160







De instellingen wijzigen


Druk op Om Telefoonbeeldscherm
| 2 | 2arc | 2arc | 2arc | een kwartnootC in te voeren | C |
| 3 | 3arc | 3arc | 7runt | 7runt | Eb |
| 4 | 4arc | 4arc | 0- | 0- | een halve rustin te voerenRh |
| 5 | 4arc | 0- | 0- | 0- | een hele nootG in te voerenGw |
Een toon afspelen
| Zoek de functie | M > | Instellingen |
| > Beltoon/VibraCall | ||
| >Mijn tonen |
Druk op Om
| 1 | te bladeren naar de toon die u wilt afspelen | |
| 2 | M | het Mijn Tonen te erpenen |
| 3 | naar Afspelen te bladeren | |
| 4 | KIES (7) | Afspelen te selecterenOp het scherm van de telefoon wordt de afspeelmeter weergegeven en wordt de toon afgespeeld. |
161











De instellingen wijzigen
| Druk op Om | ||
| 5 | SPEEL (◇) | de toon opnieuw af te spelen |
| of | ||
| TERUGJ(◇) | terug te keren naar de lijst met Mijn tonen | |
Een toon bewerken
U kunt de standaardtonen die in de telefoon zijn opgeslagen, niet bewerken. Een aangepaste toon die u hebt gemaakt, bewerken:
Zoek de functie

Instellingen
Beltoon/VibraCall
Mijn tonen
Druk op Om
| 1 | ←◇→ | naar de toon te bladeren die u wilt bewerken |
| 2 | BEWERK (☑) de tooninformatie weer te geven |
| 3 | ←→ | naar de informatie te bladeren die u wilt bewerken (Naam of Noten) |
| 4 | WIJZIG (●) de informatie te selecteren die u wilt bewerken |
| 5 | de toetsen nieuwe tekst of noten in te voeren(zie "Noten invoeren" op pagina 158) |
| 6 | OK (☑) de informatie op te slaan |
162







De instellingen wijzigen


Een toon verwijderen
U kunt de standaardtonen die in de telefoon zijn opgeslagen, niet verwijderen. Een aangepaste toon die u hebt gemaakt, verwijderen:
Zoek de functie

instellingen
Beltoon/VibraCall
Mijn tonen
Druk op Om
| 1 | te bladeren naar de toon die u wilt verwijderen | |
| 2 | M | het Mijn Tonen Menu te openen |
| 3 | naar Wissen te bladeren | |
| 4 | KIES (♡) | Wissen te selecteren |
| 5 | JA (♡) | te bevestigen dat u de toon wilt verwijderen |

Herinneringen
Herinneringen zijn meldingen. Met een bel- of trilsignaal wordt iedere 5 minuten aangegeven dat u een voicemailbericht of SMS hebt ontvangen of wordt u iedere 5 minuten eraan herinnerd dat u in uw agenda een item hebt gepland.
Herinneringen in- of uitschakelen:
Zoek de functie

Instellingen
Beltoon/VibraCall
melding Detail
Herinneringen
163











De instellingen wijzigen
Druk op Om
1
naar de gewenste herinnering te bladeren: Met Pieptoon, VibraCall, Ult
Pieptoon of VibraCall stelt u het overeenkomende meldingstype voor de herinnering in. Met uit schakelt u alle herinneringen uit.
2 KIES (☑) de melding voor de herinnering te selecteren

Doorschakelen

Met de functie Doorschakelen kunt u spraak-, fax- en data-oproepen direct naar een ander telefoonnummer omleiden. Gebruik de opties voor doorschakelen om aan te geven welke oproepen er moeten worden doorgeschakeld. Als u weer
oproepen op uw telefoon kunt ontvangen, kunt u het doorschakelen van oproepen uitschakelen.

Doorschakelen instellen of annuleren
De opties voor het doorschakelen van spraak-, fax- en data-oproepen zijn:
Alle gesprekken Alle oproepen worden doorgeschakeld
Niet beschikbaar Oproepen worden doorgeschakeld als uw telefoon niet beschikbaar is
164








De instellingen wijzigen


Gedetailleerd U wilt verschillende doorschakelnummers
gebruiken voor oproepen die
binnenkomen als u buiten bereik bent, niet in staat bent te antwoorden of als de lijn bezet is (alleen voor spraakoproepen)
Uit
Oproepen
worden
niet
doorgeschakeld
Zoek de functie

Instellingen > Doorschakelen
Druk op Om
1
naar het type oproep te bladeren dat u wilt doorschakelen
(Met Alles annulieren wordt er geen enkele oproep doorgeschakeld en wordt de procedure beëindigd.)
2 KIES (∅) de details voor het doorschakelen van het desbetreffende oproeptype weer te geven
3 naar Doorschakelen te bladeren
4 WIJZIG (☑) de optie voor Doorschakelen te wijzigen
5 ↕ ↘ naar de gewenste doorschakeloptie te bladeren
6 KIES (●) de optie op te slaan
7 naar Naar te bladeren (ook voor Bezet, Geen antwoord of Niet bereikbaar)
8 WIJZIG (●) het telefoonnummer te wijzigen
165












De instellingen wijzigen
| Druk op Om | |
| 9 de toetsen | het telefoonnummer in te voerenwaarnaar u de oproepen wiltdoorschakelen |
| ofBLADER (∅) | door uw telefoonboek of een anderelijst met telefoonnummers te bladerenom het gewenstedoorschakelnummer te vinden |
10 OK (☑) het doorschakelnummer op te slaan


Opmerking: U kunt deze procedure herhalen als u ook doorschakelgegevens voor andere oproeptypen wilt invoeren.
De doorschakelstatus controleren
Op uw netwerk wordt de doorschakelstatus mogelijk opgeslagen. Als u de instellingen voor het doorschakelen van uw telefoon wijzigt (zie "Doorschakelen instellen of annuleren" op pagina 164), moet u bevestigen dat de doorschakelstatus van het netwerk overeenkomt met uw voorkeuren.

| Zoek de functie | M > | Instellingen |
| > Doorschakelen | ||
| > Doorschakelstatus |
| Druk op Om | ||
| 1 | ←◇→ | naar oproepen voor Voice, Fax of Data te bladeren |


166




De instellingen wijzigen


Druk op Om
2 Bekijk (☑) te controleren of de netwerkinstellingen juist zijn
Menu-items opnieuw ordenen
U kunt de volgorde van de items in het hoofdmenu van uw telefoon aanpassen en afstemmen op het gebruik.
Zoek de functie

Instellingen
Meer instellingen
Personaliseer
Hoofd Menu
Druk op Om
| 1 | ◇◇ | naar het menu-item te bladeren dat u wilt verplaatsen |
| 2 | NEEM (◇) | het menu-item dat u wilt verplaatsen, op te pakken |
| 3 | ◇◇ | het item naar boven of naar beneden in het menu te verplaatsen |
| 4 | VOEG IN (◇) | het item in te voegen op de nieuwe locatie |




167






De instellingen wijzigen
De functie van een softwaretoets aanpassen
U kunt de softwaretoetsen een nieuw label geven (☑ en ☑) om vanuit het inactieve scherm toegang te krijgen tot verschillende items in het hoofdmenu.
Zoek de functie

Instellingen
Meer instellingen
Personaliseer
Toetson
Druk op Om
1

naar Links of Rechts te bladeren
2
WIJZIG (☑) de toets-editor te openen
3

naar de nieuwe toetsfunctie te bladeren
4
WIJZIG (7) de nieuwe functie te bevestigen De nieuwe functie wordt telkens wanneer de telefoon inactief is, aan de toets toegewezen.



168








De instellingen wijzigen


Handsfreegebruik

U kunt een optionele Motorola Original™ handsfree carkit of headset voor uw telefoon aanschaffen. Met deze accessoires hebt u de mogelijkheid om te telefoneren zonder dat u daarbij uw handen hoeft te gebruiken.
Opmerking: In sommige gebieden is het gebruik van draadloze apparaten en de bijbehorende accessoires mogelijk verboden of kunt u deze apparaten slechts beperkt gebruiken. Neem altijd de wettelijke voorschriften en bepalingen in acht bij het gebruik van deze producten.
Automatisch antwoorden
Als u het automatisch antwoorden activeert en u uw telefoon op een carkit of een headset aansluit, worden oproepen automatisch na twee belsignalen beantwoord.
Zoek de functie

instellingen
Meer instellingen
Druk op Om
| 1 | naar In auto set up Links of Rechts te bladeren | |
| 2 | KIES ( ) de functie te selecteren | |
| 3 | naar Autom. aannemen te bladeren | |
| 4 | WIJZIG ( ) | Autom. aannemen te selecteren |
| 5 | naar Aan of Uit te bladeren | |
| 6 | KIES ( ) de instelling te bevestigen | |
169











De instellingen wijzigen
U kunt uw telefoon zodanig instellen dat oproepen automatisch naar een carkit worden doorgestuurd als er een verbinding wordt gedetecteerd.
Zoek de functie
M > Instellingen
Meer instellingen
In auto set up
Autom. handsfree
Druk op Om
1
naar Aan of Uit te bladeren
2 KIES (☐) de instelling te bevestigen

Uitschakelvertraging
Als uw telefoon op een carkit is aangesloten, kunt deze zodanig instellen dat de telefoon gedurende een bepaalde tijdsperiode ingeschakeld blijft nadat u de auto hebt uitgezet. De accu van de auto loopt nu niet leeg omdat de telefoon na een bepaalde tijd wordt uitgeschakeld. De telefoon blijft echter zo lang ingeschakeld dat u de ontgrendelingscode niet opnieuw hoeft in te voeren bij korte onderbrekingen van uw autorit.
Zoek de functie
M > Instellingen
Meer instellingen
In auto set up
Uitschakeltijd

170








De instellingen wijzigen


Druk op Om
1
naar de gewenste vertragingsoptie te bladeren
2 KIES (☑) de selectie te bevestigen
Belangrijk: Als u de optie Continu selecteert, wordt de telefoon niet uitgeschakeld als u de auto uitzet. Zorg ervoor dat de accu van de auto niet per ongeluk leegloopt als u deze optie selecteert.
Oplaadtijd
Als uw telefoon op een carkit is aangesloten, kunt deze zo instellen dat de telefoon gedurende een bepaalde tijdsperiode wordt opgeladen nadat u de auto hebt uitgezet. Hierdoor wordt de batterij van de telefoon volledig opgeladen als de auto is geparkeerd.
Zoek de functie

instellingen
Meer instellingen
In auto set up
Oplaadtijd
Druk op Om
1
naar de gewenste oplaadtijd te bladeren
2 KIES (☑) de selectie te bevestigen
171












Met behulp van een Motorola Original™-datakit kunt u gegevens uitwisselen tussen uw telefoon en een computer of een ander extern apparaat. U hebt in dat geval de volgende extra mogelijkheden:

- U kunt gegevens van uw telefoon synchroniseren met die van een extern apparaat met behulp van de Starfish TrueSync®-software, een product van Motorola. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de TrueSync-software voor meer informatie.
Opmerking: TrueSync-software is ontworpen om gegevens te synchroniseren met de basisfuncties van vele populaire software- en hardwareproducten voor PIM (Personal Information Management). - U hebt de mogelijkheid om uw telefoon als een draadloze modem te gebruiken om een verbinding te maken met het Internet.
- U kunt de telefoon gebruiken om data- en faxgesprekken te verzenden en te ontvangen via uw computer of palmtopcomputer.
De telefoon verbinden met een extern apparaat
U kunt uw telefoon verbinden met een extern apparaat (zoals een computer of palmtopcomputer) via een draadloze IrDA-koppeling, een seriële kabel of een USB-kabel.
Opmerking: Niet alle apparaten zijn compatibel met infrarood-, seriële kabel- of USB-verbindingen. Raadpleeg de specificaties van uw externe apparaat.
172







Een kabelverbinding instellen
Sluit een Motorola Original seriële kabel of een USB-kabel als volgt aan op de telefoon en het externe apparaat.
Opmerking: Bekijk de aansluitingen op uw computer of palmtopcomputer om vast te stellen welk type kabel u nodig hebt.
Een seriële kabel aansluiten
Gebruik de verwisselbare kop op de seriële Multi-Connect-kabel van Motorola om een computer, palmtopcomputer met de telefoon te verbinden.
Handeling
1 Sluit de seriële kabel aan op de afneembare kop. Zorg ervoor dat het Motorola-logo op de afneembare kop en de metalen afscherming op de connector van de seriële kabel beide naar u toe zijn gekeerd.







173





2 Sluit de afneembare kop aan op de connectorpoort voor accessoires van de telefoon. Zorg ervoor dat het Motorola-logo en de toetsen van de telefoon daarbij naar u toe zijn gekeerd.

3 Sluit het andere uiteinde van de kabel aan op de seriële interface-aansluiting op het externe apparaat en draai de schroeven vast.
Een USB-kabel aansluiten
Handeling
1 Sluit het uiteinde van de kabel met het Motorola-logo aan op de connectorpoort voor accessoires van de telefoon. Zorg ervoor dat het logo en de toetsen van de telefoon naar u toe zijn gekeerd.

2 Sluit het andere uiteinde, de USB-aansluiting, aan op de USB-poort van het externe apparaat.
174






Een infraroodverbinding tot stand brengen
Voer de volgende procedure uit om een verbinding te maken tussen uw telefoon en een extern apparaat via een infrarood-datakoppeling. U kunt deze functie niet gebruiken als er een seriële kabel of een USB-kabel op uw telefoon is aangesloten.
Opmerking: Deze telefoon is een Klasse 1 LED-product dat veilig is mits het op verantwoorde wijze wordt gebruikt.
Belangrijk: Om een infraroodverbinding tot stand te kunnen brengen en te kunnen behouden, moet uw telefoon zich binnen een afstand van 30 centimeter van het andere apparaat bevinden. Er mogen geen voorwerpen tussen de twee apparaten worden geplaatst.
Zoek de functie
M > Instellingen
Verbinding
IPDA koppeling
Druk op Om
KIES (☑) de infraroodkoppeling te activeren
Op de telefoon wordt het bericht IrDA link verbind vijf minuten lang weergegeven of zolang weergegeven totdat de verbinding is gemaakt.
Als de verbinding tot stand is gebracht, wordt op het beeldscherm van de telefoon het bericht Ir-DA link actief weergegeven.





175






Als er geen apparaat kan worden gevonden waarmee een infraroodverbinding tot stand kan worden gebracht, wordt het bericht IrDA link mislukt. Probeer opnieuw? weergegeven.
Druk op Om
JA (☑) nogmaals te proberen verbinding te maken

Een infraroodverbinding verbreken
Als u de infraroodverbinding wilt verbreken, kunt u het apparaat bij de telefoon weghalen, het apparaat uitschakelen of de telefoon uitschakelen.

De software installeren
Installeer de software vanaf de cd-rom die bij de Motorola Original-datakit wordt geleverd. Raadpleeg de gebruikershandleiding van de datakit voor meer informatie.

Een data- of faxoproep verzenden
U kunt uw telefoon verbinden met een computer of palmtopcomputer, zodat u data of faxen kunt verzenden vanaf het verbonden apparaat.
Gebruik deze functie om data over te brengen van uw computer of palmtopcomputer en om de gegevens uit het telefoonboek en de agenda van uw telefoon te synchroniseren met de gegevens op uw computer en/of palmtop.
Verbind de telefoon met het andere apparaat (zie "De telefoon verbinden met een extern apparaat" op pagina 172) en voer de volgende handeling uit:

176






| 1 | Controleer de telefoon | te controleren of de telefoon is verbonden en ingeschakeld |
| 2 | Open de toepassing op de computer | het gesprek te plaatsen via de toepassing (zoals een inbelnetwerk- of faxtoepassing)Opmerking:U kunt geen data- of faxnummers kiezen met de toetsen van de telefoon. U moet de nummers kiezen via de computer. |
| 3 | Beëindig de gegevensoverdracht (fax of data) op de computer | het gesprek te beëindigen en de verbinding te verbreken als de gegevensoverdracht is voltooid |
Een data- of faxoproep ontvangen
U kunt uw telefoon verbinden met een computer of palmtopcomputer om data of faxen te ontvangen.
Gebruik deze functie om gegevens vanuit een ander apparaat over te brengen naar uw computer.
De data of fax overbrengen
De telefoon aansluiten (zie "De telefoon verbinden met een extern apparaat" op pagina 172).
De telefoon waarschuwt u als de data- of faxoproep binnenkomt en brengt het gesprek over naar het apparaat dat met uw telefoon is verbonden. U moet de toepassing gebruiken op het verbonden apparaat om de oproep te kunnen beantwoorden.
177












Als de gegevensoverdracht (data of fax) is voltooid, doet u het volgende:
Handeling Om
Beëindig het gesprek vanaf het verbonden apparaat
de verbinding af te sluiten (verplaats de indexmarkering als de volgende sectie gebruiksklaar is)
Een spraak en fax oproep verzenden

U kunt iemand opbellen en vervolgens tijdens het gesprek een faxgesprek naar hetzelfde telefoonnummer verzenden.
Maak een verbinding met het apparaat waarmee u de fax wilt verzenden (zie "De telefoon verbinden met een extern apparaat" op pagina 172) en voer de volgende handeling uit:
Druk op Om
1 de toetsen het telefoonnummer in te voeren van de persoon die u wilt spreken
2 M
het Menu Kiezen te openen
3
naar Spraak en fax te bladeren
4 KIES (☐)
Sprak en fax te selecteren (alleen voor de volgende oproep)


178







| 5 | € | het nummer te kiezen |
| Spreek met de persoon die u aan de lijn krijgt en kies op elk gewenst moment tijdens het gesprek de faxoverdracht vanaf het verbonden apparaat. | ||
| Als de overdracht is voltooid, beëindigt u het gesprek vanaf het verbonden apparaat. |




179





Een nieuwe code of een nieuw wachtwoord toewijzen
De slotcode van vier cijfers van uw telefoon is in de fabriek ingesteld op 1234 en de beveiligingscode van zes cijfers is in de fabriek ingesteld op 000000. Het is mogelijk dat uw serviceprovider deze nummers wijzigt voordat u uw telefoon ontvangt.
Als uw serviceprovider deze nummers niet wijzigt, raden we u aan deze te wijzigen om te voorkomen dat andere gebruikers toegang kunnen krijgen tot uw persoonlijke gegevens en uw telefooninstellingen kunnen wijzigen. De slotcode moet uit vier cijfers bestaan en de beveiligingscode moet zes cijfers bevatten. Vergeet niet de nieuwe nummers ergens op te schrijven.
Opmerking:
- Mogelijk weet uw serviceprovider de beveiligingscode van uw telefoon voor servicedoeleinden. In dat geval kunt u telefoonfuncties waarvoor u de beveiligingscode moet invoeren, niet gebruiken (zoals de functies Alles wissen en Fabriekinstelling en de functie waarmee u de slotcode kunt omzeilen).
- Als het enige wachtwoord dat u kunt wijzigen, de slotcode is, is het menu Nieuwre codes niet beschikbaar en verschijnt de optie Slotcode in het menu Telefoon-slot. In dat geval kunt u de slotcode-editor openen door de volgende menu-items te selecteren: > Instellingen > Beveiliging > Telefoon slot > Slotcode.
Een code of wachtwoord wijzigen:
Zoek de functie

Instellingen
Beveiliging
Nieuwe codes
180








1 naar de code of het wachtwoord te bladeren dat u wilt wijzigen
2 WIJZIG (☐) de code of het wachtwoord te selecteren
3 de toetsen de oude code in te voeren
Zie "Als u een code of wachtwoord vergeet" op pagina 181 als u uw code niet weet.
4 OK (☑) de oude code op te geven
5 de toetsen de nieuwe code in te voeren
6 OK (☐) de nieuwe code toe te wijzen
7 de toetsen de nieuwe code opnieuw in te voeren
8 OK (☑) de nieuwe code te bevestigen
Als u een code of wachtwoord vergeet
Als u uw beveiligingscode (oorspronkelijk ingesteld op 000000), SIM-PIN, SIM-PIN2 of gespreksblokkeringscode vergeet, moet u contact opnemen met uw serviceprovider.
Als u uw slotcode van vier cijfers vergeet, kunt u proberen de telefoon te ontgrendelen door 1234 of de laatste vier cijfers van uw telefoonnummer in te voeren. Als dat niet werkt, doet u het



181






volgende als het bericht Geef slotcode op het scherm van de telefoon wordt weergegeven:
Druk op Om
1 M naar het scherm voor het omzeilen van de slotcode te gaan
2 de toetsen uw beveiligingscode in te voeren
3 OK (☑) uw beveiligingscode door te geven
De telefoon vergrendelen en ontgrendelen
U kunt uw telefoon handmatig vergrendelen of de telefoon zo instellen dat deze automatisch wordt vergrendeld als u de telefoon uitzet.
Als u een vergrendelde telefoon probeert te gebruiken, wordt u gevraagd de slotcode in te voeren. Een vergrendelde telefoon geeft nog wel beltonen of trilsignalen bij binnenkomende gesprekken of berichten. U moet de telefoon echter ontgrendelen om deze te beantwoorden.
U kunt in noodgevallen alarmnummers bellen, zelfs als de telefoon vergrendeld is. Zie "Een alarmnummer bellen" op pagina 42.
De telefoon handmatig vergrendelen
Zoek de functie
M > Instellingen
Beveiliging
Telefoon slot
Nu vergrendelen

182









1 de toetsen uw slotcode van vier cijfers in te voeren
2 OK (☐) de telefoon te vergrendelen
De telefoon zo instellen dat deze automatisch wordt vergrendeld
U kunt de telefoon zo instellen dat deze automatisch wordt vergrendeld zodra u de telefoon uitzet:
Zoek de functie
M > Instellingen
Beveiliging
Telefoon slot
Autom. vergrendelen
Aan
Druk op Om
1 de toetsen uw slotcode van vier cijfers in te voeren
2 OK (☑) de telefoon zo in te stellen dat deze automatisch wordt vergrendeld



De telefoon ontgrendelen
Als Geef slotcode wordt weergegeven:
Druk op Om
1 de toetsen uw slotcode van vier cijfers in te voeren
De slotcode is in eerste instantie op 1234 ingesteld. Zie, indien nodig, "Als u een code of wachtwoord vergeet" op pagina 181 voor meer informatie.
2 OK (☑) de telefoon te ontgrendelen

De toetsen vergrendelen en ontgrendelen
U kunt de toetsen van uw telefoon vergrendelen om te voorkomen dat de toetsen per ongeluk worden ingedrukt. Deze functie is handig in situaties waarin de toetsen per ongeluk kunnen worden ingedrukt (bijvoorbeeld als u de telefoon in uw tas, borstzak of jaszak draagt), waardoor u onbedoeld een alarmnummer of snelkiesnummer zou kunnen bellen.
Druk op Om

de toetsen te vergrendelen of ontgrendelen
Opmerking: Als er gesprekken of berichten binnenkomen, worden de toetsen automatisch ontgrendeld.

184







Met de functie Gespreksblokkering kunt u uitgaande en inkomende oproepen blokkeren. U kunt alle gesprekken blokkeren, gesprekken voor internationale nummers blokkeren of gesprekken blokkeren terwijl de telefoon bezig is met roaming.
Zoek de functie
M > Instellingen
Beveiliging
Gespraksblokkering
Druk op Om
| 1 | naar Uitgaande of Inkomende, bladeren | |
| 2 | WIJZIG (☑) de blokkering te selecteren voorUitgaande of Inkomende | |
| 3 | naar een restrictie voor de geblokkeerde gesprekken te bladeren | |
| 4 | KIES (☑) de restrictie voor de geblokkeerde gesprekken te selecteren | |
| 5 | de toetsen uw gespreksblokkeringscode in te voeren | |
| 6 | OK (☑) uw code door te sturen | |



185





De SIM-kaart beveiligen
Met uw PIN-code (Persoonlijk IdentificatieNummer) beveiligt u de gegevens die op de SIM-kaart zijn opgeslagen. Als de functie SIM-PIN is ingeschakeld, moet u telkens wanneer u de telefoon aanzet of een SIM-kaart plaatst, de PIN-code van uw SIM-kaart invoeren. U krijgt de PIN-code voor de SIM-kaart van uw serviceprovider.
Zoek de functie
M > Instellingen
Beveiliging
SIM PIN
Druk op Om
| 1 | naar Aan of Uit te bladeren |
| 2 | KIES (☑) de beveiliging in of uit te schakelen |
| 3 | toetsen de PIN-code van uw SIM-kaart in te voeren |
| 4 | OK (☑) uw code op te geven |

De blokkering van de PIN-code voor de SIM-kaart opheffen
Als u drie keer na elkaar een verkeerde pincode invoert, wordt de SIM-kaart onbruikbaar en wordt het bericht SIM Geblokkeerd weergegeven. U moet een speciale code invoeren om de blokkering van de PIN-code op te heffen (PUK-code), die door uw serviceprovider wordt verstrekt.
186








Belangrijk: Als u 10 keer zonder succes hebt geprobeerd de blokkering op te heffen, wordt de SIM-kaart permanent onbruikbaar en wordt op het beeldscherm van de telefoon het volgende bericht weergegeven: SIM uitgeschakeld!
Druk op Om
1 * * 0-5* * de editor voor het opheffen van de PIN-blokkering te openen u dient het volgende op de telefoon in te voeren
2 + PUK-code
+ * of druk OK
+ nieuwe PIN-code
+ * of druk OK
+ nieuwe PIN-code
+ # of druk OK
de blokkering van de SIM-kaart op te heffen

187












De volgende accessoires zijn speciaal ontworpen voor uw telefoon. Er kunnen nog meer accessoires beschikbaar zijn, die apart verpakt zijn. Neem voor meer informatie contact op met uw plaatselijke serviceprovider of verkoper.
Het gebruik van niet-originele Motorola-accessoires kan schade toebrengen aan uw telefoon of aan uw andere accessoires en kan tevens leiden tot het vervallen van de garantie. Gebruik originele Motorola TM -accessoires voor optimale prestaties.
Riem clip - CCA8000
Deze handig draaiende riem clip biedt naast draaggemak ook bescherming voor uw telefoon. Geleverd met handige houder voor in de auto
500 mAh Lithium batterij - BLS8050
Prestaties: tot 6 dagen stand-by of 2,5 uur gesprekstijd (afhankelijk van netwerk en configuratie van de SIM-kaart).
800 mAh Lithium batterij - BLX8080
Prestaties: tot 10 dagen stand-by of 4 uur gesprekstijd (afhankelijk van netwerk en configuratie van de SIM-kaart).
Mini-reislader - CHA8000
Klein, compact en lichtgewicht. Letterlijk een lader in zakformaat. Is standaard voorzien van US stekker. Er zijn stekkers voor Europa en Groot-Brittannië meegeleverd. Voeding en snellader voor de telefoon. Laadtijd van 2 tot 5 uur, afhankelijk van de batterijtechnologie en -capaciteit.
Bureaulader - CHA8200
Houder en snellader voor de telefoon en voor een extra batterij. Alleen geschikt voor EP+ batterijen. Gebruik in combinatie met een Motorola-reislader. Laadtijd van 2 tot 5 uur, afhankelijk van de batterijtechnologie en -capaciteit.
188










U kunt het autolaadsnoer op uw telefoon aansluiten en zo de batterij opladen terwijl u rijdt. Wanneer de telefoon wordt gebruikt, ontvangt deze stroom via het autolaadsnoer en niet van de batterij. Hierdoor gaat de batterij langer mee. Laadtijd van 90 minuten tot 3 uur, afhankelijk van de batterijtechnologie en -capaciteit.
Maakt het mogelijk om in elke situatie handsfree te bellen: in de auto, op straat, op kantoor of thuis.
Standaard mono headset - HSK8000
Eenvoudige headset inclusief kwalitatief hoogwaardige oortelefoon en microfoon met Send/End-knop om gesprekken te beëindigen en te beantwoorden. Tevens kunt u met deze toets het laatst gebelde nummer herhalen.
Headset met boom microfoon - HSK7500
Deze professionele headset met microfoon op statief biedt verbeterde geluidskwaliteit dankzij ruisonderdrukking.
FM-radio headset - HFM8000
FM-radio met volumeregeling, handsfree oortelefoon en microfoon met Smart-toets om gesprekken te beëindigen en te beantwoorden. Tevens kunt u met deze toets het laatst gebelde nummer herhalen.
Deze eenvoudig te installeren, draagbare handsfree car kit biedt maximale flexibiliteit. Geïntegreerde 3 Watt luidspreker en microfoon voor optimale prestaties met duplexaudio.
Pro Install HF Car Kit - HFK8200
Carkit die door een specialist geïnstalleerd moet worden. Deze bevat een basisstation, elektronisch handsfree-kastje, microfoon en luidspreker voor veilig, handsfree bellen met optimale geluidsprestaties.
189











Carkit die door een specialist geïnstalleerd moet worden. De DSP-technologie (Digital Signal Processor) biedt weergaloze geluidskwaliteit en helderheid, ook bij hoge rijselheden. De duplexaudio-mogelijkheden maken tweerichtingsgesprekken mogelijk. Digitale ruisonderdrukking filtert het achtergrondlawaai. Digitale echo-onderdrukking minimaliseert echo.
Data Kits
Een Data Kit verbindt uw computer met uw mobiele telefoon zodat u faxberichten en ander dataverkeer kunt verzenden en/of ontvangen (hiervoor is een abonnement op data-services vereist) en SMS-berichten kunt versturen via een GSM-netwerk.
Inclusief TrueSync-synchronisatiesoftware voor een gemakkelijk te onderhouden telefoonboeksysteem. Bevat ook software voor toegang tot e-mailaccounts en Internet. Cd-Rom voor gebruik met Windows 98/2000/ME.
Deze kit verbindt uw mobiele Motorola-telefoon rechtstreeks met de seriële poort van uw PC. Optioneel zijn kabels beschikbaar waarmee u uw PDA (Personal Digital Assistant) kunt aansluiten.
USB-datakabel - PCC8500
Met deze kabel sluit u uw mobiele telefoon van Motorola rechtstreeks aan op de USB-poort van uw PC.



190








Doorloop eerst de volgende vragen als u problemen hebt met uw telefoon:
| Vraag Antwoord | |
| Is de batterij opgeladen?Ziet u □ op het beeldscherm? | In de indicator voor het batterijniveau moet ten minste één segment zichtbaar zijn (□). Als dat niet het geval is, moet u de batterij opladen. (Zie “De batterij opladen” op pagina 29, en “Batterijgebruik” op pagina 38.) |
| Is de telefoon ingesteld op de juiste frequentie voor het gebied waarin u zich bevindt? | Telefoons in verschillende delen van de wereld maken gebruik van verschillende frequenties om een netwerkverbinding tot stand te brengen. Maak indien nodig gebruik van de functie Netwerk (zie pagina 75) om de frequentie van uw telefoon in te stellen op 900/1800 MHz of 1900 MHz als u naar een ander deel van de wereld reist. |
| Heeft u een SIM-kaart in uw telefoon? | Schakel uw toestel indien nodig uit en controleer of ueen geldige SIM-kaart gebruikt (Zie "plaatsen van de SIM-kaart" op pagina 25) |
| Ontvangt de handset een signaal? Ziet u □ op het beeldscherm? | In de indicator voor de signaalsterkte moet ten minste één segment zichtbaar zijn (□). Als dat niet het geval is, moet u naar een gebied gaan waar een sterker signaal aanwezig is om de telefoon te kunnen gebruiken. |



191








| Vraag Antwoord | |
| Is het volume van de luidspreker van de telefoon te laag? | Druk op de bovenste volumetoets op de zijkant van uw telefoon terwijl u een telefoongesprek voert. |
| Kan de persoon aan de andere kant van de lijn u niet horen? | De microfoon van de telefoon is mogelijk uitgeschakeld. Druk op UNMUTE (☑) als het geluid van de telefoon is uitgeschakeld.Controleer ook of de microfoon van de telefoon niet wordt afgedekt door het hoesje van de telefoon of door een sticker. |
| Is de telefoon beschadigd, gevallen of nat? | Als de telefoon valt of nat wordt of als u een batterij of batterijlader gebruikt die niet van Motorola is, kan de telefoon beschadigd raken. De beperkte garantie van de telefoon dekt geen vloeistofschade of schade die ontstaat door het gebruik van accessoires die niet van Motorola zijn. |
| Hebt u een batterij of batterijlader gebruikt die niet van Motorola is? |
De volgende informatie heeft betrekking op specifieke problemen:
| Probleem Oplossing | |
| Mijn telefoon is gestolen. Aan wie moet ik dit melden? | Geef een gestolen telefoon altijd aan bij de politie en meld dit ook aan uw serviceprovider (het bedrijf dat u de rekeningen stuurt voor het gebruik van het telefoonnetwerk). |
192










| Probleem Oplossing | |
| Ik ben mijn code vergeten. | Zie “Als u een code of wachtwoord vergeet” op pagina 181. |
| Ik heb op de aan/uit-knop gedrukt, maar er gebeurt niets. | Druk op (de aan/uit-knop) en houd deze ingedrukt totdat er tekst op het beeldscherm verschijnt en u een melding hoort (dit kan enkele seconden duren). Als er niets gebeurt, controleert u of er een opgeladen batterij in de telefoon is geplaatst. (Zie “De batterij plaatsen” op pagina 27.) |
| Op het beeldscherm verschijnt:Plaats SIM of SIM CONTROLEREN terwijl ik toch mijn SIM-kaart in de telefoon heb geplaatst. | De SIM-kaart is mogelijk niet goed geplaatst. Controleer of de SIM-kaart goed is geplaatst. Zie “De SIM-kaart plaatsen” op pagina 25. |
| Op het beeldscherm verschijnt: SIM Geblokkeerd. Hoe hef ik de blokkering van mijn SIM-kaart op? | Neem contact op met uw serviceprovider (het bedrijf dat u de rekeningen stuurt voor het gebruik van het telefoonnetwerk) voor de PUK-code waarmee u de PIN-blokkering kunt opheffen. Zie “De blokkering van de PIN-code voor de SIM-kaart opheffen” op pagina 186. |



193












| Probleem Oplossing | |
| Op het beeldscherm verschijnt: Goef slotcode. Hoe ontgrendel ik mijn telefoon? | Voer de in de fabriek ingestelde ontgrendelingscode (1234) in of de laatste vier cijfers van uw telefoonnummer. (Zie “De telefoon vergrendelen en ontgrendelen” op pagina 182.) Als dit niet lukt, neem dan contact op met het Motorola helpdesk center. |
| Mijn telefoon vraagt om een ontgrendelings-code als ik een functie probeer te openen. | De toepassing die u wilt gebruiken, is vergrendeld. Als u de eigenaar bent van de telefoon, maar u de ontgrendelingscode niet kent, raadpleegt u de sectie “Als u een code of wachtwoord vergeet” op pagina 181. |
| Mijn telefoon laat geen belsignaal horen. | Als u of ziet op het beeldscherm van de telefoon, is het belsignaal uitgeschakeld. Zie “Beltoon/VibraCall” op pagina 155.Het is ook mogelijk dat het meldingssignaal is ingesteld op Stil zelfs als uw telefoon is ingesteld op een beltoon. Zie "Uw eigen meldingsprofiel maken" op pagina 140. |
| Mijn telefoon gaat over, zelfs als ik het meldingsprofiel heb ingesteld op Stil (of VibraCall). | Het geluidssignaal kan zijn ingesteld om een toon af te spelen, zelfs als uw profiel is ingesteld op Stil. Zie "Uw eigen meldingsprofiel maken" op pagina 140. |





194





| Probleem Oplossing | |
| Ik probeer iemand te bellen, maar ik hoor steeds afwisselend een lage en een hoge toon. | Uw oproep heeft het draadloze netwerk niet bereikt. U hebt mogelijk te snel nadat u de telefoon hebt aangezet een nummer gekozen. Wacht tot de naam van uw serviceprovider op het scherm verschijnt voordat u belt. |
| Ik kan geen gesprekken verzenden of ontvangen. | Controleer of uw telefoon een signaal ontvangt (zie het item “Indicator voor signaalsterkte” op pagina 34).Elektrische storingen en radiostoringen, maar ook obstakels, zoals bruggen, parkeergarages of hoge gebouwen kunnen de signaalontvangst belemmeren.Mogelijk is de functie Gespreksblokkerling ingeschakeld. Als u het wachtwoord kent, kunt u deze instelling wijzigen in het beveiligingsmenu ( > Instellingen > Beveiliging).Controleer ook of uw SIM-kaart is geplaatst en actief is. |
| Mijn telefoon heeft een slechte ontvangst en de verbinding wordt soms verbroken. | Controleer of de antenne niet is verbogen of beschadigd.Controleer ook of de telefoon een signaal ontvangt (zie het item “Indicator voor signaalsterkte” op pagina 34).Vermijd te telefoneren onder bruggen of viaducten, in parkeergarages of in de buurt van hoge gebouwen. |



195












| Probleem Oplossing | |
| Ik kan de persoon aan de andere kant van de lijn niet horen als ik bel met mijn telefoon. | Druk op de bovenste volumetoets op de linkerzijkant van uw telefoon terwijl u een telefoongesprek voert. Op het beeldscherm van de telefoon ziet u dat het volume wordt verhoogd.Controleer ook of de luidspreker van de telefoon niet wordt afgedekt door het hoesje van de telefoon. |
| Ik kan de inbox niet openen. | Voordat u SMS-berichten berichten van informatiediensten kunt gebruiken, moet u de inbox op de juiste manier instellen. Zie “De inbox instellen” op pagina 123. |
| Hoe kan ik de gesprekken zien die ik heb verzonden of ontvangen? | Als u de meest recente gesprekken wilt weergeven die u hebt verzonden of ontvangen, opent u het menu Gespreks info, en opent u de lijst met ontvangen of gevoerde gesprekken: > Gesprek Info > OntvangenofGavoerde |





196








| Probleem Oplossing | |
| Mijn telefoon verzendt geen voicemailopdrachten, wachtwoorden of andere codes. | Uw telefoon verzendt opdrachten en codes als DTMF-tonen. U kunt op uw telefoon DTMF-tonen instellen op Lang Kort of Uit. Als u problemen ondervindt bij het verzenden van nummers, controleert u de DTMF-instelling.1 Druk vanuit het inactieve scherm op: >Instellingen >Meer Instellingen >Initiële Setup >DTMF2 Druk op ◇◆ om naar Lang of Kort te bladeren.3 Druk op KIES (⇨) om de optie te selecteren. |
| Het beeldscherm van de telefoon is te donker. | U kunt de functie Contrast (zie pagina 84) gebruiken om het contrast van het beeldscherm van de telefoon te wijzigen.U kunt ook de functie Display licht (zie pagina 84) gebruiken om op te geven dat de achtergrondverlichting van het beeldscherm van de telefoon langer moet blijven branden. |



197












| Probleem Oplossing | |
| De levensduur van mijn batterij is korter dan ik had verwacht. Wat kan ik doen om de levensduur van een batterij te verlengen? | De prestaties van de batterij worden beïnvloed door de oplaadtijd, het gebruik van functies, temperatuurschommelingen en andere factoren. Tips voor het verlengen van de levensduur van de batterij vindt u in de sectie “Batterijgebruik” op pagina 38. |
| Ik kan geen VoiceNote, Voicedial of spraaksnelkoppeling (Voice tag) opnemen. | Ga naar een rustigere locatie en probeer opnieuw een opname te maken. Houd de telefoon ongeveer 10 centimeter van uw mond en spreek met een normale stem rechtstreeks in de microfoon van de telefoon. |
| Ik heb de datakabel op de telefoon aangesloten, maar de telefoon gaf geen pieptoon. Hoe weet ik nu of de datakabel klaar is voor gebruik? | De pieptoon geeft aan dat de datakabel goed is aangesloten. Als u geen pieptoon hebt gehoord, moet u controleren of beide uiteinden van de datakabel goed zijn aangesloten.Het is ook mogelijk dat de poort van de computer waarop u de datakabel hebt aangesloten, is uitgeschakeld om stroom te besparen. Open een toepassing die de poort gebruikt, zoals een fax- of inbeltoepassing. De computer zal de poort dan automatisch inschakelen. |





198





| Probleem Oplossing | |
| Mijn telefoon liet een pieptoon horen toen ik de datakabel aansloot, maar mijn fax- en datatoepassingen werken niet. | Sommige draadloze netwerken ondersteunen het verzenden en ontvangen van data of faxen niet. Dit kan het geval zijn als u bent verbonden met een ander netwerk dan uw eigen netwerk.Vergeet ook niet dat u een abonnement nodig hebt om data en faxen te verzenden of te ontvangen. Neem contact op met uw serviceprovider voor meer informatie. |
| Waarom wordt op het computerscherm een gegevensoverdrachtsnelheid van 19.2 Kbps (19200 bps) aangegeven als ik data verzend via de datakabel? | 19.2 Kbps (19200 bps) is de gegevensoverdrachtsnelheid van de verbinding tussen uw computer en de telefoon in een standaard GSM verbinding (Circuit Switch Data). De snelheid van de verbinding tussen de telefoon en het netwerk wordt op het beeldscherm van de telefoon weergegeven en kan 14.4 of 9.6 Kbps (14400 of 9600 bps) zijn.Opmerking: Een GPRS-verbinding kan een hogere gegevensoverdrachtsnelheid hebben. |
| Ik kan een data-oproep niet beëindigen door de toepassing op mijn computer te sluiten. Wat moet ik doen? | Probeer het gesprek te beëindigen door op ☎ te drukken op de telefoon. U kunt ook de kabel loskoppelen of de telefoon uitzetten. Sluit, indien mogelijk, de verbinding altijd via uw computer. Deze alternatieve methoden kunnen de toepassing op de computer ontregelen. |
199











| Probleem Oplossing | |
| Ik heb de microbrowser gestart, maar op het beeldscherm wordt het volgende bericht weergegeven:Service onbeschikbaar. | U bevindt zich in een gebied waar deze service niet beschikbaar is of u bent verbonden met een netwerk dat toegang tot het Internet niet ondersteunt. |
| Ik heb de microbrowser gestart, maar op het beeldscherm wordt het volgende bericht weergegeven:Server reageert niet. | Probeer het na een paar minuten opnieuw. De server is mogelijk tijdelijk bezet. |




200






afspraken. Zie agenda
agenda
alarm 114
dagweergave 112
herinneringen 114, 163–164
item kopiëren 115–116
item toevoegen 114
item verwijderen 116–117
itemgegevens wijzigen 114
itemweergave 113
kalender 111
weekweergave 111
Agenda menu 111, 112, 113
alarmnummer 42–43
alles wissen 85
antenne 1
automatisch opnieuw kiezen
aan-/uitzetten 83
met de functie 40–41
B
batterij
levensduur verlengen 38–39, 84, 198
meter 77
niveau indicator 35
oplaadtijd carkit 171
opladen 29
plaatsen 27–28
verwijderen 28–29
beantwoorden, gesprek 32
beantwoorden, oproep 32
beëindigen, gesprek 31
beëindigingstoets
functies 1, 31
menufuncties 55
beeldscherm
begroeting 83
beschrijving 33–36
contrast 84
Display verlichting 84
inactief scherm 33
taal 84
zoominstelling 36, 84
begroeting, beeldscherm 83
bellen 31
201











uitgaande gesprekken 47, 80, 89
belsignaal
instellen 156
volume aanpassen 156
belsignaal, melding
instellen 156
belsignaal, waarschuwing
type selecteren 157
beltoon
volume aanpassen 37
Beltoon en VibraCall
indicator 36
Beltoon en VibraCall, melding
melding uitschakelen 43–44
beltoon melding
indicators 36
beltoon, melding
melding uitschakelen 43–44
beperkt kiezen
definitie 72–73
gegeven bewerken 72–73, 102–103
gegeven opslaan 97–100
in- of uitschakelen 81
nummers kiezen 49, 72–73
bericht
browsermelding 74
EasySMS 130
herinneringen, SMS 126
nummer kiezen uit 46
ontvangen 126
outbox 132
status 132
vergrendelen 126–128
verwijderen 126–128
verzenden 128, 130
voicemail 121–122
bericht wachtend, indicator definitie 35
beschikbaar tegoed 77, 93
beveiligingscode 181
blackjack 151–152
bladerfunctie 84
blokcursor, definitie 59
blokkeren, gesprekken 185
browser. Zie microbrowser
browsermeldingen 74
202







uitschakelvertraging 170–171
Cijfers toevoegen, functie 89
codes
als u een code vergeet 181
als u een wachtwoord vergeet 182
standaard 180
wijzigen 180
codes. Zie codes
computer
gegevens synchroniseren 108, 172
verbinden met de telefoon 172–176
conferentiegesprek 52
connectorpoort voor accessoires
contrast, beeldscherm 84
cursor 58–59
D
data-gesprek
ontvangen 177
verbinden met een extern apparaat 78, 172–176
verzenden 176–177
datum instellen 83
Display verlichting 84
doorschakelen, oproepen 164
doorverbinden, gesprek 52–54
DTMF-tonen 85, 88, 90, 197
E
EasySMS 130
EasySMS, Menu 131–132
e-mailadres, opslaan in telefoonboek 97–100
extern apparaat
gegevens synchroniseren 108, 172
verbinden met de telefoon 172–176
F
fabrieksinstellingen opnieuw instellen 85
faxgesprek
ontvangen 80, 177
verbinden met een extern
apparaat 78,
172-176
verzenden 80, 176–177
faxoproep
ontvangen 178
FM Stereo Radio-headset 73,
118–120, 140
G
gebeurtenis, waarschuwing 157
Geef slotcode, bericht 182, 184
gegevens synchroniseren 108, 172
gemist gesprek, indicator 42
gemist gesprek, kiezen 49
Gemiste gesprakken, bericht 42
gesprek
afbreken 44
alarmnummer 42-43
annuleren 44
antwoord opties 80
beantwoorden 32
beëindigen 31
begincijfers invoegen 47
blokkeren 185
cijfers toevoegen achter telefoonnummer 89
doorverbinden 52–54
Gespreks Info 87–90
in de wachtstand 54
instelling gesprekskosten 79–80
internationale toegangscode kiezen 47
kiezen 31
kosten 93–94
lijst met gevoerde gesprekken 49, 87–90
lijst met ontvangen gesprekken 49, 87–90
meldingssignaal uitschakelen 43–44
negeren 44
onbeantwoord gesprek 42
ontvangen 32
opslaan 87–90
plaatsen 31
timer tijdens gesprek 78–79
verwijderen 87–90
verzenden 31
Voice Dial 49
wisselgesprek 50–51
204







opnieuw instellen 93
weergeven 92–93
gevoerde gesprekken, lijst 87–90
H
handsfree-modus
automatisch antwoorden 169
definitie 169
oplaadtijd 171
oproep automatisch doorsturen 170
uitschakelvertraging 170–171
headset
automatisch antwoorden 169
FM Stereo Radio-headset 73, 118–120, 140
headsetaansluiting 1
herinneringen
agenda 114
instellen 163–164
SMS 126
ID verbergen, functie 47, 89
ID weergeven, functie 47, 89
in gebruik, indicator
definitie 34
inactief scherm, definitie 33
inbox, SMS 123
indicators
batterijniveau 35
gemist gesprek 42
in gebruik 34
melding door beltoon 36
melding door VibraCall 36
meldingsinstelling 36
menu 33
roaming 34
signaalsterkte 34
stille melding 36
stille waarschuwing 155
VibraCall 155
VoiceDial 96
waarschuwingsinstelling 155
wachtend bericht 35


205










invoermodus wijzigen 60–61
IrDA-koppeling 78, 172
iTAP-software
hoofdlettergebruik 69
inschakelen 65
interpunctie 68
nummers invoeren 69
tekst verwijderen 70
woorden invoeren 66–68
cijfers invoeren 43
cijfers ophalen 90–91
definitie 43
klantenservice bellen 73
klok
definitie 35
knipperende cursor, definitie 58
koppeling, IrDA 172
kostenlogboeken
beschrijving 93–94
opnieuw instellen 95
weergeven 95
L
Laatsto gesprekken, menu
openen 88
opties 89–90
lijnidentificatie. Zie beller-ID
lijst met gevoerde gesprekken 49
lijst met ontvangen gesprekken 49
linkersoftwaretoets
aanpassen 168
functies 1, 55
luid beltoon, melding 36
luidspreker
illustratie 1
J
joystick 1, 37, 55
K
kalender. Zie agenda
Kiezen, menu 178
kladblok
206







melding uitschakelen 43–44
type selecteren 157
meldingsinstelling indicator
definitie 36
Menu
toepassingen vergrendelen 81
menu
aanpassen 167
Agenda 111, 112, 113
bladerfunctie 84
functies 71–86
functies gebruiken 9, 56–59
functies opnieuw ordenen 167
invoermethode, menu 65
Laatste gesprekken 88
Laatsto gesprekken, menu 90
lijsten 56–57
Menu EasySMS 131-132
manu Kiezen 178
Menu SMS 127-128
Mijn tonen 161
telefoonnummer te bellen 146
Terug te gaan naar vorige pagina 146
Microfoon 1
mijn telefoonnummers 32, 54, 77
mijn tonen 157–163
Mijn tonen, menu 161
mindblaster 152–154


207










naar fabrieksinstelling 85
4-richtingen navigatie toets 37
negeren, gesprek 44
netwerkinstellingen 86
nummer kiezen 31
Nummer bijvoegen, functie 47
nummer, uw eigen nummer weergeven 54
nummer, uw eigen nummers weergeven 32, 77
0
ontgrendelen
telefoon 182–184
toetsen 184
ontvangen gesprekken, lijst 87–90
opheffen, blokkering SIM-kaart 186–187
opnieuw kiezen
automatisch opnieuw kiezen 40–41
nummer bezet 40
oproep
melding instellen 156
208
waarschuwing maken 157–163
waarschuwingstype selecteren 157
oproepen doorschakelen
definitie 164
gebruiken 164–166
status controleren 166–167
optionele functie, definitie 9
Outbox 74
outbox 132
P
paddleball 154
pauzeteken 48
PIN2-code 72
PIN-code
blokkering opheffen 186–187
definitie 186
in- of uitschakelen 186
SIM-kaart beveiligen 186
PUK-code 186
Q
Quick Dial
gebruiken 73







rechtersoftwaretoets
aanpassen 168
functies 1,55
reislader gebruiken 29
roaming, indicator
definitie 34
S
servicekeuze
definitie 72
nummers kiezen 49
signaalsterkte indicator definitie 34
SIM gablokkoerd, bericht 30, 186
SIM onbruikbaar, bericht 187
SIM-kaart
bericht SIM onbruikbaar 187
beveiligen 186
blokkering opheffen 186–187
definitie 25
ontgrendelen 30
PIN code invoeren 30
plaatsen 25–26
service nummers 72
SIM geblokkeerd, bericht 30, 186
toepassingen 75
voorzorgsmaatregelen 25
SIM-PIN2-code 72
SIM-PIN-code
in- of uitschakelen 186
opheffen, blokkering 186
SIM-kaart beveiligen 186
SIM-toepassingen 75
slotcode 181
SMS
EasySMS 130
herinneringen 126
inbox instellen 123–125
lezen 126–128
map concepten 74
nummer kiezen uit 46
ontvangen 126
Outbox 74
status 132
vergrendelen 126–128
verwijderen 126–128
verzenden 47, 128, 130
snelkiezen
definitie 45
met de functie 45
voicemailnummer 45
voorkeur instellen 109
209












VoiceDial op te nemen 101
VoiceDial opnemen 101
VoiceNote opnemen 138–139
standaardcodes 180
stand-bytijd vergroten 38
stille melding indicator 36
stille waarschuwing, indicator 155
symbolen invoeren 64–65
symbool, tekstmodus 64–65
T
taal instellen 84
210
tegoed, informatie 77, 93
tekst
blokcursor 59
invoeren met het toetsen 60–70
invoermodus wijzigen 60–61
iTAP-software voor voorspellende tekstinvoer 65–70
knipperende cursor 58
symboolmodus 64–65
symbooltabel 65
tap methode 61–63
tekentabel 63
tekstbericht
nummer kiezen uit 46
telefoneren 31
Telefoon
gesprekken beantwoorden met toetsen 80
telefoon
aan/uit schakelen 30
accessoires, optioneel 9
alle opties opnieuw instellen 85
antwoord opties 80
begroeting bij inschakelen 83












beschikbaar tegoed 77, 93
beveiligingscode 181
codes 180, 181–182
datum instellen 83
door gebruiker ingevoerde gegevens wissen 85
draadloze verbinding 175–176
functiespecificaties 78
meldingssignaal uitschakelen 43–44
netwerkinstellingen 86
ontgrendelen 30, 182–184
slotcode 181
snelkiezen 45
specificaties 78
standaardaccessoires 25
taal instellen 84
tegoed, informatie 77
tegoedlimiet 79–80
tijd instellen 83
toetsen vergrendelen en ontgrendelen 184
verbinden met een extern apparaat 78, 172–176
vergrendelen 182–184
Voice Dial 49
werken met verkort kiezen 44–45
telefoonboek
begincijfers invoegen 47
capaciteit controleren 107
gegeven bewerken 102–103
gegeven opslaan 97–100
gegeven verwijderen 103–104
gegevens sorteren 108–110
gegevens synchroniseren 108, 172
indicator voor type nummer 96
naam 96
nummer kiezen 101–102
snelkiezen 45
telefoonnummer 96
twee nummers koppelen 89
Velden 96
verkort nummer 44, 96, 98–99
VoiceDial indicator 96
VoiceDial voor gegeven 100–101
werken met verkort kiezen 44–45
Telefoonboek, menu 96
telefoonkaartgesprek 48
telefoonnummer


211










cijfers toevoegen achter 89
Een SMS verzenden aan 47
internationale toegangscode kiezen 47
opnieuw kiezen 40
opslaan in telefoonboek 97–100
toevoegen aan begincijfers 47
twee nummers koppelen 89
uw eigen nummer weergeven 32, 54, 77
Voice Dial 49
telefoonnummer, eigen nummer weergeven 32, 54, 77
tijd instellen 83
timer tijdens gesprek 78–79
timers
beschrijving 92
opnieuw instellen 93
weergeven 92–93
toepassing vergrendelen 81
toepassing vergrendelen, functie 81
toets
aan/uit 1,30
beëindigen 1, 31, 55
linkersoftwaretoets 1, 55, 168
menu 1, 32, 55
navigatie in vier richtingen 37
rechtersoftwaretoets 1, 55, 168
spraak 1, 101, 138–139
vergrendelen 184
verzenden 1, 31, 32, 87
4-richtingen navigatietoets 1
vier richtingen navigatie 55
volumeregeling 1, 36–37, 55
toetsen
gesprekken beantwoorden 80
toetsenblok
volume instellen 156
trilling, waarschuwing
indicator 155
instellen 156
type selecteren 157
TrueSync 108, 172
V
valuta's omrekenen 149
verbinden met extern apparaat 78
212







met de functie 44–45
nummer wijzigen 98–99
nummer, definitie 44
telefoonboekgegevens
sorteren op 108
verwijderen, gesprek 87–90
verzendtoets 1, 31, 32, 87
VibraCall melding
indicator 36
VibraCall, melding
melding uitschakelen
43-44
4-richtingen navigatie toets 37
4-richtingen navigatietoets 1
vier richtingen navigatie 55
Voice Dial
nummer kiezen 49
VoiceDial
definitie 100
nummer kiezen 102
telefoonboekindicator 96
voicemail
nummer opslaan 121
ontvangen 121–122
snelkiezen 45
voicemailbericht, indicator 35
VoiceNote
afspeelscherm 141
afspeeltoetsen 142
afspelen 140–142
definitie 138
opnemen 138–139
vergrendelen en
ontgrendelen 143
verwijderen 144
VoiceNotelijst weergeven
139
VoiceNotes, menu 139, 141, 142
Voicetag
definitie 134
gebruiken 137
maken 136
volume
beltoon 37, 156
toetsenblok 156
Volumetoetsen 55
volumetoetsen 1, 36–37
voorspellende tekstinvoer
hoofdlettergebruik 69
inschakelen 65
interpunctie 68
nummers invoeren 69
tekst verwijderen 70
213












woorden invoeren 66–68
W
in- of uitschakelen 81
wisselkoers berekenen 149

Z
zachte beltoon, melding 36
zoominstelling 36, 84



214


9802673T01




— Spraak-toets
wilt sturen naar hetzelfde nummer binnen hetzelfde gesprek. Zie “Een spraak en fax oproep verzenden” op pagina 178.