LIFETEC

MD 14302 - Naaimachine LIFETEC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MD 14302 LIFETEC in PDF-formaat.

📄 50 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice LIFETEC MD 14302 - page 6
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Soort product Overlock-naaimachine
Merk Lifetec
Model MD 14302
Afmetingen (B x H x D) ca. 270 mm x 290 mm x 290 mm
Gewicht ca. 6,5 kg
Voeding AC 220-240 V~ / 50 Hz
Opgenomen vermogen 105 W (motor 90 W, lamp 15 W)
Maximale naaisnelheid tot 1300 RPM
Aantal draden 4 of 3 (omstelbaar naar 2 draden)
Aantal naalden 2 of 1
Naaldtype 130/705H nr. 75-90
Steeklengte 1,0 - 5 mm (instelbaar)
Steekbreedte (snijbreedte) 7 mm bij 4 draden; 7 mm of 4 mm bij 3 draden
Differentieel transport Instelbaar van 0,7 tot 2,0
Naai verlichting 15 Watt (E14 schroefdraad)
Voetstarter Type KD 2902, 220-240 V~
Veiligheidsschakelaar Microschakelaar bij openen frontklep
Vrije arm Ja, inklapbaar
Accessoires meegeleverd Tweedraad converter, rolzoomvoet, set naalden, koordgeleider, schroevendraaiers, ringsleutel, reserve bovenmes, oliekannetje, pincet, spoelhouder, plaatje, accessoiretasje, afdekkap, vezelkwastje, netje voor garenspoel
Onderhoud Reinigen met kwastje, smeren met naaimachineolie op aangegeven posities
Gebruiksdoel Particulier gebruik, licht tot middelzwaar naaigoed van textiel, samengestelde materialen of licht leer
Repareerbaarheid Alleen door vakbekwaam persoon; zelf repareren niet toegestaan

Veelgestelde vragen - MD 14302 LIFETEC

Hoe rijg ik de onderste grijperdraad in?
Open de frontklep en vrije arm. Draai het handwiel tot de grijper in de gunstigste stand staat. Voer de draad door het oogje van de draadboom, dan door de draadgeleiding en tussen de schijfjes van de draadspanner. Leg de draad in de onderste draadgeleiding en volg het schema in de machine. Rijg door het achterste oogje van de grijper en trek 10 cm draad uit.
Waarom breken mijn naalden?
Mogelijke oorzaken: verbogen of stompe naalden, verkeerd geplaatste naalden, of te hard trekken aan de stof. Vervang de naalden door nieuwe type 130/705H en plaats ze correct met de vlakke kant naar achteren.
Hoe stel ik de draadspanning in?
De draadspanning wordt per draad (naalddraden en grijperdraden) apart ingesteld met de knoppen op de machine. Hoger cijfer = hogere spanning. Controleer de naad en pas aan tot de steken gelijkmatig zijn. Raadpleeg de tabel in de handleiding voor advies per stof.
Kan ik met 2 draden naaien?
Ja, gebruik de tweedraad converter. Verwijder de rechter naald en de draden voor de rechter naald en bovenste grijper. Plaats de converter in de bovenste grijper. Gebruik alleen de linkernaald.
Hoe vervang ik de naald?
Schakel de machine uit en trek de stekker. Draai het handwiel tot de naalden bovenaan staan. Maak de klemschroeven los met de kleine schroevendraaier. Schuif de nieuwe naald met de vlakke kant naar achteren in de houder en draai de schroeven vast.
Wat moet ik doen als de stof niet goed wordt afgesneden?
Het bovenste mesje kan bot of verkeerd geplaatst zijn. Vervang het bovenste mesje door een nieuw exemplaar en stel het zo in dat de snijkant 0,5-1,0 mm boven het onderste mesje uitsteekt.
Hoe reinig en smeer ik de machine?
Trek de stekker uit. Open de frontklep en werktafel. Verwijder stof en vezels met het borsteltje. Breng een paar druppels naaimachineolie aan op de aangegeven posities. Gebruik alleen speciale naaimachineolie.
Wat is differentieel transport en hoe stel ik het in?
Differentieel transport voorkomt golvende naden in breiwerk. De machine heeft twee sets schuiven die onafhankelijk bewegen. Instelling: 0,7 (negatief) tot 2,0 (positief). Voor golvende zomen kiest u 1-2, voor neutraal 1, voor kreukvrij 0,7-1.
Hoe gebruik ik de rolzoomvoet?
Voor lichte stoffen met 3 draden. Schakel machine uit. Draai de rolzoomvoet A los, vervang door rolzoomvoet B. Schuif deze tot de aanslag in. Pas de steeklengte en snijbreedte aan volgens de tabel in de handleiding.
Wat is de maximale naaisnelheid?
De maximale naaisnelheid is 1300 steken per minuut. De snelheid wordt geregeld met het voetpedaal: meer druk = hogere snelheid.

Gebruikersvragen over MD 14302 LIFETEC

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Naaimachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MD 14302 - LIFETEC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MD 14302 van het merk LIFETEC.

GEBRUIKSAANWIJZING MD 14302 LIFETEC

1) Draadspanningskiezer voor de linker naald
2) Draadspanningskiezer voor de rechter naald
3) Draadspanningskiezer voor de bovenste grijper
4) Draadspanningskiezer voor de onderste grijper
5) Telescoopdradenboom
6) Spoelennaald
7) Steeklengteregelaar
8) Instelling differentieel transport
9) Handwiel
10) Stekkerblok voor voetstarter
11) Netschakelaar
12) Frontklep
13) Vrije arm
14) Instelling snijbreedte (aan de linkerkant van de machine)
15) Hendel voor het openen van de vrije arm
16) Liniaal
17) Draadgeleiding voor de inlegdraad
18) Draadgeleiding voor de rijgdraad
19) Draadgeleiding

Naaimechaniek

LIFETEC MD 14302 - Naaimechaniek - 1

1) Hendel voor het optillen van de naaivoet
2) Naalden
3) Naaivoet
4) Ontgrendelingshendel vrije arm
5) Bovenste grijper
6) Draadgeleiding
7) Accessoirevakje
8) Onderste grijper
9) Steekplaat
10) Meshouder
11) Onderste mes
12) Bovenste mes
13) Liniaal
14) Draadsnijder

Inhoudsopgave

1. Over deze handleiding .... 3

1.1. In deze handleiding gebruikte waarschuwingspictogrammen en -symbolen....3
1.2. Gebruik voor het beoogde doel 4
1.3. Verklaring van conformiteit ....4

2. Veiligheidsinstructies

2.1. Elektrische apparaten zijn geen speelgoed ....5
2.2. Netsnoer en netaansluiting ....5
2.3. Repareer de machine nooit zelf 6
2.4. Basisinstructies 7
2.5. Veilige omgang met de machine 7
2.6. Reinigen en opbergen 8

3. Vóór het gebruik 9

3.1. Accessoires....9
3.2. Instellen van de telescopische draadboom ....10
3.3. Spoelhouders....10
3.4. Spoelkappen ....10
3.5. Netje voor de garenspoel ....10
3.6. Voetstarter aansluiten 11
3.7. Instellen van de naaisnelheid ....11
3.8. Veiligheidsschakelaar 11
3.9. Bevestigen van het afvalreservoir 12

4. Bediening 13

4.1. Handwiel....13
4.2. Frontklep....13
4.3. Liniaal....13
4.4. Draadsnijder 14
4.5. Vrije arm....14

5. Draad in de grijpers inrijgen.... 15

5.1. Algemene aanwijzingen voor het inrijgen 15
5.2. Onderste grijperdraad inrijgen 16
5.3. Bovenste grijperdraad inrijgen 18

6. Draad in de naalden rijgen 19

7. Proefdraaien 21

8. Instellen van de draadspanning.... 22

8.1. Instellen van de draadspanning voor de naalddraden ....23
8.2. Instellen van de draadspanning voor de grijperdraden....23

9. Overzicht van de machine-instellingen 24

10. Draad wisselen....26

11. Draaggreep 26

  1. Instellen van de steeklengte.... 27
    12.1. Instelling van de steeklengte 27
  2. Instelling van de snijbreedte 27
    13.1. De juiste snijbreedte....28
    13.2. Geringere snijbreedte instellen ....28
    13.3. Grotere snijbreedte instellen 28
  3. Naalden vervangen 29
  4. Gloeilamp vernieuwen 30
  5. Mesjes vervangen 31
    16.1. Uitnemen van het bovenste mesje 32
  6. Omstellen voor tweedraad gebruik 33
  7. Eng- en wijdmazig met drie draden afhechten 34
    18.1. Rolzoomvoet 35
  8. Ajourzoom, smalle randen of picotranden. 36
  9. Differentieel transport 37
    20.1. Werkwijze 37
    20.2. Positief differentieel transport 38
    20.3. Negatief differentieel transport 38
    20.4. Instellen van het differentieel transport. 39
  10. Druk van de naaldvoet instellen 40
  11. Naaien met een inlegdraad.... 41
  12. Storingen 42
  13. Reinigen en smeren 44
  14. Afvoer 45
  15. Technische specificaties 46

1. Over deze handleiding

LIFETEC MD 14302 - Over deze handleiding - 1

Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de machine voor het eerst in gebruik neemt en neem vooral de veiligheidsinstructies in acht!

Alle werkzaamheden aan en met deze machine zijn uitsluitend toege-staan zoals in deze handleiding beschreven.

Bewaar deze handleiding voor toekomstig gebruik.

Geef deze handleiding mee als u de machine aan iemand anders door- geeft.

1.1. In deze handleiding gebruikte waarschuwings- pictogrammen en -symbolen

LIFETEC MD 14302 - In deze handleiding gebruikte waarschuwings- pictogrammen en -symbolen - 1GEVAAR!Waarschuwing voor acuut levensgevaar!WAARSCHUWING!Waarschuwing voor mogelijk levensgevaar en/of ernstig onherstelbaar letsel!VOORZICHTIG!Neem alle aanwijzingen in acht om letsel en materiële schade te voorkomen!
LIFETEC MD 14302 - In deze handleiding gebruikte waarschuwings- pictogrammen en -symbolen - 2LET OP!Neem de aanwijzingen in acht om materiële schade te voorkomen!
LIFETEC MD 14302 - In deze handleiding gebruikte waarschuwings- pictogrammen en -symbolen - 3OPMERKING!Verdere informatie over het gebruik van deze machine!
LIFETEC MD 14302 - In deze handleiding gebruikte waarschuwings- pictogrammen en -symbolen - 4OPMERKING!Neem de aanwijzingen in de handleiding in acht!
LIFETEC MD 14302 - In deze handleiding gebruikte waarschuwings- pictogrammen en -symbolen - 5WAARSCHUWING!Waarschuwing voor gevaar van een elektrische schok!
.Opsommingsteken/informatie over gebeurtenissen tijdens de bediening
▶ Aanwijzingen voor uit te voeren handelingen

1.2. Gebruik voor het beoogde doel

Deze machine biedt uitgebreide gebruiksmogelijkheden:

De overlock-naaimachine kan worden gebruikt voor het aan elkaar naaien en afwerken van de naden in licht tot middelzwaar naaigoed.

Het naaigoed kan bestaan uit textielvezels, samengestelde materialen of licht leer.

- Deze machine is uitsluitend bedoeld voor particulier gebruik en is niet geschikt voor industriële/zakelijke toepassingen.

Denk er aan dat het recht op garantie bij onjuist gebruik komt te vervallen:

  • breng geen wijzigingen aan zonder onze toestemming en gebruik geen accessoires die niet door ons zijn goedgekeurd of geleverd,
  • gebruik uitsluitend door ons geleverde of goedgekeurde (reserve)onderdelen en accessoires,
  • neem alle informatie in deze handleiding in acht, met name de veiligheidsvoorschriften. Elke andere toepassing wordt beschouwd als onjuist gebruik en kan leiden tot letsel of materiële schade.
  • Gebruik deze machine niet onder extreme omgevingsomstandigheden.

1.3. Verklaring van conformiteit

Hierbij verklaart Medion AG dat dit product voldoet aan de volgende Europese eisen:

• EMV-richtlijn 2004/108/EG
• Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EG
• Ecodesign-richtlijn 2009/125/EG
• RoHS-richtlijn 2011/65/EU.

2. Veiligheidsinstructies

2.1. Elektrische apparaten zijn geen speelgoed

  • Kinderen kunnen de gevaren van elektrische apparaten niet inschatten.
  • Deze machine mag niet worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of intellectuele capaciteiten of verminderde geestelijke vermogens en/of met een tekort aan ervaring en/of kennis, tenzij dit gebeurt onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of deze personen instructies hebben gekregen over het juiste gebruik van de machine.

- Kinderen moeten onder toezicht staan om er zeker van te zijn dat zij niet met de machine spelen. Bewaar de machine buiten het bereik van kinderen.

- Houd ook de plastic verpakking buiten bereik van kinderen. Hierbij bestaat gevaar voor verstikking.

2.2. Netsnoer en netaansluiting

- Sluit de machine alleen aan op een goed bereikbaar stopcontact (230 V\~ / 50 Hz) in de directe omgeving van de plaats van opstelling. Om de machine indien nodig snel spanningsvrij te kunnen maken, moet het stopcontact altijd goed toegankelijk zijn.

- Wanneer u de stekker uit het stopcontact verwijdert trekt u altijd aan de stekker zelf en niet aan de kabel.

- Wikkel de kabel tijdens gebruik volledig af.

- De kabel mag niet in contact komen met hete oppervlakken.

- Voor het uitvoeren van de volgende werkzaamheden schakelt u de naaimachine uit en trekt u de netstekker uit het stopcontact: draad insteken, naald verwisselen, naaivoet instellen, gloeilamp vervangen, reinigings- en onderhoudswerkzaamheden, alsmede aan het einde van naaiwerkzaamheden en wanneer de werkzaamheden worden onderbroken.

2.3. Repareer de machine nooit zelf

  • Trek bij beschadigingen van de machine of het aansluitsnoer direct de stekker uit het stopcontact.
  • Om risico's te voorkomen mag de naai-machine bij zichtbare beschadigingen van de machine of het snoer niet worden gebruikt.

WAARSCHUWING!

Probeer in geen geval de machine zelf te openen en/of te repareren. Daarbij bestaat gevaar voor een elektrische schok! Neem bij storingen contact op met ons Service Center of een ander vakkundig reparatiebedrijf.

- Wanneer het netsnoer is beschadigd moet dit, om gevaar te voorkomen, worden vervangen door de klantenservice van de fabrikant of een vakkundige reparateur.

LIFETEC MD 14302 - WAARSCHUWING! - 1

2.4. Basisinstructies

  • De naaimachine mag niet nat worden - gevaar voor elektrische schokken!
  • Laat de ingeschakelde naaimachine nooit zonder toezicht achter.
  • Gebruik de machine nooit in de open lucht.
  • De machine mag uitsluitend worden gebruikt met het meegeleverde pedaal type KD 2902.

2.5. Veilige omgang met de machine

  • De naaimachine is uitgerust met zuignappen voor een veilige plaatsing. U dient er desondanks op te letten dat de machine op een vlakke, stabiele ondergrond wordt geplaatst en dat alle vier de voetjes contact hebben met het werkvlak.
  • Tijdens gebruik moeten de ventilatie-openingen vrij blijven: let erop dat er geen voorwerpen (bv. stof, restjes garen etc.) in de openingen kunnen binnendringen.
  • Plaats nooit iets op het pedaal.
  • Gebruik uitsluitend de meegeleverde accessoires en onderdelen. Naalden en gloeilampen zijn in de vakhandel verkrijgbaar.
  • Gebruik voor het smeren alleen specia-le naaimachineolie. Gebruik geen andere vloeistoffen.
  • Let er tijdens het naaien op dat u niet met uw vingers onder de naaldklem-schroef komt.

- Wees voorzichtig met de bediening van de bewegende delen van de machine, met name de naalden en het mes. Er bestaat ook gevaar voor letsel wanneer de machine niet op het lichtnet is aangesloten!

- Gebruik ook geen verbogen of stompe naalden.

- Houd de stof tijdens het naaien niet vast en trek niet aan de stof. De naalden kunnen hierdoor breken.

- Zet de naalden na beëindiging van de naaiwerkzaamheden altijd in de hoogste stand.

- Schakel altijd de machine uit na de werkzaamheden, voor onderhoudswerkzaamheden of bij het vervangen van lampen en trek de netstekker uit het stopcontact.

2.6. Reinigen en opbergen

- Trek de stekker uit het stopcontact voordat u de machine gaat reinigen. Reinig de machine met een droge, zachte doek. Vermijd gebruik van chemische oplos- en schoonmaakmiddelen omdat deze het oppervlak en/of de opschriften van de machine kunnen aantasten.

- Gebruik voor het opbergen van de naaimachine altijd de meegeleverde kap zodat de machine beschermd is tegen stof.

3. Vóór het gebruik

3.1. Accessoires

Controleer bij het uitpakken of de volgende onderdelen zijn meegeleverd:

① 2 3 4 ⑤ 6 7 8 ⑨ 10 11 12 ⑬ 13 14 15 16

1) Tweedraad converter* 9) Oliekannetje

2) Rolzoomvoet* 10) Pincet

3) Set naalden* 11) Spoelhouder

4) Koordgeleider 12) Plaatje voor de spoelhouder

5) Schroevendraaier (klein)* 13) Accessoiretasje

6) Schroevendraaier (groot) 14) Afdekkap

7) Ring-/steeksleutel; 15) Vezelkwastje*

8) Reserve bovenmes 16) Netje voor de garenspoel

3.1.1. Niet afgebeelde accessoires

  • Spoelkap
    • Afvalreservoir/afneembare naaitafel
  • Voetstarter

LIFETEC MD 14302 - Niet afgebeelde accessoires - 1

3.2. Instellen van de telescopische draadboom

▶ Trek de telescopische draadboom voor het insteken van de draad helemaal naar buiten.
Draai de telescopische draadboom zodat de draadgeleidingen zich precies boven de spoelnaalden bevinden.

3.3. Spoelhouders

Bij deze machine kan gebruik worden gemaakt van zowel industriële spoelen als spoelen voor huis-houdelijk.

Bij industriële spoelen met grote diameter plaats u de spoelhouder met het brede uiteinde naar boven, voor spoelen met een kleine diameter plaatst u de houder met het smalle uiteinde naar boven.

Plaats in elk geval het plaatje onder de spoel om te garanderen dat de spoel veilig staat.

3.4. Spoelkappen

Bij gebruik van niet-industriële garenspoelen verwijdert u de spoelhouder en zet u de meegeleverde spoelkappen op de garenspoelen.

Plaats in elk geval het plaatje onder de spoel om te garanderen dat de spoel veilig staat.

3.5. Netje voor de garenspoel

Polyester- resp. grover nylongaren kan tijdens het afwikkelen loskomen van de spoel. Maak daarom bij dergelijk garen gebruik van het meegeleverde netje om ervoor te zorgen dat het garen gelijkmatig wordt aangevoerd.

▶ Trek het netje van boven af over de spoel.
▶ Trek het netje tot het einde over de spoel en sla het overstaande deel naar boven om.

3.6. Voetstarter aansluiten

Steek de aansluitstekker van de meegeleverde voetstarter in de aansluiting op de machine en steek vervolgens de netstekker in het stopcontact. De hoofdschakelaar schakelt zowel de machine als de naaiverlichting in.

Gebruik uitsluitend de meegeleverde voetstarter. Schakel altijd de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact wanneer u klaar bent of tijdens onderhoud en reiniging.

Stekkerbehuizing Koppelings- schakelaar Stroomschakelaar Voetstarter

3.7. Instellen van de naaisnel- heid

De naaisnelheid wordt geregeld met behulp van de voetstarter. De naaisnelheid kan worden veranderd door meer of minder druk op de voetstarter uit te oefenen.

Voetstarter

3.8. Veiligheidsschakelaar

De machine is voorzien van een micro-veiligheids- schakelaar. De machine wordt automatisch van het lichtnet losgekoppeld wanneer de frontklep wordt geopend.

Sluit zowel de frontklep als de vrije arm voordat u begint met naaien.

3.9. Bevestigen van het afvalreservoir

Het afvalreservoir vangt tijdens het naaien de snij- resten op, zodat uw werkplek schoon blijft.

Voer nokje A in de bovenste van de beide open-ningen D, haak vervolgens nokje B in de gleuf C. Wanneer u klaar bent met naaien, kunt u het af-valreservoir verwijderen door eerst nokje B uit de gleuf C te tillen en vervolgens het volledige afval-reservoir naar rechts weg te nemen.

Om het afvalreservoir ruimtebesparend op te ber- gen, kunt u het reservoir aan de machine bevesti- gen door het nokje A in de onderste van de twee openingen D te steken en vervolgens nokje E in de gleuf F te haken.

LIFETEC MD 14302 - Bevestigen van het afvalreservoir - 1

Draai het handwiel altijd alleen naar u toe.

4.2. Frontklep

Om de frontklep te openen, schuift u de uitsparing zo ver mogelijk naar rechts en trekt u vervolgens de frontklep naar u toe.

LIFETEC MD 14302 - Frontklep - 1

Bij gebruik van de liniaal wordt de stof op gelijkblijvende afstand van de rand gesneden en genaaid.

De breedte kan worden ingesteld door de lini-aal uit te trekken of in te schuiven.

LIFETEC MD 14302 - Frontklep - 2

De draadsnijder is in de steekplaat geïntegreerd.

Druk de hendel van de draadsnijder aan de binnenkant van de machine omlaag.

▶ Voer de draad onder de draadsnijder door en laat de hendel los.

LIFETEC MD 14302 - Frontklep - 3

De vrije arm moet voor het inrijgen worden geopend.

▶ Open eerst de frontklep.

Druk nu de ontgrendelingshendel omlaag en draai de vrije arm naar links.

LIFETEC MD 14302 - Frontklep - 4

5. Draad in de grijpers inrijgen

5.1. Algemene aanwijzingen voor het inrijgen

Het inrijgen gebeurt in deze volgorde:

  1. EERSTE STAP onderste grijper paars
  2. TWEEDE STAP bovenste grijper blauw
  3. DERDE STAP rechter naald rood
  4. VIERDE STAP linker naald groen

Goed inrijgen is belangrijk, zodat de steken niet onregelmatig worden en de draad niet afbreekt.

Aan de binnenkant van de frontklep bevindt zich een praktische handleiding voor het inrijgen.

Daarnaast hebben de draadgeleiders een verschillende kleur.

In de box met accessoires bevindt zich een pincet, waarmee het inrijgen eenvoudiger gaat.

OPMERKING!

Wanneer het toch nodig mocht zijn om een van de grijperdraden achteraf opnieuw in de rijgen (bv. na een breuk), moet u eerst de draden uit de naalden verwijderen om te voorkomen dat de draden ver- strikt raken

LIFETEC MD 14302 - OPMERKING! - 1

5.2. Onderste grijperdraad inrijgen

▶ Open de frontklep en de vrije arm
Draai het handwiel naar u toe totdat de grijper zich in de gunstigste stand bevindt om in te rijgen.

LIFETEC MD 14302 - Onderste grijperdraad inrijgen - 1

▶ Voer de draad door het oogje aan de draadboom.
▶ Voer de draad nu eerst door de draadgeleiding.

Leg nu de draad tussen de beide schijfjes van de draadgeleiding.
Belangrijk: De draad moet correct tussen de beide schijfjes van de draadspanner liggen.
Leg nu de draad in de onderste draadgeleiding.
Volg vanaf dit punt het schema voor de draad-geleiding in de machine. Rijg de draad door het achterste oogje (9) van de grijper door zolang aan het handwiel te draaien tot het achterste deel van de grijper aan de linkerkant van het mechanisme tevoorschijn komt.
▶ Trek het draadeinde ongeveer 10 cm uit de oogjes van de grijper.

5.3. Bovenste grijperdraad inrijgen

LIFETEC MD 14302 - Bovenste grijperdraad inrijgen - 1

▶ Voer de draad door het oogje aan de draadboom en in de betreffende draadgeleiding.
Leg nu de draad in de betreffende draadgeleiding.
Leg nu de draad in de onderste draadgeleiding. Volg vanaf dit punt het schema voor de draad-geleiding in de machine.
▶ Trek het draadeinde ongeveer 10 cm uit de oogjes van de grijper.

6. Draad in de naalden rijgen

LIFETEC MD 14302 - Draad in de naalden rijgen - 1

Draai het handwiel naar u toe tot de naalden helemaal boven staan.
▶ Voer de draad door het oogje aan de draadboom.
▶ Voer de draad nu eerst door de draadgeleiding.

Leg nu de draad tussen de beide schijfjes van de draadgeleiding.
Belangrijk: De draad moet correct tussen de beide schijfjes van de draadspanner liggen.
▶ Voer de draden door de draadgeleidingen met kleurcodering.
▶ Voer het garen achter de draadgeleiding van de naaldhouder langs, zoals afgebeeld, en vervolgens van voren naar achteren door het oog van de naald.
▶ Trek het draadeinde ongeveer 10 cm uit de oogjes van de naalden.
- Til de naaivoet omhoog en schuif de draden eronder. Laat de naaivoet vervolgens weer zakken.
▶ Sluit na het inrijgen de vrije arm en de front-klep.

7. Proefdraaien

Wanneer er voor de eerste keer garen wordt ingeregen of wanneer het garen na het breken van de draad tijdens het naaien opnieuw wordt ingeregen, gaat u als volgt te werk.

Houd de draadeinden tussen uw vingertoppen van de linker hand, draai het handwiel langzaam twee- of driemaal naar u toe en probeer, of de draad kan worden doorgetrokken.
Naai nu voorzichtig enkele steken zonder stof toe te voeren om de geleiding van de draden te controleren.
Leg de stof voor proefdraaien onder de naaivoet, laat de naaivoet zakken en begin langzaam te naaien.

De stof wordt automatisch toegevoerd, geleid de stof nu voorzichtig verder.

LIFETEC MD 14302 - Proefdraaien - 1

Na beëindiging van het werk naait u verder, tot zich een ongeveer 5 - 6 cm lange draadketen aan het einde van de stof heeft gevormd. Knip de draden door met een schaar of de draadsnijder.

LIFETEC MD 14302 - Proefdraaien - 2

8. Instellen van de draadspanning

Draadspanning verhogen

5 4 3

De benodigde draadspanning moet afhankelijk van de soort en dikte van draad en stof worden ingesteld.

Controleer de naden en stelt de draadspanning aan de hand daarvan in.

Draadspanning:

Draai de instelling op een lager cijfer: De spanning wordt minder

Draai de spanning op een hoger cijfer: De spanning wordt hoger.

Juiste draadspanning
Rechter naalddraad 6 mm Achterkant Linker naalddraad Voorkant Onderste grijpdraad Bovenste grijpdraad

8.1. Instellen van de draadspanning voor de naalddraden

De draadspanning voor de linker naald is te laag.

De draadspanning voor de rechter naald is te laag.

Achterkant Voorkant

Achterkant Voorkant

Span de linker draad bij. Span de rechter draad bij.

8.2. Instellen van de draadspanning voor de grijperdraden

De onderste grijperdraad zit te strak en/of de bovenste grijperdraad zit te los.

De bovenste grijperdraad zit te strak en/of de onders- te grijperdraad zit te los.

Achterkant Voorkant

Achterkant Voorkant

Verminder de spanning van de onderste grijperdraad en/of span de bovenste grijperdrader bij.

Verminder de spanning van de bovenste grijperdraad en/of span de onderste grijperdrader bij.

9. Overzicht van de machine-instellingen

De beste instelling van de draadspanning kan per stof verschillen.

De vereiste draadspanning hangt af van de stevigheid en dikte van de stof en tevens van soort en dikte van de draad.

De volgende tabel kan u helpen om de juiste draadspanning te bepalen:

Stoffen Garen Naalden Steeklengte'Draad-spanning
licht katoen & linnen:organdy;batist;ginghamKatoenNr. 100voor algemene naaiwerkzaam-heden:Type:130/705 HNr. 902,0 - 3,5 mm standaard: 2,5 mmA: 2 - 4B: 2 - 4C: 2 - 4D: 2 - 4
zwaar katoen & linnen:Oxford, jeans,katoen-gabardineKatoenNr. 60PolyesterNr. 50 - 602,5 - 4,0 mm standaard: 3,0 mmA: 5 - 7B: 5 - 7C: 3 - 5D: 3 - 5
lichte wol:kamgaren, wol,poplinKatoenNr. 60polyesterNr. 802,0 - 3,5 mm standaard: 2,5 mmA: 2 - 4B: 2 - 4C: 2 - 4D: 2 - 4
serge, flanel,gabardinekatoenNr. 60polyesterNr. 60 - 80voor lichte stoffen:Type:130/705 HNr. 752,0 - 3,5 mm standaard: 2,5 mmA: 3 - 5B: 3 - 5C: 3 - 5D: 3 - 5
zware wol:velours,kameelhaarastrakankatoenNr. 60polyesterNr. 50 - 602,5 - 4,0 mm standaard: 3,0 mmA: 5 - 7B: 5 - 7C: 3 - 5D: 3 - 5
lichte synthetische stoffen:crèpe de Chine georgette,satijnkatoenNr. 80 - 120polyesterNr. 80 - 1002,0 - 3,5 mm standaard: 2,5 mmA: 2 - 4B: 2 - 4C: 2 - 4D: 2 - 4
zware synthetische stoffen: taft, twill, jeanskatoenNr. 60polyesterNr. 60voor algemene naaiwerkzaamheden:Type:130/705 HNr. 902,5 - 4,0 mm standaard: 3,0 mmA: 5 - 7B: 5 - 7C: 3 - 5D: 3 - 5
tricotstofkatoenNr. 60 - 80polyesterNr. 60 - 802,0 - 3,5 mm standaard: 2,5 mmA: 3 - 5B: 3 - 5C: 3 - 5D: 3 - 5
JerseykatoenNr. 60polyesterNr. 50 - 60voor lichte stoffen:Type:130/705 HNr. 752,0 - 3,5 mm standaard: 2,5 mmA: 3 - 5B: 3 - 5C: 3 - 5D: 3 - 5
wolbulkgaren polyesterNr. 50 - 602,0 - 3,5 mm standaard: 2,5 mmA: 3 - 5B: 3 - 5C: 3 - 5D: 3 - 5

LIFETEC MD 14302 - Overzicht van de machine-instellingen - 1

Op de volgende manier is het wisselen van draad heel eenvoudig, u bespaart zich daardoor het compleet opnieuw inrijgen:

Knip het garen boven de spindel af en knoop de einden van de oude en nieuwe draad met een zeemansknoop aan elkaar.

- Til de naaivoet op.

▶ Breng de naaldboom in de laagste positie door het handwiel van u af te draaien. Trek voorzichtig aan het uiteinde van het garen totdat de verbindingsknoop het oog van de naald en de oogjes van de grijpers is gepasseerd.

11. Draaggreep

Met de draaggreep kunt u uw machine gemakkelijk vervoeren.

12. Instellen van de steek- lengte

Draai het steeklengtewiel totdat de gewenste lengte wordt aangegeven. Hoe hoger het getal, hoe langer de steek

De steeklengte kan over een bereik van 1 tot 5 mm worden ingesteld.

Bijna alle overlock-werkzaamheden worden uitgevoerd met een steeklengte van 2,5 tot 3,5 mm.

12.1. Instelling van de steeklengte

Steken Steeklengte'
Normale naden2,0 - 4,5 mmStandaardinstelling: 3,0 mm
Smalle boorden 1,0 - 2,0 mm
Ajourzomen 1,0 - 2,0 mm
Kantnaaien 3,0 - 4,0 mm

Steeklengtewiel

13. Instelling van de snij-breedte

De geschikte snijbreedte verschilt per stof. Controleer de resp. naden en stel de snijbreedte als volgt in:

Draai het handwiel naar u toe, tot de naalden zich in de onderste stand bevinden.
▶ Open de frontklep en klap de vrije arm omlaag.
Draai hiervoor de instelknop voor de snijbreedte naar links, tot de grijperdraden tegen de rand van de stof liggen.

Instelwiel voor de snijbreedte

13.1. De juiste snijbreedte

Steekbreedte Voorkant

13.2. Geringere snijbreedte in- stellen

Wanneer de rand van de stof bij het naaien rimpelt kiest u een kleinere snijbreedte.

Draai daarvoor de instelknop voor de snijbreedte naar rechts.

Garen wordt voor de stofrand heen genaaid Voorkant

13.3. Grotere snijbreedte instellen

Kies een grotere snijbreedte als het garen over de rand van de stof heen wordt genaaid.

Draai daarvoor de instelknop voor de snijbreedte naar links.

Garen plooit de stofrand Voorkant

14. Naalden vervangen

Blj deze machine wordt gebruik gemaakt van naalden van het type 130/701H (voor huishoudelijke machines).

LET OP

Schakel de machine uit voordat u de naal- den vervangt.

Gebruik geen verbogen of stompe naalden.

Draai het handwiel naar u toe, tot de naalden zich in de bovenste stand bevinden.
Maak de klemschroeven met behulp van de meegeleverde kleine schroevendraaier uit de box met accessoires los van de naalden en verwijder de naalden: bovenste schroef voor de linker naald en onderste schroef voor de rechter naald.
▶ Schuif de nieuwe naalden met de vlakke kant naar achteren in de naaldhouder. Let er hierbij op, dat de naalden zo ver mogelijk ingeschoven worden.
Draai de klemschroef van de naalden weer vast.

Als de naalden er goed zijn ingezet, staat de linker naald iets hoger dan de rechter. Als de naalden er niet goed zijn ingezet, vallen er bij het naaien nu en dan steken weg.

LIFETEC MD 14302 - LET OP - 1

LIFETEC MD 14302 - LET OP - 2

Schakel de machine uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u de gloeilamp vervangt. Laat zo nodig de gloeilamp voor het vervangen afkoelen.

▶ Draai de schroef er helemaal uit
▶ Trek de afdekking van de lamp naar de zijkant weg.
▶ Schroef de gloeilamp los.
▶ Vervang de gloeilamp.

LIFETEC MD 14302 - LET OP - 3

Gebruik alleen 15 Watt lampen.

16. Mesjes vervangen

Schakel de machine uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat u de mesjes vervangt.

Het onderste mesje bestaat uit speciaal materiaal en hoeft niet vervangen te worden.

U vervangt als volgt het bovenste mesje als het bot is:

▶ Open de frontklep en draai het handwiel naar u toe totdat het bovenste mesje zich in de laagste stand bevindt.
Maak met behulp van de ring-/steeksleutel uit de box met accessoires de schroef aan de bovenste messenhouder los en verwijder het bovenste mesje.
Zet er een nieuw bovenste mesje in en draai de schroef van de houder iets aan.
Stel het bovenste mesje zo in, dat de snijkant 0,5 - 1,0 mm boven de snijkant van het onderste mesje uitsteekt (zie afbeelding).
Draai nu de schroef van de houder van het bovenste mesje stevig aan en sluit de frontklep.

Schroeve Bovenste mesje 0,5 mm

LIFETEC MD 14302 - Mesjes vervangen - 2

16.1. Uitnemen van het bovenste mesje

Wanneer u wilt naaien zonder tegelijkertijd de ran- den af te snijden, kunt u het bovenste mesje ver- wijderen.

LET OP

Zorg ervoor dat de rand van de stof niet breder is ingesteld dan de ingestelde breedte van de naad omdat anders de bovenste grijper en de naald beschadigd kunnen worden.

▶ Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact.
▶ Open de frontklep en de vrije arm.
Houd de vrije arm met één hand vast en druk de draaiknop van de meshouder naar links.
Draai nu de meshouder zover naar voren dat het mesje 180° wordt gedraaid. (zie afbeelding).

Meshouder

17. Omstellen voor tweedraad gebruik

U kunt deze machine ook gebruiken als tweedraadsmachine. Maak hiervoor gebruik van de tweedraad converter en gebruik uitsluitend de linkernaald.

▶ Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact.
▶ Open de frontklep en de vrije arm.
▶ Verwijder nu de rechter naald en de draden voor deze naald en de bovenste grijper (zie ook "14. Naalden vervangen" op pagina 29).
▶ Neem de tweedraad converter uit het accessoirevakje achter de frontklep.
Plaats de converter in de bovenste grijper. (zie afbeelding 1)
▶ Voer daarvoor het nokje aan de achterkant van de converter in de gleuf van de bovenste grijper. (Zie afbeelding punt A).
▶ Voer nu het nokje aan de voorkant van de converter in het oog van de bovenste grijper. (Zie afbeelding punt B).
▶ De converter moet dicht tegen de bovenste grijper liggen. (zie afbeelding 2)

1 A B

LIFETEC MD 14302 - Omstellen voor tweedraad gebruik - 2

18. Eng- en wijdmazig met drie draden afhechten

Deze machine kan bij het afhechten worden omgezet van vier op drie draden.

▶ Verwijder of de rechter of linker naald en de bijbehorende draad (zie ook "14. Naalden vervangen" op pagina 29).

LIFETEC MD 14302 - Eng- en wijdmazig met drie draden afhechten - 1

Nu is de machine gereed voor het afhechten met drie draden.

Bij uitsluitend gebruik van de rechter naald bedraagt de steeklengte 4 mm.

Achterkant 4 mm Voorkant

Bij uitsluitend gebruik van de linker naald bedraagt de steeklengte 6 mm.

6 mm Achterkant Voorkant

18.1. Rolzoomvoet

Bij het naaien van lichte stoffen met drie draden kunnen er lussen in de naden ontstaan. Vervang in dit geval de rolzoomvoet.

▶ Schakel de machine uit en trek de stekker uit het stopcontact.
▶ Open de frontklep en de vrije arm.
Draai de rolzoomvoet A los met behulp van de meegeleverde schroevendraaier en verwijder de voet.
▶ Neem de tweede rolzoomvoet B uit de accessoirebox achter de frontklep.
▶ Schuif de rolzoomvoet tot de aanslag in.

LIFETEC MD 14302 - Rolzoomvoet - 1

Om bij dunne stoffen, zoals crêpe de Chine, georgette of zijde, eigen hollen Ajourzomen, smalle randen of picotranden een nette naad te maken. Vanwege de fijne aard van dit type zoom is dit niet geschikt voor stevige resp. zware stoffen.

Ga als volgt te werk om de machine in te stellen:

  • Til de naaivoet op.
    ▶ Open de frontklep en de vrije arm
    ▶ Verwijder de rolzoomvoet (zie "18.1. Rolzoomvoet" op pagina 35).
    ▶ Verwijder de linker naald en de bijbehorende draad.
    ▶ Stel de machine in volgens de tabel.

BELANGRIJK:

Stel indien nodig de steeklengte en snijbreedte in.

Rand Draadspanning Steeklengte Steekbreedte
AjourzoomNaald: 4bovenste grijper: 4onderste grijper: 4R 4 - 6
smalle randNaald: 4bovenste grijper: 4onderste grijper: 02 - 2,5 4
PicotrandNaald: 4bovenste grijper: 4onderste grijper: 4P 4 - 6

20. Diff erentieel transport

Door het differentieel stoftransport worden gol- vende naden in gebreide stoffen en het verschui- ven van stoflagen voorkomen. Ook ontstaan er bij naden in zeer lichte stoffen geen plooien.

20.1. Werkwijze

De machine heeft twee setjes schuiven om de stof door te voeren, één vooraan (A) en één achteraan (B). Deze beide sets bewegen onafhankelijk van elkaar. Voor het aanvoeren van de stof kunnen de beide stofschuivers met verschillende snelheden bewegen.

Instelbereik voor het aanvoeren van de stof: 0,7 (negatief transport) tot 2,0 (positief transport).

LIFETEC MD 14302 - Werkwijze - 1

Bij een positief differentieel transport voert het voorste transport (A) een grotere beweging uit dan het achterste transport (B). Hierdoor wordt de stof onder voet "opgehoopt" waardoor het golven wordt tegengegaan.

LIFETEC MD 14302 - Werkwijze - 2

Bij een negatief differentieel transport voert het voorste transport (A) een kleinere beweging uit dan het achterste transport (B). Hierdoor wordt de stof onder de voet gerekt waardoor ongewenst plooien van de stof wordt tegengegaan.

LIFETEC MD 14302 - Werkwijze - 3

20.4. Instellen van het diff erenti- eel transport.

Het differentieel transport wordt ingesteld door draaien van de bijbehorende regelaar. Het aanvoeren van de stof kan ook tijdens het naaien worden ingesteld.

Regelaar voor het differentieel transport

Kies een instelling aan de hand van de onderstaande tabel:

ToepassingSoort transportInstelling
Niet golvende zo-men, gewenstkroezenpositief differentieel transport1 - 2
geen differentieel transportNeutraal transport1
kroesvrije zomennegatief differentieel transport0,7 - 1

21. Druk van de naaldvoet instellen

De druk van de naaldvoet is voor alle gebruikelijke naaiwerkzaamheden correct ingesteld en hoeft niet gejusteerd te worden.

Wanneer het toch noodzakelijk mocht zijn om de druk van de naaldvoet aan te passen, kunt u dit doen met behulp van de regelaar op de achterkant van de frontafdekking.

Draai de regelaar naar een hoger nummer om de druk te verhogen of op een lagere waarde om de druk te verlagen.

hogere druk 5 4 lagere druk

22. Naaien met een inleg-draad

Naden met inlegdraad worden gebruikt om schouder-, mouw en zijnaden te versterken bij het aan-eennaaien van gebreide stoffen.

Het is ook zeer decoratief om gebruik te maken van een garen met een contrasterende kleur om het afgewerkte kledingstuk te verfraaien.

De machine is voorzien van een voet waarmee het koord of de inlegdraad links resp. rechts van de veiligheidssteek kan worden toegevoerd.

Ga daarvoor als volgt te werk:

▶ Schuif de afneembare koordgeleiding uit de accessoireset op de standaard van de draadgeleiding.
Leg het "vulkoord" zoals bv. haakgaren, borduurdraad, wol, breigaren of kroesband achter de pennen van de garenspoel.
▶ Trek de inlegdraad door de koordgeleiding en vervolgens door de draadgeleiding van de linker naald.
▶ Voer de inlegdraad door de voorste resp. de achterste opening van de naaivoet (afhankelijk van de naaimethode) en leg de draad naar achter in de naaivoet.
Plaats de stof op de gebruikelijke manier. Begin langzaam met naaien en controleer of de inlegdraad op de juiste manier worden toegevoerd. Verhoog dan de naaisnelheid.
Bij het aaneennaaien van de schouders of aan- naaien van mouwen, voert u de inlegdraad door de voorste opening.

Let er daarbij op dat de draad bij de doorgang door de voorste opening, tussen rechter en de linker rijgdraad wordt gefixeerd.

▶ Voor het sluiten van zijnaden, voert u de inlegdraad door de achterste opening. Zorg er hierbij voor dat de draad rechts van de rijgdraad verloopt.

Voor een decoractief effect kunt u gebruikmaken van een garen met een contrasterende kleur dat u door de voorste of de achterste opening voert.

LIFETEC MD 14302 - Naaien met een inleg-draad - 1

Lees hier na of u alle aanwijzingen in acht heeft genomen. Neem pas contact op met onze klantenservice als geen van de genoemde oplossingen afdoende is.

Probleem Oorzaak OplossingPagi-na
Naalden brekenNaalden zijn verbogen, stomp of de punt is be-schadigdPlaats een nieuwe naald 29
Naalden zijn er niet goed ingezetZet de naalden goed in de houder29
U heeft te heftig aan de stof getrokkenGeleid de stof behoed-zaam met beide handen
Draad breekt afGaren is niet goed inge-regenRijg het garen goed in 15
Draadspanning te hoogStel de draadspanning bij22
Naalden zijn er niet goed ingezetZet de naalden goed in de houder29
Steken vallen uitNaalden zijn verbogen, stomp of de punt is be-schadigdPlaats een nieuwe naald 29
Naalden zijn er niet goed ingezetZet de naalden goed in de houder29
Steken vallen uitGaren is niet goed inge-regenRijg het garen opnieuw in15
Verkeerde naalden ingezetGebruik de juiste naal-den (type 130/701H)29
Steken zijn onre-gelmatigDraadspanning is niet juistStel de draadspanning bij22
Draad zit vastControleer het verloop van de afzonderlijke draden15
Naden werpen plooienDraadspanning is te hoogStel de draadspanning bij22
Garen is niet goed inge-regenRijg het garen goed in 15
Garen zit vastControleer het verloop van de afzonderlijke draden15
Stoftransport niet inge-steldStel het stoftransport in op 0,739
Probleem Oorzaak OplossingPagina
Stof wordt niet netjes afgesnedenBovenste mesje is bot of is verkeerd ingezetVervang het mesje of zet het er goed in31
Stofrand rimpelt Teveel stof op een steek Verander de snijbreedte 27

24. Reinigen en smeren

Om uw machine probleemloos te laten werken, moet u het mechanisme af en toe reinigen met het kwastje uit de accessoireset en met het oliekannetje smeren op de aangegeven posities.

Gebruik voor het reinigen van de buitenkant een droge, zachte doek. Vermijd het gebruik van chemische oplos- en schoonmaakmiddelen omdat deze het oppervlak en/of de opschriften van de machine kunnen aantasten.

Deze machine heeft maar heel weinig olie nodig, omdat de hoofdcomponenten be-staan uit een speciaal materiaal.

Neem de stekker uit het stopcontact voordat u de machine opent.
Open de frontafdekking en de werktafel en schroef alle afdekkingen los met de meegeleverde schroevendraaier. Verwijder opgehoopt stof en vezels met de penseel uit de meegeleverde accessoireset.

▶ Breng een paar druppels olie aan op de aangegeven posities. Maak hiervoor uitsluitend gebruik van hoogwaardige naaimachineolie.

▶ Schroef alle afdekkingen weer vast en sluit de vrije arm en de frontafdekking.

Naai nu ter controle op een proeflapje om te controleren of alles naar behoren werkt. Eventueel overvloedige olie wordt hierbij verwijderd zodat dat uw echte naaigoed niet wordt beschadigd.

Vezels en stof verwijderen spaarzaam smeren met oile

25. Afvoer

VERPAKKING

Uw overlock-naaimachine is ter bescherming te- gen transportschade stevig verpakt. Verpakkingen zijn grondstoffen en kunnen worden hergebruikt of terug worden gebracht in de grondstoffenkring- loop.

MACHINE

Gooi de machine aan het einde van de levensduur in geen geval bij het gewone huisvuil. Informeer u over de mogelijkheden voor milieuvriendelijke af- voer.

LIFETEC MD 14302 - MACHINE - 1

LIFETEC MD 14302 - MACHINE - 2

26. Technische specifi caties

Spanning: AC 220 - 240 V\~ / 50 Hz

Opgenomen vermogen: Totale vermogen: 105 W

Motor: 90

Lamp: 15

(E14 schroefdraad, max. 15 Watt)

Voetstarter: Type: KD 2902

Nominale spanning: 220-240 V\~ / 50 Hz

Aantal draden: 4 of 3

Aantal naalden: 2 of 1

Naaisnelheid: tot 1300 RPM

Steekbreedte: 7 mm bij 4 draden

7 mm of 4 mm bij 3 draden

Steeklengte: 1,0 - 5 mm

Hoogte naaivoet: 4,5 mm

Naald: 130/705H Nr. 75 - 90

Afmetingen: ca. 270 mm x 290 mm x 290 mm (B x H x L)

Gewicht: ca. 6,5 kg

LIFETEC MD 14302 - Technische specifi caties - 1

LIFETEC MD 14302 - Technische specifi caties - 2

LIFETEC MD 14302 - Technische specifi caties - 3

LIFETEC MD 14302 - Technische specifi caties - 4

Technische wijzigingen voorbehouden.

MEDION®

Medion B.V.

John F. Kennedylaan 16a

5981 XC Panningen

Nederland

Hotline: 0900 - 2352534 (0,15 EUR/Min)

Fax: 0900 - 3292534 (0,15 EUR/Min)

Gebruikt u a.u.b. het contactformulier op onze website www.medion.nl onder „service“ en „contact“.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : LIFETEC

Model : MD 14302

Categorie : Naaimachine