FB 100 - Thermostaat Junkers - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FB 100 Junkers in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over FB 100 Junkers
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Thermostaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FB 100 - Junkers en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FB 100 van het merk Junkers.
GEBRUIKSAANWIJZING FB 100 Junkers
Installatie- en bedieningshandleiding
Afstandsbediening
FB 100
voor FW 100 of FW 200 aan verwarmingstoestel met buscompatibele Heatronic 3

text_image
9 12h 15 18 6 3 24h 21 III + 6 720 612 481-00.1ROverzicht van de bedieningselementen en symbolen

text_image
9 12 h 15 TEMPERATUUR 9°C Kamertemperatuur 23.5°C 09:43 Maandag 6 3 24 h 21 ③ ④ ⑤ ⑥ ⑦ ⑧ ② 1 menu info ok ③ - + 6 720 613 462-01.20Afb. 1 Standaardweergave
| Bedieningselementen | ||
| 1 | Draai de keuzeknop in de richting+: Menu/infoteksten boven kiezen of waarde hoger instellen | |
| Draai de keuzeknop in de richting-: Menu/infoteksten onder kiezen of waarde lager instellen | ||
| Druk op de keuzeknop :Menu openen of instelling/waarde bevestigen | ||
| 2 Functieschakelaar voor het CV-circuit: | ||
| Automatisch | ||
| Continu Verwarmen | ||
| Continu Sparen | ||
| Continu Eco | ||
| 3 Toets | : Om de volgende schakeltijd en de bijbehorende functie = Verwarmen = Sparen = Eco voor het toegewezen CV-circuit te vervroegen tot de actuele tijd. | |
| 4 Toets | : Om de warmwaterbereiding onmid-dellijk te activeren (de geactiveerde functie kan niet vóór het verstrijken van de vaste tijd worden uitgeschakeld). Boiler wordt gedurende 60 minuten tot de gewenste temperatuur verwarmd of bij het combiverwarmingstoestel is de comfortfunc-tie gedurende 30 minuten actief. | |
| 5 Toets | : Menu openen/sluiten INSTAL-LATEURSNIVEAUopenen: ca. 3 seconden indrukken | |
| 6 Toets | : Waarden weergeven | |
| 7 Toets | : Waarde wissen/resetten | |
| 8 Toets | : Naar hoger menu | |

Om de beschrijving verder te vereenvoudingen
- worden de bedieningselementen en functies soms alleen met pictogrammen aangegeven, bijv. of.
- worden menuniveau's met het teken > van elkaar gescheiden, bijv. Vakantie > Begin.
| Pictogrammen | |
| 23.5°C | Actuele kamertemperatuur |
![]() | Knipperend segment:Actuele tijd (09:30 tot 09:45) |
![]() | Volle segmenten:Periode voor functie = Verwarmen op de huidige dag (1 segment = 15 min) |
![]() | Lege segmenten:Periode voor functie = Sparen op de huidige dag (1 segment = 15 min) |
| D778 | Geen segmenten:Periode voor functie = Eco op de huidige dag (1 segment = 15 min) |
| D779 | Functie Verwarmen voor het toegewezen CV-circuit |
| U230 | Functie Sparen voor het toegewezen CV-circuit |
| U230 | Functie Eco voor het toegewezen CV-circuit |
| IT850 | Automatische functie voor het toegewezen CV-circuit |
| DACTS | Functie Vakantie |
| UUTTO | Branderfunctie |
| + Menu/infoteksten omhoog of waarde hoger | |
| - Menu/infoteksten omlaag of waarde lager | |
| ok Menu openen of instelling/waarde bevestigen | |
| DYNO | Een hoger menu kiezen |
| IT240 | Waarde wissen/resetten |
| SETO | De volgende schakeltijd en de bijbeho-rende functie= Verwarmen= Sparen= Ecovoor het toegewezen CV-circuit tot deactuele tijd vervroegen. |
| DW20 | |
| DW40 | |
| DW50 | |
| IT30 | Warmwaterbereiding onmiddellijk activeren (de geactiveerde functie kan niet vóór het ver-strijken van de vaste tijd worden uitgeschakeld). Boiler wordt gedurende 60 minuten tot de gewenste temperatuur verwarmd of bij het combiverwarmingstoestel is de comfortfunctie gedurende 30 minuten actief. |
Inhoudsopgave
1 Veiligheidsvoorschriften en verklaring van de symbolen 6
1.1 Voor uw veiligheid 6
1.2 Verklaring symbolen 6
2 Gegevens over het toebehoren 7
2.3 Aanvullend toebehoren 8
2.4 Reiniging
2.5 Installatievoorbeelden
3 Installatie (alleen voor de installateur) 10
3.1 Montage
3.2 Afvalverwijdering
3.3 Elektrische aansluiting 12
4 Ingebruikneming (alleen voor de installateur) 13
5 Bediening 14
5.1 kamertemperatuur en functie wijzigen 14
5.1.1 kamertemperatuur met wijzigen (voor beperkte tijd) 14
5.1.2 Functie met ⏻ wijzigen (voor beperkte tijd) 14
5.1.3 Functie warm water met wijzigen (voor beperkte tijd) 15
5.1.4 Functie voor verwarming duurzaam wijzigen 15
5.2 Menu's bedienen 16
5.2.1 Programmeervoorbeelden
5.2.2 Programmering verwijderen of ongedaan maken 19
6 Instellen van het HOOFDMENU 21
6.1 Overzicht en instellingen van het HOOFDMENU 21
6.1.1 HOOFDMENU: Vakantie 21
6.1.2 HOOFDMENU: Verwarming 22
6.1.3 HOOFDMENU: Alg. Instellingen 23
6.1.4 HOOFDMENU: Solar 23
6.2 Vakantieprogramma
6.3 Verwarmingsprogramma
6.3.1 Tijd-/temperatuurniveauprogramma 25
6.3.2 Temperatuur voor de functies en verwarmingssnelheid 26
6.4 Warm water 26
6.5 Algemene instellingen 27
6.5.1 Opmaak voor weergave 27
6.5.2 Toetsenblokkering
6.5.3 Taal
6.6 Solarinstellingen
7 Informatie weergeven 29
8 Menu INSTALLATEURSNIVEAU instellen (alleen voor de installateur)
8.1 Overzicht en instellingen van het menu INSTALLATEURSNIVEAU 32
8.1.1 INSTALLATEUR\$NIVEAU: Systeemconfiguratie 32
8.1.2 INSTALLATEURSNIVEAU: Verwarmingsparameter 33
8.1.3 INSTALLATEURSNIVEAU: Systeemstoringen 33
8.1.4 INSTALLATEURSNIVEAU: Service adres 34
8.1.5 INSTALLATEURSNIVEAU: Systeeminfo 34
8.2 Verwarmingssysteem configureren 35
8.3 Parameters voor verwarming 35
8.4 Storingshistorie
8.5 Serviceadres weergeven en instellen 39
8.6 Systeeminformatie weergeven 39
9 Storingen verhelpen 40
9.1 Storingen verhelpen met indicatie 40
9.2 Störingen verhelpen zonder indicatie 48
12 Individuele instellingen van de verwarmingsprogramma's 52
24 25
Informatie over de documentatie
Wegwijzer bij de handleiding

De installateur dient alle bijgevoegde documentatie aan de gebruiker over te dragen.
Als u ...
- ... de veiligheidsvoorschriften en de verklaring van de symbolen zoekt, leest u hoofdstuk 1.
- ... een overzicht zoekt van de opbouw en functie van dit toebehoren, leest u hoofdstuk 2. Daar vindt u ook de technische gegevens.
- ... INSTALLATEUR bent en wilt weten hoe dit toebehoren wordt geïnstalleerd, elektrisch wordt aangesloten en in werking wordt gesteld, leest u de hoofdstukken 3 en 4.
- ... wilt weten hoe dit toebehoren wordt bediend en geprogrammeerd, leest u hoofdstuk 5, 6 en 12. Daar vindt u ook de overzichten van de basisinstellingen en de instelbereiken van de menu's. In de tabellen kunt u uw instellingen noteren.
- ... informatie over de verwarmingsinstallatie wilt weergeven leest u hoofdstuk 7.
- ... INSTALLATEUR bent en instellingen voor de installateur wilt wijzigen of systeeminformatie wilt weergeven, leest u hoofdstuk 8. Daar vindt u ook de overzichten van de basisinstellingen en de instelbereiken van de menu's. In de tabellen kunt u uw instellingen noteren.
- ... overzichten voor het verhelpen van storingen zoekt, leest u hoofdstuk 9.
- ... tips voor het besparen van energie zoekt, leest u hoofdstuk 10.
- ... een bepaald woord in de tekst zoekt, kijkt u in de Index op de laatste pagina's.
Aanvullende documentatie voor de installateur (niet meegeleverd)
Naast deze meegeleverde handleiding is de volgende documentatie verkrijgbaar:
- Onderdelenlijst
- Serviceboekje (voor het opsporen van fouten en de functiecontrole)
Deze documentatie kunt u bij de Junkers informa- tiedienst aanvragen. Het contactadres vindt u op de achterkant van deze handleiding.
1 Veiligheidsvoorschriften en verklaring van de sym- bolen
1.1 Voor uw veiligheid
▶ Neem de gebruiksaanwijzing in acht voor een juiste werking.
▶ Monteer het verwarmingstoestel en het overige toebehoren en stel het in werking overeenkomstig de aanwijzingen in de bijbehorende handleidingen.
▶ Laat het toebehoren alleen door een erkend installateur monteren.
- Deze toebehoren alleen in combinatie met de aangegeven verwarmingstoestellen aansluiten. Neem aansluitschema in acht!
▶ Sluit toebehoren in geen geval op een 230V stroomnet aan.
▶ Voor montage van de toebehoren: onderbreek de stroomverzorging (230V AC) naar het verwarmingstoestel en andere Busdeelnemers.
▶ Monteer dit toebehoren niet in een vochtige ruimte.
▶ Stel de klant op de hoogte van de werkwijze van het toebehoren en instrueer hem ten aanzien van de bediening.
▶ Verbrandingsgevaar door thermische desinfectie:
Tijdens kort durend gebruik met warmwater-temperaturen boven 60°C moet het toetstel beslist worden geobserveerd of er moet een thermostatische drinkwatermengklep worden ingebouwd.
▶ Bij kans op vorst moet het verwarmingstoestel ingeschakeld blijven en dient u de aanwijzingen voor vorstbescherming in acht te nemen.
1.2 Verklaring symbolen

Veiligheidsaanwijzingen in de tekst worden door middel van een grijs vlak en een gevaren driehoek aangeduid.
Signaalwoorden geven de ernst aan van het gevaar dat kan optreden als de voorschriften niet worden opgevolgd.
- Voorzichtig betekent dat er mogelijk lichte materiële schade kan optreden.
- Waarschuwing betekent dat er licht persoonlijk letsel of ernstige materiële schade kan optreden.
- Gevaar betekent dat er ernstig persoonlijk letsel kan optreden. In bijzonder ernstige gevallen bestaat er levensgevaar.

Aanwijzingen in de tekst met hiernaast aangegeven symbool worden begrensd met een lijn boven en onder de tekst.
Aanwijzingen: betekent belangrijke informatie welke in die gevallen geen gevaar voor mens of toestel oplevert.
2 Gegevens over het toebehoren

De FB 100 kan alleen worden aangeslosten aan installaties met FW 100 of FW 200 en een verwarmingstoestel met buscompatibele Heatronic 3.
- De FB 100 geeft informatie over het toestel en de installatie weer en u kunt er de weergegeven waarden mee wijzigen.
- De FB 100 is voorbereid voor montage aan de muur.
- In combinatie met de module IPM... regelt de FB 100 het toegewezen CV-circuit met een tijdprogramma. Er zijn drie weekverwarmingsprogramma's met zes schakeltijden per dag beschikbaar (er is één programma actief).
• Aantal FB 100 per verwarmingsinstallatie:
- Maximaal één FB 100 in een verwarmingsinstallatie met één FW 100.
- Maximaal vier FB 100 in een verwarmingsinstallatie met één FW 200.
- Als de stroom uitvalt, gaat de indicatie uit. Alle instellingen blijven bewaard. De FB 100 neemt de tijd en datum over van de weersafhankelijke regelaar.
| Afmetingen | Afbeelding 5, pagina 10 |
| Nominale spanning 10...24 V DC | |
| Nominale stroom (zonder verlichting) | 6 mA |
| Afstandbedieningsuitgang Tweedraads bus | |
| Max. omgevingstemperatuur 0 ... +50°C | |
| Isolatieklasse III | |
| Beschermingstype IP20 | |
| CE | |
1 Bovenstuk afstandsbediening
2 Voet voor montage op de muur
3 Schuifraam
4 Installatie- en bedieningshandleiding
2.3 Aanvullend toebehoren
Zie ook de prijslijst.
- IPM 1: Module voor aansturing van een gemengd of ongemengd CV-circuit.
- IPM 2: Module voor aansturing van max. twee gemengde of ongemengde CV-circuits. Aansturing van een ongemengd CV-circuit in het verwarmingssysteem mogelijk.
2.4 Reiniging
▶ Wrijf de behuizing van de regelaar indien nodig met een vochtige doek schoon. Gebruik daarbij geen scherpe of bijtende reinigingsmiddelen.
2.5 Installatievoorbeelden

flowchart
graph TD
T1["TON"] --> FK["FK"]
FK --> FW1001["FW 100¹"]
FW1001 --> IPM1["IPM1"]
IPM1 --> HW["HW"]
HW --> ISM1["ISM1"]
ISM1 --> SW["SW...solar"]
SW --> T2["T2"]
T2 --> KW["KW"]
KW --> WW["WW"]
WW --> AF["AF"]
AF --> TWM["TWM"]
TWM --> SF["SF"]
SP["SP"] --> KW
KW --> SF
SF --> HP["HP"]
HP --> FW1001
FW1001 --> IPM1
IPM1 --> HW
HW --> M["M"]
M --> TB["TB"]
TW["TF"] --> BW["WF"]
BW --> HV["HV"]
HV --> HK["HK"]
HK --> FB10["FB 10²"]
FB10 --> FB100["FB 10²"]
FW1001 --> IPM1
IPM1 --> HW
HW --> ISM1
ISM1 --> SW
SW --> SW
style T1 fill:#f9f,stroke:#333
style FK fill:#ccf,stroke:#333
style FW1001 fill:#cfc,stroke:#333
style IPM1 fill:#fcc,stroke:#333
style HW fill:#cff,stroke:#333
style HK fill:#ffc,stroke:#333
style FB100 fill:#cfc,stroke:#333
style FB1000 fill:#cfc,stroke:#333
Afb. 3 Vereenvoudigd installatieschema (voor montage geschikte afbeelding en overige mogelijkheden in de planningsdocumentatie)

Afb. 4 Vereenvoudigd installatieschema (voor montage geschikte afbeelding en overige mogelijkheden in de planningsdocumentatie)
AF Buitentemperatuurvoeler
FB 10 Afstandsbediening
FB 100 Afstandsbediening
FK Platte collector
FW 100Weersafhankelijke regelaar met solarregeling
FW 200Weersafhankelijke regelaar met solarregeling
HK1...4CV-circuits
IPM 1 Module voor een CV-circuit
IPM 2 Module voor twee CV-circuits
ISM 1 Module voor solarwarmwaterbereiding
ISM 2 Module voor solarwarmwaterbereiding en solarverwarmingsondersteuning
HP Verwarmingspomp
KW Koudwateraansluiting
M1...4 Mengklepmotor
MF1...4Aanvoertemperatuurvoeler van gemengd CV-circuit
T1 Collectortemperatuurvoeler
T2 Boilertemperatuurvoeler verwarmingswaterzijde onder
T3 Boilertemperatuurvoeler verwarmingswaterzijde midden
T4 Temperatuurvoeler verwarmingsnetret- our
P1...4 Circulatiepomp CV-circuit
SP Solarpomp
DWK DW-kraan voor retourverhoging
SF Boilertemperatuurvoeler (NTC)
TB1...4 Temperatuurbewaker
TWM Thermostatische drinkwatermengklep
VF Gemeenschappelijke aanvoervoeler
WW Warmwateraansluiting
1) De FW 100 / FW 200 kan naar keuze in de warmtegenerator of op de muur worden gemonteerd.
2) Optioneel FB 10 of FB 100
3 Installatie (alleen voor de installateur)
Zie de planningdocumentatie of de aanbesteding voor het gedetailleerde installatieschema van de montage van de hydraulische componenten en de bijbehorende besturingselementen.

Gevaar: Gevaar voor stroomschok!
▶ Voor montage van de toebehoren: onderbreek de stroomverzorging (230V AC) naar het verwarmings-toestel en andere Busdeelnemers.
3.1 Montage
Montageplaats
De regelkwaliteit is afhankelijk van de montageplaats.
De montageplaats (regelruimte) moet voor de regeling van het toegewezen CV-circuit geschikt zijn.
▶ Kies een montageplaats.

text_image
134 mm 35 mm 119 mm ≥0,3 m0,3 m 0,6 m 1,2 - 1,5 m 6 720 612 481-03.1RAfb. 5
Montage

Het montageoppervlak op de muur moet egaal zijn.
▶ Trek bovenstuk en schuifraam van de voet.

text_image
1. 2. 3. 6 720 612 220-27.1JAfb. 6
▶ Monteer de voet.

text_image
60mm 3,5 mm 6 720 612 220-07.1R 6 mm 3,5 mm 6 mmAfb. 7
▶ Breng de elektrische aansluiting tot stand (→ afbeelding 9 op pagina 12).
▶ Steek bovenstuk en schuifraam op de voet.

text_image
6 720 612 220-06.1R 1. 2. 3.Afb. 8
Montage van het toebehoren
▶ Monteer het toebehoren volgens de geldende voorschriften en de meegeleverde installatiehandleiding.
3.2 Afvalverwijdering
▶ Verwijder de verpakking op een voor het milieu verantwoorde wijze.
▶ Als een component wordt vervangen: verwijder de oude component op een voor het milieu verantwoorde wijze.
3.3 Elektrische aansluiting
▶ Busverbinding van de FB 100 naar overige busdeelnemers: Gebruik elektrische kabels die minimaal overeenkomen met type H05 VV-... (NYM-I...).
Toegestane leidinglengten van de buscompatibele Heatronic 3 naar de FB 100:
| Leidinglengte Diameter | |
| ≤ 80 m 0,40 mm | 2 |
| ≤ 100 m 0,50 mm | 2 |
| ≤ 150 m 0,75 mm | 2 |
| ≤ 200 m 1,00 mm | 2 |
| ≤ 300 m 1,50 mm | 2 |
▶ Om inductieve beïnvloeding te voorkomen: Installeer alle laagspanningsleidingen gescheiden van leidingen met een spanning van 230 V of 400 V (minimumafstand 100 mm).
▶ Als er inductieve externe invloeden zijn, moeten de leidingen worden afgeschermd. Daardoor worden de leidingen beschermd tegen extern invloeden zoals sterkstroomkabels, voeringsleidingen, transformatorstations, radio- en televisietoestellen, amateurzendstations, magnetrons en dergelijke.

flowchart
graph TD
A["FB 100"] --> B["B"]
A --> C["B"]
D["B"] --> E["6 720 613 571-05.1R"]
Afb. 9 FB 100 op willekeurige busdeelnemer (B) aangesloten.

Als de leidingdiameters van de bus- verbindingen verschillend zijn:
▶ Sluit de busverbindingen via een aftakdoos aan.

flowchart
graph TD
A["A"] -->|2| B1["B"]
A -->|2| B2["B"]
A -->|2| B3["B"]
B1 -->|≥100 mm| B4["B"]
B2 -->|≥100 mm| B5["B"]
B3 -->|≥100 mm| B6["B"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style B1 fill:#cfc,stroke:#333
style B2 fill:#cfc,stroke:#333
style B3 fill:#cfc,stroke:#333
style B4 fill:#fcc,stroke:#333
style B5 fill:#fcc,stroke:#333
style B6 fill:#fcc,stroke:#333
Afb. 10 Aansluiting van busverbindingen via aftakdoos (A)
4 Ingebruikneming (alleen voor de installateur)
▶ Leg het CV-circuitnummer voor de codering van de FB 100 en IPM 1 of IPM 2 vast.
- Bij een verwarmingsinstallatie met FW 100 is het CV-circuit HK 1 met codering 1 toege-staan.
- Bij een verwarmingsinstallatie met FW 200 is een CV-circuit van HK 1 tot HK _4 met bijbehorende codering 1, 2, 3 of 4 toegestaan.
▶ Stel de codeerschakelaar op de IPM 1 of IPM 2 overeenkomstig het toegewezen CV-circuit in.
▶ Schakel de installatie in.

Beschrijving van de bedieningselementen → pagina 2.
Bij eerste ingebruikneming of na volledige reset van alle instellingen:
▶ Kies de taal met en bevestig met.

▶ Afhankelijk van het CV-circuit mag slechts één FB 100 of FB 10 per codering worden toegewezen. Kies Codering CV circuit met bevestig met
en
▶ Bij ingebruikneming wordt de automatische systeemconfiguratie gestart (wacht 60 seconden en volg de aanwijzingen in het display op).
▶ Stel de tijd en datum voor de FB 100 op de weersafhankelijke regelaar in.
▶ Pas de overige instellingen aan de gebruikte installatie aan → hoofdstuk 6 vanaf pagina 21 en hoofdstuk 8 vanaf pagina 32.
5 Bediening

Met de FB 100 kunt u de gewenste kamertemperatuur voor elke functie instellen. Deze temperatuur is niet de feitelijke kamertemperatuur. Het betreft een richtwaarde die de gevraagde aanvoertemperatuur voor het toegewezen CV-circuit beïnvloedt.
De in de standaardweergave (→ afbeelding 1 op pagina 2) weergegeven informatie en de bedie- ning gelden altijd alleen voor het toegewezen CV- circuit.
5.1 kamertemperatuur en functie wijzigen
5.1.1 kamertemperatuur met wijzigen (voor beperkte tijd)
Als u de gewenste kamertemperatuur duurzaam wilt wijzigen → hoofdstuk 6.3.2 op pagina 26.
▶ Stel de gewenste kamertemperatuur in met
10.
- Functieschakelaar in stand :① De gewijzigde temperatuur geldt tot aan de volgende schakeltijd. Vervolgens geldt de voor de schakeltijd vastgelegde temperatuur.
- Functieschakelaar in stand /✿/ : De * veranderde temperatuur geldt tot er weer aan de functieschakelaar wordt gedraaid. Vervolgens geldt de voor de gekozen functie vastgelegde temperatuur.
5.1.2 Functie met wijzigen (voor beperkte tijd)
Als u de functie duurzaam wilt wijzigen → hoofdstuk 5.1.4 op pagina 15.

Gebruik de functie als u vroeger naar bed gaat of als u later of vroeger thuiskomt.
Deze functie is alleen beschikbaar als de automatische functie ingeschakeld is:
Druk kort op om de volgende schakeltijd en de bijbehorende functie Verwarmen / Sparen / Eco voor het toegewezen CV-circuit te vervroegen tot de actuele tijd. In het display worden de gewijzigde gegevens weergegeven.
▶ Houd ingedrukt en draai tegelijkertijd aan om de volgende schakeltijd te veranderen. De schakeltijd kan maximaal tussen de actuele tijd en de tweede daaropvolgende schakeltijd worden gewijzigd. Bij het overschrijden van de volgende schakeltijd van het verwarmingsprogramma wordt een reset van de functie uitgevoerd en is de automatische functie weer actief.
Functie voortijdig opheffen:
▶ Druk nogmaals kort in.
5.1.3 Functie warm water met wijzigen (voor beperkte tijd)

Gebruik deze functie als u buiten de geprogrammeerde schakeltijden warm water nodig heeft.
▶ Druk kort in om de warmwaterbereiding onmiddellijk te activeren (de geactiveerde functie kan niet vóór het verstrijken van de vaste tijd worden uitgeschakeld):
- De boiler wordt 60 minuten lang tot de maximaal ingestelde temperatuur van het warmwaterprogramma verwarmd.
- Bij het combiverwarmingstoestel is de comfortfunctie 30 minuten lang actief.
In het display worden de gewijzigde gegevens weergegeven. Bij het overschrijden van de opgegeven tijd vindt een reset van de functie plaats en is de automatische functie weer actief.
5.1.4 Functie voor verwarming duurzaam wijzigen

Automatische functie (basisinstelling)
Automatische wisseling tussen Verwarmen ✦ Sparen 📄 / Eco ✦ volgens het actieve verwarmingsprogramma. De FB 100 regelt op de in het submenu Temperatuurniveaus ingestelde kamertemperaturen (→ hoofdstuk 6.3.2 op pagina 26).

Continu verwarmen
De FB 100 regelt op de in het submenu Temperatuurniveaus ingestelde kamertemperatuur voor Verwarmen ⚙ (→ 6.3.2 op pagina 26). Het verwarmingsprogramma wordt genegeerd.

Continu sparen
De FB 100 regelt op de in het submenu Temperatuurniveaus ingestelde kamertemperatuur voor Sparen Ⓞ (→ 6.3.2 op pagina 26). Het verwarmingsprogramma wordt genegeerd.

Continu Eco
De FB 100 regelt op de in het submenu Temperatuurniveaus ingestelde kamertemperatuur voor Eco ✉ (→ 6.3.2 op pagina 26). Het verwarmingsprogramma wordt genegeerd.
5.2 Menu's bedienen
Algemene structuur van de menu's:
- Namen van variabelen of namen van sub-menu's worden links weergegeven.
- De gekozen naam wordt donker gemarkeerd.
- Waarden van variabelen worden rechts naast of onder de naam weergegeven.
- Met geeft u submenu's weer of activeert u de wijzigingsmodus (de waarde van de variabele knippert).
-
Zolang er een naam donker gemarkeerd is, kunt u met / in de menu's navigeren zonder een waarde te verstellen.
-
Pijlen aan de linkerrand geven aan of er nog meer menuopties zijn.
- Een knipperende waarde van een variabele kunt u met veranderen.
- Een knipperende waarde van een variabele kunt u met naar de basisinstelling terugzetten.
- De wijziging gaat in als u indrukt. De naam wordt weer donker gemarkeerd weergegeven.
- Als u de wijzigingsmodus met een andere toets dan verlaat, wordt de wijziging onderbroken. De oorspronkelijke waarde blijft geldig.
5.2.1 Programmeervoorbeelden

De programmeerstappen moeten altijd volgens hetzelfde principe worden uitgevoerd. De functies van de bedieningselementen en de betekenis van de symbolen staan beschreven op de pagina's 2 en 3. Als u bijv. een verwarmingsprogramma wilt invoeren, voert u de volgende programmeerstappen uit.
Als een functie geblokkeerd is, wordt een helptekst weergegeven. In deze gevallen volgt u de weergegeven aanwijzingen op.
| Bediening | Display | |
| Open de klep.De standaardweergave wordt nog steeds weergegeven. | ![]() | |
| Hoofdmenu weergeven: | ||
| Druk opmenu | De displayverlichting wordt ingeschakeld en het hoofdmenu wordt weergegeven. | ![]() |
| Menu kiezen: | ||
| Draai Selecteer in dit voorbeeld de menuoptie “Verwarming”. Als u de keuzeknop verder draait, worden er nog meer menu’s weergegeven. | ![]() | |
| Druk opok | Bevestig de gekozen menuoptie “Verwarming”. | ![]() |
| Druk opok | Laat in dit voorbeeld de menuoptie “Programma” geselecteerd en bevestig de optie. | ![]() |
| Draai | Selecteer in dit voorbeeld de menuoptie “Wijzigen”. | ![]() |
| Druk opok | Bevestig de menuoptie “Wijzigen”. | |
| Druk opok | Laat in dit voorbeeld de menuoptie “A:Programma A” geselecteerd en bevestig de optie. | ![]() |
| Draai | Selecteer in dit voorbeeld de menuoptie “Maandag”. De segmentring voor het verwarmingsprogramma wordt alleen weergegeven als alle schakeltijden voor de gekozen weekdagen gelijk zijn (bijv. alle schakeltijden voor menuoptie “Ma - Vr” gelijk). | ![]() |
| Druk op Bevestig de menuoptie “Maandag”. Het volgende submenu met de voorgeprogrammeerde schakeltijden en functies P1 t/m P6 wordt weergegeven. | ![]() | |
| Waarden instellen: | ||
| Druk op Laat in dit voorbeeld de menuoptie P1 geselecteerd en bevestig de optie.De te wijzigen schakeltijd en het bijbehorende segment knipperen. | 6 720 613 462-11.10 | |
| Draai | Stel in dit voorbeeld de schakeltijd op 05:30 uur in.Tegelijkertijd veranderen de bijbehorende segmenten. | 6 720 613 462-12.10 |
| Druk opok | De schakeltijd wordt opgeslagen en de te wijzigen functie en het segment van de nieuwe schakeltijd knipperen. Als u bijv. in het menu “Ma - Vr” een schakeltijd wijzigt en opslaat, wordt de wijziging overgenomen voor de dagen “Maandag” t/m “Vrijdag”. | |
| Draai | Stel in dit voorbeeld de functie in op “Sparen”.De bijbehorende segmenten veranderen. | 6 720 613 462-13.10 |
| Druk opok | De functie wordt opgeslagen. De instelling van P1 is nu beëindigd. De gewijzigde schakeltijd, functie en segmenten worden weergegeven. Stel overige schakeltijden en functies P2 t/m P6 zoals beschreven in. | |
| Een hoger menu kiezen: | ||
| Druk op | Kies een hoger menu. | 6 720 613 462-14.10 |
| of | ||
| Draai | Selecteer opnieuw de optie “ Terug”. | |
| Druk opok | Bevestig de geselecteerde optie “ Terug”.Het hogere menu wordt weergegeven. | |
| Programmering beëindigen: | ||
| Druk op menu | De FB 100 werkt nu met de nieuw geprogrammeerde gegevens. | 6 720 613 462-15.20 |
5.2.2 Programmering verwijderen of ongedaan maken
| Bediening | Display | |
| Geprogrammeerde waarden verwijderen: | ||
| Selecteer en overschrijf de te verwijderen waarde, bijvoorbeeld de schakeltijd in P1, zoals beschreven in hoofdstuk 5.2.1 vanaf pagina 16. of | ||
| Druk op De | verwijderde schakeltijd knippert en de bijbehorende functie wordt eveneens verwijderd.Tegelijkertijd veranderen de bijbehorende segmenten. | ![]() |
| 2x indruk-ken | De instelling wordt opgeslagen. | ![]() |
| Druk op menu | Verlaat het menu en keer terug naar de standaardweergave. | |
| Een programma resetten: | ||
| Selecteer en bevestig de menuoptie“A:Programma A”, zoals beschreven in hoofdstuk 5.2.1 vanaf pagina 16. | ||
| Draai | Selecteer in dit voorbeeld de menuoptie “Naar basisinstel-ling terugzetten”. | ![]() |
| Druk op | Bevestig de menuoptie “Naar basisinstelling terugzetten”.De te wijzigen waarde knippert. | |
| Draai | Stel de menuoptie “Naar basisinstelling terugzetten” in op “Ja”. | ![]() |
| Druk op | Bevestig het resetten van het programma.Na het resetten wordt een helptekst weergegeven. | |
| Druk op | Keer terug naar het menu. | ![]() |
| Druk op menu | Verlaat het menu en keer terug naar de standaardweergave. | |
| Alle instellingen resetten (alleen voor de installateur):Met deze functie worden alle instellingen van het HOOFDMENU en het INSTALLATEURSNIVEAU naar de basisinstelling teruggezet. Vervolgens moet de installateur de installatie opnieuw in bedrijf nemen. | ||
| Als de standaardweergave is ingesteld:menu en tegelijkertijd ingedrukt houden tot de volgende waar-schuwing 10 seconden lang wordt weergegeven: | ![]() | |
| Als een reset van alle instellingen moet plaatsvinden:menu en nog steeds tegelijkertijd ingedrukt houden tot de vol-gende helptekst wordt weergegeven: | ![]() | |
| Druk op om het resetten te beëindigen.Alle instellingen zijn nu weer naar de basisinstelling teruggezet. De installatie moet door de installateur opnieuw in bedrijf worden gesteld. | ||
6 Instellen van het HOOFDMENU
Het navigeren binnen de menustructuur, het programmeren, het verwijderen van waarden en het terugzetten naar de basisinstelling worden in hoofdstuk 5.2 vanaf pagina 16 uitvoerig beschreven.
• voor het vinden van de gedetailleerde beschrijving van de verschillende menuopties (kolom 5).
6.1 Overzicht en instellingen van het HOOFDMENU
De volgende tabellen dienen
- als overzicht van de menustructuur (kolom 1). De diepte van de menu's wordt aangegeven met verschillende grijstinten. Bijv. in het menu Verwarming > Programma bevinden zich de submenu's Wijzigen en Bekijken op hetzelfde niveau.
- als overzicht van de basisinstellingen (kolom 2) om menuopties naar de basisinstelling terug te zetten.
- als overzicht van de instelbereiken van de menuopties (kolom 3).
• voor het invullen van de persoonlijke instelling (kolom 4).

De menuopties worden alleen weergegeven als de installatiedelen aanwezig en/of geactiveerd zijn.
Sommige menuopties worden niet weergegeven omdat deze door een instelling in een andere menuoptie uitgeschakeld worden.
▶ U dient menuopties altijd in de juiste volgorde in te stellen of onveranderd over te slaan. Daardoor worden de volgende menuopties automatisch aangepast of niet weergegeven.
6.1.1 HOOFDMENU: Vakantie
| Menustructuur Vakan-tie | Basisinstel-ling | Instelbereik | Persoon-lijke instel-ling | Beschrijving vanaf pagina |
| Begin ---.---.---- Vandaag ... 31.12.2099(in jaar/maand/dag-stappen) | 24 | |||
| Einde ---.---.---- Begindatum ... 31.12.2099(in jaar/maand/dag-stappen) | ||||
| Verwarming Eco Eco / Sparen/ Verwarmen/ Automatisch | ||||
6.1.2 HOOFDMENU: Verwarming
| Menustructuur Verwarming | Basisinstelling | Instelbereik | Persoonlijke instelling | Beschrijving vanaf pagina | ||
| Programma - - - | 25 | |||||
| Activeren A:Programma A | (schakeltijden van programma Pro-gramma 4) | A:Programma A ...C:Programma C (programmanaam kan worden gewijzigd) | - | |||
| Wijzigen - - - | ||||||
| A: Programma A... C: ProgrammaC | - | - | - | |||
| Nee Nee / A:Pro-gramma A ... C:Pro-gramma C (programmanaam kan worden gewijzigd) / Programma 8/Programma 7/ Programma 6/ Pro-gramma 5/ Programma 4/ Pro-gramma 3/ Programma 2/Programma 1 | - | |||||
| Overschrijven met verwarmingspro-gramma | ||||||
| Alle dagen | → Tabel op pagina 52 | |||||
6.1.3 HOOFDMENU: Alg. Instellingen
| MenustructuurAlg. Instellingen | Basisinstelling | Instelbereik | Persoonlijke instelling | Beschrijving vanaf pagina | |
| Display Weergave - - - | 27 | ||||
| Datum DD.MM.JJJJ DD.MM | M.JJJJ of MM/D | D/JJJJ | |||
| Contrast display volgens | fabriekscontrole | 25% ... 75% | % | ||
| Standaard informatie Zonder ISM: Buitentemperatuur | Buitentemperatuur / Datum | ||||
| Met ISM: Status Solar-pomp | Status Solarpomp / Opbrengst Solar/ Buitentemperatuur/ Datum | ||||
| Toetsenblokkering Uit Uit / Aan | 27 | ||||
| Taal Nederlands Deutsch / Italiano / Francais /Nederlands | 27 | ||||
6.1.4 HOOFDMENU: Solar
| Menustructuur Solar | Basisinstelling | Instelbereik | Persoonlijke instelling | Beschrijving vanaf pagina |
| Optimalisatieinvloed CV circuit1) | 0 K 0 K (functie uit) ... 5 K K 28 |
1) Alleen met ISM
6.2 Vakantieprogramma
Hoofdmenu: Vakantie
Menustructuur en instelbereiken → pagina 21.
Gebruik dit menu als u gedurende enkele dagen een speciale functie wilt zonder de persoonlijke instellingen van de verschillende programma's en parameters te veranderen.
In het vakantieprogramma wordt het toegewezen CV-circuit op de in het vakantieprogramma ingestelde functie geregeld (bescherming tegen vorst is gewaarborgd).
Een vakantieprogramma voor de warmwaterbereiding kan alleen op de weersafhankelijke regelaar worden ingesteld.
- Begin:
- Als de datum voor Begin de datum van vandaag is, start het vakantieprogramma meteen.
- Als de datum voor Begin morgen of later is, start het vakantieprogramma om 00:00 van de ingestelde dag.
- Einde: Het vakantieprogramma eindigt om 23:59 van de ingestelde dag.
- Verwarming: Functie voor het toegewezen CV-circuit tijdens het vakantieprogramma.
Als het vakantieprogramma actief is, wordt in de standaardweergave en bijv. VAKANTIE TOT 30-09-2005 weergegeven.
Vakantieprogramma voortijdig opheffen:
Kies het menu Vakantie > Begin en druk op In het display verschijnt ----.
▶ Druk op de keuzeknop om de instelling op te slaan.
6.3 Verwarmingsprogramma
Hoofdmenu: Verwarming
Menustructuur en instelbereiken → pagina 22.

Stel de regelaar aanvoertemperatuur van het verwarmingstoestel op de maximaal benodigde aanvoertemperatuur in.
6.3.1 Tijd-/temperatuurniveauprogramma

Stel de programma's voor de be- langrijkste gebruikssituaties (bijv. vroege dienst, late dienst, vakantie thuis, enz.) eenmalig in, zodat u la- ter het passende programma snel kunt activeren.
Menu: Verwarming >Programma
Gebruik dit menu als u een verwarmingsprogramma met een persoonlijk tijd- en temperatuurniveauprofiel wenst.
Het verwarmingsprogramma is alleen actief als de functieschakelaar op ④is ingesteld.

text_image
[°C] 6 720 612 481-70.1JAfb. 11 Voorbeeld verwarmingsprogramma met tijd-/temperatuurniveauprofiel
Menu: Verwarming > Programma > Activeren
▶ Selecteer en activeer het verwarmingsprogramma.
Menu: Verwarming > Programma > Wijzigen
Instelmogelijkheden:
- Maximaal zes schakeltijden per dag met drie verschillende functies (Verwarmen ☆ /Sparen ( / Eco ).
-
Naar keuze voor elke dag verschillende tijden of dezelfde tijden voor:
-
Elke dag (Alle dagen)
- Maandag t/m vrijdag (Ma - Vr)
- Zaterdag en zondag (Za - Zo)
• Kortste schakelperiode is 15 minuten (1 segment).
Drie persoonlijke verwarmingsprogramma's kopiëren en instellen:
-
Kopieer het vooraf ingestelde verwarmingsprogramma.
▶ Stel persoonlijke schakeltijden en bijbehorende functies in: -
Deactiveer niet-benodigde schakeltijden door deze te verwijderen.
- Alle dagen: Elke dag op dezelfde tijd met de gekozen functie beginnen.
- Ma - Vr: Maandag t/m vrijdag op dezelfde tijd met de gekozen functie beginnen.
- Za · Zo: Zaterdag en zondag op dezelfde tijd met de gekozen functie beginnen.
- Eén dag van de week (bijv. Donderdag): elke donderdag op dezelfde tijd met de gekozen functie beginnen.
- Als de schakeltijden en functies niet gewijzigd worden, slaat u deze over met of.

Als de programmering voor bijv. Donderdag van de overige weekdagen afwijkt, verschijnt in de keuze Alle dagen en Ma - Vr bij alle waarden ---- van ----. Dat wil zeggen dat er geen gemeenschappelijke schakeltijden en functies voor deze selectie zijn.
- Zet het verwarmingsprogramma terug naar de basisinstelling → pagina 19.
Wijzig de naam van het verwarmingsprogramma met en. U kunt de 18 weergegeven tekens afzonderlijk vervangen door te kiezen uit de aangeboden letters en cijfers.

Spaties invoeren:
▶ Als het actuele teken een donkere achtergrond heeft, kunt u het met verwijderen (spatie = _).
Menu: Verwarming >Programma >Bekijken
- Schakeltijden en bijbehorende functies van de verwarmingsprogramma's voor Alle dagen, Ma - Vr, Za - Zo of één dag van de week als segmentring bekijken.
6.3.2 Temperatuur voor de functies en verwarmingssnelheid
Menu: Verwarming >Parameter
Gebruik dit menu om duurzaam de temperatuurniveaus voor de drie functies (Verwarmen ✦ Sparen 📄 / Eco ✦) en de verwarmingssnelheid aan uw persoonlijke wensen en aan uw woonruimte aan te passen.
Menu: Verwarming > Parameter > Temperatuurniveaus
▶ Gewenste kamertemperatuur voor de functies instellen:
- Verwarmen = maximaal benodigde temperatuur (bijv. als er personen in de woonruimte verblijven en deze een comfortabele kamertemperatuur wensen).
- Sparen = gemiddeld benodigde temperatuur (bijv. als een lagere temperatuur voldoende is of als alle personen buitenshuis zijn of slapen en het gebouw niet te sterk mag afkoelen).
- Eco *minimaal benodigde temperatuur (bijv. als alle personen buitenshuis zijn of slapen en het gebouw mag afkoelen). Houd rekening met aanwezige huisdieren en planten.
Menu: Verwarming > Parameter > Verwarmings-snelheid
▶ Stel de gewenste verwarmngssnelheid voor de CV circuit in:
- Sparen = Het gebouw wordt langzaam verwarmd en daarbij wordt energie bespaard.
- Normaal = Het gebouw wordt met „normale“ snelheid verwarmd.
- Snel = Het gebouw wordt snel verwarmd en daardoor wordt maximaal comfort bereikt.
6.4 Warm water
De FB 100 heeft geen instelmogelijkheden voor een warmwaterprogramma, programma voor de circulatiepomp, parameters voor warmwater en thermische desinfectie voor een warmwaterboiler. Deze instellingen moeten worden uitgevoerd op de weersafhankelijke regelaar.
De warmwaterbereiding kan onmiddellijk worden geactiveerd op de FB 100 door kort op de toets
te drukken (→ hoofdstuk 5.1.3 op pagina 15).
6.5 Algemene instellingen
Hoofdmenu: Alg. Instellingen
Menustructuur en instelbereiken → pagina 23.
6.5.1 Opmaak voor weergave
Menu: Alg. Instellingen > Display Weergave
Gebruik dit menu als u de opmaak voor weergave aan uw persoonlijke wensen wilt aanpassen.
- Datum: Kies de opmaak voor de datumweergave uit DD.MM.JJJJ en MM/DD/JJJJ (D = cijfer voor dag, M = cijfer voor maand, J = cijfer voor jaar).
- Contrast display: Stel het weergavecontrast tussen 25% en 75% in.
- Standaard informatie: Stel de informatie in die tijdens de standaardweergave in de bovenste regel moet worden weergegeven.
6.5.2 Toetsenblokkering
Menu: Alg. Instellingen > Toetsenblokkering
Gebruik dit menu om de toetsenfuncties tegen ongewenste bediening door kinderen te blokke- ren.
Als Toetsenblokkering actief is en tijdens de standaardweergave een geblokkeerde toets wordt ingedrukt, wordt in het display weergegeven dat de toetsenblokkering actief is.

Gewijzigde standen van de functieschakelaar worden pas na het uitschakelen van Toetsenblokkering actief.
Toetsenblokkering uitschakelen:
▶ Houd en tegelijkertijd ingedrukt tot er een melding verschijnt.
6.5.3 Taal
Menu: Alg. Instellingen > Taal
Gebruik dit menu als u een andere taal voor de displayteksten wenst.
6.6 Solarinstellingen
Hoofdmenu: Solar
Menustructuur en instelbereiken → pagina 23.
Gebruik dit menu als u de gewenste aanvoertemperatuur op grond van de beschikbare zonne-energie afhankelijk van uw regio wilt optimaliseren.
Solaroptimalisatie
Om zo veel mogelijk zonne-energie te benutten, moet de gewenste aanvoertemperatuur die van het verwarmingstoestel wordt aangevraagd, zo veel mogelijk worden gereduceerd. Bij de FB 100 kan deze reductie afhankelijk van de beschikbaarheid van zonne-energie met Optimalisatieinvloed CV circuit automatisch plaatsvinden.
Optimalisatieinvloed CV circuit: Invloed van de solarcapaciteit op de verwarmingscapaciteit die aan het toegewezen CV-circuit wordt toegevoerd. Bij een hoge waarde wordt de aanvoertemperatuur van de verwarmingscurve overeenkomstig sterker verlaagd om een grotere opbrengst van passieve zonne-energie door de vensters van het gebouw mogelijk te maken. Tegelijkertijd wordt daardoor de variatie van temperatuur in het gebouw verminderd, hetgeen het comfort doet toenemen.
▶ Verhoog Optimalisatieinvloed CV circuit als het toegewezen CV-circuit kamers met grote ramen op het zuiden verwarmt.
- Verhoog Optimalisatieinvloed CV circuit niet als het toegewezen CV-circuit kamers met kleine ramen op het noorden verwarmt.

Optimalisatieinvloed CV circuit
start op zijn vroegst na een kalibre-ringsfase van 30 dagen na ingebruik-neming van de solarinstallatie.

Overige instellingen van het solar- systeem moeten worden uitgevoerd op de weersafhankelijke regelaar.
7 Informatie weergeven
Menu:INFO
Hier kan systeeminformatie worden weergegeven.
Het navigeren binnen de menustructuur wordt in hoofdstuk 5.2 vanaf pagina 16 uitvoerig beschreven.

De menuopties worden alleen weergegeven als de installatiedelen aanwezig en/of geactiveerd zijn en deze niet door een afstandsbediening worden benaderd. Sommige menuopties worden niet weergegeven omdat deze door een instelling in een andere menuoptie uitgeschakeld worden.
Overzicht menu INFO
De volgende tabel dient
- als overzicht van de menustructuur (kolom 1). De diepte van de menu's wordt aangegeven met verschillende grijstinten.
De menu's Gebruiksaanwijzing en Verwarmingstoestel bevinden zich bijvoorbeeld op hetzelfde niveau. - als overzicht van de variabele weergavemogelijkheden (kolom 2).
- als beschrijving van de verschillende infopunten (kolom 3).
| Menustructuur INFO | Variabele voorbeeldindicatie | Beschrijving | |
| Gebruiksaanwijzing -- | |||
| Nieuwe temperatuur instellen: draai aan keuzeknop ... | - Verschillende bedieningsvoorschriften. | ||
| Verwarmingstoestel -- | |||
| Buitentemperatuur 10,0°C Actuele buitentemperatuur. | |||
| Verwarmingsfunctie mogelijk | Ja / Nee Geeft aan of het verwarmingstoestel gereed voor gebruik is. | ||
| Actuele aanvoertemperatuur | 55,0°C Actuele aanvoertemperatuur aan het verwarmingstoestel. | ||
| Brander Aan / Uit Toestand van de brander. | |||
| Verwarmingspomp Aan / Uit | Schakeltoestand van de pomp in het verwarmingstoestel. | ||
| Maximale aanvoertemperatuur | 75,0°C Op het verwarmingstoestel ingestelde maximale aanvoertemperatuur. | ||
| Inspectie vereist Ja / Nee Geeft aan of een onderhoud/controle van het verwarmingstoestel nodig is. | |||
| CV circuit -- | |||
| Codering CV circuit 1 Actueel toegewezen CV-circuit. | |||
| Functie | Auto. verwarmen / Auto. sparen/ Auto. Eco/ Verwarmen/ Sparen/ Eco/Vakantie autom./Vakantie verwarmen/ Vakantie sparen/ Vakantie Eco/ Dro-gen vloer | Actuele functie of speciale functie voor het toege-wezen CV-circuit. | |
| Gewenste kamertemperatuur. | 25,0°C Gewenste kamertemperatuur voor het toegewezen CV-circuit (alleen als “Ruimte-invloed” actief is). | ||
| Actuele kamertemperatuur | 22,0°C Op de FB 100 gemeten kamertemperatuur. | ||
| Gevraagde aanvoertemperatuur | 75,0°C Door de FB 100 berekende en gevraagde aanvoer-temparatuur voor het toegewezen verwamingscir-cuit. | ||
| Actuele aanvoertemperatuur | 47,0°C In het toegewezen CV-circuit gemeten aanvoertem-peratuur. | ||
| Verwarmingspomp Aan / Uit | Schakeltoestand van de verwarmingspomp in het toegewezen CV-circuit. | ||
| Positie mengklep | 85% open | Actuele openingsgraad van de mengklep in het toegewezen CV-circuit. | |
| Installateur | |||
| Telefoonnummer (telefoonnummer) Telefoonnummer van de installateur. | |||
| Naam (naam) Naam van de installateur. | |||
| Solar -- | |||
| Solaropbrengst laatste uur 1 | 20 Wh Opbrengst van zonne-energie gedurende het laatste uur (hier worden alleen waarden weergegeven als op de weersafhankelijke regelaar in het menu Solaroptimalisatie correcte parameters zijn ingesteld). | ||
| Solaropbrengst vandaag 2,38 kWh Opbrengst zonne-energie van vandaag. | |||
| Gewenste kampertemp.verminderd met | 1,3 K Actuele vermindering van de gewenste kamertemperatuur, op grond van de ter beschikking staande zonne-energie. Start pas 30 dagen na de ingebruik-neming. | ||
| Storingen 40 solarsysteem | 03 FB codering 1EA verwarmingstoestel ... | Lijst van actuele storingen. Meer informatie wordt weergegeven als u selecteert met en bevestigt met | |
8 Menu INSTALLATEURSNIVEAU instellen (alleen voor de installateur)

Het menu INSTALLATEURSNI-VEAU is alleen voor de installateur bestemd.
▶ INSTALLATEURSNIVEAU openen: Druk menu ca. 3 Sekunden in.
Het navigeren binnen de menustructuur, het programmeren, het verwijderen van waarden en het terugzetten naar de basisinstelling worden in hoofdstuk 5.2 vanaf pagina 16 uitvoerig beschreven.
8.1 Overzicht en instellingen van het menu INSTALLATEURSNI-VEAU
De volgende tabellen dienen
- als overzicht van de menustructuur (kolom 1).
- als overzicht van de basisinstellingen (kolom 2) om menuopties naar de basisinstelling terug te zetten.
- als overzicht van de instelbereiken van de menuopties (kolom 3).
- voor het invullen van de persoonlijke instelling (kolom 4).
• voor het vinden van de gedetailleerde beschrijving van de verschillende menuopties (kolom 5).

De menuopties worden alleen weergegeven als de installatiedelen aanwezig en/of geactiveerd zijn.
Sommige menuopties worden niet weergegeven omdat deze door een instelling in een andere menuoptie uitgeschakeld worden.
▶ U dient menuopties altijd in de juiste volgorde in te stellen of onveranderd over te slaan. Daardoor worden de volgende menuopties automatisch aangepast of niet weergegeven.
8.1.1 INSTALLATEURSNIVEAU: Systeemconfiguratie
| Menustructuur Systeemconfiguratie | Basisinstelling | Instelbereik | Persoon-lijke instelling | Beschrijving vanaf pagina |
| Automatisch Systeemconf. starten | Nee Nee / Ja | 35 | ||
| Codering CV circuit 0 1 ... 10 | ||||
| Configuratie CV circuit Ongemengd zonder IPM | Ongemengd zonder IPM/ Ongemengd met IPM/ Gemengd | |||
| ISM Nee Nee / Aangesloten |
8.1.2 INSTALLATEURSNIVEAU: Verwarmingsparameter
| Menustructuur Verwarmingsparameter | Basisinstelling | Instelbereik | Persoon-lijke instelling | Beschrijving vanaf pagina |
| Verwarmingstype in verwarmingscircuit | Radiatoren Voetpunt/eindpunt / Vloerver-warming/ Radiatoren/ Convec-toren | 35 | ||
| Voetpunt 25°C 10°C ... 85°C °C | 37 | |||
| Eindpunt 75°C 30°C ... 85°C °C | 37 | |||
| Temperatuurkeuze 75°C 30°C ... 85°C °C 37 | ||||
| Maximale aanvoertemperatuur | 80°C 30°C ... 85°C °C 37 | |||
| Ruimte-invloed 30% 0% ... 100% % 37 | ||||
| Ruimte-invloed actief bij Sparen, Eco Sparen, Eco / Verw.- Sparen-Eco | 37 | |||
| Ruimtetemperatuur compensatie | 0,0 K | -5,0 K ... 5,0 K | K | 37 |
| CV uit tot lager temp.niveau | Ja | Nee / Ja | 37 | |
| Buitentemperatuur uitschake-ling | 20,0°C | 10,0°C ... 25,0°C, 99,0°C (= functie uit) | °C | 37 |
| Vorstgrens temperatuur | 3,0°C | -5,0°C ... 10,0°C | °C | 38 |
| Omlooptijd mengklep | 140 s | 10 s ... 600 s | s | 38 |
| Min. buitentemperatuur | -15°C | -30°C ... 0°C | °C | 38 |
| Opslagcapaciteit gebouw | 50% 0% ... 100% % 38 | |||
| IJken ruimtetemp. voeler | 0,0 K | -3,0 K ... 3,0 K | K | 38 |
| Optimalisatieinvloed CV cir-cuit ^1) | 0 K | 0 K (functie uit) ... 5 K | K | 39 |
1) Alleen met ISM
8.1.3 INSTALLATEURSNIVEAU: Systeemstoringen
| MenustructuurSysteemstoringen | Basisinstelling | Instelbereik | Persoonlijke instelling | Beschrijving vanaf pagina |
| 01.01.200616:11EA Verwarm.toestel (voorbeeld van laatste storing) | - | - | - | 39 |
| 25.09.200518:4532 IPM codering 3 (max. 19 eerdere storingen) | - | - | - |
8.1.4 INSTALLATEURSNIVEAU: Service adres
| MenustructuurService adres | Voorbeeld Instelbereik | Persoon-lijke instelling | Beschrijving vanaf pagina | |
| Telefoonnummer 012345 6789 | max. 20 tekens | 39 | ||
| Naam Verwar- | mingsinstal-latiebedrijf | max. 20 tekens | ||
8.1.5 INSTALLATEURSNIVEAU: Systeeminfo
| Menustructuur Systeeminfo | Voorbeeld Instelbereik | Persoon-lijke instelling | Beschrijving vanaf pagina | |
| Datum eerste ingebruikneming | 22.10.2005 (activering bij ingebruik-neming) | - | - | 39 |
| Bestelnummer verwarmings-toestel | 7 777 777 777 (waarde van verwar-mingstoestel) | - | - | |
| Productiedatum verwarmings-toestel | 27.06.2005 (waarde van verwarmings-toestel) | - | - | |
| Bestelnummer en type regelaar | 7 777 777 777 FB 100 (vaste waarde van fabriek) | - | - | |
| Productiedatum regelaar 27.06 | 2005 (vaste waarde van fabriek) | - | - | |
| Versie regelaarsoftware JF11.12 | (vaste waarde van fabriek) | - | - | |
8.2 Verwarmingssysteem configu- reren
Installateursniveau: Systeemconfiguratie
Menustructuur en instelbereiken → pagina 32.

Installatievoorbeelden vindt u in de gebruiksaanwijzing van de IPM Ove-rige mogelijk installaties vindt u in de planningsdocumentatie.
Gebruik dit menu als u het systeem automatisch of handmatig wilt configureren, bijvoorbeeld bij ingebruikneming of bij verandering van de installatie.
▶ Stel de codering van alle busdeelnemers overeenkomstig hun functie in (bijv. IPM 1 voor CV-circuit 1, enz.).
▶ Start de automatisch configuratie.
- Controleer de andere menuopties onder Systemconfiguratie en pas deze indien nodig handmatig aan de actuele installatie aan.
8.3 Parameters voor verwarming
Installateursniveau: Verwarmingsparameter
Menustructuur en instelbereiken → pagina 33.

Stel de regelaar aanvoertemperatuur van het verwarmingstoestel op de maximaal benodigde aanvoertemperatuur in.
Gebruik dit menu als u de parameters voor het toegewezen CV-circuit wilt instellen. Met deze parameters wordt bijv. de verwarmingscurve berekend.
Menu: Verwarmingsparameter > Verwarmings-type in verwarmingscircuit
▶ Het verwarmingstype van het toegewezen CV-circuit instellen:
- Voetpunt/eindpunt: Basisinstelwaarden voor een verwarmingscurve in rechte vorm, volgens de klassieke voetpunt-/eindpunt-methode, worden overgenomen.
- Vloerverwarming: Basisinstelwaarden voor een verwarmingscurve in gekromde vorm, passend bij een vloerCV-circuit, worden overgenomen.
- Radiatoren: Basisinstelwaarden voor een verwarmingscurve in gekromde vorm, passend bij een CV-circuit met radiatoren, worden overgenomen.
- Convectoren: Basisinstelwaarden voor een verwarmingscurve in gekromde vorm, passend bij een CV-circuit met convectoren, worden overgenomen.

Voor het desbetreffende verwarmingstype niet benodigde parameters worden niet weergegeven.

line
| AT (°C) | VL (°C) | |---|---| | -20 | 80 | | -10 | 70 | | 0 | 60 | | +10+20 | 40 | | < +10+20 | 25 | | < +10+20 | 25 | | < +10+20 | 25 | | < +10+20 | 25 | | < +10+20 | 25 | | < +10+20 | 25 | | < +10+20 | 25 | | < +10+20 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +10+21 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 | 25 | | < +9.5 > -10.5 | 25 | | < +9.5 > -10.5 | 30 | | < +9.5 > -10.5 | 30 | | < +9.5 > -10.5 | 30 | | < +9.5 > -10.5 | 30 | | < +9.5 > -10.5 | 30 | | < +9.5 > -10.5 | 30 | | < +9.5 > -10.5 |Afb. 12 Basisinstelling van de verwarmingscurve voor voetpunt-/eindpuntmethode

Afb. 14 Basisinstelling van de verwarmingscurve voor verwarming met radiatoren

line
| AT (°C) | VL (°C) | | :--- | :--- | | -5 | 20 | | +10+20 | 30 | | -20 | 48 |Afb. 13 Basisinstelling van de verwarmingscurve voor vloerverwarming

line
| AT | VL | | ------ | ---- | | -20 | 80 |Afb. 15 Basisinstelling van de verwarmingscurve voor verwarming met convectoren
AT Buitentemperatuur
VL Aanvoertemperatuur
| Basisinstelling van de parame- ters voor verwarmingscurve | Voetpunt/eindpunt | Vloerverwarming | Radiatoren | Convectoren |
| Exponent verwarmingsoppervlak (vaste waarde), kromming van de verwarmingscurve | -1,1 1,3 1,4 | |||
| Min. buitentemperatuur - -15°C -15°C | -15°C | |||
| Voetpunt | 25°C | - | - | - |
| Eindpunt | 75°C | - | - | - |
| Temperatuurkeuze | - | 45°C | 75°C | 80°C |
| Maximale aanvoertemperatuur | 80°C | 55°C | 80°C | 80°C |
| Ruimtetemperatuur compensatie | 0,0K | 0,0K | 0,0K | 0,0K |
| Buitentemperatuur uitschakeling | 20°C | 20°C | 20°C | 20°C |
Menu: Verwarmingsparameter > Voetpunt
▶ Stel het voetpunt van de verwarmingscurve in volgens de klassieke voetpunt/eindpunt-methode.
Menu: Verwarmingsparameter > Eindpunt
▶ Stel het eindpunt van de verwarmingscurve in volgens de klassieke voetpunt/eindpunt-methode.
Menu: Verwarmingsparameter > Temperatuurkeuze
▶ Stel de gewenste aanvoertemperatuur tijdens de configuratie passend bij het verwarmings-type van het toegewezen CV-circuit in:
- Voor Vloerverwarming bijv. 45°C gewenste aanvoertemperatuur.
- Voor Radiatoren bijv. 75°C gewenste aanvoertemperatuur.
- Voor Convectoren bijv. 80°C gewenste aanvoertemperatuur.
Menu: Verwarmingsparameter > Maximale aanvoertemperatuur
▶ Stel de maximale gewenste aanvoertemperatuur passend bij het verwarmingstype van het toegewezen CV-circuit in:
- Voor Vloerverwarming bijv. 55°C maximale gewenste aanvoertemperatuur.
- Voor Radiatoren bijv. 80°C maximale gewenste aanvoertemperatuur.
- Voor Convectoren bijv. 80°C maximale gewenste aanvoertemperatuur.
Menu: Verwarmingsparameter > Ruimte-invloed
▶ Stel de invloed van de kamertemperatuur op de verwarmingscurve in:
- 0%: geen kamertemperatuurinvloed
- 100%: maximale kamertemperatuurinvloed
Menu: Verwarmingsparameter > Ruimte-invloed actief bij
- Kies de functies waarbij de kamertemperatuurinvloed actief moet zijn:
- Sparen, Eco: kamertemperatuurinvloed alleen voor deze functies actief.
- Verw.- Sparen- Eco: kamertemperatuurinvloed altijd actief.
Menu: Verwarmingsparameter > Ruimtetemperatuur compensatie
▶ Stel de duurzame verhoging van de gewenste kamertemperatuur voor het toegewezen CV-circuit in, bijv. om systeemafhankelijke afwijkingen te corrigeren.
Menu: Verwarmingsparameter > CV uit tot lager temp.niveau
▶ Selecteer de afkoelfase voor het toegewezen CV-circuit:
- Nee: Verwarmen volgens verwarmingscurve.
- Ja: Verwarmen volgens de verwarmingscurve, echter geen verwarming tijdens de afkoelfase tot de actuele kamertemperatuur (bijv. Verwarmen= 21,0°C) voor het eerst de gewenste kamertemperatuur van de volgende lagere functie (bijv. Sparen 15,0°C) heeft bereikt. Vervolgens wordt er volgens de volgende lagere functie verwarmd (bijv. Sparenmet 15,0°C).
Menu: Verwarmingsparameter > Buitentemperatuur uitschakeling
▶ Stel de buitentemperatuur voor het toegewezen CV-circuit in waarbij de verwarming uitgeschakeld moet worden:
- 10°C ... 25°C: Buitentemperatuur waarbij de verwarming wordt uitgeschakeld.
- 99°C: Functie uitgeschakeld, dat wil zeggen dat de verwarming bij elke buitentemperatuur kan worden ingeschakeld.
Menu: Verwarmingsparameter > Vorstgrens temperatuur

Waarschuwing: Defecten aan verwarmingswater voerende delen bij een te laag ingestelde vorstgrens en lagere buitentemperaturen onder de 0°C!
▶ Basisinstelling van de vorst-grens (3°C) alleen door een installateur die vertrouwd is met de installatie laten aanpassen.
▶ Vorstgrens niet te laag instellen. Schade door een te laag ingestelde vorstgrens zijn van garantie utgesloten!
- Als de buitentemperatuur de ingestelde vorstgrenstemperatuur met 1 K(°C) overschrijdt en er geen warmtevraag is, wordt de CV-circuit-pomp uitgeschakeld.
- Als de buitentemperatuur de ingestelde vorstgrenstemperatuur overschrijdt, wordt de CV-circuitpomp ingeschakeld (installatievorstbescherming).
▶ Stel de vorstgrenstemperatuur in waarbij de verwarming voor het toegewezen CV-circuit ingeschakeld moet worden:
Menu: Verwarmingsparameter >Omlooptijd mengklep
▶ Stel de Omlooptijd mengklep op de looptijd van de gebruikte mengklepstelmotor voor het toegewezen CV-circuit in.
Menu: Verwarmingsparameter >Min. buitentemperatuur
▶ Stel de minimale buitentemperatuur voor de configuratie van de hele verwarmingsinstallatie in (richtwaarden → afbeelding 16 en tabel 2). Een lage buitentemperatuur leidt tot een vlakke verwarmingscurve.
| Plaats | Min. bui-tentempe-ratuur in°C | Plaats | Min. bui-tentempe-ratuur in°C |
| Athene -2 Marseille -6 | |||
| Berlijn -15 Moskou -30 | |||
| Brussel -10 Napels -2 | |||
| Boedapest -12 Nice ±0 | |||
| Boekarest | -20 Parijs | -10 | |
| Hamburg | -12 Praag | -16 | |
| Helsinki | -24 Rome | -1 | |
| Istanbul | -4 Sewasto-pol | -12 | |
| Kopenhagen | -13 Stockholm | -19 | |
| Lissabon | ±0 | Valencia | -1 |
| Londen | -1 Wenen | -15 | |
| Madrid | -4 Zurich | -16 | |
Tabel 2 Minimale buitentemperaturen voor Europa
Menu: Verwarmingsparameter >Opslagcapaciteit gebouw
▶ Factor voor de warmteopslagcapaciteit van het gebouw instellen.
- ≥ 50%: Gebouw met zware constructie (bijv. stenen huis met dikke muren).
- ≤ 50%: Gebouw met lichte constructie (bijv. vakantiehuisje van hout).
Menu: Verwarmingsparameter >IJken ruimte-temp. voeler
Gebruik dit menu als u de weergegeven kamertemperatuur wilt aanpassen.
▶ Breng een geschikt precisiemeetinstrument in de buurt van de FB 100 aan. Het precisiemeet-instrument mag geen warmte aan de FB 100 afgeven.
▶ Houd een uur lang warmtebronnen zoals zonnestralen, lichaamswarmte enz. uit de buurt.
▶ Compenseer de weergegeven correctie-waarde voor de kamertemperatuur.
Menu: Verwarmingsparameter >Optimalisatieinvloed CV circuit
Gedetailleerde beschrijving bij Optimalisatieinvloed CV circuit→ pagina 28.
Meer informatie vindt u in de documentatie bij de weersafhankelijke regelaar.

Overige instellingen van het solar- systeem moeten worden uitgevoerd op de weersafhankelijke regelaar.
8.4 Storingshistorie
Installateursniveau: Systeemstoringen
Menustructuur → pagina 33.
Hier kan de installateur de twintig storingen laten weergeven die het laatst in de installatie zijn opgetreden (storingsdatum, storingsbron, storingscode en storingsbeschrijving). De storingen die het eerst worden weergegeven, kunnen nog actief zijn.
8.5 Serviceadres weergeven en instellen
Installateursniveau: Service adres
Menustructuur en instelbereik → pagina 34
Voor de service kan de installateur hier zijn telefoonnummer en adres invoeren.

Spaties invoeren:
▶ Als het actuele teken een donkere achtergrond heeft, kunt u het met verwijderen (spatie = _).
8.6 Systeeminformatie weergeven
Installateursniveau: Systeeminfo
Menustructuur → pagina 34.
Systeeminformatie weergeven:
- Datum eerste ingebruikneming (wordt automatisch bij de ingebruikneming geactiveerd)
- Bestelnummer verwarmingstoestel (vaste waarde van verwarmingstoestel)
- Productiedatum verwarmingstoestel (vaste waarde van verwarmingstoestel)
- Bestelnummer en type regelaar (vaste waarde van fabriek)
- Productiedatum regelaar (vaste waarde van fabriek)
- Versie regelaarsoftware (vaste waarde van fabriek)
9 Storingen verhelpen
Storingen van busdeelnemers worden weergegeven.
Een storing van het verwarmingstoestel (bijv. storing EA) wordt in het display van de afstandsbediening aangegeven.
▶ Raadpleeg een vakman voor verwarming.
9.1 Storingen verhelpen met indicatie

text_image
9 12h 15 - MET OK TERUG Storing 11 IPM codering 1 Systeemconfiguratie nieuwe busdeelnemer 135 3 24h 21 6 720 613 462-22.10Afb. 16 Storingsindicatie
1 Storing nummer
2 Busdeelnemer die de storing heeft herkend en aan alle regelaars meldt
3 Tekst bij storing nummer
4 Code of overige storingstekst
De actuele storing wordt op de regelaar en op alle afstandsbedieningen weergegeven (op FB 10 zonder tekst):
▶ De betrokken busdeelnemer met de actuele storing moet worden vastgesteld. De opgetreden storing kan alleen worden verholpen aan de busdeelnemer die de storing heeft veroorzaakt.

Voor de installateur:
▶ Verhelp de storing volgens de documentatie van het verwarmings-toestel.
| Indicatie (→ Pos. 1, 3 en 4 in afbeelding 16)Tekst Code Oorzaak | Door installateur laten ver- helpen | ||
| Storingen 01Storing in HT-Buscommunicatie! | 10 Aan | IPM toegewezen bus- deelnemer FB 100 meldt zich niet meer. | Controleer de codering van de busdeelnemer, contro- leer de busverbinding en her- stel de onderbreking indien nodig. |
| 200 Verwarmingstoestel meldt zich niet meer. | |||
| 201 Verkeerde busdeelnemer aangesloten. | Identificeer de verkeerde busdeelnemer en vervang deze. | ||
| Storingen 02Interne storing | 40 Verkeerde busdeelnemer aangesloten. | Identificeer de verkeerde busdeelnemer en vervang deze. | |
| 41 Twee identieke coderingen op IPM ingesteld. | Schakel de installatie uit en corrigeer de codering. | ||
| 42 Codeerschakelaar op IPM in tussenstand. | |||
| 50 Thermische desinfectie via IPM mislukt. | Zet de regelaar aanvoertem- peratuur van het verwar- mingstoestel helemaal naar rechts. | ||
| 100 ISM antwoordt niet. Controleer de busverbinding en herstel de onderbreking indien nodig. | |||
| 254 Overloop aan storingsmeldin- gen. | - | ||
| Storingen 02Interne storingVanwege EEPROM-problemen worden enkele parameters teruggezet naar de basisinstelling | 205 Zie displaytekst.1) | Controleer de parameters en stel deze indien nodig opnieuw in. Stel bij opnieuw optreden vast welke rege- laar of afstandsbediening defect is en vervang deze. | |
| Storingen 02Interne storingFB100/FW100/FW200/FW1000 kan het verwarmingssysteem niet meer bestu- ren. | 255 Zie displaytekst.1) | Stel vast welke regelaar of afstandsbediening defect is en vervang deze. | |
| Storingen 03Voeler ruimtemp. defect | 20 In de regelaar of afstandsbe- diening ingebouwde kamer- temperatuurvoeler is onderbroken. | Stel vast welke regelaar of afstandsbediening defect is en vervang deze. | |
| 21 De in de regelaar of afstands- bediening ingebouwde kamertemperatuurvoeler is kortgesloten.Indicatie (→ Pos. 1, 3 en 4 in afbeelding 16) | |||
| Door installateur laten ver- helpen | |||
| Tekst Code Oorzaak | |||
| Storingen 10Systeemconfiguratie ongeldig | 194195 | Op de regelaar Afstandsbe- diening voor niet aanwezig CV-circuit herkend of inge- steld. | Controleer de systeemop- bouw en de systeemconfigu- ratie op de regelaar en pas deze indien nodig aan. |
| Storingen 10Systeemconfiguratie ongeldig | 196197198199 | In het systeem is slechts één ongemengd CV-circuit toege- staan. | |
| Storingen 11Systeemconfiguratie nieuwe busdeelne- mer | 131132 | Op de regelaar Nieuwe ISM herkend. | Schakel de spanning van alle ISM’s tegelijkertijd in en start de automatische systeem- configuratie. |
| Storingen 11Systeemconfiguratie nieuwe busdeelne- merNieuwe afstandsbediening herkend. Controleer de systeemconfiguratie en pas deze aan. | 133134 | Op de regelaar nieuwe ISM herkend. | Controleer de systeemconfi- guratie en pas deze aan. |
| Storingen 11Systeemconfiguratie nieuwe busdeelne- mer | 135136137138139 | Op de regelaar nieuwe IPM herkend. | |
| Storingen 12Systeemconfiguratie busdeelnemer ont- breekt | 170171 | ISM1/ISM2 niet herkend, bedrading controleren! | Controleer de aansluitng ISM1/ISM2. |
| Storingen 12Systeemconfiguratie busdeelnemer ont- breekt | 172 Tot | dusver aanwezige IPM voor boiler na hydraulische poort wordt op regelaar niet meer herkend. | Controleer en corrigeer de codering. Bij IPM in stroom- loze toestand. |
| Storingen 12Systeemconfiguratie busdeelnemer ont- breekt | 173 IPM | voor boiler na de hydraulische poort op regelaar niet herkend. | Controleer aansluiting en codering. |
| Storingen 12Systeemconfiguratie busdeelnemer ont- breekt | 174175 | Afstandsbediening met code- ring x op regelaar niet her- kend. | |
| Storingen 12Systeemconfiguratie busdeelnemer ont- breekt | 176177178179 | IPM met codering x niet her- kend, aansluiting en codering controleren! | |
| Storingen 13Systeemconfiguratie busdeelnemer ver- anderd of verwisseld | 157 Zie | displaytekst.1) | Controleer systeemconfigu- ratie voor warmwaterberei- ding op regelaar of start automatische systeemconfi- guratie. |
| Storingen 13Systeemconfiguratie busdeelnemer ver- anderd of verwisseld | 158159 | IPM verwarmingscircuit x bedrading en/of codering controleren! | |
| Indicatie (→ Pos. 1, 3 en 4 in afbeelding 16)Tekst Code Oorzaak | Door installateur laten ver- helpen | ||
| Storingen 14Systeemconfiguratie niet-toegestane busdeelnemer | 117 W | Warmwaterbereiding wordt door verwarmingstoestel gestuurd. Warmwaterberei- ding via IPM is niet geacti- veerd! | Identificeer niet-toegestane busdeelnemer en verwijder deze uit de installatie. |
| Storingen 14Systeemconfiguratie niet-toegestane busdeelnemer | 118119 | Zie displaytekst.1) | IPM voor boiler moet op codering 3 of hoger zijn inge- steld. |
| Storingen 15Buitentemp.voeler niet aangesloten | 30 Geen communicatie met de buitenvoeler! | Controleer de buitentempe- ratuurvoeler en hef de onder- breking indien nodig op. | |
| Storingen 19Opslaan ingestelde parameters niet mogelijk | 202 Busdeelnemer is geconfigu- reerd, maar momenteel niet beschikbaar. | Controleer systeemopbouw en systeemconfiguratie, pas deze indien nodig aan en stel parameters opnieuw in. | |
| Storingen 20Systeemconfiguratie ongeldigOngeldige codering CV-circuit, met FW200 is alleen codering 1 t/m 4 moge- lijk. | 192 Zie displaytekst.1) | ||
| Storingen 20Systeemconfiguratie ongeldigOngeldige codering CV-circuit, met FW100 is alleen codering 1 t/m 4 moge- lijk. | 193 | ||
| Storingen 21Systeemconfiguratie nieuwe busdeeln- merNieuwe IPM herkend. Controleer de sys- teemconfiguratie en pas deze aan. | 137139 | ||
| Storingen 22Systeemconfiguratie busdeelnemer ont- breektIPM met codering x niet herkend, aan- sluiting en codering controleren! | 178179 | ||
| Storingen 23Systeemconfiguratie busdeelnemer ver- anderd of verwisseldIPM verwarmingscircuit x bedrading en/ of codering controleren! | 159 Zie displaytekst.1) | ||
| Storingen 24Systeemconfiguratie niet-toegestane busdeelnemerIPM voor boiler moet op codering 3 of hoger zijn ingesteld. | 119 | ||
| Storingen 27FW100/FW200/FW1000 niet gevonden. | 191 Zie displaytekst.1) | Controleer de busverbinding en herstel de onderbreking indien nodig. | |
| Storingen 28Afstandsbediening is in het toestel gemonteerd. | 155 Afstandsbediening in verwar- mingstoestel ingebouwd. | Monteer de afstandsbedie- ning in het woongedeelte. | |
| Storingen 29Opslaan ingestelde parameters niet mogelijk | 202 Busdeelnemer is geconfigu- reerd, maar momenteel niet beschikbaar. | Controleer systeemopbouw en systeemconfiguratie, pas deze indien nodig aan en stel parameters op de afstands- bediening opnieuw in. | |
| Storingen 30Temperatuurvoeler mengklep defect | 7 Aan IPM aangesloten meng- kleptemperatuurvoeler (MF) defect. | Controleer mengkleptempe- ratuurvoeler (MF) en ver- vang deze indien nodig. | |
| Storingen 31Externe voeler aanvoertemperatuur defect | 6 Aan IPM aangesloten gemeenschappelijke tempe- ratuurvoeler (VF) defect. | Controleer gemeenschappelijke temperatuurvoeler (VF) en vervang deze indien nodig. | |
| Storingen 32Boilervoeler defect | 8 Aan IPM aangesloten boiler- temperatuurvoeler (SF) defect. | Controleer boilertempera- tuurvoeler (SF) en vervang deze indien nodig. | |
| Storingen 33Temperatuurvoelers verkeerd aangeslo- ten | 20 Aan de IPM zijn een boiler- temperatuurvoeler (SF) en een mengkleptemperatuur- voeler (MF) aangesloten. | Verwijder een van de tempe- ratuurvoelers (SF of MF). | |
| 21 Aan de IPM zijn twee gemeenschappelijke tempe- ratuurvoelers (VF) aangeslo- ten. | Verwijder een gemeenschappelijke temperatuurvoeler (VF). | ||
| 22 Aan IUM temperatuurvoeler aangesloten. | Verwijder de temperatuur- voeler en zet indien nodig een codeerbrug in. | ||
| Storingen 34Aangesloten temperatuurvoeler en func- tie passen niet bij elkaar | 23 Aan IPM aangesloten tempe- ratuurvoeler en toegewezen functie passen niet bij elkaar. | Controleer temperatuurvoe- ler en toegewezen functie en pas deze indien nodig aan. | |
| Storingen 40Temperatuurvoeler T1 collectorveld 1 defect | 101 Kortsluiting van voelerlei- ding ( T_1 ). | Controleer temperatuurvoe- ler ( T_1 ) en vervang deze indien nodig. | |
| 102 Onderbreking van voelerlei- ding ( T_1 ). | |||
| Storingen 41Temperatuurvoeler T2 Solarboiler defect | 103 Kortsluiting van voelerlei- ding ( T_2 ). | Controleer temperatuurvoe- ler ( T_2 ) en vervang deze indien nodig. | |
| 104 Onderbreking van voelerlei- ding ( T_2 ). | |||
| Storingen 42Temperatuurvoeler T3 CV-retour boiler defect | 105 Kortsluiting van voelerlei- ding ( T_3 ). | Controleer temperatuurvoe- ler ( T_3 ) en vervang deze indien nodig. | |
| 106 Onderbreking van voelerlei- ding ( T_3 ). | |||
| Indicatie (→ Pos. 1, 3 en 4 in afbeelding 16) | Door installateur laten ver- helpen | ||
| Tekst Code Oorzaak | |||
| Storingen 43Retourvoeler T4 defect | 107 Kortsluiting van voelerlei- ding ( T_4 ). | Controleer temperatuurvoe- ler ( T_4 ) en vervang deze indien nodig. | |
| 108 Onderbreking van voelerlei- ding ( T_4 ). | |||
| Storingen 44Temperatuurvoeler T5 Solarboiler defect | 109 Kortsluiting van voelerlei- ding ( T_5 ). | Controleer temperatuurvoe- ler ( T_5 ) en vervang deze indien nodig. | |
| 110 Onderbreking van voelerlei- ding ( T_5 ). | |||
| Storingen 45Temperatuurvoeler T6 boiler defect | 111 Kortsluiting van voelerlei- ding ( T_6 ). | Controleer temperatuurvoe- ler ( T_6 ) en vervang deze indien nodig. | |
| 112 Onderbreking van voelerlei- ding ( T_6 ). | |||
| Storingen 46Temperatuurvoeler TA collectorveld 2 defect | 113 Kortsluiting van voelerlei- ding (TA). | Controleer temperatuurvoe- ler (TA) en vervang deze indien nodig. | |
| 114 Onderbreking van de voeler- leiding (TA). | |||
| Storingen 47Temperatuurvoeler TB bij boiler B boven defect | 115 Kortsluiting van voelerlei- ding (TB). | Controleer temperatuurvoe- ler (TB) en vervang deze indien nodig. | |
| 116 Onderbreking van de voeler- leiding (TB). | |||
| Storingen 48Temperatuurvoeler TC bij boiler C onder defect | 117 Kortsluiting van voelerlei- ding (TC). | Controleer temperatuurvoe- ler (TC) en vervang deze indien nodig. | |
| 118 Onderbreking van de voeler- leiding (TC). | |||
| Storingen 49Temperatuurvoeler TD bij externe warm- tewisselaar defect | 119 Kortsluiting van voelerlei- ding (TD). | Controleer temperatuurvoe- ler (TD) en vervang deze indien nodig. | |
| 120 Onderbreking van de voeler- leiding (TD). | |||
| Storingen 50Solarpomp geblokkeerd of lucht in sys- teem | 121 Solarpomp (SP, PA of PC) zit vast door mechanische blok- kering. | Draai de gleufschroef op de pompkop uit en draai de pompas met een schroeven- draaier los. Sla niet tegen de pompas. | |
| Lucht in solarsysteem. Ontlucht solarsysteem, vul indien nodig warmtedrager- vloeistof bij. | |||
| 143 Pomp secundair circuit (PD) zit vast door mechanische blokkering. | Draai de gleufschroef op de pompkop uit en draai de pompas met een schroeven- draaier los. Sla niet tegen de pompas. | ||
| Storingen 51Verkeerd type temperatuurvoeler aange- sloten | 122 Collectortemperatuurvoeler als boilertemperatuurvoeler ( T_2 ) gebruikt. | Gebruik het juiste type tem- peratuurvoeler. → Techni- sche gegevens in installatiehandleiding van ISM. | |
| 123 Boilertemperatuurvoeler als collectortemperatuurvoeler ( T_1 ) gebruikt. | |||
| 127 Boilertemperatuurvoeler als collectortemperatuurvoeler (TA) gebruikt. | |||
| 132 Temperatuurvoeler van het type PTC 1000 als boilertem- peratuurvoeler ( T_2 ) gebruikt. | |||
| 133 Temperatuurvoeler van het type PTC 1000 als collector- temperatuurvoeler ( T_1 ) gebruikt. | |||
| Storingen 52Temperatuurvoelers verwisseld | 124 Temperatuurvoelers ( T_1 en T_2 ) verwisseld. | Controleer de temperatuur- voelers en verwissel de aan- sluitingen indien nodig. | |
| 129 Temperatuurvoeler (TA en T_2 ) verwisseld. | |||
| 130 Temperatuurvoeler ( T_1 en TA) verwisseld. | |||
| 131 Temperatuurvoeler ( T_2 en TB) verwisseld. | |||
| 141 Temperatuurvoeler ( T_2 en TC) verwisseld. | |||
| 144 Temperatuurvoeler ( T_2 en TD) verwisseld. | |||
| Storingen 53Verkeerde montageplaats temperatuur- voeler | 125 Collectortemperatuurvoeler ( T_1 of TA) aan ingang collec- torveld geïnstalleerd. | Monteer collectortempera- tuurvoeler ( T_1 of TA) in de buurt van de collectorvelduit- gang. | |
| Indicatie (→ Pos. 1, 3 en 4 in afbeelding 16)Tekst Code Oorzaak | Door installateur laten ver- helpen | ||
| Storingen 54Temperatuur voor thermische desinfectie in Solarboiler niet bereikt | 145 Ma | Maximale temperatuur voor de solarboiler te gering. | Stel de maximale temperatuur voor de solarboiler hoger in. |
| Pompvolume van desinfectie-pomp (PE) te gering. | Stel het pompniveau op de desinfectiepomp (PE) hoger in of open het reduceer-DW-kraan verder, indien mogelijk. | ||
| Thermische desinfectie handmatig onderbroken voordat de noodzakelijke temperatuur in de solarboiler is bereikt. | Geen storing. Storingsmeling wordt alleen 5 minuten weergegeven. | ||
| Storingen 55Solarsysteem nog niet in bedrijf gesteld | 146 Solarsysteem is nog niet in bedrijf. | Vul en ontlucht de solarinstallatie volgens de documentatie bij de solarinstallatie en bereid de installatie voor de ingebruik-neming voor. Neem de solarinstallatie vervolgens in bedrijf. | |
| Storingen 56Minstens één pomp of één DWK in hand-matig bedrijf | 147 Pomp (SP) in handmatig bedrijf. | Zet de parameter voor pomp of DW-kraan terug op “Auto-matisch”. | |
| 148 DW-kraan (DWK1) in hand-matig bedrijf. | |||
| 150 Pomp (PA) in handmatig bedrijf. | |||
| 151 Pomp (PB) in handmatig bedrijf. | |||
| 152 Pomp/DW-kraan (PC/DWKC) in handmatig bedrijf. | |||
| 153 Pomp (PD) in handmatig bedrijf. | |||
| 154 Pomp (PE) in handmatig bedrijf. | |||
1) De displaytekst wordt weergegeven op de busdeelnemer (bijv. afstandsbediening) die de storing heeft herkend. Op de andere busdeelnemers wordt in plaats daarvan de code weergegeven, komt overeen met de displaytekst.
9.2 Storingen verhelpen zonder indicatie
| Klacht Oorzaak Oplossing | ||
| Gewenste kamertemperatuur wordt niet bereikt. | Thermostaatkraan of -kranen te laag ingesteld. | Stel de thermostaatkraan of de -kranen hoger in. |
| Verwarmingscurve te laag ingesteld. “Stel | Temperatuurniveaus” voor “Verwarmen” hoger in of laat de verwarmingscurve door een installateur corrigeren. | |
| Regelaar aanvoertemperatuur van verwarmingstoestel te laag ingesteld. | Stel regelaar aanvoertemperatuur hoger in. | |
| Beperk eventueel het effect van de solaroptimalisatie. | ||
| Lucht in de verwarmingsinstallatie. Ontlucht de verwarmingsradiatoren en de verwarmingsinstallatie. | ||
| Verwarmen duurt te lang. “Verwarmingssnelheid” te laag ingesteld. | “Verwarmingssnelheid” bijv. op “Snel” instellen. | |
| Gewenste kamertemperatuur wordt ver overschreden. | Verwarmingsradiatoren worden te warm. | Stel de thermostaatknop of -knoppen lager in. |
| “Stel Temperatuurniveaus” voor “Verwarmen” lager in of laat de verwarming-scurve door een installateur corrigeren. | ||
| Montageplaats van FB 100 ongunstig, bijv. bij buitenmuur, in de buurt van raam, luchtstroom, enz. | Kies een betere plaats voor de FB 100 en laat deze door een installateur verplaatsen. | |
| Te grote kamertemperatuurschommelingen. | Tijdelijke inwerking van warmte van andere bronnen op de ruimte, bijv. zonlicht, verlichting, televisie, open haard, enz. | “Laat Ruimte-invloed” door een installateur verhogen. |
| Kies een betere plaats voor de FB 100 en laat deze door een installateur verplaatsen. | ||
| Stijging in plaats van daling van temperatuur. | Verkeerde tijd en datum ingesteld, bijv. na langdurige stroomuitval. | Controleer instelling op regelaar. |
| Tijdens functie “Sparen” en/of “Eco” te hoge kamer-temperatuur. | Grote warmteopslag van het gebouw. Kies de schakeltijd voor “Sparen” en/of “Eco” vroeger. | |
| Verkeerde regeling of geen regeling. | Busverbinding of busdeelnemer defect. Laat de busverbinding door een installateur volgens het aansluitschema con-troleren en indien nodig corrigeren. | |
| Alleen de automatische functie kan worden inge-steld. | Functieschakelaar defect. Laat FB 100 do door een installateur ver-vangen. | |
| Boiler wordt niet warm. Regelaar warmwatertemperatuur op verwarmingstoestel te laag ingesteld. | Stel regelaar warmwatertemperatuur hoger in. | |
| Beperk eventueel het effect van de solaroptimalisatie op de regelaar. | ||
| Zet de regelaar aanvoertemperatuur van het verwarmingstoestel helemaal naar rechts. | ||
Als de storing niet kan worden verholpen:
▶ Neem contact op met een erkend verwarmingsinstallatiebedrijf of een erkende klan-tenservice en geef de storing en de gegevens van het toestel (zie typeplaatje) op.
Toestelgegevens
Type:
Bestelnummer:......
Fabricagedatum (FD...):......
10 Energie besparen
- Bij de weersafhankelijke regeling wordt de aanvoertemperatuur geregeld overeenkomstig de ingesteld verwarmingscurve. Hoe kouder de buitentemperatuur, hoe hoger de aanvoertemperatuur. Om energie te besparen: Stel de verwarmingscurve overeenkomstig de isolatie van het gebouw en de omstandigheden van de installatie zo laag mogelijk in (→ hoofdstuk 8.3 vanaf pagina 35).
- Vloerverwarming: De aanvoertemperatuur niet hoger instellen dan de door de installateur aanbevolen maximale aanvoertemperatuur. (BV.: 60°C).
- Het temperatuurniveau en de schakeltijden op het temperatuurgevoel van de bewoners afstemmen.
- Verwarmen = comfortabel wonen
- Sparen = actief wonen
- Eco afwezig of slapen.
- Stel in alle kamers de thermostaatkranen zo in dat de gewenste kamertemperatuur ook kan worden bereikt. Verhoog het temperatuurniveau pas als de temperatuur na lange tijd niet bereikt wordt (→ hoofdstuk 6.3.2 op pagina 26).
- Door het verlagen van de ruimtetemperatuur tijdens spaarfasen kan veel energie worden bespaard: Verlagen van de ruimtetemperatuur met 1 K (°C): tot 5% energiebesparing. Niet zinvol: De ruimtetemperatuur van dagelijks verwarmde ruimten te laten dalen beneden +15 °C. De afgekoelde muren geven dan koude af, de ruimtetemperatuur wordt verhoogd en zo wordt meer energie verbruikt dan bij een gelijkmatige warmteaanvoer.
- Goede warmte-isolatie van het gebouw: De ingestelde temperatuur voor Sparen wordt niet bereikt. Toch wordt energie bespaard omdat de verwarming uitgeschakeld blijft. Stel het schakelpunt voor Sparen vroeger in.
- Laat bij het luchten het venster niet op een kier staan. Daarbij wordt voortdurend warmte aan de ruimte onttrokken zonder dat de ruimtelucht noemenswaardig wordt verbeterd.
- Het is beter om kort, maar intensief te luchten (raam geheel openen).
- Draai tijdens het luchten de thermostaatkraan dicht of zet de functieschakelaar op Eco.
Solaroptimalisatie
Activeer de Optimalisatieinvloed CV circuit door het instellen van een waarde tussen 1 K en 5 K → hoofdstuk 6.6 op pagina 28. Als het effect van de Optimalisatieinvloed CV circuit te sterk is, dient u de waarde stapsgewijs te verminderen.
11 Milieubescherming
Milieubescherming is een belangrijk beginsel van Bosch.
Kwaliteit van de producten, spaarzaamheid en milieubescherming zijn voor ons doelen die even belangrijk zijn. Wetten en voorschriften ten aanzien van de milieubescherming worden strikt in acht genomen.
Ter bescherming van het milieu passen wij met inachtneming van economische gezichtspunten de best mogelijke techniek en materialen toe.
Verpakking
Wat betreft de verpakking nemen wij deel aan de recyclingssystemen in de verschillende landen, die een optimale recycling waarborgen.
Alle gebruikte verpakkingsmaterialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen worden gerecycled.
Oud toestel
Oude toestellen bevatten waardevolle stoffen die moeten worden gerecycled.
De componenten kunnen gemakkelijk worden gescheiden en de kunststoffen zijn gekenmerkt.
Daardoor kunnen de verschillende componenten worden gesorteerd en gerecycled resp. afgevoerd.
12 Individuele instellingen van de verwarmingsprogramma's
Hier vindt u de basisinstellingen en de persoonlijke instellingen van de verwarmingsprogramma's. Het instellen van het verwarmingsprogramma is beschreven in hoofdstuk 6.3 op pagina 25.
| P1 P2 P3 P4 P5 P6 | ||||||||||||||
| °C | t | °C | t | °C | t | °C | t | °C | t | °C | t | |||
| Vooraf ingestelde verwarmingsprogrammas's om te kopieren | Programma 8 | Ma - Do 06:00:00:00 12:00 22:00 - - - - | ||||||||||||
| Vr 06:00 08:00 12:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Za 07:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Zo 08:00 22:00 - - - - | ||||||||||||||
| Programma 7 | Ma - Do 07:00:12:00 17:00 22:00 - - - - | |||||||||||||
| Vr 07:00 12:00 17:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Za 07:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Zo 08:00 22:00 - - - - | ||||||||||||||
| Programma 6 | Ma - Do 06:00:08:00 17:00 22:00 - - - - | |||||||||||||
| Vr 06:00 08:00 17:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Za 07:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Zo 08:00 22:00 - - - - | - | |||||||||||||
| Programma 5 | Ma - Do 06:00:08:00 12:00 13:00 17:00 22:00 | |||||||||||||
| Vr 06:00 08:00 12:00 13:00 17:00 23:30 | ||||||||||||||
| Za 07:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Zo 08:00 22:00 - - - - | ||||||||||||||
| Programma 4 (basisinstelling) | Ma - Do 06:00:22:00 - - - | |||||||||||||
| Vr 06:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Za 07:00 23:30 - - - - | ||||||||||||||
| Zo 08:00 22:00 - - - - | ||||||||||||||
| Vooraf ingestelde verwarmingsprogrammas's om te kopieren | Programma 3 | Ma - Do 04:00 | 22:00 | - | - | - | ||||||||
| Vr 04:00 | 23:00 | - | - | - | ||||||||||
| Za 07:00 | 23:00 | - | - | - | ||||||||||
| Zo 07:00 | 22:00 | - | - | - | ||||||||||
| Programma 2 | Ma - Do 06:00 | 23:30 | - | - | - | |||||||||
| Vr 06:00 | 23:30 | - | - | - | ||||||||||
| Za 07:00 | 23:30 | - | - | - | ||||||||||
| Zo 08:00 | 23:30 | - | - | - | ||||||||||
| Programma 1 | Ma - Do 07:00 | 23:00 | - | - | - | |||||||||
| Vr 07:00 | 23:00 | - | - | - | ||||||||||
| Za 07:00 | 23:00 | - | - | - | ||||||||||
| Zo 07:00 | 23:00 | - | - | - | ||||||||||
| Persoonlijke instelling CV-circuit | Naam: | Alle dagen | ||||||||||||
| Ma - Vr | ||||||||||||||
| Za - Zo | ||||||||||||||
| Maandag | ||||||||||||||
| Dinsdag | ||||||||||||||
| Woensdag | ||||||||||||||
| Donderdag | ||||||||||||||
| Vrijdag | ||||||||||||||
| Zaterdag | ||||||||||||||
| Zondag | ||||||||||||||
Notities
Notities
nv SERVICO sa
Kontichsesteenweg 60
2630 AARTSELAAR
Tel. 03 887 20 60
Fax 03 877 01 29
www.junkers-servico.be













6 720 613 462-11.10
6 720 613 462-12.10
6 720 613 462-13.10
6 720 613 462-14.10
6 720 613 462-15.20





